Koninklijk besluit tot vaststelling van de personeelsformatie van de buitendiensten van het Directoraat-generaal Strafinrichtingen | Koninklijk besluit tot vaststelling van de personeelsformatie van de buitendiensten van het Directoraat-generaal Strafinrichtingen |
---|---|
FEDERALE OVERHEIDSDIENST JUSTITIE | FEDERALE OVERHEIDSDIENST JUSTITIE |
2 AUGUSTUS 2002. - Koninklijk besluit tot vaststelling van de | 2 AUGUSTUS 2002. - Koninklijk besluit tot vaststelling van de |
personeelsformatie van de buitendiensten van het Directoraat-generaal | personeelsformatie van de buitendiensten van het Directoraat-generaal |
Strafinrichtingen | Strafinrichtingen |
ALBERT II, Koning der Belgen, | ALBERT II, Koning der Belgen, |
Aan allen die nu zijn en hierna wezen zullen, Onze Groet. | Aan allen die nu zijn en hierna wezen zullen, Onze Groet. |
Gelet op artikel 107, tweede lid, van de Grondwet; | Gelet op artikel 107, tweede lid, van de Grondwet; |
Gelet op het koninklijk besluit van 3 oktober 2000 tot vaststelling | Gelet op het koninklijk besluit van 3 oktober 2000 tot vaststelling |
van de personeelsformatie van de buitendiensten van het | van de personeelsformatie van de buitendiensten van het |
Directoraat-generaal Strafinrichtingen, gewijzigd bij koninklijk | Directoraat-generaal Strafinrichtingen, gewijzigd bij koninklijk |
besluit van 17 februari 2002; | besluit van 17 februari 2002; |
Gelet op het met redenen omkleed advies van 18 juli 2002 van het Hoog | Gelet op het met redenen omkleed advies van 18 juli 2002 van het Hoog |
Overlegcomité, Sector III - Justitie; | Overlegcomité, Sector III - Justitie; |
Gelet op de adviezen van de inspecteur van Financiën, gegeven op 19 | Gelet op de adviezen van de inspecteur van Financiën, gegeven op 19 |
maart 2001, 17 mei 2001, 23 mei 2001, 10 juli 2001, 11 juli 2001, 19 | maart 2001, 17 mei 2001, 23 mei 2001, 10 juli 2001, 11 juli 2001, 19 |
juli 2001, 20 juli 2001 en 5 juni 2002; | juli 2001, 20 juli 2001 en 5 juni 2002; |
Gelet op de akkoordbevinding van Onze Minister van Begroting, gegeven | Gelet op de akkoordbevinding van Onze Minister van Begroting, gegeven |
op 26 april 2002 en 8 juli 2002; | op 26 april 2002 en 8 juli 2002; |
Gelet op de akkoordbevinding van Onze Minister van Ambtenarenzaken | Gelet op de akkoordbevinding van Onze Minister van Ambtenarenzaken |
gegeven op 11 februari 2002 en 18 juni 2002; | gegeven op 11 februari 2002 en 18 juni 2002; |
Op de voordracht van Onze Minister van Justitie, | Op de voordracht van Onze Minister van Justitie, |
Hebben Wij besloten en besluiten Wij : | Hebben Wij besloten en besluiten Wij : |
Artikel 1.§ 1. De personeelsformatie van de buitendiensten van het |
Artikel 1.§ 1. De personeelsformatie van de buitendiensten van het |
Directoraat-generaal Strafinrichtingen wordt als volgt vastgesteld : | Directoraat-generaal Strafinrichtingen wordt als volgt vastgesteld : |
Voor de raadpleging van de tabel, zie beeld | Voor de raadpleging van de tabel, zie beeld |
§ 2. De hierna vermelde betrekkingen worden afgeschaft bij het vertrek | § 2. De hierna vermelde betrekkingen worden afgeschaft bij het vertrek |
van de titularis ervan : | van de titularis ervan : |
Voor de raadpleging van de tabel, zie beeld | Voor de raadpleging van de tabel, zie beeld |
In de hierna vermelde betrekingen van § 1 kan slechts worden voorzien | In de hierna vermelde betrekingen van § 1 kan slechts worden voorzien |
wanneer de betrekkingen uit het eerste lid zijn afgeschaft : | wanneer de betrekkingen uit het eerste lid zijn afgeschaft : |
Voor de raadpleging van de tabel, zie beeld | Voor de raadpleging van de tabel, zie beeld |
Art. 2.§ 1. Het aantal betrekkingen van hoofdbewaarder in uitdoving, |
Art. 2.§ 1. Het aantal betrekkingen van hoofdbewaarder in uitdoving, |
van penitentiair assistent en van adjunct-penitentiair assistent mag | van penitentiair assistent en van adjunct-penitentiair assistent mag |
de 98 betrekkingen niet overschrijden. | de 98 betrekkingen niet overschrijden. |
§ 2. Het aantal betrekkingen van hoofdtechnicus in uitdoving, van | § 2. Het aantal betrekkingen van hoofdtechnicus in uitdoving, van |
technisch assistent en van adjunct-technisch assistent mag de 220 | technisch assistent en van adjunct-technisch assistent mag de 220 |
betrekkingen niet overschrijden. | betrekkingen niet overschrijden. |
§ 3. Het aantal betrekkingen van bewaarder in uitdoving en van | § 3. Het aantal betrekkingen van bewaarder in uitdoving en van |
penitentiair beambte mag de 4 129 betrekkingen niet overschrijden. | penitentiair beambte mag de 4 129 betrekkingen niet overschrijden. |
§ 4. 60 van de 146 betrekkingen van eerstaanwezend paramedicus en | § 4. 60 van de 146 betrekkingen van eerstaanwezend paramedicus en |
paramedicus mogen bezet worden door gebrevetteerd verplegers of | paramedicus mogen bezet worden door gebrevetteerd verplegers of |
verpleegassistenten. | verpleegassistenten. |
Art. 3.§ 1. In de hierna vermelde betrekkingen van artikel 1, § 1, |
Art. 3.§ 1. In de hierna vermelde betrekkingen van artikel 1, § 1, |
mag slechts worden voorzien wanneer de arbeidsposten van contractuelen | mag slechts worden voorzien wanneer de arbeidsposten van contractuelen |
waarvoor ze in de plaats komen, afgeschaft werden door het vertrek van | waarvoor ze in de plaats komen, afgeschaft werden door het vertrek van |
de leden van het contractueel personeel die ze bekleden : | de leden van het contractueel personeel die ze bekleden : |
Voor de raadpleging van de tabel, zie beeld | Voor de raadpleging van de tabel, zie beeld |
§ 2. Indien drie jaar na het van kracht worden van dit besluit, de in | § 2. Indien drie jaar na het van kracht worden van dit besluit, de in |
§ 1 beoogde betrekkingen vacant zijn gebleven, worden ze in artikel 1, | § 1 beoogde betrekkingen vacant zijn gebleven, worden ze in artikel 1, |
§ 1, afgeschaft, behalve de 260 betrekkingen van penitentiair beambte. | § 1, afgeschaft, behalve de 260 betrekkingen van penitentiair beambte. |
§ 3. De Inspecteur van Financiën moet vóór de bezetting van de | § 3. De Inspecteur van Financiën moet vóór de bezetting van de |
betrekkingen vaststellen dat de voorwaarde vermeld in § 1 vervuld is. | betrekkingen vaststellen dat de voorwaarde vermeld in § 1 vervuld is. |
Art. 4.Definitief vacante betrekkingen onder die welke in artikel 1, |
Art. 4.Definitief vacante betrekkingen onder die welke in artikel 1, |
§ 1, zijn opgenomen kunnen worden beschouwd als bezigingsbetrekkingen | § 1, zijn opgenomen kunnen worden beschouwd als bezigingsbetrekkingen |
voor militairen ter uitvoering van de wet van 20 mei 1994 betreffende | voor militairen ter uitvoering van de wet van 20 mei 1994 betreffende |
de beziging van militairen, mits voorafgaand akkoordbevinding van de | de beziging van militairen, mits voorafgaand akkoordbevinding van de |
Minister van Ambtenarenzaken over hun aantal en de graden waarmee ze | Minister van Ambtenarenzaken over hun aantal en de graden waarmee ze |
overeenstemmen. | overeenstemmen. |
Er kan in deze betrekkingen niet voorzien worden tijdens de periode | Er kan in deze betrekkingen niet voorzien worden tijdens de periode |
van beziging van de militairen. | van beziging van de militairen. |
Art. 5.Personeel niet onderworpen aan het statuut van het |
Art. 5.Personeel niet onderworpen aan het statuut van het |
Rijkspersoneel. | Rijkspersoneel. |
§ 1. De hierna vermelde betrekkingen worden afgeschaft bij het vertrek | § 1. De hierna vermelde betrekkingen worden afgeschaft bij het vertrek |
van de titularis ervan : | van de titularis ervan : |
Voor de raadpleging van de tabel, zie beeld | Voor de raadpleging van de tabel, zie beeld |
§ 2. De hierna vermelde betrekkingen worden afgeschaft op de datum van | § 2. De hierna vermelde betrekkingen worden afgeschaft op de datum van |
inwerkingtreding van een koninklijk besluit houdende de oprichting van | inwerkingtreding van een koninklijk besluit houdende de oprichting van |
een aalmoezeniersdienst : | een aalmoezeniersdienst : |
Voor de raadpleging van de tabel, zie beeld | Voor de raadpleging van de tabel, zie beeld |
Art. 6.Het koninklijk besluit van 3 oktober 2000 tot vaststelling van |
Art. 6.Het koninklijk besluit van 3 oktober 2000 tot vaststelling van |
de personeelsformatie van de buitendiensten van het | de personeelsformatie van de buitendiensten van het |
Directoraat-generaal Strafinrichtingen, gewijzigd bij koninklijk | Directoraat-generaal Strafinrichtingen, gewijzigd bij koninklijk |
besluit van 17 februari 2002, wordt opgeheven. | besluit van 17 februari 2002, wordt opgeheven. |
Art. 7.In het opschrift en in artikel 1 van dit besluit worden de |
Art. 7.In het opschrift en in artikel 1 van dit besluit worden de |
woorden « Directoraat-generaal Strafinrichtingen » vervangen door de | woorden « Directoraat-generaal Strafinrichtingen » vervangen door de |
woorden « Directoraat-generaal Uitvoering van straffen en maatregelen | woorden « Directoraat-generaal Uitvoering van straffen en maatregelen |
». | ». |
Art. 8.Dit besluit heeft uitwerking met ingang van 1 juli 2002 met |
Art. 8.Dit besluit heeft uitwerking met ingang van 1 juli 2002 met |
uitzondering van artikel 7 dat uitwerking heeft met ingang van 15 juli | uitzondering van artikel 7 dat uitwerking heeft met ingang van 15 juli |
2002. | 2002. |
Art. 9.Onze Minister van Justitie is belast met de uitvoering van dit |
Art. 9.Onze Minister van Justitie is belast met de uitvoering van dit |
besluit. | besluit. |
Gegeven te Punat, 2 augustus 2002. | Gegeven te Punat, 2 augustus 2002. |
De Minister van Justitie, | De Minister van Justitie, |
M. VERWILGHEN | M. VERWILGHEN |
De Minister van Begroting, | De Minister van Begroting, |
J. VANDE LANOTTE | J. VANDE LANOTTE |