Etaamb.openjustice.be
Koninklijk Besluit van 31 augustus 2026
gepubliceerd op 30 september 2026

Koninklijk besluit waarbij algemeen verbindend wordt verklaard de collectieve arbeidsovereenkomst van 5 februari 2026, gesloten in het Paritair Comité voor het bouwbedrijf, betreffende de toekenning aan sommige oudere arbeiders van een aanvullende vergoeding ten laste van Constructiv (1)

bron
federale overheidsdienst werkgelegenheid, arbeid en sociaal overleg
numac
2026005360
pub.
30/09/2026
prom.
31/08/2026
staatsblad
https://www.ejustice.just.fgov.be/cgi/article_body(...)
Document Qrcode

31 AUGUSTUS 2026. - Koninklijk besluit waarbij algemeen verbindend wordt verklaard de collectieve arbeidsovereenkomst van 5 februari 2026, gesloten in het Paritair Comité voor het bouwbedrijf, betreffende de toekenning aan sommige oudere arbeiders van een aanvullende vergoeding (werkloosheid met bedrijfstoeslag) ten laste van Constructiv (1)


FILIP, Koning der Belgen, Aan allen die nu zijn en hierna wezen zullen, Onze Groet.

Gelet op de wet van 5 december 1968Relevante gevonden documenten type wet prom. 05/12/1968 pub. 22/05/2009 numac 2009000346 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet betreffende de collectieve arbeidsovereenkomsten en de paritaire comités. - Officieuze coördinatie in het Duits sluiten betreffende de collectieve arbeidsovereenkomsten en de paritaire comités, inzonderheid op artikel 28;

Gelet op het verzoek van het Paritair Comité voor het bouwbedrijf;

Op de voordracht van de Minister van Werk,

Hebben Wij besloten en besluiten Wij :

Artikel 1.Algemeen verbindend wordt verklaard de als bijlage overgenomen collectieve arbeidsovereenkomst van 5 februari 2026, gesloten in het Paritair Comité voor het bouwbedrijf, betreffende de toekenning aan sommige oudere arbeiders van een aanvullende vergoeding (werkloosheid met bedrijfstoeslag) ten laste van Constructiv.

Art. 2.De minister bevoegd voor Werk is belast met de uitvoering van dit besluit.

Gegeven te Brussel, 31 augustus 2026.

FILIP Van Koningswege : De Minister van Werk, D. CLARINVAL _______ Nota (1) Verwijzing naar het Belgisch Staatsblad : Wet van 5 december 1968Relevante gevonden documenten type wet prom. 05/12/1968 pub. 22/05/2009 numac 2009000346 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet betreffende de collectieve arbeidsovereenkomsten en de paritaire comités. - Officieuze coördinatie in het Duits sluiten, Belgisch Staatsblad van 15 januari 1969.

Bijlage Paritair Comité voor het bouwbedrijf Collectieve arbeidsovereenkomst van 5 februari 2026 Toekenning aan sommige oudere arbeiders van een aanvullende vergoeding (werkloosheid met bedrijfstoeslag) ten laste van Constructiv (Overeenkomst geregistreerd op 12 maart 2026 onder het nummer 198498/CO/124)

HOOFDSTUK I. - Toepassingsgebied

Artikel 1.Deze collectieve arbeidsovereenkomst is van toepassing op de werkgevers van de ondernemingen die onder het Paritair Comité voor het bouwbedrijf ressorteren en op de arbeiders die zij tewerkstellen.

In deze collectieve arbeidsovereenkomst verstaat men onder : - "arbeiders" : de arbeiders en de arbeidsters; - "Constructiv" : het fonds voor bestaanszekerheid opgericht voor de sector van het bouwbedrijf (PC 124).

Art. 2.Deze collectieve arbeidsovereenkomst is gesloten in uitvoering van de collectieve arbeidsovereenkomst nr. 177, gesloten op 21 oktober 2025 in de Nationale Arbeidsraad, tot vaststelling, voor de periode van 1 januari 2026 tot 31 december 2027, van de voorwaarden voor de toekenning van een bedrijfstoeslag in het kader van de werkloosheid met bedrijfstoeslag voor sommige oudere mindervalide werknemers en werknemers met ernstige lichamelijke problemen, indien zij worden ontslagen.

Art. 3.Deze collectieve arbeidsovereenkomst heeft tevens de voortzetting tot doel van de toekenning van de aanvullende vergoeding in het kader van de werkloosheid met bedrijfstoeslag aan de arbeiders voor wie het recht op SWT is geopend door een ontslag vóór 1 juli 2025 in toepassing van een collectieve arbeidsovereenkomst gesloten in het Paritair Comité voor het bouwbedrijf.

HOOFDSTUK II. - Weerloosheid met bedrijfstoeslag vanaf 58 jaar voor sommige oudere mindervalide arbeiders of arbeiders met ernstige lichamelijke problemen of daarmee gelijkgesteld

Art. 4.Dit hoofdstuk bepaalt de toekenningsvoorwaarden en -modaliteiten van de regeling van werkloosheid met bedrijfstoeslag voor de arbeiders die tewerkgesteld zijn in de ondernemingen bedoeld in artikel 1 en die 58 jaar en ouder zijn op het ogenblik dat zij ontslagen worden door hun werkgever, behoudens omwille van dringende reden, en die voldoen aan de door de collectieve arbeidsovereenkomst nr. 177 van de Nationale Arbeidsraad vastgestelde voorwaarden als mindervalide arbeiders of als arbeiders met ernstige lichamelijke problemen of daarmee gelijkgesteld.

Art. 5.De in artikel 4 bedoelde arbeiders genieten van een maandelijkse aanvullende vergoeding ten laste van Constructiv, voor zover ze aan alle volgende voorwaarden voldoen : 1° Leeftijds- en loopbaanvoorwaarden : - De leeftijd van 58 jaar hebben bereikt op het ogenblik van het einde van de arbeidsovereenkomst; - Een beroepsloopbaan van minstens 35 jaar kunnen bewijzen op het ogenblik van het einde van de arbeidsovereenkomst; 2° Het bewijs geleverd hebben : - Voor de mindervalide arbeiders, dat zij behoren tot één van de categorieën opgenomen in artikel 2, § 2, 1° van de collectieve arbeidsovereenkomst nr.177; - Voor de arbeiders met ernstige lichamelijke problemen, dat zij beschikken over een attest afgegeven door het Federaal agentschap voor beroepsrisico's, overeenkomstig artikel 7 van de collectieve arbeidsovereenkomst nr. 177; - Voor de arbeiders gelijkgesteld aan een arbeider met ernstige lichamelijke problemen, dat zij beschikken over een attest afgegeven door het Federaal agentschap voor beroepsrisico's, overeenkomstig artikel 8 van de collectieve arbeidsovereenkomst nr. 177; 3° Ten minste 15 jaar van hun beroepsloopbaan doorgebracht hebben in één of meerdere ondernemingen die behoren tot het Paritair Comité voor het bouwbedrijf;4° Ten minste 7 legitimatiekaarten "rechthebbende" hebben ontvangen tijdens de laatste 15 jaar vóór het einde van de arbeidsovereenkomst; de legitimatiekaarten door gelijkstelling mogen niet in aanmerking worden genomen; 5° Werkloosheidsuitkeringen genieten;6° Elke door de ter zake toepasselijk reglementering niet toegelaten beroepsactiviteit hebben stopgezet.

Art. 6.De beroepsloopbaan als loontrekkende werknemer wordt berekend overeenkomstig artikel 4 van het koninklijk besluit van 3 mei 2007Relevante gevonden documenten type koninklijk besluit prom. 03/05/2007 pub. 08/06/2007 numac 2007201609 bron federale overheidsdienst werkgelegenheid, arbeid en sociaal overleg Koninklijk besluit tot regeling van het conventioneel brugpensioen in het kader van het generatiepact sluiten tot regeling van het stelsel van werkloosheid met bedrijfstoeslag.

Art. 7.De arbeidsovereenkomst van de in artikel 4 bedoelde arbeiders moet een einde nemen tijdens de geldigheidsduur van deze collectieve arbeidsovereenkomst.

Art. 8.De opzeggingstermijn of de door de opzeggingsvergoeding gedekte periode van de ontslagen arbeiders, bedoeld in artikel 4, mag evenwel een einde nemen buiten de geldigheidsduur van deze collectieve arbeidsovereenkomst, voor zover deze arbeiders de minimumleeftijd van 58 jaar hebben bereikt tijdens de geldigheidsduur van deze collectieve arbeidsovereenkomst.

HOOFDSTUK III. - Voortzetting van de toekenning van de aanvullende vergoeding SWT aan de arbeiders voor wie het recht op SWT geopend is door een ontslag vóór 1 juli 2025

Art. 9.Aan de arbeiders bedoeld in artikel 3 van deze collectieve arbeidsovereenkomst blijft Constructiv een maandelijkse aanvullende vergoeding SWT verder toekennen, voor zover het recht op deze vergoeding geopend is door een ontslag vóór 1 juli 2025 in toepassing van een collectieve arbeidsovereenkomst inzake SWT gesloten in het Paritair Comité voor het bouwbedrijf.

HOOFDSTUK IV. - Bedrag van de aanvullende vergoeding

Art. 10.De maandbedragen van de aanvullende vergoeding ten laste van Constructiv, bedoeld in de hoofdstukken II en III, worden vastgesteld op :

Arbeiders met gezinslast/ Ouvriers avec charge de famille

Overige arbeiders/ Autres ouvriers

Cat. I

412,33 EUR

242,63 EUR

Cat. IA

454,11 EUR

281,17 EUR

Cat. II

457,87 EUR

297,86 EUR

Cat. IIA

502,51 EUR

331,34 EUR

Cat. III

514,65 EUR

341,49 EUR

Cat. IV

573,19 EUR

390,43 EUR

Ploegbaas B/Chef d'équipe B

674,25 EUR

474,93 EUR

Meestergast/Contremaître

775,31 EUR

559,42 EUR


In de bovenstaande tabel wordt verstaan onder : - "Cat. I" : de arbeiders waarvan het uurloon lager is dan het conventioneel uurloon van de arbeider van categorie IA; - "Cat. IA" : de arbeiders waarvan het uurloon minstens gelijk is aan het conventioneel uurloon van de arbeider van categorie IA, maar lager dan het conventioneel uurloon van de arbeider van categorie II; - "Cat. II" : de arbeiders waarvan het uurloon minstens gelijk is aan het conventioneel uurloon van de arbeider van categorie II, maar lager dan het conventioneel uurloon van de arbeider van categorie IIA; - "Cat. IIA" : de arbeiders waarvan het uurloon minstens gelijk is aan het conventioneel uurloon van de arbeider van categorie IIA, maar lager dan het conventioneel uurloon van de arbeider van categorie III; - "Cat. III" : de arbeiders waarvan het uurloon minstens gelijk is aan het conventioneel uurloon van de arbeider van categorie III, maar lager dan het conventioneel uurloon van de arbeider van categorie IV; - "Cat. IV" : de arbeiders waarvan het uurloon minstens gelijk is aan het conventioneel uurloon van de arbeider van categorie IV; - "Ploegbaas B" : de arbeiders die gedurende 10 jaar ononderbroken ten minste de kwalificatie ploegbaas B hebben genoten; - "Meestergast" : de arbeiders die gedurende 10 jaar ononderbroken ten minste de kwalificatie meestergast hebben genoten; - "Arbeiders met gezinslast" : de arbeiders die behoren tot de categorie "werknemers die samenwonen met een echtgenoot of echtgenote die niet over een beroepsinkomen beschikt", zoals gedefinieerd in artikel 110, § 1, 1° van het koninklijk besluit van 25 november 1991Relevante gevonden documenten type koninklijk besluit prom. 25/11/1991 pub. 24/05/2019 numac 2019012364 bron federale overheidsdienst werkgelegenheid, arbeid en sociaal overleg Koninklijk besluit houdende de werkloosheidsreglementering. - Officieuze coördinatie in het Duits van de federale versie - Deel II type koninklijk besluit prom. 25/11/1991 pub. 14/12/2020 numac 2020043849 bron federale overheidsdienst werkgelegenheid, arbeid en sociaal overleg Koninklijk besluit houdende de werkloosheidsreglementering. - Officieuze coördinatie in het Duits van de federale versie. - Deel VI type koninklijk besluit prom. 25/11/1991 pub. 25/01/2022 numac 2021022765 bron federale overheidsdienst werkgelegenheid, arbeid en sociaal overleg Koninklijk besluit houdende de werkloosheidsreglementering. - Officieuze coördinatie in het Duits van de federale versie. - Deel IX type koninklijk besluit prom. 25/11/1991 pub. 04/11/2021 numac 2021033562 bron federale overheidsdienst werkgelegenheid, arbeid en sociaal overleg Koninklijk besluit houdende de werkloosheidsreglementering. - Officieuze coördinatie in het Duits van de federale versie. - Deel VIII type koninklijk besluit prom. 25/11/1991 pub. 05/11/2018 numac 2018014576 bron federale overheidsdienst werkgelegenheid, arbeid en sociaal overleg Koninklijk besluit houdende de werkloosheidsreglementering. - Officieuze coördinatie in het Duits van de federale versie - Deel I type koninklijk besluit prom. 25/11/1991 pub. 06/11/2020 numac 2020015855 bron federale overheidsdienst werkgelegenheid, arbeid en sociaal overleg Koninklijk besluit houdende de werkloosheidsreglementering. - Officieuze coördinatie in het Duits van de federale versie. - Deel V sluiten houdende de werkloosheidsreglementering.

Het toepasselijke maandbedrag wordt bepaald op basis van het uurloon van de arbeider vermeld in de DmfA-aangifte van het kwartaal waarin zijn arbeidsovereenkomst een einde heeft genomen.

Art. 11.Het bedrag van de aanvullende vergoeding, die uitgekeerd wordt in de maand december, wordt verhoogd met : - 122,50 EUR voor de arbeiders die behoren tot de categorie "werknemers met gezinslast", zoals gedefinieerd in artikel 110, § 1 van het koninklijk besluit van 25 november 1991Relevante gevonden documenten type koninklijk besluit prom. 25/11/1991 pub. 24/05/2019 numac 2019012364 bron federale overheidsdienst werkgelegenheid, arbeid en sociaal overleg Koninklijk besluit houdende de werkloosheidsreglementering. - Officieuze coördinatie in het Duits van de federale versie - Deel II type koninklijk besluit prom. 25/11/1991 pub. 14/12/2020 numac 2020043849 bron federale overheidsdienst werkgelegenheid, arbeid en sociaal overleg Koninklijk besluit houdende de werkloosheidsreglementering. - Officieuze coördinatie in het Duits van de federale versie. - Deel VI type koninklijk besluit prom. 25/11/1991 pub. 25/01/2022 numac 2021022765 bron federale overheidsdienst werkgelegenheid, arbeid en sociaal overleg Koninklijk besluit houdende de werkloosheidsreglementering. - Officieuze coördinatie in het Duits van de federale versie. - Deel IX type koninklijk besluit prom. 25/11/1991 pub. 04/11/2021 numac 2021033562 bron federale overheidsdienst werkgelegenheid, arbeid en sociaal overleg Koninklijk besluit houdende de werkloosheidsreglementering. - Officieuze coördinatie in het Duits van de federale versie. - Deel VIII type koninklijk besluit prom. 25/11/1991 pub. 05/11/2018 numac 2018014576 bron federale overheidsdienst werkgelegenheid, arbeid en sociaal overleg Koninklijk besluit houdende de werkloosheidsreglementering. - Officieuze coördinatie in het Duits van de federale versie - Deel I type koninklijk besluit prom. 25/11/1991 pub. 06/11/2020 numac 2020015855 bron federale overheidsdienst werkgelegenheid, arbeid en sociaal overleg Koninklijk besluit houdende de werkloosheidsreglementering. - Officieuze coördinatie in het Duits van de federale versie. - Deel V sluiten houdende de werkloosheidsreglementering; - 61,25 EUR voor de overige arbeiders.

Art. 12.Constructiv neemt, naast de aanvullende vergoeding, ook de bijzondere werkgeversbijdragen verschuldigd in de stelsels van werkloosheid met bedrijfstoeslag ten laste, bedoeld in hoofdstuk VI van titel XI van de wet houdende diverse bepalingen (I) van 27 december 2006.

HOOFDSTUK V. - Procedure en algemene bepalingen

Art. 13.De aanvraag tot toekenning van de aanvullende vergoeding moet worden ingediend bij Constructiv door toedoen van een vakbondsorganisatie die deze collectieve arbeidsovereenkomst heeft ondertekend of door de betrokkene rechtstreeks bij middel van een bijzonder formulier.

De aanvraag moet vergezeld gaan van de documenten tot staving van het recht op de aanvullende vergoeding.

Art. 14.Het Beheerscomité bedoeld in artikel 21 van de statuten van Constructiv bepaalt de praktische modaliteiten en de procedure die moet worden gevolgd bij het indienen en het behandelen van de aanvragen tot toekenning.

Art. 15.De Patronale Dienst bedoeld in artikel 12 van de statuten van Constructiv is belast met de administratieve, boekhoudkundige en financiële organisatie van de verrichtingen die voortvloeien uit de toepassing van deze collectieve arbeidsovereenkomst.

Art. 16.De aanvullende vergoeding kan niet gecumuleerd worden met andere voordelen van bestaanszekerheid, met uitzondering van de promotievergoeding.

Art. 17.De bijzondere gevallen die niet op grond van de bepalingen van deze collectieve arbeidsovereenkomst kunnen worden opgelost, worden door de meest gerede partij voorgelegd aan het Beheerscomité bedoeld in artikel 21 van de statuten van Constructiv.

Bij enige moeilijkheid rond de toegang in het regime "werkloosheid met bedrijfstoeslag", kan de meest gerede partij deze problematiek bij het verzoeningsbureau van het paritair comité aanhangig maken nadat de lokale verzoeningsprocedure werd uitgeput.

HOOFDSTUK VI. - Financiering

Art. 18.De aanvullende vergoeding wordt gefinancierd door de forfaitaire bijdrage verschuldigd aan Constructiv (collectieve arbeidsovereenkomst van 3 juni 2004 tot vaststelling van de forfaitaire bijdrage aan Constructiv).

HOOFDSTUK VII. - Specifieke maatregelen

Art. 19.Aan de werkgever die, in toepassing van het koninklijk besluit van 3 mei 2007Relevante gevonden documenten type koninklijk besluit prom. 03/05/2007 pub. 08/06/2007 numac 2007201609 bron federale overheidsdienst werkgelegenheid, arbeid en sociaal overleg Koninklijk besluit tot regeling van het conventioneel brugpensioen in het kader van het generatiepact sluiten tot regeling van het stelsel van werkloosheid met bedrijfstoeslag, overgaat tot de vervanging van een werkloze met bedrijfstoeslag, wordt aanbevolen behoudens geldige reden een jongere van minder dan 26 jaar aan te werven.

Art. 20.Het is verboden werklozen met bedrijfstoeslag tewerk te stellen in de ondernemingen bedoeld in artikel 1 of hen als uitzendkracht ter beschikking te stellen van deze ondernemingen.

Art. 21.Constructiv betaalt de aanvullende vergoeding verder uit in geval van werkhervatting door de in de artikel 4 en 9 bedoelde arbeiders tijdens de periode van werkloosheid met bedrijfstoeslag.

Dit geldt tevens voor de werkloze met bedrijfstoeslag die tijdelijk zijn stelsel van werkloosheid met bedrijfstoeslag schorst om in een opleidingscentrum (erkend door Constructiv) bijkomende vorming te geven aan werkzoekenden en werknemers.

De uitbetaling neemt in ieder geval een einde op het ogenblik dat de in de artikelen 4 en 9 bedoelde arbeiders de wettelijke pensioenleeftijd bereiken.

Ingeval er, in strijd met het verbod, toch werkhervatting zou zijn bij dezelfde werkgever die de arbeider heeft ontslagen om reden van werkloosheid met bedrijfstoeslag, vordert Constructiv van die werkgever de terugbetaling van de werkgeversbijdragen die op de doorbetaalde aanvullende vergoeding verschuldigd zijn.

HOOFDSTUK VIII. - Geldigheidsduur

Art. 22.Deze collectieve arbeidsovereenkomst is gesloten voor een bepaalde duur. Ze treedt in werking op 1 januari 2026 en houdt op van kracht te zijn op 31 december 2026.

Zij vervangt de collectieve arbeidsovereenkomst van 11 december 2025 betreffende de toekenning aan sommige oudere arbeiders van een aanvullende vergoeding (werkloosheid met bedrijfstoeslag) ten laste van Constructiv (registratienummer : 197250/CO/124).

Gezien om te worden gevoegd bij het koninklijk besluit van 31 augustus 2026.

De Minister van Werk, D. CLARINVAL


^