Etaamb.openjustice.be
Koninklijk Besluit van 21 december 2023
gepubliceerd op 15 januari 2024

Koninklijk besluit tot wijziging van het koninklijk besluit van 30 november 2011 houdende veiligheidsvoorschriften voor kerninstallaties met betrekking tot het beheer van interne en externe bedreigingen voor de vermogensreactoren en tot aanbrenging van diverse bijwerkingen daarin

bron
federaal agentschap voor nucleaire controle
numac
2024000006
pub.
15/01/2024
prom.
21/12/2023
staatsblad
https://www.ejustice.just.fgov.be/cgi/article_body(...)
Document Qrcode

21 DECEMBER 2023. - Koninklijk besluit tot wijziging van het koninklijk besluit van 30 november 2011Relevante gevonden documenten type koninklijk besluit prom. 30/11/2011 pub. 21/12/2011 numac 2011206225 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Koninklijk besluit houdende veiligheidsvoorschriften voor kerninstallaties sluiten houdende veiligheidsvoorschriften voor kerninstallaties met betrekking tot het beheer van interne en externe bedreigingen voor de vermogensreactoren en tot aanbrenging van diverse bijwerkingen daarin


VERSLAG AAN DE KONING 1. Inleiding Begin 2021 heeft de vereniging van Europese nucleaire regulatoren WENRA een reeks veiligheidsreferentieniveaus voor bestaande vermogensreactoren gepubliceerd (genoemd "WENRA Reference Levels 2020") om de veiligheid van deze installaties op Europees niveau te harmoniseren. De "WENRA Reference Levels 2020" zijn een bijwerking van de referentieniveaus die de WENRA in 2008 en 2014 heeft gepubliceerd.

De Belgische regulator, het Federaal Agentschap voor Nucleaire Controle, heeft zich ertoe verbonden deze harmonisatiebeweging te volgen en werkt zijn wet- en regelgevend kader regelmatig bij aan de hand van de WENRA-publicaties. Een regelgeving up-to-date houden is ook vereist door de voorschriften van het Internationaal Atoomenergieagentschap (IAEA).

De WENRA referentieniveaus uit 2008 werden omgezet in Belgische regelgeving via het koninklijk besluit van 30 november 2011Relevante gevonden documenten type koninklijk besluit prom. 30/11/2011 pub. 21/12/2011 numac 2011206225 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Koninklijk besluit houdende veiligheidsvoorschriften voor kerninstallaties sluiten houdende veiligheidsvoorschriften voor kerninstallaties. Hoewel deze werden opgesteld door een WENRA werkgroep die verantwoordelijk is voor vermogensreactoren, zijn bepaalde referentieniveaus niet specifiek voor kernreactoren maar eveneens toepasbaar op andere kerninstallaties. De generieke referentieniveaus die van toepassing zijn op alle inrichtingen van klasse I zoals gedefinieerd in het Algemeen Reglement ( koninklijk besluit van 20 juli 2001Relevante gevonden documenten type koninklijk besluit prom. 20/07/2001 pub. 30/08/2001 numac 2001000726 bron ministerie van binnenlandse zaken Koninklijk besluit houdende algemeen reglement op de bescherming van de bevolking, van de werknemers en het leefmilieu tegen het gevaar van de ioniserende stralingen type koninklijk besluit prom. 20/07/2001 pub. 30/08/2001 numac 2001009537 bron ministerie van binnenlandse zaken Koninklijk besluit tot inwerkingstelling van de wet van 15 april 1994 betreffende de bescherming van de bevolking en van het leefmilieu tegen de uit ioniserende stralingen voortspruitende gevaren en betreffende het Federaal Agentschap voor nucleaire controle type koninklijk besluit prom. 20/07/2001 pub. 08/08/2001 numac 2001014153 bron ministerie van verkeer en infrastructuur Koninklijk besluit betreffende de inschrijving van voertuigen sluiten) zijn gegroepeerd in hoofdstuk 2 van het koninklijk besluit van 30 november 2011Relevante gevonden documenten type koninklijk besluit prom. 30/11/2011 pub. 21/12/2011 numac 2011206225 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Koninklijk besluit houdende veiligheidsvoorschriften voor kerninstallaties sluiten, terwijl hoofdstuk 3 van dit besluit de referentieniveaus bevat die specifiek zijn voor vermogensreactoren.

De WENRA referentieniveaus van 2014 werden op hun beurt in de Belgische regelgeving ingevoerd via het koninklijk besluit van 19 februari 2020Relevante gevonden documenten type koninklijk besluit prom. 19/02/2020 pub. 02/03/2020 numac 2020020033 bron federale overheidsdienst volksgezondheid, veiligheid van de voedselketen en leefmilieu Koninklijk besluit tot wijziging van het koninklijk besluit van 21 februari 2005 tot reglementering van de doelbewuste introductie in het leefmilieu evenals van het in de handel brengen van genetisch gemodificeerde organismen of van producten die er bevatten type koninklijk besluit prom. 19/02/2020 pub. 28/08/2020 numac 2020031221 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Koninklijk besluit tot wijziging van het koninklijk besluit van 15 juni 1999 betreffende het veiligheids- en coördinatiebeleid naar aanleiding van voetbalwedstrijden. - Duitse vertaling type koninklijk besluit prom. 19/02/2020 pub. 03/03/2020 numac 2020020422 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Koninklijk besluit tot wijziging van het koninklijk besluit van 15 juni 1999 betreffende het veiligheids- en coördinatiebeleid naar aanleiding van voetbalwedstrijden type koninklijk besluit prom. 19/02/2020 pub. 28/02/2020 numac 2020040459 bron federale overheidsdienst sociale zekerheid Koninklijk besluit tot wijziging van het koninklijk besluit van 3 november 2019 houdende hernieuwing van de mandaten van de voorzitter en van leden en benoeming van leden van het Comité van de Dienst voor geneeskundige evaluatie en controle van het Rijksinstituut voor ziekte- en invaliditeitsverzekering type koninklijk besluit prom. 19/02/2020 pub. 28/02/2020 numac 2020200896 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Koninklijk besluit tot aanvulling van het koninklijk besluit van 30 november 2011 houdende veiligheidsvoorschriften voor kerninstallaties, voor wat betreft het ontwerp van bestaande reactoren, hun bescherming tegen natuurverschijnselen en diverse bijbehorende bepalingen sluiten tot wijziging van voornoemd besluit.

De WENRA-publicatie van 2020 bevat inhoudelijk de volgende nucleaire veiligheidsgebieden: ? Het leadership en het beheer voor de veiligheid. ? Het beheer van de veroudering. ? De externe "hazards". ? De interne "hazards", met inbegrip van enkele bijzonderheden in verband met de brandbeveiliging.

Tegen de huidige achtergrond van een mogelijke verlenging van de levensduur na 2025 van de twee recentste Belgische reactoren heeft het Federaal Agentschap voor Nucleaire Controle, na een afwijkingsanalyse te hebben uitgevoerd ten opzichte van de WENRA-niveaus van 2020, dit besluit uitgewerkt met als doel te blijven voldoen aan de minimale Europese veiligheidseisen voor vermogensreactoren.

De aanpassingen aan het koninklijk besluit kaderen binnen de regeringsbeslissing om de levensduur van de twee meest recente kernreactoren met tien jaar de te verlengen en dit binnen het geldende regelgevend kader. De aanpassingen geven het kader aan de flexLTO en geven duidelijkheid over veiligheidsvoorschriften in het kader van deze flexLTO. De huidige bijwerking van het koninklijk besluit van 30 november 2011Relevante gevonden documenten type koninklijk besluit prom. 30/11/2011 pub. 21/12/2011 numac 2011206225 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Koninklijk besluit houdende veiligheidsvoorschriften voor kerninstallaties sluiten betreft voornamelijk de vermogensreactoren (hoofdstuk 3), en heeft betrekking op het toevoegen van ontwerpveiligheidsvoorschriften voor interne bedreigingen en het uitbreiden van de externe natuurverschijnselen naar risico's/ bedreigingen verbonden met menselijke activiteiten.

In het hoofdstuk 2, met de generieke veiligheidsvoorschriften voor alle inrichtingen van klasse I, worden ook enkele meer punctuele bijwerkingen, aanvullingen en vereenvoudigingen opgenomen inzake de managementprocessen van deze inrichtingen (leiderschap, beheer voor de veiligheid, verouderingsbeheer).

De bijwerking betreft voornamelijk de volgende kwesties: Leiderschap en het beheer voor de veiligheid Deze bijwerking weerspiegelt de ontwikkelingen op dit gebied, die hebben geleid tot de vervanging in 2016 van de IAEA veiligheidsgids GS-R-3 'Managementsysteem van installaties en activiteiten' door de IAEA gids GSR part 2 `Leiderschap en beheer voor de veiligheid'. De bijbehorende WENRA-referentieniveaus werden vervolledigd en als gevolg daarvan bijgewerkt.

Het beheer van de veroudering Dit integreert de ontwikkelingen op dit gebied, waaronder de goede praktijken en lessen die zijn getrokken naar aanleiding van de in 2017 georganiseerde 'peer review' omtrent het verouderingsbeheer, overeenkomstig de eisen van artikel 8sexies van de Richtlijn 2009/71/Euratom tot vaststelling van een communautair kader voor de nucleaire veiligheid van kerninstallaties, zoals gewijzigd bij de Richtlijn 2014/87/EURATOM. Er wordt op gewezen dat, ter gelegenheid van deze oefening, de prestatie en de goede praktijken van België op dit gebied werden opgemerkt.

De externe bedreigingen (enkel vermogensreactoren) Het betreft een uitbreiding van de eisen die door de WENRA in 2014 zijn ingevoerd voor de bescherming tegen natuurverschijnselen. De in aanmerking te nemen externe bedreigingen, in aanvulling op de natuurverschijnselen, omvatten de bedreigingen veroorzaakt door menselijke activiteiten.

Er moet worden benadrukt dat de term "bedreiging" werd gekozen naar analogie met de terminologie die in de Franse regelgeving wordt gebruikt, in plaats van de term "risico" (vertaling van de WENRA-terminologie voor "hazard") die verschillende ambigue betekenissen kan hebben, afhankelijk van de context.

De interne bedreigingen (enkel vermogensreactoren) De vorige editie van de referentieniveaus bestreek, vanuit het oogpunt van interne risico's/ bedreigingen, slechts de brandbeveiliging. De interne bedreigingen (op de site) die in aanmerking moeten worden genomen, omvatten voortaan: explosies, projectielen, leidingbreuken, interne overstromingen ... Op een manier die vergelijkbaar is met de externe bedreigingen moet een beschermingsconcept voor de interne bedreigingen worden uitgewerkt.

Overgangsmaatregelen voor de implementatie van het besluit van 30 november 2011 voor vermogensreactoren Anticiperend op een mogelijke verlenging van de uitbating (zoals gerealiseerd voor Doel 1&2 en Tihange 1) van bepaalde centrales, had de update van 19 februari 2020 van het besluit van 30 november 2011 (zie hierboven) deze mogelijkheid reeds voorzien.

Volledige naleving werd vereist voordat een nieuwe uitbatingsperiode werd aangevangen, wat waarschijnlijk een langdurige stilstand tijdens de tienjarige veiligheidsevaluatie zou hebben vereist. Hierbij had het Agentschap verzocht om een spoedig regeringsbesluit over deze mogelijke verlenging, zodat de exploitant de aanzienlijke werken kon doen met de zekerheid van het nut ervan. Bij gebrek aan een duidelijk gunstig besluit van de regering heeft de exploitant alle voorbereidende werkzaamheden voor een verlenging in 2020 stopgezet.

In maart 2022 leidde de oorlog in Oekraïne er echter toe dat de regering deze mogelijkheid heropende na onzekerheden over de gaslevering. Deze principe beslissing leidde tot een eerste aanpassing van de vereiste inzake de implementatieperiode: enkel de uitvoering van prioritaire acties (de zogenaamde "behoeften") was vereist vóór de heropstart, de andere (de zogenaamde "opportuniteiten") konden binnen de drie jaar na de heropstart worden uitgevoerd ( koninklijk besluit van 3 juli 2022Relevante gevonden documenten type koninklijk besluit prom. 03/07/2022 pub. 02/08/2022 numac 2022015330 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Koninklijk besluit tot wijziging van het koninklijk besluit van 30 november 2011 houdende veiligheidsvoorschriften voor kerninstallaties sluiten).

Een ELIA-analyse die begin 2023 werd uitgevoerd, schatte het elektriciteitstekort, bij afwezigheid van nucleaire productie, op ongeveer 1,5 GW voor de winters vanaf 2025-2026. Anderzijds is ELIA van mening dat dit tekort enkel kan worden opgevuld door bijkomende elektriciteitsproductie uit nucleaire bronnen.

Om de exploitatie van Doel 4 en Tihange 3 tijdens de winters vanaf 2025-2026 mogelijk te maken, wordt een nieuwe aanpassing voorgesteld ("FlexLTO"). Alle implementatie-acties kunnen worden uitgevoerd volgens een standaard uitvoeringsschema voor de volgende tienjaarlijkse veiligheidsherzieningen, met inachtneming van een maximumperiode van drie jaar vanaf de datum die in de oprichtings- en exploitatievergunning werd vermeld en, behalve in omstandigheden buiten de macht van de exploitant (artikel 14, lid 3, hieronder). De veiligheidseisen zelf blijven ongewijzigd. 2. Inhoud van het besluit Het besluit wijzigt en brengt aanvullingen aan diverse artikelen aan van het koninklijk besluit van 30 november 2011Relevante gevonden documenten type koninklijk besluit prom. 30/11/2011 pub. 21/12/2011 numac 2011206225 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Koninklijk besluit houdende veiligheidsvoorschriften voor kerninstallaties sluiten houdende veiligheidsvoorschriften voor kerninstallaties en voegt daaraan een nieuw artikel 21/2 toe.In de onderstaande uiteenzetting komt de nummering van de artikelen overeen met de gewijzigde artikelen van het koninklijk besluit van 30 november 2011Relevante gevonden documenten type koninklijk besluit prom. 30/11/2011 pub. 21/12/2011 numac 2011206225 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Koninklijk besluit houdende veiligheidsvoorschriften voor kerninstallaties sluiten.

De volgende artikelen zijn gewijzigd: i. Wijzigingen in hoofdstuk 1: Algemene bepalingen In artikel 1 werd de definitie van beschermingsconcept (voor de vermogensreactoren), die voordien van toepassing was op de natuurverschijnselen, gewijzigd om op een meer algemene manier de interne en externe bedreigingen te bestrijken.Aan de andere kant werden de definities van `Leiderschap' en 'Menselijke en Organisatorische Factoren' toegevoegd in het kader van de uitbreiding van artikel 5 'Managementsysteem'. ii. Wijzigingen in hoofdstuk 2: Generieke veiligheidsvoorschriften Artikel 3/1 a) werd ook gewijzigd om op een algemene manier de externe en interne bedreigingen te bestrijken.

Artikel 5 werd veralgemeend tot het beheer voor de nucleaire veiligheid, met inbegrip van het leiderschap voor de veiligheid en de inachtneming van de menselijke en organisatorische factoren (art. 5.1 en 5.7), in aanvulling op de bestaande bepalingen betreffende het managementsysteem. De titel van dit artikel 5 werd als gevolg daarvan gewijzigd in 'Leiderschap en beheer voor de nucleaire veiligheid'. Er werden enkele terminologische correcties doorgevoerd (art. 5.2) en hoewel de in artikel 5.3 opgenomen verbintenissen nu door de WENRA aan het senior management worden toegewezen, is ervoor gekozen deze onder de verantwoordelijkheid van de exploitant te houden, die de uiteindelijke verantwoordelijke blijft voor de toepassing van de Belgische regelgeving. Andere bepalingen zijn duidelijkheidshalve geherformuleerd (in art. 5.3 en 5.5).

Artikel 10 beheer van de veroudering maakte het voorwerp uit van een bijwerking conform de WENRA-referentieniveaus van 2020, met name door de nadruk te leggen op de preventie van negatieve aspecten (degradatie) die verband houden met de veroudering en op de identificatie van alle betrokken structuren, systemen en componenten.

De formulering om het geheel van betrokken structuren, systemen en componenten vast te leggen, is ontleend aan het referentieniveau WENRA I1.3. Het herformuleert de criteria die worden aangehaald in de IAEA SSG-48 gids voor structuren, systemen en componenten die onder het verouderingsbeheerprogramma vallen.

De implementatie van deze gids vereist een praktische uitrol, die kan leiden tot verschillende benaderingen door de exploitanten, zoals vermeld in IAEA SRS-106. Op basis van deze praktische benaderingen is het mogelijk dat bepaalde structuren, systemen en componenten niet worden weerhouden in het programma voor verouderingsbeheer; het gaat echter om elementen die geen veiligheidsfunctie vervullen en niet in de veiligheidsanalyses worden vermeld, en waarvan de degradatie slechts een beperkt potentieel effect op de veiligheid zou hebben.

Deze elementen worden opgevolgd door de exploitant die, ongeacht de veiligheidseisen, zorgt voor het onderhoud van zijn installaties door middel van een adequaat onderhouds-, test- en inspectieprogramma.

Voor de kerncentrales had de exploitant in 2019 een methodologie ontwikkeld op basis van de SSG-48-gids. De exploitant gebruikt deze methodologie in het kader van de heropstart van het project voor verlenging van de levensduur van de reactoren Doel 4 en Tihange 3.

Deze aanpak, met name voor de voorbereiding van de verlenging van deze reactoren, is in overeenstemming met de verwachtingen van de veiligheidsautoriteit.

De elementen van het FANC technisch reglement tot bepaling van de modaliteiten van de periodieke veiligheidsherzieningen van de inrichtingen van klasse I, met uitzondering van de vermogensreactoren, van 2 februari 2021, met betrekking tot de opmaak, de planning en de goedkeuring van het actieplan zijn overgenomen in een nieuw artikel 14.3, zonder de eisen ervan te wijzigen. De acties na de tienjaarlijkse herziening worden geïmplementeerd binnen de drie jaar na de uiterste toegestane datum voor het indienen van het verslag, vermeld in de oprichtings- en exploitatievergunning, of bij ontstentenis hiervan, vanaf een door het Agentschap bepaalde datum (die overeenkomt met de periodiciteit van tien jaar), behalve in gevallen van overmacht. Deze gevallen van overmacht omvatten de elementen buiten de wil van de exploitant (bijvoorbeeld de afhankelijkheid van meteorologische omstandigheden, niet in te korten leveringstermijnen, beschikbaarheidseisen voor de productie die essentieel zijn voor de samenleving...). Deze overmacht, waardoor de periode van drie jaar kan worden overschreden, is zowel van toepassing bij de planning van het actieplan, als bij de rechtvaardiging van de termijnen voor de uitvoering ervan. Eventuele aanpassingen aan het actieplan moeten worden goedgekeurd door het Agentschap.

De exploitant kan onmiddellijk beginnen met de implementatie van de acties ter verbetering van de veiligheid zonder te wachten op de goedkeuring van het actieplan als geheel, waardoor kan worden nagegaan of het toereikend en goed gepland is.

Artikel 17, betreffende de brandbeveiliging maakte ook het voorwerp uit van een bijwerking. Er werd een vereenvoudiging aangebracht in die zin dat bepaalde vormen van brandbestrijding reeds zijn voorgeschreven in de Codex over het welzijn op het werk, of in het koninklijk besluit van 7 juli 1994Relevante gevonden documenten type koninklijk besluit prom. 07/07/1994 pub. 24/03/2023 numac 2023040927 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Koninklijk besluit tot vaststelling van de basisnormen voor de preventie van brand en ontploffing waaraan de gebouwen moeten voldoen. - Officieuze coördinatie in het Duits sluiten tot vaststelling van de basisnormen voor de preventie van brand en ontploffing waaraan de gebouwen moeten voldoen. In het toepassingsgebied van het besluit (artikel 2) wordt bepaald dat het van toepassing is onverminderd de bovengenoemde koninklijke besluiten: wanneer verscheidene resultaten mogelijk zijn, bijvoorbeeld wanneer een compartimentering wordt gedimensioneerd op basis van de brandnormen, ofwel op basis van een brandrisicoanalyse, wordt het meest conservatieve resultaat in aanmerking genomen. Een brand mag niet leiden tot het gelijktijdig uitschakelen van de ventilatie van meerdere compartimenten die redundante veiligheidsvoorzieningen bevatten. i. Wijzigingen aan hoofdstuk 3: Specifieke veiligheidsvoorschriften voor de vermogensreactoren Middels artikel 17 van het ontwerpbesluit wordt artikel 20.3 aangepast.

In het huidige Koninklijk besluit luidt deze bepaling als volgt: 20.3 [Ontwerpbasisvoorvallen Bij het opstellen van de lijst met initiatorgebeurtenissen wordt er rekening gehouden met de ervaringsfeedback en de analyses betreffende gelijkaardige installaties en sites.

Geloofwaardige combinaties van individuele gebeurtenissen worden geïdentificeerd en in rekening gebracht.

De geselecteerde voorvallen van interne oorsprong omvatten ten minste - het falen van uitrustingen, - de ongevallen met verlies van primaire koeling (LOCA), - menselijke fouten, - andere risico's zoals brand, explosie, overstroming met interne oorzaak De geselecteerde voorvallen van externe oorsprong omvatten voorvallen die voortvloeien uit menselijke activiteiten, waaronder ten minste: - het neerstorten van een representatief commercieel lijnvliegtuig en een representatief militair vliegtuig - de ongevallen veroorzaakt door het vervoer en de industriële activiteiten in de buurt, met inbegrip van brand, explosies en andere plausibele bedreigingen voor de veiligheid van de nucleaire installaties.

Wanneer er in de ontwerpbasis geen rekening werd gehouden met het neerstorten van een representatief commercieel of militair vliegtuig, dan kunnen er alternatieve methodes worden gebruikt om een afdoend beschermingsniveau aan te tonen: a) Voor punt a) van het eerste lid van artikel 20.6 stemmen de initiële hypotheses en randvoorwaarden voor de scenariostudies overeen met de uitbatingsvoorwaarden en -limieten. b) De hypotheses c) en e) van het eerste lid van artikel 20.6 m.b.t. de systemen die bij de scenario's werden betrokken, worden vervangen door de hypotheses en vereisten van het derde tot zevende lid van artikel 21.4.1. c) De 4 punten van het tweede lid van artikel 20.6 worden vervangen door de artikel 21.3, punten a), b), e) en f).

Deze bepaling werd ingevoerd middels het Koninklijk besluit van 19 februari 2020Relevante gevonden documenten type koninklijk besluit prom. 19/02/2020 pub. 02/03/2020 numac 2020020033 bron federale overheidsdienst volksgezondheid, veiligheid van de voedselketen en leefmilieu Koninklijk besluit tot wijziging van het koninklijk besluit van 21 februari 2005 tot reglementering van de doelbewuste introductie in het leefmilieu evenals van het in de handel brengen van genetisch gemodificeerde organismen of van producten die er bevatten type koninklijk besluit prom. 19/02/2020 pub. 28/08/2020 numac 2020031221 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Koninklijk besluit tot wijziging van het koninklijk besluit van 15 juni 1999 betreffende het veiligheids- en coördinatiebeleid naar aanleiding van voetbalwedstrijden. - Duitse vertaling type koninklijk besluit prom. 19/02/2020 pub. 03/03/2020 numac 2020020422 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Koninklijk besluit tot wijziging van het koninklijk besluit van 15 juni 1999 betreffende het veiligheids- en coördinatiebeleid naar aanleiding van voetbalwedstrijden type koninklijk besluit prom. 19/02/2020 pub. 28/02/2020 numac 2020040459 bron federale overheidsdienst sociale zekerheid Koninklijk besluit tot wijziging van het koninklijk besluit van 3 november 2019 houdende hernieuwing van de mandaten van de voorzitter en van leden en benoeming van leden van het Comité van de Dienst voor geneeskundige evaluatie en controle van het Rijksinstituut voor ziekte- en invaliditeitsverzekering type koninklijk besluit prom. 19/02/2020 pub. 28/02/2020 numac 2020200896 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Koninklijk besluit tot aanvulling van het koninklijk besluit van 30 november 2011 houdende veiligheidsvoorschriften voor kerninstallaties, voor wat betreft het ontwerp van bestaande reactoren, hun bescherming tegen natuurverschijnselen en diverse bijbehorende bepalingen sluiten tot aanvulling van het koninklijk besluit van 30 november 2011Relevante gevonden documenten type koninklijk besluit prom. 30/11/2011 pub. 21/12/2011 numac 2011206225 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Koninklijk besluit houdende veiligheidsvoorschriften voor kerninstallaties sluiten houdende veiligheidsvoorschriften voor kerninstallaties, voor wat betreft het ontwerp van bestaande reactoren, hun bescherming tegen natuurverschijnselen en diverse bijbehorende bepalingen.

De vereisten van het derde, vierde en vijfde lid worden in het ontwerpbesluit hernomen en verder verfijnd in de aanpassingen van hoofdstuk 3, specifiek artikel 21/1 en artikel 21/2.

Deze bepaling in het ontwerpbesluit die de bestaande vereisten in de artikelen 21/1 en 21/2 verder verfijnt, wordt geacht geen negatieve impact te hebben op een eventuele verlenging van de niet LTO-eenheden.

Artikel 21/1, dat voorheen beperkt was tot natuurverschijnselen, werd veralgemeend tot alle externe bedreigingen, met inbegrip van deze die verband houden met menselijke activiteiten, en in overeenstemming met het nieuwe issue (kwestie) 'TU' van de WENRA-referentieniveaus.

Bedreigingen die het gevolg zijn van kwaadwillige (opzettelijke) handelingen vallen niet onder het toepassingsgebied van dit artikel, aangezien deze onderworpen zijn aan een specifieke regelgeving.

In dit verband werden de bepalingen betreffende het neerstorten van vliegtuigen overgebracht van artikel 20 (die ongewijzigd zijn gebleven) naar artikel 21/1. Een minimumwaarde voor de overdruk van de gereflecteerde drukgolf op de gebouwen veroorzaakt door een externe explosie werd gespecificeerd (0,07 bar). Deze waarde wordt reeds gebruikt voor de Belgische centrales. De maximale overschrijdingsfrequentie voor door menselijke activiteiten veroorzaakte voorvallen werd, zoals voor natuurverschijnselen, vastgesteld op 10-4 per jaar. Artikel 21/1.4 4° werd gewijzigd ten opzichte van de huidige versie voor de natuurverschijnselen: wanneer in het beschermingsconcept wordt gekozen voor een geografische scheiding van bepaalde apparatuur, wordt aanvaard dat een lokale bedreiging tot het verlies van redundantie leidt, waardoor er nog steeds voldoende maatregelen overblijven om de ontwerpbasisongevallen aan te pakken. Dit punt betreffende de bescherming van maatregelen voor het beheer van ontwerpbasisongevallen is echter niet van toepassing voor het neerstorten van vliegtuigen, gelet op de zeer lage waarschijnlijkheid (overschrijdingsfrequentie) dat deze voorkomen (in de orde van 10-6 per jaar). Zo ook zullen er, zoals eerder bij aardbevingen en nu voor de externe bedreigingen in het algemeen, indien het niet meer mogelijk is het ontwerp aan te passen aan de geldende normen, alternatieve methoden worden gebruikt om de weerstand van structuren, systemen en componenten te evalueren en de aan de installatie noodzakelijk aan te brengen verbeteringen te bepalen.

Het nieuwe artikel 21/2 behandelt interne bedreigingen in overeenstemming met het nieuwe issue (kwestie) 'SV' van de WENRA-referentieniveaus. Net als voor de externe bedreigingen, vallen de interne bedreigingen die het gevolg zijn van kwaadwillige (opzettelijke) handelingen, zoals sabotage, niet onder het toepassingsgebied van dit artikel. Een minimumlijst van in aanmerking te nemen interne bedreigingen is gespecificeerd (artikel 21/2.1). De doelstelling is de risicobronnen te verwijderen of tot een minimum te herleiden totdat deze risicobronnen niet langer een bedreiging inhouden voor de structuren, systemen en componenten die belangrijk zijn voor de veiligheid, ofwel totdat de waarschijnlijkheid dat er zich voorvallen die gepaard gaan met deze risicobronnen voordoen, uiterst gering is geworden. De risicobronnen waarvoor deze doelstelling niet kon worden bereikt, worden gebruikt om ontwerpbasisvoorvallen te definiëren. Op een manier die vergelijkbaar is met de externe bedreigingen werd een beschermingsconcept voor de interne bedreigingen gedefinieerd met de bijbehorende eisen (art. 21/2.4). Ook voor de interne bedreigingen zijn ontwerpuitbreidingsanalyses vereist.

Ten slotte zullen, op dezelfde manier als voor de externe bedreigingen, wanneer het niet langer mogelijk is om het ontwerp aan de huidige geldende normen aan te passen, alternatieve methoden worden gebruikt om de weerstand van structuren, systemen en componenten te beoordelen en om de vereiste verbeteringen aan de installatie te bepalen.

Artikel 24 betreffende het beheer van de veroudering werd geherformuleerd in overeenstemming met de WENRA-eisen. De gevolgen van langdurige stilleggingen moeten worden beheerd, in aanvulling op de eisen betreffende langdurige onderbrekingen van een activiteit die reeds in het algemeen reglement werden opgenomen (art. 16bis). De kwestie van de obsolescentie ('technologische' veroudering) kwam reeds aan bod in de vorige tekst van het besluit van 30 november 2011 (zie koninklijk besluit van 19 februari 2020Relevante gevonden documenten type koninklijk besluit prom. 19/02/2020 pub. 02/03/2020 numac 2020020033 bron federale overheidsdienst volksgezondheid, veiligheid van de voedselketen en leefmilieu Koninklijk besluit tot wijziging van het koninklijk besluit van 21 februari 2005 tot reglementering van de doelbewuste introductie in het leefmilieu evenals van het in de handel brengen van genetisch gemodificeerde organismen of van producten die er bevatten type koninklijk besluit prom. 19/02/2020 pub. 28/08/2020 numac 2020031221 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Koninklijk besluit tot wijziging van het koninklijk besluit van 15 juni 1999 betreffende het veiligheids- en coördinatiebeleid naar aanleiding van voetbalwedstrijden. - Duitse vertaling type koninklijk besluit prom. 19/02/2020 pub. 03/03/2020 numac 2020020422 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Koninklijk besluit tot wijziging van het koninklijk besluit van 15 juni 1999 betreffende het veiligheids- en coördinatiebeleid naar aanleiding van voetbalwedstrijden type koninklijk besluit prom. 19/02/2020 pub. 28/02/2020 numac 2020040459 bron federale overheidsdienst sociale zekerheid Koninklijk besluit tot wijziging van het koninklijk besluit van 3 november 2019 houdende hernieuwing van de mandaten van de voorzitter en van leden en benoeming van leden van het Comité van de Dienst voor geneeskundige evaluatie en controle van het Rijksinstituut voor ziekte- en invaliditeitsverzekering type koninklijk besluit prom. 19/02/2020 pub. 28/02/2020 numac 2020200896 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Koninklijk besluit tot aanvulling van het koninklijk besluit van 30 november 2011 houdende veiligheidsvoorschriften voor kerninstallaties, voor wat betreft het ontwerp van bestaande reactoren, hun bescherming tegen natuurverschijnselen en diverse bijbehorende bepalingen sluiten). De verplichting voor de exploitant om prioriteit te geven aan structuren, systemen en componenten op basis van hun belang voor de veiligheid, met het oog op het bieden van passende oplossingen voor de economische verouderingsproblemen, werd niet opgelegd, aangezien dit methodologische elementen zijn die de exploitant vrij kan toepassen of niet, op voorwaarde dat het doel wordt bereikt.

Artikel 30, dat in onbruik raakt door de toevoeging van artikel 14.3 dat ook van toepassing is op de vermogensreactoren, is opgeheven.

Ten slotte zijn aan artikel 32.3 enkele aanvullingen toegevoegd betreffende de voor brandrisicoanalyses gebruikte hypothesen. 3. Overgangsbepalingen Eventuele nieuwe acties die zijn vereist door de artikelen 21/1 met betrekking tot de externe bedreigingen die verband houden met menselijke activiteiten en artikel 21/2 betreffende de interne bedreigingen, worden uitgevoerd al naar gelang de planning die vereist is voor de acties die voortvloeien uit de tienjaarlijkse herzieningen, zoals bepaald in artikel 14.3.

De andere acties tot het in overeenstemming brengen, moeten vanaf 1 januari 2025 worden uitgevoerd, aangezien deze acties geen significante materiële wijzigingen vereisen.

Ik heb de eer te zijn, Sire, Van Uwe Majesteit, de zeer eerbiedige en zeer getrouwe dienaar, De Minister van Binnenlandse Zaken, Institutionele Hervormingen en Democratische Vernieuwing, A. VERLINDEN

21 DECEMBER 2023. - Koninklijk besluit tot wijziging van het koninklijk besluit van 30 november 2011Relevante gevonden documenten type koninklijk besluit prom. 30/11/2011 pub. 21/12/2011 numac 2011206225 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Koninklijk besluit houdende veiligheidsvoorschriften voor kerninstallaties sluiten houdende veiligheidsvoorschriften voor kerninstallaties met betrekking tot het beheer van interne en externe bedreigingen voor de vermogensreactoren en tot aanbrenging van diverse bijwerkingen daarin FILIP, Koning der Belgen, Aan allen die nu zijn en hierna wezen zullen, Onze Groet.

Gelet op de wet van 15 april 1994Relevante gevonden documenten type wet prom. 15/04/1994 pub. 14/10/2011 numac 2011000621 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet betreffende de bescherming van de bevolking en van het leefmilieu tegen de uit ioniserende stralingen voortspruitende gevaren en betreffende het Federaal Agentschap voor Nucleaire Controle. - Officieuze coördinatie in het Duits sluiten betreffende de bescherming van de bevolking en van het leefmilieu tegen de uit ioniserende stralingen voortspruitende gevaren en betreffende het Federaal Agentschap voor nucleaire controle, artikel 3, gewijzigd bij wet van 2 april 2003 en de wet van 19 december 2021;

Gelet op het koninklijk besluit van 30 november 2011Relevante gevonden documenten type koninklijk besluit prom. 30/11/2011 pub. 21/12/2011 numac 2011206225 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Koninklijk besluit houdende veiligheidsvoorschriften voor kerninstallaties sluiten houdende veiligheidsvoorschriften voor kerninstallaties;

Gelet op de mededeling aan de Europese Commissie met toepassing van artikel 33 van het Euratom-verdrag en het antwoord van de Commissie van 1 december 2023;

Gelet op de regelgevingsimpactanalyse van 20 juli 2023, uitgevoerd overeenkomstig de artikelen 6 en 7 van de wet van 15 december 2013Relevante gevonden documenten type wet prom. 15/12/2013 pub. 31/12/2013 numac 2013021138 bron federale overheidsdienst kanselarij van de eerste minister Wet houdende diverse bepalingen inzake administratieve vereenvoudiging sluiten houdende diverse bepalingen inzake administratieve vereenvoudiging;

Gelet op het advies van de Inspecteur van Financiën, gegeven op 25 juli 2023;

Gelet op de akkoordbevinding van de Staatssecretaris voor Begroting, gegeven op 11 augustus;

Gelet op de adviesaanvraag binnen 30 dagen, die op 22 september 2023 bij de Raad van State is ingediend, met toepassing van artikel 84, § I, eerste lid, 2'' van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973;

Overwegende dat het advies niet is meegedeeld binnen die termijn;

Gelet op artikel 84, § 4, tweede lid, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973;

Op de voordracht van Onze Minister van Binnenlandse Zaken en op het advies van Onze in Raad vergaderde Ministers, Hebben Wij besloten en besluiten Wij :

Artikel 1.Dit besluit voorziet in de gedeeltelijke omzetting van de richtlijn 2014/87/Euratom van de Raad van 8 juli 2014 houdende wijziging van Richtlijn 2009/71/Euratom tot vaststelling van een communautair kader voor de nucleaire veiligheid van kerninstallaties.

Art. 2.In artikel 1 van het koninklijk besluit van 30 november 2011Relevante gevonden documenten type koninklijk besluit prom. 30/11/2011 pub. 21/12/2011 numac 2011206225 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Koninklijk besluit houdende veiligheidsvoorschriften voor kerninstallaties sluiten houdende veiligheidsvoorschriften voor kerninstallaties, gewijzigd bij koninklijke besluiten van 10 augustus 2015, 29 mei 2018, 9 oktober 2018, 19 februari 2020 en 21 juli 2023 worden volgende wijzigingen aangebracht: 1° in punt 31° worden de woorden "gebeurtenissen van natuurlijke oorsprong, zowel deze die in de ontwerpbasis als deze die bij de ontwerpuitbreiding werden opgenomen" vervangen door de woorden "interne of externe bedreigingen";2° de bepalingen onder de punten 35° en 36° worden ingevoegd, luidende: "35° Leiderschap: het vermogen van een individu om andere individuen of groepen van individuen te leiden, te motiveren en te beïnvloeden om gemeenschappelijke doelen, waarden en gedragingen te kunnen delen. 36° Menselijke en organisatorische factoren : factoren die een positieve of negatieve invloed hebben op de menselijke prestaties in een bepaalde situatie, aangezien veiligheid het resultaat is van de interactie tussen mens, technologie en organisatie.".

Art. 3.In artikel 2 van hetzelfde besluit, vervangen bij koninklijk besluit van 19 december 2014 en gewijzigd bij koninklijke besluiten van 10 augustus 2015, 29 mei 2018 en 21 juli 2023 wordt na het eerste lid een lid ingevoegd luidende: "Artikel 17 van dit besluit is van toepassing, onverminderd de bepalingen van de Codex over het welzijn op het werk, Boek III. - Arbeidsplaatsen, Titel 3.- Brandpreventie op de arbeidsplaatsen en de bepalingen van het koninklijk besluit van 7 juli 1994Relevante gevonden documenten type koninklijk besluit prom. 07/07/1994 pub. 24/03/2023 numac 2023040927 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Koninklijk besluit tot vaststelling van de basisnormen voor de preventie van brand en ontploffing waaraan de gebouwen moeten voldoen. - Officieuze coördinatie in het Duits sluiten tot vaststelling van de basisnormen voor de preventie van brand en ontploffing waaraan de gebouwen moeten voldoen.".

Art. 4.In artikel 3/1, derde lid van hetzelfde besluit, ingevoegd bij koninklijk besluit van 9 oktober 2018Relevante gevonden documenten type koninklijk besluit prom. 09/10/2018 pub. 19/10/2018 numac 2018205364 bron federaal agentschap voor nucleaire controle Koninklijk besluit tot aanvulling van het koninklijk besluit van 30 november 2011 houdende veiligheidsvoorschriften voor de kerninstallaties voor wat betreft de omzetting van de Europese richtlijn 2014/87/Euratom sluiten, wordt punt a) vervangen als volgt: "a) de impact van interne en van externe bedreigingen van natuurlijke oorsprong, inclusief extreme bedreigingen en van onopzettelijk door de mens veroorzaakte externe bedreigingen, tot een minimum wordt beperkt;" .

Art. 5.De titel van artikel 5 van hetzelfde besluit wordt vervangen als volgt: "Art. 5 - Leiderschap en beheer voor de nucleaire veiligheid".

Art. 6.In artikel 5.1 van hetzelfde besluit, gewijzigd bij koninklijk besluit van 2 juni 2021Relevante gevonden documenten type koninklijk besluit prom. 02/06/2021 pub. 22/06/2021 numac 2021042083 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken en federaal agentschap voor nucleaire controle Koninklijk Besluit tot wijziging van het koninklijk besluit van 17 oktober 2011 betreffende de fysieke beveiliging van het kernmateriaal en de nucleaire installaties en het koninklijk besluit van 30 november 2011 houdende veiligheidsvoorschriften voor kerninstallaties sluiten, worden de volgende wijzigingen aangebracht: 1° voor het eerste lid worden drie leden toegevoegd, luidende: "De principes van het leiderschap en het beheer voor de nucleaire veiligheid worden ontwikkeld, geïmplementeerd en geïntegreerd in de organisatie van de exploitant om zo een sterke veiligheidscultuur te ontwikkelen en de nucleaire veiligheidsprestaties te verbeteren. Het leiderschap voor de nucleaire veiligheid is daadwerkelijk aanwezig op alle niveaus van de organisatie.

Het leidinggevend personeel ontwikkelt zijn leiderschap voor de nucleaire veiligheid;" 2° Na het huidige eerste lid dat het vierde lid wordt, wordt een lid ingevoegd luidende: "Met de menselijke en organisatorische factoren die een invloed hebben op de nucleaire veiligheid wordt rekening gehouden in het managementsysteem in het kader van een geïntegreerde aanpak.".

Art. 7.In artikel 5.2, eerste lid van hetzelfde besluit, gewijzigd bij koninklijk besluit van 2 juni 2021Relevante gevonden documenten type koninklijk besluit prom. 02/06/2021 pub. 22/06/2021 numac 2021042083 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken en federaal agentschap voor nucleaire controle Koninklijk Besluit tot wijziging van het koninklijk besluit van 17 oktober 2011 betreffende de fysieke beveiliging van het kernmateriaal en de nucleaire installaties en het koninklijk besluit van 30 november 2011 houdende veiligheidsvoorschriften voor kerninstallaties sluiten, worden de volgende wijzigingen aangebracht: 1° in het eerste gedachtestreepje wordt het woord "producten" vervangen door het woord "resultaten";2° in de Franstalige versie van het tweede gedachtestreepje worden de woorden "ses produits" vervangen door de woorden "à son résultat";3° in het derde gedachtestreepje worden de woorden "de tekortkomingen van een product", vervangen door de woorden "het niet bereiken van het doel ervan".

Art. 8.In artikel 5.3 van hetzelfde besluit worden de volgende wijzigingen aangebracht: 1° de titel van het artikel wordt vervangen als volgt: "Art.5.3 Engagement van de exploitant"; 2° het vierde lid wordt vervangen als volgt: "De personeelsleden van de exploitant moeten worden opgeleid in de relevante aspecten van het managementsysteem om de implementatie ervan te waarborgen en hun deelname aan de continue verbetering ervan aan te moedigen.".

Art. 9.Artikel 5.5 van hetzelfde besluit, gewijzigd bij koninklijk besluit van 2 juni 2021Relevante gevonden documenten type koninklijk besluit prom. 02/06/2021 pub. 22/06/2021 numac 2021042083 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken en federaal agentschap voor nucleaire controle Koninklijk Besluit tot wijziging van het koninklijk besluit van 17 oktober 2011 betreffende de fysieke beveiliging van het kernmateriaal en de nucleaire installaties en het koninklijk besluit van 30 november 2011 houdende veiligheidsvoorschriften voor kerninstallaties sluiten, wordt aangevuld met een lid, luidende: "De exploitant ziet erop toe dat er binnen zijn organisatie voldoende kennis is en inzicht in de producten en diensten van de onderaannemers die een impact op de nucleaire veiligheid kunnen hebben.".

Art. 10.In artikel 5.7, eerste lid, van hetzelfde besluit, ingevoegd bij koninklijk besluit van 9 oktober 2018Relevante gevonden documenten type koninklijk besluit prom. 09/10/2018 pub. 19/10/2018 numac 2018205364 bron federaal agentschap voor nucleaire controle Koninklijk besluit tot aanvulling van het koninklijk besluit van 30 november 2011 houdende veiligheidsvoorschriften voor de kerninstallaties voor wat betreft de omzetting van de Europese richtlijn 2014/87/Euratom sluiten, worden de woorden "de nucleaire veiligheidscultuur, alsook de" ingevoegd tussen het woord "continu" en het woord "houdingen".

Art. 11.In artikel 10.1 van hetzelfde besluit, gewijzigd bij koninklijk besluit van 19 februari 2020Relevante gevonden documenten type koninklijk besluit prom. 19/02/2020 pub. 02/03/2020 numac 2020020033 bron federale overheidsdienst volksgezondheid, veiligheid van de voedselketen en leefmilieu Koninklijk besluit tot wijziging van het koninklijk besluit van 21 februari 2005 tot reglementering van de doelbewuste introductie in het leefmilieu evenals van het in de handel brengen van genetisch gemodificeerde organismen of van producten die er bevatten type koninklijk besluit prom. 19/02/2020 pub. 28/08/2020 numac 2020031221 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Koninklijk besluit tot wijziging van het koninklijk besluit van 15 juni 1999 betreffende het veiligheids- en coördinatiebeleid naar aanleiding van voetbalwedstrijden. - Duitse vertaling type koninklijk besluit prom. 19/02/2020 pub. 03/03/2020 numac 2020020422 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Koninklijk besluit tot wijziging van het koninklijk besluit van 15 juni 1999 betreffende het veiligheids- en coördinatiebeleid naar aanleiding van voetbalwedstrijden type koninklijk besluit prom. 19/02/2020 pub. 28/02/2020 numac 2020040459 bron federale overheidsdienst sociale zekerheid Koninklijk besluit tot wijziging van het koninklijk besluit van 3 november 2019 houdende hernieuwing van de mandaten van de voorzitter en van leden en benoeming van leden van het Comité van de Dienst voor geneeskundige evaluatie en controle van het Rijksinstituut voor ziekte- en invaliditeitsverzekering type koninklijk besluit prom. 19/02/2020 pub. 28/02/2020 numac 2020200896 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Koninklijk besluit tot aanvulling van het koninklijk besluit van 30 november 2011 houdende veiligheidsvoorschriften voor kerninstallaties, voor wat betreft het ontwerp van bestaande reactoren, hun bescherming tegen natuurverschijnselen en diverse bijbehorende bepalingen sluiten, wordt het eerste lid vervangen door de volgende vier leden: "De exploitant beschikt over een programma voor het beheer van de veroudering. Dit programma omvat alle organisatorische, technische, operationele en onderhoudshandelingen waardoor de gevolgen van de veroudering kunnen worden beperkt om zodoende de beschadiging van de betrokken structuren, systemen en componenten binnen aanvaardbare grenzen te houden.

De gevolgen van de degradatie door veroudering wordt vermeden daar waar dit redelijkerwijze haalbaar is.

De principes van het verouderingsbeheer en het verouderingsbeheerprogramma worden in het veiligheidsrapport beschreven.

De volgende structuren, systemen en componenten vallen onder het verouderingsbeheerprogramma: - de structuren, systemen en componenten die belangrijk zijn voor de veiligheid, en - de structuren, systemen en componenten waarvan de degradatie het vermogen van die structuren, systemen en componenten die belangrijk zijn voor de veiligheid om hun functie te vervullen, kan aantasten.".

Art. 12.In artikel 10.2 van hetzelfde besluit, gewijzigd bij koninklijk besluit van 19 februari 2020Relevante gevonden documenten type koninklijk besluit prom. 19/02/2020 pub. 02/03/2020 numac 2020020033 bron federale overheidsdienst volksgezondheid, veiligheid van de voedselketen en leefmilieu Koninklijk besluit tot wijziging van het koninklijk besluit van 21 februari 2005 tot reglementering van de doelbewuste introductie in het leefmilieu evenals van het in de handel brengen van genetisch gemodificeerde organismen of van producten die er bevatten type koninklijk besluit prom. 19/02/2020 pub. 28/08/2020 numac 2020031221 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Koninklijk besluit tot wijziging van het koninklijk besluit van 15 juni 1999 betreffende het veiligheids- en coördinatiebeleid naar aanleiding van voetbalwedstrijden. - Duitse vertaling type koninklijk besluit prom. 19/02/2020 pub. 03/03/2020 numac 2020020422 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Koninklijk besluit tot wijziging van het koninklijk besluit van 15 juni 1999 betreffende het veiligheids- en coördinatiebeleid naar aanleiding van voetbalwedstrijden type koninklijk besluit prom. 19/02/2020 pub. 28/02/2020 numac 2020040459 bron federale overheidsdienst sociale zekerheid Koninklijk besluit tot wijziging van het koninklijk besluit van 3 november 2019 houdende hernieuwing van de mandaten van de voorzitter en van leden en benoeming van leden van het Comité van de Dienst voor geneeskundige evaluatie en controle van het Rijksinstituut voor ziekte- en invaliditeitsverzekering type koninklijk besluit prom. 19/02/2020 pub. 28/02/2020 numac 2020200896 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Koninklijk besluit tot aanvulling van het koninklijk besluit van 30 november 2011 houdende veiligheidsvoorschriften voor kerninstallaties, voor wat betreft het ontwerp van bestaande reactoren, hun bescherming tegen natuurverschijnselen en diverse bijbehorende bepalingen sluiten, worden de volgende wijzigingen aangebracht: 1° het eerste gedachtestreepje wordt vervangen als volgt: "- De identificatie van de betrokken structuren, systemen en componenten;"; 2° in het tweede gedachtestreepje wordt het woord `de' ingevoegd voor het woord `fysieke' en wordt het woord "geselecteerde" vervangen door de woorden "de betrokken";3° in het derde gedachtestreepje wordt het woord "geselecteerde" vervangen door het woord "betrokken";4° in het vierde gedachtestreepje wordt het woord "nodige" vervangen door de woorden "identificatie en de uitvoering van de".

Art. 13.In hetzelfde besluit wordt een artikel 14.3 ingevoegd, luidende: "Art. 14.3. - Planning en uitvoering van het actieplan De exploitant maakt een planning op voor de uitvoering van de corrigerende acties en verbeteringsacties. Hij voert de acties uit binnen drie jaar na de uiterste toegestane datum voor het indienen van het syntheserapport, zoals ofwel gedefinieerd in de oprichtings- en exploitatievergunning of bij ontstentenis hiervan zoals bepaald door het Agentschap.

Voor acties waarvoor oproepen tot het indienen van een offerte in het kader van een overheidsopdracht, vergunnings- en bouwvergunningsprocedures of specifieke bestellingen voor apparatuur die een lang productie- en kwalificatieproces omvat, zijn vereist, of enig ander geval van overmacht, kan de termijn echter langer zijn dan 3 jaar vanaf de uiterste toegestane datum voor het indienen van het syntheserapport.

In dat geval wordt een indicatieve planning verstrekt op basis van de geraamde duur van de verschillende geplande fasen.

Elke vertraging ten opzichte van de planning en elke afwijking ten opzichte van de inhoud van het actieplan moet worden gerechtvaardigd.

Het actieplan en de wijzigingen ervan worden door de veiligheidsautoriteit goedgekeurd.".

Art. 14.In de Nederlandse tekst van artikel 16.4, derde lid van hetzelfde besluit wordt het woord "voorvatten" vervangen door het woord "omvatten".

Art. 15.In artikel 17.2 van hetzelfde besluit worden de volgende wijzigingen aangebracht: 1° het tweede lid wordt vervangen als volgt: "De voor de nucleaire veiligheid belangrijke structuren, systemen en componenten moeten worden opgesteld in brandbestendige gebouwen die hun structurele integriteit voldoende kunnen behouden na een brand, in overeenstemming met de brandrisicoanalyse."; 2° het derde lid wordt vervangen als volgt: "Waar mogelijk wordt een aanpak met brandcompartimenten gevolgd.".

Art. 16.In artikel 17.4 van hetzelfde besluit worden de volgende wijzigingen aangebracht: 1° het eerste lid wordt vervangen als volgt: "Elk compartiment moet worden uitgerust met gepaste branddetectie- en alarmsystemen.Het branddetectiesysteem moet het alarm doorsturen naar het personeel van de controlezaal, of, in voorkomend geval, naar een meldkamer door middel van geluids- en visuele signalen." 2° het derde lid wordt aangevuld als volgt: "en dat de ventilatie van de brandcompartimenten waarin de uitrusting is ondergebracht die redundant is aan die van een getroffen compartiment, gehandhaafd blijft voor zover dit nodig is om hun veiligheidsfuncties te waarborgen."

Art. 17.In artikel 20.3 van hetzelfde besluit, vervangen bij koninklijk besluit van 19 februari 2020Relevante gevonden documenten type koninklijk besluit prom. 19/02/2020 pub. 02/03/2020 numac 2020020033 bron federale overheidsdienst volksgezondheid, veiligheid van de voedselketen en leefmilieu Koninklijk besluit tot wijziging van het koninklijk besluit van 21 februari 2005 tot reglementering van de doelbewuste introductie in het leefmilieu evenals van het in de handel brengen van genetisch gemodificeerde organismen of van producten die er bevatten type koninklijk besluit prom. 19/02/2020 pub. 28/08/2020 numac 2020031221 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Koninklijk besluit tot wijziging van het koninklijk besluit van 15 juni 1999 betreffende het veiligheids- en coördinatiebeleid naar aanleiding van voetbalwedstrijden. - Duitse vertaling type koninklijk besluit prom. 19/02/2020 pub. 03/03/2020 numac 2020020422 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Koninklijk besluit tot wijziging van het koninklijk besluit van 15 juni 1999 betreffende het veiligheids- en coördinatiebeleid naar aanleiding van voetbalwedstrijden type koninklijk besluit prom. 19/02/2020 pub. 28/02/2020 numac 2020040459 bron federale overheidsdienst sociale zekerheid Koninklijk besluit tot wijziging van het koninklijk besluit van 3 november 2019 houdende hernieuwing van de mandaten van de voorzitter en van leden en benoeming van leden van het Comité van de Dienst voor geneeskundige evaluatie en controle van het Rijksinstituut voor ziekte- en invaliditeitsverzekering type koninklijk besluit prom. 19/02/2020 pub. 28/02/2020 numac 2020200896 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Koninklijk besluit tot aanvulling van het koninklijk besluit van 30 november 2011 houdende veiligheidsvoorschriften voor kerninstallaties, voor wat betreft het ontwerp van bestaande reactoren, hun bescherming tegen natuurverschijnselen en diverse bijbehorende bepalingen sluiten worden de volgende wijzigingen aangebracht: 1° het derde lid wordt vervangen als volgt: "De geselecteerde voorvallen omvatten ten minste : - het falen van uitrustingen, - de ongevallen met verlies van primaire koeling (LOCA), - menselijke fouten."; 2° het vierde en het vijfde lid worden opgeheven.

Art. 18.In artikel 21.2, vierde lid van hetzelfde besluit, gewijzigd bij koninklijk besluit van 9 oktober 2018Relevante gevonden documenten type koninklijk besluit prom. 09/10/2018 pub. 19/10/2018 numac 2018205364 bron federaal agentschap voor nucleaire controle Koninklijk besluit tot aanvulling van het koninklijk besluit van 30 november 2011 houdende veiligheidsvoorschriften voor de kerninstallaties voor wat betreft de omzetting van de Europese richtlijn 2014/87/Euratom sluiten wordt in het eerste gedachtestreepje het woord "risico's" vervangen door het woord "bedreigingen".

Art. 19.Artikel 21/1 van hetzelfde besluit, ingevoegd bij koninklijk besluit van 19 februari 2020Relevante gevonden documenten type koninklijk besluit prom. 19/02/2020 pub. 02/03/2020 numac 2020020033 bron federale overheidsdienst volksgezondheid, veiligheid van de voedselketen en leefmilieu Koninklijk besluit tot wijziging van het koninklijk besluit van 21 februari 2005 tot reglementering van de doelbewuste introductie in het leefmilieu evenals van het in de handel brengen van genetisch gemodificeerde organismen of van producten die er bevatten type koninklijk besluit prom. 19/02/2020 pub. 28/08/2020 numac 2020031221 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Koninklijk besluit tot wijziging van het koninklijk besluit van 15 juni 1999 betreffende het veiligheids- en coördinatiebeleid naar aanleiding van voetbalwedstrijden. - Duitse vertaling type koninklijk besluit prom. 19/02/2020 pub. 03/03/2020 numac 2020020422 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Koninklijk besluit tot wijziging van het koninklijk besluit van 15 juni 1999 betreffende het veiligheids- en coördinatiebeleid naar aanleiding van voetbalwedstrijden type koninklijk besluit prom. 19/02/2020 pub. 28/02/2020 numac 2020040459 bron federale overheidsdienst sociale zekerheid Koninklijk besluit tot wijziging van het koninklijk besluit van 3 november 2019 houdende hernieuwing van de mandaten van de voorzitter en van leden en benoeming van leden van het Comité van de Dienst voor geneeskundige evaluatie en controle van het Rijksinstituut voor ziekte- en invaliditeitsverzekering type koninklijk besluit prom. 19/02/2020 pub. 28/02/2020 numac 2020200896 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Koninklijk besluit tot aanvulling van het koninklijk besluit van 30 november 2011 houdende veiligheidsvoorschriften voor kerninstallaties, voor wat betreft het ontwerp van bestaande reactoren, hun bescherming tegen natuurverschijnselen en diverse bijbehorende bepalingen sluiten, wordt vervangen als volgt: "Art. 21/1 - Externe bedreigingen 21/1.1 - Identificatie van en bescherming tegen externe bedreigingen Alle natuurverschijnselen en menselijke activiteiten die onbedoeld een bedreiging voor de site kunnen vormen, moeten worden geïdentificeerd, met inbegrip van de secundaire verschijnselen die eruit kunnen voortvloeien.

De natuurverschijnselen omvatten: - geologische verschijnselen; - seismische verschijnselen; - meteorologische verschijnselen; - hydrologische verschijnselen; - biologische verschijnselen; - bosbranden.

De externe bedreigingen veroorzaakt door menselijke activiteiten omvatten op zijn minst: - accidentele vliegtuiginslagen; - ongevallen veroorzaakt door het vervoer en de nabije industriële activiteiten, met inbegrip van branden, explosies en andere mogelijke gevaren voor de veiligheid van nucleaire installaties; - elektrische storingen en elektromagnetische interferentie.

Er wordt een beschermingsconcept opgesteld als basis voor de definiëring en dimensionering van de gepaste beschermingsmaatregelen tegen externe bedreigingen.

Het maakt het mogelijk om het hoofd te bieden aan voorvallen die in de ontwerpbasis en in de ontwerpuitbreiding werden opgenomen en legt verbanden met de procedures die na een ongeval moeten worden gevolgd en de leidraden voor het beheer van ernstige ongevallen. 21/1.2 - Selectie en analyse van de externe bedreigingen Geïdentificeerde externe bedreigingen die: a) geen fysiek gevaar vormen voor de eenheid, of b) uiterst onwaarschijnlijk zijn met een hoge mate van vertrouwen, moeten niet worden geselecteerd, met uitzondering van deze die in combinatie met andere voorvallen een gevaar kunnen vormen voor de eenheid. Het selectieproces is gebaseerd op conservatieve hypothesen.

De geselecteerde externe bedreigingen worden geanalyseerd met behulp van deterministische methodes en, voor zover mogelijk, probabilistische methodes, overeenkomstig de huidige staat van de wetenschap en de technologie.

De analyse stelt, in de mate van het mogelijke, een verhouding vast tussen de ernst van de bedreiging en de overschrijdingsfrequentie ervan. In de mate van het mogelijke wordt het aannemelijke maximale ernstniveau ervan bepaald.

De analyse is gebaseerd op gegevens afkomstig van de site en de omliggende regio, evenals van andere regio's, voor zover deze gegevens relevant en beschikbaar zijn.

Deze gegevens worden aangevuld om ook de natuurverschijnselen van voor de optekening in de historische archieven te dekken. De toekomstige evolutie van de natuurverschijnselen die onder andere aan de klimaatverandering en aan de evolutie van de menselijke activiteiten gekoppeld zijn, zal tijdens de evaluatie in aanmerking worden genomen.

De onzekerheden over de resultaten zullen worden geëvalueerd.

Art. 21/1.3 Ontwerpbasisvoorvallen voor de externe bedreigingen Op basis van de analyse van de geselecteerde externe bedreigingen, worden de ontwerpbasisvoorvallen bepaald.

De overschrijdingsfrequentie die gehanteerd wordt voor de keuze van de ontwerpbasisvoorvallen t.a.v. deze bedreigingen/een bedreiging is voldoende laag om een hoge mate van bescherming te waarborgen. Ze is lager of gelijk aan 10-4 per jaar.

Voor de seismische belastingen moet een minimumwaarde van 0,98 m.s-2 genomen worden voor de maximale horizontale grondversnelling.

Indien de berekening van de overschrijdingsfrequenties voor de ernst van een bedreiging niet mogelijk is, of onvoldoende zekerheid biedt, wordt een voorval waarmee een gelijkwaardig beschermingsniveau kan worden bereikt, opgenomen in de ontwerpbasis.

Om een minimale bescherming te garanderen, omvatten de voorvallen die in de ontwerpbasis zijn geselecteerd, onder meer: - het neerstorten van een commercieel lijnvliegtuig en van een representatief militair vliegtuig; - een explosie die een overdruk op de gebouwen van ten minste 0,07 bar in de gereflecteerde drukgolf veroorzaakt.

De in de ontwerpbasis opgenomen voorvallen die gelinkt zijn aan natuurverschijnselen, worden vergeleken met voorvallen uit het verleden, om ervoor te zorgen dat er een voldoende grote marge zit op het gekozen ernstniveau.

De kenmerken van de ontwerpbasisvoorvallen worden conservatief bepaald.

Art. 21/1.4 - Bescherming tegen ontwerpbasisvoorvallen Voor elk ontwerpbasisvoorval van externe oorsprong, zal het beschermingsconcept: 1° veiligheidsmarges voorzien;2° rekening houden met elk aannemelijk rechtstreeks of onrechtstreeks gevolg van een voorval;3° zoveel als redelijkerwijze mogelijk op passieve middelen steunen;4° op basis van de bedrijfstoestanden waarborgen dat de maatregelen om aan een ontwerpbasisongeval het hoofd te bieden, tijdens en na het voorval doeltreffend blijven, tenzij het beschermingsconcept gebaseerd is op een geografische scheiding van de structuren, systemen en componenten.In dat geval kan het voorval tot een verlies van redundantie leiden, voor zover er voldoende maatregelen overblijven; 5° de bescherming tegen andere ontwerpbasisvoorvallen gelinkt aan interne of externe bedreigingen niet onaanvaardbaar laten verzwakken. Eventuele uitzonderingen hierop worden gerechtvaardigd. De structuren, systemen en componenten die deel uitmaken van het beschermingsconcept zijn in staat hun werking te garanderen bij elke geloofwaardige combinatie van het voorval in kwestie met een ander voorval dat verband houdt met een interne of externe bedreiging. 6° rekening houden met de voorspelbaarheid en de ontwikkeling van het voorval in de tijd;7° de procedures en middelen voorzien om de toestand van de eenheid te controleren tijdens en na de voorvallen;8° rekening houden met het feit dat: a.verschillende redundante of gediversifieerde groepen van een veiligheidssysteem, b. verschillende structuren, systemen en componenten, c.diverse installaties van de site alsook de infrastructuur van de site, d. de omliggende infrastructuur, de externe bevoorradingen en andere tegenmaatregelen, door de voorvallen kunnen worden getroffen;9° de beschikbaarheid garanderen van voldoende middelen, inzonderheid wanneer er op dezelfde site meerdere eenheden aanwezig zijn die uitrustingen of diensten delen. De structuren, systemen en componenten die deel uitmaken van het beschermingsconcept en de bescherming garanderen tegen ontwerpbasisvoorvallen die verband houden met externe bedreigingen, worden belangrijk geacht voor de veiligheid.

Het beschermingsconcept wordt aangevuld met toezichts- en alarmprocessen. Waar nodig worden interventiedrempels of waarden vastgesteld opdat de beschermingsmaatregelen tijdig worden uitgevoerd.

Bovendien worden er drempels vastgelegd met het oog op inspecties en andere vooraf bepaalde acties na de voorvallen.

Indien de ernst van een ontwerpbasisvoorval naar boven toe werd herzien en het redelijkerwijze niet haalbaar is om het ontwerp volgens de huidige normen aan te passen, worden methodes op basis van het oordeel van deskundigen en alternatieve evaluaties gebruikt om de werkelijke weerstand tegen dit voorval van de structuren, systemen en componenten van de eenheid te beoordelen, rekening houdend met hun huidige toestand en om de nodige verbeteringen te bepalen.

Wanneer er in de ontwerpbasis geen rekening werd gehouden met het neerstorten van een representatief commercieel of militair vliegtuig, dan kunnen er alternatieve methodes worden gebruikt om een afdoend beschermingsniveau aan te tonen: a) Voor punt a) van het eerste lid van artikel 20.6 stemmen de initiële hypotheses en randvoorwaarden voor de scenariostudies overeen met de uitbatingsvoorwaarden en -limieten. b) De hypotheses c) en e) van het eerste lid van artikel 20.6 m.b.t. de systemen die bij de scenario's werden betrokken, worden vervangen door de hypotheses en vereisten van het derde tot zevende lid van artikel 21.4.1. c) De 4 punten van het tweede lid van artikel 20.6 worden vervangen door de punten a), b) e) en f) van artikel 21.3.

Het 4e punt van het eerste lid van artikel 21/1.4 is niet van toepassing op het beschermingsconcept gelinkt aan het neerstorten van een vliegtuig.

Art. 21/1.5 Ontwerpuitbreidingsvoorvallen Voorvallen die ernstiger zijn dan de ontwerpbasisvoorvallen moeten worden geïdentificeerd in het kader van de analyse van de ontwerpuitbreiding.

Wanneer een in de ontwerpbasis opgenomen voorval voor een externe bedreiging met een hoge mate van vertrouwen uiterst onwaarschijnlijk is, dan moet er geen ontwerpuitbreidingsvoorval voor deze bedreiging in aanmerking worden genomen.

De selectie van voorvallen voor de analyse van de ontwerpuitbreiding wordt, indien mogelijk, gebaseerd op een overschrijdingsfrequentie van de ernst van de bedreiging, of op andere hiermee verbonden parameters.

De analyse van de ontwerpuitbreidingsvoorvallen, voor zover dit mogelijk is: 1° toont aan dat er voldoende marge is ten opzichte van de "klifeffecten" die zouden kunnen leiden tot onaanvaardbare gevolgen;2° identificeert en beoordeelt de meest robuuste middelen om de fundamentele veiligheidsfuncties te waarborgen;3° houdt rekening met het feit dat: a.verschillende redundante of gediversifieerde groepen van een veiligheidssysteem, b. verschillende structuren, systemen en componenten, c.diverse installaties van de site alsook de infrastructuur van de site, d. de omliggende infrastructuur, de externe bevoorradingen en andere tegenmaatregelen door de voorvallen kunnen worden getroffen.4° toont aan dat er voldoende middelen beschikbaar blijven op de sites met meerdere eenheden die voorzien om uitrustingen of diensten te delen; 5° omvat controles op het terrein te voorzien.".

Art. 20.In hetzelfde besluit wordt een artikel 21/2 ingevoegd, luidende: "Art. 21/2 Interne bedreigingen Art. 21/2.1 Identificatie van en bescherming tegen interne bedreigingen Alle mogelijke interne bedreigingen voor structuren, systemen en componenten die belangrijk zijn voor de veiligheid, worden geïdentificeerd. Elke plaats waar permanente of tijdelijke risicobronnen aanwezig zijn, wordt in aanmerking genomen.

De lijst met interne bedreigingen omvat minimaal: - brand; - explosies; - projectielen; - leidingbreuken; - interne overstromingen; - instorting van structuren en vallende voorwerpen; - elektrische storingen en elektromagnetische interferenties; - vrijkomen van gevaarlijke stoffen.

Er wordt een beschermingsconcept uitgewerkt als basis voor de definiëring en dimensionering van de gepaste beschermingsmaatregelen.

Het maakt het mogelijk om het hoofd te bieden aan voorvallen die in de ontwerpbasis en in de ontwerpuitbreiding werden opgenomen en legt verbanden met de procedures die na een ongeval moeten worden gevolgd en de leidraden voor het beheer van ernstige ongevallen.

Art. 21/2.2 Analyse van interne bedreigingen De geïdentificeerde interne bedreigingen worden geanalyseerd met behulp van deterministische en, waar mogelijk, probabilistische methoden, alsook op basis van het oordeel van deskundigen. De evaluatie houdt rekening met alle individuele risicobronnen en de aannemelijke rechtstreekse en onrechtstreekse gevolgen die eruit kunnen voortvloeien.

De analyse van de bedreigingen, de gebruikte methoden, de inputgegevens en het gebruik van de resultaten van de analyse, met inbegrip van de implementatie van de acties, worden gerechtvaardigd, gedocumenteerd en geactualiseerd.

De risicobronnen worden zoveel mogelijk geëlimineerd of geminimaliseerd tot er kan worden aangetoond dat: a) er niet langer een fysieke bedreiging bestaat voor de structuren, systemen en componenten die belangrijk zijn voor de veiligheid;of b) het zeer onwaarschijnlijk is dat er zich voorvallen voordoen die met deze risicobronnen verband houden. Art. 21/2.3 Ontwerpbasisvoorvallen voor interne bedreigingen Op basis van de analyse van de voor de centrale specifieke interne bedreigingen, worden ontwerpbasisvoorvallen gedefinieerd die verband houden met risicobronnen die niet geëlimineerd of voldoende geminimaliseerd konden worden.

De parameters van deze voorvallen worden op conservatieve wijze bepaald, rekening houdend met de ernstigst mogelijke fysieke gevolgen van deze gebeurtenissen. Uitzonderingen worden gerechtvaardigd.

Art. 21/2.4 Bescherming tegen ontwerpvoorvallen Overeenkomstig de "defence in depth" omvat het beschermingsconcept maatregelen om voorvallen te voorkomen, deze te detecteren en, indien van toepassing, de gevolgen ervan te beheersen en te beperken.

Voor elk ontwerpbasisvoorval gelinkt aan een interne bedreiging, zal het beschermingsconcept: 1° veiligheidsmarges voorzien;2° rekening houden met elk aannemelijk rechtstreeks of onrechtstreeks gevolg van het voorval;3° zoveel als redelijkerwijze mogelijk op passieve middelen steunen;4° zorgen voor een voldoende fysieke scheiding of isolatie van de redundante en/of gediversifieerde groepen van veiligheidssystemen, om te voorkomen dat de gevolgen van het voorval zich uitbreiden naar andere groepen.Eventuele uitzonderingen moeten worden gerechtvaardigd; 5° de procedures en middelen voorzien voor de controle van de toestand van de eenheid tijdens en na de ontwerpbasisvoorvallen;6° de verspreiding van het voorval op de site zoveel mogelijk beperken;7° de beschikbaarheid van voldoende middelen waarborgen, in het bijzonder indien verschillende eenheden op dezelfde site aanwezig zijn en er uitrustingen of diensten worden gedeeld;8° de bescherming tegen andere ontwerpbasisvoorvallen gelinkt aan interne of externe bedreigingen niet onaanvaardbaar laten verzwakken. Eventuele uitzonderingen hierop worden gerechtvaardigd. De structuren, systemen en componenten die deel uitmaken van het beschermingsconcept dienen hun functie te vervullen bij elke aannemelijke combinatie van het betrokken voorval met een ander voorval dat gelinkt is aan een interne of externe bedreiging.

De structuren, systemen en componenten die deel uitmaken van het beschermingsconcept die de bescherming tegen ontwerpbasisvoorvallen waarborgen, worden als belangrijk voor de veiligheid beschouwd.

De toegangswegen voor de uitrusting die nodig is om de installatie in een veilige toestand te brengen en te houden voor het betrokken ontwerpbasisvoorval, zijn beschikbaar en kunnen veilig worden gebruikt.

Desgevallend maakt de detectie- en bewakingsapparatuur deel uit van het beschermingsconcept. Daar waar het relevant is, worden interventiedrempels of -waarden bepaald om tijdig beschermende maatregelen te kunnen nemen.

Er worden ontwerpuitbreidingsanalyses uitgevoerd om redelijkerwijze haalbare verbeteringen van het beschermingsconcept vast te stellen voor voorvallen die ernstiger zijn dan deze waarmee in de ontwerpbasis rekening werd gehouden, tenzij er bij de bepaling van het ontwerpbasisvoorval overeenkomstig artikel 21/2.3, reeds rekening werd gehouden met de meest ernstige fysieke gevolgen. Bij de analyses moet ook rekening worden gehouden met aannemelijke defecten in de beschermingsmiddelen.

De organisatorische bepalingen worden voorzien overeenkomstig het beschermingsconcept.

Indien de ernst van een ontwerpbasisvoorval naar boven toe werd herzien en het redelijkerwijze niet haalbaar is om het ontwerp volgens de geldende normen aan te passen, worden methodes op basis van het oordeel van deskundigen en alternatieve evaluaties gebruikt om de werkelijke weerstand tegen dit voorval van de structuren, systemen en componenten van de eenheid te beoordelen, rekening houdend met hun huidige toestand en om de nodige verbeteringen te bepalen.".

Art. 21.In artikel 24 van hetzelfde besluit, vervangen bij koninklijk besluit van 19 februari 2020Relevante gevonden documenten type koninklijk besluit prom. 19/02/2020 pub. 02/03/2020 numac 2020020033 bron federale overheidsdienst volksgezondheid, veiligheid van de voedselketen en leefmilieu Koninklijk besluit tot wijziging van het koninklijk besluit van 21 februari 2005 tot reglementering van de doelbewuste introductie in het leefmilieu evenals van het in de handel brengen van genetisch gemodificeerde organismen of van producten die er bevatten type koninklijk besluit prom. 19/02/2020 pub. 28/08/2020 numac 2020031221 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Koninklijk besluit tot wijziging van het koninklijk besluit van 15 juni 1999 betreffende het veiligheids- en coördinatiebeleid naar aanleiding van voetbalwedstrijden. - Duitse vertaling type koninklijk besluit prom. 19/02/2020 pub. 03/03/2020 numac 2020020422 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Koninklijk besluit tot wijziging van het koninklijk besluit van 15 juni 1999 betreffende het veiligheids- en coördinatiebeleid naar aanleiding van voetbalwedstrijden type koninklijk besluit prom. 19/02/2020 pub. 28/02/2020 numac 2020040459 bron federale overheidsdienst sociale zekerheid Koninklijk besluit tot wijziging van het koninklijk besluit van 3 november 2019 houdende hernieuwing van de mandaten van de voorzitter en van leden en benoeming van leden van het Comité van de Dienst voor geneeskundige evaluatie en controle van het Rijksinstituut voor ziekte- en invaliditeitsverzekering type koninklijk besluit prom. 19/02/2020 pub. 28/02/2020 numac 2020200896 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Koninklijk besluit tot aanvulling van het koninklijk besluit van 30 november 2011 houdende veiligheidsvoorschriften voor kerninstallaties, voor wat betreft het ontwerp van bestaande reactoren, hun bescherming tegen natuurverschijnselen en diverse bijbehorende bepalingen sluiten, worden de volgende wijzigingen aangebracht: 1° het eerste lid wordt vervangen als volgt: "In het verouderingsbeheerprogramma wordt rekening gehouden met het ontwerp, de fabricagegegevens, de resultaten van het kwalificatieproces, de gebruiks- en omgevingsomstandigheden, de belastingcycli, de onderhoudsprocessen, de bedrijfsduur en de test- en vervangstrategie waaraan de betrokken structuren, systemen en componenten onderworpen worden";2° na het derde lid worden twee leden ingevoegd als volgt: "De exploitant ontwikkelt een strategie om ervoor te zorgen dat er adequate oplossingen voor de economische verouderingsproblemen worden geïmplementeerd voordat deze problemen gevolgen kunnen hebben. De gevolgen van langdurige stilleggingen, of andere specifieke omstandigheden voor de veroudering van de betrokken structuren, systemen en componenten worden beheerd.".

Art. 22.In artikel 28 van hetzelfde besluit worden de volgende wijzigingen aangebracht: 1° in het eerste lid, punt d) wordt het woord "voorvallen" vervangen door het woord "bedreigingen".2° in het tweede lid, ingevoegd bij koninklijk besluit van 19 februari 2020Relevante gevonden documenten type koninklijk besluit prom. 19/02/2020 pub. 02/03/2020 numac 2020020033 bron federale overheidsdienst volksgezondheid, veiligheid van de voedselketen en leefmilieu Koninklijk besluit tot wijziging van het koninklijk besluit van 21 februari 2005 tot reglementering van de doelbewuste introductie in het leefmilieu evenals van het in de handel brengen van genetisch gemodificeerde organismen of van producten die er bevatten type koninklijk besluit prom. 19/02/2020 pub. 28/08/2020 numac 2020031221 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Koninklijk besluit tot wijziging van het koninklijk besluit van 15 juni 1999 betreffende het veiligheids- en coördinatiebeleid naar aanleiding van voetbalwedstrijden. - Duitse vertaling type koninklijk besluit prom. 19/02/2020 pub. 03/03/2020 numac 2020020422 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Koninklijk besluit tot wijziging van het koninklijk besluit van 15 juni 1999 betreffende het veiligheids- en coördinatiebeleid naar aanleiding van voetbalwedstrijden type koninklijk besluit prom. 19/02/2020 pub. 28/02/2020 numac 2020040459 bron federale overheidsdienst sociale zekerheid Koninklijk besluit tot wijziging van het koninklijk besluit van 3 november 2019 houdende hernieuwing van de mandaten van de voorzitter en van leden en benoeming van leden van het Comité van de Dienst voor geneeskundige evaluatie en controle van het Rijksinstituut voor ziekte- en invaliditeitsverzekering type koninklijk besluit prom. 19/02/2020 pub. 28/02/2020 numac 2020200896 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Koninklijk besluit tot aanvulling van het koninklijk besluit van 30 november 2011 houdende veiligheidsvoorschriften voor kerninstallaties, voor wat betreft het ontwerp van bestaande reactoren, hun bescherming tegen natuurverschijnselen en diverse bijbehorende bepalingen sluiten, wordt het woord "risico's" vervangen door het woord "bedreigingen".

Art. 23.In artikel 32.3 van hetzelfde besluit worden voor het eerste lid twee leden ingevoegd, luidende: "De brandbestendigheid van de brandbarrières van de compartimenten is zodanig dat de totale verbranding van de in het compartiment aanwezige warmtebelasting, in overeenstemming met de analyse van het brandrisico, de brandbarrières niet doet bezwijken.

Bij de beoordeling van de weerstand van de brandbarrières wordt de hoeveelheid zuurstof die in het compartiment beschikbaar is, of tot in het compartiment kan doordringen, conservatief genomen en gerechtvaardigd.".

Art. 24.In artikel 61 van hetzelfde besluit, hernummerd bij koninklijk besluit van 21 juli 2023Relevante gevonden documenten type koninklijk besluit prom. 21/07/2023 pub. 25/08/2023 numac 2023043811 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Koninklijk besluit tot aanvulling van het koninklijk besluit van 30 november 2011 houdende veiligheidsvoorschriften voor kerninstallaties, voor wat betreft de onderzoeksreactoren sluiten, worden de volgende wijzigingen aangebracht: 1° het tweede lid wordt vervangen als volgt: "De ontwerpaanpassingen die volgen uit artikelen 20, 21 en 21/1 voor wat betreft de natuurverschijnselen worden uitgevoerd volgens het proces van ontwerpherziening voorzien in artikel 22/1 en volgens een uitvoeringsplanning voorzien in artikel 14.3." 2° In het vijfde lid wordt het getal "30" vervangen door het getal "14.3". 3° na het negende lid worden drie leden ingevoegd, luidende: "De ontwerpaanpassingen die vereist zijn volgens artikel 21/2 en door de bepalingen van artikel 21/1 m.b.t. de externe bedreigingen veroorzaakt door menselijke activiteiten, worden uitgevoerd volgens een uitvoeringsplanning zoals voorzien in artikel 14.3.

De inrichtingen van klasse I, zoals omschreven in artikel 3.1 a) van het Algemeen reglement, voldoen vanaf 1 januari 2025 aan de artikelen 5.1 eerste, tweede, derde en vijfde lid; 10.1, tweede en vierde lid; 17.2, tweede lid en 17.4 derde lid, zoals gewijzigd bij artikel 16 van koninklijk besluit van 21 december 2023.

De kernreactoren voor de elektriciteitsproductie voldoen vanaf 1 januari 2025 aan artikel 32.3 eerste en derde lid.".

Art. 25.Artikel 30 van hetzelfde besluit, opgeheven bij koninklijk besluit van 9 oktober 2018Relevante gevonden documenten type koninklijk besluit prom. 09/10/2018 pub. 19/10/2018 numac 2018205364 bron federaal agentschap voor nucleaire controle Koninklijk besluit tot aanvulling van het koninklijk besluit van 30 november 2011 houdende veiligheidsvoorschriften voor de kerninstallaties voor wat betreft de omzetting van de Europese richtlijn 2014/87/Euratom sluiten, opnieuw opgenomen bij koninklijk besluit van 19 februari 2020Relevante gevonden documenten type koninklijk besluit prom. 19/02/2020 pub. 02/03/2020 numac 2020020033 bron federale overheidsdienst volksgezondheid, veiligheid van de voedselketen en leefmilieu Koninklijk besluit tot wijziging van het koninklijk besluit van 21 februari 2005 tot reglementering van de doelbewuste introductie in het leefmilieu evenals van het in de handel brengen van genetisch gemodificeerde organismen of van producten die er bevatten type koninklijk besluit prom. 19/02/2020 pub. 28/08/2020 numac 2020031221 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Koninklijk besluit tot wijziging van het koninklijk besluit van 15 juni 1999 betreffende het veiligheids- en coördinatiebeleid naar aanleiding van voetbalwedstrijden. - Duitse vertaling type koninklijk besluit prom. 19/02/2020 pub. 03/03/2020 numac 2020020422 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Koninklijk besluit tot wijziging van het koninklijk besluit van 15 juni 1999 betreffende het veiligheids- en coördinatiebeleid naar aanleiding van voetbalwedstrijden type koninklijk besluit prom. 19/02/2020 pub. 28/02/2020 numac 2020040459 bron federale overheidsdienst sociale zekerheid Koninklijk besluit tot wijziging van het koninklijk besluit van 3 november 2019 houdende hernieuwing van de mandaten van de voorzitter en van leden en benoeming van leden van het Comité van de Dienst voor geneeskundige evaluatie en controle van het Rijksinstituut voor ziekte- en invaliditeitsverzekering type koninklijk besluit prom. 19/02/2020 pub. 28/02/2020 numac 2020200896 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Koninklijk besluit tot aanvulling van het koninklijk besluit van 30 november 2011 houdende veiligheidsvoorschriften voor kerninstallaties, voor wat betreft het ontwerp van bestaande reactoren, hun bescherming tegen natuurverschijnselen en diverse bijbehorende bepalingen sluiten en gewijzigd bij koninklijk besluit van 19 februari 2022, wordt opgeheven.

Art. 26.De minister tot wiens bevoegdheid de Binnenlandse Zaken behoren, is belast met de uitvoering van dit besluit.

Gegeven te Brussel, 21 december 2023.

FILIP Van Koningswege : De Minister van Binnenlandse Zaken, A. VERLINDEN

^