Etaamb.openjustice.be
Meertalige weergave van Koninklijk Besluit van 19/11/2017
← Terug naar "Koninklijk besluit waarbij algemeen verbindend wordt verklaard de collectieve arbeidsovereenkomst van 8 juni 2017, gesloten in het Paritair Comité voor het bont en kleinvel, betreffende de toekenning van een aanvullende vergoeding ten gunste van sommige oudere werknemers die worden ontslagen en die op het ogenblik van de beëindiging van de arbeidsovereenkomst 58 jaar of ouder zijn in 2017 en 59 jaar of ouder in 2018 met een beroepsverleden van minstens 40 jaar als loontrekkende "
Koninklijk besluit waarbij algemeen verbindend wordt verklaard de collectieve arbeidsovereenkomst van 8 juni 2017, gesloten in het Paritair Comité voor het bont en kleinvel, betreffende de toekenning van een aanvullende vergoeding ten gunste van sommige oudere werknemers die worden ontslagen en die op het ogenblik van de beëindiging van de arbeidsovereenkomst 58 jaar of ouder zijn in 2017 en 59 jaar of ouder in 2018 met een beroepsverleden van minstens 40 jaar als loontrekkende Koninklijk besluit waarbij algemeen verbindend wordt verklaard de collectieve arbeidsovereenkomst van 8 juni 2017, gesloten in het Paritair Comité voor het bont en kleinvel, betreffende de toekenning van een aanvullende vergoeding ten gunste van sommige oudere werknemers die worden ontslagen en die op het ogenblik van de beëindiging van de arbeidsovereenkomst 58 jaar of ouder zijn in 2017 en 59 jaar of ouder in 2018 met een beroepsverleden van minstens 40 jaar als loontrekkende
FEDERALE OVERHEIDSDIENST WERKGELEGENHEID, ARBEID EN SOCIAAL OVERLEG FEDERALE OVERHEIDSDIENST WERKGELEGENHEID, ARBEID EN SOCIAAL OVERLEG
19 NOVEMBER 2017. - Koninklijk besluit waarbij algemeen verbindend 19 NOVEMBER 2017. - Koninklijk besluit waarbij algemeen verbindend
wordt verklaard de collectieve arbeidsovereenkomst van 8 juni 2017, wordt verklaard de collectieve arbeidsovereenkomst van 8 juni 2017,
gesloten in het Paritair Comité voor het bont en kleinvel, betreffende gesloten in het Paritair Comité voor het bont en kleinvel, betreffende
de toekenning van een aanvullende vergoeding ten gunste van sommige de toekenning van een aanvullende vergoeding ten gunste van sommige
oudere werknemers die worden ontslagen en die op het ogenblik van de oudere werknemers die worden ontslagen en die op het ogenblik van de
beëindiging van de arbeidsovereenkomst 58 jaar of ouder zijn in 2017 beëindiging van de arbeidsovereenkomst 58 jaar of ouder zijn in 2017
en 59 jaar of ouder in 2018 met een beroepsverleden van minstens 40 en 59 jaar of ouder in 2018 met een beroepsverleden van minstens 40
jaar als loontrekkende (1) jaar als loontrekkende (1)
FILIP, Koning der Belgen, FILIP, Koning der Belgen,
Aan allen die nu zijn en hierna wezen zullen, Onze Groet. Aan allen die nu zijn en hierna wezen zullen, Onze Groet.
Gelet op de wet van 5 december 1968 betreffende de collectieve Gelet op de wet van 5 december 1968 betreffende de collectieve
arbeidsovereenkomsten en de paritaire comités, inzonderheid op artikel arbeidsovereenkomsten en de paritaire comités, inzonderheid op artikel
28; 28;
Gelet op het verzoek van het Paritair Comité voor het bont en Gelet op het verzoek van het Paritair Comité voor het bont en
kleinvel; kleinvel;
Op de voordracht van de Minister van Werk, Op de voordracht van de Minister van Werk,
Hebben Wij besloten en besluiten Wij : Hebben Wij besloten en besluiten Wij :

Artikel 1.Algemeen verbindend wordt verklaard de als bijlage

Artikel 1.Algemeen verbindend wordt verklaard de als bijlage

overgenomen collectieve arbeidsovereenkomst van 8 juni 2017, gesloten overgenomen collectieve arbeidsovereenkomst van 8 juni 2017, gesloten
in het Paritair Comité voor het bont en kleinvel, betreffende de in het Paritair Comité voor het bont en kleinvel, betreffende de
toekenning van een aanvullende vergoeding ten gunste van sommige toekenning van een aanvullende vergoeding ten gunste van sommige
oudere werknemers die worden ontslagen en die op het ogenblik van de oudere werknemers die worden ontslagen en die op het ogenblik van de
beëindiging van de arbeidsovereenkomst 58 jaar of ouder zijn in 2017 beëindiging van de arbeidsovereenkomst 58 jaar of ouder zijn in 2017
en 59 jaar of ouder in 2018 met een beroepsverleden van minstens 40 en 59 jaar of ouder in 2018 met een beroepsverleden van minstens 40
jaar als loontrekkende. jaar als loontrekkende.

Art. 2.De minister bevoegd voor Werk is belast met de uitvoering van

Art. 2.De minister bevoegd voor Werk is belast met de uitvoering van

dit besluit. dit besluit.
Gegeven te Brussel, 19 november 2017. Gegeven te Brussel, 19 november 2017.
FILIP FILIP
Van Koningswege : Van Koningswege :
De Minister van Werk, De Minister van Werk,
K. PEETERS K. PEETERS
_______ _______
Nota Nota
(1) Verwijzing naar het Belgisch Staatsblad : (1) Verwijzing naar het Belgisch Staatsblad :
Wet van 5 december 1968, Belgisch Staatsblad van 15 januari 1969. Wet van 5 december 1968, Belgisch Staatsblad van 15 januari 1969.
Bijlage Bijlage
Paritair Comité voor het bont en kleinvel Paritair Comité voor het bont en kleinvel
Collectieve arbeidsovereenkomst van 8 juni 2017 Collectieve arbeidsovereenkomst van 8 juni 2017
Toekenning van een aanvullende vergoeding ten gunste van sommige Toekenning van een aanvullende vergoeding ten gunste van sommige
oudere werknemers die worden ontslagen en die op het ogenblik van de oudere werknemers die worden ontslagen en die op het ogenblik van de
beëindiging van de arbeidsovereenkomst 58 jaar of ouder zijn in 2017 beëindiging van de arbeidsovereenkomst 58 jaar of ouder zijn in 2017
en 59 jaar of ouder in 2018 met een beroepsverleden van minstens 40 en 59 jaar of ouder in 2018 met een beroepsverleden van minstens 40
jaar als loontrekkende (Overeenkomst geregistreerd op 11 juli 2017 jaar als loontrekkende (Overeenkomst geregistreerd op 11 juli 2017
onder het nummer 140258/CO/148) onder het nummer 140258/CO/148)
HOOFDSTUK I. - Toepassingsgebied HOOFDSTUK I. - Toepassingsgebied

Artikel 1.Deze collectieve arbeidsovereenkomst is van toepassing op

Artikel 1.Deze collectieve arbeidsovereenkomst is van toepassing op

alle werkgevers en op de arbeiders en arbeidsters, hierna "werknemers" alle werkgevers en op de arbeiders en arbeidsters, hierna "werknemers"
genoemd, van alle ondernemingen die onder het Paritair Comité voor het genoemd, van alle ondernemingen die onder het Paritair Comité voor het
bont en kleinvel ressorteren, met uitzondering van de werkgevers en bont en kleinvel ressorteren, met uitzondering van de werkgevers en
werknemers van de ondernemingen die zich bezig houden met de fabricage werknemers van de ondernemingen die zich bezig houden met de fabricage
van bontwerk (voorheen PSC 148.03) en van de pelslooierijen (voorheen van bontwerk (voorheen PSC 148.03) en van de pelslooierijen (voorheen
PSC 148.05). PSC 148.05).

Art. 2.Deze collectieve arbeidsovereenkomst is voor alle

Art. 2.Deze collectieve arbeidsovereenkomst is voor alle

duidelijkheid van toepassing op alle werknemers die door een duidelijkheid van toepassing op alle werknemers die door een
arbeidsovereenkomst verbonden zijn, ongeacht of deze voor onbepaalde arbeidsovereenkomst verbonden zijn, ongeacht of deze voor onbepaalde
dan wel bepaalde duur werd afgesloten, voor zover zij aanspraak kunnen dan wel bepaalde duur werd afgesloten, voor zover zij aanspraak kunnen
maken op de werkloosheidsvergoedingen en voldoen aan de leeftijds- en maken op de werkloosheidsvergoedingen en voldoen aan de leeftijds- en
loopbaanvoorwaarden van artikelen 4 en 5. loopbaanvoorwaarden van artikelen 4 en 5.
HOOFDSTUK II. - Leeftijds- en loopbaanvoorwaarden HOOFDSTUK II. - Leeftijds- en loopbaanvoorwaarden

Art. 3.Leeftijdsvoorwaarde

Art. 3.Leeftijdsvoorwaarde

Kunnen aanspraak maken op het stelsel van werkloosheid met Kunnen aanspraak maken op het stelsel van werkloosheid met
bedrijfstoeslag, de werknemers die worden ontslagen en de leeftijd van bedrijfstoeslag, de werknemers die worden ontslagen en de leeftijd van
58 jaar hebben bereikt in 2017 en 59 jaar in 2018. 58 jaar hebben bereikt in 2017 en 59 jaar in 2018.

Art. 4.Loopbaanvoorwaarde

Art. 4.Loopbaanvoorwaarde

Om echter recht te kunnen laten gelden op het stelsel van werkloosheid Om echter recht te kunnen laten gelden op het stelsel van werkloosheid
met bedrijfstoeslag, dient de werknemer niet alleen de door de met bedrijfstoeslag, dient de werknemer niet alleen de door de
wetgeving gestelde loopbaanvereiste te vervullen (40 jaar wetgeving gestelde loopbaanvereiste te vervullen (40 jaar
beroepsverleden als loontrekkende op het ogenblik van de beëindiging beroepsverleden als loontrekkende op het ogenblik van de beëindiging
van de arbeidsovereenkomst), doch dient hij/zij bovendien een loopbaan van de arbeidsovereenkomst), doch dient hij/zij bovendien een loopbaan
te kunnen bewijzen van ten minste 15 jaar bij de werkgever die te kunnen bewijzen van ten minste 15 jaar bij de werkgever die
hem/haar ontslaat. Indien de werknemer dit bewijs niet kan leveren, hem/haar ontslaat. Indien de werknemer dit bewijs niet kan leveren,
dient hij/zij een loopbaan te bewijzen van minimum 20 jaar in de dient hij/zij een loopbaan te bewijzen van minimum 20 jaar in de
sector waarvan minstens 8 jaar bij de werkgever die hem/haar ontslaat. sector waarvan minstens 8 jaar bij de werkgever die hem/haar ontslaat.
HOOFDSTUK III. - Aanvullende vergoeding/"Bedrijfstoeslag" HOOFDSTUK III. - Aanvullende vergoeding/"Bedrijfstoeslag"

Art. 5.De werknemers omschreven in artikelen 1 en 2 hebben recht op

Art. 5.De werknemers omschreven in artikelen 1 en 2 hebben recht op

een bijkomende vergoeding ten laste van de werkgever op voorwaarde dat een bijkomende vergoeding ten laste van de werkgever op voorwaarde dat
zij aanspraak kunnen maken op de werkloosheidsvergoeding voor personen zij aanspraak kunnen maken op de werkloosheidsvergoeding voor personen
in het stelsel van werkloosheid met bedrijfstoeslag. Deze aanvullende in het stelsel van werkloosheid met bedrijfstoeslag. Deze aanvullende
vergoeding wordt maandelijks betaald. vergoeding wordt maandelijks betaald.
Bovendien en krachtens artikelen 4bis, 4ter en 4quater van de Bovendien en krachtens artikelen 4bis, 4ter en 4quater van de
collectieve arbeidsovereenkomst nr. 17 van de Nationale Arbeidsraad collectieve arbeidsovereenkomst nr. 17 van de Nationale Arbeidsraad
van 19 december 1974, hebben werknemers in het stelsel van van 19 december 1974, hebben werknemers in het stelsel van
werkloosheid met bedrijfstoeslag die opnieuw aan de slag gaan als werkloosheid met bedrijfstoeslag die opnieuw aan de slag gaan als
werknemer of zelfstandige in hoofdberoep, maar bij of voor rekening werknemer of zelfstandige in hoofdberoep, maar bij of voor rekening
van een andere werkgever dan diegene die hen ontslag met SWT hadden van een andere werkgever dan diegene die hen ontslag met SWT hadden
gegeven, recht op behoud van deze aanvullende bedrijfstoeslag ten gegeven, recht op behoud van deze aanvullende bedrijfstoeslag ten
laste van deze laatste werkgever die hen ontslag heeft gegeven. laste van deze laatste werkgever die hen ontslag heeft gegeven.
Zo ook behouden deze werknemers het recht op deze bedrijfstoeslag, Zo ook behouden deze werknemers het recht op deze bedrijfstoeslag,
wanneer hun nieuwe tewerkstelling bij een andere werkgever of als wanneer hun nieuwe tewerkstelling bij een andere werkgever of als
zelfstandige wordt beëindigd. In dat geval moeten zij wel het bewijs zelfstandige wordt beëindigd. In dat geval moeten zij wel het bewijs
leveren dat zij opnieuw recht hebben op werkloosheidsvergoedingen. leveren dat zij opnieuw recht hebben op werkloosheidsvergoedingen.

Art. 6.De aanvullende vergoeding of bedrijfstoeslag, volgens de

Art. 6.De aanvullende vergoeding of bedrijfstoeslag, volgens de

berekeningsmethode bepaald door het paritair (sub)comité, wordt berekeningsmethode bepaald door het paritair (sub)comité, wordt
toegekend vanaf het einde van de normale wettelijke opzeggingstermijn toegekend vanaf het einde van de normale wettelijke opzeggingstermijn
tot de pensioengerechtigde leeftijd. tot de pensioengerechtigde leeftijd.
De aanvullende vergoeding bestaat uit de helft (50 pct.) van het De aanvullende vergoeding bestaat uit de helft (50 pct.) van het
verschil van de werkloosheidsvergoeding en het netto refertemaandloon. verschil van de werkloosheidsvergoeding en het netto refertemaandloon.
De sociale en/of fiscale afhoudingen op de aanvullende vergoeding De sociale en/of fiscale afhoudingen op de aanvullende vergoeding
("bedrijfstoeslag") vallen ten laste van de werknemer. ("bedrijfstoeslag") vallen ten laste van de werknemer.

Art. 7.De bedrijfstoeslag (of voorheen genoemd : "aanvullende

Art. 7.De bedrijfstoeslag (of voorheen genoemd : "aanvullende

vergoeding"), zoals bepaald in artikel 6, is gekoppeld aan de evolutie vergoeding"), zoals bepaald in artikel 6, is gekoppeld aan de evolutie
van het indexcijfer van de consumptieprijzen, zoals dat is voorzien : van het indexcijfer van de consumptieprijzen, zoals dat is voorzien :
- in de collectieve arbeidsovereenkomst van 30 maart 1993 tot - in de collectieve arbeidsovereenkomst van 30 maart 1993 tot
vaststelling van de loon- en arbeidsvoorwaarden, afgesloten in het vaststelling van de loon- en arbeidsvoorwaarden, afgesloten in het
Paritair Subcomité voor de haarsnijderijen (PSC 148.01) Paritair Subcomité voor de haarsnijderijen (PSC 148.01)
(registratienr. 32498); (registratienr. 32498);
- en met ingang van 1 april 2014 in de collectieve arbeidsovereenkomst - en met ingang van 1 april 2014 in de collectieve arbeidsovereenkomst
betreffende de koppeling van de lonen van het indexcijfer der betreffende de koppeling van de lonen van het indexcijfer der
consumptieprijzen, afgesloten in het Paritair Comité voor het bont en consumptieprijzen, afgesloten in het Paritair Comité voor het bont en
kleinvel (PC 148) (registratienr. 121161). kleinvel (PC 148) (registratienr. 121161).

Art. 8.De opzegging van de individuele arbeidsovereenkomst van de

Art. 8.De opzegging van de individuele arbeidsovereenkomst van de

werknemer zal slechts worden gegeven als blijkt dat de betrokken werknemer zal slechts worden gegeven als blijkt dat de betrokken
werknemer in aanmerking komt voor werkloosheidsvergoeding voor werknemer in aanmerking komt voor werkloosheidsvergoeding voor
bruggepensioneerden (personen in het "stelsel van werkloosheid met bruggepensioneerden (personen in het "stelsel van werkloosheid met
bedrijfstoeslag"), onder meer wat de leeftijds- en loopbaanvereisten bedrijfstoeslag"), onder meer wat de leeftijds- en loopbaanvereisten
betreft zoals bepaald in artikelen 3 en 4. betreft zoals bepaald in artikelen 3 en 4.

Art. 9.De werkgever die met het oog op brugpensioen ("stelsel van

Art. 9.De werkgever die met het oog op brugpensioen ("stelsel van

werkloosheid met bedrijfstoeslag") zijn werknemer ontslaat, is werkloosheid met bedrijfstoeslag") zijn werknemer ontslaat, is
verplicht die te vervangen door een volledig uitkeringsgerechtigde verplicht die te vervangen door een volledig uitkeringsgerechtigde
werkloze of door een andere persoon, zoals voorzien bij koninklijk werkloze of door een andere persoon, zoals voorzien bij koninklijk
besluit van 3 mei 2007 en binnen de termijn in dit koninklijk besluit besluit van 3 mei 2007 en binnen de termijn in dit koninklijk besluit
bepaald. bepaald.
In vervanging moet voorzien worden gedurende ten minste 36 maanden. In vervanging moet voorzien worden gedurende ten minste 36 maanden.
Bij niet-vervanging worden automatisch de sancties toegepast voorzien Bij niet-vervanging worden automatisch de sancties toegepast voorzien
in het koninklijk besluit van 3 mei 2007. De onderneming die in het koninklijk besluit van 3 mei 2007. De onderneming die
beantwoordt aan één der zes criteria vernoemd in het koninklijk beantwoordt aan één der zes criteria vernoemd in het koninklijk
besluit van 3 mei 2007 met betrekking tot de definiëring van bedrijven besluit van 3 mei 2007 met betrekking tot de definiëring van bedrijven
in moeilijkheden of in herstructurering en die aldus erkend is door de in moeilijkheden of in herstructurering en die aldus erkend is door de
Minister van Werk, kan van vervanging worden vrijgesteld. Minister van Werk, kan van vervanging worden vrijgesteld.
HOOFDSTUK IV. - Geldigheidsduur HOOFDSTUK IV. - Geldigheidsduur

Art. 10.Deze collectieve arbeidsovereenkomst heeft uitwerking met

Art. 10.Deze collectieve arbeidsovereenkomst heeft uitwerking met

ingang van 1 januari 2017 en houdt op van kracht te zijn op 1 januari ingang van 1 januari 2017 en houdt op van kracht te zijn op 1 januari
2019. 2019.
Gezien om te worden gevoegd bij het koninklijk besluit van 19 novembre Gezien om te worden gevoegd bij het koninklijk besluit van 19 novembre
2017. 2017.
De Minister van Werk, De Minister van Werk,
K. PEETERS K. PEETERS
^