Koninklijk besluit tot uitvoering van artikel 154, zesde lid van de wet betreffende de verplichte verzekering voor geneeskundige verzorging en uitkeringen, gecoördineerd op 14 juli 1994 | Koninklijk besluit tot uitvoering van artikel 154, zesde lid van de wet betreffende de verplichte verzekering voor geneeskundige verzorging en uitkeringen, gecoördineerd op 14 juli 1994 |
---|---|
FEDERALE OVERHEIDSDIENST SOCIALE ZEKERHEID | FEDERALE OVERHEIDSDIENST SOCIALE ZEKERHEID |
11 JUNI 2011. - Koninklijk besluit tot uitvoering van artikel 154, | 11 JUNI 2011. - Koninklijk besluit tot uitvoering van artikel 154, |
zesde lid van de wet betreffende de verplichte verzekering voor | zesde lid van de wet betreffende de verplichte verzekering voor |
geneeskundige verzorging en uitkeringen, gecoördineerd op 14 juli 1994 | geneeskundige verzorging en uitkeringen, gecoördineerd op 14 juli 1994 |
VERSLAG AAN DE KONING | VERSLAG AAN DE KONING |
Sire, | Sire, |
Het Koninklijk besluit dat U ter goedkeuring en ondertekening wordt | Het Koninklijk besluit dat U ter goedkeuring en ondertekening wordt |
voorgelegd, geeft uitvoering aan artikel 154, zesde lid, van de wet | voorgelegd, geeft uitvoering aan artikel 154, zesde lid, van de wet |
betreffende de verplichte verzekering voor geneeskundige verzorging en | betreffende de verplichte verzekering voor geneeskundige verzorging en |
uitkeringen, gecoördineerd op 14 juli 1994. Het artikel voorziet een | uitkeringen, gecoördineerd op 14 juli 1994. Het artikel voorziet een |
delegatie aan de Koning om de regels en de procedure te bepalen met | delegatie aan de Koning om de regels en de procedure te bepalen met |
betrekking tot de toekenning van een accrediteringsforfait van 2.800 | betrekking tot de toekenning van een accrediteringsforfait van 2.800 |
euro per jaar (indexeerbaar) aan de adviserend geneesheren die door de | euro per jaar (indexeerbaar) aan de adviserend geneesheren die door de |
verzekeringsinstellingen in dienst worden genomen. Dat forfait kan | verzekeringsinstellingen in dienst worden genomen. Dat forfait kan |
niet gecumuleerd worden met een forfait waarop de adviserend | niet gecumuleerd worden met een forfait waarop de adviserend |
geneesheer aanspraak zou kunnen maken krachtens een ander stelsel van | geneesheer aanspraak zou kunnen maken krachtens een ander stelsel van |
accreditering. De opeenvolgende uitgaven die voortvloeien uit de | accreditering. De opeenvolgende uitgaven die voortvloeien uit de |
accreditering vallen ten laste van de begroting voor de | accreditering vallen ten laste van de begroting voor de |
administratiekosten van het RIZIV. | administratiekosten van het RIZIV. |
Het besluit kadert in de verbintenissen die door de Regering werden | Het besluit kadert in de verbintenissen die door de Regering werden |
aangegaan om het geldelijk statuut van de adviserend geneesheer te | aangegaan om het geldelijk statuut van de adviserend geneesheer te |
revaloriseren, alsook hun vakbekwaamheid te versterken door het | revaloriseren, alsook hun vakbekwaamheid te versterken door het |
instellen van een stelsel van accreditering. | instellen van een stelsel van accreditering. |
De uitgaven verbonden aan de accreditering ( euro 784.000.- voor het | De uitgaven verbonden aan de accreditering ( euro 784.000.- voor het |
jaar 2009) zijn het voorwerp van artikel 170 van de Programmawet van | jaar 2009) zijn het voorwerp van artikel 170 van de Programmawet van |
22 december 2008. De Staatssecretaris van begroting heeft overigens op | 22 december 2008. De Staatssecretaris van begroting heeft overigens op |
15 juni 2010 zijn akkoordbevinding gegeven. De nodige budgettaire | 15 juni 2010 zijn akkoordbevinding gegeven. De nodige budgettaire |
voorzieningen werden getroffen. Op die manier werden de verbintenissen | voorzieningen werden getroffen. Op die manier werden de verbintenissen |
van de Regering uitgevoerd. | van de Regering uitgevoerd. |
Het ontwerp Koninklijk besluit werd voor advies overgemaakt aan de | Het ontwerp Koninklijk besluit werd voor advies overgemaakt aan de |
Raad van State, afdeling wetgeving. | Raad van State, afdeling wetgeving. |
In zijn advies nr. 48.467/2/V van 19 juli 2010 was de afdeling | In zijn advies nr. 48.467/2/V van 19 juli 2010 was de afdeling |
wetgeving van oordeel dat er geen wettelijke basis zou voorliggen die | wetgeving van oordeel dat er geen wettelijke basis zou voorliggen die |
de Koning toelaat om de Hoge raad van geneesheren-directeurs, | de Koning toelaat om de Hoge raad van geneesheren-directeurs, |
ingesteld bij de Dienst voor geneeskundige evaluatie van het RIZIV | ingesteld bij de Dienst voor geneeskundige evaluatie van het RIZIV |
door artikel 153 van de gecoördineerde wet, te belasten met het beheer | door artikel 153 van de gecoördineerde wet, te belasten met het beheer |
van het stelsel van de accreditering van de adviserend geneesheren. | van het stelsel van de accreditering van de adviserend geneesheren. |
Kennelijk heeft de afdeling wetgeving het ontwerp enkel onderzocht | Kennelijk heeft de afdeling wetgeving het ontwerp enkel onderzocht |
vanuit het oogpunt van artikel 153, § 5, van de gecoördineerde wet, en | vanuit het oogpunt van artikel 153, § 5, van de gecoördineerde wet, en |
niet vanuit het oogpunt van artikel 154, zesde lid, van de zelfde wet. | niet vanuit het oogpunt van artikel 154, zesde lid, van de zelfde wet. |
Het artikel 154 is nochtans de wettelijke basis voor het besluit dat | Het artikel 154 is nochtans de wettelijke basis voor het besluit dat |
wij U voorstellen te nemen. | wij U voorstellen te nemen. |
De afdeling wetgeving heeft het ontwerp niet verder onderzocht. Ten | De afdeling wetgeving heeft het ontwerp niet verder onderzocht. Ten |
einde te waken over de overeenstemming met de regels van de delegatie, | einde te waken over de overeenstemming met de regels van de delegatie, |
werd het opnieuw onderzocht en aangepast. Zo worden in het besluit de | werd het opnieuw onderzocht en aangepast. Zo worden in het besluit de |
programma's bepaald die erkend kunnen worden in het kader van de | programma's bepaald die erkend kunnen worden in het kader van de |
accreditering, en werd de puntenwaarde bepaald van de programma's die | accreditering, en werd de puntenwaarde bepaald van de programma's die |
kunnen erkend worden. | kunnen erkend worden. |
De Hoge Raad wordt belast met het beheer van het stelsel van de | De Hoge Raad wordt belast met het beheer van het stelsel van de |
accreditering. Dit beheer bestaat in de erkenning van de specifieke | accreditering. Dit beheer bestaat in de erkenning van de specifieke |
programma's van permanente vorming waarbij de voorwaarden bepaald in | programma's van permanente vorming waarbij de voorwaarden bepaald in |
het besluit moeten nageleefd worden, en te beslissen of het voordeel | het besluit moeten nageleefd worden, en te beslissen of het voordeel |
van de accreditering al dan niet kan toegekend worden aan een | van de accreditering al dan niet kan toegekend worden aan een |
adviserend geneesheer, na nagegaan te hebben of de voorwaarden voor de | adviserend geneesheer, na nagegaan te hebben of de voorwaarden voor de |
toekenning van de acrreditering wel werden nageleefd. Op die manier | toekenning van de acrreditering wel werden nageleefd. Op die manier |
beschikt de Hoge Raad enkel over een gebonden bevoegdheid. | beschikt de Hoge Raad enkel over een gebonden bevoegdheid. |
Ik heb de eer te zijn, | Ik heb de eer te zijn, |
Sire, | Sire, |
van Uwe Majesteit, | van Uwe Majesteit, |
de zeer eerbiedige | de zeer eerbiedige |
en zeer getrouwe dienaar, | en zeer getrouwe dienaar, |
De Minister van Sociale Zaken en Volksgezondheid, belast met de | De Minister van Sociale Zaken en Volksgezondheid, belast met de |
Sociale Integratie, | Sociale Integratie, |
Mevr. L. ONKELINX | Mevr. L. ONKELINX |
ADVIES 48.467/2/V VAN 19 JULI 2010 VAN DE AFDELING WETGEVING VAN DE | ADVIES 48.467/2/V VAN 19 JULI 2010 VAN DE AFDELING WETGEVING VAN DE |
RAAD VAN STATE | RAAD VAN STATE |
De Raad van State, afdeling Wetgeving, tweede vakantiekamer, op 25 | De Raad van State, afdeling Wetgeving, tweede vakantiekamer, op 25 |
juni 2010 door de Vice-Eerste Minister en Minister van Sociale Zaken | juni 2010 door de Vice-Eerste Minister en Minister van Sociale Zaken |
verzocht haar, binnen een termijn van dertig dagen, van advies te | verzocht haar, binnen een termijn van dertig dagen, van advies te |
dienen over een ontwerp van koninklijk besluit "tot uitvoering van | dienen over een ontwerp van koninklijk besluit "tot uitvoering van |
artikel 154, zesde lid van de wet betreffende de verplichte | artikel 154, zesde lid van de wet betreffende de verplichte |
verzekering voor geneeskundige verzorging en uitkeringen, | verzekering voor geneeskundige verzorging en uitkeringen, |
gecoördineerd op 14 juli 1994", heeft het volgende advies gegeven : | gecoördineerd op 14 juli 1994", heeft het volgende advies gegeven : |
Rekening houdend met het tijdstip waarop dit advies gegeven wordt, | Rekening houdend met het tijdstip waarop dit advies gegeven wordt, |
vestigt de Raad van State de aandacht op het feit dat, wegens het | vestigt de Raad van State de aandacht op het feit dat, wegens het |
ontslag van de regering, de bevoegdheid van deze laatste beperkt is | ontslag van de regering, de bevoegdheid van deze laatste beperkt is |
tot het afhandelen van de lopende zaken. Dit advies wordt evenwel | tot het afhandelen van de lopende zaken. Dit advies wordt evenwel |
gegeven zonder dat wordt nagegaan of dit ontwerp in die beperkte | gegeven zonder dat wordt nagegaan of dit ontwerp in die beperkte |
bevoegdheid kan worden ingepast, aangezien de afdeling Wetgeving geen | bevoegdheid kan worden ingepast, aangezien de afdeling Wetgeving geen |
kennis heeft van het geheel van de feitelijke gegevens welke de | kennis heeft van het geheel van de feitelijke gegevens welke de |
Regering in aanmerking kan nemen als zij te oordelen heeft of het | Regering in aanmerking kan nemen als zij te oordelen heeft of het |
vaststellen of wijzigen van een verordening noodzakelijk is. | vaststellen of wijzigen van een verordening noodzakelijk is. |
Aangezien de adviesaanvraag ingediend is op basis van artikel 84, § 1, | Aangezien de adviesaanvraag ingediend is op basis van artikel 84, § 1, |
eerste lid, 1°, van de gecoördineerde wetten op de Raad van State, | eerste lid, 1°, van de gecoördineerde wetten op de Raad van State, |
zoals het is vervangen bij de wet van 2 april 2003, beperkt de | zoals het is vervangen bij de wet van 2 april 2003, beperkt de |
afdeling Wetgeving overeenkomstig artikel 84, § 3, van de voornoemde | afdeling Wetgeving overeenkomstig artikel 84, § 3, van de voornoemde |
gecoördineerde wetten haar onderzoek tot de rechtsgrond van het | gecoördineerde wetten haar onderzoek tot de rechtsgrond van het |
ontwerp, de bevoegdheid van de steller van de handeling en de te | ontwerp, de bevoegdheid van de steller van de handeling en de te |
vervullen voorafgaande vormvereisten. | vervullen voorafgaande vormvereisten. |
Wat deze drie punten betreft, geeft het ontwerp aanleiding tot de | Wat deze drie punten betreft, geeft het ontwerp aanleiding tot de |
volgende opmerkingen. | volgende opmerkingen. |
Onderzoek van het ontwerp | Onderzoek van het ontwerp |
Artikel 6 van het ontwerp van koninklijk besluit tot uitvoering van | Artikel 6 van het ontwerp van koninklijk besluit tot uitvoering van |
artikel 154, zesde lid, van de wet betreffende de verplichte | artikel 154, zesde lid, van de wet betreffende de verplichte |
verzekering voor geneeskundige verzorging en uitkeringen, | verzekering voor geneeskundige verzorging en uitkeringen, |
gecoördineerd op 14 juli 1994, belast de Hoge Raad van | gecoördineerd op 14 juli 1994, belast de Hoge Raad van |
geneesheren-directeurs met het "beheer van de accreditering van | geneesheren-directeurs met het "beheer van de accreditering van |
adviserend geneesheren" met inbegrip van de bevoegdheid om het | adviserend geneesheren" met inbegrip van de bevoegdheid om het |
voordeel van accreditering al dan niet toe te kennen. | voordeel van accreditering al dan niet toe te kennen. |
Die raad wordt opgericht bij artikel 153, § 5, van de voornoemde wet | Die raad wordt opgericht bij artikel 153, § 5, van de voornoemde wet |
van 14 juli 1994. Luidens artikel 153, § 5, tweede lid, "(is) de Hoge | van 14 juli 1994. Luidens artikel 153, § 5, tweede lid, "(is) de Hoge |
Raad van geneesheren-directeurs (...) belast met het zoeken naar en | Raad van geneesheren-directeurs (...) belast met het zoeken naar en |
bevorderen van een georganiseerde aanpak in de medische controle- of | bevorderen van een georganiseerde aanpak in de medische controle- of |
evaluatieopdrachten, zowel tussen verzekeringsinstellingen, als ter | evaluatieopdrachten, zowel tussen verzekeringsinstellingen, als ter |
aanvulling van de Dienst voor geneeskundige evaluatie en controle en | aanvulling van de Dienst voor geneeskundige evaluatie en controle en |
dit bij de uitoefening van hun respectievelijke opdrachten in het | dit bij de uitoefening van hun respectievelijke opdrachten in het |
kader van de verzekering voor geneeskundige verzorging en | kader van de verzekering voor geneeskundige verzorging en |
uitkeringen". Toen de gemachtigde van de minister bijgevolg verzocht | uitkeringen". Toen de gemachtigde van de minister bijgevolg verzocht |
is de wettelijkheid te staven van artikel 6 van het ontwerp, heeft hij | is de wettelijkheid te staven van artikel 6 van het ontwerp, heeft hij |
het volgende geantwoord : | het volgende geantwoord : |
« Dans les travaux préparatoires, il était indiqué que le système | « Dans les travaux préparatoires, il était indiqué que le système |
d'accréditation serait organisé par le Roi (Ch. repr., sess. | d'accréditation serait organisé par le Roi (Ch. repr., sess. |
2008/2009, Doc. 52, 16.10.2008,1491/001-1492/001, p. 23). | 2008/2009, Doc. 52, 16.10.2008,1491/001-1492/001, p. 23). |
Afin de permettre l'exécution de la loi, prévoyant une accréditation | Afin de permettre l'exécution de la loi, prévoyant une accréditation |
tant pour les médecins conseils que pour les médecins-inspecteurs de | tant pour les médecins conseils que pour les médecins-inspecteurs de |
l'INAMI, l'intervention du Roi pourrait se justifier au regard de | l'INAMI, l'intervention du Roi pourrait se justifier au regard de |
l'article 108 de la Constitution coordonnée quant à la désignation du | l'article 108 de la Constitution coordonnée quant à la désignation du |
Conseil supérieur des médecins-directeurs (CSMD) afin de gérer le | Conseil supérieur des médecins-directeurs (CSMD) afin de gérer le |
système de l'accréditation. Cette désignation s'explique au regard de | système de l'accréditation. Cette désignation s'explique au regard de |
la composition "paritaire" du CSMD qui comprend à la fois les | la composition "paritaire" du CSMD qui comprend à la fois les |
médecins-directeurs des organismes assureurs et les médecins-directeur | médecins-directeurs des organismes assureurs et les médecins-directeur |
et inspecteurs généraux du SECM. | et inspecteurs généraux du SECM. |
Vous noterez, par ailleurs, que le dernier alinéa de l'article 153, § | Vous noterez, par ailleurs, que le dernier alinéa de l'article 153, § |
5, de la loi coordonnée le 14 juillet 1994 prévoit que le Roi peut | 5, de la loi coordonnée le 14 juillet 1994 prévoit que le Roi peut |
fixer des règles complémentaires pour la composition et le | fixer des règles complémentaires pour la composition et le |
fonctionnement du Conseil supérieur des médecins-directeurs". | fonctionnement du Conseil supérieur des médecins-directeurs". |
Artikel 153, § 5, vierde lid, machtigt de Koning weliswaar om | Artikel 153, § 5, vierde lid, machtigt de Koning weliswaar om |
"aanvullende regels (vast te stellen) met betrekking tot de | "aanvullende regels (vast te stellen) met betrekking tot de |
samenstelling en de werking" van de Raad, maar biedt Hem niet de | samenstelling en de werking" van de Raad, maar biedt Hem niet de |
mogelijkheid daaraan andere opdrachten toe te vertrouwen dan die welke | mogelijkheid daaraan andere opdrachten toe te vertrouwen dan die welke |
uitdrukkelijk bij de wet zijn toegewezen. | uitdrukkelijk bij de wet zijn toegewezen. |
Luidens artikel 153, § 5, van de voornoemde wet kan alleen de wetgever | Luidens artikel 153, § 5, van de voornoemde wet kan alleen de wetgever |
de Hoge Raad van geneesheren-directeurs het beheer toekennen van de | de Hoge Raad van geneesheren-directeurs het beheer toekennen van de |
accreditering van adviserend geneesheren. | accreditering van adviserend geneesheren. |
Het voorliggende ontwerp moet derhalve grondig worden herzien. Het | Het voorliggende ontwerp moet derhalve grondig worden herzien. Het |
wordt dan ook niet nader onderzocht. | wordt dan ook niet nader onderzocht. |
De kamer was samengesteld uit : | De kamer was samengesteld uit : |
De heren : | De heren : |
J. Jaumotte, staatsraad, voorzitter, | J. Jaumotte, staatsraad, voorzitter, |
M. Pâques en L. Detroux, staatsraden, | M. Pâques en L. Detroux, staatsraden, |
Mevr. B. Vigneron, griffier. | Mevr. B. Vigneron, griffier. |
Het verslag werd uitgebracht door de heer X. Delgrange, eerste | Het verslag werd uitgebracht door de heer X. Delgrange, eerste |
auditeur-afdelingshoofd. | auditeur-afdelingshoofd. |
De overeenstemming tussen de Franse en Nederlandse tekst werd nagezien | De overeenstemming tussen de Franse en Nederlandse tekst werd nagezien |
onder toezicht van de heer J. Jaumotte. | onder toezicht van de heer J. Jaumotte. |
De griffier, | De griffier, |
B. Vigneron. | B. Vigneron. |
De voorzitter, | De voorzitter, |
J. Jaumotte. | J. Jaumotte. |
11 JUNI 2011. - Koninklijk besluit tot uitvoering van artikel 154, | 11 JUNI 2011. - Koninklijk besluit tot uitvoering van artikel 154, |
zesde lid van de wet betreffende de verplichte verzekering voor | zesde lid van de wet betreffende de verplichte verzekering voor |
geneeskundige verzorging en uitkeringen, gecoördineerd op 14 juli 1994 | geneeskundige verzorging en uitkeringen, gecoördineerd op 14 juli 1994 |
ALBERT II, Koning der Belgen, | ALBERT II, Koning der Belgen, |
Aan allen die nu zijn en hierna wezen zullen, Onze Groet. | Aan allen die nu zijn en hierna wezen zullen, Onze Groet. |
Gelet op de wet betreffende de verplichte verzekering voor | Gelet op de wet betreffende de verplichte verzekering voor |
geneeskundige verzorging en uitkeringen, gecoördineerd op 14 juli | geneeskundige verzorging en uitkeringen, gecoördineerd op 14 juli |
1994, inzonderheid op artikel 154, zesde lid, ingevoegd bij de wet van | 1994, inzonderheid op artikel 154, zesde lid, ingevoegd bij de wet van |
18 december 2008; | 18 december 2008; |
Gelet op het advies van het Comité van de Dienst voor geneeskundige | Gelet op het advies van het Comité van de Dienst voor geneeskundige |
evaluatie en controle, gegeven op 27 maart 2009; | evaluatie en controle, gegeven op 27 maart 2009; |
Gelet op het advies van 14 december 2009 van het Algemeen | Gelet op het advies van 14 december 2009 van het Algemeen |
beheerscomité van het Rijksinstituut voor ziekte- en | beheerscomité van het Rijksinstituut voor ziekte- en |
invaliditeitsverzekering; | invaliditeitsverzekering; |
Gelet op het advies van de Inspecteur van Financiën, gegeven op 5 | Gelet op het advies van de Inspecteur van Financiën, gegeven op 5 |
februari 2010; | februari 2010; |
Gelet op de akkoordbevinding van Onze Staatssecretaris van Begroting, | Gelet op de akkoordbevinding van Onze Staatssecretaris van Begroting, |
gegeven op 15 juni 2010;. | gegeven op 15 juni 2010;. |
Gelet op het advies van de Raad van State nr. 48.467/2/V, gegeven op | Gelet op het advies van de Raad van State nr. 48.467/2/V, gegeven op |
19 juli 2010; | 19 juli 2010; |
Op de voordracht van Onze Minister van Sociale Zaken, | Op de voordracht van Onze Minister van Sociale Zaken, |
Hebben Wij besloten en besluiten Wij : | Hebben Wij besloten en besluiten Wij : |
Artikel 1.§ 1. Het stelsel van de accreditering van adviserend |
Artikel 1.§ 1. Het stelsel van de accreditering van adviserend |
geneesheren, bedoeld in artikel 154, zesde lid, van de wet betreffende | geneesheren, bedoeld in artikel 154, zesde lid, van de wet betreffende |
de verplichte verzekering voor geneeskundige verzorging en | de verplichte verzekering voor geneeskundige verzorging en |
uitkeringen, gecoördineerd op 14 juli 1994, is gericht op de | uitkeringen, gecoördineerd op 14 juli 1994, is gericht op de |
actualisering van de beroepskennis aan de hand van programma's van | actualisering van de beroepskennis aan de hand van programma's van |
permanente vorming. | permanente vorming. |
Deze programma's moeten beantwoorden aan kwaliteitscriteria, zoals de | Deze programma's moeten beantwoorden aan kwaliteitscriteria, zoals de |
wetenschappelijke waarde, het afgestemd zijn op de taken van de | wetenschappelijke waarde, het afgestemd zijn op de taken van de |
adviserend geneesheren, de geschiktheid, de toepasselijkheid en de | adviserend geneesheren, de geschiktheid, de toepasselijkheid en de |
actualiteit van de informatie. | actualiteit van de informatie. |
Zij zullen meer in het bijzonder betrekking hebben op de medico-legale | Zij zullen meer in het bijzonder betrekking hebben op de medico-legale |
evaluatie van de arbeidsongeschiktheid, de evolutie van de | evaluatie van de arbeidsongeschiktheid, de evolutie van de |
diagnostische en therapeutische technieken, en de bijwerking van de | diagnostische en therapeutische technieken, en de bijwerking van de |
medische kennis. | medische kennis. |
§ 2. Voor accreditering komen twee types van programma's van | § 2. Voor accreditering komen twee types van programma's van |
permanente vorming in aanmerking : | permanente vorming in aanmerking : |
a) de programma's erkend binnen het kader van de accreditering van | a) de programma's erkend binnen het kader van de accreditering van |
artsen, bedoeld in artikel 36bis van de bovenbedoelde wet : | artsen, bedoeld in artikel 36bis van de bovenbedoelde wet : |
- in de aspecten algemene professionele wetenschappelijke vorming; | - in de aspecten algemene professionele wetenschappelijke vorming; |
- in de aspecten « ethiek en economie »; | - in de aspecten « ethiek en economie »; |
b) de specifieke programma's verzekeringsgeneeskunde uitgewerkt door | b) de specifieke programma's verzekeringsgeneeskunde uitgewerkt door |
de « Wetenschappelijke vereniging voor verzekeringsgeneeskunde », de « | de « Wetenschappelijke vereniging voor verzekeringsgeneeskunde », de « |
Association scientifique de médecine d'assurance », of de « Europese | Association scientifique de médecine d'assurance », of de « Europese |
vereniging voor verzekeringsgeneeskunde en sociale zekerheid », alsook | vereniging voor verzekeringsgeneeskunde en sociale zekerheid », alsook |
de door andere organisaties uitgewerkte programma's waarvan het | de door andere organisaties uitgewerkte programma's waarvan het |
bijzonder belang is aangetoond in de verzekeringsgeneeskunde of de | bijzonder belang is aangetoond in de verzekeringsgeneeskunde of de |
uitoefening van de opdrachten van verzekeringsgeneeskundigen. | uitoefening van de opdrachten van verzekeringsgeneeskundigen. |
De puntenwaarde van de specifieke programma's bedoeld in § 2, eerste | De puntenwaarde van de specifieke programma's bedoeld in § 2, eerste |
lid, b, wordt bepaald door de Hoge Raad van geneesheren-directeurs. | lid, b, wordt bepaald door de Hoge Raad van geneesheren-directeurs. |
De programma's erkend binnen het kader van de accreditering van | De programma's erkend binnen het kader van de accreditering van |
artsen, bedoeld in artikel 36bis van de bovenbedoelde wet, worden van | artsen, bedoeld in artikel 36bis van de bovenbedoelde wet, worden van |
rechtswege erkend met hun puntenwaarde. | rechtswege erkend met hun puntenwaarde. |
§ 3. De adviserend geneesheer is geaccrediteerd en ontvangt het | § 3. De adviserend geneesheer is geaccrediteerd en ontvangt het |
jaarlijks accrediteringsforfait, na minimum twintig punten per jaar te | jaarlijks accrediteringsforfait, na minimum twintig punten per jaar te |
hebben behaald door het volgen van de programma's van permanente | hebben behaald door het volgen van de programma's van permanente |
vorming. Minimum zeven punten en maximum tien punten moeten betrekking | vorming. Minimum zeven punten en maximum tien punten moeten betrekking |
hebben op de specifieke permanente vorming bedoeld in artikel 1, § 2, | hebben op de specifieke permanente vorming bedoeld in artikel 1, § 2, |
eerste lid, b. | eerste lid, b. |
Art. 2.Om het jaarlijks voordeel van de accreditering te behouden, |
Art. 2.Om het jaarlijks voordeel van de accreditering te behouden, |
moet de adviserend geneesheer per jaar aantonen dat hij minimum 20 | moet de adviserend geneesheer per jaar aantonen dat hij minimum 20 |
punten behaalde onder de hierboven vermelde voorwaarden. | punten behaalde onder de hierboven vermelde voorwaarden. |
Art. 3.In afwijking op artikel 2, worden de jaarlijkse |
Art. 3.In afwijking op artikel 2, worden de jaarlijkse |
accrediteringsforfaits voor 2009 en 2010 automatisch toegekend aan de | accrediteringsforfaits voor 2009 en 2010 automatisch toegekend aan de |
erkende adviserend geneesheren die ten laatste op 1 januari 2009 in | erkende adviserend geneesheren die ten laatste op 1 januari 2009 in |
dienst getreden zijn. Voor 2011, zal het jaarlijks forfait hen slechts | dienst getreden zijn. Voor 2011, zal het jaarlijks forfait hen slechts |
toegekend worden wanneer de Hoge raad van geneesheren-directeurs | toegekend worden wanneer de Hoge raad van geneesheren-directeurs |
vaststelt dat zij daadwerkelijk voldaan hebben aan de jaarlijkse | vaststelt dat zij daadwerkelijk voldaan hebben aan de jaarlijkse |
accrediteringsvoorwaarden gedurende de twee voorafgaande | accrediteringsvoorwaarden gedurende de twee voorafgaande |
kalenderjaren. | kalenderjaren. |
Art. 4.Het jaarlijks forfait, toegekend aan de geaccrediteerde |
Art. 4.Het jaarlijks forfait, toegekend aan de geaccrediteerde |
adviserend geneesheer, wordt bepaald op 2.800 euro, gekoppeld aan de | adviserend geneesheer, wordt bepaald op 2.800 euro, gekoppeld aan de |
spilindex 111,36 zoals van toepassing op 1 januari 2009 (basis 2004 = | spilindex 111,36 zoals van toepassing op 1 januari 2009 (basis 2004 = |
100). Dit bedrag wordt verhoogd overeenkomstig de bepalingen van de | 100). Dit bedrag wordt verhoogd overeenkomstig de bepalingen van de |
wet van 2 augustus 1971 houdende inrichting van een stelsel waarbij de | wet van 2 augustus 1971 houdende inrichting van een stelsel waarbij de |
wedden, lonen, pensioenen, toelagen en tegemoetkomingen ten laste van | wedden, lonen, pensioenen, toelagen en tegemoetkomingen ten laste van |
de openbare schatkist, aan het indexcijfer van de consumptieprijzen | de openbare schatkist, aan het indexcijfer van de consumptieprijzen |
worden gekoppeld. | worden gekoppeld. |
Art. 5.Het jaarlijks accrediteringsforfait wordt aan de adviserend |
Art. 5.Het jaarlijks accrediteringsforfait wordt aan de adviserend |
geneesheer uitbetaald tijdens het kwartaal dat volgt op de | geneesheer uitbetaald tijdens het kwartaal dat volgt op de |
kennisgeving van de beslissing tot toekenning van het voordeel van het | kennisgeving van de beslissing tot toekenning van het voordeel van het |
bedoeld forfait. | bedoeld forfait. |
Het kan tijdens hetzelfde kalenderjaar niet gecumuleerd worden met een | Het kan tijdens hetzelfde kalenderjaar niet gecumuleerd worden met een |
forfait waarop de adviserend geneesheer aanspraak zou kunnen maken | forfait waarop de adviserend geneesheer aanspraak zou kunnen maken |
krachtens een ander systeem van accreditering. | krachtens een ander systeem van accreditering. |
Art. 6.§ 1. Het beheer van de accreditering van adviserend |
Art. 6.§ 1. Het beheer van de accreditering van adviserend |
geneesheren wordt waargenomen door de Hoge raad van | geneesheren wordt waargenomen door de Hoge raad van |
geneesheren-directeurs, bedoeld in artikel 153, § 5, van de | geneesheren-directeurs, bedoeld in artikel 153, § 5, van de |
bovenbedoelde wet. | bovenbedoelde wet. |
Deze raad is belast met : | Deze raad is belast met : |
a) de erkenning van de specifieke programma's van permanente vorming | a) de erkenning van de specifieke programma's van permanente vorming |
bedoeld in artikel 1, § 2, b, overeenkomstig de voorwaarden bepaald in | bedoeld in artikel 1, § 2, b, overeenkomstig de voorwaarden bepaald in |
artikel 1, § 1; | artikel 1, § 1; |
b) het al dan niet toekennen van het voordeel van de accreditering aan | b) het al dan niet toekennen van het voordeel van de accreditering aan |
de adviserend geneesheer, na de naleving van de voorwaarden bedoeld in | de adviserend geneesheer, na de naleving van de voorwaarden bedoeld in |
de artikelen 1 en 2 te hebben nagegaan. | de artikelen 1 en 2 te hebben nagegaan. |
§ 2. Elke aanvraag tot accreditering moet schriftelijk gericht worden | § 2. Elke aanvraag tot accreditering moet schriftelijk gericht worden |
aan de Voorzitter van de Hoge raad van geneesheren-directeurs, | aan de Voorzitter van de Hoge raad van geneesheren-directeurs, |
zetelend in de lokalen van de Dienst voor geneeskundige evaluatie en | zetelend in de lokalen van de Dienst voor geneeskundige evaluatie en |
controle van het RIZIV. | controle van het RIZIV. |
Op straf van verval moet de aanvraag ten laatste ingediend worden op 1 | Op straf van verval moet de aanvraag ten laatste ingediend worden op 1 |
februari van het jaar dat volgt op het jaar waarbinnen de | februari van het jaar dat volgt op het jaar waarbinnen de |
opleidingsprogramma's werden gevolgd. | opleidingsprogramma's werden gevolgd. |
De nodige documenten, waaruit blijkt dat aan de vereiste voorwaarden | De nodige documenten, waaruit blijkt dat aan de vereiste voorwaarden |
werd voldaan, moeten worden bijgevoegd. | werd voldaan, moeten worden bijgevoegd. |
De beslissing wordt ter kennis gegeven aan de aanvrager. | De beslissing wordt ter kennis gegeven aan de aanvrager. |
§ 3. Met het oog op de toepassing van artikel 155, § 1, 2°, van de | § 3. Met het oog op de toepassing van artikel 155, § 1, 2°, van de |
bovenbedoelde wet, maakt de Hoge raad van geneesheren-directeurs ieder | bovenbedoelde wet, maakt de Hoge raad van geneesheren-directeurs ieder |
dossier tot aanvraag van accreditering over aan het Comité van Dienst | dossier tot aanvraag van accreditering over aan het Comité van Dienst |
voor geneeskundige evaluatie en controle, wanneer dit gebreken | voor geneeskundige evaluatie en controle, wanneer dit gebreken |
vertoont die betrekking hebben op de reglementering van toepassing op | vertoont die betrekking hebben op de reglementering van toepassing op |
de adviserend geneesheren. | de adviserend geneesheren. |
Art. 7.Dit besluit heeft uitwerking met ingang van 1 januari 2009. |
Art. 7.Dit besluit heeft uitwerking met ingang van 1 januari 2009. |
Art. 8.Onze Minister van Sociale Zaken en Volkgezondheid, belast met |
Art. 8.Onze Minister van Sociale Zaken en Volkgezondheid, belast met |
de Sociale integratie, is belast met de uitvoering van dit besluit. | de Sociale integratie, is belast met de uitvoering van dit besluit. |
Gegeven te Châteauneuf-de-Grasse, 11 juni 2011. | Gegeven te Châteauneuf-de-Grasse, 11 juni 2011. |
ALBERT | ALBERT |
Van Koningswege : | Van Koningswege : |
De Minister van Sociale Zaken en Volksgezondheid, | De Minister van Sociale Zaken en Volksgezondheid, |
belast met de Sociale Integratie, | belast met de Sociale Integratie, |
Mevr. L. ONKELINX | Mevr. L. ONKELINX |