Etaamb.openjustice.be
Meertalige weergave van Koninklijk Besluit van 17/02/2005
← Terug naar "Koninklijk besluit waarbij algemeen verbindend wordt verklaard de collectieve arbeidsovereenkomst van 3 december 2002, gesloten in het Paritair Comité voor de diamantnijverheid en -handel, tot wijziging van de collectieve arbeidsovereenkomst van 3 april 1975 betreffende de jaarlijkse vakantie "
Koninklijk besluit waarbij algemeen verbindend wordt verklaard de collectieve arbeidsovereenkomst van 3 december 2002, gesloten in het Paritair Comité voor de diamantnijverheid en -handel, tot wijziging van de collectieve arbeidsovereenkomst van 3 april 1975 betreffende de jaarlijkse vakantie Koninklijk besluit waarbij algemeen verbindend wordt verklaard de collectieve arbeidsovereenkomst van 3 december 2002, gesloten in het Paritair Comité voor de diamantnijverheid en -handel, tot wijziging van de collectieve arbeidsovereenkomst van 3 april 1975 betreffende de jaarlijkse vakantie
FEDERALE OVERHEIDSDIENST WERKGELEGENHEID, ARBEID EN SOCIAAL OVERLEG EN FEDERALE OVERHEIDSDIENST WERKGELEGENHEID, ARBEID EN SOCIAAL OVERLEG EN
FEDERALE OVERHEIDSDIENST SOCIALE ZEKERHEID FEDERALE OVERHEIDSDIENST SOCIALE ZEKERHEID
17 FEBRUARI 2005. - Koninklijk besluit waarbij algemeen verbindend 17 FEBRUARI 2005. - Koninklijk besluit waarbij algemeen verbindend
wordt verklaard de collectieve arbeidsovereenkomst van 3 december wordt verklaard de collectieve arbeidsovereenkomst van 3 december
2002, gesloten in het Paritair Comité voor de diamantnijverheid en 2002, gesloten in het Paritair Comité voor de diamantnijverheid en
-handel, tot wijziging van de collectieve arbeidsovereenkomst van 3 -handel, tot wijziging van de collectieve arbeidsovereenkomst van 3
april 1975 betreffende de jaarlijkse vakantie (1) april 1975 betreffende de jaarlijkse vakantie (1)
ALBERT II, Koning der Belgen, ALBERT II, Koning der Belgen,
Aan allen die nu zijn en hierna wezen zullen, Onze Groet. Aan allen die nu zijn en hierna wezen zullen, Onze Groet.
Gelet op de wet van 5 december 1968 betreffende de collectieve Gelet op de wet van 5 december 1968 betreffende de collectieve
arbeidsovereenkomsten en de paritaire comités, inzonderheid op artikel arbeidsovereenkomsten en de paritaire comités, inzonderheid op artikel
28; 28;
Gelet op de wetten betreffende de jaarlijkse vakantie van de Gelet op de wetten betreffende de jaarlijkse vakantie van de
werknemers, gecoördineerd op 28 juni 1971; werknemers, gecoördineerd op 28 juni 1971;
Gelet op de collectieve arbeidsovereenkomst van 3 april 1975, gesloten Gelet op de collectieve arbeidsovereenkomst van 3 april 1975, gesloten
in het Paritair Comité voor de diamantnijverheid en -handel, in het Paritair Comité voor de diamantnijverheid en -handel,
betreffende de jaarlijkse vakantie, algemeen verbindend verklaard bij betreffende de jaarlijkse vakantie, algemeen verbindend verklaard bij
koninklijk besluit van 29 augustus 1975; koninklijk besluit van 29 augustus 1975;
Gelet op het verzoek van het Paritair Comité voor de diamantnijverheid Gelet op het verzoek van het Paritair Comité voor de diamantnijverheid
en -handel; en -handel;
Op de voordracht van Onze Minister van Werk en van Onze Minister van Op de voordracht van Onze Minister van Werk en van Onze Minister van
Sociale Zaken en Volksgezondheid, Sociale Zaken en Volksgezondheid,
Hebben Wij besloten en besluiten Wij : Hebben Wij besloten en besluiten Wij :

Artikel 1.Algemeen verbindend wordt verklaard de als bijlage

Artikel 1.Algemeen verbindend wordt verklaard de als bijlage

overgenomen collectieve arbeidsovereenkomst van 3 december 2002, overgenomen collectieve arbeidsovereenkomst van 3 december 2002,
gesloten in het Paritair Comité voor de diamantnijverheid en -handel, gesloten in het Paritair Comité voor de diamantnijverheid en -handel,
tot wijziging van de collectieve arbeidsovereenkomst van 3 april 1975 tot wijziging van de collectieve arbeidsovereenkomst van 3 april 1975
betreffende de jaarlijkse vakantie. betreffende de jaarlijkse vakantie.

Art. 2.Onze Minister van Werk en Onze Minister van Sociale Zaken en

Art. 2.Onze Minister van Werk en Onze Minister van Sociale Zaken en

Volksgezondheid zijn, ieder wat hem betreft, belast met de uitvoering Volksgezondheid zijn, ieder wat hem betreft, belast met de uitvoering
van dit besluit. van dit besluit.
Gegeven te Brussel, 17 februari 2005. Gegeven te Brussel, 17 februari 2005.
ALBERT ALBERT
Van Koningswege : Van Koningswege :
De Minister van Werk, De Minister van Werk,
Mevr. F. VAN DEN BOSSCHE Mevr. F. VAN DEN BOSSCHE
De Minister van Sociale Zaken en Volksgezondheid, De Minister van Sociale Zaken en Volksgezondheid,
R. DEMOTTE R. DEMOTTE
_______ _______
Nota's Nota's
(1) Verwijzingen naar het Belgisch Staatsblad : (1) Verwijzingen naar het Belgisch Staatsblad :
Wet van 5 december 1968, Belgisch Staatsblad van 15 januari 1969. Wet van 5 december 1968, Belgisch Staatsblad van 15 januari 1969.
Koninklijk besluit van 28 juni 1971, Belgisch Staatsblad van 30 Koninklijk besluit van 28 juni 1971, Belgisch Staatsblad van 30
september 1971. september 1971.
Koninklijk besluit van 29 augustus 1975, Belgisch Staatsblad van 13 Koninklijk besluit van 29 augustus 1975, Belgisch Staatsblad van 13
september 1975. september 1975.
Bijlage Bijlage
Paritair Comité voor de diamantnijverheid en -handel Paritair Comité voor de diamantnijverheid en -handel
Collectieve arbeidsovereenkomst van 3 december 2002 Collectieve arbeidsovereenkomst van 3 december 2002
Wijziging van de collectieve arbeidsovereenkomst van 3 april 1975 Wijziging van de collectieve arbeidsovereenkomst van 3 april 1975
betreffende de jaarlijkse vakantie (Overeenkomst geregistreerd op 14 betreffende de jaarlijkse vakantie (Overeenkomst geregistreerd op 14
maart 2003 onder het nummer 65731/CO/324) maart 2003 onder het nummer 65731/CO/324)

Artikel 1.Deze collectieve arbeidsovereenkomst is van toepassing op

Artikel 1.Deze collectieve arbeidsovereenkomst is van toepassing op

de werkgevers en op de werknemers die ressorteren onder de bevoegdheid de werkgevers en op de werknemers die ressorteren onder de bevoegdheid
van het Paritair Comité voor de diamantnijverheid en -handel. van het Paritair Comité voor de diamantnijverheid en -handel.

Art. 2.In artikel 2 van de collectieve arbeidsovereenkomst van 3

Art. 2.In artikel 2 van de collectieve arbeidsovereenkomst van 3

april 1975 betreffende de jaarlijkse vakantie, algemeen verbindend april 1975 betreffende de jaarlijkse vakantie, algemeen verbindend
verklaard bij koninklijk besluit van 29 augustus 1975 en gewijzigd bij verklaard bij koninklijk besluit van 29 augustus 1975 en gewijzigd bij
de collectieve arbeidsovereenkomst van 24 maart 1989, algemeen de collectieve arbeidsovereenkomst van 24 maart 1989, algemeen
verbindend verklaard bij koninklijk besluit van 20 juni 1990, worden verbindend verklaard bij koninklijk besluit van 20 juni 1990, worden
de woorden "gepresteerde dagen" en "effectief gewerkte dagen" telkens de woorden "gepresteerde dagen" en "effectief gewerkte dagen" telkens
vervangen door "dagen normale werkelijke arbeid". vervangen door "dagen normale werkelijke arbeid".

Art. 3.In artikel 3, § 1, 1°, van dezelfde collectieve

Art. 3.In artikel 3, § 1, 1°, van dezelfde collectieve

arbeidsovereenkomst van 3 april 1975, gewijzigd bij de collectieve arbeidsovereenkomst van 3 april 1975, gewijzigd bij de collectieve
arbeidsovereenkomst van 24 maart 1989, wordt het percentage "1,40" arbeidsovereenkomst van 24 maart 1989, wordt het percentage "1,40"
vervangen door "0,80". vervangen door "0,80".

Art. 4.In artikel 4, 1°, van dezelfde collectieve arbeidsovereenkomst

Art. 4.In artikel 4, 1°, van dezelfde collectieve arbeidsovereenkomst

van 3 april 1975, gewijzigd bij de collectieve arbeidsovereenkomst van van 3 april 1975, gewijzigd bij de collectieve arbeidsovereenkomst van
24 maart 1989, wordt het percentage "1,40" vervangen door "0,80", en 24 maart 1989, wordt het percentage "1,40" vervangen door "0,80", en
worden de woorden "effectief gewerkte dagen" vervangen door "dagen worden de woorden "effectief gewerkte dagen" vervangen door "dagen
normale werkelijke arbeid". normale werkelijke arbeid".

Art. 5.Artikel 4, 2°, van dezelfde collectieve arbeidsovereenkomst

Art. 5.Artikel 4, 2°, van dezelfde collectieve arbeidsovereenkomst

van 3 april 1975, wordt vervangen door de volgende bepalingen : van 3 april 1975, wordt vervangen door de volgende bepalingen :
"2° voor de vijfde week vakantie, voorzien ten gunste van de "2° voor de vijfde week vakantie, voorzien ten gunste van de
werknemers jonger dan 21 jaar bij het verstrijken van het werknemers jonger dan 21 jaar bij het verstrijken van het
vakantiedienstjaar, een gewoon vakantiegeld gelijk aan 2 pct. van de vakantiedienstjaar, een gewoon vakantiegeld gelijk aan 2 pct. van de
lonen van het vakantiedienstjaar die tot basis hebben gediend voor de lonen van het vakantiedienstjaar die tot basis hebben gediend voor de
berekening van de bijdrage verschuldigd voor de samenstelling van dit berekening van de bijdrage verschuldigd voor de samenstelling van dit
vakantiegeld, eventueel vermeerderd met een fictief loon voor met vakantiegeld, eventueel vermeerderd met een fictief loon voor met
dagen normale werkelijke arbeid gelijkgestelde inactiviteitsdagen." dagen normale werkelijke arbeid gelijkgestelde inactiviteitsdagen."

Art. 6.In artikel 5 van dezelfde collectieve arbeidsovereenkomst van

Art. 6.In artikel 5 van dezelfde collectieve arbeidsovereenkomst van

3 april 1975, gewijzigd bij de collectieve arbeidsovereenkomst van 24 3 april 1975, gewijzigd bij de collectieve arbeidsovereenkomst van 24
maart 1989, worden de worden "effectief gewerkte dagen" telkens maart 1989, worden de worden "effectief gewerkte dagen" telkens
vervangen door "dagen normale werkelijke arbeid". vervangen door "dagen normale werkelijke arbeid".

Art. 7.Artikel 7 van dezelfde collectieve arbeidsovereenkomst van 3

Art. 7.Artikel 7 van dezelfde collectieve arbeidsovereenkomst van 3

april 1975 wordt vervangen door volgende bepalingen : april 1975 wordt vervangen door volgende bepalingen :
"

Art. 7.De duur van de wettelijke vakantie voor de werknemers van de

"

Art. 7.De duur van de wettelijke vakantie voor de werknemers van de

diamantnijverheid en -handel wordt, voor elk arbeidsstelsel waarin de diamantnijverheid en -handel wordt, voor elk arbeidsstelsel waarin de
werknemer in de loop van het vakantiedienstjaar tewerkgesteld werd, werknemer in de loop van het vakantiedienstjaar tewerkgesteld werd,
bepaald volgens volgende formule : A/B x C, waarbij bepaald volgens volgende formule : A/B x C, waarbij
* A. overeenstemt met het totaal aantal dagen voor het beschouwde * A. overeenstemt met het totaal aantal dagen voor het beschouwde
kalenderjaar, bedoeld in artikel 36 van het koninklijk besluit van 30 kalenderjaar, bedoeld in artikel 36 van het koninklijk besluit van 30
maart 1967 tot bepaling van de algemene uitvoeringsmodaliteiten van de maart 1967 tot bepaling van de algemene uitvoeringsmodaliteiten van de
wetten betreffende de jaarlijkse vakantie van de werknemers; wetten betreffende de jaarlijkse vakantie van de werknemers;
* B. overeenstemt met het aantal dagen van tewerkstelling voorzien in * B. overeenstemt met het aantal dagen van tewerkstelling voorzien in
de vaste arbeidsregeling of, indien het geen vast aantal dagen per de vaste arbeidsregeling of, indien het geen vast aantal dagen per
week betreft, het maximum aantal werkdagen van de maatpersoon voor elk week betreft, het maximum aantal werkdagen van de maatpersoon voor elk
arbeidsstelsel begrepen in het beschouwde kalenderjaar; arbeidsstelsel begrepen in het beschouwde kalenderjaar;
* C. overeenstemt met het maximum aantal vakantiedagen dat volgens het * C. overeenstemt met het maximum aantal vakantiedagen dat volgens het
toepasselijk arbeidsstelsel kan bekomen worden; dit maximum stemt toepasselijk arbeidsstelsel kan bekomen worden; dit maximum stemt
overeen met vier weken voor werknemers die 21 jaar zijn of ouder en overeen met vier weken voor werknemers die 21 jaar zijn of ouder en
vijf weken voor werknemers die jonger zijn dan 21 jaar bij het vijf weken voor werknemers die jonger zijn dan 21 jaar bij het
verstrijken van het vakantiedienstjaar. verstrijken van het vakantiedienstjaar.
De vakantieduur wordt in dagen berekend, waarbij het resultaat van de De vakantieduur wordt in dagen berekend, waarbij het resultaat van de
berekeningsformule afgerond wordt tot twee decimalen. berekeningsformule afgerond wordt tot twee decimalen.
Indien een werknemer gedurende eenzelfde vakantiedienstjaar gewerkt Indien een werknemer gedurende eenzelfde vakantiedienstjaar gewerkt
heeft onder verschillende arbeidsstelsels, wordt de afronding heeft onder verschillende arbeidsstelsels, wordt de afronding
toegepast op het eindresultaat. In dit geval zal men, indien het toegepast op het eindresultaat. In dit geval zal men, indien het
eerste cijfer na de komma kleiner is dan vijf, geen rekening houden eerste cijfer na de komma kleiner is dan vijf, geen rekening houden
met de decimalen. In het tegengestelde geval wordt het totaal aantal met de decimalen. In het tegengestelde geval wordt het totaal aantal
vakantiedagen verhoogd tot de volgende eenheid met de beperking van vakantiedagen verhoogd tot de volgende eenheid met de beperking van
maximum vier of vijf weken." maximum vier of vijf weken."

Art. 8.Deze collectieve arbeidsovereenkomst heeft uitwerking met

Art. 8.Deze collectieve arbeidsovereenkomst heeft uitwerking met

ingang van 1 januari 2003 uitgezonderd artikel 7 dat uitwerking heeft ingang van 1 januari 2003 uitgezonderd artikel 7 dat uitwerking heeft
vanaf het vakantiedienstjaar 2003, vakantiejaar 2004. Deze collectieve vanaf het vakantiedienstjaar 2003, vakantiejaar 2004. Deze collectieve
arbeidsovereenkomst is gesloten voor onbepaalde duur en kan door elke arbeidsovereenkomst is gesloten voor onbepaalde duur en kan door elke
partij worden opgezegd met inachtname van een opzeggingstermijn van partij worden opgezegd met inachtname van een opzeggingstermijn van
één maand per aangetekende brief gericht aan de voorzitter van het één maand per aangetekende brief gericht aan de voorzitter van het
Paritair Comité voor de diamantnijverheid en -handel. Paritair Comité voor de diamantnijverheid en -handel.
Gezien om te worden gevoegd bij het koninklijk besluit van 17 februari Gezien om te worden gevoegd bij het koninklijk besluit van 17 februari
2005. 2005.
De Minister van Werk, De Minister van Werk,
Mevr. F. VAN DEN BOSSCHE Mevr. F. VAN DEN BOSSCHE
De Minister van Sociale Zaken en Volksgezondheid, De Minister van Sociale Zaken en Volksgezondheid,
R. DEMOTTE R. DEMOTTE
^