gepubliceerd op 30 augustus 2001
Koninklijk besluit tot wijziging van het koninklijk besluit van 6 december 1999 houdende vaststelling van bepaalde ministeriële bevoegdheden met betrekking tot het Ministerie van Economische Zaken
12 JULI 2001. - Koninklijk besluit tot wijziging van het koninklijk besluit van 6 december 1999Relevante gevonden documenten type koninklijk besluit prom. 06/12/1999 pub. 15/01/2000 numac 1999011467 bron ministerie van economische zaken Koninklijk besluit houdende vaststelling van bepaalde ministeriële bevoegdheden met betrekking tot het Ministerie van Economische Zaken sluiten houdende vaststelling van bepaalde ministeriële bevoegdheden met betrekking tot het Ministerie van Economische Zaken
ALBERT II, Koning der Belgen, Aan allen die nu zijn en hierna wezen zullen, Onze Groet.
Gelet op de artikelen 37, 96 en 104 van de Grondwet;
Gelet op de wet van 8 juli 1992 betreffende de uitoefening van de bij wet toegekende bevoegdheden aan Ministeriële Comités en aan Ministers;
Gelet op het koninklijk besluit van 12 juli 1999Relevante gevonden documenten type koninklijk besluit prom. 12/07/1999 pub. 28/08/1999 numac 1999016287 bron ministerie van economische zaken en ministerie van middenstand en landbouw Koninklijk besluit houdende benoeming van de voorzitter, de leden en de secretaris van de commissie voor de distributie in het administratief arrondissement Brussel-Hoofdstad sluiten houdende benoeming van de leden van de Regering;
Gelet op het koninklijk besluit van 20 juli 1999Relevante gevonden documenten type koninklijk besluit prom. 20/07/1999 pub. 27/07/1999 numac 1999021387 bron diensten van de eerste minister Koninklijk besluit houdende vaststelling van bepaalde ministeriële bevoegdheden type koninklijk besluit prom. 20/07/1999 pub. 27/07/1999 numac 1999021389 bron diensten van de eerste minister Koninklijk besluit houdende vaststelling van bepaalde ministeriële bevoegdheden sluiten houdende vaststelling van bepaalde ministeriële bevoegdheden (I), zoals gewijzigd bij het koninklijk besluit van 19 september 1999;
Gelet op het koninklijk besluit van 20 juli 1999Relevante gevonden documenten type koninklijk besluit prom. 20/07/1999 pub. 27/07/1999 numac 1999021387 bron diensten van de eerste minister Koninklijk besluit houdende vaststelling van bepaalde ministeriële bevoegdheden type koninklijk besluit prom. 20/07/1999 pub. 27/07/1999 numac 1999021389 bron diensten van de eerste minister Koninklijk besluit houdende vaststelling van bepaalde ministeriële bevoegdheden sluiten houdende vaststelling van bepaalde ministeriële bevoegdheden (II), zoals gewijzigd bij het koninklijk besluit van 19 oktober 1999;
Gelet op het koninklijk besluit van 6 december 1999Relevante gevonden documenten type koninklijk besluit prom. 06/12/1999 pub. 15/01/2000 numac 1999011467 bron ministerie van economische zaken Koninklijk besluit houdende vaststelling van bepaalde ministeriële bevoegdheden met betrekking tot het Ministerie van Economische Zaken sluiten houdende vaststelling van bepaalde ministeriële bevoegdheden met betrekking tot het Ministerie van Economische Zaken;
Gelet op het koninklijk besluit van 8 april 2000Relevante gevonden documenten type koninklijk besluit prom. 08/04/2000 pub. 11/04/2000 numac 2000021192 bron diensten van de eerste minister Koninklijk besluit tot opheffing van het koninklijk besluit van 22 juli 1999 tot benoeming van de Regeringscommissaris belast met het grootstedenbeleid en tot bepaling van zijn opdracht type koninklijk besluit prom. 08/04/2000 pub. 11/04/2000 numac 2000021195 bron diensten van de eerste minister Koninklijk besluit tot benoeming van de Regeringscommissaris, toegevoegd aan de Minister van Wetenschappelijk Onderzoek, en tot bepaling van zijn opdracht sluiten tot benoeming van de Minister van Economie en Wetenschappelijk Onderzoek, belast met het Grootstedenbeleid;
Gelet op de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973, inzonderheid op artikel 3, § 1, vervangen bij de wet van 4 juli 1989 en gewijzigd bij de wet van 4 augustus 1996;
Gelet op de dringende noodzakelijkheid;
Overwegende dat de onmiddellijke aanpassing van de respectievelijke bevoegdheden, van de Ministers die bevoegd zijn voor het Ministerie van Economische Zaken, onontbeerlijk is voor de continuïteit van de openbare diensten omwille van de juridische zekerheid;
Op de voordracht van Onze Eerste Minister, van Onze Minister van Consumentenzaken, Volksgezondheid en Leefmilieu en van Onze Minister van Economie en Wetenschappelijk Onderzoek, Hebben Wij besloten en besluiten Wij :
Artikel 1.Artikel 2, 6°, van het koninklijk besluit van 6 december 1999Relevante gevonden documenten type koninklijk besluit prom. 06/12/1999 pub. 15/01/2000 numac 1999011467 bron ministerie van economische zaken Koninklijk besluit houdende vaststelling van bepaalde ministeriële bevoegdheden met betrekking tot het Ministerie van Economische Zaken sluiten houdende vaststelling van bepaalde ministeriële bevoegdheden met betrekking tot het Ministerie van Economische Zaken wordt vervangen door de volgende bepaling : « 6° De Minister van Consumentenzaken is alleen verantwoordelijk voor de advies- en overlegorganen ter uitvoering van de wetten vermeld in punten 1° tot 5°, en inzonderheid de benoeming van hun voorzitters en hun leden. »
Art. 2.Artikel 3 van hetzelfde besluit wordt vervangen door de volgende bepaling : « § 1. De wet van 14 juli 1991Relevante gevonden documenten type wet prom. 14/07/1991 pub. 28/11/2007 numac 2007000956 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet betreffende de handelspraktijken en de voorlichting en bescherming van de consument. - Duitse vertaling van wijzigingsbepalingen type wet prom. 14/07/1991 pub. 14/01/2008 numac 2007001065 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet betreffende de handelspraktijken en de voorlichting en bescherming van de consument. - Duitse vertaling van wijzigingsbepalingen sluiten betreffende de handelspraktijken en de voorlichting en bescherming van de consument behoort tot de gezamenlijke bevoegdheid van de Minister van Consumentenzaken en van de Minister van Economie, met inbegrip van de wetgeving en de reglementering.
De twee ministers mogen initiatieven nemen op wettelijk en reglementair vlak voor wat betreft de aspecten die rechtstreeks verband houden met deze wet of die verband houden met de bescherming van de consumenten, voor zover ze niet het voorwerp vormen van een bestaande specifieke reglementering, waarvoor het recht van initiatief tot de bevoegde minister behoort. § 2. Een tussen beide ministers gesloten protocol regelt de uitvoeringsmodaliteiten van de in § 1 bedoelde materie, alsook de verdeling van de bevoegdheden die worden uitgeoefend ten opzichte van de overleg- en adviesorganen. »
Art. 3.Dit besluit treedt in werking de dag waarop het in het Belgisch Staatsblad wordt bekendgemaakt.
Art. 4.Onze Eerste Minister, Onze Minister van Consumentenzaken, Volksgezondheid en Leefmilieu en Onze Minister van Economie en Wetenschappelijk Onderzoek zijn, ieder wat hem betreft, belast met de uitvoering van dit besluit.
Gegeven te Brussel, 12 juli 2001.
ALBERT Van Koningswege : De Eerste Minister, G. VERHOFSTADT De Minister van Consumentenzaken, van Volksgezondheid en Leefmilieu, Mevr. M. AELVOET De Minister van Economie en Wetenschappelijk Onderzoek, Ch. PICQUE