Etaamb.openjustice.be
Ministerieel Besluit van 04 augustus 2008
gepubliceerd op 14 augustus 2008

Ministerieel besluit tot aanwijzing, in de federale wetenschappelijke instellingen die onder het gezag staan van de Minister tot wiens bevoegdheid het Wetenschapsbeleid behoort, van de bevoegde hiërarchisch meerderen die gemachtigd zijn om een voorlopig voorstel van tuchtstraf of een voorstel van schorsing in het belang van de dienst uit te brengen

bron
programmatorische federale overheidsdienst wetenschapsbeleid
numac
2008021083
pub.
14/08/2008
prom.
04/08/2008
ELI
eli/besluit/2008/08/04/2008021083/staatsblad
staatsblad
https://www.ejustice.just.fgov.be/cgi/article_body(...)
links
Raad van State (chrono)
Document Qrcode

4 AUGUSTUS 2008. - Ministerieel besluit tot aanwijzing, in de federale wetenschappelijke instellingen die onder het gezag staan van de Minister tot wiens bevoegdheid het Wetenschapsbeleid behoort, van de bevoegde hiërarchisch meerderen die gemachtigd zijn om een voorlopig voorstel van tuchtstraf of een voorstel van schorsing in het belang van de dienst uit te brengen


De Minister van Wetenschapsbeleid, Gelet op het koninklijk besluit van 2 oktober 1937 houdende het statuut van het Rijkspersoneel, inzonderheid op artikelen 78, § 5, vervangen bij het koninklijk besluit van 31 maart 1995, en 103, gewijzigd bij het koninklijk besluit van 13 november 1967;

Gelet op het koninklijk besluit van 1 juni 1964 betreffende de schorsing van Rijksambtenaren in het belang van de dienst, inzonderheid op artikel 1, gewijzigd bij de koninklijke besluiten van 26 september 1994, 5 september 2002 en 4 augustus 2004;

Gelet op het koninklijk besluit van 30 april 1999 tot vaststelling van het statuut van het administratief en technisch personeel van de wetenschappelijke instellingen van de Staat, inzonderheid op artikel 4, vervangen bij het koninklijk besluit van 8 juli 2004;

Gelet op het koninklijk besluit van 25 februari 2008 tot vaststelling van het statuut van het wetenschappelijk personeel van de federale wetenschappelijke instellingen, inzonderheid op artikel 52, § 1;

Gelet op het koninklijk besluit van 13 april 2008 betreffende de aanduiding en de uitoefening van de management-, staf- en leidinggevende functies in de federale wetenschappelijke instellingen, inzonderheid op artikelen 3, § 1, 11, § 1 en 18, § 1;

Gelet op het ministerieel besluit van 30 augustus 2001 tot vaststelling van sommige bijzondere bepalingen om, binnen de wetenschappelijke instellingen die ressorteren onder de Minister tot wiens bevoegdheid het Wetenschapsbeleid behoort, de uitvoering te waarborgen van het statuut van het wetenschappelijk personeel der wetenschappelijke instellingen van de Staat;

Gelet op het ministerieel besluit van 30 augustus 2001 tot vaststelling van sommige bijzondere bepalingen om, binnen de wetenschappelijke instellingen die ressorteren onder de Minister tot wiens bevoegdheid het Wetenschapsbeleid behoort, de uitvoering te waarborgen van het statuut van het toegevoegd vorsingspersoneel en van het beheerspersoneel van de wetenschappelijke instellingen van de Staat;

Gelet op het advies van het Directiecomité van de Programmatorische federale overheidsdienst Wetenschapsbeleid, gegeven op 1 juli 2008, Besluit :

Artikel 1.§ 1. Het voorlopig voorstel van tuchtstraf of het voorstel van schorsing in het belang van de dienst tegen de titularissen van de functies vermeld in kolom 1 van hiernavolgende tabel, wordt geformuleerd door een ambtenaar tenminste titularis van de functie vermeld in kolom 2 : Voor de raadpleging van de tabel, zie beeld § 2. De titularis van de functie vermeld in kolom 2, regels 2 tot 8, van de tabel als bedoeld in § 1, maakt deel uit van dezelfde federale wetenschappelijke instelling dan de ambtenaar tegen wie hij een voorstel moet formuleren.

Als de ambtenaar aangewezen om een voortstel te formuleren niet tot dezelfde taalrol als de betrokkene behoort, dient hij hetzij de kennis van de tweede taal bewezen te hebben conform artikel 43, § 3, derde lid, van de wetten op het gebruik van de talen in bestuurszaken, gecoördineerd op 18 juli 1966, hetzij te worden bijgestaan door een ambtenaar van de instelling of van de Programmatorische Federale Overheidsdienst Wetenschapsbeleid die deze kennis heeft bewezen.

Een stagiair, een agent in proefperiode of een contractueel personeelslid is niet bevoegd om de rol van hiërarchisch meerdere in de zin van dit besluit op zich te nemen. § 3. Bij afwezigheid van een titularis van de functie van voorzitter van het directiecomité van de Programmatorische Federale Overheidsdienst Wetenschapsbeleid, wijst de Minister die bevoegd is voor het wetenschapsbeleid een titularis aan van een managementfunctie N binnen een andere federale overheidsdienst of een andere programmatorische federale overheidsdienst.

Artikel 1.Opgeheven worden : 1° het ministerieel besluit van 30 augustus 2001 tot vaststelling van sommige bijzondere bepalingen om, binnen de wetenschappelijke instellingen die ressorteren onder de Minister tot wiens bevoegdheid het Wetenschapsbeleid behoort, de uitvoering te waarborgen van het statuut van het wetenschappelijk personeel der wetenschappelijke instellingen van de Staat;2° het ministerieel besluit van 30 augustus 2001 tot vaststelling van sommige bijzondere bepalingen om, binnen de wetenschappelijke instellingen die ressorteren onder de minister tot wiens bevoegdheid het Wetenschapsbeleid behoort, de uitvoering te waarborgen van het statuut van het toegevoegd vorsingspersoneel en van het beheerspersoneel van de wetenschappelijke instellingen van de Staat.

Art. 2.Dit besluit treedt in werking de dag waarop het in het Belgisch Staatsblad wordt bekendgemaakt.

Art. 3.De voorzitter van de directiecomité van de Programmatorische Federale Overheidsdienst Wetenschapsbeleid is belast met de uitvoering van dit besluit.

Brussel, 4 augustus 2008.

Mevr. S. LARUELLE

^