Koninklijk besluit waarbij algemeen verbindend wordt verklaard de collectieve arbeidsovereenkomst van 25 januari 2024, gesloten in het Paritair Comité voor de ijzernijverheid, betreffende het behoud van het normaal loon voor afwezigheidsdagen naar aanleiding van bepaalde familiegebeurtenissen, staatsburgerlijke verplichtingen of burgerlijke opdrachten | Koninklijk besluit waarbij algemeen verbindend wordt verklaard de collectieve arbeidsovereenkomst van 25 januari 2024, gesloten in het Paritair Comité voor de ijzernijverheid, betreffende het behoud van het normaal loon voor afwezigheidsdagen naar aanleiding van bepaalde familiegebeurtenissen, staatsburgerlijke verplichtingen of burgerlijke opdrachten |
---|---|
16 SEPTEMBER 2024. - Koninklijk besluit waarbij algemeen verbindend | 16 SEPTEMBER 2024. - Koninklijk besluit waarbij algemeen verbindend |
wordt verklaard de collectieve arbeidsovereenkomst van 25 januari | wordt verklaard de collectieve arbeidsovereenkomst van 25 januari |
2024, gesloten in het Paritair Comité voor de ijzernijverheid, | 2024, gesloten in het Paritair Comité voor de ijzernijverheid, |
betreffende het behoud van het normaal loon voor afwezigheidsdagen | betreffende het behoud van het normaal loon voor afwezigheidsdagen |
naar aanleiding van bepaalde familiegebeurtenissen, staatsburgerlijke | naar aanleiding van bepaalde familiegebeurtenissen, staatsburgerlijke |
verplichtingen of burgerlijke opdrachten (1) | verplichtingen of burgerlijke opdrachten (1) |
FILIP, Koning der Belgen, | FILIP, Koning der Belgen, |
Aan allen die nu zijn en hierna wezen zullen, Onze Groet. | Aan allen die nu zijn en hierna wezen zullen, Onze Groet. |
Gelet op de wet van 5 december 1968 betreffende de collectieve | Gelet op de wet van 5 december 1968 betreffende de collectieve |
arbeidsovereenkomsten en de paritaire comités, inzonderheid op artikel | arbeidsovereenkomsten en de paritaire comités, inzonderheid op artikel |
28; | 28; |
Gelet op het verzoek van het Paritair Comité voor de ijzernijverheid; | Gelet op het verzoek van het Paritair Comité voor de ijzernijverheid; |
Op de voordracht van de Minister van Werk, | Op de voordracht van de Minister van Werk, |
Hebben Wij besloten en besluiten Wij : | Hebben Wij besloten en besluiten Wij : |
Artikel 1.Algemeen verbindend wordt verklaard de als bijlage |
Artikel 1.Algemeen verbindend wordt verklaard de als bijlage |
overgenomen collectieve arbeidsovereenkomst van 25 januari 2024, | overgenomen collectieve arbeidsovereenkomst van 25 januari 2024, |
gesloten in het Paritair Comité voor de ijzernijverheid, betreffende | gesloten in het Paritair Comité voor de ijzernijverheid, betreffende |
het behoud van het normaal loon voor afwezigheidsdagen naar aanleiding | het behoud van het normaal loon voor afwezigheidsdagen naar aanleiding |
van bepaalde familiegebeurtenissen, staatsburgerlijke verplichtingen | van bepaalde familiegebeurtenissen, staatsburgerlijke verplichtingen |
of burgerlijke opdrachten. | of burgerlijke opdrachten. |
Art. 2.De minister bevoegd voor Werk is belast met de uitvoering van |
Art. 2.De minister bevoegd voor Werk is belast met de uitvoering van |
dit besluit. | dit besluit. |
Gegeven te Brussel, 16 september 2024. | Gegeven te Brussel, 16 september 2024. |
FILIP | FILIP |
Van Koningswege : | Van Koningswege : |
De Minister van Werk, | De Minister van Werk, |
P.-Y. DERMAGNE | P.-Y. DERMAGNE |
_______ | _______ |
Nota | Nota |
(1) Verwijzing naar het Belgisch Staatsblad : | (1) Verwijzing naar het Belgisch Staatsblad : |
Wet van 5 december 1968, Belgisch Staatsblad van 15 januari 1969. | Wet van 5 december 1968, Belgisch Staatsblad van 15 januari 1969. |
Bijlage | Bijlage |
Paritair Comité voor de ijzernijverheid | Paritair Comité voor de ijzernijverheid |
Collectieve arbeidsovereenkomst van 25 januari 2024 | Collectieve arbeidsovereenkomst van 25 januari 2024 |
Behoud van het normaal loon voor afwezigheidsdagen naar aanleiding van | Behoud van het normaal loon voor afwezigheidsdagen naar aanleiding van |
bepaalde familiegebeurtenissen, staatsburgerlijke verplichtingen of | bepaalde familiegebeurtenissen, staatsburgerlijke verplichtingen of |
burgerlijke opdrachten (Overeenkomst geregistreerd op 1 februari 2024 | burgerlijke opdrachten (Overeenkomst geregistreerd op 1 februari 2024 |
onder het nummer 185728/CO/104) | onder het nummer 185728/CO/104) |
HOOFDSTUK I. - Onderwerp | HOOFDSTUK I. - Onderwerp |
Artikel 1.Onderhavige overeenkomst is afgesloten in uitvoering van |
Artikel 1.Onderhavige overeenkomst is afgesloten in uitvoering van |
het sectoraal akkoord 2023-2024. Ze beoogt de coördinatie van de | het sectoraal akkoord 2023-2024. Ze beoogt de coördinatie van de |
algemene reglementaire bepalingen inzake klein verlet, enerzijds, en | algemene reglementaire bepalingen inzake klein verlet, enerzijds, en |
van sommige bijzondere bepalingen die conventioneel werden vastgelegd | van sommige bijzondere bepalingen die conventioneel werden vastgelegd |
in de sector, anderzijds. | in de sector, anderzijds. |
Ze vervolledigt en past dus de sectorale overeenkomst van 29 juni 2009 | Ze vervolledigt en past dus de sectorale overeenkomst van 29 juni 2009 |
aan voor zover deze overeenkomst niet meer in overeenstemming is met | aan voor zover deze overeenkomst niet meer in overeenstemming is met |
de wettelijke kaders inzake geboorteverlof, adoptieverlof en | de wettelijke kaders inzake geboorteverlof, adoptieverlof en |
afwezigheid voor pleegzorg. | afwezigheid voor pleegzorg. |
Onderhavige overeenkomst is in het bijzonder afgesloten in toepassing | Onderhavige overeenkomst is in het bijzonder afgesloten in toepassing |
van : | van : |
- het koninklijk besluit van 28 augustus 1963 betreffende het behoud | - het koninklijk besluit van 28 augustus 1963 betreffende het behoud |
van het normaal loon van de werklieden, de dienstboden, de bedienden | van het normaal loon van de werklieden, de dienstboden, de bedienden |
en de werknemers aangeworven voor de dienst op binnenschepen, voor | en de werknemers aangeworven voor de dienst op binnenschepen, voor |
afwezigheidsdagen ter gelegenheid van familiegebeurtenissen of voor de | afwezigheidsdagen ter gelegenheid van familiegebeurtenissen of voor de |
vervulling van staatsburgerlijke verplichtingen of van burgerlijke | vervulling van staatsburgerlijke verplichtingen of van burgerlijke |
opdrachten; | opdrachten; |
- de collectieve arbeidsovereenkomst van 6 mei 1964, gewijzigd door | - de collectieve arbeidsovereenkomst van 6 mei 1964, gewijzigd door |
het protocol van nationale overeenkomst van 7 maart 1973, tot | het protocol van nationale overeenkomst van 7 maart 1973, tot |
vaststelling van de regels voor de betaling van de afwezigheden naar | vaststelling van de regels voor de betaling van de afwezigheden naar |
aanleiding van bepaalde familiegebeurtenissen, staatsburgerlijke | aanleiding van bepaalde familiegebeurtenissen, staatsburgerlijke |
verplichtingen of burgerlijke opdrachten aan het werkliedenpersoneel | verplichtingen of burgerlijke opdrachten aan het werkliedenpersoneel |
in de staalindustrie. | in de staalindustrie. |
Ze vervangt alle bestaande sectorale regelingen van toepassing in het | Ze vervangt alle bestaande sectorale regelingen van toepassing in het |
Paritair Comité voor de ijzernijverheid betreffende het behoud van het | Paritair Comité voor de ijzernijverheid betreffende het behoud van het |
normaal loon voor afwezigheidsdagen naar aanleiding van | normaal loon voor afwezigheidsdagen naar aanleiding van |
familiegebeurtenissen, staatsburgerlijke verplichtingen of burgerlijke | familiegebeurtenissen, staatsburgerlijke verplichtingen of burgerlijke |
opdrachten. | opdrachten. |
HOOFDSTUK II. - Toepassingsgebied | HOOFDSTUK II. - Toepassingsgebied |
Art. 2.Onderhavige overeenkomst is van toepassing in de ondernemingen |
Art. 2.Onderhavige overeenkomst is van toepassing in de ondernemingen |
die onder het Paritair Comité voor de ijzernijverheid (PC nr. 104) | die onder het Paritair Comité voor de ijzernijverheid (PC nr. 104) |
vallen en op de werknemers en werkneemsters die door een | vallen en op de werknemers en werkneemsters die door een |
arbeidsovereenkomst voor arbeider aan deze ondernemingen zijn | arbeidsovereenkomst voor arbeider aan deze ondernemingen zijn |
gebonden. | gebonden. |
HOOFDSTUK III. - Regels betreffende het klein verlet | HOOFDSTUK III. - Regels betreffende het klein verlet |
Art. 3.Ter gelegenheid van familiegebeurtenissen of voor het |
Art. 3.Ter gelegenheid van familiegebeurtenissen of voor het |
vervullen van staatsburgerlijke verplichtingen of burgerlijke | vervullen van staatsburgerlijke verplichtingen of burgerlijke |
opdrachten die hierna opgesomd worden, hebben de in artikel 2 bedoelde | opdrachten die hierna opgesomd worden, hebben de in artikel 2 bedoelde |
werknemers het recht om, met behoud van hun normaal loon, berekend | werknemers het recht om, met behoud van hun normaal loon, berekend |
zoals voor betaalde feestdagen, van het werk afwezig te zijn voor een | zoals voor betaalde feestdagen, van het werk afwezig te zijn voor een |
als volgt bepaalde duur : | als volgt bepaalde duur : |
1. Huwelijk van de werknemer : 3 dagen, te kiezen door de werknemer | 1. Huwelijk van de werknemer : 3 dagen, te kiezen door de werknemer |
tijdens de week waarin de gebeurtenis zich situeert of tijdens de | tijdens de week waarin de gebeurtenis zich situeert of tijdens de |
daaropvolgende week. | daaropvolgende week. |
2. Huwelijk van een kind van de werknemer of van zijn echtgeno(o)t(e), | 2. Huwelijk van een kind van de werknemer of van zijn echtgeno(o)t(e), |
van een broer, zuster, schoonbroer, schoonzuster, van de vader, | van een broer, zuster, schoonbroer, schoonzuster, van de vader, |
moeder, schoonvader, stiefvader, schoonmoeder, stiefmoeder, van een | moeder, schoonvader, stiefvader, schoonmoeder, stiefmoeder, van een |
kleinkind van de werknemer, een grootvader of grootmoeder van de | kleinkind van de werknemer, een grootvader of grootmoeder van de |
werknemer of van zijn echtgeno(o)t(e), van elke andere verwante die | werknemer of van zijn echtgeno(o)t(e), van elke andere verwante die |
bij de werknemer inwoont : de dag van het huwelijk. | bij de werknemer inwoont : de dag van het huwelijk. |
3. Ondertekening door de werknemer van een wettelijk | 3. Ondertekening door de werknemer van een wettelijk |
samenlevingscontract : de dag van de ondertekening. | samenlevingscontract : de dag van de ondertekening. |
4. Priesterwijding of intrede in het klooster van een kind of | 4. Priesterwijding of intrede in het klooster van een kind of |
kleinkind van de werknemer of van zijn echtgeno(o)t(e), van een broer, | kleinkind van de werknemer of van zijn echtgeno(o)t(e), van een broer, |
zuster, schoonbroer, schoonzuster van de werknemer, van elke andere | zuster, schoonbroer, schoonzuster van de werknemer, van elke andere |
verwante die bij de werknemer inwoont : de dag van de plechtigheid. | verwante die bij de werknemer inwoont : de dag van de plechtigheid. |
5. Geboorte van een kind van de werknemer waarvan de afstamming langs | 5. Geboorte van een kind van de werknemer waarvan de afstamming langs |
zijn zijde vaststaat : volgens de bepalingen van artikel 30, § 2 van | zijn zijde vaststaat : volgens de bepalingen van artikel 30, § 2 van |
de wet van 3 juli 1978, zoals gewijzigd door de wet van 20 december | de wet van 3 juli 1978, zoals gewijzigd door de wet van 20 december |
2020, betreffende de arbeidsovereenkomsten, 20 dagen, te kiezen door | 2020, betreffende de arbeidsovereenkomsten, 20 dagen, te kiezen door |
de werknemer binnen de vier maanden vanaf de bevallingsdatum, waarvan | de werknemer binnen de vier maanden vanaf de bevallingsdatum, waarvan |
de eerste 3 dagen met behoud van het normaal loon ten laste van de | de eerste 3 dagen met behoud van het normaal loon ten laste van de |
werkgever en de volgende dagen met een uitkering in het raam van de | werkgever en de volgende dagen met een uitkering in het raam van de |
verzekering voor geneeskundige verzorging en uitkeringen. | verzekering voor geneeskundige verzorging en uitkeringen. |
Voor het overige verwijst de sector naar de modaliteiten vastgelegd | Voor het overige verwijst de sector naar de modaliteiten vastgelegd |
door artikel 30, § 2 van de wet betreffende de arbeidsovereenkomsten. | door artikel 30, § 2 van de wet betreffende de arbeidsovereenkomsten. |
6. Adoptieverlof | 6. Adoptieverlof |
Opvang van een kind in het gezin van de werknemer, in het kader van | Opvang van een kind in het gezin van de werknemer, in het kader van |
een adoptie : 6 weken, maximaal verlengd met : | een adoptie : 6 weken, maximaal verlengd met : |
- 3 weken vanaf 1 januari 2023; | - 3 weken vanaf 1 januari 2023; |
- 4 weken vanaf 1 januari 2025; | - 4 weken vanaf 1 januari 2025; |
- 5 weken vanaf 1 januari 2027. | - 5 weken vanaf 1 januari 2027. |
Voor het overige verwijst de sector naar de modaliteiten vastgelegd | Voor het overige verwijst de sector naar de modaliteiten vastgelegd |
door artikel 30ter van de wet betreffende de arbeidsovereenkomsten. | door artikel 30ter van de wet betreffende de arbeidsovereenkomsten. |
7. Afwezigheid voor pleegzorg | 7. Afwezigheid voor pleegzorg |
Het vervullen van verplichtingen en taken of om het hoofd te bieden | Het vervullen van verplichtingen en taken of om het hoofd te bieden |
aan situaties in verband met de pleegzorg in het gezin van de | aan situaties in verband met de pleegzorg in het gezin van de |
werknemer van één of meerdere personen die hem zijn toevertrouwd in | werknemer van één of meerdere personen die hem zijn toevertrouwd in |
het kader van deze pleegzorg : maximum 6 dagen per jaar en op | het kader van deze pleegzorg : maximum 6 dagen per jaar en op |
voorwaarde dat ze gebruikt worden voor de gebeurtenissen bedoeld in | voorwaarde dat ze gebruikt worden voor de gebeurtenissen bedoeld in |
artikel 30quater van de wet betreffende de arbeidsovereenkomsten en | artikel 30quater van de wet betreffende de arbeidsovereenkomsten en |
voor zover de uitvoering van de arbeidsovereenkomst het onmogelijk | voor zover de uitvoering van de arbeidsovereenkomst het onmogelijk |
maakt voor de werknemer om tussen te komen voor de genoemde | maakt voor de werknemer om tussen te komen voor de genoemde |
gebeurtenissen. | gebeurtenissen. |
Voor het overige verwijst de sector naar de modaliteiten vastgelegd | Voor het overige verwijst de sector naar de modaliteiten vastgelegd |
door artikel 30quater van de wet betreffende de arbeidsovereenkomsten. | door artikel 30quater van de wet betreffende de arbeidsovereenkomsten. |
8. Ouderschapsverlof voor pleegzorg | 8. Ouderschapsverlof voor pleegzorg |
Opvang van een kind in het gezin van de werknemer, in het kader van | Opvang van een kind in het gezin van de werknemer, in het kader van |
een langdurige pleegzorg : 6 weken, maximaal verlengd met : | een langdurige pleegzorg : 6 weken, maximaal verlengd met : |
- 3 weken vanaf 1 januari 2023; | - 3 weken vanaf 1 januari 2023; |
- 4 weken vanaf 1 januari 2025; | - 4 weken vanaf 1 januari 2025; |
- 5 weken vanaf 1 januari 2027. | - 5 weken vanaf 1 januari 2027. |
Voor het overige verwijst de sector naar de modaliteiten vastgelegd | Voor het overige verwijst de sector naar de modaliteiten vastgelegd |
door artikel 30sexies van de wet betreffende de arbeidsovereenkomsten. | door artikel 30sexies van de wet betreffende de arbeidsovereenkomsten. |
9. Overlijden van een kind van de werknemer of van een kind van zijn | 9. Overlijden van een kind van de werknemer of van een kind van zijn |
echtgeno(o)t(e) of samenwonende partner : 12 dagen. | echtgeno(o)t(e) of samenwonende partner : 12 dagen. |
De 5 eerste dagen moeten opgenomen worden tijdens de periode die | De 5 eerste dagen moeten opgenomen worden tijdens de periode die |
begint met de dag van het overlijden en eindigt de dag van de | begint met de dag van het overlijden en eindigt de dag van de |
begrafenis. | begrafenis. |
De 7 overblijvende dagen mogen vrij door de werknemer opgenomen worden | De 7 overblijvende dagen mogen vrij door de werknemer opgenomen worden |
binnen het jaar na de dag van het overlijden. | binnen het jaar na de dag van het overlijden. |
10. Overlijden van de echtgeno(o)t(e) of samenwonende partner van de | 10. Overlijden van de echtgeno(o)t(e) of samenwonende partner van de |
werknemer : 12 dagen. | werknemer : 12 dagen. |
De 5 eerste dagen moeten opgenomen worden tijdens de periode die | De 5 eerste dagen moeten opgenomen worden tijdens de periode die |
begint met de dag van het overlijden en eindigt de dag van de | begint met de dag van het overlijden en eindigt de dag van de |
begrafenis. | begrafenis. |
De 7 overblijvende dagen mogen vrij door de werknemer opgenomen worden | De 7 overblijvende dagen mogen vrij door de werknemer opgenomen worden |
binnen het jaar na de dag van het overlijden. | binnen het jaar na de dag van het overlijden. |
11. Overlijden van een pleegkind van wie de werknemer of zijn | 11. Overlijden van een pleegkind van wie de werknemer of zijn |
echtgeno(o)t(e) of samenwonende partner pleegouder is of was in het | echtgeno(o)t(e) of samenwonende partner pleegouder is of was in het |
kader van een langdurige pleegzorg : 10 dagen. | kader van een langdurige pleegzorg : 10 dagen. |
De 3 eerste dagen moeten opgenomen worden tijdens de periode die | De 3 eerste dagen moeten opgenomen worden tijdens de periode die |
begint met de dag van het overlijden en eindigt de dag van de | begint met de dag van het overlijden en eindigt de dag van de |
begrafenis. | begrafenis. |
De 7 overblijvende dagen mogen vrij door de werknemer opgenomen worden | De 7 overblijvende dagen mogen vrij door de werknemer opgenomen worden |
binnen het jaar na de dag van het overlijden. | binnen het jaar na de dag van het overlijden. |
12. Overlijden van een pleegouder van de werknemer of van zijn | 12. Overlijden van een pleegouder van de werknemer of van zijn |
echtgeno(o)t(e) of samenwonende partner, in het kader van langdurige | echtgeno(o)t(e) of samenwonende partner, in het kader van langdurige |
pleegzorg op het ogenblik van overlijden : 3 dagen, op te nemen | pleegzorg op het ogenblik van overlijden : 3 dagen, op te nemen |
tijdens de periode die begint met de dag van het overlijden en eindigt | tijdens de periode die begint met de dag van het overlijden en eindigt |
de dag van de begrafenis. | de dag van de begrafenis. |
13. Overlijden van een pleegkind van wie de werknemer of de | 13. Overlijden van een pleegkind van wie de werknemer of de |
echtgeno(o)t(e) of samenwonende partner pleegouder is, in het kader | echtgeno(o)t(e) of samenwonende partner pleegouder is, in het kader |
van een kortdurende pleegzorg op het ogenblik van overlijden : 1 dag, | van een kortdurende pleegzorg op het ogenblik van overlijden : 1 dag, |
op te nemen op de dag van de begrafenis. | op te nemen op de dag van de begrafenis. |
Voor het overige, inzake de punten 9, 10, 11, 12 en 13 verwijst de | Voor het overige, inzake de punten 9, 10, 11, 12 en 13 verwijst de |
sector naar de modaliteiten vastgelegd in artikel 2 en 4 van het | sector naar de modaliteiten vastgelegd in artikel 2 en 4 van het |
koninklijk besluit van 28 augustus 1963, zoals gewijzigd door het | koninklijk besluit van 28 augustus 1963, zoals gewijzigd door het |
koninklijk besluit van 1 mei 2023. | koninklijk besluit van 1 mei 2023. |
14. Overlijden van de vader of moeder van de werknemer, van de vader | 14. Overlijden van de vader of moeder van de werknemer, van de vader |
of moeder van zijn echtgeno(o)t(e) of samenwonende partner : 5 dagen, | of moeder van zijn echtgeno(o)t(e) of samenwonende partner : 5 dagen, |
te kiezen door de werknemer tijdens de periode die begint met de dag | te kiezen door de werknemer tijdens de periode die begint met de dag |
van het overlijden en eindigt uiterlijk de 4de dag volgend op de dag | van het overlijden en eindigt uiterlijk de 4de dag volgend op de dag |
van de begrafenis. | van de begrafenis. |
15. Overlijden van de stiefvader of van de stiefmoeder van de | 15. Overlijden van de stiefvader of van de stiefmoeder van de |
werknemer of van zijn echtgeno(o)t(e) of samenwonende partner : 3 | werknemer of van zijn echtgeno(o)t(e) of samenwonende partner : 3 |
dagen, te kiezen door de werknemer tijdens de periode die begint met | dagen, te kiezen door de werknemer tijdens de periode die begint met |
de dag van het overlijden en eindigt de dag na de begrafenis. | de dag van het overlijden en eindigt de dag na de begrafenis. |
16. Overlijden van een broer, zuster, schoonbroer, schoonzuster, van | 16. Overlijden van een broer, zuster, schoonbroer, schoonzuster, van |
de grootvader, grootmoeder, van een kleinkind, overgrootvader, | de grootvader, grootmoeder, van een kleinkind, overgrootvader, |
overgrootmoeder, achterkleinkind, van een schoonzoon of schoondochter | overgrootmoeder, achterkleinkind, van een schoonzoon of schoondochter |
van de werknemer of van zijn echtgeno(o)t(e) of samenwonende partner, | van de werknemer of van zijn echtgeno(o)t(e) of samenwonende partner, |
die bij de werknemer inwoont : 2 dagen, te kiezen door de werknemer | die bij de werknemer inwoont : 2 dagen, te kiezen door de werknemer |
tijdens de periode die begint met de dag van het overlijden en eindigt | tijdens de periode die begint met de dag van het overlijden en eindigt |
de dag van de begrafenis. | de dag van de begrafenis. |
17. Overlijden van een broer, zuster, schoonbroer, schoonzuster, van | 17. Overlijden van een broer, zuster, schoonbroer, schoonzuster, van |
de grootvader, grootmoeder, van een kleinkind, overgrootvader, | de grootvader, grootmoeder, van een kleinkind, overgrootvader, |
overgrootmoeder, achterkleinkind, van een schoonzoon of schoondochter | overgrootmoeder, achterkleinkind, van een schoonzoon of schoondochter |
van de werknemer of van zijn echtgeno(o)t(e) of samenwonende partner, | van de werknemer of van zijn echtgeno(o)t(e) of samenwonende partner, |
die niet bij de werknemer inwoont, van de voogd van de minderjarige | die niet bij de werknemer inwoont, van de voogd van de minderjarige |
werknemer, van de minderjarige persoon van wie de werknemer voogd is : | werknemer, van de minderjarige persoon van wie de werknemer voogd is : |
de dag van de begrafenis. | de dag van de begrafenis. |
18. Overlijden van elke andere verwante die bij de werknemer inwoont : | 18. Overlijden van elke andere verwante die bij de werknemer inwoont : |
de dag van de begrafenis. | de dag van de begrafenis. |
19. Plechtige communie van een kind van de werknemer of van zijn | 19. Plechtige communie van een kind van de werknemer of van zijn |
echtgeno(o)t(e) : de dag van de plechtigheid of, wanneer deze | echtgeno(o)t(e) : de dag van de plechtigheid of, wanneer deze |
plaatsvindt op een dag waarop de werknemer normaal niet werkt, de | plaatsvindt op een dag waarop de werknemer normaal niet werkt, de |
dichtstbijzijnde arbeidsdag die de plechtigheid voorafgaat of erop | dichtstbijzijnde arbeidsdag die de plechtigheid voorafgaat of erop |
volgt. | volgt. |
20. Deelname van een kind van de werknemer of van zijn echtgeno(o)t(e) | 20. Deelname van een kind van de werknemer of van zijn echtgeno(o)t(e) |
aan het feest van de vrijzinnige jeugd, daar waar dit feest | aan het feest van de vrijzinnige jeugd, daar waar dit feest |
plaatsvindt : de dag van het feest of, wanneer dit plaatsvindt op een | plaatsvindt : de dag van het feest of, wanneer dit plaatsvindt op een |
dag waarop de werknemer normaal niet werkt, de dichtstbijzijnde | dag waarop de werknemer normaal niet werkt, de dichtstbijzijnde |
arbeidsdag die het feest voorafgaat of erop volgt. | arbeidsdag die het feest voorafgaat of erop volgt. |
21. Verblijf van de dienstplichtige werknemer in een rekruterings- of | 21. Verblijf van de dienstplichtige werknemer in een rekruterings- of |
selectiecentrum of in een militair hospitaal ten gevolge van zijn | selectiecentrum of in een militair hospitaal ten gevolge van zijn |
verblijf in een rekruterings- of selectiecentrum : de nodige tijd met | verblijf in een rekruterings- of selectiecentrum : de nodige tijd met |
een maximum van 3 dagen. | een maximum van 3 dagen. |
22. Verblijf van de gewetensbezwaarde werknemer op de Administratieve | 22. Verblijf van de gewetensbezwaarde werknemer op de Administratieve |
Gezondheidsdienst of in één van de verpleeginrichtingen, aangeduid | Gezondheidsdienst of in één van de verpleeginrichtingen, aangeduid |
door de Koning, overeenkomstig de wetgeving houdende het statuut van | door de Koning, overeenkomstig de wetgeving houdende het statuut van |
de gewetensbezwaarden : de nodige tijd met een maximum van 3 dagen. | de gewetensbezwaarden : de nodige tijd met een maximum van 3 dagen. |
23. Bijwonen van een bijeenkomst van een familieraad, bijeengeroepen | 23. Bijwonen van een bijeenkomst van een familieraad, bijeengeroepen |
door de vrederechter : de nodige tijd met een maximum van één dag. | door de vrederechter : de nodige tijd met een maximum van één dag. |
24. Deelname aan een jury, oproeping als getuige voor de rechtbank of | 24. Deelname aan een jury, oproeping als getuige voor de rechtbank of |
persoonlijke verschijning op aanmaning van de arbeidsrechtbank : de | persoonlijke verschijning op aanmaning van de arbeidsrechtbank : de |
nodige tijd met een maximum van 5 dagen. | nodige tijd met een maximum van 5 dagen. |
25. Uitoefening van het ambt van bijzitter in een hoofdstembureau of | 25. Uitoefening van het ambt van bijzitter in een hoofdstembureau of |
enig stembureau bij de parlements-, provincieraads- en | enig stembureau bij de parlements-, provincieraads- en |
gemeenteraadsverkiezingen : de nodige tijd. | gemeenteraadsverkiezingen : de nodige tijd. |
26. Uitoefening van het ambt van bijzitter in één van de hoofdbureaus | 26. Uitoefening van het ambt van bijzitter in één van de hoofdbureaus |
bij de verkiezing van het Europees Parlement : de nodige tijd met een | bij de verkiezing van het Europees Parlement : de nodige tijd met een |
maximum van 5 dagen. | maximum van 5 dagen. |
27. Uitoefening van het ambt van bijzitter in een hoofdbureau voor | 27. Uitoefening van het ambt van bijzitter in een hoofdbureau voor |
stemopneming bij de parlements-, provincieraads- en | stemopneming bij de parlements-, provincieraads- en |
gemeenteraadsverkiezingen : de nodige tijd met een maximum van 5 | gemeenteraadsverkiezingen : de nodige tijd met een maximum van 5 |
dagen. | dagen. |
Art. 4.Het rouwverlof mag, op verzoek van de werknemer en mits |
Art. 4.Het rouwverlof mag, op verzoek van de werknemer en mits |
instemming van de werkgever, op een ander tijdstip opgenomen worden. | instemming van de werkgever, op een ander tijdstip opgenomen worden. |
Art. 5.Voor de toepassing van artikel 3, nrs. 2, 4, 16, 17, 19 en 20, |
Art. 5.Voor de toepassing van artikel 3, nrs. 2, 4, 16, 17, 19 en 20, |
worden de banden die ontstaan ingevolge een plaatsing in het kader van | worden de banden die ontstaan ingevolge een plaatsing in het kader van |
langdurige pleegzorg, gelijkgesteld met de door die bepalingen | langdurige pleegzorg, gelijkgesteld met de door die bepalingen |
geviseerde banden, op voorwaarde dat de gebeurtenis zich voordoet, | geviseerde banden, op voorwaarde dat de gebeurtenis zich voordoet, |
hetzij tijdens een plaatsing in het kader van langdurige pleegzorg, | hetzij tijdens een plaatsing in het kader van langdurige pleegzorg, |
hetzij na afloop van een plaatsing in het kader van langdurige | hetzij na afloop van een plaatsing in het kader van langdurige |
pleegzorg waarbij het kind gedurende een onafgebroken periode van drie | pleegzorg waarbij het kind gedurende een onafgebroken periode van drie |
jaar op permanente en affectieve wijze deel heeft uitgemaakt van het | jaar op permanente en affectieve wijze deel heeft uitgemaakt van het |
pleeggezin. | pleeggezin. |
Art. 6.Voor de toepassing van onderhavige overeenkomst wordt de |
Art. 6.Voor de toepassing van onderhavige overeenkomst wordt de |
persoon waarmee de werknemer wettelijk samenwoont, zoals geregeld door | persoon waarmee de werknemer wettelijk samenwoont, zoals geregeld door |
de artikelen 1475 en volgende van het Burgerlijk Wetboek, | de artikelen 1475 en volgende van het Burgerlijk Wetboek, |
gelijkgesteld met de echtgeno(o)t(e) van de werknemer. | gelijkgesteld met de echtgeno(o)t(e) van de werknemer. |
HOOFDSTUK IV. - Voorafgaande verwittiging en bewijs | HOOFDSTUK IV. - Voorafgaande verwittiging en bewijs |
Art. 7.Behalve in geval van overmacht geniet de werknemer slechts van |
Art. 7.Behalve in geval van overmacht geniet de werknemer slechts van |
het behoud van zijn normaal loon, zoals bepaald in artikel 3, voor de | het behoud van zijn normaal loon, zoals bepaald in artikel 3, voor de |
afwezigheidsdagen voorzien in datzelfde artikel 3 op voorwaarde dat | afwezigheidsdagen voorzien in datzelfde artikel 3 op voorwaarde dat |
hij er zijn werkgever of diens vertegenwoordiger vooraf van heeft | hij er zijn werkgever of diens vertegenwoordiger vooraf van heeft |
verwittigd binnen een redelijke termijn. | verwittigd binnen een redelijke termijn. |
Hij moet daarbij de precieze termijnen respecteren die eventueel in | Hij moet daarbij de precieze termijnen respecteren die eventueel in |
zijn onderneming vastgelegd werden. | zijn onderneming vastgelegd werden. |
Het bewijs van de familiegebeurtenis, van de staatsburgerlijke | Het bewijs van de familiegebeurtenis, van de staatsburgerlijke |
verplichting of van de burgerlijke opdracht ter rechtvaardiging van de | verplichting of van de burgerlijke opdracht ter rechtvaardiging van de |
afwezigheid moet geleverd worden door de werknemer. De werkgever kan | afwezigheid moet geleverd worden door de werknemer. De werkgever kan |
eventueel een officieel document eisen. | eventueel een officieel document eisen. |
HOOFDSTUK V. - Voorwaarde van de gewone activiteitsdagen en gebruik | HOOFDSTUK V. - Voorwaarde van de gewone activiteitsdagen en gebruik |
van het klein verlet | van het klein verlet |
Art. 8.Voor de toepassing van artikel 3 van onderhavige overeenkomst |
Art. 8.Voor de toepassing van artikel 3 van onderhavige overeenkomst |
worden enkel beschouwd als afwezigheidsdagen die aanleiding geven tot | worden enkel beschouwd als afwezigheidsdagen die aanleiding geven tot |
behoud van het normaal loon, zoals bepaald in datzelfde artikel 3, de | behoud van het normaal loon, zoals bepaald in datzelfde artikel 3, de |
gewone activiteitsdagen waarvoor de werknemer aanspraak had kunnen | gewone activiteitsdagen waarvoor de werknemer aanspraak had kunnen |
maken op loon, indien hij niet in de onmogelijkheid was geweest om te | maken op loon, indien hij niet in de onmogelijkheid was geweest om te |
werken wegens één van de voorziene redenen. | werken wegens één van de voorziene redenen. |
Het normaal loon wordt slechts uitbetaald indien de werknemer de | Het normaal loon wordt slechts uitbetaald indien de werknemer de |
afwezigheidsdagen daadwerkelijk gebruikt heeft voor de doeleinden | afwezigheidsdagen daadwerkelijk gebruikt heeft voor de doeleinden |
voorzien door onderhavige overeenkomst. | voorzien door onderhavige overeenkomst. |
HOOFDSTUK VI. Geldigheidsduur | HOOFDSTUK VI. Geldigheidsduur |
Art. 9.Onderhavige overeenkomst vervangt de collectieve |
Art. 9.Onderhavige overeenkomst vervangt de collectieve |
arbeidsovereenkomst van 7 juli 2023, geregistreerd onder het nr. | arbeidsovereenkomst van 7 juli 2023, geregistreerd onder het nr. |
181456/CO/104. | 181456/CO/104. |
Ze treedt in werking op 7 juli 2023. Ze wordt afgesloten voor een | Ze treedt in werking op 7 juli 2023. Ze wordt afgesloten voor een |
onbepaalde duur. Ze kan door elk van de ondertekenende partijen | onbepaalde duur. Ze kan door elk van de ondertekenende partijen |
opgezegd worden mits een opzegtermijn van 6 maanden, per aangetekend | opgezegd worden mits een opzegtermijn van 6 maanden, per aangetekend |
schrijven bij de post betekend aan de voorzitter van het Paritair | schrijven bij de post betekend aan de voorzitter van het Paritair |
Comité voor de ijzernijverheid, evenals aan elk van de ondertekenende | Comité voor de ijzernijverheid, evenals aan elk van de ondertekenende |
partijen. | partijen. |
Gezien om te worden gevoegd bij het koninklijk besluit van 16 | Gezien om te worden gevoegd bij het koninklijk besluit van 16 |
september 2024. | september 2024. |
De Minister van Werk, | De Minister van Werk, |
P-Y.DERMAGNE | P-Y.DERMAGNE |