← Terug naar "Bericht voorgeschreven bij artikel 74 van de bijzondere wet van 6 januari 1989 op het Arbitragehof Bij
vonnis van 3 oktober 1997 in zake het openbaar ministerie en C. Spedale-Scarlata tegen P. Legros en Ping-Ying
Chu, waarvan de expeditie ter gr « Worden de artikelen
10 en 11 van de Grondwet, gelezen in samenhang met artikel 6 van het Europees(...)"
Bericht voorgeschreven bij artikel 74 van de bijzondere wet van 6 januari 1989 op het Arbitragehof Bij vonnis van 3 oktober 1997 in zake het openbaar ministerie en C. Spedale-Scarlata tegen P. Legros en Ping-Ying Chu, waarvan de expeditie ter gr « Worden de artikelen 10 en 11 van de Grondwet, gelezen in samenhang met artikel 6 van het Europees(...) | Bericht voorgeschreven bij artikel 74 van de bijzondere wet van 6 januari 1989 op het Arbitragehof Bij vonnis van 3 oktober 1997 in zake het openbaar ministerie en C. Spedale-Scarlata tegen P. Legros en Ping-Ying Chu, waarvan de expeditie ter gr « Worden de artikelen 10 en 11 van de Grondwet, gelezen in samenhang met artikel 6 van het Europees(...) |
---|---|
ARBITRAGEHOF | ARBITRAGEHOF |
Bericht voorgeschreven bij artikel 74 van de bijzondere wet van 6 | Bericht voorgeschreven bij artikel 74 van de bijzondere wet van 6 |
januari 1989 op het Arbitragehof | januari 1989 op het Arbitragehof |
Bij vonnis van 3 oktober 1997 in zake het openbaar ministerie en C. | Bij vonnis van 3 oktober 1997 in zake het openbaar ministerie en C. |
Spedale-Scarlata tegen P. Legros en Ping-Ying Chu, waarvan de | Spedale-Scarlata tegen P. Legros en Ping-Ying Chu, waarvan de |
expeditie ter griffie van het Arbitragehof is ingekomen op 26 november | expeditie ter griffie van het Arbitragehof is ingekomen op 26 november |
1997, heeft de Correctionele Rechtbank te Charleroi de volgende | 1997, heeft de Correctionele Rechtbank te Charleroi de volgende |
prejudiciële vraag gesteld : | prejudiciële vraag gesteld : |
« Worden de artikelen 10 en 11 van de Grondwet, gelezen in samenhang | « Worden de artikelen 10 en 11 van de Grondwet, gelezen in samenhang |
met artikel 6 van het Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens, | met artikel 6 van het Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens, |
geschonden door de wettelijke regels die toepasselijk zijn op het | geschonden door de wettelijke regels die toepasselijk zijn op het |
deskundigenonderzoek in strafzaken, inzonderheid de artikelen 43, 44 | deskundigenonderzoek in strafzaken, inzonderheid de artikelen 43, 44 |
en 148 van het Wetboek van Strafvordering en de artikelen 962 en | en 148 van het Wetboek van Strafvordering en de artikelen 962 en |
volgende van het Gerechtelijk Wetboek, in die zin geïnterpreteerd dat | volgende van het Gerechtelijk Wetboek, in die zin geïnterpreteerd dat |
zij de door de onderzoeksrechter of het ambt van de Procureur des | zij de door de onderzoeksrechter of het ambt van de Procureur des |
Konings in het kader van het gerechtelijk onderzoek aangestelde | Konings in het kader van het gerechtelijk onderzoek aangestelde |
deskundige niet zouden verplichten de regels betreffende het | deskundige niet zouden verplichten de regels betreffende het |
contradictoir karakter die zijn vervat in de voormelde artikelen van | contradictoir karakter die zijn vervat in de voormelde artikelen van |
het Gerechtelijk Wetboek na te leven ? » | het Gerechtelijk Wetboek na te leven ? » |
Bij vonnis van 10 december 1997 in zake het openbaar ministerie en J. | Bij vonnis van 10 december 1997 in zake het openbaar ministerie en J. |
Coppin en anderen tegen G. Ledent en anderen, waarvan de expeditie ter | Coppin en anderen tegen G. Ledent en anderen, waarvan de expeditie ter |
griffie van het Arbitragehof is ingekomen op 17 december 1997, heeft | griffie van het Arbitragehof is ingekomen op 17 december 1997, heeft |
de Correctionele Rechtbank te Nijvel de volgende prejudiciële vragen | de Correctionele Rechtbank te Nijvel de volgende prejudiciële vragen |
gesteld : | gesteld : |
« 1. Worden de artikelen 10 en 11 van de Grondwet, afzonderlijk of in | « 1. Worden de artikelen 10 en 11 van de Grondwet, afzonderlijk of in |
samenhang gelezen met artikel 6 van het Europees Verdrag voor de | samenhang gelezen met artikel 6 van het Europees Verdrag voor de |
Rechten van de Mens, geschonden door de wettelijke regels die | Rechten van de Mens, geschonden door de wettelijke regels die |
toepasselijk zijn op het deskundigenonderzoek in strafzaken, | toepasselijk zijn op het deskundigenonderzoek in strafzaken, |
inzonderheid de artikelen 43, 44 en 148 van het Wetboek van | inzonderheid de artikelen 43, 44 en 148 van het Wetboek van |
Strafvordering en de artikelen 962 en volgende van het Gerechtelijk | Strafvordering en de artikelen 962 en volgende van het Gerechtelijk |
Wetboek, indien zij in die zin worden geïnterpreteerd dat zij de met | Wetboek, indien zij in die zin worden geïnterpreteerd dat zij de met |
name door een onderzoeksgerecht in strafzaken aangestelde deskundige | name door een onderzoeksgerecht in strafzaken aangestelde deskundige |
niet zouden verplichten de regels betreffende het contradictoir | niet zouden verplichten de regels betreffende het contradictoir |
karakter na te leven, terwijl de in burgerlijke zaken aangestelde | karakter na te leven, terwijl de in burgerlijke zaken aangestelde |
deskundigen, door toepassing van de artikelen 972, 973, inzonderheid | deskundigen, door toepassing van de artikelen 972, 973, inzonderheid |
vierde lid, en 978 van het Gerechtelijk Wetboek, ertoe gehouden zijn | vierde lid, en 978 van het Gerechtelijk Wetboek, ertoe gehouden zijn |
de regels betreffende het contradictoir karakter na te leven, en, in | de regels betreffende het contradictoir karakter na te leven, en, in |
voorkomend geval, de artikelen 2, 972, 973, inzonderheid vierde lid, | voorkomend geval, de artikelen 2, 972, 973, inzonderheid vierde lid, |
en 978 van het Gerechtelijk Wetboek, indien zij in die zin worden | en 978 van het Gerechtelijk Wetboek, indien zij in die zin worden |
geïnterpreteerd dat het in het stadium van het vooronderzoek of het | geïnterpreteerd dat het in het stadium van het vooronderzoek of het |
voorafgaand onderzoek bevolen deskundigenonderzoek van hun | voorafgaand onderzoek bevolen deskundigenonderzoek van hun |
toepassingssfeer wordt uitgesloten ? | toepassingssfeer wordt uitgesloten ? |
2. Worden de artikelen 10 en 11 van de Grondwet, afzonderlijk of in | 2. Worden de artikelen 10 en 11 van de Grondwet, afzonderlijk of in |
samenhang gelezen met artikel 6 van het Europees Verdrag voor de | samenhang gelezen met artikel 6 van het Europees Verdrag voor de |
Rechten van de Mens, geschonden door de artikelen 43, 44 (en 148) van | Rechten van de Mens, geschonden door de artikelen 43, 44 (en 148) van |
het Wetboek van Strafvordering en de artikelen 62 en volgende van het | het Wetboek van Strafvordering en de artikelen 62 en volgende van het |
Gerechtelijk Wetboek, indien zij in het licht van artikel 2 van het | Gerechtelijk Wetboek, indien zij in het licht van artikel 2 van het |
Gerechtelijk Wetboek in die zin worden geïnterpreteerd dat zij de door | Gerechtelijk Wetboek in die zin worden geïnterpreteerd dat zij de door |
een onderzoeksrechter in de fase van het onderzoek aangestelde | een onderzoeksrechter in de fase van het onderzoek aangestelde |
deskundige er niet van ontslaan de regels betreffende het | deskundige er niet van ontslaan de regels betreffende het |
contradictoir karakter na te leven die zijn vervat in de voormelde | contradictoir karakter na te leven die zijn vervat in de voormelde |
artikelen van het Gerechtelijk Wetboek in zoverre men daarvan de | artikelen van het Gerechtelijk Wetboek in zoverre men daarvan de |
regels uitsluit die verwijzen naar het akkoord van de partijen of | regels uitsluit die verwijzen naar het akkoord van de partijen of |
sommige gevolgen aan hun initiatief onderwerpen, en de toepassing | sommige gevolgen aan hun initiatief onderwerpen, en de toepassing |
ervan aldus bestaanbaar is met de beginselen van het strafrecht ? » | ervan aldus bestaanbaar is met de beginselen van het strafrecht ? » |
Bij vonnis van 19 december 1997 in zake het openbaar ministerie tegen | Bij vonnis van 19 december 1997 in zake het openbaar ministerie tegen |
R. Thomas, waarvan de expeditie ter griffie van het Arbitragehof is | R. Thomas, waarvan de expeditie ter griffie van het Arbitragehof is |
ingekomen op 15 januari 1998, heeft de Correctionele Rechtbank te Luik | ingekomen op 15 januari 1998, heeft de Correctionele Rechtbank te Luik |
de volgende prejudiciële vraag gesteld : | de volgende prejudiciële vraag gesteld : |
« Worden de artikelen 10 en 11 van de Grondwet, gelezen in samenhang | « Worden de artikelen 10 en 11 van de Grondwet, gelezen in samenhang |
met artikel 6 van het Europees Verdrag tot bescherming van de rechten | met artikel 6 van het Europees Verdrag tot bescherming van de rechten |
van de mens en de fundamentele vrijheden, geschonden door de regels | van de mens en de fundamentele vrijheden, geschonden door de regels |
die toepasselijk zijn op het deskundigenonderzoek in strafzaken, | die toepasselijk zijn op het deskundigenonderzoek in strafzaken, |
inzonderheid de artikelen 43 en 44 van het Wetboek van Strafvordering | inzonderheid de artikelen 43 en 44 van het Wetboek van Strafvordering |
en artikel 10 van de wet van 1 juni 1849 "op de herziening van den | en artikel 10 van de wet van 1 juni 1849 "op de herziening van den |
tarief in lyfstraffelyke zaken ", in die zin geïnterpreteerd dat zij | tarief in lyfstraffelyke zaken ", in die zin geïnterpreteerd dat zij |
de door het parket in de loop van het strafrechtelijk vooronderzoek of | de door het parket in de loop van het strafrechtelijk vooronderzoek of |
het gerechtelijk onderzoek aangestelde deskundige niet zouden | het gerechtelijk onderzoek aangestelde deskundige niet zouden |
verplichten de regels na te leven betreffende het contradictoir | verplichten de regels na te leven betreffende het contradictoir |
karakter, die in burgerlijke zaken bij de artikelen 962 en volgende | karakter, die in burgerlijke zaken bij de artikelen 962 en volgende |
van het Gerechtelijk Wetboek zijn vastgesteld of op zijn minst een | van het Gerechtelijk Wetboek zijn vastgesteld of op zijn minst een |
minimum aan regels betreffende het contradictoir karakter ? » | minimum aan regels betreffende het contradictoir karakter ? » |
Die zaken zijn ingeschreven respectievelijk onder de nummers 1203, | Die zaken zijn ingeschreven respectievelijk onder de nummers 1203, |
1252 en 1276 van de rol van het Hof en zijn gevoegd bij de zaak met | 1252 en 1276 van de rol van het Hof en zijn gevoegd bij de zaak met |
rolnummer 1136. | rolnummer 1136. |
De griffier, | De griffier, |
L. Potoms. | L. Potoms. |