Etaamb.openjustice.be
Ministerieel Besluit van 21 mei 2013
gepubliceerd op 03 juni 2013

Ministerieel besluit houdende de weigering van de erkenning van MISE EN PLACE BELGIE NV als uitzendbureau

bron
brussels hoofdstedelijk gewest
numac
2013031422
pub.
03/06/2013
prom.
21/05/2013
staatsblad
https://www.ejustice.just.fgov.be/cgi/article_body(...)
Document Qrcode

BRUSSELS HOOFDSTEDELIJK GEWEST


21 MEI 2013. - Ministerieel besluit houdende de weigering van de erkenning van MISE EN PLACE BELGIE NV als uitzendbureau


De Minister van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering belast met Tewerkstelling, Economie, Buitenlandse Handel en Wetenschappelijk Onderzoek, Gelet op de ordonnantie van 14 juli 2011 betreffende het gemengd beheer van de arbeidsmarkt in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest;

Gelet op het besluit van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering van 12 juli 2012Relevante gevonden documenten type besluit van de brusselse hoofdstedelijke regering prom. 12/07/2012 pub. 01/10/2012 numac 2012031704 bron ministerie van het brussels hoofdstedelijk gewest Besluit van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering houdende de uitvoering van de ordonnantie van 14 juli 2011 betreffende het gemengd beheer van de arbeidsmarkt in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest sluiten houdende de uitvoering van de ordonnantie van 14 juli 2011 betreffende het gemengd beheer van de arbeidsmarkt in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest, artikel 16;

Gelet op het besluit van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering van 18 juli 2000Relevante gevonden documenten type besluit van de brusselse hoofdstedelijke regering prom. 18/07/2000 pub. 04/08/2000 numac 2000031263 bron ministerie van het brussels hoofdstedelijk gewest Besluit van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering tot regeling van haar werkwijze en tot regeling van de ondertekening van de akten van de Regering sluiten tot regeling van haar werkwijze en tot regeling van de ondertekening van de akten van de Regering, zoals tot op heden gewijzigd, artikel 5, 23° ;

Gelet op het eensluidend ongunstige advies van de Economische en Sociale Raad voor het Brussels Hoofdstedelijk Gewest van 23 april 2013;

Overwegende de aanvraag tot erkenning als particulier bureau voor arbeidsbemiddeling voor de terbeschikkingstelling van uitzendkrachten, op 19 februari 2013 ingediend door MISE EN PLACE BELGIE NV;

Overwegende dat, na onderzoek van het dossier van de vennootschap, de Economische en Sociale Raad voor het Brussels Hoofdstedelijk Gewest tot de slotsom komt dat de wettelijke voorwaarden voor een erkenning als uitzendbureau in de huidige stand van zaken niet vervuld zijn;

Overwegende dat de Raad kennis heeft genomen van het afschrift van de laatste jaarrekening van de vennootschap die, overeenkomstig artikel 11, § 2, 4°, van het gezegde besluit van 12 juli 2012, aan de aanvraag werd toegevoegd; dat hij heeft vastgesteld dat deze jaarrekening, die betrekking heeft op het boekjaar 2011, van een negatief eigen vermogen van 170.001 euro gewag maakt, en dat de neergelegde jaarrekeningen voor de daaraan voorafgaande boekjaren alle een negatief eigen vermogen vertonen;

Overwegende dat de Raad bij de aanvrager een voorlopige jaarrekening voor het boekjaar 2012 heeft opgevraagd; dat hij op 17 april 2013 een balans heeft ontvangen die nog niet werd gecontroleerd, intern internationaal door de groep waarvan de vennootschap afhangt, noch door boekhouders; dat hij heeft vastgesteld dat deze balans eveneens gewag maakt van een negatief eigen vermogen van 170.001 euro;

Overwegende dat de Raad zich voor de beoordeling van de aanvraag van de vennootschap tot erkenning als uitzendbureau enkel steunt op de definitief vastgestelde cijfers uit de laatst neergelegde jaarrekening die betrekking heeft op het boekjaar 2011, gelet op de betrouwbaarheid van de gegevens;

Overwegende dat de Raad vaststelt dat het netto-actief van de NV MISE EN PLACE BELGIE tot onder het aan te houden minimumkapitaal voor een naamloze vennootschap, namelijk 61.500 euro gedaald is en dat, overeenkomstig artikel 634 van het Wetboek van Vennootschappen, iedere belanghebbende de ontbinding van de vennootschap kan vorderen, ondanks het feit dat het niet om een nieuw opgerichte vennootschap gaat en het maatschappelijk kapitaal bij de oprichting volgestort was;

Overwegende dat de Raad daarenboven van oordeel is dat de vennootschap onvoldoende garanties inzake solvabiliteit en financiële gezondheid biedt, zoals nochtans wordt opgelegd door artikel 8, 4°, van de gezegde ordonnantie van 14 juli 2011;

Overwegende dat de Raad op grond van het voorgaande van oordeel is dat de aanvrager niet voldoet aan de voorwaarden die voor de gevraagde categorie van uitzendactiviteiten bepaald zijn door de gezegde ordonnantie van 14 juli 2011 en het gezegde besluit van 12 juli 2012, inzonderheid artikel 8, 4° en 8°, van de ordonnantie, samen gelezen met de artikelen 633 en 634 van het Wetboek van vennootschappen betreffende het verlies van maatschappelijk kapitaal;

Overwegende dat de aanvraag de voorwaarden tot erkenning als uitzendbureau niet vervult;

Overwegende dat de aanvrager bijgevolg niet aan de erkenningsvoorwaarden voldoet, Besluit : Enig artikel. MISE EN PLACE BELGIE NV, Parijsstraat 76, te 3000 Leuven, wordt niet erkend als uitzendbureau voor de uitoefening van de activiteit van terbeschikkingstelling van uitzendkrachten.

Brussel, 21 mei 2013.

De Minister van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering, belast met Tewerkstelling, Economie, Buitenlandse Handel en Wetenschappelijk Onderzoek, Mevr. C. FREMAULT

^