Etaamb.openjustice.be
Meertalige weergave van Ministerieel Besluit van 15/12/2017
← Terug naar "Ministerieel besluit tot wijziging van het ministerieel besluit van 25 november 2016 tot uitvoering van het Vergunningsbesluit van 22 november 2013, wat betreft een norm voor pedagogische kwaliteit "
Ministerieel besluit tot wijziging van het ministerieel besluit van 25 november 2016 tot uitvoering van het Vergunningsbesluit van 22 november 2013, wat betreft een norm voor pedagogische kwaliteit Ministerieel besluit tot wijziging van het ministerieel besluit van 25 november 2016 tot uitvoering van het Vergunningsbesluit van 22 november 2013, wat betreft een norm voor pedagogische kwaliteit
VLAAMSE OVERHEID VLAAMSE OVERHEID
Welzijn, Volksgezondheid en Gezin Welzijn, Volksgezondheid en Gezin
15 DECEMBER 2017. - Ministerieel besluit tot wijziging van het 15 DECEMBER 2017. - Ministerieel besluit tot wijziging van het
ministerieel besluit van 25 november 2016 tot uitvoering van het ministerieel besluit van 25 november 2016 tot uitvoering van het
Vergunningsbesluit van 22 november 2013, wat betreft een norm voor Vergunningsbesluit van 22 november 2013, wat betreft een norm voor
pedagogische kwaliteit pedagogische kwaliteit
DE VLAAMSE MINISTER VAN WELZIJN, VOLKSGEZONDHEID EN GEZIN, DE VLAAMSE MINISTER VAN WELZIJN, VOLKSGEZONDHEID EN GEZIN,
Gelet op het decreet van 20 april 2012 houdende de organisatie van Gelet op het decreet van 20 april 2012 houdende de organisatie van
kinderopvang van baby's en peuters, artikel 6, § 1, 3°, c), en § 5, kinderopvang van baby's en peuters, artikel 6, § 1, 3°, c), en § 5,
eerste lid; eerste lid;
Gelet op het Vergunningsbesluit van 22 november 2013, artikel 31, § 3; Gelet op het Vergunningsbesluit van 22 november 2013, artikel 31, § 3;
Gelet op het ministerieel besluit van 25 november 2016 tot uitvoering Gelet op het ministerieel besluit van 25 november 2016 tot uitvoering
van het Vergunningsbesluit van 22 november 2013; van het Vergunningsbesluit van 22 november 2013;
Gelet op het advies van de Inspectie van Financiën, gegeven op 11 Gelet op het advies van de Inspectie van Financiën, gegeven op 11
oktober 2017; oktober 2017;
Gelet op advies 62.440/1 van de Raad van State, gegeven op 6 december Gelet op advies 62.440/1 van de Raad van State, gegeven op 6 december
2017, met toepassing van artikel 84, § 1, eerste lid, 2°, van de 2017, met toepassing van artikel 84, § 1, eerste lid, 2°, van de
wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973, wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973,
Besluit : Besluit :

Artikel 1.In het ministerieel besluit van 25 november 2016 tot

Artikel 1.In het ministerieel besluit van 25 november 2016 tot

uitvoering van het Vergunningsbesluit van 22 november 2013 wordt een uitvoering van het Vergunningsbesluit van 22 november 2013 wordt een
hoofdstuk 5/1, dat bestaat uit artikel 20/1, ingevoegd, dat luidt als hoofdstuk 5/1, dat bestaat uit artikel 20/1, ingevoegd, dat luidt als
volgt: volgt:
"HOOFDSTUK 5/ 1. - Norm voor pedagogische kwaliteit1. "HOOFDSTUK 5/ 1. - Norm voor pedagogische kwaliteit1.

Art. 20/1.De norm voor pedagogische kwaliteit, vermeld in artikel 31,

Art. 20/1.De norm voor pedagogische kwaliteit, vermeld in artikel 31,

§ 3, van het Vergunningsbesluit van 22 november 2013, bestaat uit een § 3, van het Vergunningsbesluit van 22 november 2013, bestaat uit een
score op al de volgende dimensies van pedagogische kwaliteit: score op al de volgende dimensies van pedagogische kwaliteit:
1° het welbevinden van het kind; 1° het welbevinden van het kind;
2° de betrokkenheid van het kind; 2° de betrokkenheid van het kind;
3° de emotionele ondersteuning van het kind door de kinderbegeleider; 3° de emotionele ondersteuning van het kind door de kinderbegeleider;
4° de educatieve ondersteuning van het kind door de kinderbegeleider; 4° de educatieve ondersteuning van het kind door de kinderbegeleider;
5° de omgeving; 5° de omgeving;
6° gezinnen en diversiteit. 6° gezinnen en diversiteit.
Onder de dimensie omgeving, vermeld in het eerste lid, 5°, wordt Onder de dimensie omgeving, vermeld in het eerste lid, 5°, wordt
verstaan: een toegankelijke en stimulerende indeling van de verstaan: een toegankelijke en stimulerende indeling van de
opvangruimtes voor de kinderen met een gevarieerd aanbod aan opvangruimtes voor de kinderen met een gevarieerd aanbod aan
materialen en activiteiten en een doeltreffende organisatie van tijd materialen en activiteiten en een doeltreffende organisatie van tijd
en personeel voor de kinderen zoals regelmaat in de dagindeling en en personeel voor de kinderen zoals regelmaat in de dagindeling en
continuïteit in de begeleiding. continuïteit in de begeleiding.
Onder de dimensie gezinnen en diversiteit, vermeld in het eerste lid, Onder de dimensie gezinnen en diversiteit, vermeld in het eerste lid,
6°, wordt verstaan: het samenwerken en communiceren met gezinnen, 6°, wordt verstaan: het samenwerken en communiceren met gezinnen,
inspraak geven aan en ondersteunen van gezinnen met respect voor de inspraak geven aan en ondersteunen van gezinnen met respect voor de
eigenheid van elk gezin. eigenheid van elk gezin.
De organisator krijgt voor elke dimensie een score 1, 2, 3 of 4 op De organisator krijgt voor elke dimensie een score 1, 2, 3 of 4 op
basis van de volgende schaal: basis van de volgende schaal:
1° een score 1 staat voor onvoldoende; 1° een score 1 staat voor onvoldoende;
2° een score 2 staat voor nipt voldoende; 2° een score 2 staat voor nipt voldoende;
3° een score 3 staat voor goed; 3° een score 3 staat voor goed;
4° een score 4 staat voor uitstekend. 4° een score 4 staat voor uitstekend.
De organisator moet voor elke dimensie een score van minstens 2 De organisator moet voor elke dimensie een score van minstens 2
behalen. Als een organisator op een dimensie een score 2 behaalt, dan behalen. Als een organisator op een dimensie een score 2 behaalt, dan
levert hij een inspanning om minstens een score 3 te behalen.". levert hij een inspanning om minstens een score 3 te behalen.".

Art. 2.Dit besluit treedt in werking op 1 april 2018.

Art. 2.Dit besluit treedt in werking op 1 april 2018.

Brussel, 15 december 2017. Brussel, 15 december 2017.
De Vlaamse minister van Welzijn, Volksgezondheid en Gezin, De Vlaamse minister van Welzijn, Volksgezondheid en Gezin,
J. VANDEURZEN J. VANDEURZEN
^