Koninklijk besluit tot uitvoering van de artikelen 5 en 6 van de archiefwet van 24 juni 1955 | Koninklijk besluit tot uitvoering van de artikelen 5 en 6 van de archiefwet van 24 juni 1955 |
---|---|
PROGRAMMATORISCHE FEDERALE OVERHEIDSDIENST WETENSCHAPSBELEID | PROGRAMMATORISCHE FEDERALE OVERHEIDSDIENST WETENSCHAPSBELEID |
18 AUGUSTUS 2010. - Koninklijk besluit tot uitvoering van de artikelen | 18 AUGUSTUS 2010. - Koninklijk besluit tot uitvoering van de artikelen |
5 en 6 van de archiefwet van 24 juni 1955 | 5 en 6 van de archiefwet van 24 juni 1955 |
VERSLAG AAN DE KONING | VERSLAG AAN DE KONING |
Sire, | Sire, |
De wet van 6 mei 2009 houdende diverse bepalingen heeft onder meer de | De wet van 6 mei 2009 houdende diverse bepalingen heeft onder meer de |
Archiefwet van 24 juni 1955 grondig gewijzigd. In zijn nieuw artikel | Archiefwet van 24 juni 1955 grondig gewijzigd. In zijn nieuw artikel |
6, § 2, is bepaald dat de Koning de wijze vastlegt waarop de algemeen | 6, § 2, is bepaald dat de Koning de wijze vastlegt waarop de algemeen |
rijksarchivaris of diens gemachtigden het toezicht uitoefenen op de | rijksarchivaris of diens gemachtigden het toezicht uitoefenen op de |
archieven van de overheden als bedoeld in artikel 1, § 1 en § 2 van de | archieven van de overheden als bedoeld in artikel 1, § 1 en § 2 van de |
Archiefwet. | Archiefwet. |
Artikel 5 van dezelfde wet van 24 juni 1955 bepaalt dat de voornoemde | Artikel 5 van dezelfde wet van 24 juni 1955 bepaalt dat de voornoemde |
overheden geen enkel archiefdocument mogen vernietigen zonder | overheden geen enkel archiefdocument mogen vernietigen zonder |
toestemming van de algemeen rijksarchivaris of van diens gemachtigden. | toestemming van de algemeen rijksarchivaris of van diens gemachtigden. |
Het ontwerp van besluit, dat ik de eer heb ter ondertekening aan Uwe | Het ontwerp van besluit, dat ik de eer heb ter ondertekening aan Uwe |
Majesteit voor te leggen, strekt ertoe te voorzien in de uitvoering | Majesteit voor te leggen, strekt ertoe te voorzien in de uitvoering |
van die bepalingen. | van die bepalingen. |
Op 4 mei 2010 heeft de Raad van State zijn advies (nr. 48.101/1) | Op 4 mei 2010 heeft de Raad van State zijn advies (nr. 48.101/1) |
uitgebracht over het ontwerp van koninklijk besluit houdende | uitgebracht over het ontwerp van koninklijk besluit houdende |
uitvoering van de artikelen 5 en 6 van de Archiefwet van 24 juni 1955. | uitvoering van de artikelen 5 en 6 van de Archiefwet van 24 juni 1955. |
Tijdens de analyse van het ontwerp zal worden geantwoord op de | Tijdens de analyse van het ontwerp zal worden geantwoord op de |
gemaakte opmerkingen. | gemaakte opmerkingen. |
Bespreking van de artikelen | Bespreking van de artikelen |
Artikel 1 bevat een lijst van definities die een vereenvoudigde lezing | Artikel 1 bevat een lijst van definities die een vereenvoudigde lezing |
van het besluit mogelijk maken en die meer bepaald bedoeld is voor de | van het besluit mogelijk maken en die meer bepaald bedoeld is voor de |
ambtenaren die met de toepassing ervan zullen worden belast. | ambtenaren die met de toepassing ervan zullen worden belast. |
De Raad van State merkt op dat er geen rechtsgrond bestaat om in het | De Raad van State merkt op dat er geen rechtsgrond bestaat om in het |
ontwerp van besluit een nadere omschrijving te geven van de overheden | ontwerp van besluit een nadere omschrijving te geven van de overheden |
en openbare instellingen die onder het toepassingsgebied van de wet | en openbare instellingen die onder het toepassingsgebied van de wet |
van 24 juni 1955 vallen. Om aan dat bezwaar tegemoet te komen, beperkt | van 24 juni 1955 vallen. Om aan dat bezwaar tegemoet te komen, beperkt |
het ontwerp er zich toe te verwijzen naar de overheden waarvan sprake | het ontwerp er zich toe te verwijzen naar de overheden waarvan sprake |
in artikel 1 van de Archiefwet. De archieven van de rechtbanken der | in artikel 1 van de Archiefwet. De archieven van de rechtbanken der |
rechterlijke macht, de Raad van State, de rijksbesturen, de provincies | rechterlijke macht, de Raad van State, de rijksbesturen, de provincies |
en de gemeenten, alsook de openbare instellingen die aan hun controle | en de gemeenten, alsook de openbare instellingen die aan hun controle |
of administratief toezicht zijn onderworpen, vallen dus onder het | of administratief toezicht zijn onderworpen, vallen dus onder het |
toepassingsgebied van het ontwerp van besluit. | toepassingsgebied van het ontwerp van besluit. |
De Raad van State merkt verder op dat de omschrijving van het begrip « | De Raad van State merkt verder op dat de omschrijving van het begrip « |
archieven » zeer ruim is en zowel slaat op levende als op dode | archieven » zeer ruim is en zowel slaat op levende als op dode |
archieven, hetgeen vanuit het oogpunt van de institutionele | archieven, hetgeen vanuit het oogpunt van de institutionele |
bevoegdheidsverdeling voor kritiek vatbaar is : in zijn analyse geeft | bevoegdheidsverdeling voor kritiek vatbaar is : in zijn analyse geeft |
de Raad van State aan de Gemeenschappen en Gewesten de bevoegdheid | de Raad van State aan de Gemeenschappen en Gewesten de bevoegdheid |
over de levende archieven in die aangelegenheden die tot hun | over de levende archieven in die aangelegenheden die tot hun |
bevoegdheid behoren, terwijl de federale overheid, op grond van haar | bevoegdheid behoren, terwijl de federale overheid, op grond van haar |
residuaire bevoegdheid, steeds bevoegd is voor de « dode » archieven. | residuaire bevoegdheid, steeds bevoegd is voor de « dode » archieven. |
De ruime omschrijving van het begrip « archieven » wordt behouden in | De ruime omschrijving van het begrip « archieven » wordt behouden in |
het ontwerp van besluit omdat de opdrachten van het Rijksarchief | het ontwerp van besluit omdat de opdrachten van het Rijksarchief |
noodzakelijkerwijs ook betrekking hebben op levende archieven. Het | noodzakelijkerwijs ook betrekking hebben op levende archieven. Het |
Rijksarchief kan zijn taken ten aanzien van dode archieven slechts | Rijksarchief kan zijn taken ten aanzien van dode archieven slechts |
zinvol uitoefenen voor zover het toezicht kan houden op de wijze | zinvol uitoefenen voor zover het toezicht kan houden op de wijze |
waarop archieven bewaard worden op het ogenblik dat ze nog een | waarop archieven bewaard worden op het ogenblik dat ze nog een |
administratief nut hebben en dus nog levend zijn. Dat toezicht is met | administratief nut hebben en dus nog levend zijn. Dat toezicht is met |
name nodig om ervoor te zorgen dat archieven zonder direct nut voor de | name nodig om ervoor te zorgen dat archieven zonder direct nut voor de |
administratie duurzaam bewaard kunnen worden en ter beschikking | administratie duurzaam bewaard kunnen worden en ter beschikking |
gesteld van het publiek. Om dezelfde reden wordt de bevoegdheid van | gesteld van het publiek. Om dezelfde reden wordt de bevoegdheid van |
het Rijksarchief inzake vernietiging van levende archieven behouden. | het Rijksarchief inzake vernietiging van levende archieven behouden. |
Het Rijksarchief kan slechts zijn opdracht op coherente wijze | Het Rijksarchief kan slechts zijn opdracht op coherente wijze |
uitoefenen als het de vernietiging van alle archieven kan verhinderen. | uitoefenen als het de vernietiging van alle archieven kan verhinderen. |
De federale overheid is bovendien in elk geval bevoegd voor de levende | De federale overheid is bovendien in elk geval bevoegd voor de levende |
archieven betreffende die aangelegenheden waarin de provincies en de | archieven betreffende die aangelegenheden waarin de provincies en de |
gemeenten optreden in uitvoering van een federale bevoegdheid. | gemeenten optreden in uitvoering van een federale bevoegdheid. |
De artikelen 2 tot 10 leggen de modaliteiten en fasen vast van het | De artikelen 2 tot 10 leggen de modaliteiten en fasen vast van het |
toezicht op de bewaring van archieven door overheden en behoeven geen | toezicht op de bewaring van archieven door overheden en behoeven geen |
bijzonder commentaar. | bijzonder commentaar. |
Het spreekt voor zich dat de gemachtigden van de algemeen | Het spreekt voor zich dat de gemachtigden van de algemeen |
Rijksarchivaris preciseringen zullen aanbrengen naarmate de overheden | Rijksarchivaris preciseringen zullen aanbrengen naarmate de overheden |
op hen een beroep zullen doen. Nu al zijn zeer gedetailleerde | op hen een beroep zullen doen. Nu al zijn zeer gedetailleerde |
richtlijnen voorhanden in verband met het opstellen van | richtlijnen voorhanden in verband met het opstellen van |
selectielijsten, zowel in genormaliseerde als in elektronische vorm. | selectielijsten, zowel in genormaliseerde als in elektronische vorm. |
Er worden ook opleidingen georganiseerd om de ambtenaren van het | Er worden ook opleidingen georganiseerd om de ambtenaren van het |
Rijksarchief te helpen de informatie zo optimaal mogelijk beschikbaar | Rijksarchief te helpen de informatie zo optimaal mogelijk beschikbaar |
te stellen van de overheden. | te stellen van de overheden. |
De artikelen 11 tot 15 regelen de selectie en de vernietiging van | De artikelen 11 tot 15 regelen de selectie en de vernietiging van |
archieven. Gelet op de opmerkingen van de Raad van State in zijn | archieven. Gelet op de opmerkingen van de Raad van State in zijn |
voornoemd advies, wordt duidelijk bepaald dat, zonder de schriftelijke | voornoemd advies, wordt duidelijk bepaald dat, zonder de schriftelijke |
en uitdrukkelijke toestemming van de algemeen rijksarchivaris of zijn | en uitdrukkelijke toestemming van de algemeen rijksarchivaris of zijn |
gemachtigden, tot geen enkele fysieke vernietiging van archieven mag | gemachtigden, tot geen enkele fysieke vernietiging van archieven mag |
worden overgegaan. Die maatregel dient vooral om toevallige of | worden overgegaan. Die maatregel dient vooral om toevallige of |
accidentele vernietigingen te voorkomen en uit te sluiten, die nadelig | accidentele vernietigingen te voorkomen en uit te sluiten, die nadelig |
kunnen zijn voor de bewaring van het nationaal erfgoed. | kunnen zijn voor de bewaring van het nationaal erfgoed. |
De artikelen 16 tot 18 bevatten een aantal slotbepalingen. De | De artikelen 16 tot 18 bevatten een aantal slotbepalingen. De |
bewarende maatregelen die de algemeen Rijksarchivaris, de betrokken | bewarende maatregelen die de algemeen Rijksarchivaris, de betrokken |
minister of voogdijministers kunnen nemen wanneer een overheid de | minister of voogdijministers kunnen nemen wanneer een overheid de |
bepalingen inzake de overbrenging niet toepast, kunnen onder andere | bepalingen inzake de overbrenging niet toepast, kunnen onder andere |
zijn het verwijderen of het isoleren van besmette archieven, het | zijn het verwijderen of het isoleren van besmette archieven, het |
verpakken van archieven en het inrichten van archiefruimten volgens de | verpakken van archieven en het inrichten van archiefruimten volgens de |
vigerende internationale normen. | vigerende internationale normen. |
Dankzij de voorgestelde maatregelen kan de bewaring van de hedendaagse | Dankzij de voorgestelde maatregelen kan de bewaring van de hedendaagse |
archieven die volstrekt noodzakelijk is, in de beste omstandigheden | archieven die volstrekt noodzakelijk is, in de beste omstandigheden |
geschieden. | geschieden. |
Ik ben zo vrij ter aanvulling de aandacht van Uwe Majesteit te | Ik ben zo vrij ter aanvulling de aandacht van Uwe Majesteit te |
vestigen op het feit dat met het nemen van dit besluit België zich op | vestigen op het feit dat met het nemen van dit besluit België zich op |
het niveau van zijn Europese partners zal kunnen plaatsen voor wat de | het niveau van zijn Europese partners zal kunnen plaatsen voor wat de |
correcte bewaring betreft van de archieven van de Natie. | correcte bewaring betreft van de archieven van de Natie. |
Ik heb de eer te zijn, | Ik heb de eer te zijn, |
Sire, | Sire, |
Van Uwe Majesteit, | Van Uwe Majesteit, |
de zeer eerbiedige | de zeer eerbiedige |
en zeer getrouwe dienaar | en zeer getrouwe dienaar |
De Minister van Wetenschapsbeleid, | De Minister van Wetenschapsbeleid, |
Mevr. S. LARUELLE | Mevr. S. LARUELLE |
Advies 48.101/1 van 4 mei 2010 van de afdeling Wetgeving van de Raad | Advies 48.101/1 van 4 mei 2010 van de afdeling Wetgeving van de Raad |
van State | van State |
De Raad van State, afdeling Wetgeving, eerste kamer, op 8 april 2010 | De Raad van State, afdeling Wetgeving, eerste kamer, op 8 april 2010 |
door de Minister van Wetenschapsbeleid verzocht haar, binnen een | door de Minister van Wetenschapsbeleid verzocht haar, binnen een |
termijn van dertig dagen, van advies te dienen over een ontwerp van | termijn van dertig dagen, van advies te dienen over een ontwerp van |
koninklijk besluit "betreffende de uitvoering van de artikelen 5 en 6 | koninklijk besluit "betreffende de uitvoering van de artikelen 5 en 6 |
van de archiefwet van 24 juni 1955", heeft het volgende advies gegeven | van de archiefwet van 24 juni 1955", heeft het volgende advies gegeven |
: | : |
Rekening houdend met het tijdstip waarop dit advies gegeven wordt, | Rekening houdend met het tijdstip waarop dit advies gegeven wordt, |
vestigt de Raad van State de aandacht op het feit dat, wegens het | vestigt de Raad van State de aandacht op het feit dat, wegens het |
ontslag van de regering, de bevoegdheid van deze laatste beperkt is | ontslag van de regering, de bevoegdheid van deze laatste beperkt is |
tot het afhandelen van de lopende zaken. Dit advies wordt evenwel | tot het afhandelen van de lopende zaken. Dit advies wordt evenwel |
gegeven zonder dat wordt nagegaan of dit ontwerp in die beperkte | gegeven zonder dat wordt nagegaan of dit ontwerp in die beperkte |
bevoegdheid kan worden ingepast, aangezien de afdeling Wetgeving geen | bevoegdheid kan worden ingepast, aangezien de afdeling Wetgeving geen |
kennis heeft van het geheel van de feitelijke gegevens welke de | kennis heeft van het geheel van de feitelijke gegevens welke de |
regering in aanmerking kan nemen als ze te oordelen heeft of het | regering in aanmerking kan nemen als ze te oordelen heeft of het |
vaststellen of het wijzigen van een verordening noodzakelijk is. | vaststellen of het wijzigen van een verordening noodzakelijk is. |
Met toepassing van artikel 84, § 3, eerste lid, van de wetten op de | Met toepassing van artikel 84, § 3, eerste lid, van de wetten op de |
Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973, heeft de afdeling | Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973, heeft de afdeling |
Wetgeving zich toegespitst op het onderzoek van de bevoegdheid van de | Wetgeving zich toegespitst op het onderzoek van de bevoegdheid van de |
steller van de handeling, van de rechtsgrond, alsmede van de vraag of | steller van de handeling, van de rechtsgrond, alsmede van de vraag of |
aan de te vervullen vormvereisten is voldaan. | aan de te vervullen vormvereisten is voldaan. |
STREKKING EN RECHTSGROND VAN HET ONTWERP | STREKKING EN RECHTSGROND VAN HET ONTWERP |
1. Het om advies voorgelegde ontwerp van koninklijk besluit strekt | 1. Het om advies voorgelegde ontwerp van koninklijk besluit strekt |
ertoe het toezicht op de bewaring van archieven door | ertoe het toezicht op de bewaring van archieven door |
overheidsinstanties te regelen, evenals de vernietiging van archieven. | overheidsinstanties te regelen, evenals de vernietiging van archieven. |
Onder voorbehoud van hetgeen hierna wordt opgemerkt, kan de ontworpen | Onder voorbehoud van hetgeen hierna wordt opgemerkt, kan de ontworpen |
regeling worden geacht rechtsgrond te vinden in de artikelen 5 en 6 | regeling worden geacht rechtsgrond te vinden in de artikelen 5 en 6 |
van de archiefwet van 24 juni 1955. | van de archiefwet van 24 juni 1955. |
Artikel 5 van de voornoemde wet bepaalt dat de overheden, bedoeld in | Artikel 5 van de voornoemde wet bepaalt dat de overheden, bedoeld in |
artikel 1, eerste en tweede lid, van de wet, geen archiefdocumenten | artikel 1, eerste en tweede lid, van de wet, geen archiefdocumenten |
mogen vernietigen zonder toestemming van de algemene rijksarchivaris | mogen vernietigen zonder toestemming van de algemene rijksarchivaris |
of van diens gemachtigden. De Koning kan, met toepassing van artikel | of van diens gemachtigden. De Koning kan, met toepassing van artikel |
108 van de Grondwet, worden geacht om nadere regels uit te werken met | 108 van de Grondwet, worden geacht om nadere regels uit te werken met |
betrekking tot de vernietiging van archieven waarvoor de algemene | betrekking tot de vernietiging van archieven waarvoor de algemene |
rijksarchivaris of diens gemachtigden toestemming dienen te geven, | rijksarchivaris of diens gemachtigden toestemming dienen te geven, |
mits die regels kunnen worden ingepast in de algemene | mits die regels kunnen worden ingepast in de algemene |
uitvoeringsbevoegdheid die voor de Koning voortvloeit uit de | uitvoeringsbevoegdheid die voor de Koning voortvloeit uit de |
voornoemde grondwetsbepaling. | voornoemde grondwetsbepaling. |
Artikel 6 van de archiefwet luidt : | Artikel 6 van de archiefwet luidt : |
« De stukken, die bewaard worden door de in het eerste artikel, leden | « De stukken, die bewaard worden door de in het eerste artikel, leden |
1 en 2, bedoelde overheden, staan onder het toezicht van de algemene | 1 en 2, bedoelde overheden, staan onder het toezicht van de algemene |
rijksarchivaris of van diens gemachtigden. | rijksarchivaris of van diens gemachtigden. |
De Koning bepaalt de wijze waarop dit toezicht dient te worden | De Koning bepaalt de wijze waarop dit toezicht dient te worden |
uitgeoefend". | uitgeoefend". |
2. In geen van de bepalingen van de archiefwet van 24 juni 1955 wordt | 2. In geen van de bepalingen van de archiefwet van 24 juni 1955 wordt |
de Koning bevoegd gemaakt om de omschrijving van de | de Koning bevoegd gemaakt om de omschrijving van de |
overheidsinstanties, die worden opgesomd in artikel 1, eerste en | overheidsinstanties, die worden opgesomd in artikel 1, eerste en |
tweede lid, van die wet en waaraan wordt gerefereerd in de | tweede lid, van die wet en waaraan wordt gerefereerd in de |
rechtsgrondbiedende artikelen 5 en 6, te specificeren of aan te | rechtsgrondbiedende artikelen 5 en 6, te specificeren of aan te |
vullen, laat staan dat de Koning dit zou kunnen doen op grond van de | vullen, laat staan dat de Koning dit zou kunnen doen op grond van de |
algemene uitvoeringsbevoegdheid die artikel 108 van de Grondwet hem | algemene uitvoeringsbevoegdheid die artikel 108 van de Grondwet hem |
verleent. In artikel 1, 7, van het ontwerp wordt nochtans een nadere | verleent. In artikel 1, 7, van het ontwerp wordt nochtans een nadere |
omschrijving gegeven van "de overheden en de openbare instellingen | omschrijving gegeven van "de overheden en de openbare instellingen |
vermeld in artikel 1 van de Wet". | vermeld in artikel 1 van de Wet". |
Afgezien van de vaststelling dat het hernemen van reeds toepasselijke | Afgezien van de vaststelling dat het hernemen van reeds toepasselijke |
wetsbepalingen in een uitvoeringsbesluit geen aanbeveling verdient | wetsbepalingen in een uitvoeringsbesluit geen aanbeveling verdient |
omdat, in geval van de niet-woordelijke overname in het besluit, de | omdat, in geval van de niet-woordelijke overname in het besluit, de |
indruk wordt gewekt dat in een besluit zou kunnen worden afgeweken van | indruk wordt gewekt dat in een besluit zou kunnen worden afgeweken van |
de niet woordelijk overgenomen wetsbepalingen, moet worden opgemerkt | de niet woordelijk overgenomen wetsbepalingen, moet worden opgemerkt |
dat artikel 1, 7, op diverse punten afwijkt van artikel 1, eerste lid, | dat artikel 1, 7, op diverse punten afwijkt van artikel 1, eerste lid, |
van de archiefwet van 24 juni 1955 en derhalve niet met die bepaling | van de archiefwet van 24 juni 1955 en derhalve niet met die bepaling |
in overeenstemming is. | in overeenstemming is. |
Zo wordt in artikel 1, eerste lid, van de wet weliswaar melding | Zo wordt in artikel 1, eerste lid, van de wet weliswaar melding |
gemaakt van de Raad van State, maar niet van "de administratieve | gemaakt van de Raad van State, maar niet van "de administratieve |
rechtscolleges", zoals in artikel 1, 7, c, van het ontwerp het geval | rechtscolleges", zoals in artikel 1, 7, c, van het ontwerp het geval |
is. In artikel 1, eerste lid, van de wet wordt melding gemaakt van "de | is. In artikel 1, eerste lid, van de wet wordt melding gemaakt van "de |
provincies en de openbare instellingen die aan hun controle of | provincies en de openbare instellingen die aan hun controle of |
administratief toezicht zijn onderworpen". De omschrijving in artikel | administratief toezicht zijn onderworpen". De omschrijving in artikel |
1, 7, d, van het ontwerp, stemt hiermee niet overeen en bevat | 1, 7, d, van het ontwerp, stemt hiermee niet overeen en bevat |
daarenboven een verruiming tot andere instanties, waarvan geen melding | daarenboven een verruiming tot andere instanties, waarvan geen melding |
wordt gemaakt in artikel 1, eerste lid, van de wet. Een gelijkaardige | wordt gemaakt in artikel 1, eerste lid, van de wet. Een gelijkaardige |
vaststelling moet worden gedaan met betrekking tot de gemeenten, | vaststelling moet worden gedaan met betrekking tot de gemeenten, |
waaraan wordt gerefereerd in artikel 1, tweede lid, van de wet van 24 | waaraan wordt gerefereerd in artikel 1, tweede lid, van de wet van 24 |
juni 1955, maar waarvan het bepaalde in artikel 1, 7, e, op diverse | juni 1955, maar waarvan het bepaalde in artikel 1, 7, e, op diverse |
punten afwijkt. | punten afwijkt. |
Uit wat voorafgaat blijkt dat er voor artikel 1, 7, van het ontwerp | Uit wat voorafgaat blijkt dat er voor artikel 1, 7, van het ontwerp |
geen rechtsgrond is(1) | geen rechtsgrond is(1) |
BEVOEGDHEID | BEVOEGDHEID |
De ontworpen regeling moet kunnen worden ingepast in de | De ontworpen regeling moet kunnen worden ingepast in de |
bevoegdheidsverdelende regels zoals die zijn uiteengezet in advies | bevoegdheidsverdelende regels zoals die zijn uiteengezet in advies |
47.624/AV/3 van 23 februari 2010 over een voorontwerp van decreet | 47.624/AV/3 van 23 februari 2010 over een voorontwerp van decreet |
"betreffende de bestuurlijkadministratieve archiefwerking", dat aan de | "betreffende de bestuurlijkadministratieve archiefwerking", dat aan de |
afdeling Wetgeving van de Raad van State werd voorgelegd door de | afdeling Wetgeving van de Raad van State werd voorgelegd door de |
Vlaamse minister van Bestuurszaken, Binnenlands Bestuur, Inburgering, | Vlaamse minister van Bestuurszaken, Binnenlands Bestuur, Inburgering, |
Toerisme en Vlaamse Rand(2) | Toerisme en Vlaamse Rand(2) |
In het kader van de voorliggende adviesaanvraag wordt de ontworpen | In het kader van de voorliggende adviesaanvraag wordt de ontworpen |
regeling (3) getoetst aan de opmerkingen die betreffende de | regeling (3) getoetst aan de opmerkingen die betreffende de |
bevoegdheidsverdeling in advies 47.624/AV/3 zijn geformuleerd, zonder | bevoegdheidsverdeling in advies 47.624/AV/3 zijn geformuleerd, zonder |
dat deze laatste opmerkingen worden hernomen. Ter zake wordt volstaan | dat deze laatste opmerkingen worden hernomen. Ter zake wordt volstaan |
met een verwijzing naar het betrokken advies. Wel mag worden benadrukt | met een verwijzing naar het betrokken advies. Wel mag worden benadrukt |
dat er in dat advies wordt van uitgegaan dat de bevoegdheidsverdeling | dat er in dat advies wordt van uitgegaan dat de bevoegdheidsverdeling |
inzake archieven noodzakelijk betrekking heeft op het zogenaamde dood | inzake archieven noodzakelijk betrekking heeft op het zogenaamde dood |
archief, dat nog louter een cultuurhistorisch belang heeft. Het staat | archief, dat nog louter een cultuurhistorisch belang heeft. Het staat |
immers aan elke overheid om, in het kader van haar bevoegdheden, | immers aan elke overheid om, in het kader van haar bevoegdheden, |
regels te bepalen, inzonderheid qua duur, voor het bewaren van de | regels te bepalen, inzonderheid qua duur, voor het bewaren van de |
documenten die voor de uitoefening van deze bevoegdheden nut blijven | documenten die voor de uitoefening van deze bevoegdheden nut blijven |
hebben. De ondergeschikte besturen moeten de voorschriften naleven die | hebben. De ondergeschikte besturen moeten de voorschriften naleven die |
in voorkomend geval in dit verband door de bevoegde wetgever worden | in voorkomend geval in dit verband door de bevoegde wetgever worden |
bepaald. | bepaald. |
Als daarentegen een document geen nut meer heeft voor de uitoefening | Als daarentegen een document geen nut meer heeft voor de uitoefening |
van de bevoegdheden in verband waarmee het geproduceerd is, of geacht | van de bevoegdheden in verband waarmee het geproduceerd is, of geacht |
wordt geen nut meer te hebben krachtens de relevante wetgeving, wordt | wordt geen nut meer te hebben krachtens de relevante wetgeving, wordt |
het lot ervan geregeld door de wetgever die bevoegd is voor de dode | het lot ervan geregeld door de wetgever die bevoegd is voor de dode |
archieven, namelijk de gemeenschappen of de federale Staat, elk voor | archieven, namelijk de gemeenschappen of de federale Staat, elk voor |
hun of zijn territoriale bevoegdheid(4) en met uitzondering van wat | hun of zijn territoriale bevoegdheid(4) en met uitzondering van wat |
behoort tot de taak van het Rijksarchief waarvoor alleen de federale | behoort tot de taak van het Rijksarchief waarvoor alleen de federale |
Staat bevoegd is. | Staat bevoegd is. |
In het licht van het voornoemde uitgangspunt moet worden vastgesteld | In het licht van het voornoemde uitgangspunt moet worden vastgesteld |
dat de omschrijving van het begrip "overheidsinstantie(s)", in artikel | dat de omschrijving van het begrip "overheidsinstantie(s)", in artikel |
1, 7, van het ontwerp, niet enkel op ernstige bezwaren van rechtsgrond | 1, 7, van het ontwerp, niet enkel op ernstige bezwaren van rechtsgrond |
stuit, doch ook op bevoegdheidsrechtelijk vlak bezwaarlijk ongewijzigd | stuit, doch ook op bevoegdheidsrechtelijk vlak bezwaarlijk ongewijzigd |
zou kunnen zijn gehandhaafd. Zo roept bijvoorbeeld de vermelding van | zou kunnen zijn gehandhaafd. Zo roept bijvoorbeeld de vermelding van |
de polders en de wateringen, in artikel 1, 7, d, van het ontwerp, | de polders en de wateringen, in artikel 1, 7, d, van het ontwerp, |
vragen op ermee rekening houdend dat uit advies 47.624/AV/3 valt af te | vragen op ermee rekening houdend dat uit advies 47.624/AV/3 valt af te |
leiden dat het dode archief van de betrokken instanties een | leiden dat het dode archief van de betrokken instanties een |
gemeenschapsbevoegdheid betreft. Daarnaast lijkt bij de verwijzing | gemeenschapsbevoegdheid betreft. Daarnaast lijkt bij de verwijzing |
naar "de administratieve rechtscolleges" in artikel 1, 7, c, - | naar "de administratieve rechtscolleges" in artikel 1, 7, c, - |
waarvoor evenmin rechtsgrond is - er onvoldoende mee rekening te zijn | waarvoor evenmin rechtsgrond is - er onvoldoende mee rekening te zijn |
gehouden dat dergelijke rechtscolleges mogelijk ook door de | gehouden dat dergelijke rechtscolleges mogelijk ook door de |
gemeenschappen en gewesten kunnen zijn opgericht. | gemeenschappen en gewesten kunnen zijn opgericht. |
Uit advies 47.624/AV/3 valt eveneens af te leiden dat de bevoegdheid | Uit advies 47.624/AV/3 valt eveneens af te leiden dat de bevoegdheid |
inzake het levend archief van de provincies, de gemeenten en de | inzake het levend archief van de provincies, de gemeenten en de |
instellingen die aan hun controle of administratief toezicht zijn | instellingen die aan hun controle of administratief toezicht zijn |
onderworpen, aan de gewesten of de gemeenschappen toekomt. Het | onderworpen, aan de gewesten of de gemeenschappen toekomt. Het |
toezicht op de bewaring van deze levende archieven behoort derhalve | toezicht op de bewaring van deze levende archieven behoort derhalve |
niet tot de bevoegdheid van de federale overheid. Derhalve kunnen de | niet tot de bevoegdheid van de federale overheid. Derhalve kunnen de |
artikelen 2 tot 10 niet in het ontwerp worden behouden in de mate zij | artikelen 2 tot 10 niet in het ontwerp worden behouden in de mate zij |
ook op de desbetreffende levende archieven van toepassing zijn. | ook op de desbetreffende levende archieven van toepassing zijn. |
ONDERZOEK VAN DE TEKST | ONDERZOEK VAN DE TEKST |
Aanhef | Aanhef |
1. De aanhef van het ontwerp moet aanvangen met een nieuw toe te | 1. De aanhef van het ontwerp moet aanvangen met een nieuw toe te |
voegen lid, luidende : | voegen lid, luidende : |
« Gelet op de Grondwet, artikel 108;". | « Gelet op de Grondwet, artikel 108;". |
2. De verwijzing naar "het koninklijk besluit van... betreffende de | 2. De verwijzing naar "het koninklijk besluit van... betreffende de |
uitvoering van de artikelen 1 en 6bis van de archiefwet van 24 juni | uitvoering van de artikelen 1 en 6bis van de archiefwet van 24 juni |
1955" heeft geen betrekking op een koninklijk besluit waarvan het | 1955" heeft geen betrekking op een koninklijk besluit waarvan het |
ontwerp de wijziging of opheffing beoogt. De vermelding van dat | ontwerp de wijziging of opheffing beoogt. De vermelding van dat |
koninklijk besluit is evenmin noodzakelijk voor een goed begrip van | koninklijk besluit is evenmin noodzakelijk voor een goed begrip van |
het ontwerp(5). Het betrokken lid wordt derhalve beter weggelaten uit | het ontwerp(5). Het betrokken lid wordt derhalve beter weggelaten uit |
de aanhef. | de aanhef. |
3. In het lid van de aanhef waarin wordt gerefereerd aan het advies | 3. In het lid van de aanhef waarin wordt gerefereerd aan het advies |
van de Inspecteur van Financiën moet de datum van 19 januari 2010 | van de Inspecteur van Financiën moet de datum van 19 januari 2010 |
worden vervangen door die van 26 januari 2010. | worden vervangen door die van 26 januari 2010. |
Artikel 1 | Artikel 1 |
1. Zoals in artikel 1, 1, van het ontwerp het begrip "wet" wordt | 1. Zoals in artikel 1, 1, van het ontwerp het begrip "wet" wordt |
omschreven, worden voor de toepassing van de ontworpen regeling | omschreven, worden voor de toepassing van de ontworpen regeling |
eventuele toekomstige wijzigingen van de archiefwet van 24 juni 1955 | eventuele toekomstige wijzigingen van de archiefwet van 24 juni 1955 |
buiten beschouwing gelaten. Vraag is of dit de bedoeling is. | buiten beschouwing gelaten. Vraag is of dit de bedoeling is. |
2. De omschrijving van het begrip "archieven" is zeer ruim en slaat op | 2. De omschrijving van het begrip "archieven" is zeer ruim en slaat op |
zowel de levende als de dode archieven ("alle stukken... ongeacht hun | zowel de levende als de dode archieven ("alle stukken... ongeacht hun |
datum,... ontwikkelingsstadium of drager"). Rekening houdend met | datum,... ontwikkelingsstadium of drager"). Rekening houdend met |
hetgeen in dit advies is opgemerkt met betrekking tot de | hetgeen in dit advies is opgemerkt met betrekking tot de |
bevoegdheidsverdelende regels zou een daarop beter afgestemde | bevoegdheidsverdelende regels zou een daarop beter afgestemde |
begripsomschrijving op haar plaats zijn. | begripsomschrijving op haar plaats zijn. |
In artikel 1, 2, tweede lid, moet in de Nederlandse tekst bovendien | In artikel 1, 2, tweede lid, moet in de Nederlandse tekst bovendien |
melding worden gemaakt van de "documenten vermeld in het vorige lid" | melding worden gemaakt van de "documenten vermeld in het vorige lid" |
en niet van de "documenten vermeld in de vorige paragraaf". | en niet van de "documenten vermeld in de vorige paragraaf". |
3. Wat de omschrijving van het begrip "overheidsinstantie(s)" in | 3. Wat de omschrijving van het begrip "overheidsinstantie(s)" in |
artikel 1, 7, van het ontwerp betreft, wordt verwezen naar hetgeen | artikel 1, 7, van het ontwerp betreft, wordt verwezen naar hetgeen |
hieromtrent reeds in dit advies is opgemerkt. | hieromtrent reeds in dit advies is opgemerkt. |
Artikel 11 | Artikel 11 |
In artikel 11, § 2, van het ontwerp is niet duidelijk welke | In artikel 11, § 2, van het ontwerp is niet duidelijk welke |
"vaststelling, voorzien door artikel 13, § 2 van het koninklijk | "vaststelling, voorzien door artikel 13, § 2 van het koninklijk |
besluit van... » wordt beoogd. Indien de staat wordt bedoeld waarvan | besluit van... » wordt beoogd. Indien de staat wordt bedoeld waarvan |
melding wordt gemaakt in artikel 13, § 2, van het ontwerp van | melding wordt gemaakt in artikel 13, § 2, van het ontwerp van |
koninklijk besluit "in uitvoering van artikelen 1 en 6bis van de | koninklijk besluit "in uitvoering van artikelen 1 en 6bis van de |
archiefwet van 24 juni 1955", waarover de Raad van State, afdeling | archiefwet van 24 juni 1955", waarover de Raad van State, afdeling |
Wetgeving, heden advies 48.100/1 uitbrengt, zou zulks op een meer | Wetgeving, heden advies 48.100/1 uitbrengt, zou zulks op een meer |
precieze wijze moeten worden aangegeven. In ieder geval dient het | precieze wijze moeten worden aangegeven. In ieder geval dient het |
opschrift van het beoogde koninklijk besluit te worden vermeld. | opschrift van het beoogde koninklijk besluit te worden vermeld. |
Artikel 13 | Artikel 13 |
1. De indeling in 1° en 2° moet vervallen. Daarenboven moet de | 1. De indeling in 1° en 2° moet vervallen. Daarenboven moet de |
discordantie tussen de Nederlandse ("officieel verzoek... om toelating | discordantie tussen de Nederlandse ("officieel verzoek... om toelating |
tot vernietiging") en de Franse tekst ("une demande officielle | tot vernietiging") en de Franse tekst ("une demande officielle |
d'autorisation ou d'élimination") van artikel 13, eerste lid, worden | d'autorisation ou d'élimination") van artikel 13, eerste lid, worden |
weggewerkt. | weggewerkt. |
2. Uit artikel 13 valt niet duidelijk af te leiden of | 2. Uit artikel 13 valt niet duidelijk af te leiden of |
overheidsinstanties documenten kunnen vernietigen indien geen antwoord | overheidsinstanties documenten kunnen vernietigen indien geen antwoord |
werd ontvangen op het in die bepaling bedoelde verzoek en of de | werd ontvangen op het in die bepaling bedoelde verzoek en of de |
selectielijst in dat verband kan worden gelijkgesteld met de | selectielijst in dat verband kan worden gelijkgesteld met de |
voorafgaande schriftelijke toelating tot fysieke vernietiging van de | voorafgaande schriftelijke toelating tot fysieke vernietiging van de |
betrokken archieven. De gemachtigde verstrekte wat dat betreft de | betrokken archieven. De gemachtigde verstrekte wat dat betreft de |
volgende toelichting : | volgende toelichting : |
« Het Rijksarchief wenst ten allen tijde zijn formeel akkoord te | « Het Rijksarchief wenst ten allen tijde zijn formeel akkoord te |
verlenen omdat uit het verleden is gebleken dat selectielijsten soms | verlenen omdat uit het verleden is gebleken dat selectielijsten soms |
snel verouderen en aanleiding geven tot afwijkende 'interpretaties', | snel verouderen en aanleiding geven tot afwijkende 'interpretaties', |
met alle gevolgen van dien. Voor elke vernietigingsaanvraag wordt een | met alle gevolgen van dien. Voor elke vernietigingsaanvraag wordt een |
formeel antwoord aan het dossier van de betrokken archiefvormer | formeel antwoord aan het dossier van de betrokken archiefvormer |
toegevoegd". | toegevoegd". |
Ten einde te voorkomen dat artikel 13 vragen oproept zoals de | Ten einde te voorkomen dat artikel 13 vragen oproept zoals de |
voornoemde kan worden overwogen om in die bepaling het absolute | voornoemde kan worden overwogen om in die bepaling het absolute |
vereiste van het bestaan van een voorafgaande schriftelijke toelating | vereiste van het bestaan van een voorafgaande schriftelijke toelating |
tot vernietiging te expliciteren. | tot vernietiging te expliciteren. |
Artikel 16 | Artikel 16 |
Het is niet duidelijk waaruit de "corrigerende maatregelen", bedoeld | Het is niet duidelijk waaruit de "corrigerende maatregelen", bedoeld |
in artikel 16 van het ontwerp, precies bestaan, noch door wie deze | in artikel 16 van het ontwerp, precies bestaan, noch door wie deze |
dienen te worden genomen. Deze onduidelijkheden bevorderen uiteraard | dienen te worden genomen. Deze onduidelijkheden bevorderen uiteraard |
niet de begrijpelijkheid van de ontworpen regeling. Daarenboven moet | niet de begrijpelijkheid van de ontworpen regeling. Daarenboven moet |
worden vastgesteld dat artikel 16 deel uitmaakt van hoofdstuk 3 van | worden vastgesteld dat artikel 16 deel uitmaakt van hoofdstuk 3 van |
het ontwerp, dat op de vernietiging van archieven betrekking heeft en | het ontwerp, dat op de vernietiging van archieven betrekking heeft en |
niet op het toezicht op de bewaring van de archieven. Het | niet op het toezicht op de bewaring van de archieven. Het |
toepassingsgebied van artikel 16 is bijgevolg evenmin duidelijk. | toepassingsgebied van artikel 16 is bijgevolg evenmin duidelijk. |
In verband met het begrip "corrigerende maatregelen" preciseerde de | In verband met het begrip "corrigerende maatregelen" preciseerde de |
gemachtigde het volgende : | gemachtigde het volgende : |
« De bedoeling van dit artikel is enerzijds de voogdijminister van het | « De bedoeling van dit artikel is enerzijds de voogdijminister van het |
Rijksarchief en de politiek verantwoordelijke voor de correcte | Rijksarchief en de politiek verantwoordelijke voor de correcte |
uitvoering en toepassing van de Archiefwet te informeren, en | uitvoering en toepassing van de Archiefwet te informeren, en |
anderzijds de 'vakminister' ervan op de hoogte te stellen dat er | anderzijds de 'vakminister' ervan op de hoogte te stellen dat er |
bijkomende acties en initiatieven nodig en wenselijk zijn zoals b.v. | bijkomende acties en initiatieven nodig en wenselijk zijn zoals b.v. |
het nemen van conserverende maatregelen (verwijderen of isoleren van | het nemen van conserverende maatregelen (verwijderen of isoleren van |
besmette archieven, verpakken van archieven, inrichten van | besmette archieven, verpakken van archieven, inrichten van |
archiefruimten volgens de vigerende internationale normen e.d.)". | archiefruimten volgens de vigerende internationale normen e.d.)". |
Het begrip "corrigerende maatregelen", in artikel 16 van het ontwerp | Het begrip "corrigerende maatregelen", in artikel 16 van het ontwerp |
zou, in het licht van de aangehaalde verduidelijking, | zou, in het licht van de aangehaalde verduidelijking, |
dienovereenkomstig nader moeten worden afgebakend. Indien het de | dienovereenkomstig nader moeten worden afgebakend. Indien het de |
bedoeling is om artikel 16 van het ontwerp een algemene draagwijdte | bedoeling is om artikel 16 van het ontwerp een algemene draagwijdte |
mee te geven die niet beperkt blijft tot de vernietiging van | mee te geven die niet beperkt blijft tot de vernietiging van |
archieven, zou dat artikel bovendien in hoofdstuk 4, "Slotbepalingen", | archieven, zou dat artikel bovendien in hoofdstuk 4, "Slotbepalingen", |
moeten worden opgenomen. | moeten worden opgenomen. |
Artikel 18 | Artikel 18 |
Tenzij er een bijzondere reden is waarom wordt afgeweken van de | Tenzij er een bijzondere reden is waarom wordt afgeweken van de |
gangbare termijn van inwerkingtreding van besluiten, wordt artikel 18 | gangbare termijn van inwerkingtreding van besluiten, wordt artikel 18 |
beter uit het ontwerp weggelaten. | beter uit het ontwerp weggelaten. |
De kamer was samengesteld uit : | De kamer was samengesteld uit : |
de Heren : | de Heren : |
M. Van Damme, kamervoorzitter; | M. Van Damme, kamervoorzitter; |
J. Baert, W. Van Vaerenbergh staatsraden; | J. Baert, W. Van Vaerenbergh staatsraden; |
M. Tison, L. Denys, assessoren van de afdeling Wetgeving, | M. Tison, L. Denys, assessoren van de afdeling Wetgeving, |
Mevr. G. Verberckmoes, griffier. | Mevr. G. Verberckmoes, griffier. |
Het verslag werd uitgebracht door Mevr. I. Verheven, auditeur. | Het verslag werd uitgebracht door Mevr. I. Verheven, auditeur. |
De overeenstemming tussen de Franse en de Nederlandse tekst werd | De overeenstemming tussen de Franse en de Nederlandse tekst werd |
nagezien onder toezicht van de heer M. Van Damme. | nagezien onder toezicht van de heer M. Van Damme. |
De griffier, | De griffier, |
G. Verberckmoes. | G. Verberckmoes. |
De voorzitter, | De voorzitter, |
M. Van Damme. | M. Van Damme. |
(1) "overheidsinstantie", in de zin van artikel 1, 7, van het ontwerp, | (1) "overheidsinstantie", in de zin van artikel 1, 7, van het ontwerp, |
te worden vervangen door een verwijzing naar de overheden zoals die | te worden vervangen door een verwijzing naar de overheden zoals die |
worden omschreven in artikel 1 van de archiefwet van 24 juni 1955. | worden omschreven in artikel 1 van de archiefwet van 24 juni 1955. |
(2) De Raad van State, afdeling Wetgeving, heeft op het ogenblik van | (2) De Raad van State, afdeling Wetgeving, heeft op het ogenblik van |
het uitbrengen van dit advies geen kennis van het nummer van het | het uitbrengen van dit advies geen kennis van het nummer van het |
parlementair document waarin advies 47.624/AV/3 zal worden opgenomen. | parlementair document waarin advies 47.624/AV/3 zal worden opgenomen. |
Het betrokken advies wordt daarom tevens bijgevoegd als bijlage bij | Het betrokken advies wordt daarom tevens bijgevoegd als bijlage bij |
het voorliggende advies. | het voorliggende advies. |
(3) De Raad van State, afdeling Wetgeving, is naar aanleiding van de | (3) De Raad van State, afdeling Wetgeving, is naar aanleiding van de |
voorliggende adviesaanvraag niet overgegaan tot een toetsing van de | voorliggende adviesaanvraag niet overgegaan tot een toetsing van de |
overeenstemming van de archiefwet van 24 juni 1955 aan de | overeenstemming van de archiefwet van 24 juni 1955 aan de |
bevoegdheidsverdelende regels. | bevoegdheidsverdelende regels. |
(4) De gewesten kunnen weliswaar voor hun eigen archieven, alsook voor | (4) De gewesten kunnen weliswaar voor hun eigen archieven, alsook voor |
de archieven van de instellingen die van de gewesten afhangen, normen | de archieven van de instellingen die van de gewesten afhangen, normen |
uitvaardigen, maar ze moeten evenwel de normen naleven die, naargelang | uitvaardigen, maar ze moeten evenwel de normen naleven die, naargelang |
het geval, worden vastgesteld door de gemeenschap of gemeenschappen of | het geval, worden vastgesteld door de gemeenschap of gemeenschappen of |
door de federale Staat, die bevoegd zijn voor het culturele erfgoed. | door de federale Staat, die bevoegd zijn voor het culturele erfgoed. |
(5) Ter zake kan worden volstaan met een verwijzing naar het betrokken | (5) Ter zake kan worden volstaan met een verwijzing naar het betrokken |
koninklijk besluit in de tekst van het ontwerp. | koninklijk besluit in de tekst van het ontwerp. |
18 AUGUSTUS 2010. - Koninklijk besluit tot de uitvoering van de | 18 AUGUSTUS 2010. - Koninklijk besluit tot de uitvoering van de |
artikelen 5 en 6 van de archiefwet van 24 juni 1955 | artikelen 5 en 6 van de archiefwet van 24 juni 1955 |
ALBERT II, Koning der Belgen, | ALBERT II, Koning der Belgen, |
Aan allen die nu zijn en hierna wezen zullen, Onze Groet. | Aan allen die nu zijn en hierna wezen zullen, Onze Groet. |
Gelet op artikel 108 van de Grondwet; | Gelet op artikel 108 van de Grondwet; |
Gelet op het decreet van 7 messidor jaar II (25 juni 1794) betreffende | Gelet op het decreet van 7 messidor jaar II (25 juni 1794) betreffende |
de organisatie van het archief bij de volksvertegenwoordiging, | de organisatie van het archief bij de volksvertegenwoordiging, |
gewijzigd bij de wet van 19 juli 1991; | gewijzigd bij de wet van 19 juli 1991; |
Gelet op de wet van 5 brumaire jaar V (26 oktober 1796) waarbij wordt | Gelet op de wet van 5 brumaire jaar V (26 oktober 1796) waarbij wordt |
bepaald dat alle door de Republiek verkregen titels en stukken in de | bepaald dat alle door de Republiek verkregen titels en stukken in de |
hoofdplaatsen van de departementen moeten worden samengebracht; | hoofdplaatsen van de departementen moeten worden samengebracht; |
Gelet op de archiefwet van 24 juni 1955, inzonderheid de artikelen 5 | Gelet op de archiefwet van 24 juni 1955, inzonderheid de artikelen 5 |
en 6, gewijzigd door de wet van 6 mei 2009; | en 6, gewijzigd door de wet van 6 mei 2009; |
Gelet op het advies van de Wetenschappelijke raad van het Algemeen | Gelet op het advies van de Wetenschappelijke raad van het Algemeen |
Rijksarchief en Rijksarchief in de Provinciën, uitgebracht op 29 | Rijksarchief en Rijksarchief in de Provinciën, uitgebracht op 29 |
oktober 2009; | oktober 2009; |
Gelet op het advies van de Inspecteur van Financiën, gegeven op 26 | Gelet op het advies van de Inspecteur van Financiën, gegeven op 26 |
januari 2010; | januari 2010; |
Gelet op het advies nr 48.101/1 van de Raad van State, gegeven op 4 | Gelet op het advies nr 48.101/1 van de Raad van State, gegeven op 4 |
mei 2010, in toepassing van artikel 84, § 1, eerste lid, 1°, van de | mei 2010, in toepassing van artikel 84, § 1, eerste lid, 1°, van de |
wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973; | wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973; |
Op de voordracht van Onze Minister van Wetenschapsbeleid, | Op de voordracht van Onze Minister van Wetenschapsbeleid, |
Hebben Wij besloten en besluiten Wij : | Hebben Wij besloten en besluiten Wij : |
HOOFDSTUK 1. - Definities | HOOFDSTUK 1. - Definities |
Artikel 1.§ 1. Voor de toepassing van dit besluit, wordt verstaan |
Artikel 1.§ 1. Voor de toepassing van dit besluit, wordt verstaan |
onder : | onder : |
1. « Wet », de Archiefwet van 24 juni 1955; | 1. « Wet », de Archiefwet van 24 juni 1955; |
2. « Archieven », alle documenten die ongeacht hun datum, materiële | 2. « Archieven », alle documenten die ongeacht hun datum, materiële |
vorm, ontwikkelingsstadium of drager naar hun aard bestemd zijn om te | vorm, ontwikkelingsstadium of drager naar hun aard bestemd zijn om te |
berusten bij een overheid of een privaat persoon, een vennootschap of | berusten bij een overheid of een privaat persoon, een vennootschap of |
een vereniging van privaat recht die ze heeft ontvangen of opgemaakt | een vereniging van privaat recht die ze heeft ontvangen of opgemaakt |
uit hoofde van zijn of haar activiteiten, zijn of haar taken of tot | uit hoofde van zijn of haar activiteiten, zijn of haar taken of tot |
vastlegging van zijn of haar rechten en plichten; | vastlegging van zijn of haar rechten en plichten; |
De documenten vermeld in het vorige lid omvatten eveneens deze die | De documenten vermeld in het vorige lid omvatten eveneens deze die |
deel uitmaken van het domein van de Belgische Staat en zijn | deel uitmaken van het domein van de Belgische Staat en zijn |
rechtsvoorgangers door vrijwillige verwerving of verwerving tegen | rechtsvoorgangers door vrijwillige verwerving of verwerving tegen |
betaling, incorporatie, secularisering, nationalisatie, confiscatie, | betaling, incorporatie, secularisering, nationalisatie, confiscatie, |
rechtsovergang, schenking of legaat; | rechtsovergang, schenking of legaat; |
3. « Rijksarchief », het Algemeen Rijksarchief en Rijksarchief in de | 3. « Rijksarchief », het Algemeen Rijksarchief en Rijksarchief in de |
Provinciën; | Provinciën; |
4. « Minister », de Minister die bevoegd is voor het Rijksarchief; | 4. « Minister », de Minister die bevoegd is voor het Rijksarchief; |
5.« Algemeen Rijksarchivaris », de Algemeen directeur van het | 5.« Algemeen Rijksarchivaris », de Algemeen directeur van het |
Rijksarchief, | Rijksarchief, |
6. « Gemachtigde », lid van het personeel van het Rijksarchief dat | 6. « Gemachtigde », lid van het personeel van het Rijksarchief dat |
gedelegeerd is door de Algemeen Rijksarchivaris voor een bij dit | gedelegeerd is door de Algemeen Rijksarchivaris voor een bij dit |
besluit vastgelegde opdracht; | besluit vastgelegde opdracht; |
7. « Overheid », de overheden zoals die worden omschreven in artikel 1 | 7. « Overheid », de overheden zoals die worden omschreven in artikel 1 |
van de Wet; | van de Wet; |
8. « Selectielijst », een systematische opsomming van de archieven van | 8. « Selectielijst », een systematische opsomming van de archieven van |
een overheid, die voor elk van de categorieën archieven tenminste de | een overheid, die voor elk van de categorieën archieven tenminste de |
volgende informatie bevat : de benaming of de beschrijving van de | volgende informatie bevat : de benaming of de beschrijving van de |
inhoud, de bewaartermijn en de definitieve bestemming; | inhoud, de bewaartermijn en de definitieve bestemming; |
9. « Bewaartermijn », periode tijdens dewelke de archieven dienen | 9. « Bewaartermijn », periode tijdens dewelke de archieven dienen |
bewaard te worden door de overheid die ze heeft opgemaakt of ontvangen | bewaard te worden door de overheid die ze heeft opgemaakt of ontvangen |
of door zijn rechtsopvolger, omwille van hun administratief nut; | of door zijn rechtsopvolger, omwille van hun administratief nut; |
10. « Definitieve bestemming », de bestemming die de archieven krijgen | 10. « Definitieve bestemming », de bestemming die de archieven krijgen |
bij het verstrijken van de bewaartermijn. De definitieve bestemming is | bij het verstrijken van de bewaartermijn. De definitieve bestemming is |
hetzij de permanente bewaring, hetzij de vernietiging. | hetzij de permanente bewaring, hetzij de vernietiging. |
HOOFDSTUK 2. - Het toezicht op de bewaring van de archieven door de | HOOFDSTUK 2. - Het toezicht op de bewaring van de archieven door de |
overheden | overheden |
Art. 2.De Algemeen Rijksarchivaris of zijn gemachtigden oefenen |
Art. 2.De Algemeen Rijksarchivaris of zijn gemachtigden oefenen |
toezicht uit op de wijze waarop de overheden de archieven beheren en | toezicht uit op de wijze waarop de overheden de archieven beheren en |
bewaren die bij hen berusten, ongeacht hun drager en materiële vorm. | bewaren die bij hen berusten, ongeacht hun drager en materiële vorm. |
Art. 3.Het toezicht bestaat uit de controle van de omstandigheden |
Art. 3.Het toezicht bestaat uit de controle van de omstandigheden |
waarin de archieven worden beheerd en bewaard, opdat de | waarin de archieven worden beheerd en bewaard, opdat de |
langetermijnbewaring, de authenticiteit, de integriteit, de ordening, | langetermijnbewaring, de authenticiteit, de integriteit, de ordening, |
de toegankelijkheid en de leesbaarheid van de informatie die zij | de toegankelijkheid en de leesbaarheid van de informatie die zij |
bevatten gedurende de hele levenscyclus gewaarborgd blijven. | bevatten gedurende de hele levenscyclus gewaarborgd blijven. |
Art. 4.Daartoe voeren de Algemeen Rijksarchivaris of zijn |
Art. 4.Daartoe voeren de Algemeen Rijksarchivaris of zijn |
gemachtigden inspecties uit bij de overheden. Ze leggen in verslagen | gemachtigden inspecties uit bij de overheden. Ze leggen in verslagen |
de vaststellingen en eventuele aanbevelingen vast die noodzakelijk | de vaststellingen en eventuele aanbevelingen vast die noodzakelijk |
zijn om de omstandigheden te verbeteren waarin archieven worden | zijn om de omstandigheden te verbeteren waarin archieven worden |
beheerd en bewaard. Deze verslagen worden aan de betrokken overheden | beheerd en bewaard. Deze verslagen worden aan de betrokken overheden |
overgemaakt en kunnen, bij beslissing van de Algemeen Rijksarchivaris, | overgemaakt en kunnen, bij beslissing van de Algemeen Rijksarchivaris, |
openbaar gemaakt worden. | openbaar gemaakt worden. |
Art. 5.De Algemeen Rijksarchivaris of zijn gemachtigden stellen |
Art. 5.De Algemeen Rijksarchivaris of zijn gemachtigden stellen |
richtlijnen op, doen aanbevelingen of geven advies aan de overheden | richtlijnen op, doen aanbevelingen of geven advies aan de overheden |
over het beheer, de ordening, de toegankelijkheid en de bewaring van | over het beheer, de ordening, de toegankelijkheid en de bewaring van |
hun archieven. Deze richtlijnen, aanbevelingen en adviezen worden | hun archieven. Deze richtlijnen, aanbevelingen en adviezen worden |
verspreid en openbaar gemaakt. | verspreid en openbaar gemaakt. |
Art. 6.Op voorstel van de Algemeen Rijksarchivaris legt de Minister |
Art. 6.Op voorstel van de Algemeen Rijksarchivaris legt de Minister |
de technische normen vast die een overheid in acht moet nemen bij de | de technische normen vast die een overheid in acht moet nemen bij de |
inrichting van archiefruimten. | inrichting van archiefruimten. |
Art. 7.De overheden zijn gehouden hun archieven te bewaren in ruimten |
Art. 7.De overheden zijn gehouden hun archieven te bewaren in ruimten |
die daarvoor geschikt zijn, voorzien van een aangepaste inrichting en | die daarvoor geschikt zijn, voorzien van een aangepaste inrichting en |
in de juiste bewaaromstandigheden volgens de technische normen | in de juiste bewaaromstandigheden volgens de technische normen |
voorzien in artikel 6. | voorzien in artikel 6. |
Art. 8.De overheden zijn ertoe gehouden gekwalificeerd personeel te |
Art. 8.De overheden zijn ertoe gehouden gekwalificeerd personeel te |
belasten met het beheer en de bewaring van hun archieven. Ze bezorgen | belasten met het beheer en de bewaring van hun archieven. Ze bezorgen |
aan de Algemeen Rijksarchivaris de namen, kwalificatie en persoonlijke | aan de Algemeen Rijksarchivaris de namen, kwalificatie en persoonlijke |
gegevens van deze personen. | gegevens van deze personen. |
Art. 9.De overheden beschrijven en ordenen hun archieven systematisch |
Art. 9.De overheden beschrijven en ordenen hun archieven systematisch |
opdat ze binnen een redelijke termijn teruggevonden kunnen worden : er | opdat ze binnen een redelijke termijn teruggevonden kunnen worden : er |
wordt een inventaris van opgesteld en bijgehouden. | wordt een inventaris van opgesteld en bijgehouden. |
Art. 10.Elke overheid is verplicht om aan de gemachtigden van de |
Art. 10.Elke overheid is verplicht om aan de gemachtigden van de |
Algemeen Rijksarchivaris toegang te verlenen tot de archieven in zijn | Algemeen Rijksarchivaris toegang te verlenen tot de archieven in zijn |
bezit, ongeacht de drager en de materiële vorm. | bezit, ongeacht de drager en de materiële vorm. |
De noodzakelijke procedures en voorzorgsmaatregelen worden genomen om | De noodzakelijke procedures en voorzorgsmaatregelen worden genomen om |
toegang te verlenen tot archieven die een classificatie kregen of die | toegang te verlenen tot archieven die een classificatie kregen of die |
persoonsgegevens bevatten en dit met inachtneming van de vigerende | persoonsgegevens bevatten en dit met inachtneming van de vigerende |
wetgeving. | wetgeving. |
HOOFDSTUK 3. - De vernietiging van archieven | HOOFDSTUK 3. - De vernietiging van archieven |
Art. 11.§ 1. Zonder de schriftelijke en uitdrukkelijke toestemming |
Art. 11.§ 1. Zonder de schriftelijke en uitdrukkelijke toestemming |
van de Algemeen Rijksarchivaris of zijn gemachtigden mag niet overgaan | van de Algemeen Rijksarchivaris of zijn gemachtigden mag niet overgaan |
worden tot de fysieke vernietiging van archieven. | worden tot de fysieke vernietiging van archieven. |
§ 2. Indien de archieven die bestemd zijn voor de overdracht een | § 2. Indien de archieven die bestemd zijn voor de overdracht een |
fysiek gevaar inhouden voor personen en voor andere archieven die door | fysiek gevaar inhouden voor personen en voor andere archieven die door |
het Rijksarchief worden bewaard, nemen de Algemeen Rijksarchivaris of | het Rijksarchief worden bewaard, nemen de Algemeen Rijksarchivaris of |
zijn gemachtigden de noodzakelijke passende maatregelen nadat de | zijn gemachtigden de noodzakelijke passende maatregelen nadat de |
vaststelling, voorzien door artikel 12, § 2 van het koninklijk besluit | vaststelling, voorzien door artikel 12, § 2 van het koninklijk besluit |
van 18 augustus 2010 tot uitvoering van de artikelen 1, 5 en 6bis van | van 18 augustus 2010 tot uitvoering van de artikelen 1, 5 en 6bis van |
de Wet, is gebeurd. | de Wet, is gebeurd. |
Art. 12.§ 1. De Algemeen Rijksarchivaris of zijn gemachtigden |
Art. 12.§ 1. De Algemeen Rijksarchivaris of zijn gemachtigden |
schatten de wetenschappelijke, historische en maatschappelijke waarde | schatten de wetenschappelijke, historische en maatschappelijke waarde |
van de archieven in. Zij leggen de definitieve bestemming van de | van de archieven in. Zij leggen de definitieve bestemming van de |
archieven vast. Hun beslissingen worden vastgelegd in selectielijsten | archieven vast. Hun beslissingen worden vastgelegd in selectielijsten |
of in specifieke toelatingen tot vernietiging. | of in specifieke toelatingen tot vernietiging. |
§ 2. De selectielijst wordt opgesteld door de Algemeen Rijksarchivaris | § 2. De selectielijst wordt opgesteld door de Algemeen Rijksarchivaris |
of zijn gemachtigden in overleg en in samenwerking met de | of zijn gemachtigden in overleg en in samenwerking met de |
personeelsleden die hiervoor door de betrokken overheid worden | personeelsleden die hiervoor door de betrokken overheid worden |
aangesteld. | aangesteld. |
De selectielijst kan ook worden opgesteld door de betrokken | De selectielijst kan ook worden opgesteld door de betrokken |
overheidsinstantie, met de methodologische hulp en ondersteuning van | overheidsinstantie, met de methodologische hulp en ondersteuning van |
een gemachtigde van de Algemeen Rijksarchivaris. | een gemachtigde van de Algemeen Rijksarchivaris. |
§ 3. De selectielijst is een openbaar document. Ze wordt gevalideerd | § 3. De selectielijst is een openbaar document. Ze wordt gevalideerd |
door de Algemeen Rijksarchivaris. Ze treedt in werking en wordt | door de Algemeen Rijksarchivaris. Ze treedt in werking en wordt |
geactualiseerd op zijn initiatief. | geactualiseerd op zijn initiatief. |
§ 4. Indien de overheid nog niet beschikt over een goedgekeurde | § 4. Indien de overheid nog niet beschikt over een goedgekeurde |
selectielijst, kan door de Algemeen Rijksarchivaris of zijn | selectielijst, kan door de Algemeen Rijksarchivaris of zijn |
gemachtigden een toelating tot vernietiging afgeleverd worden die zich | gemachtigden een toelating tot vernietiging afgeleverd worden die zich |
beperkt tot bepaalde categorieën archieven. | beperkt tot bepaalde categorieën archieven. |
Art. 13.Om de toelating tot vernietiging zoals bedoeld in artikel 11, |
Art. 13.Om de toelating tot vernietiging zoals bedoeld in artikel 11, |
§ 1 te vragen, richt de overheid een schriftelijk verzoek aan het | § 1 te vragen, richt de overheid een schriftelijk verzoek aan het |
Rijksarchief. Dit verzoek omvat een beschrijving van de te vernietigen | Rijksarchief. Dit verzoek omvat een beschrijving van de te vernietigen |
archieven. | archieven. |
Indien de overheid over een goedgekeurde selectielijst beschikt, | Indien de overheid over een goedgekeurde selectielijst beschikt, |
gebeurt het verzoek minstens één maand voor de voorgenomen | gebeurt het verzoek minstens één maand voor de voorgenomen |
vernietiging. | vernietiging. |
Indien de overheid nog niet over een goedgekeurde selectielijst | Indien de overheid nog niet over een goedgekeurde selectielijst |
beschikt, gebeurt het verzoek minstens twee maanden voor de | beschikt, gebeurt het verzoek minstens twee maanden voor de |
voorgenomen vernietiging. | voorgenomen vernietiging. |
Art. 14.Na elke vernietiging stelt de overheid een verklaring van |
Art. 14.Na elke vernietiging stelt de overheid een verklaring van |
vernietiging op, bestemd voor het Rijksarchief. Deze verklaring bevat | vernietiging op, bestemd voor het Rijksarchief. Deze verklaring bevat |
ten minste de verwijzing naar de schriftelijke toestemming van het | ten minste de verwijzing naar de schriftelijke toestemming van het |
Rijksarchief en een beschrijving van de vernietigde archieven. | Rijksarchief en een beschrijving van de vernietigde archieven. |
Art. 15.Wanneer een overheid overeenkomstig artikel 23 van het |
Art. 15.Wanneer een overheid overeenkomstig artikel 23 van het |
koninklijk besluit van 18 augustus 2010 tot uitvoering van de | koninklijk besluit van 18 augustus 2010 tot uitvoering van de |
artikelen 1, 5 en 6bis van de Wet, digitale archieven aan het | artikelen 1, 5 en 6bis van de Wet, digitale archieven aan het |
Rijksarchief overdraagt, moet zij tijdelijk een kopie van de archieven | Rijksarchief overdraagt, moet zij tijdelijk een kopie van de archieven |
en van de gegevens bewaren. Deze kopie mag pas vernietigd worden na | en van de gegevens bewaren. Deze kopie mag pas vernietigd worden na |
betekening van een ontvangstmelding door het Rijksarchief. | betekening van een ontvangstmelding door het Rijksarchief. |
HOOFDSTUK 4. - Slotbepalingen | HOOFDSTUK 4. - Slotbepalingen |
Art. 16.Wanneer een overheid handelt in strijd met dit besluit, stelt |
Art. 16.Wanneer een overheid handelt in strijd met dit besluit, stelt |
de Algemeen Rijksarchivaris de Minister alsook de betrokken | de Algemeen Rijksarchivaris de Minister alsook de betrokken |
voogdijminister(s) hiervan in kennis. De Algemeen Rijksarchivaris, de | voogdijminister(s) hiervan in kennis. De Algemeen Rijksarchivaris, de |
Minister of de betrokken voogdijminister(s) kunnen corrigerende | Minister of de betrokken voogdijminister(s) kunnen corrigerende |
maatregelen nemen. | maatregelen nemen. |
Art. 17.Jaarlijks brengt de Algemeen Rijksarchivaris verslag uit aan |
Art. 17.Jaarlijks brengt de Algemeen Rijksarchivaris verslag uit aan |
de Eerste Minister en aan de Minister over de vaststellingen die | de Eerste Minister en aan de Minister over de vaststellingen die |
tijdens het voorbije kalenderjaar werden gedaan inzake het toezicht en | tijdens het voorbije kalenderjaar werden gedaan inzake het toezicht en |
de vernietiging van archieven. Dit verslag wordt publiek gemaakt en | de vernietiging van archieven. Dit verslag wordt publiek gemaakt en |
verspreid. | verspreid. |
Art. 18.Onze Minister van Wetenschapsbeleid is belast met de |
Art. 18.Onze Minister van Wetenschapsbeleid is belast met de |
uitvoering van dit besluit. | uitvoering van dit besluit. |
Gegeven te Brussel, 18 augustus 2010. | Gegeven te Brussel, 18 augustus 2010. |
ALBERT | ALBERT |
Van Koningswege : | Van Koningswege : |
De Minister van Wetenschapsbeleid, | De Minister van Wetenschapsbeleid, |
Mevr. S. LARUELLE | Mevr. S. LARUELLE |