Etaamb.openjustice.be
Koninklijk Besluit van 19 maart 1998
gepubliceerd op 09 mei 1998

Koninklijk besluit tot wijziging van het koninklijk besluit van 30 juni 1981 tot vaststelling van de datum van inwerkingtreding en tot uitvoering van sommige artikelen van de wet van 29 juni 1981 houdende de algemene beginselen van de sociale zekerheid voor werknemers

bron
ministerie van volksgezondheid en leefmilieu
numac
1998022235
pub.
09/05/1998
prom.
19/03/1998
ELI
eli/besluit/1998/03/19/1998022235/staatsblad
staatsblad
https://www.ejustice.just.fgov.be/cgi/article_body(...)
links
Raad van State (chrono)
Document Qrcode

19 MAART 1998. - Koninklijk besluit tot wijziging van het koninklijk besluit van 30 juni 1981 tot vaststelling van de datum van inwerkingtreding en tot uitvoering van sommige artikelen van de wet van 29 juni 1981 houdende de algemene beginselen van de sociale zekerheid voor werknemers


ALBERT II, Koning der Belgen, Aan allen die nu zijn en hierna wezen zullen, Onze Groet.

Gelet op de wet van 29 juni 1981 houdende de algemene beginselen van de sociale zekerheid voor werknemers, inzonderheid op artikel 37, gewijzigd bij de wetten van 30 december 1988 en 29 december 1990;

Gelet op het koninklijk besluit van 30 juni 1981 tot vaststelling van de datum van inwerkingtreding en tot uitvoering van sommige artikelen van de wet van 29 juni 1981 houdende de algemene beginselen van de sociale zekerheid voor werknemers, inzonderheid op artikel 2, gewijzigd bij de koninklijke besluiten van 18 februari 1983, 20 november 1989, 11 september 1991 en 15 maart 1994;

Gelet op de wet van 25 april 1963 betreffende het beheer van de instellingen van openbaar nut voor sociale zekerheid en sociale voorzorg, inzonderheid op artikel 15;

Gelet op de dringende noodzakelijkheid;

Gelet op het advies van de Inspectie van Financiën, gegeven op 16 februari 1998;

Gelet op het advies van de Raad van State, gegeven op 2 maart 1998, met toepassing van artikel 84, eerste lid, 2°, van de wetten op de raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973, vervangen bij de wet van 4 augustus 1996;

Gelet op de hoogdringendheid gemotiveerd wegens het feit dat de werkgevers zo vlug mogelijk de nieuwe berekeningsmodaliteiten van de verschuldigde sociale zekerheidsbijdragen moeten kennen ingevolge de wijziging van de Maribel-vermindering voor de mijnwerkers en ermee gelijkgestelden;

Overwegende dat het koninklijk besluit beoogt de toepassing van een maatregel die in werking treedt met ingang vanaf 1 juli 1997 mogelijk te maken;

Op de voordracht van Onze Minister van Tewerkstelling en Arbeid en van Onze Minister van Sociale Zaken en en op het advies van Onze in Raad vergaderde Ministers, Hebben Wij besloten en besluiten Wij :

Artikel 1.Artikel 2 van het koninklijk besluit van 30 juni 1981 tot vaststelling van de datum van inwerkingtreding en tot uitvoering van sommige artikelen van de wet van 29 juni 1981 houdende de algemene beginselen van de sociale zekerheid voor werknemers, gewijzigd bij de koninklijke besluiten van 18 februari 1983, 20 november 1989, 11 september 1991 en 15 maart 1994 wordt vervangen door de volgende bepaling : « De werkgevers bedoeld bij de besluitwet van 10 januari 1945 betreffende de maatschappelijke zekerheid van de mijnwerkers en ermee gelijkgestelden die zijn onderworpen aan het geheel van de stelsels voor rust- en overlevingspensioenen van de werknemers, de verplichte ziekte- en invaliditeitsverzekering (sector gezondheidszorgen), de kinderbijslag voor werknemers, de beroepsziekten en de arbeidsongevallen, genieten vanaf 1 juli 1997 een vermindering van de bijdragen, betreffende het geheel van bovenvermelde regelingen voor de mijnwerkers en ermee gelijkgestelden, ten belope van F 5 000 per kwartaal. Wanneer het een werkgever betreft die minder dan 10 werknemers tewerkstelde op 30 juni van vorig kalenderjaar of op de laatste dag van het kwartaal gedurende hetwelk de eerste tewerkstelling plaatsvond, wanneer deze later is dan 30 juni van het referentiejaar, bedraagt de vermindering F 8 500 per kwartaal voor vijf handarbeiders. De mijnwerkers moeten per kwartaal minstens 51% van het aantal arbeidsuren of arbeidsdagen presteren, voorzien in de collectieve arbeidsovereenkomst die op hen van toepassing is.

Bovendien genieten de in het eerste lid bedoelde werkgevers, die de forfaitaire vermindering genieten van F 5 000, bovenop deze vermindering, voor diezelfde mijnwerkers, per kwartaal, eveneens een variabele vermindering van de bij het eerste lid bedoelde bijdragen, van F 5 000 vermenigvuldigd met het procentueel aandeel van de handarbeiders in het totaal werknemersbestand aangegeven en tewerkgesteld door de werkgever gedurende het voorafgaande kwartaal of gedurende het betrokken kwartaal indien geen enkele werknemer was aangegeven gedurende het voorafgaande kwartaal. Dit aandeel wordt echter maximaal in aanmerking genomen ten belope van 66 %. De vermindering wordt verrekkend bij de storting van de sociale zekerheidsbijdragen. »

Art. 2.Dit besluit heeft uitwerking met ingang van 1 juli 1997 en voor het eerst van toepassing op de bijdragen voor de maand augustus 1997.

Art. 3.Onze Minister van Sociale Zaken is belast met uitvoering van dit besluit.

Gegeven te Brussel, 19 maart 1998.

ALBERT Van Koningswege : De Minister van Tewerkstelling en Arbeid, Mevr. M. SMET De Minister van Sociale Zaken, Mevr. M. DE GALAN

^