Etaamb.openjustice.be
Meertalige weergave van Wet van 31/07/2009
← Terug naar "Wet betreffende diverse bepalingen met betrekking tot het Centraal Strafregister "
Wet betreffende diverse bepalingen met betrekking tot het Centraal Strafregister Wet betreffende diverse bepalingen met betrekking tot het Centraal Strafregister
FEDERALE OVERHEIDSDIENST JUSTITIE FEDERALE OVERHEIDSDIENST JUSTITIE
31 JULI 2009. - Wet betreffende diverse bepalingen met betrekking tot 31 JULI 2009. - Wet betreffende diverse bepalingen met betrekking tot
het Centraal Strafregister (1) het Centraal Strafregister (1)
Advies van de Raad van State nr. 45.929/2 van 2 maart 2009 Advies van de Raad van State nr. 45.929/2 van 2 maart 2009
De Raad van State, afdeling wetgeving, tweede kamer, op 2 februari De Raad van State, afdeling wetgeving, tweede kamer, op 2 februari
2009 door de Minister van Justitie verzocht hem, binnen een termijn 2009 door de Minister van Justitie verzocht hem, binnen een termijn
van dertig dagen, van advies te dienen over een voorontwerp van wet « van dertig dagen, van advies te dienen over een voorontwerp van wet «
betreffende de aflevering van uittreksels uit het Strafregister aan betreffende de aflevering van uittreksels uit het Strafregister aan
particulieren en tot wijziging van sommige bepalingen van het Wetboek particulieren en tot wijziging van sommige bepalingen van het Wetboek
van strafvordering met betrekking tot het Centraal Strafregister », van strafvordering met betrekking tot het Centraal Strafregister »,
heeft het volgende advies gegeven : heeft het volgende advies gegeven :
Aangezien de adviesaanvraag ingediend is op basis van artikel 84, § 1, Aangezien de adviesaanvraag ingediend is op basis van artikel 84, § 1,
eerste lid, 1°, van de gecoördineerde wetten op de Raad van State, eerste lid, 1°, van de gecoördineerde wetten op de Raad van State,
zoals het vervangen is bij de wet van 2 april 2003, beperkt de zoals het vervangen is bij de wet van 2 april 2003, beperkt de
afdeling Wetgeving overeenkomstig artikel 84, § 3, van de voormelde afdeling Wetgeving overeenkomstig artikel 84, § 3, van de voormelde
gecoördineerde wetten haar onderzoek tot de rechtsgrond van het gecoördineerde wetten haar onderzoek tot de rechtsgrond van het
voorontwerp, de bevoegdheid van de steller van de handeling en de te voorontwerp, de bevoegdheid van de steller van de handeling en de te
vervullen voorafgaande vormvereisten. vervullen voorafgaande vormvereisten.
Wat deze drie punten betreft, geeft het voorontwerp aanleiding tot de Wat deze drie punten betreft, geeft het voorontwerp aanleiding tot de
volgende opmerkingen. volgende opmerkingen.
Opschrift Opschrift
Het opschrift komt niet voldoende overeen met het onderwerp van het Het opschrift komt niet voldoende overeen met het onderwerp van het
voorontwerp dat, met uitzondering van de overgangsbepalingen, geen voorontwerp dat, met uitzondering van de overgangsbepalingen, geen
enkele op zichzelf staande bepaling bevat en niet alleen het Wetboek enkele op zichzelf staande bepaling bevat en niet alleen het Wetboek
van Strafvordering wijzigt, maar eveneens de wet van 8 augustus 1997 van Strafvordering wijzigt, maar eveneens de wet van 8 augustus 1997
betreffende het Centraal Strafregister en de wet van 20 juli 1990 betreffende het Centraal Strafregister en de wet van 20 juli 1990
betreffende de voorlopige hechtenis (1). betreffende de voorlopige hechtenis (1).
De gemachtigde ambtenaar heeft ermee ingestemd het opschrift De gemachtigde ambtenaar heeft ermee ingestemd het opschrift
dienovereenkomstig aan te passen. dienovereenkomstig aan te passen.
Dispositief Dispositief
Artikel 2 Artikel 2
1. Er is een tegenstrijdigheid tussen de Franse tekst van de 1. Er is een tegenstrijdigheid tussen de Franse tekst van de
bespreking van het ontworpen eerste lid, 17°, waarin uiteengezet wordt bespreking van het ontworpen eerste lid, 17°, waarin uiteengezet wordt
dat het de voorwaarden bepaalt waaraan de vermeldingen op de dat het de voorwaarden bepaalt waaraan de vermeldingen op de
onderscheiden uittreksels van de veroordelingen bij eenvoudige onderscheiden uittreksels van de veroordelingen bij eenvoudige
schuldigverklaring moeten voldoen, en de ontworpen tekst waarin niets schuldigverklaring moeten voldoen, en de ontworpen tekst waarin niets
in dat verband wordt bepaald. in dat verband wordt bepaald.
De gemachtigde ambtenaar heeft ermee ingestemd de bespreking De gemachtigde ambtenaar heeft ermee ingestemd de bespreking
dienovereenkomstig aan te passen. dienovereenkomstig aan te passen.
Aangezien het voorontwerp ertoe strekt aan de lijst van geregistreerde Aangezien het voorontwerp ertoe strekt aan de lijst van geregistreerde
inlichtingen in het Strafregister de vermelding toe te voegen van de inlichtingen in het Strafregister de vermelding toe te voegen van de
veroordelingen bij eenvoudige schuldigverklaring uitgesproken bij veroordelingen bij eenvoudige schuldigverklaring uitgesproken bij
toepassing van artikel 21ter van de wet van 17 april 1978 houdende de toepassing van artikel 21ter van de wet van 17 april 1978 houdende de
voorafgaande titel van het Wetboek van Strafvordering, is er geen voorafgaande titel van het Wetboek van Strafvordering, is er geen
reden om de aldus veroordeelde personen uit te sluiten van het reden om de aldus veroordeelde personen uit te sluiten van het
voordeel van de gevolgen van de uitwissing, die van toepassing is op voordeel van de gevolgen van de uitwissing, die van toepassing is op
veroordelingen tot politiestraffen, of van de gevolgen van het herstel veroordelingen tot politiestraffen, of van de gevolgen van het herstel
in eer en rechten, dat van toepassing is op personen die veroordeeld in eer en rechten, dat van toepassing is op personen die veroordeeld
zijn tot criminele of correctionele straffen. Die gevolgen worden zijn tot criminele of correctionele straffen. Die gevolgen worden
opgesomd in artikel 634 van het Wetboek van Strafvordering. Het is opgesomd in artikel 634 van het Wetboek van Strafvordering. Het is
immers niet voldoende dat de inlichting betreffende de veroordeling immers niet voldoende dat de inlichting betreffende de veroordeling
bij eenvoudige schuldigverklaring na drie jaar niet meer vermeld mag bij eenvoudige schuldigverklaring na drie jaar niet meer vermeld mag
worden op de uittreksels uit het Strafregister die opgevraagd worden worden op de uittreksels uit het Strafregister die opgevraagd worden
door de openbare overheden (ontworpen artikel 594 van het Wetboek van door de openbare overheden (ontworpen artikel 594 van het Wetboek van
Strafvordering) of door de belanghebbende zelf (ontworpen artikel 595 Strafvordering) of door de belanghebbende zelf (ontworpen artikel 595
van het Wetboek van Strafvordering); het is de bedoeling, zoals dat van het Wetboek van Strafvordering); het is de bedoeling, zoals dat
reeds het geval is voor de personen die veroordeeld zijn tot straffen, reeds het geval is voor de personen die veroordeeld zijn tot straffen,
alle gevolgen van de veroordeling voor de toekomst te doen vervallen alle gevolgen van de veroordeling voor de toekomst te doen vervallen
en inzonderheid geen melding meer te maken van die veroordeling in de en inzonderheid geen melding meer te maken van die veroordeling in de
uittreksels uit het Strafregister die overgelegd worden door de uittreksels uit het Strafregister die overgelegd worden door de
gerechtelijke overheden bij latere vervolgingen wegens nieuwe gerechtelijke overheden bij latere vervolgingen wegens nieuwe
strafbare feiten. De steller van het ontwerp dient er dan ook op toe strafbare feiten. De steller van het ontwerp dient er dan ook op toe
te zien dat ofwel artikel 619 van het Wetboek van Strafvordering, te zien dat ofwel artikel 619 van het Wetboek van Strafvordering,
ofwel artikel 620 van het Wetboek van Strafvordering wordt aangevuld, ofwel artikel 620 van het Wetboek van Strafvordering wordt aangevuld,
waarbij hij dient te verantwoorden waarom hij kiest voor de ene, dan waarbij hij dient te verantwoorden waarom hij kiest voor de ene, dan
wel voor de andere bepaling. Daarbij verdient het aanbeveling eveneens wel voor de andere bepaling. Daarbij verdient het aanbeveling eveneens
na te gaan of de procedure van de uitwissing van veroordelingen of die na te gaan of de procedure van de uitwissing van veroordelingen of die
van het herstel in eer en rechten ook niet dient te kunnen worden van het herstel in eer en rechten ook niet dient te kunnen worden
toegepast op bepaalde beslissingen of op bepaalde maatregelen waarop toegepast op bepaalde beslissingen of op bepaalde maatregelen waarop
deze of gene procedure thans niet van toepassing is. deze of gene procedure thans niet van toepassing is.
2. Uit het ontworpen eerste lid, 18°, blijkt dat de verboden bedoeld 2. Uit het ontworpen eerste lid, 18°, blijkt dat de verboden bedoeld
in artikel 35, § 1, tweede lid van de wet van 20 juli 1990 betreffende in artikel 35, § 1, tweede lid van de wet van 20 juli 1990 betreffende
de voorlopige hechtenis, namelijk de verboden om een activiteit uit te de voorlopige hechtenis, namelijk de verboden om een activiteit uit te
oefenen waarbij de betrokkenen in aanraking komen met minderjarigen, oefenen waarbij de betrokkenen in aanraking komen met minderjarigen,
enkel vermeld zullen worden in het centrale Strafregister (hierna « enkel vermeld zullen worden in het centrale Strafregister (hierna «
strafregister » genoemd) « wanneer het personen betreft dewelke geen strafregister » genoemd) « wanneer het personen betreft dewelke geen
woon- of verblijfplaats in België hebben ». Zoals immers uitgelegd woon- of verblijfplaats in België hebben ». Zoals immers uitgelegd
wordt in de artikelsgewijze bespreking, moeten de betrokkenen zich in wordt in de artikelsgewijze bespreking, moeten de betrokkenen zich in
dat geval wenden tot de dienst van het strafregister van het dat geval wenden tot de dienst van het strafregister van het
Ministerie van Justitie om hun uittreksel uit het strafregister te Ministerie van Justitie om hun uittreksel uit het strafregister te
verkrijgen. Wanneer de betrokkene een woonplaats of verblijfplaats verkrijgen. Wanneer de betrokkene een woonplaats of verblijfplaats
heeft in België, richt hij zich tot het gemeentebestuur van de plaats heeft in België, richt hij zich tot het gemeentebestuur van de plaats
van die woon- of verblijfplaats. Teneinde de inlichting te verkrijgen van die woon- of verblijfplaats. Teneinde de inlichting te verkrijgen
betreffende een mogelijk verbod met toepassing van het voornoemde betreffende een mogelijk verbod met toepassing van het voornoemde
ontworpen artikel 35, § 1, tweede lid, wendt dat bestuur zich tot de ontworpen artikel 35, § 1, tweede lid, wendt dat bestuur zich tot de
lokale politiedienst, overeenkomstig het ontworpen artikel 596, tweede lokale politiedienst, overeenkomstig het ontworpen artikel 596, tweede
lid, van het Wetboek van Strafvordering. Die dienst beschikt over de lid, van het Wetboek van Strafvordering. Die dienst beschikt over de
inlichting, daar het ontworpen artikel 37 van de voornoemde wet van 20 inlichting, daar het ontworpen artikel 37 van de voornoemde wet van 20
juli 1990 (artikel 9 van het voorontwerp) bepaalt dat « de juli 1990 (artikel 9 van het voorontwerp) bepaalt dat « de
beslissingen genomen in toepassing van (het voornoemde) artikel 35, § beslissingen genomen in toepassing van (het voornoemde) artikel 35, §
1, tweede lid, alsook de beslissingen tot intrekking, wijziging of 1, tweede lid, alsook de beslissingen tot intrekking, wijziging of
verlenging van deze beslissingen worden overgemaakt aan de verlenging van deze beslissingen worden overgemaakt aan de
politiedienst van de gemeente waar de betrokkene zijn woon- of politiedienst van de gemeente waar de betrokkene zijn woon- of
verblijfplaats heeft ». verblijfplaats heeft ».
De Raad van State vraagt zich af waarom deze situatie niet De Raad van State vraagt zich af waarom deze situatie niet
vereenvoudigd wordt door in het strafregister alle verboden te vereenvoudigd wordt door in het strafregister alle verboden te
registreren waarvan sprake is in het ontworpen artikel 35, § 1, tweede registreren waarvan sprake is in het ontworpen artikel 35, § 1, tweede
lid, met dien verstande dat daarvan enkel melding zal worden gemaakt lid, met dien verstande dat daarvan enkel melding zal worden gemaakt
in de uittreksels die gevraagd worden teneinde toegang te krijgen tot in de uittreksels die gevraagd worden teneinde toegang te krijgen tot
een activiteit die onder opvoeding, psycho-medische-sociale een activiteit die onder opvoeding, psycho-medische-sociale
begeleiding, hulpverlening aan de jeugd, kinderbescherming, animatie begeleiding, hulpverlening aan de jeugd, kinderbescherming, animatie
of begeleiding van minderjarigen valt (de zogeheten uittreksels « of begeleiding van minderjarigen valt (de zogeheten uittreksels «
model 2 »). model 2 »).
De gemachtigde ambtenaar heeft daarover het volgende gezegd : De gemachtigde ambtenaar heeft daarover het volgende gezegd :
« Il est vrai que la situation serait plus simple si l'information « Il est vrai que la situation serait plus simple si l'information
était transmise directement au Casier judiciaire central. Toutefois, était transmise directement au Casier judiciaire central. Toutefois,
il y a lieu de tenir compte de la période transitoire pendant laquelle il y a lieu de tenir compte de la période transitoire pendant laquelle
les communes n'auront pas accès aux données du Casier judiciaire les communes n'auront pas accès aux données du Casier judiciaire
central (cfr. Article 10). Pendant cette période, les administrations central (cfr. Article 10). Pendant cette période, les administrations
communales doivent être informées de ces décisions ». communales doivent être informées de ces décisions ».
Zulk een regeling zou dan ook moeten opgenomen worden in de Zulk een regeling zou dan ook moeten opgenomen worden in de
overgangsbepalingen van het voorontwerp. overgangsbepalingen van het voorontwerp.
Bovendien vloeit uit de opgezette regeling voort dat alleen de lokale Bovendien vloeit uit de opgezette regeling voort dat alleen de lokale
politie van de plaats waar de betrokkene zijn woon- of verblijfplaats politie van de plaats waar de betrokkene zijn woon- of verblijfplaats
heeft op het ogenblik dat de beslissing houdende het verbod genomen heeft op het ogenblik dat de beslissing houdende het verbod genomen
wordt, ingelicht zal worden. Het zou derhalve absoluut noodzakelijk wordt, ingelicht zal worden. Het zou derhalve absoluut noodzakelijk
zijn te voorzien in een procedure waarbij de inlichting doorgestuurd zijn te voorzien in een procedure waarbij de inlichting doorgestuurd
kan worden indien de betrokkene van woon- of verblijfplaats verandert. kan worden indien de betrokkene van woon- of verblijfplaats verandert.
Artikel 3 Artikel 3
In punt 3° is het begrip « dienst » niet geschikt voor alle opgesomde In punt 3° is het begrip « dienst » niet geschikt voor alle opgesomde
overheden. overheden.
De tekst zou bijgevolg moeten worden aangepast. De tekst zou bijgevolg moeten worden aangepast.
Artikel 4 Artikel 4
1. Artikel 594, tweede lid, van het Wetboek van Strafvordering is niet 1. Artikel 594, tweede lid, van het Wetboek van Strafvordering is niet
gewijzigd bij de wetten van 17 april 2002 en 15 mei 2006. De gewijzigd bij de wetten van 17 april 2002 en 15 mei 2006. De
inleidende zin behoort dienovereenkomstig te worden aangepast. inleidende zin behoort dienovereenkomstig te worden aangepast.
2. Onderdeel 2° dient onderdeel 1° te worden en onderdeel 1° moet 2. Onderdeel 2° dient onderdeel 1° te worden en onderdeel 1° moet
onderdeel 2° worden. onderdeel 2° worden.
3. Onderdeel 2°, dat onderdeel 1° wordt, behoort als volgt te worden 3. Onderdeel 2°, dat onderdeel 1° wordt, behoort als volgt te worden
geredigeerd : geredigeerd :
« 1° de woorden « veroordelingen bij eenvoudige schuldigverklaring, « 1° de woorden « veroordelingen bij eenvoudige schuldigverklaring,
veroordelingen » worden ingevoegd tussen de woorden « tot veroordelingen » worden ingevoegd tussen de woorden « tot
gevangenisstraf van ten hoogste zes maanden, » en de woorden « tot gevangenisstraf van ten hoogste zes maanden, » en de woorden « tot
geldboete van ten hoogste 500 frank ». geldboete van ten hoogste 500 frank ».
4. Zoals artikel 594, tweede lid, bij het voorontwerp gewijzigd wordt, 4. Zoals artikel 594, tweede lid, bij het voorontwerp gewijzigd wordt,
zal deze bepaling betrekking hebben op de veroordelingen tot bepaalde zal deze bepaling betrekking hebben op de veroordelingen tot bepaalde
gevangenisstraffen of tot geldboeten alsook op de veroordelingen bij gevangenisstraffen of tot geldboeten alsook op de veroordelingen bij
eenvoudige schuldigverklaring. Bestaat er geen grond om ze eveneens eenvoudige schuldigverklaring. Bestaat er geen grond om ze eveneens
betrekking te laten hebben op de veroordelingen tot een werkstraf ? betrekking te laten hebben op de veroordelingen tot een werkstraf ?
Deze opmerking geldt eveneens voor het ontworpen artikel 595, tweede Deze opmerking geldt eveneens voor het ontworpen artikel 595, tweede
lid. lid.
Artikel 5 Artikel 5
1. Artikel 595, tweede lid, van het Wetboek van Strafvordering is niet 1. Artikel 595, tweede lid, van het Wetboek van Strafvordering is niet
gewijzigd bij de wetten van 17 april 2002 en 15 mei 2006. De gewijzigd bij de wetten van 17 april 2002 en 15 mei 2006. De
inleidende zin behoort dienovereenkomstig te worden aangepast. inleidende zin behoort dienovereenkomstig te worden aangepast.
2. Onderdeel 2° dient onderdeel 1° te worden en onderdeel 1° moet 2. Onderdeel 2° dient onderdeel 1° te worden en onderdeel 1° moet
onderdeel 2° worden. onderdeel 2° worden.
3. Onderdeel 2°, dat onderdeel 1° wordt, behoort als volgt te worden 3. Onderdeel 2°, dat onderdeel 1° wordt, behoort als volgt te worden
geredigeerd : geredigeerd :
« 1° de woorden « de veroordelingen bij eenvoudige schuldigverklaring, « 1° de woorden « de veroordelingen bij eenvoudige schuldigverklaring,
veroordelingen » worden ingevoegd tussen de woorden « tot veroordelingen » worden ingevoegd tussen de woorden « tot
gevangenisstraf van ten hoogste zes maanden, » en de woorden « tot gevangenisstraf van ten hoogste zes maanden, » en de woorden « tot
geldboete van ten hoogste 500 frank ». geldboete van ten hoogste 500 frank ».
Artikel 6 Artikel 6
1. De ontworpen tekst is niet duidelijk genoeg. 1. De ontworpen tekst is niet duidelijk genoeg.
Zoals die tekst gesteld is, zou de indruk kunnen ontstaan dat in een Zoals die tekst gesteld is, zou de indruk kunnen ontstaan dat in een
uittreksel uit het Strafregister dat wordt aangevraagd teneinde uittreksel uit het Strafregister dat wordt aangevraagd teneinde
toegang te krijgen tot een activiteit die onder opvoeding, toegang te krijgen tot een activiteit die onder opvoeding,
psycho-medisch-sociale begeleiding, hulpverlening aan de jeugd, psycho-medisch-sociale begeleiding, hulpverlening aan de jeugd,
kinderbescherming, animatie of begeleiding van minderjarigen valt (het kinderbescherming, animatie of begeleiding van minderjarigen valt (het
zogeheten uittreksel « model 2 »), alleen melding wordt gemaakt van de zogeheten uittreksel « model 2 »), alleen melding wordt gemaakt van de
veroordelingen en bepaalde beslissingen (die bedoeld in artikel 590, veroordelingen en bepaalde beslissingen (die bedoeld in artikel 590,
2°, 4°,5°, 16° en 17°) voor feiten opgesomd in bepaalde artikelen van 2°, 4°,5°, 16° en 17°) voor feiten opgesomd in bepaalde artikelen van
het Strafwetboek indien zij gepleegd werden ten aanzien van een het Strafwetboek indien zij gepleegd werden ten aanzien van een
minderjarige en dit een bestanddeel van het strafbaar feit is of de minderjarige en dit een bestanddeel van het strafbaar feit is of de
straf verzwaart. Daardoor zou het uittreksel uit het Strafregister « straf verzwaart. Daardoor zou het uittreksel uit het Strafregister «
model 2 » minder gegevens bevatten dan het gewone uittreksel uit het model 2 » minder gegevens bevatten dan het gewone uittreksel uit het
Strafregister (het zogeheten « model 1 »), dat overeenkomstig artikel Strafregister (het zogeheten « model 1 »), dat overeenkomstig artikel
595 van het Wetboek van Strafvordering een overzicht bevat van de 595 van het Wetboek van Strafvordering een overzicht bevat van de
daarin opgenomen persoonsgegevens, onder voorbehoud van bepaalde daarin opgenomen persoonsgegevens, onder voorbehoud van bepaalde
uitzonderingen (cf. infra, punt 2). Zulks is uiteraard niet de uitzonderingen (cf. infra, punt 2). Zulks is uiteraard niet de
bedoeling van de steller van het voorontwerp. bedoeling van de steller van het voorontwerp.
In feite heeft artikel 595 van het Wetboek van Strafvordering In feite heeft artikel 595 van het Wetboek van Strafvordering
betrekking op de vermeldingen die in alle uittreksels uit het betrekking op de vermeldingen die in alle uittreksels uit het
Strafregister moeten voorkomen. Artikel 596 van datzelfde Wetboek Strafregister moeten voorkomen. Artikel 596 van datzelfde Wetboek
heeft betrekking op de aanvullende vermeldingen die moeten voorkomen heeft betrekking op de aanvullende vermeldingen die moeten voorkomen
hetzij in uittreksels die worden aangevraagd teneinde toegang te hetzij in uittreksels die worden aangevraagd teneinde toegang te
krijgen tot een activiteit waarvan de toegangs- of krijgen tot een activiteit waarvan de toegangs- of
uitoefeningsvoorwaarden bij wets- of verordeningsbepalingen zijn uitoefeningsvoorwaarden bij wets- of verordeningsbepalingen zijn
vastgesteld (artikel 596, eerste lid), hetzij in uittreksels die vastgesteld (artikel 596, eerste lid), hetzij in uittreksels die
worden aangevraagd teneinde toegang te krijgen tot een activiteit die worden aangevraagd teneinde toegang te krijgen tot een activiteit die
onder opvoeding, psycho-medisch-sociale begeleiding, hulpverlening aan onder opvoeding, psycho-medisch-sociale begeleiding, hulpverlening aan
de jeugd, kinderbescherming, animatie of begeleiding van minderjarigen de jeugd, kinderbescherming, animatie of begeleiding van minderjarigen
valt (artikel 596, tweede lid). valt (artikel 596, tweede lid).
Het voorontwerp behoort aldus te worden aangepast dat de bedoeling van Het voorontwerp behoort aldus te worden aangepast dat de bedoeling van
de steller ervan duidelijk tot uiting komt. de steller ervan duidelijk tot uiting komt.
2. Wanneer het ontworpen tweede lid bepaalt dat het uittreksel « alle 2. Wanneer het ontworpen tweede lid bepaalt dat het uittreksel « alle
veroordelingen en de beslissingen bedoeld in artikel 590, 2°, 4°, 5°, veroordelingen en de beslissingen bedoeld in artikel 590, 2°, 4°, 5°,
16° en 17° » vermeldt, moet dit dus zo worden verstaan dat het woord « 16° en 17° » vermeldt, moet dit dus zo worden verstaan dat het woord «
alle » een uitbreiding invoert ten opzichte van het uittreksel genoemd alle » een uitbreiding invoert ten opzichte van het uittreksel genoemd
in artikel 595, dat het niet heeft over alle veroordelingen en in artikel 595, dat het niet heeft over alle veroordelingen en
beslissingen aangezien het voorziet in twee reeksen van uitzonderingen beslissingen aangezien het voorziet in twee reeksen van uitzonderingen
: :
a) enerzijds, de drie uitzonderingen genoemd in artikel 595, eerste a) enerzijds, de drie uitzonderingen genoemd in artikel 595, eerste
lid, namelijk de in artikel 594, eerste lid, 1° tot 4° bedoelde lid, namelijk de in artikel 594, eerste lid, 1° tot 4° bedoelde
veroordelingen, beslissingen en maatregelen, de maatregelen getroffen veroordelingen, beslissingen en maatregelen, de maatregelen getroffen
ten aanzien van abnormalen op grond van de wet van 1 juli 1964 (2), en ten aanzien van abnormalen op grond van de wet van 1 juli 1964 (2), en
de ontzettingen en maatregelen bedoeld in artikel 63 van de voornoemde de ontzettingen en maatregelen bedoeld in artikel 63 van de voornoemde
wet van 8 april 1965; wet van 8 april 1965;
b) anderzijds, de uitzondering genoemd in artikel 595, tweede lid, dat b) anderzijds, de uitzondering genoemd in artikel 595, tweede lid, dat
bepaalt dat sommige veroordelingen, inzonderheid de veroordelingen tot bepaalt dat sommige veroordelingen, inzonderheid de veroordelingen tot
gevangenisstraf van ten hoogste zes maanden, niet meer worden vermeld gevangenisstraf van ten hoogste zes maanden, niet meer worden vermeld
na een termijn van drie jaar te rekenen van de dag van de definitieve na een termijn van drie jaar te rekenen van de dag van de definitieve
rechterlijke beslissing waarbij de veroordeling is uitgesproken. rechterlijke beslissing waarbij de veroordeling is uitgesproken.
De uitbreiding is evenwel beperkt, aangezien ze alleen geldt voor de De uitbreiding is evenwel beperkt, aangezien ze alleen geldt voor de
veroordelingen en beslissingen genoemd in artikel 590, 2°, 4°, 5°, 16° veroordelingen en beslissingen genoemd in artikel 590, 2°, 4°, 5°, 16°
en 17° en enkel voor feiten genoemd in bepaalde artikelen van het en 17° en enkel voor feiten genoemd in bepaalde artikelen van het
Strafwetboek, indien ze gepleegd zijn ten aanzien van een minderjarige Strafwetboek, indien ze gepleegd zijn ten aanzien van een minderjarige
en dat gegeven mede het strafbaar feit uitmaakt of de straf daarop en dat gegeven mede het strafbaar feit uitmaakt of de straf daarop
verzwaart. verzwaart.
De Raad van State vraagt zich af of het wel de bedoeling was van de De Raad van State vraagt zich af of het wel de bedoeling was van de
steller van het voorontwerp om in het uittreksel van het strafregister steller van het voorontwerp om in het uittreksel van het strafregister
« model 2 » de beslissingen te vermelden bedoeld in artikel 595, « model 2 » de beslissingen te vermelden bedoeld in artikel 595,
eerste lid, 1°, namelijk de veroordelingen waarvoor amnestie is eerste lid, 1°, namelijk de veroordelingen waarvoor amnestie is
verleend, de beslissingen vernietigd op grond van artikelen 416 tot verleend, de beslissingen vernietigd op grond van artikelen 416 tot
442 of artikelen 443 tot 447bis van het Wetboek van Strafvordering en 442 of artikelen 443 tot 447bis van het Wetboek van Strafvordering en
de beslissingen tot intrekking genomen op grond van de artikelen 10 de beslissingen tot intrekking genomen op grond van de artikelen 10
tot 14 van de bijzondere wet van 6 januari 1989 op het Grondwettelijk tot 14 van de bijzondere wet van 6 januari 1989 op het Grondwettelijk
Hof. De gemachtigde ambtenaar heeft beaamd dat dat niet zo is. De Hof. De gemachtigde ambtenaar heeft beaamd dat dat niet zo is. De
tekst van het voorontwerp moet dus gewijzigd worden. tekst van het voorontwerp moet dus gewijzigd worden.
Voor het overige lijkt de uitbreiding tot gevolg te hebben dat het Voor het overige lijkt de uitbreiding tot gevolg te hebben dat het
attest « model 2 », wanneer het gaat om feiten bedoeld in de genoemde attest « model 2 », wanneer het gaat om feiten bedoeld in de genoemde
artikelen van het Strafwetboek die gepleegd worden ten aanzien van een artikelen van het Strafwetboek die gepleegd worden ten aanzien van een
minderjarige en dat gegeven mede het strafbaar feit uitmaakt of de minderjarige en dat gegeven mede het strafbaar feit uitmaakt of de
straf daarop verzwaart, twee soorten vermeldingen zal bevatten die straf daarop verzwaart, twee soorten vermeldingen zal bevatten die
niet op het attest « model 1 » staan, namelijk : niet op het attest « model 1 » staan, namelijk :
1° beslissingen genomen ten aanzien van abnormalen (3) overeenkomstig 1° beslissingen genomen ten aanzien van abnormalen (3) overeenkomstig
de wet van 1 juli 1964 (4); de wet van 1 juli 1964 (4);
2° veroordelingen tot criminele, correctionele of politiestraffen 2° veroordelingen tot criminele, correctionele of politiestraffen
wanneer de definitieve rechterlijke beslissing, waarbij een wanneer de definitieve rechterlijke beslissing, waarbij een
gevangenisstraf van ten hoogste zes maanden wordt uitgesproken, een gevangenisstraf van ten hoogste zes maanden wordt uitgesproken, een
geldboete van ten hoogste 500 euro, of een geldboete opgelegd met geldboete van ten hoogste 500 euro, of een geldboete opgelegd met
toepassing van de wetten die gecoördineerd zijn bij het koninklijk toepassing van de wetten die gecoördineerd zijn bij het koninklijk
besluit van 16 maart 1968 betreffende de politie over het wegverkeer, besluit van 16 maart 1968 betreffende de politie over het wegverkeer,
dateert van meer dan drie jaar geleden. dateert van meer dan drie jaar geleden.
De steller van het voorontwerp moet ervoor zorgen dat de redactie van De steller van het voorontwerp moet ervoor zorgen dat de redactie van
het ontworpen tweede lid preciezer is. het ontworpen tweede lid preciezer is.
3. Ter wille van de duidelijkheid wordt, met goedvinden van de 3. Ter wille van de duidelijkheid wordt, met goedvinden van de
gemachtigde ambtenaar, voorgesteld te schrijven : « ... worden de gemachtigde ambtenaar, voorgesteld te schrijven : « ... worden de
veroordelingen genoemd in artikel 590, eerste lid, 1° en 17°, en de veroordelingen genoemd in artikel 590, eerste lid, 1° en 17°, en de
beslissingen genoemd in artikel 590, eerste lid, 2°, 4°, 5°, en 16°, beslissingen genoemd in artikel 590, eerste lid, 2°, 4°, 5°, en 16°,
voor feiten bedoeld in de artikelen (...) van het Strafwetboek, in het voor feiten bedoeld in de artikelen (...) van het Strafwetboek, in het
uittreksel vermeld indien zij gepleegd zijn ten aanzien van een uittreksel vermeld indien zij gepleegd zijn ten aanzien van een
minderjarige en dat gegeven mede het strafbaar feit uitmaakt of de minderjarige en dat gegeven mede het strafbaar feit uitmaakt of de
straf op het strafbaar feit verzwaart ». Van de franse versie van de straf op het strafbaar feit verzwaart ». Van de franse versie van de
voorgestelde tekst wordt verwezen naar de franse versie van dit voorgestelde tekst wordt verwezen naar de franse versie van dit
advies. advies.
4.1. De extra vermeldingen waarin het ontworpen artikel 596, tweede 4.1. De extra vermeldingen waarin het ontworpen artikel 596, tweede
lid, voorziet, hebben enkel betrekking op de feiten genoemd in lid, voorziet, hebben enkel betrekking op de feiten genoemd in
bepaalde artikelen van het Strafwetboek waarbij aan twee voorwaarden bepaalde artikelen van het Strafwetboek waarbij aan twee voorwaarden
moet zijn voldaan : moet zijn voldaan :
a) ze zijn gepleegd ten aanzien van een minderjarige; a) ze zijn gepleegd ten aanzien van een minderjarige;
b) de omstandigheid dat de feiten gepleegd zijn ten aanzien van een b) de omstandigheid dat de feiten gepleegd zijn ten aanzien van een
minderjarige maakt mede het strafbaar feit uit of verzwaart de straf. minderjarige maakt mede het strafbaar feit uit of verzwaart de straf.
Die voorwaarden vloeien automatisch voort uit de bepaling van het Die voorwaarden vloeien automatisch voort uit de bepaling van het
Strafwetboek dat het strafbaar feit omschrijft of uit een Strafwetboek dat het strafbaar feit omschrijft of uit een
daaropvolgende bepaling die voorziet in de verzwarende omstandigheid. daaropvolgende bepaling die voorziet in de verzwarende omstandigheid.
De woorden « indien zij gepleegd werden ten aanzien van een De woorden « indien zij gepleegd werden ten aanzien van een
minderjarige en dit een constitutief element van de inbreuk is of de minderjarige en dit een constitutief element van de inbreuk is of de
straf verzwaart » zijn dan ook overbodig. Ze vormen slechts één van de straf verzwaart » zijn dan ook overbodig. Ze vormen slechts één van de
criteria die de keuze van de strafbare feiten opgesomd in het criteria die de keuze van de strafbare feiten opgesomd in het
voorontwerp hebben bepaald. De toelichting die daarmee zou worden voorontwerp hebben bepaald. De toelichting die daarmee zou worden
gegeven bij die keuze hoort enkel thuis in de memorie van toelichting. gegeven bij die keuze hoort enkel thuis in de memorie van toelichting.
Gezien het bovenstaande wordt de steller van het voorontwerp verzocht Gezien het bovenstaande wordt de steller van het voorontwerp verzocht
de lijst met de genoemde bepalingen opnieuw te bekijken, en daarbij de lijst met de genoemde bepalingen opnieuw te bekijken, en daarbij
nauwkeuriger de bepalingen te vermelden : nauwkeuriger de bepalingen te vermelden :
a) waarin het strafbaar feit wordt omschreven in de gevallen dat de a) waarin het strafbaar feit wordt omschreven in de gevallen dat de
omstandigheid dat het gepleegd is ten aanzien van een minderjarige omstandigheid dat het gepleegd is ten aanzien van een minderjarige
mede het strafbaar feit uitmaakt; mede het strafbaar feit uitmaakt;
b) waarin staat dat er sprake is van een verzwarende omstandigheid b) waarin staat dat er sprake is van een verzwarende omstandigheid
wanneer het gegeven dat het strafbaar feit ten aanzien van een wanneer het gegeven dat het strafbaar feit ten aanzien van een
minderjarige is gepleegd, de straf verzwaart; minderjarige is gepleegd, de straf verzwaart;
c) waarin de poging om het strafbaar feit te plegen strafbaar wordt c) waarin de poging om het strafbaar feit te plegen strafbaar wordt
gesteld en in andere verzwarende omstandigheden (55) wordt voorzien gesteld en in andere verzwarende omstandigheden (55) wordt voorzien
die van toepassing kunnen zijn wanneer het strafbaar feit ten aanzien die van toepassing kunnen zijn wanneer het strafbaar feit ten aanzien
van een minderjarige is gepleegd (voorbeeld : artikel 376 van het van een minderjarige is gepleegd (voorbeeld : artikel 376 van het
Strafwetboek dat voorziet in een aantal verzwarende omstandigheden bij Strafwetboek dat voorziet in een aantal verzwarende omstandigheden bij
verkrachting en aanranding van de eerbaarheid). verkrachting en aanranding van de eerbaarheid).
Zo nodig worden alleen bepaalde paragrafen of leden genoemd. Zo nodig worden alleen bepaalde paragrafen of leden genoemd.
Ten slotte behoort ook naar artikel 396 van het Strafwetboek Ten slotte behoort ook naar artikel 396 van het Strafwetboek
betreffende kindermoord te worden verwezen, aangezien het gaat om een betreffende kindermoord te worden verwezen, aangezien het gaat om een
strafbaar feit dat onderstelt dat het gepleegd is « op een kind bij de strafbaar feit dat onderstelt dat het gepleegd is « op een kind bij de
geboorte of dadelijk daarna ». geboorte of dadelijk daarna ».
4.2. In het voorontwerp is er ook sprake van het strafbaar feit van 4.2. In het voorontwerp is er ook sprake van het strafbaar feit van
kwaadwillige belemmering van het verkeer (artikelen 406 en 408 van het kwaadwillige belemmering van het verkeer (artikelen 406 en 408 van het
Strafwetboek), waarbij, in tegenstelling tot bij de overige genoemde Strafwetboek), waarbij, in tegenstelling tot bij de overige genoemde
strafbare feiten, de minderjarigheid van het slachtoffer geen gegeven strafbare feiten, de minderjarigheid van het slachtoffer geen gegeven
is dat mede het strafbaar feit uitmaakt, noch een verzwarende is dat mede het strafbaar feit uitmaakt, noch een verzwarende
omstandigheid. omstandigheid.
Niets belet de steller van het voorontwerp te bepalen dat dat Niets belet de steller van het voorontwerp te bepalen dat dat
strafbaar feit, wanneer het gepleegd is ten aanzien van een strafbaar feit, wanneer het gepleegd is ten aanzien van een
minderjarige, in het uittreksel uit het strafregister « model 2 » moet minderjarige, in het uittreksel uit het strafregister « model 2 » moet
worden vermeld. Het gaat evenwel om een geval dat verschilt van dat worden vermeld. Het gaat evenwel om een geval dat verschilt van dat
beschreven in punt 4.1. Daarvoor is dus een afzonderlijke bepaling beschreven in punt 4.1. Daarvoor is dus een afzonderlijke bepaling
nodig, waarin, aangezien zulks niet blijkt uit de artikelen 406 tot nodig, waarin, aangezien zulks niet blijkt uit de artikelen 406 tot
408 van het Strafwetboek, uitdrukkelijk gesteld wordt dat in het 408 van het Strafwetboek, uitdrukkelijk gesteld wordt dat in het
uittreksel uit het strafregister « model 2 » alleen melding wordt uittreksel uit het strafregister « model 2 » alleen melding wordt
gemaakt van het strafbaar feit indien het gepleegd is ten aanzien van gemaakt van het strafbaar feit indien het gepleegd is ten aanzien van
een minderjarige. een minderjarige.
De steller van het voorontwerp moet de keuze voor dat strafbaar feit De steller van het voorontwerp moet de keuze voor dat strafbaar feit
kunnen rechtvaardigen (6). kunnen rechtvaardigen (6).
De Raad van State vraagt zich bovendien af of op basis van de De Raad van State vraagt zich bovendien af of op basis van de
vonnissen afdoende uitgemaakt kan worden of de feiten die ten vonnissen afdoende uitgemaakt kan worden of de feiten die ten
grondslag liggen aan de veroordeling ten aanzien van een minderjarige grondslag liggen aan de veroordeling ten aanzien van een minderjarige
zijn gepleegd; zo niet, is de geplande regeling onwerkbaar. zijn gepleegd; zo niet, is de geplande regeling onwerkbaar.
5. In het tweede lid staat onder meer dat het verbod op het uittreksel 5. In het tweede lid staat onder meer dat het verbod op het uittreksel
vermeld moet worden totdat het daaropvolgende vonnis kracht van vermeld moet worden totdat het daaropvolgende vonnis kracht van
gewijsde heeft. gewijsde heeft.
Het spreekt evenwel vanzelf dat het verbod niet meer vermeld hoeft te Het spreekt evenwel vanzelf dat het verbod niet meer vermeld hoeft te
worden indien het is ingetrokken en de vermelding gewijzigd moet worden indien het is ingetrokken en de vermelding gewijzigd moet
worden indien het verbod gewijzigd is, of nog indien daaromtrent een worden indien het verbod gewijzigd is, of nog indien daaromtrent een
gerechtelijke beslissing is genomen met een soortgelijk gevolg (bij gerechtelijke beslissing is genomen met een soortgelijk gevolg (bij
voorbeeld : een beschikking van buitenvervolgingstelling van de voorbeeld : een beschikking van buitenvervolgingstelling van de
raadkamer). raadkamer).
Het spreekt ook vanzelf dat indien in het vonnis een dergelijke Het spreekt ook vanzelf dat indien in het vonnis een dergelijke
verbodsmaatregel wordt uitgesproken, deze ook zal moeten worden verbodsmaatregel wordt uitgesproken, deze ook zal moeten worden
vermeld. vermeld.
De tekst moet dienovereenkomstig worden herzien. De tekst moet dienovereenkomstig worden herzien.
6. Het zou goed zijn dat de verschillen tussen de huidige tekst van 6. Het zou goed zijn dat de verschillen tussen de huidige tekst van
artikel 596 van het Wetboek van Strafvordering en de ontworpen tekst, artikel 596 van het Wetboek van Strafvordering en de ontworpen tekst,
wat betreft de bepalingen van het Strafwetboek waarnaar wordt wat betreft de bepalingen van het Strafwetboek waarnaar wordt
verwezen, nader toegelicht worden in de bespreking van het artikel. verwezen, nader toegelicht worden in de bespreking van het artikel.
Artikel 8 Artikel 8
De gemachtigde ambtenaar is het ermee eens dat de nog geldende De gemachtigde ambtenaar is het ermee eens dat de nog geldende
wijzigingen aangebracht in artikel 35, § 1, van de voornoemde wet van wijzigingen aangebracht in artikel 35, § 1, van de voornoemde wet van
20 juli 1990, vermeld moeten worden. 20 juli 1990, vermeld moeten worden.
Artikelen 10 en 11 Artikelen 10 en 11
Uit artikel 589 van het Wetboek van Strafvordering blijkt dat de Uit artikel 589 van het Wetboek van Strafvordering blijkt dat de
uittreksels uit het strafregister bedoeld in de ontworpen artikelen uittreksels uit het strafregister bedoeld in de ontworpen artikelen
595 en 596 hoe dan ook uittreksels zijn uit het centraal 595 en 596 hoe dan ook uittreksels zijn uit het centraal
strafregister. Het is dan ook tegenstrijdig dat de artikelen 595 en strafregister. Het is dan ook tegenstrijdig dat de artikelen 595 en
596 van het Wetboek van Strafvordering in werking worden gesteld en 596 van het Wetboek van Strafvordering in werking worden gesteld en
bepaald wordt dat de uittreksels uit het strafregister pas vanaf 31 bepaald wordt dat de uittreksels uit het strafregister pas vanaf 31
december 2012 afgegeven worden op basis van de informatie vervat in december 2012 afgegeven worden op basis van de informatie vervat in
het centraal strafregister. In het voorontwerp wordt bovendien niet het centraal strafregister. In het voorontwerp wordt bovendien niet
gepreciseerd op basis van welke informatie de uittreksels vóór die gepreciseerd op basis van welke informatie de uittreksels vóór die
datum worden afgegeven. datum worden afgegeven.
De gemachtigde ambtenaar is het ermee eens dat in de tekst van het De gemachtigde ambtenaar is het ermee eens dat in de tekst van het
voorontwerp moet worden aangegeven dat, in afwijking van de regel voorontwerp moet worden aangegeven dat, in afwijking van de regel
vervat in de voornoemde artikelen, de uittreksels die vóór 31 december vervat in de voornoemde artikelen, de uittreksels die vóór 31 december
2012 worden afgegeven, afgegeven worden op basis van de informatie 2012 worden afgegeven, afgegeven worden op basis van de informatie
vervat in de gemeentelijke strafregisters. vervat in de gemeentelijke strafregisters.
Artikel 11 Artikel 11
Het is de Raad van State niet duidelijk waarom artikel 11 alleen van Het is de Raad van State niet duidelijk waarom artikel 11 alleen van
toepassing is voor de uittreksels genoemd in artikel 596, tweede lid, toepassing is voor de uittreksels genoemd in artikel 596, tweede lid,
van het Wetboek van Strafvordering, terwijl opschortingen van van het Wetboek van Strafvordering, terwijl opschortingen van
uitspraak van de veroordeling en veroordelingen bij eenvoudige uitspraak van de veroordeling en veroordelingen bij eenvoudige
schuldigverklaring ook vermeld moeten worden in de uittreksels bedoeld schuldigverklaring ook vermeld moeten worden in de uittreksels bedoeld
in artikel 595 van het Wetboek van Strafvordering. in artikel 595 van het Wetboek van Strafvordering.
De kamer was samengesteld uit : De kamer was samengesteld uit :
de heren : de heren :
Y. Kreins, kamervoorzitter; Y. Kreins, kamervoorzitter;
P. Vandernoot; Mevr. M. Baguet, staatsraden; P. Vandernoot; Mevr. M. Baguet, staatsraden;
de heer H. Bosly, assessor van de afdeling wetgeving; de heer H. Bosly, assessor van de afdeling wetgeving;
Mevr. A.-C. Van Geersdaele, griffier. Mevr. A.-C. Van Geersdaele, griffier.
Het verslag werd uitgebracht door de H. A. Lefebvre, eerste auditeur. Het verslag werd uitgebracht door de H. A. Lefebvre, eerste auditeur.
De overeenstemming tussen de Franse en de Nederlandse tekst werd De overeenstemming tussen de Franse en de Nederlandse tekst werd
nagezien onder toezicht van de H. P. Vandernoot. nagezien onder toezicht van de H. P. Vandernoot.
De griffier, De griffier,
A.-C. VAN GEERSDAELE. A.-C. VAN GEERSDAELE.
De voorzitter, De voorzitter,
Y. KREINS. Y. KREINS.
_______ _______
Nota's Nota's
(1) Waarin een bepaling wordt ingevoegd waarvan de draagwijdte verder (1) Waarin een bepaling wordt ingevoegd waarvan de draagwijdte verder
reikt dan de kwestie van het Centraal Strafregister. reikt dan de kwestie van het Centraal Strafregister.
(2) Het is niet duidelijk op welke beslissingen deze bepaling doelt, (2) Het is niet duidelijk op welke beslissingen deze bepaling doelt,
vergeleken met de lijst van artikel 590 van het Strafwetboek. Men vergeleken met de lijst van artikel 590 van het Strafwetboek. Men
stelt in ieder geval vast dat artikel 595, eerste lid, 2°, in stelt in ieder geval vast dat artikel 595, eerste lid, 2°, in
tegenstelling tot artikel 590, niet aangepast is aan de wet van 21 tegenstelling tot artikel 590, niet aangepast is aan de wet van 21
april 2007 betreffende de internering van personen met een april 2007 betreffende de internering van personen met een
geestesstoornis (een aanpassing die evenwel nog niet van kracht is geestesstoornis (een aanpassing die evenwel nog niet van kracht is
geworden). geworden).
(3) Ongeacht overigens hoe lang geleden die beslissing is genomen (3) Ongeacht overigens hoe lang geleden die beslissing is genomen
(4) Zie voetnoot 2. (4) Zie voetnoot 2.
(5) of verzachtende omstandigheden, zoals in het geval van artikel 430 (5) of verzachtende omstandigheden, zoals in het geval van artikel 430
van het Strafwetboek, waarnaar dan ook in het voorontwerp verwezen zou van het Strafwetboek, waarnaar dan ook in het voorontwerp verwezen zou
moeten worden. moeten worden.
(6) Indien de steller van het voorontwerp van wet die weg inslaat, (6) Indien de steller van het voorontwerp van wet die weg inslaat,
ziet de Raad van State geen reden waarom niet ook zulke zware ziet de Raad van State geen reden waarom niet ook zulke zware
strafbare feiten als moord of doodslag zouden worden vermeld wanneer strafbare feiten als moord of doodslag zouden worden vermeld wanneer
ze gepleegd zijn ten aanzien van een minderjarige. Gezien de ze gepleegd zijn ten aanzien van een minderjarige. Gezien de
doelstelling die de wetgever nastreeft, zou in dat geval ook artikel doelstelling die de wetgever nastreeft, zou in dat geval ook artikel
417quinquies van het Strafwetboek moeten worden vermeld. 417quinquies van het Strafwetboek moeten worden vermeld.
31 JULI 2009. - Wet betreffende diverse bepalingen met betrekking tot 31 JULI 2009. - Wet betreffende diverse bepalingen met betrekking tot
het Centraal Strafregister (1) het Centraal Strafregister (1)
ALBERT II, Koning der Belgen, ALBERT II, Koning der Belgen,
Aan allen die nu zijn en hierna wezen zullen, Onze Groet. Aan allen die nu zijn en hierna wezen zullen, Onze Groet.
De kamers hebben aangenomen en Wij bekrachtigen hetgeen volgt : De kamers hebben aangenomen en Wij bekrachtigen hetgeen volgt :
HOOFDSTUK 1. - Algemene bepaling HOOFDSTUK 1. - Algemene bepaling

Artikel 1.Deze wet regelt een aangelegenheid als bedoeld in artikel

Artikel 1.Deze wet regelt een aangelegenheid als bedoeld in artikel

78 van de Grondwet. 78 van de Grondwet.
HOOFDSTUK 2. - Wijzigingen van het Wetboek van strafvordering HOOFDSTUK 2. - Wijzigingen van het Wetboek van strafvordering

Art. 2.In artikel 590 van het Wetboek van strafvordering, hersteld

Art. 2.In artikel 590 van het Wetboek van strafvordering, hersteld

bij de wet van 8 augustus 1997 en gewijzigd bij de wet van 7 februari bij de wet van 8 augustus 1997 en gewijzigd bij de wet van 7 februari
2003, worden de volgende wijzigingen aangebracht : 2003, worden de volgende wijzigingen aangebracht :
1°het eerste lid, 7°, wordt vervangen als volgt : 1°het eerste lid, 7°, wordt vervangen als volgt :
« 7° de ontzettingen uit de ouderlijke macht en herstel ervan, de « 7° de ontzettingen uit de ouderlijke macht en herstel ervan, de
maatregelen uitgesproken ten aanzien van minderjarigen opgesomd in maatregelen uitgesproken ten aanzien van minderjarigen opgesomd in
artikel 63 van de wet van 8 april 1965 betreffende de artikel 63 van de wet van 8 april 1965 betreffende de
jeugdbescherming, het ten laste nemen van minderjarigen die een als jeugdbescherming, het ten laste nemen van minderjarigen die een als
misdrijf omschreven feit hebben gepleegd en het herstel van de door misdrijf omschreven feit hebben gepleegd en het herstel van de door
dit feit veroorzaakte schade, alsook opheffingen of wijzigingen van dit feit veroorzaakte schade, alsook opheffingen of wijzigingen van
die maatregelen die met toepassing van artikel 60 van dezelfde wet die maatregelen die met toepassing van artikel 60 van dezelfde wet
door de jeugdrechtbank worden uitgesproken; »; door de jeugdrechtbank worden uitgesproken; »;
2° het eerste lid wordt aangevuld als volgt : 2° het eerste lid wordt aangevuld als volgt :
« 17° de veroordelingen met eenvoudige schuldigverklaring uitgesproken « 17° de veroordelingen met eenvoudige schuldigverklaring uitgesproken
met toepassing van artikel 21ter van de wet van 17 april 1878, met toepassing van artikel 21ter van de wet van 17 april 1878,
houdende de voorafgaande titel van het Wetboek van strafvordering; houdende de voorafgaande titel van het Wetboek van strafvordering;
18° het in artikel 35, § 1, tweede lid, van de wet van 20 juli 1990 18° het in artikel 35, § 1, tweede lid, van de wet van 20 juli 1990
betreffende de voorlopige hechtenis bedoelde verbod, wanneer het betreffende de voorlopige hechtenis bedoelde verbod, wanneer het
personen betreft die geen woon- of verblijfplaats in België hebben. » personen betreft die geen woon- of verblijfplaats in België hebben. »

Art. 3.In artikel 593 van hetzelfde Wetboek, hersteld bij de wet van

Art. 3.In artikel 593 van hetzelfde Wetboek, hersteld bij de wet van

8 augustus 1997 en gewijzigd bij de wet van 21 juni 2004, worden de 8 augustus 1997 en gewijzigd bij de wet van 21 juni 2004, worden de
volgende wijzigingen aangebracht : volgende wijzigingen aangebracht :
1° in het eerste lid, worden de woorden « de rechters en de assessoren 1° in het eerste lid, worden de woorden « de rechters en de assessoren
van de strafuitvoeringsrechtbanken, » na de woorden « de van de strafuitvoeringsrechtbanken, » na de woorden « de
onderzoeksrechters, » ingevoegd; onderzoeksrechters, » ingevoegd;
2° in het eerste lid, worden de woorden « niveau 1 » vervangen door de 2° in het eerste lid, worden de woorden « niveau 1 » vervangen door de
woorden « niveau A »; woorden « niveau A »;
3° het tweede lid wordt vervangen als volgt : 3° het tweede lid wordt vervangen als volgt :
« De in het eerste lid bedoelde magistraten van het openbaar « De in het eerste lid bedoelde magistraten van het openbaar
ministerie, onderzoeksrechters, rechters en assessoren van de ministerie, onderzoeksrechters, rechters en assessoren van de
strafuitvoeringsrechtbanken, en ambtenaren van niveau A, kunnen deze strafuitvoeringsrechtbanken, en ambtenaren van niveau A, kunnen deze
bevoegdheid overdragen aan één of meer schriftelijk en bij naam bevoegdheid overdragen aan één of meer schriftelijk en bij naam
aangewezen personen die onder hun gezag ressorteren. » aangewezen personen die onder hun gezag ressorteren. »

Art. 4.In artikel 594, tweede lid, van hetzelfde Wetboek, hersteld

Art. 4.In artikel 594, tweede lid, van hetzelfde Wetboek, hersteld

bij de wet van 8 augustus 1997, worden de volgende wijzigingen bij de wet van 8 augustus 1997, worden de volgende wijzigingen
aangebracht : aangebracht :
1° de woorden « , tot veroordelingen bij eenvoudige schuldigverklaring 1° de woorden « , tot veroordelingen bij eenvoudige schuldigverklaring
» worden ingevoegd tussen de woorden « tot gevangenisstraf van ten » worden ingevoegd tussen de woorden « tot gevangenisstraf van ten
hoogste zes maanden » en de woorden « tot geldboete van ten hoogste hoogste zes maanden » en de woorden « tot geldboete van ten hoogste
500 frank »; 500 frank »;
2° de woorden « 500 frank » worden vervangen door de woorden « 500 2° de woorden « 500 frank » worden vervangen door de woorden « 500
euro ». euro ».

Art. 5.In artikel 595, tweede lid, van hetzelfde Wetboek, hersteld

Art. 5.In artikel 595, tweede lid, van hetzelfde Wetboek, hersteld

bij de wet van 8 augustus 1997, worden de volgende wijzigingen bij de wet van 8 augustus 1997, worden de volgende wijzigingen
aangebracht : aangebracht :
1° de woorden « , veroordelingen bij eenvoudige schuldigverklaring, en 1° de woorden « , veroordelingen bij eenvoudige schuldigverklaring, en
veroordelingen » worden ingevoegd tussen de woorden « tot veroordelingen » worden ingevoegd tussen de woorden « tot
gevangenisstraf van ten hoogste zes maanden » en de woorden « tot gevangenisstraf van ten hoogste zes maanden » en de woorden « tot
geldboete van ten hoogste 500 frank »; geldboete van ten hoogste 500 frank »;
2° de woorden « 500 frank » worden vervangen door de woorden « 500 2° de woorden « 500 frank » worden vervangen door de woorden « 500
euro ». euro ».

Art. 6.In artikel 596 van hetzelfde Wetboek, hersteld bij de wet van

Art. 6.In artikel 596 van hetzelfde Wetboek, hersteld bij de wet van

8 augustus 1997, worden de volgende wijzigingen aangebracht : 8 augustus 1997, worden de volgende wijzigingen aangebracht :
1° het tweede lid wordt vervangen als volgt : 1° het tweede lid wordt vervangen als volgt :
« Wanneer het uittreksel wordt aangevraagd ten einde toegang te « Wanneer het uittreksel wordt aangevraagd ten einde toegang te
krijgen tot een activiteit die onder opvoeding, psycho-medisch-sociale krijgen tot een activiteit die onder opvoeding, psycho-medisch-sociale
begeleiding, hulpverlening aan de jeugd, kinderbescherming, animatie begeleiding, hulpverlening aan de jeugd, kinderbescherming, animatie
of begeleiding van minderjarigen valt, vermeldt het uittreksel behalve of begeleiding van minderjarigen valt, vermeldt het uittreksel behalve
de veroordelingen en de beslissingen bedoeld in het eerste lid, ook de de veroordelingen en de beslissingen bedoeld in het eerste lid, ook de
veroordelingen bedoeld in artikel 590, eerste lid, 1° en 17°, en de veroordelingen bedoeld in artikel 590, eerste lid, 1° en 17°, en de
beslissingen bedoeld in artikel 590, eerste lid, 2°, 4°, 5° en 16°, beslissingen bedoeld in artikel 590, eerste lid, 2°, 4°, 5° en 16°,
voor feiten gepleegd ten aanzien van een minderjarige en voor zover voor feiten gepleegd ten aanzien van een minderjarige en voor zover
dit een constitutief element van de inbreuk is of de straf verzwaart. dit een constitutief element van de inbreuk is of de straf verzwaart.
De gemeentelijke administratie vermeldt bovendien of de betrokkene het De gemeentelijke administratie vermeldt bovendien of de betrokkene het
voorwerp uitmaakt van een verbod om een activiteit uit te oefenen die voorwerp uitmaakt van een verbod om een activiteit uit te oefenen die
hem in contact zou brengen met minderjarigen, uitgesproken door een hem in contact zou brengen met minderjarigen, uitgesproken door een
rechter of een onderzoeksgerecht met toepassing van artikel 35, § 1, rechter of een onderzoeksgerecht met toepassing van artikel 35, § 1,
tweede lid, van de wet van 20 juli 1990 betreffende de voorlopige tweede lid, van de wet van 20 juli 1990 betreffende de voorlopige
hechtenis. Het verbod dient op het uittreksel te worden vermeld tot op hechtenis. Het verbod dient op het uittreksel te worden vermeld tot op
het moment dat de daarop volgende rechterlijke uitspraak kracht van het moment dat de daarop volgende rechterlijke uitspraak kracht van
gewijsde heeft verkregen. Teneinde deze informatie te verkrijgen, gewijsde heeft verkregen. Teneinde deze informatie te verkrijgen,
wendt de gemeentelijke administratie zich tot de lokale politiedienst. wendt de gemeentelijke administratie zich tot de lokale politiedienst.
»; »;
2° het artikel wordt aangevuld met een lid, luidende : 2° het artikel wordt aangevuld met een lid, luidende :
« Het in het tweede lid bedoelde uittreksel mag niet worden afgeleverd « Het in het tweede lid bedoelde uittreksel mag niet worden afgeleverd
aan een persoon die zich in voorlopige hechtenis bevindt. » aan een persoon die zich in voorlopige hechtenis bevindt. »
HOOFDSTUK 3. - Wijziging van de wet van 8 augustus 1997 betreffende HOOFDSTUK 3. - Wijziging van de wet van 8 augustus 1997 betreffende
het Centraal Strafregister het Centraal Strafregister

Art. 7.Artikel 29 van de wet van 8 augustus 1997 betreffende het

Art. 7.Artikel 29 van de wet van 8 augustus 1997 betreffende het

Centraal Strafregister wordt opgeheven. Centraal Strafregister wordt opgeheven.
HOOFDSTUK 4. - Wijzigingen van de wet van 20 juli 1990 betreffende de HOOFDSTUK 4. - Wijzigingen van de wet van 20 juli 1990 betreffende de
voorlopige hechtenis voorlopige hechtenis

Art. 8.In artikel 35, § 1, van de wet van 20 juli 1990 betreffende de

Art. 8.In artikel 35, § 1, van de wet van 20 juli 1990 betreffende de

voorlopige hechtenis, gewijzigd bij de wet van 27 december 2006, wordt voorlopige hechtenis, gewijzigd bij de wet van 27 december 2006, wordt
tussen het eerste en het tweede lid een lid ingevoegd, luidende : tussen het eerste en het tweede lid een lid ingevoegd, luidende :
« Hij kan de betrokkene verbieden om een activiteit uit te oefenen « Hij kan de betrokkene verbieden om een activiteit uit te oefenen
waarbij hij in contact zou komen met minderjarigen. » waarbij hij in contact zou komen met minderjarigen. »

Art. 9.Artikel 37 van dezelfde wet wordt aangevuld met een lid,

Art. 9.Artikel 37 van dezelfde wet wordt aangevuld met een lid,

luidende : luidende :
« De beslissingen genomen met toepassing van artikel 35, § 1, tweede « De beslissingen genomen met toepassing van artikel 35, § 1, tweede
lid, alsook de beslissingen tot intrekking, wijziging of verlenging lid, alsook de beslissingen tot intrekking, wijziging of verlenging
van deze beslissingen worden overgezonden aan de politiedienst van de van deze beslissingen worden overgezonden aan de politiedienst van de
gemeente waar de betrokkene zijn woon- of verblijfplaats heeft. gemeente waar de betrokkene zijn woon- of verblijfplaats heeft.
Wanneer de betrokkene geen woon- of verblijfplaats in België heeft, Wanneer de betrokkene geen woon- of verblijfplaats in België heeft,
wordt deze informatie overgezonden aan het Centraal Strafregister. » wordt deze informatie overgezonden aan het Centraal Strafregister. »
HOOFDSTUK 5. - Overgangsbepaling en inwerkingtreding HOOFDSTUK 5. - Overgangsbepaling en inwerkingtreding

Art. 10.Tot 31 december 2012, en in afwijking van de artikelen 595 en

Art. 10.Tot 31 december 2012, en in afwijking van de artikelen 595 en

596 van het Wetboek van strafvordering geven de gemeentelijke 596 van het Wetboek van strafvordering geven de gemeentelijke
administraties de uittreksels uit het strafregister af op basis van de administraties de uittreksels uit het strafregister af op basis van de
in de gemeentelijke strafregisters opgenomen gegevens. in de gemeentelijke strafregisters opgenomen gegevens.
Daartoe zenden de griffiers aan de gemeentelijke administratie van de Daartoe zenden de griffiers aan de gemeentelijke administratie van de
woon- of verblijfplaats van de persoon die het voorwerp heeft woon- of verblijfplaats van de persoon die het voorwerp heeft
uitgemaakt van de beslissing eveneens de opschortingen over van de uitgemaakt van de beslissing eveneens de opschortingen over van de
uitspraak van de veroordeling alsmede de tegen hem uitgesproken uitspraak van de veroordeling alsmede de tegen hem uitgesproken
eenvoudige schuldigverklaringen. eenvoudige schuldigverklaringen.

Art. 11.Deze wet heeft uitwerking met ingang van 30 juni 2009.

Art. 11.Deze wet heeft uitwerking met ingang van 30 juni 2009.

Kondigen deze wet af, bevelen dat zij met 's Lands zegel zal worden Kondigen deze wet af, bevelen dat zij met 's Lands zegel zal worden
bekleed en door het Belgisch Staatsblad zal worden bekendgemaakt. bekleed en door het Belgisch Staatsblad zal worden bekendgemaakt.
Gegeven te Trapani, 31 juli 2009. Gegeven te Trapani, 31 juli 2009.
ALBERT ALBERT
Van Koningswege : Van Koningswege :
De Minister van Justitie, De Minister van Justitie,
S. DE CLERCQ S. DE CLERCQ
Met 's Lands zegel gezegeld : Met 's Lands zegel gezegeld :
De Minister van Justitie, De Minister van Justitie,
S. DE CLERCQ S. DE CLERCQ
_______ _______
Nota Nota
(1) Sessie : 2008/2009. (1) Sessie : 2008/2009.
Kamer van volksvertegenwoordigers. Kamer van volksvertegenwoordigers.
Parlementaire documenten. - Wetsontwerp, nr. 1997/1. - Amendementen, Parlementaire documenten. - Wetsontwerp, nr. 1997/1. - Amendementen,
nr. 1997/2. - Verslag, nr. 1997/3. - Tekst aangenomen door de nr. 1997/2. - Verslag, nr. 1997/3. - Tekst aangenomen door de
commissie voor de Justitie, nr. 1997/4. - Amendement aangenomen in commissie voor de Justitie, nr. 1997/4. - Amendement aangenomen in
plenaire vergadering, n° 1997/5. - Tekst aangenomen in plenaire plenaire vergadering, n° 1997/5. - Tekst aangenomen in plenaire
vergadering en overgezonden aan de Senaat, 1997/6. Parlementaire vergadering en overgezonden aan de Senaat, 1997/6. Parlementaire
handelingen. 25 en 2 juni 2009. handelingen. 25 en 2 juni 2009.
Senaat. Senaat.
Parlementaire documenten. - Ontwerp overgezonden door de Kamer van Parlementaire documenten. - Ontwerp overgezonden door de Kamer van
volksvertegenwoordigers, nr. 4-1387/1. - Amendementen, nr. 4-1387/2. - volksvertegenwoordigers, nr. 4-1387/1. - Amendementen, nr. 4-1387/2. -
Verslag namens de commissie voor de Justitie, nr. 4-1387/3. - Tekst Verslag namens de commissie voor de Justitie, nr. 4-1387/3. - Tekst
verbeterd door de commissie van Justitie, nr. 4-1387/4. Beslissing om verbeterd door de commissie van Justitie, nr. 4-1387/4. Beslissing om
niet te amenderen, nr. 4-1387/5. Senaat handelingen. 15 en 16 juli niet te amenderen, nr. 4-1387/5. Senaat handelingen. 15 en 16 juli
2009. 2009.
^