Koninklijk besluit tot oprichting van de Commissies voor Dringende Geneeskundige Hulpverlening | Koninklijk besluit tot oprichting van de Commissies voor Dringende Geneeskundige Hulpverlening |
---|---|
MINISTERIE VAN SOCIALE ZAKEN, VOLKSGEZONDHEID EN LEEFMILIEU | MINISTERIE VAN SOCIALE ZAKEN, VOLKSGEZONDHEID EN LEEFMILIEU |
10 AUGUSTUS 1998. - Koninklijk besluit tot oprichting van de | 10 AUGUSTUS 1998. - Koninklijk besluit tot oprichting van de |
Commissies voor Dringende Geneeskundige Hulpverlening | Commissies voor Dringende Geneeskundige Hulpverlening |
ALBERT II, Koning der Belgen, | ALBERT II, Koning der Belgen, |
Aan allen die nu zijn en hierna wezen zullen, Onze Groet. | Aan allen die nu zijn en hierna wezen zullen, Onze Groet. |
Gelet op de wet van 8 juli 1964 betreffende de dringende geneeskundige | Gelet op de wet van 8 juli 1964 betreffende de dringende geneeskundige |
hulpverlening, inzonderheid artikel 1, derde lid; | hulpverlening, inzonderheid artikel 1, derde lid; |
Gelet op het advies van de Raad van State, gegeven op 13 juni 1995; | Gelet op het advies van de Raad van State, gegeven op 13 juni 1995; |
Gelet op het advies van de Inspecteur van Financiën van 2 maart 1998; | Gelet op het advies van de Inspecteur van Financiën van 2 maart 1998; |
Gelet op het besluit van de Ministerraad van 20 maart 1998 over de | Gelet op het besluit van de Ministerraad van 20 maart 1998 over de |
adviesaanvraag binnen de termijn van een maand; | adviesaanvraag binnen de termijn van een maand; |
Gelet op het advies van de Raad van State, gegeven op 12 mei 1998, met | Gelet op het advies van de Raad van State, gegeven op 12 mei 1998, met |
toepassing van artikel 84, eerste lid, 1°, van de gecoördineerde | toepassing van artikel 84, eerste lid, 1°, van de gecoördineerde |
wetten op de Raad van State; | wetten op de Raad van State; |
Op de voordracht van Onze Vice-Eerste Minister en Minister van | Op de voordracht van Onze Vice-Eerste Minister en Minister van |
Binnenlandse Zaken, van Onze Minister van Volksgezondheid en | Binnenlandse Zaken, van Onze Minister van Volksgezondheid en |
Pensioenen en van Onze Staatssecretaris voor Veiligheid, | Pensioenen en van Onze Staatssecretaris voor Veiligheid, |
Maatschappelijke Integratie en Leefmilieu, | Maatschappelijke Integratie en Leefmilieu, |
Hebben Wij besloten en besluiten Wij : | Hebben Wij besloten en besluiten Wij : |
HOOFDSTUK I. - Begripsomschrijvingen | HOOFDSTUK I. - Begripsomschrijvingen |
Artikel 1.Voor de toepassing van dit besluit wordt verstaan onder : |
Artikel 1.Voor de toepassing van dit besluit wordt verstaan onder : |
1° de wet : de wet van 8 juli 1964 betreffende de dringende | 1° de wet : de wet van 8 juli 1964 betreffende de dringende |
geneeskundige hulpverlening; | geneeskundige hulpverlening; |
2° ambulancedienst : de door de openbare overheid georganiseerde | 2° ambulancedienst : de door de openbare overheid georganiseerde |
ambulancedienst bedoeld in artikel 5, eerste lid, van de wet of de | ambulancedienst bedoeld in artikel 5, eerste lid, van de wet of de |
private personen die bij toepassing van artikel 5, derde lid, van de | private personen die bij toepassing van artikel 5, derde lid, van de |
wet, bij overeenkomst met de Staat aanvaard hebben hun medewerking aan | wet, bij overeenkomst met de Staat aanvaard hebben hun medewerking aan |
de dringende medische hulpverlening te verlenen; | de dringende medische hulpverlening te verlenen; |
3° mobiele urgentiegroep : de erkende functie "mobiele urgentiegroep" | 3° mobiele urgentiegroep : de erkende functie "mobiele urgentiegroep" |
in de zin van het koninklijk besluit van 10 april 1995 waarbij sommige | in de zin van het koninklijk besluit van 10 april 1995 waarbij sommige |
bepalingen van de wet op de ziekenhuizen toepasselijk worden verklaard | bepalingen van de wet op de ziekenhuizen toepasselijk worden verklaard |
op de functie "mobiele urgentiegroep", die met toepassing van artikel | op de functie "mobiele urgentiegroep", die met toepassing van artikel |
6bis van het koninklijk besluit van 2 april 1965 houdende vaststelling | 6bis van het koninklijk besluit van 2 april 1965 houdende vaststelling |
van de modaliteiten tot inrichting van de dringende geneeskundige | van de modaliteiten tot inrichting van de dringende geneeskundige |
hulpverlening en houdende aanwijzing van de gemeenten als centra van | hulpverlening en houdende aanwijzing van de gemeenten als centra van |
het eenvormig oproepstelsel, is opgenomen in de werking van de | het eenvormig oproepstelsel, is opgenomen in de werking van de |
dringende geneeskundige hulpverlening; | dringende geneeskundige hulpverlening; |
4° spoedgevallendienst : de spoedgevallendienst, bedoeld in artikel 1, | 4° spoedgevallendienst : de spoedgevallendienst, bedoeld in artikel 1, |
3°, van voornoemd koninklijk besluit van 2 april 1965; | 3°, van voornoemd koninklijk besluit van 2 april 1965; |
5° wachtdienst : de wachtdienst van de beoefenaars bedoeld in artikel | 5° wachtdienst : de wachtdienst van de beoefenaars bedoeld in artikel |
2 van het koninklijk besluit nr. 78 van 10 november 1967 betreffende | 2 van het koninklijk besluit nr. 78 van 10 november 1967 betreffende |
de uitoefening van de geneeskunst en de verpleegkunde, de paramedische | de uitoefening van de geneeskunst en de verpleegkunde, de paramedische |
beroepen en de geneeskundige commissies, die de bevolking een | beroepen en de geneeskundige commissies, die de bevolking een |
regelmatige en normale toediening van de gezondheidszorgen ten huize | regelmatige en normale toediening van de gezondheidszorgen ten huize |
waarborgen, georganiseerd overeenkomstig artikel 9 van hetzelfde | waarborgen, georganiseerd overeenkomstig artikel 9 van hetzelfde |
besluit; | besluit; |
6° noodsituatie : een rampspoedige gebeurtenis, een catastrofe of een | 6° noodsituatie : een rampspoedige gebeurtenis, een catastrofe of een |
schadegeval waarbij zich een ernstige en plotse verstoring van de | schadegeval waarbij zich een ernstige en plotse verstoring van de |
maatschappelijke orde voordoet of dreigt voor te doen of waarbij het | maatschappelijke orde voordoet of dreigt voor te doen of waarbij het |
leven of de gezondheid van personen in gevaar is of dreigt te komen; | leven of de gezondheid van personen in gevaar is of dreigt te komen; |
7° de Minister : de Minister die de Volksgezondheid onder zijn | 7° de Minister : de Minister die de Volksgezondheid onder zijn |
bevoegdheid heeft; | bevoegdheid heeft; |
8° het Bestuur : het Bestuur van de Gezondheidszorgen in het | 8° het Bestuur : het Bestuur van de Gezondheidszorgen in het |
Ministerie van Sociale Zaken, Volksgezondheid en Leefmilieu. | Ministerie van Sociale Zaken, Volksgezondheid en Leefmilieu. |
HOOFDSTUK II. - Oprichting | HOOFDSTUK II. - Oprichting |
Art. 2.In elke provincie en binnen de geografische omschrijving van |
Art. 2.In elke provincie en binnen de geografische omschrijving van |
het administratief arrondissement Brussel-Hoofdstad wordt een | het administratief arrondissement Brussel-Hoofdstad wordt een |
Commissie voor Dringende Geneeskundige Hulpverlening opgericht, hierna | Commissie voor Dringende Geneeskundige Hulpverlening opgericht, hierna |
"de Commissie" genoemd, die ressorteert onder het Bestuur. | "de Commissie" genoemd, die ressorteert onder het Bestuur. |
HOOFDSTUK III. - Samenstelling en taken | HOOFDSTUK III. - Samenstelling en taken |
Art. 3.§ 1. Elke Commissie is samengesteld uit : |
Art. 3.§ 1. Elke Commissie is samengesteld uit : |
1° twee vertegenwoordigers van de brandweerdienst van de in het | 1° twee vertegenwoordigers van de brandweerdienst van de in het |
ambtsgebied van de Commissie gelegen gemeenten als bedoeld in artikel | ambtsgebied van de Commissie gelegen gemeenten als bedoeld in artikel |
3 van de wet, met name de dienstchef en de officier van het centrum; | 3 van de wet, met name de dienstchef en de officier van het centrum; |
2° een vertegenwoordiger van elke ambulancedienst, werkzaam in het | 2° een vertegenwoordiger van elke ambulancedienst, werkzaam in het |
ambtsgebied van de Commissie; | ambtsgebied van de Commissie; |
3° een arts, vertegenwoordiger van elke spoedgevallendienst, werkzaam | 3° een arts, vertegenwoordiger van elke spoedgevallendienst, werkzaam |
in het ambtsgebied van de Commissie; | in het ambtsgebied van de Commissie; |
4° een arts, vertegenwoordiger van elke mobiele urgentiegroep, | 4° een arts, vertegenwoordiger van elke mobiele urgentiegroep, |
werkzaam in het ambtsgebied van de Commissie; | werkzaam in het ambtsgebied van de Commissie; |
5° een verpleegkundige, vertegenwoordiger van elke mobiele | 5° een verpleegkundige, vertegenwoordiger van elke mobiele |
urgentiegroep, werkzaam in het ambtsgebied van de Commissie; | urgentiegroep, werkzaam in het ambtsgebied van de Commissie; |
6° een vertegenwoordiger van elke wachtdienst, werkzaam in het | 6° een vertegenwoordiger van elke wachtdienst, werkzaam in het |
ambtsgebied van de Commissie; | ambtsgebied van de Commissie; |
7° een vertegenwoordiger van de hulpdienst van het Rode Kruis, | 7° een vertegenwoordiger van de hulpdienst van het Rode Kruis, |
werkzaam in het ambtsgebied van de Commissie; | werkzaam in het ambtsgebied van de Commissie; |
8° de provinciegouverneur of zijn vertegenwoordiger en in de Commissie | 8° de provinciegouverneur of zijn vertegenwoordiger en in de Commissie |
voor het administratief arrondissement Brussel-Hoofdstad, de in de | voor het administratief arrondissement Brussel-Hoofdstad, de in de |
Provinciewet bedoelde commissaris van de federale regering die de | Provinciewet bedoelde commissaris van de federale regering die de |
titel van gouverneur voert, of diens vertegenwoordiger. | titel van gouverneur voert, of diens vertegenwoordiger. |
§ 2. De vertegenwoordigers van de diensten bedoeld in § 1, 2°, tot 7°, | § 2. De vertegenwoordigers van de diensten bedoeld in § 1, 2°, tot 7°, |
dienen daadwerkelijk werkzaam te zijn in het kader van de dringende | dienen daadwerkelijk werkzaam te zijn in het kader van de dringende |
geneeskundige hulpverlening in deze diensten en worden door hen | geneeskundige hulpverlening in deze diensten en worden door hen |
voorgedragen. | voorgedragen. |
§ 3. De leden bedoeld in § 1, 1° tot 7°, hebben beslissende stem. | § 3. De leden bedoeld in § 1, 1° tot 7°, hebben beslissende stem. |
Het lid bedoeld in § 1, 8°, heeft raadgevende stem. | Het lid bedoeld in § 1, 8°, heeft raadgevende stem. |
§ 4. Elk lid, bedoeld in § 1, 2° tot 7°, heeft een plaatsvervanger die | § 4. Elk lid, bedoeld in § 1, 2° tot 7°, heeft een plaatsvervanger die |
aan dezelfde benoemingsvoorwaarden onderworpen is en eveneens door | aan dezelfde benoemingsvoorwaarden onderworpen is en eveneens door |
zijn dienst of functie wordt voorgedragen. | zijn dienst of functie wordt voorgedragen. |
De plaatsvervangers van de leden bedoeld in § 1, 1°, worden door deze | De plaatsvervangers van de leden bedoeld in § 1, 1°, worden door deze |
effectieve leden voorgedragen onder de officieren van de | effectieve leden voorgedragen onder de officieren van de |
brandweerdienst. | brandweerdienst. |
§ 5. De leden bedoeld in § 1, 1° tot 7°, evenals hun plaatsvervangers, | § 5. De leden bedoeld in § 1, 1° tot 7°, evenals hun plaatsvervangers, |
worden door de Minister benoemd voor een hernieuwbare periode van vier | worden door de Minister benoemd voor een hernieuwbare periode van vier |
jaar. | jaar. |
§ 6. De gezondheidsinspecteur van het ambtsgebied van de Commissie is | § 6. De gezondheidsinspecteur van het ambtsgebied van de Commissie is |
voorzitter van de Commissie. Hij heeft raadgevende stem. | voorzitter van de Commissie. Hij heeft raadgevende stem. |
De ondervoorzitter wordt benoemd door de Minister na voordracht op een | De ondervoorzitter wordt benoemd door de Minister na voordracht op een |
dubbele lijst door de Commissie. | dubbele lijst door de Commissie. |
Art. 4.In haar ambtsgebied heeft de Commissie tot taak : |
Art. 4.In haar ambtsgebied heeft de Commissie tot taak : |
1° het bewerkstelligen van de samenwerking en het formaliseren van | 1° het bewerkstelligen van de samenwerking en het formaliseren van |
afspraken tussen alle instanties vertegenwoordigd in de Commissie en | afspraken tussen alle instanties vertegenwoordigd in de Commissie en |
bedoeld in artikel 3, § 1, 1° tot 7°, met het oog op de organisatie en | bedoeld in artikel 3, § 1, 1° tot 7°, met het oog op de organisatie en |
de uitvoering van de dringende geneeskundige hulpverlening; | de uitvoering van de dringende geneeskundige hulpverlening; |
2° het toezicht houden op de opleiding van hulpverleners - | 2° het toezicht houden op de opleiding van hulpverleners - |
ambulanciers van het ambtsgebied van de Commissie, overeenkomstig de | ambulanciers van het ambtsgebied van de Commissie, overeenkomstig de |
modaliteiten bepaald door de Minister; | modaliteiten bepaald door de Minister; |
3° het bewerkstelligen van de samenwerking van alle personen die | 3° het bewerkstelligen van de samenwerking van alle personen die |
instaan voor de dringende geneeskundige hulpverlening aan slachtoffers | instaan voor de dringende geneeskundige hulpverlening aan slachtoffers |
van collectieve noodsituaties; | van collectieve noodsituaties; |
4° het waken over het goed beheer en de verwerking van de oproepen met | 4° het waken over het goed beheer en de verwerking van de oproepen met |
medisch karakter gericht aan de centra van het eenvormig | medisch karakter gericht aan de centra van het eenvormig |
oproepstelsel; | oproepstelsel; |
5° het bewerkstelligen en formaliseren van een akkoord tussen alle | 5° het bewerkstelligen en formaliseren van een akkoord tussen alle |
ziekenhuizen met een spoedgevallendienst die zich bevindt in het | ziekenhuizen met een spoedgevallendienst die zich bevindt in het |
ambtsgebied van de Commissie, die een mobiele urgentiegroep uitbaten | ambtsgebied van de Commissie, die een mobiele urgentiegroep uitbaten |
of zich kandidaat stellen voor het uitbaten van een mobiele | of zich kandidaat stellen voor het uitbaten van een mobiele |
urgentiegroep, en dit betreffende : | urgentiegroep, en dit betreffende : |
a) de vertrekplaatsen van elke mobiele urgentiegroep; | a) de vertrekplaatsen van elke mobiele urgentiegroep; |
b) de lijst van de ziekenhuizen die deel uitmaken van elke associatie | b) de lijst van de ziekenhuizen die deel uitmaken van elke associatie |
bedoeld in artikel 3 van het koninklijk besluit van 10 augustus 1998 | bedoeld in artikel 3 van het koninklijk besluit van 10 augustus 1998 |
houdende vaststelling van de normen waaraan een functie "mobiele | houdende vaststelling van de normen waaraan een functie "mobiele |
urgentiegroep" (MUG) moet voldoen om te worden erkend; | urgentiegroep" (MUG) moet voldoen om te worden erkend; |
c) de vaststelling van de interventiezones van elk van de mobiele | c) de vaststelling van de interventiezones van elk van de mobiele |
urgentiegroepen die werkzaam zijn in het ambtsgebied van de Commissie; | urgentiegroepen die werkzaam zijn in het ambtsgebied van de Commissie; |
6° het bewerkstelligen en het formaliseren van het protocol bedoeld in | 6° het bewerkstelligen en het formaliseren van het protocol bedoeld in |
artikel 7, derde lid, 2°, en 3°, van voornoemd koninklijk besluit van | artikel 7, derde lid, 2°, en 3°, van voornoemd koninklijk besluit van |
2 april 1965, tussen alle ziekenhuizen met een spoedgevallendienst die | 2 april 1965, tussen alle ziekenhuizen met een spoedgevallendienst die |
zich bevindt in het ambtsgebied van de Commissie, met vermelding van | zich bevindt in het ambtsgebied van de Commissie, met vermelding van |
de specifieke noodzakelijke diagnostische of therapeutische middelen | de specifieke noodzakelijke diagnostische of therapeutische middelen |
en de hierbij horende ziekenhuizen van bestemming, evenals van de | en de hierbij horende ziekenhuizen van bestemming, evenals van de |
specifieke pathologieën waarvoor het bijhouden van het medisch dossier | specifieke pathologieën waarvoor het bijhouden van het medisch dossier |
het ziekenhuis van bestemming kan bepalen; | het ziekenhuis van bestemming kan bepalen; |
7° het verlenen van advies over alle aangelegenheden die behoren tot | 7° het verlenen van advies over alle aangelegenheden die behoren tot |
de toepassing van de wet of diens uitvoeringsbesluiten, ambtshalve, op | de toepassing van de wet of diens uitvoeringsbesluiten, ambtshalve, op |
verzoek van de Minister of, voor de bevoegdheden bedoeld in artikel 4, | verzoek van de Minister of, voor de bevoegdheden bedoeld in artikel 4, |
3°, op verzoek van de provinciale of gemeentelijke overheden; | 3°, op verzoek van de provinciale of gemeentelijke overheden; |
8° de goedkeuring van het jaarlijks activiteitenverslag. | 8° de goedkeuring van het jaarlijks activiteitenverslag. |
HOOFDSTUK IV. - Werking | HOOFDSTUK IV. - Werking |
Art. 5.§ 1. De Commissie vergadert tenminste éénmaal per jaar na |
Art. 5.§ 1. De Commissie vergadert tenminste éénmaal per jaar na |
bijeenroeping door de voorzitter. | bijeenroeping door de voorzitter. |
De voorzitter dient eveneens de Commissie bijeen te roepen : | De voorzitter dient eveneens de Commissie bijeen te roepen : |
1° op verzoek van de Minister of zijn afgevaardigde; | 1° op verzoek van de Minister of zijn afgevaardigde; |
2° op verzoek van de leden bedoeld in artikel 3, § 1, 1°; | 2° op verzoek van de leden bedoeld in artikel 3, § 1, 1°; |
3° op verzoek van een meerderheid van de leden van één der | 3° op verzoek van een meerderheid van de leden van één der |
categorieën, bedoeld in artikel 3, § 1, 2° tot 7°; | categorieën, bedoeld in artikel 3, § 1, 2° tot 7°; |
4° op verzoek van het Bureau. | 4° op verzoek van het Bureau. |
§ 2. Voor de uitvoering van haar opdrachten kan de Commissie in haar | § 2. Voor de uitvoering van haar opdrachten kan de Commissie in haar |
schoot werkgroepen oprichten en beroep doen op het advies van exporten | schoot werkgroepen oprichten en beroep doen op het advies van exporten |
van haar keuze. | van haar keuze. |
§ 3. De opdrachten van de Commissie, bedoeld in artikel 4, 5°, en 6°, | § 3. De opdrachten van de Commissie, bedoeld in artikel 4, 5°, en 6°, |
worden vervuld door een werkgroep die wordt voorgezeten door de | worden vervuld door een werkgroep die wordt voorgezeten door de |
voorzitter van de Commissie. | voorzitter van de Commissie. |
De in het eerste lid bedoelde werkgroep is samengesteld uit deze leden | De in het eerste lid bedoelde werkgroep is samengesteld uit deze leden |
bedoeld in artikel 3, § 1, 3°, die in de Commissie de ziekenhuizen | bedoeld in artikel 3, § 1, 3°, die in de Commissie de ziekenhuizen |
vertegenwoordigen bedoeld in artikel 4, 5°, of 6°, en dit afhankelijk | vertegenwoordigen bedoeld in artikel 4, 5°, of 6°, en dit afhankelijk |
van de bevoegdheden die door de werkgroep worden uitgeoefend; elk van | van de bevoegdheden die door de werkgroep worden uitgeoefend; elk van |
deze leden vertegenwoordigt de beheerder van zijn ziekenhuis. | deze leden vertegenwoordigt de beheerder van zijn ziekenhuis. |
Voor zover de overheid of overheden, krachtens de artikelen 128, 130 | Voor zover de overheid of overheden, krachtens de artikelen 128, 130 |
of 136 van de Grondwet bevoegd voor de erkenning van de in artikel 3, | of 136 van de Grondwet bevoegd voor de erkenning van de in artikel 3, |
§ 1, 3°, bedoelde spoedgevallendiensten, een vertegenwoordiger voor de | § 1, 3°, bedoelde spoedgevallendiensten, een vertegenwoordiger voor de |
in het eerste lid bedoelde werkgroep aanduiden, heeft deze er | in het eerste lid bedoelde werkgroep aanduiden, heeft deze er |
raadgevende stem. | raadgevende stem. |
Een interventiezone, bedoeld in artikel 4, 5°, c), kan slechts de | Een interventiezone, bedoeld in artikel 4, 5°, c), kan slechts de |
grenzen van het ambtsgebied van de Commissie overschrijden, voor zover | grenzen van het ambtsgebied van de Commissie overschrijden, voor zover |
de in het eerste lid bedoelde werkgroep van de Commissie van het | de in het eerste lid bedoelde werkgroep van de Commissie van het |
ambtsgebied waarin kwestieuze interventiezone ten dele voorkomt, zijn | ambtsgebied waarin kwestieuze interventiezone ten dele voorkomt, zijn |
instemming verleent met alle bepalingen van het akkoord die de | instemming verleent met alle bepalingen van het akkoord die de |
kwestieuze mobiele urgentiegroep betreffen. | kwestieuze mobiele urgentiegroep betreffen. |
§ 4. Op verzoek van de Minister of telkens de Commissie dit | § 4. Op verzoek van de Minister of telkens de Commissie dit |
noodzakelijk acht, worden artsen of verpleegkundigen die krachtens een | noodzakelijk acht, worden artsen of verpleegkundigen die krachtens een |
overeenkomst met de Staat belast zijn met de opleiding, bijscholing en | overeenkomst met de Staat belast zijn met de opleiding, bijscholing en |
evaluatie van de aangestelden van het eenvormig oproepstelsel, | evaluatie van de aangestelden van het eenvormig oproepstelsel, |
uitgenodigd op de vergaderingen van de Commissie, en dit met | uitgenodigd op de vergaderingen van de Commissie, en dit met |
betrekking tot materies die betrekking hebben op hun opdracht. Deze | betrekking tot materies die betrekking hebben op hun opdracht. Deze |
artsen en verpleegkundigen hebben raadgevende stem. | artsen en verpleegkundigen hebben raadgevende stem. |
Art. 6.§ 1. Het Bureau van de Commissie bestaat uit : |
Art. 6.§ 1. Het Bureau van de Commissie bestaat uit : |
1° de voorzitter van de Commissie; | 1° de voorzitter van de Commissie; |
2° de ondervoorzitter van de Commissie; | 2° de ondervoorzitter van de Commissie; |
3° een vertegenwoordiger van de brandweerdienst; | 3° een vertegenwoordiger van de brandweerdienst; |
4° een vertegenwoordiger van de ambulancediensten; | 4° een vertegenwoordiger van de ambulancediensten; |
5° een arts, vertegenwoordiger van de spoedgevallendiensten; | 5° een arts, vertegenwoordiger van de spoedgevallendiensten; |
6° een arts, vertegenwoordiger van de mobiele urgentiegroepen; deze | 6° een arts, vertegenwoordiger van de mobiele urgentiegroepen; deze |
mag niet behoren tot hetzelfde ziekenhuis als de vertegenwoordiger | mag niet behoren tot hetzelfde ziekenhuis als de vertegenwoordiger |
bedoeld in 5°; | bedoeld in 5°; |
7° een verpleegkundige, vertegenwoordiger van de mobiele | 7° een verpleegkundige, vertegenwoordiger van de mobiele |
urgentiegroepen die noch behoort tot de mobiele urgentiegroep waartoe | urgentiegroepen die noch behoort tot de mobiele urgentiegroep waartoe |
de vertegenwoordiger bedoeld in 6°, behoort, noch behoort tot | de vertegenwoordiger bedoeld in 6°, behoort, noch behoort tot |
hetzelfde ziekenhuis als de vertegenwoordiger bedoeld in 5°; | hetzelfde ziekenhuis als de vertegenwoordiger bedoeld in 5°; |
8° een vertegenwoordiger van de wachtdiensten. | 8° een vertegenwoordiger van de wachtdiensten. |
§ 2. De in § 1, 3° tot 8°, bedoelde leden worden uit hun midden | § 2. De in § 1, 3° tot 8°, bedoelde leden worden uit hun midden |
aangewezen door de leden van de Commissie, vertegenwoordigers van | aangewezen door de leden van de Commissie, vertegenwoordigers van |
dezelfde diensten of functie, bedoeld in artikel 3, § 1, 3° tot 8°. | dezelfde diensten of functie, bedoeld in artikel 3, § 1, 3° tot 8°. |
§ 3. Elk lid van het Bureau, bedoeld in § 1, 3° tot 8°, heeft een | § 3. Elk lid van het Bureau, bedoeld in § 1, 3° tot 8°, heeft een |
plaatsvervanger, onderworpen aan dezelfde aanstellingsvoorwaarden als | plaatsvervanger, onderworpen aan dezelfde aanstellingsvoorwaarden als |
de effectieve leden. | de effectieve leden. |
Art. 7.§ 1. Het Bureau verzekert de goede werking van de Commissie, |
Art. 7.§ 1. Het Bureau verzekert de goede werking van de Commissie, |
met name door het opmaken van de agenda van de vergaderingen en het | met name door het opmaken van de agenda van de vergaderingen en het |
voorbereiden van de hierop betrekking hebbende dossiers. Het Bureau | voorbereiden van de hierop betrekking hebbende dossiers. Het Bureau |
stelt eveneens het jaarlijks activiteitenverslag op, dat krachtens | stelt eveneens het jaarlijks activiteitenverslag op, dat krachtens |
artikel 4, 8°, door de Commissie wordt goedgekeurd. | artikel 4, 8°, door de Commissie wordt goedgekeurd. |
§ 2. Het Bureau heeft daarenboven in het bijzonder tot taak : | § 2. Het Bureau heeft daarenboven in het bijzonder tot taak : |
1° ambtshalve of op verzoek van de provinciale en gemeentelijke | 1° ambtshalve of op verzoek van de provinciale en gemeentelijke |
overheden, ten behoeve van deze instanties adviezen te formuleren in | overheden, ten behoeve van deze instanties adviezen te formuleren in |
verband met de organisatie van de dringende medische hulpverlening, | verband met de organisatie van de dringende medische hulpverlening, |
ter voorbereiding van risicovolle manifestaties, na raadpleging van de | ter voorbereiding van risicovolle manifestaties, na raadpleging van de |
betrokken sectoren; | betrokken sectoren; |
2° in geval van hoogdringendheid, de adviesbevoegdheid van de | 2° in geval van hoogdringendheid, de adviesbevoegdheid van de |
Commissie uit te oefenen, bedoeld in artikel 4, 7°; in een dergelijk | Commissie uit te oefenen, bedoeld in artikel 4, 7°; in een dergelijk |
geval wordt het advies verstrekt na raadpleging van de betrokken | geval wordt het advies verstrekt na raadpleging van de betrokken |
diensten, bedoeld in artikel 3, § 1, 1° tot 7°; | diensten, bedoeld in artikel 3, § 1, 1° tot 7°; |
3° ten aanzien van de Minister een met reden omkleed advies te | 3° ten aanzien van de Minister een met reden omkleed advies te |
verstrekken aangaande de goedkeuring van het akkoord bedoeld in | verstrekken aangaande de goedkeuring van het akkoord bedoeld in |
artikel 4, 5°. | artikel 4, 5°. |
Art. 8.Het Bureau vergadert tenminste viermaal per jaar. |
Art. 8.Het Bureau vergadert tenminste viermaal per jaar. |
Een effectief lid dat weerhouden is, laat zich door zijn | Een effectief lid dat weerhouden is, laat zich door zijn |
plaatsvervanger vertegenwoordigen. | plaatsvervanger vertegenwoordigen. |
Art. 9.De Commissie beslist bij stemming door de aanwezige |
Art. 9.De Commissie beslist bij stemming door de aanwezige |
stemgerechtigde leden, waarbij elke categorie van leden, bedoeld in | stemgerechtigde leden, waarbij elke categorie van leden, bedoeld in |
artikel 3, § 1, 2° tot 7°, over een gelijk aantal stemmen beschikt. De | artikel 3, § 1, 2° tot 7°, over een gelijk aantal stemmen beschikt. De |
beslissingen worden genomen bij meerderheid van twee derden van het | beslissingen worden genomen bij meerderheid van twee derden van het |
totaal aantal stemmen. | totaal aantal stemmen. |
Het Bureau beslist bij meerderheid van de aanwezige leden, bedoeld in | Het Bureau beslist bij meerderheid van de aanwezige leden, bedoeld in |
artikel 6, § 1. | artikel 6, § 1. |
Art. 10.Het secretariaat van de Commissie en het Bureau wordt |
Art. 10.Het secretariaat van de Commissie en het Bureau wordt |
waargenomen door een verpleegkundige met een bijzondere ervaring in | waargenomen door een verpleegkundige met een bijzondere ervaring in |
spoedgevallenzorg, die voor deze functie is aangeduid door de | spoedgevallenzorg, die voor deze functie is aangeduid door de |
Directeur-generaal van het Bestuur en tenminste voor drie vierden van | Directeur-generaal van het Bestuur en tenminste voor drie vierden van |
een voltijdse betrekking ter beschikking is gesteld van het Bestuur. | een voltijdse betrekking ter beschikking is gesteld van het Bestuur. |
De secretaris woont in deze hoedanigheid de vergaderingen van de | De secretaris woont in deze hoedanigheid de vergaderingen van de |
Commissie, het Bureau en de in artikel 5, § 2, bedoelde werkgroepen | Commissie, het Bureau en de in artikel 5, § 2, bedoelde werkgroepen |
bij. | bij. |
Art. 11.De goedgekeurde verslagen van de vergaderingen van de |
Art. 11.De goedgekeurde verslagen van de vergaderingen van de |
Commissie, het Bureau en de werkgroepen bedoeld in artikel 5, §§ 2 en | Commissie, het Bureau en de werkgroepen bedoeld in artikel 5, §§ 2 en |
3, de adviezen en akkoorden, zoals bedoeld in de artikelen 4, 5, §§ 2 | 3, de adviezen en akkoorden, zoals bedoeld in de artikelen 4, 5, §§ 2 |
en 3, en 7, § 2, evenals het jaarlijks activiteitenverslag, worden | en 3, en 7, § 2, evenals het jaarlijks activiteitenverslag, worden |
overgemaakt aan de Minister via de Directeur-generaal van het Bestuur. | overgemaakt aan de Minister via de Directeur-generaal van het Bestuur. |
Art. 12.De Commissie stelt een huishoudelijk reglement op dat Ons ter |
Art. 12.De Commissie stelt een huishoudelijk reglement op dat Ons ter |
goedkeuring wordt voorgelegd. Dit huishoudelijk reglement bepaalt | goedkeuring wordt voorgelegd. Dit huishoudelijk reglement bepaalt |
inzonderheid de procedure betreffende de besluitvorming. | inzonderheid de procedure betreffende de besluitvorming. |
HOOFDSTUK V. - Slotbepalingen. | HOOFDSTUK V. - Slotbepalingen. |
Art. 13.Dit besluit treedt in werking op 1 januari 1999. |
Art. 13.Dit besluit treedt in werking op 1 januari 1999. |
Art. 14.Onze Vice-Eerste Minister en Minister van Binnenlandse Zaken, |
Art. 14.Onze Vice-Eerste Minister en Minister van Binnenlandse Zaken, |
Onze Minister van Volksgezondheid en Pensioenen en Onze | Onze Minister van Volksgezondheid en Pensioenen en Onze |
Staatssecretaris voor Veiligheid, Maatschappelijke Integratie en | Staatssecretaris voor Veiligheid, Maatschappelijke Integratie en |
Leefmilieu zijn, ieder wat hem betreft, met de uitvoering van dit | Leefmilieu zijn, ieder wat hem betreft, met de uitvoering van dit |
besluit. | besluit. |
Gegeven te Châteauneuf-de-Grasse, 10 augustus 1998. | Gegeven te Châteauneuf-de-Grasse, 10 augustus 1998. |
ALBERT | ALBERT |
Van Koningswege : | Van Koningswege : |
De Vice-Eerste Minister en Minister van Binnenlandse Zaken, | De Vice-Eerste Minister en Minister van Binnenlandse Zaken, |
L. TOBBACK | L. TOBBACK |
De Minister van Volksgezondheid en Pensioenen, | De Minister van Volksgezondheid en Pensioenen, |
M. COLLA | M. COLLA |
De Staatssecretaris voor Veiligheid, | De Staatssecretaris voor Veiligheid, |
Maatschappelijke Integratie en Leefmilieu, | Maatschappelijke Integratie en Leefmilieu, |
J. PEETERS | J. PEETERS |