← Terug naar "Koninklijk besluit tot wijziging van de bijlage bij de wet van 5 juli 1994 betreffende bloed en bloedderivaten van menselijke oorsprong "
Koninklijk besluit tot wijziging van de bijlage bij de wet van 5 juli 1994 betreffende bloed en bloedderivaten van menselijke oorsprong | Koninklijk besluit tot wijziging van de bijlage bij de wet van 5 juli 1994 betreffende bloed en bloedderivaten van menselijke oorsprong |
---|---|
FEDERAAL AGENTSCHAP VOOR GENEESMIDDELEN EN GEZONDHEIDSPRODUCTEN | FEDERAAL AGENTSCHAP VOOR GENEESMIDDELEN EN GEZONDHEIDSPRODUCTEN |
2 JULI 2015. - Koninklijk besluit tot wijziging van de bijlage bij de | 2 JULI 2015. - Koninklijk besluit tot wijziging van de bijlage bij de |
wet van 5 juli 1994 betreffende bloed en bloedderivaten van menselijke | wet van 5 juli 1994 betreffende bloed en bloedderivaten van menselijke |
oorsprong | oorsprong |
VERSLAG AAN DE KONING | VERSLAG AAN DE KONING |
Sire, | Sire, |
Het ontwerp van besluit dat ik de eer heb aan Uwe majesteit voor te | Het ontwerp van besluit dat ik de eer heb aan Uwe majesteit voor te |
leggen, vormt de omzetting van Richtlijn 2014/110/EU van de Commissie | leggen, vormt de omzetting van Richtlijn 2014/110/EU van de Commissie |
van 17 december 2014 tot wijziging van Richtlijn 2004/33/EG wat | van 17 december 2014 tot wijziging van Richtlijn 2004/33/EG wat |
criteria voor tijdelijke uitsluiting van donors van allogene | criteria voor tijdelijke uitsluiting van donors van allogene |
bloeddonaties betreft. | bloeddonaties betreft. |
De omzetting houdt in dat de bloedinstellingen voortaan over de | De omzetting houdt in dat de bloedinstellingen voortaan over de |
mogelijkheid beschikken om een aspirant-donor, die minder dan 28 dagen | mogelijkheid beschikken om een aspirant-donor, die minder dan 28 dagen |
geleden in een risicogebied voor plaatselijke besmetting met het | geleden in een risicogebied voor plaatselijke besmetting met het |
West-Nijlvirus zijn geweest, toe te laten tot de donatie onder de | West-Nijlvirus zijn geweest, toe te laten tot de donatie onder de |
voorwaarde van een negatieve NAT-test. Het staat de bloedinstellingen | voorwaarde van een negatieve NAT-test. Het staat de bloedinstellingen |
echter nog steeds vrij om deze aspirant-donoren tijdelijk van de | echter nog steeds vrij om deze aspirant-donoren tijdelijk van de |
donatie uit te sluiten. | donatie uit te sluiten. |
Artikel 13 van de wet van 5 juli 1994 betreffende bloed en | Artikel 13 van de wet van 5 juli 1994 betreffende bloed en |
bloedderivaten van menselijke oorsprong vormt de rechtsgrond voor dit | bloedderivaten van menselijke oorsprong vormt de rechtsgrond voor dit |
ontwerp van koninklijk besluit. Krachtens dat artikel kan de Koning de | ontwerp van koninklijk besluit. Krachtens dat artikel kan de Koning de |
in de artikelen 8 tot en met 12 van de wet bepaalde criteria wijzigen | in de artikelen 8 tot en met 12 van de wet bepaalde criteria wijzigen |
(artikel 10 verwijst naar de uitsluitingscriteria in de bijlage bij de | (artikel 10 verwijst naar de uitsluitingscriteria in de bijlage bij de |
wet), met inachtneming van de nieuwe wetenschappelijke kennis. | wet), met inachtneming van de nieuwe wetenschappelijke kennis. |
Recent wetenschappelijk onderzoek, waaruit blijkt dat een tijdelijke | Recent wetenschappelijk onderzoek, waaruit blijkt dat een tijdelijke |
uitsluiting van de betrokken aspirant-donors niet vereist is indien | uitsluiting van de betrokken aspirant-donors niet vereist is indien |
een nucleïnezuuramplificatietest (NAT) is uitgevoerd en de test | een nucleïnezuuramplificatietest (NAT) is uitgevoerd en de test |
negatief was, lag aan de basis van de totstandkoming van Richtlijn | negatief was, lag aan de basis van de totstandkoming van Richtlijn |
2014/110/EU. De ontworpen wijziging van de bijlage bij de wet van 5 | 2014/110/EU. De ontworpen wijziging van de bijlage bij de wet van 5 |
juli 1994 betreft dus duidelijk een wijziging "met inachtneming van de | juli 1994 betreft dus duidelijk een wijziging "met inachtneming van de |
nieuwe wetenschappelijke kennis" en vindt aldus voldoende rechtsgrond | nieuwe wetenschappelijke kennis" en vindt aldus voldoende rechtsgrond |
in artikel 13 van voormelde wet. De afdeling wetgeving van de Raad van | in artikel 13 van voormelde wet. De afdeling wetgeving van de Raad van |
State deelt deze zienswijze. | State deelt deze zienswijze. |
Het ontwerp van koninklijk besluit werd aangepast conform het advies | Het ontwerp van koninklijk besluit werd aangepast conform het advies |
van de Raad van State. | van de Raad van State. |
Ik heb de eer te zijn, | Ik heb de eer te zijn, |
Sire, | Sire, |
Van Uwe Majesteit, | Van Uwe Majesteit, |
de zeer eerbiedige en zeer getrouwe dienaar, | de zeer eerbiedige en zeer getrouwe dienaar, |
De Minister van Sociale Zaken en Volksgezondheid, | De Minister van Sociale Zaken en Volksgezondheid, |
Mevr. M. DE BLOCK | Mevr. M. DE BLOCK |
ADVIES 57.402/3 VAN 11 MEI 2015 VAN DE RAAD VAN STATE, AFDELING | ADVIES 57.402/3 VAN 11 MEI 2015 VAN DE RAAD VAN STATE, AFDELING |
WETGEVING, OVER EEN ONTWERP VAN KONINKLIJK BESLUIT `TOT WIJZIGING VAN | WETGEVING, OVER EEN ONTWERP VAN KONINKLIJK BESLUIT `TOT WIJZIGING VAN |
DE BIJLAGE BIJ DE WET VAN 5 JULI 1994 BETREFFENDE BLOED EN | DE BIJLAGE BIJ DE WET VAN 5 JULI 1994 BETREFFENDE BLOED EN |
BLOEDDERIVATEN VAN MENSELIJKE OORSPRONG' | BLOEDDERIVATEN VAN MENSELIJKE OORSPRONG' |
Op 9 april 2015 is de Raad van State, afdeling Wetgeving, door de | Op 9 april 2015 is de Raad van State, afdeling Wetgeving, door de |
Minister van Volksgezondheid verzocht binnen een termijn van dertig | Minister van Volksgezondheid verzocht binnen een termijn van dertig |
dagen een advies te verstrekken over een ontwerp van koninklijk | dagen een advies te verstrekken over een ontwerp van koninklijk |
besluit `tot wijziging van de bijlage bij de wet van 5 juli 1994 | besluit `tot wijziging van de bijlage bij de wet van 5 juli 1994 |
betreffende bloed en bloedderivaten van menselijke oorsprong'. | betreffende bloed en bloedderivaten van menselijke oorsprong'. |
Het ontwerp is door de derde kamer onderzocht op 28 april 2015. | Het ontwerp is door de derde kamer onderzocht op 28 april 2015. |
De kamer was samengesteld uit Jo Baert, kamervoorzitter, Jan Smets en | De kamer was samengesteld uit Jo Baert, kamervoorzitter, Jan Smets en |
Jeroen Van Nieuwenhove, staatsraden, Johan Put, assessor, en Annemie | Jeroen Van Nieuwenhove, staatsraden, Johan Put, assessor, en Annemie |
Goossens, griffier. | Goossens, griffier. |
Het verslag is uitgebracht door Rein Thielemans, eerste auditeur. | Het verslag is uitgebracht door Rein Thielemans, eerste auditeur. |
De overeenstemming tussen de Franse en de Nederlandse tekst van het | De overeenstemming tussen de Franse en de Nederlandse tekst van het |
advies is nagezien onder toezicht van Jeroen Van Nieuwenhove, | advies is nagezien onder toezicht van Jeroen Van Nieuwenhove, |
staatsraad. | staatsraad. |
Het advies, waarvan de tekst hierna volgt, is gegeven op 11 mei 2015. | Het advies, waarvan de tekst hierna volgt, is gegeven op 11 mei 2015. |
1. Met toepassing van artikel 84, § 3, eerste lid, van de wetten op de | 1. Met toepassing van artikel 84, § 3, eerste lid, van de wetten op de |
Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973, heeft de afdeling | Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973, heeft de afdeling |
Wetgeving zich toegespitst op het onderzoek van de bevoegdheid van de | Wetgeving zich toegespitst op het onderzoek van de bevoegdheid van de |
steller van de handeling, van de rechtsgrond, alsmede van de vraag of | steller van de handeling, van de rechtsgrond, alsmede van de vraag of |
aan de te vervullen vormvereisten is voldaan. | aan de te vervullen vormvereisten is voldaan. |
Strekking en rechtsgrond van het ontwerp | Strekking en rechtsgrond van het ontwerp |
2. De bijlage bij de wet van 5 juli 1994 `betreffende bloed en | 2. De bijlage bij de wet van 5 juli 1994 `betreffende bloed en |
bloedderivaten van menselijke oorsprong', die de uitsluitingscriteria | bloedderivaten van menselijke oorsprong', die de uitsluitingscriteria |
bevat voor donors van volbloed en bloedbestanddelen en waarnaar wordt | bevat voor donors van volbloed en bloedbestanddelen en waarnaar wordt |
verwezen in artikel 10 van die wet, vormt de omzetting van artikel 4 | verwezen in artikel 10 van die wet, vormt de omzetting van artikel 4 |
en bijlage III van richtlijn 2004/33/EG van de Commissie van 22 maart | en bijlage III van richtlijn 2004/33/EG van de Commissie van 22 maart |
2004 `tot uitvoering van richtlijn 2002/98/EG van het Europees | 2004 `tot uitvoering van richtlijn 2002/98/EG van het Europees |
Parlement en de Raad met betrekking tot bepaalde technische | Parlement en de Raad met betrekking tot bepaalde technische |
voorschriften voor bloed en bloedbestanddelen' (1). | voorschriften voor bloed en bloedbestanddelen' (1). |
Bij richtlijn 2014/110/EU van de Commissie van 17 december 2014 `tot | Bij richtlijn 2014/110/EU van de Commissie van 17 december 2014 `tot |
wijziging van Richtlijn 2004/33/EG wat criteria voor tijdelijke | wijziging van Richtlijn 2004/33/EG wat criteria voor tijdelijke |
uitsluiting van donors van allogene bloeddonaties betreft' is bijlage | uitsluiting van donors van allogene bloeddonaties betreft' is bijlage |
III bij richtlijn 2004/33/EG gewijzigd, wat betreft het | III bij richtlijn 2004/33/EG gewijzigd, wat betreft het |
uitsluitingscriterium voor het West-Nijlvirus. Het voor advies | uitsluitingscriterium voor het West-Nijlvirus. Het voor advies |
voorgelegde ontwerp van koninklijk besluit strekt ertoe de bijlage bij | voorgelegde ontwerp van koninklijk besluit strekt ertoe de bijlage bij |
de wet van 5 juli 1994 in overeenstemming te brengen met deze | de wet van 5 juli 1994 in overeenstemming te brengen met deze |
wijziging. | wijziging. |
3. Blijkens de aanhef van het ontwerp wordt de rechtsgrond voor het | 3. Blijkens de aanhef van het ontwerp wordt de rechtsgrond voor het |
ontworpen besluit gezocht in de artikelen 10 en 13 van de wet van 5 | ontworpen besluit gezocht in de artikelen 10 en 13 van de wet van 5 |
juli 1994. | juli 1994. |
Artikel 10 van de wet luidt als volgt : | Artikel 10 van de wet luidt als volgt : |
"Wanneer, na de bloedafneming blijkt dat een van de | "Wanneer, na de bloedafneming blijkt dat een van de |
uitsluitingscriteria, opgesomd in de bijlage bij deze wet bij de donor | uitsluitingscriteria, opgesomd in de bijlage bij deze wet bij de donor |
aanwezig was, mag het afgenomen bloed niet worden gebruikt, behalve in | aanwezig was, mag het afgenomen bloed niet worden gebruikt, behalve in |
de bijzondere gevallen bepaald in artikel 11." | de bijzondere gevallen bepaald in artikel 11." |
Overeenkomstig artikel 13 van de wet kan de Koning de in de artikelen | Overeenkomstig artikel 13 van de wet kan de Koning de in de artikelen |
8 tot 12 bepaalde criteria wijzigen, met inachtneming van de nieuwe | 8 tot 12 bepaalde criteria wijzigen, met inachtneming van de nieuwe |
wetenschappelijke kennis. Aangaande het vereiste in artikel 13 van de | wetenschappelijke kennis. Aangaande het vereiste in artikel 13 van de |
wet van 5 juli 1994 dat de beoogde wijzigingen "met inachtneming van | wet van 5 juli 1994 dat de beoogde wijzigingen "met inachtneming van |
de nieuwe wetenschappelijke kennis" moeten gebeuren, verklaarde de | de nieuwe wetenschappelijke kennis" moeten gebeuren, verklaarde de |
gemachtigde het volgende : | gemachtigde het volgende : |
"De wijziging van Richtlijn 2004/33/EG is er gekomen omdat `uit recent | "De wijziging van Richtlijn 2004/33/EG is er gekomen omdat `uit recent |
wetenschappelijk onderzoek is [echter] gebleken dat een tijdelijke | wetenschappelijk onderzoek is [echter] gebleken dat een tijdelijke |
uitsluiting van deze aspirant-donors niet vereist is, indien een | uitsluiting van deze aspirant-donors niet vereist is, indien een |
nucleïnezuuramplificatietest is uitgevoerd en de test negatief was' | nucleïnezuuramplificatietest is uitgevoerd en de test negatief was' |
(zie overweging (3) bij richtlijn 2014/110/EU waarvan voorliggend | (zie overweging (3) bij richtlijn 2014/110/EU waarvan voorliggend |
ontwerpbesluit de omzetting vormt). | ontwerpbesluit de omzetting vormt). |
De ontworpen wijziging van de bijlage bij de wet van 5 juli 1994 | De ontworpen wijziging van de bijlage bij de wet van 5 juli 1994 |
betreffende bloed en bloedderivaten van menselijke oorsprong betreft | betreffende bloed en bloedderivaten van menselijke oorsprong betreft |
dus duidelijk een wijziging met inachtneming van de nieuwe | dus duidelijk een wijziging met inachtneming van de nieuwe |
wetenschappelijke kennis. Het feit dat het tevens de omzetting vormt | wetenschappelijke kennis. Het feit dat het tevens de omzetting vormt |
van een Europese richtlijn is daarbij van geen belang. Ik ben van | van een Europese richtlijn is daarbij van geen belang. Ik ben van |
oordeel dat het ontwerp van koninklijk besluit aldus voldoende | oordeel dat het ontwerp van koninklijk besluit aldus voldoende |
rechtsgrond vindt in artikel 13 van voormelde wet van 5 juli 1994." | rechtsgrond vindt in artikel 13 van voormelde wet van 5 juli 1994." |
De Raad van State kan instemmen met deze zienswijze. Uit overweging 3 | De Raad van State kan instemmen met deze zienswijze. Uit overweging 3 |
bij richtlijn 2014/110/EU kan worden opgemaakt dat de wijziging | bij richtlijn 2014/110/EU kan worden opgemaakt dat de wijziging |
effectief is ingegeven door "de nieuwe wetenschappelijke kennis". | effectief is ingegeven door "de nieuwe wetenschappelijke kennis". |
Artikel 13 van de wet van 5 juli 1994 biedt dan ook rechtsgrond voor | Artikel 13 van de wet van 5 juli 1994 biedt dan ook rechtsgrond voor |
de wijziging van de criteria bepaald in (onder meer) artikel 10 van de | de wijziging van de criteria bepaald in (onder meer) artikel 10 van de |
wet, waartoe ook de met artikel 10 samenhangende bijlage bij de wet | wet, waartoe ook de met artikel 10 samenhangende bijlage bij de wet |
kan worden gerekend. | kan worden gerekend. |
Onderzoek van de tekst | Onderzoek van de tekst |
Aanhef | Aanhef |
4. Aangezien artikel 13 van de wet van 5 juli 1994 op zich beschouwd | 4. Aangezien artikel 13 van de wet van 5 juli 1994 op zich beschouwd |
rechtsgrond biedt voor het ontworpen besluit en daarin verwezen wordt | rechtsgrond biedt voor het ontworpen besluit en daarin verwezen wordt |
naar artikel 10 van die wet, dat op zijn beurt verwijst naar de | naar artikel 10 van die wet, dat op zijn beurt verwijst naar de |
bijlage bij die wet, is de verwijzing naar artikel 10 in het eerste | bijlage bij die wet, is de verwijzing naar artikel 10 in het eerste |
lid van de aanhef overbodig. Die verwijzing kan dan ook beter worden | lid van de aanhef overbodig. Die verwijzing kan dan ook beter worden |
weggelaten. | weggelaten. |
Slotopmerking | Slotopmerking |
5. Gelet op het bepaalde in artikel 3bis, § 1, van de wetten op de | 5. Gelet op het bepaalde in artikel 3bis, § 1, van de wetten op de |
Raad van State moet een verslag aan de Koning worden opgesteld, dat | Raad van State moet een verslag aan de Koning worden opgesteld, dat |
samen met het te nemen besluit en met dit advies in het Belgisch | samen met het te nemen besluit en met dit advies in het Belgisch |
Staatsblad moet worden bekendgemaakt. Bovendien moeten die drie | Staatsblad moet worden bekendgemaakt. Bovendien moeten die drie |
teksten voor hun bekendmaking worden meegedeeld aan de voorzitters van | teksten voor hun bekendmaking worden meegedeeld aan de voorzitters van |
de Kamer van volksvertegenwoordigers en de Senaat, samen met de tekst | de Kamer van volksvertegenwoordigers en de Senaat, samen met de tekst |
van het ontworpen besluit zoals het om advies is voorgelegd aan de | van het ontworpen besluit zoals het om advies is voorgelegd aan de |
Raad van State. | Raad van State. |
(1) Deze richtlijn is vastgesteld ter uitvoering van artikel 29, | (1) Deze richtlijn is vastgesteld ter uitvoering van artikel 29, |
tweede alinea, b) tot g), van richtlijn 2002/98/EG van het Europees | tweede alinea, b) tot g), van richtlijn 2002/98/EG van het Europees |
Parlement en de Raad van 27 januari 2003 `tot vaststelling van | Parlement en de Raad van 27 januari 2003 `tot vaststelling van |
kwaliteits- en veiligheidsnormen voor het inzamelen, testen, bewerken, | kwaliteits- en veiligheidsnormen voor het inzamelen, testen, bewerken, |
opslaan en distribueren van bloed en bloedbestanddelen van menselijke | opslaan en distribueren van bloed en bloedbestanddelen van menselijke |
oorsprong en tot wijziging van Richtlijn 2001/83/EG van de Raad'. | oorsprong en tot wijziging van Richtlijn 2001/83/EG van de Raad'. |
De griffier, | De griffier, |
A. Goossens; | A. Goossens; |
De voorzitter, | De voorzitter, |
J. Baert. | J. Baert. |
2 JULI 2015. - Koninklijk besluit tot wijziging van de bijlage bij de | 2 JULI 2015. - Koninklijk besluit tot wijziging van de bijlage bij de |
wet van 5 juli 1994 betreffende bloed en bloedderivaten van menselijke | wet van 5 juli 1994 betreffende bloed en bloedderivaten van menselijke |
oorsprong | oorsprong |
FILIP, Koning der Belgen, | FILIP, Koning der Belgen, |
Aan allen die nu zijn en hierna wezen zullen, Onze Groet. | Aan allen die nu zijn en hierna wezen zullen, Onze Groet. |
Gelet op de wet van 5 juli 1994 betreffende bloed en bloedderivaten | Gelet op de wet van 5 juli 1994 betreffende bloed en bloedderivaten |
van menselijke oorsprong, artikel 13; | van menselijke oorsprong, artikel 13; |
Gelet op het advies van de Inspectie van Financiën, gegeven op 3 | Gelet op het advies van de Inspectie van Financiën, gegeven op 3 |
februari 2015; | februari 2015; |
Gelet op het advies nr. 57.402/3 van de Raad van State, gegeven op 11 | Gelet op het advies nr. 57.402/3 van de Raad van State, gegeven op 11 |
mei 2015, met toepassing van artikel 84, § 1, eerste lid, 2°, van de | mei 2015, met toepassing van artikel 84, § 1, eerste lid, 2°, van de |
wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973; | wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973; |
Op de voordracht van de Minister van Volksgezondheid, | Op de voordracht van de Minister van Volksgezondheid, |
Hebben Wij besloten en besluiten Wij : | Hebben Wij besloten en besluiten Wij : |
Artikel 1.Dit koninklijk besluit voorziet in de omzetting van |
Artikel 1.Dit koninklijk besluit voorziet in de omzetting van |
Richtlijn 2014/110/EU van de Commissie van 17 december 2014 tot | Richtlijn 2014/110/EU van de Commissie van 17 december 2014 tot |
wijziging van Richtlijn 2004/33/EG wat criteria voor tijdelijke | wijziging van Richtlijn 2004/33/EG wat criteria voor tijdelijke |
uitsluiting van donors van allogene bloeddonaties betreft. | uitsluiting van donors van allogene bloeddonaties betreft. |
Art. 2.In de bijlage bij de wet van 5 juli 1994 betreffende bloed en |
Art. 2.In de bijlage bij de wet van 5 juli 1994 betreffende bloed en |
bloedderivaten van menselijke oorsprong, ingevoegd bij het koninklijk | bloedderivaten van menselijke oorsprong, ingevoegd bij het koninklijk |
besluit van 1 februari 2005, wordt onder punt 2., a) de vermelding in | besluit van 1 februari 2005, wordt onder punt 2., a) de vermelding in |
de tweede kolom ter hoogte van "West Nile virus (WNV) (*)" vervangen | de tweede kolom ter hoogte van "West Nile virus (WNV) (*)" vervangen |
als volgt : | als volgt : |
"28 dagen na het verlaten van een risicogebied voor plaatselijke | "28 dagen na het verlaten van een risicogebied voor plaatselijke |
besmetting met het West-Nijlvirus, tenzij een individuele | besmetting met het West-Nijlvirus, tenzij een individuele |
nucleïnezuuramplificatietest (NAT) negatief is." | nucleïnezuuramplificatietest (NAT) negatief is." |
Art. 3.De minister bevoegd voor de Volksgezondheid is belast met de |
Art. 3.De minister bevoegd voor de Volksgezondheid is belast met de |
uitvoering van dit besluit. | uitvoering van dit besluit. |
Gegeven te Brussel, 2 juli 2015. | Gegeven te Brussel, 2 juli 2015. |
FILIP | FILIP |
Van Koningswege : | Van Koningswege : |
De Minister van Volksgezondheid, | De Minister van Volksgezondheid, |
Mevr. M. DE BLOCK | Mevr. M. DE BLOCK |