Etaamb.openjustice.be
Wet van 29 september 2006
gepubliceerd op 29 oktober 2015

Wet houdende instemming met het Zetelakkoord tussen het Koninkrijk België en het International Plant Genetic Resources Institute, ondertekend te Brussel op 15 oktober 2003 (2) (3)

bron
federale overheidsdienst buitenlandse zaken, buitenlandse handel en ontwikkelingssamenwerking
numac
2006015150
pub.
29/10/2015
prom.
29/09/2006
ELI
eli/wet/2006/09/29/2006015150/staatsblad
staatsblad
https://www.ejustice.just.fgov.be/cgi/article_body(...)
links
Raad van State (chrono)Kamer (parl. doc.)Senaat (fiche)
Document Qrcode

29 SEPTEMBER 2006. - Wet houdende instemming met het Zetelakkoord tussen het Koninkrijk België en het International Plant Genetic Resources Institute, ondertekend te Brussel op 15 oktober 2003 (1) (2) (3)


ALBERT II, Koning der Belgen, Aan allen die nu zijn en hierna wezen zullen, Onze Groet.

De Kamers hebben aangenomen en Wij bekrachtigen hetgeen volgt :

Artikel 1.Deze wet regelt een aangelegenheid als bedoeld in artikel 77 van de Grondwet.

Art. 2.Het Zetelakkoord tussen het Koninkrijk België en het International Plant Genetic Resources Institute, ondertekend te Brussel op 15 oktober 2003, zal volkomen gevolg hebben.

Art. 3.Deze wet heeft uitwerking met ingang van 15 oktober 2003.

Kondigen deze wet af, bevelen dat zij met 's Lands zegel zal worden bekleed en door het Belgisch Staatsblad zal worden bekendgemaakt.

Gegeven te Brussel, 29 september 2006.

ALBERT Van Koningswege : De Minister van Buitenlandse Zaken, K. DE GUCHT De Minister van Justitie, Mevr. L. ONKELINX De Minister van Financiën, D. REYNDERS De Minister van Binnenlandse Zaken, P. DEWAEL De Minister van Wetenschapsbeleid, M. VERWILGHEN De Minister van Sociale Zaken, R. DEMOTTE De Minister van Ontwikkelingssamenwerking A. DE DECKER Gezien en met 's Lands zegel gezegeld : De Minister van Justitie, Mevr. L. ONKELINX _______ Nota's (1) Zitting 2005-2006. Senaat.

Documenten.

Ontwerp van wet ingediend op 9 maart 2006, nr. 3-1605/1.

Verslag, nr. 3-1605/2.

Parlementaire Handelingen.

Bespreking, vergadering van 18 mei 2006.

Stemming, vergadering van 18 mei 2006.

Kamer.

Documenten.

Ontwerp overgezonden door de Senaat, nr. 51-2501/1.

Tekst aangenomen in plenaire vergadering en aan de Koning ter bekrachtiging voorgelegd, nr. 51-2501/2.

Parlementaire Handelingen.

Bespreking, vergadering van 15 juni 2006.

Stemming, vergadering van 15 juni 2006. (2) Zie Decreet van de Vlaamse Gemeenschap/het Vlaamse Gewest van 23 november 2007 (Belgisch Staatsblad van 27 december 2007), Decreet van de Franse Gemeenschap van 16 maart 2007 (Belgisch Staatsblad van 29 juni 2007 (Ed.3), Decreet van de Duitstalige Gemeenschap van 27 mei 2013 (Belgisch Staatsblad van 11 juli 2013), Decreet van het Waalse Gewest van 10 november 2006 (Belgisch Staatsblad van 28 november 2006), Ordonnatie van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest van 10 maart 2005 (Belgisch Staatsblad van 1 april 2005) (3) Datum inwerkingtreding : 23 juli 2015 (art.32)

Zetelakkoord tussen het Koninkrijk België en het International Plant Genetic Resources Institute Zetelakkoord tussen het Koninkrijk België en het International Plant Genetic Resources Institute Overwegende de oprichting van het International Plant Genetic Resources Institute in Rome op 9 oktober 1991;

Overwegende dat de akte tot oprichting van het International Plant Genetic Resources Institute (IPGRI) door het Koninkrijk België werd ondertekend;

Overwegende dat het International Network for Improvement of Banana and Plantain (INIBAP) onder de leiding en het bestuur van het International Plant Genetic Resources Institute werd geplaatst en werkzaam is als IPGRI-Programma;

Overwegende dat het Koninkrijk België en het International Plant Genetic Resources Institute besluiten een IPGRI-bureau in België te vestigen;

Overwegende dat de IPGRI-werkzaamheden die van het INIBAP-transit center omvatten;

Overwegende artikel 1 van de oprichtingsakte van het IPGRI, dat bepaalt dat het Statuut van het IPGRI aan de oprichtingsakte wordt gehecht en er integrerend deel van uitmaakt;

Overwegende de artikelen 2 en 18, § 2 van het Statuut van het IPGRI;

Overwegende artikel 106.06 van de Personnel Policies Manual van het IPGRI, goedgekeurd door de Board of Trustees van het IPGRI, bij toepassing van artikel 14, § 3 van het Statuut van het IPGRI;

Het Koninkrijk België, hierna genoemd België, en Het International Plant Genetic Resources Institute, hierna genoemd IPGRI, Verlangend een overeenkomst te sluiten teneinde het stelsel van voorrechten en immuniteiten die vereist zijn voor het functioneren van het IPGRI- bureau in België, nader te bepalen;

Zijn overeengekomen als volgt : HOOFDSTUK I Rechtspersoonlijkheid, voorrechten en immuniteiten van het IPGRI-bureau Artikel 1 De internationale rechtspersoonlijkheid en rechtsmacht worden toegekend aan het IPGRI-bureau in België.

Artikel 2 De goederen en bezittingen van het IPGRI-bureau die worden gebruikt voor de uitoefening van de officiële werkzaamheden van het Bureau in België genieten immuniteit van rechtsmacht, behalve in de mate dat het IPGRI er uitdrukkelijk aan verzaakt.

Artikel 3 1. De goederen en bezittingen van het IPGRI-bureau die aangewend worden voor officieel gebruik, kunnen niet het voorwerp uitmaken van enige vorm van opvordering, verbeurdverklaring, inbewaringstelling of een andere vorm van beslaglegging of dwang.2. Indien een onteigening mocht nodig zijn, worden alle gepaste schikkingen getroffen om te verhinderen dat de uitoefening van de werkzaamheden van het IPGRI-bureau in het gedrang komt.In zodanig geval zou België zijn medewerking verlenen aan de wederinstallatie van het IPGRI-bureau.

Artikel 4 Het archief van het IPGRI-bureau en, in het algemeen, alle documenten die aan IPGRI toebehoren of door het IPGRI of één van zijn personeelsleden worden bijgehouden, zijn onschendbaar.

Artikel 5 1. De gebouwen die uitsluitend worden gebruikt voor de uitoefening van de werkzaamheden van het IPGRI-bureau zijn onschendbaar.De instemming van het IPGRI is vereist voor de toegang tot zijn gebouwen. 2. Deze toestemming wordt evenwel geacht verkregen te zijn in geval van schade die onmiddellijke beschermingsmaatregelen vergt.3. België zal alle gepaste maatregelen nemen om de gebouwen van het IPGRI te beschermen tegen indringers of tegen het toebrengen van schade en om te vermijden dat de rust van het IPGRI wordt verstoord of zijn waardigheid wordt aangetast.4. De huisvesting van de IPGR-bureau's is nader toegelicht in bijlage I. Artikel 6 1. Het IPGRI-bureau mag om het even welke valuta in bezit hebben en rekeningen hebben in welke munteenheid ook voor zover dit nodig is voor verrichtingen die aan het doel van het IPGRI beantwoorden.2. België verbindt er zich toe de nodige toelatingen te verlenen om volgens het bepaalde in de toepasselijke nationale reglementen en internationale overeenkomsten, het fondsenverkeer te verzekeren dat nodig is voor de oprichting en de werkzaamheden van het IPGRI-bureau. Artikel 7 1. Het IPGRI-bureau, zijn bezittingen, inkomsten en andere goederen die voor officieel gebruik worden aangewend, zijn vrijgesteld van alle directe belastingen.2. Geen enkele vrijstelling van directe belasting wordt verleend voor de inkomsten van het IPGRI die afkomstig zijn van een industriële of handelsactiviteit, die wordt uitgeoefend door het IPGRI of door het IPGRI-bureau dan wel door een lid van het IPGRI dat voor diens rekening handelt of voor rekening van het IPGRI-bureau of een lid van het IPGRI. Artikel 8 Wanneer het IPGRI-bureau aanzienlijke aankopen van roerend of onroerend goed doet of belangrijke diensten laat uitvoeren die strikt noodzakelijk zijn voor de uitoefening van zijn officiële werkzaamheden en waarvan de prijs indirecte rechten of omzetbelasting bevat, worden, telkens wanneer mogelijk, de nodige schikkingen getroffen met het oog op de kwijtschelding of terugbetaling van het bedrag van deze rechten en belastingen.

Artikel 9 Het IPGRI-bureau is vrijgesteld van alle indirecte belastingen op goederen die door het IPGRI-bureau worden ingevoerd, verworven of uitgevoerd voor officieel gebruik.

Artikel 10 Onverminderd de verplichtingen die voor België voortvloeien uit de verdragen betreffende de Europese Unie en uit de toepassing van de wetten en voorschriften inzake de openbare orde en veiligheid, volksgezondheid of openbare zeden, kan het IPGRI-bureau alle goederen en publicaties invoeren die bestemd zijn voor officieel gebruik.

Artikel 11 Het IPGRI-bureau is vrijgesteld van alle indirecte belastingen op de officiële publicaties die voor het IPGRI bestemd zijn of die ze naar het buitenland verstuurt.

Artikel 12 De Belgische regering verleent toelating voor het vrij in- en uitvoeren van alle genetische hulpbronnen die het IPGRI nodig heeft voor de verdere verwezenlijking van de in zijn statuut bepaalde doelstellingen, overeenkomstig de nationale fytosanitaire voorschriften en de internationale overeenkomsten die erop betrekking hebben, in het bijzonder het Verdrag inzake biologische diversiteit.

De Belgische regering erkent het gezag van het IPGRI over dit materiaal zoals, onder andere, het materiaal dat namens de wereldgemeenschap aan het IPGRI werd toevertrouwd en dat nader is bepaald in de Overeenkomst van 1994 tussen het IPGRI en de voedsel- en landbouworganisatie van de Verenigde Naties.

Artikel 13 De goederen die eigendom zijn van het IPGRI-bureau kunnen in België niet worden vervreemd, tenzij dit gebeurt onder de in de Belgische wetten en voorschriften bepaalde voorwaarden.

Artikel 14 Het IPGRI-bureau is niet vrijgesteld van belastingen, heffingen en rechten die alleen de vergoeding van diensten van openbaar nut betreffen.

Artikel 15 Het recht van het IPGRI-bureau om voor officiële doeleinden verbindingen te onderhouden is gewaarborgd. De officiële briefwisseling van het IPGRI-bureau is onschendbaar.

Artikel 16 Onverminderd de verplichtingen die voor België voortvloeien uit de verdragen betreffende de Europese Unie en uit de toepassing van de wetten en voorschriften, worden de voorwaarden en uitvoeringsbepalingen van de artikelen 8, 9, 10, 11 en 12 en de in artikel 18 vervatte belastingvrijstelling vastgelegd door de Minister van Financiën van het Koninkrijk België. HOOFDSTUK II. - Statuut van het personeel Artikel 17 Het delegatiehoofd van het Bureau, diens echtgenote en de kinderen die bij hem inwonen en te zijnen laste zijn, genieten dezelfde immuniteiten, voorrechten en faciliteiten als de diplomatieke personeelsleden van de diplomatieke missies. De fiscale voorrechten worden alleen toegekend op voorwaarde dat in België geen andere dan de bij het IPGRI verrichte winstgevende activiteit wordt uitgeoefend.

Artikel 18 Alle personeelsleden van het IPGRI-bureau genieten : 1. Vrijstelling van belastingen op de salarissen, emolumenten en vergoedingen die door het IPGRI worden uitbetaald, met ingang van de dag waarop deze inkomsten onderworpen zijn aan een belasting ten voordele van bedoelde organisatie, onder voorbehoud dat België het intern belastingstelsel erkent.2. België behoudt zich evenwel het recht voor bedoelde inkomsten in aanmerking te nemen voor de berekening van de belasting die moet worden geheven op uit andere bronnen afkomstige belastbare inkomsten van de begunstigden.3. De in het eerste lid van dit artikel bedoelde belastingvrijstelling is niet van toepassing op de pensioenen en de rentes die het IPGRI betaalt aan zijn vroegere personeelsleden of hun rechthebbenden dan wel op de salarissen, emolumenten en vergoedingen die het IPGRI betaald heeft aan zijn lokale personeelsleden.4. Vrijstelling van rechtsvervolging voor daden die ze in hun officiële hoedanigheid hebben verricht, met inbegrip van hun woorden en geschriften;deze immuniteit blijft van kracht na de beëindiging van hun functies. 5. Onschendbaarheid voor al hun officiële papieren en documenten. Artikel 19 1. Onverminderd de verplichtingen die voor België voortvloeien uit de verdragen betreffende de Europese Unie en uit de toepassing van de wetten en voorschriften, genieten de statutaire ambtenaren van het IPGRI-bureau die niet de in artikel 17 bedoelde ambtenaren zijn, het recht om tijdens een periode van twaalf maanden volgend op het tijdstip waarop zij voor de eerste maal hun functie in België hebben opgenomen, meubelen en een persoonlijk voertuig vrij van douanerechten en belasting over de toegevoegde waarde (BTW) in te voeren of aan te kopen.2. De Minister van Financiën van de Belgische Regering legt de grenzen en toepassings-voorwaarden van dit artikel vast. Artikel 20 België is niet verplicht de in dit Akkoord vastgelegde voordelen, voorrechten en immuniteiten, behalve die waarin artikel 18, § 1 van dit Akkoord voorziet, aan eigen onderdanen of vaste ingezetenen, toe te kennen. Zij genieten evenwel immuniteit van rechtsmacht voor handelingen die in de officiële hoedanigheid werden verricht, met inbegrip van woord en geschrift.

Artikel 21 1. De personeelsleden van het IPGRI-bureau, hun echtgenoot en de kinderen die bij hen inwonen en te hunnen laste zijn, zijn niet onderworpen aan de maatregelen tot beperking van de immigratie of aan de registratieformaliteiten voor vreemdelingen.Deze afwijking wordt toegekend overeenkomstig de Belgische wetgeving ter zake. 2. Het IPGRI-bureau stelt het Ministerie van Buitenlandse Zaken, directie Protocol, in kennis van de aankomst en het vertrek van zijn personeelsleden en doet mededeling van alle hierna nader omschreven gegevens omtrent zijn personeelsleden : - naam en voornaam; - geboorteplaats en -datum; - geslacht; - nationaliteit; - hoofdverblijfplaats (gemeente, straat, nummer); - samenstelling van het gezin.

Elke wijziging van de bovenstaande gegevens moet binnen veertien dagen ter kennis worden gebracht van de directie Protocol van het Ministerie van Buitenlandse Zaken.

Artikel 22 De personeelsleden van het IPGRI-bureau die in België geen enkele winstgevende activiteit uitoefenen, behalve die welke voortvloeit uit hun functie bij het IPGRI, alsmede de gezinsleden te hunnen laste die in België geen op winst gerichte bezigheid uitoefenen, zijn niet onderworpen aan de Belgische wetgeving inzake tewerkstelling van buitenlandse arbeidskrachten en inzake de uitoefening door buitenlanders van zelfstandige beroepsactiviteiten.

Artikel 23 1. Onverminderd de verplichtingen die voor België voortvloeien uit de verdragen betreffende de Europese Unie, dient België de nodige maatregelen te treffen om deelnemers aan programma's van het Instituut en officiële bezoekers van het IPGRI-bureau in België de binnenkomst in het land te vergemakkelijken.Het voor deze personen vereiste visum wordt zo vlug mogelijk afgegeven. 2. De verantwoordelijke geeft de bevoegde Belgische autoriteiten vooraf kennis van de naam van de in het eerste lid bedoelde personen. HOOFDSTUK III. - Algemene Bepalingen Artikel 24 De voorrechten en immuniteiten worden uitsluitend toegekend aan de personeelsleden in het belang van het IPGRI-bureau en niet tot hun persoonlijk voordeel. Het delegatiehoofd van het IPGRI-bureau dient de immuniteit op te heffen in alle gevallen waarin ze een belemmering kan vormen voor de rechtsbedeling en voor zover ze kan worden opgeheven zonder schade te berokkenen aan de belangen van het IPGRI. Artikel 25 Onverminderd de aan het IPGRI-bureau en aan diens personeelsleden verleende rechten, behoudt België het recht om alle nuttige voorzorgen te nemen in het belang van zijn veiligheid.

Artikel 26 De personen vermeld in hoofdstuk II genieten geen enkele immuniteit van rechtsmacht voor de gevallen van inbreuk op de reglementering inzake het zich in het verkeer begeven van voertuigen of schade berokkend door een motorvoertuig.

Artikel 27 De personeelsleden van het IPGRI-bureau werken te allen tijde samen met de bevoegde Belgische autoriteiten om de goede rechtsbedeling te vergemakkelijken, de naleving van het politiereglement te waarborgen en elk misbruik te vermijden waartoe de voorrechten, immuniteiten en faciliteiten waarin dit Akkoord voorziet, kunnen aanleiding geven.

Artikel 28 Het IPGRI-bureau en diens personeelsleden dienen zich te houden aan de Belgische wetten en voorschriften.

Artikel 29 België draagt ten aanzien van de werkzaamheden van het IPGRI-bureau op zijn grondgebied generlei internationale aansprakelijkheid voor een daad of nalatigheid van het IPGRI-bureau dan wel voor een daad of nalatigheid van diens personeelsleden die in het kader van hun functie een daad stellen of nalaten te stellen.

Artikel 30 Vóór 1 maart van elk jaar zal het IPGRI aan alle begunstigden een fiche overhandigen waarop hun naam en adres, het bedrag van de salarissen, emolumenten, vergoedingen, pensioenen of rentes staan vermeld die de Organisatie gedurende het voorgaande jaar heeft betaald. Wat de lonen, emolumenten en vergoedingen betreft die zijn onderworpen aan een belasting ten voordele van het IPGRI, vermeldt deze fiche eveneens het bedrag van deze belasting. Het dubbel van de fiches zal door het IPGRI vóór voornoemde datum rechtstreeks aan de bevoegde Belgische fiscale administratie worden doorgestuurd.

Artikel 31 1. Alle uiteenlopende standpunten aangaande de toepassing of interpretatie van dit Akkoord die niet geregeld konden worden middels rechtstreeks overleg tussen de partijen, kunnen door één van de partijen worden voorgelegd aan een scheidsgerecht, bestaande uit drie leden.2. De Belgische regering en het IPGRI-bureau benoemen elk een lid van het scheidsgerecht.3. De aldus benoemde leden kiezen een voorzitter.4. Wanneer de leden niet tot overeenstemming kunnen komen aangaande de persoon van de voorzitter, wordt deze laatste op verzoek van de leden van het scheidsgerecht benoemd door de Voorzitter van het Internationaal Gerechtshof.5. Een partij maakt een zaak bij het scheidsgerecht aanhangig door middel van een verzoekschrift.6. Het scheidsgerecht legt zijn eigen procedure vast. HOOFDSTUK IV. - Slotbepalingen Artikel 32 Elke partij stelt de andere partij ervan in kennis dat aan de voor de inwerkingtreding van dit Akkoord vereiste procedures is voldaan. Het blijft van kracht gedurende de geldigheidsduur van het IPGRI, met andere woorden tot na het verstrijken van de termijn van één jaar met ingang van de datum waarop één van de partijen de andere partij in kennis stelt van haar voornemen het te beëindigen.

Ten blijke waarvan de vertegenwoordigers van het Koninkrijk België en van International Plant Genetic Resources dit Akkoord hebben ondertekend.

Gedaan te Brussel, op 15 oktober 2003, in tweevoud, in de Nederlandse, de Franse en de Engelse taal, zijnde de drie teksten gelijkelijk rechtsgeldig.

Bijlage I Huisvesting van het IPGRI-bureau 1. De huisvesting van de IPGR-bureau's is in het Laboratory of Tropical Crop improvement van de KUL, in de zalen 91.09, 91.15, 00.43 en 00.16.

^