Etaamb.openjustice.be
Meertalige weergave van Decreet van 04/12/2014
← Terug naar "Decreet tot bevestiging van de eindcompetenties en de kennis vereist op het einde van de doorstromingsafdeling van de algemene en technologische humaniora in wiskunde, basiswetenschappen en algemene wetenschappen en van de gemeenschappelijke eindcompetenties en kennis op het einde van de kwalificatie-afdeling van de technische en beroepshumaniora in wetenschappelijke opvoeding, in het Frans en in economische en sociale opleiding, alsook in historische en aardrijkskundige opleiding "
Decreet tot bevestiging van de eindcompetenties en de kennis vereist op het einde van de doorstromingsafdeling van de algemene en technologische humaniora in wiskunde, basiswetenschappen en algemene wetenschappen en van de gemeenschappelijke eindcompetenties en kennis op het einde van de kwalificatie-afdeling van de technische en beroepshumaniora in wetenschappelijke opvoeding, in het Frans en in economische en sociale opleiding, alsook in historische en aardrijkskundige opleiding Decreet tot bevestiging van de eindcompetenties en de kennis vereist op het einde van de doorstromingsafdeling van de algemene en technologische humaniora in wiskunde, basiswetenschappen en algemene wetenschappen en van de gemeenschappelijke eindcompetenties en kennis op het einde van de kwalificatie-afdeling van de technische en beroepshumaniora in wetenschappelijke opvoeding, in het Frans en in economische en sociale opleiding, alsook in historische en aardrijkskundige opleiding
MINISTERIE VAN DE FRANSE GEMEENSCHAP MINISTERIE VAN DE FRANSE GEMEENSCHAP
4 DECEMBER 2014. - Decreet tot bevestiging van de eindcompetenties en 4 DECEMBER 2014. - Decreet tot bevestiging van de eindcompetenties en
de kennis vereist op het einde van de doorstromingsafdeling van de de kennis vereist op het einde van de doorstromingsafdeling van de
algemene en technologische humaniora in wiskunde, basiswetenschappen algemene en technologische humaniora in wiskunde, basiswetenschappen
en algemene wetenschappen en van de gemeenschappelijke en algemene wetenschappen en van de gemeenschappelijke
eindcompetenties en kennis op het einde van de kwalificatie-afdeling eindcompetenties en kennis op het einde van de kwalificatie-afdeling
van de technische en beroepshumaniora in wetenschappelijke opvoeding, van de technische en beroepshumaniora in wetenschappelijke opvoeding,
in het Frans en in economische en sociale opleiding, alsook in in het Frans en in economische en sociale opleiding, alsook in
historische en aardrijkskundige opleiding historische en aardrijkskundige opleiding
Het Parlement van de Franse Gemeenschap heeft aangenomen en Wij, Het Parlement van de Franse Gemeenschap heeft aangenomen en Wij,
Regering, bekrachtigen hetgeen volgt : Regering, bekrachtigen hetgeen volgt :

Artikel 1.De eindcompetenties en de kennis vereist in wiskunde op het

Artikel 1.De eindcompetenties en de kennis vereist in wiskunde op het

einde van de doorstromingsafdeling opgenomen in bijlage I worden einde van de doorstromingsafdeling opgenomen in bijlage I worden
bevestigd, overeenkomstig artikel 25, § 1, 2°, van het decreet van 24 bevestigd, overeenkomstig artikel 25, § 1, 2°, van het decreet van 24
juli 1997 dat de prioritaire taken bepaalt van het basisonderwijs en juli 1997 dat de prioritaire taken bepaalt van het basisonderwijs en
van het secundair onderwijs en de structuren organiseert die het van het secundair onderwijs en de structuren organiseert die het
mogelijk maken ze uit te voeren. mogelijk maken ze uit te voeren.

Art. 2.De eindcompetenties en de kennis vereist in basiswetenschappen

Art. 2.De eindcompetenties en de kennis vereist in basiswetenschappen

op het einde van de doorstromingsafdeling opgenomen in bijlage II op het einde van de doorstromingsafdeling opgenomen in bijlage II
worden bevestigd, overeenkomstig artikel 25, § 1, 2°, van het decreet worden bevestigd, overeenkomstig artikel 25, § 1, 2°, van het decreet
van 24 juli 1997 dat de prioritaire taken bepaalt van het van 24 juli 1997 dat de prioritaire taken bepaalt van het
basisonderwijs en van het secundair onderwijs en de structuren basisonderwijs en van het secundair onderwijs en de structuren
organiseert die het mogelijk maken ze uit te voeren. organiseert die het mogelijk maken ze uit te voeren.

Art. 3.De eindcompetenties en de kennis vereist in algemene

Art. 3.De eindcompetenties en de kennis vereist in algemene

wetenschappen op het einde van de doorstromingsafdeling opgenomen in wetenschappen op het einde van de doorstromingsafdeling opgenomen in
bijlage III worden bevestigd, overeenkomstig artikel 25, § 1, 2°, van bijlage III worden bevestigd, overeenkomstig artikel 25, § 1, 2°, van
het decreet van 24 juli 1997 dat de prioritaire taken bepaalt van het het decreet van 24 juli 1997 dat de prioritaire taken bepaalt van het
basisonderwijs en van het secundair onderwijs en de structuren basisonderwijs en van het secundair onderwijs en de structuren
organiseert die het mogelijk maken ze uit te voeren. organiseert die het mogelijk maken ze uit te voeren.

Art. 4.De eindcompetenties en de gemeenschappelijke kennis in

Art. 4.De eindcompetenties en de gemeenschappelijke kennis in

wetenschappelijke opleiding op het einde van de kwalificatie-afdeling wetenschappelijke opleiding op het einde van de kwalificatie-afdeling
opgenomen in bijlage IV worden bevestigd, overeenkomstig artikel 35, § opgenomen in bijlage IV worden bevestigd, overeenkomstig artikel 35, §
1, 1°, van het decreet van 24 juli 1997 dat de prioritaire taken 1, 1°, van het decreet van 24 juli 1997 dat de prioritaire taken
bepaalt van het basisonderwijs en van het secundair onderwijs en de bepaalt van het basisonderwijs en van het secundair onderwijs en de
structuren organiseert die het mogelijk maken ze uit te voeren. structuren organiseert die het mogelijk maken ze uit te voeren.

Art. 5.De gemeenschappelijke eindcompetenties en de kennis in Frans

Art. 5.De gemeenschappelijke eindcompetenties en de kennis in Frans

op het einde van de kwalificatie-afdeling opgenomen in bijlage V op het einde van de kwalificatie-afdeling opgenomen in bijlage V
worden bevestigd, overeenkomstig artikel 35, § 1, 1°, van het decreet worden bevestigd, overeenkomstig artikel 35, § 1, 1°, van het decreet
van 24 juli 1997 dat de prioritaire taken bepaalt van het van 24 juli 1997 dat de prioritaire taken bepaalt van het
basisonderwijs en van het secundair onderwijs en de structuren basisonderwijs en van het secundair onderwijs en de structuren
organiseert die het mogelijk maken ze uit te voeren. organiseert die het mogelijk maken ze uit te voeren.

Art. 6.De gemeenschappelijke eindcompetenties en de kennis in

Art. 6.De gemeenschappelijke eindcompetenties en de kennis in

economische en sociale opleiding op het einde van de economische en sociale opleiding op het einde van de
kwalificatie-afdeling opgenomen in bijlage VI worden bevestigd, kwalificatie-afdeling opgenomen in bijlage VI worden bevestigd,
overeenkomstig artikel 35, § 1, 1°, van het decreet van 24 juli 1997 overeenkomstig artikel 35, § 1, 1°, van het decreet van 24 juli 1997
dat de prioritaire taken bepaalt van het basisonderwijs en van het dat de prioritaire taken bepaalt van het basisonderwijs en van het
secundair onderwijs en de structuren organiseert die het mogelijk secundair onderwijs en de structuren organiseert die het mogelijk
maken ze uit te voeren. maken ze uit te voeren.

Art. 7.De gemeenschappelijke eindcompetenties en de kennis in

Art. 7.De gemeenschappelijke eindcompetenties en de kennis in

historische en aardrijkskundige opleiding op het einde van de historische en aardrijkskundige opleiding op het einde van de
kwalificatie-afdeling opgenomen in bijlage VII worden bevestigd, kwalificatie-afdeling opgenomen in bijlage VII worden bevestigd,
overeenkomstig artikel 35, § 1, 1°, van het decreet van 24 juli 1997 overeenkomstig artikel 35, § 1, 1°, van het decreet van 24 juli 1997
dat de prioritaire taken bepaalt van het basisonderwijs en van het dat de prioritaire taken bepaalt van het basisonderwijs en van het
secundair onderwijs en de structuren organiseert die het mogelijk secundair onderwijs en de structuren organiseert die het mogelijk
maken ze uit te voeren. maken ze uit te voeren.

Art. 8.Iedere inrichtende macht of elke federatie van inrichtende

Art. 8.Iedere inrichtende macht of elke federatie van inrichtende

machten die een onderwijs inricht gesubsidieerd door de Franse machten die een onderwijs inricht gesubsidieerd door de Franse
Gemeenschap kan een aanvraag om afwijking indienen van de Gemeenschap kan een aanvraag om afwijking indienen van de
gemeenschappelijke eindcompetenties en kennis bedoeld in de artikelen gemeenschappelijke eindcompetenties en kennis bedoeld in de artikelen
1 tot 7 van dit decreet op de voorwaarden en volgens de procedure 1 tot 7 van dit decreet op de voorwaarden en volgens de procedure
bepaald in de volgende artikelen. bepaald in de volgende artikelen.

Art. 9.Geen enkele afwijking kan tot gevolg hebben dat ze de

Art. 9.Geen enkele afwijking kan tot gevolg hebben dat ze de

coherentie van het onderwijssysteem in het gedrang brengt, zoals het coherentie van het onderwijssysteem in het gedrang brengt, zoals het
voortkomt uit de toepassing van de grondwettelijke beginselen inzake voortkomt uit de toepassing van de grondwettelijke beginselen inzake
onderwijs. Ze kan, onder andere, niet als gevolg hebben dat de onderwijs. Ze kan, onder andere, niet als gevolg hebben dat de
kwaliteit van het onderwijs, ofwel de basisinhoud of de kwaliteit van het onderwijs, ofwel de basisinhoud of de
gelijkwaardigheid van diploma's en getuigschriften of verder nog het gelijkwaardigheid van diploma's en getuigschriften of verder nog het
beperken van de vrijheid van ouders om hun kind van school te beperken van de vrijheid van ouders om hun kind van school te
veranderen voor het volgende schooljaar, aangetast zou worden. veranderen voor het volgende schooljaar, aangetast zou worden.
Geen enkele afwijking kan aan een inrichtende macht of aan elke Geen enkele afwijking kan aan een inrichtende macht of aan elke
federatie van inrichtende machten toegekend worden waarvan het project federatie van inrichtende machten toegekend worden waarvan het project
niet tot gevolg zou hebben de rechten en de vrijheden te garanderen niet tot gevolg zou hebben de rechten en de vrijheden te garanderen
opgenomen in de Grondwet, het Europees Verdrag tot bescherming van de opgenomen in de Grondwet, het Europees Verdrag tot bescherming van de
rechten van de mens en de fundamentele vrijheden alsook het Verdrag rechten van de mens en de fundamentele vrijheden alsook het Verdrag
inzake de rechten van het kind. inzake de rechten van het kind.

Art. 10.§ 1. In de aanvraag om afwijking :

Art. 10.§ 1. In de aanvraag om afwijking :

1° vermeldt de inrichtende macht of de federatie van inrichtende 1° vermeldt de inrichtende macht of de federatie van inrichtende
machten de leerwijzen beschreven in de eindcompetenties en de kennis machten de leerwijzen beschreven in de eindcompetenties en de kennis
vereist op het einde de doorstromingsafdeling van de algemene en vereist op het einde de doorstromingsafdeling van de algemene en
technologische humaniora of de gemeenschappelijke eindcompetenties en technologische humaniora of de gemeenschappelijke eindcompetenties en
kennis op het einde van de kwalificatieafdeling van de technische en kennis op het einde van de kwalificatieafdeling van de technische en
beroepshumaniora waarvan ze acht dat de definitie te veel perken beroepshumaniora waarvan ze acht dat de definitie te veel perken
inhoudt om ze genoeg vrijheid te laten bij de implementering van haar inhoudt om ze genoeg vrijheid te laten bij de implementering van haar
eigen pedagogische project, met vermelding van de redenen die volgens eigen pedagogische project, met vermelding van de redenen die volgens
haar eigen aan elke leerwijze zijn waardoor deze implementering haar eigen aan elke leerwijze zijn waardoor deze implementering
beperkt wordt; beperkt wordt;
2° beschrijft de inrichtende macht of de federatie van inrichtende 2° beschrijft de inrichtende macht of de federatie van inrichtende
machten de alternatieve leerwijzen die ze meent te implementeren; machten de alternatieve leerwijzen die ze meent te implementeren;
3° verantwoordt de inrichtende macht of de federatie van inrichtende 3° verantwoordt de inrichtende macht of de federatie van inrichtende
machten hoe de vervanging die ze toepast de voorwaarden opgenomen in machten hoe de vervanging die ze toepast de voorwaarden opgenomen in
artikel 9 in acht neemt. artikel 9 in acht neemt.
§ 2. De aanvraag om afwijking vermeldt de exacte referenties in § 2. De aanvraag om afwijking vermeldt de exacte referenties in
verband met de afschaffingen en de inserties die gevraagd worden. Een verband met de afschaffingen en de inserties die gevraagd worden. Een
afschrift van het pedagogische project wordt bij de aanvraag gevoegd. afschrift van het pedagogische project wordt bij de aanvraag gevoegd.
Op straffe van onontvankelijkheid, worden de aanvraag om afwijking en Op straffe van onontvankelijkheid, worden de aanvraag om afwijking en
haar bijlagen bij ter post aangetekende brief bij de Regering haar bijlagen bij ter post aangetekende brief bij de Regering
ingediend, ten laatste zes maanden vóór het begin van het schooljaar ingediend, ten laatste zes maanden vóór het begin van het schooljaar
vanaf hetwelk ze uitwerking moet hebben. vanaf hetwelk ze uitwerking moet hebben.

Art. 11.§ 1. Er wordt een commissie opgericht belast met het

Art. 11.§ 1. Er wordt een commissie opgericht belast met het

uitbrengen van een advies aan de Regering over de aanvragen om uitbrengen van een advies aan de Regering over de aanvragen om
afwijking. afwijking.
Deze commissie bestaat uit : Deze commissie bestaat uit :
1° de Administrateur-generaal van het Onderwijs en het 1° de Administrateur-generaal van het Onderwijs en het
Wetenschappelijk Onderzoek, die de commissie voorzit; Wetenschappelijk Onderzoek, die de commissie voorzit;
2° één lid van de Begeleidingscommissie aangesteld door de 2° één lid van de Begeleidingscommissie aangesteld door de
Administrateur-generaal van het Onderwijs en het Wetenschappelijk Administrateur-generaal van het Onderwijs en het Wetenschappelijk
Onderzoek; Onderzoek;
3° één lid van de algemene inspectiedienst aangewezen door de 3° één lid van de algemene inspectiedienst aangewezen door de
Regering, op de voordracht van de coördinerend algemene inspecteur, en Regering, op de voordracht van de coördinerend algemene inspecteur, en
één lid van de algemene inspectiedienst voor elk vak bedoeld bij de één lid van de algemene inspectiedienst voor elk vak bedoeld bij de
aanvraag om afwijking, aangewezen door de coördinerend algemene aanvraag om afwijking, aangewezen door de coördinerend algemene
inspecteur; inspecteur;
4° de voorzitter en de ondervoorzitter van de Algemene Raad voor het 4° de voorzitter en de ondervoorzitter van de Algemene Raad voor het
secundair onderwijs, behoudens als één van deze reeds lid is van de secundair onderwijs, behoudens als één van deze reeds lid is van de
commissie wegens een andere hoedanigheid, wat met zich meebrengt dat commissie wegens een andere hoedanigheid, wat met zich meebrengt dat
genoemde Algemene Raad een ander lid aanwijst; genoemde Algemene Raad een ander lid aanwijst;
5° twee tot vier deskundigen uit universiteiten of hogescholen inzake 5° twee tot vier deskundigen uit universiteiten of hogescholen inzake
pedagogie aangewezen door de Regering; pedagogie aangewezen door de Regering;
6° twee vertegenwoordigers van de Regering die met raadgevende stem 6° twee vertegenwoordigers van de Regering die met raadgevende stem
zetelen. zetelen.
Het mandaat van de leden van de commissie wordt niet bezoldigd. Het mandaat van de leden van de commissie wordt niet bezoldigd.
De commissie wordt door de voorzitter samengeroepen. De oproeping De commissie wordt door de voorzitter samengeroepen. De oproeping
bevat de agenda. bevat de agenda.
De commissie beslist en beraadslaagt enkel geldig indien de helft van De commissie beslist en beraadslaagt enkel geldig indien de helft van
de leden aanwezig is. Het advies wordt bij de meerderheid der de leden aanwezig is. Het advies wordt bij de meerderheid der
aanwezige leden genomen. Bij staking van stemmen is de stem van de aanwezige leden genomen. Bij staking van stemmen is de stem van de
voorzitter doorslaggevend. voorzitter doorslaggevend.
Wat de andere nadere regels voor de werking betreft, bepaalt de Wat de andere nadere regels voor de werking betreft, bepaalt de
commissie haar eigen huishoudelijk reglement dat ter goedkeuring aan commissie haar eigen huishoudelijk reglement dat ter goedkeuring aan
de Regering wordt voorgelegd. de Regering wordt voorgelegd.
§ 2. Zodra de Regering de aanvraag om afwijking krijgt, zendt ze het, § 2. Zodra de Regering de aanvraag om afwijking krijgt, zendt ze het,
met de bijlagen, aan de commissie over. met de bijlagen, aan de commissie over.
Binnen een termijn van twee maanden, waarbij de termijn noch in juli Binnen een termijn van twee maanden, waarbij de termijn noch in juli
noch in augustus loopt, zendt de commissie een met redenen omkleed noch in augustus loopt, zendt de commissie een met redenen omkleed
advies aan de Regering over omtrent : advies aan de Regering over omtrent :
1° de noodzakelijke aard van de vervanging van de leerwijzen in 1° de noodzakelijke aard van de vervanging van de leerwijzen in
verband met de implementering van het pedagogisch project van de verband met de implementering van het pedagogisch project van de
inrichtende macht of van de federatie van inrichtende machten; inrichtende macht of van de federatie van inrichtende machten;
2° de inachtneming van artikel 9 . 2° de inachtneming van artikel 9 .
De Regering zendt het advies van de commissie aan de betrokken De Regering zendt het advies van de commissie aan de betrokken
inrichtende macht of aan de federatie van inrichtende machten over bij inrichtende macht of aan de federatie van inrichtende machten over bij
ter post aangetekende brief. De inrichtende macht of de federatie van ter post aangetekende brief. De inrichtende macht of de federatie van
inrichtende machten beschikt over een termijn van één maand vanaf de inrichtende machten beschikt over een termijn van één maand vanaf de
ontvangst van het advies van de commissie om haar op- en aanmerkingen ontvangst van het advies van de commissie om haar op- en aanmerkingen
te laten gelden. Wanneer de inrichtende macht of de federatie van te laten gelden. Wanneer de inrichtende macht of de federatie van
inrichtende machten haar op- en aanmerkingen niet bekend gemaakt heeft inrichtende machten haar op- en aanmerkingen niet bekend gemaakt heeft
binnen de vereiste termijnen, wordt de procedure voortgezet zonder dat binnen de vereiste termijnen, wordt de procedure voortgezet zonder dat
er rekening wordt gehouden met de laattijdige op- en aanmerkingen. er rekening wordt gehouden met de laattijdige op- en aanmerkingen.

Art. 12.Op het einde van de procedure bedoeld in artikel 11, neemt de

Art. 12.Op het einde van de procedure bedoeld in artikel 11, neemt de

Regering een met redenen omklede beslissing over de aanvraag om Regering een met redenen omklede beslissing over de aanvraag om
afwijking. Als deze volledig of gedeeltelijk toegekend wordt, legt de afwijking. Als deze volledig of gedeeltelijk toegekend wordt, legt de
Regering de toegekende afwijking ter bevestiging aan het Parlement van Regering de toegekende afwijking ter bevestiging aan het Parlement van
de Franse Gemeenschap voor. de Franse Gemeenschap voor.
Wordt de afwijking bevestigd, dan wordt ze aan de commissie voor Wordt de afwijking bevestigd, dan wordt ze aan de commissie voor
programma's meegedeeld, bedoeld in de artikelen 17, 27 en 36 van het programma's meegedeeld, bedoeld in de artikelen 17, 27 en 36 van het
voornoemde decreet van 24 juli 1997 aan wie de inrichtende macht of de voornoemde decreet van 24 juli 1997 aan wie de inrichtende macht of de
federatie van inrichtende machten het programma overzendt dat ze wenst federatie van inrichtende machten het programma overzendt dat ze wenst
toe te passen in functie van de verkregen afwijkingen. toe te passen in functie van de verkregen afwijkingen.

Art. 13.Dit decreet heft :

Art. 13.Dit decreet heft :

- artikel 2 van het decreet van 5 mei 1999 houdende bevestiging van - artikel 2 van het decreet van 5 mei 1999 houdende bevestiging van
het referentiesysteem voor de eindvaardigheden en de kennis vereist het referentiesysteem voor de eindvaardigheden en de kennis vereist
voor Frans, wiskunde en Latijn-Grieks op het einde van de voor Frans, wiskunde en Latijn-Grieks op het einde van de
overgangsafdelingportant; overgangsafdelingportant;
- artikel 1 van het decreet van 30 maart 2000 tot bevestiging van de - artikel 1 van het decreet van 30 maart 2000 tot bevestiging van de
eindtermen en vereiste algemene kennis op het einde van de eindtermen en vereiste algemene kennis op het einde van de
kwalificatie-afdeling, de eindtermen en vereiste kennis inzake kwalificatie-afdeling, de eindtermen en vereiste kennis inzake
lichamelijke opvoeding op het einde van de kwalificatie-afdeling en de lichamelijke opvoeding op het einde van de kwalificatie-afdeling en de
minimale bekwaamheden inzake communicatie in een andere moderne taal minimale bekwaamheden inzake communicatie in een andere moderne taal
dan het Frans, op het einde van de kwalificatie-afdeling, indien het dan het Frans, op het einde van de kwalificatie-afdeling, indien het
aanleren van een moderne taal voorkomt in het studieprogramma; aanleren van een moderne taal voorkomt in het studieprogramma;
- het decreet van 8 maart 2001 tot bekrachtiging van de eindtermen en - het decreet van 8 maart 2001 tot bekrachtiging van de eindtermen en
vereiste kennis inzake wetenschappen op het einde de vereiste kennis inzake wetenschappen op het einde de
overgangsafdeling, op. overgangsafdeling, op.

Art. 14.§ 1. Dit decreet treedt in werking op de datum waarop het in

Art. 14.§ 1. Dit decreet treedt in werking op de datum waarop het in

het Belgisch Staatsblad wordt bekendgemaakt, met uitzondering van het Belgisch Staatsblad wordt bekendgemaakt, met uitzondering van
artikel 13 waarvan de inwerkingtreding bij besluit wordt vastgesteld. artikel 13 waarvan de inwerkingtreding bij besluit wordt vastgesteld.
§ 2. De Regering bepaalt de inwerkingtreding van de programma's van de § 2. De Regering bepaalt de inwerkingtreding van de programma's van de
cursussen die voortvloeien uit de uitvoering van de gemeenschappelijke cursussen die voortvloeien uit de uitvoering van de gemeenschappelijke
eindcompetenties en kennis vereist op het einde van de eindcompetenties en kennis vereist op het einde van de
doorstromingsafdeling van de algemene en technologische humanioria in doorstromingsafdeling van de algemene en technologische humanioria in
wiskunde, basiswetenschappen en algemene wetenschappen en uit de wiskunde, basiswetenschappen en algemene wetenschappen en uit de
gemeenschappelijke eindcompetenties en kennis op het einde van de gemeenschappelijke eindcompetenties en kennis op het einde van de
kwalificatie-afdeling van de technische en beroepshumanioria in kwalificatie-afdeling van de technische en beroepshumanioria in
wetenschappelijke opleiding, in het Frans, in economische en sociale wetenschappelijke opleiding, in het Frans, in economische en sociale
wetenschappen alsook in historische en aardrijkskundige opleiding. wetenschappen alsook in historische en aardrijkskundige opleiding.

Art. 15.In het decreet van 5 december 2013 tot wijziging van de

Art. 15.In het decreet van 5 december 2013 tot wijziging van de

lesroosters in de kwalificatieafdeling van het gewoon secundair lesroosters in de kwalificatieafdeling van het gewoon secundair
onderwijs met volledig leerplan en houdende organisatie van stages in onderwijs met volledig leerplan en houdende organisatie van stages in
het gewoon secundair onderwijs met volledig leerplan en in het het gewoon secundair onderwijs met volledig leerplan en in het
gespecialiseerd secundair onderwijs van vorm 3 en vorm 4, wordt gespecialiseerd secundair onderwijs van vorm 3 en vorm 4, wordt
artikel 18 vervangen als volgt : artikel 18 vervangen als volgt :
«

Artikel 18.De artikelen 2 en 3 treden in werking op 1 september

«

Artikel 18.De artikelen 2 en 3 treden in werking op 1 september

2015 voor wat betreft het derde en vijfde jaar van het technisch en 2015 voor wat betreft het derde en vijfde jaar van het technisch en
kunstsecundair kwalificatieonderwijs en het derde, vijfde en zevende kunstsecundair kwalificatieonderwijs en het derde, vijfde en zevende
jaar van het beroepssecundair onderwijs. Ze treden in werking ten jaar van het beroepssecundair onderwijs. Ze treden in werking ten
laatste op 1 september 2016 voor wat betreft het vierde en zesde jaar laatste op 1 september 2016 voor wat betreft het vierde en zesde jaar
van het technisch secundair kwalificatieonderwijs en het van het technisch secundair kwalificatieonderwijs en het
beroepssecundair onderwijs. beroepssecundair onderwijs.
In afwijking van het vorige lid kunnen de inrichtende machten het In afwijking van het vorige lid kunnen de inrichtende machten het
huidige systeem van de uurroosters tijdens het schooljaar 2015-2016 huidige systeem van de uurroosters tijdens het schooljaar 2015-2016
behouden voor wat betreft het derde en vijfde jaar van het technisch behouden voor wat betreft het derde en vijfde jaar van het technisch
en wetenschappelijk kwalificatiesecundair onderwijs en het derde, en wetenschappelijk kwalificatiesecundair onderwijs en het derde,
vijfde en zevende jaar van het beroepssecundair onderwijs en tijdens vijfde en zevende jaar van het beroepssecundair onderwijs en tijdens
het schooljaar 2016-2017 voor wat betreft het vierde en zesde jaar van het schooljaar 2016-2017 voor wat betreft het vierde en zesde jaar van
het technisch en kunstsecundair kwalificatieonderwijs en van et het technisch en kunstsecundair kwalificatieonderwijs en van et
beroepssecundair onderwijs. » beroepssecundair onderwijs. »
Kondigen dit decreet af, bevelen dat het in het Belgisch Staatsblad Kondigen dit decreet af, bevelen dat het in het Belgisch Staatsblad
zal worden bekendgemaakt. zal worden bekendgemaakt.
Brussel, 4 december 2014. Brussel, 4 december 2014.
De Minister-President, De Minister-President,
R. DEMOTTE R. DEMOTTE
De Vice-Presidente en Minister van Onderwijs, Cultuur en Jong Kind, De Vice-Presidente en Minister van Onderwijs, Cultuur en Jong Kind,
Mevr. J. MILQUET Mevr. J. MILQUET
De Vice-President, Minister van Hoger Onderwijs, Onderzoek en Media, De Vice-President, Minister van Hoger Onderwijs, Onderzoek en Media,
J.-Cl. MARCOURT J.-Cl. MARCOURT
De Minister van Hulpverlening aan de Jeugd, Justitiehuizen en Promotie De Minister van Hulpverlening aan de Jeugd, Justitiehuizen en Promotie
van Brussel, van Brussel,
R. MADRANE R. MADRANE
De Minister van Sport, De Minister van Sport,
R. COLLIN R. COLLIN
De Minister van Begroting, Ambtenarenzaken en Administratieve De Minister van Begroting, Ambtenarenzaken en Administratieve
Vereenvoudiging, Vereenvoudiging,
A. FLAHAUT A. FLAHAUT
De Minister van Onderwijs voor Sociale Promotie, Jeugd, Vrouwenrechten De Minister van Onderwijs voor Sociale Promotie, Jeugd, Vrouwenrechten
en Gelijke Kansen, en Gelijke Kansen,
Mevr. I. SIMONIS Mevr. I. SIMONIS
_______ _______
Nota Nota
Zitting 2014-2015 Zitting 2014-2015
Stukken van het Parlement. Ontwerp van decreet, nr.12-1. - Stukken van het Parlement. Ontwerp van decreet, nr.12-1. -
Commissieamendementen, nr. 12-2 -Verslag, nr.12-3 - Commissieamendementen, nr. 12-2 -Verslag, nr.12-3 -
Vergaderingsamendement, nr. 12-4 Vergaderingsamendement, nr. 12-4
Integraal verslag. - Bespreking en aanneming. Vergadering van 3 Integraal verslag. - Bespreking en aanneming. Vergadering van 3
december 2014. december 2014.
^