Etaamb.openjustice.be
Meertalige weergave van Koninklijk Besluit van 19/11/1998
← Terug naar "Koninklijk besluit houdende toekenning van een toelage van 2 086 364 BF aan de V.Z.W. Werklozenwerking "
Koninklijk besluit houdende toekenning van een toelage van 2 086 364 BF aan de V.Z.W. Werklozenwerking Koninklijk besluit houdende toekenning van een toelage van 2 086 364 BF aan de V.Z.W. Werklozenwerking
MINISTERIE VAN SOCIALE ZAKEN, VOLKSGEZONDHEID EN LEEFMILIEU MINISTERIE VAN SOCIALE ZAKEN, VOLKSGEZONDHEID EN LEEFMILIEU
19 NOVEMBER 1998. - Koninklijk besluit houdende toekenning van een 19 NOVEMBER 1998. - Koninklijk besluit houdende toekenning van een
toelage van 2 086 364 BF aan de V.Z.W. Werklozenwerking toelage van 2 086 364 BF aan de V.Z.W. Werklozenwerking
ALBERT II, Koning der Belgen, ALBERT II, Koning der Belgen,
Aan allen die nu zijn en hierna wezen zullen, Onze Groet. Aan allen die nu zijn en hierna wezen zullen, Onze Groet.
Gelet op de wet van 19 december 1997 houdende de algemene Gelet op de wet van 19 december 1997 houdende de algemene
uitgavenbegroting voor het begrotingsjaar 1998, inzonderheid programma uitgavenbegroting voor het begrotingsjaar 1998, inzonderheid programma
26.55.1; 26.55.1;
Gelet op de wetten op de Rijkscomptabiliteit, gecoördineerd in het Gelet op de wetten op de Rijkscomptabiliteit, gecoördineerd in het
koninklijk besluit van 17 juli 1991, inzonderheid de artikelen 55 en koninklijk besluit van 17 juli 1991, inzonderheid de artikelen 55 en
58; 58;
Gelet op het koninklijk besluit van 7 augustus 1995 houdende Gelet op het koninklijk besluit van 7 augustus 1995 houdende
vaststelling van bepaalde ministeriële bevoegdheden met betrekking tot vaststelling van bepaalde ministeriële bevoegdheden met betrekking tot
het Ministerie van Volksgezondheid en Leefmilieu, inzonderheid artikel het Ministerie van Volksgezondheid en Leefmilieu, inzonderheid artikel
6; 6;
Gelet op het koninklijk besluit van 16 november 1994 betreffende de Gelet op het koninklijk besluit van 16 november 1994 betreffende de
administratieve en begrotingscontrole, inzonderheid artikel 22; administratieve en begrotingscontrole, inzonderheid artikel 22;
Overwegende dat de Staatssecretaris voor Veiligheid, Maatschappelijke Overwegende dat de Staatssecretaris voor Veiligheid, Maatschappelijke
Integratie en Leefmilieu o.m. belast is met het stimuleren van Integratie en Leefmilieu o.m. belast is met het stimuleren van
initiatieven gericht op de integratie van groepen in de samenleving initiatieven gericht op de integratie van groepen in de samenleving
die, omwille van financiële, familiale of maatschappelijke die, omwille van financiële, familiale of maatschappelijke
omstandigheden, niet volwaardig deelnemen; omstandigheden, niet volwaardig deelnemen;
Overwegende dat de Staatssecretaris voor Veiligheid, Maatschappelijke Overwegende dat de Staatssecretaris voor Veiligheid, Maatschappelijke
Integratie en Leefmilieu in opvolging van het Algemeen Verslag over de Integratie en Leefmilieu in opvolging van het Algemeen Verslag over de
Armoede en van de voorstellen van de Interministeriële Conferentie Armoede en van de voorstellen van de Interministeriële Conferentie
Sociale Integratie een aantal maatregelen heeft genomen op het gebied Sociale Integratie een aantal maatregelen heeft genomen op het gebied
van het recht op werk en meer bepaald inzake de beroepsinschakeling van het recht op werk en meer bepaald inzake de beroepsinschakeling
van gerechtigden op het bestaansminimum en op maatschappelijke van gerechtigden op het bestaansminimum en op maatschappelijke
dienstverlening, waardoor de mogelijkheden op het gebied van dienstverlening, waardoor de mogelijkheden op het gebied van
tewerkstelling werden gediversifieerd en verbeterd; tewerkstelling werden gediversifieerd en verbeterd;
Overwegende dat het aangewezen is om de genomen beleidsmaatregelen op Overwegende dat het aangewezen is om de genomen beleidsmaatregelen op
het terrein praktisch te implementeren en te omkaderen; het terrein praktisch te implementeren en te omkaderen;
Overwegende dat de V.Z.W. Werklozenwerking via een actieonderzoek de Overwegende dat de V.Z.W. Werklozenwerking via een actieonderzoek de
tewerkstelling van risicogroepen en de creatie van tewerkstelling op tewerkstelling van risicogroepen en de creatie van tewerkstelling op
lokaal niveau wil bevorderen; lokaal niveau wil bevorderen;
Overwegende dat de ondersteuning van de lokale tewerkstelling Overwegende dat de ondersteuning van de lokale tewerkstelling
noodzakelijk is; noodzakelijk is;
Gelet op het advies van de Inspectie van Financiën, gegeven op 30 Gelet op het advies van de Inspectie van Financiën, gegeven op 30
oktober 1998; oktober 1998;
Op de voordracht van Onze Minister van Volksgezondheid en van Onze Op de voordracht van Onze Minister van Volksgezondheid en van Onze
Staatssecretaris voor Maatschappelijke Integratie, Staatssecretaris voor Maatschappelijke Integratie,
Hebben Wij besloten en besluiten Wij : Hebben Wij besloten en besluiten Wij :

Artikel 1.Een toelage van twee miljoen zesentachtigduizend

Artikel 1.Een toelage van twee miljoen zesentachtigduizend

driehonderd vierenzestig frank (2 086 364 BF), aan te rekenen op het driehonderd vierenzestig frank (2 086 364 BF), aan te rekenen op het
krediet van het Ministerie van Sociale Zaken, Volksgezondheid en krediet van het Ministerie van Sociale Zaken, Volksgezondheid en
Leefmilieu voor het begrotingsjaar 1998, organisatieafdeling 55, b.a. Leefmilieu voor het begrotingsjaar 1998, organisatieafdeling 55, b.a.
55.11.12.34, wordt toegekend aan de V.Z.W. Werklozenwerking, met zetel 55.11.12.34, wordt toegekend aan de V.Z.W. Werklozenwerking, met zetel
Hoogstraat 42, 1000 Brussel, te betalen op rekeningnummer Hoogstraat 42, 1000 Brussel, te betalen op rekeningnummer
870-0060434-66. 870-0060434-66.

Art. 2.De toelage heeft als doel de V.Z.W. Werklozenwerking in staat

Art. 2.De toelage heeft als doel de V.Z.W. Werklozenwerking in staat

te stellen, in opvolging van het Algemeen Verslag over de Armoede, te stellen, in opvolging van het Algemeen Verslag over de Armoede,
actieonderzoek te verrichten ter bevordering van de lokale actieonderzoek te verrichten ter bevordering van de lokale
tewerkstelling. tewerkstelling.
De V.Z.W. Werklozenwerking zal daartoe een actieplan opstellen, om via De V.Z.W. Werklozenwerking zal daartoe een actieplan opstellen, om via
een inventaris van het bestaande en van de knelpunten te komen tot een inventaris van het bestaande en van de knelpunten te komen tot
operationele modellen en scenario's die kunnen toegepast worden op operationele modellen en scenario's die kunnen toegepast worden op
lokaal vlak. lokaal vlak.
De VZW Werklozenwerking zal de lokale tewerkstelling van De VZW Werklozenwerking zal de lokale tewerkstelling van
bestaansminimumgerechtigden en risicogroepen ondersteunen door het bestaansminimumgerechtigden en risicogroepen ondersteunen door het
ontwikkelen van materialen, zoals : ontwikkelen van materialen, zoals :
- het uitwerken van een draaiboek "lokale tewerkstelling voor - het uitwerken van een draaiboek "lokale tewerkstelling voor
bestaansminimumgerechtigden en risicogroepen"; bestaansminimumgerechtigden en risicogroepen";
- het opstellen van een informatiebank over lokale werkgelegenheid, - het opstellen van een informatiebank over lokale werkgelegenheid,
geconcretiseerd in een brochure "sociale tewerkstelling"; geconcretiseerd in een brochure "sociale tewerkstelling";
- het ontwikkelen en organiseren van een opleidingsprogramma. - het ontwikkelen en organiseren van een opleidingsprogramma.

Art. 3.Gedurende de periode van het project, dat loopt van 1

Art. 3.Gedurende de periode van het project, dat loopt van 1

september 1998 tot 31 augustus 1999, zal de V.Z.W. Werklozenwerking september 1998 tot 31 augustus 1999, zal de V.Z.W. Werklozenwerking
minstens twee maal schriftelijk en mondeling toelichting geven bij de minstens twee maal schriftelijk en mondeling toelichting geven bij de
stand van zaken aan een begeleidingscomité. stand van zaken aan een begeleidingscomité.
Dit comité bestaat minstens uit een vertegenwoordiger van het kabinet Dit comité bestaat minstens uit een vertegenwoordiger van het kabinet
van de Staatssecretaris voor Veiligheid, Maatschappelijke Integratie van de Staatssecretaris voor Veiligheid, Maatschappelijke Integratie
en Leefmilieu en een vertegenwoordiger van het Ministerie van Sociale en Leefmilieu en een vertegenwoordiger van het Ministerie van Sociale
Zaken, Volksgezondheid en Leefmilieu, Bestuursdirectie voor het Zaken, Volksgezondheid en Leefmilieu, Bestuursdirectie voor het
Maatschappelijk Welzijn. Maatschappelijk Welzijn.
Tegen 31 augustus 1999 zal een eindrapport in 10 exemplaren in de Tegen 31 augustus 1999 zal een eindrapport in 10 exemplaren in de
Nederlandse taal bezorgd worden, waarin het project wordt beschreven. Nederlandse taal bezorgd worden, waarin het project wordt beschreven.

Art. 4.De projectkosten, gedragen door de toelage, worden begroot als

Art. 4.De projectkosten, gedragen door de toelage, worden begroot als

volgt : volgt :
Voor de raadpleging van de tabel, zie beeld Voor de raadpleging van de tabel, zie beeld

Art. 5.§ 1. Het toegekende bedrag zal in vier schijven worden betaald

Art. 5.§ 1. Het toegekende bedrag zal in vier schijven worden betaald

: :
Een eerste schijf van 30 % wordt betaald na de aanvang van het Een eerste schijf van 30 % wordt betaald na de aanvang van het
project, na akkoord van de opdrachtgever. project, na akkoord van de opdrachtgever.
Een tweede schijf van 30 % zal betaald worden zes maanden na aanvang, Een tweede schijf van 30 % zal betaald worden zes maanden na aanvang,
mits een tussentijdse mondelinge en schriftelijke rapportering over mits een tussentijdse mondelinge en schriftelijke rapportering over
het verloop van het onderzoek, na voorlegging van de noodzakelijke het verloop van het onderzoek, na voorlegging van de noodzakelijke
verantwoordingsstukken en na akkoord van de opdrachtgever. verantwoordingsstukken en na akkoord van de opdrachtgever.
Een derde schijf van 30 % zal betaald worden negen maanden na aanvang, Een derde schijf van 30 % zal betaald worden negen maanden na aanvang,
na voorlegging van de noodzakelijke verantwoordingsstukken en na na voorlegging van de noodzakelijke verantwoordingsstukken en na
akkoord van de opdrachtgever. akkoord van de opdrachtgever.
Een saldo van 10 % zal betaald worden bij het beëindigen van de Een saldo van 10 % zal betaald worden bij het beëindigen van de
periode, na voorlegging van de noodzakelijke verantwoordingsstukken en periode, na voorlegging van de noodzakelijke verantwoordingsstukken en
oplevering van het eindrapport en na akkoord van de opdrachtgever. oplevering van het eindrapport en na akkoord van de opdrachtgever.
§ 2. De bewijsstukken worden gedateerd, ondertekend door de § 2. De bewijsstukken worden gedateerd, ondertekend door de
opdrachtnemer en voor de gevorderde sommen voor waar en echt opdrachtnemer en voor de gevorderde sommen voor waar en echt
verklaard. Zij worden in drie exemplaren ingediend. verklaard. Zij worden in drie exemplaren ingediend.
§ 3. Alle schuldvorderingen en verantwoordingsstukken in het kader van § 3. Alle schuldvorderingen en verantwoordingsstukken in het kader van
dit project dienen uiterlijk op 30 oktober 1999 in het bezit te zijn dit project dienen uiterlijk op 30 oktober 1999 in het bezit te zijn
van de administratie. van de administratie.
§ 4. Op de administratieve verwerking wordt toegezien door de § 4. Op de administratieve verwerking wordt toegezien door de
Bestuursdirectie voor het Maatschappelijk Welzijn van het Ministerie Bestuursdirectie voor het Maatschappelijk Welzijn van het Ministerie
van Sociale Zaken, Volksgezondheid en Leefmilieu, Zwarte van Sociale Zaken, Volksgezondheid en Leefmilieu, Zwarte
Lievevrouwstraat 3C, 1000 Brussel, 5de verdieping. Alle briefwisseling Lievevrouwstraat 3C, 1000 Brussel, 5de verdieping. Alle briefwisseling
in verband met de administratieve verwerking in het kader van dit in verband met de administratieve verwerking in het kader van dit
project wordt aan dit adres gericht. project wordt aan dit adres gericht.
In geval van betwisting zijn enkel de Brusselse rechtbanken bevoegd. In geval van betwisting zijn enkel de Brusselse rechtbanken bevoegd.

Art. 6.Onze Minister van Volksgezondheid en Onze Staatssecretaris

Art. 6.Onze Minister van Volksgezondheid en Onze Staatssecretaris

voor Maatschappelijke Integratie zijn, ieder wat hem betreft, belast voor Maatschappelijke Integratie zijn, ieder wat hem betreft, belast
met de uitvoering van dit besluit. met de uitvoering van dit besluit.
Gegeven te Brussel, 19 november 1998. Gegeven te Brussel, 19 november 1998.
ALBERT ALBERT
Van Koningswege : Van Koningswege :
De Minister van Volksgezondheid, De Minister van Volksgezondheid,
M. COLLA M. COLLA
De Staatssecretaris voor Maatschappelijke Integratie, De Staatssecretaris voor Maatschappelijke Integratie,
J. PEETERS J. PEETERS
^