Etaamb.openjustice.be
Samenwerkingsakkoord van 07 december 2001
gepubliceerd op 11 december 2002

Samenwerkingsakkoord tussen de Federale Staat en de Gewesten betreffende de uitwisseling van informatie in het kader van de uitoefening van hun fiscale bevoegdheden en betreffende de overlegprocedures inzake technische uitvoerbaarheid van door de Gewesten voorgenomen wijzigingen aan de gewestelijke belastingen en inzake de technische uitvoerbaarheid van de invoering door de Gewesten van algemene belastingverminderingen of -vermeerderingen van de verschuldigde personenbelasting

bron
ministerie van financien, van de vlaamse gemeenschap, van het waalse gewest en van het brussels hoofdstedelijk gewest
numac
2002021461
pub.
11/12/2002
prom.
07/12/2001
staatsblad
http://www.ejustice.just.fgov.be/cgi/article_body.(...)
Document Qrcode

7 DECEMBER 2001. - Samenwerkingsakkoord tussen de Federale Staat en de Gewesten betreffende de uitwisseling van informatie in het kader van de uitoefening van hun fiscale bevoegdheden en betreffende de overlegprocedures inzake technische uitvoerbaarheid van door de Gewesten voorgenomen wijzigingen aan de gewestelijke belastingen en inzake de technische uitvoerbaarheid van de invoering door de Gewesten van algemene belastingverminderingen of -vermeerderingen van de verschuldigde personenbelasting


Gelet op de artikelen 1, 33, 35, 39 en 134 van de Grondwet;

Gelet op de bijzondere wet van 8 augustus 1980 tot hervorming van de instellingen, inzonderheid artikel 92bis , ingevoegd bij de bijzondere wet van 8 augustus 1988 en gewijzigd door de bijzondere wet van 16 januari 1989, de bijzondere wet van 16 juli 1993 en de bijzondere wetten van 13 juli 2001;

Gelet op de bijzondere wet van 12 januari 1989 met betrekking tot de Brusselse instellingen;

Gelet op de bijzondere wet van 16 januari 1989 betreffende de financiering van de gemeenschappen en de gewesten, inzonderheid artikel 1bis ingevoegd door de bijzondere wet van 13 juli 2001 tot herfinanciering van de gemeenschappen en uitbreiding van de fiscale bevoegdheden van de gewesten, en de artikelen 3 tot 9bis gewijzigd bij de bijzondere wet van 16 juli 1993 en de bijzondere wet van 13 juli 2001;

De Federale Staat vertegenwoordigd door de heer Didier Reynders, Minister van Financiën, Het Vlaamse Gewest, vertegenwoordigd door zijn Regering, in de persoon van de heer Patrick Dewael, Minister-President van de Vlaamse Regering en van de heer Dirk Van Mechelen, Minister van Financiën en Begroting, Innovatie, Media en Ruimtelijke Ordening van de Vlaamse Regering, Het Waalse Gewest, vertegenwoordigd door zijn Regering, in de persoon van de heer Jean-Claude Van Cauwenberghe, Minister-President van de Waalse Regering en de heer Michel Daerden, Vice-President en Minister van Begroting, Huisvesting, Uitrusting en Openbare Werken van de Waalse Regering, Het Brusselse Hoofdstedelijk Gewest, vertegenwoordigd door zijn Regering, in de persoon van de heer François-Xavier de Donnea, Minister-Voorzitter van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering en van de heer Guy Vanhengel, Minister van Financiën, Begroting, Openbaar Ambt en Externe Betrekkingen van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering, komen overeen wat volgt : TITEL I. - Algemene bepalingen betreffende de uitwisseling van informatie in het kader van de uitoefening van de fiscale bevoegdheden van de gewesten en de federale overheid

Artikel 1.De federale overheid en de gewesten verbinden er zich toe de informatie waarover zij beschikken en die dienstig is voor de vestiging, heffing, inning, controle of invordering van een federale of gewestbelasting, kosteloos en bij voorkeur op geïnformatiseerde wijze te verstrekken aan de betrokken belastingdiensten van de federale overheid of van de gewesten.

Art. 2.Moeilijkheden die met betrekking tot de in artikel 1 bedoelde uitwisseling van informatie rijzen, worden ter oplossing voorgelegd aan de Interministeriële Conferentie voor Financiën en Begroting.

TITEL II. - Uitwisseling van informatie en overlegprocedure met betrekking tot de technische uitvoerbaarheid van door de gewesten voorgenomen wijzigingen aan gewestelijke belastingen, zolang de federale overheid instaat voor de dienst van een gewestelijke belasting voor één of meer gewesten HOOFDSTUK I. - Algemene bepalingen

Art. 3.Zolang de dienst van een gewestelijke belasting vermeld in artikel 3, eerste lid, 1° tot en met 8° en 10° tot en met 12°, van de bijzondere wet van 16 januari 1989 betreffende de financiering van de gemeenschappen en gewesten, door de federale overheid wordt verzekerd, verbindt het betreffende gewest zich tot het volgen van de hierna in de artikels 8 tot 14 bepaalde overlegprocedure met de federale Minister van Financiën met betrekking tot de technische uitvoerbaarheid van voorgenomen wijzigingen aan die gewestelijke belastingen.

Art. 4.Moeilijkheden die betrekking hebben op de in de artikelen 8 en volgende bedoelde overlegprocedure worden ter oplossing voorgelegd aan de Interministeriële Conferentie voor Financiën en Begroting. HOOFDSTUK II. - Uitwisseling van informatie

Art. 5.Zolang de federale overheid voor een gewest instaat voor de dienst van een gewestelijke belasting, kan dat gewest vragen dat de federale administratie die de dienst van de belasting verzekert de gegevens verschaft die het gewest nodig heeft voor haar fiscaal beleid. Wanneer voor het aanleggen en bijhouden van een nieuwe soort gegevens de federale overheid extra werkmiddelen moet voorzien, kan zij het verschaffen van die gegevens afhankelijk maken van een bijdrage van het gewest in de kosten ervan.

Art. 6.Zolang de federale overheid voor één of meer gewesten instaat voor de dienst van een gewestelijke belasting, verlenen de federale overheid en de gewesten die zelf voor de dienst van de belasting instaan, elkaar de nodige bijstand op het vlak van de controle van de juiste heffing van de belasting, inzonderheid wanneer de heffingsgrondslag of een voorwaarde voor een vrijstelling of vermindering van een belasting een element omvat of kan omvatten dat buiten het gewest gelegen is waar de belasting wordt gelokaliseerd.

Zolang de federale overheid voor één of meer gewesten instaat voor de dienst van een gewestelijke belasting, kan de Gewestraad aan het Rekenhof vragen de voor het gewest en de lokale besturen ontvangen bijdragen goed te keuren.

Art. 7.Zolang de federale overheid voor een gewest instaat voor de dienst van een gewestelijke belasting kan de Gewestregering aan de federale Minister van Financiën vragen : a) voor elke federale administratie een ambtenaar-generaal aan te duiden als aanspreekpunt voor de mededeling van de in de artikelen 1 en 5 van dit samenwerkingsakkoord bedoelde gegevens;b) een ambtenaar-generaal van de dienst die belast is met de fiscale wetgeving aan te duiden als aanspreekpunt voor het opstellen en het beoordelen van de regeringsontwerpen tot wijziging van de gewestelijke belasting. HOOFDSTUK III. - Overlegprocedure voor ontwerpen van decreet of ordonnantie tot wijziging van een gewestelijke belasting

Art. 8.Vóór de indiening ervan bij de betrokken Raad deelt de Gewestregering ieder ontwerp van decreet of ordonnantie houdende wijziging van een gewestelijke belasting als bedoeld in artikel 3, mee aan de federale Minister van Financiën. Indien de voorgenomen wijziging deel uitmaakt van een ruimere wijziging van de gewestelijke regelgeving, kan de Gewestregering een uittreksel van het ontwerp met de betreffende bepalingen meedelen.

Bij het ontwerp of het uittreksel van het ontwerp wordt een dossier gevoegd bevattende : 1° een algemene en artikelsgewijze toelichting van de voorgestelde wijzigingen;2° de opgave van de nieuwe of te wijzigen uitvoeringsbesluiten als gevolg van de voorgestelde wijzigingen en de ontwerpteksten desbetreffende, indien reeds voorhanden;3° de aanduiding van de personen die door de Gewestregering worden aangewezen om nader toelichting bij de voorgestelde wijzigingen te verschaffen.

Art. 9.De federale Minister van Financiën notificeert aan de Gewestregering de ontvangst van het ontwerp en van het bijgevoegde dossier uiterlijk de eerstvolgende werkdag.

Art. 10.De federale Minister deelt binnen de maand na de in artikel 9 bedoelde notificatie zijn bemerkingen over de technische uitvoerbaarheid van de voorgestelde wijzigingen aan de Gewestregering mee.

Art. 11.Indien aan een ontwerp van decreet of ordonnantie tijdens de behandeling ervan in de bevoegde commissie van de betrokken Raad zodanige wijzigingen zijn aangebracht dat de door de federale Minister geformuleerde bemerkingen niet meer relevant zijn, deelt de Gewestregering het ontwerp opnieuw mee. HOOFDSTUK IV. - Overlegprocedure voor voorstellen van decreet of ordonnantie tot wijziging van een gewestelijke belasting

Art. 12.De Gewestregering deelt ieder voorstel van decreet of van ordonnantie houdende wijziging van een gewestelijke belasting als bedoeld in artikel 3, na goedkeuring in de commissie van de betrokken Raad mee aan de federale Minister van Financiën. Indien de voorgenomen wijziging deel uitmaakt van een ruimere wijziging van de gewestelijke regelgeving, kan de Gewestregering een uittreksel van het voorstel met de betreffende bepalingen meedelen.

Bij het voorstel of het uittreksel van het voorstel wordt een dossier gevoegd bevattende : 1° de toelichting van de indiener van het voorstel;2° de in de commissie van de betrokken Raad goedgekeurde tekst.

Art. 13.De federale Minister ven Financiën notificeert aan de Gewestregering de ontvangst van het voorstel en van het bijgevoegde dossier uiterlijk de eerstvolgende werkdag.

Art. 14.De federale Minister deelt na de in artikel 13 bedoelde notificatie zijn bemerkingen over de technische uitvoerbaarheid van de voorgestelde wijzigingen aan de Gewestregering mee.

TITEL III. - Overlegprocedure met betrekking tot de technische uitvoerbaarheid van de invoering door de gewesten van algemene belastingverminderingen of -vermeerderingen van de verschuldigde personenbelasting HOOFDSTUK I. - Algemene bepalingen

Art. 15.In geval een gewest op grond van artikel 6, § 2, 4° van de bijzondere wet van 16 januari 1989 betreffende de financiering van de gemeenschappen en de gewesten, een algemene belastingvermindering of -vermeerdering van de verschuldigde personenbelasting wil instellen, verbindt het zich tot het volgen van de hierna in de artikels 16 tot 22 bepaalde overlegprocedure met de federale Minister van Financiën met betrekking tot de technische uitvoerbaarheid van de voorgenomen vermindering of vermeerdering. HOOFDSTUK II. - Overlegprocedure voor ontwerpen van decreet of ordonnantie tot invoering van een algemene belastingvermindering of -vermeerdering van de verschuldigde personenbelasting

Art. 16.Vóór indiening ervan bij de betrokken Raad legt de Gewestregering ieder ontwerp van decreet of ordonnantie houdende een algemene belastingvermindering of -vermeerdering van de verschuldigde personenbelasting als bedoeld in artikel 15 voor aan de federale Minister van Financiën.

Bij het ontwerp wordt een dossier gevoegd bevattende : 1° een omstandige toelichting van de techniek van berekening van de voorgestelde belastingvermindering of -vermeerdering;2° de aanduiding van de personen die door de Gewestregering worden aangewezen om nadere toelichting te verschaffen bij de techniek van berekening van de belastingvermindering of -vermeerdering.

Art. 17.De federale Minister van Financiën notificeert aan de Gewestregering de ontvangst van het ontwerp en van het bijgevoegd dossier uiterlijk de eerstvolgende werkdag.

Art. 18.De federale Minister van Financiën deelt binnen de maand na de in artikel 17 bedoelde notificatie zijn bemerkingen over de technische uitvoerbaarheid van de voorgestelde belastingvermindering of -vermeerdering aan de Gewestregering mee.

Art. 19.Indien aan een ontwerp van decreet of ordonnantie houdende invoering van een algemene belastingvermindering of -vermeerdering als bedoeld in artikel 15 tijdens de behandeling ervan in de bevoegde commissie van de betrokken Raad zodanige wijzigingen zijn aangebracht dat de door de Federale Minister meegedeelde bemerkingen niet meer relevant zijn, deelt de Gewestregering dit ontwerp opnieuw mee aan de federale Minister van Financiën. In dat geval wordt gehandeld zoals bepaald in de artikelen 20 tot 22. HOOFDSTUK III. - Overlegprocedure voor voorstellen van decreet of ordonnantie tot invoering van een algemene belastingvermindering of -vermeerdering van de verschuldigde personenbelasting

Art. 20.De Gewestregering deelt ieder voorstel van decreet of van ordonnantie houdende een algemene belastingvermindering of -vermeerdering als bedoeld in artikel 15, na de eindstemming erover in de bevoegde commissie van de betrokken Raad mee aan de federale Minister van Financiën. Bij het voorstel wordt een dossier gevoegd bevattende een omstandige toelichting bij de techniek van berekening van de voorgestelde belastingvermindering of -vermeerdering.

Art. 21.De federale Minister van Financiën notificeert aan de Gewestregering de ontvangst van het voorstel en van het bijgevoegd dossier uiterlijk de eerstvolgende werkdag.

Art. 22.De federale Minister van Financiën deelt binnen de maand na de in artikel 21 bedoelde notificatie zijn bemerkingen over de technische uitvoerbaarheid van de voorgestelde belastingvermindering of -vermeerdering aan de Gewestregering mee.

Voor de Federale Staat : De Minister van Financiën, D. REYNDERS Voor het Vlaamse Gewest : De Minister-President van de Vlaamse Regering, P. DEWAEL De Minister van Financiën en Begroting, Innovatie, Media en Ruimtelijke Ordening, D. VAN MECHELEN Voor het Waalse Gewest : De Minister-President van de Waalse Regering, J.-Cl. VAN CAUWENBERGHE De Vice-President en Minister van Begroting, Huisvesting, Uitrusting en Openbare Werken, M. DAERDEN Voor het Brusselse Hoofdstedelijk Gewest : De Minister-Voorzitter van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering, F.-X. de DONNEA De Minister van Financiën, Begroting, Openbaar Ambt en Externe Betrekkingen, G. VANHENGEL

^