Etaamb.openjustice.be
Meertalige weergave van Decreet van 28/11/2002
← Terug naar "Decreet houdende goedkeuring van het Samenwerkingsakkoord van 7 december 2001 tussen de Federale Staat, de Gewesten en de Duitstalige Gemeenschap betreffende de ontwikkeling van buurtdiensten en -banen "
Decreet houdende goedkeuring van het Samenwerkingsakkoord van 7 december 2001 tussen de Federale Staat, de Gewesten en de Duitstalige Gemeenschap betreffende de ontwikkeling van buurtdiensten en -banen Decreet houdende goedkeuring van het Samenwerkingsakkoord van 7 december 2001 tussen de Federale Staat, de Gewesten en de Duitstalige Gemeenschap betreffende de ontwikkeling van buurtdiensten en -banen
MINISTERIE VAN HET WAALSE GEWEST MINISTERIE VAN HET WAALSE GEWEST
28 NOVEMBER 2002. - Decreet houdende goedkeuring van het 28 NOVEMBER 2002. - Decreet houdende goedkeuring van het
Samenwerkingsakkoord van 7 december 2001 tussen de Federale Staat, de Samenwerkingsakkoord van 7 december 2001 tussen de Federale Staat, de
Gewesten en de Duitstalige Gemeenschap betreffende de ontwikkeling van Gewesten en de Duitstalige Gemeenschap betreffende de ontwikkeling van
buurtdiensten en -banen (1) buurtdiensten en -banen (1)
De Waalse Gewestraad heeft aangenomen en Wij, Regering, bekrachtigen De Waalse Gewestraad heeft aangenomen en Wij, Regering, bekrachtigen
hetgeen volgt : hetgeen volgt :

Artikel 1.Dit decreet regelt een materie bedoeld in artikel 39 van de

Artikel 1.Dit decreet regelt een materie bedoeld in artikel 39 van de

Grondwet. Grondwet.

Art. 2.Het Samenwerkingsakkoord van 7 december 2001 tussen de

Art. 2.Het Samenwerkingsakkoord van 7 december 2001 tussen de

Federale Staat, de Gewesten en de Duitstalige Gemeenschap betreffende Federale Staat, de Gewesten en de Duitstalige Gemeenschap betreffende
de ontwikkeling van buurtdiensten en -banen wordt goedgekeurd. de ontwikkeling van buurtdiensten en -banen wordt goedgekeurd.
Kondigen dit decreet af, bevelen dat het in het Belgisch Staatsblad Kondigen dit decreet af, bevelen dat het in het Belgisch Staatsblad
zal worden bekendgemaakt. zal worden bekendgemaakt.
Namen, 28 november 2002. Namen, 28 november 2002.
De Minister-President, De Minister-President,
J.-Cl. VAN CAUWENBERGHE J.-Cl. VAN CAUWENBERGHE
De Minister van Economie, K.M.O.'s, Onderzoek en Nieuwe Technologieën, De Minister van Economie, K.M.O.'s, Onderzoek en Nieuwe Technologieën,
S. KUBLA S. KUBLA
De Minister van Vervoer, Mobiliteit en Energie, De Minister van Vervoer, Mobiliteit en Energie,
J. DARAS J. DARAS
De Minister van Begroting, Huisvesting, Uitrusting en Openbare Werken, De Minister van Begroting, Huisvesting, Uitrusting en Openbare Werken,
M. DAERDEN M. DAERDEN
De Minister van Ruimtelijke Ordening, Stedenbouw en Leefmilieu, De Minister van Ruimtelijke Ordening, Stedenbouw en Leefmilieu,
M. FORET M. FORET
De Minister van Landbouw en Landelijke Aangelegenheden, De Minister van Landbouw en Landelijke Aangelegenheden,
J. HAPPART J. HAPPART
De Minister van Binnenlandse Aangelegenheden en Ambtenarenzaken, De Minister van Binnenlandse Aangelegenheden en Ambtenarenzaken,
Ch. MICHEL Ch. MICHEL
De Minister van Sociale Aangelegenheden en Gezondheid, De Minister van Sociale Aangelegenheden en Gezondheid,
T. DETIENNE T. DETIENNE
De Minister van Tewerkstelling en Vorming, De Minister van Tewerkstelling en Vorming,
Mevr. M. ARENA Mevr. M. ARENA
_______ _______
Nota Nota
(1) Zitting 2002-2003 (1) Zitting 2002-2003
Stukken van de Raad 391 (2001-2002) Nrs. 1 en 2 Stukken van de Raad 391 (2001-2002) Nrs. 1 en 2
Volledig verslag , openbare vergadering van 20 november 2002 Volledig verslag , openbare vergadering van 20 november 2002
Bespreking - Stemming. Bespreking - Stemming.
Samenwerkingsakkoord tussen de Federale Staat, de Gewesten en de Samenwerkingsakkoord tussen de Federale Staat, de Gewesten en de
Duitstalige Gemeenschap Duitstalige Gemeenschap
betreffende de ontwikkeling van buurtdiensten en -banen betreffende de ontwikkeling van buurtdiensten en -banen
Gelet op de artikelen 1, 39 en 134 van de Grondwet; Gelet op de artikelen 1, 39 en 134 van de Grondwet;
Gelet op de bijzondere wet van 8 augustus 1980 tot hervorming der Gelet op de bijzondere wet van 8 augustus 1980 tot hervorming der
instellingen, inzonderheid op de artikelen 6 en 92bis, §1, gewijzigd instellingen, inzonderheid op de artikelen 6 en 92bis, §1, gewijzigd
bij de wet van 8 augustus 1988; bij de wet van 8 augustus 1988;
Gelet op de bijzondere wet van 12 januari 1989 met betrekking tot de Gelet op de bijzondere wet van 12 januari 1989 met betrekking tot de
Brusselse Instellingen, inzonderheid op artikel 42; Brusselse Instellingen, inzonderheid op artikel 42;
Gelet op de wet van 31 december 1983 tot hervorming der instellingen Gelet op de wet van 31 december 1983 tot hervorming der instellingen
voor de Duitstalige Gemeenschap, gewijzigd bij de wet van 18 juli voor de Duitstalige Gemeenschap, gewijzigd bij de wet van 18 juli
1990, inzonderheid op artikel 55bis ; 1990, inzonderheid op artikel 55bis ;
Gelet op de wet van 20 juli 2001 tot bevordering van de buurtdiensten Gelet op de wet van 20 juli 2001 tot bevordering van de buurtdiensten
en -banen; en -banen;
Overwegende dat het noodzakelijk is dat tussen de Federale Staat, de Overwegende dat het noodzakelijk is dat tussen de Federale Staat, de
Gewesten en de Duitse Gemeenschap een Samenwerkingsakkoord wordt Gewesten en de Duitse Gemeenschap een Samenwerkingsakkoord wordt
gesloten over de buurtdiensten en -banen om zo doeltreffend mogelijk gesloten over de buurtdiensten en -banen om zo doeltreffend mogelijk
banen te scheppen die verbonden zijn aan deze werken en diensten; banen te scheppen die verbonden zijn aan deze werken en diensten;
inzonderheid ten voordele van de werkzoekenden die ingeschreven zijn inzonderheid ten voordele van de werkzoekenden die ingeschreven zijn
in de Plaatselijke Werkgelegenheidsagentschappen. in de Plaatselijke Werkgelegenheidsagentschappen.
Overwegende dat de contracterende partijen het aan de oppervlakte Overwegende dat de contracterende partijen het aan de oppervlakte
brengen van bezoldigde banen willen ondersteunen en banen willen brengen van bezoldigde banen willen ondersteunen en banen willen
sheppen in het bijzonder voor de werklozen die op dit ogenblik sheppen in het bijzonder voor de werklozen die op dit ogenblik
ingeschreven zijn bij de Plaatselijke Werkgelegenheidsagentschappen; ingeschreven zijn bij de Plaatselijke Werkgelegenheidsagentschappen;
Onverwegende dat de Plaatselijke Werkgelegenheidsagentchappen Onverwegende dat de Plaatselijke Werkgelegenheidsagentchappen
inderdaad, in tegenstelling tot de banen die gecreeerd worden via de inderdaad, in tegenstelling tot de banen die gecreeerd worden via de
dienstencheques, geen arbeidsovereenkomsten volgens de wet van 3 juli dienstencheques, geen arbeidsovereenkomsten volgens de wet van 3 juli
1978 bieden en de betrokken dienstverleners gelijkgestellen met 1978 bieden en de betrokken dienstverleners gelijkgestellen met
werklozen voor al wat geen betrekking heeft op hun PWA-prestaties; werklozen voor al wat geen betrekking heeft op hun PWA-prestaties;
Overwegende dat via dit stelsel de gebruikers zullen kunnen genieten Overwegende dat via dit stelsel de gebruikers zullen kunnen genieten
van een aanbod van diensten die op een professionele manier worden van een aanbod van diensten die op een professionele manier worden
geleverd door bezoldigde werknemers; geleverd door bezoldigde werknemers;
De Federale Staat, vertegenwoordigd door de Vice-Eerste Minister en De Federale Staat, vertegenwoordigd door de Vice-Eerste Minister en
Minister van Werkgelegenheid; Minister van Werkgelegenheid;
Het Vlaamse Gewest, vertegenwoordigd door zijn Regering, in de persoon Het Vlaamse Gewest, vertegenwoordigd door zijn Regering, in de persoon
van de Minister-President en van de Vlaamse Minister van van de Minister-President en van de Vlaamse Minister van
Werkgelegenheid en Toerisme; Werkgelegenheid en Toerisme;
Het Waalse Gewest, vertegenwoordigd door zijn Regering, in de persoon Het Waalse Gewest, vertegenwoordigd door zijn Regering, in de persoon
van de Minister-President en van de Waalse Minister van van de Minister-President en van de Waalse Minister van
Werkgelegenheid en Vorming; Werkgelegenheid en Vorming;
Het Brussels Hoofdstedelijk Gewest, vertegenwoordigd door zijn Het Brussels Hoofdstedelijk Gewest, vertegenwoordigd door zijn
Regering, in de persoon van de Minister-President en van de Minister Regering, in de persoon van de Minister-President en van de Minister
van Werkgelegenheid, Economie, Energie en Huisvesting; van Werkgelegenheid, Economie, Energie en Huisvesting;
De Duitstalige Gemeenschap, vertegenwoordigd door haar Regering, in de De Duitstalige Gemeenschap, vertegenwoordigd door haar Regering, in de
persoon van de Minister President en Minister van Werkgelegenheid, persoon van de Minister President en Minister van Werkgelegenheid,
Gehandicaptenbeleid, Media en Sport, Gehandicaptenbeleid, Media en Sport,
Kwamen het volgende overeen : Kwamen het volgende overeen :

Artikel 1.De contracterende partijen verbinden zich ertoe, elk binnen

Artikel 1.De contracterende partijen verbinden zich ertoe, elk binnen

hun bevoegdheid, de nodige maatregelen te nemen voor de goede werking hun bevoegdheid, de nodige maatregelen te nemen voor de goede werking
van een stelsel dat de ontwikkeling van buurtdiensten en -banen van een stelsel dat de ontwikkeling van buurtdiensten en -banen
mogelijk maakt door middel van dienstencheques. mogelijk maakt door middel van dienstencheques.

Art. 2.De Gewesten en de Duitstalige Gemeenschap erkennen de

Art. 2.De Gewesten en de Duitstalige Gemeenschap erkennen de

ondernemingen die buurtwerken of -diensten mogen uitoefenen die ondernemingen die buurtwerken of -diensten mogen uitoefenen die
vergoed zullen worden door middel van een dienstencheque. vergoed zullen worden door middel van een dienstencheque.
Deze erkenning gaat uit van de bevoegdheden van de Gewesten en de Deze erkenning gaat uit van de bevoegdheden van de Gewesten en de
Duitstalige Gemeenschap op het vlak van werkgelegenheid en economisch Duitstalige Gemeenschap op het vlak van werkgelegenheid en economisch
en financieel beleid. en financieel beleid.
De erkenning gebeurt na advies van een erkenningscommissie waarvan de De erkenning gebeurt na advies van een erkenningscommissie waarvan de
samenstelling zal bepaald worden in overleg met de sociale partners. samenstelling zal bepaald worden in overleg met de sociale partners.
Wat de diensten van bijstand aan personen betreft, moet er voorafgaand Wat de diensten van bijstand aan personen betreft, moet er voorafgaand
aan de erkenning door het Gewest een erkenning verleend worden door de aan de erkenning door het Gewest een erkenning verleend worden door de
bevoegde overheid voor wat betreft het aspect van de kwaliteit en de bevoegde overheid voor wat betreft het aspect van de kwaliteit en de
veiligheid van de geleverde diensten, in overeenstemming met het veiligheid van de geleverde diensten, in overeenstemming met het
tweede lid van artikel 2, 6°, van de wet. tweede lid van artikel 2, 6°, van de wet.
De erkenningen gebeuren door de Gewesten en de Duitstalige Gemeenschap De erkenningen gebeuren door de Gewesten en de Duitstalige Gemeenschap
rekening houdend met de criteria die werden vastgelegd in de wet tot rekening houdend met de criteria die werden vastgelegd in de wet tot
bevordering van buurtdiensten en -banen, inzonderheid het feit dat het bevordering van buurtdiensten en -banen, inzonderheid het feit dat het
moet gaan om minstens halftijdse banen en om nieuwe economische moet gaan om minstens halftijdse banen en om nieuwe economische
activiteiten. activiteiten.

Art. 3.Om erkend te worden, mogen de ondernemingen, op het ogenblik

Art. 3.Om erkend te worden, mogen de ondernemingen, op het ogenblik

van hun aanvraag, geen achterstallige belastingen verschuldigd zijn van hun aanvraag, geen achterstallige belastingen verschuldigd zijn
noch achterstallige bijdragen te innen door de Rijkdienst voor Sociale noch achterstallige bijdragen te innen door de Rijkdienst voor Sociale
Zekerheid of door of voor rekening van fondsen voor bestaanszekerheid; Zekerheid of door of voor rekening van fondsen voor bestaanszekerheid;
de bedragen waarvoor een aflossingsplan werd opgesteld dat wordt de bedragen waarvoor een aflossingsplan werd opgesteld dat wordt
geëerbiedigd, worden niet als achterstallen beschouwd. geëerbiedigd, worden niet als achterstallen beschouwd.
Daarnaast moeten de handelsvennootschappen voldoen aan de volgende Daarnaast moeten de handelsvennootschappen voldoen aan de volgende
bijkomende voorwaarden : bijkomende voorwaarden :
1° niet in staat van faillissement verkeren; 1° niet in staat van faillissement verkeren;
2° onder de bestuurders, zaakvoerders, lasthebbers of personen bevoegd 2° onder de bestuurders, zaakvoerders, lasthebbers of personen bevoegd
om de vennootschap te verbinden, geen personen hebben aan wie het om de vennootschap te verbinden, geen personen hebben aan wie het
uitoefenen van dergelijke functies verboden is krachtens het uitoefenen van dergelijke functies verboden is krachtens het
koninklijk besluit nr. 22 van 24 oktober 1934 betreffende het koninklijk besluit nr. 22 van 24 oktober 1934 betreffende het
rechterlijk verbod aan bepaalde veroordeelden en gefailleerden om rechterlijk verbod aan bepaalde veroordeelden en gefailleerden om
bepaalde ambten, beroepen of werkzaamheden uit te oefenen; bepaalde ambten, beroepen of werkzaamheden uit te oefenen;
3° onder de bestuurders, zaakvoerders, lasthebbers of personen bevoegd 3° onder de bestuurders, zaakvoerders, lasthebbers of personen bevoegd
om de vennootschap te verbinden, geen personen hebben die, tijdens de om de vennootschap te verbinden, geen personen hebben die, tijdens de
periode van vijf jaar voorafgaand aan de aanvraag tot erkenning, periode van vijf jaar voorafgaand aan de aanvraag tot erkenning,
aansprakelijk gesteld zijn voor de verbintenissen of schulden van een aansprakelijk gesteld zijn voor de verbintenissen of schulden van een
gefailleerde vennootschap met toepassing van de artikelen 35, 6°, gefailleerde vennootschap met toepassing van de artikelen 35, 6°,
63ter , 123, tweede lid, 7° of 133bis , van de gecoördineerde wetten 63ter , 123, tweede lid, 7° of 133bis , van de gecoördineerde wetten
op de handelsvennootschappen. op de handelsvennootschappen.

Art. 4.Het uitgiftebedrijf wordt gekozen door de Rijksdienst voor

Art. 4.Het uitgiftebedrijf wordt gekozen door de Rijksdienst voor

Arbeidsvoorziening na offerteaanvraag. De Gewesten en de Duitstalige Arbeidsvoorziening na offerteaanvraag. De Gewesten en de Duitstalige
Gemeenschap verbinden zich ertoe deze keuze te eerbiedigen en de Gemeenschap verbinden zich ertoe deze keuze te eerbiedigen en de
praktische modaliteiten van de met deze onderneming gesloten praktische modaliteiten van de met deze onderneming gesloten
overeenkomst te goeder trouw uit te voeren. overeenkomst te goeder trouw uit te voeren.

Art. 5.De Gewesten en de Duitstalige Gemeenschap verbinden zich ertoe

Art. 5.De Gewesten en de Duitstalige Gemeenschap verbinden zich ertoe

aan het uitgiftebedrijf een financiële tegemoetkoming per gepresteerd aan het uitgiftebedrijf een financiële tegemoetkoming per gepresteerd
uur ten voordele van de gebruikers die gevestigd zijn op hun uur ten voordele van de gebruikers die gevestigd zijn op hun
respectieve grondgebieden over te maken op grond van de respectieve grondgebieden over te maken op grond van de
dienstencheques die door deze onderneming gevalideerd werden en aan de dienstencheques die door deze onderneming gevalideerd werden en aan de
door hen erkende ondernemingen bezorgd werden. door hen erkende ondernemingen bezorgd werden.
Op grond hiervan verbindt de Federale Staat zich ertoe een Op grond hiervan verbindt de Federale Staat zich ertoe een
gelijkwaardig bedrag over te maken aan het uitgiftebedrijf. gelijkwaardig bedrag over te maken aan het uitgiftebedrijf.
De Gewesten en de Duitstalige Gemeenschap verbinden zich ertoe de De Gewesten en de Duitstalige Gemeenschap verbinden zich ertoe de
limieten te respecteren van de begrotingen die zijn vastgesteld in limieten te respecteren van de begrotingen die zijn vastgesteld in
artikel 6 van dit Samenwerkingsakkoord, voor de begrotingen 2001 en artikel 6 van dit Samenwerkingsakkoord, voor de begrotingen 2001 en
2002. 2002.

Art. 6.Om de betaling van de in artikel 5 bedoelde financiële

Art. 6.Om de betaling van de in artikel 5 bedoelde financiële

tegemoetkoming te garanderen : tegemoetkoming te garanderen :
- verbindt het Vlaamse Gewest zich ertoe 560 miljoen BEF per jaar te - verbindt het Vlaamse Gewest zich ertoe 560 miljoen BEF per jaar te
bestemmen; bestemmen;
- verbindt het Waalse Gewest zich ertoe 330 miljoen BEF per jaar te - verbindt het Waalse Gewest zich ertoe 330 miljoen BEF per jaar te
bestemmen; bestemmen;
- verbindt het Brussels Hoofdstedelijk Gewest zich ertoe 100 miljoen - verbindt het Brussels Hoofdstedelijk Gewest zich ertoe 100 miljoen
BEF per jaar te bestemmen; BEF per jaar te bestemmen;
- verbindt de Duitstalige Gemeenschap zich ertoe 10 miljoen BEF per - verbindt de Duitstalige Gemeenschap zich ertoe 10 miljoen BEF per
jaar te bestemmen, jaar te bestemmen,
in functie van de dienstencheques die door de gebruikers die gevestigd in functie van de dienstencheques die door de gebruikers die gevestigd
zijn op hun grondgebied bezorgd werden. zijn op hun grondgebied bezorgd werden.
De Federale Staat verbindt zich ertoe 1 miljard BEF per jaar over te De Federale Staat verbindt zich ertoe 1 miljard BEF per jaar over te
maken volgens dezelfde verdeelsleutel in functie van de gebruikte maken volgens dezelfde verdeelsleutel in functie van de gebruikte
dienstencheques. dienstencheques.
De bedragen bedoeld in de vorige alinea's zijn niet aftrekbaar van de De bedragen bedoeld in de vorige alinea's zijn niet aftrekbaar van de
budgetten die huidig besteed worden aan de werkgelegenheidsbeleiden. budgetten die huidig besteed worden aan de werkgelegenheidsbeleiden.

Art. 7.De Gewesten en de Duitstalige Gemeenschap bepalen bij

Art. 7.De Gewesten en de Duitstalige Gemeenschap bepalen bij

samenwerkingsakkoord de voorwaarden en de procedure voor de erkenning samenwerkingsakkoord de voorwaarden en de procedure voor de erkenning
van de ondernemingen. van de ondernemingen.

Art. 8.De Gewesten en de Duitstalige Gemeenschap verbinden zich ertoe

Art. 8.De Gewesten en de Duitstalige Gemeenschap verbinden zich ertoe

aan elkaar de redenen mee te delen van de intrekking van de erkenning aan elkaar de redenen mee te delen van de intrekking van de erkenning
van ondernemingen van ondernemingen
De Federale Staat (Rijksdienst voor Arbeidsvoorziening) verbindt zich De Federale Staat (Rijksdienst voor Arbeidsvoorziening) verbindt zich
ertoe de Gewesten en de Duitstalige Gemeenschap op de hoogte te ertoe de Gewesten en de Duitstalige Gemeenschap op de hoogte te
brengen van de misbruiken die hij zou vaststellen in het kader van de brengen van de misbruiken die hij zou vaststellen in het kader van de
controlebevoegdheden waarover hij beschikt. controlebevoegdheden waarover hij beschikt.
Het bevoegde Gewest of de bevoegde Gemeenschap verbindt zich ertoe in Het bevoegde Gewest of de bevoegde Gemeenschap verbindt zich ertoe in
dat geval maatregelen te nemen met het oog op het onderzoek van een dat geval maatregelen te nemen met het oog op het onderzoek van een
eventuele intrekking van de erkenning van de betrokken onderneming eventuele intrekking van de erkenning van de betrokken onderneming
In het geval van terugvorderingen van ten onrechte toegekende In het geval van terugvorderingen van ten onrechte toegekende
tegemoetkomingen, verbindt de partij bij dit samenwerkingsakkoord die tegemoetkomingen, verbindt de partij bij dit samenwerkingsakkoord die
het initiatief neemt voor de terugvorderingsprocedure zich ertoe om, het initiatief neemt voor de terugvorderingsprocedure zich ertoe om,
voor zover mogelijk, de terugvordering te organiseren van de gehele voor zover mogelijk, de terugvordering te organiseren van de gehele
tegemoetkoming en om de helft ervan door te storten aan de andere tegemoetkoming en om de helft ervan door te storten aan de andere
partij. partij.

Art. 9.De Gewesten en de Duitstalige Gemeenschap kunnen in het kader

Art. 9.De Gewesten en de Duitstalige Gemeenschap kunnen in het kader

van dit Samenwerkingsakkoord kiezen voor welke activiteiten, die zij van dit Samenwerkingsakkoord kiezen voor welke activiteiten, die zij
selecteren binnen de in artikel 2, 3°, van de wet bepaalde buurtwerken selecteren binnen de in artikel 2, 3°, van de wet bepaalde buurtwerken
of -diensten, zij een tegemoetkoming verlenen; zij kunnen de doelgroep of -diensten, zij een tegemoetkoming verlenen; zij kunnen de doelgroep
van de maatregel bepalen alsmede de typen van ondernemingen die kunnen van de maatregel bepalen alsmede de typen van ondernemingen die kunnen
erkend worden. erkend worden.

Art. 10.Dit samenwerkingsakkoord mag geen aanleiding geven tot

Art. 10.Dit samenwerkingsakkoord mag geen aanleiding geven tot

vermindering van de recurrente financiële steun en/of recurrente vermindering van de recurrente financiële steun en/of recurrente
toelagen die op dit ogenblik worden toegekend voor de in dit akkoord toelagen die op dit ogenblik worden toegekend voor de in dit akkoord
beoogde activiteiten. beoogde activiteiten.

Art. 11.De financiële tegemoetkoming van elke partij bij dit

Art. 11.De financiële tegemoetkoming van elke partij bij dit

Samenwerkingsakkoord mag worden voorgesteld als openbare Samenwerkingsakkoord mag worden voorgesteld als openbare
co-financiering in het kader van de Europese Fondsen. co-financiering in het kader van de Europese Fondsen.

Art. 12.De koninklijke besluiten ter uitvoering van de wet tot

Art. 12.De koninklijke besluiten ter uitvoering van de wet tot

bevordering van buurtdiensten en -banen zullen het voorwerp uitmaken bevordering van buurtdiensten en -banen zullen het voorwerp uitmaken
van een voorafgaandelijk bespreking tussen de Federale Staat, de van een voorafgaandelijk bespreking tussen de Federale Staat, de
Gewesten en de Duitstalige Gemeenschap. Gewesten en de Duitstalige Gemeenschap.

Art. 13.De ondertekenende partijen zullen een gemeenschappelijk

Art. 13.De ondertekenende partijen zullen een gemeenschappelijk

monitoringsysteem opzetten teneinde te kunnen vaststellen of het monitoringsysteem opzetten teneinde te kunnen vaststellen of het
totaal aantal toegekende uren het voor het begrotingsjaar vastgestelde totaal aantal toegekende uren het voor het begrotingsjaar vastgestelde
bedrag niet overschrijdt. bedrag niet overschrijdt.

Art. 14.Een kwalitatieve en kwantitatieve evaluatie van het bepaalde

Art. 14.Een kwalitatieve en kwantitatieve evaluatie van het bepaalde

van dit akkoord zal uitgevoerd worden met de bedoeling om de aandacht van dit akkoord zal uitgevoerd worden met de bedoeling om de aandacht
te vestigen op de gevolgen, in het bijzonder met betrekking tot de te vestigen op de gevolgen, in het bijzonder met betrekking tot de
arbeidsplaatsen en het budgetaire, met inbegrip van de bruto- en de arbeidsplaatsen en het budgetaire, met inbegrip van de bruto- en de
nettokosten voor elk van de partijen. De evaluatie zal in het nettokosten voor elk van de partijen. De evaluatie zal in het
bijzonder oog hebben voor de financiële gevolgen voor de openbare bijzonder oog hebben voor de financiële gevolgen voor de openbare
financiën van de Federale Staat, de Gewesten en de Duitstalige financiën van de Federale Staat, de Gewesten en de Duitstalige
Gemeenschap en met name voor de BTW-ontvangsten, de ontvangsten van de Gemeenschap en met name voor de BTW-ontvangsten, de ontvangsten van de
personenbelasting, de ontvangsten van de vennootschapsbelasting, de personenbelasting, de ontvangsten van de vennootschapsbelasting, de
ontvangsten en de uitgaven inzake R.S.Z. en werkloosheidsuitkeringen. ontvangsten en de uitgaven inzake R.S.Z. en werkloosheidsuitkeringen.
De ontvangsten en uitgaven die voor elk van de partijen voortvloeien De ontvangsten en uitgaven die voor elk van de partijen voortvloeien
uit de werking van dit stelsel, zullen in rekening gebracht worden in uit de werking van dit stelsel, zullen in rekening gebracht worden in
de aan te wenden begroting in de daaropvolgende jaren. de aan te wenden begroting in de daaropvolgende jaren.
Op basis van deze evaluatie, zal dit samenwerkingsakkoord opnieuw Op basis van deze evaluatie, zal dit samenwerkingsakkoord opnieuw
onderzocht worden één jaar na zijn inwerkingtreding om indien nodig onderzocht worden één jaar na zijn inwerkingtreding om indien nodig
bepaalde aspecten te herbekijken, in het bijzonder de bijdragen van bepaalde aspecten te herbekijken, in het bijzonder de bijdragen van
elk van de partijen. elk van de partijen.
De ondertekenende partijen zullen het Planbureau vragen om deze De ondertekenende partijen zullen het Planbureau vragen om deze
evaluatie uit te voeren. evaluatie uit te voeren.

Art. 15.Dit samenwerkingsakkoord treedt in werking op het ogenblik

Art. 15.Dit samenwerkingsakkoord treedt in werking op het ogenblik

waarop de Gewestelijke Parlementen en de Raad van de Duitstalige waarop de Gewestelijke Parlementen en de Raad van de Duitstalige
Gemeenschap het bekrachtigd hebben. Gemeenschap het bekrachtigd hebben.
Gedaan te .........., op ................., in ..... originele Gedaan te .........., op ................., in ..... originele
exemplaren (Nederlands, Frans en Duits). exemplaren (Nederlands, Frans en Duits).
Voor de Federale Staat : Voor de Federale Staat :
De Minister van Werkgelegenheid, De Minister van Werkgelegenheid,
Mevr. L. ONKELINX Mevr. L. ONKELINX
Voor het Brussels Hoofdstedelijk Gewest : Voor het Brussels Hoofdstedelijk Gewest :
De Minister-Voorzitter, De Minister-Voorzitter,
F.-X. de DONNEA F.-X. de DONNEA
De Minister van Tewerkstelling, Economie, Energie en Huisvesting, De Minister van Tewerkstelling, Economie, Energie en Huisvesting,
E. TOMAS E. TOMAS
Voor het Waalse Gewest : Voor het Waalse Gewest :
De Minister-President : De Minister-President :
J.-Cl. VANCAUWENBERGHE J.-Cl. VANCAUWENBERGHE
De Minister van Tewerkstelling en Vorming, De Minister van Tewerkstelling en Vorming,
Mevr. M. ARENA Mevr. M. ARENA
Voor de Vlaamse Gewest : Voor de Vlaamse Gewest :
De Minister-President, De Minister-President,
P. DEWAEL P. DEWAEL
De Minister van Werkgelegenheid en Toerisme, De Minister van Werkgelegenheid en Toerisme,
R. LANDUYT R. LANDUYT
Voor de Duitstallige Gemeenschap : Voor de Duitstallige Gemeenschap :
De Minister-President van de Duitstalige Gemeenschapsregering De Minister-President van de Duitstalige Gemeenschapsregering
en Minister van Werkgelegenheid, Gehandicaptenbeleid, Media en Sport, en Minister van Werkgelegenheid, Gehandicaptenbeleid, Media en Sport,
K.-H. LAMBERTZ K.-H. LAMBERTZ
^