Etaamb.openjustice.be
Ministerieel Besluit van 14 september 2004
gepubliceerd op 06 oktober 2004

Ministerieel besluit houdende sommige machtigingen in het raam van de wet van 12 juni 1991 op het consumentenkrediet

bron
federale overheidsdienst economie, k.m.o., middenstand en energie
numac
2004011405
pub.
06/10/2004
prom.
14/09/2004
ELI
eli/besluit/2004/09/14/2004011405/staatsblad
staatsblad
https://www.ejustice.just.fgov.be/cgi/article_body(...)
Document Qrcode

14 SEPTEMBER 2004. - Ministerieel besluit houdende sommige machtigingen in het raam van de wet van 12 juni 1991 op het consumentenkrediet


De Minister van Economie, Gelet op de wet van 12 juni 1991 op het consumentenkrediet, gewijzigd bij de wetten van 6 juli 1992, 4 augustus 1992, 8 december 1992, 11 februari 1994, 6 juli 1994, 5 juli 1998, 30 oktober 1998, 11 december 1998, 11 april 1999, 7 januari 2001, 10 augustus 2001, 17 juli 2002, 20 december 2002, 24 maart 2003 en 22 december 2003 en bij de koninklijke besluiten van 20 juli 2000, 13 juli 2001 en 4 april 2003, inzonderheid op de artikelen 74, 75, 75bis, 76, 77, 79, 106 en 107;

Gelet op het ministerieel besluit van 30 juli 1997 houdende delegatie van bevoegdheid voor de toepassing van bepaalde artikelen van de wet van 12 juni 1991 op het consumentenkrediet, gewijzigd bij het koninklijk besluit van 20 november 2003, Besluit :

Artikel 1.De volgende titularissen worden gemachtigd tot het uitoefenen van de bevoegdheden in het raam van de toepassing van de artikelen 74, eerste lid, 75, § 7, 75bis, 76, eerste lid, 77, § 4, 79, 106, § 1, derde lid, § 2, en 107, § 2, eerste lid, van de wet van 12 juni 1991 op het consumentenkrediet : 1° de Directeur-Generaal van de Algemene Directie Regulering en Organisatie van de Markt;2° de Adviseur, Hoofd van de dienst Krediet en Schuldenlast bij de Algemene Directie Regulering en Organisatie van de Markt;3° bij afwezigheid van de ambtenaar, bedoeld in 2°, de ambtenaar van niveau A van de dienst Krediet en Schuldenlast met de meeste dienstanciënniteit.

Art. 2.De hierna vermelde ambtenaren worden aangesteld om de bewijzen van goed zedelijk gedrag of een gelijkwaardig document te vragen, bedoeld in de artikelen 75, § 1, tweede lid, en 77, § 2, tweede lid, van de wet van 12 juni 1991 op het consumentenkrediet evenals de boekhoudkundige elementen bedoeld in artikel 75, § 5, van de wet. 1° de ambtenaar bedoeld in artikel 1, 1°, van dit besluit;2° de ambtenaren van de dienst Krediet en Schuldenlast bij de Algemene Directie Regulering en Organisatie van de Markt;3° de ambtenaren van de Algemene Directie Controle en Bemiddeling. De ambtenaren, bedoeld in het eerste lid, worden ook aangewezen om kennis te nemen van de documenten en contracten bedoeld in artikel 75, § 3, 5°, van de wet en van de documenten bedoeld in artikel 77, § 2, derde lid, 1°, van de wet.

Art. 3.Het ministerieel besluit van 30 juli 1997 houdende delegatie van bevoegdheid voor de toepassing van bepaalde artikelen van de wet van 12 juni 1991 op het consumentenkrediet wordt opgeheven.

Art. 4.Dit besluit treedt in werking de dag waarop het in het Belgisch Staatsblad wordt bekendgemaakt.

Brussel, 14 september 2004.

M. VERWILGHEN

^