Koninklijk besluit waarbij algemeen verbindend wordt verklaard de collectieve arbeidsovereenkomst van 6 juni 2011, gesloten in het Paritair Comité voor het ceramiekbedrijf, betreffende het statuut van de vakbondsafvaardigingen | Koninklijk besluit waarbij algemeen verbindend wordt verklaard de collectieve arbeidsovereenkomst van 6 juni 2011, gesloten in het Paritair Comité voor het ceramiekbedrijf, betreffende het statuut van de vakbondsafvaardigingen |
---|---|
FEDERALE OVERHEIDSDIENST WERKGELEGENHEID, ARBEID EN SOCIAAL OVERLEG | FEDERALE OVERHEIDSDIENST WERKGELEGENHEID, ARBEID EN SOCIAAL OVERLEG |
3 APRIL 2013. - Koninklijk besluit waarbij algemeen verbindend wordt | 3 APRIL 2013. - Koninklijk besluit waarbij algemeen verbindend wordt |
verklaard de collectieve arbeidsovereenkomst van 6 juni 2011, gesloten | verklaard de collectieve arbeidsovereenkomst van 6 juni 2011, gesloten |
in het Paritair Comité voor het ceramiekbedrijf, betreffende het | in het Paritair Comité voor het ceramiekbedrijf, betreffende het |
statuut van de vakbondsafvaardigingen (1) | statuut van de vakbondsafvaardigingen (1) |
ALBERT II, Koning der Belgen, | ALBERT II, Koning der Belgen, |
Aan allen die nu zijn en hierna wezen zullen, Onze Groet. | Aan allen die nu zijn en hierna wezen zullen, Onze Groet. |
Gelet op de wet van 5 december 1968 betreffende de collectieve | Gelet op de wet van 5 december 1968 betreffende de collectieve |
arbeidsovereenkomsten en de paritaire comités, inzonderheid op artikel | arbeidsovereenkomsten en de paritaire comités, inzonderheid op artikel |
28; | 28; |
Gelet op het verzoek van het Paritair Comité voor het ceramiekbedrijf; | Gelet op het verzoek van het Paritair Comité voor het ceramiekbedrijf; |
Op de voordracht van de Minister van Werk, | Op de voordracht van de Minister van Werk, |
Hebben Wij besloten en besluiten Wij : | Hebben Wij besloten en besluiten Wij : |
Artikel 1.Algemeen verbindend wordt verklaard de als bijlage |
Artikel 1.Algemeen verbindend wordt verklaard de als bijlage |
overgenomen collectieve arbeidsovereenkomst van 6 juni 2011, gesloten | overgenomen collectieve arbeidsovereenkomst van 6 juni 2011, gesloten |
in het Paritair Comité voor het ceramiekbedrijf, betreffende het | in het Paritair Comité voor het ceramiekbedrijf, betreffende het |
statuut van de vakbondsafvaardigingen. | statuut van de vakbondsafvaardigingen. |
Art. 2.De minister bevoegd voor Werk is belast met de uitvoering van |
Art. 2.De minister bevoegd voor Werk is belast met de uitvoering van |
dit besluit. | dit besluit. |
Gegeven te Châteauneuf-de-Grasse, 3 april 2013. | Gegeven te Châteauneuf-de-Grasse, 3 april 2013. |
ALBERT | ALBERT |
Van Koningswege : | Van Koningswege : |
De Minister van Werk, | De Minister van Werk, |
Mevr. M. DE CONINCK | Mevr. M. DE CONINCK |
_______ | _______ |
Nota | Nota |
(1) Verwijzing naar het Belgisch Staatsblad : | (1) Verwijzing naar het Belgisch Staatsblad : |
Wet van 5 december 1968, Belgisch Staatsblad van 15 januari 1969. | Wet van 5 december 1968, Belgisch Staatsblad van 15 januari 1969. |
Bijlage | Bijlage |
Paritair Comité voor het ceramiekbedrijf | Paritair Comité voor het ceramiekbedrijf |
Collectieve arbeidsovereenkomst van 6 juni 2011 | Collectieve arbeidsovereenkomst van 6 juni 2011 |
Statuut van de vakbondsafvaardigingen | Statuut van de vakbondsafvaardigingen |
(Overeenkomst geregistreerd op 9 augustus 2011 onder het nummer | (Overeenkomst geregistreerd op 9 augustus 2011 onder het nummer |
105206/CO/113) | 105206/CO/113) |
HOOFDSTUK I. - Draagwijdte van de overeenkomst | HOOFDSTUK I. - Draagwijdte van de overeenkomst |
Artikel 1.Deze collectieve arbeidsovereenkomst is gesloten in |
Artikel 1.Deze collectieve arbeidsovereenkomst is gesloten in |
uitvoering van de collectieve arbeidsovereenkomsten gesloten in de | uitvoering van de collectieve arbeidsovereenkomsten gesloten in de |
Nationale Arbeidsraad op 24 mei, 30 juni 1971 en 21 december 1978 | Nationale Arbeidsraad op 24 mei, 30 juni 1971 en 21 december 1978 |
betreffende het statuut van de syndicale afvaardigingen van het | betreffende het statuut van de syndicale afvaardigingen van het |
personeel der ondernemingen. | personeel der ondernemingen. |
Zij bepaalt het statuut van de vakbondsafvaardigingen van het | Zij bepaalt het statuut van de vakbondsafvaardigingen van het |
werkliedenpersoneel van de ondernemingen welke ressorteren onder het | werkliedenpersoneel van de ondernemingen welke ressorteren onder het |
Nationaal Paritair Comité voor het ceramiekbedrijf. | Nationaal Paritair Comité voor het ceramiekbedrijf. |
Zij verbindt de volgende representatieve werkgevers- en | Zij verbindt de volgende representatieve werkgevers- en |
werknemersorganisaties : | werknemersorganisaties : |
- Het Verbond der Keramische Nijverheid van België; | - Het Verbond der Keramische Nijverheid van België; |
- De Algemene Centrale (A.B.V.V.); | - De Algemene Centrale (A.B.V.V.); |
- ACV Bouw - Industrie & Energie; | - ACV Bouw - Industrie & Energie; |
- De Algemene Centrale van de Liberale Vakbonden van België. | - De Algemene Centrale van de Liberale Vakbonden van België. |
HOOFDSTUK II. - Algemene beginselen | HOOFDSTUK II. - Algemene beginselen |
Art. 2.De ondertekenende organisaties bevestigen navolgende |
Art. 2.De ondertekenende organisaties bevestigen navolgende |
beginselen : | beginselen : |
- De werknemers erkennen de noodzakelijkheid van een wettig gezag van | - De werknemers erkennen de noodzakelijkheid van een wettig gezag van |
de ondernemingshoofden en zij maken ervan een erepunt hun werk | de ondernemingshoofden en zij maken ervan een erepunt hun werk |
plichtsgetrouw uit te voeren; | plichtsgetrouw uit te voeren; |
- De werkgevers eerbiedigen de waardigheid van de werknemers en zij | - De werkgevers eerbiedigen de waardigheid van de werknemers en zij |
maken ervan een erepunt hen met rechtvaardigheid te behandelen; | maken ervan een erepunt hen met rechtvaardigheid te behandelen; |
- Zij verbinden zich ertoe hun vrijheid van vereniging en de vrije | - Zij verbinden zich ertoe hun vrijheid van vereniging en de vrije |
ontplooiing van hun organisatie in de onderneming niet direct of | ontplooiing van hun organisatie in de onderneming niet direct of |
indirect te hinderen. | indirect te hinderen. |
Art. 3.De ondertekenende werkgeversorganisatie verbindt zich ertoe |
Art. 3.De ondertekenende werkgeversorganisatie verbindt zich ertoe |
aan zijn aangeslotenen aan te bevelen op het personeel geen enkele | aan zijn aangeslotenen aan te bevelen op het personeel geen enkele |
druk uit te oefenen om hen te beletten bij een vakbond aan te sluiten | druk uit te oefenen om hen te beletten bij een vakbond aan te sluiten |
en aan de niet aangesloten werknemers geen andere voorrechten dan aan | en aan de niet aangesloten werknemers geen andere voorrechten dan aan |
de aangesloten werknemers toe te kennen. | de aangesloten werknemers toe te kennen. |
De ondertekenende werknemersorganisaties verbinden zich ertoe, onder | De ondertekenende werknemersorganisaties verbinden zich ertoe, onder |
eerbiediging van de vrijheid van vereniging, aan hun leden aan te | eerbiediging van de vrijheid van vereniging, aan hun leden aan te |
bevelen in de ondernemingen de praktijken van paritaire verhoudingen | bevelen in de ondernemingen de praktijken van paritaire verhoudingen |
die met de geest van deze collectieve arbeidsovereenkomst stroken, na | die met de geest van deze collectieve arbeidsovereenkomst stroken, na |
te leven. | te leven. |
Art. 4.De ondertekenende organisaties bevelen respectievelijk de |
Art. 4.De ondertekenende organisaties bevelen respectievelijk de |
ondernemingshoofden en de vakbondsafgevaardigden aan : | ondernemingshoofden en de vakbondsafgevaardigden aan : |
- blijk te geven van zin voor rechtvaardigheid, billijkheid en | - blijk te geven van zin voor rechtvaardigheid, billijkheid en |
verzoening die bepalend is voor de goede sociale verhoudingen in de | verzoening die bepalend is voor de goede sociale verhoudingen in de |
onderneming; | onderneming; |
- de sociale wetgeving, de collectieve arbeidsovereenkomsten en het | - de sociale wetgeving, de collectieve arbeidsovereenkomsten en het |
arbeidsreglement te doen naleven; | arbeidsreglement te doen naleven; |
- hun inspanningen te bundelen tot dit doel. | - hun inspanningen te bundelen tot dit doel. |
Art. 5.De ondertekenende werknemersorganisaties : |
Art. 5.De ondertekenende werknemersorganisaties : |
- stellen zich onderling akkoord voor het aanwijzen in de | - stellen zich onderling akkoord voor het aanwijzen in de |
ondernemingen van een gemeenschappelijke vakbondsafvaardiging, | ondernemingen van een gemeenschappelijke vakbondsafvaardiging, |
rekening houdend met het aantal leden die zij moet tellen en dat aan | rekening houdend met het aantal leden die zij moet tellen en dat aan |
elke vertegenwoordigde organisatie wegens haar ledental toekomt; | elke vertegenwoordigde organisatie wegens haar ledental toekomt; |
- wanneer zij dit akkoord niet bereiken, gaan zij over tot | - wanneer zij dit akkoord niet bereiken, gaan zij over tot |
verkiezingen overeenkomstig de verkiezingsprocedure voorzien voor de | verkiezingen overeenkomstig de verkiezingsprocedure voorzien voor de |
ondernemingsraden en de comités voor preventie en bescherming op het | ondernemingsraden en de comités voor preventie en bescherming op het |
werk; | werk; |
- zorgen er voor dat de aangeduide afgevaardigden of de voor | - zorgen er voor dat de aangeduide afgevaardigden of de voor |
verkiezing voorgedragen kandidaten, zouden gekozen zijn voor het gezag | verkiezing voorgedragen kandidaten, zouden gekozen zijn voor het gezag |
waarover zij in uitvoering van hun functies moeten beschikken, evenals | waarover zij in uitvoering van hun functies moeten beschikken, evenals |
voor hun bevoegdheid. | voor hun bevoegdheid. |
HOOFDSTUK III. - Vertegenwoordiging van de vakbondsafvaardiging | HOOFDSTUK III. - Vertegenwoordiging van de vakbondsafvaardiging |
Art. 6.De werkgevers erkennen dat, onverminderd de mededelingen langs |
Art. 6.De werkgevers erkennen dat, onverminderd de mededelingen langs |
normale hiërarchische weg, het werkliedenpersoneel, voor wat betreft | normale hiërarchische weg, het werkliedenpersoneel, voor wat betreft |
de problemen welke tot de hierna bepaalde bevoegdheid behoren, bij hen | de problemen welke tot de hierna bepaalde bevoegdheid behoren, bij hen |
vertegenwoordigd is door een vakbondsafvaardiging waarvan de leden, | vertegenwoordigd is door een vakbondsafvaardiging waarvan de leden, |
voorgedragen door 1 of meerdere werkliedenorganisaties die de | voorgedragen door 1 of meerdere werkliedenorganisaties die de |
nationale overeenkomsten van 24 mei, 30 juni 1971 en 21 december 1978 | nationale overeenkomsten van 24 mei, 30 juni 1971 en 21 december 1978 |
hebben ondertekend, aangeduid of gekozen zijn onder de werklieden en | hebben ondertekend, aangeduid of gekozen zijn onder de werklieden en |
werksters van de onderneming. | werksters van de onderneming. |
HOOFDSTUK IV. - Bevoegdheid van de vakbondsafvaardiging | HOOFDSTUK IV. - Bevoegdheid van de vakbondsafvaardiging |
Art. 7.De bevoegdheid van de vakbondsafvaardiging behelst onder meer |
Art. 7.De bevoegdheid van de vakbondsafvaardiging behelst onder meer |
: | : |
- de arbeidsverhoudingen; | - de arbeidsverhoudingen; |
- de onderhandelingen met het oog op het sluiten van collectieve | - de onderhandelingen met het oog op het sluiten van collectieve |
arbeidsovereenkomsten of akkoorden in de schoot van de onderneming | arbeidsovereenkomsten of akkoorden in de schoot van de onderneming |
zonder afbreuk te doen aan de collectieve arbeidsovereenkomsten of | zonder afbreuk te doen aan de collectieve arbeidsovereenkomsten of |
akkoorden gesloten op andere vlakken; | akkoorden gesloten op andere vlakken; |
- de toepassing, in de onderneming, van de sociale wetgeving van de | - de toepassing, in de onderneming, van de sociale wetgeving van de |
collectieve arbeidsovereenkomsten, het arbeidsreglement en van de | collectieve arbeidsovereenkomsten, het arbeidsreglement en van de |
individuele arbeidsovereenkomsten; | individuele arbeidsovereenkomsten; |
- de naleving van de algemene beginselen bepaald in de artikelen 2 tot | - de naleving van de algemene beginselen bepaald in de artikelen 2 tot |
5 van de overeenkomst van 24 mei 1971 van de Nationale Arbeidsraad en | 5 van de overeenkomst van 24 mei 1971 van de Nationale Arbeidsraad en |
van dezelfde artikelen van deze overeenkomst; | van dezelfde artikelen van deze overeenkomst; |
- arbeidsritmen en tempo's. | - arbeidsritmen en tempo's. |
Art. 8.De vakbondsafvaardiging heeft het recht door het |
Art. 8.De vakbondsafvaardiging heeft het recht door het |
ondernemingshoofd of door zijn vertegenwoordiger te worden ontvangen | ondernemingshoofd of door zijn vertegenwoordiger te worden ontvangen |
naar aanleiding van elk geschil of betwisting van collectieve aard die | naar aanleiding van elk geschil of betwisting van collectieve aard die |
zich in de onderneming voordoet; zij heeft hetzelfde recht, wanneer | zich in de onderneming voordoet; zij heeft hetzelfde recht, wanneer |
dergelijke geschillen of betwistingen dreigen te ontstaan. | dergelijke geschillen of betwistingen dreigen te ontstaan. |
De uren besteed aan het onderhoud van de vakbondsafgevaardigden met | De uren besteed aan het onderhoud van de vakbondsafgevaardigden met |
het ondernemingshoofd worden betaald als gewone arbeidsuren zelfs | het ondernemingshoofd worden betaald als gewone arbeidsuren zelfs |
indien het onderhoud uitzonderlijk zou plaatsvinden buiten de normale | indien het onderhoud uitzonderlijk zou plaatsvinden buiten de normale |
arbeidsuren. | arbeidsuren. |
Art. 9.Elke persoonlijke klacht wordt langs de gewone hiërarchische |
Art. 9.Elke persoonlijke klacht wordt langs de gewone hiërarchische |
weg door de betrokken werknemer voorgelegd, op zijn verzoek bijgestaan | weg door de betrokken werknemer voorgelegd, op zijn verzoek bijgestaan |
door zijn vakbondsafgevaardigde. De vakbondsafvaardiging heeft het | door zijn vakbondsafgevaardigde. De vakbondsafvaardiging heeft het |
recht te worden ontvangen naar aanleiding van elk persoonlijk geschil | recht te worden ontvangen naar aanleiding van elk persoonlijk geschil |
of betwisting die niet kan opgelost worden langs deze weg. | of betwisting die niet kan opgelost worden langs deze weg. |
Art. 10.Teneinde de in voorgaande artikelen 8 en 9 bedoelde |
Art. 10.Teneinde de in voorgaande artikelen 8 en 9 bedoelde |
geschillen of betwistingen te voorkomen, moet de vakbondsafvaardiging | geschillen of betwistingen te voorkomen, moet de vakbondsafvaardiging |
voorafgaandelijk door de werkgever worden ingelicht over de | voorafgaandelijk door de werkgever worden ingelicht over de |
veranderingen die de contractuele of gebruikelijke arbeids- en | veranderingen die de contractuele of gebruikelijke arbeids- en |
beloningsvoorwaarden kunnen wijzigen, met uitzondering van | beloningsvoorwaarden kunnen wijzigen, met uitzondering van |
inlichtingen van individuele aard. | inlichtingen van individuele aard. |
Zij wordt inzonderheid ingelicht over de wijzigingen welke | Zij wordt inzonderheid ingelicht over de wijzigingen welke |
voortvloeien uit de wet, de collectieve overeenkomsten of de | voortvloeien uit de wet, de collectieve overeenkomsten of de |
bepalingen van algemene aard die in de individuele | bepalingen van algemene aard die in de individuele |
arbeidsovereenkomsten zijn opgenomen, voornamelijk de bepalingen die | arbeidsovereenkomsten zijn opgenomen, voornamelijk de bepalingen die |
een weerslag hebben op de loonschalen en de regelen van | een weerslag hebben op de loonschalen en de regelen van |
beroepsclassificatie. | beroepsclassificatie. |
Art. 11.ij ontstentenis van een ondernemingsraad, oefent de |
Art. 11.ij ontstentenis van een ondernemingsraad, oefent de |
vakbondsafvaardiging de taken, rechten en opdrachten uit die aan deze | vakbondsafvaardiging de taken, rechten en opdrachten uit die aan deze |
raad zijn toegekend in hoofdstuk II, afdeling 1, artikelen 4, 5, 6, 7 | raad zijn toegekend in hoofdstuk II, afdeling 1, artikelen 4, 5, 6, 7 |
en 11 van de collectieve arbeidsovereenkomst gesloten op 9 maart 1972 | en 11 van de collectieve arbeidsovereenkomst gesloten op 9 maart 1972 |
in de Nationale Arbeidsraad gesloten nationale akkoorden en | in de Nationale Arbeidsraad gesloten nationale akkoorden en |
collectieve arbeidsovereenkomsten betreffende de ondernemingsraden. | collectieve arbeidsovereenkomsten betreffende de ondernemingsraden. |
HOOFDSTUK V. - Voorwaarden waaronder het mandaat van | HOOFDSTUK V. - Voorwaarden waaronder het mandaat van |
vakbondsafgevaardigde wordt uitgeoefend | vakbondsafgevaardigde wordt uitgeoefend |
Art. 12.§ 1. De leden van de vakbondsafvaardiging, zowel effectieve |
Art. 12.§ 1. De leden van de vakbondsafvaardiging, zowel effectieve |
als plaatsvervangende, beschikken over de nodige tijd en faciliteiten, | als plaatsvervangende, beschikken over de nodige tijd en faciliteiten, |
bezoldigd als arbeidstijd, om de in deze overeenkomst omschreven | bezoldigd als arbeidstijd, om de in deze overeenkomst omschreven |
syndicale opdrachten en activiteiten collectief of individueel uit te | syndicale opdrachten en activiteiten collectief of individueel uit te |
oefenen. | oefenen. |
In het vooruitzicht van het gebruik van deze tijd en faciliteiten, | In het vooruitzicht van het gebruik van deze tijd en faciliteiten, |
lichten de leden van de vakbondsafvaardiging de werkgever | lichten de leden van de vakbondsafvaardiging de werkgever |
voorafgaandelijk in en waken er over, in gemeen overleg met hem, dat | voorafgaandelijk in en waken er over, in gemeen overleg met hem, dat |
dit gebruik de goede werking van de diensten van de onderneming niet | dit gebruik de goede werking van de diensten van de onderneming niet |
stoort. | stoort. |
§ 2. De werkgever staat aan de vakbondsafvaardiging het bestendig of | § 2. De werkgever staat aan de vakbondsafvaardiging het bestendig of |
tijdelijk gebruik toe van een lokaal teneinde haar toe te laten haar | tijdelijk gebruik toe van een lokaal teneinde haar toe te laten haar |
opdracht naar behoren te vervullen. | opdracht naar behoren te vervullen. |
§ 3. In de ondernemingen met meerdere exploitatiezetels welke tot | § 3. In de ondernemingen met meerdere exploitatiezetels welke tot |
eenzelfde bedrijfstak behoren en in geval de werkgever de | eenzelfde bedrijfstak behoren en in geval de werkgever de |
noodzakelijkheid erkent een coördinatie te verzekeren tussen | noodzakelijkheid erkent een coördinatie te verzekeren tussen |
vakbondsafvaardigingen van de verschillende zetels voor de bespreking | vakbondsafvaardigingen van de verschillende zetels voor de bespreking |
van professionele problemen van gemeen belang, kan een | van professionele problemen van gemeen belang, kan een |
gemeenschappelijke vergadering van de vakbondsafgevaardigden van de | gemeenschappelijke vergadering van de vakbondsafgevaardigden van de |
verscheidene zetels gehouden worden in akkoord met de werkgever. Deze | verscheidene zetels gehouden worden in akkoord met de werkgever. Deze |
mag dit akkoord niet willekeurig weigeren. | mag dit akkoord niet willekeurig weigeren. |
HOOFDSTUK VI. - Oprichting en samenstelling van de | HOOFDSTUK VI. - Oprichting en samenstelling van de |
vakbondsafvaardiging | vakbondsafvaardiging |
Art. 13.Op verzoek van één of meerdere werknemersorganisaties welke |
Art. 13.Op verzoek van één of meerdere werknemersorganisaties welke |
deze overeenkomst hebben ondertekend wordt een vakbondsafvaardiging | deze overeenkomst hebben ondertekend wordt een vakbondsafvaardiging |
opgericht in de exploitatiezetels die tenminste 40 werklieden of | opgericht in de exploitatiezetels die tenminste 40 werklieden of |
werksters tewerkstellen. | werksters tewerkstellen. |
De organisatie die ter zake het initiatief neemt verwittigt de andere | De organisatie die ter zake het initiatief neemt verwittigt de andere |
ondertekenende organisaties ervan. | ondertekenende organisaties ervan. |
De vakbondsafvaardiging is samengesteld uit : | De vakbondsafvaardiging is samengesteld uit : |
- 3 effectieve afgevaardigden en 3 plaatsvervangende afgevaardigden | - 3 effectieve afgevaardigden en 3 plaatsvervangende afgevaardigden |
voor 40 tot 99 tewerkgestelde werklieden(sters); | voor 40 tot 99 tewerkgestelde werklieden(sters); |
- 4 effectieve afgevaardigden en 4 plaatsvervangende afgevaaardigden | - 4 effectieve afgevaardigden en 4 plaatsvervangende afgevaaardigden |
voor 100 tot 249 tewerkgestelde werklieden(sters); | voor 100 tot 249 tewerkgestelde werklieden(sters); |
- 5 effectieve afgevaardigden en 5 plaatsvervangende afgevaardigden | - 5 effectieve afgevaardigden en 5 plaatsvervangende afgevaardigden |
voor 250 tot 499 tewerkgestelde werklieden(sters); | voor 250 tot 499 tewerkgestelde werklieden(sters); |
- 6 effectieve afgevaardigden en 6 plaatsvervangende afgevaardigden | - 6 effectieve afgevaardigden en 6 plaatsvervangende afgevaardigden |
voor 500 tot 999 tewerkgestelde werklieden(sters); | voor 500 tot 999 tewerkgestelde werklieden(sters); |
- 7 effectieve afgevaardigden en 7 plaatsvervangende afgevaardigden | - 7 effectieve afgevaardigden en 7 plaatsvervangende afgevaardigden |
voor 1 000 tot 1 499 tewerkgestelde werklieden(sters). | voor 1 000 tot 1 499 tewerkgestelde werklieden(sters). |
Door het aantal werklieden(sters) dient men te verstaan, het | Door het aantal werklieden(sters) dient men te verstaan, het |
gemiddelde aantal werklieden(sters) van de 4 laatste kwartalen welke | gemiddelde aantal werklieden(sters) van de 4 laatste kwartalen welke |
de instelling of de herinstelling van de vakbondsafvaardiging | de instelling of de herinstelling van de vakbondsafvaardiging |
voorafgaat. | voorafgaat. |
Mits het akkoord van de werkgever wordt een vakbondsafvaardiging | Mits het akkoord van de werkgever wordt een vakbondsafvaardiging |
opgericht in de exploitatiezetels waar 25 tot 39 werklieden of | opgericht in de exploitatiezetels waar 25 tot 39 werklieden of |
werksters zijn tewerkgesteld. | werksters zijn tewerkgesteld. |
Zij is samengesteld uit 2 effectieve afgevaardigden en 2 | Zij is samengesteld uit 2 effectieve afgevaardigden en 2 |
plaatsvervangende afgevaardigden. | plaatsvervangende afgevaardigden. |
Art. 14.Om de functies van effectieve of plaatsvervangende |
Art. 14.Om de functies van effectieve of plaatsvervangende |
afgevaardigde te kunnen uitoefenen, dienen de belanghebbenden, zonder | afgevaardigde te kunnen uitoefenen, dienen de belanghebbenden, zonder |
onderscheid van geslacht, aan de volgende voorwaarden te voldoen op | onderscheid van geslacht, aan de volgende voorwaarden te voldoen op |
het ogenblik van hun aanduiding of hun verkiezing : | het ogenblik van hun aanduiding of hun verkiezing : |
1. tenminste de leeftijd van 21 jaar hebben bereikt; | 1. tenminste de leeftijd van 21 jaar hebben bereikt; |
2. tenminste gedurende 12 maanden in de onderneming tewerkgesteld | 2. tenminste gedurende 12 maanden in de onderneming tewerkgesteld |
zijn, of indien het een nieuwe onderneming betreft, sinds haar | zijn, of indien het een nieuwe onderneming betreft, sinds haar |
oprichting; | oprichting; |
3. de pensioenleeftijd niet bereikt hebben; | 3. de pensioenleeftijd niet bereikt hebben; |
4. de onderhorigen van een land dat geen lid is van de Europese | 4. de onderhorigen van een land dat geen lid is van de Europese |
Economische Gemeenschap dienen in België tewerkgesteld te zijn | Economische Gemeenschap dienen in België tewerkgesteld te zijn |
overeenkomstig de wetgeving betreffende de tewerkstelling van vreemde | overeenkomstig de wetgeving betreffende de tewerkstelling van vreemde |
werknemers. | werknemers. |
Art. 15.In de ondernemingen waar meer dan 50 jonge werklieden of |
Art. 15.In de ondernemingen waar meer dan 50 jonge werklieden of |
werksters zijn tewerkgesteld, kan aan de vakbondsafvaardiging een | werksters zijn tewerkgesteld, kan aan de vakbondsafvaardiging een |
afgevaardigde toegevoegd worden voor de problemen die de minderjarigen | afgevaardigde toegevoegd worden voor de problemen die de minderjarigen |
aanbelangen. | aanbelangen. |
In afwijking van de bepalingen van artikel 14, moet deze afgevaardigde | In afwijking van de bepalingen van artikel 14, moet deze afgevaardigde |
18 jaar zijn, niet ouder dan 25 jaar en tenminste zes maanden in de | 18 jaar zijn, niet ouder dan 25 jaar en tenminste zes maanden in de |
onderneming tewerkgesteld zijn. | onderneming tewerkgesteld zijn. |
HOOFDSTUK VII. - Statuut van de leden van de vakbondsafvaardiging | HOOFDSTUK VII. - Statuut van de leden van de vakbondsafvaardiging |
Art. 16.§ 1. De vakbondsafvaardiging wordt benoemd voor een termijn |
Art. 16.§ 1. De vakbondsafvaardiging wordt benoemd voor een termijn |
van 4 jaar. De mandaten zijn hernieuwbaar. | van 4 jaar. De mandaten zijn hernieuwbaar. |
§ 2. Het mandaat van een effectief of plaatsvervangend afgevaardigde | § 2. Het mandaat van een effectief of plaatsvervangend afgevaardigde |
eindigt : | eindigt : |
a) op verzoek van de organisatie die zijn kandidatuur heeft | a) op verzoek van de organisatie die zijn kandidatuur heeft |
voorgedragen; | voorgedragen; |
b) bij het einde van de normale tijd van het mandaat; | b) bij het einde van de normale tijd van het mandaat; |
c) wanneer de afgevaardigde niet meer behoort tot het personeel van de | c) wanneer de afgevaardigde niet meer behoort tot het personeel van de |
onderneming. | onderneming. |
§ 3. Wanneer het mandaat van een vakbondsafgevaardigde een einde neemt | § 3. Wanneer het mandaat van een vakbondsafgevaardigde een einde neemt |
in de loop van zijn uitvoering voor om het even welke reden ook, en | in de loop van zijn uitvoering voor om het even welke reden ook, en |
bij ontstentenis van een plaatsvervangende afgevaardigde, heeft de | bij ontstentenis van een plaatsvervangende afgevaardigde, heeft de |
werknemersorganisatie waartoe deze vakbondsafgevaardigde behoort, het | werknemersorganisatie waartoe deze vakbondsafgevaardigde behoort, het |
recht de persoon aan te duiden die het mandaat zal voleindigen. | recht de persoon aan te duiden die het mandaat zal voleindigen. |
§ 4. Een plaatsvervangende afgevaardigde vervangt een effectieve | § 4. Een plaatsvervangende afgevaardigde vervangt een effectieve |
afgevaardigde wanneer deze voor om het even welke reden ook afwezig | afgevaardigde wanneer deze voor om het even welke reden ook afwezig |
is. | is. |
Art. 17.De syndicale afvaardiging duidt in zijn schoot een |
Art. 17.De syndicale afvaardiging duidt in zijn schoot een |
woordvoerder aan. | woordvoerder aan. |
Art. 18.Het mandaat van vakbondsafgevaardigde mag geen aanleiding |
Art. 18.Het mandaat van vakbondsafgevaardigde mag geen aanleiding |
geven tot enig nadeel of speciale voordelen voor diegene die het | geven tot enig nadeel of speciale voordelen voor diegene die het |
uitoefent. Dit betekent dat de afgevaardigden recht hebben op de | uitoefent. Dit betekent dat de afgevaardigden recht hebben op de |
normale promoties en bevorderingen van de categorie werknemers waartoe | normale promoties en bevorderingen van de categorie werknemers waartoe |
zij behoren. | zij behoren. |
Art. 19.De effectieve of plaatsvervangende leden van de |
Art. 19.De effectieve of plaatsvervangende leden van de |
vakbondsafvaardiging mogen niet worden afgedankt om redenen die eigen | vakbondsafvaardiging mogen niet worden afgedankt om redenen die eigen |
zijn aan de uitoefening van hun mandaat. | zijn aan de uitoefening van hun mandaat. |
De werkgever die voornemens is een vakbondsafgevaardigde, om gelijk | De werkgever die voornemens is een vakbondsafgevaardigde, om gelijk |
welke reden, met uitzondering van dringende reden, af te danken, | welke reden, met uitzondering van dringende reden, af te danken, |
verwittigt voorafgaandelijk de vakbondsafvaardiging evenals de | verwittigt voorafgaandelijk de vakbondsafvaardiging evenals de |
syndicale organisatie die de kandidatuur van deze afgevaardigde heeft | syndicale organisatie die de kandidatuur van deze afgevaardigde heeft |
voorgedragen. Deze verwittiging gebeurt bij aangetekende brief die | voorgedragen. Deze verwittiging gebeurt bij aangetekende brief die |
uitwerking heeft op de derde dag volgend op de datum van de | uitwerking heeft op de derde dag volgend op de datum van de |
verzending. | verzending. |
De betrokken syndicale organisatie beschikt over een termijn van zeven | De betrokken syndicale organisatie beschikt over een termijn van zeven |
dagen om mee te delen dat zij de geldigheid van de voorgenomen | dagen om mee te delen dat zij de geldigheid van de voorgenomen |
afdanking weigert te aanvaarden. | afdanking weigert te aanvaarden. |
Deze mededeling gebeurt bij aangetekende brief, de periode van zeven | Deze mededeling gebeurt bij aangetekende brief, de periode van zeven |
dagen neemt een aanvang op de dag waarop de door de werkgever | dagen neemt een aanvang op de dag waarop de door de werkgever |
toegezonden brief uitwerking heeft. | toegezonden brief uitwerking heeft. |
Het uitblijven van reactie van de syndicale organisatie moet beschouwd | Het uitblijven van reactie van de syndicale organisatie moet beschouwd |
worden als een aanvaarding van de geldigheid van de voorgenomen | worden als een aanvaarding van de geldigheid van de voorgenomen |
afdanking. | afdanking. |
Indien de syndicale organisatie weigert de geldigheid van de | Indien de syndicale organisatie weigert de geldigheid van de |
voorgenomen afdanking te aanvaarden, heeft de meest gerede partij de | voorgenomen afdanking te aanvaarden, heeft de meest gerede partij de |
mogelijkheid het geval aan het oordeel van het verzoeningsbureau van | mogelijkheid het geval aan het oordeel van het verzoeningsbureau van |
het paritair comité voor te leggen; de maatregel tot afdanking mag | het paritair comité voor te leggen; de maatregel tot afdanking mag |
niet worden uitgevoerd tijdens de duur van deze procedure. | niet worden uitgevoerd tijdens de duur van deze procedure. |
Indien het verzoeningsbureau tot geen éénparige beslissing is kunnen | Indien het verzoeningsbureau tot geen éénparige beslissing is kunnen |
komen binnen de dertig dagen van de aanvraag tot tussenkomst, zal het | komen binnen de dertig dagen van de aanvraag tot tussenkomst, zal het |
geschil betreffende de geldigheid van de redenen die door de werkgever | geschil betreffende de geldigheid van de redenen die door de werkgever |
worden ingeroepen om de afdanking te verantwoorden, aan de | worden ingeroepen om de afdanking te verantwoorden, aan de |
arbeidsrechtbank worden voorgelegd. | arbeidsrechtbank worden voorgelegd. |
In geval van afdanking van een vakbondsafgevaardigde wegens zware | In geval van afdanking van een vakbondsafgevaardigde wegens zware |
fout, moet de vakbondsafvaardiging alsmede de syndicale organisatie | fout, moet de vakbondsafvaardiging alsmede de syndicale organisatie |
die de kandidatuur van deze afgevaardigde heeft voorgedragen, daarvan | die de kandidatuur van deze afgevaardigde heeft voorgedragen, daarvan |
onmiddellijk worden op de hoogte gebracht. | onmiddellijk worden op de hoogte gebracht. |
Art. 20.Een forfaitaire vergoeding is door de werkgever verschuldigd |
Art. 20.Een forfaitaire vergoeding is door de werkgever verschuldigd |
in navolgende gevallen : | in navolgende gevallen : |
1. Indien hij een effectieve of plaatsvervangende | 1. Indien hij een effectieve of plaatsvervangende |
vakbondsafgevaardigde afdankt zonder de in voornoemd artikel 19 | vakbondsafgevaardigde afdankt zonder de in voornoemd artikel 19 |
bepaalde procedure na te leven; | bepaalde procedure na te leven; |
2. Indien, op het einde van deze procedure, de geldigheid van de | 2. Indien, op het einde van deze procedure, de geldigheid van de |
redenen van afdanking, rekening houdend met de bepaling van artikel19, | redenen van afdanking, rekening houdend met de bepaling van artikel19, |
1e lid, voor het verzoeningsbureau of door de arbeidsrechtbank niet | 1e lid, voor het verzoeningsbureau of door de arbeidsrechtbank niet |
wordt erkend | wordt erkend |
3. Indien, een werkgever een afgevaardigde heeft ontslagen wegens | 3. Indien, een werkgever een afgevaardigde heeft ontslagen wegens |
dringende reden en de arbeidsrechtbank het ontslag ongegrond heeft | dringende reden en de arbeidsrechtbank het ontslag ongegrond heeft |
verklaard; | verklaard; |
4. Indien de arbeidsovereenkomst werd beëindigd wegens zware fout van | 4. Indien de arbeidsovereenkomst werd beëindigd wegens zware fout van |
de werkgever die voor de afgevaardigde een reden is tot onmiddellijke | de werkgever die voor de afgevaardigde een reden is tot onmiddellijke |
beëindiging van de overeenkomst. | beëindiging van de overeenkomst. |
De forfaitaire vergoeding is gelijk aan de brutobezoldiging van een | De forfaitaire vergoeding is gelijk aan de brutobezoldiging van een |
jaar, onverminderd de toepassing van de bepalingen van de wet van 3 | jaar, onverminderd de toepassing van de bepalingen van de wet van 3 |
juli 1978 op de arbeidsovereenkomsten. | juli 1978 op de arbeidsovereenkomsten. |
Deze vergoeding is niet verschuldigd, wanneer de vakbondsafgevaardigde | Deze vergoeding is niet verschuldigd, wanneer de vakbondsafgevaardigde |
de vergoeding bepaald in de Wet van 19 maart 1991 houdende bijzondere | de vergoeding bepaald in de Wet van 19 maart 1991 houdende bijzondere |
ontslagregeling voor de personeelsafgevaardigden in de | ontslagregeling voor de personeelsafgevaardigden in de |
ondernemingsraden en in de comités voor veiligheid, gezondheid en | ondernemingsraden en in de comités voor veiligheid, gezondheid en |
verfraaiing van de werkplaatsen alsmede voor de | verfraaiing van de werkplaatsen alsmede voor de |
kandidaat-personeelsafgevaardigden ontvangt. | kandidaat-personeelsafgevaardigden ontvangt. |
HOOFDSTUK VIII. - Informatie en consultatie van het personeel | HOOFDSTUK VIII. - Informatie en consultatie van het personeel |
Art. 21.De vakbondsafvaardiging kan mondeling of schriftelijk |
Art. 21.De vakbondsafvaardiging kan mondeling of schriftelijk |
overgaan tot alle mededelingen welke nuttig zijn voor het personeel | overgaan tot alle mededelingen welke nuttig zijn voor het personeel |
zonder dat zulks de organisatie van het werk mag storen. | zonder dat zulks de organisatie van het werk mag storen. |
Deze mededelingen moeten van professionele of van syndicale aard zijn. | Deze mededelingen moeten van professionele of van syndicale aard zijn. |
Op de arbeidsplaats en gedurende de werkuren kunnen met de instemming | Op de arbeidsplaats en gedurende de werkuren kunnen met de instemming |
van de werkgever, voorlichtingsvergaderingen voor het personeel van de | van de werkgever, voorlichtingsvergaderingen voor het personeel van de |
onderneming worden belegd door vakbondsafvaardiging, bijgestaan, zo | onderneming worden belegd door vakbondsafvaardiging, bijgestaan, zo |
zij het wenst, door de syndicale vrijgestelden. De werkgever kan niet | zij het wenst, door de syndicale vrijgestelden. De werkgever kan niet |
willekeurig zijn instemming weigeren. | willekeurig zijn instemming weigeren. |
De uitvoeringsmodaliteiten van de voorgaande bepalingen worden | De uitvoeringsmodaliteiten van de voorgaande bepalingen worden |
vastgelegd op het niveau van elke onderneming in gemeenschappelijk | vastgelegd op het niveau van elke onderneming in gemeenschappelijk |
akkoord tussen de werkgever en de vakbondsafvaardiging. | akkoord tussen de werkgever en de vakbondsafvaardiging. |
HOOFDSTUK IX. - Tussenkomst van de vrijgestelden van de werknemers- en | HOOFDSTUK IX. - Tussenkomst van de vrijgestelden van de werknemers- en |
werkgeversorganisaties | werkgeversorganisaties |
Art. 22.In geval van noodzaak, erkend door de vakbondsafvaardiging of |
Art. 22.In geval van noodzaak, erkend door de vakbondsafvaardiging of |
door het ondernemingshoofd, kunnen de partijen na de andere partij | door het ondernemingshoofd, kunnen de partijen na de andere partij |
vooraf te hebben verwittigd, beroep doen op de vrijgestelden van hun | vooraf te hebben verwittigd, beroep doen op de vrijgestelden van hun |
respectieve organisaties. Het lokaal dat ter beschikking staat van de | respectieve organisaties. Het lokaal dat ter beschikking staat van de |
vakbondsafvaardiging is in dit geval toegankelijk voor deze | vakbondsafvaardiging is in dit geval toegankelijk voor deze |
vrijgestelden. | vrijgestelden. |
In geval van blijvend meningsverschil kunnen de partijen eveneens een | In geval van blijvend meningsverschil kunnen de partijen eveneens een |
dringend verhaal indienen bij het verzoeningsbureau van het paritair | dringend verhaal indienen bij het verzoeningsbureau van het paritair |
comité. | comité. |
Art. 23.De ondertekenende partijen verbinden er zich toe : |
Art. 23.De ondertekenende partijen verbinden er zich toe : |
a) alles in het werk te stellen om elk geschil tussen de werkgever en | a) alles in het werk te stellen om elk geschil tussen de werkgever en |
de vakbondsafvaardiging bij te leggen; | de vakbondsafvaardiging bij te leggen; |
b) niet tot staking of lock-out over te gaan zonder voorafgaandelijk | b) niet tot staking of lock-out over te gaan zonder voorafgaandelijk |
beroep te hebben gedaan op de verzoeningsmogelijkheden voorzien bij | beroep te hebben gedaan op de verzoeningsmogelijkheden voorzien bij |
deze overeenkomst; | deze overeenkomst; |
c) na uitputting van al deze verzoeningsprocedures zonder tot een | c) na uitputting van al deze verzoeningsprocedures zonder tot een |
akkoord te komen, de staking of de lock-out te doen uitbreken dan na | akkoord te komen, de staking of de lock-out te doen uitbreken dan na |
eerbiediging van een opzeggingstermijn van 7 dagen; | eerbiediging van een opzeggingstermijn van 7 dagen; |
d) in geval van staking of lock-out de bepalingen te doen naleven van | d) in geval van staking of lock-out de bepalingen te doen naleven van |
het koninklijk besluit van 9 mei 1951, waarbij de beslissing van 19 | het koninklijk besluit van 9 mei 1951, waarbij de beslissing van 19 |
april 1951 van het Nationaal Paritair Comité voor het ceramiekbedrijf, | april 1951 van het Nationaal Paritair Comité voor het ceramiekbedrijf, |
genomen in uitvoering van de wet van 19 augustus 1948 betreffende de | genomen in uitvoering van de wet van 19 augustus 1948 betreffende de |
prestaties van algemeen belang in vredestijd, bindend wordt gemaakt. | prestaties van algemeen belang in vredestijd, bindend wordt gemaakt. |
De kwesties die aan de basis liggen van een geschil, met uitzondering | De kwesties die aan de basis liggen van een geschil, met uitzondering |
van doorzending wegens dringende redenen, worden niet uitgevoerd vóór | van doorzending wegens dringende redenen, worden niet uitgevoerd vóór |
het beëindigen van de verzoeningsprocedure. | het beëindigen van de verzoeningsprocedure. |
Gedurende heel deze procedure zijn alle werklieden en werksters ertoe | Gedurende heel deze procedure zijn alle werklieden en werksters ertoe |
gehouden aan het werk te blijven. | gehouden aan het werk te blijven. |
HOOFDSTUK X. - Geldigheidsduur en opzegging van de overeenkomst | HOOFDSTUK X. - Geldigheidsduur en opzegging van de overeenkomst |
Art. 24.Deze collectieve arbeidsovereenkomst wordt gesloten voor een |
Art. 24.Deze collectieve arbeidsovereenkomst wordt gesloten voor een |
onbepaalde duur. | onbepaalde duur. |
Zij treedt in werking op 6 juni 2011. | Zij treedt in werking op 6 juni 2011. |
Zij kan herzien worden in gemeenschappelijk akkoord tussen de | Zij kan herzien worden in gemeenschappelijk akkoord tussen de |
partijen. | partijen. |
Zij kan eveneens opgezegd worden door de ene of de andere partij, mits | Zij kan eveneens opgezegd worden door de ene of de andere partij, mits |
een opzegging van zes maanden. | een opzegging van zes maanden. |
Deze opzegging moet per aangetekende brief worden gericht aan de | Deze opzegging moet per aangetekende brief worden gericht aan de |
voorzitter van het Paritair comité voor het ceramiekbedrijf. | voorzitter van het Paritair comité voor het ceramiekbedrijf. |
De organisatie die daartoe het initiatief neemt, moet de redenen van | De organisatie die daartoe het initiatief neemt, moet de redenen van |
haar opzegging bekendmaken en gelijktijdig amendementvoorstellen | haar opzegging bekendmaken en gelijktijdig amendementvoorstellen |
indienen, waarover de ondertekenende partijen de verbintenis aangaan | indienen, waarover de ondertekenende partijen de verbintenis aangaan |
deze binnen de termijn van één maand na ontvangst in het Nationaal | deze binnen de termijn van één maand na ontvangst in het Nationaal |
Paritair Comité voor het ceramiekbedrijf te bespreken. | Paritair Comité voor het ceramiekbedrijf te bespreken. |
De verzoeningsprocedure voorzien bij de artikelen 22 en 23 strekt zich | De verzoeningsprocedure voorzien bij de artikelen 22 en 23 strekt zich |
uit over de duur van deze collectieve arbeidsovereenkomst, de periode | uit over de duur van deze collectieve arbeidsovereenkomst, de periode |
van opzegging inbegrepen. | van opzegging inbegrepen. |
HOOFDSTUK XI. - Slotbepalingen | HOOFDSTUK XI. - Slotbepalingen |
Art. 25.Deze collectieve arbeidsovereenkomst vervangt de collectieve |
Art. 25.Deze collectieve arbeidsovereenkomst vervangt de collectieve |
arbeidsovereenkomst van 21 juni 1972 (koninklijk besluit van 3 | arbeidsovereenkomst van 21 juni 1972 (koninklijk besluit van 3 |
november 1972 - Belgisch Staatsblad van 17 januari 1973) die hetzelfde | november 1972 - Belgisch Staatsblad van 17 januari 1973) die hetzelfde |
onderwerp hebben. | onderwerp hebben. |
Gezien om te worden gevoegd bij het koninklijk besluit van 3 april | Gezien om te worden gevoegd bij het koninklijk besluit van 3 april |
2013. | 2013. |
De Minister van Werk, | De Minister van Werk, |
Mevr. M. DE CONINCK | Mevr. M. DE CONINCK |