Etaamb.openjustice.be
Wet van 03 juni 1997
gepubliceerd op 19 juli 1997

Protestwet

bron
ministerie van justitie
numac
1997009556
pub.
19/07/1997
prom.
03/06/1997
ELI
eli/wet/1997/06/03/1997009556/staatsblad
staatsblad
https://www.ejustice.just.fgov.be/cgi/article_body(...)
links
Raad van State (chrono)
Document Qrcode

3 JUNI 1997. Protestwet (1)


ALBERT II, Koning der Belgen, Aan allen die nu zijn en hierna wezen zullen, Onze Groet.

De Kamers hebben aangenomen en Wij bekrachtigen hetgeen volgt:

Artikel 1.Deze wet regelt een aangelegenheid zoals bepaald in artikel 77 van de Grondwet.

TITEL I. - Algemene bepalingen HOOFDSTUK I. - Protesten wegens niet-betaling van wisselbrieven en orderbriefies die in de Verrekeningskamer aangeboden worden

Art. 2.De protesten wegens niet-betaling van wisselbrieven en orderbriefjes die in de Verrekeningskamer aangeboden worden, overeenkomstig artikelen 38, tweede lid, en 42, van de gecoördineerde wetten op de wisselbrief en het orderbriefje worden opgemaakt door de gerechtsdeurwaarders bij een door de Koning te dien einde aangewezen instelling, die « centrale depositaris » wordt.

Art. 3.De overeenkomstig artikel 2 opgemaakte protestakte bevat: 1° plaats, datum en aard van het protest;2° het soort handelspapier waarop het protest betrekking heeft;3° de naam en voornamen, firma of bijzondere benaming van de begunstigde van het orderbriefje of van de trekker van de wisselbrief, alsook zijn woonplaats of zetel en zijn nummer van inschrijving in het register van de belasting over de toegevoegde waarde, indien hij in die belastingheffing betrekbaar is;4° de naam en voornamen, firma of bijzondere benaming van de ondertekenaar van het orderbriefje of van de betrokkene van de wisselbrief, alsook de vermelding of hij de wisselbrief al dan niet geaccepteerd heeft, zijn woonplaats of zetel en zijn nummer van inschrijving in het register van de belasting over de toegevoegde waarde, indien hij in die belastingheffing betrekbaar is;5° de vervaldag;6° het bedrag van het handelspapier en, indien dat zou verschillen, het bedrag waarvoor het protest werd opgemaakt;7° de reden van de weigering die aanleiding geeft tot het protest;8° de gedetailleerde kosten van de akte;9° de naam en voornamen van de persoon die de protestakte heeft opgemaakt;10° de firma van de kredietinstelling die het protest heeft aangevraagd, alsook die van de kredietinstelling aan wie het handelspapier ter betaling aangeboden is.

Art. 4.De centrale depositaris bewaart de protestakte; binnen de vier dagen vanaf de dagtekening van het protest bezorgt hij de kredietinstellingen bedoeld in artikel 3, 10°, een bericht dat de essentiële gegevens van die akte en van het geprotesteerde handelspapier bevat.

Wanneer op de laatste dag van de in eerste lid bedoelde termijn de kantoren van de centrale depositaris gesloten zijn, wordt de termijn verlengd tot de eerstvolgende dag waarop de kantoren geopend zijn. HOOFDSTUK II. - Andere protesten wegens niet-betaling en protesten wegens niet-acceptatie

Art. 5.1. De protesten wegens niet-acceptatie of wegens niet-betaling andere dan die bedoeld in artikel 2, worden door de gerechtsdeurwaarders opgemaakt..

Voor de raadpleging van de tabel, zie beeld 2. De protesten worden opgemaakt: 1° aan de woonplaats of zetel aangewezen op het handelspapier, en bij ontbreken van aanwijzing, aan de laatste bekende woonplaats of zetel van de debiteur;2° aan de woonplaats of zetel van de personen die op het handelspapier, hetzij door de trekker, hetzij door de endossant zijn aangewezen om zo nodig het handelspapier te betalen;3° aan de woonplaats of zetel van de derde die bij tussenkomst heeft geaccepteerd. In geval van een valse of onjuiste aanwijzing van de woonplaats of zetel, stelt de gerechtsdeurwaarder in de akte vast dat de debiteur niet is gevonden.

Art. 6.De protestakte bevat de volgende vermeldingen, in zoverre ze verenigbaar zijn met het soort handelspapier waarop het protest betrekking heeft: 1° de vermeldingen opgesomd in artikel 3, 1° tot 9°;2° de naam van de verzoeker;3° de aan- of afwezigheid van degene die moet betalen;4° de naam van de persoon aan wie het in artikel 7 bedoelde bericht is overhandigd.

Art. 7.Hij die het protest heeft opgemaakt, laat op de in artikel 5, 2, bedoelde woonplaats of zetel een bericht na, met volgende vermeldingen: 1° de naam en het adres van de houder die om het protest verzocht heeft;2° de naam van degene die het protest heeft opgemaakt;3° het bedrag van het geprotesteerde handelspapier. Indien niemand wordt aangetroffen aan de bedoelde woonplaats of zetel, vermeldt de protestakte dit feit en wordt geen bericht nagelaten.

Art. 8.Uiterlijk de eerste werkdag na de dagtekening van het protest maakt de gerechtsdeurwaarder een eensluidend verklaard afschrift van de protestakte over aan de centrale depositaris.

Wordt het geprotesteerde handelspapier geheel of gedeeltelijk betaald voordat de in artikel 443 van de wet van 18 april 1851 betreffende het faillissement, de bankbreuk en het uitstel van betaling, genoemde tabel wordt verzonden, dan zendt de gerechtsdeurwaarder onverwijld een attest over die betaling aan de centrale depositaris.

De Koning regelt de wijze waarop deze documenten overgemaakt worden. HOOFDSTUK III. - Repertorium van de protestakten

Art. 9.Een door de centrale depositaris gehouden repertorium vermeldt alle protestakten. Dit repertorium kan de vorm van een computerbestand aannemen. HOOFDSTUK IV. - Diverse en strafbepalingen

Art. 10.1. De Koning bepaalt de vergoeding van de centrale depositaris voor zijn prestaties die voortvloeien uit het opmaken, de registratie en de bekendmaking van de protesten. 2. De Koning bepaalt de vorm van de protestakten bedoeld in de artikelen 3 en 6 en van de berichten bedoeld in de artikelen 4 en 7.

Art. 11.Met de straf bepaald in artikel 38 van de wet van 8 december 1992 tot bescherming van de persoonlijke levenssfeer ten opzichte van de verwerking van persoonsgegevens, wordt de centrale depositaris, zijn aangestelde of zijn lasthebber bestraft, wanneer hij persoonsgegevens die verband houden met het geprotesteerde handelspapier waarvan het protest nog niet werd bekendgemaakt zoals bepaald in artikel 443 van de wet van 18 april 1851 betreffende het faillissement, de bankbreuk en het uitstel van betaling, meedeelt aan om het even welke persoon die niet gerechtigd is ze te ontvangen.

Art. 12.Deze wet treedt in werking op dezelfde dag als de wet van 10 juni 1997 houdende diverse bepalingen met betrekking tot de protesten.

Kondigen deze wet af, bevelen dat zij met 's Lands zegel zal worden bekleed en door het Belgisch Staatsblad zal worden bekendgemaakt.

Gegeven te Brussel, 3 juni 1997.

ALBERT Van Koningswege : De Minister van Justitie, S. DE CLERCK Met 's Lands zegel gezegeld: De Minister van Justitie, S. DE CLERCK

^