Etaamb.openjustice.be
Arrest
gepubliceerd op 31 juli 2013

Uittreksel uit arrest nr. 68/2013 van 16 mei 2013 Rolnummer 5451 In zake : het beroep tot vernietiging van de artikelen 61 tot 69 van de wet van 28 december 2011 houdende diverse bepalingen Het Grondwettelijk Hof, samengesteld uit de voorzitters M. Bossuyt en R. Henneuse, en de rechter(...)

bron
grondwettelijk hof
numac
2013203065
pub.
31/07/2013
prom.
--
staatsblad
https://www.ejustice.just.fgov.be/cgi/article_body(...)
Document Qrcode

Uittreksel uit arrest nr. 68/2013 van 16 mei 2013 Rolnummer 5451 In zake : het beroep tot vernietiging van de artikelen 61 tot 69 van de wet van 28 december 2011Relevante gevonden documenten type wet prom. 28/12/2011 pub. 30/12/2011 numac 2011021115 bron federale overheidsdienst kanselarij van de eerste minister Wet houdende diverse bepalingen type wet prom. 28/12/2011 pub. 01/02/2012 numac 2012014018 bron federale overheidsdienst mobiliteit en vervoer Wet tot wijziging van de wet van 19 december 2006 betreffende de exploitatieveiligheid van de spoorwegen, met het oog op de invoering van bestuurlijke boetes type wet prom. 28/12/2011 pub. 21/03/2012 numac 2012000169 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet tot wijziging van de wet van 19 december 2006 betreffende de exploitatieveiligheid van de spoorwegen, met het oog op de invoering van bestuurlijke boetes. - Duitse vertaling type wet prom. 28/12/2011 pub. 03/02/2012 numac 2012014032 bron federale overheidsdienst mobiliteit en vervoer Wet tot wijziging van het koninklijk besluit van 1 december 1975 houdende algemeen reglement op de politie van het wegverkeer en van het gebruik van de openbare weg teneinde de fietsers toe te staan in bepaalde gevallen de verkeerslichten voorbij te rijden type wet prom. 28/12/2011 pub. 04/02/2014 numac 2014000034 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet tot wijziging van het koninklijk besluit van 1 december 1975 houdende algemeen reglement op de politie van het wegverkeer en van het gebruik van de openbare weg teneinde de fietsers toe te staan in bepaalde gevallen de verkeerslichten voorbij te rijden. - Duitse vertaling sluiten houdende diverse bepalingen (betreffende titel IV van boek II en de artikelen 167 tot 173 van het Wetboek diverse rechten en taksen inzake de taks op de effecten aan toonder en de inwerkingtreding ervan), ingesteld door Isabelle Gielen.

Het Grondwettelijk Hof, samengesteld uit de voorzitters M. Bossuyt en R. Henneuse, en de rechters E. De Groot, L. Lavrysen, A. Alen, J.-P. Snappe, J.-P. Moerman, E. Derycke, J. Spreutels, T. Merckx-Van Goey, P. Nihoul en F. Daoût, bijgestaan door de griffier P.-Y. Dutilleux, onder voorzitterschap van voorzitter M. Bossuyt, wijst na beraad het volgende arrest : I. Onderwerp van het beroep en rechtspleging Bij verzoekschrift dat aan het Hof is toegezonden bij op 2 juli 2012 ter post aangetekende brief en ter griffie is ingekomen op 4 juli 2012, heeft Isabelle Gielen, wonende te 9850 Nevele, Kerrebroek 90A, beroep tot vernietiging ingesteld van de artikelen 61 tot 69 van de wet van 28 december 2011Relevante gevonden documenten type wet prom. 28/12/2011 pub. 30/12/2011 numac 2011021115 bron federale overheidsdienst kanselarij van de eerste minister Wet houdende diverse bepalingen type wet prom. 28/12/2011 pub. 01/02/2012 numac 2012014018 bron federale overheidsdienst mobiliteit en vervoer Wet tot wijziging van de wet van 19 december 2006 betreffende de exploitatieveiligheid van de spoorwegen, met het oog op de invoering van bestuurlijke boetes type wet prom. 28/12/2011 pub. 21/03/2012 numac 2012000169 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet tot wijziging van de wet van 19 december 2006 betreffende de exploitatieveiligheid van de spoorwegen, met het oog op de invoering van bestuurlijke boetes. - Duitse vertaling type wet prom. 28/12/2011 pub. 03/02/2012 numac 2012014032 bron federale overheidsdienst mobiliteit en vervoer Wet tot wijziging van het koninklijk besluit van 1 december 1975 houdende algemeen reglement op de politie van het wegverkeer en van het gebruik van de openbare weg teneinde de fietsers toe te staan in bepaalde gevallen de verkeerslichten voorbij te rijden type wet prom. 28/12/2011 pub. 04/02/2014 numac 2014000034 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet tot wijziging van het koninklijk besluit van 1 december 1975 houdende algemeen reglement op de politie van het wegverkeer en van het gebruik van de openbare weg teneinde de fietsers toe te staan in bepaalde gevallen de verkeerslichten voorbij te rijden. - Duitse vertaling sluiten houdende diverse bepalingen (betreffende titel IV van boek II en de artikelen 167 tot 173 van het Wetboek diverse rechten en taksen inzake de taks op de effecten aan toonder en de inwerkingtreding ervan), bekendgemaakt in het Belgisch Staatsblad van 30 december 2011, vierde editie. (...) II. In rechte (...) Ten aanzien van de situering van de bestreden bepalingen B.1. De bestreden bepalingen vestigen een belasting op de omzetting van effecten aan toonder in gedematerialiseerde effecten of in effecten op naam overeenkomstig de wet van 14 december 2005Relevante gevonden documenten type wet prom. 14/12/2005 pub. 23/12/2005 numac 2005009962 bron federale overheidsdienst justitie Wet houdende afschaffing van de effecten aan toonder sluiten houdende de afschaffing van de effecten aan toonder. Het tarief van de belasting wordt vastgesteld op 1 pct. voor de omzetting gerealiseerd in de loop van het jaar 2012 en op 2 pct. voor de omzetting gerealiseerd in de loop van het jaar 2013.

B.2.1. Met de voormelde wet van 14 december 2005Relevante gevonden documenten type wet prom. 14/12/2005 pub. 23/12/2005 numac 2005009962 bron federale overheidsdienst justitie Wet houdende afschaffing van de effecten aan toonder sluiten beoogde de wetgever de geleidelijke afschaffing van de effecten aan toonder.

In de parlementaire voorbereiding van die wet werd die doelstelling toegelicht als volgt : « Het wetsontwerp is in eerste instantie gericht op de modernisering van het Belgisch recht inzake effecten en in hoofdzaak de effecten die door ondernemingen zijn uitgegeven. Aangezien de effecten aan toonder achterhaald zijn en deze vorm veel nadelen vertoont, licht [lees : ligt] de oplossing, bestaande uit de afschaffing ervan, voor de hand.

De anonimiteit die - in beginsel - het kenmerk is van de effecten aan toonder, alsook de materiële aard van deze effecten, openen in ruime mate de weg voor misbruiken. Uit de aanbevelingen van meerdere internationale instanties blijkt dat deze effecten de financiële criminaliteit en de financiering van het terrorisme in de hand kunnen werken.

De bij de OESO opgerichte financiële werkgroep tegen het witwassen van geld (GAFI (groupe d'action financière sur le blanchiment des capitaux et le financement du terrorisme) heeft herhaaldelijk gewezen op het gevaar dat volgt uit deze vorm van effecten en heeft er sterk voor gepleit dat de lidstaten maatregelen zouden aannemen die de aanwending ervan ernstig beperken of de ermee verbonden anonimiteit afschaffen.

Ook al werd nooit aangetoond dat de effecten aan toonder die uitgegeven worden door juridische instrumenten van Belgisch recht, gebruikt werden door terroristische en/of criminele organisaties, blijft de bezorgdheid om zich te houden aan de aanbevelingen van het GAFI een maatregel die de internationale geloofwaardigheid van België zal versterken.

De effecten aan toonder kunnen tevens leiden tot fiscale fraude. De anonimiteit die ermee gepaard gaat biedt de mogelijkheid tot onwettige verrichtingen teneinde belastingen te ontduiken.

Er moet bovendien ook nog worden onderstreept dat de effecten aan toonder doorgaans één van de middelen zijn waardoor nadeel wordt toegebracht aan de erfrechtelijke reserve en sommige kinderen onwettig worden begunstigd ten nadele van de andere.

De effecten aan toonder zijn weinig aangepast aan de moderne vereisten gesteld aan effecten. Naast het risico van verlies en diefstal zijn de vereisten inzake de bewaring van effecten aan toonder en de inning van coupons zwaar en duur. De fysieke handelingen die vereist zijn voor de eigendomsoverdracht van een dergelijk effect zijn evenmin te verwaarlozen, vooral bij grootschalige uitwisselingen.

Sedert 1991 werd een grondige hervorming doorgevoerd inzake de vorm van leningen van de openbare schuld, die zich vertaalt in een steeds volledigere dematerialisatie.

De voornoemde argumenten vormen een pleidooi voor een hervorming van het Belgisch recht inzake effecten. [...] De eerste doelstelling van de hervorming bestaat in de geleidelijke afschaffing van de effecten aan toonder, en bijgevolg van de daaraan verbonden anonimiteit, zulks door middel van de omzetting ervan in gedematerialiseerde effecten of effecten op naam.

In het kader van de geleidelijke verdwijning van de effecten aan toonder heeft de regering in een relatief lange omzettingsperiode voorzien. Die periode loopt tot 2014 voor de effecten uitgegeven vóór de bekendmaking van de ontworpen wet in het Belgisch Staatsblad, zodat de huidige rechthebbenden van effecten aan toonder niet overdreven worden benadeeld en de betrokken emittenten tevens zonder overhaasting tot de nodige aanpassingen kunnen overgaan.

Het is eveneens de bedoeling de investeerders moderne en aantrekkelijke alternatieven aan te bieden voor de effecten aan toonder : door de invoering en modernisering van de gedematerialiseerde effecten, door de creatie van een vereenvoudigd stelsel van gedematerialiseerde effecten, door de modernisering van het stelsel van effecten op naam, en door de aanneming van verschillende maatregelen om hun circulatie te vergemakkelijken » (Parl. St., Kamer, 2005-2006, DOC 51-1974/003, pp. 3-5).

B.2.2. In grote lijnen voorziet de wet van 14 december 2005Relevante gevonden documenten type wet prom. 14/12/2005 pub. 23/12/2005 numac 2005009962 bron federale overheidsdienst justitie Wet houdende afschaffing van de effecten aan toonder sluiten, zoals gewijzigd bij de wetten van 25 april 2007 en 20 december 2010, in een vanaf 1 januari 2008 geldend verbod tot het uitgeven en het feitelijk afleveren van nieuwe effecten aan toonder (artikelen 3 en 4), in een omzetting van rechtswege van bepaalde effecten aan toonder in gedematerialiseerde effecten (artikel 5), en in een verplichting om de andere effecten aan toonder uiterlijk op 31 december 2013 om te zetten, naar keuze van de betrokkene, in effecten op naam of in gedematerialiseerde effecten (artikel 7).

Ten aanzien van de bestreden bepalingen B.3.1. De verzoekende partij vordert de vernietiging van de artikelen 61 tot en met 69 van de wet van 28 december 2011Relevante gevonden documenten type wet prom. 28/12/2011 pub. 30/12/2011 numac 2011021115 bron federale overheidsdienst kanselarij van de eerste minister Wet houdende diverse bepalingen type wet prom. 28/12/2011 pub. 01/02/2012 numac 2012014018 bron federale overheidsdienst mobiliteit en vervoer Wet tot wijziging van de wet van 19 december 2006 betreffende de exploitatieveiligheid van de spoorwegen, met het oog op de invoering van bestuurlijke boetes type wet prom. 28/12/2011 pub. 21/03/2012 numac 2012000169 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet tot wijziging van de wet van 19 december 2006 betreffende de exploitatieveiligheid van de spoorwegen, met het oog op de invoering van bestuurlijke boetes. - Duitse vertaling type wet prom. 28/12/2011 pub. 03/02/2012 numac 2012014032 bron federale overheidsdienst mobiliteit en vervoer Wet tot wijziging van het koninklijk besluit van 1 december 1975 houdende algemeen reglement op de politie van het wegverkeer en van het gebruik van de openbare weg teneinde de fietsers toe te staan in bepaalde gevallen de verkeerslichten voorbij te rijden type wet prom. 28/12/2011 pub. 04/02/2014 numac 2014000034 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet tot wijziging van het koninklijk besluit van 1 december 1975 houdende algemeen reglement op de politie van het wegverkeer en van het gebruik van de openbare weg teneinde de fietsers toe te staan in bepaalde gevallen de verkeerslichten voorbij te rijden. - Duitse vertaling sluiten houdende diverse bepalingen.

Krachtens artikel 61 van die wet wordt titel IV van boek II van het Wetboek diverse rechten en taksen, titel die was opgeheven bij de wet van 19 juni 1959 en werd vernummerd bij de wet van 19 december 2006, hersteld met als opschrift : « Taks op de effecten aan toonder ».

De artikelen 62 tot en met 68 van die wet voegen in die titel de artikelen 167 tot en met 173 in.

Bij de wet van 13 december 2012Relevante gevonden documenten type wet prom. 13/12/2012 pub. 20/12/2012 numac 2012003381 bron federale overheidsdienst financien Wet houdende fiscale en financiële bepalingen sluiten houdende fiscale en financiële bepalingen werden de aldus in het Wetboek diverse rechten en taksen ingevoegde artikelen 172 en 173, om technische redenen, respectievelijk vernummerd tot de artikelen 172/1 en 172/2.

B.3.2. De artikelen 167 tot en met 172/2 van het Wetboek diverse rechten en taksen, zoals ingevoegd bij de wet van 28 december 2011Relevante gevonden documenten type wet prom. 28/12/2011 pub. 30/12/2011 numac 2011021115 bron federale overheidsdienst kanselarij van de eerste minister Wet houdende diverse bepalingen type wet prom. 28/12/2011 pub. 01/02/2012 numac 2012014018 bron federale overheidsdienst mobiliteit en vervoer Wet tot wijziging van de wet van 19 december 2006 betreffende de exploitatieveiligheid van de spoorwegen, met het oog op de invoering van bestuurlijke boetes type wet prom. 28/12/2011 pub. 21/03/2012 numac 2012000169 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet tot wijziging van de wet van 19 december 2006 betreffende de exploitatieveiligheid van de spoorwegen, met het oog op de invoering van bestuurlijke boetes. - Duitse vertaling type wet prom. 28/12/2011 pub. 03/02/2012 numac 2012014032 bron federale overheidsdienst mobiliteit en vervoer Wet tot wijziging van het koninklijk besluit van 1 december 1975 houdende algemeen reglement op de politie van het wegverkeer en van het gebruik van de openbare weg teneinde de fietsers toe te staan in bepaalde gevallen de verkeerslichten voorbij te rijden type wet prom. 28/12/2011 pub. 04/02/2014 numac 2014000034 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet tot wijziging van het koninklijk besluit van 1 december 1975 houdende algemeen reglement op de politie van het wegverkeer en van het gebruik van de openbare weg teneinde de fietsers toe te staan in bepaalde gevallen de verkeerslichten voorbij te rijden. - Duitse vertaling sluiten en vernummerd bij de wet van 13 december 2012Relevante gevonden documenten type wet prom. 13/12/2012 pub. 20/12/2012 numac 2012003381 bron federale overheidsdienst financien Wet houdende fiscale en financiële bepalingen sluiten, bepalen : «

Art. 167.Er wordt een taks gevestigd op de omzetting van effecten aan toonder in gedematerialiseerde effecten of in effecten op naam overeenkomstig de wet van 14 december 2005Relevante gevonden documenten type wet prom. 14/12/2005 pub. 23/12/2005 numac 2005009962 bron federale overheidsdienst justitie Wet houdende afschaffing van de effecten aan toonder sluiten houdende de afschaffing van de effecten aan toonder, met uitzondering van de effecten bedoeld in artikel 2, eerste lid, 1°, van de voormelde wet van 14 december 2005Relevante gevonden documenten type wet prom. 14/12/2005 pub. 23/12/2005 numac 2005009962 bron federale overheidsdienst justitie Wet houdende afschaffing van de effecten aan toonder sluiten, die op vervaldag komen vóór 1 januari 2014 ». «

Art. 168.Het tarief van de taks wordt vastgesteld op : - 1 pct. voor de omzetting gerealiseerd in de loop van het jaar 2012; - 2 pct. voor de omzetting gerealiseerd in de loop van het jaar 2013 ». «

Art. 169.De vorderbare taks wordt berekend op de datum van neerlegging : a) voor de roerende waarden opgenomen in de gereglementeerde markt of in een multilaterale handelsfaciliteit, volgens de laatste koers vastgesteld voor de datum van neerlegging;b) voor de effecten van schuldvorderingen die niet zijn toegelaten tot een gereglementeerde markt, op het nominale bedrag van het kapitaal van de schuldvordering;c) voor de rechten van deelneming in beleggingsinstellingen met een veranderlijk aantal rechten, volgens de laatst berekende inventariswaarde vóór de datum van neerlegging;d) in alle andere gevallen, op de boekwaarde van de effecten, de interesten daarin niet begrepen, te ramen op de dag van de neerlegging, door degene die de omzetting heeft bewerkt. Wanneer de waarde van de om te zetten effecten uitgedrukt wordt in vreemde munt, wordt zij omgezet in euro op basis van de verkoopkoers op de datum van neerlegging ». «

Art. 170.De taks wordt betaald : 1° door de tussenpersonen van beroep wanneer de titels aan toonder zijn ingeschreven op een effectenrekening ten gevolge van een neerlegging door de houder;2° door de uitgevende vennootschappen wanneer de titels zijn neergelegd met het oog op een omzetting in effecten op naam ». «

Art. 171.§ 1. De taks is betaalbaar uiterlijk de laatste werkdag van de maand die volgt op deze waarop de neerlegging plaatsvindt.

De taks wordt betaald door storting of overschrijving op de postrekening van het bevoegde kantoor.

Op de dag van de betaling wordt door de belastingschuldige op dat kantoor een opgave ingediend die de maatstaf van heffing opgeeft alsmede alle elementen noodzakelijk ter bepaling ervan. § 2. Wanneer de taks niet binnen de in § 1 bepaalde termijn werd betaald, is de interest van rechtswege verschuldigd te rekenen van de dag waarop de betaling had moeten geschieden.

Wanneer de opgave niet binnen de bepaalde termijn werd ingediend, wordt een boete verbeurd van 12,50 euro per week vertraging. Iedere begonnen week wordt voor een gehele week aangerekend.

Iedere onjuistheid of onvolledigheid in de opgave bedoeld in § 1, wordt gestraft met een boete gelijk aan vijfmaal de ontdoken taks zonder dat ze minder dan 250 euro kan bedragen. § 3. De elementen die in de in § 1 bedoelde opgave moeten meegedeeld worden, elk stuk waarvan het overleggen nodig is voor de controle van de heffing van de taks evenals het bevoegde kantoor worden door de Koning bepaald ». «

Art. 172/1.Op straf van een boete van 250 euro tot 2.500 euro, zijn de tussenpersonen en de uitgevende vennootschappen gehouden op elke vordering der aangestelden van de administratie van de belasting over de toegevoegde waarde, registratie en domeinen die ten minste de graad van adjunct-verificateur hebben, zonder verplaatsing inzage te verlenen, van hun boeken, contracten en van alle andere bescheiden in verband met de verrichtingen die over openbare fondsen gaan ». «

Art. 172/2.De taks wordt terugbetaald : 1° wanneer de betaalde taks meer bedraagt dan de belasting die naar aanleiding van de omzetting opvorderbaar was;2° wanneer de intrekking, de wijziging of de verbetering van de beurskoersen de nietigverklaring of de wijziging van de belastbare basis heeft teweeggebracht waarop de taks oorspronkelijk werd gekweten. De Koning bepaalt de wijze en de voorwaarden voor de terugbetaling.

Er wordt geen gevolg gegeven aan de verzoeken tot terugbetaling van minder dan 5 euro per aangifte ».

B.3.3. Artikel 69 van de wet van 28 december 2011Relevante gevonden documenten type wet prom. 28/12/2011 pub. 30/12/2011 numac 2011021115 bron federale overheidsdienst kanselarij van de eerste minister Wet houdende diverse bepalingen type wet prom. 28/12/2011 pub. 01/02/2012 numac 2012014018 bron federale overheidsdienst mobiliteit en vervoer Wet tot wijziging van de wet van 19 december 2006 betreffende de exploitatieveiligheid van de spoorwegen, met het oog op de invoering van bestuurlijke boetes type wet prom. 28/12/2011 pub. 21/03/2012 numac 2012000169 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet tot wijziging van de wet van 19 december 2006 betreffende de exploitatieveiligheid van de spoorwegen, met het oog op de invoering van bestuurlijke boetes. - Duitse vertaling type wet prom. 28/12/2011 pub. 03/02/2012 numac 2012014032 bron federale overheidsdienst mobiliteit en vervoer Wet tot wijziging van het koninklijk besluit van 1 december 1975 houdende algemeen reglement op de politie van het wegverkeer en van het gebruik van de openbare weg teneinde de fietsers toe te staan in bepaalde gevallen de verkeerslichten voorbij te rijden type wet prom. 28/12/2011 pub. 04/02/2014 numac 2014000034 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet tot wijziging van het koninklijk besluit van 1 december 1975 houdende algemeen reglement op de politie van het wegverkeer en van het gebruik van de openbare weg teneinde de fietsers toe te staan in bepaalde gevallen de verkeerslichten voorbij te rijden. - Duitse vertaling sluiten bepaalt : « De artikelen 58 tot 60 zijn van toepassing op de beursverrichtingen die vanaf 1 januari 2012 worden gedaan.

De artikelen 61 tot 68 treden in werking op 1 januari 2012 ».

B.4. In de parlementaire voorbereiding worden de bestreden bepalingen toegelicht als volgt : « In het Wetboek diverse rechten en taksen wordt een Titel IV ingevoegd houdende de invoering van een taks op de omzetting van titels aan toonder in gedematerialiseerde effecten of effecten op naam.

De wet van 14 december 2005Relevante gevonden documenten type wet prom. 14/12/2005 pub. 23/12/2005 numac 2005009962 bron federale overheidsdienst justitie Wet houdende afschaffing van de effecten aan toonder sluiten houdende afschaffing van de effecten aan toonder bepaalt dat in de periode tussen 1 januari 2008 en 31 december 2013 alle effecten die nog niet op 1 januari 2008 van rechtswege zijn omgezet in gedematerialiseerde effecten, omgezet dienen te worden in gedematerialiseerde effecten of in effecten op naam.

Gezien op dit ogenblik vele vennootschappen de omzetting nog niet gerealiseerd hebben en gevreesd wordt dat zij het allerlaatste ogenblik afwachten om ze uit te voeren heeft de wetgever maatregelen genomen om te vermijden dat eind 2013 de overgrote meerderheid van de vennootschappen overgaat tot de omzetting.

Hiertoe wordt een taks ingevoerd die hoger wordt naarmate de uiterste datum om de omzetting te realiseren bereikt of overschreden wordt.

De taks beoogt de omzetting van titels aan toonder in ge [de]materialiseerde effecten of effecten op naam door inschrijving op een effectenrekening (dematerialisatie) of neerlegging bij de uitgever (omzetting in effecten op naam).

Het belastbaar feit van de taks is de omzetting van de titels. Worden dus beoogd de omzettingen die gebeuren vanaf 1 januari 2012.

Het tarief van de taks is vastgelegd op 1 % van de waarde van de om te zetten effecten, voor de omzettingen die gerealiseerd worden in 2012.

De taks bedraagt 2 % voor de omzettingen die gerealiseerd worden in 2013.

Zij wordt geïnd op het ogenblik van de inschrijving van de effecten op een effectenrekening of van de neerlegging bij de uitgever.

De taks wordt berekend op de waarde van de effecten op de dag van hun inschrijving op een effectenrekening of de neerlegging bij de uitgever met het oog op hun omzetting. Om de schatting in bepaalde van de meest voorkomende gevallen (ter beurs genoteerde effecten, rechten van deelneming in beleggingsinstellingen met een veranderlijk aantal rechten) te vergemakkelijken wordt de belastbare basis forfaitair vastgesteld. In de andere gevallen wordt de belastbare basis bepaald door de venale waarde.

De tussenpersonen van beroep of de uitgevers zijn ertoe gehouden de taks te innen voor de omzettingen die met hun tussenkomst worden uitgevoerd.

De bepalingen betreffende de verplichtingen tot mededeling en de gevallen van teruggave zijn vergelijkbaar met deze die van toepassing zijn inzake [de] taks op de beursverrichtingen en de taks op de aflevering van effecten aan toonder » (Parl. St., Kamer, 2011-2012, DOC 53-1952/004, pp. 46-47).

Ten aanzien van het belang van de verzoekende partij B.5. Ter motivering van haar belang, voert de verzoekende partij aan dat zij, samen met haar zonen, eigenaar is van meerdere effecten aan toonder, uitgegeven door twee naamloze vennootschappen met maatschappelijke zetel te Melle, en dat zij op 21 december 2011 het initiatief heeft genomen om die effecten, overeenkomstig de wet van 14 december 2005Relevante gevonden documenten type wet prom. 14/12/2005 pub. 23/12/2005 numac 2005009962 bron federale overheidsdienst justitie Wet houdende afschaffing van de effecten aan toonder sluiten houdende de afschaffing van de effecten aan toonder, om te zetten in effecten op naam, maar dat die omzetting niet vóór de inwerkingtreding van de bestreden bepalingen kon worden gerealiseerd.

B.6. De Ministerraad betwist het belang van de verzoekende partij, omdat de bestreden belasting zou moeten worden betaald door de uitgevende vennootschappen wanneer de effecten zijn neergelegd met het oog op een omzetting in effecten op naam, en dus niet door de houders van die effecten.

B.7. De Grondwet en de bijzondere wet van 6 januari 1989Relevante gevonden documenten type wet prom. 06/01/1989 pub. 18/02/2008 numac 2008000108 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Bijzondere wet op het Arbitragehof sluiten op het Grondwettelijk Hof vereisen dat elke natuurlijke persoon of rechtspersoon die een beroep tot vernietiging instelt, doet blijken van een belang. Van het vereiste belang doen slechts blijken de personen wier situatie door de bestreden norm rechtstreeks en ongunstig zou kunnen worden geraakt.

B.8.1. Volgens artikel 170, 2°, van het Wetboek diverse rechten en taksen, zoals ingevoegd bij artikel 65 van de wet van 28 december 2011Relevante gevonden documenten type wet prom. 28/12/2011 pub. 30/12/2011 numac 2011021115 bron federale overheidsdienst kanselarij van de eerste minister Wet houdende diverse bepalingen type wet prom. 28/12/2011 pub. 01/02/2012 numac 2012014018 bron federale overheidsdienst mobiliteit en vervoer Wet tot wijziging van de wet van 19 december 2006 betreffende de exploitatieveiligheid van de spoorwegen, met het oog op de invoering van bestuurlijke boetes type wet prom. 28/12/2011 pub. 21/03/2012 numac 2012000169 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet tot wijziging van de wet van 19 december 2006 betreffende de exploitatieveiligheid van de spoorwegen, met het oog op de invoering van bestuurlijke boetes. - Duitse vertaling type wet prom. 28/12/2011 pub. 03/02/2012 numac 2012014032 bron federale overheidsdienst mobiliteit en vervoer Wet tot wijziging van het koninklijk besluit van 1 december 1975 houdende algemeen reglement op de politie van het wegverkeer en van het gebruik van de openbare weg teneinde de fietsers toe te staan in bepaalde gevallen de verkeerslichten voorbij te rijden type wet prom. 28/12/2011 pub. 04/02/2014 numac 2014000034 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet tot wijziging van het koninklijk besluit van 1 december 1975 houdende algemeen reglement op de politie van het wegverkeer en van het gebruik van de openbare weg teneinde de fietsers toe te staan in bepaalde gevallen de verkeerslichten voorbij te rijden. - Duitse vertaling sluiten houdende diverse bepalingen, wordt de bestreden belasting, wanneer de titels zijn neergelegd met het oog op een omzetting in effecten op naam, betaald door de uitgevende vennootschappen.

B.8.2. De omstandigheid dat een vennootschap de kosten van een belasting die zij dient te betalen, zou kunnen doorrekenen aan derden, zoals klanten of aandeelhouders, verleent die laatsten in beginsel niet het vereiste belang om in rechte op te treden tegen de wetskrachtige norm die die belasting invoert, omdat het doorrekenen van die kosten in beginsel niet rechtstreeks voortvloeit uit de wet, maar uit de verhoudingen tussen de vennootschap en de betrokken derden.

B.8.3. Te dezen dient echter rekening te worden gehouden met artikel 462 van het Wetboek van vennootschappen, dat bepaalt : « De eigenaars van effecten aan toonder of gedematerialiseerde effecten kunnen te allen tijde vragen dat deze op hun kosten worden omgezet in effecten op naam ».

Uit die bepaling vloeit voort dat de kosten die zijn verbonden aan de omzetting van effecten aan toonder, op initiatief van de eigenaars ervan, in effecten op naam, worden gedragen door de eigenaars van de effecten aan toonder.

B.8.4. Vermits de bestreden belasting wordt gevestigd op, onder meer, de omzetting van de effecten aan toonder in effecten op naam (artikel 167 van het Wetboek diverse rechten en taksen, zoals ingevoegd bij artikel 62 van de wet van 28 december 2011Relevante gevonden documenten type wet prom. 28/12/2011 pub. 30/12/2011 numac 2011021115 bron federale overheidsdienst kanselarij van de eerste minister Wet houdende diverse bepalingen type wet prom. 28/12/2011 pub. 01/02/2012 numac 2012014018 bron federale overheidsdienst mobiliteit en vervoer Wet tot wijziging van de wet van 19 december 2006 betreffende de exploitatieveiligheid van de spoorwegen, met het oog op de invoering van bestuurlijke boetes type wet prom. 28/12/2011 pub. 21/03/2012 numac 2012000169 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet tot wijziging van de wet van 19 december 2006 betreffende de exploitatieveiligheid van de spoorwegen, met het oog op de invoering van bestuurlijke boetes. - Duitse vertaling type wet prom. 28/12/2011 pub. 03/02/2012 numac 2012014032 bron federale overheidsdienst mobiliteit en vervoer Wet tot wijziging van het koninklijk besluit van 1 december 1975 houdende algemeen reglement op de politie van het wegverkeer en van het gebruik van de openbare weg teneinde de fietsers toe te staan in bepaalde gevallen de verkeerslichten voorbij te rijden type wet prom. 28/12/2011 pub. 04/02/2014 numac 2014000034 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet tot wijziging van het koninklijk besluit van 1 december 1975 houdende algemeen reglement op de politie van het wegverkeer en van het gebruik van de openbare weg teneinde de fietsers toe te staan in bepaalde gevallen de verkeerslichten voorbij te rijden. - Duitse vertaling sluiten houdende diverse bepalingen), vormt zij kosten die inherent zijn verbonden aan die omzetting en die, op grond van artikel 462 van het Wetboek van vennootschappen, door de uitgevende vennootschappen kunnen worden doorgerekend aan de houders van de effecten aan toonder.

Ofschoon in de parlementaire voorbereiding van de bestreden bepalingen geen melding wordt gemaakt van artikel 462 van het Wetboek van vennootschappen, blijkt niettemin eruit dat de wetgever zich bewust was van het gegeven dat de uitgevende vennootschappen de belasting op grond van die bepaling kunnen doorrekenen. De toelichting bij het amendement dat heeft geleid tot de bestreden bepalingen vermeldt immers dat de uitgevende vennootschappen « ertoe gehouden [zijn] de taks te innen voor de omzettingen die met hun tussenkomst worden uitgevoerd » (Parl. St., Kamer, 2011-2012, DOC 53-1952/004, p. 47), en dit ofschoon de belasting, volgens het in dat amendement vervatte voorstel van artikel 170 van het Wetboek diverse rechten en taksen « wordt betaald [...] door de uitgevende vennootschappen » (ibid., p. 44). Bovendien heeft de bevoegde minister in de Commissie voor de Financiën en de Begroting van de Kamer van volksvertegenwoordigers verklaard : « Wat de vraag [...] betreft over wie de taks zal betalen, luidt het antwoord dat de tussenpersonen van beroep, zoals artikel 170 aangeeft, die verschuldigd zijn. Wanneer het gaat om een uitgevende vennootschap, zal zij dat vermoedelijk ook doorrekenen » (Parl. St., Kamer, 2011-2012, DOC 53-1952/010, pp. 39-40).

B.9. Aangezien de bestreden belasting kan worden beschouwd als een kost verbonden aan de omzetting van de effecten aan toonder in effecten op naam die op grond van artikel 462 van het Wetboek van vennootschappen door de uitgevende vennootschappen kan worden doorgerekend aan de houders van effecten aan toonder, wordt de verzoekende partij rechtstreeks en ongunstig geraakt door de bestreden bepalingen en doet zij blijken van het rechtens vereiste belang.

De exceptie van de Ministerraad wordt verworpen.

Ten aanzien van het onderwerp van het beroep B.10.1. Volgens artikel 69, eerste lid, van de wet van 28 december 2011Relevante gevonden documenten type wet prom. 28/12/2011 pub. 30/12/2011 numac 2011021115 bron federale overheidsdienst kanselarij van de eerste minister Wet houdende diverse bepalingen type wet prom. 28/12/2011 pub. 01/02/2012 numac 2012014018 bron federale overheidsdienst mobiliteit en vervoer Wet tot wijziging van de wet van 19 december 2006 betreffende de exploitatieveiligheid van de spoorwegen, met het oog op de invoering van bestuurlijke boetes type wet prom. 28/12/2011 pub. 21/03/2012 numac 2012000169 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet tot wijziging van de wet van 19 december 2006 betreffende de exploitatieveiligheid van de spoorwegen, met het oog op de invoering van bestuurlijke boetes. - Duitse vertaling type wet prom. 28/12/2011 pub. 03/02/2012 numac 2012014032 bron federale overheidsdienst mobiliteit en vervoer Wet tot wijziging van het koninklijk besluit van 1 december 1975 houdende algemeen reglement op de politie van het wegverkeer en van het gebruik van de openbare weg teneinde de fietsers toe te staan in bepaalde gevallen de verkeerslichten voorbij te rijden type wet prom. 28/12/2011 pub. 04/02/2014 numac 2014000034 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet tot wijziging van het koninklijk besluit van 1 december 1975 houdende algemeen reglement op de politie van het wegverkeer en van het gebruik van de openbare weg teneinde de fietsers toe te staan in bepaalde gevallen de verkeerslichten voorbij te rijden. - Duitse vertaling sluiten zijn « de artikelen 58 tot 60 [...] van toepassing op de beursverrichtingen die vanaf 1 januari 2012 worden gedaan ».

Zoals de Ministerraad aanvoert, heeft die bepaling geen betrekking op de belasting op de omzetting van effecten aan toonder in gedematerialiseerde effecten of in effecten op naam, die immers wordt geregeld in de artikelen 62 tot en met 68 van de wet van 28 december 2011Relevante gevonden documenten type wet prom. 28/12/2011 pub. 30/12/2011 numac 2011021115 bron federale overheidsdienst kanselarij van de eerste minister Wet houdende diverse bepalingen type wet prom. 28/12/2011 pub. 01/02/2012 numac 2012014018 bron federale overheidsdienst mobiliteit en vervoer Wet tot wijziging van de wet van 19 december 2006 betreffende de exploitatieveiligheid van de spoorwegen, met het oog op de invoering van bestuurlijke boetes type wet prom. 28/12/2011 pub. 21/03/2012 numac 2012000169 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet tot wijziging van de wet van 19 december 2006 betreffende de exploitatieveiligheid van de spoorwegen, met het oog op de invoering van bestuurlijke boetes. - Duitse vertaling type wet prom. 28/12/2011 pub. 03/02/2012 numac 2012014032 bron federale overheidsdienst mobiliteit en vervoer Wet tot wijziging van het koninklijk besluit van 1 december 1975 houdende algemeen reglement op de politie van het wegverkeer en van het gebruik van de openbare weg teneinde de fietsers toe te staan in bepaalde gevallen de verkeerslichten voorbij te rijden type wet prom. 28/12/2011 pub. 04/02/2014 numac 2014000034 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet tot wijziging van het koninklijk besluit van 1 december 1975 houdende algemeen reglement op de politie van het wegverkeer en van het gebruik van de openbare weg teneinde de fietsers toe te staan in bepaalde gevallen de verkeerslichten voorbij te rijden. - Duitse vertaling sluiten.

B.10.2. In zoverre het beroep is gericht tegen artikel 69, eerste lid, van de wet van 28 december 2011Relevante gevonden documenten type wet prom. 28/12/2011 pub. 30/12/2011 numac 2011021115 bron federale overheidsdienst kanselarij van de eerste minister Wet houdende diverse bepalingen type wet prom. 28/12/2011 pub. 01/02/2012 numac 2012014018 bron federale overheidsdienst mobiliteit en vervoer Wet tot wijziging van de wet van 19 december 2006 betreffende de exploitatieveiligheid van de spoorwegen, met het oog op de invoering van bestuurlijke boetes type wet prom. 28/12/2011 pub. 21/03/2012 numac 2012000169 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet tot wijziging van de wet van 19 december 2006 betreffende de exploitatieveiligheid van de spoorwegen, met het oog op de invoering van bestuurlijke boetes. - Duitse vertaling type wet prom. 28/12/2011 pub. 03/02/2012 numac 2012014032 bron federale overheidsdienst mobiliteit en vervoer Wet tot wijziging van het koninklijk besluit van 1 december 1975 houdende algemeen reglement op de politie van het wegverkeer en van het gebruik van de openbare weg teneinde de fietsers toe te staan in bepaalde gevallen de verkeerslichten voorbij te rijden type wet prom. 28/12/2011 pub. 04/02/2014 numac 2014000034 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet tot wijziging van het koninklijk besluit van 1 december 1975 houdende algemeen reglement op de politie van het wegverkeer en van het gebruik van de openbare weg teneinde de fietsers toe te staan in bepaalde gevallen de verkeerslichten voorbij te rijden. - Duitse vertaling sluiten, is het niet ontvankelijk.

Ten gronde B.11. Het eerste middel is afgeleid uit de schending door de artikelen 167 en 168 van het Wetboek diverse rechten en taksen, zoals ingevoegd bij de artikelen 62 en 63 van de wet van 28 december 2011Relevante gevonden documenten type wet prom. 28/12/2011 pub. 30/12/2011 numac 2011021115 bron federale overheidsdienst kanselarij van de eerste minister Wet houdende diverse bepalingen type wet prom. 28/12/2011 pub. 01/02/2012 numac 2012014018 bron federale overheidsdienst mobiliteit en vervoer Wet tot wijziging van de wet van 19 december 2006 betreffende de exploitatieveiligheid van de spoorwegen, met het oog op de invoering van bestuurlijke boetes type wet prom. 28/12/2011 pub. 21/03/2012 numac 2012000169 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet tot wijziging van de wet van 19 december 2006 betreffende de exploitatieveiligheid van de spoorwegen, met het oog op de invoering van bestuurlijke boetes. - Duitse vertaling type wet prom. 28/12/2011 pub. 03/02/2012 numac 2012014032 bron federale overheidsdienst mobiliteit en vervoer Wet tot wijziging van het koninklijk besluit van 1 december 1975 houdende algemeen reglement op de politie van het wegverkeer en van het gebruik van de openbare weg teneinde de fietsers toe te staan in bepaalde gevallen de verkeerslichten voorbij te rijden type wet prom. 28/12/2011 pub. 04/02/2014 numac 2014000034 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet tot wijziging van het koninklijk besluit van 1 december 1975 houdende algemeen reglement op de politie van het wegverkeer en van het gebruik van de openbare weg teneinde de fietsers toe te staan in bepaalde gevallen de verkeerslichten voorbij te rijden. - Duitse vertaling sluiten houdende diverse bepalingen, van de artikelen 10, 11 en 172 van de Grondwet, al dan niet in samenhang gelezen met de richtlijn 2008/7/EG van de Raad van 12 februari 2008 betreffende de indirecte belastingen op het bijeenbrengen van kapitaal.

De verzoekende partij voert aan dat de bestreden bepalingen een niet te verantwoorden verschil in behandeling in het leven roepen tussen, enerzijds, de personen die hebben ingeschreven op effecten op naam of op gedematerialiseerde effecten, die het voordeel genieten van het verbod tot het heffen van indirecte belastingen op het bijeenbrengen van kapitaal, zoals voorzien in artikel 5, lid 2, van de richtlijn 2008/7/EG en, anderzijds, de personen die hebben ingeschreven op effecten aan toonder, die niet het voordeel van het voormelde verbod genieten. Zij meent bovendien dat de bestreden bepalingen een tweede niet te verantwoorden verschil in behandeling in het leven roepen, namelijk tussen de personen die hun effecten aan toonder vóór 1 januari 2012 hebben omgezet, die het voordeel van het voormelde verbod genieten, enerzijds, en de personen die hun effecten aan toonder niet voor die datum hebben omgezet, die niet het voordeel van dat verbod genieten, anderzijds.

B.12. De artikelen 10, 11 en 172 van de Grondwet bepalen : «

Art. 10.Er is in de Staat geen onderscheid van standen.

De Belgen zijn gelijk voor de wet; zij alleen zijn tot de burgerlijke en militaire bedieningen benoembaar, behoudens de uitzonderingen die voor bijzondere gevallen door een wet kunnen worden gesteld.

De gelijkheid van vrouwen en mannen is gewaarborgd ». «

Art. 11.Het genot van de rechten en vrijheden aan de Belgen toegekend moet zonder discriminatie verzekerd worden. Te dien einde waarborgen de wet en het decreet inzonderheid de rechten en vrijheden van de ideologische en filosofische minderheden ». «

Art. 172.Inzake belastingen kunnen geen voorrechten worden ingevoerd.

Geen vrijstelling of vermindering van belasting kan worden ingevoerd dan door een wet ».

B.13. De artikelen 10 en 11 van de Grondwet hebben een algemene draagwijdte. Zij verbieden elke discriminatie, ongeacht de oorsprong ervan : het grondwettelijk beginsel van gelijkheid en niet-discriminatie is toepasselijk ten aanzien van alle rechten en alle vrijheden, met inbegrip van die welke voortvloeien uit internationale verdragen die België binden.

Artikel 172, eerste lid, van de Grondwet vormt, in fiscale aangelegenheden, een bijzondere toepassing van het in de artikelen 10 en 11 van de Grondwet vervatte beginsel van gelijkheid en niet-discriminatie.

B.14.1. Artikel 5, lid 2, van de richtlijn 2008/7/EG van de Raad van 12 februari 2008 betreffende de indirecte belastingen op het bijeenbrengen van kapitaal bepaalt : « De lidstaten heffen geen enkele indirecte belasting, in welke vorm ook, ter zake van : a) het opmaken, de uitgifte, de toelating ter beurze, het in omloop brengen of het verhandelen van aandelen, deelbewijzen of andere soortgelijke effecten, alsmede van certificaten van deze stukken, onverschillig door wie zij worden uitgegeven;b) leningen, met inbegrip van staatsleningen, afgesloten tegen uitgifte van obligaties of andere verhandelbare effecten, onverschillig door wie deze worden uitgegeven, en alle daarmee verband houdende formaliteiten, alsmede het opmaken, de uitgifte, de toelating ter beurze, het in omloop brengen of het verhandelen van deze obligaties of andere verhandelbare effecten ». B.14.2. Het in artikel 5, lid 2, van de richtlijn 2008/7/EG vermelde verbod dient enigszins te worden genuanceerd, vermits artikel 6 van diezelfde richtlijn bepaalt : « 1. Niettegenstaande artikel 5 kunnen de lidstaten de volgende rechten en belastingen heffen : a) al dan niet forfaitaire rechten op de overdrachten van effecten;b) overdrachtsrechten, daaronder begrepen kadastrale rechten, wegens inbreng van op hun grondgebied gelegen onroerende goederen of handelseigendommen in een kapitaalvennootschap;c) overdrachtsrechten wegens inbreng van zaken van welke aard ook in een kapitaalvennootschap, voor zover de overdracht van deze zaken geschiedt tegen toekenning van andere waarden dan aandelen;d) rechten op de vestiging, inschrijving of doorhaling van voorrechten en hypotheken;e) rechten in de vorm van een vergoeding;f) btw.2. De heffing in de vorm van de in lid 1, onder b) tot en met e), genoemde rechten en belastingen verschilt niet naargelang de zetel van de werkelijke leiding of de statutaire zetel van de kapitaalvennootschap zich al dan niet op het grondgebied bevindt van de lidstaat die deze heffing oplegt.Deze rechten en belastingen mogen niet hoger zijn dan die welke wegens andere soortgelijke verrichtingen worden geheven in de lidstaat die de heffing oplegt ».

B.15.1. De voormelde artikelen 5, lid 2, en 6 van de richtlijn 2008/7/EG zijn analoog aan de artikelen 11 en 12 van de inmiddels opgeheven richtlijn 69/335/EEG van 17 juli 1969 betreffende de indirecte belastingen op het bijeenbrengen van kapitaal.

B.15.2. Omtrent die laatste bepalingen heeft het Hof van Justitie van de Europese Unie bij zijn arrest van 27 oktober 1998, betreffende een Spaanse belasting op notariële akten waarbij de terugbetaling van een obligatielening wordt vastgesteld, geoordeeld als volgt : « 15. Met zijn vraag wenst de verwijzende rechter in wezen te vernemen, of artikel 11, sub b, van de richtlijn aldus moet worden uitgelegd, dat het verbod om obligatieleningen aan belasting te onderwerpen, ook geldt voor de belasting op notariële akten waarbij de terugbetaling van een lening wordt vastgesteld, en zo ja, of een dergelijke belasting onder de met name in artikel 12, lid 1, sub d, van de richtlijn bepaalde afwijking kan vallen. 16. Het Koninkrijk Spanje en de belastingadministratie betogen allereerst, dat artikel 11, sub b, van de richtlijn de terugbetaling van leningen niet vermeldt onder de verrichtingen die niet aan belasting kunnen worden onderworpen.17. Dienaangaande zij eraan herinnerd, dat volgens artikel 11, sub b, van de richtlijn aan geen enkele belasting, in welke vorm ook, mogen worden onderworpen leningen afgesloten tegen uitgifte van obligaties of andere verhandelbare effecten, onverschillig door wie deze worden uitgegeven, en alle daarmede verband houdende formaliteiten, alsmede het opmaken, de uitgifte, de toelating ter beurze, het in omloop brengen of het verhandelen van deze obligaties of andere verhandelbare effecten.18. Al wordt in artikel 11, sub b, van de richtlijn dus niet uitdrukkelijk melding gemaakt van de terugbetaling van een obligatielening, het toestaan van het heffen van belasting bij de terugbetaling van een obligatielening terwijl het heffen van belasting bij de uitgifte van een dergelijke lening is verboden, zou tot gevolg hebben, dat in strijd met het door de richtlijn nagestreefde doel de lening als globale verrichting voor het bijeenbrengen van kapitaal aan belasting wordt onderworpen.19. Bijgevolg moet artikel 11, sub b, van de richtlijn aldus worden uitgelegd, dat het verbod om een obligatielening aan belasting te onderwerpen, ook geldt voor het aan belasting onderwerpen van de terugbetaling van een dergelijke lening.20. Verder voert de belastingadministratie aan, dat de richtlijn geenszins doelt op de bij de terugbetaling van leningen opgestelde notariële akten die een wezenlijke vormvoorwaarde zijn voor andere rechtshandelingen dan de uitgifte of de terugbetaling van de lening, zoals de inschrijving in het eigendoms- of het handelsregister van de aflossingen van in die registers ingeschreven leningen.21. Dienaangaande zij eraan herinnerd, dat volgens artikel 11, sub b, van de richtlijn niet alleen obligatieleningen, maar ook alle daarmede verband houdende formaliteiten aan geen enkele belasting mogen worden onderworpen.22. Derhalve kan worden volstaan met de vaststelling, dat ook al treft de in het hoofdgeding aan de orde zijnde belasting niet de terugbetaling van de lening als zodanig, zij niettemin wordt geheven over de notariële akte die moet worden opgesteld om de terugbetaling te laten inschrijven, met andere woorden over een daarmede verband houdende formaliteit.23. Ten slotte betoogt de belastingadministratie, dat de in het hoofdgeding aan de orde zijnde belasting kan worden geheven, althans wanneer het gaat om een hypothecaire lening.24. Dienaangaande moet worden erkend, dat de lidstaten volgens artikel 12, lid 1, sub d, van de richtlijn de vrijheid behouden om rechten te heffen op de doorhaling van voorrechten of hypotheken.De terugbetaling van een obligatielening is evenwel een specifieke financiële verrichting, die verschilt van de doorhaling van een hypotheek gevestigd om de nakoming van de uit de lening voortvloeiende verbintenissen te waarborgen. 25. Hieruit volgt, dat ook wanneer een obligatielening door een hypotheek is gewaarborgd, de terugbetaling ervan niet aan belasting mag worden onderworpen.26. Gelet op een [en] ander moet op de vraag worden geantwoord, dat artikel 11, sub b, van de richtlijn aldus moet worden uitgelegd, dat het verbod om obligatieleningen aan belasting te onderwerpen, ook geldt voor de belasting op notariële akten waarbij de terugbetaling van een lening wordt vastgesteld.Een dergelijke belasting kan niet onder de in artikel 12, lid 1, sub d, van de richtlijn bedoelde afwijking vallen » (HvJ, 27 oktober 1998, gevoegde zaken C-31/97 en C-32/97, Fuerzas Eléctricas de Catalu±a SA e.a., punten 15-26).

B.15.3. Bij zijn arrest van 15 juli 2004Relevante gevonden documenten type arrest prom. 15/07/2004 pub. 29/07/2004 numac 2004003305 bron commissie voor het bank-, financie- en assurantiewezen Besluit van de Commissie voor het Bank-, Financie- en Assurantiewezen tot wijziging van de lijst van de in België geregistreerde bijkantoren van beleggingsondernemingen die onder het recht van een andere lid-Staat van de Europese Unie ressorteren type arrest prom. 15/07/2004 pub. 12/08/2004 numac 2004012199 bron federale overheidsdienst werkgelegenheid, arbeid en sociaal overleg Besluit van het Beheerscomité tot vaststelling van het personeelsplan van de Rijksdienst voor Arbeidsvoorziening sluiten, betreffende een Belgische belasting op de beursverrichtingen en op de aflevering van effecten aan toonder, heeft het Hof van Justitie van de Europese Unie geoordeeld als volgt : « De grief betreffende de taks op de beursverrichtingen [...] 31. Om de eerste grief van de Commissie te beoordelen, zij eraan herinnerd dat artikel 11, sub a, van richtlijn 69/335 verbiedt, het opmaken, de uitgifte, de toelating ter beurze, het in omloop brengen of het verhandelen van aandelen, deelbewijzen of andere soortgelijke effecten, alsmede van certificaten van deze stukken, onverschillig door wie zij worden uitgegeven, aan een belasting, in welke vorm ook, te onderwerpen.32. Ook al maakt deze bepaling, zoals de Belgische regering aanvoert, niet uitdrukkelijk melding van de eerste verkrijging van aandelen, deelbewijzen of andere soortgelijke effecten, toch zou, gelijk de advocaat-generaal in punt 14 van zijn conclusie heeft opgemerkt, het toestaan van de heffing van een belasting of een recht op de eerste verkrijging van een nieuw uitgegeven effect, in werkelijkheid neerkomen op het belasten van de uitgifte zelf van dit effect, voorzover deze integrerend deel uitmaakt van een globale verrichting ter zake van het bijeenbrengen van kapitaal.De uitgifte van effecten an sich volstaat immers niet, maar heeft slechts zin vanaf het ogenblik dat deze effecten een afnemer vinden. 33. Derhalve impliceert het nuttig effect van artikel 11, sub a, van richtlijn 69/335 dat de ' uitgifte ' in de zin van deze bepaling de eerste verkrijging van de effecten in het kader van de uitgifte ervan omvat.34. Deze vaststelling wordt niet op losse schroeven gezet door de argumenten die het Koninkrijk België aanvoert.35. Wat ten eerste het argument betreft dat, aangezien artikel 11, sub a, van richtlijn 69/335 niet uitdrukkelijk melding maakt van de eerste verkrijging van effecten na de uitgifte ervan, deze verrichting niet onder het verbod van deze bepaling valt, moet worden opgemerkt dat enerzijds de in artikel 4, lid 1, sub a, van het voorstel voor een richtlijn van 1976 gebruikte termen eerste verkrijging van effecten ' in het kader van de uitgifte ' aangeven dat de eerste verkrijging van effecten integrerend deel uitmaakt van en onlosmakelijk verbonden is met de meer algemene verrichting van de uitgifte van effecten. Anderzijds kan de omstandigheid dat de Commissie, in voorkomend geval rekening houdend met verschillen in uitlegging of toepassing van het genoemde artikel 11, sub a, de uniforme toepassing van de richtlijnen betreffende deze verrichtingen heeft willen waarborgen door een nauwkeuriger definitie van ' uitgifte van effecten ' te geven, geen invloed hebben op de vaststelling dat uit economisch oogpunt de eerste verkrijging van effecten in het kader van de uitgifte ervan als een integrerend deel van deze uitgifte moet worden beschouwd. 36. Met betrekking tot, ten tweede, het argument dat de taks op de beursverrichtingen niet binnen de werkingssfeer van richtlijn 69/335 valt, omdat de schuldenaars van deze taks niet de door deze richtlijn bedoelde kapitaalvennootschappen, maar wel de beleggers zijn, volstaat het erop te wijzen dat het verbod om een andere belasting dan het kapitaalrecht en de in artikel 12 van deze richtlijn genoemde rechten en belastingen te heffen, slechts naar de uitdrukkelijk genoemde kapitaalverrichtingen verwijst, zonder dat voor de karakterisering ervan de identiteit van de schuldenaar van de belasting dient te worden gepreciseerd.37. Wat ten derde het argument betreft dat de taks op de beursverrichtingen een taks op de overdracht van effecten in de zin van artikel 12, lid 1, sub a, van richtlijn 69/335 vormt, en derhalve voor de in deze bepaling geformuleerde afwijking in aanmerking moet komen, dient erop te worden gewezen dat deze afwijking, zoals alle uitzonderingen, restrictief moet worden uitgelegd en niet tot gevolg mag hebben dat het beginsel waarvan wordt afgeweken, elk nuttig effect verliest.38. De door de Belgische regering bepleite uitlegging van de term ' overdrachten ' in artikel 12, lid 1, sub a, van richtlijn 69/335 zou er evenwel op neerkomen dat artikel 11, sub a, elk nuttig effect wordt ontnomen, aangezien op de uitgifte, die overeenkomstig deze bepaling aan geen andere belasting dan het kapitaalrecht mag worden onderworpen, op die manier toch een belasting of een recht zou worden geheven, omdat de nieuw uitgegeven effecten noodzakelijkerwijs, in het kader van de uitgifte ervan, aan verkrijgers worden ' overgedragen '.39. De eerste verkrijging van effecten in het kader van de uitgifte ervan kan derhalve niet als een ' overdracht ' in de zin van artikel 12, lid 1, sub a, van richtlijn 69/335 worden aangemerkt, en een taks op deze eerste verkrijging kan bijgevolg niet onder de afwijking van deze bepaling vallen.40. Gelet op deze overwegingen moet worden vastgesteld dat de taks op de beursverrichtingen, voorzover zij wordt geheven op nieuwe effecten die zijn uitgegeven hetzij bij de oprichting van een vennootschap of een beleggingsfonds, hetzij na een kapitaalverhoging, hetzij bij de uitgifte van een lening, een belasting in de zin van artikel 11, sub a, van richtlijn 69/335 vormt, waarvan de invoering door deze bepaling wordt verboden.41. Hieruit volgt dat de eerste grief van de Commissie gegrond is. De grief betreffende de taks op de aflevering van effecten aan toonder [...] 46. Opgemerkt zij dat de grief van de Commissie alleen betrekking heeft op de heffing van de taks op de aflevering van effecten aan toonder op de materiële overhandiging van dergelijke effecten in het kader van de uitgifte ervan.47. Ook al leidt de uitgifte van effecten aan toonder, gelijk de Belgische regering aanvoert, op zich niet tot de heffing van deze taks, toch moet de materiële overhandiging van dit soort effecten aan de eerste verkrijgers ervan, om dezelfde redenen als die welke in punt 35 van het onderhavige arrest zijn uiteengezet, als een integrerend deel van de uitgifte in de zin van artikel 11, sub a, van richtlijn 69/335 worden beschouwd.48. Hieraan moet worden toegevoegd dat de materiële overhandiging van effecten aan toonder aan de eerste verkrijgers evenmin onder de afwijking van artikel 12, lid 1, sub a, van richtlijn 69/335 valt, aangezien, zoals in punt 37 van het onderhavige arrest is uiteengezet, de term ' overdracht ' restrictief moet worden uitgelegd en, om dezelfde redenen als die welke in punt 38 van dit arrest zijn gegeven, niet op de materiële overhandiging van nieuw uitgegeven effecten kan zien.49. Anders dan de Belgische regering stelt, is deze vaststelling niet in strijd met de uitlegging die het Hof in het reeds aangehaalde arrest Codan van artikel 12, lid 1, sub a, van richtlijn 69/335 heeft gegeven.50. Gelijk de advocaat-generaal in punt 38 van zijn conclusie heeft opgemerkt, heeft het Hof in dat arrest namelijk geen ruime uitlegging van het begrip ' overdracht van effecten ' gegeven, doch zich ertoe beperkt, de verschillende taalversies van richtlijn 69/335, waar deze uiteenlopen, op uniforme wijze uit te leggen, waarbij het heeft geoordeeld dat artikel 12, lid 1, sub a, van deze richtlijn niet aldus kan worden uitgelegd dat het de mogelijkheid van de lidstaten om rechten te heffen beperkt tot beursverrichtingen, zoals uit de Duitse en de Deense taalversies van deze richtlijn blijkt.51. Gelet op deze overwegingen moet worden vastgesteld dat de taks op de aflevering van effecten aan toonder, voorzover zij wordt geheven op de eerste materiële overhandiging van nieuw uitgegeven effecten aan toonder, een krachtens artikel 11, sub a, van richtlijn 69/335 verboden belasting vormt.52. Hieruit volgt dat de tweede grief van de Commissie eveneens gegrond is » (HvJ, 15 juli 2004, C-415/02, Commissie t.België, punten 31-52).

B.16. In het licht van de voormelde rechtspraak van het Hof van Justitie van de Europese Unie rijst de vraag of de te dezen bestreden belasting, rekening houdend met de bij de wet van 14 december 2005Relevante gevonden documenten type wet prom. 14/12/2005 pub. 23/12/2005 numac 2005009962 bron federale overheidsdienst justitie Wet houdende afschaffing van de effecten aan toonder sluiten ingevoerde verplichting om de effecten aan toonder uiterlijk op 31 december 2013 om te zetten in effecten op naam of in gedematerialiseerde effecten, al dan niet dient te worden gekwalificeerd als een « indirecte belasting [...] ter zake van [...] het opmaken, de uitgifte, de toelating ter beurze, het in omloop brengen of het verhandelen van aandelen, deelbewijzen of andere soortgelijke effecten, alsmede van certificaten van deze stukken, onverschillig door wie zij worden uitgegeven », in de zin van artikel 5, lid 2, van de richtlijn 2008/7/EG van de Raad van 12 februari 2008.

B.17. Artikel 267 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie verleent het Hof van Justitie bevoegdheid om bij wijze van prejudiciële beslissing uitspraak te doen over zowel de uitlegging van de handelingen van de instellingen van de Unie als de geldigheid van die handelingen. Volgens de derde alinea ervan is een nationale rechterlijke instantie gehouden zich tot het Hof van Justitie te wenden, indien haar beslissingen - zoals deze van het Grondwettelijk Hof - volgens het nationale recht niet vatbaar zijn voor hoger beroep.

Wanneer er twijfel is over de interpretatie of de geldigheid van een bepaling van het Unierecht die van belang is voor de oplossing van een voor dergelijk rechtscollege hangend geschil, dient dit rechtscollege, zelfs ambtshalve zonder dat één van de partijen daarom heeft gevraagd, het Hof van Justitie prejudicieel te ondervragen.

B.18. Gelet op het voorgaande dient, alvorens ten gronde uitspraak te doen over de in het verzoekschrift aangevoerde middelen, de in het beschikkende gedeelte vermelde prejudiciële vraag te worden gesteld aan het Hof van Justitie van de Europese Unie.

Om die redenen, het Hof, alvorens ten gronde uitspraak te doen, stelt aan het Hof van Justitie van de Europese Unie de volgende prejudiciële vraag : Dient artikel 5, lid 2, van de richtlijn 2008/7/EG van de Raad van 12 februari 2008 betreffende de indirecte belastingen op het bijeenbrengen van kapitaal aldus te worden uitgelegd dat het zich verzet tegen het heffen van een belasting op een bij wet verplichte omzetting van effecten aan toonder in effecten op naam of in gedematerialiseerde effecten, en zo ja, kan zulk een belasting worden verantwoord op grond van artikel 6 van de voormelde richtlijn ? Aldus uitgesproken in het Nederlands, het Frans en het Duits, overeenkomstig artikel 65 van de bijzondere wet van 6 januari 1989Relevante gevonden documenten type wet prom. 06/01/1989 pub. 18/02/2008 numac 2008000108 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Bijzondere wet op het Arbitragehof sluiten op het Grondwettelijk Hof, op de openbare terechtzitting van 16 mei 2013.

De griffier, P.-Y. Dutilleux De voorzitter, M. Bossuyt

^