Etaamb.openjustice.be
Beschikking van 16 mei 2024
gepubliceerd op 19 juli 2024

Ordonnantie houdende de Codex van de openbare financiën van de Gemeenschappelijke Gemeenschapscommissie

bron
gemeenschappelijke gemeenschapscommissie van het brussels hoofdstedelijk gewest
numac
2024005054
pub.
19/07/2024
prom.
16/05/2024
staatsblad
https://www.ejustice.just.fgov.be/cgi/article_body(...)
Document Qrcode

16 MEI 2024. - Ordonnantie houdende de Codex van de openbare financiën van de Gemeenschappelijke Gemeenschapscommissie (1)


De Verenigde Vergadering heeft aangenomen en Wij, Verenigd College, bekrachtigen hetgeen volgt : Deel 1. - Inleidende bepalingen Boek 1. - Algemeenheden

Artikel 1.Deze ordonnantie regelt een aangelegenheid als bedoeld in artikel 135 van de Grondwet.

Art. 2.Voor de toepassing van deze ordonnantie en de uitvoeringsbesluiten ervan wordt verstaan onder: 1° bicommunautaire entiteit: het geheel gevormd door de Diensten van het Verenigd College en de autonome bestuursinstellingen; 2° autonome bestuursinstelling (hierna ABI genaamd): elke andere rechtspersoon dan de Gemeenschappelijke Gemeenschapscommissie die in de door het Instituut voor de Nationale Rekeningen (hierna INR genaamd) opgestelde lijst van de institutionele eenheden van de overheidssector is ingedeeld in de subsector "deelstaatoverheid" (S.1312) in de zin van het Europees systeem van rekeningen, en die door het INR wordt beschouwd als onder de exclusieve politieke controle van de Gemeenschappelijke Gemeenschapscommissie vallend;

De ABI's zijn onderverdeeld in: a) de autonome bestuursinstellingen van eerste categorie, hierna ABI's 1 genaamd, opgericht bijeen wetgevende tekst, met rechtspersoonlijkheid en rechtstreeks onderworpen aan het gezag van het Verenigd College;b) de autonome bestuursinstellingen van tweede categorie, hierna ABI's 2 genaamd, met rechtspersoonlijkheid, niet bedoeld in punt a);3° Europees systeem van rekeningen (hierna ESR genaamd): bijlage A bij de verordening (EU) nr.549/2013 van het Europees Parlement en de Raad van 21 mei 2013 betreffende het Europees systeem van nationale en regionale rekeningen in de Europese Unie; 4° Diensten van het Verenigd College: de eigen diensten waarover het Verenigd College beschikt in de zin van artikelen 87 en volgende van de bijzondere wet van 8 augustus 1980Relevante gevonden documenten type wet prom. 08/08/1980 pub. 11/12/2007 numac 2007000980 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Bijzondere wet tot hervorming der instellingen. - Officieuze coördinatie in het Duits sluiten tot hervorming der instellingen en van artikel 79 van de bijzondere wet van 12 januari 1989 met betrekking tot de Brusselse instellingen.Voor de toepassing van deze ordonnantie worden de kabinetten van de Leden van het Verenigd College gelijkgesteld met de Diensten van het Verenigd College tenzij uitdrukkelijk anders vermeld; 5° ordonnateur: de persoon die het initiatief neemt tot een verrichting ter uitvoering van de begroting en die hiertoe belast is met het nemen van de beslissingen tot realisering van ontvangsten en uitvoering van uitgaven overeenkomstig de beginselen van goed financieel beheer en met het waarborgen van de wettigheid en regelmatigheid ervan;wet van 16 mei 2003Relevante gevonden documenten type wet prom. 16/05/2003 pub. 25/06/2003 numac 2003003343 bron federale overheidsdienst budget en beheerscontrole en federale overheidsdienst financien Wet tot vaststelling van de algemene bepalingen die gelden voor de begrotingen, de controle op de subsidies en voor de boekhouding van de gemeenschappen en de gewesten, alsook voor de organisatie van de controle door het Rekenhof sluiten: de wet van 16 mei 2003Relevante gevonden documenten type wet prom. 16/05/2003 pub. 25/06/2003 numac 2003003343 bron federale overheidsdienst budget en beheerscontrole en federale overheidsdienst financien Wet tot vaststelling van de algemene bepalingen die gelden voor de begrotingen, de controle op de subsidies en voor de boekhouding van de gemeenschappen en de gewesten, alsook voor de organisatie van de controle door het Rekenhof sluiten tot vaststelling van de algemene bepalingen die gelden voor de begrotingen, de controle op de subsidies en voor de boekhouding van de gemeenschappen en de gewesten, alsook voor de organisatie van de controle door het Rekenhof;7° stabiliteitsprogramma: het stabiliteitsprogramma, bedoeld in artikel 3 van Verordening (EG) nr.1466/97 van de Raad van 7 juli 1997 over versterking van het toezicht op begrotingssituaties en het toezicht op en de coördinatie van het economisch beleid; 8° nationaal hervormingsprogramma: het nationale hervormingsprogramma, bedoeld in artikel 2bis, 2, d), van Verordening (EG) nr.1466/97 van de Raad van 7 juli 1997 over versterking van het toezicht op begrotingssituaties en het toezicht op en de coördinatie van het economisch beleid, zoals gewijzigd bij Verordening (EG) nr. 1055/2005 van de Raad van 27 juni 2005 tot wijziging van Verordening (EG) nr. 1466/97 over versterking van het toezicht op begrotingssituaties en het toezicht op en de coördinatie van het economisch beleid en bij Verordening (EU) nr. 1175/2011 van het Europees Parlement en de Raad van 16 november 2011 tot wijziging van Verordening (EG) nr. 1466/97 van de Raad over versterking van het toezicht op begrotingssituaties en het toezicht op en de coördinatie van het economisch beleid; 9° economische classificatie: de economische classificatie vastgesteld in toepassing van artikel 5 van het samenwerkingsakkoord van 1 oktober 1991 tussen de Staat, de Gemeenschappen, de Gemeenschappelijke Gemeenschapscommissie en de Gewesten tot oprichting van een algemene gegevensbank;10° bestuursorgaan: het orgaan van de ABI 2 belast met de bepaling van de strategische koers ervan.Bij vele ABI's 2 wordt dit orgaan doorgaans de Raad van Bestuur genoemd; 11° subsidie: elke vorm van financiële ondersteuning die door een boekhoudkundige entiteit wordt verstrekt en bestemd is ter ondersteuning van een door de begunstigde van de subsidie gerealiseerde actie die het algemeen belang dient, ongeacht de benaming die aan die ondersteuning wordt gegeven, en ongeacht de benaming of de aard van de akte waarmee deze ondersteuning wordt toegekend;12° boekhoudkundige entiteit: de Diensten van het Verenigd College of elke ABI;13° recurrente verbintenis: de verbintenis waarvan de gevolgen zich over meerdere jaren uitstrekken en waarvan de aanrekening op de begroting van het jaar van haar ontstaan een kost betekent die met dat jaar geen economische band heeft;14° directieorgaan: het orgaan dat belast is met het operationele beheer van een ABI en waarin, indien van toepassing, de leidende ambtenaren van deze ABI zetelen;15° toezichtsorgaan (TO): het orgaan dat belast is met de controle en omkadering van de rekenplichtigen die de bankrekeningen van de boekhoudkundige eenheden beheren;16° ABI TO: de ABI die een dienstenovereenkomst heeft ondertekend met het standaard toezichtsorgaan vermeld in artikel 117, § 1, lid 2;17° globale staat: het totale bedrag van de saldi van een geheel van bankrekeningen geopend bij de kassier krachtens het kassierscontract;18° kassierscontract: het dienstencontract afgesloten tussen de Gemeenschappelijke Gemeenschapscommissie en een bankinstelling die de opdrachten en prestaties op zich neemt die verwacht worden van de kassier;19° beschikbare gelden: de liquiditeiten die overeenkomstig het wettelijke en reglementaire kader en volgens de bepalingen van het kassierscontract ter beschikking staan van de rekenplichtigen van de bicommunautaire entiteit;20° eigen ontvangsten: de ontvangsten die niet voortkomen uit de overdrachten van bedragen afkomstig van de Diensten van het Verenigd College of een ABI;21° interne audit: de onafhankelijke en objectieve, waarborgende en adviserende activiteit waarbij de opdracht erin bestaat voor toegevoegde waarde te zorgen en de werking van de organisatie te verbeteren;22° gift: elke vorm van overdracht van middelen door een boekhoudkundige entiteit of te haren gunste, los van enige specifieke waardering van prestaties, en los van enige door de begunstigde te organiseren actie van algemeen nut;23° prijs: elke vorm van financiële steun die eenzijdig door een boekhoudkundige entiteit wordt toegekend ten gunste van derden als waardering voor hun activiteiten.De prijs kan bestaan uit het toekennen van geldmiddelen of uit het verlenen van een voordeel in natura waarvan de financiële last gedragen wordt door de boekhoudkundige entiteit; 24° AVG: Verordening (EU) 2016/679 van het Europees Parlement en de Raad van 27 april 2016 betreffende de bescherming van natuurlijke personen in verband met de verwerking van persoonsgegevens en betreffende het vrije verkeer van die gegevens en tot intrekking van Richtlijn 95/46/EG (algemene verordening gegevensbescherming);25° regeringsverklaring: verklaring van de Voorzitter van het Verenigd College voor de Verenigde Vergadering waarin het nieuwe Verenigd College, aan het begin van de nieuwe legislatuur, het beleid, opgenomen in het regeerakkoord, voor deze legislatuur uiteenzet en die het Verenigd College aan de vertrouwensstemming van de Verenigde Vergadering voorlegt;26° bevoegde boekhouder: de boekhouder van de Diensten van het Verenigd College voor de Diensten van het Verenigd College, de boekhouder van een ABI voor deze ABI, en de bicommunautaire boekhouder voor de bicommunautaire entiteit en voor de aangelegenheden opgenomen in de artikelen van de ordonnantie waar de bicommunautaire boekhouder specifiek wordt vermeld;27° groepsauditeur: de auditor die verantwoordelijk is voor de controleopdracht op groepsniveau en voor de uitvoering daarvan, alsmede voor de certificeringsverklaring van de algemene rekening van de groep, die de financiële gegevens van de ABI's 2 omvatten die door een andere auditor zijn gecontroleerd;28° certificering: het met redenen omklede en gedetailleerde oordeel over de regelmatigheid, de waarachtigheid en de betrouwbaarheid van de algemene rekening. Boek 2. - Het toepassingsgebied

Art. 3.Deze ordonnantie is van toepassing op de bicommunautaire entiteit.

Art. 4.§ 1. In afwijking van artikel 3, zijn enkel de ABI's 2 waarvan het totale bedrag van hun ontvangsten of het totale bedrag van hun uitgaven meer bedraagt dan 7 miljoen euro, onderworpen aan de bepalingen van deze ordonnantie.

De drempel van 7 miljoen wordt jaarlijks geïndexeerd in functie van de evolutie van de consumptieprijsindex van het vorige jaar. De geïndexeerde drempel wordt jaarlijks vermeld in het beschikkend gedeelte van de uitgavenbegroting.

Het Verenigd College herbeoordeelt de in het derde lid bedoelde drempel om de drie jaar. Het Verenigd College kan die beoordeling echter ook vóór het verstrijken van de termijn van drie jaar uitvoeren als er wijzigingen zijn die een grote impact kunnen hebben op de begroting van de bicommunautaire entiteit of op het ogenblik dat een ABI 2 deel begint uit te maken van de bicommunautaire entiteit. § 2. Voor de ABI's 2 waarvan het totale bedrag van hun ontvangsten of het totale bedrag van hun uitgaven de drempel, vermeld in paragraaf 1, overschrijdt, maar die: 1° vóór de inwerkingtreding van deze ordonnantie nog niet in de begroting van de Gemeenschappelijke Gemeenschapscommissie waren opgenomen of;2° bij een eerdere beoordeling, zijnde de eerste beoordeling op het moment van de inwerkingtreding van de ordonnantie of een latere beoordeling als bedoeld in paragraaf 1, vierde lid, de drempel niet overschreden, gelden, in afwijking van paragraaf 1, enkel de onderstaande verplichtingen, volgens de door het Verenigd College te bepalen modaliteiten.De ABI 2 heeft één jaar de tijd om hieraan te voldoen.

De in het eerste lid vermelde verplichtingen zijn: 1° de tijdige overmaking van de jaarlijkse initiële en aangepaste begrotingen op basis van de aggregaten in het kader van de opmaak van de begroting van de Gemeenschappelijke Gemeenschapscommissie;2° de tijdige overmaking van de meerjarige begrotingsplanning op zes jaar op basis van de aggregaten in het kader van de opmaak van de begroting van de Gemeenschappelijke Gemeenschapscommissie;3° minimaal de trimestriële overmaking van de begrotingsuitvoering op basis van de aggregaten uit de begroting;4° de overmaking van alle informatie inzake boekhouding, waaronder de algemene rekening, en thesaurie. § 3. De ABI's 2 waarvan het totale bedrag van hun ontvangsten en hun uitgaven 7 miljoen euro of minder bedragen, zijn niet onderworpen aan de bepalingen van deze ordonnantie, maar dienen hun jaarrekeningen binnen de gestelde termijnen aan het Verenigd College over te maken.

Per begrotingsjaar worden de ten gunste van deze ABI's 2 te vereffenen, bij de begrotingsopmaak, of vereffende, bij de begrotingsuitvoering, subsidies meegenomen als ESR-uitgaven voor de berekening van het ESR-vorderingensaldo van dat begrotingsjaar. § 4. ABI's die op de datum van de inwerkingtreding van deze ordonnantie geen deel uitmaken van de begroting van de Gemeenschappelijke Gemeenschapscommissie, die een beroep tegen het INR hebben ingediend betreffende hun indeling bij de subsector S13.12 "deelstaatoverheid" en waarvoor het INR nog niet definitief heeft geoordeeld, worden nog niet als ABI 2 beschouwd. § 5. In afwijking van paragraaf 2, lid 1, paragraaf 3, lid 1, en paragraaf 4, zijn alle ABI's die begunstigden zijn van een subsidie onderworpen aan de bepalingen van Deel 9 betreffende de toekenning en de controle op de aanwending van subsidies. § 6. In afwijking van paragraaf 1, kan het Verenigd College beslissen om een ABI 2 ongeacht de beoordeling van de drempel, te onderwerpen aan de bepalingen van deze ordonnantie die zij vastlegt.

Art. 5.§ 1. De principes uiteengezet in Deel 12 van de ordonnantie zijn van toepassing zonder afbreuk te doen aan enige bijzondere regelgeving die reeds van toepassing is op de goederen van de ABI's.

Deel 12 van de ordonnantie blijft van toepassing op de ABI's, zelfs indien deze instellingen, na de datum van de inwerkingtreding van de ordonnantie, door het INR niet langer geheel of gedeeltelijk worden ingedeeld in de subsector "deelstaatoverheid" (S.1312) in de zin van het Europees systeem van rekeningen. § 2. In afwijking van artikel 3, zijn deel 13 en deel 14 van de ordonnantie alleen van toepassing op de Diensten van het Verenigd College.

Deel 2. - De begroting Boek 1. - De begrotingsbeginselen

Art. 6.De opstelling en de uitvoering van de begroting nemen de volgende beginselen in acht: 1° het eenheidsbeginsel;2° het begrotingswaarachtigheidsbeginsel;3° het jaarperiodiciteitsbeginsel;4° het rekeneenheidsbeginsel;5° het universaliteitsbeginsel;6° het specialiteitsbeginsel;7° het beginsel van goed financieel beheer;8° het transparantiebeginsel. Boek 2. - Het begrotingskader TITEL 1. - De begroting in een meerjarig perspectief

HOOFDSTUK 1. - De Regeringsverklaring en de begrotingsnota

Art. 7.Bij de Regeringsverklaring wordt een begrotingsnota gevoegd.

De begrotingsnota wordt omgezet in een meerjarige begrotingsraming.

Het Verenigd College is gemachtigd de modaliteiten te bepalen voor de opmaak en mededeling van de begrotingsnota en de meerjarige begrotingsraming.

HOOFDSTUK 2. - De meerjarige begrotingsplanningen de begrotingsdoelstellingen

Art. 8.Overeenkomstig artikel 16/12 van de wet van 16 mei 2003Relevante gevonden documenten type wet prom. 16/05/2003 pub. 25/06/2003 numac 2003003343 bron federale overheidsdienst budget en beheerscontrole en federale overheidsdienst financien Wet tot vaststelling van de algemene bepalingen die gelden voor de begrotingen, de controle op de subsidies en voor de boekhouding van de gemeenschappen en de gewesten, alsook voor de organisatie van de controle door het Rekenhof sluiten wordt de jaarlijkse begroting aangevuld met een meerjarige begrotingsplanning.

De meerjarige begrotingsplanning wordt samen met de beleidsnota's en nadien met de beleidsbrieven opgesteld.

De meerjarige begrotingsplanning houdt rekening met de besliste afspraken in het kader van het stabiliteitsprogramma en het nationaal hervormingsprogramma.

De meerjarige begrotingsplanning vertaalt de gedefinieerde beleidsopties in een meerjarig budgettair perspectief en geeft een raming van de begrotingsevolutie voor een periode van 6 jaren.

Het Verenigd College actualiseert de meerjarige begrotingsplanning in het geval van begrotingsaanpassingen.

Art. 9.Wanneer het bereiken van de budgettaire jaar- en/of meerjarendoelstelling in gevaar dreigt te komen, stelt het Verenigd College de maatregelen, zoals bedoeld in het volgende lid, voor die het bereiken van de budgettaire doelstelling moeten verzekeren.

In afwachting van de stemming door de Verenigde Vergadering van de uit lid 1 voortvloeiende aanpassing van de begroting, kan het Verenigd College tijdelijke bewarende maatregelen nemen, en met name het bepalen van grenzen inzake de uitvoering van de uitgavenbegroting in termen van boekhoudkundige vastleggingen.

Deze maatregelen worden aan de Verenigde Vergadering en aan het Rekenhof meegedeeld.

TITEL 2. - De interne monitoring

Art. 10.Het Verenigd College is gemachtigd om een begrotingsmonitoringscomité voor de bicommunautaire entiteit op te richten.

Art. 11.Het Verenigd College beslist over de samenstelling, de opdrachten en de modaliteiten betreffende het begrotingsmonitoringscomité.

Boek 3. - De ontvangsten- en uitgavenbegroting TITEL 1. - De begrotingskredieten

Art. 12.De ontvangsten- en uitgavenbegrotingen van de Diensten van het Verenigd College en van de ABI's voorzien in en verlenen machtiging voor alle verrichtingen die aanleiding geven tot een financiële afwikkeling en die voor eigen rekening worden uitgevoerd met derden.

De ontvangsten- en uitgavenbegrotingen van de Diensten van het Verenigd College en van de ABI's kunnen eveneens specifieke ESR-verrichtingen bevatten die niet noodzakelijk tot een financiële afwikkeling leiden.

De begrotingen van de Diensten van het Verenigd College en van de ABI's bevatten: 1° qua ontvangsten: de raming van de rechten die tijdens het begrotingsjaar te hunnen bate zullen worden vastgesteld;2° qua uitgaven: a) de vastleggingskredieten ten belope waarvan bedragen kunnen worden vastgelegd uit hoofde van juridische verbintenissen die tijdens het begrotingsjaar te hunnen laste ontstaan of worden gesloten en, voor de recurrente juridische verbintenissen waarvan de gevolgen zich over meerdere jaren voordoen, ten belope van de bedragen die tijdens het begrotingsjaar opeisbaar zullen worden;b) de vereffeningskredieten ten belope waarvan tijdens het begrotingsjaar bedragen kunnen worden vereffend uit hoofde van te hunnen laste vastgestelde rechten ter aanzuivering van voorafgaandelijk of gelijktijdig vastgelegde juridische verbintenissen.

Art. 13.Overeenkomstig artikel 4, lid 3 van de wet van 16 mei 2003Relevante gevonden documenten type wet prom. 16/05/2003 pub. 25/06/2003 numac 2003003343 bron federale overheidsdienst budget en beheerscontrole en federale overheidsdienst financien Wet tot vaststelling van de algemene bepalingen die gelden voor de begrotingen, de controle op de subsidies en voor de boekhouding van de gemeenschappen en de gewesten, alsook voor de organisatie van de controle door het Rekenhof sluiten en in afwijking van artikel 12, lid 3, 2°, b), kan de begroting bepalen dat, voor de uitgaven die ze aanwijst, de kredieten ten belope waarvan bedragen vereffend kunnen worden, niet-limitatief zijn.

Art. 14.De vastleggingskredieten die op 31 december van het lopende begrotingsjaar nog beschikbaar zijn, worden uiterlijk op die datum geannuleerd.

De vereffeningskredieten die nog op de begroting van het afgelopen begrotingsjaar beschikbaar zijn, worden uiterlijk op 31 januari van het volgende begrotingsjaar geannuleerd.

In afwijking op het vorige lid, worden de vereffeningskredieten met betrekking tot verplichte organieke uitgaven niet afhankelijk van het bestaan van beschikbare begrotingskredieten, van ABI's 2, die nog op de begroting van het afgelopen begrotingsjaar beschikbaar zijn, uiterlijk op 31 maart van het volgende begrotingsjaar geannuleerd.

TITEL 2. - De begrotingsstructuur

Art. 15.De begroting is samengesteld uit opdrachten. Iedere opdracht stemt overeen met een bevoegdheidsdomein of met een coherente groepering van bevoegdheidsdomeinen.

Iedere opdracht wordt opgedeeld in diverse programma's die samen bijdragen tot het realiseren van een welbepaald overheidsbeleid.

Ieder programma komt overeen met: c) hetzij een langetermijndoelstelling van het Verenigd College;d) hetzij een transversale organisatiedoelstelling;e) hetzij de financieringen die bestemd zijn voor de ABI's waarvan de opdrachten verbonden zijn met het betrokken bevoegdheidsdomein. De programma's zijn opgedeeld in bijhorende uitgaven- of ontvangstenposten op basis van de door het Verenigd College bepaalde aggregaten die gelinkt zijn aan de economische classificatie.

Art. 16.Het Verenigd College bepaalt de gedetailleerde structuur van de ontvangsten- en uitgavenbegroting van de Diensten van het Verenigd College en van de ABI's.

TITEL 3. - De rapportering betreffende de begroting

HOOFDSTUK 1. - De ontwerpen van begrotingsordonnanties Afdeling 1. - Samenstelling


Art. 17.§ 1. Het ontwerp van begroting van de Gemeenschappelijke Gemeenschapscommissie omvat: 1° het beschikkend gedeelte dat de ontwerpen van ontvangstenbegrotingen van de Diensten van het Verenigd College vergezelt;2° het beschikkend gedeelte dat de ontwerpen van uitgavenbegrotingen van de Diensten van het Verenigd College en van uitgaven- en ontvangstenbegroting van de ABI's vergezelt;3° de begrotingstabel van het ontwerp van ontvangstenbegroting van de Diensten van het Verenigd College;4° de begrotingstabel van het ontwerp van uitgavenbegroting van de Diensten van het Verenigd College;5° de begrotingstabel van het ontwerp van ontvangsten- en uitgavenbegroting van iedere ABI 1 en ABI 2;6° de begrotingstabel van de ontvangsten- en uitgaven verbonden aan de opdrachten die door de bicommunautaire entiteit gedelegeerd worden aan andere instanties;7° de algemene toelichting, bedoeld in artikel 33;8° de beleidsnota's en beleidsbrieven, als bedoeld in artikel 34. § 2. De ontvangstenbegroting van de Gemeenschappelijke Gemeenschapscommissie is samengesteld uit de documenten vermeld in de punten 1° en 3° van paragraaf 1.

De uitgavenbegroting van de Gemeenschappelijke Gemeenschapscommissie is samengesteld uit de documenten vermeld in de punten 2°, 4°, 5° en 6° van paragraaf 1. De begeleidende documenten bij de begroting van de Gemeenschappelijke Gemeenschapscommissie zijn vermeld in punten 7° en 8° van paragraaf 1. Afdeling 2. - Opmaak en goedkeuring


Art. 18.Het Verenigd College beslist over de maatregelen die noodzakelijk zijn voor de opmaak van de begroting.

Het Verenigd College kan het advies inwinnen van de Inspectie van Financiën en de commissarissen van het Verenigd College over de begrotingsvoorstellen van respectievelijk de Diensten van het Verenigd College, de ABI's 1 en de ABI's 2.

Art. 19.De ontwerpen van uitgaven- en ontvangstenbegrotingen van de Diensten van het Verenigd College en van iedere ABI 1 worden opgemaakt en goedgekeurd door het Verenigd College. Hetzelfde geldt voor de ermee verbonden van het Verenigd College uitgaande amendementen.

Art. 20.De ontwerpen van uitgaven- en ontvangstenbegrotingen van iedere ABI 2 worden, binnen de grenzen van de meerjarige begrotingsplanning vermeld in artikel 8, opgemaakt en goedgekeurd door haar bestuursorgaan. De Leden van het Verenigd College, functioneel bevoegd voor de instelling, maken de begrotingen aan het Verenigd College over.

Het Verenigd College neemt akte van de ontwerpen van begrotingen van de ABI's 2.

Art. 21.De ontwerpen van uitgaven- en ontvangstenbegrotingen van iedere instelling die een gedelegeerde opdracht uitvoert voor de bicommunautaire entiteit worden, binnen de grenzen van de meerjarige begrotingsplanning vermeld in artikel 8, opgemaakt en goedgekeurd door haar bestuursorgaan enkel voor wat de gedelegeerde opdracht betreft.

De Leden van het Verenigd College, functioneel bevoegd voor de instelling, maken de begrotingen aan het Verenigd College over.

Het Verenigd College neemt akte van de ontwerpen van begrotingen van iedere instelling die een gedelegeerde opdracht uitvoert voor de bicommunautaire entiteit.

Art. 22.Het Verenigd College keurt de ontwerpen van initiële begrotingen van de Diensten van het Verenigd College en van de ABI's 1 goed en neemt akte van de ontwerpen van initiële begrotingen van de ABI's 2 en van iedere instelling die een gedelegeerde opdracht uitvoert voor de bicommunautaire entiteit, vóór 15 oktober van het jaar dat aan het begrotingsjaar voorafgaat dat verband houdt met deze ontwerpen.

De ontwerpen van initiële begrotingen worden uiterlijk op 31 oktober van het jaar dat aan het begrotingsjaar voorafgaat dat verband houdt met deze ontwerpen bij de Verenigde Vergadering ingediend. Afdeling 3. - Stemming en akteneming van de begrotingdoor de Algemene

Vergadering

Art. 23.§ 1. De initiële begrotingen van de Diensten van het Verenigd College en van de ABI's 1 worden per programma opgesteld en uiterlijk op 31 december van het jaar dat voorafgaat aan het begrotingsjaar waarop deze ontwerpen betrekking hebben, gestemd.

De aangepaste begrotingen van de Diensten van het Verenigd College en van de ABI's 1 voor het lopende jaar worden per programma opgesteld en in de loop van het begrotingsjaar gestemd. § 2. De initiële en aangepaste begrotingen van de ABI's 2 en de initiële en aangepaste begrotingen van de instellingen die een gedelegeerde opdracht uitvoeren zoals bedoeld in artikel 17, 6°, worden ter kennis gebracht van de Verenigde Vergadering. Afdeling 4. - Communicatie aan het Verenigd College en sanctie


Art. 24.Indien een ABI 2 haar ontwerpbegroting niet heeft overgemaakt, volgens de termijn bepaald door het Verenigd College, worden de betalingen van de subsidies van de Diensten van het Verenigd College aan die ABI 2 opgeschort.

HOOFDSTUK 2. - De ontvangstenbegroting van de Gemeenschappelijke Gemeenschapscommissie

Art. 25.Het beschikkend gedeelte van de ontvangstenbegroting van de Gemeenschappelijke Gemeenschapscommissie bevat de raming van de vastgestelde rechten van de Diensten van het Verenigd College en verleent machtiging, binnen de grenzen en onder de voorwaarden die het bepaalt, tot het aangaan van leningen.

HOOFDSTUK 3. - De uitgavenbegroting van de Gemeenschappelijke Gemeenschapscommissie

Art. 26.Het beschikkend gedeelte van de uitgavenbegroting van de Gemeenschappelijke Gemeenschapscommissie verleent met name, per programma, machtiging voor de uitgaven van de uitgavenbegrotingen van de Diensten van het Verenigd College en van de ABI's 1.

Art. 27.Het beschikkend gedeelte van de uitgavenbegroting van de Gemeenschappelijke Gemeenschapscommissie bepaalt, indien nodig, de aan de uitgaven verbonden voorwaarden.

Art. 28.Onverminderd de delegaties aan de ordonnateurs, is het Verenigd College gemachtigd om, ten laste van de uitgavenbegrotingen van de Diensten van het Verenigd College en de ABI's 1, subsidies toe te kennen die geen rechtsgrond hebben in een materiële ordonnantie.

De ABI's 2 die hiertoe uitdrukkelijk gemachtigd zijn in hun oprichtingsordonnantie, kunnen, ten laste van hun uitgavenbegroting, en uitsluitend binnen de grenzen van hun opdrachten, subsidies toekennen die geen rechtsgrond hebben in een materiële ordonnantie.

Het Verenigd College moet de machtiging tot het toekennen van dit type subsidies jaarlijks in de uitgavenbegroting van de Gemeenschappelijke Gemeenschapscommissie inschrijven via een bepaling in het beschikkend gedeelte van deze begroting.

HOOFDSTUK 4. - De voorlopige kredieten

Art. 29.Indien blijkt dat de initiële uitgavenbegroting van de Gemeenschappelijke Gemeenschapscommissie en bijgevolg de initiële uitgavenbegrotingen van de Diensten van het Verenigd College en van de ABI's 1 voor een gegeven begrotingsjaar niet vóór het begin van dat begrotingsjaar kunnen worden gestemd, dan opent een ordonnantie voorlopige vastleggings- en vereffeningskredieten die bedoeld zijn om de continuïteit van de openbare dienst te garanderen.

De voorlopige vastleggings- en vereffeningskredieten worden vervangen door de vastleggings- en vereffeningskredieten van de uitgavenbegroting van het gegeven begrotingsjaar zodra deze gestemd is.

In voorkomend geval wordt een ordonnantieontwerp waarbij voorlopige vastleggings- en vereffeningskredieten worden geopend, bij de Verenigde Vergadering ingediend.

Art. 30.De ordonnantie waarbij voorlopige vastleggings- en vereffeningskredieten worden geopend, stelt de termijn vast waarop deze kredieten betrekking hebben.

De termijn waarvoor voorlopige vastleggings- en vereffeningskredieten per ordonnantie worden toegekend, mag niet meer dan vier maanden bedragen.

Het Verenigd College kan meerdere keren na elkaar een ordonnantie houdende voorlopige kredieten ter goedkeuring indienen bij de Verenigde Vergadering indien nodig.

Art. 31.De voorlopige vastleggings- en vereffeningskredieten worden berekend op grond van de overeenkomstige vastleggings- en vereffeningskredieten in de laatst gestemde uitgavenbegroting.

De voorlopige vastleggings- en vereffeningskredieten mogen niet worden aangewend voor uitgaven voor nieuwe initiatieven waartoe de Verenigde Vergadering voordien geen machtiging heeft verleend.

Behoudens specifieke bepalingen opgenomen in de ordonnantie waarbij voorlopige vastleggings- en vereffeningskredieten worden geopend, mogen de uitgaven niet hoger liggen dan de bedragen van de vastleggings- en vereffeningskredieten, per programma, van de laatst gestemde begroting, en dit in verhouding tot de termijn waarop deze voorlopige vastleggings- en vereffeningskredieten betrekking hebben.

Art. 32.De goedkeuring door de Verenigde Vergadering van de initiële uitgavenbegroting doet de ordonnantie vervallen waarbij voorlopige kredieten werden geopend.

TITEL 4. - De algemene toelichting

Art. 33.De algemene toelichting bij de initiële begroting bevat minstens: 1° de analyse en de synthese van de initiële ontvangstenbegroting en initiële uitgavenbegroting van de Gemeenschappelijke Gemeenschapscommissie, evenals van het begrotingsbeleid met inbegrip van de vooropgestelde begrotingsdoelstellingen;2° een toelichting over de Europese verplichtingen;3° de meerjarige begrotingsplanning als bepaald in artikel 8;4° een financieel verslag, dat met name een verslag over de toestand van de schuld van de Gemeenschappelijke Gemeenschapscommissie en van de thesaurie van de Diensten van het Verenigd College bevat;5° een verslag over de uitvoering van de begroting van het laatste afgelopen jaar;6° een toelichting over het investeringsbeleid van de Gemeenschappelijke Gemeenschapscommissie;7° de verwachte en uitgevoerde uitgaven- en ontvangstentoetsingen, met de verantwoording van de bereikte resultaten;8° de elementen opgenomen in de artikelen 16/9, 16/11, punten 1°, 2° en 3°, en 16/14 van de wet van 16 mei 2003Relevante gevonden documenten type wet prom. 16/05/2003 pub. 25/06/2003 numac 2003003343 bron federale overheidsdienst budget en beheerscontrole en federale overheidsdienst financien Wet tot vaststelling van de algemene bepalingen die gelden voor de begrotingen, de controle op de subsidies en voor de boekhouding van de gemeenschappen en de gewesten, alsook voor de organisatie van de controle door het Rekenhof sluiten;9° de gendernota overeenkomstig de bepalingen in de ordonnantie van 16 mei 2014 houdende de integratie van de genderdimensie in de beleidslijnen van de Gemeenschappelijke Gemeenschapscommissie.

Art. 34.§ 1. Het eerste ontwerp van initiële begroting van de Gemeenschappelijke Gemeenschapscommissie, neergelegd na de eedaflegging van het Verenigd College, bevat de beleidsnota's die in hun structuur de opdrachten en programma's hernemen van de begroting en die de daarmee verbonden strategische en operationele doelstellingen van het Verenigd College, waaronder deze die door andere ordonnanties worden opgelegd, definiëren voor de duur van de regeerperiode.

In samenhang met de initiële begroting zet het Verenigd College haar beleid en de daaraan gekoppelde budgettaire impact meer in detail uiteen in de beleidsbrieven die in hun structuur de opdrachten en programma's hernemen van de begroting. § 2. De beleidsnota's en beleidsbrieven bevatten eveneens: 1° de verantwoordingen van de ontvangstenbegrotingen van de Diensten van het Verenigd College, de ABI's 1 en de ABI's 2 die per opdracht, per programma en per ontvangstenpost de initiatieven van het Verenigd College en de in aanmerking genomen hypotheses preciseren waarop de raming van de kredieten is gebaseerd;2° de verantwoordingen van de uitgavenbegrotingen van de Diensten van het Verenigd College, de ABI's 1 en de ABI's 2 die per opdracht, per programma en per uitgavenpost de initiatieven van het Verenigd College en de in aanmerking genomen hypotheses preciseren waarop de raming van de kredieten is gebaseerd. Boek 4. - De aanpassingen van de begroting TITEL 1. - De aanpassingen met parlementaire procedure

HOOFDSTUK 1. - De begrotingsberaadslagingen

Art. 35.In dringende gevallen, veroorzaakt door uitzonderlijke of onvoorzienbare omstandigheden, kan het Verenigd College, bij gemotiveerde begrotingsberaadslaging, machtiging verlenen tot het vastleggen, vereffenen en betalen van uitgaven boven de limiet van de vaststellings- en/of vereffeningskredieten ingeschreven in de goedgekeurde uitgavenbegrotingen van de Diensten van het Verenigd College of, bij ontstentenis van begrotingskredieten, ten belope van de door deze begrotingsberaadslaging vastgestelde begrotingskredietbedragen.

Het Verenigd College kan tijdens het begrotingsjaar meerdere achtereenvolgende begrotingsberaadslagingen nemen.

Art. 36.De begrotingsberaadslagingen worden aan de Verenigde Vergadering en het Rekenhof meegedeeld. Het Rekenhof maakt in voorkomend geval zijn bemerkingen over aan de Verenigde Vergadering.

Art. 37.Wanneer zij globaal betrekking heeft op een bedrag van minstens 10 miljoen euro in vastleggings- en/of vereffeningskredieten, moet de begrotingsberaadslaging steeds gevolgd worden door een begrotingsaanpassing ad hoc waarbinnen de begrotingsberaadslaging wordt opgenomen.

In geval van opeenvolgende begrotingsberaadslagingen wordt de drempel van 10 miljoen euro aan vastleggings- en/of vereffeningskredieten beoordeeld door bij iedere nieuwe beraadslaging de bedragen aan vastleggings- en/of vereffeningskredieten op te tellen waarvoor in de ter goedkeuring voorgelegde beraadslaging en in de vorige beraadslagingen toestemming is verleend.

Iedere uitvoering van de begrotingsberaadslaging wordt opgeschort tot het in lid 1 bedoelde ontwerp van begrotingsordonnantie ad hoc is ingediend.

HOOFDSTUK 2. - De begrotingsaanpassingen

Art. 38.Minstens eenmaal per jaar gaat het Verenigd College over tot een onderzoek van de begroting op basis van de begrotingsdoelstellingen. Als gevolg van dit onderzoek legt het Verenigd College aan de Verenigde Vergadering een aanpassing van de ontvangsten en/of van de uitgavenbegroting van de Gemeenschappelijke Gemeenschapscommissie voor.

De ontwerpen van ordonnantie houdende aanpassing van de begroting worden vergezeld van een bijhorende toelichting.

De ontwerpen van ordonnantie houdende aanpassing van de begroting worden op dezelfde wijze door het Verenigd College goedgekeurd als de ontwerpen van ordonnantie houdende de initiële begroting.

De ontwerpen van ordonnantie houdende aanpassing van de begroting worden ingediend bij de Verenigde Vergadering.

Onverminderd bovenstaande, kan het Verenigd College op ieder moment een technische begrotingsaanpassing in de Verenigde Vergadering indienen.

TITEL 2. - De aanpassingen zonder parlementaire procedure

HOOFDSTUK 1. - De kredietherverdeling Afdeling 1. - De kredietherverdelingen voor de Diensten

van het Verenigd College en voor de ABI's 1

Art. 39.§ 1. Het Verenigd College is gemachtigd om de vastleggingskredieten van de uitgavenbegroting voor de Diensten van het Verenigd College te herverdelen. Deze herverdeling kan gebeuren: 1° hetzij binnen eenzelfde programma van eenzelfde opdracht;2° hetzij vanuit een in de begroting ingeschreven provisie voor de doeleinden als omschreven in de jaarlijks goed te keuren begrotingsordonnantie. § 2. Het Verenigd College is gemachtigd om de vereffeningskredieten van de uitgavenbegroting voor de Diensten van het Verenigd College te herverdelen. Deze herverdeling kan gebeuren: 1° hetzij binnen eenzelfde opdracht, met uitzondering van de uitgavenposten betreffende de personeels- en werkingskosten;2° hetzij vanuit een in de begroting ingeschreven provisie voor de doeleinden als omschreven in de jaarlijks goed te keuren begrotingsordonnantie. § 3. Het Verenigd College is gemachtigd om de vastleggings- en vereffeningskredieten van de uitgavenbegroting voor de ABI's 1 te herverdelen. § 4. Het Verenigd College bepaalt de modaliteiten volgens dewelke de herverdelingen mogen plaatsvinden.

Een kredietherverdeling moet budgettair neutraal zijn.

Art. 40.Het voorstel tot herverdeling van kredieten is onderworpen aan het voorafgaandelijke advies van de Inspectie van Financiën en aan het voorafgaandelijke akkoord van de Leden van het Verenigd College bevoegd voor Begroting, onverminderd de door het Verenigd College bepaalde uitzonderingen.

Art. 41.Elke beslissing tot herverdeling wordt ter beschikking gesteld van de Verenigde Vergadering en het Rekenhof. Afdeling 2. - De kredietherverdelingen voor de ABI's 2


Art. 42.Het bestuursorgaan van een ABI 2 is gemachtigd om de vastleggings- en vereffeningskredieten van haar uitgavenbegroting te herverdelen.

Daarbij kunnen ook herverdelingen van vereffeningskredieten plaatsvinden vanuit het in de begroting ingeschreven overgedragen begrotingsresultaat, onder voorbehoud van de goedkeuring door het Verenigd College.

Een kredietherverdeling moet budgettair neutraal zijn.

Het Verenigd College bepaalt de modaliteiten volgens dewelke de herverdelingen mogen plaatsvinden.

Art. 43.Het voorstel tot herverdeling van kredieten is onderworpen aan het voorafgaandelijke akkoord van de commissarissen van het Verenigd College, onverminderd de door het Verenigd College bepaalde uitzonderingen.

HOOFDSTUK 2. - De kredietoverschrijdingen voor de ABI's Afdeling 1. - De kredietoverschrijdingen voor de ABI's 1


Art. 44.Het Verenigd College is gemachtigd om een overschrijding door te voeren van de limitatieve vereffeningskredieten van de uitgavenbegroting van een ABI 1, op voorwaarde dat deze overschrijding van de vereffeningskredieten gecompenseerd wordt door een verhoging van ontvangsten in de ontvangstenbegroting van deze ABI1, gerealiseerd in termen van vastgestelde rechten van het lopende begrotingsjaar.

Een kredietoverschrijding moet budgettair neutraal zijn.

Het voorstel tot kredietoverschrijding is onderworpen aan het voorafgaandelijke advies van de Inspectie van Financiën en het voorafgaandelijke akkoord van de Leden van het Verenigd College bevoegd voor Begroting.

Het Verenigd College bepaalt de modaliteiten volgens dewelke de overschrijdingen mogen plaatsvinden.

Art. 45.Elke beslissing tot kredietoverschrijding wordt ter beschikking gesteld van de Verenigde Vergadering en het Rekenhof. Afdeling 2. - De kredietoverschrijdingen voor de ABI's 2


Art. 46.Het bestuursorgaan is gemachtigd om een overschrijding door te voeren van de limitatieve vereffeningskredieten van de uitgavenbegroting van de ABI 2, op voorwaarde dat deze overschrijding van de vereffeningskredieten gecompenseerd wordt door een verhoging van ontvangsten in de ontvangstenbegroting van deze ABI 2, gerealiseerd in termen van vastgestelde rechten van het lopende begrotingsjaar.

Een kredietoverschrijding moet budgettair neutraal zijn.

Het voorstel tot kredietoverschrijding is onderworpen aan het voorafgaandelijke akkoord van de commissarissen van het Verenigd College.

Het Verenigd College bepaalt de modaliteiten volgens dewelke de kredietoverschrijdingen mogen plaatsvinden.

Boek 5. - Het Rekenhof

Art. 47.Het Rekenhof deelt, in voorkomend geval, aan de Verenigde Vergadering zijn opmerkingen mee aangaande de volgende documenten: 1° de initiële begrotingen;2° de aangepaste begrotingen;3° de voorlopige kredieten;4° de begrotingsberaadslagingen. Boek 6. - De bekendmaking van de begroting

Art. 48.De goedgekeurde begrotingen worden bekendgemaakt in het Belgisch Staatsblad.

Deel 3. - De boekhouding Boek 1. - Algemeen

Art. 49.Elke boekhoudkundige entiteit voert een algemene boekhouding op basis van een genormaliseerd boekhoudplan, opgesteld overeenkomstig artikel 5 van de wet van 16 mei 2003Relevante gevonden documenten type wet prom. 16/05/2003 pub. 25/06/2003 numac 2003003343 bron federale overheidsdienst budget en beheerscontrole en federale overheidsdienst financien Wet tot vaststelling van de algemene bepalingen die gelden voor de begrotingen, de controle op de subsidies en voor de boekhouding van de gemeenschappen en de gewesten, alsook voor de organisatie van de controle door het Rekenhof sluiten en in toepassing van het koninklijk besluit van 10 november 2009Relevante gevonden documenten type koninklijk besluit prom. 10/11/2009 pub. 03/03/2011 numac 2011003062 bron federale overheidsdienst budget en beheerscontrole Koninklijk besluit houdende vaststelling van het boekhoudplan van toepassing op de federale Staat en op de gemeenschappen, de gewesten en de Gemeenschappelijke Gemeenschapscommissie. - 2e erratum sluiten tot vaststelling van het boekhoudplan van toepassing op de federale Staat en op de gemeenschappen, de gewesten en de Gemeenschappelijke Gemeenschapscommissie of overeenkomstig het rekeningstelsel vastgelegd door het koninklijk besluit van 21 oktober 2018 tot uitvoering van de artikelen III.82 tot III.95 van het Wetboek van Economisch recht.

De algemene rekening van de boekhoudkundige entiteit, met inbegrip van de toelichting bij de jaarrekening, moet in overeenstemming zijn met de structuur van het boekhoudplan opgenomen in de bijlagen 2 en 3 van het koninklijk besluit van 10 november 2009Relevante gevonden documenten type koninklijk besluit prom. 10/11/2009 pub. 03/03/2011 numac 2011003062 bron federale overheidsdienst budget en beheerscontrole Koninklijk besluit houdende vaststelling van het boekhoudplan van toepassing op de federale Staat en op de gemeenschappen, de gewesten en de Gemeenschappelijke Gemeenschapscommissie. - 2e erratum sluiten tot vaststelling van het boekhoudplan van toepassing op de federale Staat en op de gemeenschappen, de gewesten en de Gemeenschappelijke Gemeenschapscommissie.

Art. 50.Overeenkomstig artikel 6 van de wet van 16 mei 2003Relevante gevonden documenten type wet prom. 16/05/2003 pub. 25/06/2003 numac 2003003343 bron federale overheidsdienst budget en beheerscontrole en federale overheidsdienst financien Wet tot vaststelling van de algemene bepalingen die gelden voor de begrotingen, de controle op de subsidies en voor de boekhouding van de gemeenschappen en de gewesten, alsook voor de organisatie van de controle door het Rekenhof sluiten, wordt de algemene boekhouding gevoerd volgens de gebruikelijke regels van het dubbel boekhouden.

Ze betreft de totaliteit van de bezittingen en rechten van elke boekhoudkundige entiteit, haar schulden, verplichtingen en verbintenissen van welke aard ook.

Elke boekhoudverrichting wordt zonder uitstel, getrouw en volledig en naar tijdsorde geboekt, gestaafd met een verantwoordingsstuk.

Het boekjaar begint op 1 januari en eindigt op 31 december daaropvolgend.

Art. 51.De algemene boekhouding bevat analytische componenten. Het Verenigd College bepaalt de gemeenschappelijke en verplichte basisstructuur van deze componenten.

Art. 52.Overeenkomstig artikel 7 van de wet van 16 mei 2003Relevante gevonden documenten type wet prom. 16/05/2003 pub. 25/06/2003 numac 2003003343 bron federale overheidsdienst budget en beheerscontrole en federale overheidsdienst financien Wet tot vaststelling van de algemene bepalingen die gelden voor de begrotingen, de controle op de subsidies en voor de boekhouding van de gemeenschappen en de gewesten, alsook voor de organisatie van de controle door het Rekenhof sluiten, stelt elke boekhoudkundige entiteit een jaarlijkse inventaris op van de activa en passiva van zijn vermogen, in dezelfde vorm als het rekeningenstelstel.

Art. 53.Overeenkomstig artikel 8 van de wet van 16 mei 2003Relevante gevonden documenten type wet prom. 16/05/2003 pub. 25/06/2003 numac 2003003343 bron federale overheidsdienst budget en beheerscontrole en federale overheidsdienst financien Wet tot vaststelling van de algemene bepalingen die gelden voor de begrotingen, de controle op de subsidies en voor de boekhouding van de gemeenschappen en de gewesten, alsook voor de organisatie van de controle door het Rekenhof sluiten, wordt de begrotingsboekhouding in relatie met de algemene boekhouding gevoerd.

Ze moet een permanente opvolging mogelijk maken van de begrotingsuitvoering van elke boekhoudkundige entiteit.

Art. 54.Elke verrichting wordt gehecht aan het boekjaar waarin ze heeft plaats gehad. Om tot een boekjaar te behoren, moeten de rechten bovendien vastgesteld zijn in dat boekjaar.

De vastgestelde rechten van het boekjaar die evenwel niet vóór 1 februari van het volgend jaar zijn geboekt, maken deel uit van een volgend jaar.

In afwijking op het vorige lid, kunnen de verplichte organieke uitgaven, niet afhankelijk van het bestaan van beschikbare begrotingskredieten, van ABI's 2 die het voorwerp uitmaken van een organieke wet- en regelgeving, worden geboekt tot en met 31 maart van het volgende jaar.

Art. 55.In toepassing van artikel 12, paragraaf 3, wordt een recht inzake ontvangsten vastgesteld of inzake vereffeningen als vastgesteld beschouwd als volgende voorwaarden worden vervuld: 1° zijn bedrag is op nauwkeurige wijze vastgesteld;2° de identiteit van de schuldenaar of van de schuldeiser is bepaalbaar;3° de verplichting om te betalen bestaat;4° een verantwoordingsstuk is in het bezit van de betrokken boekhoudkundige entiteit.

Art. 56.De verrichtingen worden methodisch geboekt in de algemene boekhouding en, voor zover ze ook begrotingsverrichtingen zijn, tegelijkertijd in de begrotingsboekhouding.

Art. 57.De verantwoordingsstukken worden methodisch geklasseerd gedurende een periode van tien jaar en ze worden bewaard op een manier die ze toegankelijk maakt.

In afwijking van het voorgaande lid wordt de bewaringstermijn beperkt tot drie jaar voor de documenten die niet tegenstelbaar zijn aan derden.

Het Verenigd College is gemachtigd om de voorwaarden te bepalen waaraan de verantwoordingsstukken moeten beantwoorden, alsook de voorwaarden met betrekking tot hun bewaring en de beschikbaarstelling ervan ten behoeve van de toezichtsorganen.

Art. 58.De boeken en journalen worden bijgehouden en bewaard op een wijze die hun materiële continuïteit, hun regelmatigheid en de onomkeerbaarheid van de boekingen verzekert.

Het Verenigd College is gemachtigd om er de modaliteiten van te bepalen.

Art. 59.Worden alleen aangerekend op de begrotingsboekhouding van een bepaald jaar: 1° als ontvangsten: de tijdens het begrotingsjaar ten voordele van de boekhoudkundige entiteit vastgestelde rechten;2° als uitgaven: a) ten laste van de vastleggingskredieten, de bedragen die worden vastgelegd uit hoofde van verbintenissen ontstaan of gesloten tijdens het begrotingsjaar en, voor de recurrente verbintenissen, waarvan de gevolgen zich over meerdere jaren voordoen, de bedragen die tijdens het begrotingsjaar opeisbaar zullen worden;b) ten laste van de vereffeningskredieten, de bedragen die worden vereffend tijdens het begrotingsjaar uit hoofde van de vastgestelde rechten verworven ten laste van de boekhoudkundige entiteit ter aanzuivering van voorafgaandelijk of gelijktijdig vastgelegde verbintenissen.

Art. 60.De uitstaande vastleggingen worden minstens één keer per jaar in de algemene boekhouding geboekt en dit op datum van de inventaris.

Boek 2. - De actoren van de boekhouding TITEL 1. - De bicommunautaire boekhouder

HOOFDSTUK 1. - Aanstelling

Art. 61.Het Verenigd College stelt voor de bicommunautaire entiteit een bicommunautaire boekhouder aan onder de personeelsleden van de Diensten van het Verenigd College.

HOOFDSTUK 2. - Opdrachten

Art. 62.De bicommunautaire boekhouder is belast met: 1° het voeren van de geconsolideerde boekhouding van de bicommunautaire entiteit overeenkomstig dit Deel;2° het vaststellen en valideren van het boekhoudkundig referentiekader van de bicommunautaire entiteit, evenals, in voorkomend geval, het valideren van de systemen die door de ordonnateurs van de boekhoudkundige entiteiten zijn vastgesteld en die bestemd zijn voor het verstrekken of verantwoorden van boekhoudkundige informatie;3° het opstellen en voorleggen van de algemene rekening van de bicommunautaire entiteit overeenkomstig Boek 4 van dit Deel;4° het organiseren van de samenwerking met de boekhouders bedoeld in Titel 2 van dit Boek en van de opvolging van de hen meegedeelde instructies;5° het verifiëren van de volledigheid van de te consolideren rekeningen.

Art. 63.Het Verenigd College is gemachtigd de modaliteiten van samenwerking vast te stellen tussen de bicommunautaire boekhouder, de boekhouder van de Diensten van het Verenigd College en de boekhouders van de ABI's.

TITEL 2. - De boekhouder van de Diensten van het Verenigd Collegeen de boekhouders van de ABI's

HOOFDSTUK 1. - Aanstelling

Art. 64.§ 1. Het Verenigd College stelt een boekhouder van de Diensten van het Verenigd College aan onder de personeelsleden van de Diensten van het Verenigd College. § 2. Binnen elke ABI 1 stelt het Verenigd College een boekhouder aan.

Binnen elke ABI 2 stelt het bestuursorgaan van de ABI 2 een boekhouder aan.

HOOFDSTUK 2. - Opdrachten

Art. 65.Onverminderd artikel 62 zijn de boekhouder van de Diensten van het Verenigd College en de boekhouders van de ABI's belast met: 1° het voeren van de boekhouding van hun boekhoudkundige entiteit, overeenkomstig dit Deel;2° het bepalen van het boekhoudkundig referentiekader van hun boekhoudkundige entiteit met het oog van de validering ervan door de bicommunautaire boekhouder;3° het opmaken en voorleggen van de algemene rekening van hun boekhoudkundige entiteit, overeenkomstig Boek 4 van dit Deel;4° het samenwerken met de bicommunautaire boekhouder. Boek 3. - De boekhoudkundige verrichtingen TITEL 1. - De ontvangstenverrichtingen

HOOFDSTUK 1. - Algemeenheden

Art. 66.Elke ontvangst maakt achtereenvolgens het voorwerp uit van een vaststelling van een recht, een ordonnancering en een invordering.

In afwijking van het vorige lid kan een ontvangst het voorwerp uitmaken van een contant recht, dat wil zeggen een recht dat wordt vastgesteld nadat het is geïnd.

HOOFDSTUK 2. - De vaststelling van een recht

Art. 67.De vaststelling van een recht is de handeling waarbij de bevoegde ordonnateur het vastgesteld recht tot stand brengt, overeenkomstig artikel 55 van deze ordonnantie.

Ieder vastgesteld recht, met inbegrip van de invordering van ten onrechte betaalde bedragen, dient het voorwerp uit te maken van een invorderingsbevel opgemaakt door de bevoegde ordonnateur.

De bevoegde ordonnateur belast de bevoegde boekhouder met de boeking van het vastgesteld recht.

Indien er aanwijzingen zijn dat het bedrag niet invorderbaar is, wordt dit als een dubieuze vordering geboekt.

Behoudens een specifieke bepaling, zijn door de schuldenaar verwijlinteresten verschuldigd, aan de wettelijke interestvoet, in geval van niet-betaling op de vervaldag.

HOOFDSTUK 3. - De ordonnancering van de ontvangsten

Art. 68.De ordonnancering van de ontvangsten is de handeling waarbij de bevoegde ordonnateur aan de bevoegde rekenplichtige van de ontvangsten, via de bevoegde boekhouder, de instructie geeft om een schuldvordering in te vorderen die hij heeft vastgesteld.

De bevoegde rekenplichtige van de ontvangsten staat in voor een tijdige inning en zorgt voor het behoud van de rechten ervan.

HOOFDSTUK 4. - De invordering

Art. 69.§ 1. De rekenplichtigen van de ontvangsten volgen de ingevoerde procedures voor de invordering van de aan de bicommunautaire entiteit verschuldigde schuldvorderingen. § 2. Om de schuldenaars van de schuldvorderingen van de bicommunautaire entiteit, de medeschuldenaars en de personen die hoofdelijk aansprakelijk zijn, te kunnen identificeren en contacteren, hebben de rekenplichtigen van de ontvangsten toegang tot: 1° wat de natuurlijke personen betreft: het rijksregister van de natuurlijke personen, geregeld bij de wet van 8 augustus 1983 tot regeling van een Rijksregister van de natuurlijke personen;2° wat de ondernemingen betreft (natuurlijke en rechtspersonen): de Kruispuntbank van Ondernemingen, opgericht bij de wet van 16 januari 2003Relevante gevonden documenten type wet prom. 16/01/2003 pub. 05/02/2003 numac 2003011027 bron federale overheidsdienst economie, k.m.o., middenstand en energie Wet tot oprichting van een Kruispuntbank van Ondernemingen, tot modernisering van het handelsregister, tot oprichting van erkende ondernemingsloketten en houdende diverse bepalingen sluiten tot oprichting van een Kruispuntbank van Ondernemingen, tot modernisering van het handelsregister, tot oprichting van erkende ondernemingsloketten en houdende diverse bepalingen, en het UBO-register, opgericht bij de wet van 18 september 2017 tot voorkoming van het witwassen van geld en de financiering van terrorisme en tot beperking van het gebruik van contanten. In een eerste fase worden, om de rechtstreekse schuldenaar van de schuldvordering te identificeren en te contacteren, alleen de volgende gegevens geraadpleegd: 1° de naam;2° de voornaam;3° de hoofdverblijfplaats;4° het rijksregisternummer of ondernemingsnummer;5° de plaats en datum van overlijden of de datum van de faillietverklaring. In een tweede fase, enkel indien de rechtstreekse schuldenaar niet kon worden gevonden en om de mogelijke medeschuldenaars en elke persoon die hoofdelijk aansprakelijk is te bepalen, worden de volgende gegevens geraadpleegd: 1° de burgerlijke staat;2° de samenstelling van het huishouden;3° de naam van de eventuele vennoten of bestuurders;4° de voornaam van de eventuele vennoten of bestuurders;5° de hoofdverblijfplaats van de eventuele vennoten of bestuurders, indien van toepassing;6° het rijksregisternummer of ondernemingsnummer van de eventuele vennoten of bestuurders. Indien de uitgevoerde opzoekingen niet toelaten de rechtstreekse schuldenaar of zijn echtgenoot of echtgenote te vinden, wordt de identiteit van de rechthebbende(n) geraadpleegd.

Art. 70.§ 1. De rekenplichtigen van de ontvangsten raadplegen, in het kader van de hun door het Verenigd College toevertrouwde opdrachten, de persoonsgegevens en gebruiken deze uitsluitend in het kader van de invordering van de schuldvorderingen die zij moeten beheren.

In het geval dat de rekenplichtigen van de ontvangsten de schuldvordering onmogelijk zelf kunnen invorderen, kunnen deze gegevens worden meegedeeld aan dienstverleners die belast zijn met de invordering van deze schuldvorderingen, namelijk deurwaarders, advocaten en invorderingsinstellingen. Laatstgenoemden gebruiken deze gegevens uitsluitend voor het uitvoeren van de invorderingsopdracht waarmee zij werden belast.

De maximale bewaringstermijn is deze die in artikel 56 wordt bepaald. § 2. De verwerkingsverantwoordelijke van de persoonsgegevens in het kader van de invordering van de ontvangsten en, bijgevolg, de verantwoordelijke van de opzoekingen bedoeld in artikel 69 is: 1° op het niveau van de Diensten van het Verenigd College, de Diensten van het Verenigd College voor de invordering van de ontvangsten die haar aanbelangen;2° op het niveau van elke ABI, de betrokken ABI voor de invordering van haar ontvangsten. HOOFDSTUK 5. - De uitdoving van een vastgesteld recht

Art. 71.De vastgestelde rechten ten gunste van elke boekhoudkundige entiteit doven uit door de betaling, annulering of verjaring ervan.

Het Verenigd College kan een vastgesteld recht geheel of gedeeltelijk annuleren of akte nemen van de verjaring ervan in de volgende gevallen: 1° op grond van een verantwoordingsstuk dat de annulering of de verjaring rechtvaardigt;2° in het geval de invorderingsprocedure voor een schuldvordering onrendabel is.Het Verenigd College bepaalt de gevallen waarin de invorderingsprocedure als onrendabel wordt beschouwd.

Art. 72.Het Verenigd College is gemachtigd om de modaliteiten te bepalen voor de boeking van de vastgestelde rechten als dubieuze schuldvorderingen, voor het in onbepaald uitstel brengen of het oninvorderbaar verklaren van de vastgestelde rechten en de modaliteiten van delegatie.

HOOFDSTUK 6. - De betalingsfaciliteiten

Art. 73.§ 1. Voor de Diensten van het Verenigd College en de ABI's 1, met het oog op de invordering van de schuldvorderingen, kan het Verenigd College, onverminderd de door haar toegestane delegaties dienaangaande, onder de voorwaarden die zij in elk specifiek geval bepaalt, uitstel van betaling toestaan voor de hoofdsom, gehele of gedeeltelijke kwijtschelding van de interestenschuld verlenen en ermee instemmen dat de gedeeltelijke betalingen eerst op het kapitaal worden verrekend.

Als de toestand van de schuldenaar die te goeder trouw is dat wettigt, gaat het Verenigd College met hem een dading aan. § 2. Voor de ABI's 2, gaat het om het bestuursorgaan.

HOOFDSTUK 7. - De opeising van niet-ingevorderde schuldvorderingen

Art. 74.De invordering van de schuldvorderingen die niet binnen de wettelijke termijnen zijn voldaan, mag overeenkomstig de regels bepaald door het Verenigd College worden vervolgd De dwangschriften die de opeising van de schuldvorderingen die niet binnen de wettelijke termijnen werden betaald, mogelijk maken, worden door de bevoegde ordonnateur uitgevaardigd, ondertekend en uitvoerbaar verklaard.

Het Verenigd College bepaalt de modaliteiten van: 1° de vervolging;2° de vervolgingskosten. Het Verenigd College kan bepalen welke personen belast zijn met vervolging en welke regels ze moeten naleven.

TITEL 2. - De uitgavenverrichtingen

HOOFDSTUK 1. - Algemeenheden

Art. 75.Iedere uitgave maakt het voorwerp uit van een vastlegging, een vereffening, en in voorkomend geval, van een ordonnancering en een betaling.

HOOFDSTUK 2. - De vastlegging

Art. 76.§ 1. De vastlegging bestaat uit de aanrekening, ten laste van het vastleggingskrediet, van de bedragen die nodig zijn voor latere of gelijktijdige vereffeningen, met het oog op een juridische verbintenis.

De juridische verbintenis is de handeling waarbij de bevoegde ordonnateur een juridische verplichting creëert of vaststelt die tot een kost leidt. § 2. Het Verenigd College is gemachtigd om in het besluit dat de aangelegenheden van de vastlegging, de vereffening en de controle van de vastleggingen en vereffeningen regelt, de modaliteiten betreffende de organisatie en de te volgen stappen inzake vastleggingen te bepalen.

Art. 77.§ 1. Een vastlegging wordt geannuleerd als er geen verplichting meer uit kan ontstaan en uiterlijk na zes jaar, tenzij de onderliggende juridische verbintenis nog in uitvoering is.

Het Verenigd College bepaalt de modaliteiten om de vastleggingen te annuleren. § 2. De op het einde van het begrotingsjaar uitstaande vastleggingen worden naar het volgende begrotingsjaar overgedragen.

Art. 78.Vooraleer over te gaan tot een boeking van een vastlegging vergewist de bevoegde ordonnateur zich van: 1° de juistheid van de budgettaire aanrekening;2° de beschikbaarheid van de kredieten;3° de conformiteit van de uitgave met de wettelijke en regelgevende bepalingen;4° de naleving van het beginsel van goed financieel beheer. HOOFDSTUK 3. - De vereffening

Art. 79.De vereffening van een uitgave is de handeling waardoor de bevoegde ordonnateur het door de derde gevorderde vastgestelde recht valideert, overeenkomstig artikel 55 van deze ordonnantie.

Na, indien vereist, het vereffeningsvisum bedoeld in artikel 142 te hebben bekomen, belast de bevoegde ordonnateur de bevoegde boekhouder met de boeking van de vereffening.

Het Verenigd College is gemachtigd om, in het besluit dat de aangelegenheden van de vastlegging, de vereffening en de controle van de vastleggingen en vereffeningen regelt, wordt vermeld, de modaliteiten met betrekking tot de vereffeningen te bepalen.

HOOFDSTUK 4. - De ordonnancering van de uitgaven

Art. 80.De ordonnancering van de uitgaven is de handeling waarbij de bevoegde ordonnateur aan de centraliserende rekenplichtige van de uitgaven van de betrokken boekhoudkundige entiteit, via de bevoegde boekhouder, de instructie geeft om het bedrag van de door hem vereffende uitgave te betalen.

HOOFDSTUK 5. - De betaling

Art. 81.De betaling van de uitgaven wordt door de centraliserende rekenplichtige van de uitgaven van de betrokken boekhoudkundige entiteit verzekerd binnen de grenzen van de beschikbare thesauriemiddelen.

TITEL 3. - De verrichtingen die nodig zijn om de continuïteit van de werking van de bicommunautaire entiteit te verzekeren

Art. 82.§ 1. Onverminderd bepaalde andere wettelijke, reglementaire of contractuele verplichtingen, mogen de juridische verbintenissen die nodig zijn om de continuïteit van de werking van de bicommunautaire entiteit te verzekeren worden aangegaan vanaf 1 november van het lopende begrotingsjaar, ten laste van de vastleggingskredieten van de begroting van het volgende begrotingsjaar, beperkt tot een derde van de vastleggingskredieten ingeschreven in de laatst goedgekeurde uitgavenbegroting van het lopende begrotingsjaar.

De Inspectie van Financiën, op het niveau van de Diensten van het Verenigd College en de ABI's 1, en de commissarissen van het Verenigd College of de gemachtigden van de Leden van het Verenigd College bevoegd voor de Begroting, op het niveau van de ABI's 2, beoordelen voorafgaandelijk de noodzaak van de uitgaven om de continuïteit van de werking van de Diensten van het Verenigd College, de ABI's 1 en de ABI's 2 te verzekeren. § 2. De vastleggingsakten bepalen dat de leveringen niet mogen gebeuren en de diensten niet mogen worden verleend vóór de opening van het nieuwe begrotingsjaar.

Boek 4. - De rekeningen TITEL 1. - De samenstelling van de verschillende rekeningen

HOOFDSTUK 1. - De algemene rekening

Art. 83.Overeenkomstig artikel 9 van de wet van 16 mei 2003Relevante gevonden documenten type wet prom. 16/05/2003 pub. 25/06/2003 numac 2003003343 bron federale overheidsdienst budget en beheerscontrole en federale overheidsdienst financien Wet tot vaststelling van de algemene bepalingen die gelden voor de begrotingen, de controle op de subsidies en voor de boekhouding van de gemeenschappen en de gewesten, alsook voor de organisatie van de controle door het Rekenhof sluiten, leggen de boekhoudkundige entiteiten en de bicommunautaire entiteit ieder jaar een algemene rekening voor die bestaat uit de jaarrekening, de rekening van uitvoering van de begroting en de bijhorende bijlagen.

HOOFDSTUK 2. - De jaarrekening

Art. 84.De jaarrekening is samengesteld uit: 1° de balans op 31 december;2° de resultatenrekening, opgesteld op basis van de kosten en de opbrengsten van het verlopen boekjaar;3° de rekening van de rechten en verplichtingen buiten balans op 31 december;4° de samenvattende rekening van de begrotingsverrichtingen van het jaar, zowel wat de ontvangsten als wat de uitgaven betreft;5° de bijhorende bijlage.

Art. 85.De bijlage bij de jaarrekening omvat minstens: 1° een commentaar in verband met de aangenomen consolidatie- en waarderingsregels;2° een verslag over de eventuele verkopen of andere vervreemdingen van de roerende en onroerende goederen die in de loop van het boekjaar hebben plaatsgevonden;3° een verslag over de transparantie als bedoeld in artikel 7, paragraaf 1, van de gezamenlijke ordonnantie van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest en de Gemeenschappelijke Gemeenschapscommissie van 14 december 2017 betreffende de transparantie van de bezoldigingen en voordelen van de Brusselse openbare mandatarissen, indien van toepassing. Het Verenigd College is gemachtigd om de vorm en de inhoud van de bijlage te bepalen.

HOOFDSTUK 3. - De uitvoeringsrekening van de begroting

Art. 86.De uitvoeringsrekening van de begroting en de bijhorende bijlage worden opgesteld op basis van de begrotingsboekhouding en worden voorgelegd volgens het door het Verenigd College bepaalde model.

Art. 87.De bijlage bij de uitvoeringsrekening van de begroting omvat voor de vastleggingsuitgaven: a) de uitstaande vastleggingen op 1 januari;b) de vastleggingskredieten vermeld in artikel 12, lid 3, 2°, a);c) de op de vastleggingskredieten aangerekende vastleggingen;d) het verschil tussen de vastleggingskredieten vermeld in punt b) en de aangerekende vastleggingen vermeld in punt c);e) de geannuleerde vastleggingen;f) de geannuleerde vastleggingskredieten op het einde van het begrotingsjaar;g) de uitstaande vastleggingen op 31 december. HOOFDSTUK 4. - De consolidatie

Art. 88.De jaarrekeningen van de ABI's die deel uitmaken van de ESR-consolidatieperimeter S1312 en die in de begroting van de Gemeenschappelijke Gemeenschapscommissie zijn opgenomen, worden geconsolideerd met de jaarrekening van de Diensten van het Verenigd College, binnen de algemene rekening van de bicommunautaire entiteit.

Het Verenigd College is gemachtigd om de consolidatiemodaliteiten te bepalen.

TITEL 2. - De verschillende algemene rekeningen

HOOFDSTUK 1. - De algemene rekening van de bicommunautaire entiteit

Art. 89.Het Verenigd College keurt de algemene rekening van de bicommunautaire entiteit goed uiterlijk op 31 augustus van het jaar dat volgt op het jaar waarop zij betrekking heeft.

De Leden van het Verenigd College bevoegd voor Financiën en Begroting maken algemene rekening van de bicommunautaire entiteit uiterlijk op de eerste werkdag na de goedkeuring ervan aan het Rekenhof ter certificering over, via elektronische weg.

Het Rekenhof bezorgt zijn opmerkingen over deze algemene rekening aan het Verenigd College.

HOOFDSTUK 2. - De algemene rekening van de Diensten van het Verenigd College

Art. 90.§ 1. De algemene rekening van de Diensten van het Verenigd College wordt opgesteld uiterlijk op 30 april van het jaar dat volgt op het jaar waarop zij betrekking heeft en wordt overgemaakt aan de bicommunautaire boekhouder.

De Diensten van het Verenigd College en de ABI's verstrekken aan de boekhouder van de Diensten van het Verenigd College alle voor de opstelling van de algemene rekening van de Diensten van het Verenigd College benodigde documenten en informatie uiterlijk op 28 februari van het jaar dat volgt op het jaar waarop zij betrekking heeft. § 2. De algemene rekening van de Diensten van het Verenigd College wordt uiterlijk op 31 mei van het jaar dat volgt op het jaar waarop zij betrekking heeft door het Verenigd College goedgekeurd en wordt ter certificering via elektronische weg overgemaakt aan het Rekenhof. § 3. Het Rekenhof bezorgt zijn opmerkingen over deze algemene rekening aan het Verenigd College. § 4. Uiterlijk binnen een termijn van twee maanden na de mededeling van het controleverslag van het Rekenhof, dienen de betrokken leidende ambtenaren van de Diensten van het Verenigd College bij de bicommunautaire boekhouder een voorstel in als antwoord op de opmerkingen van het Rekenhof.

HOOFDSTUK 3. - De algemene rekening van de ABI's 1

Art. 91.De boekhouder van de ABI 1 stelt de algemene rekening van elke ABI 1, in voorkomend geval gecontroleerd door een gemandateerde bedrijfsrevisor die is ingeschreven in het openbaar register van het Instituut van de Bedrijfsrevisoren, overeenkomstig de bepalingen van deze ordonnantie, overeenkomstig de normen van het Instituut van de Bedrijfsrevisoren en de bepalingen van deze ordonnantie en haar uitvoeringsbesluiten, uiterlijk op 30 april van het jaar dat volgt op het jaar waarop de rekening betrekking heeft, op.

De algemene rekening van de ABI 1 wordt goedgekeurd door haar directieorgaan, uiterlijk op 30 april van het jaar dat volgt op het jaar waarop de rekening betrekking heeft.

De algemene rekening van de ABI 1 wordt, via elektronische weg, door haar leidende ambtenaren uiterlijk op 30 april van het jaar dat volgt op het jaar waarop de rekening betrekking heeft, ter voorlegging aan het Verenigd College, overgemaakt aan de bevoegde Leden van het Verenigd College en aan de bicommunautaire boekhouder.

Het Verenigd College keurt de algemene rekening van de ABI 1 goed uiterlijk op 31 mei van het jaar dat volgt op het jaar waarop deze rekening betrekking heeft.

Via elektronische weg maken de bevoegde Leden van het Verenigd College de goedgekeurde algemene rekening uiterlijk de eerste werkdag na de goedkeuring ervan, ter certificering over aan het Rekenhof.

Het Rekenhof bezorgt zijn opmerkingen over deze algemene rekening aan het Verenigd College en de betrokken leidende ambtenaar.

Uiterlijk binnen een termijn van twee maanden na de mededeling van het controleverslag van het Rekenhof, dienen de betrokken leidende ambtenaren van de ABI's 1 bij de bicommunautaire boekhouder een voorstel in als antwoord op de opmerkingen van het Rekenhof.

HOOFDSTUK 4. - De algemene rekening van de ABI's 2

Art. 92.§ 1. De algemene rekening van iedere ABI 2 wordt opgesteld door de boekhouder van de ABI 2 en gecertificeerd door een gemandateerde bedrijfsrevisor die is ingeschreven in het openbaar register van het Instituut van de Bedrijfsrevisoren, overeenkomstig de normen van het Instituut van de Bedrijfsrevisoren en de bepalingen van deze ordonnantie en haar uitvoeringsbesluiten, uiterlijk op 30 april van het jaar dat volgt op het jaar waarop de rekening betrekking heeft.

In afwijking van het vorige lid dient 30 april te worden gelezen als 30 juni voor de instellingen die overeenkomstig artikel 54, derde lid, uitgaven kunnen boeken tot 31 maart van het jaar dat volgt op het jaar waarop de rekening betrekking heeft. § 2. Het bestuursorgaan van de ABI 2, en in voorkomend geval de algemene vergadering, keurt de algemene rekening, uiterlijk op 30 april van het jaar dat volgt op het jaar waarop ze betrekking heeft, goed en maakt de algemene rekening en het verslag van de gemandateerde bedrijfsrevisor via elektronische weg over aan de bicommunautaire boekhouder.

In afwijking van het vorige lid dient 30 april te worden gelezen als 30 juni voor de instellingen die overeenkomstig artikel 54, derde lid, uitgaven kunnen boeken tot 31 maart van het jaar dat volgt op het jaar waarop de rekening betrekking heeft. § 3. De leidende ambtenaren van de ABI 2 maken de algemene rekening, vergezeld van de certificering van de gemandateerde bedrijfsrevisor, uiterlijk op 31 mei van het jaar dat volgt op het jaar waarop deze rekening betrekking heeft, via elektronische weg, over aan de bevoegde Leden van het Verenigd College en aan het Rekenhof.

In afwijking van het vorige lid dient 31 mei te worden gelezen als 1 juli voor de instellingen die overeenkomstig artikel 54, derde lid, uitgaven kunnen boeken tot 31 maart van het jaar dat volgt op het jaar waarop de rekening betrekking heeft. § 4. Uiterlijk binnen een termijn van twee maanden na de mededeling van het controleverslag van de gemandateerde bedrijfsrevisor dienen de betrokken leidende ambtenaren van de ABI 2 bij de bicommunautaire boekhouder een voorstel in als antwoord op de opmerkingen van de gemandateerde bedrijfsrevisor en op de eventueel bijkomende opmerkingen van het Rekenhof.

TITEL 3. - De verbetering van de algemene rekeningen

Art. 93.§ 1. Na de afsluiting van het boekjaar en zolang de algemene rekening van de bicommunautaire entiteit en van iedere boekhoudkundige entiteit nog niet aan het Rekenhof of aan de gemandateerde bedrijfsrevisor ter certificering, overeenkomstig de bepalingen van deze ordonnantie, werd overgemaakt, voert de bevoegde boekhouder de verbeteringen aan de algemene rekening van zijn boekhoudkundige entiteit uit die nodig zijn voor een regelmatige en waarachtige voorstelling van de rekeningen. § 2. De bevoegde boekhouders kunnen respectievelijk voor hun entiteit, na overmaking van de algemene rekening aan het Rekenhof of aan de gemandateerde bedrijfsrevisor, nog verbeteringen aanbrengen die nodig zijn voor een regelmatige en waarachtige voorstelling van de rekeningen mits het voorafgaandelijk akkoord van het Rekenhof overeenkomstig artikelen 90 en 91 of van de gemandateerde bedrijfsrevisor overeenkomstig artikel 92.

De verbeteringen kunnen aangebracht worden voor zover de algemene rekening nog niet werd gecertificeerd door het Rekenhof of door de gemandateerde bedrijfsrevisor. § 3. De gecorrigeerde rekeningen worden overeenkomstig artikelen 90, 91 en 92 opnieuw ter goedkeuring voorgelegd aan het Verenigd College of het bevoegde bestuursorgaan.

De bicommunautaire boekhouder maakt de verbeterde rekeningen aan het Rekenhof of aan de gemandateerde bedrijfsrevisor over. § 4. Het Rekenhof en de gemandateerde bedrijfsrevisor houden met deze verbeteringen rekening in hun certificeringsverslag.

Boek 5. - De bekendmaking die aan de rekening wordt gegeven

Art. 94.Uiterlijk binnen een termijn van vier weken na de certificering van deze rekening door het Rekenhof, wordt de algemene rekening van de bicommunautaire entiteit, op initiatief van het Verenigd College, bekendgemaakt op de website van de Gemeenschappelijke Gemeenschapscommissie.

Uiterlijk binnen een termijn van vier weken na de certificering van deze rekening door het Rekenhof, wordt de algemene rekening van de Diensten van het Verenigd College op initiatief van het Verenigd College bekendgemaakt op de website van de Diensten van het Verenigd College.

Uiterlijk binnen een termijn van vier weken na de certificering van deze rekening door het Rekenhof of door de bedrijfsrevisor, wordt de algemene rekening van elke ABI 1 en van elke ABI 2 bekendgemaakt op de website van deze ABI 1 of van deze ABI 2.

Boek 6. - De algemene rekening en de eindregelingvan de begroting

Art. 95.§ 1. Het ontwerp van ordonnantie houdende de algemene rekening en de eindregeling van de begroting van de Gemeenschappelijke Gemeenschapscommissie wordt, na goedkeuring door het Verenigd College, uiterlijk op 31 oktober van het jaar dat volgt op het begrotingsjaar waarop deze algemene rekening en deze eindregeling van de begroting betrekking hebben aan de Verenigde Vergadering overgemaakt. De stemming door de Verenigde Vergadering vindt plaats uiterlijk op 31 december van het jaar van deze overmaking.

Deze omvat: 1° de algemene rekening en de eindregeling van de begroting van de Diensten van het Verenigd College;2° de algemene rekening en de eindregeling van de begroting van iedere ABI 1;3° de algemene rekening van de bicommunautaire entiteit. De algemene rekening en de eindregeling van de begroting van iedere ABI 2 wordt in bijlage, louter ter akteneming door het Verenigd College en door de Verenigde Vergadering, toegevoegd.

Het ontwerp van ordonnantie houdende goedkeuring van de algemene rekening en de eindregeling van de begroting van de Gemeenschappelijke Gemeenschapscommissie bevat de algemene rekeningen in de zin van artikel 83 van deze ordonnantie. § 2. Het Verenigd College bepaalt de modaliteiten voor de opmaak en goedkeuring van het voormelde ontwerp van ordonnantie.

Boek 7. - De boekhoudkundige controle

Art. 96.De boekhoudkundige controle omvat een geheel van boekhoudkundige procedures dat ervoor zorgt dat de juistheid en de betrouwbaarheid van de inschrijvingen in de rekeningen en in de andere boekhoudkundige documenten geverifieerd worden en dat de bescherming van het vermogen verzekerd wordt.

Deze controle is onafhankelijk van de beherende administratieve eenheden van de boekhoudkundige entiteiten die de initiators zijn van de onderzochte verrichting.

Hij wordt uitgevoerd door de bicommunautaire boekhouder wat de bicommunautaire entiteit betreft, door de boekhouder van de Diensten van het VerenigdCollege wat de Diensten van het Verenigd College betreft, en door iedere boekhouder van een ABI wat zijn ABI betreft.

Het Verenigd College is gemachtigd om de modaliteiten van deze boekhoudkundige controle te bepalen.

Deel 4. - De thesaurie Boek 1. - Algemeenheden

Art. 97.Voor de Diensten van het Verenigd College en de ABI's 1, kunnen er geen gelden worden uitbetaald zonder tussenkomst van de bevoegde ordonnateur, noch van een rekenplichtige, noch zonder vereffeningsvisum indien vereist.

Voor de ABI's 2 kunnen er geen gelden worden uitbetaald zonder tussenkomst van het bestuursorgaan, noch van een rekenplichtige, noch zonder vereffeningsvisum indien vereist.

Art. 98.De dienst van de Diensten van het Verenigd College, bevoegd voor het beheer van de thesaurie van de Diensten van het Verenigd College, beheert en actualiseert de thesaurieplanning van de Diensten van het Verenigd College, met daarin de vooruitzichten van de uitgaven en ontvangsten voor alle bankrekeningen van de Diensten van het Verenigd College.

Art. 99.De ABI's beheren en actualiseren hun thesaurieplanning met daarin de vooruitzichten van de uitgaven en ontvangsten voor al hun bankrekeningen.

De ABI's bezorgen de informatie betreffende hun thesaurie, evenals hun netto te financieren saldo, aan de dienst van de Diensten van het Verenigd College bevoegd inzake financiën en begroting.

Art. 100.Het Verenigd College duidt een kassier aan. De kassier houdt de dagstaat van de thesaurie van de Diensten van het Verenigd College bij. Het Verenigd College organiseert hiertoe de daarmee verbonden controle en kan termijnbeleggingen doen.

De kassier houdt de dagstaat bij van de thesaurie van de ABI's TO. Behoudens de door het Verenigd College bepaalde uitzonderingen, vertrouwen de Diensten van het Verenigd College en de ABI's TO al hun bankrekeningen toe aan de kassier.

Art. 101.De kassier berekent en beheert de globale staten en verzekert het verband tussen de bankrekeningen van de Diensten van het Verenigd College, de ABI's TO, en deze globale staten.

De betreffende modaliteiten worden bepaald in het kassierscontract.

Art. 102.De interesten op de beleggingen worden als ontvangsten ingeschreven op de begroting van de Diensten van het Verenigd College.

Art. 103.De ontvangsten en uitgaven van de Diensten van het Verenigd College worden geboekt op centrale rekeningen geopend bij de kassier.

De ontvangsten- en uitgavenrekeningen zijn verbonden met een lopende rekening.

Art. 104.De creditinteresten worden op de vervaldag gestort op de daartoe bestemde rekeningen van de Diensten van het Verenigd College.

De debetinteresten worden automatisch door de financiële instelling gedebiteerd op de daartoe bestemde rekeningen van de Diensten van het Verenigd College.

Art. 105.De interesten en commissies mogen automatisch door de financiële instelling gedebiteerd worden op de bankrekeningen van de aanvullende kredietlijnen. Het standaard toezichtsorgaan, vermeld in artikel 117, § 1, lid 2, beschikt in het kader van zijn controletaak over een consultatietoegang tot deze bankrekeningen.

Art. 106.Wanneer de wetgeving de kassier verplicht om zelf te zorgen voor de invordering van een taks of een belasting die de Gemeenschappelijke Gemeenschapscommissie verschuldigd is, dan wordt dit bedrag automatisch gedebiteerd van de rekening van de Diensten van het Verenigd College.

Art. 107.Op de uitgavenbegroting van de Diensten van het Verenigd College worden de nodige kredieten ingeschreven ter aanzuivering van het debetsaldo van de rekening of rekeningen van de Diensten van het Verenigd College voorzien in artikelen 104 tot en met 106.

Art. 108.Geen enkele rekening van de Diensten van het Verenigd College mag een negatief saldo vertonen.

In afwijking van het vorige lid, mogen de centrale uitgavenrekening, de in artikel 104, lid 2, bedoelde rekening of rekeningen, de termijnbeleggingsrekeningen en de aanvullende kredietlijnen een negatief saldo vertonen.

Behoudens afwijkingen toegestaan door het Verenigd College mag geen enkele ABI TO-rekening een negatief saldo vertonen.

Boek 2. - De rekenplichtigen TITEL 1. - De aanstelling

Art. 109.Het Verenigd College stelt binnen haar diensten en binnen elke ABI 1 rekenplichtigen aan volgens de noodwendigheden van deze diensten en deze ABI 1.

Het bestuursorgaan van iedere ABI 2 stelt binnen de ABI 2 rekenplichtigen aan volgens de noodwendigheden van deze ABI 2.

Art. 110.Het Verenigd College bepaalt de aanstellingsbepalingen, de modaliteiten voor de uitoefening van de functies en de verantwoordelijkheden van de titelvoerende en plaatsvervangende rekenplichtigen.

Art. 111.De types rekenplichtigen die worden aangesteld, indien noodzakelijk, zijn de volgende: 4° de centraliserende rekenplichtigen van de uitgaven;5° de centraliserende rekenplichtigen van de ontvangsten;6° de rekenplichtigen van de geschillen;7° de rekenplichtigen van de liggende gelden;8° de rekenplichtigen van de ontvangsten;9° de beheerders van voorschotten;10° de rekenplichtigen van de gelden voor rekening van derden;11° de rekenplichtigen van de aanvullende kredietlijnen. TITEL 2. - De algemene opdrachten van de rekenplichtigen

Art. 112.De rekenplichtigen zijn belast, onder hun eigen handtekening, manueel of elektronisch, met de uitvoering van de thesaurieverrichtingen op één of meerdere specifiek toegewezen bankrekeningen die vallen binnen het toepassingsgebied van de boekhoudkundige entiteit waartoe zij behoren.

Art. 113.De rekenplichtigen zijn verantwoordelijk voor de liquiditeiten die zich op de bankrekeningen bevinden waarmee zij belast zijn.

Art. 114.De titelvoerende rekenplichtigen stellen een beheersrekening op van de thesaurieverrichtingen die ze hebben uitgevoerd: 1° minstens één keer per jaar met afsluiting op 31 december;2° bij vaststelling van een tekort;3° op de dag waarop hun functie van rekenplichtige eindigt;4° voor wat de beheerder van voorschotten betreft, driemaandelijks. Deze beheersrekening wordt ondertekend door de titelvoerende rekenplichtige en, bij afwezigheid of ontstentenis van de titelvoerende rekenplichtige, door de vertegenwoordiger van de betrokken boekhoudkundige entiteit.

Het Verenigd College is gemachtigd om de modaliteiten in verband met de opmaak en de indiening van de beheersrekeningen vast te stellen.

De van de Diensten van het Verenigd College en de ABI's 1 beheersrekeningen worden naar het Rekenhof gezonden door het toezichtsorgaan dat belast is met de controle ervan.

Art. 115.De rekenplichtigen van de ontvangsten, met inbegrip van de centraliserende rekenplichtige van de ontvangsten, moeten de definitief verworven ontvangsten maandelijks storten op de centrale uitgavenrekening.

Art. 116.Het Verenigd College is gemachtigd om de modaliteiten te bepalen voor de uitoefening van de opdrachten eigen aan elk type van rekenplichtige.

Boek 3. - De financiële controle

Art. 117.§ 1. Het Verenigd College organiseert de financiële controle van de rekenplichtigen en bepaalt de modaliteiten ervan.

Met het oog op de uitvoering van deze modaliteiten, wijst het Verenigd College een toezichtsorgaan aan voor de Diensten van het Verenigd College en als standaard toezichtsorgaan voor de ABI's. § 2. De personeelsleden die worden belast met de financiële controle zijn onderworpen aan dezelfde tuchtprocedure als deze voor de controleurs van de vastleggingen en vereffeningen. § 3. Het toezichtsorgaan ziet erop toe dat de rekenplichtigen de wettelijke en reglementaire voorschriften naleven die op hen van toepassing zijn en dat de zuinigheid, wettigheid en regelmatigheid van de uitgevoerde thesaurieverrichtingen worden geëerbiedigd. Het zorgt er ook voor dat de beheersrekeningen overeenstemmen met de boekhoudkundige gegevens en dat fraude wordt voorkomen en opgespoord.

Art. 118.Het Verenigd College bepaalt de opdrachten en verantwoordelijkheden van de toezichtsorganen.

Deel 5. - Schuldbeheer en financiële verrichtingen Boek 1. - Het schuldbeheer

Art. 119.Het Verenigd College is bevoegd voor het beheer van de schuld van de Gemeenschappelijke Gemeenschapscommissie.

Het Verenigd College is gemachtigd om de modaliteiten inzake organisatie en uitvoering van de daarmee verbonden opdrachten te bepalen.

Boek 2. - De financiële verrichtingen TITEL 1. - Financieel beheer

Art. 120.Het Verenigd College is gemachtigd om, binnen de door de begrotingsordonnantie van het jaar bepaalde grenzen: 1° elke transactie van financieel beheer te sluiten in het algemeen belang van de thesaurie van de Gemeenschappelijke Gemeenschapscommissie en elke transactie van schuldbeheer van de Gemeenschappelijke Gemeenschapscommissie, met inbegrip van transacties waarvan de aanvang na het lopende begrotingsjaar kan plaatsvinden;2° met leningen de vervroegde aflossing van leningen en derivaten te dekken, overeenkomstig de bepalingen van de leningsovereenkomsten en de bepalingen van de derivatenovereenkomsten, alsmede de financiële beheersverrichtingen gerealiseerd in het algemeen belang van de thesaurie van de Gemeenschappelijke Gemeenschapscommissie en de uitgaven die voortvloeien uit de verrichtingen inzake het beheer van de schuld van de Gemeenschappelijke Gemeenschapscommissie;3° rentedragende financiering te creëren, met inbegrip van thesauriebewijzen bedoeld in de wet van 22 juli 1991 betreffende de thesauriebewijzen en de depositobewijzen. TITEL 2. - Mededeling van financiële informatie

Art. 121.De ABI's bezorgen alle nodige financiële documenten en informatie aan de dienst bevoegd inzake het schuldbeheer van de Gemeenschappelijke Gemeenschapscommissie.

Het Verenigd College bepaalt de inhoud en de modaliteiten van de mededeling van deze informatie.

TITEL 3. - Schulden van de ABI's

Art. 122.De leningen op meer dan tien dagen, die de ABI's mogen aangaan binnen de in hun organieke ordonnantie en hun statuten gestelde perken, worden aan de Leden van het Verenigd College waaronder ze ressorteren en aan de Leden van het Verenigd College bevoegd voor Financiën, ter machtiging voorgelegd.

TITEL 4. - Beleggingen van de ABI's

Art. 123.De ABI's gebruiken hun tegoeden en beschikbare gelden slechts om de in hun organieke ordonnantie of hun statuten bepaalde opdrachten te verwezenlijken.

Indien de organieke ordonnantie of statuten niet voorzien in de kenmerken van de belegging van de beschikbare gelden, dan moeten deze worden geïnvesteerd in de door de Gemeenschappelijke Gemeenschapscommissie uitgegeven of gewaarborgde effecten.

De Leden van het Verenigd College bevoegd voor Financiën kunnen echter andere modaliteiten bepalen voor de belegging op zicht of op korte termijn van een gedeelte van de beschikbare gelden.

Deel 6. - Het controle- en beheersingssysteem Boek 1. - De organisatiebeheersing TITEL 1. - Algemeenheden

Art. 124.Het Verenigd College organiseert een systeem van organisatiebeheersing.

De organisatiebeheersing is het geheel aan maatregelen die toelaten om een redelijke zekerheid te geven over: 1° effectieve verwezenlijking van de gestelde doelen en de beheersing van de processen;2° de overeenstemming met de geldende wet- en regelgeving;3° het goed beheer waaronder met name het goed financieel beheer met inbegrip van de zuinigheid, doeltreffendheid en doelmatigheid van de verrichtingen;4° de betrouwbaarheid van de financiële en niet-financiële informatie, wat vereist dat de verrichtingen wettig, regelmatig en gerechtvaardigd zijn en dat het vermogen correct wordt beschermd;5° de preventie en detectie van fraude;6° het adequaat beheer van de risico's verbonden met de doelstellingen.

Art. 125.De organisatiebeheersing is georganiseerd volgens het drie-lijnen-beheersingsmodel.

De eerste beheersingslijn betreft de verantwoordelijkheid en verplichting om rekenschap te geven voor de beoordeling, het beheer en de directe beperking van de risico's. Zij behoort tot de verantwoordelijkheid van de leidende ambtenaren.

De tweede beheersingslijn voorziet in aanvullende expertise, ondersteuning en monitoring van risicogerelateerde zaken. Ze verstrekt analyses en verslaggeving over de toereikendheid en de effectiviteit van het risicobeheer.

Ze bestaat uit activiteiten van begeleiding, methodologische ondersteuning of expertise, van evaluatie en controle een bijkomende garantie bieden en een opvolging inzake optimalisering van de kwaliteit van de dossiers, waaronder de uitvoering van de begroting inzake risicobeheer en inzake organisatiebeheersing. Ze omvat met name de controle van vastleggingen en vereffeningen, de boekhoudkundige controle en de financiële controle.

De derde beheersingslijn, binnen de bicommunautaire entiteit, behoort tot de verantwoordelijkheid van de interne audit. Deze lijn biedt in alle onafhankelijkheid en objectiviteit een redelijke zekerheid en aanbevelingen over de governance, de risicobeheersing en de interne controle.

Het Verenigd College bepaalt de modaliteiten voor de organisatiebeheersing op het niveau van deze drie beheersingslijnen.

Art. 126.Alle personeelsleden van de boekhoudkundige entiteiten verzekeren de goede werking van de organisatiebeheersing. De leidende ambtenaar is de uiteindelijke verantwoordelijke voor de doorvoering en voor de goede werking van de organisatiebeheersing binnen zijn boekhoudkundige entiteit.

TITEL 2. - De interne audit

Art. 127.§ 1. De interne audit helpt de organisatie haar doelstellingen te bereiken door, via een systematische en methodische aanpak, haar risicomanagement-, beheersings- en governance-processen te evalueren en te verbeteren, en door voorstellen te doen om de doeltreffendheid ervan te versterken.

De interne audit is bevoegd voor de uitvoering van forensische audits. § 2. Het Verenigd College duidt de dienst aan die de functie van interne audit uitoefent. Die dienst is belast met het uitoefenen van de interne-auditfunctie binnen de Diensten van het Verenigd College en de ABI's 1. § 3. De ABI's 2 beschikken over een dienst die de interne auditfunctie uitoefent. Indien de ABI 2 niet beschikt over zijn eigen dienst die de interne auditfunctie uitoefent, kan ze beroep doen op de dienst uit paragraaf 2.

De dienst die de interne auditfunctie uitoefent binnen een ABI 2 sluit een protocol met de dienst bedoeld in paragraaf 2. Dit protocol bepaalt minstens de modaliteiten volgens dewelke deze interne auditdiensten samenwerken, hun activiteiten coördineren, informatie uitwisselen en gezamenlijk communiceren. § 4. De interne audit stemt haar werkzaamheden af op de verschillende controle-actoren in het kader van het "gecoördineerde-audit"-principe. § 5. Het Verenigd College is gemachtigd om de modaliteiten van organisatie en tussenkomst van de interne audit te bepalen, met inbegrip van de aspecten van de bescherming van persoonsgegevens.

Art. 128.De personen die de interne auditfunctie uitoefenen, voeren hun werkzaamheden uit overeenkomstig het Internationale Raamwerk voor de Beroepsuitoefening van de interne audit van het Instituut van Interne Auditoren.

Art. 129.Binnen het kader van hun opdracht hebben de personen die de interne auditfunctie uitoefenen onbeperkte toegang, behoudens wettelijke of reglementaire verbodsbepalingen, tot alle personen, informatie, documenten en materiële of immateriële activa.

Art. 130.§ 1. De interne audit ressorteert functioneel onder een Auditcomité.

Het Auditcomité is een adviesorgaan opgericht om de onafhankelijkheid en objectiviteit van de diensten die de interne auditfunctie uitoefenen te garanderen, evenals de naleving, door de personeelsleden van de diensten die de interne auditfunctie uitoefenen, van het Internationale Raamwerk voor de Beroepsuitoefening van de interne audit van het Instituut van Interne Auditoren. § 2. Het Verenigd College is gemachtigd om de modaliteiten van organisatie en tussenkomst van het Auditcomité te bepalen.

Art. 131.Aan de personen die de interne auditfunctie uitoefenen, kan geen tuchtstraf of andere maatregel die hen kan benadelen, worden opgelegd zonder het voorafgaandelijk advies van het bevoegd Auditcomité op het dossier waarin het verzuim wordt opgetekend en dat voorafgaandelijk door de bevoegde hiërarchische instantie wordt bezorgd.

Het Verenigd College is gemachtigd om de modaliteiten van de desbetreffende procedure vast te stellen, met inbegrip van de termijnen.

Boek 2. - De beheerscontrole

Art. 132.Onverminderd artikel 34, paragraaf 2, is de beheerscontrole een geheel van procedures vastgesteld om de verwezenlijking van de strategische en operationele doelstellingen te beoordelen. Hij maakt een analyse mogelijk van de voortgang van de acties en projecten met betrekking tot deze doelstellingen, en van het budget dat aan deze doelstellingen is gekoppeld, evenals het nemen van eventuele corrigerende maatregelen.

De beheerscontrole wordt uitgevoerd volgens de door het Verenigd College bepaalde modaliteiten.

Boek 3. - De beheersing van de uitgaven TITEL 1. - De investeringen

Art. 133.§ 1. In het kader van het beheer van en het toezicht op de investeringsprojecten binnen de bicommunautaire entiteit legt het Verenigd College de volgende elementen vast: 1° de modaliteiten en de organisatie betreffende de strategische planning, de evaluatie, de selectie en de prioritering van de aan het Verenigd College voorgelegde investeringsprojecten en de investeringssubsidies;2° de methodologie voor de implementatie, de controle en de bijsturing tijdens het project;3° het onderzoek en de beoordeling van de resultaten die ten gevolge van de verwezenlijking van deze investeringsprojecten werden bereikt. § 2. Voor de toepassing van de elementen bedoeld in paragraaf 1 wordt het Verenigd College bijgestaan door een orgaan dat onafhankelijk is van de instantie die het investeringsproject initieert.

Het Verenigd College bepaalt de modaliteiten voor de oprichting en organisatie van dit orgaan.

Art. 134.Investeringen moeten beantwoorden aan het beginsel dat ze geen ernstige afbreuk mogen doen aan de milieudoelstellingen.

Het Verenigd College bepaalt de modaliteiten dienaangaande.

TITEL 2. - De uitgaven- en ontvangstentoetsingen

Art. 135.§ 1. De uitgaven en de ontvangsten van de bicommunautaire entiteit worden regelmatig geëvalueerd.

Deze uitgaven- en ontvangstentoetsingen zijn instrumenten die het ontwikkelen, beoordelen en aanbevelen van beleidsopties mogelijk maken door de bestaande uitgaven en ontvangsten van het Verenigd College te analyseren. Ze koppelen deze opties aan het begrotingsproces.

De doelen van een uitgaven- of ontvangstentoetsing zijn de volgende: 1° het Verenigd College in staat stellen om het globale niveau van de uitgaven en ontvangsten te beheren;2° de uitgaven en ontvangsten afstemmen op de prioriteiten van het Verenigd College;3° de doeltreffendheid van het beleid verbeteren. § 2. Het Verenigd College bepaalt de methodologie en de modaliteiten van de organisatie van deze uitgaven- en ontvangstentoetsingen, en duidt een centrale dienst aan voor de opvolging.

Boek 4. - De administratieve en begrotingscontrole TITEL 1. - Algemeenheden

Art. 136.§ 1. Het Verenigd College organiseert een administratieve en begrotingscontrole en bepaalt de modaliteiten voor de uitoefening ervan. § 2. Voor de administratieve en begrotingscontrole op de Diensten van het Verenigd College en de ABI's 1 doet het Verenigd College een beroep op de Inspectie van Financiën die haar ter beschikking wordt gesteld. § 3. Voor de administratieve en begrotingscontrole op de ABI's 2 stelt het Verenigd College commissarissen van het Verenigd College aan.

De Leden van het Verenigd College bevoegd voor Begroting kunnen, in samenspraak met de bevoegde Leden van het Verenigd College, een gemachtigde van de Leden van het Verenigd College bevoegd voor Begroting aanstellen met dezelfde bevoegdheden als de commissarissen van het Verenigd College, waaronder de begroting en haar uitvoering.

Bij ontstentenis van de aanstelling van commissarissen van het Verenigd College, kan het Verenigd College beslissen dat de gemachtigde van de Leden van het Verenigd College bevoegd voor Begroting alle bevoegdheden van de commissarissen van het Verenigd College uitoefent. § 4. Het Verenigd College bepaalt de modaliteiten voor de toezichtfunctie van de commissarissen van het Verenigd College en gemachtigden van de Leden van het Verenigd College bevoegd voor de Begroting op het vlak van rapporteringsverplichting, deontologie, onverenigbaarheden en vergoeding.

TITEL 2. - De personeelsplannen en de personeelsstatuten van de Diensten van het Verenigd College en van de ABI's

Art. 137.§ 1. Bij ontstentenis van specifieke bepalingen dienaangaande in de ordonnanties tot oprichting van de ABI's of in hun statuten, stelt het Verenigd College het statuut van het personeel van de ABI's van publiek recht vast, op de voordracht van de Leden van het Verenigd College onder wie zij ressorteren en met het akkoord van de Leden van het Verenigd College bevoegd voor Ambtenarenzaken in het algemeen en het akkoord van de Leden van het Verenigd College bevoegd voor Begroting voor de vaststelling van het geldelijk statuut. § 2. Elke ABI van publiek recht krijgt, naargelang het geval, een personeelsformatie, een personeelsplan of eender welke gelijkwaardige maatregel die als doel heeft de behoeften inzake personeel van de instelling te bepalen. § 3. Voor de ABI's van publiek recht wordt een personeelsplan opgesteld, dat bepaald wordt: 1° door het Verenigd College, mits een gunstig advies van de Inspectie van Financiën, indien het een ABI 1 betreft;2° door het bestuursorgaan, mits een gunstig advies van de commissarissen van het Verenigd College, indien het een ABI 2 van publiek recht betreft. Bij gebrek aan een gunstig advies van de Inspectie van Financiën of van de commissarissen van het Verenigd College, vragen de Leden van het Verenigd College waaronder de instelling ressorteert, het akkoord van de Leden van het Verenigd College bevoegd voor Begroting en de Leden van het Verenigd College bevoegd voor het Openbaar Ambt.

Bij gebrek aan akkoord van één van deze laatsten, kunnen zij het personeelsplan aan het Verenigd College voorleggen. § 4. De leidende ambtenaren van de ABI's zijn gehouden niet alleen aan de Leden van het Verenigd College waaronder ze ressorteren, maar ook aan de Leden van het Verenigd College bevoegde voor Begroting en aan de Leden van het Verenigd College bevoegd voor Ambtenarenzaken, alle door een van hen in verband met de administratieve en geldelijke toestand van hun personeel gevraagde inlichtingen rechtstreeks te verstrekken. Wanneer de inlichtingen worden gevraagd door de Leden van het Verenigd College bevoegd voor Begroting of door de Leden van het Verenigd College bevoegd voor Ambtenarenzaken, verstrekt de ABI ze terzelfdertijd aan de Leden van het Verenigd College waaronder ze ressorteren en aan de Leden van het Verenigd College die erom vragen. § 5. Het Verenigd College bepaalt de modaliteiten voor het meedelen van de personeelsplannen, met inbegrip van de verplicht te gebruiken methodologie en modellen van personeelsplannen.

Boek 5. - Toezicht op de uitvoering van de begroting TITEL 1. - De periodieke monitoring door het Verenigd College

Art. 138.Het Verenigd College houdt toezicht op de uitvoering van de begroting.

Ze bepaalt haar houding ten opzichte van de voorstellen van ordonnanties en de van de Verenigde Vergadering uitgaande amendementen waarvan de goedkeuring een weerslag zou kunnen hebben, hetzij op de ontvangsten, hetzij op de uitgaven.

Art. 139.De Diensten van het Verenigd College, de ABI's 1 en de ABI's 2 bezorgen de informatie betreffende de uitvoering van hun begroting aan de Leden van het Verenigd College bevoegd voor Begroting, die ze meedelen aan het Verenigd College.

Het Verenigd College is gemachtigd om de modaliteiten van de periodieke opvolging van de begrotingsuitvoering te bepalen, met inbegrip van de termijnen voor de mededeling van de verschillende gevraagde documenten en gegevens.

TITEL 2. - De controle van de vastleggingen en de vereffeningen

Art. 140.Het Verenigd College organiseert de controle van de vastleggingen en de vereffeningen en bepaalt de modaliteiten ervan.

Deze controle wordt uitgevoerd door controleurs van de vastleggingen en de vereffeningen.

De controle is onafhankelijk van de beherende administratieve eenheden van de boekhoudkundige entiteiten die de initiators zijn van de onderzochte verrichting.

De controleurs van de vastleggingen en vereffeningen van de Diensten van het Verenigd College en van de ABI's 1 worden aangesteld door het Verenigd College, op voordracht van de Leden van het Verenigd College bevoegd voor Begroting en Financiën.

De controleurs van de vastleggingen en vereffeningen van de ABI's 2 worden aangesteld door hun bestuursorgaan. Op verzoek van het bestuursorgaan van een ABI 2, kan het Verenigd College de controleurs van de vastleggingen en vereffeningen van de Diensten van het Verenigd College voor die ABI 2 aanstellen.

Art. 141.Aan de controleurs van de vastleggingen en de vereffeningen kan geen tuchtstraf of andere maatregel die hen kan benadelen worden opgelegd zonder het voorafgaandelijke advies van het Rekenhof over het dossier waarin het verzuim wordt opgetekend en dat haar voorafgaandelijk door de bevoegde hiërarchische instantie wordt bezorgd.

Het Verenigd College legt de modaliteiten van de desbetreffende procedure vast, met inbegrip van de termijnen.

Art. 142.De controleurs van de vastleggingen en vereffeningen: 1° verlenen een visum voor de uitgevoerde vastleggingen ten laste van de begroting, teneinde erop toe te zien dat ze de vastleggingskredieten niet overschrijden;2° verlenen een visum voor de uitgevoerde vereffeningen ten laste van de begroting, teneinde erop toe te zien dat ze noch de vereffeningskredieten, noch het bedrag van de vastleggingen waarop ze betrekking hebben overschrijden;3° verlenen een visum voor de betekening van de goedkeuring van de contracten en de overheidsopdrachten voor werken en leveringen van goederen of diensten evenals voor de besluiten tot toekenning van subsidies alvorens die door de bevoegde ordonnateur worden betekend aan de begunstigde. Het Verenigd College is gemachtigd om in het besluit dat de aangelegenheden van de vastlegging, de vereffening en de controle van de vastleggingen en vereffeningen regelt, de modaliteiten betreffende de visa vermeld in lid 1 en de uitgaven waarvoor kan worden afgeweken van de gewone vastlegging te bepalen, waaronder eventuele vrijstellingen.

Art. 143.In het kader van de controle bedoeld in artikel 142 lid 1, gaan de controleurs van de vastleggingen en de vereffeningen de correcte toepassing na van de wettelijke en reglementaire bepalingen.

De controleurs van de vastleggingen en de vereffeningen kunnen zich, in elektronische of andere vorm, alle documenten, inlichtingen en verduidelijkingen in verband met de vastleggingen en de vereffeningen laten bezorgen.

Deel 7. - De onverenigbaarheden

Art. 144.Behalve de uitzonderingen beslist door het Verenigd College, zijn de functies van ordonnateur, van boekhouder, van rekenplichtige en van controleur van de vastleggingen en vereffeningen onderling gescheiden en onverenigbaar.

De functie van rekenplichtige is ook onverenigbaar met de functies van financieel controleur en interne auditeur.

Deel 8. - De actoren van de openbare financiën Boek 1. - De ordonnateurs

Art. 145.De ontvangsten- en uitgavenbegrotingen van de bicommunautaire entiteit worden uitgevoerd op initiatief van de ordonnateurs, ten laste van deze begrotingen.

Voor de Diensten van het Verenigd College en de ABI's 1 is het Verenigd College de primaire ordonnateur. Voor de ABI's 2 is het bestuursorgaan de primaire ordonnateur.

Art. 146.Het Verenigd College bepaalt de modaliteiten van aanstelling en de verantwoordelijkheden van de secundaire, gedelegeerde en gesubdelegeerde ordonnateurs van de Diensten van het Verenigd College en van de ABI's 1.

In elke ABI 2 stelt het bestuursorgaan zijn secundaire, gedelegeerde en gesubdelegeerde ordonnateurs aan volgens de bepalingen die van toepassing zijn op deze ABI 2.

Boek 2. - De controleactoren TITEL 1. - Algemeenheden

Art. 147.Onder controleactoren wordt verstaan: 1° de Leden van het Verenigd College bevoegd voor Financiën en Begroting;2° de Inspectie van Financiën;3° het Rekenhof;4° de commissarissen van het Verenigd College of in voorkomend geval de gemachtigden van de Leden van het Verenigd College bevoegd voor Begroting;5° de bedrijfsrevisor;6° de interne auditor. TITEL 2. - De gecoördineerde audit

Art. 148.Het Verenigd College bevordert de samenwerking tussen de controleactoren en de uitwisseling van de controleresultaten op basis van het "gecoördineerde-audit"-principe, dat inhoudt dat de controleactoren met elkaar afspraken maken om het controle- en auditproces doeltreffend en efficiënt te maken.

De Leden van het Verenigd College bevoegd voor Financiën en Begroting, het Rekenhof en het Instituut van de Bedrijfsrevisoren bepalen in overleg het tijdschema voor de controle van de algemene rekeningen van de ABI's 2, zodat het Rekenhof binnen de in deze ordonnantie vastgestelde termijnen verslag kan uitbrengen aan de Verenigde Vergadering.

De bedrijfsrevisoren en het Rekenhof stellen naar aanleiding van de controle van de rekeningen een gedetailleerd schriftelijk verslag op.

Daartoe bezorgt de boekhouder van de ABI 2 hen de nodige stukken, zodat de in artikel 92 vastgestelde termijnen worden nageleefd. Als de boekhouder van de ABI 2 deze documenten niet binnen de voorziene termijn bezorgt, stellen de bedrijfsrevisoren of het Rekenhof een ingebrekestelling op.

Art. 149.§ 1. Naast de uitzonderingen op het verplichte beroepsgeheim vermeld in artikel 86 van de wet van 7 december 2016Relevante gevonden documenten type wet prom. 07/12/2016 pub. 13/12/2016 numac 2016011493 bron federale overheidsdienst economie, k.m.o., middenstand en energie Wet tot organisatie van het beroep van en het publiek toezicht op de bedrijfsrevisoren sluiten tot organisatie van het beroep en het publiek toezicht op de bedrijfsrevisoren, is de geheimhoudingsplicht niet van toepassing ten aanzien van de andere betrokken controleactoren bedoeld in artikel 147 wat betreft: 1° de informatie en werkdocumenten die als basis dienden voor de certificering door de bedrijfsrevisor;2° de uitwisseling van informatie tussen de bedrijfsrevisor en de andere controleactoren over de auditstrategie en -planning, de monitoring en analyse van de risico's, de controle en de rapportering, alsook over de auditmethodes met betrekking tot de boekhoudkundige entiteiten van de bicommunautaire entiteit waarvoor ze gemeenschappelijk bevoegd zijn. § 2. Het permanente dossier bevat bijgewerkte algemene informatie, gevoelige informatie die inherent is aan de instelling, en vertrouwelijke informatie. De gevoelige informatie die inherent is aan de instelling en de vertrouwelijke informatie is enkel toegankelijk voor de betrokken instelling en de controleactoren die aan deze instelling verbonden zijn.

Onder gevoelige informatie die inherent is aan de instelling wordt verstaan: 1° de beschrijving van het beheer van de risico's van de entiteit;2° alle auditverslagen en aanbevelingsbrieven van de laatste vijf jaar. De permanente dossiers worden bijgehouden in een centraal register.

Elke betrokken instelling of controleactor heeft toegang tot het permanente dossier van de betrokken instelling, zonder kosten of aankoop van een specifieke software.

TITEL 3. - De inspecteurs van financiën

Art. 150.De inspecteurs van financiën vervullen de functie van budgettaire en financiële raadgever van de Leden van het Verenigd College bij wie ze zijn geaccrediteerd.

De inspecteurs van financiën brengen hun adviezen uit in volle onafhankelijkheid en in overeenstemming met de deontologie van het interfederaal Korps van de Inspectie van Financiën.

De inspecteurs van financiën voeren hun opdracht uit op stukken en ter plaatse. Ze hebben toegang tot alle dossiers en alle archieven van de Diensten van het Verenigd College en ABI's 1, en ontvangen van hen alle inlichtingen die zij vragen.

Zij mogen niet deelnemen aan het bestuur noch aan het beheer van de Diensten van het Verenigd College en de ABI's, noch bevelen geven tot het verhinderen of schorsen van verrichtingen.

Art. 151.In opdracht van het Verenigd College kunnen de inspecteurs van financiën worden belast met een onderzoeksopdracht aangaande financiële en begrotingsaspecten bij de Diensten van het Verenigd College en de ABI's.

De inspecteurs van financiën beschikken voor het vervullen van deze opdracht over de ruimste onderzoeksbevoegdheid.

Het Verenigd College is gemachtigd om de modaliteiten van deze opdracht vast te stellen.

TITEL 4. - Het Rekenhof

HOOFDSTUK 1. - Algemeenheden

Art. 152.Overeenkomstig artikel 10 van de wet van 16 mei 2003Relevante gevonden documenten type wet prom. 16/05/2003 pub. 25/06/2003 numac 2003003343 bron federale overheidsdienst budget en beheerscontrole en federale overheidsdienst financien Wet tot vaststelling van de algemene bepalingen die gelden voor de begrotingen, de controle op de subsidies en voor de boekhouding van de gemeenschappen en de gewesten, alsook voor de organisatie van de controle door het Rekenhof sluiten, is het Rekenhof belast met de controle van de algemene boekhouding en de begrotingsboekhouding van elke boekhoudkundige entiteit en van de bicommunautaire entiteit. Het waakt erover dat geen uitgavenkrediet van de begroting wordt overschreden en dat geen overschrijving plaatsheeft, die niet in overeenstemming is met de huidige ordonnantie.

Het Rekenhof heeft permanent en onmiddellijk toegang tot de budgettaire aanrekeningen en tot de boekingen. Het licht zonder uitstel het Verenigd College in over elke vastgestelde overschrijding of overschrijving van de uitgavenkredieten. Het licht ook de Verenigde Vergadering in, op eigen initiatief of op verzoek van die laatste.

Het Rekenhof is eveneens belast met het onderzoek en het vereffenen van de beheersrekeningen van alle rekenplichtigen van elke boekhoudkundige entiteit.

Het Rekenhof onderzoekt de wettigheid en de regelmatigheid van de uitgaven en de ontvangsten. Inzake ontvangsten oefent het Rekenhof een algemene controle uit op verrichtingen in verband met de vaststelling en de invordering.

Het Rekenhof controleert de goede besteding van de overheidsgelden.

Het vergewist zich ervan dat de beginselen van zuinigheid, doeltreffendheid en doelmatigheid in acht worden genomen.

Het Rekenhof is gemachtigd om zich alle documenten en inlichtingen te doen verstrekken, van welke aard ook, met betrekking tot het beheer van de boekhoudkundige entiteiten die aan zijn controle zijn onderworpen. Het Rekenhof kan een controle ter plaatse organiseren.

HOOFDSTUK 2. - De certificering

Art. 153.§ 1. In het kader van de gecoördineerde audit, is het Rekenhof belast met de certificering van de algemene rekeningen van de Diensten van het Verenigd College, van de ABI's 1 en van de algemene rekening van de bicommunautaire entiteit.

In het kader van de gecoördineerde audit, zijn de bij de ABI's 2 gemandateerde bedrijfsrevisoren belast met de certificering van de algemene rekeningen van de ABI's 2.

Zolang er geen gemandateerde bedrijfsrevisor is aangesteld voor de certificeringsopdracht in een ABI 2, blijft het Rekenhof belast met deze certificering.

In dat geval, bezorgt het Rekenhof haar certificering aan de Verenigde Vergadering in bijlage van de algemene rekening van de ABI 2 en voegt er haar opmerkingen aan toe uiterlijk op 31 oktober van het jaar dat volgt op het jaar waarop de rekening betrekking heeft. § 2. Als groepsauditeur ontvangt het Rekenhof een kopie van de verslagen die werden opgesteld door elke bedrijfsrevisor die een opdracht van certificering of beperkt nazicht uitvoert van de algemene rekeningen van een boekhoudkundige entiteit van de bicommunautaire entiteit. § 3. Het Rekenhof maakt de certificeringen aan de Verenigde Vergadering over als bijlage bij de geconsolideerde rekening van de bicommunautaire entiteit en de algemene rekeningen van de Diensten van het Verenigd College en van de ABI's 1 en de ABI's 2 en voegt er zijn opmerkingen aan toe. De overmaking vindt plaats uiterlijk op 31 oktober van het jaar dat volgt op het jaar waarop de geconsolideerde rekening van de bicommunautaire entiteit en de algemene rekeningen van de Diensten van het Verenigd College en van de ABI's 1 en ABI's 2 betrekking hebben. § 4. Het Rekenhof kan de algemene rekeningen van elke entiteit waarvan de rekeningen krachtens dit artikel gecertificeerd worden, publiceren in zijn Boeken van opmerkingen.

TITEL 5. - De commissarissen van het Verenigd College en de gemachtigden van de Leden van het Verenigd College bevoegd voor Begroting

Art. 154.De commissarissen van het Verenigd College wonen met raadgevende stem de vergaderingen bij van de beheers-, bestuurs- en controleorganen van de ABI's 2.

Zij beschikken over de ruimste bevoegdheden voor het vervullen van hun opdracht. Zij beschikken onder meer over de bevoegdheid om iedere controle te verrichten die hen noodzakelijk lijkt voor de uitoefening van hun mandaat. Ze hebben toegang tot alle dossiers en archieven van de instellingen die tot hun bevoegdheid behoren en ontvangen van die instellingen alle inlichtingen die zij vragen.

Iedere commissaris van het Verenigd College beschikt over een termijn van vier volle werkdagen, te rekenen vanaf de dag van de vergadering waarop de beslissing werd genomen, voor zover de commissaris van het Verenigd College daarop regelmatig werd uitgenodigd en, in het tegenovergestelde geval, vanaf de dag waarop hij er kennis van heeft gekregen, om bij het Verenigd College een beroep in te stellen tegen de uitvoering van elke beslissing die hij strijdig acht met deze ordonnantie, haar uitvoeringsbesluiten, met verschillende andere van toepassing zijnde wetgevende en reglementaire bepalingen, met de statuten van de betrokken ABI of met het algemeen belang.

Een plaatsvervanger kan door het Verenigd College worden aangesteld voor het geval de commissaris of de gemachtigde van de Leden van het Verenigd College bevoegd voor Begroting verhinderd is.

Het beroep is opschortend.

De opschortingstermijn loopt vanaf de dag van de vergadering waarop de beslissing werd genomen, voor zover de commissaris van het Verenigd College daarop regelmatig werd uitgenodigd en, in het tegenovergestelde geval, vanaf de dag dat hij erover werd geïnformeerd.

Als binnen een termijn van twintig volle werkdagen, die op dezelfde dag begint als op de dag van aanvang van de termijn van de opschorting, het door het beroep gevatte Verenigd College geen annulering heeft uitgesproken, wordt de beslissing definitief.

Op beslissing van het Verenigd College, betekend aan het directieorgaan van de instelling, kan de termijn van het onderzoek van het beroep met tien volle werkdagen verlengd worden.

De annulering van de beslissing wordt door het Verenigd College aan het directieorgaan van de instelling betekend.

Art. 155.Het Verenigd College mag bijkomende voorwaarden opleggen tot regeling van de controleopdracht van de commissarissen van het Verenigd College, die ten minste hun verplichting om aan haar te rapporteren, hun deontologie, hun expertise, de onverenigbaarheden, alsook de opportuniteit en de vorm van een eventuele vergoeding voor de uitoefening van hun opdracht bevatten.

Art. 156.In opdracht van het Verenigd College kunnen de commissarissen van het Verenigd College en de gemachtigden van de Leden van het Verenigd College bevoegd voor Begroting worden belast met een onderzoeksopdracht aangaande financiële en begrotingsaspecten bij de ABI's 2.

De commissarissen van het Verenigd College en de gemachtigden van de Leden van het Verenigd College bevoegd voor Begroting beschikken voor het vervullen van deze taak over de ruimste onderzoeksbevoegdheid.

Het Verenigd College is gemachtigd om de modaliteiten van deze opdracht vast te stellen.

Art. 157.Wanneer het algemeen belang of de naleving van de wet- of de regelgeving het eist, kan of kunnen de betrokken Leden van het Verenigd College of in voorkomend geval de daartoe gemachtigde commissaris van het Verenigd College het bestuursorgaan van de ABI's 2 verplichten om, binnen de door hem of hen gestelde termijn, te beraadslagen over iedere door hem of hen bepaalde aangelegenheid.

Heeft het bestuursorgaan, bij het verstrijken van deze termijn, geen beslissing genomen of stemt of stemmen de betrokken Leden van het Verenigd College niet in met de door dit orgaan genomen beslissing, dan kan het Verenigd College, bij besluit, de beslissing nemen in de plaats van het bestuursorgaan. Van het besluit wordt onmiddellijk een afschrift overgemaakt aan de Verenigde Vergadering.

TITEL 6. - De controle van de algemene rekeningendoor de bedrijfsrevisoren

Art. 158.§ 1. De betrokken Leden van het Verenigd College en de Leden van het Verenigd College bevoegd voor Financiën en Begroting kunnen, in onderlinge overeenstemming, bij de boekhoudkundige entiteiten van de bicommunautaire entiteit één of meer bedrijfsrevisoren aanwijzen.

Deze bedrijfsrevisoren worden onder de leden van het Instituut voor Bedrijfsrevisoren gekozen. § 2. De bedrijfsrevisoren zijn ermee belast: 1° zich te schikken naar de regels die van toepassing zijn op de bedrijfsrevisoren overeenkomstig artikelen 3:55 en volgende van het Wetboek van vennootschappen en verenigingen;2° de naleving van de bepalingen van deze ordonnantie en haar uitvoeringsbesluiten te controleren. § 3. De bedrijfsrevisoren bezorgen aan de bevoegde Leden van het Verenigd College, de Leden van het Verenigd College bevoegd voor Financiën en Begroting, de leidende ambtenaren van de Diensten van het Verenigd College of aan de beslissingsorganen en beheersorganen van de ABI's, een verslag over de controle van de algemene rekening van de betrokken ABI die zij hebben uitgevoerd.

Zij melden hen onverwijld elke onachtzaamheid, onregelmatigheid en meer algemeen elke situatie die de solvabiliteit en de liquiditeit van de boekhoudkundige entiteit in ernstige mate kan schaden. § 4. Voor de ABI's 2 zijn de bedrijfsrevisoren ermee belast de algemene rekeningen te certificeren overeenkomstig de bepalingen van deze ordonnantie en haar uitvoeringsbesluiten. Zij maken hun certificeringen uiterlijk op 30 april over aan het Rekenhof.

Deel 9. - De toekenning en de controle op de aanwendingvan subsidies

Art. 159.§ 1. Overeenkomstig artikel 11 van de wet van 16 mei 2003Relevante gevonden documenten type wet prom. 16/05/2003 pub. 25/06/2003 numac 2003003343 bron federale overheidsdienst budget en beheerscontrole en federale overheidsdienst financien Wet tot vaststelling van de algemene bepalingen die gelden voor de begrotingen, de controle op de subsidies en voor de boekhouding van de gemeenschappen en de gewesten, alsook voor de organisatie van de controle door het Rekenhof sluiten, moet iedere subsidie verleend door de bicommunautaire entiteit of door een rechtspersoon die rechtstreeks of onrechtstreeks door de bicommunautaire entiteit wordt gesubsidieerd, daarin begrepen ieder door haar zonder interest verleend terugvorderbaar geldvoorschot worden aangewend voor de doeleinden waarvoor zij werd verleend.

Behalve wanneer een wettelijke of reglementaire bepaling daarin voorziet, vermeldt iedere beslissing houdende toekenning van een subsidie nauwkeurig de aard, de omvang en de modaliteiten betreffende het gebruik en betreffende de door de begunstigde van de subsidie te verstrekken verantwoording.

Iedere begunstigde van een subsidie is ertoe gehouden verantwoording te verstrekken over de aanwending van de ontvangen bedragen, tenzij een ordonnantie hem daartoe vrijstelling verleent. § 2. Geen enkele gesubsidieerde actie mag door de begunstigde of de begunstigden van de subsidie worden uitgevoerd vóór de kennisgeving van het ondertekende en gedateerde besluit tot verlening ervan en, in voorkomend geval, van de desbetreffende overeenkomst.

Het Verenigd College is gemachtigd om de uitzonderingen op dit artikel te bepalen. § 3. Het Verenigd College is gemachtigd om verschillende subsidietypes te bepalen in het besluit dat de begrotingscontrole regelt.

Art. 160.Overeenkomstig artikel 12 van de wet van 16 mei 2003Relevante gevonden documenten type wet prom. 16/05/2003 pub. 25/06/2003 numac 2003003343 bron federale overheidsdienst budget en beheerscontrole en federale overheidsdienst financien Wet tot vaststelling van de algemene bepalingen die gelden voor de begrotingen, de controle op de subsidies en voor de boekhouding van de gemeenschappen en de gewesten, alsook voor de organisatie van de controle door het Rekenhof sluiten, verleent de begunstigde, door het aanvaarden van de subsidie, aan iedere boekhoudkundige entiteit het recht om ter plaatse controle te doen uitoefenen op de aanwending van de toegekende gelden.

Art. 161.Overeenkomstig artikel 13 van de wet van 16 mei 2003Relevante gevonden documenten type wet prom. 16/05/2003 pub. 25/06/2003 numac 2003003343 bron federale overheidsdienst budget en beheerscontrole en federale overheidsdienst financien Wet tot vaststelling van de algemene bepalingen die gelden voor de begrotingen, de controle op de subsidies en voor de boekhouding van de gemeenschappen en de gewesten, alsook voor de organisatie van de controle door het Rekenhof sluiten, is gehouden tot onmiddellijke terugbetaling van het bedrag van de subsidie de begunstigde: 1° die de voorwaarden niet naleeft waaronder de subsidie werd verleend;2° die de subsidie niet aanwendt voor de doeleinden waarvoor zij werd verleend;3° die de in artikel 160 bedoelde controle verhindert;4° die voor hetzelfde doel al een subsidie ontvangt van een andere instelling op basis van dezelfde verantwoordingsstukken. Blijft de begunstigde van de subsidie in gebreke inzake het verstrekken van de in artikel 159 bedoelde verantwoordingen, dan is hij gehouden tot terugbetaling ten belope van het deel dat niet werd verantwoord.

Art. 162.Overeenkomstig artikel 14 van de wet van 16 mei 2003Relevante gevonden documenten type wet prom. 16/05/2003 pub. 25/06/2003 numac 2003003343 bron federale overheidsdienst budget en beheerscontrole en federale overheidsdienst financien Wet tot vaststelling van de algemene bepalingen die gelden voor de begrotingen, de controle op de subsidies en voor de boekhouding van de gemeenschappen en de gewesten, alsook voor de organisatie van de controle door het Rekenhof sluiten, kan de uitkering van de subsidies worden opgeschort zolang de begunstigde voor soortgelijke subsidies, die hij voordien heeft ontvangen, verzuimt de in artikel 159 bedoelde verantwoordingen te verstrekken of zich aan de in artikel 160 bepaalde controle te onderwerpen.

Wordt een subsidie in schijven uitgekeerd, dan wordt iedere schijf voor de toepassing van dit artikel als een afzonderlijke subsidie beschouwd.

Art. 163.In het kader van de toekenning van subsidies gaan de rekenplichtigen van de niet-fiscale ontvangsten en de dossierbeheerders van de boekhoudkundige entiteiten vooraf na of er niet-geïnde vervallen schuldvorderingen ten gunste van hun boekhoudkundige entiteit uitstaan op een natuurlijke of rechtspersoon die een subsidie aanvraagt.

De dossierbeheerder verzoekt de debiteur zijn schuld te vereffenen opdat de subsidie hem toegekend zou kunnen worden.

Het Verenigd College is gemachtigd om de uitzonderingen op dit artikel te bepalen.

Deel 10. - Giften, legaten en prijzen

Art. 164.Onverminderd de artikelen 171, 181, § 3, en 187, § 1, 1° tot en met 3°, kan de toekenning van een gift aan een derde door de Diensten van het Verenigd College of een ABI enkel gebeuren op basis van een materiële ordonnantie. Het afstand doen, door de Diensten van het Verenigd College of een ABI, van een gift of van een legaat afkomstig van een derde kan enkel gebeuren op basis van een materiële ordonnantie.

Art. 165.Een prijs kan slechts door de Gemeenschappelijke Gemeenschapscommissie of een ABI aan een derde worden uitgereikt op basis van een ordonnantie tot instelling van deze prijs, en van haar eventuele uitvoeringsbesluiten.

Deel 11. - De verjaring

Art. 166.Overeenkomstig artikel 15 van de wet van 16 mei 2003Relevante gevonden documenten type wet prom. 16/05/2003 pub. 25/06/2003 numac 2003003343 bron federale overheidsdienst budget en beheerscontrole en federale overheidsdienst financien Wet tot vaststelling van de algemene bepalingen die gelden voor de begrotingen, de controle op de subsidies en voor de boekhouding van de gemeenschappen en de gewesten, alsook voor de organisatie van de controle door het Rekenhof sluiten en onverminderd de bepalingen van artikel 167, zijn de verjaringsregels van het gemeen recht van toepassing op de bicommunautaire entiteit.

Art. 167.§ 1. Overeenkomstig artikel 16 van de wet van 16 mei 2003Relevante gevonden documenten type wet prom. 16/05/2003 pub. 25/06/2003 numac 2003003343 bron federale overheidsdienst budget en beheerscontrole en federale overheidsdienst financien Wet tot vaststelling van de algemene bepalingen die gelden voor de begrotingen, de controle op de subsidies en voor de boekhouding van de gemeenschappen en de gewesten, alsook voor de organisatie van de controle door het Rekenhof sluiten, zijn, inzake salarissen en voorschotten daarop, evenals inzake vergoedingen, toelagen of uitkeringen die een toebehoren van de salarissen vormen of ermee gelijkstaan, de door de bicommunautaire entiteit ten onrechte uitbetaalde sommen voorgoed vervallen aan hen die ze hebben ontvangen, als de terugbetaling daarvan niet is gevraagd binnen een termijn van maximaal vijf jaar te rekenen vanaf 1 januari van het jaar van de betaling. § 2. Om geldig te zijn moet deze vraag tot terugbetaling ter kennis van de schuldenaar worden gebracht hetzij via een bij de post aangetekende brief, hetzij via elektronische weg zoals bedoeld in artikel 194 en moet ze bevatten: 1° het totale bedrag van de teruggevraagde som met, per jaar, de opgave van de ten onrechte uitgevoerde betalingen;2° de bepalingen in strijd waarmee de betalingen zijn gedaan. Te rekenen vanaf de afgifte van de aangetekende brief bij de post of het verzenden van bericht via elektronische weg, kan het onverschuldigde bedrag worden teruggevorderd gedurende tien jaar. § 3. De in paragraaf 1 vastgestelde termijn wordt verlengd tot tien jaar wanneer de onverschuldigde sommen zijn verkregen door bedrieglijke handelingen of door valse of bewust onvolledige verklaringen.

Deel 12. - De goederen van de GemeenschappelijkeGemeenschapscommissie en de ABI's TITEL 1. - De goederen van het openbaar en het privaat domein

Art. 168.§ 1. De goederen die eigendom zijn van de Gemeenschappelijke Gemeenschapscommissie of van een ABI, of waarop zij een ander zakelijk recht hebben, en die worden gebruikt voor de uitvoering van de openbare dienstopdrachten of waarin openbare dienstopdrachten worden uitgevoerd, maken deel uit van het openbaar domein. Ze blijven in het openbaar domein tot aan hun desaffectatie. § 2. De goederen waarvan de Gemeenschappelijke Gemeenschapscommissie of een ABI niet de eigenaar zijn en waarop zij geen ander zakelijk recht hebben, maar wel een recht van bezetting krachtens een huurovereenkomst, een recht van bezetting ter bede, een commodaat of een vergelijkbare titel hebben, en die worden gebruikt voor de uitvoering van de openbare dienstopdrachten of waarin openbare dienstopdrachten worden uitgevoerd, maken deel uit van het openbaar domein. Ze blijven in het openbaar domein tot aan hun desaffectatie of tot aan het verstrijken van de bezettingstitel van de Gemeenschappelijke Gemeenschapscommissie of van de ABI. § 3. De goederen die uitdrukkelijk zijn gedesaffecteerd en de goederen die sinds hun verwerving niet werden gebruikt, zelfs niet gedeeltelijk, voor de uitvoering van de openbare dienstopdrachten of die op geen enkel moment de plaats van uitvoering van openbare dienstopdrachten zijn geweest, maken deel uit van het privaat domein. § 4. De toewijzing van een goed aan het openbaar domein vloeit voort uit een uitdrukkelijke handeling of uit het eerste gebruik van dit goed voor de vervulling van een openbare dienstopdracht, of zodra dit goed de plaats is waar een openbare dienstopdracht wordt uitgevoerd.

De desaffectatie van een goed van het openbaar domein wordt niet vermoed. De desaffectatie is uitdrukkelijk, ofwel stilzwijgend maar zeker overeenkomstig paragraaf 3. § 5. De loutere staat van verlatenheid van een goed van het openbaar domein houdt in geen geval de desaffectatie ervan in. Het loutere gebruik van een goed van het openbaar domein door een derde, zelfs gedurende een lange periode, houdt in geen geval de desaffectatie ervan in. § 6. De Gemeenschappelijke Gemeenschapscommissie of een ABI kan eigenaar zijn of houder van zakelijke rechten of van persoonlijke rechten op goederen die buiten het tweetalig grondgebied van Brussel-Hoofdstad gelegen zijn.

TITEL 2. - Statuut van de goederen van het openbaaren het privaat domein

Art. 169.§ 1. De goederen van het openbaar domein zijn onderworpen aan de beginselen van artikel 3.45, lid 2 van het nieuwe Burgerlijk Wetboek.

Ze mogen alleen in beslag worden genomen binnen de grenzen van artikel 1412bis van het Gerechtelijk Wetboek.

Ze zijn niet in de handel.

Ze mogen niet worden onderworpen aan belastingen, heffingen of vergoedingen die zijn vastgelegd in een beslissing van niet-wetgevende aard, overeenkomstig het algemene rechtsbeginsel dat goederen die voor een openbare dienst of voor een dienst van algemeen nut worden gebruikt, fiscaal vrijgesteld zijn. Laatstgenoemd principe is in overeenstemming met artikel 170, § 4 van de Grondwet. § 2. Voor de goederen van het openbaar domein waarop de Gemeenschappelijke Gemeenschapscommissie of een ABI enkel een persoonlijk recht heeft, worden de voorrechten die voortvloeien uit de in paragraaf 1 bedoelde toewijzing aan het openbaar domein uitgeoefend in de mate die nodig is ter bescherming van de openbare dienst aan de uitvoering waarvan dit goed bijdraagt. § 3. De goederen van het openbaar domein kunnen worden bezwaard met zakelijke of persoonlijke rechten ten gunste van derden als deze zakelijke of persoonlijke rechten verenigbaar zijn met het gebruik van dit goed voor een openbare dienstopdracht. In voorkomend geval blijft het goed in het openbaar domein van de Gemeenschappelijke Gemeenschapscommissie voor de resterende bestanddelen van dit goed die in het vermogen van de Gemeenschappelijke Gemeenschapscommissie of van de ABI blijven. § 4. De fiscale immuniteit omschreven in paragraaf 1 is volledig voor alle goederen van het openbaar domein, zelfs als de Gemeenschappelijke Gemeenschapscommissie of een ABI enkel houder is van een zakelijk gebruiksrecht of een persoonlijk recht op het goed krachtens paragraaf 2.

In het geval van een zakelijk of persoonlijk recht op het goed van het openbaar domein dat krachtens paragraaf 3 aan een derde wordt afgestaan, zijn de bestanddelen van het goed die in het vermogen van de Gemeenschappelijke Gemeenschapscommissie of van de ABI blijven, krachtens paragraaf 1, laatste lid, vrijgesteld van belasting.

Art. 170.De goederen van het privaat domein kunnen het voorwerp uitmaken van een verjaring en kunnen in beslag worden genomen overeenkomstig de modaliteiten bepaald in artikel 1412bis van het Gerechtelijk Wetboek.

TITEL 3. - Overdracht van tot het openbaar domein behorende goederen tussen publiekrechtelijke rechtspersonen

Art. 171.De goederen van het openbaar domein kunnen worden overgedragen aan of aangekocht van andere publiekrechtelijke rechtspersonen met behoud van hun toewijzing aan het openbaar domein.

Ze kunnen op een soortgelijke manier het voorwerp uitmaken van zakelijke rechten of persoonlijke rechten van genot of bezetting ten behoeve van een andere publiekrechtelijke rechtspersoon zonder dat een van de bestanddelen van dit goed zijn toewijzing aan het openbaar domein verliest.

In het geval van de overdracht van een goed van het openbaar domein aan een andere publiekrechtelijke rechtspersoon of de vestiging van een zakelijk recht, wordt de desaffectatie niet vermoed. Daarvoor is een uitdrukkelijke of stilzwijgende, maar zekere, beslissing tot desaffectatie vereist.

TITEL 4. - Bepalingen betreffende de afbakening en de afpaling van de goederen van de Gemeenschappelijke Gemeenschapscommissie en van de ABI's

Art. 172.Wanneer de Gemeenschappelijke Gemeenschapscommissie of een van de ABI's, waarvan de goederen onderworpen zijn aan deze ordonnantie, een algemene of gedeeltelijke afbakening van hun goederen wensen uit te voeren, andere dan deze bedoeld in artikel 40 van het Veldwetboek, wordt een beroep gedaan op een landmeter-expert die rechtmatig ingeschreven is in de tabel van landmeters-experten. De kosten van de afbakening worden gedragen door degene die de verrichting vraagt.

Art. 173.De aangrenzende eigenaars ten aanzien van wie de grenzen moeten worden erkend en vastgesteld, worden ten minste één maand van tevoren per aangetekende brief op de hoogte gesteld van de dag van de verrichting.

Wanneer de aangrenzende eigenaar een mede-eigendom is die valt onder de artikelen 3.84 en volgende van het Burgerlijk Wetboek, geldt de kennisgeving aan de syndicus of de vereniging van mede-eigenaars als kennisgeving aan elke van de mede-eigenaars van het vastgoedcomplex in mede-eigendom.

Art. 174.Op de aangegeven dag wordt de afbakening uitgevoerd in aanwezigheid of afwezigheid van de aangrenzende eigenaars.

Art. 175.Als de aanwezige aangrenzende eigenaars het tracé van de grenzen niet betwisten, wordt de afbakening tegensprekelijk geacht. De afbakening wordt vastgelegd in een proces-verbaal en een plan, die worden ondertekend door de betrokken partijen.

Art. 176.Het plan en het proces-verbaal worden binnen een maand na de datum van de afbakening per aangetekend schrijven aan de partijen ter kennis gebracht. De partijen die afwezig zijn of die het plan en het proces-verbaal niet hebben ondertekend beschikken over een termijn van vijftien kalenderdagen, te rekenen vanaf de dag na de verzending van de kennisgeving, om hun eventuele opmerkingen of bezwaren per aangetekende brief aan de Diensten van het Verenigd College of de betrokken ABI mee te delen. Opmerkingen of betwistingen die na het verstrijken van de termijn worden ingediend, zijn onontvankelijk, zodat het ontwerp van plan en het ontwerp van proces-verbaal geacht worden door de betrokken partij op tegenspraak te zijn erkend.

Eventuele opmerkingen of betwistingen die binnen deze termijn worden ingediend, worden beoordeeld door de adjunct leidend ambtenaar van de Diensten van het Verenigd College of de betrokken ABI. Wanneer de aangrenzende eigenaar een mede-eigendom is die valt onder de artikelen 3.84 en volgende van het Burgerlijk Wetboek, geldt de handtekening van de syndicus of de voorzitter van de vereniging van mede-eigenaars als goedkeuring op tegenspraak voor elk van de mede-eigenaars van het vastgoedcomplex in mede-eigendom.

Art. 177.Zodra het proces-verbaal van afbakening en het plan zijn goedgekeurd door de Diensten van het Verenigd College of door de betrokken ABI, worden ze definitief en wordt de afpaling uitgevoerd.

Elke persoon die een rechtmatig belang aantoont, kan de Diensten van het Verenigd College of de betrokken ABI vragen of hij de afpalingswerkzaamheden kan bijwonen. Dit verzoek moet schriftelijk gebeuren en moet de Diensten van het Verenigd College of de betrokken ABI ten laatste twee werkdagen voor de geplande datum voor de afpaling bereiken.

Art. 178.Elke persoon kan verzoeken om toegang tot de plannen en processen-verbaal van afbakening die overeenkomstig de bepalingen van deze titel zijn opgesteld. Deze toegang kan geweigerd worden in de gevallen voorzien in het gezamenlijke decreet en ordonnantie van 16 mei 2019 van het Brussels Hoofdstedelijke Gewest, de Gemeenschappelijke Gemeenschapscommissie en de Franse Gemeenschapscommissie betreffende de openbaarheid van bestuur bij de Brusselse instellingen.

Het Verenigd College bepaalt in een besluit de contactgegevens die gebruikt moeten worden voor het verzoek tot toegang tot deze documenten.

Art. 179.Artikelen 41 tot 47 van het Veldwetboek zijn niet van toepassing op de afbakening en de afpaling van de goederen van de Gemeenschappelijke Gemeenschapscommissie en de ABI's.

Art. 180.Elke betwisting die ontstaat in het kader van of na de afbakenings- en afpalingsverrichtingen zal worden voorgelegd aan de Diensten van het Verenigd College of de betrokken ABI. De genomen beslissing kan worden aangevochten bij het bevoegde rechtscollege.

Deel 13. - De vervreemding Boek 1. - Roerende goederen

Art. 181.§ 1. De roerende goederen die eigendom zijn van de Gemeenschappelijke Gemeenschapscommissie en die niet opnieuw kunnen worden gebruikt en die kunnen worden vervreemd, moeten worden verkocht of op een andere manier tegen betaling worden vervreemd. § 2. De tussenkomst van het Verenigd College is niet verplicht voor de roerende goederen aangewend in het buitenland en waarvan het algemeen belang een verkoop ter plaatse vereist. § 3. In afwijking van de eerste paragraaf kan de Gemeenschappelijke Gemeenschapscommissie, met de toestemming van de Leden van het Verenigd College bevoegd voor Begroting, roerende goederen die voor haar diensten geen nut meer hebben of waarvan de marktwaarde verwaarloosbaar is, kosteloos afstaan aan: 1° de openbare centra voor maatschappelijk welzijn (OCMW's);2° de organisaties die zich bezighouden met duurzame ontwikkeling in de zin van de wet van 5 mei 1997Relevante gevonden documenten type wet prom. 05/05/1997 pub. 18/06/1997 numac 1997021155 bron diensten van de eerste minister 5 MEI 1997 Wet betreffende de coördinatie van het federale beleid inzake duurzame ontwikkeling sluiten betreffende de coördinatie van het federale beleid inzake duurzame ontwikkeling, en die de erkenning bedoeld in artikel 145/33 van het Wetboek van de Inkomstenbelastingen 1992 genieten, of soortgelijke organisaties uit een andere gefedereerde entiteit of een andere lidstaat van de Europese Economische Ruimte die op vergelijkbare wijze zijn erkend;3° de organisaties die de ontwikkelingslanden bijstaan en die de erkenning bedoeld in artikel 145/33 van het Wetboek van de Inkomstenbelastingen 1992 genieten, of soortgelijke organisaties uit een andere gefedereerde entiteit of een andere lidstaat van de Europese Economische Ruimte die op vergelijkbare wijze zijn erkend;4° de organisaties die bijstand verlenen aan oorlogsslachtoffers, personen met een handicap, ouderen, beschermde minderjarigen of behoeftigen en die de erkenning bedoeld in artikel 145/33 van het Wetboek Inkomstenbelastingen 1992 genieten, of soortgelijke organisaties uit een andere gefedereerde entiteit of een andere lidstaat van de Europese Economische Ruimte die op vergelijkbare wijze zijn erkend;5° de sociale ondernemingen in de zin van de ordonnantie van 23 juli 2018 met betrekking tot de erkenning en de ondersteuning van de sociale ondernemingen, of soortgelijke organisaties uit een andere gefedereerde entiteit of een andere lidstaat van de Europese Economische Ruimte die op vergelijkbare wijze zijn erkend;6° de privaatrechtelijke verenigingen of stichtingen in de zin van artikel 1:6, § 2, en artikel 1:7 van het Wetboek van vennootschappen en verenigingen, met een sociaal oogmerk of een oogmerk van openbaar nut, volgens de door het Verenigd College te bepalen nadere regels.De vervreemde roerende goederen mogen uitsluitend gebruikt worden voor sociale doeleinden of doeleinden van openbaar nut en mogen enkel met toestemming van het Verenigd College opnieuw worden vervreemd; 7° de bij wet, decreet of ordonnantie opgerichte publiekrechtelijke verenigingen of stichtingen met sociaal oogmerk of oogmerk van algemeen nut, volgens door het Verenigd College te bepalen nadere regels.De vervreemde roerende goederen mogen uitsluitend gebruikt worden voor sociale doeleinden of doeleinden van openbaar nut en mogen enkel met toestemming van het Verenigd College opnieuw worden vervreemd; 8° de personeelsleden van de Diensten van het Verenigd College en de ABI's, volgens door het Verenigd College te bepalen nadere regels. § 4. Het Verenigd College is bevoegd om de giften te bepalen die worden vrijgesteld van een voorafgaandelijke toestemming van de Leden van het Verenigd College bevoegd voor Begroting.

Boek 2. - Onroerende goederen

Art. 182.Voor de toepassing van dit boek wordt verstaan onder: 1° vervreemding: de overdracht van een onroerend goed of de toekenning van zakelijke gebruiksrechten erop;2° raming: de expertise die rekening houdt met alle specifieke voorwaarden die verbonden zijn aan de vervreemding en die wordt uitgevoerd door het Aankoopcomité onroerende goederen, door andere gemandateerde overheidsambtenaren, door een notaris of door een dienstverlener;3° dienstverlener: ofwel een landmeter-expert vastgoed die is ingeschreven in de tabel bedoeld in de wet van 27 maart 2023Relevante gevonden documenten type wet prom. 27/03/2023 pub. 13/04/2023 numac 2023202029 bron federale overheidsdienst sociale zekerheid Wet houdende wijziging van de wet van 16 november 2015 houdende diverse bepalingen inzake sociale zaken wat de uitbreiding van het toepassingsgebied van de flexi-jobs tot de chocolatiers betreft type wet prom. 27/03/2023 pub. 31/03/2023 numac 2023030805 bron federale overheidsdienst volksgezondheid, veiligheid van de voedselketen en leefmilieu Wet houdende instemming met het Samenwerkingsakkoord van 10 maart 2023 tussen de Federale Staat, de Vlaamse Gemeenschap, het Waalse Gewest, de Duitstalige Gemeenschap en de Gemeenschappelijke Gemeenschapscommissie betreffende de wijziging van het Samenwerkingsakkoord van 25 augustus 2020 tussen de Federale Staat, de Vlaamse Gemeenschap, het Waalse Gewest, de Duitstalige Gemeenschap en de Gemeenschappelijke Gemeenschapscommissie, betreffende de gezamenlijke gegevensverwerking door Sciensano en de door de bevoegde gefedereerde entiteiten of door de bevoegde agentschappen aangeduide contactcentra, gezondheidsinspecties en mobiele teams in het kader van een contactonderzoek bij personen die met het coronavirus COVID-19 besmet zijn op basis van een gegevensbank bij Sciensano (1) sluiten tot bescherming van het beroep en de titel van landmeter-expert en tot oprichting van een Orde van landmeters-experten, ofwel een vastgoedmakelaar die is ingeschreven in de tabel bedoeld in de wet van 11 februari 2013 houdende organisatie van het beroep van vastgoedmakelaar, ofwel elke persoon die minstens een erkend diploma van het hoger secundair onderwijs kan voorleggen en die kan aantonen dat hij over een voldoende opleidings- en kennisniveau beschikt, met minstens drie jaar praktijkervaring na het behalen van het diploma op het vlak van de raming van terreinen en gebouwen gelegen op de desbetreffende locatie.

Art. 183.Het Verenigd College is gemachtigd om openbaar, onderhands of door ruil alle zakelijke rechten op onroerende goederen te vervreemden.

Wanneer de raming lager is dan 1.000.000 euro, zijn de Diensten van het Verenigd College gemachtigd om openbaar, onderhands of door ruil alle zakelijke rechten op onroerende goederen te vervreemden.

Behoudens in geval van openbare verkoop of wanneer de onteigening ten algemenen nutte wettelijk werd uitgevaardigd, moeten de in dit boek bedoelde vervreemdingen die betrekking hebben op goederen waarvan één van de ramingen of de prijs meer dan 6,25 miljoen euro bedraagt, bij ordonnantie worden goedgekeurd.

Art. 184.De personeelsleden aangeduid door het Brussels Hoofdstedelijk Gewest om de activiteiten van de Comités tot aankoop van onroerende goederen uit te oefenen, worden ertoe gemachtigd hun bevoegdheden uit te oefenen in naam en voor rekening van de Gemeenschappelijke Gemeenschapscommissie, elk ondergeschikt bestuur waarvan de organisatie onder de bevoegdheid van de Gemeenschappelijke Gemeenschapscommissie valt, en elke entiteit die aan de controle of het administratief toezicht van de voornoemde overheden onderworpen is.

De in het eerste lid bedoelde ambtenaren moeten ten aanzien van derden geen bewijs leveren van een bijzondere machtiging.

Art. 185.Het Verenigd College doet een beroep op de personeelsleden die zijn aangewezen krachtens de ordonnantie van 23 juni 2016 betreffende de overname van de activiteiten van de Comités tot aankoop van onroerende goederen door het Gewest of op andere gemandateerde overheidsambtenaren, notarissen of dienstverleners om de in dit boek bedoelde verrichtingen geheel of gedeeltelijk uit te voeren.

Indien de raming het in artikel 183, tweede lid, bedoelde bedrag overschrijdt, is het Verenigd College verplicht een beroep te doen op de personeelsleden van het Aankoopcomité onroerende goederen om een raming van het onroerend goed uit te voeren.

Indien het verlijden van de akte niet wordt toevertrouwd aan een personeelslid van het Aankoopcomité onroerende goederen, wordt de ontwerpakte tot vervreemding van zakelijke rechten op onroerende goederen voorgelegd aan het Aankoopcomité onroerende goederen dat, binnen de maand na ontvangst, een met redenen omkleed advies uitbrengt aan het Verenigd College. Het advies wordt geacht gunstig te zijn als het Comité de bovengenoemde periode laat verstrijken.

In geval van een negatief advies kan de verrichting slechts uitgevoerd worden na beslissing van het Verenigd College.

Art. 186.§ 1. De te verrichten vervreemdingen ter uitvoering van 183 worden gedaan aan de hoogste bieder en worden openbaar gemaakt door toereikende publiciteitsmaatregelen die de geïnteresseerden kunnen bereiken.

In het geval van een openbare verkoop, specificeert het Verenigd College of deze minstens tegen de geraamde prijs moet plaatsvinden.

Het Verenigd College motiveert haar beslissing om de vervreemding niet afhankelijk te stellen van minstens de geraamde minimumprijs. § 2. Lid 1 van paragraaf 1 wordt geacht vervuld te zijn in geval van openbare verkoop van een onroerend goed in de zin van artikel 1 van de wet van 25 ventôse jaar XI op het notarisambt. § 3. De formaliteiten van openbaarmaking bedoeld in paragraaf 1, lid 1, zijn niet vereist wanneer de onteigening ten algemenen nutte van het te vervreemden domeingoed wettelijk wordt bevolen.

Art. 187.§ 1. Het Verenigd College is gemachtigd om een onroerend goed van de Gemeenschappelijke Gemeenschapscommissie te vervreemden aan: 1° een ABI met het oog op de toewijzing ervan aan een project in het kader van het maatschappelijk doel van deze ABI;2° een publiekrechtelijke rechtspersoon, met het oog op een toewijzing die past binnen het beleid dat het Verenigd College voert om tegemoet te komen aan de belangen van de Gemeenschappelijke Gemeenschapscommissie of in het kader van het maatschappelijk doel van deze publiekrechtelijke rechtspersoon.In dit geval: a) heeft een vervreemding die betrekking heeft op zakelijke gebruiksrechten een looptijd van maximaal 50 jaar;b) mag een verkoop in volle eigendom niet gebeuren tegen een prijs die lager is dan de geraamde prijs, behalve bij een naar behoren gemotiveerde beslissing van het Verenigd College;3° een publiekrechtelijke rechtspersoon, wanneer het goed werd aangekocht voor een van de prioritaire ontwikkelingspolen of -terreinen zoals die door de regering zijn omschreven.Die vervreemding heeft betrekking op zakelijke gebruiksrechten met een looptijd van maximaal 50 jaar voor een eenmalige erfpachtvergoeding van een euro. De regering bepaalt uiterlijk op de datum van de vervreemding welke verrichtingen in toepassing van de ontwikkelingsplannen voor de door de regering omschreven prioritaire ontwikkelingspolen of -terreinen uitgevoerd moeten worden, alsook de voorwaarden voor de vervreemding.

Die voorwaarden moeten garanties bieden voor de bouw, de renovatie of de herwaardering van het onroerend goed tot openbare, sociale of middenklassewoningen, buurtvoorzieningen of openbare ruimten. 1° elke andere persoon, met het oog op een toewijzing van openbaar nut die past binnen het beleid dat het Verenigd College voert om tegemoet te komen aan de belangen van de Gemeenschappelijke Gemeenschapscommissie.De vervreemding moet gepaard gaan met voorwaarden die maximale garanties bieden dat het project waarvoor de vervreemding plaatsvond, zo snel mogelijk zal worden uitgevoerd, bijvoorbeeld door middel van een gunstig stedenbouwkundig attest, een Duurzaam Wijkcontract, een Stadsvernieuwingscontract of een programma of operatie van het Stadsbeleid, een richtschema of een richtplan van aanleg. In dit geval: a) heeft een vervreemding die betrekking heeft op zakelijke gebruiksrechten een looptijd van maximaal 50 jaar;b) mag een verkoop in volle eigendom niet gebeuren tegen een prijs die lager is dan de geraamde prijs, behalve bij een naar behoren gemotiveerde beslissing van het Verenigd College;2° de omwonende van het perceel, wanneer de rechtstoestand en de feitelijke toestand rechtvaardigt dat hij de enige mogelijke koper is. Een verkoop in volle eigendom mag niet gebeuren tegen een prijs die lager is dan de geraamde prijs. § 2. Voor de in paragraaf 1, 2° tot 4° bedoelde vervreemdingen, bepaalt het Verenigd College de te vervullen voorwaarden om deze verrichtingen te laten plaatsvinden. § 3. Artikel 186 is niet van toepassing op de in paragraaf 1 bedoelde vervreemdingen. § 4. Het Verenigd College moet de ontwerpakte van de in paragraaf 1 bedoelde vervreemdingen voorleggen aan het Aankoopcomité onroerende goederen, dat binnen een maand na ontvangst een met redenen omkleed advies uitbrengt. Het advies wordt geacht gunstig te zijn als, bij het verstrijken van de termijn,het Comité geen advies heeft gegeven.

Indien het advies van het Aankoopcomité onroerende goederen negatief is, moet het dossier voor voorafgaand akkoord worden voorgelegd aan de Leden van het Verenigd College bevoegd voor Openbaar Ambt.

Art. 188.De Diensten van het Verenigd College mogen erfdienstbaarheden vestigen op de onroerende goederen die toebehoren aan de Gemeenschappelijke Gemeenschapscommissie.

Art. 189.Het Verenigd College brengt elk jaar bij de bespreking in de Verenigde Vergadering van het ontwerp van initiële begroting van de Gemeenschappelijke Gemeenschapscommissie verslag uit aan de Verenigde Vergadering over de verrichtingen die zijn uitgevoerd krachtens de in dit boek bedoelde machtigingen.

Art. 190.Het Verenigd College is verantwoordelijk voor het opstellen en bijwerken van een inventaris van het vastgoedpatrimonium van de Gemeenschappelijke Gemeenschapscommissie.

Deel 14. - Vertegenwoordiging in rechte van de Gemeenschappelijke Gemeenschapscommissie

Art. 191.In alle geschillen waarin de Gemeenschappelijke Gemeenschapscommissie optreedt als eiser, verweerder of tussenkomende partij, kan het daartoe gemachtigde personeelslid van de Gemeenschappelijke Gemeenschapscommissie en die houder is van een universitair diploma van doctor in de rechten, licentiaat in de rechten of master in de rechten, in persoon verschijnen in naam van de Gemeenschappelijke Gemeenschapscommissie. Hij alleen kan de processtukken ondertekenen.

Het Verenigd College kan de praktische modaliteiten van de uitoefening van deze mogelijkheid bepalen, met name om de omstandigheden te preciseren waarin de briefwisseling tussen dit personeelslid en de advocaten van de tegenpartijen vertrouwelijk kan zijn, en om garanties van onafhankelijkheid in te voeren in hoofde van het personeelslid dat de Gemeenschappelijke Gemeenschapscommissie zal verdedigen.

De Gemeenschappelijke Gemeenschapscommissie neemt de volledige aansprakelijkheid op zich van de door deze personeelsleden uitgevoerde handelingen in dit kader.

Deel 15. - Wijzigingsbepaling

Art. 192.Aan artikel 1410, § 2, van het Gerechtelijk Wetboek wordt een punt 15/1° toegevoegd, dat als volgt luidt: "15/1° onverminderd artikel 161 van de ordonnantie houdende de codex van de openbare financiën van de Gemeenschappelijke Gemeenschapscommissie, de subsidies die worden toegekend door de Diensten van het Verenigd College of een autonome bestuursinstelling overeenkomstig artikel 159 van de ordonnantie houdende de codex van de openbare financiën van de Gemeenschappelijke Gemeenschapscommissie, op voorwaarde dat de schuld die de oorzaak vormt van de inbeslagname, geen rechtstreeks verband houdt met de gesubsidieerde activiteit.".

Deel 16. - Opheffings-, overgangs-, en slotbepalingen

Art. 193.De handtekeningen kunnen schriftelijk of via een geautomatiseerde of elektronische procedure worden aangebracht.

Art. 194.Tenzij anders vermeld in de artikelen van deze ordonnantie, mogen de verzendingen gebeuren via brief of aangetekende brief met of zonder ontvangstbevestiging. De verzending via een elektronische procedure die, op aantoonbare wijze, de authenticiteit en de integriteit van de inhoud van de communicatie garandeert, wordt als evenwaardig beschouwd.

Het ter beschikking stellen van informatie kan steeds op digitale wijze gebeuren indien het digitaal format vlot toegankelijk is en een waardig alternatief biedt.

In afwijking op de voorgaande leden, mogen voor wat Deel 3, "De boekhouding", en meer specifiek Boek 4, "De rekeningen", betreft, overmakingen enkel op elektronische wijze gebeuren.

Art. 195.De ordonnantie van 21 november 2006 houdende de bepalingen die van toepassing zijn op de begroting, de boekhouding en de controle, wordt opgeheven.

Art. 196.De wet van 16 maart 1954 betreffende de controle op sommige instellingen van openbaar nut, met uitzondering van artikel 11, wordt opgeheven.

Het Verenigd College is gemachtigd om de opheffing van artikel 11 van de voornoemde wet van 16 maart 1954 te beslissen bij besluit van het Verenigd College.

Art. 197.Het Verenigd College geeft uitvoering aan het artikel 137 van deze ordonnantie via besluit van het Verenigd College.

Art. 198.§ 1. Deze ordonnantie treedt in werking op 1 januari 2026, met dien verstande dat de werkzaamheden rond de begroting, vermeld in Deel 2, voor het begrotingsjaar 2026 zullen gebeuren conform de regels van deze ordonnantie. § 2. Het Verenigd College kan besluiten de inwerkingtreding van de volgende bepalingen uit te stellen tot een latere datum dan die vermeld in paragraaf 1, die evenwel niet later mag vallen dan 1 januari 2027: de artikelen 15, 95, 137, 148, 153, § 2 en 158, § 4. § 3. De uitzonderingen bedoeld in de artikelen 14, lid 3, 54, lid 3, en 92, §§ 1, lid 2, 2, lid 2, 3, lid 2 en 4, lid 2, houden op uitwerking te hebben na afloop van het begrotingsjaar 2028.

Kondigen deze ordonnantie af, bevelen dat ze in het Belgisch Staatsblad zal worden bekendgemaakt.

Brussel, 16 mei 2024.

Het Lid van het Verenigd College, bevoegd voor Welzijn en Gezondheid, E. VAN DEN BRANDT Het Lid van het Verenigd College, bevoegd voor Welzijn en Gezondheid, A. MARON Het Lid van het Verenigd College, bevoegd voor de Gezinsbijslagen, Begroting, Openbaar Ambt en Externe betrekkingen, S. GATZ Het Lid van het Verenigd College, bevoegd voor de Gezinsbijslagen, Begroting, Openbaar Ambt en Externe betrekkingen, B. CLERFAYT _______ Nota (1) Documenten van de Verenigde Vergadering van de Gemeenschappelijke Gemeenschapscommissie: Gewone zitting 2023-2024 B-196/1 Ontwerp van ordonnantie B-196/2 Verslag B-196/3 Amendement na verslag Integraal verslag: Bespreking: vergadering van donderdag van 2 mei 2024 Aanneming: vergadering van vrijdag 3 mei 2024


^