Etaamb.openjustice.be
Koninklijk Besluit van 04 februari 1998
gepubliceerd op 25 februari 1998

Koninklijk besluit betreffende het uniform van de militairen

bron
ministerie van landsverdediging
numac
1998007043
pub.
25/02/1998
prom.
04/02/1998
ELI
eli/besluit/1998/02/04/1998007043/staatsblad
staatsblad
https://www.ejustice.just.fgov.be/cgi/article_body(...)
links
Raad van State (chrono)
Document Qrcode

4 FEBRUARI 1998. Koninklijk besluit betreffende het uniform van de militairen


ALBERT II, Koning der Belgen, Aan allen die nu zijn en hierna wezen zullen, Onze Groet.

Gelet op artikel 167, § 1, tweede lid, van de Grondwet;

Gelet op artikel 3, § 2, 1°, van de wet van 20 mei 1994 betreffende de aanwending van de krijgsmacht, de paraatstelling, alsook betreffende de periodes en de standen waarin de militair zich kan bevinden;

Gelet op het protocol van het onderhandelingscomité, afgesloten op 22 augustus 1997;

Gelet op het advies van de Raad van State;

Op de voordracht van Onze Minister van Landsverdediging, Hebben Wij besloten en besluiten Wij :

Artikel 1.Het uniform van de militairen bestaat uit de verschillende tenues of kledijen die de voorgeschreven kledings- en uitrustingsstukken omvatten welke in bepaalde omstandigheden of voor de uitvoering van de dienst en van opdrachten gedragen dienen te worden.

Art. 2.Het uniform van de militairen omvat : 1° de ceremonietenue;2° de uitgaanstenue of werkkledij met eventueel een onderscheid tussen zomer- en wintertenue;3° de gevechtstenue of veldkledij;4° de bijzondere tenues, andere dan de hierboven bedoelde, die eigen zijn aan elk krijgsmachtdeel. De uitgaanstenue of werkkledij bedoeld in het eerste lid, 2°, is : 1° zwartgroen wat betreft de jas en grijsgroen wat betreft de broek of de rok voor het personeel van de landmacht;2° luchtmachtblauw voor het personeel van de luchtmacht;3° marineblauw voor het personeel van de marine;4° flessengroen voor het personeel van de medische dienst.

Art. 3.De minister van Landsverdediging bepaalt de kentekens van graad, rang en functie alsook de specifieke kentekens gedragen door het militair personeel.

De minister van Landsverdediging bepaalt de kledings- en uitrustingsstukken waaruit de in artikel 2, eerste lid, bedoelde tenues of kledijen bestaan en bepaalt eveneens op welke wijze en in welke omstandigheden deze kentekens en tenues of kledijen gedragen worden.

Hij kan de in het tweede lid bedoelde bevoegdheid overdragen aan de stafchefs van de krijgsmachtdelen.

Art. 4.Het koninklijk besluit van 24 april 1951 betreffende het uniform van de strijdkrachten, gewijzigd bij de koninklijke besluiten van 22 augustus 1975 en 9 oktober 1997, wordt opgeheven.

Art. 5.Bij overgangsmaatregel mogen de militairen van de landmacht, naargelang het geval, de kaki of de olijfgroene uitgaanstenue bedoeld in artikel 2, eerste lid, 2°, van het koninklijk besluit van 24 april 1951 betreffende het uniform van de strijdkrachten blijven dragen, tot op de datum vastgesteld door de minister van Landsverdediging.

Art. 6.Dit besluit treedt in werking de dag waarop het in het Belgisch Staatsblad wordt bekendgemaakt.

Art. 7.Onze Minister van Landsverdediging is belast met de uitvoering van dit besluit.

Gegeven te Brussel, 4 februari 1998.

ALBERT Van Koningswege : De Minister van Landsverdediging, J.-P. PONCELET

^