Etaamb.openjustice.be
Besluit Van De Vlaamse Regering van 04 september 2009
gepubliceerd op 22 oktober 2009

Besluit van de Vlaamse Regering inzake de certificering van technici die bepaalde gefluoreerde broeikasgassen terugwinnen uit hoogspanningsschakelaars

bron
vlaamse overheid
numac
2009035991
pub.
22/10/2009
prom.
04/09/2009
ELI
eli/besluit/2009/09/04/2009035991/staatsblad
staatsblad
http://www.ejustice.just.fgov.be/cgi/article_body.(...)
links
Raad van State (chrono)
Document Qrcode

4 SEPTEMBER 2009. - Besluit van de Vlaamse Regering inzake de certificering van technici die bepaalde gefluoreerde broeikasgassen terugwinnen uit hoogspanningsschakelaars


De Vlaamse Regering, Gelet op verordening (EG) nr. 842/2006 van het Europees Parlement en de Raad van 17 mei 2006 inzake bepaalde gefluoreerde broeikasgassen, gewijzigd bij verordening (EG) nr. 1137/2008 van het Europees Parlement en de Raad van 22 oktober 2008;

Gelet op verordening (EG) nr. 305/2008 van de Commissie van 2 april 2008 tot vaststelling, ingevolge verordening (EG) nr. 842/2006 van het Europees Parlement en de Raad, van minimumeisen en de voorwaarden voor wederzijdse erkenning van de certificering van personeel voor de terugwinning van bepaalde gefluoreerde broeikasgassen uit hoogspanningsschakelaars;

Gelet op de wet van 28 december 1964 betreffende de bestrijding van de luchtverontreiniging, artikel 1 en 4;

Gelet op het decreet van 5 april 1995 houdende algemene bepalingen inzake milieubeleid, titel XVI, artikel 16.4.27, laatste lid;

Gelet op het besluit van de Vlaamse Regering van 12 december 2008 tot uitvoering van titel XVI van het decreet van 5 april 1995 houdende algemene bepalingen inzake milieubeleid, het laatst gewijzigd bij het besluit van de Vlaamse Regering van 30 april 2009;

Overwegende dat artikel 3.2 en artikel 4.1 van verordening (EG) nr. 842/2006 van het Europees Parlement en de Raad van 17 mei 2006 inzake bepaalde gefluoreerde broeikasgassen stellen dat de werkzaamheden, vermeld in die artikels, moeten worden uitgevoerd door gecertificeerd personeel, en dat artikel 5 van de verordening stelt dat EU-lidstaten de certificeringsvoorschriften moeten opstellen en invoeren;

Overwegende dat verordening (EG) nr. 305/2008 van de Commissie van 2 april 2008 tot vaststelling, ingevolge verordening (EG) nr. 842/2006 van het Europees Parlement en de Raad, van minimumeisen en de voorwaarden voor wederzijdse erkenning van de certificering van personeel voor de terugwinning van bepaalde gefluoreerde broeikasgassen uit hoogspanningsschakelaars, de minimumeisen bevat waaraan de certificeringsprocedure voor dergelijk personeel moet voldoen;

Overwegende dat het Vlaams Klimaatplan 2006-2012, goedgekeurd door de Vlaamse Regering op 20 juli 2006, voorziet in de invoering van een certificering voor personeel dat betrokken is bij de terugwinning van bepaalde gefluoreerde broeikasgassen uit hoogspanningsschakelaars;

Gelet op het akkoord van de Vlaamse minister, bevoegd voor de begroting, gegeven op 29 mei 2009;

Gelet op advies 46.798/3 van de Raad van State, gegeven op 23 juni 2009 met toepassing van artikel 84, § 1, eerste lid, 1°, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973;

Op voorstel van de Vlaamse minister van Leefmilieu, Natuur en Cultuur;

Na beraadslaging, Besluit : HOOFDSTUK I. - Algemene bepalingen

Artikel 1.In dit besluit wordt verstaan onder : 1° de Commissieverordening : verordening (EG) nr.305/2008 van de Commissie van 2 april 2008 tot vaststelling, ingevolge verordening (EG) nr. 842/2006 van het Europees Parlement en de Raad, van minimumeisen en de voorwaarden voor wederzijdse erkenning van de certificering van personeel voor de terugwinning van bepaalde gefluoreerde broeikasgassen uit hoogspanningsschakelaars; 2° terugwinning : het verzamelen en opslaan van gefluoreerde broeikasgassen, bijvoorbeeld uit machines, apparatuur en houders;3° gefluoreerde broeikasgassen : de stoffen, opgesomd in bijlage I van verordening (EG) nr.842/2006 van het Europees Parlement en de Raad van 17 mei 2006 inzake bepaalde gefluoreerde broeikasgassen en de latere wijzigingen ervan, afzonderlijk of in een mengsel; 4° gecertificeerde technicus : een natuurlijk persoon die beschikt over een geldig certificaat voor de terugwinning van bepaalde gefluoreerde broeikasgassen uit hoogspanningsschakelaars;5° certificaat : certificaat, uitgereikt overeenkomstig de bepalingen van artikel 5;6° erkend examencentrum : een examencentrum dat erkend is overeenkomstig de bepalingen van artikel 8;7° de afdeling : de afdeling, bevoegd voor erkenningen, namelijk de afdeling Milieuvergunningen van het Departement Leefmilieu, Natuur en Energie, zoals thans bepaald met toepassing van artikel 10 van het besluit van de Vlaamse Regering van 10 oktober 2003 tot regeling van de delegatie van beslissingsbevoegdheden aan de hoofden van de departementen van de Vlaamse ministeries.

Art. 2.De bepalingen van dit besluit zijn van toepassing op hoogspanningsschakelaars als vermeld in artikel 2 van de Commissieverordening.

Art. 3.De Vlaamse minister, bevoegd voor het leefmilieu en het waterbeleid, kan de bepalingen wijzigen die zijn opgenomen in bijlage I, II en III.

Art. 4.§ 1. Terugwinning van bepaalde gefluoreerde broeikasgassen uit hoogspanningsschakelaars mag alleen worden uitgevoerd door een gecertificeerde technicus.

Het eerste lid is gedurende maximaal één jaar niet van toepassing op personeel dat in het bezit is van een inschrijvingsbewijs voor deelname aan het examen, vermeld in artikel 10, op voorwaarde dat het bepaalde gefluoreerde broeikasgassen terugwint uit hoogspanningsschakelaars onder toezicht van een gecertificeerde technicus. § 2. Een natuurlijk persoon die in het bezit is van een certificaat, afgeleverd door een ander gewest of een andere EU-lidstaat in het kader van de Commissieverordening, wordt beschouwd als een gecertificeerde technicus. § 3. De personen die in een andere EU-lidstaat een certificaat hebben verkregen om bepaalde gefluoreerde broeikasgassen uit hoogspanningsschakelaars terug te winnen, beschikken over een vertaling van dat certificaat naar het Nederlands, Frans, Duits of Engels, indien dat certificaat in een andere taal dan in één van deze talen werd afgegeven. HOOFDSTUK II. - Bepalingen betreffende gecertificeerde technici Afdeling I. - Procedure voor de uitreiking van een certificaat

Art. 5.§ 1. Een natuurlijk persoon kan het certificaat behalen door te slagen voor het examen, vermeld in artikel 10. De betrokkene is geslaagd als hij voor zowel het theorie- als het praktijkonderdeel van het examen minstens zestig procent van de punten heeft behaald. § 2. Het examen, vermeld in paragraaf 1, wordt door een erkend examencentrum georganiseerd. In geval van certificering kent het erkende examencentrum een certificaat toe namens de afdeling en bezorgt het het certificaat binnen een maand na de dag van het examen aan de betrokkene.

Het certificaat bevat ten minste de gegevens, vermeld in bijlage I. Voor de opmaak van het certificaat volgt het examencentrum de instructies van de afdeling. Het model van het certificaat wordt ter goedkeuring aan de afdeling voorgelegd. § 3. Het certificaat is geldig voor onbeperkte duur. Afdeling II. - Verplichtingen voor de gecertificeerde technicus

Art. 6.De gecertificeerde technicus moet : 1° de geldende milieuwetgeving respecteren tijdens de terugwinning van bepaalde gefluoreerde broeikasgassen uit hoogspanningsschakelaars;2° al het mogelijke doen om lekkage van bepaalde gefluoreerde broeikasgassen te voorkomen of tot een minimum te beperken;3° de afdeling alle inlichtingen en documenten verstrekken die ze vraagt en het materiaal tonen dat gebruikt wordt bij de terugwinning van bepaalde gefluoreerde broeikasgassen uit hoogspanningsschakelaars;4° de afdeling binnen een maand op de hoogte brengen van elke wijziging in de gegevens die verband houden met zijn certificering;5° zich richten naar de instructies van de afdeling. Afdeling III. - Schorsing en opheffing van het certificaat

Art. 7.De afdeling kan een certificaat van een technicus schorsen of opheffen als blijkt dat die persoon de verplichtingen, vermeld in artikel 6, niet nakomt of niet naar behoren uitvoert. De houder van het certificaat heeft het recht om gehoord te worden. HOOFDSTUK III. - Bepalingen betreffende erkende examencentra Afdeling I. - Erkenningsprocedure voor examencentra

Art. 8.§ 1. Een examencentrum kan worden erkend als het voldoet aan de taken en verplichtingen, vermeld in artikel 10 en 11. Het examencentrum stuurt de aanvraag tot erkenning aangetekend naar de afdeling. Die aanvraag bevat ten minste de gegevens, vermeld in bijlage II. § 2. De afdeling onderzoekt de aanvraag en neemt binnen een termijn van twee maanden na de aanvraag een beslissing tot erkenning of niet-erkenning. In geval van erkenning kent de afdeling het erkenningsnummer toe en stuurt ze het erkenningsbewijs aangetekend naar het examencentrum. In geval van niet-erkenning deelt ze de reden daarvoor met een aangetekende zending mee aan het examencentrum in kwestie. § 3. De aanvrager is ertoe gehouden alle aanvullende inlichtingen en documenten die de afdeling vraagt in het kader van haar onderzoek van de aanvraag, te verstrekken.

Art. 9.De erkenning als examencentrum is geldig voor onbeperkte duur. Afdeling II. - Taken en verplichtingen voor erkende examencentra

Art. 10.§ 1. Het erkende examencentrum organiseert specifieke examens voor personen die een certificaat willen behalen.

Het erkende examencentrum bepaalt de inhoud van het examen aan de hand van de onderwerpen, vermeld in de bijlage bij de Commissieverordening.

Het examen bevat zowel een theorie- als een praktijkonderdeel. § 2. Bij onregelmatigheden of bij partijdigheid tijdens het examen kan de afdeling beslissen het examen geheel of gedeeltelijk opnieuw te laten plaatsvinden.

Art. 11.Het erkende examencentrum moet : 1° beschikken over degelijke examenprocedures die de praktische voorwaarden voor de inschrijving voor en de organisatie van het examen bevatten;2° beschikken over de nodige en in goede staat verkerende infrastructuur, de relevante materialen, instrumenten en apparatuur op het moment dat het praktische gedeelte van het examen plaatsvindt;3° een examenjury samenstellen die ten minste aan de volgende voorwaarden voldoet : a) de jury bestaat uit minstens twee personen, waarvan een wordt aangeduid als voorzitter;b) de juryleden voldoen ten minste aan één van de volgende voorwaarden : 1) in het bezit zijn van master in de ingenieurswetenschappen, master in de bio-ingenieurswetenschappen, master in de industriële wetenschappen of een gelijkwaardig diploma;2) beschikken over minstens drie jaar aantoonbare ervaring in het afnemen van examens over een of meer vaardigheden of kennispunten als vermeld in de bijlage van de Commissieverordening;3) beschikken over minstens drie jaar aantoonbare ervaring in een of meer vaardigheden of kennispunten als vermeld in de bijlage van de Commissieverordening;c) de persoon die de jury bijstaat tijdens het praktische gedeelte van het examen, heeft praktijkervaring met de toestellen waarop het examen plaatsvindt.4° ervoor zorgen dat de examenjuryleden goed op de hoogte zijn van de relevante examenmethoden en examendocumenten;5° een register bijhouden met de individuele en algemene resultaten van de examens;6° binnen een maand na elk examen een verslag van de examenzitting bezorgen aan de afdeling.Dat verslag wordt ondertekend door de aanwezige juryleden en bevat ten minste de gegevens, vermeld in bijlage III; 7° de afdeling minstens een maand voor het examen, vermeld in artikel 10, op de hoogte brengen van de plaats en het tijdstip van het examen. Het erkende examencentrum moet, als hierom wordt gevraagd door ambtenaren van de afdeling, ambtenaren de mogelijkheid bieden om het examen bij te wonen; 8° zijn activiteiten op een onafhankelijke en onpartijdige wijze uitvoeren;9° gemotiveerde klachten van ambtenaren van de afdeling behandelen en onderzoeken;10° de afdeling alle inlichtingen en documenten die ze vraagt verstrekken;11° de afdeling binnen een maand op de hoogte brengen van elke wijziging in de gegevens die verband houden met de erkenning;12° zich richten naar de instructies die de afdeling geeft. Afdeling III. - Schorsing en opheffing van de erkenning van het

examencentrum

Art. 12.De afdeling kan de erkenning van een examencentrum schorsen of opheffen als het niet meer aan de erkenningsverplichtingen voldoet of als blijkt dat een erkend examencentrum zijn taken en verplichtingen, vermeld in artikel 10 en 11, niet reglementair of niet naar behoren uitvoert. Het erkende examencentrum heeft het recht om gehoord te worden. HOOFDSTUK IV. - Wijzigingsbepalingen

Art. 13.Aan het besluit van de Vlaamse Regering van 12 december 2008 tot uitvoering van titel XVI van het decreet van 5 april 1995 houdende algemene bepalingen inzake milieubeleid wordt een bijlage XIX toegevoegd, die als bijlage IV bij dit besluit is gevoegd. HOOFDSTUK V. - Slotbepalingen

Art. 14.De Vlaamse minister, bevoegd voor het leefmilieu en het waterbeleid, is belast met de uitvoering van dit besluit.

Brussel, 4 september 2009.

De minister-president van de Vlaamse Regering, K. PEETERS De Vlaamse minister van Leefmilieu, Natuur en Cultuur, J. SCHAUVLIEGE

Bijlage I Lijst met minimumgegevens voor het certificaat, vermeld in artikel 5, § 2 1° de naam, het adres, het telefoon- en faxnummer en het e-mailadres van het examencentrum;2° het erkenningsnummer van het examencentrum;3° het logo van het erkende examencentrum;4° de voor- en achternaam en de geboortedatum en -plaats van de geslaagde persoon;5° de werkzaamheden die door de certificaathouder mogen worden uitgevoerd;6° de datum waarop het certificaat uitgereikt werd;7° het certificaatnummer dat toegekend wordt aan de geslaagde persoon;8° de voor- en achternaam en handtekening van alle juryleden en de directeur van het erkende examencentrum en de handtekening van de geslaagde persoon. Gezien om gevoegd te worden bij het besluit van de Vlaamse Regering van 4 september 2009 inzake de certificering van technici die bepaalde gefluoreerde broeikasgassen terugwinnen uit hoogspanningsschakelaars.

Brussel, 4 september 2009.

De minister-president van de Vlaamse Regering, K. PEETERS De Vlaamse minister van Leefmilieu, Natuur en Cultuur, J. SCHAUVLIEGE

Bijlage II Lijst met minimumgegevens voor de aanvraag tot erkenning van een examencentrum, vermeld in artikel 8, § 1 1° de officiële benaming, het adres, het telefoon- en faxnummer, het e-mailadres en de website van het examencentrum;2° de voor- en achternaam en de handtekening van de directeur van het examencentrum;3° de voor- en achternamen van de juryleden, samen met kopieën van hun diploma's en hun curricula vitae;4° de voor- en achternaam, het curriculum vitae en een kopie van de diploma's van de voorzitter van de jury;5° een lijst met de namen van de leden van de examenjury;6° de examenprocedures. Gezien om gevoegd te worden bij het besluit van de Vlaamse Regering van 4 september 2009 inzake de certificering van technici die bepaalde gefluoreerde broeikasgassen terugwinnen uit hoogspanningsschakelaars.

Brussel, 4 september 2009.

De minister-president van de Vlaamse Regering, K. PEETERS De Vlaamse minister van Leefmilieu, Natuur en Cultuur, J. SCHAUVLIEGE

Bijlage III Lijst met minimumgegevens voor het verslag, vermeld in artikel 11, 6° 1° de datum van de afgelegde examens;2° een lijst met de namen van de juryleden die het examen hebben afgenomen;3° een aanwezigheidslijst van alle kandidaten, die de handtekeningen van de kandidaten bevat;4° de vermelding van de behaalde percentages per kandidaat voor zowel het theorie- als het praktijkonderdeel;5° in voorkomend geval, onregelmatigheden of bijzonderheden over het examen;6° de voor- en achternaam, de geboortedatum en -plaats, het adres, het telefoonnummer en het e-mailadres van elke geslaagde persoon. Gezien om gevoegd te worden bij het besluit van de Vlaamse Regering van 4 september 2009 inzake de certificering van technici die bepaalde gefluoreerde broeikasgassen terugwinnen uit hoogspanningsschakelaars.

Brussel, 4 september 2009.

De minister-president van de Vlaamse Regering, K. PEETERS De Vlaamse minister van Leefmilieu, Natuur en Cultuur, J. SCHAUVLIEGE

Bijlage IV Bijlage ter toevoeging van bijlage XIX aan het besluit van de Vlaamse Regering van 12 december 2008 tot uitvoering van titel XVI van het decreet van 5 april 1995 houdende algemene bepalingen inzake milieubeleid, vermeld in artikel 13 "Bijlage XIX Lijst van de milieu-inbreuken, ter uitvoering van artikel 16.1.2, 1°, f), en artikel 16.4.27, derde lid, van het decreet van 5 april 1995 houdende algemene bepalingen inzake milieubeleid Enig artikel. Het niet-voldoen aan de hiernavolgende wettelijke verplichtingen, vermeld in het besluit van de Vlaamse Regering van 4 september 2009 inzake de certificering van technici die bepaalde gefluoreerde broeikasgassen terugwinnen uit hoogspanningsschakelaars, wordt beschouwd als een milieu-inbreuk.

Artikel

Wettelijke verplichting

Art. 4, § 3

De personen die in een andere EU-lidstaat een certificaat hebben bekomen om bepaalde gefluoreerde broeikasgassen uit hoogspanningsschakelaars terug te winnen, beschikken over een vertaling van dit certificaat naar het Nederlands, Frans, Duits of Engels, indien dit certificaat in een andere taal dan deze talen werd afgegeven.

Art. 5, § 2, eerste lid, tweede zin

In geval van certificering kent het erkende examencentrum een certificaat toe namens de afdeling en bezorgt het het certificaat binnen een maand na de dag van het examen met een aangetekende zending aan de betrokkene.

Art. 5, § 2, tweede lid

Het certificaat bevat ten minste de gegevens vermeld in bijlage I. Voor de opmaak van het certificaat volgt het examencentrum de instructies van de afdeling. Het model van het certificaat wordt ter goedkeuring aan de afdeling voorgelegd.

Art. 6, 3°

De gecertificeerde technicus moet : 3° de afdeling alle inlichtingen en documenten verstrekken die ze vraagt en het materiaal tonen dat gebruikt wordt bij de terugwinning van bepaalde gefluoreerde broeikasgassen uit hoogspanningsschakelaars; Art. 6, 4°

De gecertificeerde technicus moet : 4° de afdeling binnen een maand op de hoogte brengen van elke wijziging in de gegevens die verband houden met zijn certificering; Art. 6, 5°

De gecertificeerde technicus moet : 5° zich richten naar de instructies van de afdeling. Art. 10, § 1, tweede lid

Het erkende examencentrum bepaalt de inhoud van het examen aan de hand van de onderwerpen, vermeld in de bijlage bij de Commissieverordening.

Het examen bevat zowel een theorie- als een praktijkonderdeel.

Art. 11, 1°

Het erkende examencentrum moet : 1° beschikken over degelijke examenprocedures die de praktische voorwaarden voor de inschrijving voor en de organisatie van het examen bevatten; Art. 11, 2°

Het erkende examencentrum moet : 2° beschikken over de nodige en in goede staat verkerende infrastructuur, de relevante materialen, instrumenten en apparatuur op het moment dat het praktische gedeelte van het examen plaatsvindt; Art. 11, 3°

Het erkende examencentrum moet : 3° een examenjury samenstellen die ten minste aan de volgende voorwaarden voldoet : a) de jury bestaat uit minstens twee personen, waarvan een wordt aangeduid als voorzitter;b) de juryleden voldoen ten minste aan één van de volgende voorwaarden : 1) in het bezit zijn van master in de ingenieurswetenschappen, master in de bio-ingenieurswetenschappen, master in de industriële wetenschappen of een gelijkwaardig diploma;2) beschikken over minstens drie jaar aantoonbare ervaring in het afnemen van examens over een of meer vaardigheden of kennispunten als vermeld in de bijlage van de Commissieverordening;3) beschikken over minstens drie jaar aantoonbare ervaring in een of meer vaardeigheden of kennispunten als vermeld in de bijlage van de Commissieverordening;c) De persoon die de jury bijstaat tijdens het praktische gedeelte van het examen, heeft praktijkervaring met de toestellen waarop het examen plaatsvindt. Art. 11, 4°

Het erkende examencentrum moet : 4° ervoor zorgen dat de examenjuryleden goed op de hoogte zijn van de relevante examenmethoden en examendocumenten; Art. 11, 5°

Het erkende examencentrum moet : 5° een register bijhouden met de individuele en algemene resultaten van de examens; Art. 11, 6°

Het erkende examencentrum moet : 6° binnen een maand na elk examen een verslag van de examenzitting bezorgen aan de afdeling.Dat verslag wordt ondertekend door de aanwezige juryleden en bevat ten minste de gegevens, vermeld in bijlage III;

Art. 11, 7°, eerste zin

Het erkende examencentrum moet : 7° de afdeling minstens een maand voor het examen, vermeld in artikel 10, op de hoogte brengen van de plaats en het tijdstip van het examen. Art. 11, 9°

Het erkende examencentrum moet : 9° gemotiveerde klachten van ambtenaren van de afdeling behandelen en onderzoeken; Art. 11, 10°

Het erkende examencentrum moet : 10° de afdeling alle inlichtingen en documenten die ze vraagt verstrekken; Art. 11, 11°

Het erkende examencentrum moet : 11° de afdeling binnen een maand op de hoogte brengen van elke wijziging in de gegevens die verband houden met de erkenning; Art. 11, 12°

Het erkende examencentrum moet : 12° zich richten naar de instructies die de afdeling geeft.»


Gezien om gevoegd te worden bij het besluit van de Vlaamse Regering van 4 september 2009 inzake de certificering van technici die bepaalde gefluoreerde broeikasgassen terugwinnen uit hoogspanningsschakelaars.

Brussel, 4 september 2009.

De minister-president van de Vlaamse Regering, K. PEETERS De Vlaamse minister van Leefmilieu, Natuur en Cultuur, J. SCHAUVLIEGE

^