Etaamb.openjustice.be
Wet van 03 juni 2007
gepubliceerd op 17 februari 2012

Wet houdende instemming met het Verdrag nr. 155 betreffende arbeidsveiligheid, gezondheid en het arbeidsmilieu, aangenomen te Genève op 22 juni 1981 door de Algemene Conferentie van de Internationale Arbeidsorganisatie (2)

bron
federale overheidsdienst buitenlandse zaken, buitenlandse handel en ontwikkelingssamenwerking
numac
2007015102
pub.
17/02/2012
prom.
03/06/2007
ELI
eli/wet/2007/06/03/2007015102/staatsblad
staatsblad
https://www.ejustice.just.fgov.be/cgi/article_body(...)
links
Kamer (parl. doc.)Senaat (fiche)
Document Qrcode

3 JUNI 2007. - Wet houdende instemming met het Verdrag nr. 155 betreffende arbeidsveiligheid, gezondheid en het arbeidsmilieu, aangenomen te Genève op 22 juni 1981 door de Algemene Conferentie van de Internationale Arbeidsorganisatie (1) (2)


ALBERT II, Koning der Belgen, Aan allen die nu zijn en hierna wezen zullen, Onze Groet.

De Kamers hebben aangenomen en Wij bekrachtigen hetgeen volgt :

Artikel 1.Deze wet regelt een aangelegenheid als bedoeld in artikel 77 van de Grondwet.

Art. 2.Het Verdrag nr. 155 betreffende arbeidsveiligheid, gezondheid en het arbeidsmilieu, aangenomen te Genève op 22 juni 1981 door de Algemene Conferentie van de Internationale Arbeidsorganisatie, zal volkomen gevolg hebben.

Kondigen deze wet af, bevelen dat zij met 's Lands zegel zal worden bekleed en door het Belgisch Staatsblad zal worden bekendgemaakt.

Gegeven te Brussel, 3 juni 2007.

ALBERT Van Koningswege : De Minister van Buitenlandse Zaken, K. DE GUCHT De Minister van Werk, P. VANVELTHOVEN Met 's Lands zegel gezegeld : De Minister van Justitie, Mevr. L. ONKELINX _______ Nota's (1) Zitting 2006-2007. Senaat.

Documenten. Ontwerp van wet ingediend op 14 maart 2007, nr. 3-2118/1.

Verslag, nr. 3-2118/2.

Parlementaire Handelingen Bespreking, vergadering van 29 maart 2007.

Stemming, vergadering van 29 maart 2007.

Kamer van volksvertegenwoordigers.

Documenten : Ontwerp overgezonden door de Senaat, nr. 51-3050/1. Tekst aangenomen in plenaire vergadering en aan de Koning ter bekrachtiging voorgelegd, nr. 51-3050/2.

Parlementaire Handelingen Bespreking, vergadering van 19 april 2007.

Stemming, vergadering van 19 april 2007. (2) Zie het decreet van de de Vlaamse Gemeenschap/het Vlaamse Gewest van 4 juli 2008 (Belgisch Staatsblad van 29 augustus 2008 - Ed.2), het decreet van de Franse Gemeenschap van 14 november 2008 (Belgisch Staatsblad van 23 januari 2009 - Ed. 3), het decreet van de Duitstalige Gemeenschap van 22 november 2010 (Belgisch Staatsblad van 10 december 2010 - Ed. 2), het decreet van het Waalse Gewest van 20 november 2008 (Belgisch Staatsblad van 5 december 2008 - Ed. 3 en 8 december 2008 - Ed. 2) en de ordonnantie van de Gemeenschappelijke Gemeenschapscommissie van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest van 19 april 2007 (Belgisch Staatsblad van 19 juni 2007 - Ed. 1).

Verdrag nr. 155 betreffende arbeidsveiligheid, gezondheid en het arbeidsmilieu De algemene Conferentie van de Internationale Arbeidsorganisatie, Bijeengeroepen te Genève door de Raad van Beheer van het Internationaal Arbeidsbureau, en aldaar bijeengekomen in haar zevenenzestigste zitting op 3 juni 1981, Besloten hebbende tot het aannemen van bepaalde voorstellen met betrekking tot veiligheid, gezondheid en het arbeidsmilieu, welk onderwerp als zesde punt op de agenda van de zitting voorkomt, en Vastgesteld hebbende dat deze voorstellen de vorm van een internationaal Verdrag dienen te krijgen, aanvaardt de tweeëntwintigste juni van het jaar negentienhonderd eenentachtig het volgende Verdrag, dat kan worden aangehaald als Verdrag betreffende beroepsveiligheid en gezondheid 1981 : Deel I. - Toepassingsgebied en begripsomschrijvingen Artikel 1 1. Dit Verdrag is van toepassing op alle bedrijfstakken.2. Een Lid dat dit Verdrag bekrachtigt kan, na raadpleging in een zo vroeg mogelijk stadium van de betrokken representatieve organisaties van werkgevers en werknemers, bepaalde bedrijfstakken, zoals de zeescheepvaart of de visserij, geheel of gedeeltelijk van de toepassing van dit Verdrag uitsluiten, indien zich hier bijzondere problemen van ernstige aard voordoen.3. Elk Lid dat dit Verdrag bekrachtigt, is gehouden in het eerste verslag over de toepassing van dit Verdrag, ingediend volgens artikel 22 van het Statuut van de Internationale Arbeids organisatie, alle bedrijfstakken te vermelden, die met toepassing van het tweede lid van dit artikel eventueel zijn uitgesloten, en wel met redenen omkleed en een beschrijving te geven van de maatregelen die zijn genomen om de werknemers in de uitgesloten bedrijfstakken voldoende bescherming te bieden, en in de volgende verslagen te vermelden welke vooruitgang in de richting van ruimere toepassing is gemaakt. Artikel 2 1. Dit Verdrag is van toepassing op alle werknemers in de daardoor bestreken bedrijfstakken.2. Een Lid dat dit Verdrag bekrachtigt kan, na raadpleging in een zo vroeg mogelijk stadium van de betrokken representatieve organisaties van werkgevers en werknemers, beperkte categorieën werknemers geheel of gedeeltelijk van de toepassing van dit Verdrag uitsluiten, indien zich hier bijzondere moeilijkheden voordoen.3. Elk Lid dat dit Verdrag bekrachtigt, is gehouden in het eerste verslag over de toepassing van dit Verdrag, ingediend volgens artikel 22 van het Statuut van de Internationale Arbeidsorganisatie de beperkte categorieën werknemers te vermelden, die met toepassing van het tweede lid van dit artikel eventueel zijn uitgesloten, en wel met redenen omkleed en in de volgende verslagen te vermelden welke vooruitgang in de richting van de ruimere toepassing is gemaakt. Artikel 3 Voor de toepassing van dit Verdrag wordt verstaan onder : a) de uitdrukking « bedrijfstakken » : alle takken van bedrijf waar werknemers in dienst zijn, met inbegrip van de overheidsdienst;b) de uitdrukking « werknemers » : alle personen in loondienst, met inbegrip van overheidsdienaren;c) de uitdrukking « arbeidsplaats » : alle plaatsen waar werknemers moeten zijn of moeten heengaan wegens hun werk en die onder direct of indirect toezicht van de werkgever staan;d) de uitdrukking « voorschriften » : alle bepalingen waaraan door de bevoegde autoriteit of autoriteiten kracht van wet is toegekend;e) de uitdrukking « gezondheid » : in samenhang met werk, niet alleen de afwezigheid van ziekten of gebreken, doch tevens de materiële en geestelijke factoren die de gezondheid be-invloeden en die rechtstreeks samenhangen met arbeidsveiligheid en arbeidshygiëne. Deel II. - Beginselen van nationaal beleid Artikel 4 1. Ieder Lid dient, in het licht van de nationale omstandigheden en praktijk, en in overleg met de meest representatieve organisaties van werkgevers en werknemers, een samenhangend nationaal beleid inzake beroepsveiligheid, gezondheid en het arbeidsmilieu te formuleren, ten uitvoer te leggen en periodiek opnieuw te bezien.2. Het doel van het beleid is het voorkomen van ongevallen en schade aan de gezondheid voortvloeiend uit, samenhangend met of zich voordoend tijdens het werk door, voor zover redelijkerwijze uitvoerbaar, de oorzaken van aan het arbeidsmilieu inherente gevaren tot een minimum te beperken. Artikel 5 Het in artikel 4 van dit Verdrag bedoelde beleid dient rekening te houden met de volgende, ruim genomen, terreinen voor zover deze van invloed zijn op de beroepsveiligheid en de gezondheid en op het arbeidsmilieu : a) het ontwerp, de beproeving, de keuze, de vervanging, de installatie, de opstelling, het gebruik en het onderhoud van de materiële arbeidsfactoren (arbeidsplaatsen, arbeidsmilieu gereedschappen, machines en materiaal, chemische, fysische en biologische stoffen en agentia, arbeidsmethoden);b) de betrekkingen tussen de materiële arbeidsfactoren en de personen die het werk uitvoeren of toezicht daarop uitoefenen en aanpassing van machines, materiaal, werktijden, organisatie van het werk en arbeidsmethoden aan de lichamelijke en geestelijke vermogens van de werknemers;c) de opleiding, met inbegrip van noodzakelijke voortgezette opleiding, de kwalificatie en motivatie van de personen die in de een of andere hoedanigheid betrokken zijn bij het bereiken van een behoorlijk veiligheids- en gezondheidsniveau;d) de communicatie en samenwerking op het niveau van de arbeids groep en dat van de onderneming en op alle andere passende niveaus tot en met het nationaal niveau;e) de bescherming van werknemers en hun vertegenwoordigers tegen disciplinaire maatregelen als gevolg van overeenkomstig het beleid, bedoeld in artikel 4 van dit Verdrag terecht door hen ondernomen acties. Artikel 6 Bij de formulering van het in artikel 4 van dit Verdrag bedoelde beleid dienen de onderscheiden taken en verantwoordelijkheden ten aanzien van beroepsveiligheid en gezondheid en het arbeidsmilieu te worden aangegeven van overheden, werkgevers, werknemers en anderen, met inachtneming van zowel het complementaire karakter van deze verantwoordelijkheden als de nationale omstandigheden en praktijk.

Artikel 7 De situatie aangaande beroepsveiligheid en gezondheid en het arbeidsmilieu dient met passende tussenpozen opnieuw te worden bezien, hetzij in het algemeen, hetzij ten aanzien van bepaalde gebieden, ten einde belangrijke problemen te onderkennen, doeltreffende methoden te ontwikkelen om deze op te lossen en prioriteiten voor te treffen maatregelen te stellen, alsmede de behaalde resultaten te evalueren.

Deel III. - Maatregelen op nationaal niveau Artikel 8 Ieder Lid dient, door middel van wetten of voorschriften of een andere methode die in overeenstemming is met de nationale omstandigheden en praktijk, en in overleg met de betrokken representatieve organisaties van werkgevers en werknemers die stappen te ondernemen die noodzakelijk zijn om uitvoering te geven aan artikel 4 van dit Verdrag.

Artikel 9 1. De naleving van wetten en voorschriften betreffende beroepsveiligheid, gezondheid en het arbeidsmilieu dient te worden verzekerd door een toereikend en passend controlestelsel.2. Dit stelsel dient te voorzien in toereikende sancties bij schending van de wetten en voorschriften. Artikel 10 Er dienen maatregelen te worden genomen om werkgevers en werknemers van advies te dienen, opdat dezen aan hun wettelijke verplichtingen kunnen voldoen.

Artikel 11 Ten einde uitvoering te geven aan het in artikel 4 van dit Verdrag bedoelde beleid, dient de bevoegde autoriteit of dienen de bevoegde autoriteiten te verzekeren dat geleidelijk de volgende taken worden verricht : a) de vaststelling, wanneer de aard en mate van de gevaren zulks vereisen, van voorwaarden betreffende het ontwerp, de bouw en de inrichting van ondernemingen, de aanvang van hun werkzaamheden, belangrijke veranderingen die daarin moeten worden aangebracht en alle veranderingen van de primaire bestemming, de veiligheid van bij het werk gebruikte technische materialen, alsook de toepassing van door de bevoegde autoriteiten omschreven procedures;b) de vaststelling van werkwijzen die dienen te worden verboden, beperkt of onderworpen aan machtiging of controle door de bevoegde autoriteit of autoriteiten, alsmede de vaststelling van stoffen en agentia blootstelling waaraan dient te worden verboden, beperkt of onderworpen aan machtiging of controle door de bevoegde autoriteit of autoriteiten;er dient rekening te worden gehouden met de gevaren voor de gezondheid door gelijktijdige blootstelling aan verschillende stoffen of agentia; c) de vaststelling en toepassing van procedures voor de melding van arbeidsongevallen en beroepsziekten, door werkgevers en, waar passend, verzekeringsinstellingen en andere rechtstreeks betrokkenen, en de opstelling van jaarstatistieken inzake arbeidsongevallen en beroepsziekten;d) het instellen van.een onderzoek wanneer zich arbeidsongevallen, beroepsziekten of gevallen van andere schade aan de gezondheid voordoen tijdens of in samenhang met het werk, die op een ernstige situatie lijken te wijzen; e) de jaarlijkse publikatie van informatie inzake maatregelen, genomen ingevolge het in artikel 4 van dit Verdrag bedoelde beleid en inzake arbeidsongevallen, beroepsziekten en andere schade aan de gezondheid die zich voordoen tijdens of in samenhang met het werk;f) de invoering of uitbreiding van stelsels, met inachtneming van nationale omstandigheden en mogelijkheden, voor het onderzoek van chemische, fysische en biologische agentia met betrekking tot het gevaar voor de gezondheid van werknemers. Artikel 12 Overeenkomstig de nationale wetgeving en praktijk dienen maatregelen te worden genomen ten einde te verzekeren dat degenen die machines, materiaal of stoffen voor gebruik bij de beroepsuitoefening « ontwerpen, vervaardigen, invoeren, verschaffen of overdragen a) zich ervan overtuigen dat, voor zover redelijkerwijze uitvoerbaar, de machines, het materiaal of de stof geen gevaar met zich brengen voor de veiligheid en gezondheid van degenen die daarmee op de juiste wijze omgaan;b) informatie verstrekken betreffende de juiste installatie en het juiste gebruik van machines en materiaal en het juiste gebruik van stoffen, alsmede informatie inzake gevaren van machines en materiaal en gevaarlijke eigenschappen van chemische stoffen en fysische en biologische agentia of produkten, alsook instructies hoe bekende gevaren te vermijden;c) studies en onderzoek verrichten of zich op andere wijze op de hoogte blijven stellen van de ontwikkelingen in wetenschap en techniek die nodig zijn om te voldoen aan het bepaalde in de letters a) en b) van dit artikel. Artikel 13 Een werknemer die zich teruggetrokken heeft uit een arbeidssituatie waarvan hij met reden kan aannemen dat deze een onmiddellijk en ernstig gevaar voor zijn leven of gezondheid oplevert, dient te worden beschermd tegen niet-gerechtvaardigde consequenties, zulks overeenkomstig de nationale omstandigheden en praktijk.

Artikel 14 Er dienen maatregelen te worden genomen ten einde, op een in de nationale omstandigheden en praktijk passende wijze, te bevorderen dat zaken de beroepsveiligheid, de gezondheid en het arbeidsmilieu betreffende, worden opgenomen in onderwijs- en opleidingsprogramma's op alle niveaus, met inbegrip van hoger technisch en medisch onderwijs en hoger beroepsonderwijs, op een wijze die voorziet in de opleidingsbehoefte van alle werknemers.

Artikel 15 1. Ten einde de samenhang tussen het in artikel 4 van dit Verdrag bedoelde beleid en de voor de tenuitvoerlegging daarvan genomen maatregelen te verzekeren, dient elk Lid, na raadpleging in een zo vroeg mogelijk stadium van de meest representatieve organisaties van werkgevers en werknemers en van andere daarvoor in aanmerking komende organen, regelingen te treffen, overeenkomstig de nationale omstandigheden en praktijk, ter verzekering van de vereiste coördinatie tussen de verschillende autoriteiten en organen die uitvoering moeten geven aan de delen II en III van dit Verdrag.2. Wanneer de omstandigheden zulks vereisen en de nationale omstandigheden en praktijk zich niet daartegen verzetten, dienen deze regelingen de totstandkoming van een centraal orgaan te omvatten. Deel IV. - Maatregelen op het niveau van de onderneming Artikel 16 1. Van de werkgevers wordt geëist dat dezen, voor zover redelijkerwijze uitvoerbaar, verzekeren dat de arbeidsplaatsen, machines, materiaal en werkwijzen waarover zij zeggenschap hebben veilig en zonder gevaar voor de gezondheid zijn.2. Van de werkgevers wordt geëist dat dezen, voor zover redelijkerwijze uitvoerbaar, verzekeren dat de chemische, fysische en biologische stoffen en agentia waarover zij zeggenschap hebben, zonder gevaar voor de gezondheid zijn wanneer de juiste beschermende maatregelen worden genomen.3. Van de werkgevers wordt geëist dat dezen, indien noodzakelijk, voldoende beschermende kleding en beschermingsmiddelen verschaffen om, voor zover redelijkerwijze uitvoerbaar, het gevaar van ongevallen of van nadelige invloeden op de gezondheid te voorkomen. Artikel 17 Indien twee of meer ondernemingen tegelijkertijd op een zelfde arbeidsplaats werk uitvoeren, dienen zij samen te werken bij de toepassing van de vereisten van dit Verdrag.

Artikel 18 Van de werkgevers wordt geëist dat dezen, indien noodzakelijk, voorzien in maatregelen voor optreden in geval van nood en bij ongevallen, met inbegrip van toereikende middelen voor de verlening : van eerste hulp.

Artikel 19 Op het niveau van de onderneming dienen er regelingen te bestaan volgens welke a) de werknemers bij het verrichten van hun werk, medewerken aan de nakoming door hun werkgever van de hem opgelegde verplichtingen;b) de vertegenwoordigers van werknemers in de onderneming met de werkgever samenwerken op het terrein van beroepsveiligheid en gezondheid;c) de vertegenwoordigers van werknemers in een onderneming voldoende informatie wordt verschaft omtrent door de werkgever genomen maatregelen ter verzekering van de beroepsveiligheid en gezondheid en hun representatieve organisaties kunnen raadplegen omtrent zulke informatie, mits geen fabrieksgeheimen openbaar worden gemaakt;d) de werknemers en hun vertegenwoordigers in de onderneming een passende opleiding in beroepsveiligheid en gezondheid wordt gegeven;e) de werknemers of hun vertegenwoordigers en, al naar het geval, hun representatieve organisaties in een onderneming, overeenkomstig de nationale wetgeving en praktijk, in staat worden gesteld een onderzoek in te stellen naar, en door de werkgever worden geraadpleegd omtrent, alle aspecten van beroepsveiiigheid en gezondheid, samenhangend met hun werk;hiertoe kunnen bij onderlinge overeenstemming technische adviseurs van buiten de onderneming worden aangetrokken; f) een werknemer onverwijld aan zijn directe chef elke situatie meldt waarvan hij reden heeft aan te nemen dat deze een onmiddellijk en ernstig gevaar voor zijn leven of gezondheid oplevert;totdat de werkgever, indien nodig, corrigerende maatregelen heeft genomen, kan hij niet van de werknemers verlangen, dat deze terugkeren in een arbeidssituatie waarin er bij voortduring een onmiddellijk en ernstig gevaar voor het leven of de gezondheid bestaat.

Artikel 20 Samenwerking tussen bedrijfsleiding en werknemers en/of hun vertegenwoordigers binnen de onderneming dient een wezenlijk onderdeel te vormen van de ingevolge de artikelen 16 tot en met 19 van dit Verdrag genomen organisatorische en andere maatregelen.

Artikel 21 De maatregelen inzake beroepsveiligheid en gezondheid mogen geen kosten voor de werknemers met zich brengen.

Deel V. - Slotbepalingen Artikel 22 Dit Verdrag is geen herziening van andere internationale arbeidsverdragen of aanbevelingen.

Artikel 23 De officiële bekrachtigingen van dit Verdrag worden medegedeeld aan de Directeur/van het internationaal Arbeidsbureau en door hem geregistreerd.

Artikel 24 1. Dit Verdrag is slechts verbindend voor die Leden van de Internationale Arbeidsorganisatie die hun bekrachtigingen door de Directeur-Generaal hebben doen registreren.2. Het treedt in werking twaalf maanden na de datum waarop de bekrachtigingen van twee Leden door de Directeur-Generaal zijn geregistreerd.3. Vervolgens treedt dit Verdrag voor ieder Lid in werking twaalf maanden na de datum waarop zijn bekrachtiging is geregistreerd. Artikel 25 1. Ieder Lid dat dit Verdrag heeft bekrachtigd, kan het opzeggen na afloop van een termijn van tien jaar na de datum waarop het Verdrag in werking is getreden, door middel van een aan de Directeur-Generaal van het Internationaal Arbeidsbureau gerichte en door deze geregistreerde verklaring.De opzegging wordt eerst van kracht een jaar na de datum waarop zij is geregistreerd. 2. Ieder Lid dat dit Verdrag heeft bekrachtigd en niet binnen een jaar na afloop van de termijn van tien jaar als bedoeld in het vorige lid, gebruik maakt van de bevoegdheid tot opzegging, voorzien in dit artikel, is voor een nieuwe termijn van tien jaar gebonden en kan daarna dit Verdrag opzeggen na afloop van elke termijn van tien jaar op de voorwaarden, voorzien in dit artikel. Artikel 26 1. De Directeur-Generaal van het Internationaal Arbeidsbureau stelt alle Leden van de Internationale Arbeidsorganisatie in kennis van de registratie van alle bekrachtigingen en opzeggingen die hem door de Leden van de Organisatie zijn medegedeeld.2. Bij de kennisgeving aan de Leden van de Organisatie van de registratie van de tweede hem medegedeelde bekrachtiging, vestigt de Directeur-Generaal de aandacht van deze Leden op de datum waarop dit Verdrag in werking treedt. Artikel 27 De Directeur-Generaal van het Internationaal Arbeidsbureau doet aan de Secretaris-Generaal van de Verenigde Naties mededeling, ter registratie overeenkomstig het bepaalde in artikel 102 van het Handvest der Verenigde Naties, van de volledige bijzonderheden omtrent alle bekrachtigingen en opzeggingen die hij overeenkomstig de voorgaande artikelen heeft geregistreerd.

Artikel 28 Telkens wanneer de raad van beheer van het Internationaal Arbeidsbureau zulks nodig acht, brengt deze Raad aan de algemene Conferentie verslag uit inzake de toepassing van dit Verdrag en onderzoekt of het wenselijk is de gehele of gedeeltelijke herziening ervan op de agenda van de Conferentie te plaatsen.

Artikel 29 1. Indien de Conferentie een nieuw Verdrag aanneemt, houdende gehele of gedeeltelijke herziening van dit Verdrag, zal, tenzij het nieuwe Verdrag anders bepaalt : a) bekrachtiging door een Lid van het nieuwe Verdrag, houdende herziening, ipso jure onmiddellijke opzegging van dit Verdrag ten gevolge hebben, niettegenstaande het bepaalde in artikel 25, onder voorbehoud evenwel dat het nieuwe Verdrag, houdende herziening, in werking is getreden;b) met ingang van de datum waarop het nieuwe Verdrag, houdende herziening, in werking is getreden, zal dit Verdrag niet langer door de Leden kunnen worden bekrachtigd.2. Dit Verdrag blijft echter naar vorm en inhoud van kracht voor de Leden die het hebben bekrachtigd en die het nieuwe Verdrag, houdende herziening, niet hebben bekrachtigd. Artikel 30 De Engelse en de Franse tekst van dit Verdrag zijn gelijkelijk gezaghebbend.

De voorgaande tekst is de authentieke tekst van het Verdrag naar behoren aangenomen door de algemene Conferentie van de Internationale Arbeidsorganisatie tijdens haar zevenenzestigste zitting, welke werd gehouden te Genève en voor gesloten werd verklaard op de vierentwintigste juni 1981.

Ten blijke waarvan wij onze handtekening hebben geplaatst, op de vijfentwintigste juni 1981.

Verdrag nr. 155 betreffende arbeidsveiligheid, gezondheid en het arbeidsmilieu, aangenomen te Genève op 22 juni 1981 door de Algemene Conferentie van de Internationale Arbeidsorganisatie

Staten/Organisatie

Datum Authentificatie

Type instemming

Datum instemming

Datum interne inwerkingtreding

ALBANIE

Bekrachtiging

09/02/2004

09/02/2005

ALGERIJE

Bekrachtiging

06/06/2006

06/06/2007

ANTIGUA ET BARBUDA

Bekrachtiging

16/09/2002

16/09/2003

AUSTRALIE

Bekrachtiging

26/03/2004

26/03/2005

BAHREIN

Bekrachtiging

09/09/2009

09/09/2010

BELARUS

Bekrachtiging

30/05/2000

30/05/2001

BELIZE

Bekrachtiging

22/06/1999

22/06/2000

BELGIE

Bekrachtiging

28/02/2011

28/02/2012

BOSNI" EN HERZEGOVINA

Bekrachtiging

02/06/1993

02/06/1994

BRAZILIE

Bekrachtiging

18/05/1992

18/05/1993

CENTRAAL-AFRIKAANSE REPUBLIEK

Bekrachtiging

05/06/2006

05/06/2007

CHINA (VOLKSREPUBLIEK)

Bekrachtiging

25/01/2007

25/01/2008

CUBA

Bekrachtiging

07/09/1982

07/09/1983

CYPRUS

Bekrachtiging

16/01/1989

16/01/1990

DENEMARKEN

Bekrachtiging

10/07/1995

10/07/1996

EL SALVADOR

Bekrachtiging

12/10/2000

12/10/2001

ETHIOPIE

Bekrachtiging

28/01/1991

28/01/1992

FIJI

Bekrachtiging

28/05/2008

28/05/2009

FINLAND

Bekrachtiging

24/04/1985

24/04/1986

HONGARIJE

Bekrachtiging

04/01/1994

04/01/1995

IERLAND

Bekrachtiging

04/04/1995

04/04/1996

IJSLAND

Bekrachtiging

21/06/1991

21/06/1992

KAAPVERDISCHE (EILANDEN)

Bekrachtiging

09/08/2000

09/08/2001

KAZACHSTAN

Bekrachtiging

30/07/1996

30/07/1997

KOREA (ZUID)

Bekrachtiging

20/02/2008

20/02/2009

KROATIE

Bekrachtiging

08/10/1991

08/10/1992

LESOTHO

Bekrachtiging

01/11/2001

01/11/2002

LETLAND

Bekrachtiging

25/08/1994

25/08/1995

LUXEMBURG

Bekrachtiging

21/03/2001

21/03/2002

MACEDONIE (VOORMALIGE JOEGOSLAVISCHE REP.)

Bekrachtiging

17/11/1991

17/11/1992

MEXICO

Bekrachtiging

01/02/1984

01/02/1985

MOLDAVI"

Bekrachtiging

28/04/2000

28/04/2001

MONGOLIE

Bekrachtiging

03/02/1998

03/02/1999

MONTENEGRO

Bekrachtiging

03/06/2006

03/06/2007

NEDERLAND

Bekrachtiging

22/05/1991

22/05/1992

NIEUW-ZEELAND

Bekrachtiging

12/06/2007

12/06/2008

NIGER

Bekrachtiging

19/02/2009

19/02/2010

NIGERIA

Bekrachtiging

03/05/1994

03/05/1995

NOORWEGEN

Bekrachtiging

22/06/1982

11/08/1983

PORTUGAL

Bekrachtiging

28/05/1985

28/05/1986

RUSLAND

Bekrachtiging

02/07/1998

02/07/1999

SAO TOME EN PRINCIPE

Bekrachtiging

04/05/2005

04/05/2006

SERVI"

Bekrachtiging

24/11/2000

24/11/2001

SEYCHELLEN

Bekrachtiging

28/10/2005

28/10/2006

SLOVAKIJE

Bekrachtiging

01/01/1993

01/01/1994

SLOVENIE

Bekrachtiging

29/05/1992

29/05/1993

SPANJE

Bekrachtiging

11/09/1985

11/09/1986

SYRIE

Bekrachtiging

19/05/2009

19/05/2010

TADZJIKISTAN

Bekrachtiging

21/10/2009

21/10/2010

TSJECHISCHE REP. Bekrachtiging

01/01/1993

01/01/1994

TURKIJE

Bekrachtiging

22/04/2005

22/04/2006

URUGUAY

Bekrachtiging

05/09/1988

05/09/1989

VENEZUELA

Bekrachtiging

25/06/1984

25/06/1985

VIETNAM

Bekrachtiging

03/10/1994

03/10/1995

ZIMBABWE

Bekrachtiging

09/04/2003

09/04/2004

ZUID-AFRIKA

Bekrachtiging

18/02/2003

18/02/2004

ZWEDEN

Bekrachtiging

11/08/1982

11/08/1983

^