Etaamb.openjustice.be
Meertalige weergave van Koninklijk Besluit van 14/06/1999
← Terug naar "Koninklijk besluit waarbij een jaarlijkse statistiek van de geboorten wordt voorgeschreven "
Koninklijk besluit waarbij een jaarlijkse statistiek van de geboorten wordt voorgeschreven Koninklijk besluit waarbij een jaarlijkse statistiek van de geboorten wordt voorgeschreven
MINISTERIE VAN ECONOMISCHE ZAKEN MINISTERIE VAN ECONOMISCHE ZAKEN
14 JUNI 1999. - Koninklijk besluit waarbij een jaarlijkse statistiek 14 JUNI 1999. - Koninklijk besluit waarbij een jaarlijkse statistiek
van de geboorten wordt voorgeschreven van de geboorten wordt voorgeschreven
ALBERT II, Koning der Belgen, ALBERT II, Koning der Belgen,
Aan allen die nu zijn en hierna wezen zullen, Onze Groet. Aan allen die nu zijn en hierna wezen zullen, Onze Groet.
Gelet op de wet van 4 juli 1962 betreffende de openbare statistiek, Gelet op de wet van 4 juli 1962 betreffende de openbare statistiek,
inzonderheid op de artikelen 1, gewijzigd bij de wet van 1 augustus inzonderheid op de artikelen 1, gewijzigd bij de wet van 1 augustus
1985, 4, 16, gewijzigd bij de wet van 1 augustus 1985, en 24bis, 1985, 4, 16, gewijzigd bij de wet van 1 augustus 1985, en 24bis,
ingevoegd bij de wet van 1 augustus 1985; ingevoegd bij de wet van 1 augustus 1985;
Gelet op het advies van de Hoge Raad voor de Statistiek gegeven op 21 Gelet op het advies van de Hoge Raad voor de Statistiek gegeven op 21
oktober 1997; oktober 1997;
Gelet op het advies van de Raad van State; Gelet op het advies van de Raad van State;
Op de voordracht van Onze Vice-Eerste Minister en Minister van Op de voordracht van Onze Vice-Eerste Minister en Minister van
Economie en van Onze Vice-Eerste Minister en Minister van Binnenlandse Economie en van Onze Vice-Eerste Minister en Minister van Binnenlandse
Zaken, Zaken,
Hebben Wij besloten en besluiten Wij : Hebben Wij besloten en besluiten Wij :

Artikel 1.Het Nationaal Instituut voor de Statistiek maakt een

Artikel 1.Het Nationaal Instituut voor de Statistiek maakt een

jaarlijkse statistiek op van de geboorten. jaarlijkse statistiek op van de geboorten.

Art. 2.Deze statistiek wordt opgemaakt aan de hand van inlichtingen

Art. 2.Deze statistiek wordt opgemaakt aan de hand van inlichtingen

verzameld door middel van een geboorteformulier voor een levend verzameld door middel van een geboorteformulier voor een levend
geboren kind (stroken A, B, C, D) dat met het bij dit besluit gevoegde geboren kind (stroken A, B, C, D) dat met het bij dit besluit gevoegde
model I overeenstemt. model I overeenstemt.

Art. 3.De gemeentebesturen zijn ertoe gehouden aan elke persoon die

Art. 3.De gemeentebesturen zijn ertoe gehouden aan elke persoon die

zich aanmeldt om aangifte te doen van de geboorte van een levend zich aanmeldt om aangifte te doen van de geboorte van een levend
geboren kind die zich op hun grondgebied heeft voorgedaan, het bij geboren kind die zich op hun grondgebied heeft voorgedaan, het bij
artikel 2 voorgeschreven geboorteformulier voor een levend geboren artikel 2 voorgeschreven geboorteformulier voor een levend geboren
kind te overhandigen. kind te overhandigen.

Art. 4.De arts of vroedvrouw dient de stroken A, B en C in te vullen

Art. 4.De arts of vroedvrouw dient de stroken A, B en C in te vullen

en te ondertekenen en de strook C onder gesloten omslag te steken. en te ondertekenen en de strook C onder gesloten omslag te steken.

Art. 5.De aangever is ertoe gehouden het door de arts of vroedvrouw

Art. 5.De aangever is ertoe gehouden het door de arts of vroedvrouw

ingevulde formulier zonder uitstel af te geven aan het gemeentebestuur ingevulde formulier zonder uitstel af te geven aan het gemeentebestuur
van de plaats van geboorte. van de plaats van geboorte.

Art. 6.Het gemeentebestuur vult strookD in en bewaart strook A.

Art. 6.Het gemeentebestuur vult strookD in en bewaart strook A.

Het zendt de stroken B, C en D van de formulieren naar de Het zendt de stroken B, C en D van de formulieren naar de
verantwoordelijke artsen-ambtenaren van de gemeenschappen en de verantwoordelijke artsen-ambtenaren van de gemeenschappen en de
formulieren uit de gemeenten gelegen in het tweetalig gebied formulieren uit de gemeenten gelegen in het tweetalig gebied
Brussel-Hoofdstad naar de verantwoordelijke arts-ambtenaar van de Brussel-Hoofdstad naar de verantwoordelijke arts-ambtenaar van de
Gemeenschappelijke Gemeenschapscommissie, voor de 20ste van de maand Gemeenschappelijke Gemeenschapscommissie, voor de 20ste van de maand
volgend op deze waarop de geboorten betrekking hebben. volgend op deze waarop de geboorten betrekking hebben.

Art. 7.Enkel de verantwoordelijke arts-ambtenaar van de gemeenschap

Art. 7.Enkel de verantwoordelijke arts-ambtenaar van de gemeenschap

is gemachtig strook C te openen en te verwerken. is gemachtig strook C te openen en te verwerken.
De verantwoordelijke artsen-ambtenaren van de gemeenschappen en van de De verantwoordelijke artsen-ambtenaren van de gemeenschappen en van de
Gemeenschappelijke Gemeenschapscommissie zenden de gecontroleerde Gemeenschappelijke Gemeenschapscommissie zenden de gecontroleerde
gegevens van de stroken B en D en de individuele gegevens (zonder naam gegevens van de stroken B en D en de individuele gegevens (zonder naam
en adres) van strook C van het geboorteformulier voor een levend en adres) van strook C van het geboorteformulier voor een levend
geboren kind naar het Nationaal Instituut voor de Statistiek. geboren kind naar het Nationaal Instituut voor de Statistiek.
Deze overzending gebeurt uiterlijk op 31 juli van het jaar dat volgt Deze overzending gebeurt uiterlijk op 31 juli van het jaar dat volgt
op datgene waar de gegevens betrekking op hebben. op datgene waar de gegevens betrekking op hebben.

Art. 8.De inlichtingen kunnen worden overgezonden door middel van een

Art. 8.De inlichtingen kunnen worden overgezonden door middel van een

electronische drager of onder om het even welke andere vorm, op electronische drager of onder om het even welke andere vorm, op
voorwaarde dat er alle gegevens van het formulier op dezelfde manier voorwaarde dat er alle gegevens van het formulier op dezelfde manier
op worden weergegeven. Over technische details van de gegevensdrager op worden weergegeven. Over technische details van de gegevensdrager
is een voorafgaande overeenkomst vereist met het Nationaal Instituut is een voorafgaande overeenkomst vereist met het Nationaal Instituut
voor de Statistiek. voor de Statistiek.

Art. 9.De informatie die krachtens dit besluit wordt verzameld, mag

Art. 9.De informatie die krachtens dit besluit wordt verzameld, mag

later voor andere vormen van statistische en wetenschappelijke later voor andere vormen van statistische en wetenschappelijke
verwerking worden gebruikt, overeenkomstig de doelstellingen van de verwerking worden gebruikt, overeenkomstig de doelstellingen van de
enquête. enquête.

Art. 10.De bijlagen bij dit besluit kunnen worden gewijzigd door de

Art. 10.De bijlagen bij dit besluit kunnen worden gewijzigd door de

Minister die de statistiek onder zijn bevoegdheid heeft. Minister die de statistiek onder zijn bevoegdheid heeft.

Art. 11.Het koninklijk besluit van 26 augustus 1966 waarbij

Art. 11.Het koninklijk besluit van 26 augustus 1966 waarbij

jaarlijkse statistieken van de geboorten, sterfgevallen, huwelijken, jaarlijkse statistieken van de geboorten, sterfgevallen, huwelijken,
echtscheidingen, erkenningen, wettigingen, aannemingen, immigratie en echtscheidingen, erkenningen, wettigingen, aannemingen, immigratie en
emigratie worden voorgeschreven, gewijzigd bij de koninklijke emigratie worden voorgeschreven, gewijzigd bij de koninklijke
besluiten van 3 mei 1977, 20 oktober 1983 en 1 maart 1988 is opgeheven besluiten van 3 mei 1977, 20 oktober 1983 en 1 maart 1988 is opgeheven
voor wat betreft de statistiek van de geboorten. voor wat betreft de statistiek van de geboorten.

Art. 12.Dit besluit heeft uitwerking met ingang van 1 januari 1999.

Art. 12.Dit besluit heeft uitwerking met ingang van 1 januari 1999.

Art. 13.Onze Vice-Eerste Minister en Minister van Economie en Onze

Art. 13.Onze Vice-Eerste Minister en Minister van Economie en Onze

Vice-Eerste Minister en Minister van Binnenlandse Zaken zijn, ieder Vice-Eerste Minister en Minister van Binnenlandse Zaken zijn, ieder
wat hem betreft, belast met de uitvoering van dit besluit. wat hem betreft, belast met de uitvoering van dit besluit.
Gegeven te Brussel, 14 juni 1999. Gegeven te Brussel, 14 juni 1999.
ALBERT ALBERT
Van Koningswege : Van Koningswege :
De Vice-Eerste Minister en Minister van Economie, De Vice-Eerste Minister en Minister van Economie,
E. DI RUPO E. DI RUPO
De Vice-Eerste Minister en Minister van Binnenlandse Zaken, De Vice-Eerste Minister en Minister van Binnenlandse Zaken,
L. VAN DEN BOSSCHE L. VAN DEN BOSSCHE
Voor de raadpleging van de tabel, zie beeld Voor de raadpleging van de tabel, zie beeld
^