Decreet betreffende de vakantiecentra | Decreet betreffende de vakantiecentra |
---|---|
MINISTERIE VAN DE FRANSE GEMEENSCHAP | MINISTERIE VAN DE FRANSE GEMEENSCHAP |
17 MEI 1999. - Decreet betreffende de vakantiecentra (1) | 17 MEI 1999. - Decreet betreffende de vakantiecentra (1) |
De Raad van de Franse Gemeenschap heeft aangenomen en Wij, Regering, | De Raad van de Franse Gemeenschap heeft aangenomen en Wij, Regering, |
bekrachtigen hetgeen volgt : | bekrachtigen hetgeen volgt : |
Artikel 1.Dit decreet bepaalt de algemene voorwaarden voor de |
Artikel 1.Dit decreet bepaalt de algemene voorwaarden voor de |
erkenning van de vakantiecentra, de voorwaarden voor de toekenning van | erkenning van de vakantiecentra, de voorwaarden voor de toekenning van |
toelagen aan de erkende vakantiecentra, alsook de kwalificatienormen | toelagen aan de erkende vakantiecentra, alsook de kwalificatienormen |
voor het personeel van die centra. | voor het personeel van die centra. |
Geen enkele organisator van kinderactiviteiten mag de benaming van | Geen enkele organisator van kinderactiviteiten mag de benaming van |
vakantiecentrum erkend door de Franse Gemeenschap voeren of op om het | vakantiecentrum erkend door de Franse Gemeenschap voeren of op om het |
even welke manier zinspelen op de Franse Gemeenschap indien hij op | even welke manier zinspelen op de Franse Gemeenschap indien hij op |
voorhand niet werd erkend in toepassing van dit decreet. | voorhand niet werd erkend in toepassing van dit decreet. |
Art. 2.Voor de toepassing van dit decreet moet worden verstaan onder |
Art. 2.Voor de toepassing van dit decreet moet worden verstaan onder |
vakantiecentrum : | vakantiecentrum : |
1° de vakantiespeelpleinen die niet-residentiële onthaaldiensten voor | 1° de vakantiespeelpleinen die niet-residentiële onthaaldiensten voor |
kinderen zijn, zonder verplicht te zijn zich aan te sluiten; | kinderen zijn, zonder verplicht te zijn zich aan te sluiten; |
2° de vakantieverblijven die residentiële onthaaldiensten voor | 2° de vakantieverblijven die residentiële onthaaldiensten voor |
kinderen zijn; | kinderen zijn; |
3° de vakantiekampen die residentiële onthaaldiensten voor kinderen | 3° de vakantiekampen die residentiële onthaaldiensten voor kinderen |
zijn, georganiseerd door jeugdbewegingen erkend in het kader van het | zijn, georganiseerd door jeugdbewegingen erkend in het kader van het |
decreet van 20 juni 1980 houdende vaststelling van de voorwaarden voor | decreet van 20 juni 1980 houdende vaststelling van de voorwaarden voor |
de erkenning en de toekenning van toelagen aan de jeugdorganisaties. | de erkenning en de toekenning van toelagen aan de jeugdorganisaties. |
Art. 3.De vakantiecentra hebben als opdracht bij te dragen tot de |
Art. 3.De vakantiecentra hebben als opdracht bij te dragen tot de |
begeleiding, de opvoeding en de ontwikkeling van de kinderen tijdens | begeleiding, de opvoeding en de ontwikkeling van de kinderen tijdens |
de periodes van schoolverlof. | de periodes van schoolverlof. |
Zij hebben onder andere als doelstellingen de bevordering van : | Zij hebben onder andere als doelstellingen de bevordering van : |
1° de lichamelijke ontwikkeling van het kind volgens zijn capaciteiten | 1° de lichamelijke ontwikkeling van het kind volgens zijn capaciteiten |
door de beoefening van sport, spelen of activiteiten in open lucht; | door de beoefening van sport, spelen of activiteiten in open lucht; |
2° de creativiteit van het kind, zijn toegang tot en zijn initiatie in | 2° de creativiteit van het kind, zijn toegang tot en zijn initiatie in |
de cultuur in de verschillende dimensies, door gevarieerde | de cultuur in de verschillende dimensies, door gevarieerde |
activiteiten op het gebied van animatie, expressie, creatie en | activiteiten op het gebied van animatie, expressie, creatie en |
communicatie; | communicatie; |
3° de sociale integratie van het kind, met inachtneming van de | 3° de sociale integratie van het kind, met inachtneming van de |
verschillen, in een geest van samenwerking en in een pluriculturele | verschillen, in een geest van samenwerking en in een pluriculturele |
benadering; | benadering; |
4° het aanleren van de zin voor burgerschap en participatie. | 4° het aanleren van de zin voor burgerschap en participatie. |
Art. 4.De vakantiecentra worden georganiseerd tijdens een |
Art. 4.De vakantiecentra worden georganiseerd tijdens een |
schoolverlof van ten minste twee opeenvolgende weken. | schoolverlof van ten minste twee opeenvolgende weken. |
Art. 5.§ 1. In de vakantiecentra worden de jongeren door geschoold |
Art. 5.§ 1. In de vakantiecentra worden de jongeren door geschoold |
personeel begeleid. | personeel begeleid. |
Onder geschoold personeel wordt verstaan : | Onder geschoold personeel wordt verstaan : |
1° de gebrevetteerde animator van ten minste zeventien jaar, houder | 1° de gebrevetteerde animator van ten minste zeventien jaar, houder |
van een titel uitgereikt op basis van de verworvenheid van een | van een titel uitgereikt op basis van de verworvenheid van een |
theoretische opleiding van honderd vijftig uren en een nuttige | theoretische opleiding van honderd vijftig uren en een nuttige |
ervaring van honderd vijftig uren prestaties in een vakantiecentrum; | ervaring van honderd vijftig uren prestaties in een vakantiecentrum; |
2° de coördinator die de gebrevetteerde animator is van ten minste | 2° de coördinator die de gebrevetteerde animator is van ten minste |
achttien jaar en die houder is van een titel behaald op basis van de | achttien jaar en die houder is van een titel behaald op basis van de |
verworvenheid van en theoretische opleiding van honerd vijftig uren en | verworvenheid van en theoretische opleiding van honerd vijftig uren en |
een nuttige ervaring van tweehonderd vijftig uren prestaties in een | een nuttige ervaring van tweehonderd vijftig uren prestaties in een |
vakantiecentrum; | vakantiecentrum; |
3° de geschoolde verantwoordelijke die de gebrevetteerde animator is | 3° de geschoolde verantwoordelijke die de gebrevetteerde animator is |
van ten minste achttien jaar aangesteld door de instanties van een | van ten minste achttien jaar aangesteld door de instanties van een |
jeugdorganisatie erkend door de Franse Gemeenschap en die kan bewijzen | jeugdorganisatie erkend door de Franse Gemeenschap en die kan bewijzen |
dat hij een ervaring heeft opgedaan van ten minste een jaar animatie, | dat hij een ervaring heeft opgedaan van ten minste een jaar animatie, |
die later werd verworven dan de titel van gebrevetteerde animator. | die later werd verworven dan de titel van gebrevetteerde animator. |
§ 2. De Regering bepaalt de inhoud van de opleidingen die onder meer | § 2. De Regering bepaalt de inhoud van de opleidingen die onder meer |
betrekking hebben op de volgende leerstoffen : expressie, | betrekking hebben op de volgende leerstoffen : expressie, |
creativiteit, welzijn van het kind, eerste zorgverleningen, | creativiteit, welzijn van het kind, eerste zorgverleningen, |
mishandeling van kinderen, actieve opvoedingsmethodes, organisatie van | mishandeling van kinderen, actieve opvoedingsmethodes, organisatie van |
activiteiten, communicatie, psychologie van het kind en de teenager, | activiteiten, communicatie, psychologie van het kind en de teenager, |
beheer van een groep, culturele ontwikkeling. | beheer van een groep, culturele ontwikkeling. |
§ 3. Worden gelijkgesteld met het geschoold personeel bedoeld bij § 1, | § 3. Worden gelijkgesteld met het geschoold personeel bedoeld bij § 1, |
1° de personen die het bewijs leveren van een nuttige ervaring bedoeld | 1° de personen die het bewijs leveren van een nuttige ervaring bedoeld |
bij hetzelfde lid en die houder zijn van een van de volgende titels : | bij hetzelfde lid en die houder zijn van een van de volgende titels : |
- een diploma of een eindejaarsgetuigschrift met sociale of | - een diploma of een eindejaarsgetuigschrift met sociale of |
pedagogische oriëntatie, ten minste van het niveau van het hoger | pedagogische oriëntatie, ten minste van het niveau van het hoger |
secundair technisch onderwijs voor sociale promotie; | secundair technisch onderwijs voor sociale promotie; |
- een diploma of een eindejaarsgetuigschrift van het niveau van het | - een diploma of een eindejaarsgetuigschrift van het niveau van het |
sociaal, pedagogisch hoger onderwijs in lichamelijke opvoeding van ten | sociaal, pedagogisch hoger onderwijs in lichamelijke opvoeding van ten |
minste het korte type, met volledig leerplan of voor sociale promotie; | minste het korte type, met volledig leerplan of voor sociale promotie; |
- een brevet van instructeur in lichamelijke opvoeding, sport en | - een brevet van instructeur in lichamelijke opvoeding, sport en |
openluchtleven uitgereikt door de hoofddirectie van de | openluchtleven uitgereikt door de hoofddirectie van de |
jeugdorganisaties en de organisaties voor volwassenen volgens de | jeugdorganisaties en de organisaties voor volwassenen volgens de |
criteria van het ministerieel besluit van 20 mei 1976; | criteria van het ministerieel besluit van 20 mei 1976; |
- een brevet van monitor of trainer uitgereikt door het bestuur voor | - een brevet van monitor of trainer uitgereikt door het bestuur voor |
lichamelijke opvoeding, sport en openluchtleven. | lichamelijke opvoeding, sport en openluchtleven. |
§ 4. Worden gelijkgesteld met het geschoold personeel bedoeld bij § 1, | § 4. Worden gelijkgesteld met het geschoold personeel bedoeld bij § 1, |
2° de personen die het bewijs leveren de nuttige ervaring te hebben | 2° de personen die het bewijs leveren de nuttige ervaring te hebben |
opgedaan bedoeld bij hetzelfde lid en die houder zijn van een diploma | opgedaan bedoeld bij hetzelfde lid en die houder zijn van een diploma |
of een eindejaarsgetuigschrift van het niveau van het hoger sociaal of | of een eindejaarsgetuigschrift van het niveau van het hoger sociaal of |
pedagogisch onderwijs van ten minste het korte type, met volledig | pedagogisch onderwijs van ten minste het korte type, met volledig |
leerplan of voor sociale promotie. | leerplan of voor sociale promotie. |
§ 5. Worden gelijkgesteld met het geschoold personeel bedoeld bij § 1, | § 5. Worden gelijkgesteld met het geschoold personeel bedoeld bij § 1, |
1° voor de begeleiding van de kinderen van zes jaar en minder, de | 1° voor de begeleiding van de kinderen van zes jaar en minder, de |
personen die het bewijs leveren van de nuttige ervaring bedoeld bij | personen die het bewijs leveren van de nuttige ervaring bedoeld bij |
hetzelfde lid en die houder zijn van een diploma of een | hetzelfde lid en die houder zijn van een diploma of een |
eindejaarsgetuigschrift van kinderverzorgster. | eindejaarsgetuigschrift van kinderverzorgster. |
Art. 6.Iedere persoon die verzocht wordt zijn medewerking te verlenen |
Art. 6.Iedere persoon die verzocht wordt zijn medewerking te verlenen |
inzake begeleiding van een vakantiecentrum moet een goed zedelijk | inzake begeleiding van een vakantiecentrum moet een goed zedelijk |
gedrag hebben en moet er bewijs van kunnen leveren indien zij achttien | gedrag hebben en moet er bewijs van kunnen leveren indien zij achttien |
jaar oud en meer is. | jaar oud en meer is. |
Art. 7.Om erkend te worden moet de organisator van een |
Art. 7.Om erkend te worden moet de organisator van een |
vakantiecentrum aan de volgende voorwaarden voldoen : | vakantiecentrum aan de volgende voorwaarden voldoen : |
1° zich verbinden ten minste 15 kinderen tussen 30 maanden en 15 jaar | 1° zich verbinden ten minste 15 kinderen tussen 30 maanden en 15 jaar |
op te nemen; | op te nemen; |
2° de ideologische, filosofische of politieke overtuigingen van de | 2° de ideologische, filosofische of politieke overtuigingen van de |
kinderen of de ouders te respecteren; | kinderen of de ouders te respecteren; |
3° een pedagogisch project te bepalen dat beantwoordt aan de | 3° een pedagogisch project te bepalen dat beantwoordt aan de |
opdrachten bedoeld bij artikel 3 en dat de nagestreefde | opdrachten bedoeld bij artikel 3 en dat de nagestreefde |
doelstellingen, de methodes en de uitgewerkte middelen bepaalt. dit | doelstellingen, de methodes en de uitgewerkte middelen bepaalt. dit |
project houdt rekening met de socio-culturele componenten van de | project houdt rekening met de socio-culturele componenten van de |
maatschappij; | maatschappij; |
4° een openbare macht zijn of opgericht zijn als vereniging zonder | 4° een openbare macht zijn of opgericht zijn als vereniging zonder |
winstoogmerk of in een andere verenigingsvorm die de jacht op | winstoogmerk of in een andere verenigingsvorm die de jacht op |
materieel voordeel uitsluit; | materieel voordeel uitsluit; |
5° over een vaste of beweegbare infrastructuur beschikken, die | 5° over een vaste of beweegbare infrastructuur beschikken, die |
angepast is en die voldoende zekerheid biedt inzake hygiëne en | angepast is en die voldoende zekerheid biedt inzake hygiëne en |
veiligheid; | veiligheid; |
6° zich ertoe verbinden door verzekeringspolissen de dekking te | 6° zich ertoe verbinden door verzekeringspolissen de dekking te |
garanderen van : | garanderen van : |
a) zijn wettelijke aansprakelijkheid. Deze polis moet de schade dekken | a) zijn wettelijke aansprakelijkheid. Deze polis moet de schade dekken |
veroorzaakt door het persoonlijk gedrag van de verzoeker alsook door | veroorzaakt door het persoonlijk gedrag van de verzoeker alsook door |
de personen en goederen waarvoor hij verantwoordelijk is; | de personen en goederen waarvoor hij verantwoordelijk is; |
b) de persoonlijke wettelijke aansprakelijkheid van de kinderen en de | b) de persoonlijke wettelijke aansprakelijkheid van de kinderen en de |
jongeren die deelnemen aan de activiteiten van het vakantiecentrum; | jongeren die deelnemen aan de activiteiten van het vakantiecentrum; |
c) de lijfschade berokkend aan de kinderen die ten laste worden | c) de lijfschade berokkend aan de kinderen die ten laste worden |
genomen ofwel door het gedrag van andere kinderen die aan de | genomen ofwel door het gedrag van andere kinderen die aan de |
activiteiten van het vakantiecentrum deelnemen, ofwel door een feit | activiteiten van het vakantiecentrum deelnemen, ofwel door een feit |
waarvoor geen verantwoordelijkheid in zijn hoofde is; | waarvoor geen verantwoordelijkheid in zijn hoofde is; |
7° zich ertoe verbinden zich te onderwerpen aan de inspectie | 7° zich ertoe verbinden zich te onderwerpen aan de inspectie |
georganiseerd door de Regering; | georganiseerd door de Regering; |
8° een huishoudelijk reglement opstellen en het naleven dat de | 8° een huishoudelijk reglement opstellen en het naleven dat de |
praktische maatregelen bepaalt inzake werking, organisatie, beheer van | praktische maatregelen bepaalt inzake werking, organisatie, beheer van |
het human resource management, samenwerking met de verschillende | het human resource management, samenwerking met de verschillende |
partners en de ouders. Het vakantiecentrum licht de ouders of de | partners en de ouders. Het vakantiecentrum licht de ouders of de |
personen die het ouderlijk gezag uitoefenen in over de inhoud van dit | personen die het ouderlijk gezag uitoefenen in over de inhoud van dit |
reglement; | reglement; |
9° zich ertoe verplichten een begeleiding te verzekeren warvan de | 9° zich ertoe verplichten een begeleiding te verzekeren warvan de |
minimale normen de volgende zijn : | minimale normen de volgende zijn : |
a) een coördinator voor de speelpleinen en de vakantieverblijven en | a) een coördinator voor de speelpleinen en de vakantieverblijven en |
een geschoolde verantwoordelijke of een coördinator voor de | een geschoolde verantwoordelijke of een coördinator voor de |
vakantiekampen. | vakantiekampen. |
b) een animator per groep van acht kinderen indien een of meer | b) een animator per groep van acht kinderen indien een of meer |
kinderen minder dan zes jaar oud zijn; | kinderen minder dan zes jaar oud zijn; |
c) een animator per groep van twaalf kinderen van meer dan zes jaar; | c) een animator per groep van twaalf kinderen van meer dan zes jaar; |
d) ten minste een animator op de drie moet houder zijn van het brevet | d) ten minste een animator op de drie moet houder zijn van het brevet |
bedoeld bij artikel 5, § 1, 1°. | bedoeld bij artikel 5, § 1, 1°. |
Art. 8.De erkenning kan ingetrokken worden aan de organisator die |
Art. 8.De erkenning kan ingetrokken worden aan de organisator die |
niet beantwoordt aan de vereiste voorwaarden voor de erkenning of die | niet beantwoordt aan de vereiste voorwaarden voor de erkenning of die |
zich niet meer schikt naar de verplichtingen die hem ten laste vallen. | zich niet meer schikt naar de verplichtingen die hem ten laste vallen. |
Art. 9.De Regering bepaalt de procedure voor de toekenning of de |
Art. 9.De Regering bepaalt de procedure voor de toekenning of de |
intrekking van de erkenning. Zij beslist over de aanvragen tot | intrekking van de erkenning. Zij beslist over de aanvragen tot |
erkenning of over de intrekkingen van de erkenning. Deze erkenning | erkenning of over de intrekkingen van de erkenning. Deze erkenning |
wordt toegekend voor een hernieuwbare periode van 3 burgerlijke jaren. | wordt toegekend voor een hernieuwbare periode van 3 burgerlijke jaren. |
De Regering bepaalt de beroepsprocedure tegen de beslissingen tot | De Regering bepaalt de beroepsprocedure tegen de beslissingen tot |
weigering of intrekking van de erkenning. | weigering of intrekking van de erkenning. |
Art. 10.Toelagen kunnen toegekend worden aan een organisator erkend |
Art. 10.Toelagen kunnen toegekend worden aan een organisator erkend |
krachtens artikel 7, die aan de volgende voorwaarden beantwoordt : | krachtens artikel 7, die aan de volgende voorwaarden beantwoordt : |
1° een werking waarborgen ten minste : | 1° een werking waarborgen ten minste : |
a) voor de vakantiepleinen gedurende drie periodes van vijf werkdagen, | a) voor de vakantiepleinen gedurende drie periodes van vijf werkdagen, |
waarvan ten minste twee opeenvolgende dagen gedurende het zomerverlof | waarvan ten minste twee opeenvolgende dagen gedurende het zomerverlof |
en ten minste zeven uren per dag; | en ten minste zeven uren per dag; |
b) voor de vakantieverblijven en de vakantiekampen, gedurende een | b) voor de vakantieverblijven en de vakantiekampen, gedurende een |
periode van tien opeenvolgende dagen waaronder acht dagen tijdens het | periode van tien opeenvolgende dagen waaronder acht dagen tijdens het |
schoolverlof in de zomer of van zes opeenvolgende dagen waaronder vier | schoolverlof in de zomer of van zes opeenvolgende dagen waaronder vier |
volle dagen tijdens de andere periodes van het schoolverlof. De | volle dagen tijdens de andere periodes van het schoolverlof. De |
periode van tien opeenvolgende dagen kan herleid worden tot zeven | periode van tien opeenvolgende dagen kan herleid worden tot zeven |
opeenvolgende dagen waaronder vijf volle dagen tijdens het zomerverlof | opeenvolgende dagen waaronder vijf volle dagen tijdens het zomerverlof |
wanneer de betrokken kinderen minder dan acht jaar oud zijn. | wanneer de betrokken kinderen minder dan acht jaar oud zijn. |
2° de nodige schikkingen treffen opdat de opvang van de kinderen niet | 2° de nodige schikkingen treffen opdat de opvang van de kinderen niet |
zou verhinderd worden door het bedrag van de financiële bijdrage die | zou verhinderd worden door het bedrag van de financiële bijdrage die |
eventueel door de ouders verschuldigd is. | eventueel door de ouders verschuldigd is. |
Art. 11.§ 1. Bepaalde toelagen waarvan het bedrag door de Regering is |
Art. 11.§ 1. Bepaalde toelagen waarvan het bedrag door de Regering is |
vastgesteld, zijn bestemd voor de betaling van een dagvergoeding | vastgesteld, zijn bestemd voor de betaling van een dagvergoeding |
toegekend aan de gebrevetteerde animators en aan de coördinators | toegekend aan de gebrevetteerde animators en aan de coördinators |
bedoeld bij artikel 5. | bedoeld bij artikel 5. |
De begeleidingsnormen die in anmerking komen voor de berekening van | De begeleidingsnormen die in anmerking komen voor de berekening van |
die toelagen worden vastgesteld op basis van de minimale | die toelagen worden vastgesteld op basis van de minimale |
begeleidingsnormen bepaald bij artikel 7, 9°. | begeleidingsnormen bepaald bij artikel 7, 9°. |
§ 2. Onverminderd de bepalingen bepaald bij artikel 5, worden enkel in | § 2. Onverminderd de bepalingen bepaald bij artikel 5, worden enkel in |
aanmerking genomen voor de berekening van de in § 1 bedoelde toelagen; | aanmerking genomen voor de berekening van de in § 1 bedoelde toelagen; |
a) voor de vakantiepleinen en - verblijven : de gebrevetteerde | a) voor de vakantiepleinen en - verblijven : de gebrevetteerde |
animator die het bewijs levert ofwel de nuttige ervaring te bezitten | animator die het bewijs levert ofwel de nuttige ervaring te bezitten |
bedoeld bij artikel 5, waarvan ten minste de helft werd verworven in | bedoeld bij artikel 5, waarvan ten minste de helft werd verworven in |
een vakantieplein of - verblijf, ofwel een bijkomende ervaring van | een vakantieplein of - verblijf, ofwel een bijkomende ervaring van |
vijfenzeventig uren verworven in een vakantieplein of - verblijf | vijfenzeventig uren verworven in een vakantieplein of - verblijf |
indien hij de nuttige ervaring bedoeld bij artikel 5 in een | indien hij de nuttige ervaring bedoeld bij artikel 5 in een |
vakantiekamp heeft verworven; | vakantiekamp heeft verworven; |
b) voor de vakantiekampen : de gebrevetteerde animator die het bewijs | b) voor de vakantiekampen : de gebrevetteerde animator die het bewijs |
levert de nuttige ervaring te bezitten bedoeld bij artikel 5, waarvan | levert de nuttige ervaring te bezitten bedoeld bij artikel 5, waarvan |
ten minste de helft werd verworven in een vakantieplein; ofwel een | ten minste de helft werd verworven in een vakantieplein; ofwel een |
bijkomende nuttige ervaring van vijfenzeventig uren verworven in een | bijkomende nuttige ervaring van vijfenzeventig uren verworven in een |
vakantieplein indien hij de nuttige ervaring bedoeld bij artikel 5 in | vakantieplein indien hij de nuttige ervaring bedoeld bij artikel 5 in |
een vakantiekamp of -plein heeft verworen. | een vakantiekamp of -plein heeft verworen. |
Art. 12.Toelagen worden toegekend voor de werkingskosten van de |
Art. 12.Toelagen worden toegekend voor de werkingskosten van de |
vakantiecentra volgens de maatregelen bepaald door de Regering. Voor | vakantiecentra volgens de maatregelen bepaald door de Regering. Voor |
de berekening van die toelagen wordt er onder meer rekening gehouden | de berekening van die toelagen wordt er onder meer rekening gehouden |
met het aantal kinderen die in het vakantiecentrum worden opgenomen; | met het aantal kinderen die in het vakantiecentrum worden opgenomen; |
Art. 13.De toelagen worden gestort na de effectieve verwenzenlijking |
Art. 13.De toelagen worden gestort na de effectieve verwenzenlijking |
van de activiteiten. De provisionele toelage, gelijk aan maximum 50 % | van de activiteiten. De provisionele toelage, gelijk aan maximum 50 % |
van de toelage toegekend tijdens het vorig jaar, kan door de Regering | van de toelage toegekend tijdens het vorig jaar, kan door de Regering |
toegekend worden op basis van objectieve criteria. | toegekend worden op basis van objectieve criteria. |
Art. 14.De Regering bepaalt de bijzondere criteria voor de erkenning |
Art. 14.De Regering bepaalt de bijzondere criteria voor de erkenning |
en de betoelaging van de vakantiecentra die kinderen opvangen die uit | en de betoelaging van de vakantiecentra die kinderen opvangen die uit |
minder bedeelde milieus of zones komen. Die criteria houden onder meer | minder bedeelde milieus of zones komen. Die criteria houden onder meer |
rekening met het aantal deelnemers en en met hun leeftijd. | rekening met het aantal deelnemers en en met hun leeftijd. |
Art. 15.De Regering bepaalt de bijzondere criteria voor de erkenning |
Art. 15.De Regering bepaalt de bijzondere criteria voor de erkenning |
en de betoelaging van de vakantiecentra die ook gehandicapte kinderen | en de betoelaging van de vakantiecentra die ook gehandicapte kinderen |
integreren. Die criteria houden onder meer rekening met het aantal | integreren. Die criteria houden onder meer rekening met het aantal |
deelnemers en en met hun leeftijd. | deelnemers en en met hun leeftijd. |
Art. 15bis.De Regering bepaalt de bijzondere criteria voor de |
Art. 15bis.De Regering bepaalt de bijzondere criteria voor de |
erkenning en de betoelaging van de vakantiecentra georganiseerd voor | erkenning en de betoelaging van de vakantiecentra georganiseerd voor |
gehandicapte kinderen die aan gewone activiteiten niet kunnen | gehandicapte kinderen die aan gewone activiteiten niet kunnen |
deelnemen. | deelnemen. |
Art. 16.De Regering organiseert het toezicht op de vakantiecentra. |
Art. 16.De Regering organiseert het toezicht op de vakantiecentra. |
Art. 17.In afwijking van artikel 7, 9°, d) wordt de norm van een |
Art. 17.In afwijking van artikel 7, 9°, d) wordt de norm van een |
gebrevetteerde animator op drie herleid tot een gebrevetteerde | gebrevetteerde animator op drie herleid tot een gebrevetteerde |
animator op vier gedurende de eerste twee jaren die volgen op de | animator op vier gedurende de eerste twee jaren die volgen op de |
inwerkingtreding van de bepalingen waarvan sprake. | inwerkingtreding van de bepalingen waarvan sprake. |
Art. 18.De Regering bepaalt voor elke bepaling van dit decreet de |
Art. 18.De Regering bepaalt voor elke bepaling van dit decreet de |
datum van de inwerkingtreding van dit decreet. | datum van de inwerkingtreding van dit decreet. |
Kondigen dit decreet af, bevelen dat het in het Belgisch Staatsblad | Kondigen dit decreet af, bevelen dat het in het Belgisch Staatsblad |
zal worden bekendgemaakt. | zal worden bekendgemaakt. |
Brussel, 17 mei 1999. | Brussel, 17 mei 1999. |
De Minister-Voorzitster van de Regering van de Franse Gemeenschap, | De Minister-Voorzitster van de Regering van de Franse Gemeenschap, |
belast met het Onderwijs, de Audiovisuele sector, de Hulpverlening aan | belast met het Onderwijs, de Audiovisuele sector, de Hulpverlening aan |
de jeugd, het Kinderwelzijn en de Gezondheidspromotie, | de jeugd, het Kinderwelzijn en de Gezondheidspromotie, |
Mevr. L. ONKELINX | Mevr. L. ONKELINX |
De Minister van Hoger Onderwijs, Wetenschappelijk Onderzoek, Sport en | De Minister van Hoger Onderwijs, Wetenschappelijk Onderzoek, Sport en |
Internationale Betrekkingen, | Internationale Betrekkingen, |
W. ANCION | W. ANCION |
De Minister van Cultuur en Permanente Opvoeding, | De Minister van Cultuur en Permanente Opvoeding, |
C. PICQUE | C. PICQUE |
De Minister van Begroting, Financiën en Ambtenarenzaeken, | De Minister van Begroting, Financiën en Ambtenarenzaeken, |
J.-Cl. VAN CAUWENBERGHE | J.-Cl. VAN CAUWENBERGHE |