Etaamb.openjustice.be
Koninklijk Besluit van 19 juli 2006
gepubliceerd op 22 september 2006

Koninklijk besluit waarbij algemeen verbindend wordt verklaard de collectieve arbeidsovereenkomst van 17 december 2001, gesloten in het Paritair Comité voor de opvoedings- en huisvestingsinrichtingen en -diensten, betreffende de bevordering van initiatieven ten voordele van de tewerkstelling en de vorming van risicogroepen

bron
federale overheidsdienst werkgelegenheid, arbeid en sociaal overleg
numac
2006202297
pub.
22/09/2006
prom.
19/07/2006
staatsblad
https://www.ejustice.just.fgov.be/cgi/article_body(...)
Document Qrcode

19 JULI 2006. - Koninklijk besluit waarbij algemeen verbindend wordt verklaard de collectieve arbeidsovereenkomst van 17 december 2001, gesloten in het Paritair Comité voor de opvoedings- en huisvestingsinrichtingen en -diensten, betreffende de bevordering van initiatieven ten voordele van de tewerkstelling en de vorming van risicogroepen (1)


ALBERT II, Koning der Belgen, Aan allen die nu zijn en hierna wezen zullen, Onze Groet.

Gelet op de wet van 5 december 1968 betreffende de collectieve arbeidsovereenkomsten en de paritaire comités, inzonderheid op artikel 28;

Gelet op het verzoek van het Paritair Comité voor de opvoedings- en huisvestingsinrichtingen en -diensten;

Op de voordracht van Onze Minister van Werk, Hebben Wij besloten en besluiten Wij :

Artikel 1.Algemeen verbindend wordt verklaard de als bijlage overgenomen collectieve arbeidsovereenkomst van 17 december 2001, gesloten in het Paritair Comité voor de opvoedings- en huisvestingsinrichtingen en -diensten, betreffende de bevordering van initiatieven ten voordele van de tewerkstelling en de vorming van risicogroepen.

Art. 2.Onze Minister van Werk is belast met de uitvoering van dit besluit.

Gegeven te Brussel, 19 juli 2006.

ALBERT Van Koningswege : De Minister van Werk, P. VANVELTHOVEN _______ Nota (1) Verwijzing naar het Belgisch Staatsblad : Wet van 5 december 1968, Belgisch Staatsblad van 15 januari 1969. Bijlage Paritair Comité voor de opvoedings- en huisvestingsinrichtingen en -diensten Collectieve arbeidsovereenkomst van 17 december 2001 Bevordering van initiatieven ten voordele van de tewerkstelling en de vorming van risicogroepen (Overeenkomst geregistreerd op 4 april 2002 onder het nummer 61937/CO/319) HOOFDSTUK I. - Toepassingsgebied

Artikel 1.Deze collectieve arbeidsovereenkomst is van toepassing op de werknemers en op de werkgevers van de instellingen en diensten die ressorteren onder het Paritair Comité voor de opvoedings- en huisvestingsinrichtingen en -diensten die erkend en/of gesubsidieerd zijn door de Franse Gemeenschap, het Waals Gewest en de Franstalige Gemeenschapscommissie van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest, alsook op de instellingen en diensten van het Waals Gewest die dezelfde activiteiten uitoefenen en die noch erkend noch gesubsidieerd zijn.

Art. 2.Onder "werknemers" wordt verstaan : de vrouwelijke en de mannelijke bedienden en de werksters en de werklieden. HOOFDSTUK II. - Principe

Art. 3.De bijdrage van de werkgevers aan het fonds voor bestaanszekerheid wordt vastgesteld op 0,10 pct. van de brutolonen voor de jaren 1999 en 2000.

Art. 4.De bijdrage van de werkgevers aan het fonds voor bestaanszekerheid wordt vastgesteld op 0,10 pct. van de brutolonen voor de jaren 2001 en 2002. HOOFDSTUK III. - Toepassingsmodaliteiten

Art. 5.De partijen komen overeen de inning van de bijdrage vermeld in de artikelen 3 en 4 toe te vertrouwen aan de Rijksdienst voor Sociale Zekerheid. De inningen zullen berekend en uitgevoerd worden op de stortingen van de sociale zekerheidsbijdragen uitgevoerd door de in artikel 1 bedoelde inrichtingen en diensten, volgens de volgende kalender : - 1ste, 2de, 3de en 4de trimester 1999, geen inning; - 1ste, 2de, 3de en 4de trimester 2000, geen inning; - 1ste, 2de, 3de en 4de trimester 2001, geen inning; - 0,40 pct. op het 1ste trimester 2002; - 0,40 pct. op het 2de trimester 2002; - 0,40 pct. op het 3de trimester 2002; - 0,40 pct. op het 4de trimester 2002.

Art. 6.Voor de in artikel 1 bedoelde instellingen en diensten die de stortingen van de bijdragen bepaald in artikel 3 zouden hebben uitgevoerd aan het "Interdepartementaal Begrotingsfonds voor de tewerkstelling", zullen de bedragen worden gecrediteerd door de Rijksdienst voor Sociale Zekerheid.

Art. 7.Het fonds voor bestaanszekerheid opgericht door de collectieve arbeidsovereenkomst van 23 februari 1990 tot oprichting van een fonds voor bestaanszekerheid, algemeen verbindend verklaard bij koninklijk besluit van 6 augustus 1990, is belast met de ontvangst, het beheer en de toewijzing van de bedragen geïnd door de Rijksdienst voor Sociale Zekerheid in het kader van deze collectieve arbeidsovereenkomst in functie van de doelstellingen waarvoor zij bestemd zijn.

Art. 8.De maatregelen ten voordele van de risicogroepen blijven die welke vastgesteld werden door het paritair comité in de collectieve arbeidsovereenkomst van 24 juni 1991 (koninklijk besluit van 31 maart 1992, Belgisch Staatsblad van 29 april 1992), artikel 4, § 1 en § 2.

Art. 9.De definitie van de risicogroepen is die welke werd vastgesteld door de wet van 29 december 1990 houdende sociale bepalingen (Belgisch Staatsblad van 9 januari 1991).

HOOFSTUK IV. - Opheffingsbepalingen

Art. 10.Deze collectieve arbeidsovereenkomst annuleert en heft de volgende collectieve arbeidsovereenkomsten op : - de collectieve arbeidsovereenkomst van 4 juni 1999 betreffende de bevordering van initiatieven ten voordele van de tewerkstelling en de vorming van risicogroepen (koninklijk besluit van 16 februari 2001, Belgisch Staatsblad van 29 maart 2001); - de collectieve arbeidsovereenkomst van 23 oktober 2001 gesloten met toepassing van de collectieve arbeidsovereenkomst van 4 juni 1999 betreffende de bevordering van initiatieven ten voordele van de tewerkstelling en de vorming van risicogroepen (Overeenkomst geregistreerd op 10 december 2001 onder het nummer 60221/CO/319); - de collectieve arbeidsovereenkomst van 23 oktober 2001 betreffende de bevordering van initiatieven ten voordele van de tewerkstelling en de vorming van risicogroepen (Overeenkomst geregistreerd op 10 december 2001 onder het nummer 60220/CO/319). HOOFDSTUK V. - Slotbepalingen

Art. 11.Deze collectieve arbeidsovereenkomst treedt in werking op 17 december 2001 en houdt op van kracht te zijn op 1 januari 2003.

Gezien om te worden gevoegd bij het koninklijk besluit van 19 juli 2006.

De Minister van Werk, P. VANVELTHOVEN

^