Etaamb.openjustice.be
Ministerieel Besluit van 17 april 2023
gepubliceerd op 24 april 2023

Ministerieel besluit houdende de goedkeuring van het huishoudelijk reglement van de basisbankdienst-kamer

bron
federale overheidsdienst economie, k.m.o., middenstand en energie
numac
2023041833
pub.
24/04/2023
prom.
17/04/2023
staatsblad
https://www.ejustice.just.fgov.be/cgi/article_body(...)
Document Qrcode

17 APRIL 2023. - Ministerieel besluit houdende de goedkeuring van het huishoudelijk reglement van de basisbankdienst-kamer


De Minister van Economie, Gelet op het Wetboek van economisch recht, artikel VII.59/4, § 3, zevende lid, ingevoegd bij de wet van 8 november 2020Relevante gevonden documenten type wet prom. 08/11/2020 pub. 24/11/2020 numac 2020043673 bron federale overheidsdienst economie, k.m.o., middenstand en energie Wet houdende invoering van bepalingen inzake de basisbankdienst voor ondernemingen in boek VII van het Wetboek van economisch recht sluiten en gewijzigd bij de wet van 25 september 2022;

Gelet op het koninklijk besluit van 16 december 2022Relevante gevonden documenten type koninklijk besluit prom. 16/12/2022 pub. 16/01/2023 numac 2022043113 bron federale overheidsdienst economie, k.m.o., middenstand en energie Koninklijk besluit houdende de basisbankdienst voor ondernemingen sluiten houdende de basisbankdienst voor ondernemingen, artikel 8;

Overwegende dat de Koning binnen de Federale Overheidsdienst Economie, K.M.O., Middenstand en Energie de basisbankdienst-kamer opricht, die belast is met het aanwijzen van een basisbankdienst-aanbieder voor ondernemingen en diplomatieke zendingen;

Overwegende dat de basisbankdienst-kamer haar huishoudelijk reglement bepaalt en ter goedkeuring voorlegt aan de minister bevoegd voor Economie, Besluit :

Artikel 1.Het bij dit besluit gevoegde huishoudelijk reglement van de basisbankdienst-kamer wordt goedgekeurd.

Art. 2.Dit besluit treedt in werking de dag volgend op de bekendmaking ervan in het Belgisch Staatsblad.

Brussel, 17 april 2023.

P.-Y. DERMAGNE

Bijlage Huishoudelijk reglement van de basisbankdienst-kamer Aanhef Dit reglement betreft de werking van de basisbankdienst-kamer, voor zover deze niet uitdrukkelijk is geregeld in boek VII, titel 3, hoofdstuk 8, afdeling 2, van het Wetboek van economisch recht en bij het koninklijk besluit van 16 december 2022Relevante gevonden documenten type koninklijk besluit prom. 16/12/2022 pub. 16/01/2023 numac 2022043113 bron federale overheidsdienst economie, k.m.o., middenstand en energie Koninklijk besluit houdende de basisbankdienst voor ondernemingen sluiten houdende de basisbankdienst voor ondernemingen.

I. Algemene bepalingen

Artikel 1.- De vergaderingen van de basisbankdienst-kamer, hierna "de Kamer", vinden plaats op de zetel van de Federale Overheidsdienst Economie, K.M.O., Middenstand en Energie (hierna "FOD Economie"), behoudens hetgeen bepaald in artikel 7, derde lid.

De vergaderingen zijn niet openbaar.

Artikel 2.- De voorzitter wordt aangeduid onder de leden.

Artikel 3.- Het secretariaat bezorgt ten minste tien werkdagen voor de vergadering elektronisch aan de leden de uitnodiging van de vergadering die ook de agendapunten bevat. Het secretariaat bezorgt tevens ten minste tien werkdagen voor de vergadering elektronisch alle nuttige documenten aan de leden.

In geval van hoogdringendheid, te beoordelen door de voorzitter, worden de uitnodigingen ten minste twee werkdagen voor de vergadering verstuurd.

Artikel 4.- Het secretariaat bepaalt de agenda van de vergadering.

Elk lid kan uiterlijk bij het begin van de vergadering vragen om een punt aan de agenda toe te voegen. Dit punt wordt toegevoegd mits instemming van de voorzitter.

Artikel 5.- De voorzitter wordt op elke vergadering bijgestaan door een lid van het secretariaat. Het secretariaat is belast met het opstellen van de notulen.

Het secretariaat wordt belast met de bewaring van de documenten.

Artikel 6.- De notulen worden zowel in het Nederlands als in het Frans elektronisch aan de leden gezonden en op de volgende vergadering ter goedkeuring voorgelegd.

II. De basisbankdienst-kamer

Artikel 7.- De Kamer vergadert op verzoek van het secretariaat.

De aanwezige leden bevestigen hun aanwezigheid door de aanwezigheidslijst te ondertekenen. Op basis van deze lijst zullen de presentiegelden uitbetaald worden.

In gezamenlijk overleg kan de Kamer vergaderen en beslissingen nemen door gebruik te maken van alle moderne communicatiemiddelen, bijvoorbeeld telefoon- of videoconferentie.

Als een dringende beslissing dient genomen te worden of het onmogelijk blijkt om op korte termijn een voldoende aantal leden te laten vergaderen, kan de voorzitter beslissen de leden schriftelijk te raadplegen. In dit geval wordt aan de leden minstens twee werkdagen toegekend om hun standpunt te bepalen.

Artikel 8.- De voorzitter opent en sluit de vergaderingen. Hij leidt de debatten en beschikt hiertoe over alle nodige bevoegdheden.

Artikel 9.- De Kamer kan slechts geldig beraadslagen als de meerderheid van de leden, waaronder de voorzitter, aanwezig of vertegenwoordigd zijn.

Als zulks niet het geval is, kan de voorzitter een nieuwe vergadering beleggen zonder rekening te houden met de termijn zoals vastgelegd in artikel 3.

Tijdens deze nieuwe vergadering beraadslaagt de Kamer geldig, ongeacht het aantal aanwezige leden.

Artikel 10.- Elk lid van de Kamer en de voorzitter kunnen zich laten vertegenwoordigen via een schriftelijke volmacht aan een ander lid.

Niemand kan over meer dan één volmacht beschikken.

De schriftelijke volmacht dient ten laatste bij de aanvang van de vergadering aan het secretariaat bezorgd te worden.

Artikel 11.- Bij vervanging van een lid in de loop van het mandaat, beëindigt het nieuwe lid het mandaat van diegene die hij vervangt. De leden blijven zetelen tot voorzien wordt in hun vervanging.

Artikel 12.- De Kamer kan, op voorstel van de voorzitter, de bespreking van sommige punten van de agenda uitstellen.

Artikel 13.- De vertrouwelijke adviezen van de Cel voor Financiële Informatieverwerking worden via de online applicatie verzonden aan de Kamer.

Artikel 14.- De Kamer vraagt het advies van de ad-hocdeskundigen indien nodig.

Het secretariaat verstuurt elektronisch een uitnodiging naar de ad-hocdeskundigen met de vraag een schriftelijk advies te verlenen.

Op vraag van de Kamer kan aan de ad-hocdeskundigen gevraagd worden om toelichting te komen geven.

Artikel 15.- De Kamer beslist in principe bij consensus. Indien dit niet mogelijk blijkt, en indien de voorzitter daartoe het initiatief neemt, beslist zij bij gewone meerderheid. Bij staking van stemmen is de stem van de voorzitter doorslaggevend.

Artikel 16.- De voorzitter en de leden hebben stemrecht.

De ad-hocdeskundigen hebben geen stemrecht.

Een lid kan zich onthouden van de stemming. De stemmen van de onthoudingen worden niet meegeteld.

Artikel 17.- De briefwisseling bestemd voor de Kamer moet aan het secretariaat worden gezonden of er worden afgegeven.

III. Het secretariaat

Artikel 18.- De FOD Economie neemt het secretariaat van de Kamer op zich. De secretarissen oefenen hun functie uit onder het gezag van de voorzitter.

Artikel. 19. - Het secretariaat wordt belast met de voorbereiding van de dossiers en de vergaderingen, het opstellen van de notulen, de briefwisseling en de bewaring van de archieven. Het secretariaat kan een voorstel tot beoordeling van de documenten op ontvankelijkheid en volledigheid voorleggen aan de Kamer, bij wie de uiteindelijke beoordeling berust.

IV. Onverenigbaarheden en discretieplicht Artikel. 20. - De mandaten van de voorzitter en de leden van de Kamer zijn onverenigbaar met: 1° de functie van effectief of plaatsvervangend expert bij het College van Ombudsfin;2° de functie van ombudsman van Ombudsfin;3° een mandaat of functie in een kredietinstelling;4° de functie van een vertegenwoordiger van een kredietinstelling;5° de functie van een vertegenwoordiger van een onderneming of diplomatieke zending die een aanvraag bij de Kamer heeft ingediend;6° de functie van een bestuurder van een onderneming die een aanvraag bij de Kamer heeft ingediend;7° de functie van een bij verkiezingen verleend openbaar ambt. Artikel. 21. - Het lid dat een belangenconflict heeft, behandelt het dossier niet en neemt niet deel aan de beraadslaging en de stemming.

Hij verwittigt hiervan onmiddellijk de voorzitter en het secretariaat.

Het bestaan van het conflict wordt vermeld in de notulen van de vergadering.

Artikel. 22. - De leden van de Kamer en al diegenen die aan haar werkzaamheden deelnemen zijn gehouden tot een discretieplicht voor de feiten, daden en inlichtingen waarvan zij uit hoofde van hun ambt kennis hebben.

Artikel. 23. - De leden behandelen de hen voorgelegde dossiers met naleving van de principes van objectiviteit en gelijke behandeling.

V. Slotbepalingen

Artikel 24.- De FOD Economie, waarbinnen de Kamer zetelt, treedt op als verwerkingsverantwoordelijke in de zin van artikel 4, 7), van de Verordening (EU) 2016/679 van het Europees Parlement en de Raad van 27 april 2016 betreffende de bescherming van natuurlijke personen in verband met de verwerking van persoonsgegevens en betreffende het vrij verkeer van die gegevens en tot intrekking van Richtlijn 95/46/EG. De leden van de Kamer ondertekenen een verklaring betreffende de veiligheid en het vertrouwelijke karakter van de persoonsgegevens waartoe zij toegang hebben.

Artikel 25.- Dit huishoudelijk reglement zal in werking treden na goedkeuring ervan door de minister bevoegd voor Economie.

De Kamer kan slechts geldig beraadslagen over wijzigingen aan het huishoudelijk reglement indien de voorgestelde wijzigingen voorafgaandelijk op de agenda worden gezet. Geen enkele wijziging wordt aangenomen zonder een gewone meerderheid van de uitgebrachte stemmen.

Iedere wijziging moet worden goedgekeurd door de minister bevoegd voor Economie.

Gezien om gevoegd te worden bij het ministerieel besluit van 17 april 2023 houdende de goedkeuring van het huishoudelijk reglement van de basisbankdienst-kamer.

De Minister van Economie, P.-Y. DERMAGNE

^