Koninklijk besluit waarbij algemeen verbindend wordt verklaard de collectieve arbeidsovereenkomst van 13 december 2023, gesloten in het Paritair Comité voor de voedingsnijverheid, betreffende de loon- en arbeidsvoorwaarden van de arbeiders tewerkgesteld in de groentenijverheid | Koninklijk besluit waarbij algemeen verbindend wordt verklaard de collectieve arbeidsovereenkomst van 13 december 2023, gesloten in het Paritair Comité voor de voedingsnijverheid, betreffende de loon- en arbeidsvoorwaarden van de arbeiders tewerkgesteld in de groentenijverheid |
---|---|
16 SEPTEMBER 2024. - Koninklijk besluit waarbij algemeen verbindend | 16 SEPTEMBER 2024. - Koninklijk besluit waarbij algemeen verbindend |
wordt verklaard de collectieve arbeidsovereenkomst van 13 december | wordt verklaard de collectieve arbeidsovereenkomst van 13 december |
2023, gesloten in het Paritair Comité voor de voedingsnijverheid, | 2023, gesloten in het Paritair Comité voor de voedingsnijverheid, |
betreffende de loon- en arbeidsvoorwaarden van de arbeiders | betreffende de loon- en arbeidsvoorwaarden van de arbeiders |
tewerkgesteld in de groentenijverheid (1) | tewerkgesteld in de groentenijverheid (1) |
FILIP, Koning der Belgen, | FILIP, Koning der Belgen, |
Aan allen die nu zijn en hierna wezen zullen, Onze Groet. | Aan allen die nu zijn en hierna wezen zullen, Onze Groet. |
Gelet op de wet van 5 december 1968 betreffende de collectieve | Gelet op de wet van 5 december 1968 betreffende de collectieve |
arbeidsovereenkomsten en de paritaire comités, inzonderheid op artikel | arbeidsovereenkomsten en de paritaire comités, inzonderheid op artikel |
28; | 28; |
Gelet op het verzoek van het Paritair Comité voor de | Gelet op het verzoek van het Paritair Comité voor de |
voedingsnijverheid; | voedingsnijverheid; |
Op de voordracht van de Minister van Werk, | Op de voordracht van de Minister van Werk, |
Hebben Wij besloten en besluiten Wij : | Hebben Wij besloten en besluiten Wij : |
Artikel 1.Algemeen verbindend wordt verklaard de als bijlage |
Artikel 1.Algemeen verbindend wordt verklaard de als bijlage |
overgenomen collectieve arbeidsovereenkomst van 13 december 2023, | overgenomen collectieve arbeidsovereenkomst van 13 december 2023, |
gesloten in het Paritair Comité voor de voedingsnijverheid, | gesloten in het Paritair Comité voor de voedingsnijverheid, |
betreffende de loon- en arbeidsvoorwaarden van de arbeiders | betreffende de loon- en arbeidsvoorwaarden van de arbeiders |
tewerkgesteld in de groentenijverheid. | tewerkgesteld in de groentenijverheid. |
Art. 2.De minister bevoegd voor Werk is belast met de uitvoering van |
Art. 2.De minister bevoegd voor Werk is belast met de uitvoering van |
dit besluit. | dit besluit. |
Gegeven te Brussel, 16 september 2024. | Gegeven te Brussel, 16 september 2024. |
FILIP | FILIP |
Van Koningswege : | Van Koningswege : |
De Minister van Werk, | De Minister van Werk, |
P.-Y. DERMAGNE | P.-Y. DERMAGNE |
_______ | _______ |
Nota | Nota |
(1) Verwijzing naar het Belgisch Staatsblad : | (1) Verwijzing naar het Belgisch Staatsblad : |
Wet van 5 december 1968, Belgisch Staatsblad van 15 januari 1969. | Wet van 5 december 1968, Belgisch Staatsblad van 15 januari 1969. |
Bijlage | Bijlage |
Paritair Comité voor de voedingsnijverheid | Paritair Comité voor de voedingsnijverheid |
Collectieve arbeidsovereenkomst van 13 december 2023 | Collectieve arbeidsovereenkomst van 13 december 2023 |
Loon- en arbeidsvoorwaarden van de arbeiders tewerkgesteld in de | Loon- en arbeidsvoorwaarden van de arbeiders tewerkgesteld in de |
groentenijverheid (Overeenkomst geregistreerd op 2 februari 2024 onder | groentenijverheid (Overeenkomst geregistreerd op 2 februari 2024 onder |
het nummer 185885/CO/118) | het nummer 185885/CO/118) |
HOOFDSTUK I. - Toepassingsgebied | HOOFDSTUK I. - Toepassingsgebied |
Artikel 1.§ 1. Deze collectieve arbeidsovereenkomst is van toepassing |
Artikel 1.§ 1. Deze collectieve arbeidsovereenkomst is van toepassing |
op de werkgevers en op de arbeiders tewerkgesteld in de ondernemingen | op de werkgevers en op de arbeiders tewerkgesteld in de ondernemingen |
van groenteconserven, watervrije groenten, zuurkool, in zout ingelegde | van groenteconserven, watervrije groenten, zuurkool, in zout ingelegde |
groenten, bereiding van droge, bevroren en diepgevroren groenten, het | groenten, bereiding van droge, bevroren en diepgevroren groenten, het |
schoonmaken of bereiden van verse groenten. | schoonmaken of bereiden van verse groenten. |
Tot de sector van de groenteconserven behoren de ondernemingen die | Tot de sector van de groenteconserven behoren de ondernemingen die |
hoofdzakelijk een assortiment groenten en/of plantaardige producten in | hoofdzakelijk een assortiment groenten en/of plantaardige producten in |
eerste of tweede verwerking voor langdurige bewaring bewerken door | eerste of tweede verwerking voor langdurige bewaring bewerken door |
appertisatie in blik of glas, door pasteurisatie en/of diepvries. | appertisatie in blik of glas, door pasteurisatie en/of diepvries. |
§ 2. Met "arbeiders" worden alle arbeiders bedoeld zonder onderscheid | § 2. Met "arbeiders" worden alle arbeiders bedoeld zonder onderscheid |
naar gender. | naar gender. |
§ 3. Deze collectieve arbeidsovereenkomst is niet van toepassing | § 3. Deze collectieve arbeidsovereenkomst is niet van toepassing |
indien er op ondernemingsniveau een collectieve arbeidsovereenkomst | indien er op ondernemingsniveau een collectieve arbeidsovereenkomst |
getekend wordt die een analytische functieclassificatie inhoudt. | getekend wordt die een analytische functieclassificatie inhoudt. |
Indien er twee of meer vakbonden vertegenwoordigd zijn in de | Indien er twee of meer vakbonden vertegenwoordigd zijn in de |
onderneming, dient de collectieve arbeidsovereenkomst ondertekend te | onderneming, dient de collectieve arbeidsovereenkomst ondertekend te |
worden door minstens twee van deze vakbonden. | worden door minstens twee van deze vakbonden. |
HOOFDSTUK II. - Loonclassificatie en indeling van de arbeiders | HOOFDSTUK II. - Loonclassificatie en indeling van de arbeiders |
Art. 2.De arbeiders worden ingedeeld in een loonklasse die |
Art. 2.De arbeiders worden ingedeeld in een loonklasse die |
overeenstemt met de functieklasse die hen wordt toegekend bij | overeenstemt met de functieklasse die hen wordt toegekend bij |
toepassing van de collectieve arbeidsovereenkomst van 10 januari 2011 | toepassing van de collectieve arbeidsovereenkomst van 10 januari 2011 |
betreffende de functieclassificatie en bepaling van het loon in de | betreffende de functieclassificatie en bepaling van het loon in de |
groentenijverheid. Deze loonklasse wordt meegedeeld op de loonfiche. | groentenijverheid. Deze loonklasse wordt meegedeeld op de loonfiche. |
HOOFDSTUK III. - Minimumuurloon | HOOFDSTUK III. - Minimumuurloon |
Art. 3.§ 1. Het minimumuurloon voor elke arbeider is vastgelegd in de |
Art. 3.§ 1. Het minimumuurloon voor elke arbeider is vastgelegd in de |
barema's bepaald in artikel 3, § 6 die bepaald zijn in functie van de | barema's bepaald in artikel 3, § 6 die bepaald zijn in functie van de |
38-urenweek. | 38-urenweek. |
§ 2. De loonklassen van de barema's stemmen overeen met de | § 2. De loonklassen van de barema's stemmen overeen met de |
functieklassen. | functieklassen. |
§ 3. De arbeider heeft recht op het loon dat overeenstemt met het loon | § 3. De arbeider heeft recht op het loon dat overeenstemt met het loon |
van zijn loonklasse. | van zijn loonklasse. |
§ 4. De arbeider die op 1 april 2011 een reëel loon heeft dat hoger is | § 4. De arbeider die op 1 april 2011 een reëel loon heeft dat hoger is |
dan het sectoraal loon volgens de loonklasse, blijft recht hebben op | dan het sectoraal loon volgens de loonklasse, blijft recht hebben op |
dat hoger reëel loon. | dat hoger reëel loon. |
§ 5. Bij promotie of anciënniteitsverhoging behoudt de betrokken | § 5. Bij promotie of anciënniteitsverhoging behoudt de betrokken |
arbeider het hoger reëel loon krachtens artikel 3, § 4 totdat het | arbeider het hoger reëel loon krachtens artikel 3, § 4 totdat het |
sectoraal loon dat overeenstemt met de promotie dat hoger reëel loon | sectoraal loon dat overeenstemt met de promotie dat hoger reëel loon |
heeft bereikt. | heeft bereikt. |
Commentaar bij artikel 3, § 5 | Commentaar bij artikel 3, § 5 |
Voorbeeld : | Voorbeeld : |
Loon vóór promotie : 15,00 EUR. | Loon vóór promotie : 15,00 EUR. |
Sectoraal minimumloon : 14,92 EUR. | Sectoraal minimumloon : 14,92 EUR. |
Geval 1 : sectoraal minimumloon na promotie of anciënniteitverhoging : | Geval 1 : sectoraal minimumloon na promotie of anciënniteitverhoging : |
14,92 EUR; reëel loon blijft 15,00 EUR. | 14,92 EUR; reëel loon blijft 15,00 EUR. |
Geval 2 : sectoraal minimumloon na promotie of anciënniteitverhoging : | Geval 2 : sectoraal minimumloon na promotie of anciënniteitverhoging : |
15,46 EUR; reëel loon wordt 15,46 EUR. | 15,46 EUR; reëel loon wordt 15,46 EUR. |
§ 6. De minimum uurlonen die van toepassing zijn vanaf 1 januari 2024 | § 6. De minimum uurlonen die van toepassing zijn vanaf 1 januari 2024 |
verlopen in 3 stappen in functie van de anciënniteit in de loonklasse | verlopen in 3 stappen in functie van de anciënniteit in de loonklasse |
: | : |
Anciënniteit in de loonklasse (in maanden)/ | Anciënniteit in de loonklasse (in maanden)/ |
Ancienneté dans la classe salariale (en mois) | Ancienneté dans la classe salariale (en mois) |
Loonklasse/Classe salariale | Loonklasse/Classe salariale |
< 6 m | < 6 m |
6 m - 24 m | 6 m - 24 m |
> 24 m | > 24 m |
1 | 1 |
14,68 | 14,68 |
14,92 | 14,92 |
14,92 | 14,92 |
2 | 2 |
15,26 | 15,26 |
15,46 | 15,46 |
15,46 | 15,46 |
3 | 3 |
15,81 | 15,81 |
16,07 | 16,07 |
16,07 | 16,07 |
4 | 4 |
16,39 | 16,39 |
16,64 | 16,64 |
16,64 | 16,64 |
5 | 5 |
16,96 | 16,96 |
17,20 | 17,20 |
17,45 | 17,45 |
6 | 6 |
17,51 | 17,51 |
17,77 | 17,77 |
18,04 | 18,04 |
7 | 7 |
18,09 | 18,09 |
18,36 | 18,36 |
18,63 | 18,63 |
8 | 8 |
18,68 | 18,68 |
18,94 | 18,94 |
19,22 | 19,22 |
Art. 4.§ 1. De anciënniteit die in aanmerking genomen wordt in het |
Art. 4.§ 1. De anciënniteit die in aanmerking genomen wordt in het |
loongebouw, wordt berekend aan de hand van alle bewezen periodes van | loongebouw, wordt berekend aan de hand van alle bewezen periodes van |
tewerkstelling in dezelfde loonklasse, ongeacht de werkgever of de | tewerkstelling in dezelfde loonklasse, ongeacht de werkgever of de |
sector. | sector. |
§ 2. De periodes van tewerkstelling in dezelfde loonklasse omvatten | § 2. De periodes van tewerkstelling in dezelfde loonklasse omvatten |
alle periodes van prestaties en gelijkgestelde periodes, zoals | alle periodes van prestaties en gelijkgestelde periodes, zoals |
opgesomd in artikel 3, § 4 van de collectieve arbeidsovereenkomst van | opgesomd in artikel 3, § 4 van de collectieve arbeidsovereenkomst van |
19 april 2022 betreffende de eindejaarspremie, ongeacht de aard van de | 19 april 2022 betreffende de eindejaarspremie, ongeacht de aard van de |
arbeidsovereenkomst en inclusief de periodes van tewerkstelling als | arbeidsovereenkomst en inclusief de periodes van tewerkstelling als |
uitzendkracht in het bedrijf. | uitzendkracht in het bedrijf. |
§ 3. Komen echter alleen in aanmerking de periodes van tewerkstelling | § 3. Komen echter alleen in aanmerking de periodes van tewerkstelling |
in dezelfde loonklasse die voorvallen in de loop van de volgende | in dezelfde loonklasse die voorvallen in de loop van de volgende |
referteperiodes : | referteperiodes : |
Anciënniteit in de loonklasse (in maanden)/ | Anciënniteit in de loonklasse (in maanden)/ |
Ancienneté dans la classe salariale (en mois) | Ancienneté dans la classe salariale (en mois) |
< 6 m | < 6 m |
6 m - 24 m | 6 m - 24 m |
> 24 m | > 24 m |
Referteperiode/ | Referteperiode/ |
Période de référence | Période de référence |
- | - |
3 jaar/ans | 3 jaar/ans |
5 jaar/ans | 5 jaar/ans |
§ 4. De voortschrijding is van toepassing vanaf de eerste dag van de | § 4. De voortschrijding is van toepassing vanaf de eerste dag van de |
betaalperiode waarin de vereiste anciënniteit verworven is. | betaalperiode waarin de vereiste anciënniteit verworven is. |
§ 5. Bij overgang naar een hogere loonklasse kan er geen loonverlies | § 5. Bij overgang naar een hogere loonklasse kan er geen loonverlies |
zijn door verlies aan ervaring in de loonklasse. | zijn door verlies aan ervaring in de loonklasse. |
Art. 5.In afwijking op artikel 3 van deze collectieve |
Art. 5.In afwijking op artikel 3 van deze collectieve |
arbeidsovereenkomst gelden voor arbeiders tewerkgesteld met een | arbeidsovereenkomst gelden voor arbeiders tewerkgesteld met een |
overeenkomst voor tewerkstelling van studenten, zoals bepaald in titel | overeenkomst voor tewerkstelling van studenten, zoals bepaald in titel |
VII van de wet van 3 juli 1978 betreffende de arbeidsovereenkomsten, | VII van de wet van 3 juli 1978 betreffende de arbeidsovereenkomsten, |
volgende minimumlonen, uitgedrukt als een percentage van de in artikel | volgende minimumlonen, uitgedrukt als een percentage van de in artikel |
3 vermelde minimumlonen : | 3 vermelde minimumlonen : |
Leeftijd | Leeftijd |
Percentage | Percentage |
Age | Age |
Pourcentage | Pourcentage |
18 jaar en ouder | 18 jaar en ouder |
90 | 90 |
18 ans et plus | 18 ans et plus |
90 | 90 |
17 jaar | 17 jaar |
80 | 80 |
17 ans | 17 ans |
80 | 80 |
16 jaar | 16 jaar |
70 | 70 |
16 ans | 16 ans |
70 | 70 |
15 jaar | 15 jaar |
60 | 60 |
15 ans | 15 ans |
60 | 60 |
Commentaar bij artikel 5 | Commentaar bij artikel 5 |
Deze minimumuurlonen van de jongere werklieden tewerkgesteld met een | Deze minimumuurlonen van de jongere werklieden tewerkgesteld met een |
arbeidsovereenkomst voor studenten, zoals bepaald in titel VII van de | arbeidsovereenkomst voor studenten, zoals bepaald in titel VII van de |
wet van 3 juli 1978 betreffende de arbeidsovereenkomsten, werden | wet van 3 juli 1978 betreffende de arbeidsovereenkomsten, werden |
vastgelegd rekening houdend met de opleidingsperiode van toepassing op | vastgelegd rekening houdend met de opleidingsperiode van toepassing op |
jonge arbeiders en het vergemakkelijken van de integratie van jongeren | jonge arbeiders en het vergemakkelijken van de integratie van jongeren |
op de arbeidsmarkt. | op de arbeidsmarkt. |
Art. 6.In geval van promotie zal het loon van de hogere functieklasse |
Art. 6.In geval van promotie zal het loon van de hogere functieklasse |
onmiddellijk van toepassing zijn. | onmiddellijk van toepassing zijn. |
HOOFDSTUK IV. - Waarnemingspremie | HOOFDSTUK IV. - Waarnemingspremie |
Art. 7.§ 1. De arbeider die in opdracht van de werkgever een functie |
Art. 7.§ 1. De arbeider die in opdracht van de werkgever een functie |
tijdelijk en volledig waarneemt die hoger is ingedeeld dan zijn eigen | tijdelijk en volledig waarneemt die hoger is ingedeeld dan zijn eigen |
functie, blijft in zijn eigen loonklasse. | functie, blijft in zijn eigen loonklasse. |
§ 2. Indien de waarneming in een functie uit een hogere loonklasse | § 2. Indien de waarneming in een functie uit een hogere loonklasse |
betrekking heeft tot een functie lager dan de loonklasse 5, dan | betrekking heeft tot een functie lager dan de loonklasse 5, dan |
ontvangt de arbeider een waarnemingspremie wanneer de waarneming een | ontvangt de arbeider een waarnemingspremie wanneer de waarneming een |
volledige werkdag geduurd heeft. In dat geval is de waarnemingspremie | volledige werkdag geduurd heeft. In dat geval is de waarnemingspremie |
verschuldigd voor de hele termijn van de waarneming. Deze premie is | verschuldigd voor de hele termijn van de waarneming. Deze premie is |
gelijk aan het verschil tussen het uurloon van hun eigen loonklasse en | gelijk aan het verschil tussen het uurloon van hun eigen loonklasse en |
het uurloon van de hogere loonklasse voor een anciënniteit die de | het uurloon van de hogere loonklasse voor een anciënniteit die de |
arbeider verwerft in die hogere klasse volgens artikel 4. | arbeider verwerft in die hogere klasse volgens artikel 4. |
§ 3. Indien de waarneming in een functie uit een hogere loonklasse | § 3. Indien de waarneming in een functie uit een hogere loonklasse |
betrekking heeft tot een functie uit loonklasse 5 of hoger, is er geen | betrekking heeft tot een functie uit loonklasse 5 of hoger, is er geen |
premie verschuldigd gedurende de eerste 10 werkdagen. Eens deze | premie verschuldigd gedurende de eerste 10 werkdagen. Eens deze |
periode achter de rug, ontvangen deze arbeiders een waarnemingspremie | periode achter de rug, ontvangen deze arbeiders een waarnemingspremie |
ongeacht de duur van de waarneming. Deze premie is gelijk aan het | ongeacht de duur van de waarneming. Deze premie is gelijk aan het |
verschil tussen het uurloon van hun eigen loonklasse en het uurloon | verschil tussen het uurloon van hun eigen loonklasse en het uurloon |
van de hogere loonklasse voor een anciënniteit die de arbeider | van de hogere loonklasse voor een anciënniteit die de arbeider |
verwerft in die hogere klasse volgens artikel 4. | verwerft in die hogere klasse volgens artikel 4. |
§ 4. De waarnemingspremie wordt niet toegekend aan de arbeider voor | § 4. De waarnemingspremie wordt niet toegekend aan de arbeider voor |
wie bij de indeling van zijn functie met het eventueel tijdelijk | wie bij de indeling van zijn functie met het eventueel tijdelijk |
waarnemen van een functie al rekening is gehouden. | waarnemen van een functie al rekening is gehouden. |
HOOFDSTUK V. - Koppeling van de lonen aan de evolutie van de | HOOFDSTUK V. - Koppeling van de lonen aan de evolutie van de |
afgevlakte gezondheidsindex | afgevlakte gezondheidsindex |
Art. 8.De bij deze collectieve arbeidsovereenkomst vastgestelde |
Art. 8.De bij deze collectieve arbeidsovereenkomst vastgestelde |
minimumuurlonen worden vanaf 1 oktober 2023 gekoppeld aan de evolutie | minimumuurlonen worden vanaf 1 oktober 2023 gekoppeld aan de evolutie |
van de afgevlakte gezondheidsindex, overeenkomstig de collectieve | van de afgevlakte gezondheidsindex, overeenkomstig de collectieve |
arbeidsovereenkomst van 20 juli 2011 tot koppeling van de lonen aan | arbeidsovereenkomst van 20 juli 2011 tot koppeling van de lonen aan |
het indexcijfer der consumptieprijzen, gesloten in het Paritair Comité | het indexcijfer der consumptieprijzen, gesloten in het Paritair Comité |
voor de voedingsnijverheid (registratienummer 106104/CO/118 - | voor de voedingsnijverheid (registratienummer 106104/CO/118 - |
koninklijk besluit van 21 januari 2013, Belgisch Staatsblad van 19 | koninklijk besluit van 21 januari 2013, Belgisch Staatsblad van 19 |
maart 2013). | maart 2013). |
HOOFDSTUK VI. - Seizoenpremie | HOOFDSTUK VI. - Seizoenpremie |
Art. 9.De volgende seizoenpremies worden betaald : |
Art. 9.De volgende seizoenpremies worden betaald : |
- Voor loonklasse 1 : | - Voor loonklasse 1 : |
- na 3 opeenvolgende seizoenen : 0,01 EUR per uur; | - na 3 opeenvolgende seizoenen : 0,01 EUR per uur; |
- na 4 opeenvolgende seizoenen : 0,03 EUR per uur; | - na 4 opeenvolgende seizoenen : 0,03 EUR per uur; |
- Voor loonklasse 2 : | - Voor loonklasse 2 : |
- na 2 opeenvolgende seizoenen : 0,01 EUR per uur; | - na 2 opeenvolgende seizoenen : 0,01 EUR per uur; |
- na 3 opeenvolgende seizoenen : 0,03 EUR per uur; | - na 3 opeenvolgende seizoenen : 0,03 EUR per uur; |
- na 4 opeenvolgende seizoenen : 0,04 EUR per uur. | - na 4 opeenvolgende seizoenen : 0,04 EUR per uur. |
Deze premies worden beperkt tot het seizoen van vier maanden, in | Deze premies worden beperkt tot het seizoen van vier maanden, in |
principe vastgesteld van 1 juli tot 31 oktober. | principe vastgesteld van 1 juli tot 31 oktober. |
Deze periode van vier maanden kan lichtelijk verplaatst worden voor | Deze periode van vier maanden kan lichtelijk verplaatst worden voor |
redenen van klimaat. In dit geval zal de werkgeversfederatie op | redenen van klimaat. In dit geval zal de werkgeversfederatie op |
voorhand de voorzitter van het Paritair Comité voor de | voorhand de voorzitter van het Paritair Comité voor de |
voedingsnijverheid en de erin vertegenwoordigde organisaties | voedingsnijverheid en de erin vertegenwoordigde organisaties |
verwittigen. | verwittigen. |
De seizoenpremie mag onderworpen worden aan getrouwheidsvoorwaarden. | De seizoenpremie mag onderworpen worden aan getrouwheidsvoorwaarden. |
Deze dienen op de onderneming in gemeenschappelijk akkoord vastgesteld | Deze dienen op de onderneming in gemeenschappelijk akkoord vastgesteld |
te worden. | te worden. |
Art. 10.Deze premies zijn niet van toepassing op de ondernemingen |
Art. 10.Deze premies zijn niet van toepassing op de ondernemingen |
waar reeds een gelijkaardig of gelijkwaardig voordeel wordt toegekend | waar reeds een gelijkaardig of gelijkwaardig voordeel wordt toegekend |
onder een andere vorm, of wanneer de werkelijke uitbetaalde lonen de | onder een andere vorm, of wanneer de werkelijke uitbetaalde lonen de |
minimumuurlonen overschrijden met een bedrag dat gelijk is aan of | minimumuurlonen overschrijden met een bedrag dat gelijk is aan of |
hoger is dan deze premies. | hoger is dan deze premies. |
Wanneer de werkelijke uitbetaalde lonen de minimumlonen overschrijden | Wanneer de werkelijke uitbetaalde lonen de minimumlonen overschrijden |
zonder dat het verschil het bedrag van de premies bereikt, moeten de | zonder dat het verschil het bedrag van de premies bereikt, moeten de |
nodige aanvullingen toegepast worden. | nodige aanvullingen toegepast worden. |
HOOFDSTUK VII. - Premie voor nachtarbeid | HOOFDSTUK VII. - Premie voor nachtarbeid |
Art. 11.Een premie gelijk aan een uurtoeslag van 10 pct. wordt |
Art. 11.Een premie gelijk aan een uurtoeslag van 10 pct. wordt |
toegekend aan de arbeiders die 's nachts tewerkgesteld worden met een | toegekend aan de arbeiders die 's nachts tewerkgesteld worden met een |
minimum van : | minimum van : |
- 2,36 EUR per uur vanaf 1 oktober 2023; | - 2,36 EUR per uur vanaf 1 oktober 2023; |
- 2,40 EUR per uur vanaf 1 januari 2024. | - 2,40 EUR per uur vanaf 1 januari 2024. |
Art. 12.De nacht omvat een periode van 8 uren, die beschouwd worden |
Art. 12.De nacht omvat een periode van 8 uren, die beschouwd worden |
als zijnde vastgesteld van 22 tot 6 uur. | als zijnde vastgesteld van 22 tot 6 uur. |
Deze periode kan nochtans van 21 tot 5 uur, of van 23 tot 7 uur, | Deze periode kan nochtans van 21 tot 5 uur, of van 23 tot 7 uur, |
vastgesteld worden, mits dit vermeld wordt in het arbeidsreglement. | vastgesteld worden, mits dit vermeld wordt in het arbeidsreglement. |
Art. 13.Deze premie wordt slechts geheel of gedeeltelijk betaald als |
Art. 13.Deze premie wordt slechts geheel of gedeeltelijk betaald als |
in de onderneming nog geen voordelen van gelijke waarde, gebaseerd op | in de onderneming nog geen voordelen van gelijke waarde, gebaseerd op |
dezelfde criteria, bestaan. | dezelfde criteria, bestaan. |
Art. 14.De nachtpremie is niet van toepassing voor de uren waarvoor |
Art. 14.De nachtpremie is niet van toepassing voor de uren waarvoor |
een loontoeslag van 50 pct. of 100 pct. voor overwerk van toepassing | een loontoeslag van 50 pct. of 100 pct. voor overwerk van toepassing |
is. | is. |
HOOFDSTUK VIII. - Premie voor ploegenarbeid | HOOFDSTUK VIII. - Premie voor ploegenarbeid |
Art. 15.§ 1. Per 1 oktober 2023 worden de minimumbedragen van de |
Art. 15.§ 1. Per 1 oktober 2023 worden de minimumbedragen van de |
sectorale ploegenpremies vastgelegd als volgt : | sectorale ploegenpremies vastgelegd als volgt : |
- 0,60 EUR wordt toegekend voor de arbeid geleverd in de morgenploeg; | - 0,60 EUR wordt toegekend voor de arbeid geleverd in de morgenploeg; |
- 0,68 EUR wordt toegekend voor de arbeid geleverd in de | - 0,68 EUR wordt toegekend voor de arbeid geleverd in de |
namiddagploeg. | namiddagploeg. |
Deze premies mogen vervangen worden door een premie van 0,63 EUR voor | Deze premies mogen vervangen worden door een premie van 0,63 EUR voor |
elke ploeg. | elke ploeg. |
§ 2. Per 1 januari 2024 worden de minimumbedragen van de sectorale | § 2. Per 1 januari 2024 worden de minimumbedragen van de sectorale |
ploegenpremies vastgelegd als volgt : | ploegenpremies vastgelegd als volgt : |
- 0,61 EUR wordt toegekend voor de arbeid geleverd in de morgenploeg; | - 0,61 EUR wordt toegekend voor de arbeid geleverd in de morgenploeg; |
- 0,69 EUR wordt toegekend voor de arbeid geleverd in de | - 0,69 EUR wordt toegekend voor de arbeid geleverd in de |
namiddagploeg. | namiddagploeg. |
§ 3. Behalve wanneer het anders voorzien wordt in het | § 3. Behalve wanneer het anders voorzien wordt in het |
arbeidsreglement, zijn de arbeidsuren van de ploegen als volgt | arbeidsreglement, zijn de arbeidsuren van de ploegen als volgt |
vastgesteld : | vastgesteld : |
- voor de morgenploeg : van 6 tot 14 uur; | - voor de morgenploeg : van 6 tot 14 uur; |
- voor de namiddagploeg : van 14 tot 22 uur. | - voor de namiddagploeg : van 14 tot 22 uur. |
§ 4. Zowel de premie voor nachtarbeid waarvan sprake in hoofdstuk VII | § 4. Zowel de premie voor nachtarbeid waarvan sprake in hoofdstuk VII |
van deze collectieve arbeidsovereenkomst als de ploegenpremies waarvan | van deze collectieve arbeidsovereenkomst als de ploegenpremies waarvan |
sprake in dit artikel, worden vanaf 1 oktober 2023 gekoppeld aan de | sprake in dit artikel, worden vanaf 1 oktober 2023 gekoppeld aan de |
evolutie van de afgevlakte gezondheidsindex, overeenkomstig de | evolutie van de afgevlakte gezondheidsindex, overeenkomstig de |
collectieve arbeidsovereenkomst van 20 juli 2011 tot koppeling van de | collectieve arbeidsovereenkomst van 20 juli 2011 tot koppeling van de |
lonen aan het indexcijfer der consumptieprijzen, gesloten in het | lonen aan het indexcijfer der consumptieprijzen, gesloten in het |
Paritair Comité voor de voedingsnijverheid (registratienummer | Paritair Comité voor de voedingsnijverheid (registratienummer |
106104/CO/118 - koninklijk besluit van 21 januari 2013, Belgisch | 106104/CO/118 - koninklijk besluit van 21 januari 2013, Belgisch |
Staatsblad van 19 maart 2013). | Staatsblad van 19 maart 2013). |
Art. 16.De in het artikel 15 voorziene premies mogen verminderd |
Art. 16.De in het artikel 15 voorziene premies mogen verminderd |
worden ten belope van bestaande premies toegekend volgens | worden ten belope van bestaande premies toegekend volgens |
gelijkwaardige criteria. | gelijkwaardige criteria. |
Art. 17.De niet betaalde rust voor ploegenwerk is tot 1/2 uur |
Art. 17.De niet betaalde rust voor ploegenwerk is tot 1/2 uur |
veralgemeend voor alle categorieën, behoudens andere regelingen | veralgemeend voor alle categorieën, behoudens andere regelingen |
voorzien in het arbeidsreglement of bedrijfs-collectieve | voorzien in het arbeidsreglement of bedrijfs-collectieve |
arbeidsovereenkomst. | arbeidsovereenkomst. |
HOOFDSTUK IX. - Geldigheid | HOOFDSTUK IX. - Geldigheid |
Art. 18.§ 1. Deze collectieve arbeidsovereenkomst vervangt deze van |
Art. 18.§ 1. Deze collectieve arbeidsovereenkomst vervangt deze van |
14 december 2021, gesloten in het Paritair Comité voor de | 14 december 2021, gesloten in het Paritair Comité voor de |
voedingsnijverheid, betreffende de loon- en arbeidsvoorwaarden van de | voedingsnijverheid, betreffende de loon- en arbeidsvoorwaarden van de |
arbeiders tewerkgesteld in de groentenijverheid, geregistreerd onder | arbeiders tewerkgesteld in de groentenijverheid, geregistreerd onder |
het nummer 172640/CO/118 (koninklijk besluit van 19 januari 2023 - | het nummer 172640/CO/118 (koninklijk besluit van 19 januari 2023 - |
Belgisch Staatsblad van 27 maart 2023). | Belgisch Staatsblad van 27 maart 2023). |
§ 2. Zij heeft uitwerking met ingang van 1 oktober 2023 en houdt op | § 2. Zij heeft uitwerking met ingang van 1 oktober 2023 en houdt op |
van kracht te zijn op 31 december 2024. Nadien wordt zij stilzwijgend | van kracht te zijn op 31 december 2024. Nadien wordt zij stilzwijgend |
verlengd voor opeenvolgende periodes van één jaar, behoudens opzegging | verlengd voor opeenvolgende periodes van één jaar, behoudens opzegging |
door één der partijen uiterlijk drie maanden vóór het verstrijken van | door één der partijen uiterlijk drie maanden vóór het verstrijken van |
de collectieve arbeidsovereenkomst bij een ter post aangetekende | de collectieve arbeidsovereenkomst bij een ter post aangetekende |
brief, gericht aan de voorzitter van het Paritair Comité voor de | brief, gericht aan de voorzitter van het Paritair Comité voor de |
voedingsnijverheid en aan de erin vertegenwoordigde organisaties. | voedingsnijverheid en aan de erin vertegenwoordigde organisaties. |
§ 3. Gunstigere regelingen die vóór de inwerkingtreding van deze | § 3. Gunstigere regelingen die vóór de inwerkingtreding van deze |
collectieve arbeidsovereenkomst bestonden, blijven behouden. | collectieve arbeidsovereenkomst bestonden, blijven behouden. |
Gezien om te worden gevoegd bij het koninklijk besluit van 16 | Gezien om te worden gevoegd bij het koninklijk besluit van 16 |
september 2024. | september 2024. |
De Minister van Werk, | De Minister van Werk, |
P.-Y. DERMAGNE | P.-Y. DERMAGNE |