Etaamb.openjustice.be
Programmawet van 22 december 2023
gepubliceerd op 29 december 2023

Programmawet

bron
federale overheidsdienst kanselarij van de eerste minister
numac
2023048600
pub.
29/12/2023
prom.
22/12/2023
staatsblad
https://www.ejustice.just.fgov.be/cgi/article_body(...)
Document Qrcode

22 DECEMBER 2023. - Programmawet (1)


FILIP, Koning der Belgen, Aan allen die nu zijn en hierna wezen zullen, Onze Groet.

De Kamer van volksvertegenwoordigers heeft aangenomen en Wij bekrachtigen, hetgeen volgt : TITEL 1. - Algemene bepaling

Artikel 1.Deze wet regelt een aangelegenheid bedoeld in artikel 74 van de Grondwet.

TITEL 2. - Financiën HOOFDSTUK 1. - Wijzigingen van het Wetboek diverse rechten en taksen met betrekking tot de jaarlijkse taks op de kredietinstellingen

Art. 2.Artikel 20112 van het Wetboek diverse rechten en taksen, ingevoegd bij de wet van 22 juni 2012, vervangen bij de wet van 30 juli 2013Relevante gevonden documenten type wet prom. 26/06/2002 pub. 27/07/2002 numac 2002016171 bron ministerie van middenstand en landbouw Wet betreffende de oprichting van de Vestigingsraad sluiten0 en gewijzigd bij de wet van 3 augustus 2016, wordt aangevuld met de woorden "voor de eerste 50 miljard euro van de belastbare grondslag en op 0,17581 pct. voor het deel van de belastbare grondslag dat 50 miljard euro overschrijdt.".

Art. 3.Artikel 20119 van hetzelfde Wetboek, ingevoegd bij de programmawet van 22 juni 2012Relevante gevonden documenten type wet prom. 27/12/2005 pub. 30/12/2005 numac 2005021183 bron federale overheidsdienst kanselarij van de eerste minister Wet houdende diverse bepalingen sluiten5, wordt vervangen als volgt: "

Art. 20119.De kredietinstellingen en hun bijkantoren mogen noch de taks noch de in het tweede lid bedoelde boete verhalen op de cliënten bedoeld in artikel 20111.

Elke overtreding van deze bepaling wordt gestraft met een boete volgens een door de Koning vastgelegde schaal die gaat van 10 pct. tot 200 pct. in functie van de herhaling van de overtreding. De boete wordt berekend op de verschuldigde taks voor het aanslagjaar waarop de verhaalde taks of de boete betrekking heeft.".

Art. 4.De artikelen 2 en 3 treden in werking op 30 december 2023. HOOFDSTUK 2. - Wijziging van het Wetboek der registratie-, hypotheek- en griffierechten met betrekking tot de vestigingen en overdrachten van erfpacht- en opstalrechten

Art. 5.In artikel 83, eerste lid, 3°, van het Wetboek der registratie-, hypotheek- en griffierechten, ingevoegd bij de programmawet van 28 juni 2013Relevante gevonden documenten type wet prom. 27/12/2005 pub. 30/12/2005 numac 2005021183 bron federale overheidsdienst kanselarij van de eerste minister Wet houdende diverse bepalingen sluiten6, worden de woorden "2 pct." vervangen door de woorden "5 pct.".

Art. 6.Artikel 5 treedt in werking op 1 januari 2024. HOOFDSTUK 3. - Wijzigingen betreffende de inkomstenbelastingen Afdeling 1. - Flexi-jobs

Art. 7.In artikel 38 van het Wetboek van de inkomstenbelastingen 1992, laatstelijk gewijzigd bij de wet van 20 november 2022Relevante gevonden documenten type wet prom. 07/05/2004 pub. 18/05/2004 numac 2004022376 bron federale overheidsdienst volksgezondheid, veiligheid van de voedselketen en leefmilieu Wet inzake experimenten op de menselijke persoon sluiten5, worden de volgende wijzigingen aangebracht: 1° in paragraaf 1, eerste lid, 29°, worden de woorden "voor prestaties door in artikel 2, § 1, eerste tot vijfde lid, van de voormelde wet bedoelde werknemers" ingevoegd tussen de woorden "de wet van 16 november 2015Relevante gevonden documenten type wet prom. 26/06/2002 pub. 27/07/2002 numac 2002016171 bron ministerie van middenstand en landbouw Wet betreffende de oprichting van de Vestigingsraad sluiten5 houdende diverse bepalingen inzake sociale zaken" en de woorden ", op voorwaarde dat "; 2° in paragraaf 1, eerste lid, 29°, worden de woorden "25 pct." vervangen door de woorden "28 pct."; 3° in paragraaf 1, eerste lid, wordt de bepaling onder 29° aangevuld met de zin: "Wanneer de werknemer geen gepensioneerde is als bedoeld in artikel 3, 7°, van de voormelde wet van 16 november 2015Relevante gevonden documenten type wet prom. 26/06/2002 pub. 27/07/2002 numac 2002016171 bron ministerie van middenstand en landbouw Wet betreffende de oprichting van de Vestigingsraad sluiten5, geldt deze vrijstelling evenwel slechts ten belope van 12.000 euro per belastbaar tijdperk;"; 4° er wordt een paragraaf 5/1 ingevoegd, luidende: " § 5/1.De Koning kan, bij een besluit vastgesteld na overleg in de Ministerraad, de in paragraaf 1, eerste lid, 29°, bedoelde vrijstelling van toepassing maken op de bezoldigingen voor prestaties door werknemers die bij toepassing van artikel 2, § 1, zesde tot achtste lid, en § 2, van de wet van 16 november 2015Relevante gevonden documenten type wet prom. 26/06/2002 pub. 27/07/2002 numac 2002016171 bron ministerie van middenstand en landbouw Wet betreffende de oprichting van de Vestigingsraad sluiten5 houdende diverse bepalingen inzake sociale zaken onder het toepassingsgebied van de in hoofdstuk 2 van diezelfde wet bedoelde flexi-jobregeling worden gebracht.

De Koning zal bij de Kamer van volksvertegenwoordigers, onmiddellijk indien ze in zitting is, zo niet bij de opening van de eerstvolgende zitting, een wetsontwerp indienen tot bekrachtiging van de in uitvoering van het eerste lid genomen besluiten. Deze besluiten worden geacht geen uitwerking te hebben gehad indien ze niet bij wet zijn bekrachtigd binnen de twaalf maanden na de datum van hun bekendmaking in het Belgisch Staatsblad.".

Art. 8.In artikel 129/1, eerste lid, van hetzelfde Wetboek, ingevoegd bij de wet van 25 december 2017Relevante gevonden documenten type wet prom. 26/06/2002 pub. 27/07/2002 numac 2002016171 bron ministerie van middenstand en landbouw Wet betreffende de oprichting van de Vestigingsraad sluiten9 en laatstelijk gewijzigd bij de programma wet van 26 december 2022Relevante gevonden documenten type wet prom. 07/05/2004 pub. 18/05/2004 numac 2004022376 bron federale overheidsdienst volksgezondheid, veiligheid van de voedselketen en leefmilieu Wet inzake experimenten op de menselijke persoon sluiten8, worden de woorden "38, § 1, eerste lid, 9°, c, 14°, a, en 17°, " vervangen door de woorden "38, § 1, eerste lid, 9°, c, 14°, a, 17° en 29°, ".

Art. 9.Artikel 171/1 van hetzelfde Wetboek, ingevoegd bij de wet van 26 december 2015Relevante gevonden documenten type wet prom. 26/06/2002 pub. 27/07/2002 numac 2002016171 bron ministerie van middenstand en landbouw Wet betreffende de oprichting van de Vestigingsraad sluiten6 en opgeheven bij de wet van 25 december 2016, wordt hersteld als volgt: "

Art. 171/1.Artikel 171 is niet van toepassing op de bezoldigingen die worden betaald of toegekend in uitvoering van de flexi-jobarbeidsovereenkomst als bedoeld in artikel 3, 4°, van de wet van 16 november 2015Relevante gevonden documenten type wet prom. 26/06/2002 pub. 27/07/2002 numac 2002016171 bron ministerie van middenstand en landbouw Wet betreffende de oprichting van de Vestigingsraad sluiten5 houdende diverse bepalingen inzake sociale zaken maar die niet worden vrijgesteld bij toepassing van artikel 38, § 1, eerste lid, 29°, omwille van het overschrijden van het in diezelfde bepaling vermelde maximumbedrag.".

Art. 10.In artikel 178, § 5, 1°, van hetzelfde Wetboek, vervangen bij de wet van 22 december 2009Relevante gevonden documenten type wet prom. 04/05/1999 pub. 28/07/1999 numac 1999000423 bron ministerie van binnenlandse zaken Wet tot verbetering van het stelsel van politiek verlof voor provincie- en gemeenteraadsleden, leden van de raad voor maatschappelijk welzijn, burgemeesters, schepenen en voorzitters van de raad voor maatschappelijk welzijn in de openbare en de particuliere sector type wet prom. 04/05/1999 pub. 29/10/1999 numac 1999003334 bron ministerie van financien Wet tot wijziging van de wet van 31 december 1983 tot hervorming van de instellingen voor de Duitstalige Gemeenschap type wet prom. 04/05/1999 pub. 28/07/1999 numac 1999000426 bron ministerie van binnenlandse zaken en ministerie van financien Wet tot beperking van de cumulatie van het ambt van bestendig afgevaardigde met andere ambten en tot harmonisering van het financieel en fiscaal statuut van de bestendig afgevaardigde sluiten0, worden de woorden "in artikel 38/1" vervangen door de woorden "in de artikelen 38, § 1, eerste lid, 29°, en 38/1".

Art. 11.Artikel 7, 1° en 2°, is van toepassing op de bezoldigingen die worden toegekend vanaf 1 januari 2024.

De artikelen 7, 3°, 8, 9 en 10 zijn van toepassing vanaf aanslagjaar 2025. Afdeling 2. - Aanpassingen artikelen 54 en 344, § 2, WIB 92 ingevolge

het SIAT-arrest

Art. 12.Artikel 54 van hetzelfde Wetboek, laatstelijk gewijzigd bij de wet van 26 december 2015Relevante gevonden documenten type wet prom. 26/06/2002 pub. 27/07/2002 numac 2002016171 bron ministerie van middenstand en landbouw Wet betreffende de oprichting van de Vestigingsraad sluiten6, wordt als volgt vervangen: "

Art. 54.§ 1. Interesten, in artikel 90, eerste lid, 11°, bedoelde vergoedingen, die worden betaald als compensatie voor deze intresten, retributies voor de concessie van het gebruik van uitvindingsoctrooien, fabricageprocédés en andere dergelijke rechten, of bezoldigingen voor prestaties of diensten, worden niet als beroepskosten aangemerkt indien zij rechtstreeks of onrechtstreeks worden betaald of toegekend aan een in artikel 227 bedoelde belastingplichtige of aan een buitenlandse inrichting waarmee de in België gevestigde belastingplichtige zich rechtstreeks of onrechtstreeks in een of andere band van wederzijdse afhankelijkheid bevindt en die krachtens de bepalingen van de wetgeving van het land waarin zij zijn gevestigd daar niet onderworpen zijn aan een inkomstenbelasting of voor die inkomsten in kwestie onderworpen zijn aan een belastingregeling dat aanzienlijk voordeliger is dan de regeling waaraan die inkomsten onderworpen zijn in België. § 2. Paragraaf 1 is niet van toepassing indien de belastingplichtige kan bewijzen dat de verrichting wordt verricht met een onderneming die onderworpen is aan een effectieve inkomstenbelasting die minstens gelijk is aan de helft van de inkomstenbelasting die verschuldigd zou zijn indien deze onderneming in België gevestigd zou zijn. § 3. Paragraaf 1 is niet van toepassing indien de belastingplichtige door elk bewijsmiddel, met uitzondering van een eed, aantoont dat de betaling deel uitmaakt van een authentieke verrichting in die zin dat ze is verricht om geldige zakelijke redenen die de economische realiteit weerspiegelen.".

Art. 13.Artikel 344, § 2, van hetzelfde Wetboek, laatstelijk gewijzigd bij de programma wet van 26 december 2022Relevante gevonden documenten type wet prom. 07/05/2004 pub. 18/05/2004 numac 2004022376 bron federale overheidsdienst volksgezondheid, veiligheid van de voedselketen en leefmilieu Wet inzake experimenten op de menselijke persoon sluiten8, wordt als volgt vervangen: " § 2. Aan de administratie belast met de vestiging van de inkomstenbelastingen kan evenmin worden tegengeworpen, de verkoop, de cessie of de inbreng van aandelen, obligaties, schuldvorderingen of andere titels tot vestiging van leningen, auteursrechten en naburige rechten, uitvindingsoctrooien, fabricageprocédés, fabrieks- of handelsmerken of andere soortgelijke rechten of sommen geld, rechtstreeks of onrechtstreeks, aan een in artikel 227 bedoelde belastingplichtige of aan een buitenlandse inrichting waarmee de in België gevestigde belastingplichtige zich rechtstreeks of onrechtstreeks in een of andere band van wederzijdse afhankelijkheid bevindt en die krachtens de bepalingen van de wetgeving van het land waar zij zijn gevestigd, niet aan een inkomstenbelasting is onderworpen of ter zake van de inkomsten uit de vervreemde goederen en rechten aldaar aan een aanzienlijk gunstigere belastingregeling is onderworpen dan die waaraan soortgelijke inkomsten in België zijn onderworpen.

Het eerste lid is niet van toepassing indien de belastingplichtige kan bewijzen dat de verrichting wordt verricht met een onderneming die onderworpen is aan een effectieve inkomstenbelasting die minstens gelijk is aan de helft van de inkomstenbelasting die verschuldigd zou zijn indien deze onderneming in België gevestigd zou zijn.

Het eerste lid is niet van toepassing indien de belastingplichtige door elk bewijsmiddel, met uitzondering van een eed, aantoont dat de verrichting deel uitmaakt van een authentieke verrichting in die zin dat ze is verricht om geldige zakelijke redenen die de economische realiteit weerspiegelen.".

Art. 14.Artikel 12 treedt in werking op 1 januari 2024 en is van toepassing op de bedragen die vanaf 1 januari 2024 worden betaald of toegekend.

Artikel 13 treedt in werking op 1 januari 2024 en is van toepassing op de verrichtingen die vanaf 1 januari 2024 worden gedaan. Afdeling 3 - Gespecialiseerde vastgoedbeleggingsfondsen

Art. 15.Artikel 219quinquies van hetzelfde Wetboek, ingevoegd bij de wet van 25 december 2017Relevante gevonden documenten type wet prom. 26/06/2002 pub. 27/07/2002 numac 2002016171 bron ministerie van middenstand en landbouw Wet betreffende de oprichting van de Vestigingsraad sluiten9 en ingetrokken bij de wet van 13 april 2019, wordt hersteld als volgt: "

Art. 219quinquies.§ 1. Een afzonderlijke aanslag van 10 pct. wordt gevestigd wat betreft: - de belastbare bedragen bij een in de artikelen 210, § 1, 6°, en 211, § 1, zesde lid, vermelde verrichting; - de belastbare bedragen bij een in artikel 46, § 1, tweede lid, vermelde verrichting of een meerwaarde verwezenlijkt naar aanleiding van een exclusief met nieuwe aandelen vergoede inbreng van een onroerend goed in een bij de FOD Financiën op de lijst van de gespecialiseerde vastgoedbeleggingsfondsen ingeschreven vennootschap. § 2. De in paragraaf 1 bedoelde aanslag wordt enkel gevestigd voor zover het in artikel 217, eerste lid, 1°, bedoelde tarief werd toegepast en wanneer: - in de gevallen bedoeld in paragraaf 1, eerste streepje, het gespecialiseerde vastgoedbeleggingsfonds dat aan de in die bepaling bedoelde verrichtingen heeft deelgenomen, niet gedurende een periode van ten minste vijf jaar vanaf de datum van zijn inschrijving bij de FOD Financiën op de lijst van gespecialiseerde vastgoedbeleggingsfondsen ononderbroken ingeschreven is gebleven; of - in de gevallen bedoeld in paragraaf 1, tweede streepje, de inbrenger de aandelen verkregen in ruil voor de inbreng in het gespecialiseerde vastgoedbeleggingsfonds niet gedurende een periode van ten minste vijf jaar vanaf de datum van verkrijging van die aandelen ononderbroken heeft aangehouden. § 3. Paragraaf 1 is van toepassing in het belastbare tijdperk waarin aan de in paragraaf 2 bedoelde ononderbroken periode niet langer voldaan is.".

Art. 16.Artikel 15 treedt in werking op 1 januari 2024 en is van toepassing in de gevallen waarbij vanaf 1 januari 2024 niet meer wordt voldaan aan de voorwaarde van een ononderbroken periode van ten minste vijf jaar als bedoeld in artikel 15. Afdeling 4 - Vrijstelling van doorstorting van bedrijfsvoorheffing ter

compensatie van de verhoging van het minimumloon voor de gelegenheidsarbeiders in de fruit- en groenteteelt

Art. 17.In titel VI, hoofdstuk I, afdeling IV, onderafdeling 3, van hetzelfde Wetboek, wordt een artikel 27513 ingevoegd, luidende: "

Art. 27513.§ 1. De bepalingen van dit artikel zijn van toepassing op de werkgevers die ressorteren onder het paritair comité voor het tuinbouwbedrijf en zich in hoofdzaak bezighouden met fruitteelt of groenteteelt. § 2. Voor de toepassing van dit artikel wordt verstaan onder: 1° fruitteelt: de teelt van hard fruit, zacht fruit en steenvruchten met inbegrip van de druiventeelt;2° groenteteelt: de teelt van groenten in open lucht of onder glas, met uitzondering van de teelt van paddenstoelen en truffels;3° gelegenheidsarbeider in de fruit- of groenteteelt: gelegenheidsarbeider als bedoeld in artikel 8bis van het koninklijk besluit van 28 november 1969 tot uitvoering van de wet van 27 juni 1969Relevante gevonden documenten type wet prom. 07/05/1999 pub. 30/12/1999 numac 1999010222 bron ministerie van justitie Wet op de kansspelen, de kansspelinrichtingen en de bescherming van de spelers type wet prom. 07/05/1999 pub. 15/05/1999 numac 1999000386 bron ministerie van binnenlandse zaken Wet tot wijziging van artikel 54 van de wet van 15 december 1980 betreffende de toegang tot het grondgebied, het verblijf, de vestiging en de verwijdering van vreemdelingen en van artikel 57ter van de organieke wet van 8 juli 1976 betreffende de openbare centra voor maatschappelijk welzijn, van de artikelen 2, § 5, 5, § 2 en 11bis van de wet van 2 april 1965 betreffende het ten laste nemen van de steun verleend door openbare centra voor maatschappelijk welzijn type wet prom. 07/05/1999 pub. 29/06/1999 numac 1999009706 bron ministerie van justitie Wet tot wijziging van sommige bepalingen van het Strafwetboek, van het Wetboek van Strafvordering, van de wet van 17 april 1878 houdende de voorafgaande titel van het Wetboek van Strafvordering, van de wet van 9 april 1930 tot bescherming van de maatschappij tegen de abnormalen en de gewoontemisdadigers, vervangen door de wet van 1 juli 1964, van de wet van 29 juni 1964 betreffende de opschorting, het uitstel en de probatie, van de wet van 20 juli 1990 betreffende de voorlopige hechtenis, van de wet van 5 maart 1998 betreffende de voorwaardelijke invrijheidsstelling en tot wijziging van de wet van 9 april 1930 tot bescherming van de maatschappij tegen de abnormalen en de gewoontemisdadigers, vervangen door de wet van 1 juli 1964 type wet prom. 07/05/1999 pub. 20/05/1999 numac 1999021236 bron diensten van de eerste minister Bijzondere wet tot wijziging van artikel 32 van de gewone wet van 9 augustus 1980 tot hervorming der instellingen, betreffende de voorkoming en de regeling van belangenconflicten sluiten9 tot herziening van de besluitwet van 28 december 1944 betreffende de maatschappelijke zekerheid der arbeiders die is tewerkgesteld door een in artikel 4 bedoelde werkgever;4° uur gepresteerd als gelegenheidsarbeider in de fruit- of groenteteelt: een uur dat effectief wordt gepresteerd als gelegenheidsarbeider in de fruit- of groenteteelt evenals een uur dat met een effectief gepresteerd uur als gelegenheidsarbeider wordt gelijkgesteld en waarvoor het normale loon verschuldigd is door de werkgever. § 3. De in paragraaf 1 bedoelde werkgevers die bezoldigingen betalen of toekennen voor vanaf 1 januari 2024 geleverde prestaties als gelegenheidsarbeider in de fruit- of groenteteelt en die krachtens artikel 270, eerste lid, 1°, schuldenaar zijn van de bedrijfsvoorheffing op die bezoldigingen, worden ervan vrijgesteld een deel van de bedrijfsvoorheffing die zij verschuldigd zijn op de bezoldigingen van de betrokken gelegenheidsarbeiders in de Schatkist te storten, op voorwaarde dat de bedrijfsvoorheffing volledig op die bezoldigingen wordt ingehouden.

De niet te storten bedrijfsvoorheffing is gelijk aan 1,23 euro per uur vermenigvuldigd met het totaal aantal uren die zijn gepresteerd als gelegenheidsarbeider in de fruit- of groenteteelt en waarvoor voor het eerst bezoldigingen worden betaald of toegekend. § 4. De in paragraaf 3 bedoelde vrijstelling van doorstorting van bedrijfsvoorheffing wordt toegepast op de bedrijfsvoorheffing die verschuldigd is op de bezoldigingen van alle gelegenheidsarbeiders in de fruit- of groenteteelt die door de betrokken werkgever worden tewerkgesteld, na toepassing van de in de artikelen 2751, 2755, 2758 tot 27510 en 27512 bedoelde vrijstellingen van doorstorting van bedrijfsvoorheffing.

De in paragraaf 3 bedoelde vrijstelling van doorstorting van bedrijfsvoorheffing kan niet worden toegepast op de bedrijfsvoorheffing die aanvullend bovenop de bedrijfsvoorheffing die reglementair minimaal verschuldigd is, wordt ingehouden. § 5. Het in paragraaf 3, tweede lid, vermelde bedrag is gekoppeld aan de afgevlakte gezondheidsindex als bedoeld in artikel 2, § 2, van het koninklijk besluit van 24 december 1993 ter uitvoering van de wet van 6 januari 1989 tot vrijwaring van `s lands concurrentievermogen, bekrachtigd bij de wet van 30 maart 1994 houdende sociale bepalingen, voor de maand september 2023. Op 1 januari van elk jaar wordt dat bedrag aangepast door het te vermenigvuldigen met het cijfer van de afgevlakte gezondheidsindex voor de maand september van het jaar voorafgaand aan het jaar waarin het nieuwe bedrag van toepassing zal zijnen gedeeld door het cijfer van de afgevlakte gezondheidsindex voor de maand september 2023. Het aldus bekomen bedrag wordt afgerond tot de hogere of lagere eurocent naargelang het cijfer van de duizendsten al dan niet 5 bereikt. § 6. De Koning bepaalt de nadere regels voor de aanvraag van de toepassing van dit artikel en de manier waarop het bewijs wordt geleverd dat aan de voorwaarden voor de toepassing van dit artikel is voldaan.".

Art. 18.Artikel 17 is van toepassing op de uren die vanaf 1 januari 2024 als gelegenheidsarbeider in de fruit- of groenteteelt worden gepresteerd. Afdeling 5. - Fiscale werkbonus

Art. 19.In artikel 289ter/1 van Wetboek van de inkomstenbelastingen 1992, ingevoegd bij de wet van 19 juni 2011Relevante gevonden documenten type wet prom. 04/05/1999 pub. 28/07/1999 numac 1999000423 bron ministerie van binnenlandse zaken Wet tot verbetering van het stelsel van politiek verlof voor provincie- en gemeenteraadsleden, leden van de raad voor maatschappelijk welzijn, burgemeesters, schepenen en voorzitters van de raad voor maatschappelijk welzijn in de openbare en de particuliere sector type wet prom. 04/05/1999 pub. 29/10/1999 numac 1999003334 bron ministerie van financien Wet tot wijziging van de wet van 31 december 1983 tot hervorming van de instellingen voor de Duitstalige Gemeenschap type wet prom. 04/05/1999 pub. 28/07/1999 numac 1999000426 bron ministerie van binnenlandse zaken en ministerie van financien Wet tot beperking van de cumulatie van het ambt van bestendig afgevaardigde met andere ambten en tot harmonisering van het financieel en fiscaal statuut van de bestendig afgevaardigde sluiten6 en laatstelijk gewijzigd bij de wet van 31 juli 2023, worden de volgende wijzigingen aangebracht: 1° het tweede lid wordt als volgt vervangen: "Het belastingkrediet is gelijk aan: - 33,14 pct.van het bedrag van het luik A van de vermindering van de persoonlijke bijdragen van sociale zekerheid op de tijdens het belastbaar tijdperk verkregen bezoldigingen die daadwerkelijk is verleend met toepassing van artikel 2, § 1/1, van de wet van 20 december 1999Relevante gevonden documenten type wet prom. 04/05/1999 pub. 28/07/1999 numac 1999000423 bron ministerie van binnenlandse zaken Wet tot verbetering van het stelsel van politiek verlof voor provincie- en gemeenteraadsleden, leden van de raad voor maatschappelijk welzijn, burgemeesters, schepenen en voorzitters van de raad voor maatschappelijk welzijn in de openbare en de particuliere sector type wet prom. 04/05/1999 pub. 29/10/1999 numac 1999003334 bron ministerie van financien Wet tot wijziging van de wet van 31 december 1983 tot hervorming van de instellingen voor de Duitstalige Gemeenschap type wet prom. 04/05/1999 pub. 28/07/1999 numac 1999000426 bron ministerie van binnenlandse zaken en ministerie van financien Wet tot beperking van de cumulatie van het ambt van bestendig afgevaardigde met andere ambten en tot harmonisering van het financieel en fiscaal statuut van de bestendig afgevaardigde sluiten7 tot toekenning van een werkbonus aan werknemers met lage lonen en van andere verminderingen van de persoonlijke bijdragen van sociale zekerheid; en - 52,54 pct. van het bedrag van het luik B van de vermindering van de persoonlijke bijdragen van sociale zekerheid op de tijdens het belastbaar tijdperk verkregen bezoldigingen die daadwerkelijk is verleend met toepassing van artikel 2, § 1/2 van de voormelde wet van 20 december 1999Relevante gevonden documenten type wet prom. 04/05/1999 pub. 28/07/1999 numac 1999000423 bron ministerie van binnenlandse zaken Wet tot verbetering van het stelsel van politiek verlof voor provincie- en gemeenteraadsleden, leden van de raad voor maatschappelijk welzijn, burgemeesters, schepenen en voorzitters van de raad voor maatschappelijk welzijn in de openbare en de particuliere sector type wet prom. 04/05/1999 pub. 29/10/1999 numac 1999003334 bron ministerie van financien Wet tot wijziging van de wet van 31 december 1983 tot hervorming van de instellingen voor de Duitstalige Gemeenschap type wet prom. 04/05/1999 pub. 28/07/1999 numac 1999000426 bron ministerie van binnenlandse zaken en ministerie van financien Wet tot beperking van de cumulatie van het ambt van bestendig afgevaardigde met andere ambten en tot harmonisering van het financieel en fiscaal statuut van de bestendig afgevaardigde sluiten7."; 2° in het derde lid wordt het bedrag "570 euro" vervangen door het bedrag "710 euro";3° in het derde lid wordt het bedrag "710 euro" vervangen door het bedrag "765 euro".

Art. 20.Artikel 19, 1°, is van toepassing op de verminderingen van de persoonlijke bijdragen van sociale zekerheid die vanaf 1 april 2024 worden verleend.

Artikel 19, 2°, is van toepassing vanaf aanslagjaar 2025.

Artikel 19, 3°, is van toepassing vanaf aanslagjaar 2026. Afdeling 6. - CFC

Art. 21.Deze afdeling heeft de omzetting tot doel van de artikelen 7 en 8 van Richtlijn (EU) 2016/1164 van de Raad van 12 juli 2016 tot vaststelling van regels ter bestrijding van belastingontwijkingspraktijken welke rechtstreeks van invloed zijn op de werking van de interne markt.

Art. 22.Artikel 185/2 van het Wetboek van de inkomstenbelastingen 1992, ingevoegd bij de wet van 25 december 2017Relevante gevonden documenten type wet prom. 26/06/2002 pub. 27/07/2002 numac 2002016171 bron ministerie van middenstand en landbouw Wet betreffende de oprichting van de Vestigingsraad sluiten9 en gewijzigd bij de wet van 20 december 2020Relevante gevonden documenten type wet prom. 09/07/2004 pub. 15/07/2004 numac 2004021090 bron federale overheidsdienst kanselarij van de eerste minister Wet houdende diverse bepalingen sluiten9, wordt vervangen als volgt: "

Art. 185/2.§ 1. Onverminderd de toepassing van artikel 185, § 2, a), omvat winst eveneens de in paragraaf 2 omschreven niet-uitgekeerde winst, van de buitenlandse vennootschap, van de buitenlandse inrichting van die buitenlandse vennootschap of van de buitenlandse inrichting van de belastingplichtige die in toepassing van paragraaf 3 als gecontroleerde buitenlandse vennootschap of CFC wordt aangemerkt en niet overeenkomstig paragraaf 4 van de toepassing van dit artikel is vrijgesteld voor zover die niet-uitgekeerde winst door de CFC werd behaald in de loop van een belastbaar tijdperk dat werd afgesloten in de loop van het belastbare tijdperk van de belastingplichtige. § 2. De winst van een buitenlandse vennootschap of buitenlandse inrichting van die buitenlandse vennootschap die in toepassing van paragraaf 3 als CFC wordt aangemerkt, die niet overeenkomstig paragraaf 4 van de toepassing van dit artikel is vrijgesteld, en die in hoofde van de belastingplichtige wordt belast, wordt op de hierna volgende wijze bepaald.

De winst van de buitenlandse vennootschap of buitenlandse inrichting van die buitenlandse vennootschap wordt vastgesteld alsof deze vennootschap of inrichting in België zou zijn gevestigd of zou zijn gelegen. De winst die wordt toegerekend aan een Belgische inrichting of in een derde land gelegen inrichting die krachtens een verdrag wordt vrijgesteld in het land waar de buitenlandse vennootschap is gevestigd wordt buiten beschouwing gelaten voor de bepaling van de winst van de buitenlandse vennootschap.

Indien de belastingplichtige hiervan het bewijs levert, wordt deze winst vervolgens vermenigvuldigd met een breuk waarvan de teller het bedrag van de in artikel 206/1 bedoelde reserves, verworpen uitgaven en overige bestanddelen van het resultaat omvat en de noemer het bedrag van de in artikel 206/1 bedoelde reserves, verworpen uitgaven en overige bestanddelen van het resultaat en dividenden omvat. Voor de vaststelling van deze breuk worden reserves, verworpen uitgaven en overige bestanddelen van het resultaat en dividenden die aangerekend worden aan een in een derde land gelegen inrichting waarvan de winst krachtens een verdrag wordt vrijgesteld in het land waar de buitenlandse vennootschap is gevestigd, buiten beschouwing gelaten.

Wanneer bij de vaststelling van de teller de som van de in artikel 206/1 bedoelde reserves, verworpen uitgaven en overige bestanddelen van het resultaat negatief is, wordt deze breuk geacht gelijk te zijn aan nul.

Indien de belastingplichtige hiervan het bewijs levert, wordt het bedrag dat wordt bekomen na toepassing van de vorige leden vervolgens vermenigvuldigd met een breuk waarvan de noemer het bedrag omvat van de in de jaarrekening vermelde inkomsten van de buitenlandse vennootschap of buitenlandse inrichting die in de loop van het belastbare tijdperk werden behaald, met uitzondering van de inkomsten die bij verdrag of krachtens dit Wetboek van belasting zijn vrijgesteld, en waarvan de teller de som van de volgende inkomsten bevat, voor zover deze niet bij verdrag of krachtens dit Wetboek zijn vrijgesteld: - interesten of andere inkomsten die gelijkwaardig zijn aan interesten; - royalty's of andere inkomsten die worden gegenereerd door intellectuele eigendom; - dividenden en inkomsten uit de vervreemding van aandelen, obligaties, opties en soortgelijke effecten; - inkomsten uit verhuur, of uit operationele of financiële leasing; - inkomsten uit vermogensbeheer, beleggings-, verzekerings-, bank- en andere financiële activiteiten; - inkomsten uit de aan- en verkoop van goederen en diensten, waaraan door de buitenlandse vennootschap of inrichting weinig of geen economische waarde wordt toegevoegd.

Tot slot wordt het bedrag dat wordt bekomen na toepassing van de vorige leden, beperkt in verhouding tot het hoogste van de volgende drie percentages: - het percentage van de deelneming dat de belastingplichtige rechtstreeks bezit in de stemrechten van de buitenlandse vennootschap die als CFC wordt aangemerkt of waarvan de buitenlandse inrichting in toepassing van paragraaf 3 als CFC wordt aangemerkt; - het percentage van de deelneming dat de belastingplichtige rechtstreeks bezit in het kapitaal van de buitenlandse vennootschap die in toepassing van paragraaf 3 als CFC wordt aangemerkt of waarvan de buitenlandse inrichting die in toepassing van paragraaf 3 als CFC wordt aangemerkt; - het percentage van de winst van de buitenlandse vennootschap die in toepassing van paragraaf 3 als CFC wordt aangemerkt of waarvan de buitenlandse inrichting in toepassing van paragraaf 3 als CFC wordt aangemerkt, waarop de belastingplichtige in geval van uitkering rechtstreeks recht heeft.

De winst van een buitenlandse inrichting van de belastingplichtige die in toepassing van paragraaf 3 als CFC wordt aangemerkt, die niet overeenkomstig paragraaf 4 van de toepassing van dit artikel is vrijgesteld, en die in hoofde van de belastingplichtige wordt belast, wordt op de hierna volgende wijze bepaald.

De winst van de buitenlandse inrichting van de belastingplichtige wordt vastgesteld alsof deze inrichting in België zou zijn gelegen.

Indien de belastingplichtige hiervan het bewijs levert, wordt het bedrag dat wordt bekomen na toepassing van het vorige lid vervolgens vermenigvuldigd met een breuk waarvan de noemer het bedrag omvat van de in de jaarrekening vermelde inkomsten van de buitenlandse inrichting die in de loop van het belastbare tijdperk werden behaald, krachtens dit Wetboek van belasting zijn vrijgesteld, en waarvan de teller de som van de in het vierde lid, eerste tot zesde streepje bedoelde inkomsten bevat, voor zover deze niet of krachtens dit Wetboek zijn vrijgesteld. § 3. De buitenlandse vennootschap of buitenlandse inrichting van die vennootschap, wordt voor de toepassing van dit artikel aangemerkt als een CFC indien: - de belastingplichtige al dan niet samen met zijn geassocieerde entiteiten de meerderheid van de stemrechten verbonden aan het totaal van de aandelen van deze buitenlandse vennootschap bezit, ofwel samen met zijn geassocieerde entiteiten een deelneming bezit van ten minste 50 pct. van het kapitaal van deze buitenlandse vennootschap, ofwel samen met zijn geassocieerde entiteiten recht heeft op ten minste 50 pct. van de winst van deze vennootschap; en indien - de buitenlandse vennootschap of de buitenlandse inrichting krachtens de bepalingen van de wetgeving van de Staat of het rechtsgebied waar zij is gevestigd, aldaar ofwel niet aan een inkomstenbelasting is onderworpen ofwel onderworpen is aan een inkomstenbelasting die minder dan de helft bedraagt van de vennootschapsbelasting die verschuldigd zou zijn geweest indien deze buitenlandse vennootschap of buitenlandse inrichting in België zou zijn gevestigd of zou zijn gelegen.

De buitenlandse inrichting van de belastingplichtige, wordt voor de toepassing van dit artikel aangemerkt als een CFC indien deze inrichting gelegen is in een land waarmee België een verdrag ter vermijding van dubbele belasting heeft gesloten en aan de voorwaarde bedoeld in het eerste lid, tweede streepje, is voldaan.

De in het eerste lid, tweede streepje, bedoelde voorwaarde wordt geacht te zijn voldaan, behoudens bewijs van het tegendeel door de belastingplichtige, indien de in het eerste lid bedoelde buitenlandse vennootschap of indien de in het eerste of tweede lid bedoelde inrichting is gevestigd of gelegen in een rechtsgebied dat op het einde van het belastbare tijdperk is opgenomen op de EU-lijst van niet coöperatieve rechtsgebieden of in een Staat die is opgenomen op de lijst van Staten zonder of met een lage belasting als bedoeld in artikel 307, § 1/2.

Bij de toepassing van het eerste lid, tweede streepje, wordt voor de berekening van de vennootschapsbelasting van een buitenlandse vennootschap, die verschuldigd zou zijn geweest indien deze buitenlandse vennootschap in België was gevestigd, geen rekening gehouden met het deel van de winst van deze buitenlandse vennootschap dat werd behaald door middel van één of meerdere buitenlandse inrichtingen van deze buitenlandse vennootschap waarvan de winst wordt vrijgesteld in toepassing van een overeenkomst tot het vermijden van dubbele belasting gesloten tussen het land of rechtsgebied waar deze buitenlandse vennootschap is gevestigd en het land of rechtsgebied waar deze buitenlandse inrichting is gelegen.

Voor de toepassing van dit artikel wordt een natuurlijke persoon, rechtspersoon of entiteit zonder rechtspersoonlijkheid als een geassocieerde entiteit van de belastingplichtige aangemerkt indien ofwel: - de belastingplichtige of de gevallen bedoeld in het vierde, vijfde of zesde streepje rechtstreeks of onrechtstreeks 25 pct. of meer van de stemrechten verbonden aan het totaal van de aandelen van deze entiteit bezit; - de belastingplichtige of de gevallen bedoeld in het vierde, vijfde of zesde streepje rechtstreeks of onrechtstreeks een deelneming bezit van 25 pct. of meer van het kapitaal van deze entiteit; - de belastingplichtige of de gevallen bedoeld in het vierde, vijfde of zesde streepje rechtstreeks of onrechtstreeks recht heeft op ten minste 25 pct. van de winst van deze entiteit; - deze persoon of entiteit rechtstreeks of onrechtstreeks 25 pct. of meer van de stemrechten verbonden aan het totaal van de aandelen van de belastingplichtige bezit; - deze persoon of entiteit rechtstreeks of onrechtstreeks een deelneming bezit van 25 pct. of meer van het kapitaal van de belastingplichtige; - deze persoon of entiteit rechtstreeks of onrechtstreeks recht heeft op ten minste 25 pct. van de winst van de belastingplichtige. § 4. De niet-uitgekeerde winst van de buitenlandse vennootschap of buitenlandse inrichting die als CFC wordt aangemerkt, wordt van de toepassing van dit artikel vrijgesteld indien de belastingplichtige aantoont dat aan één van de volgende voorwaarden is voldaan: - er wordt aangetoond dat de CFC een wezenlijke economische activiteit uitoefent, ondersteund door personeel, uitrusting, activa en gebouwen, zoals blijkt uit de relevante feiten en omstandigheden; - er wordt aangetoond dat de in paragraaf 2, vierde lid, bedoelde breuk lager is dan 1/3; - er wordt aangetoond dat de CFC onder het toepassingsgebied valt van één van de in artikel 198/1, § 6, 1° tot 12°, bedoelde definities en deze haar inkomsten die in de teller van de breuk bedoeld in paragraaf 2, vierde lid, zijn opgenomen, voor één derde of minder voortkomen uit transacties met de belastingplichtige of met de belastingplichtige geassocieerde entiteiten.

Voor de toepassing van het eerste lid, eerste streepje, moet onder de uitoefening van een economische activiteit, het aanbieden van goederen of diensten op een bepaalde markt worden begrepen.".

Art. 23.In artikel 192 van hetzelfde Wetboek, laatstelijk gewijzigd bij de wet van 21 januari 2022Relevante gevonden documenten type wet prom. 07/05/2004 pub. 18/05/2004 numac 2004022376 bron federale overheidsdienst volksgezondheid, veiligheid van de voedselketen en leefmilieu Wet inzake experimenten op de menselijke persoon sluiten6, worden de volgende wijzigingen aangebracht: 1° in paragraaf 1, eerste lid, worden de woorden "om krachtens de artikelen 202 en 203, van de winst te worden afgetrokken" vervangen door de woorden "om krachtens de artikelen 202, §§ 1 en 2, en 203, van de winst te worden afgetrokken";2° het artikel wordt aangevuld met een paragraaf 4, luidende: " § 4.De meerwaarden op aandelen verwezenlijkt, of vastgesteld bij de verdeling van het vermogen van een buitenlandse vennootschap waarvan de winst van die vennootschap of van een in een derde land gelegen inrichting van die vennootschap, in toepassing van artikel 185/2 in een vorig belastbaar tijdperk als niet uitgekeerde winst in hoofde van de belastingplichtige werd belast, kan in het geval deze meerwaarden op aandelen niet krachtens paragrafen 1 en 2 volledig werden vrijgesteld, alsnog worden vrijgesteld voor het bedrag van de winst van deze buitenlandse vennootschap dat in toepassing van artikel 185/2 in een vorig belastbaar tijdperk als niet uitgekeerde winst in hoofde van de binnenlandse vennootschap werd belast, en voor zover: - deze winst nog niet eerder was uitgekeerd; - nog bestond op een rekening van het passief op het tijdstip van de vervreemding van deze aandelen.

Voor toepassing van deze paragraaf wordt de winst van de buitenlandse vennootschap of van de in een derde land gelegen inrichting van die vennootschap die overeenkomstig artikel 185/2 in hoofde van de binnenlandse vennootschap werd belast, geacht eerst te zijn uitgekeerd.

De vrijstelling is slechts van toepassing in zover het belastbare bedrag van de meerwaarden hoger is dan het totaal van de vroeger op de overgedragen aandelen aangenomen waardeverminderingen, verminderd met het totaal van de meerwaarden die overeenkomstig artikel 24, eerste lid, 3°, werden belast.

In geval van verwerving of van wijziging tijdens het huidige of in een voorgaand belastbaar tijdperk van de controle van de belastingplichtige die niet beantwoordt aan rechtmatige financiële of economische behoeften, kunnen de meerwaarden niet krachtens deze paragraaf worden vrijgesteld. Voor de toepassing van dit lid wordt onder voorgaand belastbaar tijdperk elk belastbare tijdperk bedoeld sinds het belastbare tijdperk waarin de in deze paragraaf bedoelde winst van de buitenlandse vennootschap of van de in een derde land gelegen inrichting van die vennootschap overeenkomstig artikel 185/2 in hoofde van de binnenlandse vennootschap werd belast.".

Art. 24.In artikel 202 van hetzelfde Wetboek, laatstelijk gewijzigd bij de wet van 27 juni 2021Relevante gevonden documenten type wet prom. 07/05/2004 pub. 18/05/2004 numac 2004022376 bron federale overheidsdienst volksgezondheid, veiligheid van de voedselketen en leefmilieu Wet inzake experimenten op de menselijke persoon sluiten1, worden de volgende wijzigingen aangebracht: 1° in paragraaf 1, eerste lid, worden de bepalingen onder 4° en 5° opgeheven;2° in paragraaf 1 wordt het tweede lid opgeheven;3° het artikel wordt aangevuld met een paragraaf 3, luidende: " § 3.Van de winst van het belastbare tijdperk wordt eveneens de winst die wordt uitgekeerd door een in artikel 185/2, § 2, bedoelde buitenlandse vennootschap afgetrokken, in zover zij erin voorkomen en voor zover en in de mate dat de belastingplichtige heeft aangetoond dat deze winst reeds in een vorig belastbaar tijdperk als niet uitgekeerde winst in toepassing van artikel 185/2 in zijn hoofde werd belast en nog niet eerder werd vrijgesteld.

Voor toepassing van deze paragraaf wordt de winst van de buitenlandse vennootschap of de winst van een in een derde land gelegen inrichting van deze vennootschap die overeenkomstig artikel 185/2 in hoofde van de binnenlandse vennootschap werd belast, geacht eerst te zijn uitgekeerd.".

Art. 25.Artikel 206/4, derde lid, van hetzelfde Wetboek, ingevoegd bij de wet van 21 januari 2022Relevante gevonden documenten type wet prom. 07/05/2004 pub. 18/05/2004 numac 2004022376 bron federale overheidsdienst volksgezondheid, veiligheid van de voedselketen en leefmilieu Wet inzake experimenten op de menselijke persoon sluiten6, wordt vervangen als volgt: "Indien de winst van een buitenlandse vaste inrichting in België niet is vrijgesteld op basis van de internationale verdragen, of indien de winst van deze buitenlandse vaste inrichting op grond van artikel 185/2 moet worden belast, wordt deze winst opgenomen in de categorie "niet bij verdrag vrijgestelde winst.".

Art. 26.In artikel 207, achtste lid, van hetzelfde Wetboek, laatstelijk gewijzigd bij de wet van 25 december 2017Relevante gevonden documenten type wet prom. 26/06/2002 pub. 27/07/2002 numac 2002016171 bron ministerie van middenstand en landbouw Wet betreffende de oprichting van de Vestigingsraad sluiten9, wordt tussen het eerste streepje en het tweede streepje een nieuw streepje ingevoegd, luidende: "- in afwijking van artikel 202, § 3, de winst die wordt uitgekeerd door een in artikel 185/2, § 2, bedoelde buitenlandse vennootschap die in een vorig belastbaar tijdperk als niet uitgekeerde winst in toepassing van artikel 185/2 werd belast;".

Art. 27.In titel VI, hoofdstuk II, van hetzelfde Wetboek, wordt tussen afdeling IV en afdeling IVbis een afdeling IV/1 ingevoegd, luidende: "Afdeling IV/1.- Vaststelling van buitenlandse belasting op de in artikel 185/2 bedoelde winst".

Art. 28.In titel VI, hoofdstuk II, afdeling IV/1, van hetzelfde Wetboek, wordt een artikel 289/1 ingevoegd, luidende: "

Art. 289/1.In het geval overeenkomstig artikel 185/2 de niet uitgekeerde winst van een in datzelfde artikel bedoelde buitenlandse vennootschap of buitenlandse inrichting die als CFC wordt aangemerkt, in het voorgaande belastbare tijdperk werd belast in hoofde van de belastingplichtige, dan mag de belasting die de buitenlandse vennootschap of buitenlandse inrichting daadwerkelijk heeft betaald aan de Staat waar deze buitenlandse vennootschap gevestigd is of waar de buitenlandse inrichting gelegen is ter voldoening van de buitenlandse inkomstenbelasting die voor dat belastbare tijdperk verschuldigd is, worden verrekend met de vennootschapsbelasting die voor het belastbare tijdperk verschuldigd is, overeenkomstig de bepalingen van dit artikel.

Het daadwerkelijk betaalde bedrag aan inkomstenbelasting voor dat belastbare tijdperk die de buitenlandse vennootschap of de inrichting van de buitenlandse vennootschap verschuldigd is aan de Staat waar deze vennootschap gevestigd is of waar de buitenlandse inrichting gelegen is, wordt vermenigvuldigd met een breuk waarvan de teller gelijk is aan het bedrag dat wordt bekomen na toepassing van artikel 185/2, § 2, vijfde lid, dat in toepassing van dat artikel 185/2 daadwerkelijk als winst van de belastingplichtige werd aangemerkt, en waarvan de noemer gelijk is aan de winst van de buitenlandse vennootschap of buitenlandse inrichting die overeenkomstig artikel 185/2, § 2, tweede lid, werd vastgesteld.

Het daadwerkelijk betaalde bedrag aan inkomstenbelasting voor dat belastbare tijdperk die de buitenlandse inrichting van de belastingplichtige verschuldigd is aan de Staat waar deze buitenlandse inrichting gelegen is, wordt vermenigvuldigd met een breuk waarvan de teller gelijk is aan het bedrag dat wordt bekomen na toepassing van artikel 185/2, § 2, achtste lid, dat in toepassing van dat artikel 185/2 daadwerkelijk als winst van de belastingplichtige werd aangemerkt, en waarvan de noemer gelijk is aan de winst van de buitenlandse inrichting die overeenkomstig artikel 185/2, § 2, zevende lid, werd vastgesteld.

Voor het bepalen van het daadwerkelijk betaalde bedrag aan inkomstenbelasting van het belastbare tijdperk worden ook de voorafbetalingen voor deze inkomstenbelastingen meegeteld die in de loop van het tijdperk dat voorafgaat aan het belastbare tijdperk werden gedaan, maar worden in voorkomend geval de belastingverhogingen, boeten of andere vormen van administratieve sancties uitgesloten.".

Art. 29.In titel VI, hoofdstuk II, van hetzelfde Wetboek, wordt het opschrift van afdeling V vervangen als volgt: "Afdeling V.- Mate van verrekening van de roerende voorheffing, het forfaitair gedeelte van buitenlandse belasting, de buitenlandse belasting op de in artikel 185/2 bedoelde winst en de belastingkredieten".

Art. 30.In titel VI, hoofdstuk II, afdeling V, van hetzelfde Wetboek, wordt een artikel 292/1 ingevoegd, luidende: "

Art. 292/1.De in artikel 289/1 bedoelde buitenlandse belasting op de in artikel 185/2 bedoelde winst wordt volledig met de vennootschapsbelasting verrekend.

Indien een aanslagjaar geen of onvoldoende belasting oplevert om de in het eerste lid bedoelde buitenlandse belasting te kunnen verrekenen, wordt het voor dat aanslagjaar niet verrekende buitenlandse belasting niet terugbetaald, maar overgedragen naar een volgend aanslagjaar.".

Art. 31.In artikel 307, § 1/2, van hetzelfde Wetboek, laatstelijk gewijzigd bij de wet van 20 december 2020Relevante gevonden documenten type wet prom. 09/07/2004 pub. 15/07/2004 numac 2004021090 bron federale overheidsdienst kanselarij van de eerste minister Wet houdende diverse bepalingen sluiten9, worden de volgende wijzigingen aangebracht: 1° het vijfde lid wordt vervangen als volgt: "De belastingplichtigen onderworpen aan de vennootschapsbelasting zijn eveneens gehouden in de aangifte het bestaan te melden van elke buitenlandse vennootschap of buitenlandse inrichting, die in toepassing van artikel 185/2 § 3, als CFC wordt aangemerkt."; 2° het zesde lid wordt vervangen als volgt: "In het geval in de aangifte het bestaan wordt gemeld van een in artikel 185/2, § 3, bedoelde buitenlandse vennootschap of buitenlandse inrichting van een buitenlandse vennootschap die overeenkomstig artikel 185/2, § 3, als CFC wordt aangemerkt, wordt eveneens vermeld: - de naam van de vennootschap; - het adres van de zetel van bestuur of beheer van de vennootschap; - in voorkomend geval het identificatienummer van deze vennootschap; - in voorkomend geval het land waar de buitenlandse inrichting gelegen is; - het in artikel 185/2, § 2, vijfde lid, bedoelde percentage; - of de vrijstelling bedoeld in respectievelijk artikel 185/2, § 4, eerste streepje, tweede streepje of derde streepje wordt ingeroepen."; 3° het zevende lid wordt opgeheven.

Art. 32.Deze afdeling is van toepassing vanaf aanslagjaar 2024. Afdeling 7. - Wijzigingen van het aanslagstelsel dat van toepassing is

op de juridische constructies

Art. 33.In artikel 2, § 1, van het Wetboek van de inkomstenbelastingen 1992, laatstelijk gewijzigd bij de wet van 5 juli 2022Relevante gevonden documenten type wet prom. 07/05/2004 pub. 18/05/2004 numac 2004022376 bron federale overheidsdienst volksgezondheid, veiligheid van de voedselketen en leefmilieu Wet inzake experimenten op de menselijke persoon sluiten3, worden de volgende wijzigingen aangebracht: 1° in de bepaling onder 13°, b), wordt het tweede lid vervangen als volgt: "De in het eerste lid bedoelde vennootschap, vereniging, inrichting, instelling of entiteit is geen juridische constructie indien deze gevestigd is in een Staat of rechtsgebied dat behoort tot de Europese Economische Ruimte, behalve indien het: 1° een in de bepaling onder 13° /1, tweede tot vierde lid, bedoeld geval betreft;2° een niet in artikel 29, § 2, bedoelde vennootschap betreft waarvan de inkomsten door de Staat of het rechtsgebied waar deze vennootschap is gevestigd in hoofde van de vennoten of aandeelhouders worden belast, tenzij deze inkomsten worden onderworpen aan een inkomstenbelasting, die in hoofde van de vennoot of aandeelhouder wordt gevestigd krachtens de bepalingen van de wetgeving van de Staat of het rechtsgebied waar deze vennootschap is gevestigd, en indien deze inkomstenbelasting minstens 1 pct.bedraagt van het aan deze aandeelhouder of vennoot toebehorend deel van het belastbaar inkomen van deze vennootschap dat wordt vastgesteld overeenkomstig de regels die van toepassing zijn voor het vestigen van de Belgische belasting op daarmee overeenstemmende inkomsten; 3° een vennootschap, vereniging, inrichting, instelling of entiteit betreft, andere dan deze bedoeld in de bepaling onder 1° of 2° of artikel 29, § 2, die rechtspersoonlijkheid bezit, en die, krachtens de bepalingen van de wetgeving van de Staat of het rechtsgebied waar hij gevestigd is, aldaar ofwel niet aan een inkomstenbelasting wordt onderworpen ofwel onderworpen wordt aan een inkomstenbelasting die minder dan 1 pct.bedraagt van het belastbaar inkomen van deze juridische constructie dat wordt vastgesteld overeenkomstig de regels die van toepassing zijn voor het vestigen van de Belgische belasting op daarmee overeenstemmende inkomsten."; 2° in de bepaling onder 13°, b), wordt het derde lid opgeheven;3° in de bepaling onder 13°, b), wordt het vierde lid, dat het derde lid wordt, vervangen als volgt: "Behalve in het geval de belastingplichtige het bewijs levert dat de vennootschap, vereniging, inrichting, instelling of entiteit geen juridische constructie is, worden de volgende gevallen vermoed een juridische constructie te zijn: - een vennootschap, vereniging, inrichting, instelling of entiteit, die rechtspersoonlijkheid bezit en die gevestigd is in een rechtsgebied dat op het einde van het belastbare tijdperk werd opgenomen op de EU-lijst van niet coöperatieve rechtsgebieden of op de lijst van Staten zonder of met een lage belasting als bedoeld in artikel 307, § 1/2; - een in de bepaling onder 13° /1, tweede tot vierde lid, bedoeld geval; - een in het tweede lid, 2°, bedoeld geval."; 4° in de bepaling onder 13° /1, eerste lid, wordt de inleidende zin vervangen als volgt: "13° /1 in afwijking van de bepaling onder 13° en 13° /2 worden niet geacht een juridische constructie of een tussenconstructie te zijn:"; 5° in de bepaling onder 13° /1, eerste lid, wordt de bepaling onder a) vervangen als volgt: "a) een instelling voor collectieve belegging naar Belgisch recht of naar buitenlands recht die voldoet aan de voorwaarden van Richtlijn 2009/65/EG van het Europees Parlement en de Raad van 13 juli 2009 tot coördinatie van de wettelijke en bestuursrechtelijke bepalingen betreffende bepaalde instellingen voor collectieve belegging in effecten (ICBE's) of een instelling voor belegging in schuldvorderingen bedoeld in deel 3bis van de wet van 3 augustus 2012Relevante gevonden documenten type wet prom. 26/06/2002 pub. 27/07/2002 numac 2002016171 bron ministerie van middenstand en landbouw Wet betreffende de oprichting van de Vestigingsraad sluiten3 betreffende de instellingen voor collectieve belegging die voldoen aan de voorwaarden van Richtlijn 2009/65/CE en de instellingen voor belegging in schuldvorderingen, in voorkomend geval per afzonderlijk compartiment beschouwd;"; 6° in de bepaling onder 13° /1, eerste lid, wordt de bepaling onder b) vervangen als volgt: "b) een alternatieve instelling voor collectieve belegging naar Belgisch recht of naar buitenlands recht waarvan de beheerder overeenkomstig de wet van 19 april 2014Relevante gevonden documenten type wet prom. 26/06/2002 pub. 27/07/2002 numac 2002016171 bron ministerie van middenstand en landbouw Wet betreffende de oprichting van de Vestigingsraad sluiten2 betreffende de alternatieve instellingen voor collectieve belegging en hun beheerders, overeenkomstig het interne recht van een lidstaat van de Europese Unie of overeenkomstig het interne recht van een derde land voldoet aan de voorwaarden van Richtlijn 2011/61/EU van het Europees parlement en de Raad van 8 juni 2011 inzake beheerders van alternatieve beleggingsinstellingen en tot wijziging van de Richtlijnen 2003/41/EG en 2009/65/EG en van de Verordeningen (EG) nr.1060/2009 en (EU) nr. 1095/2010, in voorkomend geval per afzonderlijk compartiment beschouwd;"; 7° in de bepaling onder 13° /1, tweede lid, worden de woorden "met betrekking tot de in dit lid beoogde instellingen, entiteiten en vennootschappen waarvan de rechten door één persoon, of meerdere met elkaar verbonden personen" vervangen door de woorden "met betrekking tot de in dit lid, in de bepaling onder a) tot c), beoogde instellingen, entiteiten en vennootschappen waarvan de rechten voor meer dan 50 pct.door één persoon, of meerdere met elkaar verbonden personen"; 8° de bepaling onder 13° /1 wordt aangevuld met een lid, luidende: "Behoudens tegenbewijs wordt de in het tweede lid bedoelde uitzondering vermoed van toepassing te zijn in het geval: - de vermogensbeheerder van de in dat lid bedoelde instelling, entiteit of vennootschap, of van een compartiment daarvan, specifieke instructies ontvangt van de personen die de rechten aanhouden van dit compartiment, om bepaalde financiële instrumenten te kopen of te verkopen, of; - er geen onafhankelijke vermogensbeheerder werd aangesteld."; 9° in de bepaling onder 13° /2 worden de woorden "een andere juridische constructie" vervangen door de woorden "een tussenconstructie"; 10° de bepaling onder 13° /3 wordt vervangen als volgt: "13° /3 Tussenconstructie Onder een tussenconstructie wordt een juridische constructie of enigerlei vennootschap, vereniging, inrichting, instelling of entiteit verstaan, die al dan niet rechtspersoonlijkheid bezit naar het recht dat haar beheerst, die de aandelen of economische rechten geheel of gedeeltelijk aanhoudt van een dochterconstructie of een andere tussenconstructie;"; 11° de bepaling onder 13° /4 wordt opgeheven;12° in de bepaling onder 14°, vierde streepje, worden de woorden "en die houder zijn van de juridische rechten van de aandelen" vervangen door de woorden "en die rechtstreeks of onrechtstreeks via een keten van tussenconstructies houder zijn van de juridische of economische rechten van de aandelen";13° de bepaling onder 14° wordt aangevuld met twee leden, luidende: "Behoudens tegenbewijs en rekening houdend met alle relevante feiten en omstandigheden, kan een natuurlijke persoon die in een centraal register van uiteindelijke begunstigden als een uiteindelijke begunstigde wordt aangemerkt van een in de wet van 18 september 2017Relevante gevonden documenten type wet prom. 26/06/2002 pub. 27/07/2002 numac 2002016171 bron ministerie van middenstand en landbouw Wet betreffende de oprichting van de Vestigingsraad sluiten8 tot voorkoming van het witwassen van geld en de financiering van terrorisme en tot beperking van het gebruik van contanten bedoelde vennootschap, fiducie, trust, stichting, vereniging zonder winstoogmerk, of een constructie die vergelijkbaar is met een fiducie of trust, die ook een in de bepaling onder 13° bedoelde juridische constructie is, worden vermoed de oprichter van deze juridische constructie te zijn. Voor de toepassing van het tweede lid wordt onder een centraal register van uiteindelijke begunstigden het register bedoeld in boek IV, titel 2, van de wet van 18 september 2017Relevante gevonden documenten type wet prom. 26/06/2002 pub. 27/07/2002 numac 2002016171 bron ministerie van middenstand en landbouw Wet betreffende de oprichting van de Vestigingsraad sluiten8 tot voorkoming van het witwassen van geld en de financiering van terrorisme en tot beperking van het gebruik van contanten, verstaan, evenals een soortgelijk register dat wordt beheerd door een lidstaat van de Europese Unie of een derde land.".

Art. 34.In artikel 5/1 van hetzelfde Wetboek, laatstelijk gewijzigd bij de wet van 27 juni 2021Relevante gevonden documenten type wet prom. 07/05/2004 pub. 18/05/2004 numac 2004022376 bron federale overheidsdienst volksgezondheid, veiligheid van de voedselketen en leefmilieu Wet inzake experimenten op de menselijke persoon sluiten1, worden de volgende wijzigingen aangebracht: 1° in paragraaf 1 wordt het tweede lid vervangen als volgt: "In afwijking van het eerste lid zijn de inkomsten die werden verkregen door een dochterconstructie, slechts belastbaar in hoofde van de rijksinwoner die de oprichter is van de dochterconstructie, in de mate dat die oprichter via een tussenconstructie of een keten van tussenconstructies onrechtstreeks houder is van de juridische of economische rechten van de aandelen van de dochterconstructie."; 2° in paragraaf 1 wordt het derde lid vervangen als volgt: "De inkomsten die worden uitgekeerd door de dochterconstructie aan een juridische constructie zijn niet belastbaar in hoofde van de rijksinwoner die de oprichter is van de dochterconstructie, in de mate en op voorwaarde dat de belastingplichtige heeft aangetoond dat deze inkomsten aan de voorwaarden van artikel 21, eerste lid, 12°, en tweede lid, voldoen."; 3° in paragraaf 1 worden het vierde en het vijfde lid opgeheven; 4° in paragraaf 1 wordt het tiende lid, dat het achtste lid wordt, vervangen als volgt: "De toepassing van deze paragraaf op de door de juridische constructie verkregen inkomsten, belet niet de toepassing van artikel 18, eerste lid, 3°, op de door deze juridische constructie betaalde of toegekende inkomsten."; 5° paragraaf 2 wordt opgeheven;6° in paragraaf 3 worden in de inleidende zin de woorden "De paragrafen 1 en 2 zijn" vervangen door de woorden "Paragraaf 1 is";7° in paragraaf 3 wordt de bepaling onder b) vervangen als volgt: "b) in de jaarlijkse aangifte van de inkomstenbelasting verklaart en op eenvoudig verzoek aantoont dat de juridische constructie gevestigd is in een Staat waarmee België een overeenkomst tot voorkoming van dubbele belasting heeft gesloten, of een akkoord heeft gesloten inzake de uitwisseling van inlichtingen met betrekking tot belastingaangelegenheden, of die samen met België deelneemt aan een ander bilateraal of multilateraal gesloten juridisch instrument, op voorwaarde dat deze overeenkomst, dit akkoord of dit juridisch instrument de uitwisseling van inlichtingen met betrekking tot belastingaangelegenheden tussen de akkoord sluitende Staten mogelijk maakt, en dat: - er wordt aangetoond dat de juridische constructie een wezenlijke economische activiteit uitoefent, ondersteund door personeel, uitrusting, activa en gebouwen en haar inkomsten in hoofdzaak hieruit behaalt, en dat; - deze wezenlijke activiteit het beheer van het privévermogen van de oprichter of van een van de oprichters van deze juridische constructie niet tot doel heeft;"; 8° paragraaf 3 wordt aangevuld met de bepalingen onder c) en d), luidende: "c) aantoont dat de inkomsten van deze juridische constructie in toepassing van artikel 185/2 in hoofde van een binnenlandse vennootschap worden belast; d) aantoont dat de inkomsten van deze juridische constructie in hoofde van een andere oprichter van deze juridische constructie in toepassing van paragraaf 1 of artikel 220/1 worden of werden belast."; 9° paragraaf 3 wordt aangevuld met een lid, luidende: "Voor de toepassing van het eerste lid, b), moet onder de uitoefening van een economische activiteit, het aanbieden van goederen of diensten op een bepaalde markt worden begrepen.".

Art. 35.In artikel 18 van hetzelfde Wetboek, laatstelijk gewijzigd bij de wet van 27 juni 2021Relevante gevonden documenten type wet prom. 07/05/2004 pub. 18/05/2004 numac 2004022376 bron federale overheidsdienst volksgezondheid, veiligheid van de voedselketen en leefmilieu Wet inzake experimenten op de menselijke persoon sluiten1, worden de volgende wijzigingen aangebracht: 1° in het eerste lid, 3°, worden de woorden "door een juridische constructie" vervangen door de woorden "door een entiteit die voor ten minste één van de drie afgelopen belastbare tijdperken werd aangemerkt als een juridische constructie", worden de woorden "de overige paragrafen van artikel 5/1" vervangen door de woorden "artikel 5/1, § 1," en worden de woorden "met inbegrip van de inkomsten die worden geacht te zijn toegekend of betaalbaar gesteld overeenkomstig artikel 5/1, § 2," opgeheven;2° in het eerste lid wordt een bepaling onder 3° /1 ingevoegd, luidende: "3° /1 de niet uitgekeerde winst van een in artikel 2, § 1, 13°, a) en b), bedoelde juridische constructie die wordt geacht te zijn toegekend of betaalbaar gesteld aan de oprichter van een juridische constructie, op het ogenblik: - dat de economische rechten, de aandelen of de activa van de juridische constructie worden ingebracht in een andere juridische constructie of rechtspersoon of worden overgedragen naar een andere Staat of rechtsgebied dan België, of; - dat de natuurlijke persoon die de oprichter is van deze juridische constructie zijn woonplaats of zetel van fortuin naar het buitenland verplaatst, of; - waarop de voornaamste inrichting of de zetel van bestuur of beheer van de in artikel 220 bedoelde rechtspersoon die de oprichter is van deze juridische constructie wordt overgebracht naar het buitenland."; 3° het artikel wordt aangevuld met twee leden, luidende: "Voor de toepassing van het eerste lid, 3° /1, wordt de niet uitgekeerde winst van een dochterconstructie, die overeenkomstig die bepaling wordt geacht te zijn toegekend of betaalbaar gesteld aan de oprichter, beperkt overeenkomstig de mate dat hij via een tussenconstructie of een keten van meerdere tussenconstructies de oprichter is van de dochterconstructie. Het eerste lid, 3° /1, is niet van toepassing op een juridische constructie die krachtens artikel 5/1, § 3, van de toepassing van artikel 5/1, § 1, of van artikel 220/1 is uitgesloten.".

Art. 36.In artikel 21 van hetzelfde Wetboek, laatstelijk gewijzigd bij de wet van 20 november 2022Relevante gevonden documenten type wet prom. 07/05/2004 pub. 18/05/2004 numac 2004022376 bron federale overheidsdienst volksgezondheid, veiligheid van de voedselketen en leefmilieu Wet inzake experimenten op de menselijke persoon sluiten5, worden de volgende wijzigingen aangebracht: 1° in het eerste lid wordt de bepaling onder 12°, vervangen als volgt: "12° inkomsten die zijn toegekend of betaalbaar gesteld door een entiteit die voor ten minste één van de drie afgelopen belastbare tijdperken aangemerkt werd als een juridische constructie of tussenconstructie, in de mate dat wordt aangetoond dat de door een juridische constructie verkregen inkomsten, die reeds in hoofde van een natuurlijke persoon of een in de artikelen 220 bedoelde rechtspersoon in toepassing van artikel 5/1, 18, eerste lid, 3° /1, of 220/1, in België hun belastingregime hebben ondergaan, in deze eerstgenoemde inkomsten voorkomen; 2° het tweede lid wordt vervangen als volgt: "Voor de toepassing van het eerste lid, 12°, en artikel 5/1, § 1, derde lid, worden de oudst verkregen inkomsten geacht eerst te zijn uitgekeerd, en worden de inkomsten geacht in België hun belastingregime niet te hebben ondergaan, indien deze buiten het toepassingsgebied van dit Wetboek vallen of krachtens dit Wetboek of een verdrag worden vrijgesteld.".

Art. 37.In artikel 220/1 van hetzelfde Wetboek, laatstelijk gewijzigd bij de wet van 27 juni 2021Relevante gevonden documenten type wet prom. 07/05/2004 pub. 18/05/2004 numac 2004022376 bron federale overheidsdienst volksgezondheid, veiligheid van de voedselketen en leefmilieu Wet inzake experimenten op de menselijke persoon sluiten1, worden de volgende wijzigingen aangebracht: 1° in paragraaf 1 wordt tussen het eerste en het tweede lid, een lid ingevoegd, luidende: "In afwijking van het eerste lid zijn de inkomsten die werden verkregen door een dochterconstructie, slechts belastbaar in hoofde van de in artikel 220 bedoelde rechtspersoon die de oprichter is van de dochterconstructie, in de mate dat die oprichter via een tussenconstructie of een keten van tussenconstructies onrechtstreeks houder is van de juridische of economische rechten van de aandelen van de dochterconstructie."; 2° in paragraaf 1, tweede lid, dat het derde lid wordt, worden de woorden "in artikel 5/1, § 1, tweede tot zevende, negende en tiende lid" vervangen door de woorden "in artikel 5/1, § 1, derde tot zesde, achtste en negende lid";3° paragraaf 2 wordt opgeheven;4° in paragraaf 3, worden de woorden "De paragrafen 1 en 2 zijn" vervangen door de woorden "Paragraaf 1 is".

Art. 38.In artikel 307 van hetzelfde Wetboek, wordt paragraaf 1/4, ingevoegd bij de wet van 25 december 2017Relevante gevonden documenten type wet prom. 26/06/2002 pub. 27/07/2002 numac 2002016171 bron ministerie van middenstand en landbouw Wet betreffende de oprichting van de Vestigingsraad sluiten9, vervangen als volgt: " § 1/4. In het geval in de aangifte in de personenbelasting of de rechtspersonenbelasting het bestaan wordt vermeld van een juridische constructie, wordt in een bijlage bij de aangifte in de personenbelasting of de rechtspersonenbelasting waarvan het model door de Koning wordt bepaald: - de volledige naam, de rechtsvorm, het adres en in voorkomend geval het identificatienummer van de juridische constructie vermeld; - de naam en het adres van de beheerder van deze juridische constructie vermeld, indien het een in artikel 2, § 1, 13°, a), bedoelde juridische constructie betreft; - de in de aangifte opgenomen inkomsten uiteengezet die door elke juridische constructie afzonderlijk worden verkregen evenals het bedrag van het vermogen van de juridische constructie op het einde van het belastbare tijdperk, het deel van het vermogen dat door de oprichter werd ingebracht, de in artikel 18, eerste lid, 3° en 3° /1 bedoelde dividenden, die in de aangifte werden opgenomen, evenals deze die in toepassing van artikel 21, eerste lid, 12°, werden vrijgesteld en deze die niet in de aangifte moeten worden opgenomen omdat er roerende voorheffing op werd ingehouden.".

Art. 39.In artikel 354, § 1, vijfde lid, van hetzelfde Wetboek, vervangen bij de wet van 20 november 2022Relevante gevonden documenten type wet prom. 07/05/2004 pub. 18/05/2004 numac 2004022376 bron federale overheidsdienst volksgezondheid, veiligheid van de voedselketen en leefmilieu Wet inzake experimenten op de menselijke persoon sluiten5, wordt het derde streepje vervangen als volgt: "- wanneer, overeenkomstig artikel 307, § 1/1, of § 1/3, de aangifte het bestaan van een juridische constructie moet vermelden.".

Art. 40.Artikel 413/1, § 1, eerste lid, van hetzelfde Wetboek, laatstelijk gewijzigd bij de wet van 17 maart 2019Relevante gevonden documenten type wet prom. 09/07/2004 pub. 15/07/2004 numac 2004021090 bron federale overheidsdienst kanselarij van de eerste minister Wet houdende diverse bepalingen sluiten5, wordt aangevuld met een bepaling onder 7°, luidende: "7° de in artikel 18, eerste lid, 3° /1, bedoelde niet uitgekeerde winst, indien deze afkomstig is van een juridische constructie die gevestigd is in een lidstaat van de Europese Economische Ruimte.".

Art. 41.Het koninklijk besluit van 23 augustus 2015Relevante gevonden documenten type wet prom. 27/04/2005 pub. 20/05/2005 numac 2005022392 bron federale overheidsdienst sociale zekerheid Wet betreffende de beheersing van de begroting van de gezondheidszorg en houdende diverse bepalingen inzake gezondheid sluiten4 tot uitvoering van artikel 2, § 1, 13°, b, derde lid van het Wetboek van de inkomstenbelastingen 1992 wordt opgeheven.

Art. 42.Het koninklijk besluit van 18 december 2015Relevante gevonden documenten type wet prom. 27/04/2005 pub. 20/05/2005 numac 2005022392 bron federale overheidsdienst sociale zekerheid Wet betreffende de beheersing van de begroting van de gezondheidszorg en houdende diverse bepalingen inzake gezondheid sluiten5 tot uitvoering van artikel 2, § 1, 13°, b), tweede lid, van het Wetboek van de inkomstenbelastingen 1992 wordt opgeheven.

Art. 43.Artikel 38 is van toepassing vanaf aanslagjaar 2024.

De overige artikelen van deze afdeling zijn van toepassing op de inkomsten die vanaf 1 januari 2024 worden verkregen, toegekend of betaalbaar gesteld door een juridische constructie. Afdeling 8. - Aftrekbeperking van de jaarlijkse taks op de

kredietinstellingen, de collectieve beleggings-instellingen en de verzekeringsondernemingen

Art. 44.In artikel 198, § 1, van hetzelfde Wetboek, laatstelijk gewijzigd bij de wet van 26 december 2022Relevante gevonden documenten type wet prom. 07/05/2004 pub. 18/05/2004 numac 2004022376 bron federale overheidsdienst volksgezondheid, veiligheid van de voedselketen en leefmilieu Wet inzake experimenten op de menselijke persoon sluiten8, worden in de bepalingen onder 6° /1, 6° /2 en 6° /3, de woorden "80 pct. van" telkens opgeheven.

Art. 45.Artikel 44 is van toepassing op de vanaf 1 januari 2024 verschuldigde taksen. HOOFDSTUK 4. - Wijzigingen betreffende de accijnzen Afdeling 1. - Wijziging van de programmawet van 27 december 2004Relevante gevonden documenten type wet prom. 27/12/2005 pub. 30/12/2005 numac 2005021183 bron federale overheidsdienst kanselarij van de eerste minister Wet houdende diverse bepalingen sluiten3

Art. 46.In artikel 429, § 5, 1), van de programmawet van 27 december 2004Relevante gevonden documenten type wet prom. 27/12/2005 pub. 30/12/2005 numac 2005021183 bron federale overheidsdienst kanselarij van de eerste minister Wet houdende diverse bepalingen sluiten3, laatstelijk gewijzigd bij de wet van 25 november 2021, worden de eerste twee zinnen vervangen door een zin luidende als volgt: "1) De gasolie bedoeld in artikel 419, f), i), kan genieten van een vrijstelling van de bijzondere accijns ten belope van een bedrag dat wordt vastgesteld als volgt: - vanaf 1 januari 2024: 193,5000 euro per 1.000 liter bij 15 ° C; - vanaf 1 januari 2025: 192,4000 euro per 1.000 liter bij 15 ° C; - vanaf 1 januari 2026: 191,3000 euro per 1.000 liter bij 15 ° C.". Afdeling 2. - Wijzigingen van de wet van 3 april 1997Relevante gevonden documenten type wet prom. 03/04/1997 pub. 11/10/2012 numac 2011015137 bron federale overheidsdienst buitenlandse zaken, buitenlandse handel en ontwikkelingssamenwerking Wet houdende instemming met het Verdrag nr. 168 betreffende de bevordering van de werkgelegenheid en de bescherming tegen werkloosheid, aangenomen te Genève op 21 juni 1988 door de Internationale Arbeidsconferentie tijdens haar vijfenzeventigste zitting (2) type wet prom. 03/04/1997 pub. 13/12/1997 numac 1997015121 bron ministerie van buitenlandse zaken, buitenlandse handel en ontwikkelingssamenwerking Wet houdende instemming met het Verdrag nr. 171 betreffende nachtarbeid, aangenomen te Genève op 26 juni 1990 door de Internationale Arbeidsconferentie tijdens haar zevenenzeventigste zitting type wet prom. 03/04/1997 pub. 14/11/1997 numac 1997015109 bron ministerie van buitenlandse zaken, buitenlandse handel en ontwikkelingssamenwerking Wet houdende instemming met de Partnerschaps- en Samenwerkingsovereenkomst tussen de Europese Gemeenschappen en hun Lid-Staten, enerzijds, en Oekraïne, anderzijds, de Bijlagen I tot V, het Protocol, de Slotakte en de Verklaringen, gedaan te Luxemburg op 14 juni 1994 type wet prom. 03/04/1997 pub. 24/04/1998 numac 1998015003 bron ministerie van buitenlandse zaken, buitenlandse handel en ontwikkelingssamenwerking Wet houdende instemming met de Partnerschaps- en Samenwerkingsovereenkomst tussen de Europese Gemeenschappen en hun Lid-Staten, enerzijds, en de Republiek Moldavië, anderzijds, Bijlagen I, II, III, IV en V, en Protocol en de Slotakte, gedaan te Brussel op 28 november 1994 (2) sluiten betreffende het

fiscaal stelsel van gefabriceerde tabak

Art. 47.Artikel 1bis van de wet van 3 april 1997Relevante gevonden documenten type wet prom. 03/04/1997 pub. 11/10/2012 numac 2011015137 bron federale overheidsdienst buitenlandse zaken, buitenlandse handel en ontwikkelingssamenwerking Wet houdende instemming met het Verdrag nr. 168 betreffende de bevordering van de werkgelegenheid en de bescherming tegen werkloosheid, aangenomen te Genève op 21 juni 1988 door de Internationale Arbeidsconferentie tijdens haar vijfenzeventigste zitting (2) type wet prom. 03/04/1997 pub. 13/12/1997 numac 1997015121 bron ministerie van buitenlandse zaken, buitenlandse handel en ontwikkelingssamenwerking Wet houdende instemming met het Verdrag nr. 171 betreffende nachtarbeid, aangenomen te Genève op 26 juni 1990 door de Internationale Arbeidsconferentie tijdens haar zevenenzeventigste zitting type wet prom. 03/04/1997 pub. 14/11/1997 numac 1997015109 bron ministerie van buitenlandse zaken, buitenlandse handel en ontwikkelingssamenwerking Wet houdende instemming met de Partnerschaps- en Samenwerkingsovereenkomst tussen de Europese Gemeenschappen en hun Lid-Staten, enerzijds, en Oekraïne, anderzijds, de Bijlagen I tot V, het Protocol, de Slotakte en de Verklaringen, gedaan te Luxemburg op 14 juni 1994 type wet prom. 03/04/1997 pub. 24/04/1998 numac 1998015003 bron ministerie van buitenlandse zaken, buitenlandse handel en ontwikkelingssamenwerking Wet houdende instemming met de Partnerschaps- en Samenwerkingsovereenkomst tussen de Europese Gemeenschappen en hun Lid-Staten, enerzijds, en de Republiek Moldavië, anderzijds, Bijlagen I, II, III, IV en V, en Protocol en de Slotakte, gedaan te Brussel op 28 november 1994 (2) sluiten betreffende het fiscaal stelsel van gefabriceerde tabak, laatstelijk gewijzigd bij de wet van 26 november 2021, wordt vervangen als volgt: "

Art. 1bis.In deze wet en in de ter uitvoering ervan getroffen maatregelen, wordt verstaan onder: - marktdeelnemer: iedere natuurlijke of rechtspersoon die tabaksfabricaten en met tabaksfabricaten gelijkgestelde producten in verbruik stelt in België in zijn hoedanigheid van erkend entrepothouder; - fiscaal kenteken: het fiscaal bandje en de fiscale sluitzegel die naargelang het geval worden geleverd door de Belgische of Luxemburgse Staat om te worden aangebracht op tabaksfabricaten en met tabaksfabricaten gelijkgestelde producten.".

Art. 48.In artikel 2 van dezelfde wet, gewijzigd bij de wet van 29 december 2010Relevante gevonden documenten type wet prom. 04/05/1999 pub. 28/07/1999 numac 1999000423 bron ministerie van binnenlandse zaken Wet tot verbetering van het stelsel van politiek verlof voor provincie- en gemeenteraadsleden, leden van de raad voor maatschappelijk welzijn, burgemeesters, schepenen en voorzitters van de raad voor maatschappelijk welzijn in de openbare en de particuliere sector type wet prom. 04/05/1999 pub. 29/10/1999 numac 1999003334 bron ministerie van financien Wet tot wijziging van de wet van 31 december 1983 tot hervorming van de instellingen voor de Duitstalige Gemeenschap type wet prom. 04/05/1999 pub. 28/07/1999 numac 1999000426 bron ministerie van binnenlandse zaken en ministerie van financien Wet tot beperking van de cumulatie van het ambt van bestendig afgevaardigde met andere ambten en tot harmonisering van het financieel en fiscaal statuut van de bestendig afgevaardigde sluiten1 en het koninklijk besluit van 28 november 2013, bekrachtigd bij de wet van 12 mei 2014, wordt een paragraaf 1/1 ingevoegd, luidende: " § 1/1. Voor de toepassing van de bepalingen van deze wet en van de ter uitvoering ervan getroffen maatregelen, worden als met tabaksfabricaten gelijkgestelde producten aangemerkt: a) verhitte tabaksproducten; b) e-vloeistoffen.".

Art. 49.In artikel 3 van dezelfde wet, vervangen bij de wet van 4 mei 1999Relevante gevonden documenten type wet prom. 04/05/1999 pub. 28/07/1999 numac 1999000423 bron ministerie van binnenlandse zaken Wet tot verbetering van het stelsel van politiek verlof voor provincie- en gemeenteraadsleden, leden van de raad voor maatschappelijk welzijn, burgemeesters, schepenen en voorzitters van de raad voor maatschappelijk welzijn in de openbare en de particuliere sector type wet prom. 04/05/1999 pub. 29/10/1999 numac 1999003334 bron ministerie van financien Wet tot wijziging van de wet van 31 december 1983 tot hervorming van de instellingen voor de Duitstalige Gemeenschap type wet prom. 04/05/1999 pub. 28/07/1999 numac 1999000426 bron ministerie van binnenlandse zaken en ministerie van financien Wet tot beperking van de cumulatie van het ambt van bestendig afgevaardigde met andere ambten en tot harmonisering van het financieel en fiscaal statuut van de bestendig afgevaardigde sluiten en laatstelijk gewijzigd bij de programma wet van 26 december 2022Relevante gevonden documenten type wet prom. 07/05/2004 pub. 18/05/2004 numac 2004022376 bron federale overheidsdienst volksgezondheid, veiligheid van de voedselketen en leefmilieu Wet inzake experimenten op de menselijke persoon sluiten8, worden de volgende wijzigingen aangebracht: 1° in paragraaf 1 wordt de bepaling onder 2° vervangen als volgt: "2° Sigaretten: a) accijns: 34,04 percent van de kleinhandelsprijs; b) bijzondere accijns: 0,00 percent van de kleinhandelsprijs;"; 2° paragraaf 2 wordt vervangen als volgt: " § 2.Naast de in § 1, 2° en 3°, bepaalde ad valorem accijns en ad valorem bijzondere accijns worden sigaretten en rooktabak van fijne snede voor het rollen van sigaretten en andere soorten rooktabak die hier te lande tot verbruik werden uitgeslagen, onderworpen aan een specifieke accijns en een specifieke bijzondere accijns, die als volgt zijn vastgesteld: a) voor sigaretten: - accijns: 6,8914 euro per 1.000 stuks; - bijzondere accijns: 171,1086 euro per 1.000 stuks; b) voor rooktabak van fijne snede voor het rollen van sigaretten en andere soorten rooktabak: - accijns: 0,0000 euro per kilogram; - bijzondere accijns: 136,0000 euro per kilogram.".

Art. 50.In dezelfde wet wordt een artikel 3/1 ingevoegd, luidende: "

Art. 3/1.§ 1. Op de verhitte tabaksproducten die hier te lande in verbruik worden gesteld, worden een ad valorem accijns en een ad valorem bijzondere accijns geheven die als volgt zijn vastgesteld: 1° a) accijns: 0,00 percent van de kleinhandelsprijs;b) bijzondere accijns: 31,50 percent van de klein-- handelsprijs.2° Naast de in 1°, bepaalde ad valorem accijns en ad valorem bijzondere accijns worden verhitte tabaksproducten die hier te lande in verbruik worden gesteld, onderworpen aan een specifieke accijns en een specifieke bijzondere accijns, die als volgt zijn vastgesteld: a) accijns: 0,0000 euro per kilogram; b) bijzondere accijns: 136,0000 euro per kilogram.".

Art. 51.In dezelfde wet wordt een artikel 3/2 ingevoegd, luidende: "

Art. 3/2.Op de e-vloeistoffen die hier te lande in verbruik worden gesteld, worden een specifieke accijns en een specifieke bijzondere accijns geheven, die als volgt zijn vastgesteld: a) accijns: 0,0000 euro per milliliter; b) bijzondere accijns: 0,1500 euro per milliliter.".

Art. 52.In dezelfde wet wordt een artikel 8/1 ingevoegd, luidende: "

Art. 8/1.Als verhit tabaksproduct wordt aangemerkt: een nieuwsoortig tabaksproduct dat wordt verhit om een emissie van nicotine en andere chemische stoffen te produceren, die vervolgens door de gebruiker(s) wordt ingeademd.".

Art. 53.In dezelfde wet wordt een artikel 8/2 ingevoegd, luidende: "

Art. 8/2.Als e-vloeistof wordt aangemerkt: nicotine houdende of nicotinevrije vloeibare substantie die bestemd is om te worden gebruikt in een elektronische sigaret of die gebruikt kan worden voor het navullen van een elektronische sigaret.".

Art. 54.In artikel 10, § 1, eerste lid van dezelfde wet, vervangen bij de wet van 9 juli 2004Relevante gevonden documenten type wet prom. 09/07/2004 pub. 15/07/2004 numac 2004021090 bron federale overheidsdienst kanselarij van de eerste minister Wet houdende diverse bepalingen sluiten en gewijzigd bij de wet van 26 november 2021, worden de woorden "en met tabaksfabricaten gelijkgestelde producten" ingevoegd tussen de woorden "tabaksfabricaten" en "bestemd".

Art. 55.Artikel 10bis van dezelfde wet, ingevoegd bij de wet van 9 juli 2004Relevante gevonden documenten type wet prom. 09/07/2004 pub. 15/07/2004 numac 2004021090 bron federale overheidsdienst kanselarij van de eerste minister Wet houdende diverse bepalingen sluiten en vervangen bij de wet van 29 december 2010Relevante gevonden documenten type wet prom. 04/05/1999 pub. 28/07/1999 numac 1999000423 bron ministerie van binnenlandse zaken Wet tot verbetering van het stelsel van politiek verlof voor provincie- en gemeenteraadsleden, leden van de raad voor maatschappelijk welzijn, burgemeesters, schepenen en voorzitters van de raad voor maatschappelijk welzijn in de openbare en de particuliere sector type wet prom. 04/05/1999 pub. 29/10/1999 numac 1999003334 bron ministerie van financien Wet tot wijziging van de wet van 31 december 1983 tot hervorming van de instellingen voor de Duitstalige Gemeenschap type wet prom. 04/05/1999 pub. 28/07/1999 numac 1999000426 bron ministerie van binnenlandse zaken en ministerie van financien Wet tot beperking van de cumulatie van het ambt van bestendig afgevaardigde met andere ambten en tot harmonisering van het financieel en fiscaal statuut van de bestendig afgevaardigde sluiten1, waarvan de bestaande tekst paragraaf 1 zal vormen, wordt aangevuld met een paragraaf 2, luidende: " § 2. Onder voorbehoud van de bepalingen inzake uitstel van betaling, moet het bedrag aan accijns dat de fiscale kentekens blijkens de op de kentekens aangebrachte gegevens vertegenwoordigen, worden betaald bij de uitslag tot verbruik van de e-vloeistoffen.".

Art. 56.In artikel 12, § 1, van dezelfde wet, gewijzigd bij de wetten van 29 december 2010 en van 26 november 2021, wordt de bepaling onder c) vervangen als volgt: "c) om de bewaking en de controle te verzekeren van de beplantingen, magazijnen en handelsinrichtingen van tabak en, meer algemeen, van alle plaatsen of lokalen waar ruwe tabak, tabaksfabricaten en met tabaksfabricaten gelijkgestelde producten worden voorhanden gehouden of opgeslagen.". Afdeling 3 - Inwerkingtreding

Art. 57.Dit hoofdstuk treedt in werking op 1 januari 2024. HOOFDSTUK 5. - Wijzigingen betreffende de belasting over de toegevoegde waarde Afdeling 1. - Verlaagd btw-tarief met betrekking tot de afbraak en

heropbouw van gebouwen op het hele Belgische grondgebied

Art. 58.Rubriek XXXVII van tabel A van de bijlage bij het koninklijk besluit nr. 20 van 20 juli 1970 tot vaststelling van de tarieven van de belasting over de toegevoegde waarde en tot indeling van de goederen en diensten bij die tarieven, ingevoegd bij de programmawet van 27 december 2006Relevante gevonden documenten type wet prom. 27/12/2005 pub. 30/12/2005 numac 2005021183 bron federale overheidsdienst kanselarij van de eerste minister Wet houdende diverse bepalingen sluiten4 en laatstelijk gewijzigd bij het koninklijk besluit van 30 april 2013, wordt vervangen als volgt: "XXXVII. Afbraak en heropbouw van woningen § 1. Het verlaagd tarief van zes pct. is van toepassing op het werk in onroerende staat en de andere handelingen opgesomd in rubriek XXXI, § 3, 3° tot 6°, van tabel A van de bijlage bij dit besluit, die tot voorwerp hebben de afbraak van een gebouw en de daarmee gepaard gaande heropbouw van een woning bestemd voor bewoning door de bouwheer-natuurlijke persoon en gelegen op hetzelfde kadastraal perceel als dat gebouw.

Het voordeel van het verlaagd tarief is onderworpen aan de volgende voorwaarden: 1° de handelingen hebben betrekking op een gebouw dat, na de uitvoering van de werken: a) op het ogenblik van de eerste ingebruikneming of eerste inbezitneming, als enige woning en hoofdzakelijk als eigen woning in de zin van artikel 5/5, § 4, tweede tot achtste lid, van de bijzondere wet van 16 januari 1989Relevante gevonden documenten type wet prom. 07/05/1999 pub. 30/12/1999 numac 1999010222 bron ministerie van justitie Wet op de kansspelen, de kansspelinrichtingen en de bescherming van de spelers type wet prom. 07/05/1999 pub. 15/05/1999 numac 1999000386 bron ministerie van binnenlandse zaken Wet tot wijziging van artikel 54 van de wet van 15 december 1980 betreffende de toegang tot het grondgebied, het verblijf, de vestiging en de verwijdering van vreemdelingen en van artikel 57ter van de organieke wet van 8 juli 1976 betreffende de openbare centra voor maatschappelijk welzijn, van de artikelen 2, § 5, 5, § 2 en 11bis van de wet van 2 april 1965 betreffende het ten laste nemen van de steun verleend door openbare centra voor maatschappelijk welzijn type wet prom. 07/05/1999 pub. 29/06/1999 numac 1999009706 bron ministerie van justitie Wet tot wijziging van sommige bepalingen van het Strafwetboek, van het Wetboek van Strafvordering, van de wet van 17 april 1878 houdende de voorafgaande titel van het Wetboek van Strafvordering, van de wet van 9 april 1930 tot bescherming van de maatschappij tegen de abnormalen en de gewoontemisdadigers, vervangen door de wet van 1 juli 1964, van de wet van 29 juni 1964 betreffende de opschorting, het uitstel en de probatie, van de wet van 20 juli 1990 betreffende de voorlopige hechtenis, van de wet van 5 maart 1998 betreffende de voorwaardelijke invrijheidsstelling en tot wijziging van de wet van 9 april 1930 tot bescherming van de maatschappij tegen de abnormalen en de gewoontemisdadigers, vervangen door de wet van 1 juli 1964 type wet prom. 07/05/1999 pub. 20/05/1999 numac 1999021236 bron diensten van de eerste minister Bijzondere wet tot wijziging van artikel 32 van de gewone wet van 9 augustus 1980 tot hervorming der instellingen, betreffende de voorkoming en de regeling van belangenconflicten sluiten1 betreffende de financiering van de Gemeenschappen en de Gewesten wordt gebruikt door de bouwheer-natuurlijke persoon die er zonder uitstel zijn domicilie zal hebben;b) een totale bewoonbare oppervlakte heeft van niet meer dan 200 m2;2° de bouwheer-natuurlijke persoon: a) verstuurt vóór het tijdstip waarop de belasting opeisbaar wordt overeenkomstig de artikelen 22 en 22bis, § 1, van het Wetboek, een verklaring aan het elektronisch adres aangeduid door de minister van Financiën of zijn gemachtigde.Deze verklaring vermeldt dat het gebouw dat hij laat afbreken en heroprichten bedoeld is om als enige woning en hoofdzakelijk als eigen woning in de zin van artikel 5/5, § 4, tweede tot achtste lid, van de bijzondere wet van 16 januari 1989Relevante gevonden documenten type wet prom. 07/05/1999 pub. 30/12/1999 numac 1999010222 bron ministerie van justitie Wet op de kansspelen, de kansspelinrichtingen en de bescherming van de spelers type wet prom. 07/05/1999 pub. 15/05/1999 numac 1999000386 bron ministerie van binnenlandse zaken Wet tot wijziging van artikel 54 van de wet van 15 december 1980 betreffende de toegang tot het grondgebied, het verblijf, de vestiging en de verwijdering van vreemdelingen en van artikel 57ter van de organieke wet van 8 juli 1976 betreffende de openbare centra voor maatschappelijk welzijn, van de artikelen 2, § 5, 5, § 2 en 11bis van de wet van 2 april 1965 betreffende het ten laste nemen van de steun verleend door openbare centra voor maatschappelijk welzijn type wet prom. 07/05/1999 pub. 29/06/1999 numac 1999009706 bron ministerie van justitie Wet tot wijziging van sommige bepalingen van het Strafwetboek, van het Wetboek van Strafvordering, van de wet van 17 april 1878 houdende de voorafgaande titel van het Wetboek van Strafvordering, van de wet van 9 april 1930 tot bescherming van de maatschappij tegen de abnormalen en de gewoontemisdadigers, vervangen door de wet van 1 juli 1964, van de wet van 29 juni 1964 betreffende de opschorting, het uitstel en de probatie, van de wet van 20 juli 1990 betreffende de voorlopige hechtenis, van de wet van 5 maart 1998 betreffende de voorwaardelijke invrijheidsstelling en tot wijziging van de wet van 9 april 1930 tot bescherming van de maatschappij tegen de abnormalen en de gewoontemisdadigers, vervangen door de wet van 1 juli 1964 type wet prom. 07/05/1999 pub. 20/05/1999 numac 1999021236 bron diensten van de eerste minister Bijzondere wet tot wijziging van artikel 32 van de gewone wet van 9 augustus 1980 tot hervorming der instellingen, betreffende de voorkoming en de regeling van belangenconflicten sluiten1 betreffende de financiering van de Gemeenschappen en de Gewesten te worden gebruikt door de bouwheer-natuurlijke persoon die er zonder uitstel zijn domicilie zal hebben en een totale bewoonbare oppervlakte zal hebben van niet meer dan 200 m2, en is vergezeld van een afschrift van: - de omgevingsvergunning; - het (de) aannemingscontract(en); b) overhandigt aan de dienstverrichter(s) een afschrift van de verklaring bedoeld in de bepaling onder a);3° het tijdstip waarop de belasting opeisbaar wordt overeenkomstig de artikelen 22 en 22bis, § 1, van het Wetboek, doet zich voor uiterlijk op 31 december van het jaar van de eerste ingebruikneming of de eerste inbezitneming van de woning;4° de door de dienstverrichter uitgereikte facturen en de dubbels die hij bewaart, vermelden, op basis van het afschrift van de verklaring bedoeld in de bepaling onder 2°, b), het voorhanden zijn van de elementen die de toepassing van het verlaagd tarief rechtvaardigen; behalve in geval van samenspanning tussen de partijen of de klaarblijkelijke niet-naleving van onderhavige bepaling, ontlast de verklaring van de afnemer bedoeld in de bepaling onder 2°, a), de dienstverrichter van de aansprakelijkheid betreffende de vaststelling van het tarief.

Voor de toepassing van het tweede lid, 1°, a), wordt om te bepalen of de woning de enige woning is die de bouwheer-natuurlijke persoon zelf betrekt, geen rekening gehouden met: - andere woningen waarvan hij, ingevolge erfenis, mede-eigenaar, naakte eigenaar of vruchtgebruiker is; - een andere woning die hij bewoont als eigen woning waar hij zijn domicilie heeft gevestigd en die uiterlijk op 31 december van het jaar dat volgt op het jaar van de eerste ingebruikneming of de eerste inbezitneming van de woning bedoeld in het tweede lid, 1°, a), is verkocht.

Het verlaagd tarief is niet van toepassing op: 1° werken in onroerende staat en andere onroerende handelingen die geen betrekking hebben op de eigenlijke woning, zoals bebouwingswerkzaamheden, tuinaanleg en oprichten van afsluitingen;2° werken in onroerende staat en andere onroerende handelingen die tot voorwerp hebben de bestanddelen of een gedeelte van de bestanddelen van zwembaden, sauna's, midgetgolfbanen, tennisterreinen en dergelijke installaties;3° gehele of gedeeltelijke reiniging van een woning. § 2. Het verlaagd tarief van zes pct. is van toepassing op het werk in onroerende staat en de andere handelingen opgesomd in rubriek XXXI, § 3, 3° tot 6°, van tabel A van de bijlage bij dit besluit, die tot voorwerp hebben de afbraak van een gebouw en de daarmee gepaard gaande heropbouw van een woning bestemd voor langdurende verhuur in het kader van het sociaal beleid en gelegen op hetzelfde kadastraal perceel als dat gebouw.

Het voordeel van het verlaagd tarief is onderworpen aan de volgende voorwaarden: 1° de handelingen hebben betrekking op een gebouw dat, na de uitvoering van de werken, door de bouwheer als woning wordt verhuurd aan een sociaal verhuurkantoor dan wel aan een door de bevoegde overheid inzake sociaal huisvestingsbeleid erkende maatschappij voor sociale huisvesting of dat als woning wordt verhuurd in het kader van een door de bouwheer aan een sociaal verhuurkantoor dan wel aan een door de bevoegde overheid inzake sociaal huisvestingsbeleid erkende maatschappij voor sociale huisvesting toegekend beheersmandaat;2° de bouwheer: a) verstuurt vóór het tijdstip waarop de belasting opeisbaar wordt overeenkomstig de artikelen 22 en 22bis, § 1, van het Wetboek, een verklaring aan het elektronisch adres aangeduid door de minister van Financiën of zijn gemachtigde.Deze verklaring vermeldt dat het gebouw dat hij laat afbreken en heroprichten bedoeld is om gedurende een periode van ten minste vijftien jaar aan of door bemiddeling van een sociaal verhuurkantoor dan wel aan of door bemiddeling van een door de bevoegde overheid inzake sociaal huisvestingsbeleid erkende maatschappij voor sociale huisvesting te verhuren als woning en is vergezeld van een afschrift van: - de omgevingsvergunning; - het (de) aannemingscontract(en); b) overhandigt aan de dienstverrichter(s) een afschrift van de verklaring bedoeld in de bepaling onder a);3° het tijdstip waarop de belasting opeisbaar wordt overeenkomstig de artikelen 22 en 22bis, § 1, van het Wetboek, doet zich voor uiterlijk op 31 december van het jaar van de eerste ingebruikneming of de eerste inbezitneming van de woning;4° de door de dienstverrichter uitgereikte facturen en de dubbels die hij bewaart, vermelden, op basis van het afschrift van de verklaring bedoeld in de bepaling onder 2°, b), het voorhanden zijn van de elementen die de toepassing van het verlaagd tarief rechtvaardigen; behalve in geval van samenspanning tussen de partijen of de klaarblijkelijke niet-naleving van onderhavige bepaling, ontlast de verklaring van de afnemer bedoeld in de bepaling onder 2°, a), de dienstverrichter van de aansprakelijkheid betreffende de vaststelling van het tarief.

Het verlaagd tarief is niet van toepassing op: 1° werken in onroerende staat en andere onroerende handelingen die geen betrekking hebben op de eigenlijke woning, zoals bebouwingswerkzaamheden, tuinaanleg en oprichten van afsluitingen;2° werken in onroerende staat en andere onroerende handelingen die tot voorwerp hebben de bestanddelen of een gedeelte van de bestanddelen van zwembaden, sauna's, midgetgolfbanen, tennisterreinen en dergelijke installaties;3° gehele of gedeeltelijke reiniging van een woning. § 3. Het verlaagd tarief van zes pct. is van toepassing op de levering van woningen en het bijhorend terrein, alsook op de vestiging, overdracht of wederoverdracht van de zakelijke rechten in de zin van artikel 9, tweede lid, 2°, van het Wetboek, op een woning en het bijhorend terrein, die niet overeenkomstig artikel 44, § 3, 1°, van het Wetboek van de belasting zijn vrijgesteld, door de belastingplichtige die de afbraak van een gebouw en de daarmee gepaard gaande heropbouw heeft uitgevoerd van een woning gelegen op hetzelfde kadastraal perceel als dat gebouw, wanneer: 1° de aanvraag voor de omgevingsvergunning met betrekking tot de handelingen inzake de heropbouw van een woning werd ingediend bij de bevoegde overheid vóór 1 juli 2023;2° de op die handelingen verschuldigde belasting uiterlijk op 31 december 2024 opeisbaar is overeenkomstig artikel 17, § 1, van het Wetboek. Het voordeel van het verlaagd tarief is onderworpen aan de volgende voorwaarden: 1° de handeling bedoeld in het eerste lid heeft betrekking op een woning die, na de levering: a) hetzij op het tijdstip van de eerste ingebruikneming of eerste inbezitneming als enige woning en hoofdzakelijk als eigen woning in de zin van artikel 5/5, § 4, tweede tot achtste lid, van de bijzondere wet van 16 januari 1989Relevante gevonden documenten type wet prom. 07/05/1999 pub. 30/12/1999 numac 1999010222 bron ministerie van justitie Wet op de kansspelen, de kansspelinrichtingen en de bescherming van de spelers type wet prom. 07/05/1999 pub. 15/05/1999 numac 1999000386 bron ministerie van binnenlandse zaken Wet tot wijziging van artikel 54 van de wet van 15 december 1980 betreffende de toegang tot het grondgebied, het verblijf, de vestiging en de verwijdering van vreemdelingen en van artikel 57ter van de organieke wet van 8 juli 1976 betreffende de openbare centra voor maatschappelijk welzijn, van de artikelen 2, § 5, 5, § 2 en 11bis van de wet van 2 april 1965 betreffende het ten laste nemen van de steun verleend door openbare centra voor maatschappelijk welzijn type wet prom. 07/05/1999 pub. 29/06/1999 numac 1999009706 bron ministerie van justitie Wet tot wijziging van sommige bepalingen van het Strafwetboek, van het Wetboek van Strafvordering, van de wet van 17 april 1878 houdende de voorafgaande titel van het Wetboek van Strafvordering, van de wet van 9 april 1930 tot bescherming van de maatschappij tegen de abnormalen en de gewoontemisdadigers, vervangen door de wet van 1 juli 1964, van de wet van 29 juni 1964 betreffende de opschorting, het uitstel en de probatie, van de wet van 20 juli 1990 betreffende de voorlopige hechtenis, van de wet van 5 maart 1998 betreffende de voorwaardelijke invrijheidsstelling en tot wijziging van de wet van 9 april 1930 tot bescherming van de maatschappij tegen de abnormalen en de gewoontemisdadigers, vervangen door de wet van 1 juli 1964 type wet prom. 07/05/1999 pub. 20/05/1999 numac 1999021236 bron diensten van de eerste minister Bijzondere wet tot wijziging van artikel 32 van de gewone wet van 9 augustus 1980 tot hervorming der instellingen, betreffende de voorkoming en de regeling van belangenconflicten sluiten1 betreffende de financiering van de Gemeenschappen en de Gewesten wordt gebruikt door de verkrijger-natuurlijke persoon die er zonder uitstel zijn domicilie zal hebben en een totale bewoonbare oppervlakte heeft van niet meer dan 200 m2;b) hetzij door de verkrijger aan een sociaal verhuurkantoor dan wel aan een door de bevoegde overheid inzake sociaal huisvestingsbeleid erkende maatschappij voor sociale huisvesting wordt verhuurd of wordt verhuurd in het kader van een door de verkrijger aan hen toegekend beheersmandaat;2° de leverancier: a) verstuurt vóór het tijdstip waarop de belasting opeisbaar wordt overeenkomstig artikel 17, § 1, van het Wetboek, of, in geval van een verkoop op plan, vóór het tijdstip waarop het belastbaar feit zich voordoet overeenkomstig artikel 16, § 1, eerste lid, van het Wetboek, een verklaring aan het elektronisch adres aangeduid door de minister van Financiën of zijn gemachtigde.Deze verklaring, medeondertekend door de verkrijger van het gebouw, vermeldt dat het gebouw dat de leverancier heeft laten afbreken en heroprichten en het voorwerp uitmaakt van een handeling bedoeld in het eerste lid, bedoeld is om hetzij, als enige woning en hoofdzakelijk als eigen woning in de zin van artikel 5/5, § 4, tweede tot achtste lid, van de bijzondere wet van 16 januari 1989Relevante gevonden documenten type wet prom. 07/05/1999 pub. 30/12/1999 numac 1999010222 bron ministerie van justitie Wet op de kansspelen, de kansspelinrichtingen en de bescherming van de spelers type wet prom. 07/05/1999 pub. 15/05/1999 numac 1999000386 bron ministerie van binnenlandse zaken Wet tot wijziging van artikel 54 van de wet van 15 december 1980 betreffende de toegang tot het grondgebied, het verblijf, de vestiging en de verwijdering van vreemdelingen en van artikel 57ter van de organieke wet van 8 juli 1976 betreffende de openbare centra voor maatschappelijk welzijn, van de artikelen 2, § 5, 5, § 2 en 11bis van de wet van 2 april 1965 betreffende het ten laste nemen van de steun verleend door openbare centra voor maatschappelijk welzijn type wet prom. 07/05/1999 pub. 29/06/1999 numac 1999009706 bron ministerie van justitie Wet tot wijziging van sommige bepalingen van het Strafwetboek, van het Wetboek van Strafvordering, van de wet van 17 april 1878 houdende de voorafgaande titel van het Wetboek van Strafvordering, van de wet van 9 april 1930 tot bescherming van de maatschappij tegen de abnormalen en de gewoontemisdadigers, vervangen door de wet van 1 juli 1964, van de wet van 29 juni 1964 betreffende de opschorting, het uitstel en de probatie, van de wet van 20 juli 1990 betreffende de voorlopige hechtenis, van de wet van 5 maart 1998 betreffende de voorwaardelijke invrijheidsstelling en tot wijziging van de wet van 9 april 1930 tot bescherming van de maatschappij tegen de abnormalen en de gewoontemisdadigers, vervangen door de wet van 1 juli 1964 type wet prom. 07/05/1999 pub. 20/05/1999 numac 1999021236 bron diensten van de eerste minister Bijzondere wet tot wijziging van artikel 32 van de gewone wet van 9 augustus 1980 tot hervorming der instellingen, betreffende de voorkoming en de regeling van belangenconflicten sluiten1 betreffende de financiering van de Gemeenschappen en de Gewesten te worden gebruikt door de verkrijger-natuurlijke persoon die er zonder uitstel zijn domicilie zal hebben waarbij die woning een totale bewoonbare oppervlakte zal hebben van niet meer dan 200 m2, hetzij om door de verkrijger aan een sociaal verhuurkantoor dan wel aan een door de bevoegde overheid inzake sociaal huisvestingsbeleid erkende maatschappij voor sociale huisvesting te worden verhuurd of te worden verhuurd in het kader van een aan hen toegekend beheersmandaat, en is vergezeld van een afschrift van: - de omgevingsvergunning; - het (de) aannemingscontract(en) met betrekking tot de afbraak van het gebouw en de heropbouw van de woning; - het compromis of de authentieke akte met betrekking tot de in het eerste lid bedoelde handeling; b) overhandigt een afschrift van de in de bepaling onder a) bedoelde verklaring aan zijn medecontractant(en);3° de door de leverancier van de goederen uitgereikte facturen en de dubbels die hij bewaart alsook de overeenkomsten of de authentieke akten met betrekking tot de handelingen bedoeld in het eerste lid, vermelden, op basis van het afschrift van de verklaring bedoeld in de bepaling onder 2°, b), het voorhanden zijn van de elementen die de toepassing van het verlaagd tarief rechtvaardigen;behalve in geval van samenspanning tussen de partijen of klaarblijkelijke niet-naleving van onderhavige bepaling, ontlast de medeondertekening van de verkrijger van de verklaring bedoeld in de bepaling onder 2°, a), de leverancier van de goederen van de aansprakelijkheid betreffende de vaststelling van het tarief.

Voor de toepassing van het tweede lid, 1°, a), wordt om te bepalen of de woning de enige woning is die de verkrijger-natuurlijke persoon zelf betrekt, geen rekening gehouden met: - andere woningen waarvan hij, ingevolge erfenis, mede-eigenaar, naakte eigenaar of vruchtgebruiker is; - een andere woning die hij betrekt als eigen woning waar hij zijn domicilie heeft gevestigd en die uiterlijk op 31 december van het jaar dat volgt op het jaar van ingebruikneming of inbezitneming van de woning bedoeld in het tweede lid, 1°, a), is verkocht.

Het verlaagd tarief is niet van toepassing op het gedeelte van de prijs van de levering dat betrekking heeft op zwembaden, sauna's, midgetgolfbanen, tennisterreinen en dergelijke installaties. § 4. De voorwaarden bedoeld in paragraaf 1, tweede lid, 1°, en paragraaf 3, tweede lid, 1°, a), blijven vervuld gedurende een periode die ten vroegste eindigt op: 1° wat de afbraak van een gebouw en heropbouw van een woning betreft, 31 december van het vijfde jaar volgend op het jaar van de eerste ingebruikneming of de eerste inbezitneming van de woning door de bouwheer-natuurlijke persoon;2° wat de levering van een woning en het bijhorend terrein en de vestiging, overdracht en wederoverdracht van zakelijke rechten op een woning en het bijhorend terrein die niet zijn vrijgesteld van de belasting overeenkomstig artikel 44, § 3, 1°, van het Wetboek, betreft, 31 december van het vijfde jaar volgend op het jaar van de eerste ingebruikneming of de eerste inbezitneming van de woning door de verkrijger-natuurlijke persoon. Indien zich tijdens de voormelde periode wijzigingen voordoen waardoor de voorwaarden bedoeld in respectievelijk paragraaf 1, tweede lid, 1°, en paragraaf 3, tweede lid, 1°, a), niet meer vervuld zijn: 1° maakt de bouwheer-natuurlijke persoon of de verkrijger-natuurlijke persoon daar melding van in een verklaring die hij toestuurt aan het elektronisch adres aangeduid door de minister van Financiën of zijn gemachtigde, binnen de termijn van drie maanden vanaf de datum waarop de wijzigingen aanvangen;2° stort de bouwheer-natuurlijke persoon of de verkrijger-natuurlijke persoon, binnen de termijn bedoeld in de bepaling onder 1°, het belastingvoordeel dat hij heeft genoten terug aan de Staat voor het jaar waarin de wijziging zich voordoet en voor de nog te lopen jaren tot beloop van een vijfde per jaar. De in het tweede lid, 2°, bedoelde terugstorting wordt niet uitgevoerd in geval van overlijden van de bouwheer-natuurlijke persoon of van de verkrijger-natuurlijke persoon of bij elk behoorlijk verantwoord geval van overmacht dat hem definitief verhindert nog te voldoen aan de voorwaarden bedoeld in respectievelijk paragraaf 1, tweede lid, 1°, en paragraaf 3, tweede lid, 1°, a). § 5. De voorwaarden bedoeld in paragraaf 2, tweede lid, 1°, en paragraaf 3, tweede lid, 1°, b), blijven vervuld gedurende een periode die ten vroegste eindigt op 31 december van het vijftiende jaar volgend op het jaar van de eerste ingebruikneming of eerste inbezitneming van de woning. Die minimumverhuurtermijn wordt, al naargelang het geval, vastgelegd in de met het sociaal verhuurkantoor dan wel met de door de bevoegde overheid inzake sociaal huisvestingsbeleid erkende maatschappij voor sociale huisvesting afgesloten verhuurovereenkomst of overeenkomst inzake het beheersmandaat.

Indien zich tijdens de voormelde periode wijzigingen voordoen waardoor de voorwaarden bedoeld in respectievelijk paragraaf 2, tweede lid, 1°, en paragraaf 3, tweede lid, 1°, b), niet meer vervuld zijn: 1° maakt de bouwheer of de verkrijger daar melding van in een verklaring die hij toestuurt aan het elektronisch adres aangeduid door de minister van Financiën of zijn gemachtigde, binnen de termijn van drie maanden vanaf de datum waarop de wijzigingen aanvangen;2° stort de bouwheer of de verkrijger, binnen de termijn bedoeld in de bepaling onder 1°, het belastingvoordeel dat hij heeft genoten terug aan de Staat voor het jaar waarin de wijziging zich voordoet en voor de nog te lopen jaren tot beloop van een vijftiende per jaar. De in het tweede lid, 2°, bedoelde terugstorting wordt niet uitgevoerd bij elk behoorlijk verantwoord geval van overmacht dat de bouwheer of de verkrijger definitief verhindert nog te voldoen aan de voorwaarden bedoeld in respectievelijk paragraaf 2, tweede lid, 1°, en paragraaf 3, tweede lid, 1°, b). § 6. Voor de toepassing van dit artikel, wordt de totale bewoonbare oppervlakte van een eengezinswoning bepaald door de oppervlakten van alle woonvertrekken samen te tellen, gemeten vanaf en tot de binnenkanten van de opgaande muren.

Voor de toepassing van dit artikel, wordt de totale bewoonbare oppervlakte van een appartement bepaald door de oppervlakten van alle vlakke delen van woonvertrekken van het appartement samen te tellen, gemeten vanaf en tot de binnenkant van de gemeenschappelijke muren. De oppervlakte van gemeenschappelijke delen of ruimten, met inbegrip van plat dak, centrale hal, trappen en de buitenzijde wordt niet in aanmerking genomen.

Voor de toepassing van dit artikel, wordt de totale bewoonbare oppervlakte van een wooneenheid die deel uitmaakt van een geïntegreerd vastgoedproject van gemeenschappelijk wonen bepaald door de oppervlakten van alle woonvertrekken van die wooneenheid samen te tellen, gemeten vanaf en tot de binnenkant van de gemeenschappelijke muren. De oppervlakte van de woonvertrekken voor gemeenschappelijk gebruik door de bewoners van de verschillende wooneenheden van het project, wordt ten aanzien van elke individuele wooneenheid van het project in aanmerking genomen in evenredigheid met het aantal wooneenheden van het project.

Voor de toepassing van deze paragraaf worden als woonvertrekken beschouwd, de keukens, de woonkamers, de eetkamers, de slaapkamers, de bewoonbare zolder- en kelderruimten, de bureaus en alle andere voor huisvesting bedoelde ruimtes. Worden gelijkgesteld met woonvertrekken, alle voor de uitoefening van een economische activiteit gebruikte ruimtes.

Voor de toepassing van deze paragraaf wordt de oppervlakte van de woonvertrekken bedoeld in het vierde lid maar in aanmerking genomen op voorwaarde dat die vertrekken een minimumoppervlakte hebben van vier m2 en een minimumhoogte boven de vloer van twee meter.

De Koning kan deze paragraaf wijzigen, aanvullen, vervangen of opheffen. § 7. Deze rubriek, in de versie die van toepassing is op 31 december 2023, blijft van toepassing op de in die rubriek bedoelde handelingen die niet bedoeld zijn in deze rubriek in de versie van toepassing na 31 december 2023, wanneer: 1° de aanvraag voor de omgevingsvergunning met betrekking tot de handelingen inzake de heropbouw van de woning werd ingediend bij de bevoegde overheid vóór 1 januari 2024;2° de op die handelingen verschuldigde belasting uiterlijk op 31 december 2024 opeisbaar is overeenkomstig artikelen 22 en 22bis, § 1, van het Wetboek. § 8. De handelingen bedoeld in deze rubriek, in de versie van toepassing op 31 december 2023, maken het voorwerp uit van de in paragraaf 1, tweede lid, 2°, of in paragraaf 2, tweede lid, 2°, bedoelde formaliteiten, wanneer die handelingen vanaf 1 januari 2025 aan het verlaagd btw-tarief van zes pct. worden onderworpen krachtens paragraaf 1 of paragraaf 2 van deze rubriek in de versie van toepassing na 31 december 2023.

In het in het eerste lid bedoelde geval wordt de in paragraaf 1, tweede lid, 2°, a), of in paragraaf 2, tweede lid, 2°, a), bedoelde verklaring uiterlijk op 31 maart 2025 verzonden overeenkomstig de in die bepalingen bedoelde nadere regels.".

Art. 59.In artikel 1quater van hetzelfde besluit, ingevoegd bij koninklijk besluit van 10 februari 2009Relevante gevonden documenten type wet prom. 27/04/2005 pub. 20/05/2005 numac 2005022392 bron federale overheidsdienst sociale zekerheid Wet betreffende de beheersing van de begroting van de gezondheidszorg en houdende diverse bepalingen inzake gezondheid sluiten2, vervangen bij de programma- wet van 20 december 2020Relevante gevonden documenten type wet prom. 09/07/2004 pub. 15/07/2004 numac 2004021090 bron federale overheidsdienst kanselarij van de eerste minister Wet houdende diverse bepalingen sluiten9 en laatstelijk gewijzigd bij de wet van 21 december 2022, wordt paragraaf 7 opgeheven.

Art. 60.Artikel 58 treedt in werking op 1 januari 2024.

Artikel 59 heeft uitwerking met ingang van 1 juli 2023. Afdeling 2 - Verlaagd btw-tarief met betrekking tot de installatie van

warmtepompen

Art. 61.Artikel 1quater/1 van hetzelfde besluit, ingevoegd bij het koninklijk besluit van 27 maart 2022Relevante gevonden documenten type wet prom. 27/04/2005 pub. 20/05/2005 numac 2005022392 bron federale overheidsdienst sociale zekerheid Wet betreffende de beheersing van de begroting van de gezondheidszorg en houdende diverse bepalingen inzake gezondheid sluiten8 bekrachtigd bij de wet van 16 oktober 2022 en laatstelijk gewijzigd bij dezelfde wet, wordt vervangen als volgt: "Art. 1quater/1. § 1. In afwijking van artikel 1 worden vanaf 1 april 2022 tot 31 december 2024 onderworpen aan het verlaagd tarief van zes pct., het werk in onroerende staat dat tot voorwerp heeft de levering met plaatsing van warmtepompen in, op of in de onmiddellijke nabijheid van woningen, met uitzondering van warmtepompen die worden gecombineerd met een ander verwarmingstoestel dat: 1° samen met de warmtepomp is aangesloten op hetzelfde gemeenschappelijke hydronische warmte-- distributiesysteem;2° gebruik maakt van een andere energiebron dan elektriciteit;3° zowel afzonderlijk als gelijktijdig kan functioneren;4° al dan niet gelijktijdig werd geïnstalleerd met de warmtepomp. Wordt eveneens beoogd, in de mate waarin het geen werk in onroerende staat betreft in de zin van het eerste lid, de handeling die tot voorwerp heeft zowel de levering als de aanhechting aan een gebouw of de plaatsing in de onmiddellijke nabijheid van een gebouw van de warmtepompen bedoeld in het eerste lid, als bestanddelen of het gedeelte van bestanddelen van een sanitaire installatie of installatie voor centrale verwarming. § 2. De toepassing van het verlaagd tarief is onderworpen aan de volgende voorwaarden: 1° de handelingen worden verstrekt en gefactureerd aan een eindverbruiker in de zin van rubriek XXXI, §§ 1 en 2, van tabel A van de bijlage van dit besluit;2° de handelingen hebben betrekking op een woning die, na de uitvoering ervan, daadwerkelijk hetzij uitsluitend, hetzij hoofdzakelijk, als privéwoning wordt gebruikt;3° de handelingen worden verricht aan een woning waarvan de eerste ingebruikneming in de loop van een kalenderjaar dat minder dan tien jaar voorafgaat aan de eerste factuur met betrekking tot die handelingen;4° de warmtepompen die het voorwerp uitmaken van de in paragraaf 1 bedoelde handelingen voldoen aan de benchmarks voor emissies als respectievelijk vastgesteld in bijlage V bij Verordening (EU) 2015/1189 van de Commissie van 28 april 2015 tot uitvoering van Richtlijn 2009/125/EG van het Europees Parlement en de Raad wat de eisen inzake ecologisch ontwerp voor verwarmingsketels voor vaste brandstoffen betreft en in bijlage V bij Verordening (EU) 2015/1185 van de Commissie van 24 april 2015 tot uitvoering van Richtlijn 2009/125/EG van het Europees Parlement en de Raad wat eisen inzake ecologisch ontwerp betreft voor toestellen voor lokale ruimteverwarming die vaste brandstoffen gebruiken, en waaraan een EU-energielabel is toegekend waaruit blijkt dat is voldaan aan het criterium van artikel 7, lid 2, van Verordening (EU) 2017/1369 van het Europees Parlement en de Raad van 4 juli 2017 tot vaststelling van een kader voor energie-etikettering en tot intrekking van Richtlijn 2010/30/EU;5° de door de dienstverrichter uitgereikte factuur en het dubbel dat hij bewaart, maken melding van het voorhanden zijn van de elementen die de toepassing van het verlaagd tarief rechtvaardigen en bevatten de volgende vermelding: "Btw-tarief: Bij gebrek aan schriftelijke betwisting binnen een termijn van één maand vanaf de ontvangst van de factuur, wordt de klant geacht te erkennen dat (1) de werken worden verricht aan een woning waarvan de eerste ingebruikneming heeft plaatsgevonden in een kalenderjaar dat minder dan tien jaar voorafgaat aan de datum van de eerste factuur met betrekking tot die werken, (2) de woning, na uitvoering van die werken, uitsluitend of hoofdzakelijk als privéwoning wordt gebruikt en (3) de werken worden verstrekt en gefactureerd aan een eindverbruiker.Wanneer minstens één van die voorwaarden niet is voldaan, zal het normale btw-tarief van 21 pct. van toepassing zijn en is de afnemer ten aanzien van die voorwaarden aansprakelijk voor de betaling van de verschuldigde belasting, interesten en geldboeten." Behoudens samenspanning tussen de partijen, is de dienstverrichter ontslagen van de aansprakelijkheid ten aanzien van de in het eerste lid, 5°, bedoeldevoorwaarden betreffende de vaststelling van het tarief, wanneer de afnemer de factuur niet schriftelijk betwist overeenkomstig het eerste lid, 5°.

Het verlaagd tarief is niet van toepassing op de in paragraaf 1 bedoelde handelingen met betrekking tot de warmtepompen die uitsluitend instaan voor de warmtevoorziening van elementen van de woning die niet voor bewoning in de strikte zin worden gebruikt zoals zwembaden, sauna's en dergelijke installaties.".

Art. 62.Artikel 61 treedt in werking op 1 januari 2024.

TITEL 3. - Defensie ENIG HOOFDSTUK. - Buitenlandse beursstagiairs

Art. 63.In overeenstemming met het buitenlandbeleid van de regering om de internationale veiligheidssituatie te verbeteren en de lokale instellingen verder uit te bouwen, in het kader van de internationale samenwerking, is de minister van Defensie ertoe gemachtigd, voor wat betreft de buitenlandse beursstagiairs, de opleidingskosten, de uitrustingskosten, de verzekerings- en geneeskundige kosten alsook het bedrag van de gedurende de stage of vorming toegekende maandelijkse beurs ten laste te nemen van de begroting. De machtiging geldt voor beursstagiairs afkomstig uit Benin, Democratische Republiek Congo, Niger, Rwanda, Oekraïne, Tunesië, Gabon, Ivoorkust, Zambia, Ghana, Marokko, Algerije, Egypte, Senegal en Kameroen. Het bedrag van de beurs in 2024 bedraagt 500 euro per maand of 16,67 euro per dag.

TITEL 4. - Ontwikkelingssamenwerking ENIG HOOFDSTUK. - Wijziging van de programma wet van 20 december 2020Relevante gevonden documenten type wet prom. 09/07/2004 pub. 15/07/2004 numac 2004021090 bron federale overheidsdienst kanselarij van de eerste minister Wet houdende diverse bepalingen sluiten9 - Wijziging van de vereffeningsmodaliteiten voor de Belgische deelname aan de algemene en selectieve kapitaalsverhoging van de Internationale Bank voor Wederopbouw en Ontwikkeling

Art. 64.Artikel 95 van de programma wet van 20 december 2020Relevante gevonden documenten type wet prom. 09/07/2004 pub. 15/07/2004 numac 2004021090 bron federale overheidsdienst kanselarij van de eerste minister Wet houdende diverse bepalingen sluiten9 wordt vervangen als volgt: "

Art. 95.Een bedrag van 103.205.655 (honderd en drie miljoen tweehonderdenvijfduizend zeshonderdvijfenvijftig) USD wordt verrekend ten laste van de vastleggingskredieten van de algemene uitgavenbegroting voor het begrotingsjaar 2020, sectie 14 - FOD Buitenlandse Zaken, Buitenlandse Handel en Ontwikkelingssamenwerking organisatieafdeling 54, activiteitenprogramma 33, basisallocatie 84.23.06.

Dit bedrag zal in 2020 worden vastgelegd en in 5 schijven uitbetaald gedurende de volgende begrotingsjaren: 2020: 20.641.131 USD 2021: 0 2022: 20.641.131 USD 2023: 20.641.131 USD 2024: 41.282.262 USD.".

TITEL 5. - Zelfstandigen HOOFDSTUK 1. - Register en werkende vennoten en helpers en inhoudingsplicht voor zelfstandigen Afdeling 1. - Wijzigingen van het koninklijk besluit nr. 38 van 27

juli 1967 houdende inrichting van het sociaal statuut der zelfstandigen

Art. 65.In hoofdstuk II van het koninklijk besluit nr. 38 van 27 juli 1967 houdende inrichting van het sociaal statuut der zelfstandigen wordt een artikel 15/1 ingevoegd, luidende: "

Art. 15/1.§ 1. Voor de toepassing van dit artikel wordt verstaan onder: 1° werken: de werkzaamheden bedoeld in artikel 30bis, § 1, 1°, a), van de wet van 27 juni 1969Relevante gevonden documenten type wet prom. 07/05/1999 pub. 30/12/1999 numac 1999010222 bron ministerie van justitie Wet op de kansspelen, de kansspelinrichtingen en de bescherming van de spelers type wet prom. 07/05/1999 pub. 15/05/1999 numac 1999000386 bron ministerie van binnenlandse zaken Wet tot wijziging van artikel 54 van de wet van 15 december 1980 betreffende de toegang tot het grondgebied, het verblijf, de vestiging en de verwijdering van vreemdelingen en van artikel 57ter van de organieke wet van 8 juli 1976 betreffende de openbare centra voor maatschappelijk welzijn, van de artikelen 2, § 5, 5, § 2 en 11bis van de wet van 2 april 1965 betreffende het ten laste nemen van de steun verleend door openbare centra voor maatschappelijk welzijn type wet prom. 07/05/1999 pub. 29/06/1999 numac 1999009706 bron ministerie van justitie Wet tot wijziging van sommige bepalingen van het Strafwetboek, van het Wetboek van Strafvordering, van de wet van 17 april 1878 houdende de voorafgaande titel van het Wetboek van Strafvordering, van de wet van 9 april 1930 tot bescherming van de maatschappij tegen de abnormalen en de gewoontemisdadigers, vervangen door de wet van 1 juli 1964, van de wet van 29 juni 1964 betreffende de opschorting, het uitstel en de probatie, van de wet van 20 juli 1990 betreffende de voorlopige hechtenis, van de wet van 5 maart 1998 betreffende de voorwaardelijke invrijheidsstelling en tot wijziging van de wet van 9 april 1930 tot bescherming van de maatschappij tegen de abnormalen en de gewoontemisdadigers, vervangen door de wet van 1 juli 1964 type wet prom. 07/05/1999 pub. 20/05/1999 numac 1999021236 bron diensten van de eerste minister Bijzondere wet tot wijziging van artikel 32 van de gewone wet van 9 augustus 1980 tot hervorming der instellingen, betreffende de voorkoming en de regeling van belangenconflicten sluiten9 tot herziening van de besluitwet van 28 december 1944 betreffende de maatschappelijke zekerheid der arbeiders;2° opdrachtgever: eenieder die opdracht geeft om tegen een prijs werken uit te voeren of te laten uitvoeren;3° aannemer: - eenieder die er zich toe verbindt om tegen een prijs voor een opdrachtgever werken uit te voeren of te laten uitvoeren; - iedere onderaannemer ten overstaan van de na hem komende onderaannemers; 4° onderaannemer: eenieder die er zich toe verbindt, hetzij rechtstreeks, hetzij onrechtstreeks, in welk stadium ook, tegen een prijs het aan de aannemer toevertrouwde werk of een onderdeel ervan, uit te voeren of te laten uitvoeren of daartoe werknemers ter beschikking te stellen;5° sociale schulden: - de opeisbare sociale bijdragen in hoofdsom en de aanhorigheden en administratieve geldboeten zoals bedoeld in dit besluit of in zijn uitvoeringsbesluit; - de bedragen verschuldigd in de hoedanigheid van hoofdelijke aansprakelijke zoals bedoeld in artikel 15, § 1, derde lid; - de jaarlijkse forfaitaire bijdrage bedoeld in artikel 91 van de wet van 30 december 1992Relevante gevonden documenten type wet prom. 04/05/1999 pub. 28/07/1999 numac 1999000423 bron ministerie van binnenlandse zaken Wet tot verbetering van het stelsel van politiek verlof voor provincie- en gemeenteraadsleden, leden van de raad voor maatschappelijk welzijn, burgemeesters, schepenen en voorzitters van de raad voor maatschappelijk welzijn in de openbare en de particuliere sector type wet prom. 04/05/1999 pub. 29/10/1999 numac 1999003334 bron ministerie van financien Wet tot wijziging van de wet van 31 december 1983 tot hervorming van de instellingen voor de Duitstalige Gemeenschap type wet prom. 04/05/1999 pub. 28/07/1999 numac 1999000426 bron ministerie van binnenlandse zaken en ministerie van financien Wet tot beperking van de cumulatie van het ambt van bestendig afgevaardigde met andere ambten en tot harmonisering van het financieel en fiscaal statuut van de bestendig afgevaardigde sluiten8 houdende sociale en diverse bepalingen, de verhogingen bedoeld in artikel 93 van dezelfde wet, alsook de door de vennootschap verschuldigde aanhorigheden.

Worden niet beschouwd als sociale schulden in de zin van dit artikel: - de bedragen bedoeld in het vorige lid, voor zover de som van deze bedragen niet meer bedraagt dan 558,55 euro. Dit bedrag is gekoppeld aan het indexcijfer bedoeld in artikel 14, § 1, en wordt op 1 januari van ieder jaar aangepast; - de bedragen bedoeld in het vorige lid, voor zover de betalingstermijn ervan nog niet vervallen is op het moment waarop het Rijksinstituut voor de sociale verzekeringen der zelfstandigen, overeenkomstig paragraaf 2 nagaat of er sociale schulden zijn; - de bedragen bedoeld in het vorige lid, voor zover zij het voorwerp uitmaken van een correct nageleefd afbetalingsplan bij het sociaal verzekeringsfonds of bij de gerechtsdeurwaarder; - de bedragen bedoeld in het vorige lid, voor zover er in hoofde van de schuldenaar reeds een schuld bestaat zoals bedoeld in de artikelen 30bis of 30ter van de wet van 27 juni 1969Relevante gevonden documenten type wet prom. 07/05/1999 pub. 30/12/1999 numac 1999010222 bron ministerie van justitie Wet op de kansspelen, de kansspelinrichtingen en de bescherming van de spelers type wet prom. 07/05/1999 pub. 15/05/1999 numac 1999000386 bron ministerie van binnenlandse zaken Wet tot wijziging van artikel 54 van de wet van 15 december 1980 betreffende de toegang tot het grondgebied, het verblijf, de vestiging en de verwijdering van vreemdelingen en van artikel 57ter van de organieke wet van 8 juli 1976 betreffende de openbare centra voor maatschappelijk welzijn, van de artikelen 2, § 5, 5, § 2 en 11bis van de wet van 2 april 1965 betreffende het ten laste nemen van de steun verleend door openbare centra voor maatschappelijk welzijn type wet prom. 07/05/1999 pub. 29/06/1999 numac 1999009706 bron ministerie van justitie Wet tot wijziging van sommige bepalingen van het Strafwetboek, van het Wetboek van Strafvordering, van de wet van 17 april 1878 houdende de voorafgaande titel van het Wetboek van Strafvordering, van de wet van 9 april 1930 tot bescherming van de maatschappij tegen de abnormalen en de gewoontemisdadigers, vervangen door de wet van 1 juli 1964, van de wet van 29 juni 1964 betreffende de opschorting, het uitstel en de probatie, van de wet van 20 juli 1990 betreffende de voorlopige hechtenis, van de wet van 5 maart 1998 betreffende de voorwaardelijke invrijheidsstelling en tot wijziging van de wet van 9 april 1930 tot bescherming van de maatschappij tegen de abnormalen en de gewoontemisdadigers, vervangen door de wet van 1 juli 1964 type wet prom. 07/05/1999 pub. 20/05/1999 numac 1999021236 bron diensten van de eerste minister Bijzondere wet tot wijziging van artikel 32 van de gewone wet van 9 augustus 1980 tot hervorming der instellingen, betreffende de voorkoming en de regeling van belangenconflicten sluiten9 tot herziening van de besluitwet van 28 december 1944 betreffende de maatschappelijke zekerheid der arbeiders en zoals bedoeld in artikel 55 van het Wetboek van de minnelijke en gedwongen invordering van fiscale en niet-fiscale schuldvorderingen.

De Koning kan, bij een besluit vastgesteld na overleg in de Ministerraad, het bedrag bedoeld in 5°, verhogen tot maximaal 5.000 euro.

Het toepassingsgebied kan worden uitgebreid tot zelfstandigen die activiteiten uitoefenen in andere sectoren, na het advies te hebben ingewonnen van de Hoge Raad voor de Zelfstandigen en de K.M.O., die zijn advies uitbrengt na raadpleging van de betrokken sectoren en beroepen en als er een bestaat, de beroepsorde die of het beroepsinstituut dat voor het betrokken beroep door de wet is aangesteld. Het advies wordt gegeven binnen vier maanden nadat het verzoek werd gedaan door de minister bevoegd voor het sociaal statuut der zelfstandigen. § 2. Met het oog op het bestrijden van sociale fraude en een betere inning van de sociale zekerheidsbijdragen, beheert het Rijksinstituut voor de sociale verzekeringen der zelfstandigen een gegevensbank, waarin de in dit artikel bedoelde sociale schulden worden opgenomen van de eveneens in dit artikel bedoelde aannemers en onderaannemers.

Daartoe kan het Rijksinstituut een beroep doen op de gegevensbank betreffende de aangifte van werken bedoeld in artikel 30bis, § 7, van de wet van 27 juni 1969Relevante gevonden documenten type wet prom. 07/05/1999 pub. 30/12/1999 numac 1999010222 bron ministerie van justitie Wet op de kansspelen, de kansspelinrichtingen en de bescherming van de spelers type wet prom. 07/05/1999 pub. 15/05/1999 numac 1999000386 bron ministerie van binnenlandse zaken Wet tot wijziging van artikel 54 van de wet van 15 december 1980 betreffende de toegang tot het grondgebied, het verblijf, de vestiging en de verwijdering van vreemdelingen en van artikel 57ter van de organieke wet van 8 juli 1976 betreffende de openbare centra voor maatschappelijk welzijn, van de artikelen 2, § 5, 5, § 2 en 11bis van de wet van 2 april 1965 betreffende het ten laste nemen van de steun verleend door openbare centra voor maatschappelijk welzijn type wet prom. 07/05/1999 pub. 29/06/1999 numac 1999009706 bron ministerie van justitie Wet tot wijziging van sommige bepalingen van het Strafwetboek, van het Wetboek van Strafvordering, van de wet van 17 april 1878 houdende de voorafgaande titel van het Wetboek van Strafvordering, van de wet van 9 april 1930 tot bescherming van de maatschappij tegen de abnormalen en de gewoontemisdadigers, vervangen door de wet van 1 juli 1964, van de wet van 29 juni 1964 betreffende de opschorting, het uitstel en de probatie, van de wet van 20 juli 1990 betreffende de voorlopige hechtenis, van de wet van 5 maart 1998 betreffende de voorwaardelijke invrijheidsstelling en tot wijziging van de wet van 9 april 1930 tot bescherming van de maatschappij tegen de abnormalen en de gewoontemisdadigers, vervangen door de wet van 1 juli 1964 type wet prom. 07/05/1999 pub. 20/05/1999 numac 1999021236 bron diensten van de eerste minister Bijzondere wet tot wijziging van artikel 32 van de gewone wet van 9 augustus 1980 tot hervorming der instellingen, betreffende de voorkoming en de regeling van belangenconflicten sluiten9 tot herziening van de besluitwet van 28 december 1944 betreffende de maatschappelijke zekerheid der arbeiders teneinde de daarin beschikbare gegevens over de aangifte van werken te gebruiken om de aannemers en onderaannemers bedoeld in dit artikel te vatten.

Deze gegevens worden maximaal vijf jaar bewaard in de gegevensbank. § 3. Overeenkomstig artikel 20, § 1, vierde lid, c) delen de sociale verzekeringsfondsen de gegevens inzake de openstaande sociale schulden van hun aangeslotenen, hierbij een onderscheid makend tussen de hoofdsom en de aanhorigheden, ten laatste binnen de vijf werkdagen volgend op elke wijziging, mee aan het Rijksinstituut voor de sociale verzekeringen der zelfstandigen. § 4. Wanneer het Rijksinstituut voor de sociale verzekeringen der zelfstandigen vaststelt dat een aannemer of onderaannemer sociale schulden heeft, wordt de aannemer of onderaannemer hiervan in kennis gesteld met een aangetekende zending of elk ander middel dat de datum en de verzekerde aflevering van de zending waarborgt. De aannemer of onderaannemer die binnen een termijn van vijftien kalenderdagen volgend op de kennisgeving de sociale schulden niet vereffend heeft noch een afbetalingsplan bij het sociaal verzekeringsfonds voor de sociale schulden heeft afgesloten, wordt als schuldenaar van sociale schulden opgenomen in de voor het publiek toegankelijke gegevensbank bedoeld in paragraaf 2.

Van zodra de aannemer of onderaannemer geen sociale schulden meer heeft, wordt deze niet langer als schuldenaar van sociale schulden aangeduid in de voor het publiek toegankelijke gegevensbank bedoeld in paragraaf 2. § 5. Teneinde aan elke opdrachtgever of aannemer de mogelijkheid te geven te voldoen aan de in § 4 bedoelde verplichting, kan de opdrachtgever of aannemer aan de hand van de gegevens bedoeld in paragraaf 2, op elk moment nagaan of de aannemer of onderaannemer sociale schulden heeft in de zin van dit artikel. § 6. De opdrachtgever die voor de in § 1 vermelde werken een deel of het geheel van de prijs betaalt aan een aannemer van wie, op het ogenblik van de betaling, werd vastgesteld, op basis van de voor het publiek toegankelijke gegevensbank bedoeld in paragraaf 2, dat hij sociale schulden heeft, is verplicht bij die betaling 15 pct. van het door hem verschuldigde bedrag, exclusief de belasting over de toegevoegde waarde, in te houden en te storten aan het Rijksinstituut voor de sociale verzekeringen der zelfstandigen, volgens de door de Koning bepaalde regels.

De aannemer die voor de in § 1 vermelde werken een deel of het geheel van de prijs betaalt aan een onderaannemer van wie, op het ogenblik van de betaling, werd vastgesteld, op basis van een voor het publiek toegankelijke gegevensbank, dat hij sociale schulden heeft, is verplicht bij die betaling 15 pct. van het door hem verschuldigde bedrag, exclusief de belasting over de toegevoegde waarde, in te houden en te storten aan het Rijksinstituut, volgens de door de Koning bepaalde regels.

De Koning bepaalt binnen welke termijn dit bedrag wordt aangerekend op het bedrag van de sociale schulden, alsook de termijn en de nadere regels van terugbetaling van het eventueel saldo in de mate dat de stortingen het bedrag van de sociale schulden overschrijden.

De Koning bepaalt de nadere regelen volgens welke de in toepassing van het eerste en tweede lid gestorte bedragen doorgestort worden naar het sociaal verzekeringsfonds of desgevallend verdeeld worden onder verschillende sociale verzekeringsfondsen. § 7. Dit artikel is niet van toepassing op de opdrachtgever-natuurlijke persoon die de in § 1 vermelde werken uitsluitend voor privédoeleinden laat uitvoeren. § 8. Dit artikel blijft van toepassing in geval van faillissement of elke andere samenloop van schuldeisers alsook bij cessie, beslag onder derden, inpandgeving, inbetalinggeving of in artikel 5.110 van het Burgerlijk Wetboek bedoelde rechtstreekse vordering.".

Art. 66.In artikel 17bis van hetzelfde besluit, ingevoegd bij de wet van 23 december 2009Relevante gevonden documenten type wet prom. 07/05/1999 pub. 30/12/1999 numac 1999010222 bron ministerie van justitie Wet op de kansspelen, de kansspelinrichtingen en de bescherming van de spelers type wet prom. 07/05/1999 pub. 15/05/1999 numac 1999000386 bron ministerie van binnenlandse zaken Wet tot wijziging van artikel 54 van de wet van 15 december 1980 betreffende de toegang tot het grondgebied, het verblijf, de vestiging en de verwijdering van vreemdelingen en van artikel 57ter van de organieke wet van 8 juli 1976 betreffende de openbare centra voor maatschappelijk welzijn, van de artikelen 2, § 5, 5, § 2 en 11bis van de wet van 2 april 1965 betreffende het ten laste nemen van de steun verleend door openbare centra voor maatschappelijk welzijn type wet prom. 07/05/1999 pub. 29/06/1999 numac 1999009706 bron ministerie van justitie Wet tot wijziging van sommige bepalingen van het Strafwetboek, van het Wetboek van Strafvordering, van de wet van 17 april 1878 houdende de voorafgaande titel van het Wetboek van Strafvordering, van de wet van 9 april 1930 tot bescherming van de maatschappij tegen de abnormalen en de gewoontemisdadigers, vervangen door de wet van 1 juli 1964, van de wet van 29 juni 1964 betreffende de opschorting, het uitstel en de probatie, van de wet van 20 juli 1990 betreffende de voorlopige hechtenis, van de wet van 5 maart 1998 betreffende de voorwaardelijke invrijheidsstelling en tot wijziging van de wet van 9 april 1930 tot bescherming van de maatschappij tegen de abnormalen en de gewoontemisdadigers, vervangen door de wet van 1 juli 1964 type wet prom. 07/05/1999 pub. 20/05/1999 numac 1999021236 bron diensten van de eerste minister Bijzondere wet tot wijziging van artikel 32 van de gewone wet van 9 augustus 1980 tot hervorming der instellingen, betreffende de voorkoming en de regeling van belangenconflicten sluiten6 en laatst gewijzigd bij de wet van 1 juli 2016, worden de volgende wijzigingen aangebracht: 1° een paragraaf 1ter wordt ingevoegd, luidende: " § 1ter.Loopt een administratieve geldboete van 500 tot 4.000 euro op per vastgestelde inbreuk, de vennootschap die de formaliteiten betreffende de werkend vennoot voorzien in artikel 23bis/1 niet of niet correct heeft vervuld binnen de in hetzelfde artikel bepaalde termijnen en wanneer deze inbreuk vastgesteld is door een bevoegde ambtenaar van het Rijksinstituut voor de sociale verzekeringen der zelfstandigen of door een persoon bedoeld in artikel 23bis.

Zijn hoofdelijk gehouden tot de betaling van die administratieve geldboete, elke bestuurder of zaakvoerder van de vennootschap die de formaliteiten betreffende de werkend vennoot, waarvan sprake in het eerste lid, niet of niet correct heeft uitgevoerd"; 2° een paragraaf 1quater wordt ingevoegd, luidende: " § 1quater.Loopt een administratieve geldboete van 500 tot 4.000 euro op per vastgestelde inbreuk, de zelfstandige die de formaliteiten betreffende de helper voorzien in artikel 23bis/2 niet of niet correct heeft vervuld binnen de in hetzelfde artikel bepaalde termijnen en wanneer deze inbreuk vastgesteld is door een bevoegde ambtenaar van het Rijksinstituut voor de sociale verzekeringen der zelfstandigen of door een persoon bedoeld in artikel 23bis."; 3° een paragraaf 1quinquies wordt ingevoegd, luidende: " § 1quinquies.Loopt een administratieve geldboete ten bedrage van het bedrag bedoeld in artikel 15/1, § 6, op per vastgestelde inbreuk, doch evenwel begrensd tot een bedrag van 2.232,14 euro, de opdrachtgever of aannemer die de in artikel 15/1, § 6, bedoelde storting niet verricht heeft en wanneer deze inbreuk vastgesteld is door een bevoegde ambtenaar van het Rijksinstituut voor de sociale verzekeringen der zelfstandigen. Het bedrag van 2.232,14 euro is gekoppeld aan het indexcijfer bedoeld in artikel 14, § 1, en wordt op 1 januari van ieder jaar aangepast."; 4° in paragraaf 2 wordt het eerste lid vervangen als volgt: "De ambtenaar bedoeld bij artikel 17ter kan, wanneer verzachtende omstandigheden aanwezig zijn, een administratieve geldboete onder het in § 1, § 1ter en § 1quater vermelde minimumbedrag of onder het in § 1quinquies vermelde bedrag opleggen zonder dat de geldboete lager mag zijn dan 40 pct.van dat bedrag."; 5° een paragraaf 2/1 wordt ingevoegd, luidende: " § 2/1.Bij herhaling binnen het jaar dat volgt op de datum van kennisgeving van de beslissing tot oplegging van de administratieve geldboete bedoeld in § 1, kan een administratieve geldboete van 1.000 tot 4.000 euro worden opgelegd.

Bij herhaling binnen het jaar dat volgt op de datum van kennisgeving van de beslissing tot oplegging van de administratieve geldboete bedoeld in § 1bis, kan een administratieve geldboete van het dubbele van het bedrag bedoeld in § 1bis worden opgelegd.

Bij herhaling binnen het jaar dat volgt op de datum van kennisgeving van de beslissing tot oplegging van de administratieve geldboete bedoeld in de §§ 1ter en 1quater, kan een administratieve geldboete van 1000 tot 8000 euro worden opgelegd.

Bij herhaling binnen het jaar dat volgt op de datum van kennisgeving van de beslissing tot oplegging van de administratieve geldboete bedoeld in § 1quinquies, kan een administratieve geldboete van het dubbele van het bedrag bedoeld in artikel 15/1, § 6, worden opgelegd.".

Art. 67.In artikel 17ter van hetzelfde besluit, ingevoegd bij de wet van 23 december 2009Relevante gevonden documenten type wet prom. 07/05/1999 pub. 30/12/1999 numac 1999010222 bron ministerie van justitie Wet op de kansspelen, de kansspelinrichtingen en de bescherming van de spelers type wet prom. 07/05/1999 pub. 15/05/1999 numac 1999000386 bron ministerie van binnenlandse zaken Wet tot wijziging van artikel 54 van de wet van 15 december 1980 betreffende de toegang tot het grondgebied, het verblijf, de vestiging en de verwijdering van vreemdelingen en van artikel 57ter van de organieke wet van 8 juli 1976 betreffende de openbare centra voor maatschappelijk welzijn, van de artikelen 2, § 5, 5, § 2 en 11bis van de wet van 2 april 1965 betreffende het ten laste nemen van de steun verleend door openbare centra voor maatschappelijk welzijn type wet prom. 07/05/1999 pub. 29/06/1999 numac 1999009706 bron ministerie van justitie Wet tot wijziging van sommige bepalingen van het Strafwetboek, van het Wetboek van Strafvordering, van de wet van 17 april 1878 houdende de voorafgaande titel van het Wetboek van Strafvordering, van de wet van 9 april 1930 tot bescherming van de maatschappij tegen de abnormalen en de gewoontemisdadigers, vervangen door de wet van 1 juli 1964, van de wet van 29 juni 1964 betreffende de opschorting, het uitstel en de probatie, van de wet van 20 juli 1990 betreffende de voorlopige hechtenis, van de wet van 5 maart 1998 betreffende de voorwaardelijke invrijheidsstelling en tot wijziging van de wet van 9 april 1930 tot bescherming van de maatschappij tegen de abnormalen en de gewoontemisdadigers, vervangen door de wet van 1 juli 1964 type wet prom. 07/05/1999 pub. 20/05/1999 numac 1999021236 bron diensten van de eerste minister Bijzondere wet tot wijziging van artikel 32 van de gewone wet van 9 augustus 1980 tot hervorming der instellingen, betreffende de voorkoming en de regeling van belangenconflicten sluiten6 en laatst gewijzigd bij de wet van 1 juli 2016, worden de volgende wijzigingen aangebracht: 1° in het derde lid wordt de tweede zin aangevuld met de woorden "of, in geval van een sanctie bedoeld in artikel 17bis, §§ 1ter of 1quinquies, desgevallend aan de betrokken vennootschap";2° het vierde lid wordt vervangen als volgt: "De kennisgeving van de mogelijkheid tot het opleggen van de administratieve geldboete dient te gebeuren uiterlijk binnen een termijn van twaalf maanden na: - de effectieve aansluiting bij een sociale verzekeringsfonds voor zelfstandigen in de gevallen bedoeld in artikel 17bis, § 1, 1° ; - de kennisname van het feit door het Rijksinstituut voor de sociale verzekeringen der zelfstandigen, voor wat betreft de gevallen bedoeld in artikel 17bis, § 1, 2° en 3° en § 1bis; - de vaststelling van de inbreuk, voor wat betreft de gevallen bedoeld in artikel 17bis, §§ 1ter, 1quater of 1quinquies."; 3° tussen het vijfde en het zesde lid worden de volgende leden ingevoegd, luidende: "In geval van een sanctie bedoeld in artikel 17bis, § 1, 1°, 2° en 3°, is het sociaal verzekeringsfonds waarbij de zelfstandige aangesloten is of was voor de periode van de inbreuk, bevoegd. In geval van een sanctie bedoeld in artikel 17bis, § 1bis, is het sociaal verzekeringsfonds waarbij de betrokkene fictief aangesloten was voor de periode van de inbreuk, bevoegd.

In geval van een sanctie bedoeld in artikel 17bis, § 1ter, is het sociaal verzekeringsfonds waarbij de vennootschap, in toepassing van artikel 89, § 1, van de wet van 30 december 1992Relevante gevonden documenten type wet prom. 04/05/1999 pub. 28/07/1999 numac 1999000423 bron ministerie van binnenlandse zaken Wet tot verbetering van het stelsel van politiek verlof voor provincie- en gemeenteraadsleden, leden van de raad voor maatschappelijk welzijn, burgemeesters, schepenen en voorzitters van de raad voor maatschappelijk welzijn in de openbare en de particuliere sector type wet prom. 04/05/1999 pub. 29/10/1999 numac 1999003334 bron ministerie van financien Wet tot wijziging van de wet van 31 december 1983 tot hervorming van de instellingen voor de Duitstalige Gemeenschap type wet prom. 04/05/1999 pub. 28/07/1999 numac 1999000426 bron ministerie van binnenlandse zaken en ministerie van financien Wet tot beperking van de cumulatie van het ambt van bestendig afgevaardigde met andere ambten en tot harmonisering van het financieel en fiscaal statuut van de bestendig afgevaardigde sluiten8 houdende sociale en diverse bepalingen aangesloten is, op het ogenblik waarop de beslissing tot oplegging van de geldboete betekend wordt of het laatst aangesloten was, bevoegd.

In geval van een sanctie bedoeld in artikel 17bis, § 1quater, is het sociaal verzekeringsfonds waarbij de zelfstandige aangesloten is op het ogenblik waarop de beslissing tot oplegging van de geldboete betekend wordt, of het laatst aangesloten was, bevoegd.

In geval van een sanctie bedoeld in artikel 17bis, § 1quinquies, is het sociaal verzekeringsfonds waarbij de opdrachtgever of aannemer aangesloten is op het ogenblik waarop de beslissing tot oplegging van de geldboete betekend wordt, of het laatst aangesloten was, bevoegd.".

Art. 68.In artikel 17quater, eerste lid, van hetzelfde besluit, ingevoegd bij de wet van 23 december 2009Relevante gevonden documenten type wet prom. 07/05/1999 pub. 30/12/1999 numac 1999010222 bron ministerie van justitie Wet op de kansspelen, de kansspelinrichtingen en de bescherming van de spelers type wet prom. 07/05/1999 pub. 15/05/1999 numac 1999000386 bron ministerie van binnenlandse zaken Wet tot wijziging van artikel 54 van de wet van 15 december 1980 betreffende de toegang tot het grondgebied, het verblijf, de vestiging en de verwijdering van vreemdelingen en van artikel 57ter van de organieke wet van 8 juli 1976 betreffende de openbare centra voor maatschappelijk welzijn, van de artikelen 2, § 5, 5, § 2 en 11bis van de wet van 2 april 1965 betreffende het ten laste nemen van de steun verleend door openbare centra voor maatschappelijk welzijn type wet prom. 07/05/1999 pub. 29/06/1999 numac 1999009706 bron ministerie van justitie Wet tot wijziging van sommige bepalingen van het Strafwetboek, van het Wetboek van Strafvordering, van de wet van 17 april 1878 houdende de voorafgaande titel van het Wetboek van Strafvordering, van de wet van 9 april 1930 tot bescherming van de maatschappij tegen de abnormalen en de gewoontemisdadigers, vervangen door de wet van 1 juli 1964, van de wet van 29 juni 1964 betreffende de opschorting, het uitstel en de probatie, van de wet van 20 juli 1990 betreffende de voorlopige hechtenis, van de wet van 5 maart 1998 betreffende de voorwaardelijke invrijheidsstelling en tot wijziging van de wet van 9 april 1930 tot bescherming van de maatschappij tegen de abnormalen en de gewoontemisdadigers, vervangen door de wet van 1 juli 1964 type wet prom. 07/05/1999 pub. 20/05/1999 numac 1999021236 bron diensten van de eerste minister Bijzondere wet tot wijziging van artikel 32 van de gewone wet van 9 augustus 1980 tot hervorming der instellingen, betreffende de voorkoming en de regeling van belangenconflicten sluiten6, worden de woorden "of, in geval van een sanctie bedoeld in artikel 17bis, §§ 1ter of 1quinquies, desgevallend de betrokken vennootschap" ingevoegd tussen de woorden "de zelfstandige" en de woorden "die de beslissing".

Art. 69.In hetzelfde besluit wordt een artikel 23bis/1 ingevoegd, luidende: "Art. 23bis/1. De vennootschappen die onderworpen zijn aan de Belgische vennootschapsbelasting of de Belgische belasting der niet-inwoners die werken uitoefenen zoals bedoeld in artikel 30bis, § 1, 1°, a), van de wet van 27 juni 1969Relevante gevonden documenten type wet prom. 07/05/1999 pub. 30/12/1999 numac 1999010222 bron ministerie van justitie Wet op de kansspelen, de kansspelinrichtingen en de bescherming van de spelers type wet prom. 07/05/1999 pub. 15/05/1999 numac 1999000386 bron ministerie van binnenlandse zaken Wet tot wijziging van artikel 54 van de wet van 15 december 1980 betreffende de toegang tot het grondgebied, het verblijf, de vestiging en de verwijdering van vreemdelingen en van artikel 57ter van de organieke wet van 8 juli 1976 betreffende de openbare centra voor maatschappelijk welzijn, van de artikelen 2, § 5, 5, § 2 en 11bis van de wet van 2 april 1965 betreffende het ten laste nemen van de steun verleend door openbare centra voor maatschappelijk welzijn type wet prom. 07/05/1999 pub. 29/06/1999 numac 1999009706 bron ministerie van justitie Wet tot wijziging van sommige bepalingen van het Strafwetboek, van het Wetboek van Strafvordering, van de wet van 17 april 1878 houdende de voorafgaande titel van het Wetboek van Strafvordering, van de wet van 9 april 1930 tot bescherming van de maatschappij tegen de abnormalen en de gewoontemisdadigers, vervangen door de wet van 1 juli 1964, van de wet van 29 juni 1964 betreffende de opschorting, het uitstel en de probatie, van de wet van 20 juli 1990 betreffende de voorlopige hechtenis, van de wet van 5 maart 1998 betreffende de voorwaardelijke invrijheidsstelling en tot wijziging van de wet van 9 april 1930 tot bescherming van de maatschappij tegen de abnormalen en de gewoontemisdadigers, vervangen door de wet van 1 juli 1964 type wet prom. 07/05/1999 pub. 20/05/1999 numac 1999021236 bron diensten van de eerste minister Bijzondere wet tot wijziging van artikel 32 van de gewone wet van 9 augustus 1980 tot hervorming der instellingen, betreffende de voorkoming en de regeling van belangenconflicten sluiten9 tot herziening van de besluitwet van 28 december 1944 betreffende de maatschappelijke zekerheid der arbeiders, zijn gehouden de exacte inlichtingen betreffende hun werkende vennoten in te schrijven en bij te werken in de Kruispuntbank van Ondernemingen. Deze inlichtingen zijn de identificatiegegevens van de werkend vennoot, namelijk de naam, de voornaam, het rijksregisternummer of bis-nummer van de werkend vennoot, alsook de begin- en einddatum van zijn activiteit als werkend vennoot in de vennootschap.

Het toepassingsgebied kan worden uitgebreid tot zelfstandigen die activiteiten uitoefenen in andere sectoren, na het advies te hebben ingewonnen van de Hoge Raad voor de Zelfstandigen en de K.M.O., die zijn advies uitbrengt na raadpleging van de betrokken sectoren en beroepen en als er een bestaat, de beroepsorde die of het beroepsinstituut dat voor het betrokken beroep door de wet is aangesteld. Het advies wordt gegeven binnen vier maanden nadat het verzoek werd gedaan door de minister bevoegd voor het sociaal statuut der zelfstandigen.

Vóór het ogenblik waarop de werkend vennoot zijn activiteiten in de vennootschap begint als werkend vennoot en, in geval van het einde van deze activiteit, ten laatste binnen vijftien dagen volgend op de datum van dit einde, delen de vennootschappen via elektronische weg de in het eerste lid bedoelde inlichtingen mee aan de Kruispuntbank van Ondernemingen.

Voor de toepassing van dit artikel dient beschouwd te worden als werkend vennoot, iedere houder van minstens één aandeel in een vennootschap bedoeld in het eerste lid, die in België persoonlijk een reële activiteit uitoefent binnen die vennootschap zonder dat hij, voor deze activiteit, aangegeven wordt in het stelsel van de loontrekkenden op het ogenblik waarop deze activiteit wordt uitgeoefend.".

Art. 70.In hetzelfde besluit wordt een artikel 23bis/2 ingevoegd, luidende: "Art. 23bis/2. De zelfstandigen die werken uitoefenen zoals bedoeld in artikel 30bis, § 1, 1°, a), van de wet van 27 juni 1969Relevante gevonden documenten type wet prom. 07/05/1999 pub. 30/12/1999 numac 1999010222 bron ministerie van justitie Wet op de kansspelen, de kansspelinrichtingen en de bescherming van de spelers type wet prom. 07/05/1999 pub. 15/05/1999 numac 1999000386 bron ministerie van binnenlandse zaken Wet tot wijziging van artikel 54 van de wet van 15 december 1980 betreffende de toegang tot het grondgebied, het verblijf, de vestiging en de verwijdering van vreemdelingen en van artikel 57ter van de organieke wet van 8 juli 1976 betreffende de openbare centra voor maatschappelijk welzijn, van de artikelen 2, § 5, 5, § 2 en 11bis van de wet van 2 april 1965 betreffende het ten laste nemen van de steun verleend door openbare centra voor maatschappelijk welzijn type wet prom. 07/05/1999 pub. 29/06/1999 numac 1999009706 bron ministerie van justitie Wet tot wijziging van sommige bepalingen van het Strafwetboek, van het Wetboek van Strafvordering, van de wet van 17 april 1878 houdende de voorafgaande titel van het Wetboek van Strafvordering, van de wet van 9 april 1930 tot bescherming van de maatschappij tegen de abnormalen en de gewoontemisdadigers, vervangen door de wet van 1 juli 1964, van de wet van 29 juni 1964 betreffende de opschorting, het uitstel en de probatie, van de wet van 20 juli 1990 betreffende de voorlopige hechtenis, van de wet van 5 maart 1998 betreffende de voorwaardelijke invrijheidsstelling en tot wijziging van de wet van 9 april 1930 tot bescherming van de maatschappij tegen de abnormalen en de gewoontemisdadigers, vervangen door de wet van 1 juli 1964 type wet prom. 07/05/1999 pub. 20/05/1999 numac 1999021236 bron diensten van de eerste minister Bijzondere wet tot wijziging van artikel 32 van de gewone wet van 9 augustus 1980 tot hervorming der instellingen, betreffende de voorkoming en de regeling van belangenconflicten sluiten9 tot herziening van de besluitwet van 28 december 1944 betreffende de maatschappelijke zekerheid der arbeiders, zijn gehouden de exacte inlichtingen betreffende hun helpers in te schrijven en bij te werken in de Kruispuntbank van Ondernemingen. Deze inlichtingen zijn de identificatiegegevens van de helper, namelijk de naam, de voornaam, het rijksregisternummer of bis-nummer van de helper, alsook de begin- en einddatum van zijn activiteit als helper.

Het toepassingsgebied kan worden uitgebreid tot zelfstandigen die activiteiten uitoefenen in andere sectoren, na het advies te hebben ingewonnen van de Hoge Raad voor de Zelfstandigen en de K.M.O., die zijn advies uitbrengt na raadpleging van de betrokken sectoren en beroepen en als er een bestaat, de beroepsorde die of het beroepsinstituut dat voor het betrokken beroep door de wet is aangesteld. Het advies wordt gegeven binnen vier maanden nadat het verzoek werd gedaan door de minister bevoegd voor het sociaal statuut der zelfstandigen.

Voor de toepassing van dit artikel dient beschouwd te worden als helper, de personen bedoeld in artikel 6, met uitzondering van de personen bedoeld in de artikelen 7 en 7bis.

Vóór het ogenblik waarop de helper zijn activiteiten begint als helper en, in geval van het einde van deze activiteit, ten laatste binnen vijftien dagen volgend op de datum van dit einde, delen de zelfstandigen via elektronische weg de in het eerste lid bedoelde inlichtingen mee aan de Kruispuntbank van Ondernemingen.".

Art. 71.In hetzelfde besluit wordt een artikel 23bis/3 ingevoegd, luidende: "Artikel 23bis/3. Met het oog op de preventie, de vaststelling, de vervolging en de bestraffing van de inbreuken op de wetgeving die tot haar respectieve bevoegdheid behoort, heeft het Rijksinstituut voor de sociale verzekeringen der zelfstandigen toegang tot de gegevens bedoeld in artikel 23bis/1 en 23bis/2 van dit besluit en artikel III.29 van het Wetboek van economisch recht en kan het deze gegevens en informatie kruisen met andere gegevens.

De Koning bepaalt de voorwaarden en toepassingsmodaliteiten van dit artikel.". Afdeling 2 - Wijzigingen van het Wetboek van economisch recht

Art. 72.Artikel I.4 van het Wetboek van economisch recht wordt aangevuld met de bepalingen onder 6° en 7°, luidende: "6° werkend vennoot: de persoon zoals gedefinieerd in artikel 23bis/1 van het koninklijk besluit nr. 38 van 27 juli 1967 houdende inrichting van het sociaal statuut der zelfstandigen"; "7° helper: de persoon zoals gedefinieerd in artikel 6 van het koninklijk besluit nr. 38 van 27 juli 1967 houdende inrichting van het sociaal statuut der zelfstandigen, met uitzondering van de personen bedoeld in de artikelen 7 en 7bis van voornoemd besluit.".

Art. 73.In artikel III.15, derde lid, van hetzelfde Wetboek, worden de woorden "en hun gemandateerden" vervangen door de woorden ", hun gemandateerden, hun werkende vennoten en hun helpers".

Art. 74.Artikel III.18, § 1, 6°, van hetzelfde Wetboek worden de woorden "en lasthebbers van de geregistreerde entiteit" vervangen door de woorden ", lasthebbers, werkende vennoten en helpers van de geregistreerde entiteit.".

Art. 75.In artikel III.21 van hetzelfde Wetboek worden de woorden "of dienen te" ingevoegd tussen het woord "mogen" en de woorden "worden meegedeeld".

Art. 76.In artikel III.29, § 1, van hetzelfde wetboek worden de bepalingen 8° /1 en 8° /2 ingevoegd, luidende: "8° /1 de naam en voornaam van de werkende vennoten; 8° /2 de naam en voornaam van de helpers;". Afdeling 3. - Inwerkingtreding en overgangsbepalingen

Art. 77.Dit hoofdstuk treedt in werking op een door de Koning te bepalen datum vastgesteld na overleg in de Ministerraad, en uiterlijk op 1 juli 2024.

Art. 78.§ 1. De vennootschap waarin een persoon een activiteit aanvat als werkend vennoot tijdens het semester van inwerkingtreding van artikel 23bis/1, is gehouden om de inlichtingen bedoeld in voornoemd artikel betreffende deze persoon, door te sturen vóór het einde van het semester van de inwerkingtreding van voornoemd artikel.

Voor de werkende vennoten die hun activiteit reeds uitoefenden in een vennootschap op het ogenblik van de inwerkingtreding van artikel 23bis/1, is deze vennootschap gehouden om de inlichtingen met betrekking tot de werkende vennoten door te sturen vóór het einde van het semester van de inwerkingtreding van voornoemd artikel. § 2. De zelfstandige die bijgestaan wordt door een helper die een activiteit als helper aanvat tijdens het semester van inwerkingtreding van artikel 23bis/2, is ertoe gehouden om de inlichtingen bedoeld in voornoemd artikel betreffende deze persoon, door te sturen vóór het einde van het semester van de inwerkingtreding van voornoemd artikel.

Voor de helpers die hun activiteit reeds uitoefenden op het ogenblik van de inwerkingtreding van artikel 23bis/2, is de zelfstandige ertoe gehouden om de inlichtingen met betrekking tot de helpers door te sturen vóór het einde van het semester van de inwerkingtreding van voornoemd artikel. HOOFDSTUK 2. - Mentaal welzijn op het werk voor zelfstandigen Afdeling 1. - Wijziging van het koninklijk besluit nr. 38 houdende

inrichting van het sociaal statuut der zelfstandigen

Art. 79.In artikel 20 van het koninklijk besluit nr. 38 houdende inrichting van het sociaal statuut der zelfstandigen, laatst gewijzigd bij de wet van 7 mei 2019Relevante gevonden documenten type wet prom. 09/07/2004 pub. 15/07/2004 numac 2004021090 bron federale overheidsdienst kanselarij van de eerste minister Wet houdende diverse bepalingen sluiten6, worden de volgende wijzigingen aangebracht: 1° paragraaf 1, vierde lid wordt aangevuld met d), luidende: "d) hun aangeslotenen te sensibiliseren en te ondersteunen om hun mentaal welzijn op het werk te bevorderen."; 2° een paragraaf 2bis/1wordt ingevoegd, luidende: " § 2bis/1.Teneinde het mentaal welzijn van hun aangeslotenen bij het uitoefenen van hun beroepsactiviteit te bevorderen, dienen een aantal diensten te worden ingevuld door de in § 1 bedoelde kassen en de in § 3 bedoelde Nationale Hulpkas.

Deze diensten omvatten: 1° sensibilisering en promotie;2° vroege detectie en screening;3° secundaire preventie;4° begeleiding naar aangepaste hulp of ondersteuning;5° opleiding van de medewerkers van hun eerstelijns-- dienstverlening. De diensten bedoeld in het tweede lid, 1°, 4° en 5° zijn verplicht.

De Koning kan het aantal verplichte diensten uitbreiden met de diensten vermeld in het tweede lid, 2° en/of 3°.

De in het tweede lid bedoelde diensten beantwoorden aan de volgende criteria: 1° ze zijn vraaggestuurd en gedifferentieerd op basis van de noden op het terrein, rekening houdend met de verschillende beroepscategorieën en fases binnen de loopbaan van de zelfstandige;2° ze zijn gericht op de ondersteuning van de individuele zelfstandige of ze stimuleren de interactie en uitwisseling tussen zelfstandigen op lokaal, regionaal en/of nationaal niveau;3° ze houden rekening met de werk- en/of privé-- omgeving;4° ze kaderen binnen een gebundelde aanpak waarbij er samenwerking is met andere actoren;5° ze zijn kwaliteitsvol met aandacht voor toegankelijkheid, lage financiële drempels, wetenschappelijk onderbouwd karakter en efficiënt inzetten van middelen en de klanttevredenheid. De uitvoering door de kassen van de in het tweede lid vermelde diensten wordt begeleid, opgevolgd en geëvalueerd door de dienst Externe Audit bedoeld in artikel 21, § 9, onder toezicht van het Toezichtcomité Externe Audit, bedoeld in artikel 21, § 10, overeenkomstig de bepalingen van artikel 20, § 2. De evaluatie gebeurt op basis van de in het vijfde lid vernoemde criteria.

De Koning kan de indicatoren bepalen waaruit deze criteria bestaan.

Met het oog op de jaarlijkse evaluatie van de tijdens het vorige kalenderjaar uitgevoerde diensten bezorgt de kas een activiteitenverslag met betrekking tot de uitvoering van de verschillende diensten aan het Rijksinstituut. De Koning bepaalt de nadere regels van de begeleiding, de opvolging en evaluatie.

Het Rijksinstituut maakt deze jaarlijkse evaluatie over aan het Algemeen Beheerscomité voor het sociaal statuut der zelfstandigen en, na advies van dit comité, aan de minister voor Zelfstandigen.

Ter financiering van de uitvoering van de diensten bedoeld in deze paragraaf, wordt de specifieke toelage bedoeld in artikel 22/1 van de wet van 18 april 2017Relevante gevonden documenten type wet prom. 09/07/2004 pub. 15/07/2004 numac 2004021090 bron federale overheidsdienst kanselarij van de eerste minister Wet houdende diverse bepalingen sluiten1 houdende hervorming van de financiering van de sociale zekerheid jaarlijks in de loop van het eerste kwartaal van het kalenderjaar gestort aan de sociale verzekeringsfondsen voor zelfstandigen zoals bedoeld in artikel 20 van het koninklijk besluit nr. 38 houdende inrichting van het sociaal statuut der zelfstandigen.

De verdeling gebeurt als volgt: 1° een vast bedrag voor elk sociaal verzekeringsfonds;2° een variabel bedrag per sociaal verzekeringsfonds dat afhangt van het aantal aangesloten zelfstandigen bedoeld in artikel 12, § 1, § 1bis of § 1ter van voormeld koninklijk besluit nr.38. De situatie op 31 december van het voorgaande jaar wordt hiertoe in aanmerking genomen. Vanaf 2026 hangt het variabel bedrag tevens af van het resultaat van de in het zesde lid bedoelde evaluatie van de diensten uitgevoerd in het voorgaande jaar.

De verdeelsleutel wordt bepaald door de Koning bij koninklijk besluit vastgesteld na overleg in de Ministerraad.". Afdeling 2. - Wijziging van de wet van 18 april 2017Relevante gevonden documenten type wet prom. 09/07/2004 pub. 15/07/2004 numac 2004021090 bron federale overheidsdienst kanselarij van de eerste minister Wet houdende diverse bepalingen sluiten1 houdende

hervorming van de financiering van de sociale zekerheid

Art. 80.In de wet van 18 april 2017Relevante gevonden documenten type wet prom. 09/07/2004 pub. 15/07/2004 numac 2004021090 bron federale overheidsdienst kanselarij van de eerste minister Wet houdende diverse bepalingen sluiten1 houdende hervorming van de financiering van de sociale zekerheid, laatst gewijzigd door de wet van 20 november 2022Relevante gevonden documenten type wet prom. 07/05/2004 pub. 18/05/2004 numac 2004022376 bron federale overheidsdienst volksgezondheid, veiligheid van de voedselketen en leefmilieu Wet inzake experimenten op de menselijke persoon sluiten5, wordt een artikel 22/1 ingevoegd, luidende: "

Art. 22/1.§ 1. Vanaf 2024 wordt het bedrag verkregen na toepassing van artikel 22, §§ 2 en 3, verhoogd met een bedrag van 4.000.000 euro.

Dit laatste bedrag wordt toegekend in het kader van de bewustmaking en de bevordering van het mentaal welzijn op het werk van de zelfstandigen. § 2. Vanaf 2025 wordt het in paragraaf 1 vermelde bedrag van 4.000.000 euro jaarlijks geïndexeerd met een breuk waarvan de noemer gelijk is aan 128,82 (hetzij de gezondheidsindex van augustus 2023 in de basis 2013 = 100) en de teller gelijk is aan de gezondheidsindex van de maand augustus van het jaar dat voorafgaat aan dat waarvoor de toelage verschuldigd is (basis 2013 = 100).". Afdeling 3. - Inwerkingtreding

Art. 81.Dit hoofdstuk treedt in werking op 1 januari 2024.

TITEL 6. - Economie ENIG HOOFDSTUK. - Wijzigingen van het Wetboek van economisch recht Afdeling 1. - Wijziging van boek I van het Wetboek van economisch

recht

Art. 82.In boek I, titel 2, hoofdstuk 13, van het Wetboek van economisch recht, ingevoegd bij de wet van 28 maart 2014Relevante gevonden documenten type wet prom. 26/06/2002 pub. 27/07/2002 numac 2002016171 bron ministerie van middenstand en landbouw Wet betreffende de oprichting van de Vestigingsraad sluiten1, wordt een artikel I.21/1 ingevoegd, luidende: "Art. I.21/1. Voor de toepassing van boek XVII, titel 1/1, gelden de volgende definities: 1° exploitatie van een onwettig onlinekansspel: het exploiteren in de zin van artikel 2, 2°, van de wet van 7 mei 1999Relevante gevonden documenten type wet prom. 07/05/1999 pub. 30/12/1999 numac 1999010222 bron ministerie van justitie Wet op de kansspelen, de kansspelinrichtingen en de bescherming van de spelers type wet prom. 07/05/1999 pub. 15/05/1999 numac 1999000386 bron ministerie van binnenlandse zaken Wet tot wijziging van artikel 54 van de wet van 15 december 1980 betreffende de toegang tot het grondgebied, het verblijf, de vestiging en de verwijdering van vreemdelingen en van artikel 57ter van de organieke wet van 8 juli 1976 betreffende de openbare centra voor maatschappelijk welzijn, van de artikelen 2, § 5, 5, § 2 en 11bis van de wet van 2 april 1965 betreffende het ten laste nemen van de steun verleend door openbare centra voor maatschappelijk welzijn type wet prom. 07/05/1999 pub. 29/06/1999 numac 1999009706 bron ministerie van justitie Wet tot wijziging van sommige bepalingen van het Strafwetboek, van het Wetboek van Strafvordering, van de wet van 17 april 1878 houdende de voorafgaande titel van het Wetboek van Strafvordering, van de wet van 9 april 1930 tot bescherming van de maatschappij tegen de abnormalen en de gewoontemisdadigers, vervangen door de wet van 1 juli 1964, van de wet van 29 juni 1964 betreffende de opschorting, het uitstel en de probatie, van de wet van 20 juli 1990 betreffende de voorlopige hechtenis, van de wet van 5 maart 1998 betreffende de voorwaardelijke invrijheidsstelling en tot wijziging van de wet van 9 april 1930 tot bescherming van de maatschappij tegen de abnormalen en de gewoontemisdadigers, vervangen door de wet van 1 juli 1964 type wet prom. 07/05/1999 pub. 20/05/1999 numac 1999021236 bron diensten van de eerste minister Bijzondere wet tot wijziging van artikel 32 van de gewone wet van 9 augustus 1980 tot hervorming der instellingen, betreffende de voorkoming en de regeling van belangenconflicten sluiten op de kansspelen, de weddenschappen, de kansspelinrichtingen en de bescherming van de spelers, van een kansspel zoals bedoeld in artikel 2, 1°, van dezelfde wet, of van weddenschap zoals bedoeld in artikel 2, 5°, van dezelfde wet door middel van informatiemaatschappij-instrumenten zoals bedoeld in artikel 2, 10°, van dezelfde wet, zonder te beschikken over een aanvullende vergunning bedoeld in artikel 25 van dezelfde wet.". Afdeling 2 - Wijzigingen van boek XVII van het Wetboek van economisch

recht

Art. 83.In boek XVII van hetzelfde Wetboek wordt het opschrift van titel 1/1, ingevoegd bij de wet van 19 juni 2022Relevante gevonden documenten type wet prom. 07/05/2004 pub. 18/05/2004 numac 2004022376 bron federale overheidsdienst volksgezondheid, veiligheid van de voedselketen en leefmilieu Wet inzake experimenten op de menselijke persoon sluiten9, vervangen als volgt: "Titel 1/1. Voorlopige maatregelen in geval van inbreuken op het auteursrecht, op een naburig recht, op het recht van een producent van databanken gepleegd op het internet of in geval van de exploitatie van een onwettig onlinekansspel".

Art. 84.In artikel XVII.34/1 van hetzelfde Wetboek, ingevoegd bij de wet van 19 juni 2022Relevante gevonden documenten type wet prom. 07/05/2004 pub. 18/05/2004 numac 2004022376 bron federale overheidsdienst volksgezondheid, veiligheid van de voedselketen en leefmilieu Wet inzake experimenten op de menselijke persoon sluiten9, worden de volgende wijzigingen aangebracht: 1° in paragraaf 1 worden de woorden ", of in het geval van de exploitatie van een onwettig onlinekansspel" ingevoegd tussen de woorden "gepleegd op het internet" en de woorden ", kan de voorzitter van de ondernemingsrechtbank"; 2° paragraaf 2 wordt aangevuld met een lid, luidende: "In geval van de exploitatie van een onwettig onlinekansspel, wordt de vordering ingesteld op initiatief van elke belanghebbende."; 3° er wordt een paragraaf 6/1 ingevoegd, luidende: " § 6/1.De voorzitter van de ondernemingsrechtbank willigt de vordering in als hij het bestaan van een exploitatie van een onwettig onlinekansspel vaststelt.

Voor de vorderingen die op eenzijdig verzoekschrift ingesteld worden, geldt een vermoeden van spoedeisendheid zoals bedoeld in artikel 584, eerste lid, van het Gerechtelijk Wetboek of van volstrekte noodzakelijkheid zoals bedoeld in artikel 584, vierde lid, van het Gerechtelijk Wetboek.".

Art. 85.In artikel XVII.34/3 van hetzelfde Wetboek, ingevoegd bij de wet van 19 juni 2022Relevante gevonden documenten type wet prom. 07/05/2004 pub. 18/05/2004 numac 2004022376 bron federale overheidsdienst volksgezondheid, veiligheid van de voedselketen en leefmilieu Wet inzake experimenten op de menselijke persoon sluiten9, worden de volgende wijzigingen aangebracht: 1° in paragraaf 1 worden de woorden "en tegen de exploitatie van onwettige onlinekansspelen" ingevoegd tussen de woorden "de naburige rechten op het internet" en de woorden "op te richten."; 2° paragraaf 6, lid 1, wordt aangevuld met de woorden ", die gebaseerd zijn op een inbreuk op het auteursrecht, op een naburig recht of op het recht van een producent van databanken, gepleegd op het internet";3° in paragraaf 8 worden de woorden "of de exploitatie van een onwettig onlinekansspel" ingevoegd tussen de woorden "op een auteursrecht of op een naburig recht gepleegd wordt" en de woorden ", vastgesteld door de voorzitter van de ondernemingsrechtbank"; 4° paragraaf 8 wordt aangevuld met een lid, luidende: "De in paragraaf 1 bedoelde dienst kan, voor wat betreft de exploitatie van een onwettig onlinekansspel, advies vragen aan de kansspelcommissie opgericht bij artikel 9 van de wet van 7 mei 1999Relevante gevonden documenten type wet prom. 07/05/1999 pub. 30/12/1999 numac 1999010222 bron ministerie van justitie Wet op de kansspelen, de kansspelinrichtingen en de bescherming van de spelers type wet prom. 07/05/1999 pub. 15/05/1999 numac 1999000386 bron ministerie van binnenlandse zaken Wet tot wijziging van artikel 54 van de wet van 15 december 1980 betreffende de toegang tot het grondgebied, het verblijf, de vestiging en de verwijdering van vreemdelingen en van artikel 57ter van de organieke wet van 8 juli 1976 betreffende de openbare centra voor maatschappelijk welzijn, van de artikelen 2, § 5, 5, § 2 en 11bis van de wet van 2 april 1965 betreffende het ten laste nemen van de steun verleend door openbare centra voor maatschappelijk welzijn type wet prom. 07/05/1999 pub. 29/06/1999 numac 1999009706 bron ministerie van justitie Wet tot wijziging van sommige bepalingen van het Strafwetboek, van het Wetboek van Strafvordering, van de wet van 17 april 1878 houdende de voorafgaande titel van het Wetboek van Strafvordering, van de wet van 9 april 1930 tot bescherming van de maatschappij tegen de abnormalen en de gewoontemisdadigers, vervangen door de wet van 1 juli 1964, van de wet van 29 juni 1964 betreffende de opschorting, het uitstel en de probatie, van de wet van 20 juli 1990 betreffende de voorlopige hechtenis, van de wet van 5 maart 1998 betreffende de voorwaardelijke invrijheidsstelling en tot wijziging van de wet van 9 april 1930 tot bescherming van de maatschappij tegen de abnormalen en de gewoontemisdadigers, vervangen door de wet van 1 juli 1964 type wet prom. 07/05/1999 pub. 20/05/1999 numac 1999021236 bron diensten van de eerste minister Bijzondere wet tot wijziging van artikel 32 van de gewone wet van 9 augustus 1980 tot hervorming der instellingen, betreffende de voorkoming en de regeling van belangenconflicten sluiten op de kansspelen, de weddenschappen, kansspelinrichtingen en de bescherming van de spelers, die een antwoord verschaft binnen 15 dagen na ontvangst van de aanvraag.".

Art. 86.In artikel XVII.34/4, lid 1 van hetzelfde Wetboek, ingevoegd bij de wet van 19 juni 2022Relevante gevonden documenten type wet prom. 07/05/2004 pub. 18/05/2004 numac 2004022376 bron federale overheidsdienst volksgezondheid, veiligheid van de voedselketen en leefmilieu Wet inzake experimenten op de menselijke persoon sluiten9, worden de woorden "in geval van inbreuk op het auteursrecht, op een naburig recht of op het recht van een producent van databanken" ingevoegd tussen de woorden "bevolen voorlopige maatregelen" en de woorden "worden herroepen".

Art. 87.De bepalingen van deze afdeling treden in werking op de door de Koning bepaalde datum.

TITEL 7. - Werk HOOFDSTUK 1. - Het gebruik van het geregistreerde kassasysteem

Art. 88.De inbreuken bestraft door artikel 137/5, van het Sociaal Strafwetboek ingevoegd door de programmawet van 22 december 2023 worden opgespoord, vastgesteld en bestraft overeenkomstig het Sociaal Strafwetboek.

De sociaal inspecteurs beschikken over de in de artikelen 23 tot 49 van het Sociaal Strafwetboek bedoelde bevoegdheden wanneer zij, ambtshalve of op verzoek, optreden in het kader van hun opdracht tot informatie, bemiddeling en toezicht.

Art. 89.In boek 2, hoofdstuk 1, afdeling 5, van het Sociaal Strafwetboek, wordt een artikel 137/5 ingevoegd, luidende: "

Art. 137/5.Het gebruik van het geregistreerde kassasysteem Met een sanctie van niveau 3 wordt bestraft, de werkgever, zijn aangestelde of zijn lasthebber die het geregistreerde kassasysteem zoals bedoeld in het koninklijk besluit van 30 december 2009Relevante gevonden documenten type wet prom. 27/04/2005 pub. 20/05/2005 numac 2005022392 bron federale overheidsdienst sociale zekerheid Wet betreffende de beheersing van de begroting van de gezondheidszorg en houdende diverse bepalingen inzake gezondheid sluiten3 tot het bepalen van de definitie en de voorwaarden waaraan een geregistreerd kassasysteem in de horecasector moet voldoen, niet of niet correct heeft gebruikt, terwijl de fiscale bepalingen dit vereisen.

Wanneer de inbreuk wetens en willens is gepleegd, wordt ze met een sanctie van niveau 5 bestraft.". HOOFDSTUK 2. - Doelgroepvermindering collectieve arbeidsduurvermindering

Art. 90.Artikel 350, derde lid, van de programmawet(I) van 24 december 2002 wordt aangevuld met de woorden "en voor zover hun normale, gemiddelde wekelijkse arbeidsduur minimaal 28 uur bedraagt.".

Art. 91.Dit hoofdstuk treedt in werking op 1 januari 2024 en geldt voor de arbeidsduurverminderingen ingevoerd vanaf 1 november 2023. HOOFDSTUK 3. - Activeringsbijdrage

Art. 92.In artikel 38, § 3septdecies, van de wet van 29 juni 1981Relevante gevonden documenten type wet prom. 04/05/1999 pub. 28/07/1999 numac 1999000423 bron ministerie van binnenlandse zaken Wet tot verbetering van het stelsel van politiek verlof voor provincie- en gemeenteraadsleden, leden van de raad voor maatschappelijk welzijn, burgemeesters, schepenen en voorzitters van de raad voor maatschappelijk welzijn in de openbare en de particuliere sector type wet prom. 04/05/1999 pub. 29/10/1999 numac 1999003334 bron ministerie van financien Wet tot wijziging van de wet van 31 december 1983 tot hervorming van de instellingen voor de Duitstalige Gemeenschap type wet prom. 04/05/1999 pub. 28/07/1999 numac 1999000426 bron ministerie van binnenlandse zaken en ministerie van financien Wet tot beperking van de cumulatie van het ambt van bestendig afgevaardigde met andere ambten en tot harmonisering van het financieel en fiscaal statuut van de bestendig afgevaardigde sluiten4 houdende de algemene beginselen van de sociale zekerheid voor werknemers, ingevoegd bij de wet van 25 december 2017Relevante gevonden documenten type wet prom. 26/06/2002 pub. 27/07/2002 numac 2002016171 bron ministerie van middenstand en landbouw Wet betreffende de oprichting van de Vestigingsraad sluiten9, en laatst gewijzigd bij de wet van 26 december 2022Relevante gevonden documenten type wet prom. 07/05/2004 pub. 18/05/2004 numac 2004022376 bron federale overheidsdienst volksgezondheid, veiligheid van de voedselketen en leefmilieu Wet inzake experimenten op de menselijke persoon sluiten8, worden de volgende wijzigingen aangebracht: a) in het eerste lid worden de woorden "geen enkele prestatie leveren tijdens een volledig kwartaal bij dezelfde werkgever" vervangen door de woorden "bij dezelfde werkgever tijdens een volledig kwartaal geen enkele prestatie leveren of prestaties leveren die overeenkomen met minder dan een derde van de wekelijkse arbeidstijd van de voltijdse werknemers van dezelfde categorie in het bedrijf"; b) in het vierde lid worden de woorden "van elke prestatie" vervangen door de woorden "voor meer dan 2/3 van zijn prestaties", worden de woorden "20 pct." telkens vervangen door de woorden "50 pct.", worden de woorden "15 pct." vervangen door de woorden "45 pct." en worden de woorden "10 pct." vervangen door de woorden "40 pct."; c) in het vijfde lid worden de woorden "de verplichting had om een opleiding te volgen die georganiseerd wordt door zijn werkgever voor tenminste 15 dagen gedurende een periode van vier opeenvolgende kwartalen" vervangen door de woorden "de verplichting had om gedurende de vier eerste kwartalen een outplacementbegeleiding te volgen van 60 uur overeenkomend met de waarde van een twaalfde van de jaarlijkse bezoldiging voor het kalenderjaar voorafgaand aan de vrijstelling van prestaties en met een minimumwaarde van 1.800 euro en een maximumwaarde van 5.500 euro, en die beantwoordt aan de kwaliteitscriteria, bepaald in artikel 11/4 van de wet van 5 september 2001Relevante gevonden documenten type wet prom. 09/07/2004 pub. 15/07/2004 numac 2004021090 bron federale overheidsdienst kanselarij van de eerste minister Wet houdende diverse bepalingen sluiten0 tot verbetering van de werkgelegenheidsgraad van de werknemers"; d) in het achtste lid worden de woorden "de voornoemde opleiding" vervangen door de woorden "de outplacementbegeleiding of de opleiding bedoeld in de vorige leden";e) het negende, tiende en elfde lid worden opgeheven.

Art. 93.Dit hoofdstuk treedt in werking op 1 januari 2024. HOOFDSTUK 4. - Renteloze lening vanwege het Fonds tot vergoeding van de in geval van sluiting van ondernemingen ontslagen werknemers

Art. 94.De hierna volgende bepalingen hebben als doel om te garanderen dat de Rijksdienst voor jaarlijkse vakantie zijn opdrachten kan blijven vervullen.

Art. 95.Om de doelstelling bepaald in artikel 94 te bereiken, stelt het Fonds tot vergoeding van de in geval van sluiting van ondernemingen ontslagen werknemers, opgericht bij de Rijksdienst voor Arbeidsvoorziening bij artikel 27 van de wet van 26 juni 2002Relevante gevonden documenten type wet prom. 26/06/2002 pub. 27/07/2002 numac 2002016171 bron ministerie van middenstand en landbouw Wet betreffende de oprichting van de Vestigingsraad sluiten betreffende de sluiting van de ondernemingen, een renteloze lening ter beschikking van de Rijksdienst voor jaarlijkse vakantie voor de vervulling van zijn opdrachten.

Art. 96.Het bedrag van deze renteloze lening wordt vastgelegd op een bedrag van 200 miljoen euro.

Art. 97.§ 1. De renteloze lening, bedoeld in artikel 96, moet door de Rijksdienst voor jaarlijkse vakantie volledig terugbetaald worden aan het Fonds tot vergoeding van de in geval van sluiting van ondernemingen ontslagen werknemers binnen een periode van 15 jaar na de toekenning ervan en volgens de regels opgenomen in § 2. § 2. De renteloze lening, bedoeld in artikel 96, wordt over een periode van 15 jaar terugbetaald overeenkomstig volgend afbetalingsplan: de eerste 5 jaren zijn niet onderworpen aan terugbetalingen en de volgende 10 jaren wordt elk jaar 20 miljoen euro terugbetaald.

Art. 98.De Koning kan de nadere uitvoeringsregels van artikel 97 bepalen.

Art. 99.Dit hoofdstuk treedt in werking op 1 januari 2024. HOOFDSTUK 5. - Toeslag bij tijdelijke werkloosheid

Art. 100.In artikel 29, eerste lid, tweede zin, van de wet van 3 juli 1978Relevante gevonden documenten type wet prom. 07/05/1999 pub. 30/12/1999 numac 1999010222 bron ministerie van justitie Wet op de kansspelen, de kansspelinrichtingen en de bescherming van de spelers type wet prom. 07/05/1999 pub. 15/05/1999 numac 1999000386 bron ministerie van binnenlandse zaken Wet tot wijziging van artikel 54 van de wet van 15 december 1980 betreffende de toegang tot het grondgebied, het verblijf, de vestiging en de verwijdering van vreemdelingen en van artikel 57ter van de organieke wet van 8 juli 1976 betreffende de openbare centra voor maatschappelijk welzijn, van de artikelen 2, § 5, 5, § 2 en 11bis van de wet van 2 april 1965 betreffende het ten laste nemen van de steun verleend door openbare centra voor maatschappelijk welzijn type wet prom. 07/05/1999 pub. 29/06/1999 numac 1999009706 bron ministerie van justitie Wet tot wijziging van sommige bepalingen van het Strafwetboek, van het Wetboek van Strafvordering, van de wet van 17 april 1878 houdende de voorafgaande titel van het Wetboek van Strafvordering, van de wet van 9 april 1930 tot bescherming van de maatschappij tegen de abnormalen en de gewoontemisdadigers, vervangen door de wet van 1 juli 1964, van de wet van 29 juni 1964 betreffende de opschorting, het uitstel en de probatie, van de wet van 20 juli 1990 betreffende de voorlopige hechtenis, van de wet van 5 maart 1998 betreffende de voorwaardelijke invrijheidsstelling en tot wijziging van de wet van 9 april 1930 tot bescherming van de maatschappij tegen de abnormalen en de gewoontemisdadigers, vervangen door de wet van 1 juli 1964 type wet prom. 07/05/1999 pub. 20/05/1999 numac 1999021236 bron diensten van de eerste minister Bijzondere wet tot wijziging van artikel 32 van de gewone wet van 9 augustus 1980 tot hervorming der instellingen, betreffende de voorkoming en de regeling van belangenconflicten sluiten0 betreffende de arbeidsovereenkomsten, hersteld bij de wet van 5 november 2023, worden de woorden "en dit voor alle dagen vanaf de 27e dag" vervangen door de woorden "en dit voor elke dag gedekt door een tijdelijke werkloosheidsuitkering vanaf de 27e dag".

Art. 101.In artikel 29 van dezelfde wet wordt het vierde lid vervangen als volgt: "De werkgever is er niet toe gehouden deze toeslag te betalen indien de werknemer de toepassing geniet van een collectieve arbeidsovereenkomst die hem, in geval van tijdelijke werkloosheid, de betaling van een percentage van zijn loon waarborgt en alleen voor zover dit percentage de werknemer een bedrag waarborgt dat ten minste gelijkwaardig is aan datgene waarop hij krachtens het eerste lid recht zou hebben.".

Art. 102.Dit hoofdstuk treedt in werking op 1 januari 2024.

TITEL 8. - Gezondheid HOOFDSTUK 1. - Geneesmiddelen Afdeling 1. - Hervorming van de besparingsmaatregelen toegepast op

vergoedbare farmaceutische specialiteiten

Art. 103.In artikel 35bis, § 2bis, van de wet betreffende de verplichte verzekering voor geneeskundige verzorging en uitkeringen, gecoördineerd op 14 juli 1994, ingevoegd bij de wet van 22 juni 2012 en gewijzigd bij de wetten van 17 februari 2012, 25 december 2017, 7 april 2019, 4 mei 2020 en 6 november 2023, worden de volgende wijzigingen aangebracht: 1° in het derde lid worden de woorden "artikel 35quater/1" telkens vervangen door de woorden "artikel 73, § 2, lid 3, 1°, ";2° in het vierde lid, wordt de bepaling onder 4° aangevuld met de woorden "of artikel 35ter/1, § 6 of § 7".

Art. 104.In artikel 35ter van dezelfde wet, ingevoegd bij de wet van 27 december 2005Relevante gevonden documenten type wet prom. 27/12/2005 pub. 30/12/2005 numac 2005021183 bron federale overheidsdienst kanselarij van de eerste minister Wet houdende diverse bepalingen sluiten en laatstelijk gewijzigd bij de wet van 6 november 2023Relevante gevonden documenten type wet prom. 27/12/2005 pub. 30/12/2005 numac 2005021183 bron federale overheidsdienst kanselarij van de eerste minister Wet houdende diverse bepalingen sluiten2, worden de volgende wijzigingen aangebracht: 1° in paragraaf 1, vierde lid, worden de woorden "op basis van een theoretische prijs buiten bedrijf, die als volgt wordt berekend: de geldende prijs buiten bedrijf wordt verlaagd" vervangen door de woorden "op basis van een theoretische vergoedingsbasis buiten bedrijf, die als volgt wordt berekend: de geldende vergoedingsbasis buiten bedrijf wordt verlaagd"; 2° in paragraaf 1, vierde lid, worden de woorden "44,75 pour les autres spécialités et majoré" in de Franse tekst vervangen door de woorden "44,75 p.c. pour les autres spécialités et majorée"; 3° paragraaf 1 wordt aangevuld met een lid, luidende: "De Koning kan de nadere regels bepalen volgens welke de in deze paragraaf bedoelde verminderingen worden aangeduid."; 4° paragraaf 1bis wordt vervangen als volgt: " § 1bis.Een nieuwe vergoedingsbasis wordt eveneens van rechtswege op de eerste dag van elke maand vastgesteld voor de in artikel 34, eerste lid, 5°, b) of c), 1), bedoelde specialiteiten met meer dan één werkzaam bestanddeel, waarvan alle werkzame bestanddelen onafhankelijk van elkaar behoren tot een als in artikel 34, eerste lid, 5°, c), 1), bedoelde farmaceutische specialiteit waarvoor de bepalingen van paragraaf 1, eerste of tweede lid, toegepast worden of werden.

De in het eerste lid bedoelde nieuwe vergoedingsbasis wordt berekend conform de bepalingen van artikel 35bis, § 2bis, en volgens de door de Koning vastgestelde regels.

De Koning kan de nadere regels bepalen volgens welke de in deze paragraaf bedoelde verminderingen worden aangeduid."; 5° in paragraaf 2 wordt het eerste lid vervangen als volgt: " § 2.De in § 1 bedoelde verminderingen worden op 27,82 pct. teruggebracht voor de specialiteiten waarvoor de verzekeringstegemoetkoming 100 pct. van de vergoedingsbasis bedraagt en op 23,37 pct. voor de andere specialiteiten, wat betreft de farmaceutische specialiteiten die hetzelfde werkzame bestanddeel bevatten en waarvan de toedieningsvorm niet identiek is aan die van ten minste een van de in artikel 34, eerste lid, 5°, c), 2) bedoelde farmaceutische specialiteiten, die de toepassing van de bepalingen van § 1 toelaat."; 6° in paragraaf 2 worden tussen het eerste lid en het tweede lid vier leden ingevoegd, luidende: "De Koning kan de verschillende mogelijke toedieningsvormen vermeld in lid 1 vaststellen. Indien een in artikel 34, eerste lid, 5°, c), 2) bedoelde specialiteit met hetzelfde werkzaam bestanddeel en dezelfde toedieningsvorm als een specialiteit waarop de bepalingen van het eerste lid van toepassing zijn, vervolgens wordt ingeschreven op de lijst bedoeld in artikel 35bis en die niet onbeschikbaar is in de zin van artikel 72bis, § 1bis, wordt de vergoedingsbasis buiten bedrijf van deze specialiteit verlaagd met 32,83 pct. voor de specialiteiten waarvoor de verzekeringstegemoetkoming 100 pct. van de vergoedingsbasis bedraagt en met 27,90 pct. voor de andere specialiteiten.

De bepalingen van het eerste lid zijn eveneens van toepassing op specialiteiten die specifiek bestemd zijn voor pediatrisch gebruik, tenzij een specialiteit als bedoeld in artikel 34, eerste lid, 5°, c), 2), die hetzelfde werkzaam bestanddeel of combinatie van werkzame bestanddelen bevat en die eveneens specifiek bestemd is voor pediatrisch gebruik, is ingeschreven op de lijst bedoeld in artikel 35bis en niet onbeschikbaar is in de zin van artikel 72bis, § 1bis.

Indien een specialiteit, bedoeld in artikel 34, eerste lid, 5°, c), 2), die specifiek bestemd is voor pediatrisch gebruik en die hetzelfde werkzaam bestanddeel bevat als een specialiteit waarop de bepalingen van het eerste lid van toepassing zijn, vervolgens wordt ingeschreven op de lijst bedoeld in artikel 35bis en niet onbeschikbaar is in de zin van artikel 72bis, § 1bis, wordt de vergoedingsbasis buiten bedrijf van deze specialiteit verlaagd met 32,83 pct. voor de specialiteiten waarvoor de verzekeringstegemoetkoming 100 pct. van de vergoedingsbasis bedraagt en met 27,90 pct. voor de andere specialiteiten."; 7° in paragraaf 2 wordt het vroegere vierde lid, dat het achtste lid wordt, vervangen als volgt: "De Koning kan de nadere regels bepalen volgens welke de in deze paragraaf bedoelde verminderingen worden aangeduid."; 8° in paragraaf 2bis, tweede lid, worden de woorden "niet-biologisch werkzaam bestanddeel" vervangen door de woorden "werkzaam bestanddeel, niet biologisch noch een coördinatieverbinding,";9° in paragraaf 2bis, vijfde lid, worden de woorden "voor de bedoelde verminderingen in paragraaf 1" vervangen door de woorden "volgens welke de in deze paragraaf bedoelde verminderingen worden aangeduid";10° in paragraaf 3, eerste lid, worden de woorden "paragrafen 1, 1bis of 2bis" vervangen door de woorden "paragrafen 1, 1bis, 2 of 2bis";11° in paragraaf 3 worden tussen het tweede en het derde lid twee leden ingevoegd, luidende: "Indien de aanvrager kiest voor de optie onder 2° van het eerste lid, kan hij vragen dat de schrapping van de lijst effectief wordt binnen een termijn van ten hoogste drie maanden na de datum van toepassing van de bepalingen van paragrafen 1, 1bis of 2bis.De prijs en de vergoedingsbasis van de betrokken specialiteiten blijven ongewijzigd vóór hun schrapping van de lijst.

De bepalingen van lid 3 kunnen enkel worden toegepast indien door de aanvrager aangetoond en door de administrateur-generaal van het Federaal Agentschap voor Geneesmiddelen en Gezondheidsproducten bevestigd wordt dat de schrapping van de betrokken specialiteiten op de datum van toepassing van de bepalingen uit paragrafen 1, 1bis, 2 of 2bis de continuïteit van de zorg voor de patiënten in gevaar zou kunnen brengen."; 12° paragraaf 3bis wordt ingevoegd, luidende: " § 3bis.Op initiatief van de aanvrager kunnen de dalingspercentages vermeld in paragrafen 1 en 2bis toegepast worden alvorens er aan de voorwaarden uit voornoemde paragrafen wordt voldaan. In dit geval wordt de optie onder 1° van paragraaf 3, eerste lid, toegepast op het geheel van betrokken specialiteiten met hetzelfde werkzaam bestanddeel of dezelfde combinatie van werkzame bestanddelen.

De aanvraag bedoeld in het eerste lid is enkel ontvankelijk indien het geheel van specialiteiten, bedoeld onder artikel 34, eerste lid, 5°, b) of c), 1), met hetzelfde werkzaam bestanddeel of dezelfde combinatie van werkzame bestanddelen, onder de verantwoordelijkheid van één aanvrager valt. Indien de bepalingen van paragraaf 1bis worden toegepast als gevolg van de aanvraag bedoeld in het eerste lid wordt de optie onder 1° van paragraaf 3, eerste lid, toegepast op het geheel van de betreffende specialiteiten.

De bepalingen van deze paragraaf en van paragrafen 1, 1bis en 2bis kunnen niet op dezelfde specialiteit worden toegepast."; 13° paragrafen 6, 7, 8, 9, 10, 11, 12, 13, 14, 15 en 16 worden opgeheven.

Art. 105.In dezelfde wet wordt een artikel 35ter/1 ingevoegd, luidende: "Art. 35ter/1. § 1. Een nieuwe vergoedingsbasis wordt van rechtswege vastgesteld op de eerste dag van elke maand voor biologische geneesmiddelen, zoals gedefinieerd in de Richtlijn 2001/83/EG van het Europees Parlement en de Raad van 6 november 2001 tot vaststelling van een communautair wetboek betreffende geneesmiddelen voor menselijk gebruik, bedoeld in artikel 34, eerste lid, 5°, c), 1), indien op de eerste dag van de voorgaande maand een farmaceutische specialiteit, vergund overeenkomstig artikel 6bis, § 1, achtste lid, van de wet van 25 maart 1964Relevante gevonden documenten type wet prom. 04/05/1999 pub. 28/07/1999 numac 1999000423 bron ministerie van binnenlandse zaken Wet tot verbetering van het stelsel van politiek verlof voor provincie- en gemeenteraadsleden, leden van de raad voor maatschappelijk welzijn, burgemeesters, schepenen en voorzitters van de raad voor maatschappelijk welzijn in de openbare en de particuliere sector type wet prom. 04/05/1999 pub. 29/10/1999 numac 1999003334 bron ministerie van financien Wet tot wijziging van de wet van 31 december 1983 tot hervorming van de instellingen voor de Duitstalige Gemeenschap type wet prom. 04/05/1999 pub. 28/07/1999 numac 1999000426 bron ministerie van binnenlandse zaken en ministerie van financien Wet tot beperking van de cumulatie van het ambt van bestendig afgevaardigde met andere ambten en tot harmonisering van het financieel en fiscaal statuut van de bestendig afgevaardigde sluiten5 op de geneesmiddelen, met hetzelfde werkzaam bestanddeel, is ingeschreven op de lijst bedoeld in artikel 35bis en niet onbeschikbaar is in de zin van artikel 72bis, § 1bis.

De in het eerste lid bedoelde nieuwe vergoedingsbasis wordt berekend op basis van een theoretische vergoedingsbasis buiten bedrijf verlaagd met 26,60 pct. en vervolgens verhoogd met de marges voor de verdeling in het groot zoals toegekend door de minister bevoegd voor Economische Zaken en de marges voor de terhandstelling zoals toegekend door de ministers bevoegd voor Sociale Zaken en Economische Zaken en van toepassing op de farmaceutische specialiteiten afgeleverd in een voor het publiek opengestelde apotheek, enerzijds, of afgeleverd door een ziekenhuisapotheek, anderzijds, met het honorarium, bedoeld in artikel 35octies, § 2, tweede lid, alsook met de geldende btw-voet.

Bij toepassing van de bepalingen uit het eerste en tweede lid, voor biologische farmaceutische specialiteiten waarvoor de bepalingen van artikel 30 § 1 van de wet van 30 juli 2013Relevante gevonden documenten type wet prom. 26/06/2002 pub. 27/07/2002 numac 2002016171 bron ministerie van middenstand en landbouw Wet betreffende de oprichting van de Vestigingsraad sluiten0 houdende diverse bepalingen werden toegepast vóór 1 januari 2024, wordt de vermindering teruggebracht tot 8,25 pct. § 2. Een nieuwe vergoedingsbasis wordt eveneens van rechtswege op de eerste dag van elke maand vastgesteld voor de in artikel 34, eerste lid, 5°, b) of c), 1), bedoelde specialiteiten met meer dan een werkzaam bestanddeel, waarvan alle werkzame bestanddelen onafhankelijk van elkaar behoren tot een als in artikel 34, eerste lid, 5°, c), 1), bedoelde specialiteit waarvoor de bepalingen van paragraaf 1 toegepast worden of werden.

De in het eerste lid bedoelde nieuwe vergoedingsbasis wordt berekend conform de bepalingen van § 1, tweede lid. De Koning kan bijkomende regels bepalen.

De nadere regels om aan te geven dat de in het eerste en het tweede lid bedoelde verminderingen toegepast werden, kunnen door de Koning worden vastgesteld.

De bepalingen van paragrafen 1 en 2 kunnen niet op dezelfde specialiteit worden toegepast. § 3. De in § 1, eerste en tweede lid bedoelde vermindering wordt op 13,30 pct. teruggebracht voor de farmaceutische specialiteiten die hetzelfde werkzame bestanddeel bevatten en waarvan de toedieningsvorm niet identiek is aan die van ten minste een farmaceutische specialiteit, vergund overeenkomstig artikel 6bis, § 1, achtste lid, van de wet van 25 maart 1964Relevante gevonden documenten type wet prom. 04/05/1999 pub. 28/07/1999 numac 1999000423 bron ministerie van binnenlandse zaken Wet tot verbetering van het stelsel van politiek verlof voor provincie- en gemeenteraadsleden, leden van de raad voor maatschappelijk welzijn, burgemeesters, schepenen en voorzitters van de raad voor maatschappelijk welzijn in de openbare en de particuliere sector type wet prom. 04/05/1999 pub. 29/10/1999 numac 1999003334 bron ministerie van financien Wet tot wijziging van de wet van 31 december 1983 tot hervorming van de instellingen voor de Duitstalige Gemeenschap type wet prom. 04/05/1999 pub. 28/07/1999 numac 1999000426 bron ministerie van binnenlandse zaken en ministerie van financien Wet tot beperking van de cumulatie van het ambt van bestendig afgevaardigde met andere ambten en tot harmonisering van het financieel en fiscaal statuut van de bestendig afgevaardigde sluiten5 op de geneesmiddelen, die de toepassing van de bepalingen van § 1 toelaat.

De Koning stelt de verschillende mogelijke toedieningsvormen vermeld in het eerste lid vast.

Indien een farmaceutische specialiteit, vergund overeenkomstig artikel 6bis, § 1, achtste lid, van de wet van 25 maart 1964Relevante gevonden documenten type wet prom. 04/05/1999 pub. 28/07/1999 numac 1999000423 bron ministerie van binnenlandse zaken Wet tot verbetering van het stelsel van politiek verlof voor provincie- en gemeenteraadsleden, leden van de raad voor maatschappelijk welzijn, burgemeesters, schepenen en voorzitters van de raad voor maatschappelijk welzijn in de openbare en de particuliere sector type wet prom. 04/05/1999 pub. 29/10/1999 numac 1999003334 bron ministerie van financien Wet tot wijziging van de wet van 31 december 1983 tot hervorming van de instellingen voor de Duitstalige Gemeenschap type wet prom. 04/05/1999 pub. 28/07/1999 numac 1999000426 bron ministerie van binnenlandse zaken en ministerie van financien Wet tot beperking van de cumulatie van het ambt van bestendig afgevaardigde met andere ambten en tot harmonisering van het financieel en fiscaal statuut van de bestendig afgevaardigde sluiten5 op de geneesmiddelen, met hetzelfde werkzaam bestanddeel en dezelfde toedieningsvorm als een specialiteit waarop de bepalingen van het eerste lid van toepassing zijn, vervolgens wordt ingeschreven op de lijst bedoeld in artikel 35bis en die niet onbeschikbaar is in de zin van artikel 72bis, § 1bis, wordt de vergoedingsbasis buiten bedrijf van deze specialiteit verlaagd met 15,34 pct.

De bepalingen van het eerste lid zijn eveneens van toepassing op farmaceutische specialiteiten die specifiek bestemd zijn voor pediatrisch gebruik, tenzij een farmaceutische specialiteit, vergund overeenkomstig artikel 6bis, § 1, achtste lid, van de wet van 25 maart 1964Relevante gevonden documenten type wet prom. 04/05/1999 pub. 28/07/1999 numac 1999000423 bron ministerie van binnenlandse zaken Wet tot verbetering van het stelsel van politiek verlof voor provincie- en gemeenteraadsleden, leden van de raad voor maatschappelijk welzijn, burgemeesters, schepenen en voorzitters van de raad voor maatschappelijk welzijn in de openbare en de particuliere sector type wet prom. 04/05/1999 pub. 29/10/1999 numac 1999003334 bron ministerie van financien Wet tot wijziging van de wet van 31 december 1983 tot hervorming van de instellingen voor de Duitstalige Gemeenschap type wet prom. 04/05/1999 pub. 28/07/1999 numac 1999000426 bron ministerie van binnenlandse zaken en ministerie van financien Wet tot beperking van de cumulatie van het ambt van bestendig afgevaardigde met andere ambten en tot harmonisering van het financieel en fiscaal statuut van de bestendig afgevaardigde sluiten5 op de geneesmiddelen, die hetzelfde werkzaam bestanddeel bevat en die eveneens specifiek bestemd is voor pediatrisch gebruik, is ingeschreven op de lijst bedoeld in artikel 35bis en niet onbeschikbaar is in de zin van artikel 72bis, § 1bis.

Indien een specialiteit, vergund overeenkomstig artikel 6bis, § 1, achtste lid, van de wet van 25 maart 1964Relevante gevonden documenten type wet prom. 04/05/1999 pub. 28/07/1999 numac 1999000423 bron ministerie van binnenlandse zaken Wet tot verbetering van het stelsel van politiek verlof voor provincie- en gemeenteraadsleden, leden van de raad voor maatschappelijk welzijn, burgemeesters, schepenen en voorzitters van de raad voor maatschappelijk welzijn in de openbare en de particuliere sector type wet prom. 04/05/1999 pub. 29/10/1999 numac 1999003334 bron ministerie van financien Wet tot wijziging van de wet van 31 december 1983 tot hervorming van de instellingen voor de Duitstalige Gemeenschap type wet prom. 04/05/1999 pub. 28/07/1999 numac 1999000426 bron ministerie van binnenlandse zaken en ministerie van financien Wet tot beperking van de cumulatie van het ambt van bestendig afgevaardigde met andere ambten en tot harmonisering van het financieel en fiscaal statuut van de bestendig afgevaardigde sluiten5 op de geneesmiddelen, die specifiek bestemd is voor pediatrisch gebruik en die hetzelfde werkzaam bestanddeel bevat als een specialiteit waarop de bepalingen van het eerste lid van toepassing zijn, vervolgens wordt ingeschreven op de lijst bedoeld in artikel 35bis en niet onbeschikbaar is in de zin van artikel 72bis, § 1bis, wordt de vergoedingsbasis buiten bedrijf van deze specialiteit verlaagd met 15,34 pct.

De lijst kan van rechtswege worden aangepast opdat rekening wordt gehouden met de erkende of ingetrokken uitzonderingen.

De nadere regels die gevolgd dienen te worden om aan te geven dat de vermindering op 13,30 pct. wordt teruggebracht kunnen worden vastgesteld door de Koning.

De Koning kan de modaliteiten bepalen volgens welke de in deze paragraaf bedoelde verminderingen worden aangeduid. § 4. Voor de farmaceutische specialiteiten waarvan de vergoedingsbasis is verlaagd op basis van paragrafen 1, 2 of 3, moeten de aanvragers tussen de twee volgende opties kiezen: 1° ofwel wordt de verkoopprijs aan publiek, of bij ontstentenis hiervan de verkoopprijs buiten bedrijf, verlaagd tot het niveau van de nieuwe maximale vergoedingsbasis;2° ofwel wordt de specialiteit van rechtswege en zonder rekening te houden met de procedures bepaald in artikel 35bis, geschrapt uit de lijst. De Koning kan de nadere regels en voorwaarden vaststellen.

Indien de aanvrager niet kiest voor één van de twee bovenvermelde opties, wordt van rechtswege de optie onder 1° toegepast.

Indien de aanvrager kiest voor de optie onder 2° van het eerste lid, kan hij vragen dat de schrapping van de lijst effectief wordt binnen een termijn van ten hoogste drie maanden na de datum van toepassing van de bepalingen van paragrafen 1, 2 of 3. De prijs en de vergoedingsbasis van de betrokken geneesmiddelen blijven ongewijzigd vóór hun schrapping van de lijst.

De bepalingen van bovenstaand lid kunnen enkel worden toegepast indien door de aanvrager aangetoond en door de administrateur-generaal van het Federaal agentschap voor geneesmiddelen en gezondheidsproducten bevestigd kan worden dat de schrapping van de betrokken farmaceutische specialiteiten op de datum van toepassing van de bepalingen van de paragrafen 1, 2 of 3 de continuïteit van de zorg voor de patiënten in gevaar zou kunnen brengen.

De lijst kan van rechtswege worden aangepast opdat rekening wordt gehouden met de prijsverlagingen, bedoeld in het eerste lid, 1°, of met de schrappingen, bedoeld in het eerste lid, 2°. § 5. Op initiatief van de aanvrager kunnen de dalingspercentages vermeld in paragraaf 1 toegepast worden alvorens er aan de voorwaarden uit voornoemde paragrafen wordt voldaan. In dit geval wordt de optie onder 1° van paragraaf 4 eerste lid toegepast op het geheel van de betreffende specialiteiten met hetzelfde werkzaam bestanddeel of dezelfde combinatie van werkzame bestanddelen.

De aanvraag bedoeld in bovenstaand lid is enkel ontvankelijk indien het geheel van specialiteiten, bedoeld onder artikel 34, eerste lid, 5°, b) of c), 1), met hetzelfde werkzaam bestanddeel of dezelfde combinatie van werkzame bestanddelen, onder de verantwoordelijkheid van één aanvrager valt.

Indien de bepalingen van paragraaf 2 worden toegepast als gevolg van de aanvraag bedoeld in het eerste lid wordt de optie onder 1° van paragraaf 4, eerste lid toegepast op het geheel van de betreffende specialiteiten. § 6. Als na de vaststelling van de nieuwe vergoedingsbasis op grond van paragraaf 1 blijkt dat er op de lijst geen enkele vergoedbare specialiteit meer voorkomt die aan de criteria voor de toepassing van paragraaf 1 voldoet, genieten de aanvragers van specialiteiten waarvan de vergoedingsbasis is verlaagd op basis van paragraaf 1, van de volgende maatregel: 1° wanneer paragraaf 4, 1°, is toegepast, ofwel wordt de vergoedingsbasis behouden op het niveau dat hij had naar aanleiding van de toepassing van paragraaf 1.Wanneer een farmaceutische specialiteit later opnieuw aanleiding kan geven tot de toepassing van paragraaf 1, worden deze specialiteiten vrijgesteld van de vermindering; 2° ofwel, wanneer binnen een periode van 24 maanden na de vaststelling van de nieuwe vergoedingsbasis op grond van paragraaf 1 blijkt dat er op de lijst geen enkele vergoedbare specialiteit meer voorkomt die aan de criteria voor de toepassing van paragraaf 1 voldoet, als een gevolg van een onbeschikbaarheid, zoals bedoeld in artikel 72bis, § 1bis, zesde lid, worden de vergoedingsbasis en, desgevallend, de verkoopprijs aan publiek, van rechtswege teruggebracht tot een bedrag dat gelijk is aan de oorspronkelijke vergoedingsbasis en, desgevallend, verkoopprijs aan publiek, zoals van toepassing vóór de toepassing van de bepalingen van dit artikel.Dit geldt vanaf de eerstvolgende maandelijkse toepassing van paragraaf 1, waarvoor dit minstens 20 dagen voorafgaand aangevraagd werd, totdat een uitvoerbare rechterlijke beslissing wordt genomen over de bovenvermelde betwisting die het commercialiseren van de betrokken specialiteit toestaat, ofwel tot op het moment dat een andere specialiteit aanleiding geeft tot de toepassing van paragraaf 1. § 7. Als binnen een periode van 24 maanden na de vaststelling van de nieuwe vergoedingsbasis op grond van paragraaf 1 blijkt dat er op de lijst geen enkele vergoedbare specialiteit meer voorkomt die aan de criteria voor de toepassing van paragraaf 1 voldoet, als een gevolg van een onbeschikbaarheid zoals bedoeld in artikel 72bis, § 1bis, zesde lid, en dat dit meegedeeld wordt minstens 20 dagen vóór de maandelijkse toepassing van de paragraaf 1, wordt de specialiteit die van rechtswege geschrapt werd volgens de bepalingen van paragraaf 4 van rechtswege, zonder rekening te houden met de procedures bepaald bij artikel 35bis, opnieuw ingeschreven op de lijst, rekening houdend met de vergoedingsvoorwaarden die van toepassing zouden zijn geweest indien de specialiteit op de lijst ingeschreven gebleven was. De vergoedingsbasis en de verkoopprijs aan publiek worden van rechtswege teruggebracht tot een bedrag dat gelijk is aan de oorspronkelijke verkoopprijs aan publiek, zoals van toepassing vóór de toepassing van de paragraaf 4 tot op het moment dat een andere specialiteit opnieuw aanleiding geeft tot de toepassing van paragraaf 1. De Koning kan de nadere regels vaststellen. § 8. Indien de specialiteit vergund overeenkomstig artikel 6bis, § 1, achtste lid, van de wet van 25 maart 1964Relevante gevonden documenten type wet prom. 04/05/1999 pub. 28/07/1999 numac 1999000423 bron ministerie van binnenlandse zaken Wet tot verbetering van het stelsel van politiek verlof voor provincie- en gemeenteraadsleden, leden van de raad voor maatschappelijk welzijn, burgemeesters, schepenen en voorzitters van de raad voor maatschappelijk welzijn in de openbare en de particuliere sector type wet prom. 04/05/1999 pub. 29/10/1999 numac 1999003334 bron ministerie van financien Wet tot wijziging van de wet van 31 december 1983 tot hervorming van de instellingen voor de Duitstalige Gemeenschap type wet prom. 04/05/1999 pub. 28/07/1999 numac 1999000426 bron ministerie van binnenlandse zaken en ministerie van financien Wet tot beperking van de cumulatie van het ambt van bestendig afgevaardigde met andere ambten en tot harmonisering van het financieel en fiscaal statuut van de bestendig afgevaardigde sluiten5 op de geneesmiddelen, die aanleiding zou moeten geven tot de toepassing van paragraaf 1, onbeschikbaar is in de zin van artikel 72bis, § 1bis, op het moment van haar inschrijving op de lijst, of indien ze het nadien wordt en dat dit meegedeeld wordt minstens 20 dagen vóór de inwerkingtreding van de nieuwe vergoedingsbasis vastgelegd in toepassing van de eerste paragraaf, wordt de vaststelling van de nieuwe vergoedingsbasis bedoeld in paragraaf 1 uitgesteld ofwel tot de eerste aanpassing van de lijst die volgt op het aflopen van de onbeschikbaarheid van de betrokken specialiteit, ofwel tot op het moment dat een andere specialiteit aanleiding geeft tot de toepassing van de eerste paragraaf.

Indien de specialiteit vergund overeenkomstig artikel 6bis, § 1, achtste lid, van de wet van 25 maart 1964Relevante gevonden documenten type wet prom. 04/05/1999 pub. 28/07/1999 numac 1999000423 bron ministerie van binnenlandse zaken Wet tot verbetering van het stelsel van politiek verlof voor provincie- en gemeenteraadsleden, leden van de raad voor maatschappelijk welzijn, burgemeesters, schepenen en voorzitters van de raad voor maatschappelijk welzijn in de openbare en de particuliere sector type wet prom. 04/05/1999 pub. 29/10/1999 numac 1999003334 bron ministerie van financien Wet tot wijziging van de wet van 31 december 1983 tot hervorming van de instellingen voor de Duitstalige Gemeenschap type wet prom. 04/05/1999 pub. 28/07/1999 numac 1999000426 bron ministerie van binnenlandse zaken en ministerie van financien Wet tot beperking van de cumulatie van het ambt van bestendig afgevaardigde met andere ambten en tot harmonisering van het financieel en fiscaal statuut van de bestendig afgevaardigde sluiten5 op de geneesmiddelen, die aanleiding zou moeten geven tot de toepassing van de eerste paragraaf, onbeschikbaar wordt in de zin van artikel 72bis, § 1bis, na haar inschrijving op de lijst, en dat dit meegedeeld wordt minder dan 20 dagen vóór de inwerkingtreding van de nieuwe vergoedingsbasis vastgelegd in toepassing van de eerste paragraaf, zijn de bepalingen van paragraaf 6 van toepassing, ofwel tot de eerste aanpassing van de lijst die volgt op het aflopen van de onbeschikbaarheid van de betrokken specialiteit, ofwel tot op het moment dat een andere specialiteit aanleiding geeft tot de toepassing van de eerste paragraaf.

Indien het recht tot commercialiseren van de specialiteit, vergund overeenkomstig artikel 6bis, § 1, achtste lid, van de wet van 25 maart 1964Relevante gevonden documenten type wet prom. 04/05/1999 pub. 28/07/1999 numac 1999000423 bron ministerie van binnenlandse zaken Wet tot verbetering van het stelsel van politiek verlof voor provincie- en gemeenteraadsleden, leden van de raad voor maatschappelijk welzijn, burgemeesters, schepenen en voorzitters van de raad voor maatschappelijk welzijn in de openbare en de particuliere sector type wet prom. 04/05/1999 pub. 29/10/1999 numac 1999003334 bron ministerie van financien Wet tot wijziging van de wet van 31 december 1983 tot hervorming van de instellingen voor de Duitstalige Gemeenschap type wet prom. 04/05/1999 pub. 28/07/1999 numac 1999000426 bron ministerie van binnenlandse zaken en ministerie van financien Wet tot beperking van de cumulatie van het ambt van bestendig afgevaardigde met andere ambten en tot harmonisering van het financieel en fiscaal statuut van de bestendig afgevaardigde sluiten5 op de geneesmiddelen, die aanleiding zou moeten geven tot de toepassing van de eerste paragraaf, betwist wordt naar aanleiding van het aanvoeren van een inbreuk op het octrooi of een inbreuk op de periode van gegevensbescherming bedoeld in artikel 14, lid 11, van Verordening (EG) nr. 726/2004 van het Europees Parlement en de Raad van 31 maart 2004 tot vaststelling van communautaire procedures voor het verlenen van vergunningen en het toezicht op geneesmiddelen voor menselijk en diergeneeskundig gebruik en tot oprichting van een Europees Geneesmiddelenbureau of in artikel 6bis, § 1, van de wet van 25 maart 1964Relevante gevonden documenten type wet prom. 04/05/1999 pub. 28/07/1999 numac 1999000423 bron ministerie van binnenlandse zaken Wet tot verbetering van het stelsel van politiek verlof voor provincie- en gemeenteraadsleden, leden van de raad voor maatschappelijk welzijn, burgemeesters, schepenen en voorzitters van de raad voor maatschappelijk welzijn in de openbare en de particuliere sector type wet prom. 04/05/1999 pub. 29/10/1999 numac 1999003334 bron ministerie van financien Wet tot wijziging van de wet van 31 december 1983 tot hervorming van de instellingen voor de Duitstalige Gemeenschap type wet prom. 04/05/1999 pub. 28/07/1999 numac 1999000426 bron ministerie van binnenlandse zaken en ministerie van financien Wet tot beperking van de cumulatie van het ambt van bestendig afgevaardigde met andere ambten en tot harmonisering van het financieel en fiscaal statuut van de bestendig afgevaardigde sluiten5 op de geneesmiddelen voor menselijk gebruik, en indien het bewijs van deze betwisting voorgelegd wordt aan het Instituut minstens 20 dagen vóór de inwerkingtreding van de nieuwe vergoedingsbasis vastgelegd in toepassing van de eerste paragraaf, door middel van een afschrift van de gedinginleidende akte die de vorm aanneemt ofwel van een kortgeding, ofwel van een stakingsvordering, dan wordt de vaststelling van de nieuwe vergoedingsbasis uitgesteld ofwel totdat een uitvoerbare rechterlijke beslissing wordt genomen over de bovenvermelde betwisting die het commercialiseren van de betrokken specialiteit toestaat, ofwel tot op het moment dat een andere specialiteit aanleiding geeft tot de toepassing van de eerste paragraaf.

De meerkosten voor de verplichte verzekering voor geneeskundige verzorging die voortvloeien uit de toepassing van het derde lid, vallen ten laste van de aanvrager, indien een in kracht van gewijsde gegane rechterlijke beslissing het commercialiseren van de betrokken specialiteit toestaat. De Koning bepaalt bij een in de Ministerraad overlegd besluit de nadere regels. § 9. Op 1 januari 2024 worden de prijs en de vergoedingsbasis van farmaceutische specialiteiten met een werkzaam bestanddeel waarvoor de bepalingen van artikel 30, § 2, van de wet van 30 juli 2013Relevante gevonden documenten type wet prom. 26/06/2002 pub. 27/07/2002 numac 2002016171 bron ministerie van middenstand en landbouw Wet betreffende de oprichting van de Vestigingsraad sluiten0 houdende diverse bepalingen vóór 1 januari 2024 zijn toegepast, van rechtswege verminderd met een bijkomende 8,25 pct.

Voor de specialiteiten bedoeld in de bepalingen van het eerste lid kunnen de aanvragers kiezen om op 1 januari 2024 de specialiteit van rechtswege en zonder rekening te houden met de procedures bepaald in artikel 35bis te schrappen uit de lijst van vergoedbare specialiteiten.

Op 1 januari 2024 worden de prijs en de vergoedingsbasis van farmaceutische specialiteiten vergund overeenkomstig artikel 6bis, § 1, achtste lid, van de wet van 25 maart 1964Relevante gevonden documenten type wet prom. 04/05/1999 pub. 28/07/1999 numac 1999000423 bron ministerie van binnenlandse zaken Wet tot verbetering van het stelsel van politiek verlof voor provincie- en gemeenteraadsleden, leden van de raad voor maatschappelijk welzijn, burgemeesters, schepenen en voorzitters van de raad voor maatschappelijk welzijn in de openbare en de particuliere sector type wet prom. 04/05/1999 pub. 29/10/1999 numac 1999003334 bron ministerie van financien Wet tot wijziging van de wet van 31 december 1983 tot hervorming van de instellingen voor de Duitstalige Gemeenschap type wet prom. 04/05/1999 pub. 28/07/1999 numac 1999000426 bron ministerie van binnenlandse zaken en ministerie van financien Wet tot beperking van de cumulatie van het ambt van bestendig afgevaardigde met andere ambten en tot harmonisering van het financieel en fiscaal statuut van de bestendig afgevaardigde sluiten5 op de geneesmiddelen met een werkzaam bestanddeel waarvoor de bepalingen van artikel 30, § 2, van de wet van 30 juli 2013Relevante gevonden documenten type wet prom. 26/06/2002 pub. 27/07/2002 numac 2002016171 bron ministerie van middenstand en landbouw Wet betreffende de oprichting van de Vestigingsraad sluiten0 houdende diverse bepalingen vóór 1 januari 2024 niet zijn toegepast, van rechtswege verminderd met een bijkomende 26,60 pct, alsook de bepalingen van artikel 35ter/2.

De prijs en de vergoedingsbasis van de farmaceutische specialiteiten vergund overeenkomstig artikel 6bis, § 1, achtste lid, van de wet van 25 maart 1964Relevante gevonden documenten type wet prom. 04/05/1999 pub. 28/07/1999 numac 1999000423 bron ministerie van binnenlandse zaken Wet tot verbetering van het stelsel van politiek verlof voor provincie- en gemeenteraadsleden, leden van de raad voor maatschappelijk welzijn, burgemeesters, schepenen en voorzitters van de raad voor maatschappelijk welzijn in de openbare en de particuliere sector type wet prom. 04/05/1999 pub. 29/10/1999 numac 1999003334 bron ministerie van financien Wet tot wijziging van de wet van 31 december 1983 tot hervorming van de instellingen voor de Duitstalige Gemeenschap type wet prom. 04/05/1999 pub. 28/07/1999 numac 1999000426 bron ministerie van binnenlandse zaken en ministerie van financien Wet tot beperking van de cumulatie van het ambt van bestendig afgevaardigde met andere ambten en tot harmonisering van het financieel en fiscaal statuut van de bestendig afgevaardigde sluiten5 op de geneesmiddelen met een werkzaam bestanddeel waarvoor de bepalingen van artikel 30 van de wet van 30 juli 2013Relevante gevonden documenten type wet prom. 26/06/2002 pub. 27/07/2002 numac 2002016171 bron ministerie van middenstand en landbouw Wet betreffende de oprichting van de Vestigingsraad sluiten0 houdende diverse bepalingen voor 1 januari 2024 zijn toegepast, ingeschreven in de hoofdstukken I, II, IV en VIII van de lijst van vergoedbare farmaceutische specialiteiten bedoeld in artikel 35bis, § 1, na 31 december 2023, worden van rechtswege bijkomend verminderd met 8,25 pct. op het moment van hun inschrijving op voormelde lijst.

De prijs en de vergoedingsbasis van de farmaceutische specialiteiten vergund overeenkomstig artikel 6bis, § 1, achtste lid, van de wet van 25 maart 1964Relevante gevonden documenten type wet prom. 04/05/1999 pub. 28/07/1999 numac 1999000423 bron ministerie van binnenlandse zaken Wet tot verbetering van het stelsel van politiek verlof voor provincie- en gemeenteraadsleden, leden van de raad voor maatschappelijk welzijn, burgemeesters, schepenen en voorzitters van de raad voor maatschappelijk welzijn in de openbare en de particuliere sector type wet prom. 04/05/1999 pub. 29/10/1999 numac 1999003334 bron ministerie van financien Wet tot wijziging van de wet van 31 december 1983 tot hervorming van de instellingen voor de Duitstalige Gemeenschap type wet prom. 04/05/1999 pub. 28/07/1999 numac 1999000426 bron ministerie van binnenlandse zaken en ministerie van financien Wet tot beperking van de cumulatie van het ambt van bestendig afgevaardigde met andere ambten en tot harmonisering van het financieel en fiscaal statuut van de bestendig afgevaardigde sluiten5 op de geneesmiddelen met een werkzaam bestanddeel waarvoor de bepalingen van artikel 30 van de wet van 30 juli 2013Relevante gevonden documenten type wet prom. 26/06/2002 pub. 27/07/2002 numac 2002016171 bron ministerie van middenstand en landbouw Wet betreffende de oprichting van de Vestigingsraad sluiten0 houdende diverse bepalingen niet voor 1 januari 2024 zijn toegepast, ingeschreven in de hoofdstukken I, II, IV en VIII van de lijst van vergoedbare farmaceutische specialiteiten bedoeld in artikel 35bis, § 1, na 31 december 2023, worden van rechtswege bijkomend verminderd met 26,60 pct. op het moment van hun inschrijving op voormelde lijst.".

Art. 106.In dezelfde wet wordt een artikel 35ter/2 ingevoegd, luidende: "Art. 35ter/2. § 1. Op de eerste dag van elke maand gaande van 1 januari tot 30 juni van jaar "t", worden de prijzen en vergoedingsbasissen van de specialiteiten, bedoeld in artikel 34, eerste lid, 5°, c), 1), ingeschreven in de hoofdstukken I, II, IV en VIII van de lijst van de vergoedbare farmaceutische specialiteiten, bedoeld in artikel 35bis, § 1, waarvan elk werkzaam bestanddeel voorkomt in een specialiteit die meer dan twaalf jaar geleden voor het eerst vergoedbaar was, verminderd met: - 20 % indien het betrokken werkzaam bestanddeel of de combinatie van werkzame bestanddelen een jaarlijks omzetcijfer lager dan 3 miljoen euro gegenereerd heeft in het jaar "t-2", - 25 % indien het betrokken werkzaam bestanddeel of de combinatie van werkzame bestanddelen een jaarlijks omzetcijfer gelijk aan of hoger dan 3 miljoen euro en lager dan 30 miljoen euro gegenereerd heeft in het jaar "t-2", - 30 % indien het betrokken werkzaam bestanddeel of de combinatie van werkzame bestanddelen een jaarlijks omzetcijfer gelijk aan of hoger dan 30 miljoen euro en lager dan 60 miljoen euro gegenereerd heeft in het jaar "t-2", - 35 % indien het betrokken werkzaam bestanddeel of de combinatie van werkzame bestanddelen een jaarlijks omzetcijfer gelijk aan of hoger dan 60 miljoen euro gegenereerd heeft in het jaar "t-2", voor zover de bepalingen van dit artikel nog niet zijn toegepast op deze specialiteiten.

Op de eerste dag van elke maand gaande van 1 juli tot 31 december van jaar "t", worden de prijzen en vergoedingsbasissen van de specialiteiten, bedoeld in artikel 34, eerste lid, 5°, c), 1), ingeschreven in de hoofdstukken I, II, IV en VIII van de lijst van de vergoedbare farmaceutische specialiteiten, bedoeld in artikel 35bis, § 1, waarvan elk werkzaam bestanddeel voorkomt in een specialiteit die meer dan twaalf jaar geleden voor het eerst vergoedbaar was, verminderd met: - 20 % indien het betrokken werkzaam bestanddeel of de combinatie van werkzame bestanddelen een jaarlijks omzetcijfer lager dan 3 miljoen euro gegenereerd heeft in het jaar "t-1", - 25 % indien het betrokken werkzaam bestanddeel of de combinatie van werkzame bestanddelen een jaarlijks omzetcijfer gelijk aan of hoger dan 3 miljoen euro en lager dan 30 miljoen euro gegenereerd heeft in het jaar "t-1", - 30 % indien het betrokken werkzaam bestanddeel of de combinatie van werkzame bestanddelen een jaarlijks omzetcijfer gelijk aan of hoger dan 30 miljoen euro en lager dan 60 miljoen euro gegenereerd heeft in het jaar "t-1", - 35 % indien het betrokken werkzaam bestanddeel of de combinatie van werkzame bestanddelen een jaarlijks omzetcijfer gelijk aan of hoger dan 60 miljoen euro gegenereerd heeft in het jaar "t-1", voor zover de bepalingen van dit artikel nog niet zijn toegepast op deze specialiteiten.

Het jaarlijks omzetcijfer zoals vermeld in voorgaande leden, is het omzetcijfer zoals gedefinieerd in artikel 191, eerste lid, 15° novies.

Op de toepassing van deze paragraaf wordt een uitzondering toegestaan: - aan specialiteiten die opgenomen zijn in de vergoedingsgroep VII.9; - aan specialiteiten waarvoor artikel 35ter, § 1bis, reeds werd toegepast vóór 1 januari 2024. § 2. Op de eerste dag van elke maand worden de prijzen en vergoedingsbasissen van de specialiteiten, bedoeld in artikel 34, eerste lid, 5°, c), 1), ingeschreven in de hoofdstukken I, II, IV en VIII van de lijst van de vergoedbare farmaceutische specialiteiten, bedoeld in artikel 35bis, § 1, waarvoor overeenkomstig de bepalingen van artikel 35ter, 35ter/1 of 35quater, een nieuwe prijs en vergoedingsbasis vastgesteld worden, met uitzondering van de specialiteiten die opgenomen zijn in de vergoedingsgroep VII.9 en met uitzondering van de specialiteiten waarvoor artikel 35ter, § 1bis of § 2, eerste en vierde lid of artikel 35ter/1, § 2 of § 3, eerste en vierde lid, van toepassing is, verminderd volgens de bepalingen van paragraaf 1 voor zover de bepalingen van dit artikel nog niet zijn toegepast op deze specialiteiten. § 3. De Koning kan een uitzondering bepalen voor het toepassingsgebied van dit artikel voor de farmaceutische specialiteiten waarvan de aanvrager heeft beduid dat het of de werkzame bestanddelen, zoals opgenomen in de Anatomical Therapeutical Chemical Classification vastgesteld onder de verantwoordelijkheid van het World Health Organisations Collaborating Center for Drug Statistics Methodology, beschermd zijn door een octrooi of een certificaat ter aanvulling van de bescherming van het octrooi, tenzij één of meerdere van de voornaamste werkzame bestanddelen verschillende zouten, esters, ethers, isomeren, mengsels van isomeren, complexen of derivaten zijn van één of meerdere voornaamste werkzame bestanddelen van een specialiteit bedoeld in artikel 34, eerste lid, 5°, c), 1) of 2).

In het geval de bepalingen van het eerste lid toegepast worden op een specialiteit, wordt aan de verpakkingen die parallel geïmporteerd of gedistribueerd worden eveneens een uitzondering toegekend voor het toepassingsgebied van dit artikel. § 4. De Koning kan specialiteiten geheel of gedeeltelijk vrijstellen van de bij de eerste paragraaf bepaalde vermindering op basis van de prijs voor dezelfde farmaceutische specialiteit, berekend per eenheid, per vorm en per sterkte van het werkzame bestanddeel of de combinatie van werkzame bestanddelen op basis van de meegedeelde prijzen, zoals bepaald in artikel 72bis, § 1, 8°.

Op de eerste dag van elke maand, worden de prijzen en vergoedingsbasissen van de specialiteiten, bedoeld in artikel 34, eerste lid, 5°, c), 1), ingeschreven in de hoofdstukken I, II, IV en VIII van de lijst van de vergoedbare farmaceutische specialiteiten, bedoeld in artikel 35bis, § 1, waarvoor overeenkomstig de bepalingen van artikel 35ter, 35ter/1 of 35quater, een nieuwe prijs en vergoedingsbasis vastgesteld worden, met uitzondering van de specialiteiten die opgenomen zijn in de vergoedingsgroep VII.9 en met uitzondering van de specialiteiten waarvoor artikel 35ter, § 1bis of § 2, eerste en vierde lid, voor zover de bepalingen van deze paragraaf zijn toegepast op deze specialiteiten, verminderd volgens de bepalingen van paragraaf 1 voor wat betreft de prijs en vergoedingsbasis die van toepassing waren vóór de toepassing van de bepaling van het eerste lid. § 5. Een uitzondering op de toepassing van paragrafen 1 en 2 wordt eveneens verleend aan de specialiteiten waarvoor de bepalingen van artikel 69 van de wet van 27 april 2005Relevante gevonden documenten type wet prom. 27/04/2005 pub. 20/05/2005 numac 2005022392 bron federale overheidsdienst sociale zekerheid Wet betreffende de beheersing van de begroting van de gezondheidszorg en houdende diverse bepalingen inzake gezondheid sluiten betreffende de beheersing van de begroting van de gezondheidszorg en houdende diverse bepalingen inzake gezondheid werden toegepast vóór 1 januari 2024. § 6. Een uitzondering op de toepassing van de eerste paragraaf wordt verleend aan de in artikel 34, eerste lid, 5°, e), bedoelde medische zuurstof. § 7. Op 1 januari 2024 worden de prijzen en vergoedingsbasissen van de specialiteiten, ingeschreven in de hoofdstukken I, II, IV, en VIII van de lijst van de vergoedbare farmaceutische specialiteiten, bedoeld in artikel 35bis, § 1, en bedoeld in artikel 34, lid 1, 5°, c), waarvan de prijs en de vergoedingsbasis werden verminderd overeenkomstig de bepalingen van artikel 69 van de wet van 27 april 2005Relevante gevonden documenten type wet prom. 27/04/2005 pub. 20/05/2005 numac 2005022392 bron federale overheidsdienst sociale zekerheid Wet betreffende de beheersing van de begroting van de gezondheidszorg en houdende diverse bepalingen inzake gezondheid sluiten betreffende de beheersing van de begroting van de gezondheidszorg en houdende diverse bepalingen inzake gezondheid, voor 1 januari 2024, verminderd met: - 0,31 % indien het betrokken werkzaam bestanddeel of de combinatie van werkzame bestanddelen een jaarlijks omzetcijfer lager dan 1,5 miljoen euro gegenereerd heeft in 2022, - 2,41 % indien het betrokken werkzaam bestanddeel of de combinatie van werkzame bestanddelen een jaarlijks omzetcijfer gelijk aan of hoger dan 30 miljoen euro en lager dan 40 miljoen euro gegenereerd heeft in 2022, - 0,44 % indien het betrokken werkzaam bestanddeel of de combinatie van werkzame bestanddelen een jaarlijks omzetcijfer gelijk aan of hoger dan 40 miljoen euro en lager dan 50 miljoen euro gegenereerd heeft in 2022, - 3,65 % indien het betrokken werkzaam bestanddeel of de combinatie van werkzame bestanddelen een jaarlijks omzetcijfer gelijk aan of hoger dan 60 miljoen euro en lager dan 70 miljoen euro gegenereerd heeft in 2022, - 1,56 % indien het betrokken werkzaam bestanddeel of de combinatie van werkzame bestanddelen een jaarlijks omzetcijfer gelijk aan of hoger dan 70 miljoen euro gegenereerd heeft in 2022.

Het jaarlijks omzetcijfer zoals vermeld in het eerste lid, is het omzetcijfer zoals gedefinieerd in artikel 191, eerste lid, 15° novies.

De bepalingen van het eerste lid zijn eveneens van toepassing op de specialiteiten bedoeld in artikel 34, lid 1, 5°, c), 2) met hetzelfde werkzame bestanddeel, ingeschreven in de hoofdstukken I, II, IV en VIII van de lijst van vergoedbare farmaceutische specialiteiten, bedoeld in artikel 35bis, § 1, na 31 december 2023, op het ogenblik van hun inschrijving in de voormelde lijst, voor zover de bepalingen van dit artikel nog niet zijn toegepast op deze specialiteiten.

Op de toepassing van deze paragraaf wordt een uitzondering toegestaan: - aan specialiteiten die opgenomen zijn in de vergoedingsgroep I.10.1, I.10.2, VII.9, VII.10 en XXII; - aan specialiteiten waarvoor artikel 35ter, § 1bis, reeds werd toegepast vóór 1 januari 2024.

Voor de specialiteiten bedoeld in de huidige paragraaf kunnen de aanvragers kiezen om, op 1 januari 2024, de specialiteit van rechtswege en zonder rekening te houden met de procedures bepaald in artikel 35bis, te schrappen uit de lijst van vergoedbare specialiteiten. § 8. De verminderingen bedoeld in paragraaf 7 zijn niet van toepassing op de specialiteiten waarvoor de aanvrager heeft aangetoond via mededeling volgens de bepalingen van artikel 72bis, § 1, 8°, dat de prijs en de vergoedingsbasis (niveau buiten bedrijf) berekend per eenheid, per vorm en per sterkte van het werkzame bestanddeel of combinatie van werkzame bestanddelen die van toepassing zijn op 1 december 2023, reeds lager of gelijk zijn aan de laagste prijs buiten bedrijf voor dezelfde farmaceutische specialiteit, berekend per eenheid, per vorm en per sterkte van het werkzame bestanddeel of combinatie van werkzame bestanddelen die van toepassing zijn op 1 juli 2023, binnen het geheel van de Europese landen vermeld in artikel 72bis, § 1, 8°.

Indien ten gevolge van een vermindering in uitvoering van paragraaf 7 de prijs buiten bedrijf berekend per eenheid, per vorm en per sterkte van het werkzaam bestanddeel (of combinatie van werkzame bestanddelen), lager wordt dan de laagste buiten bedrijf prijs van het geheel van de prijzen vermeld in het eerste lid, wordt de daling begrensd tot deze laagste prijs.".

Art. 107.In artikel 35quater van dezelfde wet, ingevoegd bij de wet van 27 april 2005Relevante gevonden documenten type wet prom. 27/04/2005 pub. 20/05/2005 numac 2005022392 bron federale overheidsdienst sociale zekerheid Wet betreffende de beheersing van de begroting van de gezondheidszorg en houdende diverse bepalingen inzake gezondheid sluiten en gewijzigd bij de wetten van 27 december 2005, 13 december 2006 en 23 december 2009, worden de volgende wijzigingen aangebracht: 1° in het eerste lid worden de woorden "artikel 35ter" telkens vervangen door de woorden "artikelen 35ter en 35ter/1";2° in lid 2 worden in de Franse tekst de woorden "de l'article 35ter et 35quater" vervangen door de woorden "de l'article 35ter et de l'article 35quater"; 3° het artikel wordt aangevuld met een lid, luidende: "De bepalingen van artikel 35ter/1 en van artikel 35quater kunnen niet op eenzelfde specialiteit worden toegepast.".

Art. 108.Artikel 35quater/1 van dezelfde wet, ingevoegd bij de wet van 25 december 2017Relevante gevonden documenten type wet prom. 26/06/2002 pub. 27/07/2002 numac 2002016171 bron ministerie van middenstand en landbouw Wet betreffende de oprichting van de Vestigingsraad sluiten9 en gewijzigd bij de wet van 4 mei 2020Relevante gevonden documenten type wet prom. 07/05/2004 pub. 18/05/2004 numac 2004022376 bron federale overheidsdienst volksgezondheid, veiligheid van de voedselketen en leefmilieu Wet inzake experimenten op de menselijke persoon sluiten0, wordt opgeheven.

Art. 109.Artikel 35quater/2 van dezelfde wet, ingevoegd bij de wet van 1 april 2019Relevante gevonden documenten type wet prom. 09/07/2004 pub. 15/07/2004 numac 2004021090 bron federale overheidsdienst kanselarij van de eerste minister Wet houdende diverse bepalingen sluiten8 en gewijzigd bij de wet van 4 mei 2020Relevante gevonden documenten type wet prom. 07/05/2004 pub. 18/05/2004 numac 2004022376 bron federale overheidsdienst volksgezondheid, veiligheid van de voedselketen en leefmilieu Wet inzake experimenten op de menselijke persoon sluiten0, wordt opgeheven.

Art. 110.In artikel 37, § 3/2, van dezelfde wet, vervangen bij de wet van 7 april 2019Relevante gevonden documenten type wet prom. 09/07/2004 pub. 15/07/2004 numac 2004021090 bron federale overheidsdienst kanselarij van de eerste minister Wet houdende diverse bepalingen sluiten4, wordt het vierde lid vervangen als volgt: "De toepassing van dit artikel kan geen afbreuk doen aan de toepassing van de dalingen van de prijs en/of de basis van tegemoetkoming zoals vermeld in artikel 35ter, 35ter/1, 35ter/2 of 35quater.".

Art. 111.In artikel 71ter van dezelfde wet, ingevoegd bij de wet van 27 december 2012Relevante gevonden documenten type wet prom. 04/05/1999 pub. 28/07/1999 numac 1999000423 bron ministerie van binnenlandse zaken Wet tot verbetering van het stelsel van politiek verlof voor provincie- en gemeenteraadsleden, leden van de raad voor maatschappelijk welzijn, burgemeesters, schepenen en voorzitters van de raad voor maatschappelijk welzijn in de openbare en de particuliere sector type wet prom. 04/05/1999 pub. 29/10/1999 numac 1999003334 bron ministerie van financien Wet tot wijziging van de wet van 31 december 1983 tot hervorming van de instellingen voor de Duitstalige Gemeenschap type wet prom. 04/05/1999 pub. 28/07/1999 numac 1999000426 bron ministerie van binnenlandse zaken en ministerie van financien Wet tot beperking van de cumulatie van het ambt van bestendig afgevaardigde met andere ambten en tot harmonisering van het financieel en fiscaal statuut van de bestendig afgevaardigde sluiten9 en gewijzigd bij de wetten van 25 december 2016, 25 december 2017, 1 april 2019 en 21 juni 2021, worden de volgende wijzigingen aangebracht: 1° in paragraaf 2 worden tussen het derde en het vierde lid twee leden ingevoegd, luidende: "Vanaf 1 januari 2024 wordt de tegemoetkoming van de verplichte verzekering voor geneeskundige verzorging en uitkeringen voor de vergoedbare farmaceutische specialiteiten, zoals bedoeld in artikel 34, eerste lid, 5°, c), 1), voor dewelke artikel 35ter/1, § 1, eerste lid, van toepassing is, eventueel met de toepassing van artikel 35quater, en voor de farmaceutische specialiteiten, vergund overeenkomstig artikel 6bis, § 1, achtste lid, van de wet van 25 maart 1964Relevante gevonden documenten type wet prom. 04/05/1999 pub. 28/07/1999 numac 1999000423 bron ministerie van binnenlandse zaken Wet tot verbetering van het stelsel van politiek verlof voor provincie- en gemeenteraadsleden, leden van de raad voor maatschappelijk welzijn, burgemeesters, schepenen en voorzitters van de raad voor maatschappelijk welzijn in de openbare en de particuliere sector type wet prom. 04/05/1999 pub. 29/10/1999 numac 1999003334 bron ministerie van financien Wet tot wijziging van de wet van 31 december 1983 tot hervorming van de instellingen voor de Duitstalige Gemeenschap type wet prom. 04/05/1999 pub. 28/07/1999 numac 1999000426 bron ministerie van binnenlandse zaken en ministerie van financien Wet tot beperking van de cumulatie van het ambt van bestendig afgevaardigde met andere ambten en tot harmonisering van het financieel en fiscaal statuut van de bestendig afgevaardigde sluiten5 op de geneesmiddelen, die hetzelfde werkzaam bestanddeel of dezelfde werkzame bestanddelen bevatten, afgeleverd door een ziekenhuisapotheek, verminderd met 15 %. Vanaf 1 januari 2024 wordt de tegemoetkoming van de verplichte verzekering voor geneeskundige verzorging en uitkeringen voor de vergoedbare farmaceutische specialiteiten, zoals bedoeld in artikel 34, eerste lid, 5°, c), 1), voor dewelke artikel 35ter/1, § 2 van toepassing is, afgeleverd door een ziekenhuisapotheek, verminderd met 15 %."; 2° in paragraaf 3 wordt tussen het vierde en het vijfde lid een lid ingevoegd, luidende: "Vanaf 1 januari 2024 wordt de tegemoetkoming van de verplichte verzekering voor geneeskundige verzorging en uitkeringen voor vergoedbare farmaceutische specialiteiten bedoeld in artikel 34, eerste lid, 5°, c), 1), voor dewelke artikel 35ter, § 1bis van toepassing is, afgeleverd door een ziekenhuisapotheek, verminderd met 15 %.".

Art. 112.In artikel 72bis, § 1bis, van dezelfde wet, ingevoegd bij de wet van 22 december 2008Relevante gevonden documenten type wet prom. 07/05/1999 pub. 30/12/1999 numac 1999010222 bron ministerie van justitie Wet op de kansspelen, de kansspelinrichtingen en de bescherming van de spelers type wet prom. 07/05/1999 pub. 15/05/1999 numac 1999000386 bron ministerie van binnenlandse zaken Wet tot wijziging van artikel 54 van de wet van 15 december 1980 betreffende de toegang tot het grondgebied, het verblijf, de vestiging en de verwijdering van vreemdelingen en van artikel 57ter van de organieke wet van 8 juli 1976 betreffende de openbare centra voor maatschappelijk welzijn, van de artikelen 2, § 5, 5, § 2 en 11bis van de wet van 2 april 1965 betreffende het ten laste nemen van de steun verleend door openbare centra voor maatschappelijk welzijn type wet prom. 07/05/1999 pub. 29/06/1999 numac 1999009706 bron ministerie van justitie Wet tot wijziging van sommige bepalingen van het Strafwetboek, van het Wetboek van Strafvordering, van de wet van 17 april 1878 houdende de voorafgaande titel van het Wetboek van Strafvordering, van de wet van 9 april 1930 tot bescherming van de maatschappij tegen de abnormalen en de gewoontemisdadigers, vervangen door de wet van 1 juli 1964, van de wet van 29 juni 1964 betreffende de opschorting, het uitstel en de probatie, van de wet van 20 juli 1990 betreffende de voorlopige hechtenis, van de wet van 5 maart 1998 betreffende de voorwaardelijke invrijheidsstelling en tot wijziging van de wet van 9 april 1930 tot bescherming van de maatschappij tegen de abnormalen en de gewoontemisdadigers, vervangen door de wet van 1 juli 1964 type wet prom. 07/05/1999 pub. 20/05/1999 numac 1999021236 bron diensten van de eerste minister Bijzondere wet tot wijziging van artikel 32 van de gewone wet van 9 augustus 1980 tot hervorming der instellingen, betreffende de voorkoming en de regeling van belangenconflicten sluiten3 en gewijzigd bij de wetten van 10 april 2014, 22 juni 2016 en 20 december 2019, worden het eerste, tweede en derde lid vervangen als volgt: " § 1bis. Indien de aanvrager niet in staat is om de in § 1, eerste lid, 1°, bedoelde verplichting na te komen en indien de onbeschikbaarheid blijft duren, wordt de betrokken specialiteit van rechtswege geschrapt van de lijst op de eerste dag van de zesendertigste maand volgend op de inwerkingtreding van de terugbetaling.

De aanvrager die niet in staat is om de verplichting bedoeld in § 1, eerste lid, 2°, na te komen, informeert overeenkomstig § 1, eerste lid, 7°, het FAGG dat hij die plicht niet zal kunnen naleven, met opgave van de begindatum, de vermoedelijke einddatum en de reden voor de onbeschikbaarheid. Indien de onbeschikbaarheid blijft duren, wordt de betrokken specialiteit van rechtswege geschrapt van de lijst op de eerste dag van de zesendertigste maand volgend op het begin van de onbeschikbaarheid.

Indien de dienst voor geneeskundige verzorging van het Instituut geïnformeerd wordt over de onbeschikbaarheid van een farmaceutische specialiteit anders dan door de aanvrager of desgevallend het FAGG, brengt de dienst hiervan onmiddellijk het FAGG op de hoogte en vraagt de dienst bevestiging aan de aanvrager dat de farmaceutische specialiteit daadwerkelijk onbeschikbaar is. De aanvrager beschikt over een termijn van 14 dagen vanaf de ontvangst van deze vraag om de onbeschikbaarheid te bevestigen of te ontkrachten. Indien de aanvrager de onbeschikbaarheid ontkracht, brengt hij de dienst voor geneeskundige verzorging van het Instituut per aangetekende zending tegen ontvangstbewijs op de hoogte en voegt hij bewijsstukken bij zijn zending die aantonen dat de farmaceutische specialiteit beschikbaar is. Indien de aanvrager de onbeschikbaarheid bevestigt, deelt hij dit mee aan het FAGG overeenkomstig § 1, eerste lid, 7°, en geeft hij de begindatum, de vermoedelijke einddatum en de reden voor de onbeschikbaarheid op. Indien de onbeschikbaarheid blijft duren, wordt de betrokken specialiteit van rechtswege geschrapt van de lijst op de eerste dag van de zesendertigste maand volgend op het begin van de onbeschikbaarheid. Indien de aanvrager niet binnen de vastgestelde termijn antwoordt, of indien de geleverde elementen niet toelaten om de beschikbaarheid met zekerheid vast te stellen, wordt de specialiteit echter zo snel mogelijk geschrapt uit de lijst, van rechtswege en zonder rekening te houden met de bij artikel 35bis bepaalde procedures.".

Art. 113.In artikel 73, § 2, derde lid, 2°, van dezelfde wet, vervangen bij de wet van 21 juni 2021, worden de woorden "artikel 30, § 3, van de wet van 30 juli 2013Relevante gevonden documenten type wet prom. 26/06/2002 pub. 27/07/2002 numac 2002016171 bron ministerie van middenstand en landbouw Wet betreffende de oprichting van de Vestigingsraad sluiten0 houdende diverse bepalingen" vervangen door de woorden "artikel 35ter/1".

Art. 114.In artikel 191, eerste lid, 15° quaterdecies, ingevoegd bij de wet van 4 mei 2020Relevante gevonden documenten type wet prom. 07/05/2004 pub. 18/05/2004 numac 2004022376 bron federale overheidsdienst volksgezondheid, veiligheid van de voedselketen en leefmilieu Wet inzake experimenten op de menselijke persoon sluiten0, wordt het zevende lid vervangen als volgt: "De Koning kan, bij een besluit vastgesteld na overleg in de Ministerraad, bepalen, of en desgevallend in welke mate, de farmaceutische specialiteiten bedoeld in artikel 34, eerste lid, 5°, c), 1), voor dewelke artikel 35ter, § 1 en § 3, eerste lid, 1°, of artikel 35ter/1, § 1 en § 4, eerste lid, 1°, eventueel met de toepassing van artikel 35quater, van toepassing is alsook de farmaceutische specialiteiten bedoeld in artikel 34, eerste lid, 5°, c), 2), en de farmaceutische specialiteiten, vergund overeenkomstig artikel 6bis, § 1, achtste lid, van de wet van 25 maart 1964Relevante gevonden documenten type wet prom. 04/05/1999 pub. 28/07/1999 numac 1999000423 bron ministerie van binnenlandse zaken Wet tot verbetering van het stelsel van politiek verlof voor provincie- en gemeenteraadsleden, leden van de raad voor maatschappelijk welzijn, burgemeesters, schepenen en voorzitters van de raad voor maatschappelijk welzijn in de openbare en de particuliere sector type wet prom. 04/05/1999 pub. 29/10/1999 numac 1999003334 bron ministerie van financien Wet tot wijziging van de wet van 31 december 1983 tot hervorming van de instellingen voor de Duitstalige Gemeenschap type wet prom. 04/05/1999 pub. 28/07/1999 numac 1999000426 bron ministerie van binnenlandse zaken en ministerie van financien Wet tot beperking van de cumulatie van het ambt van bestendig afgevaardigde met andere ambten en tot harmonisering van het financieel en fiscaal statuut van de bestendig afgevaardigde sluiten5 op de geneesmiddelen, met hetzelfde werkzaam bestanddeel of combinatie van werkzame bestanddelen, voor zover deze farmaceutische specialiteiten behoren tot de groep van de goedkoopste specialiteiten bepaald bij artikel 73, § 2, derde lid, 1°, uitgezonderd worden van de in het eerste lid bedoelde compenserende heffing.".

Art. 115.Artikel 30 van de wet van 30 juli 2013Relevante gevonden documenten type wet prom. 26/06/2002 pub. 27/07/2002 numac 2002016171 bron ministerie van middenstand en landbouw Wet betreffende de oprichting van de Vestigingsraad sluiten0, vervangen bij de wet van 21 juni 2021, wordt opgeheven.

Art. 116.Artikel 69 van de wet van 27 april 2005Relevante gevonden documenten type wet prom. 27/04/2005 pub. 20/05/2005 numac 2005022392 bron federale overheidsdienst sociale zekerheid Wet betreffende de beheersing van de begroting van de gezondheidszorg en houdende diverse bepalingen inzake gezondheid sluiten, vervangen bij de wet van 21 juni 2021 en gewijzigd bij de wet van 26 december 2022Relevante gevonden documenten type wet prom. 07/05/2004 pub. 18/05/2004 numac 2004022376 bron federale overheidsdienst volksgezondheid, veiligheid van de voedselketen en leefmilieu Wet inzake experimenten op de menselijke persoon sluiten8, wordt opgeheven.

Art. 117.Deze afdeling treedt in werking op 1 januari 2024. Afdeling 2 - Tarifering per eenheid

Art. 118.In artikel 37 van de wet betreffende de verplichte verzekering voor geneeskundige verzorging en uitkeringen, gecoördineerd op 14 juli 1994, laatstelijk gewijzigd bij de wet van 6 november 2023Relevante gevonden documenten type wet prom. 27/12/2005 pub. 30/12/2005 numac 2005021183 bron federale overheidsdienst kanselarij van de eerste minister Wet houdende diverse bepalingen sluiten2, wordt een paragraaf 3/4 ingevoegd, luidende: " § 3/4. Voor de geneesmiddelen bedoeld in artikel 34, eerste lid, 5°, a), b), en c), die onderworpen zijn aan een verplichte fractionering en aflevering van het exact aantal voorgeschreven eenheden, overeenkomstig de artikelen 3, § 2 en 12bis, § 1, derde lid, van de wet van 25 maart 1964Relevante gevonden documenten type wet prom. 04/05/1999 pub. 28/07/1999 numac 1999000423 bron ministerie van binnenlandse zaken Wet tot verbetering van het stelsel van politiek verlof voor provincie- en gemeenteraadsleden, leden van de raad voor maatschappelijk welzijn, burgemeesters, schepenen en voorzitters van de raad voor maatschappelijk welzijn in de openbare en de particuliere sector type wet prom. 04/05/1999 pub. 29/10/1999 numac 1999003334 bron ministerie van financien Wet tot wijziging van de wet van 31 december 1983 tot hervorming van de instellingen voor de Duitstalige Gemeenschap type wet prom. 04/05/1999 pub. 28/07/1999 numac 1999000426 bron ministerie van binnenlandse zaken en ministerie van financien Wet tot beperking van de cumulatie van het ambt van bestendig afgevaardigde met andere ambten en tot harmonisering van het financieel en fiscaal statuut van de bestendig afgevaardigde sluiten5 op de geneesmiddelen, en de uitvoeringsbesluiten daarvan, kan de Koning, bij een in Ministerraad overlegd besluit, in bijzondere regels voorzien met betrekking tot de tegemoetkoming van de verzekering voor geneeskundige verzorging en het persoonlijk aandeel van de rechthebbenden.

Voor de kosten van de voornoemde geneesmiddelen mogen geen andere bedragen ten laste van de rechthebbenden worden aangerekend dan het persoonlijk aandeel zoals het door de Koning is vastgesteld.". Afdeling 3 - Heffingen op de omzet

Art. 119.In artikel 191, eerste lid, 15° novies, van dezelfde wet, ingevoegd bij de wet van 27 december 2005Relevante gevonden documenten type wet prom. 27/12/2005 pub. 30/12/2005 numac 2005021183 bron federale overheidsdienst kanselarij van de eerste minister Wet houdende diverse bepalingen sluiten en laatstelijk gewijzigd bij de wet van 26 december 2022Relevante gevonden documenten type wet prom. 07/05/2004 pub. 18/05/2004 numac 2004022376 bron federale overheidsdienst volksgezondheid, veiligheid van de voedselketen en leefmilieu Wet inzake experimenten op de menselijke persoon sluiten8 worden de volgende wijzigingen aangebracht: 1° het derde lid wordt aangevuld met de volgende zin: "Voor 2024 wordt het bedrag van die heffing vastgesteld op 6,73 pct. van de omzet die in 2024 is verwezenlijkt."; 2° in het vijfde lid, laatste zin, worden de woorden "en vóór 1 mei 2024 voor de omzet die in 2023 is verwezenlijkt" vervangen door de woorden ", vóór 1 mei 2024 voor de omzet die in 2023 is verwezenlijkt en voor 1 mei 2025 voor de omzet die in 2024 is verwezenlijkt";3° in het zevende lid, eerste zin, worden de woorden "en de heffing op de omzet 2023" vervangen door de woorden ", de heffing op de omzet 2023 en de heffing op de omzet 2024"; 4° het achtste lid wordt aangevuld met de volgende zin: "Voor 2024 dienen het in het vorige lid bedoelde voorschot en saldo respectievelijk gestort te worden voor 1 juni 2024 en 1 juni 2025 op de rekening van het Rijksinstituut voor ziekte- en invaliditeitsverzekering, met vermelding van respectievelijk "voorschot heffing omzet 2024" en "saldo heffing omzet 2024"."; 5° het tiende lid wordt aangevuld met de volgende zin: "Voor 2024 wordt het voornoemde voorschot bepaald op 6,73 pct.van de omzet die in het jaar 2023 is verwezenlijkt."; 6° het zeventiende lid wordt aangevuld met de volgende zin: "De ontvangsten die voortvloeien uit de heffing op de omzet 2024 zullen in de rekeningen van de verplichte verzekering voor geneeskundige verzorging worden opgenomen in het boekjaar 2024.".

Art. 120.Artikel 191, eerste lid, 15° duodecies, vijfde lid, van dezelfde wet, ingevoegd bij de wet van 23 december 2009Relevante gevonden documenten type wet prom. 07/05/1999 pub. 30/12/1999 numac 1999010222 bron ministerie van justitie Wet op de kansspelen, de kansspelinrichtingen en de bescherming van de spelers type wet prom. 07/05/1999 pub. 15/05/1999 numac 1999000386 bron ministerie van binnenlandse zaken Wet tot wijziging van artikel 54 van de wet van 15 december 1980 betreffende de toegang tot het grondgebied, het verblijf, de vestiging en de verwijdering van vreemdelingen en van artikel 57ter van de organieke wet van 8 juli 1976 betreffende de openbare centra voor maatschappelijk welzijn, van de artikelen 2, § 5, 5, § 2 en 11bis van de wet van 2 april 1965 betreffende het ten laste nemen van de steun verleend door openbare centra voor maatschappelijk welzijn type wet prom. 07/05/1999 pub. 29/06/1999 numac 1999009706 bron ministerie van justitie Wet tot wijziging van sommige bepalingen van het Strafwetboek, van het Wetboek van Strafvordering, van de wet van 17 april 1878 houdende de voorafgaande titel van het Wetboek van Strafvordering, van de wet van 9 april 1930 tot bescherming van de maatschappij tegen de abnormalen en de gewoontemisdadigers, vervangen door de wet van 1 juli 1964, van de wet van 29 juni 1964 betreffende de opschorting, het uitstel en de probatie, van de wet van 20 juli 1990 betreffende de voorlopige hechtenis, van de wet van 5 maart 1998 betreffende de voorwaardelijke invrijheidsstelling en tot wijziging van de wet van 9 april 1930 tot bescherming van de maatschappij tegen de abnormalen en de gewoontemisdadigers, vervangen door de wet van 1 juli 1964 type wet prom. 07/05/1999 pub. 20/05/1999 numac 1999021236 bron diensten van de eerste minister Bijzondere wet tot wijziging van artikel 32 van de gewone wet van 9 augustus 1980 tot hervorming der instellingen, betreffende de voorkoming en de regeling van belangenconflicten sluiten6 en laatstelijk gewijzigd bij de wet van 26 december 2022Relevante gevonden documenten type wet prom. 07/05/2004 pub. 18/05/2004 numac 2004022376 bron federale overheidsdienst volksgezondheid, veiligheid van de voedselketen en leefmilieu Wet inzake experimenten op de menselijke persoon sluiten8, wordt aangevuld met de volgende zin: "Voor 2024 wordt het bedrag van die heffing vastgesteld op 1 pct. van de omzet die in 2024 is verwezenlijkt en het ermee samenhangende voorschot wordt vastgesteld op 1 pct. van de omzet die in 2023 is verwezenlijkt.".

Art. 121.Artikel 191, eerste lid, 15° terdecies, vijfde lid, van dezelfde wet, ingevoegd bij de wet van 28 juni 2013 en laatstelijk gewijzigd bij de wet van 26 december 2022Relevante gevonden documenten type wet prom. 07/05/2004 pub. 18/05/2004 numac 2004022376 bron federale overheidsdienst volksgezondheid, veiligheid van de voedselketen en leefmilieu Wet inzake experimenten op de menselijke persoon sluiten8, wordt aangevuld met de volgende zinnen: "Voor het jaar 2024 worden de percentages van deze weesheffing vastgesteld op 0 pct. voor het deel van de omzet van 0 tot en met 1,5 miljoen euro, op 3 pct. voor het deel van de omzet van meer dan 1,5 tot en met 3 miljoen euro en op 5 pct. voor het deel van de omzet groter dan 3 miljoen euro. De percentages, die op de verschillende omzetniveaus toegepast worden om het voorschot 2024 vast te stellen, zijn gelijk aan de percentages die vastgesteld worden voor de weesheffing 2024.". Afdeling 4 - Bijdrage op marketing

Art. 122.In artikel 191, eerste lid, 31°, van dezelfde wet, ingevoegd bij de wet van 27 december 2012Relevante gevonden documenten type wet prom. 04/05/1999 pub. 28/07/1999 numac 1999000423 bron ministerie van binnenlandse zaken Wet tot verbetering van het stelsel van politiek verlof voor provincie- en gemeenteraadsleden, leden van de raad voor maatschappelijk welzijn, burgemeesters, schepenen en voorzitters van de raad voor maatschappelijk welzijn in de openbare en de particuliere sector type wet prom. 04/05/1999 pub. 29/10/1999 numac 1999003334 bron ministerie van financien Wet tot wijziging van de wet van 31 december 1983 tot hervorming van de instellingen voor de Duitstalige Gemeenschap type wet prom. 04/05/1999 pub. 28/07/1999 numac 1999000426 bron ministerie van binnenlandse zaken en ministerie van financien Wet tot beperking van de cumulatie van het ambt van bestendig afgevaardigde met andere ambten en tot harmonisering van het financieel en fiscaal statuut van de bestendig afgevaardigde sluiten9 en laatstelijk gewijzigd bij de wet van 26 december 2022Relevante gevonden documenten type wet prom. 07/05/2004 pub. 18/05/2004 numac 2004022376 bron federale overheidsdienst volksgezondheid, veiligheid van de voedselketen en leefmilieu Wet inzake experimenten op de menselijke persoon sluiten8, worden de volgende wijzigingen aangebracht: 1° het eerste lid wordt aangevuld met de volgende zin: "Voor 2024 wordt de compensatoire bijdrage gehandhaafd."; 2° in het tweede lid worden de woorden "en verwezenlijkt in 2023, voor het jaar 2023" vervangen door de woorden "verwezenlijkt in 2023, voor het jaar 2023, en verwezenlijkt in 2024, voor het jaar 2024";3° het derde lid wordt aangevuld met de volgende zin: "Het voorschot 2024, vastgesteld op 0,13 pct.van het in 2023 verwezenlijkte omzetcijfer, wordt vóór 1 juni 2024 gestort op de rekening van het Rijksinstituut voor ziekte- en invaliditeitsverzekering, met de vermelding van "Voorschot compensatoire bijdrage 2024" en het saldo wordt vóór 1 juni 2025 gestort op dezelfde rekening met de vermelding "Saldo compensatoire bijdrage 2024"."; 4° in het vijfde lid worden de woorden "en in het boekjaar 2023, voor de bijdrage 2023";vervangen door de woorden "in het boekjaar 2023, voor de bijdrage 2023, en in het boekjaar 2024, voor de bijdrage 2024". Afdeling 5 - RIZIV farmaceutische taksmodulatie

Art. 123.In artikel 191quinquies, zevende lid, van dezelfde wet, ingevoegd bij de wet van 30 oktober 2018Relevante gevonden documenten type wet prom. 09/07/2004 pub. 15/07/2004 numac 2004021090 bron federale overheidsdienst kanselarij van de eerste minister Wet houdende diverse bepalingen sluiten3 en gewijzigd bij de wet van 26 december 2022Relevante gevonden documenten type wet prom. 07/05/2004 pub. 18/05/2004 numac 2004022376 bron federale overheidsdienst volksgezondheid, veiligheid van de voedselketen en leefmilieu Wet inzake experimenten op de menselijke persoon sluiten8, worden de woorden "tot en met het geboekte jaar 2023" vervangen door de woorden "tot en met het geboekte jaar 2026". HOOFDSTUK 2 - Gezondheidszorg Afdeling 1 - Maximumtarieven

Art. 124.Artikel 37, § 1, van de wet betreffende de verplichte verzekering voor geneeskundige verzorging en uitkeringen, gecoördineerd op 14 juli 1994, laatstelijk gewijzigd bij de wet van 6 november 2023Relevante gevonden documenten type wet prom. 27/12/2005 pub. 30/12/2005 numac 2005021183 bron federale overheidsdienst kanselarij van de eerste minister Wet houdende diverse bepalingen sluiten2, wordt aangevuld met een lid, luidende: "Voor uitneembare prothesen die worden verleend aan de in paragraaf 19 bedoelde rechthebbenden van de verhoogde verzekeringstegemoetkoming wordt de verzekeringstegemoetkoming voor het bedrag van de maximale overschrijdingen van de honoraria, vastgesteld in het in artikel 50 bedoelde akkoord tussen de tandheelkundigen en de verzekeringsinstellingen, vastgesteld op 100 procent.".

Art. 125.In artikel 37sexies van dezelfde wet, laatstelijk gewijzigd bij het koninklijk besluit van 21 november 2021Relevante gevonden documenten type wet prom. 27/04/2005 pub. 20/05/2005 numac 2005022392 bron federale overheidsdienst sociale zekerheid Wet betreffende de beheersing van de begroting van de gezondheidszorg en houdende diverse bepalingen inzake gezondheid sluiten7, wordt tussen het vijfde en het zesde lid een lid ingevoegd, luidende: "Wordt eveneens beschouwd als een persoonlijk aandeel, het bedrag van de maximale overschrijdingen van de honoraria, vastgesteld in het in artikel 50 bedoelde akkoord tussen de tandheelkundigen en de verzekeringsinstellingen, voor uitneembare prothesen.".

Art. 126.Deze afdeling treedt in werking op 1 januari 2024. Afdeling 2 - Opmaken van de begroting voor geneeskundige verzorging

Art. 127.In artikel 40, § 4, van dezelfde wet, ingevoegd bij het koninklijk besluit van 25 april 1997Relevante gevonden documenten type wet prom. 27/12/2005 pub. 30/12/2005 numac 2005021183 bron federale overheidsdienst kanselarij van de eerste minister Wet houdende diverse bepalingen sluiten9, wordt het woord "juni" vervangen door het woord "augustus". Afdeling 3 - Betrekkingen met de tandheelkundigen

Art. 128.In artikel 50, § 6, tweede lid, laatste zin, van dezelfde wet, ingevoegd bij de wet van 18 mei 2022Relevante gevonden documenten type wet prom. 07/05/2004 pub. 18/05/2004 numac 2004022376 bron federale overheidsdienst volksgezondheid, veiligheid van de voedselketen en leefmilieu Wet inzake experimenten op de menselijke persoon sluiten2, wordt het getal "2025" vervangen door het getal "2028".

Art. 129.In artikel 63 van de wet van 18 mei 2022Relevante gevonden documenten type wet prom. 07/05/2004 pub. 18/05/2004 numac 2004022376 bron federale overheidsdienst volksgezondheid, veiligheid van de voedselketen en leefmilieu Wet inzake experimenten op de menselijke persoon sluiten2 houdende diverse dringende bepalingen inzake gezondheid worden de volgende wijzigingen aangebracht: 1° het getal "80" wordt vervangen door het getal "62";2° het getal "2025" wordt vervangen door het getal "2028". HOOFDSTUK 3 - Wijziging van de wet van 9 december 2019Relevante gevonden documenten type wet prom. 09/07/2004 pub. 15/07/2004 numac 2004021090 bron federale overheidsdienst kanselarij van de eerste minister Wet houdende diverse bepalingen sluiten7 tot oprichting van een Zorgpersoneelfonds

Art. 130.In de wet van 9 december 2019Relevante gevonden documenten type wet prom. 09/07/2004 pub. 15/07/2004 numac 2004021090 bron federale overheidsdienst kanselarij van de eerste minister Wet houdende diverse bepalingen sluiten7 tot oprichting van een Zorgpersoneelfonds, laatstelijk gewijzigd bij de wet van 9 mei 2021, wordt een artikel 4bis ingevoegd, luidende: "

Art. 4bis.§ 1. Het deel van de middelen dat ingevolge deze wet is toegewezen aan het budget van financiële middelen van de ziekenhuizen wordt, conform artikel 85, § 1, van het koninklijk besluit van 25 april 2002Relevante gevonden documenten type wet prom. 27/04/2005 pub. 20/05/2005 numac 2005022392 bron federale overheidsdienst sociale zekerheid Wet betreffende de beheersing van de begroting van de gezondheidszorg en houdende diverse bepalingen inzake gezondheid sluiten0 betreffende de vaststelling en de vereffening van het budget van financiële middelen van de ziekenhuizen, elk jaar geïndexeerd. § 2. Voor het jaar 2024, worden de middelen, behalve het deel van de middelen dat is toegewezen aan het budget van financiële middelen van de ziekenhuizen, met 6,05 % geïndexeerd.

Vanaf 2025 bepaalt de Koning ieder jaar, bij een besluit vastgesteld na overleg in de Ministerraad, de nadere regels voor de indexering van de in deze paragraaf bepaalde middelen. § 3. De middelen die voor deze aanpassing nodig zijn, zijn elk voor hun deel ten laste van de globale jaarlijkse begrotingsdoelstelling van de verzekering voor geneeskundige verzorging dan wel ten laste van de begroting van de verzekering voor geneeskundige verzorging, zoals bedoeld in artikel 40, § 1, van de wet betreffende de verplichte verzekering voor geneeskundige verzorging en uitkeringen gecoördineerd op 14 juli 1994.". HOOFDSTUK 4 - Subsidies Afereseplasma

Art. 131.§ 1. De Staat kent een jaarlijkse subsidie toe aan de erkende bloedinstellingen voor de financiering van de uitgaven voor het bekomen van plasma door plasmaferese, hierna "afereplasma" genoemd, dat bij toepassing van artikel 20/1 van de wet van 5 juli 1994Relevante gevonden documenten type wet prom. 07/05/1999 pub. 30/12/1999 numac 1999010222 bron ministerie van justitie Wet op de kansspelen, de kansspelinrichtingen en de bescherming van de spelers type wet prom. 07/05/1999 pub. 15/05/1999 numac 1999000386 bron ministerie van binnenlandse zaken Wet tot wijziging van artikel 54 van de wet van 15 december 1980 betreffende de toegang tot het grondgebied, het verblijf, de vestiging en de verwijdering van vreemdelingen en van artikel 57ter van de organieke wet van 8 juli 1976 betreffende de openbare centra voor maatschappelijk welzijn, van de artikelen 2, § 5, 5, § 2 en 11bis van de wet van 2 april 1965 betreffende het ten laste nemen van de steun verleend door openbare centra voor maatschappelijk welzijn type wet prom. 07/05/1999 pub. 29/06/1999 numac 1999009706 bron ministerie van justitie Wet tot wijziging van sommige bepalingen van het Strafwetboek, van het Wetboek van Strafvordering, van de wet van 17 april 1878 houdende de voorafgaande titel van het Wetboek van Strafvordering, van de wet van 9 april 1930 tot bescherming van de maatschappij tegen de abnormalen en de gewoontemisdadigers, vervangen door de wet van 1 juli 1964, van de wet van 29 juni 1964 betreffende de opschorting, het uitstel en de probatie, van de wet van 20 juli 1990 betreffende de voorlopige hechtenis, van de wet van 5 maart 1998 betreffende de voorwaardelijke invrijheidsstelling en tot wijziging van de wet van 9 april 1930 tot bescherming van de maatschappij tegen de abnormalen en de gewoontemisdadigers, vervangen door de wet van 1 juli 1964 type wet prom. 07/05/1999 pub. 20/05/1999 numac 1999021236 bron diensten van de eerste minister Bijzondere wet tot wijziging van artikel 32 van de gewone wet van 9 augustus 1980 tot hervorming der instellingen, betreffende de voorkoming en de regeling van belangenconflicten sluiten5 wordt overgemaakt aan de opdrachtnemer zoals bedoeld in hetzelfde artikel van dezelfde wet. De subsidie wordt aangerekend op de begroting van de FOD Volksgezondheid, Veiligheid van de Voedselketen en Leefmilieu en is beperkt tot het bedrag van de jaarlijks in de begroting ingeschreven kredieten. § 2. De subsidie wordt per jaar en per liter afereseplasma berekend op basis van de in de begroting ingeschreven kredieten en het totale aantal liters afereseplasma dat door alle bloedinstellingen is aangemaakt en overgemaakt aan de opdrachtnemer. § 3. Elk jaar wordt tegen een door de Koning te bepalen datum aan elke bloedinstelling een voorschot toegekend, dat wordt berekend op basis van de in § 2, bedoelde subsidie per liter afereseplasma, dat onder de bloedinstellingen verdeeld wordt op basis van het aantal liters dat elke instelling in het voorgaande jaar heeft aangemaakt en overgemaakt aan de opdrachtnemer.

De Koning kan bepalen dat het in het vorige lid bedoelde voorschot een percentage van het in het eerste lid bepaalde bedrag bedraagt. § 4. Na het betrokken jaar, wordt het definitieve bedrag per bloedinstelling berekend op basis van het aantal liters afereseplasma dat effectief is aangemaakt en is overgemaakt aan de opdrachtnemer zoals bedoeld in § 2.

Voor de toepassing van §§ 2, 3, en het eerste lid van deze paragraaf, wordt het effectieve aantal liters afereseplasma, door een bedrijfsrevisor of een accountant voor echt verklaard, door elke bloedinstelling tijdens het eerste kwartaal van het daarop volgende jaar meegedeeld aan de FOD Volksgezondheid, Veiligheid van de Voedselketen en Leefmilieu.

In het geval één of meerdere bloedinstellingen de in het vorige lid bedoelde mededeling van het geattesteerde effectieve aantal liters afereseplasma niet binnen het eerste kwartaal aan de FOD Volksgezondheid, Veiligheid van de Voedselketen en Leefmilieu hebben medegedeeld, worden deze bloedinstellingen niet in aanmerking genomen voor de toepassing van §§ 2, 3, en 4, eerste lid. § 5. Tegen een door de Koning te bepalen datum, wordt voor elke instelling het verschil tussen het definitieve bedrag en het toegekende voorschot geregulariseerd, hetzij door een bijkomende betaling, hetzij door een terugvordering. Indien het totaal bedrag van de bijkomende betalingen hoger ligt dan het ingeschreven krediet voor dat jaar, verminderd met het voorschot voor dat jaar, wordt de bijkomende betaling voor elke instelling verminderd op basis van het aandeel van deze bijkomende betaling in het totaal van de bijkomende betalingen. § 6. De minister bepaalt jaarlijks het bedrag van het voorschot en het definitieve bedrag dat aan elke bloedinstelling worden uitbetaald.

De Koning kan nadere regelen en modaliteiten vaststellen voor de toepassing van dit artikel. HOOFDSTUK 5 - Financiering van het Federaal Agentschap voor Geneesmiddelen en Gezondheidsproducten (FAGG) Afdeling 1 - Wijzigingen aan de wet van 20 juli 2006Relevante gevonden documenten type wet prom. 20/07/2006 pub. 08/09/2006 numac 2006022888 bron federale overheidsdienst volksgezondheid, veiligheid van de voedselketen en leefmilieu Wet betreffende de oprichting en de werking van het Federaal Agentschap voor Geneesmiddelen en Gezondheidsproducten type wet prom. 20/07/2006 pub. 09/01/2019 numac 2018015695 bron federaal agentschap voor geneesmiddelen en gezondheidsproducten Wet betreffende de oprichting en de werking van het Federaal Agentschap voor Geneesmiddelen en Gezondheidsproducten. - Bekendmaking overeenkomstig artikel 14/19 van de geïndexeerde bedragen. - Rechtzetting type wet prom. 20/07/2006 pub. 28/07/2006 numac 2006202314 bron federale overheidsdienst kanselarij van de eerste minister Wet houdende diverse bepalingen sluiten betreffende de

oprichting en de werking van het Federaal Agentschap voor Geneesmiddelen en Gezondheidsproducten

Art. 132.In artikel 2, § 1, van de wet van 20 juli 2006Relevante gevonden documenten type wet prom. 20/07/2006 pub. 08/09/2006 numac 2006022888 bron federale overheidsdienst volksgezondheid, veiligheid van de voedselketen en leefmilieu Wet betreffende de oprichting en de werking van het Federaal Agentschap voor Geneesmiddelen en Gezondheidsproducten type wet prom. 20/07/2006 pub. 09/01/2019 numac 2018015695 bron federaal agentschap voor geneesmiddelen en gezondheidsproducten Wet betreffende de oprichting en de werking van het Federaal Agentschap voor Geneesmiddelen en Gezondheidsproducten. - Bekendmaking overeenkomstig artikel 14/19 van de geïndexeerde bedragen. - Rechtzetting type wet prom. 20/07/2006 pub. 28/07/2006 numac 2006202314 bron federale overheidsdienst kanselarij van de eerste minister Wet houdende diverse bepalingen sluiten betreffende de oprichting en de werking van het Federaal Agentschap voor Geneesmiddelen en Gezondheidsproducten, worden de volgende wijzigingen aangebracht: 1° in de bepaling onder 23°, wordt de bepaling onder a) vervangen als volgt: "de opdrachtgever, hetzij een universiteit is, hetzij een hogeschool, hetzij een ziekenhuis bedoeld in artikel 4 van de wet van 10 juli 2008Relevante gevonden documenten type wet prom. 04/05/1999 pub. 28/07/1999 numac 1999000423 bron ministerie van binnenlandse zaken Wet tot verbetering van het stelsel van politiek verlof voor provincie- en gemeenteraadsleden, leden van de raad voor maatschappelijk welzijn, burgemeesters, schepenen en voorzitters van de raad voor maatschappelijk welzijn in de openbare en de particuliere sector type wet prom. 04/05/1999 pub. 29/10/1999 numac 1999003334 bron ministerie van financien Wet tot wijziging van de wet van 31 december 1983 tot hervorming van de instellingen voor de Duitstalige Gemeenschap type wet prom. 04/05/1999 pub. 28/07/1999 numac 1999000426 bron ministerie van binnenlandse zaken en ministerie van financien Wet tot beperking van de cumulatie van het ambt van bestendig afgevaardigde met andere ambten en tot harmonisering van het financieel en fiscaal statuut van de bestendig afgevaardigde sluiten3 op de ziekenhuizen en andere verzorgingsinrichtingen, ofwel een ziekenhuis bedoeld in artikel 7, 2°, g), 2° van het koninklijk besluit van 25 april 2002Relevante gevonden documenten type wet prom. 27/04/2005 pub. 20/05/2005 numac 2005022392 bron federale overheidsdienst sociale zekerheid Wet betreffende de beheersing van de begroting van de gezondheidszorg en houdende diverse bepalingen inzake gezondheid sluiten0 betreffende de vaststelling en de vereffening van het budget van financiële middelen van de ziekenhuizen, waarin zowel heelkundige als medische verstrekkingen worden uitgevoerd, uitsluitend voor kinderen of met betrekking tot tumoren, hetzij het "Fonds National de la Recherche Scientifique", hetzij het Fonds voor Wetenschappelijk Onderzoek of een onderzoeksfonds dat van een van beide Fondsen afhangt, hetzij een dienst van een ziekenhuis die daartoe erkend is volgens de door de Koning bepaalde nadere regels als die dienst in zijn activiteitsdomein een expertisecentrum is, hetzij een instelling zonder winstoogmerk wier maatschappelijk doel hoofdzakelijk gericht is op onderzoek, hetzij het equivalent van één van deze entiteiten in een andere lidstaat;"; 2° in de bepaling onder 25°, wordt de bepaling onder a) vervangen als volgt: "de opdrachtgever, hetzij een universiteit is, hetzij een hoge school, hetzij een ziekenhuis bedoeld in artikel 4 van de wet van 10 juli 2008Relevante gevonden documenten type wet prom. 04/05/1999 pub. 28/07/1999 numac 1999000423 bron ministerie van binnenlandse zaken Wet tot verbetering van het stelsel van politiek verlof voor provincie- en gemeenteraadsleden, leden van de raad voor maatschappelijk welzijn, burgemeesters, schepenen en voorzitters van de raad voor maatschappelijk welzijn in de openbare en de particuliere sector type wet prom. 04/05/1999 pub. 29/10/1999 numac 1999003334 bron ministerie van financien Wet tot wijziging van de wet van 31 december 1983 tot hervorming van de instellingen voor de Duitstalige Gemeenschap type wet prom. 04/05/1999 pub. 28/07/1999 numac 1999000426 bron ministerie van binnenlandse zaken en ministerie van financien Wet tot beperking van de cumulatie van het ambt van bestendig afgevaardigde met andere ambten en tot harmonisering van het financieel en fiscaal statuut van de bestendig afgevaardigde sluiten3 op de ziekenhuizen en andere verzorgingsinrichtingen, ofwel een ziekenhuis bedoeld in artikel 7, 2°, g), 2° van het koninklijk besluit van 25 april 2002Relevante gevonden documenten type wet prom. 27/04/2005 pub. 20/05/2005 numac 2005022392 bron federale overheidsdienst sociale zekerheid Wet betreffende de beheersing van de begroting van de gezondheidszorg en houdende diverse bepalingen inzake gezondheid sluiten0 betreffende de vaststelling en de vereffening van het budget van financiële middelen van de ziekenhuizen, waarin zowel heelkundige als medische verstrekkingen worden uitgevoerd, uitsluitend voor kinderen of met betrekking tot tumoren, hetzij het "Fonds National de la Recherche Scientifique", hetzij het Fonds voor Wetenschappelijk Onderzoek of een onderzoeksfonds dat van een van beide Fondsen afhangt, hetzij een dienst van een ziekenhuis die daartoe erkend is volgens de door de Koning bepaalde nadere regels als die dienst in zijn activiteitsdomein een expertisecentrum is, hetzij een instelling zonder winstoogmerk wier maatschappelijk doel hoofdzakelijk gericht is op onderzoek, hetzij het equivalent van één van deze entiteiten in een andere lidstaat;"; 3° in de bepaling onder 27°, wordt de bepaling onder a) vervangen als volgt: "de opdrachtgever, hetzij een universiteit is, hetzij een hoge school, hetzij een ziekenhuis bedoeld in artikel 4 van de wet van 10 juli 2008Relevante gevonden documenten type wet prom. 04/05/1999 pub. 28/07/1999 numac 1999000423 bron ministerie van binnenlandse zaken Wet tot verbetering van het stelsel van politiek verlof voor provincie- en gemeenteraadsleden, leden van de raad voor maatschappelijk welzijn, burgemeesters, schepenen en voorzitters van de raad voor maatschappelijk welzijn in de openbare en de particuliere sector type wet prom. 04/05/1999 pub. 29/10/1999 numac 1999003334 bron ministerie van financien Wet tot wijziging van de wet van 31 december 1983 tot hervorming van de instellingen voor de Duitstalige Gemeenschap type wet prom. 04/05/1999 pub. 28/07/1999 numac 1999000426 bron ministerie van binnenlandse zaken en ministerie van financien Wet tot beperking van de cumulatie van het ambt van bestendig afgevaardigde met andere ambten en tot harmonisering van het financieel en fiscaal statuut van de bestendig afgevaardigde sluiten3 op de ziekenhuizen en andere verzorgingsinrichtingen, ofwel een ziekenhuis bedoeld in artikel 7, 2°, g), 2° van het koninklijk besluit van 25 april 2002Relevante gevonden documenten type wet prom. 27/04/2005 pub. 20/05/2005 numac 2005022392 bron federale overheidsdienst sociale zekerheid Wet betreffende de beheersing van de begroting van de gezondheidszorg en houdende diverse bepalingen inzake gezondheid sluiten0 betreffende de vaststelling en de vereffening van het budget van financiële middelen van de ziekenhuizen, waarin zowel heelkundige als medische verstrekkingen worden uitgevoerd, uitsluitend voor kinderen of met betrekking tot tumoren, hetzij het "Fonds National de la Recherche Scientifique", hetzij het Fonds voor Wetenschappelijk Onderzoek of een onderzoeksfonds dat van een van beide Fondsen afhangt, hetzij een dienst van een ziekenhuis die daartoe erkend is volgens de door de Koning bepaalde nadere regels als die dienst in zijn activiteitsdomein een expertisecentrum is, hetzij een instelling zonder winstoogmerk wier maatschappelijk doel hoofdzakelijk gericht is op onderzoek, hetzij het equivalent van één van deze entiteiten in een andere lidstaat;".

Art. 133.Artikel 14/3 van dezelfde wet wordt aangevuld met een lid, luidende: "Elke onderneming die activiteiten uitvoert waarvan de omzet onderworpen is aan een heffing, is verplicht een aangifte te doen, zelfs indien de omzet de in Bijlage I openomen drempelwaarde niet heeft bereikt.".

Art. 134.Artikel 14/4 van dezelfde wet wordt aangevuld met twee leden, luidende: "Een aangifte zoals bedoeld in dit artikel wordt verricht indien bijdrageplichtige activiteiten bedoeld in artikel 14/9, § 1/1 worden verricht. In de aangifte moeten de volgende gegevens worden vermeld: 1° de omzet die in België in het vorige jaar werd verwezenlijkt door het uitoefenen van bijdrageplichtige activiteiten bedoeld in artikel 14/9, § 1/1, waarbij de afnemer van de diensten of producten een detailhandelaar of eindgebruiker is;2° de totale omzet die in België in het vorige jaar werd verwezenlijkt door het uitoefenen van bijdrageplichtige activiteiten bedoeld in artikel 14/9, § 1/1. Indien een van de in het vorige lid bedoelde omzetbedragen lager is dan de in Bijlage I vastgestelde drempelwaarde, dan mag dit feit als dusdanig worden vermeld en hoeft het bedrag zelf niet te worden opgenomen in de aangifte.".

Art. 135.Artikel 14/9, § 1/1 van dezelfde wet wordt aangevuld met een lid, luidende: "De vaststelling van de bijdrageplichtige activiteiten bedoeld in dit artikel, die door een bijdrageplichtige worden uitgeoefend, gebeurt op 1 april van het jaar waarin de bijdrage is verschuldigd.".

Art. 136.Artikel 14/15 van dezelfde wet wordt vervangen als volgt: "De retributies zijn betaalbaar vanaf de ontvangst door de retributieplichtige van een betalingsbericht, verzonden door het Agentschap. De bijdrageplichtige beschikt over een betalingstermijn van 15 dagen vanaf de ontvangst van het betalingsbericht.".

Art. 137.In artikel 14/19 van dezelfde wet worden de volgende wijzigingen aangebracht: 1° in paragraaf 1 worden de woorden "en de retributies bedoeld in artikel 14/14" vervangen door de woorden "de retributies bedoeld in artikel 14/14, het jaarlijks voorschot en de forfaitaire kosten bedoeld in de artikelen 14/26 en 14/28";2° paragraaf 1 wordt aangevuld met een lid, luidende: "In afwijking van het eerste lid, worden het jaarlijks voorschot en de forfaitaire kosten bedoeld in artikel 14/26 en 14/28, van rechtswege geïndexeerd op 1 januari van het jaar waarop ze betrekking hebben. Deze bedragen worden niet gepubliceerd in het Belgisch Staatsblad, maar enkel op de website van het FAGG." 3° in paragraaf 2, eerste lid, worden de woorden "alsook het jaarlijks voorschot of de forfaitaire kost" ingevoegd tussen de woorden "of retributie" en de woorden "werd ingevoerd".

Art. 138.In artikel 14/20, § 3, van dezelfde wet, worden de volgende wijzigingen aangebracht: 1° de woorden "overeenkomstig paragraaf 2" worden opgeheven;2° de woorden "en retributies, ongeacht of deze worden vermeld in paragraaf 1," worden ingevoegd tussen de woorden "definitief geworden belastingen" en de woorden "gebeurt op verzoek".

Art. 139.Artikel 14/22, van dezelfde wet, ingevoegd bij de wet van 11 maart 2018Relevante gevonden documenten type wet prom. 09/07/2004 pub. 15/07/2004 numac 2004021090 bron federale overheidsdienst kanselarij van de eerste minister Wet houdende diverse bepalingen sluiten2, wordt aangevuld met een paragraaf 8, luidende als volgt: " § 8. Onverminderd de bepalingen van de paragrafen 1 tot en met 7, kan, voor zover relevant, de minister of zijn afgevaardigde dan wel het FAGG, de verdere dienstverlening geheel of gedeeltelijk opschorten in geval de belastingen, heffingen of retributies bedoeld in deze wet niet betaald worden, tot op het moment dat de openstaande verschuldigde bedragen volstort worden.

In het geval bedoeld in het eerste lid, kunnen de minister of zijn afgevaardigde of, al naargelang het geval, het FAGG, weigeren om vergunningen, certificaten, toelatingen, adviezen of verklaringen af te leveren of de registraties te verrichten, zoals bedoeld in de wetgeving opgelijst onder artikel 4, § 1, derde lid, 6°, a).

Art. 140.Artikel 14/24, van de wet van 20 juli 2006Relevante gevonden documenten type wet prom. 20/07/2006 pub. 08/09/2006 numac 2006022888 bron federale overheidsdienst volksgezondheid, veiligheid van de voedselketen en leefmilieu Wet betreffende de oprichting en de werking van het Federaal Agentschap voor Geneesmiddelen en Gezondheidsproducten type wet prom. 20/07/2006 pub. 09/01/2019 numac 2018015695 bron federaal agentschap voor geneesmiddelen en gezondheidsproducten Wet betreffende de oprichting en de werking van het Federaal Agentschap voor Geneesmiddelen en Gezondheidsproducten. - Bekendmaking overeenkomstig artikel 14/19 van de geïndexeerde bedragen. - Rechtzetting type wet prom. 20/07/2006 pub. 28/07/2006 numac 2006202314 bron federale overheidsdienst kanselarij van de eerste minister Wet houdende diverse bepalingen sluiten betreffende de oprichting en de werking van het Federaal Agentschap voor Geneesmiddelen en Gezondheidsproducten wordt aangevuld met een lid, luidende: "De in het eerste lid bedoelde termijnen worden, al naargelang het geval, gestuit of geschorst: 1° op de wijzen en de voorwaarden daartoe voorzien door de artikelen 2244, § 1, 2247 tot en met 2251, en 2257 van het Oud Burgerlijk Wetboek; 2° door het verzenden van een aanmaning tot betaling per aangetekende brief tegen ontvangstbewijs, vergezeld van een overzicht van de verschuldigde bedragen en de feiten en rechtsgronden die aan deze schulden ten grondslag liggen.".

Art. 141.In Hoofdstuk V van dezelfde wet wordt een Afdeling 13 ingevoegd, luidende: "Financiering van de activiteiten met betrekking tot klinische studies".

Art. 142.In Hoofdstuk V, Afdeling 13, van dezelfde wet, ingevoegd bij artikel 138, wordt een artikel 14/26 ingevoegd, luidende: "

Art. 14/26.Onverminderd de bepalingen van deze wet, geschiedt de financiering van de activiteiten uitgevoerd door het Federaal Agentschap voor Geneesmiddelen en Gezondheidsproducten op grond van artikel 34/1 van de wet van 7 mei 2004Relevante gevonden documenten type wet prom. 07/05/2004 pub. 18/05/2004 numac 2004022376 bron federale overheidsdienst volksgezondheid, veiligheid van de voedselketen en leefmilieu Wet inzake experimenten op de menselijke persoon sluiten inzake experimenten op de menselijke persoon en op grond van de wet van 7 mei 2017Relevante gevonden documenten type wet prom. 26/06/2002 pub. 27/07/2002 numac 2002016171 bron ministerie van middenstand en landbouw Wet betreffende de oprichting van de Vestigingsraad sluiten7 betreffende klinische proeven met geneesmiddelen voor menselijk gebruik ten laste van de Staat.

Voor de financiering van de activiteiten bedoeld in het eerste lid, ontvangt het FAGG per jaar een voorschot ten laste van de kredieten bedoeld in artikel 13, 1°. Het bedrag van het voorschot wordt vastgelegd in Bijlage X. Voor de toepassing van het eerste lid worden forfaitaire kosten per type dossier vastgelegd ten laste van de kredieten bedoeld in artikel 13, 1° in Bijlage X.".

Art. 143.In Hoofdstuk V, Afdeling 13 van dezelfde wet, ingevoegd bij artikel 138, wordt een artikel 14/27 ingevoegd, luidende: "

Art. 14/27.Indien bij afsluiting van het betrokken begrotingsjaar de overeenkomstig artikel 14/26 gestorte middelen te hoog bleken te zijn, vloeit het verschil terug naar de Schatkist. Het bedrag van het verschil, dat aan de Schatkist teruggestort wordt, is gelijk aan de in artikel 14/26 bedoelde voorschot, verminderd met het totaalbedrag van de forfaitaire kosten van de financiering van de activiteiten uitgevoerd door het FAGG krachtens artikelen 34/1 van de wet van 7 mei 2004Relevante gevonden documenten type wet prom. 07/05/2004 pub. 18/05/2004 numac 2004022376 bron federale overheidsdienst volksgezondheid, veiligheid van de voedselketen en leefmilieu Wet inzake experimenten op de menselijke persoon sluiten inzake experimenten op de menselijke persoon en krachtens de wet van 7 mei 2017Relevante gevonden documenten type wet prom. 26/06/2002 pub. 27/07/2002 numac 2002016171 bron ministerie van middenstand en landbouw Wet betreffende de oprichting van de Vestigingsraad sluiten7 betreffende klinische proeven met geneesmiddelen voor menselijk gebruik zoals vastgesteld op basis van artikel 14/26, tweede lid.

Indien de som van de bedragen van de financiering van de activiteiten uitgevoerd door het FAGG krachtens dezelfde artikelen het bedrag van het in artikel 14/26 bedoelde voorschot overschrijdt, dan wordt het bedrag van deze overschrijding toegekend, via de kredieten bedoeld in artikel 13, 1° van de wet van 20 juli 2006Relevante gevonden documenten type wet prom. 20/07/2006 pub. 08/09/2006 numac 2006022888 bron federale overheidsdienst volksgezondheid, veiligheid van de voedselketen en leefmilieu Wet betreffende de oprichting en de werking van het Federaal Agentschap voor Geneesmiddelen en Gezondheidsproducten type wet prom. 20/07/2006 pub. 09/01/2019 numac 2018015695 bron federaal agentschap voor geneesmiddelen en gezondheidsproducten Wet betreffende de oprichting en de werking van het Federaal Agentschap voor Geneesmiddelen en Gezondheidsproducten. - Bekendmaking overeenkomstig artikel 14/19 van de geïndexeerde bedragen. - Rechtzetting type wet prom. 20/07/2006 pub. 28/07/2006 numac 2006202314 bron federale overheidsdienst kanselarij van de eerste minister Wet houdende diverse bepalingen sluiten betreffende de oprichting en de werking van het Federaal Agentschap voor Geneesmiddelen en Gezondheidsproducten.".

Art. 144.In de bijlage I van dezelfde wet worden de volgende wijzigingen aangebracht: 1° onder I.1, in de tweede kolom, worden de woorden "met uitzondering van de detailhandelaar" opgeheven; 2° onder I.1, in de vierde kolom, worden de woorden "0,2762 %" vervangen door de woorden "0,2868 %". 3° onder I.1, in de vierde kolom, worden de woorden "0,2868 %" vervangen door de woorden "0,3073 %".

Art. 145.In de bijlage II van dezelfde wet worden de volgende wijzigingen aangebracht: 1° onder II.1, in de vijfde kolom, worden de woorden "0,01073 EUR" vervangen door de woorden "0,01008 EUR"; 2° onder II.1, in de vijfde kolom, worden de woorden "0,01008 EUR" vervangen door de woorden "0,01111 EUR"; 3° onder II.3, in de vijfde kolom, worden de woorden "0,09800 EUR" vervangen door de woorden "0,16825 EUR"; 4° onder II.3, in de vijfde kolom, worden de woorden "0,16825 EUR" vervangen door de woorden "0,17265 EUR"; 5° onder II.5, in de vijfde kolom, worden de woorden "0,00168 EUR" vervangen door de woorden "0,00174 EUR"; 6° onder II.6, in de vijfde kolom, worden de woorden "0,03820 EUR" vervangen door de woorden "0,04099 EUR"; 7° onder II.6, in de vijfde kolom, worden de woorden "0,04099 EUR" vervangen door de woorden "0,04809 EUR"; 8° onder II.7, in de vijfde kolom, worden de woorden "0,01650 EUR" vervangen door de woorden "0,01781 EUR"; 9° onder II.7, in de vijfde kolom, worden de woorden "0,01781 EUR" vervangen door de woorden "0,02110 EUR".

Art. 146.In de bijlage III van dezelfde wet worden de volgende wijzigingen aangebracht: 1° onder III.1, in de vijfde kolom, worden de woorden "609,07 EUR" vervangen door de woorden "672,62 EUR"; 2° onder III.1, in de vijfde kolom, worden de woorden "672,62 EUR" vervangen door de woorden "822,95 EUR"; 3° onder III.1, in de vijfde kolom, worden de woorden "391,00 EUR" vervangen door de woorden "426,80 EUR"; 4° onder III.1, in de vijfde kolom, worden de woorden "426,80 EUR" vervangen door de woorden "513,66 EUR"; 5° onder III.2, in de vijfde kolom, worden de woorden "672,80 EUR" vervangen door de woorden "677,57 EUR"; 6° onder III.2, in de vijfde kolom, worden de woorden "677,57 EUR" vervangen door de woorden "717,11 EUR"; 7° onder III.3, in de vijfde kolom, worden de woorden "609,07 EUR" vervangen door de woorden "672,62 EUR"; 8° onder III.3, in de vijfde kolom, worden de woorden "672,62 EUR" vervangen door de woorden "822,95 EUR"; 9° onder III.3, in de vijfde kolom, worden de woorden "391,00 EUR" vervangen door de woorden "426,80 EUR"; 10° onder III.3, in de vijfde kolom, worden de woorden "426,80 EUR" vervangen door de woorden "513,66 EUR"; 11° onder III.6, in de vijfde kolom, worden de woorden "138,23 EUR" vervangen door de woorden "145,38 EUR"; 12° onder III.6, in de vijfde kolom, worden de woorden "145,38 EUR" vervangen door de woorden "165,43 EUR"; 13° onder III.8, in de vijfde kolom, worden de woorden "2.365,63 EUR" vervangen door de woorden "2.479,81 EUR"; 14° onder III.9, in de vijfde kolom, worden de woorden "5.085,82 EUR" vervangen door de woorden "3.923,33 EUR".

Art. 147.In de bijlage IV van dezelfde wet worden de volgende wijzigingen aangebracht: 1° in de lijn beginnend met de woorden "bijlage I.1", in de derde kolom, worden de woorden "13,30 %" vervangen door de woorden "19,81 %"; 2° in de lijn beginnend met de woorden "bijlage I.2", in de derde kolom, worden de woorden "1,80 %" vervangen door de woorden "2,53 %"; 3° in de lijn beginnend met de woorden "bijlage II.5", in de derde kolom, worden de woorden "4,78 %" vervangen door de woorden "5,32 %"; 4° in de lijn beginnend met de woorden "bijlage III.1 samen met bijlage III.3", in de derde kolom, worden de woorden "36,19 %" vervangen door de woorden "36,90 %"; 5° in de lijn beginnend met de woorden "bijlage III.2", in de derde kolom, worden de woorden "3,93 %" vervangen door de woorden "6,88 %"; 6° in de lijn beginnend met de woorden "bijlage III.6.", in de derde kolom, worden de woorden "20 %" vervangen door de woorden "8,57 %".

Art. 148.In de bijlage VII bij dezelfde wet worden de volgende wijzigingen aangebracht: 1° de tabel onder Titel 1, Hoofdstuk 9, wordt aangevuld met de lijn opgenomen in de bijlage I gevoegd bij deze wet; 2° de bepaling onder VII.1.15.3. wordt opgeheven; 3° de tabel onder Titel 2, Hoofdstuk 2, wordt aangevuld met de lijn opgenomen in de bijlage II gevoegd bij deze wet; 4° de bepaling onder VII.12.5.3 wordt opgeheven; 5° de bepaling onder VII.12.5.4 wordt opgeheven.

Art. 149.In de bijlage IX van dezelfde wet worden de volgende wijzigingen aangebracht: 1° de bepaling onder IX.2.19, in de tweede kolom, wordt aangevuld met de woorden "en/of dat een herbruikbaar chirurgisch instrument is"; 2° de tabel onder hoofdstuk 3 wordt vervangen door de tabel opgenomen in de bijlage III gevoegd bij deze wet;3° in de tabel onder hoofdstuk 3, worden de woorden "311,06" vervangen door de woorden "330,67".

Art. 150.Aan dezelfde wet wordt een bijlage X, opgenomen in de bijlage IV gevoegd bij deze wet, toegevoegd.

Art. 151.Artikel 47, § 3 van de wet van 7 mei 2017Relevante gevonden documenten type wet prom. 26/06/2002 pub. 27/07/2002 numac 2002016171 bron ministerie van middenstand en landbouw Wet betreffende de oprichting van de Vestigingsraad sluiten7 betreffende klinische proeven met geneesmiddelen voor menselijk gebruik en artikel 34/2, § 3 van de wet van 7 mei 2004Relevante gevonden documenten type wet prom. 07/05/2004 pub. 18/05/2004 numac 2004022376 bron federale overheidsdienst volksgezondheid, veiligheid van de voedselketen en leefmilieu Wet inzake experimenten op de menselijke persoon sluiten inzake experimenten op de menselijke persoon worden opgeheven. Afdeling 2 - Financiering van het Bioplatform

Art. 152.§ 1. Er wordt een bijzondere bijdrage opgelegd: 1° voor het jaar 2024: aan de opdrachtgever van een lopende klinische proef, waarvoor een aanvraag of aanvraag voor een toegelaten substantiële wijziging is gedaan tijdens een referentieperiode bestaande uit de jaren 2021, 2022 en 2023;2° voor het jaar 2025: aan de opdrachtgever van een lopende klinische proef, waarvoor een aanvraag of aanvraag voor een toegelaten substantiële wijziging is gedaan tijdens een referentieperiode bestaande uit de jaren 2022, 2023 en 2024. Op het einde van het jaar waarvoor de bijdrage wordt geheven wordt een berekening gemaakt van de kosten die het FAGG tijdens dat jaar heeft gemaakt om het Bioplatform op te richten.

Indien de totale opbrengst van de bijdragen die door alle bijdrageplichtigen gezamenlijk werden betaald in dat jaar het totaal van deze kosten overschrijdt, wordt het deel van de opbrengst van de bijdragen die de gemaakte kosten overschrijdt, teruggestort aan de bijdrageplichtigen, elk overeenkomstig hun aandeel in de opbrengst van de bijdragen. § 2. De tarieven van de bijzondere bijdragen bedoeld in paragraaf 1 bedragen 184,77 euro per initiële aanvraag en 36,96 euro per substantiële wijziging die plaatsvond tijdens de referentieperiode bedoeld in paragraaf 1. § 3. De tarieven bedoeld in paragraaf 2 worden jaarlijks aangepast aan de evolutie van het indexcijfer der consumptieprijzen van het Rijk, in functie van het indexcijfer van de maand september. Het aanvangsindexcijfer is dat van de maand september 2017. De geïndexeerde bedragen worden bekendgemaakt in het Belgisch Staatsblad en zijn opeisbaar vanaf 1 januari van het jaar dat volgt op dat gedurende hetwelk de aanpassing is uitgevoerd. Afdeling 3 - Opheffingsbepalingen

Art. 153.In de wet van 7 mei 2004Relevante gevonden documenten type wet prom. 07/05/2004 pub. 18/05/2004 numac 2004022376 bron federale overheidsdienst volksgezondheid, veiligheid van de voedselketen en leefmilieu Wet inzake experimenten op de menselijke persoon sluiten inzake experimenten op de menselijke persoon, laatstelijk gewijzigd bij de wet van 11 juli 2023, wordt het artikel 34/2 opgeheven.

Art. 154.In de wet van 7 mei 2017Relevante gevonden documenten type wet prom. 26/06/2002 pub. 27/07/2002 numac 2002016171 bron ministerie van middenstand en landbouw Wet betreffende de oprichting van de Vestigingsraad sluiten7 betreffende klinische proeven met geneesmiddelen voor menselijk gebruik, laatstelijk gewijzigd bij de wet van 11 juli 2023, wordt artikel 47 opgeheven.

Art. 155.Het koninklijk besluit van 16 december 2021Relevante gevonden documenten type wet prom. 27/04/2005 pub. 20/05/2005 numac 2005022392 bron federale overheidsdienst sociale zekerheid Wet betreffende de beheersing van de begroting van de gezondheidszorg en houdende diverse bepalingen inzake gezondheid sluiten6 betreffende de financiering van de activiteiten uitgevoerd door het FAGG krachtens de wetten van 7 mei 2004 inzake experimenten op de menselijke persoon en van 7 mei 2017 betreffende klinische proeven met geneesmiddelen voor menselijk gebruik, wordt opgeheven. Afdeling 4 - Inwerkingtreding

Art. 156.Dit hoofdstuk treedt in werking op 1 januari 2024.

In afwijking van het eerste lid, treden de artikelen 136, 141, 1° en 2°, 146, 1° en 2°, in werking op 6 februari 2024.

In afwijking van het eerste lid, treden artikel 141, 3°, artikel 142, 2°, 4°, 5°, 7° en 9°, artikel 143, 2°, 4°, 6°, 8°, 10° en 12°, en artikel 146, 3° in werking op 1 januari 2025.

TITEL 9 - Pensioenen ENIG HOOFDSTUK - Wijziging van de wet van 16 november 2015Relevante gevonden documenten type wet prom. 26/06/2002 pub. 27/07/2002 numac 2002016171 bron ministerie van middenstand en landbouw Wet betreffende de oprichting van de Vestigingsraad sluiten5 houdende diverse bepalingen inzake sociale zaken

Art. 157.In artikel 3, 7°, van de wet van 16 november 2015Relevante gevonden documenten type wet prom. 26/06/2002 pub. 27/07/2002 numac 2002016171 bron ministerie van middenstand en landbouw Wet betreffende de oprichting van de Vestigingsraad sluiten5 houdende diverse bepalingen in sociale zaken, ingevoegd bij de programma wet van 25 december 2017Relevante gevonden documenten type wet prom. 26/06/2002 pub. 27/07/2002 numac 2002016171 bron ministerie van middenstand en landbouw Wet betreffende de oprichting van de Vestigingsraad sluiten9, worden de woorden "en b)" opgeheven.

Art. 158.Artikel 157 heeft uitwerking met ingang van 1 januari 2023.

TITEL 10 - Sociale zaken HOOFDSTUK 1 - Wijziging van de wet van 18 april 2017Relevante gevonden documenten type wet prom. 09/07/2004 pub. 15/07/2004 numac 2004021090 bron federale overheidsdienst kanselarij van de eerste minister Wet houdende diverse bepalingen sluiten1 houdende hervorming van de financiering van de sociale zekerheid Afdeling 1 - Alternatieve financiering van het stelsel van de

werknemers vanaf 2024

Art. 159.In artikel 2 van de wet van 18 april 2017Relevante gevonden documenten type wet prom. 09/07/2004 pub. 15/07/2004 numac 2004021090 bron federale overheidsdienst kanselarij van de eerste minister Wet houdende diverse bepalingen sluiten1 houdende hervorming van de financiering van de sociale zekerheid, worden de volgende wijzigingen aangebracht: 1° paragraaf 1 wordt vervangen als volgt: " § 1.Vanaf 1 januari 2024 wordt 21,70 % van de opbrengst van de belasting over de toegevoegde waarde, hierna te noemen "btw", voorafgenomen van het netto geïnde bedrag van deze belasting en toegewezen aan het RSZ-Globaal Beheer bedoeld in artikel 5, eerste lid, 2°, van de wet van 27 juni 1969Relevante gevonden documenten type wet prom. 07/05/1999 pub. 30/12/1999 numac 1999010222 bron ministerie van justitie Wet op de kansspelen, de kansspelinrichtingen en de bescherming van de spelers type wet prom. 07/05/1999 pub. 15/05/1999 numac 1999000386 bron ministerie van binnenlandse zaken Wet tot wijziging van artikel 54 van de wet van 15 december 1980 betreffende de toegang tot het grondgebied, het verblijf, de vestiging en de verwijdering van vreemdelingen en van artikel 57ter van de organieke wet van 8 juli 1976 betreffende de openbare centra voor maatschappelijk welzijn, van de artikelen 2, § 5, 5, § 2 en 11bis van de wet van 2 april 1965 betreffende het ten laste nemen van de steun verleend door openbare centra voor maatschappelijk welzijn type wet prom. 07/05/1999 pub. 29/06/1999 numac 1999009706 bron ministerie van justitie Wet tot wijziging van sommige bepalingen van het Strafwetboek, van het Wetboek van Strafvordering, van de wet van 17 april 1878 houdende de voorafgaande titel van het Wetboek van Strafvordering, van de wet van 9 april 1930 tot bescherming van de maatschappij tegen de abnormalen en de gewoontemisdadigers, vervangen door de wet van 1 juli 1964, van de wet van 29 juni 1964 betreffende de opschorting, het uitstel en de probatie, van de wet van 20 juli 1990 betreffende de voorlopige hechtenis, van de wet van 5 maart 1998 betreffende de voorwaardelijke invrijheidsstelling en tot wijziging van de wet van 9 april 1930 tot bescherming van de maatschappij tegen de abnormalen en de gewoontemisdadigers, vervangen door de wet van 1 juli 1964 type wet prom. 07/05/1999 pub. 20/05/1999 numac 1999021236 bron diensten van de eerste minister Bijzondere wet tot wijziging van artikel 32 van de gewone wet van 9 augustus 1980 tot hervorming der instellingen, betreffende de voorkoming en de regeling van belangenconflicten sluiten9 tot herziening van de besluitwet van 28 december 1944 betreffende de maatschappelijke zekerheid der arbeiders.

Als er nieuwe bijdrageverminderingen of bijkomende bijdrageverminderingen of andere tewerkstellingsmaatregelen worden beslist, kan dit percentage van de btw worden aangepast door een koninklijk besluit vastgesteld na overleg in de Ministerraad."; 2° paragraaf 2 wordt vervangen als volgt: " § 2.Het overeenkomstig § 1 vastgestelde bedrag mag niet lager zijn dan 8.577.896 duizend euro. Dit laatste bedrag wordt jaarlijks aangepast aan het groeipercentage van de gemiddelde gezondheidsindex van het jaar. Het definitieve minimumbedrag voor het jaar T wordt vastgesteld in de maand januari van het jaar T+1 op basis van de werkelijke gemiddelde gezondheidsindex van het jaar T (uitgedrukt in 2 decimalen na de komma).

Als er nieuwe bijdrageverminderingen of bijkomende bijdrageverminderingen of andere tewerkstellingsmaatregelen worden beslist, kan dit minimumbedrag van de btw worden aangepast door een koninklijk besluit vastgesteld na overleg in de Ministerraad.".

Art. 160.In artikel 3 van dezelfde wet worden de volgende wijzigingen aangebracht: 1° paragraaf 1 wordt vervangen als volgt: " § 1.Vanaf 1 januari 2024 wordt 78,08 % van de opbrengst van de roerende voorheffing voorafgenomen van het netto geïnde bedrag van deze voorheffing en toegewezen aan het RSZ-Globaal Beheer bedoeld in artikel 5, eerste lid, 2°, van de wet van 27 juni 1969Relevante gevonden documenten type wet prom. 07/05/1999 pub. 30/12/1999 numac 1999010222 bron ministerie van justitie Wet op de kansspelen, de kansspelinrichtingen en de bescherming van de spelers type wet prom. 07/05/1999 pub. 15/05/1999 numac 1999000386 bron ministerie van binnenlandse zaken Wet tot wijziging van artikel 54 van de wet van 15 december 1980 betreffende de toegang tot het grondgebied, het verblijf, de vestiging en de verwijdering van vreemdelingen en van artikel 57ter van de organieke wet van 8 juli 1976 betreffende de openbare centra voor maatschappelijk welzijn, van de artikelen 2, § 5, 5, § 2 en 11bis van de wet van 2 april 1965 betreffende het ten laste nemen van de steun verleend door openbare centra voor maatschappelijk welzijn type wet prom. 07/05/1999 pub. 29/06/1999 numac 1999009706 bron ministerie van justitie Wet tot wijziging van sommige bepalingen van het Strafwetboek, van het Wetboek van Strafvordering, van de wet van 17 april 1878 houdende de voorafgaande titel van het Wetboek van Strafvordering, van de wet van 9 april 1930 tot bescherming van de maatschappij tegen de abnormalen en de gewoontemisdadigers, vervangen door de wet van 1 juli 1964, van de wet van 29 juni 1964 betreffende de opschorting, het uitstel en de probatie, van de wet van 20 juli 1990 betreffende de voorlopige hechtenis, van de wet van 5 maart 1998 betreffende de voorwaardelijke invrijheidsstelling en tot wijziging van de wet van 9 april 1930 tot bescherming van de maatschappij tegen de abnormalen en de gewoontemisdadigers, vervangen door de wet van 1 juli 1964 type wet prom. 07/05/1999 pub. 20/05/1999 numac 1999021236 bron diensten van de eerste minister Bijzondere wet tot wijziging van artikel 32 van de gewone wet van 9 augustus 1980 tot hervorming der instellingen, betreffende de voorkoming en de regeling van belangenconflicten sluiten9 tot herziening van de besluitwet van 28 december 1944 betreffende de maatschappelijke zekerheid der arbeiders.

Als er nieuwe bijdrageverminderingen of bijkomende bijdrageverminderingen of andere tewerkstellingsmaatregelen worden beslist, kan dit percentage van de roerende voorheffing worden aangepast door een koninklijk besluit vastgesteld na overleg in de Ministerraad."; 2° paragraaf 2 wordt vervangen als volgt: " § 2.Het overeenkomstig § 1 vastgestelde bedrag mag niet lager zijn dan 4.233.705 duizend euro. Dit laatste bedrag wordt jaarlijks aangepast aan het groeipercentage van de gemiddelde gezondheidsindex van het jaar. Het definitieve minimumbedrag voor het jaar T wordt vastgesteld in de maand januari van het jaar T+1 op basis van de werkelijke gemiddelde gezondheidsindex van het jaar T (uitgedrukt in 2 decimalen na de komma).

Als er nieuwe bijdrageverminderingen of bijkomende bijdrageverminderingen of andere tewerkstellingsmaatregelen worden beslist, kan dit minimumbedrag van de roerende voorheffing worden aangepast door een koninklijk besluit vastgesteld na overleg in de Ministerraad.".

Art. 161.In hoofdstuk 2, afdeling 1, van dezelfde wet wordt onderafdeling 2, dat artikel 5 bevat, opgeheven.

Art. 162.In hoofdstuk 2, afdeling 1, van dezelfde wet wordt onderafdeling 3, dat artikel 6 bevat, laatstelijk gewijzigd bij wet van 16 oktober 2023Relevante gevonden documenten type wet prom. 27/12/2005 pub. 30/12/2005 numac 2005021183 bron federale overheidsdienst kanselarij van de eerste minister Wet houdende diverse bepalingen sluiten1, opgeheven.

Art. 163.In artikel 7 van dezelfde wet, worden de volgende wijzigingen aangebracht: 1° in paragraaf 1, worden de woorden "om de betaling van de bedragen te garanderen die krachtens artikelen 2, 5 en 6 verschuldigd zijn" vervangen door de woorden "en indien dit onvoldoende is, op het netto geïnde bedrag van de bedrijfsvoorheffing om de betaling van het bedrag te garanderen dat krachtens artikel 2 verschuldigd is";2° paragraaf 2 wordt vervangen als volgt: " § 2.Evenzo mag een bijkomend bedrag voorafgenomen worden van het netto geïnde bedrag van de accijnzen op tabak en indien dit onvoldoende is, op het netto geïnde bedrag van de bedrijfsvoorheffing, wanneer vastgesteld wordt dat het netto geïnde bedrag van de roerende voorheffing niet volstaat om het bedrag zoals vastgesteld in artikel 3 te financieren zonder dat deze voorafname evenwel groter kan zijn dan het vastgestelde tekort van het netto geïnde bedrag van de roerende voorheffing.".

Art. 164.In artikel 20, § 1, van dezelfde wet worden de woorden "en indien dit onvoldoende is, op het netto geïnde bedrag van de bedrijfsvoorheffing" ingevoegd tussen de woorden "accijnzen op tabak" en de woorden "om de betaling". Afdeling 2 - Alternatieve financiering van het stelsel van de

zelfstandigen vanaf 2024

Art. 165.In artikel 9 van de wet van 18 april 2017Relevante gevonden documenten type wet prom. 09/07/2004 pub. 15/07/2004 numac 2004021090 bron federale overheidsdienst kanselarij van de eerste minister Wet houdende diverse bepalingen sluiten1 houdende hervorming van de financiering van de sociale zekerheid, worden de volgende wijzigingen aangebracht: 1° paragraaf 1 wordt vervangen als volgt: " § 1.Vanaf 1 januari 2024 wordt 4,54 % van de opbrengst van de btw voorafgenomen van het netto geïnde bedrag van deze belasting en toegewezen aan het Fonds voor het financieel evenwicht in het sociaal statuut der zelfstandigen, bedoeld in artikel 21bis van het koninklijk besluit nr. 38 van 27 juli 1967 houdende inrichting van het sociaal statuut der zelfstandigen.

Als er nieuwe bijdrageverminderingen of bijkomende bijdrageverminderingen of sociale verbeteringen binnen het stelsel van de zelfstandigen worden beslist, kan dit percentage van de btw worden aangepast door een koninklijk besluit vastgesteld na overleg in de Ministerraad."; 2° paragraaf 2 wordt vervangen als volgt: " § 2.Het overeenkomstig § 1 vastgestelde bedrag mag niet lager zijn dan 1.794.638 duizend euro. Dit laatste bedrag wordt jaarlijks aangepast aan het groeipercentage van de gemiddelde gezondheidsindex van het jaar. Het definitieve minimumbedrag voor het jaar T wordt vastgesteld in de maand januari van het jaar T+1 op basis van de werkelijke gemiddelde gezondheidsindex van het jaar T (uitgedrukt in 2 decimalen na de komma).

Als er nieuwe bijdrageverminderingen of bijkomende bijdrageverminderingen of sociale verbeteringen binnen het stelsel van de zelfstandigen worden beslist, kan dit minimumbedrag van de btw worden aangepast door een koninklijk besluit vastgesteld na overleg in de Ministerraad.".

Art. 166.In artikel 10 van dezelfde wet worden de volgende wijzigingen aangebracht: 1° paragraaf 1 wordt vervangen als volgt: " § 1.Vanaf 1 januari 2024 wordt 15,52 % van de opbrengst van de roerende voorheffing voorafgenomen van het netto geïnde bedrag van deze voorheffing en toegewezen aan het Fonds voor het financieel evenwicht in het sociaal statuut der zelfstandigen, bedoeld in artikel 21bis van het koninklijk besluit nr. 38 van 27 juli 1967 houdende inrichting van het sociaal statuut der zelfstandigen.

Als er nieuwe bijdrageverminderingen of bijkomende bijdrageverminderingen of sociale verbeteringen binnen het stelsel van de zelfstandigen worden beslist, kan dit percentage van de roerende voorheffing worden aangepast door een koninklijk besluit vastgesteld na overleg in de Ministerraad."; 2° paragraaf 2 wordt vervangen als volgt: " § 2.Het overeenkomstig § 1 vastgestelde bedrag mag niet lager zijn dan 841.536 duizend euro. Dit laatste bedrag wordt jaarlijks aangepast aan het groeipercentage van de gemiddelde gezondheidsindex van het jaar. Het definitieve minimumbedrag voor het jaar T wordt vastgesteld in de maand januari van het jaar T+1 op basis van de werkelijke gemiddelde gezondheidsindex van het jaar T (uitgedrukt in 2 decimalen na de komma).

Als er nieuwe bijdrageverminderingen of bijkomende bijdrageverminderingen of sociale verbeteringen binnen het stelsel van de zelfstandigen worden beslist, kan dit minimumbedrag van de roerende voorheffing worden aangepast door een koninklijk besluit vastgesteld na overleg in de Ministerraad.".

Art. 167.In hoofdstuk 2, afdeling 2, van dezelfde wet, wordt onderafdeling 2, dat artikel 12 bevat, opgeheven.

Art. 168.In hoofdstuk 2, afdeling 2, van dezelfde wet, wordt onderafdeling 3, dat artikel 13 bevat, laatstelijk gewijzigd bij de wet van 16 oktober 2023Relevante gevonden documenten type wet prom. 27/12/2005 pub. 30/12/2005 numac 2005021183 bron federale overheidsdienst kanselarij van de eerste minister Wet houdende diverse bepalingen sluiten1, opgeheven.

Art. 169.In artikel 14 van dezelfde wet worden de volgende wijzigingen aangebracht: 1° in paragraaf 1 worden de woorden "om de betaling van de bedragen te garanderen die krachtens artikelen 9, 12 en 13 verschuldigd zijn" vervangen door de woorden "en indien dit onvoldoende is, op het netto geïnde bedrag van de bedrijfsvoorheffing om de betaling van het bedrag te garanderen dat krachtens artikel 9 verschuldigd is";2° paragraaf 2 wordt vervangen als volgt: " § 2.Evenzo mag een bijkomend bedrag voorafgenomen worden van het netto geïnde bedrag van de accijnzen op tabak en indien dit onvoldoende is, op het netto geïnde bedrag van de bedrijfsvoorheffing, wanneer vastgesteld wordt dat het netto geïnde bedrag van de roerende voorheffing niet volstaat om het bedrag zoals vastgesteld in artikel 10 te financieren zonder dat deze voorafname evenwel groter kan zijn dan het vastgestelde tekort van het netto geïnde bedrag van de roerende voorheffing.". Afdeling 3 - Inwerkingtreding

Art. 170.Dit hoofdstuk treedt in werking op 1 januari 2024. HOOFDSTUK 2 - Uitkeringsverzekering Afdeling 1 - Verhoging van het bedrag van de werkhervattingspremie

Art. 171.In artikel 110/1, § 1 van de wet betreffende de verplichte verzekering voor geneeskundige verzorging en uitkeringen, gecoördineerd op 14 juli 1994, ingevoegd bij de programma wet van 26 december 2022Relevante gevonden documenten type wet prom. 07/05/2004 pub. 18/05/2004 numac 2004022376 bron federale overheidsdienst volksgezondheid, veiligheid van de voedselketen en leefmilieu Wet inzake experimenten op de menselijke persoon sluiten8, wordt het getal "1.000" vervangen door het getal "1.725".

Art. 172.Artikel 171 treedt in werking op 1 januari 2024 en is slechts van toepassing op voorwaarde dat zowel de periode gedekt door de toelating van de adviserend arts, naargelang het geval, bedoeld in artikel 100, § 2 van de wet betreffende de verplichte verzekering voor geneeskundige verzorging en uitkeringen, gecoördineerd op 14 juli 1994 en in de artikelen 23 en 23bis van het koninklijk besluit van 20 juli 1971 houdende instelling van een uitkeringsverzekering en een moederschapsverzekering ten voordele van de zelfstandigen en van de meewerkende echtgenoten als de werkhervatting door de invalide erkende gerechtigde bij de werkgever op grond van deze toelating ten vroegste aanvatten op 1 januari 2024. Afdeling 2 - Afschaffing van de opleidingspremie en van de slaagpremie

Art. 173.Artikel 215sexies van het koninklijk besluit van 3 juli 1996Relevante gevonden documenten type wet prom. 27/04/2005 pub. 20/05/2005 numac 2005022392 bron federale overheidsdienst sociale zekerheid Wet betreffende de beheersing van de begroting van de gezondheidszorg en houdende diverse bepalingen inzake gezondheid sluiten1 tot uitvoering van de wet betreffende de verplichte verzekering voor geneeskundige verzorging en uitkeringen, gecoördineerd op 14 juli 1994, ingevoegd bij het koninklijk besluit van 30 maart 2009 en gewijzigd bij de wet van 29 maart 2012, wordt opgeheven.

Art. 174.Artikel 173 treedt in werking op 1 januari 2024 en is van toepassing op de aanvragen tot tenlasteneming van een nieuw programma van beroepsherscholing die vanaf 1 januari 2024 bij de Geneeskundige raad voor invaliditeit worden ingediend. Afdeling 3 - Provisionele inhouding op de administratiekosten

toegekend aan de landsbonden van ziekenfondsen

Art. 175.Voor de toepassing van artikel 176 moet worden verstaan onder: 1° "gecoördineerde wet van 14 juli 1994Relevante gevonden documenten type wet prom. 07/05/1999 pub. 30/12/1999 numac 1999010222 bron ministerie van justitie Wet op de kansspelen, de kansspelinrichtingen en de bescherming van de spelers type wet prom. 07/05/1999 pub. 15/05/1999 numac 1999000386 bron ministerie van binnenlandse zaken Wet tot wijziging van artikel 54 van de wet van 15 december 1980 betreffende de toegang tot het grondgebied, het verblijf, de vestiging en de verwijdering van vreemdelingen en van artikel 57ter van de organieke wet van 8 juli 1976 betreffende de openbare centra voor maatschappelijk welzijn, van de artikelen 2, § 5, 5, § 2 en 11bis van de wet van 2 april 1965 betreffende het ten laste nemen van de steun verleend door openbare centra voor maatschappelijk welzijn type wet prom. 07/05/1999 pub. 29/06/1999 numac 1999009706 bron ministerie van justitie Wet tot wijziging van sommige bepalingen van het Strafwetboek, van het Wetboek van Strafvordering, van de wet van 17 april 1878 houdende de voorafgaande titel van het Wetboek van Strafvordering, van de wet van 9 april 1930 tot bescherming van de maatschappij tegen de abnormalen en de gewoontemisdadigers, vervangen door de wet van 1 juli 1964, van de wet van 29 juni 1964 betreffende de opschorting, het uitstel en de probatie, van de wet van 20 juli 1990 betreffende de voorlopige hechtenis, van de wet van 5 maart 1998 betreffende de voorwaardelijke invrijheidsstelling en tot wijziging van de wet van 9 april 1930 tot bescherming van de maatschappij tegen de abnormalen en de gewoontemisdadigers, vervangen door de wet van 1 juli 1964 type wet prom. 07/05/1999 pub. 20/05/1999 numac 1999021236 bron diensten van de eerste minister Bijzondere wet tot wijziging van artikel 32 van de gewone wet van 9 augustus 1980 tot hervorming der instellingen, betreffende de voorkoming en de regeling van belangenconflicten sluiten2": de wet betreffende de verplichte verzekering voor geneeskundige verzorging en uitkeringen, gecoördineerd op 14 juli 1994;2° "uitvoeringsbesluiten van 20 juli 1971 en 3 juli 1996": het koninklijk besluit van 20 juli 1971 houdende instelling van een uitkeringsverzekering en een moederschapsverzekering ten voordele van de zelfstandigen en van de meewerkende echtgenoten en het koninklijk besluit van 3 juli 1996Relevante gevonden documenten type wet prom. 27/04/2005 pub. 20/05/2005 numac 2005022392 bron federale overheidsdienst sociale zekerheid Wet betreffende de beheersing van de begroting van de gezondheidszorg en houdende diverse bepalingen inzake gezondheid sluiten1 tot uitvoering van de wet betreffende de verplichte verzekering voor geneeskundige verzorging en uitkeringen, gecoördineerd op 14 juli 1994;3° "Dienst voor uitkeringen": de Dienst voor uitkeringen van het Rijksinstituut voor ziekte- en invaliditeitsverzekering bedoeld in artikel 78 van de gecoördineerde wet van 14 juli 1994Relevante gevonden documenten type wet prom. 07/05/1999 pub. 30/12/1999 numac 1999010222 bron ministerie van justitie Wet op de kansspelen, de kansspelinrichtingen en de bescherming van de spelers type wet prom. 07/05/1999 pub. 15/05/1999 numac 1999000386 bron ministerie van binnenlandse zaken Wet tot wijziging van artikel 54 van de wet van 15 december 1980 betreffende de toegang tot het grondgebied, het verblijf, de vestiging en de verwijdering van vreemdelingen en van artikel 57ter van de organieke wet van 8 juli 1976 betreffende de openbare centra voor maatschappelijk welzijn, van de artikelen 2, § 5, 5, § 2 en 11bis van de wet van 2 april 1965 betreffende het ten laste nemen van de steun verleend door openbare centra voor maatschappelijk welzijn type wet prom. 07/05/1999 pub. 29/06/1999 numac 1999009706 bron ministerie van justitie Wet tot wijziging van sommige bepalingen van het Strafwetboek, van het Wetboek van Strafvordering, van de wet van 17 april 1878 houdende de voorafgaande titel van het Wetboek van Strafvordering, van de wet van 9 april 1930 tot bescherming van de maatschappij tegen de abnormalen en de gewoontemisdadigers, vervangen door de wet van 1 juli 1964, van de wet van 29 juni 1964 betreffende de opschorting, het uitstel en de probatie, van de wet van 20 juli 1990 betreffende de voorlopige hechtenis, van de wet van 5 maart 1998 betreffende de voorwaardelijke invrijheidsstelling en tot wijziging van de wet van 9 april 1930 tot bescherming van de maatschappij tegen de abnormalen en de gewoontemisdadigers, vervangen door de wet van 1 juli 1964 type wet prom. 07/05/1999 pub. 20/05/1999 numac 1999021236 bron diensten van de eerste minister Bijzondere wet tot wijziging van artikel 32 van de gewone wet van 9 augustus 1980 tot hervorming der instellingen, betreffende de voorkoming en de regeling van belangenconflicten sluiten2;4° "landsbond": een landsbond zoals bepaald in artikel 6 van de wet van 6 augustus 1990Relevante gevonden documenten type wet prom. 06/08/1990 pub. 21/12/2007 numac 2007001031 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet betreffende de ziekenfondsen en de landsbonden van ziekenfondsen. - Duitse vertaling van wijzigingsbepalingen van het eerste semester 2007 type wet prom. 06/08/1990 pub. 17/03/2009 numac 2009000060 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet betreffende de ziekenfondsen en de landsbonden van ziekenfondsen. - Duitse vertaling van wijzigingsbepalingen sluiten betreffende de ziekenfondsen en de landsbonden van ziekenfondsen;5° "arbeidsongeschikt erkende gerechtigden": de gerechtigden die arbeidsongeschikt zijn erkend overeenkomstig artikel 100 van de gecoördineerde wet van 14 juli 1994Relevante gevonden documenten type wet prom. 07/05/1999 pub. 30/12/1999 numac 1999010222 bron ministerie van justitie Wet op de kansspelen, de kansspelinrichtingen en de bescherming van de spelers type wet prom. 07/05/1999 pub. 15/05/1999 numac 1999000386 bron ministerie van binnenlandse zaken Wet tot wijziging van artikel 54 van de wet van 15 december 1980 betreffende de toegang tot het grondgebied, het verblijf, de vestiging en de verwijdering van vreemdelingen en van artikel 57ter van de organieke wet van 8 juli 1976 betreffende de openbare centra voor maatschappelijk welzijn, van de artikelen 2, § 5, 5, § 2 en 11bis van de wet van 2 april 1965 betreffende het ten laste nemen van de steun verleend door openbare centra voor maatschappelijk welzijn type wet prom. 07/05/1999 pub. 29/06/1999 numac 1999009706 bron ministerie van justitie Wet tot wijziging van sommige bepalingen van het Strafwetboek, van het Wetboek van Strafvordering, van de wet van 17 april 1878 houdende de voorafgaande titel van het Wetboek van Strafvordering, van de wet van 9 april 1930 tot bescherming van de maatschappij tegen de abnormalen en de gewoontemisdadigers, vervangen door de wet van 1 juli 1964, van de wet van 29 juni 1964 betreffende de opschorting, het uitstel en de probatie, van de wet van 20 juli 1990 betreffende de voorlopige hechtenis, van de wet van 5 maart 1998 betreffende de voorwaardelijke invrijheidsstelling en tot wijziging van de wet van 9 april 1930 tot bescherming van de maatschappij tegen de abnormalen en de gewoontemisdadigers, vervangen door de wet van 1 juli 1964 type wet prom. 07/05/1999 pub. 20/05/1999 numac 1999021236 bron diensten van de eerste minister Bijzondere wet tot wijziging van artikel 32 van de gewone wet van 9 augustus 1980 tot hervorming der instellingen, betreffende de voorkoming en de regeling van belangenconflicten sluiten2 of artikel 19 van koninklijk besluit van 20 juli 1971 houdende instelling van een uitkeringsverzekering en een moederschapsverzekering ten voordele van de zelfstandigen en van de meewerkende echtgenoten;6° "periode van primaire ongeschiktheid": de periode van primaire ongeschiktheid, naargelang het geval, bedoeld in artikel 87 van de gecoördineerde wet van 14 juli 1994Relevante gevonden documenten type wet prom. 07/05/1999 pub. 30/12/1999 numac 1999010222 bron ministerie van justitie Wet op de kansspelen, de kansspelinrichtingen en de bescherming van de spelers type wet prom. 07/05/1999 pub. 15/05/1999 numac 1999000386 bron ministerie van binnenlandse zaken Wet tot wijziging van artikel 54 van de wet van 15 december 1980 betreffende de toegang tot het grondgebied, het verblijf, de vestiging en de verwijdering van vreemdelingen en van artikel 57ter van de organieke wet van 8 juli 1976 betreffende de openbare centra voor maatschappelijk welzijn, van de artikelen 2, § 5, 5, § 2 en 11bis van de wet van 2 april 1965 betreffende het ten laste nemen van de steun verleend door openbare centra voor maatschappelijk welzijn type wet prom. 07/05/1999 pub. 29/06/1999 numac 1999009706 bron ministerie van justitie Wet tot wijziging van sommige bepalingen van het Strafwetboek, van het Wetboek van Strafvordering, van de wet van 17 april 1878 houdende de voorafgaande titel van het Wetboek van Strafvordering, van de wet van 9 april 1930 tot bescherming van de maatschappij tegen de abnormalen en de gewoontemisdadigers, vervangen door de wet van 1 juli 1964, van de wet van 29 juni 1964 betreffende de opschorting, het uitstel en de probatie, van de wet van 20 juli 1990 betreffende de voorlopige hechtenis, van de wet van 5 maart 1998 betreffende de voorwaardelijke invrijheidsstelling en tot wijziging van de wet van 9 april 1930 tot bescherming van de maatschappij tegen de abnormalen en de gewoontemisdadigers, vervangen door de wet van 1 juli 1964 type wet prom. 07/05/1999 pub. 20/05/1999 numac 1999021236 bron diensten van de eerste minister Bijzondere wet tot wijziging van artikel 32 van de gewone wet van 9 augustus 1980 tot hervorming der instellingen, betreffende de voorkoming en de regeling van belangenconflicten sluiten2 of artikel 6, 1° en 2°, van het koninklijk besluit van 20 juli 1971 houdende instelling van een uitkeringsverzekering en een moederschapsverzekering ten voordele van de zelfstandigen en van de meewerkende echtgenoten;7° "fysiek contact": een medisch onderzoek op grond waarvan de adviserend arts de restcapaciteiten heeft ingeschat overeenkomstig artikel 100, § 1/4, eerste lid, 1°, of artikel 110, § 4, eerste lid, 1°, van de gecoördineerde wet van 14 juli 1994Relevante gevonden documenten type wet prom. 07/05/1999 pub. 30/12/1999 numac 1999010222 bron ministerie van justitie Wet op de kansspelen, de kansspelinrichtingen en de bescherming van de spelers type wet prom. 07/05/1999 pub. 15/05/1999 numac 1999000386 bron ministerie van binnenlandse zaken Wet tot wijziging van artikel 54 van de wet van 15 december 1980 betreffende de toegang tot het grondgebied, het verblijf, de vestiging en de verwijdering van vreemdelingen en van artikel 57ter van de organieke wet van 8 juli 1976 betreffende de openbare centra voor maatschappelijk welzijn, van de artikelen 2, § 5, 5, § 2 en 11bis van de wet van 2 april 1965 betreffende het ten laste nemen van de steun verleend door openbare centra voor maatschappelijk welzijn type wet prom. 07/05/1999 pub. 29/06/1999 numac 1999009706 bron ministerie van justitie Wet tot wijziging van sommige bepalingen van het Strafwetboek, van het Wetboek van Strafvordering, van de wet van 17 april 1878 houdende de voorafgaande titel van het Wetboek van Strafvordering, van de wet van 9 april 1930 tot bescherming van de maatschappij tegen de abnormalen en de gewoontemisdadigers, vervangen door de wet van 1 juli 1964, van de wet van 29 juni 1964 betreffende de opschorting, het uitstel en de probatie, van de wet van 20 juli 1990 betreffende de voorlopige hechtenis, van de wet van 5 maart 1998 betreffende de voorwaardelijke invrijheidsstelling en tot wijziging van de wet van 9 april 1930 tot bescherming van de maatschappij tegen de abnormalen en de gewoontemisdadigers, vervangen door de wet van 1 juli 1964 type wet prom. 07/05/1999 pub. 20/05/1999 numac 1999021236 bron diensten van de eerste minister Bijzondere wet tot wijziging van artikel 32 van de gewone wet van 9 augustus 1980 tot hervorming der instellingen, betreffende de voorkoming en de regeling van belangenconflicten sluiten2 en, in voorkomend geval, de staat van arbeidsongeschiktheid heeft geëvalueerd of een fysiek contactmoment op grond waarvan de medewerker van het multidisciplinaire team de restcapaciteiten heeft geëvalueerd overeenkomstig artikel 100, § 1/4, eerste lid, 1°, of artikel 110, § 4, eerste lid, 1°, van de gecoördineerde wet van 14 juli 1994Relevante gevonden documenten type wet prom. 07/05/1999 pub. 30/12/1999 numac 1999010222 bron ministerie van justitie Wet op de kansspelen, de kansspelinrichtingen en de bescherming van de spelers type wet prom. 07/05/1999 pub. 15/05/1999 numac 1999000386 bron ministerie van binnenlandse zaken Wet tot wijziging van artikel 54 van de wet van 15 december 1980 betreffende de toegang tot het grondgebied, het verblijf, de vestiging en de verwijdering van vreemdelingen en van artikel 57ter van de organieke wet van 8 juli 1976 betreffende de openbare centra voor maatschappelijk welzijn, van de artikelen 2, § 5, 5, § 2 en 11bis van de wet van 2 april 1965 betreffende het ten laste nemen van de steun verleend door openbare centra voor maatschappelijk welzijn type wet prom. 07/05/1999 pub. 29/06/1999 numac 1999009706 bron ministerie van justitie Wet tot wijziging van sommige bepalingen van het Strafwetboek, van het Wetboek van Strafvordering, van de wet van 17 april 1878 houdende de voorafgaande titel van het Wetboek van Strafvordering, van de wet van 9 april 1930 tot bescherming van de maatschappij tegen de abnormalen en de gewoontemisdadigers, vervangen door de wet van 1 juli 1964, van de wet van 29 juni 1964 betreffende de opschorting, het uitstel en de probatie, van de wet van 20 juli 1990 betreffende de voorlopige hechtenis, van de wet van 5 maart 1998 betreffende de voorwaardelijke invrijheidsstelling en tot wijziging van de wet van 9 april 1930 tot bescherming van de maatschappij tegen de abnormalen en de gewoontemisdadigers, vervangen door de wet van 1 juli 1964 type wet prom. 07/05/1999 pub. 20/05/1999 numac 1999021236 bron diensten van de eerste minister Bijzondere wet tot wijziging van artikel 32 van de gewone wet van 9 augustus 1980 tot hervorming der instellingen, betreffende de voorkoming en de regeling van belangenconflicten sluiten2 en, in voorkomend geval, de adviserend arts heeft ondersteund bij zijn evaluatie van de staat van arbeidsongeschiktheid;8° "vragenlijst": de vragenlijst die de adviserend arts tien weken na de aanvang van de arbeidsongeschiktheid stuurt naar de arbeidsongeschikt erkende gerechtigde met toepassing van de desbetreffende bepalingen in de uitvoeringsbesluiten van 20 juli 1971 en 3 juli 1996 om de gegevens te bezorgen die noodzakelijk zijn voor de inschatting van zijn restcapaciteiten in het kader van de verificatie of een "Terug Naar Werk-traject" kan aanvatten overeenkomstig artikel 100, § 1/4, eerste lid, 1° of artikel 110, § 4, eerste lid, 1° van de gecoördineerde wet van 14 juli 1994Relevante gevonden documenten type wet prom. 07/05/1999 pub. 30/12/1999 numac 1999010222 bron ministerie van justitie Wet op de kansspelen, de kansspelinrichtingen en de bescherming van de spelers type wet prom. 07/05/1999 pub. 15/05/1999 numac 1999000386 bron ministerie van binnenlandse zaken Wet tot wijziging van artikel 54 van de wet van 15 december 1980 betreffende de toegang tot het grondgebied, het verblijf, de vestiging en de verwijdering van vreemdelingen en van artikel 57ter van de organieke wet van 8 juli 1976 betreffende de openbare centra voor maatschappelijk welzijn, van de artikelen 2, § 5, 5, § 2 en 11bis van de wet van 2 april 1965 betreffende het ten laste nemen van de steun verleend door openbare centra voor maatschappelijk welzijn type wet prom. 07/05/1999 pub. 29/06/1999 numac 1999009706 bron ministerie van justitie Wet tot wijziging van sommige bepalingen van het Strafwetboek, van het Wetboek van Strafvordering, van de wet van 17 april 1878 houdende de voorafgaande titel van het Wetboek van Strafvordering, van de wet van 9 april 1930 tot bescherming van de maatschappij tegen de abnormalen en de gewoontemisdadigers, vervangen door de wet van 1 juli 1964, van de wet van 29 juni 1964 betreffende de opschorting, het uitstel en de probatie, van de wet van 20 juli 1990 betreffende de voorlopige hechtenis, van de wet van 5 maart 1998 betreffende de voorwaardelijke invrijheidsstelling en tot wijziging van de wet van 9 april 1930 tot bescherming van de maatschappij tegen de abnormalen en de gewoontemisdadigers, vervangen door de wet van 1 juli 1964 type wet prom. 07/05/1999 pub. 20/05/1999 numac 1999021236 bron diensten van de eerste minister Bijzondere wet tot wijziging van artikel 32 van de gewone wet van 9 augustus 1980 tot hervorming der instellingen, betreffende de voorkoming en de regeling van belangenconflicten sluiten2;9° "indicator": een meetbaar gegeven dat een signalerende functie heeft over de mate van kwaliteit over de werking van de landsbond en de ziekenfondsen die bij hem zijn aangesloten.

Art. 176.§ 1. Voor het dienstjaar 2024 wordt een provisionele inhouding van 0,5 % verricht op het totaalbedrag aan administratiekosten dat wordt toegekend aan de vijf landsbonden en dat wordt vastgesteld overeenkomstig artikel 195, § 1, 2°, derde lid, van de gecoördineerde wet van 14 juli 1994Relevante gevonden documenten type wet prom. 07/05/1999 pub. 30/12/1999 numac 1999010222 bron ministerie van justitie Wet op de kansspelen, de kansspelinrichtingen en de bescherming van de spelers type wet prom. 07/05/1999 pub. 15/05/1999 numac 1999000386 bron ministerie van binnenlandse zaken Wet tot wijziging van artikel 54 van de wet van 15 december 1980 betreffende de toegang tot het grondgebied, het verblijf, de vestiging en de verwijdering van vreemdelingen en van artikel 57ter van de organieke wet van 8 juli 1976 betreffende de openbare centra voor maatschappelijk welzijn, van de artikelen 2, § 5, 5, § 2 en 11bis van de wet van 2 april 1965 betreffende het ten laste nemen van de steun verleend door openbare centra voor maatschappelijk welzijn type wet prom. 07/05/1999 pub. 29/06/1999 numac 1999009706 bron ministerie van justitie Wet tot wijziging van sommige bepalingen van het Strafwetboek, van het Wetboek van Strafvordering, van de wet van 17 april 1878 houdende de voorafgaande titel van het Wetboek van Strafvordering, van de wet van 9 april 1930 tot bescherming van de maatschappij tegen de abnormalen en de gewoontemisdadigers, vervangen door de wet van 1 juli 1964, van de wet van 29 juni 1964 betreffende de opschorting, het uitstel en de probatie, van de wet van 20 juli 1990 betreffende de voorlopige hechtenis, van de wet van 5 maart 1998 betreffende de voorwaardelijke invrijheidsstelling en tot wijziging van de wet van 9 april 1930 tot bescherming van de maatschappij tegen de abnormalen en de gewoontemisdadigers, vervangen door de wet van 1 juli 1964 type wet prom. 07/05/1999 pub. 20/05/1999 numac 1999021236 bron diensten van de eerste minister Bijzondere wet tot wijziging van artikel 32 van de gewone wet van 9 augustus 1980 tot hervorming der instellingen, betreffende de voorkoming en de regeling van belangenconflicten sluiten2. Het precieze bedrag van de voormelde voorlopige inhouding wordt voor elke landsbond vastgesteld volgens de verdeelsleutel bepaald in uitvoering van artikel 195, § 1, 2°, negende lid, van de gecoördineerde wet van 14 juli 1994Relevante gevonden documenten type wet prom. 07/05/1999 pub. 30/12/1999 numac 1999010222 bron ministerie van justitie Wet op de kansspelen, de kansspelinrichtingen en de bescherming van de spelers type wet prom. 07/05/1999 pub. 15/05/1999 numac 1999000386 bron ministerie van binnenlandse zaken Wet tot wijziging van artikel 54 van de wet van 15 december 1980 betreffende de toegang tot het grondgebied, het verblijf, de vestiging en de verwijdering van vreemdelingen en van artikel 57ter van de organieke wet van 8 juli 1976 betreffende de openbare centra voor maatschappelijk welzijn, van de artikelen 2, § 5, 5, § 2 en 11bis van de wet van 2 april 1965 betreffende het ten laste nemen van de steun verleend door openbare centra voor maatschappelijk welzijn type wet prom. 07/05/1999 pub. 29/06/1999 numac 1999009706 bron ministerie van justitie Wet tot wijziging van sommige bepalingen van het Strafwetboek, van het Wetboek van Strafvordering, van de wet van 17 april 1878 houdende de voorafgaande titel van het Wetboek van Strafvordering, van de wet van 9 april 1930 tot bescherming van de maatschappij tegen de abnormalen en de gewoontemisdadigers, vervangen door de wet van 1 juli 1964, van de wet van 29 juni 1964 betreffende de opschorting, het uitstel en de probatie, van de wet van 20 juli 1990 betreffende de voorlopige hechtenis, van de wet van 5 maart 1998 betreffende de voorwaardelijke invrijheidsstelling en tot wijziging van de wet van 9 april 1930 tot bescherming van de maatschappij tegen de abnormalen en de gewoontemisdadigers, vervangen door de wet van 1 juli 1964 type wet prom. 07/05/1999 pub. 20/05/1999 numac 1999021236 bron diensten van de eerste minister Bijzondere wet tot wijziging van artikel 32 van de gewone wet van 9 augustus 1980 tot hervorming der instellingen, betreffende de voorkoming en de regeling van belangenconflicten sluiten2.

De toekenning van het ingehouden bedrag bedoeld in het eerste lid hangt af van de wijze waarop de betrokken landsbond en de bij hem aangesloten ziekenfondsen de krachtens de gecoördineerde wet van 14 juli 1994Relevante gevonden documenten type wet prom. 07/05/1999 pub. 30/12/1999 numac 1999010222 bron ministerie van justitie Wet op de kansspelen, de kansspelinrichtingen en de bescherming van de spelers type wet prom. 07/05/1999 pub. 15/05/1999 numac 1999000386 bron ministerie van binnenlandse zaken Wet tot wijziging van artikel 54 van de wet van 15 december 1980 betreffende de toegang tot het grondgebied, het verblijf, de vestiging en de verwijdering van vreemdelingen en van artikel 57ter van de organieke wet van 8 juli 1976 betreffende de openbare centra voor maatschappelijk welzijn, van de artikelen 2, § 5, 5, § 2 en 11bis van de wet van 2 april 1965 betreffende het ten laste nemen van de steun verleend door openbare centra voor maatschappelijk welzijn type wet prom. 07/05/1999 pub. 29/06/1999 numac 1999009706 bron ministerie van justitie Wet tot wijziging van sommige bepalingen van het Strafwetboek, van het Wetboek van Strafvordering, van de wet van 17 april 1878 houdende de voorafgaande titel van het Wetboek van Strafvordering, van de wet van 9 april 1930 tot bescherming van de maatschappij tegen de abnormalen en de gewoontemisdadigers, vervangen door de wet van 1 juli 1964, van de wet van 29 juni 1964 betreffende de opschorting, het uitstel en de probatie, van de wet van 20 juli 1990 betreffende de voorlopige hechtenis, van de wet van 5 maart 1998 betreffende de voorwaardelijke invrijheidsstelling en tot wijziging van de wet van 9 april 1930 tot bescherming van de maatschappij tegen de abnormalen en de gewoontemisdadigers, vervangen door de wet van 1 juli 1964 type wet prom. 07/05/1999 pub. 20/05/1999 numac 1999021236 bron diensten van de eerste minister Bijzondere wet tot wijziging van artikel 32 van de gewone wet van 9 augustus 1980 tot hervorming der instellingen, betreffende de voorkoming en de regeling van belangenconflicten sluiten2 en haar uitvoeringsbesluiten van 20 juli 1971 en 3 juli 1996 toevertrouwde voorbereidende opdrachten inzake de eerste inschatting van de restcapaciteiten van de arbeidsongeschikte erkende gerechtigden hebben vervuld en geregistreerd volgens de indicator bepaald in paragraaf 2. § 2. Opdat de landsbond in maart 2025 het overeenkomstig paragraaf 1 provisioneel ingehouden bedrag na de evaluatieperiode kan ontvangen, is een indicator van toepassing die bestaat uit een breuk waarvan de teller overeenstemt met het aantal arbeidsongeschikte erkende gerechtigden waarvoor de voorbereidende opdrachten inzake de eerste inschatting van de restcapaciteiten correct zijn uitgevoerd en waarvan de noemer overeenstemt met het aantal arbeidsongeschikte erkende gerechtigden waarnaar een vragenlijst in het kader van de eerste inschatting van de restcapaciteiten moet worden verstuurd. Het resultaat van deze indicator moet minstens gelijk zijn aan 0,95.

Voor de toepassing van de breuk omschreven in het eerste lid worden de teller en de noemer als volgt bepaald: 1° in de teller, "het aantal arbeidsongeschikte erkende gerechtigden waarvoor de voorbereidende opdrachten inzake de eerste inschatting van de restcapaciteiten correct zijn uitgevoerd": het aantal arbeidsongeschikte erkende gerechtigden dat gelijk is aan de som van de arbeidsongeschikt erkende gerechtigden die deel uitmaken van één van de twee hiernavolgende categorieën met toepassing van de bepalingen van de gecoördineerde wet van 14 juli 1994Relevante gevonden documenten type wet prom. 07/05/1999 pub. 30/12/1999 numac 1999010222 bron ministerie van justitie Wet op de kansspelen, de kansspelinrichtingen en de bescherming van de spelers type wet prom. 07/05/1999 pub. 15/05/1999 numac 1999000386 bron ministerie van binnenlandse zaken Wet tot wijziging van artikel 54 van de wet van 15 december 1980 betreffende de toegang tot het grondgebied, het verblijf, de vestiging en de verwijdering van vreemdelingen en van artikel 57ter van de organieke wet van 8 juli 1976 betreffende de openbare centra voor maatschappelijk welzijn, van de artikelen 2, § 5, 5, § 2 en 11bis van de wet van 2 april 1965 betreffende het ten laste nemen van de steun verleend door openbare centra voor maatschappelijk welzijn type wet prom. 07/05/1999 pub. 29/06/1999 numac 1999009706 bron ministerie van justitie Wet tot wijziging van sommige bepalingen van het Strafwetboek, van het Wetboek van Strafvordering, van de wet van 17 april 1878 houdende de voorafgaande titel van het Wetboek van Strafvordering, van de wet van 9 april 1930 tot bescherming van de maatschappij tegen de abnormalen en de gewoontemisdadigers, vervangen door de wet van 1 juli 1964, van de wet van 29 juni 1964 betreffende de opschorting, het uitstel en de probatie, van de wet van 20 juli 1990 betreffende de voorlopige hechtenis, van de wet van 5 maart 1998 betreffende de voorwaardelijke invrijheidsstelling en tot wijziging van de wet van 9 april 1930 tot bescherming van de maatschappij tegen de abnormalen en de gewoontemisdadigers, vervangen door de wet van 1 juli 1964 type wet prom. 07/05/1999 pub. 20/05/1999 numac 1999021236 bron diensten van de eerste minister Bijzondere wet tot wijziging van artikel 32 van de gewone wet van 9 augustus 1980 tot hervorming der instellingen, betreffende de voorkoming en de regeling van belangenconflicten sluiten2 en haar uitvoeringsbesluiten van 20 juli 1971 en 3 juli 1996: a) de arbeidsongeschikt erkende gerechtigden waarnaar gedurende de periode vanaf 1 januari 2024 tot en met 30 juni 2024 een vragenlijst is verzonden en die vóór het verstrijken van de vierde maand van de periode van primaire ongeschiktheid deze vragenlijst, in voorkomend geval na de nodige ondersteuning te hebben ontvangen van de "Terug Naar Werk-coördinator", behoorlijk ingevuld hebben bezorgd aan de adviserend arts;b) de arbeidsongeschikt erkende gerechtigden waarnaar gedurende de periode vanaf 1 januari 2024 tot en met 30 juni 2024 een vragenlijst is verzonden en die, zelfs na het aanbod tot ondersteuning door de "Terug Naar Werk-coördinator" te hebben ontvangen, deze vragenlijst niet vóór het verstrijken van de vierde maand van de periode van primaire ongeschiktheid behoorlijk ingevuld hebben bezorgd aan de adviserend arts, maar die vóór het verstrijken van de vijfde maand van de periode van primaire ongeschiktheid zich bevinden in één van de volgende situaties: - de gerechtigde was aanwezig op het fysieke contact; - de gerechtigde was zonder een geldige rechtvaardiging afwezig op het fysieke contact en, naargelang het geval, de vermindering of de schorsing van de uitkering is toegepast; - de gerechtigde was met een geldige rechtvaardiging afwezig op het fysieke contact en een nieuw fysiek contact is ingepland. 2° in de noemer, "het aantal arbeidsongeschikte erkende gerechtigden waarnaar een vragenlijst in het kader van de eerste inschatting van de restcapaciteiten moet worden verstuurd": het aantal arbeidsongeschikt erkende gerechtigden waarnaar op grond van de gecoördineerde wet van 14 juli 1994Relevante gevonden documenten type wet prom. 07/05/1999 pub. 30/12/1999 numac 1999010222 bron ministerie van justitie Wet op de kansspelen, de kansspelinrichtingen en de bescherming van de spelers type wet prom. 07/05/1999 pub. 15/05/1999 numac 1999000386 bron ministerie van binnenlandse zaken Wet tot wijziging van artikel 54 van de wet van 15 december 1980 betreffende de toegang tot het grondgebied, het verblijf, de vestiging en de verwijdering van vreemdelingen en van artikel 57ter van de organieke wet van 8 juli 1976 betreffende de openbare centra voor maatschappelijk welzijn, van de artikelen 2, § 5, 5, § 2 en 11bis van de wet van 2 april 1965 betreffende het ten laste nemen van de steun verleend door openbare centra voor maatschappelijk welzijn type wet prom. 07/05/1999 pub. 29/06/1999 numac 1999009706 bron ministerie van justitie Wet tot wijziging van sommige bepalingen van het Strafwetboek, van het Wetboek van Strafvordering, van de wet van 17 april 1878 houdende de voorafgaande titel van het Wetboek van Strafvordering, van de wet van 9 april 1930 tot bescherming van de maatschappij tegen de abnormalen en de gewoontemisdadigers, vervangen door de wet van 1 juli 1964, van de wet van 29 juni 1964 betreffende de opschorting, het uitstel en de probatie, van de wet van 20 juli 1990 betreffende de voorlopige hechtenis, van de wet van 5 maart 1998 betreffende de voorwaardelijke invrijheidsstelling en tot wijziging van de wet van 9 april 1930 tot bescherming van de maatschappij tegen de abnormalen en de gewoontemisdadigers, vervangen door de wet van 1 juli 1964 type wet prom. 07/05/1999 pub. 20/05/1999 numac 1999021236 bron diensten van de eerste minister Bijzondere wet tot wijziging van artikel 32 van de gewone wet van 9 augustus 1980 tot hervorming der instellingen, betreffende de voorkoming en de regeling van belangenconflicten sluiten2 en haar uitvoeringsbesluiten van 20 juli 1971 en 3 juli 1996 gedurende de periode vanaf 1 januari 2024 tot en met 30 juni 2024: a) een vragenlijst is verzonden;b) zonder geldige reden geen vragenlijst is verzonden. De arbeidsongeschikt erkende gerechtigde wordt echter niet in aanmerking genomen voor de bepaling van de noemer bedoeld in het tweede lid, 2°, als de behoorlijk ingevulde vragenlijst nog niet is bezorgd aan de adviserend arts alvorens één van de volgende gebeurtenissen met betrekking tot deze gerechtigde zich vóór het verstrijken van de vierde maand van de periode van primaire ongeschiktheid heeft voorgedaan: 1° de staat van arbeidsongeschiktheid van de gerechtigde is beëindigd of de gerechtigde is overleden;2° de gerechtigde heeft zijn mutatie bij een nieuwe verzekeringsinstelling verkregen;3° de gerechtigde heeft een activiteit met de toelating van de adviserend arts hervat. De arbeidsongeschikt erkende gerechtigde wordt echter eveneens niet in aanmerking genomen voor de bepaling van de noemer bedoeld in het tweede lid, 2°, als het fysieke contact niet is georganiseerd omdat uit de ter beschikking gestelde medische informatie blijkt dat het invullen van de vragenlijst niet mogelijk is en een fysiek contact op dat moment niet aangewezen is of als het fysieke contact niet heeft plaatsgevonden alvorens één van de volgende gebeurtenissen met betrekking tot deze gerechtigde zich vóór het verstrijken van de vijfde maand van de periode van primaire ongeschiktheid heeft voorgedaan: 1° de staat van arbeidsongeschiktheid van de gerechtigde is beëindigd of de gerechtigde is overleden;2° de gerechtigde heeft zijn mutatie bij een nieuwe verzekeringsinstelling verkregen;3° de gerechtigde heeft een activiteit met de toelating van de adviserend arts hervat. § 3. De Dienst voor uitkeringen verwerkt de voor de toepassing van de voorgaande paragrafen door de landsbonden en de bij hen aangesloten ziekenfondsen geregistreerde noodzakelijke gegevens die het uiterlijk tijdens het vierde kwartaal van 2024 ontvangt van deze landsbonden in het kader van de toepassing van artikel 100, § 1/3 en artikel 110, § 3 van de gecoördineerde wet van 14 juli 1994Relevante gevonden documenten type wet prom. 07/05/1999 pub. 30/12/1999 numac 1999010222 bron ministerie van justitie Wet op de kansspelen, de kansspelinrichtingen en de bescherming van de spelers type wet prom. 07/05/1999 pub. 15/05/1999 numac 1999000386 bron ministerie van binnenlandse zaken Wet tot wijziging van artikel 54 van de wet van 15 december 1980 betreffende de toegang tot het grondgebied, het verblijf, de vestiging en de verwijdering van vreemdelingen en van artikel 57ter van de organieke wet van 8 juli 1976 betreffende de openbare centra voor maatschappelijk welzijn, van de artikelen 2, § 5, 5, § 2 en 11bis van de wet van 2 april 1965 betreffende het ten laste nemen van de steun verleend door openbare centra voor maatschappelijk welzijn type wet prom. 07/05/1999 pub. 29/06/1999 numac 1999009706 bron ministerie van justitie Wet tot wijziging van sommige bepalingen van het Strafwetboek, van het Wetboek van Strafvordering, van de wet van 17 april 1878 houdende de voorafgaande titel van het Wetboek van Strafvordering, van de wet van 9 april 1930 tot bescherming van de maatschappij tegen de abnormalen en de gewoontemisdadigers, vervangen door de wet van 1 juli 1964, van de wet van 29 juni 1964 betreffende de opschorting, het uitstel en de probatie, van de wet van 20 juli 1990 betreffende de voorlopige hechtenis, van de wet van 5 maart 1998 betreffende de voorwaardelijke invrijheidsstelling en tot wijziging van de wet van 9 april 1930 tot bescherming van de maatschappij tegen de abnormalen en de gewoontemisdadigers, vervangen door de wet van 1 juli 1964 type wet prom. 07/05/1999 pub. 20/05/1999 numac 1999021236 bron diensten van de eerste minister Bijzondere wet tot wijziging van artikel 32 van de gewone wet van 9 augustus 1980 tot hervorming der instellingen, betreffende de voorkoming en de regeling van belangenconflicten sluiten2. Het gaat, naargelang het geval, om de volgende geregistreerde gegevens: 1° de verzending van de vragenlijst naar de gerechtigde, evenals de geldige reden waarom er geen vragenlijst is verstuurd;2° de ontvangst van de behoorlijk ingevulde vragenlijst zonder dat de "Terug Naar Werk-coördinator" steun heeft moeten aanbieden;3° het contact door de "Terug Naar Werk-coördinator" om de nodige ondersteuning aan te bieden aan de gerechtigde die niet deze vragenlijst behoorlijk ingevuld heeft bezorgd aan de adviserend arts;4° de ontvangst van de behoorlijk ingevulde vragenlijst nadat de "Terug Naar Werk-coördinator" de nodige ondersteuning heeft aangeboden;5° het fysieke contact georganiseerd door de adviserend arts of de medewerker van het multidisciplinaire team;6° de volgende gegevens verbonden met de uitgavenbescheiden: het einde van de tiende week van de periode van primaire ongeschiktheid, het verkrijgen van de mutatie van de gerechtigde naar een nieuwe verzekeringsinstelling, de vermindering of de schorsing van de uitkering, naargelang het geval, toegepast in geval van een niet geldig gerechtvaardigde afwezigheid op het fysieke contact en het einde van de staat van arbeidsongeschiktheid van de gerechtigde of het overlijden van de gerechtigde;7° de gegevens over de toelating van de adviserend arts om de uitoefening van een aan de gezondheidstoestand aangepaste activiteit te hervatten tijdens de loop van de arbeidsongeschiktheid. In januari 2025 deelt de Dienst voor uitkeringen aan de landsbonden het resultaat van de indicator bedoeld in paragraaf 2, eerste lid, en de bijhorende vaststellingen mee die zijn verricht op grond van de gegevens die ontvangen zijn met toepassing van het voorgaande lid. De landsbonden hebben de mogelijkheid om hieromtrent binnen een termijn van een maand te rekenen vanaf de datum van de ontvangst van de voormelde vaststellingen door de Dienst voor uitkeringen hun opmerkingen mee te delen.

Binnen een termijn van een maand na het verstrijken van de termijn bedoeld in het vorige lid, brengt de Dienst voor uitkeringen aan de landsbond ter kennis of het provisioneel ingehouden bedrag aan administratiekosten bedoeld in paragraaf 1 in maart 2025 kan worden toegekend op basis van de verrichte vaststellingen.

De overeenkomstig deze paragraaf ontvangen gegevens worden niet langer bewaard dan noodzakelijk voor de verwezenlijking van het doel van de verwerking ervan, met een maximale bewaartermijn van drie jaar te rekenen vanaf 1 januari van het jaar volgend op de afsluiting van het arbeidsongeschiktheidsdossier in de verzekeringsinstelling.

De personeelsleden van de Diest voor uitkeringen belast met de verificatie van de indicator bedoeld in paragraaf 2 en de mededeling van het resultaat van deze indicator aan elke landsbond hebben toegang tot de in dit kader verwerkte gegevens.

Art. 177.Artikel 134, § 2, van de wet betreffende de verplichte verzekering voor geneeskundige verzorging en uitkeringen, gecoördineerd op 14 juli 1994, laatstelijk gewijzigd bij de wet van 25 september 2022Relevante gevonden documenten type wet prom. 07/05/2004 pub. 18/05/2004 numac 2004022376 bron federale overheidsdienst volksgezondheid, veiligheid van de voedselketen en leefmilieu Wet inzake experimenten op de menselijke persoon sluiten4, wordt aangevuld met een lid, luidende: "In afwijking van het voorgaande lid, wordt de toekenning van de in titel IV bedoelde uitkeringen stopgezet als de rechthebbende zonder geldige rechtvaardiging afwezig is op het fysieke contact, voor zover dit wordt georganiseerd op hetzelfde ogenblik, tijdens de vierde maand van de periode van primaire ongeschiktheid, door de adviserend arts of de medewerker van het multidisciplinaire team met het oog op enerzijds de evaluatie van de staat van arbeidsongeschiktheid overeenkomstig artikel 100, § 1, en anderzijds de evaluatie van zijn restcapaciteiten overeenkomstig artikel 100, § 1/4, eerste lid, 1°. Deze stopzetting van de toekenning van de uitkeringen wordt behouden zolang de rechthebbende niet beantwoordt aan de voormelde evaluatieverplichtingen.".

Art. 178.Deze afdeling treedt in werking op 1 januari 2024. HOOFDSTUK 3 - Werkbonus

Art. 179.In artikel 2 van de wet van 20 december 1999Relevante gevonden documenten type wet prom. 04/05/1999 pub. 28/07/1999 numac 1999000423 bron ministerie van binnenlandse zaken Wet tot verbetering van het stelsel van politiek verlof voor provincie- en gemeenteraadsleden, leden van de raad voor maatschappelijk welzijn, burgemeesters, schepenen en voorzitters van de raad voor maatschappelijk welzijn in de openbare en de particuliere sector type wet prom. 04/05/1999 pub. 29/10/1999 numac 1999003334 bron ministerie van financien Wet tot wijziging van de wet van 31 december 1983 tot hervorming van de instellingen voor de Duitstalige Gemeenschap type wet prom. 04/05/1999 pub. 28/07/1999 numac 1999000426 bron ministerie van binnenlandse zaken en ministerie van financien Wet tot beperking van de cumulatie van het ambt van bestendig afgevaardigde met andere ambten en tot harmonisering van het financieel en fiscaal statuut van de bestendig afgevaardigde sluiten7 tot toekenning van een werkbonus aan werknemers met lage lonen en van andere verminderingen van de persoonlijke bijdragen van sociale zekerheid, laatst gewijzigd bij de wet van 10 augustus 2015, worden volgende wijzigingen aangebracht: 1° in paragraaf 1, eerste lid, worden de woorden "opgedeeld in een luik A en een luik B" ingevoegd tussen de woorden "een werkbonus" en de woorden "onder de vorm van een vermindering"; 2° het tekstgedeelte van paragraaf 1, dat aanvangt met de woorden "Voor de voltijdse werknemers met volledige prestaties:" en eindigt met de woorden "bij koninklijk besluit vastgestelde nadere bepalingen." wordt opgeheven; 3° er wordt een nieuwe paragraaf 1/1 ingevoegd, luidende als volgt: " § 1/1.Het luik A wordt als volgt berekend voor de voltijdse werknemers met volledige prestaties: a) voor de werknemers met een maandelijks loon groter dan S2: 0 euro. S2 is gelijk aan het gemiddeld minimum maandinkomen geldend op 1 april 2022, vermenigvuldigd met 157,6814 procent en vanaf die datum aangepast aan de evolutie van het indexcijfer overeenkomstig artikel 2, § 2, derde lid, van deze wet. b) voor de werknemers met een maandelijks loon kleiner dan of gelijk aan S1bis: een maximaal door de Koning bij in Ministerraad overlegd besluit te bepalen bedrag, (maal 1,08 voor de handarbeiders), met afronding tot twee cijfers na de komma, waarbij 0,005 naar boven wordt afgerond. S1bis is gelijk aan het gemiddeld minimum maandinkomen, vermenigvuldigd met 131,5328 procent. c) voor de werknemers met een maandelijks loon groter dan S1bis en kleiner dan of gelijk aan S2, een bedrag dat proportioneel, volgens de bij koninklijk besluit vastgelegde nadere bepalingen, afneemt gaande van het maximaal door de Koning bij besluit overlegd in Ministerraad te bepalen bedrag, zoals bedoeld in artikel 2, § 1/1, b), tot 0,00 euro. d) voor voltijdse werknemers met onvolledige prestaties, voor deeltijdse werknemers, voor werknemers aan wie het loon betaald wordt volgens een andere periodiciteit dan een maandelijkse en voor werknemers met opeenvolgende overeenkomsten binnen de tijdspanne van een maand wordt voornoemde verminderingsstructuur proportioneel toegepast volgens de bij koninklijk besluit vastgestelde nadere bepalingen."; 4° er wordt een nieuwe paragraaf 1/2 ingevoegd, luidende als volgt: " § 1/2.Het luik B wordt als volgt berekend voor de voltijdse werknemers met volledige prestaties: a) voor de werknemers met een maandelijks loon groter dan S1bis: 0 euro. S1bis is gelijk aan het bedrag bepaald in § 1/1, b), lid 2. b) voor de werknemers met een maandelijks loon kleiner dan of gelijk aan S1: een maximaal door de Koning bij in Ministerraad overlegd besluit te bepalen bedrag, (maal 1,08 voor de handarbeiders), met afronding tot twee cijfers na de komma, waarbij 0,005 naar boven wordt afgerond. S1 is gelijk aan het gemiddeld minimummaandinkomen, vermenigvuldigd met 103 procent. c) voor de werknemers met een maandelijks loon groter dan S1 en kleiner dan of gelijk aan dan S1bis, een bedrag dat proportioneel, volgens de bij koninklijk besluit vastgelegde nadere bepalingen, afneemt gaande van het maximaal door de Koning bij besluit overlegd in Ministerraad te bepalen bedrag, zoals bedoeld in artikel 2, § 1/2, b), tot 0,00 euro. d) voor voltijdse werknemers met onvolledige prestaties, voor deeltijdse werknemers, voor werknemers aan wie het loon betaald wordt volgens een andere periodiciteit dan een maandelijkse en voor werknemers met opeenvolgende overeenkomsten binnen de tijdspanne van een maand wordt voornoemde verminderingsstructuur proportioneel toegepast volgens de bij koninklijk besluit vastgestelde nadere bepalingen."; 5° er wordt een paragraaf 1/3 ingevoegd, luidende als volgt: " § 1/3.Voor de toepassing van deze wet wordt onder gemiddeld minimum maandinkomen verstaan het gemiddeld minimum maandinkomen zoals bepaald in artikel 3 van de collectieve arbeidsovereenkomst nr. 43 van 2 mei 1988 houdende wijziging en coördinatie van de collectieve arbeidsovereenkomsten nr. 21 van 15 mei 1975 en nr. 23 van 25 juli 1975 betreffende de waarborg van een gemiddeld minimum maandinkomen."; 6° in paragraaf 2, eerste lid, worden de woorden "zoals bedoeld in artikel 2, § 1, b)" vervangen door de woorden "zoals bedoeld in artikel 2, §§ 1/1, b) en 1/2, b)";7° in paragraaf 2 wordt het tweede lid vervangen als volgt: "De Koning bepaalt bij een in Ministerraad overlegd besluit wat men verstaat onder loon, onder maandloon, onder voltijdse werknemers met volledige prestaties, onder voltijdse werknemers met onvolledige prestaties, onder deeltijdsen en onder een bedrag dat proportioneel afneemt.Hij kan ook, bij een besluit vastgesteld na overleg in de Ministerraad, naar maximaal bedrag verwijzen met door Hem te bepalen modaliteiten en voorzien dat het individuele loon van de werknemer een nieuwe bepalende factor is. Hij bepaalt ook de modaliteiten voor het aftoppen van de verminderingen bedoeld in § 1, § 1/1 en § 1/2 van dit artikel, artikel 3bis, artikel 3bis/1 en artikel 3bis/2, tot het bedrag aan persoonlijke werknemersbijdrage op de door Hem bepaalde loonelementen. Hij kan bij een in Ministerraad overlegd besluit (voor alle of voor sommige groepen van werknemers) de bedragen van de loongrenzen en de bijdragevermindering, bedoeld in § 1, § 1/1 en § 1/2 wijzigen."; 8° in paragraaf 2 worden het huidige vierde en vijfde lid opgeheven.

Art. 180.Dit hoofdstuk treedt in werking op 1 april 2024. HOOFDSTUK 4 - Flexi-jobs Afdeling 1 - Wijziging van de wet van 29 juni 1981Relevante gevonden documenten type wet prom. 04/05/1999 pub. 28/07/1999 numac 1999000423 bron ministerie van binnenlandse zaken Wet tot verbetering van het stelsel van politiek verlof voor provincie- en gemeenteraadsleden, leden van de raad voor maatschappelijk welzijn, burgemeesters, schepenen en voorzitters van de raad voor maatschappelijk welzijn in de openbare en de particuliere sector type wet prom. 04/05/1999 pub. 29/10/1999 numac 1999003334 bron ministerie van financien Wet tot wijziging van de wet van 31 december 1983 tot hervorming van de instellingen voor de Duitstalige Gemeenschap type wet prom. 04/05/1999 pub. 28/07/1999 numac 1999000426 bron ministerie van binnenlandse zaken en ministerie van financien Wet tot beperking van de cumulatie van het ambt van bestendig afgevaardigde met andere ambten en tot harmonisering van het financieel en fiscaal statuut van de bestendig afgevaardigde sluiten4 houdende de

algemene beginselen van de sociale zekerheid voor werknemers

Art. 181.In artikel 38, § 3sexdecies, van de wet van 29 juni 1981Relevante gevonden documenten type wet prom. 04/05/1999 pub. 28/07/1999 numac 1999000423 bron ministerie van binnenlandse zaken Wet tot verbetering van het stelsel van politiek verlof voor provincie- en gemeenteraadsleden, leden van de raad voor maatschappelijk welzijn, burgemeesters, schepenen en voorzitters van de raad voor maatschappelijk welzijn in de openbare en de particuliere sector type wet prom. 04/05/1999 pub. 29/10/1999 numac 1999003334 bron ministerie van financien Wet tot wijziging van de wet van 31 december 1983 tot hervorming van de instellingen voor de Duitstalige Gemeenschap type wet prom. 04/05/1999 pub. 28/07/1999 numac 1999000426 bron ministerie van binnenlandse zaken en ministerie van financien Wet tot beperking van de cumulatie van het ambt van bestendig afgevaardigde met andere ambten en tot harmonisering van het financieel en fiscaal statuut van de bestendig afgevaardigde sluiten4 houdende de algemene beginselen van de sociale zekerheid voor werknemers, laatstelijk gewijzigd bij de wet van 16 november 2015Relevante gevonden documenten type wet prom. 26/06/2002 pub. 27/07/2002 numac 2002016171 bron ministerie van middenstand en landbouw Wet betreffende de oprichting van de Vestigingsraad sluiten5, worden de volgende wijzigingen aangebracht: a) in het eerste lid worden de woorden "25 %" vervangen door de woorden "28 %";b) in het derde lid worden de woorden "de aangiften met verantwoording van de bijdragen," opgeheven; c) een lid wordt tussen het derde en het vierde lid ingevoegd, luidende: "Wat betreft de aangifte met verantwoording van de bijdragen gelden de termijnen bepaald in artikel 21/1 van de wet van 27 juni 1969Relevante gevonden documenten type wet prom. 07/05/1999 pub. 30/12/1999 numac 1999010222 bron ministerie van justitie Wet op de kansspelen, de kansspelinrichtingen en de bescherming van de spelers type wet prom. 07/05/1999 pub. 15/05/1999 numac 1999000386 bron ministerie van binnenlandse zaken Wet tot wijziging van artikel 54 van de wet van 15 december 1980 betreffende de toegang tot het grondgebied, het verblijf, de vestiging en de verwijdering van vreemdelingen en van artikel 57ter van de organieke wet van 8 juli 1976 betreffende de openbare centra voor maatschappelijk welzijn, van de artikelen 2, § 5, 5, § 2 en 11bis van de wet van 2 april 1965 betreffende het ten laste nemen van de steun verleend door openbare centra voor maatschappelijk welzijn type wet prom. 07/05/1999 pub. 29/06/1999 numac 1999009706 bron ministerie van justitie Wet tot wijziging van sommige bepalingen van het Strafwetboek, van het Wetboek van Strafvordering, van de wet van 17 april 1878 houdende de voorafgaande titel van het Wetboek van Strafvordering, van de wet van 9 april 1930 tot bescherming van de maatschappij tegen de abnormalen en de gewoontemisdadigers, vervangen door de wet van 1 juli 1964, van de wet van 29 juni 1964 betreffende de opschorting, het uitstel en de probatie, van de wet van 20 juli 1990 betreffende de voorlopige hechtenis, van de wet van 5 maart 1998 betreffende de voorwaardelijke invrijheidsstelling en tot wijziging van de wet van 9 april 1930 tot bescherming van de maatschappij tegen de abnormalen en de gewoontemisdadigers, vervangen door de wet van 1 juli 1964 type wet prom. 07/05/1999 pub. 20/05/1999 numac 1999021236 bron diensten van de eerste minister Bijzondere wet tot wijziging van artikel 32 van de gewone wet van 9 augustus 1980 tot hervorming der instellingen, betreffende de voorkoming en de regeling van belangenconflicten sluiten9 tot herziening van de besluitwet van 28 december 1944 betreffende de maatschappelijke zekerheid der arbeiders.". Afdeling 2 - Wijziging van de wet van 16 november 2015Relevante gevonden documenten type wet prom. 26/06/2002 pub. 27/07/2002 numac 2002016171 bron ministerie van middenstand en landbouw Wet betreffende de oprichting van de Vestigingsraad sluiten5 houdende

diverse bepalingen inzake sociale zaken

Art. 182.In artikel 2 van de wet van 16 november 2015Relevante gevonden documenten type wet prom. 26/06/2002 pub. 27/07/2002 numac 2002016171 bron ministerie van middenstand en landbouw Wet betreffende de oprichting van de Vestigingsraad sluiten5 houdende diverse bepalingen inzake sociale zaken, laatstelijk gewijzigd door de wet van 16 oktober 2023Relevante gevonden documenten type wet prom. 27/12/2005 pub. 30/12/2005 numac 2005021183 bron federale overheidsdienst kanselarij van de eerste minister Wet houdende diverse bepalingen sluiten1, worden de volgende wijzigingen aangebracht: a) het lid wordt voorafgegaan door de woorden " § 1" en de bestaande tekst van artikel 2 zal paragraaf 1 vormen;b) in het eerste lid, 12°, worden de woorden ", met uitsluiting van artistieke, artistiek-technische en artistiek-ondersteunende functies die activiteiten omvatten zoals bepaald door de wet van 16 december 2022Relevante gevonden documenten type wet prom. 07/05/2004 pub. 18/05/2004 numac 2004022376 bron federale overheidsdienst volksgezondheid, veiligheid van de voedselketen en leefmilieu Wet inzake experimenten op de menselijke persoon sluiten7 tot oprichting van de Kunstwerkcommissie en tot verbetering van de sociale bescherming van kunstwerkers" opgeheven;c) in het eerste lid, 13°, worden de woorden "met uitsluiting van functies die taken omvatten behorend tot het materiële toepassingsgebied van de wet van 10 mei 2015Relevante gevonden documenten type wet prom. 26/06/2002 pub. 27/07/2002 numac 2002016171 bron ministerie van middenstand en landbouw Wet betreffende de oprichting van de Vestigingsraad sluiten4 betreffende de uitoefening van de gezondheidszorgberoepen" opgeheven; d) in het eerste lid wordt een bepaling onder 14/1° toegevoegd, luidende als volgt: "14/1° onder het paritair comité voor de voedingsnijverheid (PC 118), behorend tot één van de volgende paritaire subsectoren: a) 118.03 industriële- en ambachtelijke bakkerijen, ambachtelijke banketbakkerijen, ambachtelijke roomijsfabrikanten en de konsumptiesalons bij een ambachtelijke banketbakkerij; b) 118.07 brouwerijen en mouterijen; c) 118.08 drankennijverheid; d) 118.09 groentenijverheid; e) 118.10 vruchtennijverheid; f) 118.11 vleesnijverheid; g) 118.12 zuivelproducten; h) 118.14 chocoladefabrieken - suikerbakkerij; i) 118.21 aardappelverwerkende nijverheid; j) 118.22 aardappelschilbedrijven."; e) het eerste lid wordt aangevuld met de bepalingen onder 15° tot 24°, luidende: "15° onder het paritair comité voor het garagebedrijf (PC 112);16° onder het paritair comité voor de begrafenisondernemingen (PC 320);17° onder het paritair comité voor de ondernemingen van technische land- en tuinbouwwerken (PC 132);18° onder het paritair comité voor de landbouw (PC 144);19° onder het paritair comité voor het tuinbouwbedrijf (PC 145); 20° onder het aanvullend paritair comité voor bedienden (PC 200) met als hoofdactiviteit autorijscholen zoals omschreven in NACE-code 85.531; 21° onder het paritair comité voor het beheer van gebouwen, vastgoedmakelaars en dienstboden (PC 323); 22° onder het paritair subcomité voor de verhuizing (PSC 140.05); 23° onder het paritair subcomité voor de autobussen en de autocars (PSC 140.01); 24° onder de wet van 5 december 1968Relevante gevonden documenten type wet prom. 07/05/1999 pub. 30/12/1999 numac 1999010222 bron ministerie van justitie Wet op de kansspelen, de kansspelinrichtingen en de bescherming van de spelers type wet prom. 07/05/1999 pub. 15/05/1999 numac 1999000386 bron ministerie van binnenlandse zaken Wet tot wijziging van artikel 54 van de wet van 15 december 1980 betreffende de toegang tot het grondgebied, het verblijf, de vestiging en de verwijdering van vreemdelingen en van artikel 57ter van de organieke wet van 8 juli 1976 betreffende de openbare centra voor maatschappelijk welzijn, van de artikelen 2, § 5, 5, § 2 en 11bis van de wet van 2 april 1965 betreffende het ten laste nemen van de steun verleend door openbare centra voor maatschappelijk welzijn type wet prom. 07/05/1999 pub. 29/06/1999 numac 1999009706 bron ministerie van justitie Wet tot wijziging van sommige bepalingen van het Strafwetboek, van het Wetboek van Strafvordering, van de wet van 17 april 1878 houdende de voorafgaande titel van het Wetboek van Strafvordering, van de wet van 9 april 1930 tot bescherming van de maatschappij tegen de abnormalen en de gewoontemisdadigers, vervangen door de wet van 1 juli 1964, van de wet van 29 juni 1964 betreffende de opschorting, het uitstel en de probatie, van de wet van 20 juli 1990 betreffende de voorlopige hechtenis, van de wet van 5 maart 1998 betreffende de voorwaardelijke invrijheidsstelling en tot wijziging van de wet van 9 april 1930 tot bescherming van de maatschappij tegen de abnormalen en de gewoontemisdadigers, vervangen door de wet van 1 juli 1964 type wet prom. 07/05/1999 pub. 20/05/1999 numac 1999021236 bron diensten van de eerste minister Bijzondere wet tot wijziging van artikel 32 van de gewone wet van 9 augustus 1980 tot hervorming der instellingen, betreffende de voorkoming en de regeling van belangenconflicten sluiten4 betreffende de collectieve arbeidsovereenkomsten en de paritaire comités, en wiens hoofdactiviteit in de evenementensector bestaat uit één van de volgende activiteiten: a) de beoefening van uitvoerende kunsten, waaronder wordt verstaan de beoefening van uitvoerende kunsten door zelfstandig werkende artiesten (NACE 90.011) alsook de beoefening van uitvoerende kunsten door artistieke ensembles (NACE 90.012); b) het ontwerp en bouw van podia (NACE 90.022); c) de gespecialiseerde beeld-, verlichtings- en geluidstechnieken (NACE 90.023); d) ondersteunende activiteiten voor de uitvoerende kunsten (NACE 90.029); e) de beoefening van scheppende kunsten (NACE 90.031); f) ondersteunende activiteiten voor scheppende kunsten (NACE 90.032); g) de exploitatie van schouwburgen, theaters, concertzalen, music-halls, cabarets en andere accomodaties voor podiumkunst (NACE 90.041); h) de exploitatie van geluidsopnamestudio's voor rekening van derden (NACE 90.041); i) het beheer en exploitatie van culturele centra en multifunctionele zalen ten behoeve van culturele evenementen (NACE 90.042); j) de organisatie van congressen en beurzen (NACE 82.300); k) de organisatie van sportevenementen (NACE 93.199); l) verhuur en lease van televisietoestellen en andere audio- en videoapparatuur (NACE 77.292); m) verhuur en lease van vaat- en glaswerk, keuken- en tafelgerei, elektrische huishoudapparaten en andere huishoudelijke benodigdheden (NACE 77.293); n) verhuur en lease van tenten (NACE 77.392); o) verhuur en lease van andere machines en werktuigen en andere materiële goederen (NACE 77.399).

Enkel de functies die verbonden zijn aan een NACE-code zoals bedoeld in het vorige lid en die rechtsreeks verband houden met de organisatie van een evenement zelf komen in aanmerking voor flexi-jobs."; f) in het huidige laatste lid worden de woorden "het vorig lid aanvullen met" vervangen door de woorden "de bepaling onder 24° vervangen door een verwijzing naar";g) paragraaf 1, zoals ingevoegd bij de bepaling onder a), wordt aangevuld met vijf leden, luidende: "Dit hoofdstuk is eveneens van toepassing op private of publieke werkgevers en de werknemers die zij tewerkstellen in functie van redder in publiek toegankelijke zwembaden en zwemvijvers of op het strand, en alleen voor werknemers die een diploma van redder hebben. Voor wat betreft de bedrijfstakken onder de bepalingen onder 14/1° tot en met 24° kunnen de sociale partners overeenkomen om in zijn geheel of gedeeltelijk flexi-job tewerkstelling uit te sluiten en ze, na deze beslissing, opnieuw in zijn geheel of gedeeltelijk toe te laten.

Voor wat betreft de bedrijfstakken die ressorteren onder de wet van 5 december 1968Relevante gevonden documenten type wet prom. 07/05/1999 pub. 30/12/1999 numac 1999010222 bron ministerie van justitie Wet op de kansspelen, de kansspelinrichtingen en de bescherming van de spelers type wet prom. 07/05/1999 pub. 15/05/1999 numac 1999000386 bron ministerie van binnenlandse zaken Wet tot wijziging van artikel 54 van de wet van 15 december 1980 betreffende de toegang tot het grondgebied, het verblijf, de vestiging en de verwijdering van vreemdelingen en van artikel 57ter van de organieke wet van 8 juli 1976 betreffende de openbare centra voor maatschappelijk welzijn, van de artikelen 2, § 5, 5, § 2 en 11bis van de wet van 2 april 1965 betreffende het ten laste nemen van de steun verleend door openbare centra voor maatschappelijk welzijn type wet prom. 07/05/1999 pub. 29/06/1999 numac 1999009706 bron ministerie van justitie Wet tot wijziging van sommige bepalingen van het Strafwetboek, van het Wetboek van Strafvordering, van de wet van 17 april 1878 houdende de voorafgaande titel van het Wetboek van Strafvordering, van de wet van 9 april 1930 tot bescherming van de maatschappij tegen de abnormalen en de gewoontemisdadigers, vervangen door de wet van 1 juli 1964, van de wet van 29 juni 1964 betreffende de opschorting, het uitstel en de probatie, van de wet van 20 juli 1990 betreffende de voorlopige hechtenis, van de wet van 5 maart 1998 betreffende de voorwaardelijke invrijheidsstelling en tot wijziging van de wet van 9 april 1930 tot bescherming van de maatschappij tegen de abnormalen en de gewoontemisdadigers, vervangen door de wet van 1 juli 1964 type wet prom. 07/05/1999 pub. 20/05/1999 numac 1999021236 bron diensten van de eerste minister Bijzondere wet tot wijziging van artikel 32 van de gewone wet van 9 augustus 1980 tot hervorming der instellingen, betreffende de voorkoming en de regeling van belangenconflicten sluiten4, met uitzondering van deze onder de bepalingen onder 1° tot en met 14° of paragraaf 2, kunnen de sociale partners overeenkomen om flexi-job tewerkstelling geheel of gedeeltelijk toe te laten of opnieuw uit te sluiten of gedeeltelijk uit te sluiten.

De gehele of gedeeltelijke uitsluiting of toelating gebeurt bij in Ministerraad overlegd koninklijk besluit op unanieme vraag van het bevoegde paritair comité of subcomité en op voorwaarde dat de sociale partners hierover een collectieve arbeidsovereenkomst hebben afgesloten op het niveau van het paritair comité of subcomité.

De vraag tot een toelating of uitsluiting moet uiterlijk op 30 september aan de Rijksdienst voor sociale zekerheid tegen ontvangstbevestiging overgemaakt worden om te kunnen worden opgenomen in het eerstvolgende koninklijk besluit dat op 1 januari van het daaropvolgende jaar in werking treedt."; h) het artikel wordt aangevuld met de paragrafen 2, 3 en 4, luidende: " § 2.De toepassing van dit hoofdstuk kan tevens worden toegelaten of uitgesloten voor: 1° werknemers en werkgevers die ressorteren onder het paritair comité voor de Vlaamse welzijns- en gezondheidssector (PC 331) met als hoofdactiviteit kinderopvang (NACE 88.91), of voor wat de werkgevers betreft die niet onder dezelfde wet van 5 december 1968Relevante gevonden documenten type wet prom. 07/05/1999 pub. 30/12/1999 numac 1999010222 bron ministerie van justitie Wet op de kansspelen, de kansspelinrichtingen en de bescherming van de spelers type wet prom. 07/05/1999 pub. 15/05/1999 numac 1999000386 bron ministerie van binnenlandse zaken Wet tot wijziging van artikel 54 van de wet van 15 december 1980 betreffende de toegang tot het grondgebied, het verblijf, de vestiging en de verwijdering van vreemdelingen en van artikel 57ter van de organieke wet van 8 juli 1976 betreffende de openbare centra voor maatschappelijk welzijn, van de artikelen 2, § 5, 5, § 2 en 11bis van de wet van 2 april 1965 betreffende het ten laste nemen van de steun verleend door openbare centra voor maatschappelijk welzijn type wet prom. 07/05/1999 pub. 29/06/1999 numac 1999009706 bron ministerie van justitie Wet tot wijziging van sommige bepalingen van het Strafwetboek, van het Wetboek van Strafvordering, van de wet van 17 april 1878 houdende de voorafgaande titel van het Wetboek van Strafvordering, van de wet van 9 april 1930 tot bescherming van de maatschappij tegen de abnormalen en de gewoontemisdadigers, vervangen door de wet van 1 juli 1964, van de wet van 29 juni 1964 betreffende de opschorting, het uitstel en de probatie, van de wet van 20 juli 1990 betreffende de voorlopige hechtenis, van de wet van 5 maart 1998 betreffende de voorwaardelijke invrijheidsstelling en tot wijziging van de wet van 9 april 1930 tot bescherming van de maatschappij tegen de abnormalen en de gewoontemisdadigers, vervangen door de wet van 1 juli 1964 type wet prom. 07/05/1999 pub. 20/05/1999 numac 1999021236 bron diensten van de eerste minister Bijzondere wet tot wijziging van artikel 32 van de gewone wet van 9 augustus 1980 tot hervorming der instellingen, betreffende de voorkoming en de regeling van belangenconflicten sluiten4 ressorteren, als hoofdactiviteit kinderopvang hebben (NACE 88.91); 2° het officieel onderwijs en het gesubsidieerd personeel van het door de gemeenschap gesubsidieerd vrij onderwijs; 3° de werknemers en de werkgevers uit de sport- en cultuursector, voor zover de werkgevers niet onder dezelfde wet van 5 december 1968Relevante gevonden documenten type wet prom. 07/05/1999 pub. 30/12/1999 numac 1999010222 bron ministerie van justitie Wet op de kansspelen, de kansspelinrichtingen en de bescherming van de spelers type wet prom. 07/05/1999 pub. 15/05/1999 numac 1999000386 bron ministerie van binnenlandse zaken Wet tot wijziging van artikel 54 van de wet van 15 december 1980 betreffende de toegang tot het grondgebied, het verblijf, de vestiging en de verwijdering van vreemdelingen en van artikel 57ter van de organieke wet van 8 juli 1976 betreffende de openbare centra voor maatschappelijk welzijn, van de artikelen 2, § 5, 5, § 2 en 11bis van de wet van 2 april 1965 betreffende het ten laste nemen van de steun verleend door openbare centra voor maatschappelijk welzijn type wet prom. 07/05/1999 pub. 29/06/1999 numac 1999009706 bron ministerie van justitie Wet tot wijziging van sommige bepalingen van het Strafwetboek, van het Wetboek van Strafvordering, van de wet van 17 april 1878 houdende de voorafgaande titel van het Wetboek van Strafvordering, van de wet van 9 april 1930 tot bescherming van de maatschappij tegen de abnormalen en de gewoontemisdadigers, vervangen door de wet van 1 juli 1964, van de wet van 29 juni 1964 betreffende de opschorting, het uitstel en de probatie, van de wet van 20 juli 1990 betreffende de voorlopige hechtenis, van de wet van 5 maart 1998 betreffende de voorwaardelijke invrijheidsstelling en tot wijziging van de wet van 9 april 1930 tot bescherming van de maatschappij tegen de abnormalen en de gewoontemisdadigers, vervangen door de wet van 1 juli 1964 type wet prom. 07/05/1999 pub. 20/05/1999 numac 1999021236 bron diensten van de eerste minister Bijzondere wet tot wijziging van artikel 32 van de gewone wet van 9 augustus 1980 tot hervorming der instellingen, betreffende de voorkoming en de regeling van belangenconflicten sluiten4 ressorteren en hun hoofdactiviteit beantwoordt aan de omschrijving van één van de NACE-codes onder categorie 93.1 of 90.

De gehele of gedeeltelijke toelating of uitsluiting naar de in het vorig lid genoemde bedrijfstakken gebeurt bij een in Ministerraad overlegd koninklijk besluit op vraag van de gefedereerde entiteit. De vraag wordt enkel in overweging genomen door de federale overheid op voorwaarde dat: 1° de vraag voorafgaandelijk werd overlegd in het Overlegcomité;2° de vraag enkel betrekking heeft op dit deel van de bedrijfstak waarover de gefedereerde entiteit aantoont dat het gaat om diensten die door of namens de overheid worden uitgevoerd in het kader van haar publieke taak (diensten algemeen belang) of wat kinderopvang betreft, de inrichtingen en diensten die door de Vlaamse Gemeenschap of de Vlaamse Gemeenschapscommissie worden erkend en/of gesubsidieerd. § 3. In alle gevallen worden de volgende functies uitgesloten: 1° de artistieke, artistiek-technische en artistiek-ondersteunende functies die activiteiten omvatten zoals bepaald door de wet van 16 december 2022Relevante gevonden documenten type wet prom. 07/05/2004 pub. 18/05/2004 numac 2004022376 bron federale overheidsdienst volksgezondheid, veiligheid van de voedselketen en leefmilieu Wet inzake experimenten op de menselijke persoon sluiten7 tot oprichting van de Kunstwerkcommissie en tot verbetering van de sociale bescherming van kunstwerkers;2° functies die taken omvatten behorend tot het materiële toepassingsgebied van de gecoördineerde wet van 10 mei 2015Relevante gevonden documenten type wet prom. 26/06/2002 pub. 27/07/2002 numac 2002016171 bron ministerie van middenstand en landbouw Wet betreffende de oprichting van de Vestigingsraad sluiten4 betreffende de uitoefening van de gezondheidszorgberoepen. § 4. Het geheel of gedeeltelijk toelaten of uitsluiten van bedrijfstakken voldoet steeds aan de volgende voorwaarden: 1° de afbakening van de bedrijfstakken gebeurt op basis van door de Rijksdienst voor sociale zekerheid controleerbare gegevens, zoals: a) het paritair comité of subcomité;b) de hoofdactiviteiten die beantwoorden aan de omschrijving van NACE codes;c) de ondernemingen van een bedrijfstak waarvoor een Fonds voor Bestaanszekerheid bevoegd is en waarvoor de Rijksdienst voor sociale zekerheid een bijdrage int op basis van artikel 7 van de wet van 7 januari 1958Relevante gevonden documenten type wet prom. 04/05/1999 pub. 28/07/1999 numac 1999000423 bron ministerie van binnenlandse zaken Wet tot verbetering van het stelsel van politiek verlof voor provincie- en gemeenteraadsleden, leden van de raad voor maatschappelijk welzijn, burgemeesters, schepenen en voorzitters van de raad voor maatschappelijk welzijn in de openbare en de particuliere sector type wet prom. 04/05/1999 pub. 29/10/1999 numac 1999003334 bron ministerie van financien Wet tot wijziging van de wet van 31 december 1983 tot hervorming van de instellingen voor de Duitstalige Gemeenschap type wet prom. 04/05/1999 pub. 28/07/1999 numac 1999000426 bron ministerie van binnenlandse zaken en ministerie van financien Wet tot beperking van de cumulatie van het ambt van bestendig afgevaardigde met andere ambten en tot harmonisering van het financieel en fiscaal statuut van de bestendig afgevaardigde sluiten2 betreffende de Fondsen voor bestaanszekerheid;d) andere criteria die in onderling akkoord afgesproken worden met de Rijksdienst voor sociale zekerheid;2° een koninklijk besluit bepaalt de datum van inwerkingtreding van de toelating of uitsluiting telkens op 1 januari van het volgende kalenderjaar; 3° het koninklijk besluit groepeert alle toelatingen en uitsluitingen die het volgende kalenderjaar in werking treden.".

Art. 183.In artikel 4, § 1, van dezelfde wet, laatstelijk gewijzigd door de wet van 1 april 2022, worden de volgende wijzigingen aangebracht: 1° de bepaling onder a) wordt vervangen als volgt: "a) niet voorafgaandelijk, noch bijkomend is tewerkgesteld onder een andere arbeidsovereenkomst of statutaire aanstelling bij de werkgever bij wie hij de flexi-job uitoefent;"; 2° er wordt aangevuld met de bepaling onder e), luidende: "e) niet is tewerkgesteld bij een onderneming die verbonden is, zoals gedefinieerd in artikel 1.20 van het Wetboek van Vennootschappen en Verenigingen, aan de onderneming waarbij men een arbeidsovereenkomst heeft voor een tewerkstelling van minimaal 4/5e van een voltijdse job van een referentiepersoon van de sector."; 3° paragraaf 1 wordt aangevuld met één lid, luidende: "Personen die in T-3 4/5de van een voltijdse job van een referentiepersoon van de sector waarin de 4/5de tewerkstelling wordt gepresteerd werkten en in T-4 voltijds werkten, kunnen geen flexi-job uitoefenen in T en T+1.".

Art. 184.In artikel 5 van dezelfde wet, laatstelijk gewijzigd bij de wet van 16 oktober 2023Relevante gevonden documenten type wet prom. 27/12/2005 pub. 30/12/2005 numac 2005021183 bron federale overheidsdienst kanselarij van de eerste minister Wet houdende diverse bepalingen sluiten1, worden de volgende wijzigingen aangebracht: 1° paragraaf 1 wordt aangevuld met de volgende zin: "Het mag niet meer bedragen dan 150 procent van het minimale basisloon zoals bepaald in paragraaf 2, tenzij een ander maximum is vastgesteld bij een door de Koning algemeen verbindend verklaarde collectieve arbeidsovereenkomst."; 2° paragraaf 2 wordt vervangen als volgt: " § 2.Het basisloon als bedoeld in artikel 3, 2°, is minimaal gelijk aan het uurloon bepaald op basis van het baremieke loon dat geldt voor de door de flexi-jobwerknemer uitgeoefende functie en dat is bepaald door een collectieve arbeidsovereenkomst.

Voor de flexi-jobwerknemers die niet onderworpen zijn aan de wet van 5 december 1968Relevante gevonden documenten type wet prom. 07/05/1999 pub. 30/12/1999 numac 1999010222 bron ministerie van justitie Wet op de kansspelen, de kansspelinrichtingen en de bescherming van de spelers type wet prom. 07/05/1999 pub. 15/05/1999 numac 1999000386 bron ministerie van binnenlandse zaken Wet tot wijziging van artikel 54 van de wet van 15 december 1980 betreffende de toegang tot het grondgebied, het verblijf, de vestiging en de verwijdering van vreemdelingen en van artikel 57ter van de organieke wet van 8 juli 1976 betreffende de openbare centra voor maatschappelijk welzijn, van de artikelen 2, § 5, 5, § 2 en 11bis van de wet van 2 april 1965 betreffende het ten laste nemen van de steun verleend door openbare centra voor maatschappelijk welzijn type wet prom. 07/05/1999 pub. 29/06/1999 numac 1999009706 bron ministerie van justitie Wet tot wijziging van sommige bepalingen van het Strafwetboek, van het Wetboek van Strafvordering, van de wet van 17 april 1878 houdende de voorafgaande titel van het Wetboek van Strafvordering, van de wet van 9 april 1930 tot bescherming van de maatschappij tegen de abnormalen en de gewoontemisdadigers, vervangen door de wet van 1 juli 1964, van de wet van 29 juni 1964 betreffende de opschorting, het uitstel en de probatie, van de wet van 20 juli 1990 betreffende de voorlopige hechtenis, van de wet van 5 maart 1998 betreffende de voorwaardelijke invrijheidsstelling en tot wijziging van de wet van 9 april 1930 tot bescherming van de maatschappij tegen de abnormalen en de gewoontemisdadigers, vervangen door de wet van 1 juli 1964 type wet prom. 07/05/1999 pub. 20/05/1999 numac 1999021236 bron diensten van de eerste minister Bijzondere wet tot wijziging van artikel 32 van de gewone wet van 9 augustus 1980 tot hervorming der instellingen, betreffende de voorkoming en de regeling van belangenconflicten sluiten4 betreffende de collectieve arbeidsovereenkomsten en de paritaire comités is het basisloon minimaal gelijk aan het uurloon bepaald op basis van het baremieke loon dat geldt voor de door de werknemer uitgeoefende functie overeenkomstig de rechtspositieregeling die op hem van toepassing is.

Voor de flexi-jobwerknemers waarvoor geen baremiek loon is vastgesteld, is het basisloon minimaal gelijk aan het uurloon bepaald op basis van het gewaarborgd gemiddeld minimum maandinkomen zoals bepaald in de collectieve arbeidsovereenkomst nr. 43 van 2 mei 1988 betreffende de waarborg van een gemiddeld minimum maandinkomen.

In afwijking van het eerste lid bedraagt het basisloon als bedoeld in artikel 3, 2°, minimaal 10,97 euro per uur voor activiteiten uitgevoerd binnen het paritair comité voor het hotelbedrijf (PC 302).

Dit minimaal bedrag wordt aangepast aan het indexcijfer der consumptieprijzen, overeenkomstig de bepalingen van de wet van 2 augustus 1971Relevante gevonden documenten type wet prom. 07/05/1999 pub. 30/12/1999 numac 1999010222 bron ministerie van justitie Wet op de kansspelen, de kansspelinrichtingen en de bescherming van de spelers type wet prom. 07/05/1999 pub. 15/05/1999 numac 1999000386 bron ministerie van binnenlandse zaken Wet tot wijziging van artikel 54 van de wet van 15 december 1980 betreffende de toegang tot het grondgebied, het verblijf, de vestiging en de verwijdering van vreemdelingen en van artikel 57ter van de organieke wet van 8 juli 1976 betreffende de openbare centra voor maatschappelijk welzijn, van de artikelen 2, § 5, 5, § 2 en 11bis van de wet van 2 april 1965 betreffende het ten laste nemen van de steun verleend door openbare centra voor maatschappelijk welzijn type wet prom. 07/05/1999 pub. 29/06/1999 numac 1999009706 bron ministerie van justitie Wet tot wijziging van sommige bepalingen van het Strafwetboek, van het Wetboek van Strafvordering, van de wet van 17 april 1878 houdende de voorafgaande titel van het Wetboek van Strafvordering, van de wet van 9 april 1930 tot bescherming van de maatschappij tegen de abnormalen en de gewoontemisdadigers, vervangen door de wet van 1 juli 1964, van de wet van 29 juni 1964 betreffende de opschorting, het uitstel en de probatie, van de wet van 20 juli 1990 betreffende de voorlopige hechtenis, van de wet van 5 maart 1998 betreffende de voorwaardelijke invrijheidsstelling en tot wijziging van de wet van 9 april 1930 tot bescherming van de maatschappij tegen de abnormalen en de gewoontemisdadigers, vervangen door de wet van 1 juli 1964 type wet prom. 07/05/1999 pub. 20/05/1999 numac 1999021236 bron diensten van de eerste minister Bijzondere wet tot wijziging van artikel 32 van de gewone wet van 9 augustus 1980 tot hervorming der instellingen, betreffende de voorkoming en de regeling van belangenconflicten sluiten8 houdende inrichting van een stelsel waarbij de wedden, lonen, pensioenen, toelagen en tegemoetkomingen ten laste van de Openbare Schatkist, sommige sociale uitkeringen, de bezoldigingsgrenzen waarmede rekening dient gehouden bij de berekening van sommige bijdragen van de sociale zekerheid der arbeiders, alsmede de verplichtingen op sociaal gebied opgelegd aan de zelfstandigen, aan het indexcijfer van de consumptieprijzen worden gekoppeld.".

Art. 185.In hoofdstuk 2 van dezelfde wet wordt een afdeling 3/1 ingevoegd, luidende "Overleg over de toepassing van de flexi-jobs".

Art. 186.In afdeling 3/1, ingevoegd bij artikel 185, wordt een artikel 12/1 ingevoegd, luidende: "

Art. 12/1.Werkgevers die niet ressorteren onder dezelfde wet van 5 december 1968Relevante gevonden documenten type wet prom. 07/05/1999 pub. 30/12/1999 numac 1999010222 bron ministerie van justitie Wet op de kansspelen, de kansspelinrichtingen en de bescherming van de spelers type wet prom. 07/05/1999 pub. 15/05/1999 numac 1999000386 bron ministerie van binnenlandse zaken Wet tot wijziging van artikel 54 van de wet van 15 december 1980 betreffende de toegang tot het grondgebied, het verblijf, de vestiging en de verwijdering van vreemdelingen en van artikel 57ter van de organieke wet van 8 juli 1976 betreffende de openbare centra voor maatschappelijk welzijn, van de artikelen 2, § 5, 5, § 2 en 11bis van de wet van 2 april 1965 betreffende het ten laste nemen van de steun verleend door openbare centra voor maatschappelijk welzijn type wet prom. 07/05/1999 pub. 29/06/1999 numac 1999009706 bron ministerie van justitie Wet tot wijziging van sommige bepalingen van het Strafwetboek, van het Wetboek van Strafvordering, van de wet van 17 april 1878 houdende de voorafgaande titel van het Wetboek van Strafvordering, van de wet van 9 april 1930 tot bescherming van de maatschappij tegen de abnormalen en de gewoontemisdadigers, vervangen door de wet van 1 juli 1964, van de wet van 29 juni 1964 betreffende de opschorting, het uitstel en de probatie, van de wet van 20 juli 1990 betreffende de voorlopige hechtenis, van de wet van 5 maart 1998 betreffende de voorwaardelijke invrijheidsstelling en tot wijziging van de wet van 9 april 1930 tot bescherming van de maatschappij tegen de abnormalen en de gewoontemisdadigers, vervangen door de wet van 1 juli 1964 type wet prom. 07/05/1999 pub. 20/05/1999 numac 1999021236 bron diensten van de eerste minister Bijzondere wet tot wijziging van artikel 32 van de gewone wet van 9 augustus 1980 tot hervorming der instellingen, betreffende de voorkoming en de regeling van belangenconflicten sluiten4 overleggen jaarlijks en voor elk kalenderjaar waarin zij flexi-jobwerknemers tewerkstellen over de toepassing van de flexi-jobs met de vertegenwoordigers van de werknemers in de bevoegde overlegorganen.".

Art. 187.In artikel 38 van dezelfde wet worden de volgende wijzigingen aangebracht: 1° in het eerste lid wordt het woord "ofwel" ingevoegd tussen de woorden "zoals vervat in" en de woorden "Verordening (EU) 1407/2013 van de Europese Commissie"; 2° het eerste lid wordt aangevuld met de woorden ", ofwel Verordening (EU) 1408/2013 betreffende de toepassing van de artikelen 107 en 108 van het verdrag betreffende de werking van de Europese Unie op de-minimissteun in de landbouwsector, gewijzigd door Verordening (EU) 2019/316 van de Europese Commissie van 21 februari 2019 en de eventuele latere wijzigingen van deze verordening."; 3° in het tweede lid wordt het woord "ofwel" ingevoegd tussen de woorden "het plafond vermeld in" en de woorden "de Verordening (EU) 1407/2013"; 4° in het tweede lid worden de woorden "ofwel de Verordening (EU) 1408/2013 inzake de toepassing van de artikelen 107 en 108 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie op de-minimissteun in de landbouwsector, gewijzigd door Verordening (EU) 2019/316 van de Commissie van 21 februari 2019 en de eventuele latere wijzigingen van deze verordening," ingevoegd tussen de woorden "het verdrag betreffende de werking van de Europese Unie op de de-minimissteun," en de woorden "niet zal overschrijden.". Afdeling 3 - Wijziging van de wet van 20 september 1948Relevante gevonden documenten type wet prom. 07/05/1999 pub. 30/12/1999 numac 1999010222 bron ministerie van justitie Wet op de kansspelen, de kansspelinrichtingen en de bescherming van de spelers type wet prom. 07/05/1999 pub. 15/05/1999 numac 1999000386 bron ministerie van binnenlandse zaken Wet tot wijziging van artikel 54 van de wet van 15 december 1980 betreffende de toegang tot het grondgebied, het verblijf, de vestiging en de verwijdering van vreemdelingen en van artikel 57ter van de organieke wet van 8 juli 1976 betreffende de openbare centra voor maatschappelijk welzijn, van de artikelen 2, § 5, 5, § 2 en 11bis van de wet van 2 april 1965 betreffende het ten laste nemen van de steun verleend door openbare centra voor maatschappelijk welzijn type wet prom. 07/05/1999 pub. 29/06/1999 numac 1999009706 bron ministerie van justitie Wet tot wijziging van sommige bepalingen van het Strafwetboek, van het Wetboek van Strafvordering, van de wet van 17 april 1878 houdende de voorafgaande titel van het Wetboek van Strafvordering, van de wet van 9 april 1930 tot bescherming van de maatschappij tegen de abnormalen en de gewoontemisdadigers, vervangen door de wet van 1 juli 1964, van de wet van 29 juni 1964 betreffende de opschorting, het uitstel en de probatie, van de wet van 20 juli 1990 betreffende de voorlopige hechtenis, van de wet van 5 maart 1998 betreffende de voorwaardelijke invrijheidsstelling en tot wijziging van de wet van 9 april 1930 tot bescherming van de maatschappij tegen de abnormalen en de gewoontemisdadigers, vervangen door de wet van 1 juli 1964 type wet prom. 07/05/1999 pub. 20/05/1999 numac 1999021236 bron diensten van de eerste minister Bijzondere wet tot wijziging van artikel 32 van de gewone wet van 9 augustus 1980 tot hervorming der instellingen, betreffende de voorkoming en de regeling van belangenconflicten sluiten7 houdende

organisatie van het bedrijfsleven

Art. 188.Artikel 15 van de wet van 20 september 1948Relevante gevonden documenten type wet prom. 07/05/1999 pub. 30/12/1999 numac 1999010222 bron ministerie van justitie Wet op de kansspelen, de kansspelinrichtingen en de bescherming van de spelers type wet prom. 07/05/1999 pub. 15/05/1999 numac 1999000386 bron ministerie van binnenlandse zaken Wet tot wijziging van artikel 54 van de wet van 15 december 1980 betreffende de toegang tot het grondgebied, het verblijf, de vestiging en de verwijdering van vreemdelingen en van artikel 57ter van de organieke wet van 8 juli 1976 betreffende de openbare centra voor maatschappelijk welzijn, van de artikelen 2, § 5, 5, § 2 en 11bis van de wet van 2 april 1965 betreffende het ten laste nemen van de steun verleend door openbare centra voor maatschappelijk welzijn type wet prom. 07/05/1999 pub. 29/06/1999 numac 1999009706 bron ministerie van justitie Wet tot wijziging van sommige bepalingen van het Strafwetboek, van het Wetboek van Strafvordering, van de wet van 17 april 1878 houdende de voorafgaande titel van het Wetboek van Strafvordering, van de wet van 9 april 1930 tot bescherming van de maatschappij tegen de abnormalen en de gewoontemisdadigers, vervangen door de wet van 1 juli 1964, van de wet van 29 juni 1964 betreffende de opschorting, het uitstel en de probatie, van de wet van 20 juli 1990 betreffende de voorlopige hechtenis, van de wet van 5 maart 1998 betreffende de voorwaardelijke invrijheidsstelling en tot wijziging van de wet van 9 april 1930 tot bescherming van de maatschappij tegen de abnormalen en de gewoontemisdadigers, vervangen door de wet van 1 juli 1964 type wet prom. 07/05/1999 pub. 20/05/1999 numac 1999021236 bron diensten van de eerste minister Bijzondere wet tot wijziging van artikel 32 van de gewone wet van 9 augustus 1980 tot hervorming der instellingen, betreffende de voorkoming en de regeling van belangenconflicten sluiten7 houdende organisatie van het bedrijfsleven, laatstelijk gewijzigd bij de wet van 5 juni 2023, wordt aangevuld met een bepaling onder p), luidende: "p) om voor elk kalenderjaar waarin flexi-jobwerknemers worden tewerkgesteld een jaarlijks overleg te organiseren tussen de werkgever en de vertegenwoordigers van de werknemers over de toepassing van de flexi-jobs in de onderneming.". Afdeling 4 - Wijziging aan de wet van 27 juni 1969Relevante gevonden documenten type wet prom. 07/05/1999 pub. 30/12/1999 numac 1999010222 bron ministerie van justitie Wet op de kansspelen, de kansspelinrichtingen en de bescherming van de spelers type wet prom. 07/05/1999 pub. 15/05/1999 numac 1999000386 bron ministerie van binnenlandse zaken Wet tot wijziging van artikel 54 van de wet van 15 december 1980 betreffende de toegang tot het grondgebied, het verblijf, de vestiging en de verwijdering van vreemdelingen en van artikel 57ter van de organieke wet van 8 juli 1976 betreffende de openbare centra voor maatschappelijk welzijn, van de artikelen 2, § 5, 5, § 2 en 11bis van de wet van 2 april 1965 betreffende het ten laste nemen van de steun verleend door openbare centra voor maatschappelijk welzijn type wet prom. 07/05/1999 pub. 29/06/1999 numac 1999009706 bron ministerie van justitie Wet tot wijziging van sommige bepalingen van het Strafwetboek, van het Wetboek van Strafvordering, van de wet van 17 april 1878 houdende de voorafgaande titel van het Wetboek van Strafvordering, van de wet van 9 april 1930 tot bescherming van de maatschappij tegen de abnormalen en de gewoontemisdadigers, vervangen door de wet van 1 juli 1964, van de wet van 29 juni 1964 betreffende de opschorting, het uitstel en de probatie, van de wet van 20 juli 1990 betreffende de voorlopige hechtenis, van de wet van 5 maart 1998 betreffende de voorwaardelijke invrijheidsstelling en tot wijziging van de wet van 9 april 1930 tot bescherming van de maatschappij tegen de abnormalen en de gewoontemisdadigers, vervangen door de wet van 1 juli 1964 type wet prom. 07/05/1999 pub. 20/05/1999 numac 1999021236 bron diensten van de eerste minister Bijzondere wet tot wijziging van artikel 32 van de gewone wet van 9 augustus 1980 tot hervorming der instellingen, betreffende de voorkoming en de regeling van belangenconflicten sluiten9 tot herziening van

de besluitwet van 28 december 1944 betreffende de maatschappelijke zekerheid der arbeiders

Art. 189.In de wet van 27 juni 1969Relevante gevonden documenten type wet prom. 07/05/1999 pub. 30/12/1999 numac 1999010222 bron ministerie van justitie Wet op de kansspelen, de kansspelinrichtingen en de bescherming van de spelers type wet prom. 07/05/1999 pub. 15/05/1999 numac 1999000386 bron ministerie van binnenlandse zaken Wet tot wijziging van artikel 54 van de wet van 15 december 1980 betreffende de toegang tot het grondgebied, het verblijf, de vestiging en de verwijdering van vreemdelingen en van artikel 57ter van de organieke wet van 8 juli 1976 betreffende de openbare centra voor maatschappelijk welzijn, van de artikelen 2, § 5, 5, § 2 en 11bis van de wet van 2 april 1965 betreffende het ten laste nemen van de steun verleend door openbare centra voor maatschappelijk welzijn type wet prom. 07/05/1999 pub. 29/06/1999 numac 1999009706 bron ministerie van justitie Wet tot wijziging van sommige bepalingen van het Strafwetboek, van het Wetboek van Strafvordering, van de wet van 17 april 1878 houdende de voorafgaande titel van het Wetboek van Strafvordering, van de wet van 9 april 1930 tot bescherming van de maatschappij tegen de abnormalen en de gewoontemisdadigers, vervangen door de wet van 1 juli 1964, van de wet van 29 juni 1964 betreffende de opschorting, het uitstel en de probatie, van de wet van 20 juli 1990 betreffende de voorlopige hechtenis, van de wet van 5 maart 1998 betreffende de voorwaardelijke invrijheidsstelling en tot wijziging van de wet van 9 april 1930 tot bescherming van de maatschappij tegen de abnormalen en de gewoontemisdadigers, vervangen door de wet van 1 juli 1964 type wet prom. 07/05/1999 pub. 20/05/1999 numac 1999021236 bron diensten van de eerste minister Bijzondere wet tot wijziging van artikel 32 van de gewone wet van 9 augustus 1980 tot hervorming der instellingen, betreffende de voorkoming en de regeling van belangenconflicten sluiten9 tot herziening van de besluitwet van 28 december 1944 betreffende de maatschappelijke zekerheid der arbeiders wordt een artikel 21/1 ingevoegd, luidende: "

Art. 21/1.Werkgevers die flexijobwerknemers, zoals bedoeld in artikel 3,3° van de wet van 16 november 2015Relevante gevonden documenten type wet prom. 26/06/2002 pub. 27/07/2002 numac 2002016171 bron ministerie van middenstand en landbouw Wet betreffende de oprichting van de Vestigingsraad sluiten5 houdende diverse bepalingen in sociale zaken tewerkstellen, moeten flexiloon en -prestatiegegevens, bedoeld in artikel 3, 2°, van dezelfde wet, aan de Rijksdienst voor Sociale Zekerheid, door middel van een door deze Rijksdienst goedgekeurde elektronische techniek, binnen een door de Koning bepaalde termijn.

De gegevens bedoeld in het eerste lid betreffen dezelfde gegevens die reeds in het kader van artikel 21 van deze wet worden aangegeven voor de flexi-jobwerknemers bedoeld in artikel 3,3° van de wet van 16 november 2015Relevante gevonden documenten type wet prom. 26/06/2002 pub. 27/07/2002 numac 2002016171 bron ministerie van middenstand en landbouw Wet betreffende de oprichting van de Vestigingsraad sluiten5.

De gegevens zullen uiterlijk de 5e dag die volgt op de loonberekeningen en de opmaak van de weddefiches moeten worden doorgestuurd door de werkgever, om de Rijksdienst voor sociale zekerheid toe te staan de werknemers tijdig op de hoogte te brengen van de eventuele overschrijding van het fiscale plafond bedoeld in artikel 38, § 1, eerste lid, 29°, van het Wetboek van de inkomstenbelastingen 1992.

De gegevens worden verwerkt door de Rijksdienst voor sociale zekerheid en zijn toegankelijk voor dezelfde personen als de gegevens bedoeld in artikel 21 van deze wet.

De gegevens worden bewaard voor dezelfde termijn als de gegevens bedoeld in artikel 21 van deze wet.". Afdeling 5 - Wijziging van het Sociaal Strafwetboek

Art. 190.In artikel 152/2 van het Sociaal Strafwetboek, gewijzigd bij de wet van 7 oktober 2022Relevante gevonden documenten type wet prom. 27/12/2005 pub. 30/12/2005 numac 2005021183 bron federale overheidsdienst kanselarij van de eerste minister Wet houdende diverse bepalingen sluiten0, worden de volgende wijzigingen aangebracht: 1° de bestaande tekst zal paragraaf 1 vormen;2° het wordt aangevuld met een paragraaf 2, luidende: " § 2.Met een sanctie van niveau 3 wordt bestraft, de werkgever, zijn aangestelde of zijn lasthebber die, in strijd met de wet van 16 november 2015Relevante gevonden documenten type wet prom. 26/06/2002 pub. 27/07/2002 numac 2002016171 bron ministerie van middenstand en landbouw Wet betreffende de oprichting van de Vestigingsraad sluiten5 houdende diverse bepalingen inzake sociale zaken of met de uitvoeringsbesluiten ervan, een werknemer als een flexi-jobwerknemer heeft tewerkgesteld terwijl de door deze werknemer uitgeoefende prestaties niet behoren tot het toepassingsgebied van de flexi-jobs.

Deze sanctie wordt enkel toegepast voor die sectoren waar de afbakening op basis van NACE-code gebeurt.

De geldboete wordt vermenigvuldigd met het aantal betrokken werknemers.".

Art. 191.In boek 2, hoofdstuk 2, afdeling 3/1, van hetzelfde Wetboek, wordt een artikel 152/3 ingevoegd, luidende: "

Art. 152/3.De raamovereenkomst "flexi-job" Met een sanctie van niveau 2 wordt bestraft, de werkgever, zijn aangestelde of zijn lasthebber die, in strijd met de wet van 16 november 2015Relevante gevonden documenten type wet prom. 26/06/2002 pub. 27/07/2002 numac 2002016171 bron ministerie van middenstand en landbouw Wet betreffende de oprichting van de Vestigingsraad sluiten5 houdende diverse bepalingen inzake sociale zaken: 1° niet, vóór de aanvang van de eerste tewerkstelling, een raamovereenkomst afgesloten heeft met de flexi-jobwerknemer, overeenkomstig de artikelen 6 en 7 van de voormelde wet;2° de raamovereenkomst onvolledig of onjuist heeft opgemaakt;3° niet de nodige maatregelen getroffen heeft opdat de raamovereenkomst te allen tijde ter beschikking van de met het toezicht belaste ambtenaren en beambten wordt gehouden;4° de raamovereenkomst niet op de plaats van de tewerkstelling van de flexi-jobwerknemer bewaard heeft. Voor de in het eerste lid bedoelde inbreuken wordt de geldboete vermenigvuldigd met het aantal betrokken werknemers.". Afdeling 6 - Evaluatie

Art. 192.§ 1. Twee jaar na de inwerkingtreding van deze wet vindt een evaluatie van de wet van 16 november 2015Relevante gevonden documenten type wet prom. 26/06/2002 pub. 27/07/2002 numac 2002016171 bron ministerie van middenstand en landbouw Wet betreffende de oprichting van de Vestigingsraad sluiten5 houdende diverse bepalingen inzake sociale zaken plaats. Deze evaluatie heeft tot doel om na te gaan of het systeem van de flexi-jobs haar doelstellingen bereikt en wat de impact ervan is, met name op de begroting van de sociale zekerheid, de publieke inkomsten en uitgaven, de evolutie en de structuur van de tewerkstelling, alsook de arbeidspieken, de arbeidsmarktkrapte et de gezondheid van de werknemers. De analyses voor deze evaluatie worden uitgevoerd door het Rekenhof en het Federaal Planbureau. De analyse wordt overgemaakt aan de Nationale Arbeidsraad, die een finaal rapport als advies aan de regering opmaakt ten laatste 30 maanden na de inwerkingtreding van deze wet.

Na deze eerste evaluatie zullen jaarlijkse opvolgevaluaties plaatsvinden. § 2. Daarnaast gebeurt twee jaar na de inwerkingtreding van deze uitbreiding een evaluatie om na te gaan of er oneigenlijk gebruik gemaakt wordt van flexi-jobs in de eventsector. Afdeling 7 - Overgangsbepaling

Art. 193.Voor het jaar 2024 is een gehele of gedeeltelijke toelating (of uitsluiting) van sectoren mogelijk op kwartaalbasis. Afdeling 8 - Inwerkingtreding

Art. 194.Dit hoofdstuk treedt in werking op 1 januari 2024.

TITEL 11 - Justitie ENIG HOOFDSTUK - Wijziging van de wet van 3 april 1953 betreffende de rechterlijke inrichting

Art. 195.In de tabel "III. Rechtbanken van eerste aanleg" gevoegd bij de wet van 3 april 1953 betreffende de rechterlijke inrichting, vervangen bij de wet van 1 december 2013 en gewijzigd bij de wetten van 6 januari 2014, 25 april 2014 en 1 juli 2016, worden in de kolom met als opschrift "Kader Parket Substituten" de volgende wijzigingen aangebracht: 1° het cijfer "21" dat voorkomt tegenover "Brussel Nederlandstalig" wordt vervangen door het cijfer "22";2° het cijfer "98" dat voorkomt tegenover "Brussel Franstalig" wordt vervangen door het cijfer "102". Kondigen deze wet af, bevelen dat zij met 's Lands zegel zal worden bekleed en door het Belgisch Staatsblad zal worden bekendgemaakt.

Gegeven te Brussel, 22 december 2023.

FILIP Van Koningswege : De Eerste Minister, A. DE CROO De Minister van Economie en Werk, P.-Y. DERMAGNE De Minister van Zelfstandigen, D. CLARINVAL De Minister van Financiën, V. VAN PETEGHEM De Minister van Sociale Zaken en Volksgezondheid, F. VANDENBROUCKE De Minister van Justitie en Noordzee, P. VAN TIGCHELT De Minister van Pensioenen, belast met Personen met een handicap K. LALIEUX De Minister van Defensie, L. DEDONDER De Minister van Ontwikkelingssamenwerking, C. GENNEZ De Staatssecretaris voor Begroting, A. BERTRAND Met 's Lands zegel gezegeld : De Minister van Justitie, P. VAN TICHELT _______ Nota (1) Nota Kamer van volksvertegenwoordigers (www.dekamer.be) : Stukken : 55 3697 Integraal verslag : 21 december 2023.

Voor de raadpleging van de tabel, zie beeld

^