Etaamb.openjustice.be
Decreet van 08 februari 1999
gepubliceerd op 16 juni 1999

Decreet tot wijziging van het decreet van 30 maart 1983 houdende oprichting van de « Office de la Naissance et de l'Enfance », zoals gewijzigd bij de decreten van 22 december 1983, 12 maart 1990, 26 juni 1992 en 6 april 1998

bron
ministerie van de franse gemeenschap
numac
1999029155
pub.
16/06/1999
prom.
08/02/1999
ELI
eli/decreet/1999/02/08/1999029155/staatsblad
staatsblad
https://www.ejustice.just.fgov.be/cgi/article_body(...)
Document Qrcode

8 FEBRUARI 1999. - Decreet tot wijziging van het decreet van 30 maart 1983 houdende oprichting van de « Office de la Naissance et de l'Enfance », zoals gewijzigd bij de decreten van 22 december 1983, 12 maart 1990, 26 juni 1992 en 6 april 1998 (1)


De Raad van de Franse Gemeenschap heeft aangenomen en Wij, Regering, bekrachtigen hetgeen volgt :

Artikel 1.Artikel 2, d), van het decreet van 30 maart 1983 houdende oprichting van de « Office de la Naissance et de l'Enfance » wordt door de volgende tekst vervangen : « d) opzoekingen uitvoeren en een documentatie in alle betrokken disciplines samenstellen, medisch-sociale gegevens van persoonlijke aard inwinnen en bewerken betreffende de gezondheid van de moeders of aanstaande moeders en de kinderen; ».

Art. 2.Er wordt een artikel 2bis, luidend als volgt, in hetzelfde decreet ingevoegd : «

Artikel 2bis.Na advies van de « Office », kan de Regering de voorwaarden vaststellen waaronder instellingen en diensten inzake geboorte en kinderwelzijn erkend kunnen worden door de « Office », met vooropstelling van de projecten die in de plaatselijke werkelijkheid verankerd zijn, als partnerschap of als medewerking.

Na advies van de « Office », kan de Regering de voorwaarden en de nadere regels bepalen voor de erkenning door de « Office » waarbij toelagen toegekend kunnen worden.

De adviezen van de « Office » bedoeld bij de leden 1 en 2 worden op initiatief of op aanvraag van de bevoegde Minister verleend. Wanneer de bevoegde Minister deze adviezen aanvraagt, worden deze binnen de maand uitgebracht.

Bij gebrek aan advies van de « Office » binnen de bij lid 3 bepaalde termijn, kan de Regering de voorwaarden en de nadere regels bedoeld bij de leden 1 en 2 vastleggen. »

Art. 3.Artikel 4, 4°, van hetzelfde decreet wordt door de volgende tekst vervangen : « 4° het geheel van de bijdragen van de ouders of derden in de kosten van de diensten; de Regering bepaalt de bedragen van deze bijdragen.

De nadere regels voor het innen van deze bijdragen worden door de « Office » bepaald en aan de goedkeuring van de Regering voorgelegd; ».

Art. 4.Artikel 5 van hetzelfde decreet, gewijzigd bij het decreet van 22 december 1983, wordt door de volgende bepaling vervangen : «

Artikel 5.§ 1. Niemand die niet behoort tot het familiaal leefmilieu van het kind mag de hoede van kinderen van onder de twaalf jaar regelmatig organiseren zonder de « Office » voorafgaandelijk te verwittigen en zonder een kwaliteitscode voor de opvang bepaald door de Regering na advies van de « Office » in acht te nemen.

Het uitblijven van verwittiging van de « Office » zal gestraft worden met een boete van 26 tot 500 F. De « Office » reikt een kwaliteitsattest uit aan de instellingen en diensten bedoeld bij de artikelen 2, b), en 2bis die de kwaliteitscode voor de opvang in acht nemen en die het toezicht van de « Office » aanvaarden.

Het kwaliteitsattest wordt uitgereikt binnen de dertig dagen die volgen op de aanvraag ingediend overeenkomstig de bepalingen waarin door de « Office » voorzien is. De « Office » kan het kwaliteitsattest intrekken wanneer de instelling of de dienst bedoeld bij artikel 2, b), of 2bis het toezicht weigert of de kwaliteitscode voor de opvang niet meer in acht neemt. De « Office » stuurt naar het college van Burgemeester en Schepenen van de betrokken gemeente de gegevens omtrent de instellingen of diensten waarvoor een kwaliteitsattest werd uitgereikt. § 2. Niemand die niet behoort tot het familiaal leefmilieu van het kind mag kinderen onder de zes jaar onder zijn hoede hebben, behalve uitzonderlijk, zonder de toestemming van de « Office » te hebben gekregen. Deze toelating dient binnen de twee maanden uitgereikt te worden. De « Office » vraagt het advies van het college van Burgemeester en Schepenen binnen de perken van de gemeentelijke bevoegdheden. Het college van Burgemeester en Schepenen brengt zijn advies uit binnen de dertig dagen die volgen op de ontvangst van deze aanvraag om advies. Bij gebrek aan antwoord binnen de bedoelde termijn, is het advies als positief geacht. De « Office » zendt afschrift van zijn beslissing naar het college van Burgemeester en Schepenen. Voor de inrichtingen voor basis- of secundair onderwijs die ingericht of gesubsidieerd worden door de Franse Gemeenschap is de toestemming niet vereist, noch voor de hoedediensten ingericht door de inrichtende macht van deze inrichtingen, noch voor de diensten of instellingen waarvan de lijst bepaald wordt door de Regering en die erkend zijn krachtens een decreet. Deze toestemming kan geweigerd of ingetrokken worden door de « Office » op basis van door hem bepaalde criteria, zoals vastgesteld door de Regering. Degene die een kind van minder dan zes jaar onder zijn hoede neemt in overtreding van deze paragraaf zal gestraft worden met een gevangenisstraf van acht dagen tot zes maanden en met een boete van 26 tot 5 000 frank of met een van deze straffen. § 3. Tegen de bij dit artikel als overtreding omschreven feiten kan op klacht van de « Office » een rechtsvervolging ingesteld worden. De « Office » handelt op eigen initiatief of op aanvraag van de bevoegde minister. »

Art. 5.Artikel 6 van hetzelfde decreet, gewijzigd bij het decreet van 22 december 1983, wordt door de volgende bepaling vervangen : «

Artikel 6.De « Office » wordt beheerd door een raad van bestuur, samengesteld uit twintig leden, benoemd door de Regering.

De leden worden gekozen onder de personen die een ervaring of kennis van de opdrachten van de « Office » genieten, waaronder maximum een derde personeelsleden of verantwoordelijken van een dienst of een instelling erkend of gesubsidieerd door de « Office », waarbij maximum een derde van de leden verkozen of benoemde politieke mandatarissen zijn.

Er worden zes leden benoemd op de voordracht van het Waalse Gewest.

Twee leden worden benoemd op de voordracht van de Franse Gemeenschapscommissie.

Is er geen voordracht door het Waalse Gewest of de Franse Gemeenschapscommissie binnen een termijn van één maand ingediend, dan vervolledigt de Regering de raad van bestuur. »

Art. 6.Artikel 7 van hetzelfde decreet wordt als volgt vervangen : «

Artikel 7.§ 1. De leden van de raad van bestuur worden benoemd voor een hernieuwbare periode van 5 jaar. De hoedanigheid van lid is onverenigbaar met : 1° de hoedanigheid van lid van een regering, ministerieel kabinet of parlementsattaché;2° de hoedanigheid van lid van een Europese, federale, gemeenschaps-, gewestelijke wetgevende vergadering en van een provincieraad;3° de hoedanigheid van provinciegouverneur, arrondissementscommissaris;4° de hoedanigheid van personeelslid van de « Office »;5° het behoren tot een vereniging die de democratische principes geformuleerd inzonderheid in het Verdrag tot bescherming van de rechten van de mens en de fundamentele vrijheden niet in acht neemt. Indien een lid van de raad van bestuur ontslag neemt, sterft of afgezet wordt, kan het vervangen worden volgens dezelfde procedure als deze gevolgd voor zijn benoeming. De vervanger voltooit het mandaat van het ontslagnemend, overleden of afgezette lid. § 2. De Regering kan, op de voordracht van de raad van bestuur van de « Office », het lid van de raad van bestuur afzetten dat : 1° een handeling heeft verricht die onverenigbaar is met de opdracht van de « Office » zoals bepaald bij artikel 2;2° een ernstige fout of nalatigheid heeft gepleegd tijdens de uitoefening van zijn mandaat;3° zijn mandaat niet heeft uitgeoefend, zonder geldige reden, inzonderheid door meer dan drie keer opeenvolgend afwezig te zijn op de vergaderingen van de bestuursorganen waarvan het lid is;4° een onverenigbare activiteit uitoefent, zoals bepaald bij § 1, lid 1, 5°. De raad van bestuur van de « Office » hoort de betrokkene alvorens zijn afzetting aan de Regering voor te stellen. § 3. Ieder lid van de raad van bestuur dat een onverenigbaarheid zoals bepaald bij § 1, 1° tot 4°, aan de dag legt, wordt van rechtswege ontslagen. »

Art. 7.Artikel 16, lid 2, van hetzelfde decreet wordt door de volgende tekst vervangen : « De scholen voor volksgezondheid van de Franse Gemeenschap worden ieder vertegenwoordigd door een lid binnen de Wetenschappelijke Raad. »

Art. 8.In hoofdstuk II van hetzelfde decreet, wordt een sectie 4 ingelast, luidend als volgt : « Sectie 4. - Het Adviesraad

Artikel 17bis.Er wordt een Adviesraad opgericht waarvan de samenstelling door de Regering wordt vastgesteld.

Deze raad heeft tot opdracht advies uit te brengen over iedere vraag met betrekking tot de opdracht van de « Office » zoals bepaald bij artikel 2.

De adviezen worden uitgebracht, op eigen initiatief of op de aanvraag van de bevoegde minister of van de bestuursorganen. »

Art. 9.Artikel 20, § 2, van hetzelfde decreet wordt door de volgende bepaling vervangen : « Het toezicht van de « Office » wordt uitgeoefend door twee commissarissen, benoemd door de Regering, de ene op de voordracht van de bevoegde minister, de andere op de voordracht van de minister van Begroting.

Op de voordracht van het Waalse Gewest en van de Franse Gemeenschapscommissie, worden door de Regering twee afgevaardigden benoemd. Deze kunnen de raad van bestuur en het bureau van de « Office » bijwonen. Ze kunnen een beroep voegen bij dat van een commissaris bedoeld bij lid 1. Het beroep van een afgevaardigde betreft beslissingen met betrekking tot het aanwenden van middelen in personeel of geld afkomstig van het Waalse Gewest, het Brussels Hoofdstedelijk Gewest of de Franse Gemeenschapscommissie. »

Art. 10.Artikel 20 van hetzelfde decreet, gewijzigd bij de decreten van 12 maart 1990 en 26 juni 1992, wordt vervolledigd met de volgende paragraaf : « § 6. Binnen de « Office », kan de Regering een Fonds instellen gefinancierd overeenkomstig door hem vastgestelde bepalingen waarbij toelagen toegekend kunnen worden. »

Art. 11.Dit decreet treedt in werking de dag waarop het in het Belgisch Staatsblad wordt bekendgemaakt, met uitzondering van de artikelen 5, 6 en 9 die op de door de Regering vastgestelde datums in werking treden.

Kondigen dit decreet af, bevelen dat het in het Belgisch Staatsblad zal worden bekendgemaakt.

Brussel, 8 februari 1999.

De Minister-Voorzitster van de Regering van de Franse Gemeenschap, belast met het Onderwijs, de Audiovisuele Sector, de Hulpverlening aan de Jeugd, het Kinderwelzijn en de Gezondheidspromotie, Mevr. L. ONKELINX De Minister van Hoger Onderwijs, Wetenschappelijk Onderzoek, Sport en Internationale Betrekkingen, W. ANCION De Minister van Cultuur en Permanente Opvoeding, Ch. PICQUE De Minister van Begroting, Financiën en Ambtenarenzaken, J.-Cl. VAN CAUWENBERGHE _______ Nota (1) Zitting 1997-1998. Stukken van de Raad. - Ontwerp van decreet : nr. 246-1. - Advies van de Raad van State : nr. 246-2.

Zitting 1998-1999.

Stukken van de Raad. - Commissieamendementen : nrs. 246-3 tot 246-24. - Verslag : nr. 246-25.

Integraal verslag. - Bespreking en aanneming. Vergadering van 26januari 1999.

^