Decreet tot gedeeltelijke omzetting van richtlijn 2005/36/EG van het Europees Parlement en van de Raad van de Europese Unie van 7 september 2005 betreffende de erkenning van beroepskwalificaties, gewijzigd door richtlijn 2013/55/ UE van het Europees Parlement en de Raad van 20 november 2013 | Decreet tot gedeeltelijke omzetting van richtlijn 2005/36/EG van het Europees Parlement en van de Raad van de Europese Unie van 7 september 2005 betreffende de erkenning van beroepskwalificaties, gewijzigd door richtlijn 2013/55/ UE van het Europees Parlement en de Raad van 20 november 2013 |
---|---|
MINISTERIE VAN DE FRANSE GEMEENSCHAP | MINISTERIE VAN DE FRANSE GEMEENSCHAP |
14 MAART 2019. - Decreet tot gedeeltelijke omzetting van richtlijn | 14 MAART 2019. - Decreet tot gedeeltelijke omzetting van richtlijn |
2005/36/EG van het Europees Parlement en van de Raad van de Europese | 2005/36/EG van het Europees Parlement en van de Raad van de Europese |
Unie van 7 september 2005 betreffende de erkenning van | Unie van 7 september 2005 betreffende de erkenning van |
beroepskwalificaties, gewijzigd door richtlijn 2013/55/ UE van het | beroepskwalificaties, gewijzigd door richtlijn 2013/55/ UE van het |
Europees Parlement en de Raad van 20 november 2013 | Europees Parlement en de Raad van 20 november 2013 |
Het Parlement van de Franse gemeenschap heeft aangenomen en Wij, | Het Parlement van de Franse gemeenschap heeft aangenomen en Wij, |
Regering, bekrachtigen hetgeen volgt: | Regering, bekrachtigen hetgeen volgt: |
HOOFDSTUK I. - Algemene bepalingen | HOOFDSTUK I. - Algemene bepalingen |
Sectie I. - Doel | Sectie I. - Doel |
Artikel 1.Dit decreet voorziet in de gedeeltelijke omzetting van |
Artikel 1.Dit decreet voorziet in de gedeeltelijke omzetting van |
Richtlijn 2005/36/EG van het Europees Parlement en de Raad van de | Richtlijn 2005/36/EG van het Europees Parlement en de Raad van de |
Europese Unie van 7 september 2005 betreffende de erkenning van | Europese Unie van 7 september 2005 betreffende de erkenning van |
beroepskwalificaties, gewijzigd door Richtlijn 2013/55/EU van het | beroepskwalificaties, gewijzigd door Richtlijn 2013/55/EU van het |
Europees Parlement en van de Raad van 20 november 2013. Het stelt | Europees Parlement en van de Raad van 20 november 2013. Het stelt |
regels vast voor de aanvraag en afgifte van een Europese beroepskaart | regels vast voor de aanvraag en afgifte van een Europese beroepskaart |
en de gedeeltelijke toegang tot een gereglementeerd beroep, alsook | en de gedeeltelijke toegang tot een gereglementeerd beroep, alsook |
voor het waarschuwingsmechanisme. | voor het waarschuwingsmechanisme. |
Sectie II. - Definities | Sectie II. - Definities |
Art. 2.§ 1. In dit decreet wordt verstaan onder: |
Art. 2.§ 1. In dit decreet wordt verstaan onder: |
a) `gereglementeerd beroep': elk ambt van het onderwijzend personeel | a) `gereglementeerd beroep': elk ambt van het onderwijzend personeel |
dat uitgeoefend moet worden in de inrichtingen voor voorschools, lager | dat uitgeoefend moet worden in de inrichtingen voor voorschools, lager |
en secundair gewoon en gespecialiseerd onderwijs, kunstonderwijs, | en secundair gewoon en gespecialiseerd onderwijs, kunstonderwijs, |
onderwijs voor sociale promotie en niet universitair hoger onderwijs, | onderwijs voor sociale promotie en niet universitair hoger onderwijs, |
kunstsecundair onderwijs met beperkt leerplan van de Franse | kunstsecundair onderwijs met beperkt leerplan van de Franse |
Gemeenschap | Gemeenschap |
b) `beroepskwalificaties': de kwalificaties die worden gestaafd door | b) `beroepskwalificaties': de kwalificaties die worden gestaafd door |
een opleidingsbewijs, een bekwaamheidsattest, zoals bedoeld in artikel | een opleidingsbewijs, een bekwaamheidsattest, zoals bedoeld in artikel |
4, littera a), 1ste streepje van het decreet van 19 oktober 2017 | 4, littera a), 1ste streepje van het decreet van 19 oktober 2017 |
betreffende de erkenning van de beroepskwalificaties voor de | betreffende de erkenning van de beroepskwalificaties voor de |
uitoefening van ambten van het onderwijzend personeel in de | uitoefening van ambten van het onderwijzend personeel in de |
inrichtingen voor voorschools, lager en secundair gewoon en | inrichtingen voor voorschools, lager en secundair gewoon en |
gespecialiseerd onderwijs, kunstonderwijs, onderwijs voor sociale | gespecialiseerd onderwijs, kunstonderwijs, onderwijs voor sociale |
promotie en niet universitair hoger onderwijs, kunstsecundair | promotie en niet universitair hoger onderwijs, kunstsecundair |
onderwijs met beperkt leerplan van de Franse Gemeenschap en/of | onderwijs met beperkt leerplan van de Franse Gemeenschap en/of |
beroepservaring; | beroepservaring; |
c) `bevoegde overheid': ieder door de lidstaten gemachtigde overheid | c) `bevoegde overheid': ieder door de lidstaten gemachtigde overheid |
of instelling die met name bevoegd is opleidingsbewijzen en andere | of instelling die met name bevoegd is opleidingsbewijzen en andere |
documenten of informatie af te geven en te ontvangen, alsmede | documenten of informatie af te geven en te ontvangen, alsmede |
aanvragen te ontvangen en besluiten te nemen, zoals bedoeld in dit | aanvragen te ontvangen en besluiten te nemen, zoals bedoeld in dit |
decreet; | decreet; |
d) `Regeringsdienst': elke overheid of instantie van de algemene | d) `Regeringsdienst': elke overheid of instantie van de algemene |
administratie van het onderwijs die bevoegd is om een activiteit van | administratie van het onderwijs die bevoegd is om een activiteit van |
controle of reglementering van de toegang tot of uitoefening van een | controle of reglementering van de toegang tot of uitoefening van een |
beroep uit te oefenen. | beroep uit te oefenen. |
e) `lidstaat': lidstaat van de Europese Unie alsook IJsland, | e) `lidstaat': lidstaat van de Europese Unie alsook IJsland, |
Liechtenstein, Noorwegen en Zwitserland; | Liechtenstein, Noorwegen en Zwitserland; |
e) `aanvrager': houder van een in de Franse Gemeenschap van België | e) `aanvrager': houder van een in de Franse Gemeenschap van België |
verworven beroepskwalificatie voor het onderwijs; | verworven beroepskwalificatie voor het onderwijs; |
f) `Europese beroepskaart': een elektronisch getuigschrift waaruit | f) `Europese beroepskaart': een elektronisch getuigschrift waaruit |
blijkt dat het onderwijzend personeelslid voldoet aan alle voorwaarden | blijkt dat het onderwijzend personeelslid voldoet aan alle voorwaarden |
die nodig zijn om zijn diensten te verlenen in de Franse Gemeenschap | die nodig zijn om zijn diensten te verlenen in de Franse Gemeenschap |
van België; | van België; |
g) `IMI': het elektronische instrument dat door de Commissie ter | g) `IMI': het elektronische instrument dat door de Commissie ter |
beschikking wordt gesteld ter bevordering van de administratieve | beschikking wordt gesteld ter bevordering van de administratieve |
samenwerking tussen de bevoegde overheden van de lidstaten onderling | samenwerking tussen de bevoegde overheden van de lidstaten onderling |
en tussen de bevoegde overheden van de lidstaten en de Commissie; | en tussen de bevoegde overheden van de lidstaten en de Commissie; |
h) `waarschuwingsmechanisme': het mechanisme zoals bepaald in artikel | h) `waarschuwingsmechanisme': het mechanisme zoals bepaald in artikel |
56 bis, § 3, van Richtlijn 2005/36/EG | 56 bis, § 3, van Richtlijn 2005/36/EG |
j) `zware tuchtstraffen': sancties zwaarder dan de inhouding van | j) `zware tuchtstraffen': sancties zwaarder dan de inhouding van |
wedde, zoals vastgesteld binnen elk statuut van het onderwijs in de | wedde, zoals vastgesteld binnen elk statuut van het onderwijs in de |
Franse Gemeenschap, namelijk: | Franse Gemeenschap, namelijk: |
- het koninklijk besluit van 22 maart 1969 betreffende het statuut van | - het koninklijk besluit van 22 maart 1969 betreffende het statuut van |
de leden van het bestuurs- en onderwijzend personeel, van het | de leden van het bestuurs- en onderwijzend personeel, van het |
opvoedend hulppersoneel, van het paramedisch personeel der | opvoedend hulppersoneel, van het paramedisch personeel der |
inrichtingen voor kleuter-, lager, gespecialiseerd, secundair, | inrichtingen voor kleuter-, lager, gespecialiseerd, secundair, |
technisch onderwijs, onderwijs voor sociale promotie en kunstonderwijs | technisch onderwijs, onderwijs voor sociale promotie en kunstonderwijs |
van de Staat, alsmede der internaten die van deze inrichtingen | van de Staat, alsmede der internaten die van deze inrichtingen |
afhangen en van de leden van de inspectiedienst die belast is met het | afhangen en van de leden van de inspectiedienst die belast is met het |
toezicht op deze inrichtingen; | toezicht op deze inrichtingen; |
- koninklijk besluit van 25 oktober 1971 tot vaststelling van het | - koninklijk besluit van 25 oktober 1971 tot vaststelling van het |
statuut van de leermeesters, de leraars en de inspecteurs katholieke, | statuut van de leermeesters, de leraars en de inspecteurs katholieke, |
protestantse, Israëlitische, orthodoxe en islamitische godsdienst van | protestantse, Israëlitische, orthodoxe en islamitische godsdienst van |
de onderwijsinrichtingen van de Franse Gemeenschap | de onderwijsinrichtingen van de Franse Gemeenschap |
- het decreet van 1 februari 1993 houdende het statuut van de | - het decreet van 1 februari 1993 houdende het statuut van de |
gesubsidieerde personeelsleden van het gesubsidieerd vrij onderwijs; | gesubsidieerde personeelsleden van het gesubsidieerd vrij onderwijs; |
- het decreet van 6 juni 1994 houdende het statuut van de | - het decreet van 6 juni 1994 houdende het statuut van de |
gesubsidieerde personeelsleden van het gesubsidieerd officieel | gesubsidieerde personeelsleden van het gesubsidieerd officieel |
onderwijs; | onderwijs; |
- het decreet van 24 juli 1997 houdende het bestuurs- en onderwijzend | - het decreet van 24 juli 1997 houdende het bestuurs- en onderwijzend |
personeel en van het opvoedend hulppersoneel van de hogescholen | personeel en van het opvoedend hulppersoneel van de hogescholen |
ingericht of gesubsidieerd door de Franse Gemeenschap; | ingericht of gesubsidieerd door de Franse Gemeenschap; |
- het decreet van 20 december 2001 tot vaststelling van de regels die | - het decreet van 20 december 2001 tot vaststelling van de regels die |
specifiek zijn voor het hoger kunstonderwijs georganiseerd in de | specifiek zijn voor het hoger kunstonderwijs georganiseerd in de |
hogere kunstscholen (organisatie, financiering, omkadering, statuut | hogere kunstscholen (organisatie, financiering, omkadering, statuut |
van het personeel, rechten en plichten van studenten) | van het personeel, rechten en plichten van studenten) |
- het decreet van 10 maart 2006 betreffende de statuten van de | - het decreet van 10 maart 2006 betreffende de statuten van de |
leermeesters godsdienst en de leraars godsdienst. | leermeesters godsdienst en de leraars godsdienst. |
§ 2. Het gebruik in dit decreet van de mannelijke namen voor de | § 2. Het gebruik in dit decreet van de mannelijke namen voor de |
verschillende titels en ambten is gemeenslachtig met het oog op een | verschillende titels en ambten is gemeenslachtig met het oog op een |
betere leesbaarheid van de tekst, niettegenstaande de bepalingen van | betere leesbaarheid van de tekst, niettegenstaande de bepalingen van |
het decreet van 21 juni 1993 betreffende de vervrouwelijking van de | het decreet van 21 juni 1993 betreffende de vervrouwelijking van de |
namen van beroep, ambt, graad of titel. | namen van beroep, ambt, graad of titel. |
HOOFDSTUK II. - Uitgifte van de Europese beroepskaart | HOOFDSTUK II. - Uitgifte van de Europese beroepskaart |
Art. 3.§ 1. De houder van een in de Franse Gemeenschap van België |
Art. 3.§ 1. De houder van een in de Franse Gemeenschap van België |
behaalde beroepskwalificatie kan zijn aanvraag als leerkracht bij de | behaalde beroepskwalificatie kan zijn aanvraag als leerkracht bij de |
Regeringsdiensten indienen via de online-tool van de Europese | Regeringsdiensten indienen via de online-tool van de Europese |
Commissie, die automatisch een IMI-bestand voor de betrokken aanvrager | Commissie, die automatisch een IMI-bestand voor de betrokken aanvrager |
aanmaakt. | aanmaakt. |
§ 2. De aanvraag gaat vergezeld van de documenten die vereist zijn in | § 2. De aanvraag gaat vergezeld van de documenten die vereist zijn in |
de uitvoeringshandelingen die de Europese Commissie daartoe heeft | de uitvoeringshandelingen die de Europese Commissie daartoe heeft |
vastgesteld. | vastgesteld. |
§ 3. Binnen een termijn van een week na ontvangst van de aanvraag | § 3. Binnen een termijn van een week na ontvangst van de aanvraag |
bevestigen de Regeringsdiensten de ontvangst van de aanvraag en | bevestigen de Regeringsdiensten de ontvangst van de aanvraag en |
stellen zij de aanvrager in kennis van eventueel ontbrekende | stellen zij de aanvrager in kennis van eventueel ontbrekende |
documenten. | documenten. |
§ 4. Binnen een termijn van een maand controleren de Regeringsdiensten | § 4. Binnen een termijn van een maand controleren de Regeringsdiensten |
de authenticiteit en de geldigheid van de bewijsstukken in het | de authenticiteit en de geldigheid van de bewijsstukken in het |
IMI-bestand met het oog op de afgifte van een Europese beroepskaart | IMI-bestand met het oog op de afgifte van een Europese beroepskaart |
voor de instelling. Deze termijn vangt aan bij het verstrijken van de | voor de instelling. Deze termijn vangt aan bij het verstrijken van de |
in paragraaf 3 bedoelde termijn van één week indien geen aanvullende | in paragraaf 3 bedoelde termijn van één week indien geen aanvullende |
documenten zijn aangevraagd of na ontvangst van alle documenten indien | documenten zijn aangevraagd of na ontvangst van alle documenten indien |
een dergelijk verzoek is gedaan. Zij zendt het verzoek vervolgens | een dergelijk verzoek is gedaan. Zij zendt het verzoek vervolgens |
onverwijld door aan de bevoegde overheid van de ontvangende lidstaat. | onverwijld door aan de bevoegde overheid van de ontvangende lidstaat. |
De Regeringsdiensten stellen de aanvrager van de situatie van zijn | De Regeringsdiensten stellen de aanvrager van de situatie van zijn |
aanvraag in kennis op het moment dat hij deze naar de ontvangende | aanvraag in kennis op het moment dat hij deze naar de ontvangende |
lidstaat doorstuurt. | lidstaat doorstuurt. |
In geval van gegronde twijfels raadplegen de Regeringsdiensten de | In geval van gegronde twijfels raadplegen de Regeringsdiensten de |
instantie die de documenten heeft afgegeven. Zij kunnen de aanvrager | instantie die de documenten heeft afgegeven. Zij kunnen de aanvrager |
ook verzoeken om voor eensluidend gewaarmerkte afschriften van de | ook verzoeken om voor eensluidend gewaarmerkte afschriften van de |
documenten te verstrekken, indien dit strikt noodzakelijk is. | documenten te verstrekken, indien dit strikt noodzakelijk is. |
In het geval van een of meer volgende verzoeken van dezelfde aanvrager | In het geval van een of meer volgende verzoeken van dezelfde aanvrager |
mogen de Regeringsdiensten niet langer van de aanvrager verlangen dat | mogen de Regeringsdiensten niet langer van de aanvrager verlangen dat |
hij documenten verstrekt die al in het IMI-dossier zijn opgenomen en | hij documenten verstrekt die al in het IMI-dossier zijn opgenomen en |
die nog steeds geldig zijn. | die nog steeds geldig zijn. |
Art. 4.De toegang tot de informatie in het IMI-bestand is beperkt tot |
Art. 4.De toegang tot de informatie in het IMI-bestand is beperkt tot |
de Regeringsdiensten en de bevoegde overheden van de ontvangende | de Regeringsdiensten en de bevoegde overheden van de ontvangende |
lidstaat. De bevoegde overheden stellen de houder van de Europese | lidstaat. De bevoegde overheden stellen de houder van de Europese |
beroepskaart op zijn verzoek in kennis van de inhoud van zijn | beroepskaart op zijn verzoek in kennis van de inhoud van zijn |
IMI-bestand. | IMI-bestand. |
Art. 5.§ 1. Onverminderd het vermoeden van onschuld werken de |
Art. 5.§ 1. Onverminderd het vermoeden van onschuld werken de |
Regeringsdiensten, binnen de grenzen van hun bevoegdheden, het | Regeringsdiensten, binnen de grenzen van hun bevoegdheden, het |
IMI-bestand met betrekking tot een Europese beroepskaart bij, met | IMI-bestand met betrekking tot een Europese beroepskaart bij, met |
vermelding van informatie over strafrechtelijke sancties of ernstige | vermelding van informatie over strafrechtelijke sancties of ernstige |
tuchtmaatregelen als bedoeld in de hoofdstukken 3 en 4 van dit | tuchtmaatregelen als bedoeld in de hoofdstukken 3 en 4 van dit |
besluit, die betrekking hebben op een verbod of beperking van de | besluit, die betrekking hebben op een verbod of beperking van de |
uitoefening van een beroepsactiviteit en die gevolgen hebben voor de | uitoefening van een beroepsactiviteit en die gevolgen hebben voor de |
uitoefening van de activiteiten van de houder van een Europese | uitoefening van de activiteiten van de houder van een Europese |
beroepskaart. In ieder geval zullen bij het bijwerken van het | beroepskaart. In ieder geval zullen bij het bijwerken van het |
IMI-dossier de regels inzake de opheffing van strafrechtelijke of | IMI-dossier de regels inzake de opheffing van strafrechtelijke of |
disciplinaire sancties in acht worden genomen. | disciplinaire sancties in acht worden genomen. |
In het kader van deze bijwerking verwijderen de bevoegde | In het kader van deze bijwerking verwijderen de bevoegde |
Regeringsdiensten de informatie die niet meer vereist is. De houder | Regeringsdiensten de informatie die niet meer vereist is. De houder |
van de Europese beroepskaart alsook de bevoegde overheden die toegang | van de Europese beroepskaart alsook de bevoegde overheden die toegang |
hebben tot het bedoelde IMI-bestand worden onmiddellijk van deze | hebben tot het bedoelde IMI-bestand worden onmiddellijk van deze |
bijwerking op de hoogte gebracht. | bijwerking op de hoogte gebracht. |
De inhoud van de bijwerking heeft betrekking op het volgende: | De inhoud van de bijwerking heeft betrekking op het volgende: |
1° de informatie over de overheid of het gerecht dat de beperkings- of | 1° de informatie over de overheid of het gerecht dat de beperkings- of |
verbodsbeslissing heeft genomen; | verbodsbeslissing heeft genomen; |
2° de reikwijdte van de beperking of het verbod; | 2° de reikwijdte van de beperking of het verbod; |
3° de periode waarin de beperking of het verbod van toepassing is. | 3° de periode waarin de beperking of het verbod van toepassing is. |
§ 2. Persoonsgegevens in het IMI-bestand mogen worden verwerkt zolang | § 2. Persoonsgegevens in het IMI-bestand mogen worden verwerkt zolang |
dat nodig is voor de doeleinden van de erkenningsprocedure als | dat nodig is voor de doeleinden van de erkenningsprocedure als |
zodanig. | zodanig. |
§ 3. De persoonsgegevens in het bijgewerkte IMI-bestand of in de | § 3. De persoonsgegevens in het bijgewerkte IMI-bestand of in de |
beroepskaart worden verwerkt overeenkomstig Verordening (EU) nr. | beroepskaart worden verwerkt overeenkomstig Verordening (EU) nr. |
2016/679 van het Europees Parlement en de Raad van 27 april 2016 | 2016/679 van het Europees Parlement en de Raad van 27 april 2016 |
betreffende de bescherming van natuurlijke personen in verband met de | betreffende de bescherming van natuurlijke personen in verband met de |
verwerking van persoonsgegevens en betreffende het vrije verkeer van | verwerking van persoonsgegevens en betreffende het vrije verkeer van |
die gegevens, en tot intrekking van Richtlijn 95/46/EG (algemene | die gegevens, en tot intrekking van Richtlijn 95/46/EG (algemene |
verordening inzake gegevensbescherming), de wet van 30 juli 2018 | verordening inzake gegevensbescherming), de wet van 30 juli 2018 |
betreffende de bescherming van natuurlijke personen in verband met de | betreffende de bescherming van natuurlijke personen in verband met de |
verwerking van persoonsgegevens en titel IV van de wet van 13 juni | verwerking van persoonsgegevens en titel IV van de wet van 13 juni |
2005 betreffende elektronische communicatie. | 2005 betreffende elektronische communicatie. |
De persoonsgegevens worden verwerkt om de houder van de beroepskaart | De persoonsgegevens worden verwerkt om de houder van de beroepskaart |
te identificeren en de bevoegde overheden van de andere lidstaten te | te identificeren en de bevoegde overheden van de andere lidstaten te |
informeren over eventuele beperkingen of verboden met betrekking tot | informeren over eventuele beperkingen of verboden met betrekking tot |
de uitoefening van een beroepsactiviteit. | de uitoefening van een beroepsactiviteit. |
De persoonlijke gegevens: | De persoonlijke gegevens: |
1° worden eerlijk en rechtmatig verwerkt; | 1° worden eerlijk en rechtmatig verwerkt; |
2° worden verzameld voor het in alinea 2 genoemde doel; | 2° worden verzameld voor het in alinea 2 genoemde doel; |
3° zijn adequaat, relevant en niet buitensporig in verhouding tot het | 3° zijn adequaat, relevant en niet buitensporig in verhouding tot het |
in alinea 2 genoemde doel. | in alinea 2 genoemde doel. |
§ 4. De Regering bepaalt de procedures volgens welke de houder van een | § 4. De Regering bepaalt de procedures volgens welke de houder van een |
Europese beroepskaart toegang heeft tot zijn gegevens en verzoekt om | Europese beroepskaart toegang heeft tot zijn gegevens en verzoekt om |
rectificatie van onjuiste of onvolledige gegevens of verwijdering van | rectificatie van onjuiste of onvolledige gegevens of verwijdering van |
gegevens in zijn beroepskaart of IMI-bestand. | gegevens in zijn beroepskaart of IMI-bestand. |
§ 5. Voor de verwerking van de persoonsgegevens in de Europese | § 5. Voor de verwerking van de persoonsgegevens in de Europese |
beroepskaart en in alle IMI-bestanden worden de Regeringsdiensten die | beroepskaart en in alle IMI-bestanden worden de Regeringsdiensten die |
verantwoordelijk zijn voor de behandeling van een aanvraag voor een | verantwoordelijk zijn voor de behandeling van een aanvraag voor een |
Europese beroepskaart of voor het bijwerken van een IMI-bestand dat | Europese beroepskaart of voor het bijwerken van een IMI-bestand dat |
gekoppeld is aan een beroepskaart, beschouwd als verantwoordelijken | gekoppeld is aan een beroepskaart, beschouwd als verantwoordelijken |
voor de verwerking van de persoonsgegevens in de zin van Verordening | voor de verwerking van de persoonsgegevens in de zin van Verordening |
(EU) nr. 2016/679 van het Europees Parlement en de Raad van 27 april | (EU) nr. 2016/679 van het Europees Parlement en de Raad van 27 april |
2016, de wet van 30 juli 2018 en titel IV van de hierboven genoemde | 2016, de wet van 30 juli 2018 en titel IV van de hierboven genoemde |
wet van 13 juni 2005. | wet van 13 juni 2005. |
HOOFDSTUK III. - Administratieve samenwerking | HOOFDSTUK III. - Administratieve samenwerking |
Art. 6.In geval van gegronde twijfels en op verzoek van de bevoegde |
Art. 6.In geval van gegronde twijfels en op verzoek van de bevoegde |
overheden van de ontvangende lidstaat wisselen de Regeringsdiensten | overheden van de ontvangende lidstaat wisselen de Regeringsdiensten |
met deze overheden informatie uit over strafrechtelijke of ernstige | met deze overheden informatie uit over strafrechtelijke of ernstige |
tuchtstraffen zoals omschreven in hoofdstuk 1, sectie 2, | tuchtstraffen zoals omschreven in hoofdstuk 1, sectie 2, |
overeenkomstig Verordening (UE) nr. 2016/679 van het Europees | overeenkomstig Verordening (UE) nr. 2016/679 van het Europees |
Parlement en de Raad van 27 april 2016 en de bovengenoemde wet van 30 | Parlement en de Raad van 27 april 2016 en de bovengenoemde wet van 30 |
juli 2018. | juli 2018. |
Alvorens deze informatie door te sturen, onderzoeken de | Alvorens deze informatie door te sturen, onderzoeken de |
Regeringsdiensten de juistheid van de feiten, beslissen zij over de | Regeringsdiensten de juistheid van de feiten, beslissen zij over de |
aard en de omvang van het onderzoek dat moet plaatsvinden en delen zij | aard en de omvang van het onderzoek dat moet plaatsvinden en delen zij |
de bevoegde overheden van de ontvangende lidstaat de conclusies mee | de bevoegde overheden van de ontvangende lidstaat de conclusies mee |
die zij uit de doorgestuurde informatie hebben gehaald. | die zij uit de doorgestuurde informatie hebben gehaald. |
De bevoegde overheden gebruiken IMI. In ieder geval moeten in het | De bevoegde overheden gebruiken IMI. In ieder geval moeten in het |
kader van deze samenwerking de regels inzake de opheffing van | kader van deze samenwerking de regels inzake de opheffing van |
strafrechtelijke of disciplinaire sancties in acht worden genomen. | strafrechtelijke of disciplinaire sancties in acht worden genomen. |
HOOFDSTUK IV. - Waarschuwingsmechanisme | HOOFDSTUK IV. - Waarschuwingsmechanisme |
Art. 7.§ 1. De Regeringsdiensten stellen de bevoegde overheden van |
Art. 7.§ 1. De Regeringsdiensten stellen de bevoegde overheden van |
alle andere lidstaten in kennis van de identiteit van een | alle andere lidstaten in kennis van de identiteit van een |
beroepsbeoefenaar wiens beroepsactiviteit als leerkracht krachtens de | beroepsbeoefenaar wiens beroepsactiviteit als leerkracht krachtens de |
artikelen 31 tot en met 34 en/of 382bis van het Wetboek van Strafrecht | artikelen 31 tot en met 34 en/of 382bis van het Wetboek van Strafrecht |
op het grondgebied van de Franse Gemeenschap geheel of gedeeltelijk, | op het grondgebied van de Franse Gemeenschap geheel of gedeeltelijk, |
zelfs tijdelijk, is beperkt of verboden. | zelfs tijdelijk, is beperkt of verboden. |
De Regeringsdiensten sturen de in de vorige alinea bedoelde informatie | De Regeringsdiensten sturen de in de vorige alinea bedoelde informatie |
door middel van een waarschuwing via IMI door binnen drie werkdagen na | door middel van een waarschuwing via IMI door binnen drie werkdagen na |
de datum waarop de in de vorige alinea bedoelde beslissing aan hen is | de datum waarop de in de vorige alinea bedoelde beslissing aan hen is |
meegedeeld. Deze informatie is beperkt tot de volgende elementen: | meegedeeld. Deze informatie is beperkt tot de volgende elementen: |
a) de identiteit van de beroepsbeoefenaar; | a) de identiteit van de beroepsbeoefenaar; |
b) het betreffende beroep; | b) het betreffende beroep; |
c) informatie over de nationale overheid of rechtbank die de | c) informatie over de nationale overheid of rechtbank die de |
beperkings- of verbodsbeslissing heeft genomen; | beperkings- of verbodsbeslissing heeft genomen; |
d) de reikwijdte van de beperking of het verbod; | d) de reikwijdte van de beperking of het verbod; |
e) de periode waarin de beperking of het verbod van kracht is. | e) de periode waarin de beperking of het verbod van kracht is. |
Voor de toepassing van deze paragraaf wordt onder het begrip werkdag | Voor de toepassing van deze paragraaf wordt onder het begrip werkdag |
verstaan alle andere dagen dan zaterdagen, zondagen en feestdagen. | verstaan alle andere dagen dan zaterdagen, zondagen en feestdagen. |
§ 2. De in § 1 bedoelde verwerking van persoonsgegevens geschiedt met | § 2. De in § 1 bedoelde verwerking van persoonsgegevens geschiedt met |
inachtneming van de bepalingen ter bescherming van persoonsgegevens en | inachtneming van de bepalingen ter bescherming van persoonsgegevens en |
met name van de bepalingen die bij of krachtens Verordening (EU) nr. | met name van de bepalingen die bij of krachtens Verordening (EU) nr. |
2016/679 van het Europees Parlement en de Raad van 27 april 2016, de | 2016/679 van het Europees Parlement en de Raad van 27 april 2016, de |
wet van 30 juli 2018 en titel IV van de wet van 13 juni 2005 zijn | wet van 30 juli 2018 en titel IV van de wet van 13 juni 2005 zijn |
vastgesteld. | vastgesteld. |
§ 3. Beroepsleraren die in de Franse Gemeenschap lesgeven en betrokken | § 3. Beroepsleraren die in de Franse Gemeenschap lesgeven en betrokken |
zijn bij een waarschuwingsbericht aan andere lidstaten, worden | zijn bij een waarschuwingsbericht aan andere lidstaten, worden |
onmiddellijk schriftelijk in kennis gesteld van het | onmiddellijk schriftelijk in kennis gesteld van het |
waarschuwingsbericht en van elke beslissing in verband daarmee, | waarschuwingsbericht en van elke beslissing in verband daarmee, |
alsmede van hun recht om beroep in te stellen overeenkomstig de | alsmede van hun recht om beroep in te stellen overeenkomstig de |
bestaande rechtsmiddelen. Zij worden ook in kennis gesteld van hun | bestaande rechtsmiddelen. Zij worden ook in kennis gesteld van hun |
recht om toegang tot beslissingen of rectificatie van | recht om toegang tot beslissingen of rectificatie van |
waarschuwingsbeslissingen te verzoeken en vergoeding van de geleden | waarschuwingsbeslissingen te verzoeken en vergoeding van de geleden |
schade te verkrijgen overeenkomstig bovengenoemde Verordening (EU) nr. | schade te verkrijgen overeenkomstig bovengenoemde Verordening (EU) nr. |
2016/679 van het Europees Parlement en de Raad van 27 april 2016 en de | 2016/679 van het Europees Parlement en de Raad van 27 april 2016 en de |
bovengenoemde wet van 30 juli 2018. In geval van beroep van een | bovengenoemde wet van 30 juli 2018. In geval van beroep van een |
beroepsleraar moet deze informatie worden opgenomen in het | beroepsleraar moet deze informatie worden opgenomen in het |
waarschuwingsbericht. | waarschuwingsbericht. |
§ 4. Waarschuwingsgegevens kunnen gedurende hun gehele geldigheidsduur | § 4. Waarschuwingsgegevens kunnen gedurende hun gehele geldigheidsduur |
worden behandeld. | worden behandeld. |
HOOFDSTUK V. - Slotbepaling | HOOFDSTUK V. - Slotbepaling |
Art. 8.Dit decreet treedt in werking op de door de Regering |
Art. 8.Dit decreet treedt in werking op de door de Regering |
vastgestelde datum en uiterlijk binnen twaalf maanden na de | vastgestelde datum en uiterlijk binnen twaalf maanden na de |
vaststelling van de in artikel 3, § 2, bedoelde uitvoeringshandelingen | vaststelling van de in artikel 3, § 2, bedoelde uitvoeringshandelingen |
door de Europese Commissie. | door de Europese Commissie. |
Kondigen dit decreet af, bevelen dat het in het Belgisch Staatsblad | Kondigen dit decreet af, bevelen dat het in het Belgisch Staatsblad |
zal worden bekendgemaakt. | zal worden bekendgemaakt. |
Brussel, 14 maart 2019. | Brussel, 14 maart 2019. |
De Minister-President, belast met Gelijke kansen en Vrouwenrechten, | De Minister-President, belast met Gelijke kansen en Vrouwenrechten, |
R. DEMOTTE | R. DEMOTTE |
De Vice-Presidente en Minister van Cultuur en Kind, | De Vice-Presidente en Minister van Cultuur en Kind, |
A. GREOLI | A. GREOLI |
De Vice-President, Minister van Hoger Onderwijs, Onderwijs voor | De Vice-President, Minister van Hoger Onderwijs, Onderwijs voor |
sociale promotie, Onderzoek en Media, | sociale promotie, Onderzoek en Media, |
J.-Cl. MARCOURT | J.-Cl. MARCOURT |
De Minister van Jeugd, Hulpverlening aan de Jeugd, Justitiehuizen, | De Minister van Jeugd, Hulpverlening aan de Jeugd, Justitiehuizen, |
Sport en Promotie van Brussel, belast met het toezicht op de Franse | Sport en Promotie van Brussel, belast met het toezicht op de Franse |
Gemeenschapscommissie van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest, | Gemeenschapscommissie van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest, |
R. MADRANE | R. MADRANE |
De Minister van Onderwijs, | De Minister van Onderwijs, |
M.-M. SCHYNS | M.-M. SCHYNS |
De Minister van Begroting, Ambtenarenzaken en Administratieve | De Minister van Begroting, Ambtenarenzaken en Administratieve |
Vereenvoudiging, | Vereenvoudiging, |
A. FLAHAUT | A. FLAHAUT |
_______ | _______ |
Nota | Nota |
Zitting 2018-2019 | Zitting 2018-2019 |
Stukken van het Parlement. | Stukken van het Parlement. |
Ontwerp van decreet, nr. 763-1. | Ontwerp van decreet, nr. 763-1. |
- Commissieverslag, nr. 763-2. | - Commissieverslag, nr. 763-2. |
- Vergaderingsamendementen nr. 763-3-. | - Vergaderingsamendementen nr. 763-3-. |
- Tekst aangenomen tijdens de plenaire zitting, nr. 763-4 | - Tekst aangenomen tijdens de plenaire zitting, nr. 763-4 |
Integraal verslag. | Integraal verslag. |
- Bespreking en aanneming. | - Bespreking en aanneming. |
Zitting van 13 maart 2019. | Zitting van 13 maart 2019. |