Etaamb.openjustice.be
Meertalige weergave van Besluit Van De Waalse Regering van 18/06/1998
← Terug naar "Besluit van de Waalse Regering tot uitvoering, wat de opvangcentra voor volwassenen betreft, van het programmadecreet houdende verschillende maatregelen inzake sociale actie en sportinfrastructuren "
Besluit van de Waalse Regering tot uitvoering, wat de opvangcentra voor volwassenen betreft, van het programmadecreet houdende verschillende maatregelen inzake sociale actie en sportinfrastructuren Besluit van de Waalse Regering tot uitvoering, wat de opvangcentra voor volwassenen betreft, van het programmadecreet houdende verschillende maatregelen inzake sociale actie en sportinfrastructuren
MINISTERIE VAN HET WAALSE GEWEST MINISTERIE VAN HET WAALSE GEWEST
18 JUNI 1998. - Besluit van de Waalse Regering tot uitvoering, wat de 18 JUNI 1998. - Besluit van de Waalse Regering tot uitvoering, wat de
opvangcentra voor volwassenen betreft, van het programmadecreet opvangcentra voor volwassenen betreft, van het programmadecreet
houdende verschillende maatregelen inzake sociale actie en houdende verschillende maatregelen inzake sociale actie en
sportinfrastructuren sportinfrastructuren
De Waalse Regering, De Waalse Regering,
Gelet op het decreet II van 22 juli 1993 betreffende de overheveling Gelet op het decreet II van 22 juli 1993 betreffende de overheveling
van sommige bevoegdheden van de Franse Gemeenschap naar het Waalse van sommige bevoegdheden van de Franse Gemeenschap naar het Waalse
Gewest en de Franse Gemeenschapscommissie; Gewest en de Franse Gemeenschapscommissie;
Gelet op het programmadecreet van 17 december 1997 houdende Gelet op het programmadecreet van 17 december 1997 houdende
verschillende maatregelen inzake sociale actie en verschillende maatregelen inzake sociale actie en
sportinfrastructuren; sportinfrastructuren;
Gelet op het advies van de Inspectie van Financiën, gegeven op 11 mei Gelet op het advies van de Inspectie van Financiën, gegeven op 11 mei
1998; 1998;
Gelet op het akkoord van de Minister van Begroting, gegeven op 14 mei Gelet op het akkoord van de Minister van Begroting, gegeven op 14 mei
1998; 1998;
Gelet op de dringende noodzakelijkheid, speciaal gemotiveerd door het Gelet op de dringende noodzakelijkheid, speciaal gemotiveerd door het
feit dat de uitvoeringsmaatregelen van het op 1 januari 1998 in feit dat de uitvoeringsmaatregelen van het op 1 januari 1998 in
werking getreden programmadecreet houdende verschillende maatregelen werking getreden programmadecreet houdende verschillende maatregelen
inzake sociale actie en sportinfrastructuren zo spoedig mogelijk inzake sociale actie en sportinfrastructuren zo spoedig mogelijk
vastgelegd moeten worden omdat het de Waalse Regering namelijk vastgelegd moeten worden omdat het de Waalse Regering namelijk
machtigt om de subsidiëringsregels van de erkende opvangcentra voor machtigt om de subsidiëringsregels van de erkende opvangcentra voor
volwassenen te bepalen; volwassenen te bepalen;
Gelet op het advies van de Raad van State, gegeven op 29 mei 1998, op Gelet op het advies van de Raad van State, gegeven op 29 mei 1998, op
grond van artikel 84, eerste lid, 2°, van de gecoördineerde wetten op grond van artikel 84, eerste lid, 2°, van de gecoördineerde wetten op
de Raad van State; de Raad van State;
Op de voordracht van de Minister van Sociale Actie, Huisvesting en Op de voordracht van de Minister van Sociale Actie, Huisvesting en
Gezondheid, Gezondheid,
Besluit : Besluit :
HOOFDSTUK I. - Algemene bepalingen HOOFDSTUK I. - Algemene bepalingen

Artikel 1.Dit besluit regelt, overeenkomstig artikel 138 van de

Artikel 1.Dit besluit regelt, overeenkomstig artikel 138 van de

Grondwet, een materie bedoeld in artikel 128, § 1, van de Grondwet. Grondwet, een materie bedoeld in artikel 128, § 1, van de Grondwet.

Art. 2.Voor de toepassing van dit besluit wordt verstaan onder :

Art. 2.Voor de toepassing van dit besluit wordt verstaan onder :

1° "decreet" : het programmadecreet van 17 december 1997 houdende 1° "decreet" : het programmadecreet van 17 december 1997 houdende
verschillende maatregelen inzake sociale actie en verschillende maatregelen inzake sociale actie en
sportinfrastructuren; sportinfrastructuren;
2° "Minister" : de Minister van Sociale Actie; 2° "Minister" : de Minister van Sociale Actie;
3° "centrum" : opvangcentrum voor volwassenen dat krachtens het 3° "centrum" : opvangcentrum voor volwassenen dat krachtens het
decreet erkend is; decreet erkend is;
4° "bestuur" : de Algemene Directie Sociale Actie en Gezondheid van 4° "bestuur" : de Algemene Directie Sociale Actie en Gezondheid van
het Ministerie van het Waalse Gewest. het Ministerie van het Waalse Gewest.
HOOFDSTUK II. - Bijzondere bepalingen HOOFDSTUK II. - Bijzondere bepalingen
Afdeling 1. - Algemene subsidieringsvoorwaarden Afdeling 1. - Algemene subsidieringsvoorwaarden

Art. 3.Binnen de perken van de begrotingskredieten van het Gewest kan

Art. 3.Binnen de perken van de begrotingskredieten van het Gewest kan

de Minister, overeenkomstig de bepalingen van dit besluit, toelagen de Minister, overeenkomstig de bepalingen van dit besluit, toelagen
verlenen aan de erkende opvangcentra. verlenen aan de erkende opvangcentra.
De toelagen dekken tot 95% van : De toelagen dekken tot 95% van :
1° het brutoloon van het personeel dat de in artikel 5, 6° van het 1° het brutoloon van het personeel dat de in artikel 5, 6° van het
decreet bedoelde minimale personeelsformatie vormt, verminderd met een decreet bedoelde minimale personeelsformatie vormt, verminderd met een
halftijdse opvoeder wanneer het gaat om een centrum van de categorieën halftijdse opvoeder wanneer het gaat om een centrum van de categorieën
I en II, en met een voltijdse opvoeder voor een centrum van de I en II, en met een voltijdse opvoeder voor een centrum van de
categorieën III, IV en V; categorieën III, IV en V;
2° de werkgeversbijdragen aan de sociale zekerheid en die betreffende 2° de werkgeversbijdragen aan de sociale zekerheid en die betreffende
het vakantiegeld, de eindejaarspremie en de andere diverse het vakantiegeld, de eindejaarspremie en de andere diverse
personeelskosten, tot maximum 50% van de in 1° bedoelde personeelskosten, tot maximum 50% van de in 1° bedoelde
personeelsuitgaven. personeelsuitgaven.

Art. 4.Het brutoloon en de anciënniteit van het personeel worden

Art. 4.Het brutoloon en de anciënniteit van het personeel worden

slechts in aanmerking genomen binnen de perken van de weddeschalen die slechts in aanmerking genomen binnen de perken van de weddeschalen die
overeenstemmen met de in artikel 5, 6°, van het decreet bedoelde overeenstemmen met de in artikel 5, 6°, van het decreet bedoelde
functies en bij dit besluit gevoegd zijn. functies en bij dit besluit gevoegd zijn.
De weddeschalen zijn gekoppeld aan de schommelingen van de De weddeschalen zijn gekoppeld aan de schommelingen van de
gezondheidsindex overeenkomstig de regels van de wet van 1 maart 1977 gezondheidsindex overeenkomstig de regels van de wet van 1 maart 1977
houdende inrichting van een stelsel waarbij sommige uitgaven in de houdende inrichting van een stelsel waarbij sommige uitgaven in de
overheidssector aan het indexcijfer van de consumptieprijzen van het overheidssector aan het indexcijfer van de consumptieprijzen van het
Rijk worden gekoppeld. Rijk worden gekoppeld.
De weddeschalen zijn gekoppeld aan het spilindexcijfer 138.01 van 1 De weddeschalen zijn gekoppeld aan het spilindexcijfer 138.01 van 1
januari 1990. januari 1990.

Art. 5.§ 1. Er kunnen tussentijdse verhogingen worden toegekend voor

Art. 5.§ 1. Er kunnen tussentijdse verhogingen worden toegekend voor

effectieve diensten die als nuttige ervaring kunnen worden beschouwd effectieve diensten die als nuttige ervaring kunnen worden beschouwd
en die het personeel vroeger heeft gepresteerd bij instellingen die en die het personeel vroeger heeft gepresteerd bij instellingen die
erkend of gesubsidieerd zijn door een overheid van Belgisch, erkend of gesubsidieerd zijn door een overheid van Belgisch,
buitenlands of internationaal recht. buitenlands of internationaal recht.
De Minister beslist dat de in het eerste lid bedoelde diensten al dan De Minister beslist dat de in het eerste lid bedoelde diensten al dan
niet als nuttige ervaring beschouwd kunnen worden. niet als nuttige ervaring beschouwd kunnen worden.
§ 2. De tussentijdse verhogingen worden zowel aan de deeltijds als aan § 2. De tussentijdse verhogingen worden zowel aan de deeltijds als aan
de voltijds in dienst genomen personeelsleden toegekend. de voltijds in dienst genomen personeelsleden toegekend.
Als een personeelslid dat deeltijds in dienst is genomen door een Als een personeelslid dat deeltijds in dienst is genomen door een
opvangcentrum, voortaan voltijds werkt, zullen de deeltijds opvangcentrum, voortaan voltijds werkt, zullen de deeltijds
gepresteerde diensten, vanaf het ogenblik dat het lid voltijds werkt, gepresteerde diensten, vanaf het ogenblik dat het lid voltijds werkt,
berekend worden op grond van een voltijdse werkrooster voor de berekend worden op grond van een voltijdse werkrooster voor de
bepaling van zijn geldelijke anciënniteit. bepaling van zijn geldelijke anciënniteit.
De effectieve diensten die een personeelslid in een ander bezoldigd De effectieve diensten die een personeelslid in een ander bezoldigd
ambt heeft gepresteerd en die in aanmerking mogen worden genomen voor ambt heeft gepresteerd en die in aanmerking mogen worden genomen voor
de berekening van de tussentijdse verhogingen, zoals bedoeld in § 1, de berekening van de tussentijdse verhogingen, zoals bedoeld in § 1,
worden ook berekend op grond van een voltijdse werkrooster om zijn worden ook berekend op grond van een voltijdse werkrooster om zijn
geldelijke anciënniteit te bepalen voor de periode die voorafgaat aan geldelijke anciënniteit te bepalen voor de periode die voorafgaat aan
zijn indiensttreding bij een centrum. zijn indiensttreding bij een centrum.
§ 3. De toelaatbare diensten die volle maanden betreffen, worden § 3. De toelaatbare diensten die volle maanden betreffen, worden
rechtstreeks in de geldelijke anciënniteit gevaloriseerd. rechtstreeks in de geldelijke anciënniteit gevaloriseerd.
De toelaatbare diensten die maandgedeelten betreffen, worden aan het De toelaatbare diensten die maandgedeelten betreffen, worden aan het
einde van het jaar opgeteld. Maandgedeelten van dertig dagen worden in einde van het jaar opgeteld. Maandgedeelten van dertig dagen worden in
de geldelijke anciënniteit gevaloriseerd tot één maand per periode van de geldelijke anciënniteit gevaloriseerd tot één maand per periode van
dertig dagen. dertig dagen.
§ 4. De anciënniteiten worden in aanmerking genomen binnen de maand § 4. De anciënniteiten worden in aanmerking genomen binnen de maand
van de overlegging van juist verklaarde stukken met o.a. de volgende van de overlegging van juist verklaarde stukken met o.a. de volgende
gegevens : de naam en de geboortedatum van het personeelslid, de naam gegevens : de naam en de geboortedatum van het personeelslid, de naam
van de werkgevers, het doel van de dienst en het soort baan, het van de werkgevers, het doel van de dienst en het soort baan, het
statuut en het aantal gepresteerde uren, alsook het bewijs dat deze statuut en het aantal gepresteerde uren, alsook het bewijs dat deze
diensten erkend of gesubsidieerd waren door de in § 1 bedoelde diensten erkend of gesubsidieerd waren door de in § 1 bedoelde
overheid of instellingen. overheid of instellingen.

Art. 6.De centra moeten het bestuur onmiddellijk in kennis stellen

Art. 6.De centra moeten het bestuur onmiddellijk in kennis stellen

van elke personeelswijziging. van elke personeelswijziging.

Art. 7.De toekenning van de toelagen maakt het voorwerp uit van vier

Art. 7.De toekenning van de toelagen maakt het voorwerp uit van vier

driemaandelijkse voorschotten die gelijk zijn aan het vierde van de driemaandelijkse voorschotten die gelijk zijn aan het vierde van de
toelage die overeenkomstig de bepalingen van artikel 4 wordt berekend. toelage die overeenkomstig de bepalingen van artikel 4 wordt berekend.
De driemaandelijkse voorschotten worden betaald als volgt : uiterlijk De driemaandelijkse voorschotten worden betaald als volgt : uiterlijk
15 februari voor het eerste trimester, 15 mei voor het tweede 15 februari voor het eerste trimester, 15 mei voor het tweede
trimester, 15 augustus voor het derde trimester en 15 november voor trimester, 15 augustus voor het derde trimester en 15 november voor
het vierde trimester. het vierde trimester.
Het saldo van het afgelopen jaar wordt bij de betaling van het tweede Het saldo van het afgelopen jaar wordt bij de betaling van het tweede
voorschot vereffend. voorschot vereffend.
Afdeling 2. - Normen voor de lokalen Afdeling 2. - Normen voor de lokalen

Art. 8.De lokalen worden regelmatig onderhouden. Ze moeten tegen

Art. 8.De lokalen worden regelmatig onderhouden. Ze moeten tegen

vochtigheid en inwatering beschermd zijn. vochtigheid en inwatering beschermd zijn.

Art. 9.De temperatuur moet steeds 22° bereiken in de woonkamers en

Art. 9.De temperatuur moet steeds 22° bereiken in de woonkamers en

slaapkamers en 18° in de andere lokalen, ongeacht de slaapkamers en 18° in de andere lokalen, ongeacht de
weersomstandigheden. weersomstandigheden.
Het verwarmingssysteem mag geen open vlam noch gas- of Het verwarmingssysteem mag geen open vlam noch gas- of
stofontwikkeling toelaten. stofontwikkeling toelaten.

Art. 10.Alle lokalen moeten voorzien zijn van luchtverversing en

Art. 10.Alle lokalen moeten voorzien zijn van luchtverversing en

verlichting. Alle lokalen die voor de gehuisveste personen verlichting. Alle lokalen die voor de gehuisveste personen
toegankelijk zijn, moeten voorzien zijn van de nodige elektrische toegankelijk zijn, moeten voorzien zijn van de nodige elektrische
verlichting en van de geschikte noodverlichting. De verlichting moet verlichting en van de geschikte noodverlichting. De verlichting moet
beantwoorden aan de behoeften, al naar gelang de activiteiten die in beantwoorden aan de behoeften, al naar gelang de activiteiten die in
de lokalen plaatsvinden. de lokalen plaatsvinden.

Art. 11.Het gebouw moet voorzien zijn van drinkwater.

Art. 11.Het gebouw moet voorzien zijn van drinkwater.

Art. 12.De algemene diensten, met name de keuken en de wasserij,

Art. 12.De algemene diensten, met name de keuken en de wasserij,

moeten zodanig ingericht worden dat geuren, dampen en geluiden geen moeten zodanig ingericht worden dat geuren, dampen en geluiden geen
hinder vormen voor de gehuisveste personen. hinder vormen voor de gehuisveste personen.

Art. 13.De dieren die toegelaten worden overeenkomstig de bepalingen

Art. 13.De dieren die toegelaten worden overeenkomstig de bepalingen

van het huishoudelijk reglement, zoals goedgekeurd door de Minister, van het huishoudelijk reglement, zoals goedgekeurd door de Minister,
mogen in geen geval toegang krijgen tot de keukens, de lokalen waar mogen in geen geval toegang krijgen tot de keukens, de lokalen waar
voedingsmiddelen bewaard worden, de eetkamer, noch de eventuele voedingsmiddelen bewaard worden, de eetkamer, noch de eventuele
verzorgingslokalen. verzorgingslokalen.

Art. 14.Het gebouw moet uitgerust zijn met voldoende sanitaire

Art. 14.Het gebouw moet uitgerust zijn met voldoende sanitaire

voorzieningen. voorzieningen.
De lokalen moeten uitgerust zijn met een luchtverversing. De lokalen moeten uitgerust zijn met een luchtverversing.
Elk centrum moet ten minste beschikken over : Elk centrum moet ten minste beschikken over :
- 1 WC voor 10 gehuisveste personen; - 1 WC voor 10 gehuisveste personen;
- 1 douche of bad voor 12 gehuisveste personen. - 1 douche of bad voor 12 gehuisveste personen.
Elke WC moet van binnen afgesloten kunnen worden. Elke WC moet van binnen afgesloten kunnen worden.
De baden of douches moeten dagelijks gebruikt kunnen worden door de De baden of douches moeten dagelijks gebruikt kunnen worden door de
gehuisveste personen. gehuisveste personen.
De waterstraal van de douche moet richtbaar zijn. De waterstraal van de douche moet richtbaar zijn.
De sanitaire voorzieningen moeten met antislipmiddelen uitgerust zijn. De sanitaire voorzieningen moeten met antislipmiddelen uitgerust zijn.
Er worden voorzorgsmaatregelen getroffen om te voorkomen dat de Er worden voorzorgsmaatregelen getroffen om te voorkomen dat de
watertoevoer of -afvoerapparatuur ongevallen veroorzaakt. watertoevoer of -afvoerapparatuur ongevallen veroorzaakt.
Het afvalwater wordt steeds overeenkomstig de hygiëneregels afgevoerd. Het afvalwater wordt steeds overeenkomstig de hygiëneregels afgevoerd.

Art. 15.Er moet worden voorzien in één of meer slaapkamers.

Art. 15.Er moet worden voorzien in één of meer slaapkamers.

Wanneer een slaapkamer verschillende bedden telt, moeten deze op ten Wanneer een slaapkamer verschillende bedden telt, moeten deze op ten
minste 60 cm van elkaar staan als de personen meer dan 10 dagen minste 60 cm van elkaar staan als de personen meer dan 10 dagen
verblijven. verblijven.
Bovendien moet elk bed op minimum 50 cm van een venster staan. Bovendien moet elk bed op minimum 50 cm van een venster staan.
Er moet voorzien worden in eventueel verplaatsbare scheidingswanden om Er moet voorzien worden in eventueel verplaatsbare scheidingswanden om
een minimum privacy te verzekeren. een minimum privacy te verzekeren.

Art. 16.De centra met gemeenschappelijke slaapkamers beschikken over

Art. 16.De centra met gemeenschappelijke slaapkamers beschikken over

een isoleerkamer. een isoleerkamer.

Art. 17.Elke kamer beschikt ten minste over één bed per persoon en

Art. 17.Elke kamer beschikt ten minste over één bed per persoon en

over één kleerkast per niet verwante persoon. over één kleerkast per niet verwante persoon.

Art. 18.Het beddegoed wordt constant schoon gehouden en, hoe dan ook,

Art. 18.Het beddegoed wordt constant schoon gehouden en, hoe dan ook,

ten minste één keer om de veertien dagen en telkens als het nodig is ten minste één keer om de veertien dagen en telkens als het nodig is
vervangen. vervangen.
De vuile was wordt in hermetisch sluitende vaten opgestapeld en De vuile was wordt in hermetisch sluitende vaten opgestapeld en
dagelijks weggevoerd. dagelijks weggevoerd.

Art. 19.De gangen en trappen moeten breed genoeg zijn om een snelle

Art. 19.De gangen en trappen moeten breed genoeg zijn om een snelle

ontruiming van de lokalen toe te laten, overeenkomstig de in artikel ontruiming van de lokalen toe te laten, overeenkomstig de in artikel
12, 1°, g), van het decreet bedoelde wetgeving inzake 12, 1°, g), van het decreet bedoelde wetgeving inzake
brandbestrijding. brandbestrijding.

Art. 20.Alle centra van de categorieën IV en V, zoals bedoeld in

Art. 20.Alle centra van de categorieën IV en V, zoals bedoeld in

artikel 4 van het decreet, beschikken over een woonkamer die artikel 4 van het decreet, beschikken over een woonkamer die
gescheiden is van de andere lokalen. gescheiden is van de andere lokalen.

Art. 21.In geval van overmacht kan de Minister, na advies van de

Art. 21.In geval van overmacht kan de Minister, na advies van de

erkennings- en adviescommissie en voor zover de veiligheid van de erkennings- en adviescommissie en voor zover de veiligheid van de
gehuisveste personen verzekerd blijft, een centrum vrijstellen van de gehuisveste personen verzekerd blijft, een centrum vrijstellen van de
naleving van één of meer normen bedoeld in deze afdeling voor de duur naleving van één of meer normen bedoeld in deze afdeling voor de duur
die nodig is om orde op zaken te stellen. die nodig is om orde op zaken te stellen.
Afdeling 3 - Vergoedingen voor de leden van de erkennings- en Afdeling 3 - Vergoedingen voor de leden van de erkennings- en
adviescommissie adviescommissie

Art. 22.De leden die de door de erkennings- en adviescommissie

Art. 22.De leden die de door de erkennings- en adviescommissie

belegde werkvergaderingen bijwonen, hebben recht op presentiegeld, belegde werkvergaderingen bijwonen, hebben recht op presentiegeld,
namelijk : namelijk :
1° 600 BEF voor de voorzitter; 1° 600 BEF voor de voorzitter;
2° 500 BEF voor elk lid. 2° 500 BEF voor elk lid.
Op vertoon van bewijsstukken of, bij gebreke daarvan, van een staat Op vertoon van bewijsstukken of, bij gebreke daarvan, van een staat
van de onkosten, worden de reiskosten van de voorzitter en de leden van de onkosten, worden de reiskosten van de voorzitter en de leden
van de Commissie terugbetaald onder de volgende voorwaarden : van de Commissie terugbetaald onder de volgende voorwaarden :
1. bij gebruik van het openbaar vervoer worden de reiskosten 1. bij gebruik van het openbaar vervoer worden de reiskosten
terugbetaald op basis van de officiële tarieven. Als het openbaar terugbetaald op basis van de officiële tarieven. Als het openbaar
vervoer verschillende klassen telt, wordt de prijs van een kaartje vervoer verschillende klassen telt, wordt de prijs van een kaartje
eerste klas terugbetaald; eerste klas terugbetaald;
2. het gebruik van een eigen wagen geeft recht op een bepaalde 2. het gebruik van een eigen wagen geeft recht op een bepaalde
kilometervergoeding op grond van het tarief vastgesteld in de kilometervergoeding op grond van het tarief vastgesteld in de
reglementering die van toepassing is op de gewestelijke ambtenaren van reglementering die van toepassing is op de gewestelijke ambtenaren van
rang A 4; rang A 4;
3. de aan het gebruik van een eigen wagen inherente risico's worden 3. de aan het gebruik van een eigen wagen inherente risico's worden
niet door het Gewest gedekt. niet door het Gewest gedekt.
Afdeling 4. - Slotbepalingen Afdeling 4. - Slotbepalingen

Art. 23.De Minister is belast met de uitvoering van dit besluit.

Art. 23.De Minister is belast met de uitvoering van dit besluit.

Art. 24.Dit besluit treedt in werking op 1 januari 1998.

Art. 24.Dit besluit treedt in werking op 1 januari 1998.

Namen, 18 juni 1998. Namen, 18 juni 1998.
De Minister-President van de Waalse Regering, De Minister-President van de Waalse Regering,
belast met Economie, Buitenlandse Handel, K.M.O.'s, Toerisme en belast met Economie, Buitenlandse Handel, K.M.O.'s, Toerisme en
Patrimonium, Patrimonium,
R. COLLIGNON R. COLLIGNON
De Minister van Sociale Actie, Huisvesting en Gezondheid, De Minister van Sociale Actie, Huisvesting en Gezondheid,
W. TAMINIAUX W. TAMINIAUX
Bijlage Bijlage
Voor de raadpleging van de tabel, zie beeld Voor de raadpleging van de tabel, zie beeld
Gezien om te worden gevoegd bij het besluit van de Waalse Regering van Gezien om te worden gevoegd bij het besluit van de Waalse Regering van
18 juni 1998 tot uitvoering, wat de opvangcentra voor volwassenen 18 juni 1998 tot uitvoering, wat de opvangcentra voor volwassenen
betreft, van het programmadecreet houdende verschillende maatregelen betreft, van het programmadecreet houdende verschillende maatregelen
inzake sociale actie en sportinfrastructuren. inzake sociale actie en sportinfrastructuren.
Namen, 18 juni 1998. Namen, 18 juni 1998.
De Minister-President van de Waalse Regering, De Minister-President van de Waalse Regering,
belast met Economie, Buitenlandse Handel, K.M.O.'s, Toerisme en belast met Economie, Buitenlandse Handel, K.M.O.'s, Toerisme en
Patrimonium, Patrimonium,
R. COLLIGNON R. COLLIGNON
De Minister van Sociale Actie, Huisvesting en Gezondheid, De Minister van Sociale Actie, Huisvesting en Gezondheid,
W. TAMINIAUX W. TAMINIAUX
^