Besluit van de Vlaamse Regering betreffende de erkenning en het statuut van de leersecretaris | Besluit van de Vlaamse Regering betreffende de erkenning en het statuut van de leersecretaris |
---|---|
MINISTERIE VAN DE VLAAMSE GEMEENSCHAP | MINISTERIE VAN DE VLAAMSE GEMEENSCHAP |
10 DECEMBER 2004. - Besluit van de Vlaamse Regering betreffende de | 10 DECEMBER 2004. - Besluit van de Vlaamse Regering betreffende de |
erkenning en het statuut van de leersecretaris | erkenning en het statuut van de leersecretaris |
De Vlaamse Regering, | De Vlaamse Regering, |
Gelet op het decreet van 23 januari 1991 betreffende de vorming en de | Gelet op het decreet van 23 januari 1991 betreffende de vorming en de |
begeleiding van de zelfstandigen en de kleine en middelgrote | begeleiding van de zelfstandigen en de kleine en middelgrote |
ondernemingen, inzonderheid op artikel 48, gewijzigd bij het decreet | ondernemingen, inzonderheid op artikel 48, gewijzigd bij het decreet |
van 7 juli 1998, en op artikel 62 en 63; | van 7 juli 1998, en op artikel 62 en 63; |
Gelet op het besluit van de Vlaamse Regering van 7 april 1998 | Gelet op het besluit van de Vlaamse Regering van 7 april 1998 |
betreffende het statuut van de leersecretaris, gewijzigd bij de | betreffende het statuut van de leersecretaris, gewijzigd bij de |
besluiten van de Vlaamse Regering van 23 juli 1998 en 3 mei 2002; | besluiten van de Vlaamse Regering van 23 juli 1998 en 3 mei 2002; |
Gelet op het besluit van de Vlaamse Regering van 23 februari 1999 | Gelet op het besluit van de Vlaamse Regering van 23 februari 1999 |
betreffende de ondernemersopleiding bedoeld in het decreet van 23 | betreffende de ondernemersopleiding bedoeld in het decreet van 23 |
januari 1991 betreffende de vorming en de begeleiding van de | januari 1991 betreffende de vorming en de begeleiding van de |
zelfstandigen en de kleine en middelgrote ondernemingen, gewijzigd bij | zelfstandigen en de kleine en middelgrote ondernemingen, gewijzigd bij |
het besluit van de Vlaamse Regering van 3 mei 2002; | het besluit van de Vlaamse Regering van 3 mei 2002; |
Gelet op het advies van de praktijkcommissie van het Vlaams Instituut | Gelet op het advies van de praktijkcommissie van het Vlaams Instituut |
voor het Zelfstandig Ondernemen, gegeven op 25 februari 2003 en 10 | voor het Zelfstandig Ondernemen, gegeven op 25 februari 2003 en 10 |
juni 2003; | juni 2003; |
Gelet op het advies van de raad van bestuur van het Vlaams Instituut | Gelet op het advies van de raad van bestuur van het Vlaams Instituut |
voor het Zelfstandig Ondernemen, gegeven op 28 februari 2003 en 9 mei | voor het Zelfstandig Ondernemen, gegeven op 28 februari 2003 en 9 mei |
2003; | 2003; |
Gelet op het akkoord van de Vlaamse minister, bevoegd voor de | Gelet op het akkoord van de Vlaamse minister, bevoegd voor de |
Begroting, gegeven op 28 april 2004; | Begroting, gegeven op 28 april 2004; |
Gelet op het akkoord van de Vlaamse minister, bevoegd voor de | Gelet op het akkoord van de Vlaamse minister, bevoegd voor de |
Ambtenarenzaken, gegeven op 19 november 2003; | Ambtenarenzaken, gegeven op 19 november 2003; |
Gelet op het protocol nr. 210.663 van 27 mei 2004 van het Sectorcomité | Gelet op het protocol nr. 210.663 van 27 mei 2004 van het Sectorcomité |
XVIII Vlaamse Gemeenschap - Vlaams Gewest; | XVIII Vlaamse Gemeenschap - Vlaams Gewest; |
Gelet op het advies 37.548/1/V van de Raad van State, gegeven op 3 | Gelet op het advies 37.548/1/V van de Raad van State, gegeven op 3 |
augustus 2004, met toepassing van artikel 84, § 1, eerste lid, 1°, van | augustus 2004, met toepassing van artikel 84, § 1, eerste lid, 1°, van |
de gecoördineerde wetten op de Raad van State; | de gecoördineerde wetten op de Raad van State; |
Op voorstel van de Vlaamse minister van Economie, Wetenschap, | Op voorstel van de Vlaamse minister van Economie, Wetenschap, |
Innovatie en Buitenlandse Handel en de Vlaamse minister van Werk, | Innovatie en Buitenlandse Handel en de Vlaamse minister van Werk, |
Onderwijs en Vorming; | Onderwijs en Vorming; |
Na beraadslaging, | Na beraadslaging, |
Besluit : | Besluit : |
HOOFDSTUK I. - Definities | HOOFDSTUK I. - Definities |
Artikel 1.Voor de toepassing van dit besluit wordt verstaan onder : |
Artikel 1.Voor de toepassing van dit besluit wordt verstaan onder : |
1° decreet : het decreet van 23 januari 1991 betreffende de vorming en | 1° decreet : het decreet van 23 januari 1991 betreffende de vorming en |
de begeleiding van de zelfstandigen en de kleine en middelgrote | de begeleiding van de zelfstandigen en de kleine en middelgrote |
ondernemingen; | ondernemingen; |
2° VIZO : het Vlaams Instituut voor het Zelfstandig Ondernemen, | 2° VIZO : het Vlaams Instituut voor het Zelfstandig Ondernemen, |
opgericht bij artikel 20 van het decreet; | opgericht bij artikel 20 van het decreet; |
3° leertrajectbegeleider : de leersecretaris, bedoeld in artikelen 62, | 3° leertrajectbegeleider : de leersecretaris, bedoeld in artikelen 62, |
63 en 73 van het decreet; | 63 en 73 van het decreet; |
4° praktijkcommissie : de praktijkcommissie, bedoeld in artikel 22 van | 4° praktijkcommissie : de praktijkcommissie, bedoeld in artikel 22 van |
het decreet; | het decreet; |
5° overeenkomst : de overeenkomst tussen de praktijkcommissie en de | 5° overeenkomst : de overeenkomst tussen de praktijkcommissie en de |
leersecretaris, bedoeld in artikel 63, § 2 en § 3 van het decreet; | leersecretaris, bedoeld in artikel 63, § 2 en § 3 van het decreet; |
6° leerovereenkomst : de leerovereenkomst bedoeld in artikel 5 van het | 6° leerovereenkomst : de leerovereenkomst bedoeld in artikel 5 van het |
decreet; | decreet; |
7° stageovereenkomst : de leerovereenkomst tot het vervullen van de | 7° stageovereenkomst : de leerovereenkomst tot het vervullen van de |
praktijkstage bedoeld in artikel 8 van het decreet; | praktijkstage bedoeld in artikel 8 van het decreet; |
8° Syntra : de centra voor vorming van zelfstandigen en kleine en | 8° Syntra : de centra voor vorming van zelfstandigen en kleine en |
middelgrote ondernemingen bedoeld in artikelen 57 tot en met 61 van | middelgrote ondernemingen bedoeld in artikelen 57 tot en met 61 van |
het decreet; | het decreet; |
9° stambesluit VOI : het besluit van de Vlaamse Regering van 30 juni | 9° stambesluit VOI : het besluit van de Vlaamse Regering van 30 juni |
2000 houdende de regeling van de rechtspositie van het personeel van | 2000 houdende de regeling van de rechtspositie van het personeel van |
sommige Vlaamse openbare instellingen. | sommige Vlaamse openbare instellingen. |
HOOFDSTUK II. - Begeleidingsopdracht | HOOFDSTUK II. - Begeleidingsopdracht |
Art. 2.§ 1. De opdracht van de leertrajectbegeleider omvat : |
Art. 2.§ 1. De opdracht van de leertrajectbegeleider omvat : |
1° het begeleiden van leerovereenkomsten zoals omschreven in artikel | 1° het begeleiden van leerovereenkomsten zoals omschreven in artikel |
62 van het decreet; | 62 van het decreet; |
2° het begeleiden van stageovereenkomsten met toepassing van artikel | 2° het begeleiden van stageovereenkomsten met toepassing van artikel |
62 van het decreet, met dien verstande dat voor de toepassing ervan de | 62 van het decreet, met dien verstande dat voor de toepassing ervan de |
leerling wordt vervangen door de stagiair en de leerovereenkomst door | leerling wordt vervangen door de stagiair en de leerovereenkomst door |
de stageovereenkomst. | de stageovereenkomst. |
§ 2. De praktijkcommissie kan de begeleidingsopdracht, genoemd in § 1, | § 2. De praktijkcommissie kan de begeleidingsopdracht, genoemd in § 1, |
nader omschrijven, rekening houdend met de taken van de Syntra. Ze kan | nader omschrijven, rekening houdend met de taken van de Syntra. Ze kan |
hiertoe samenwerkingsovereenkomsten met de Syntra sluiten. | hiertoe samenwerkingsovereenkomsten met de Syntra sluiten. |
HOOFDSTUK III. - Erkenning | HOOFDSTUK III. - Erkenning |
Art. 3.De leertrajectbegeleider wordt erkend door de |
Art. 3.De leertrajectbegeleider wordt erkend door de |
praktijkcommissie. Hiertoe sluit de praktijkcommissie met hem een | praktijkcommissie. Hiertoe sluit de praktijkcommissie met hem een |
overeenkomst waarin de praktijkcommissie hem extra verplichtingen kan | overeenkomst waarin de praktijkcommissie hem extra verplichtingen kan |
opleggen en een deel van haar bevoegdheden kan overdragen. | opleggen en een deel van haar bevoegdheden kan overdragen. |
Art. 4.Om erkend te kunnen worden moet de leertrajectbegeleider aan |
Art. 4.Om erkend te kunnen worden moet de leertrajectbegeleider aan |
de volgende voorwaarden voldoen : | de volgende voorwaarden voldoen : |
1° van onberispelijk gedrag zijn; | 1° van onberispelijk gedrag zijn; |
2° de burgerlijke en politieke rechten genieten; | 2° de burgerlijke en politieke rechten genieten; |
3° houder zijn van ten minste het diploma van het hoger onderwijs van | 3° houder zijn van ten minste het diploma van het hoger onderwijs van |
één cyclus; | één cyclus; |
4° lichamelijk geschikt zijn; | 4° lichamelijk geschikt zijn; |
5° geslaagd zijn voor een vergelijkend examen georganiseerd door de | 5° geslaagd zijn voor een vergelijkend examen georganiseerd door de |
praktijkcommissie. | praktijkcommissie. |
Art. 5.Het examen, bedoeld in artikel 4, 5°, omvat een schriftelijke |
Art. 5.Het examen, bedoeld in artikel 4, 5°, omvat een schriftelijke |
proef en een interview waarbij wordt nagegaan of het profiel van de | proef en een interview waarbij wordt nagegaan of het profiel van de |
kandidaat overeenstemt met de specifieke vereisten van de betrekking. | kandidaat overeenstemt met de specifieke vereisten van de betrekking. |
Het houdt tevens rekening met de ervaring en de verdiensten van de | Het houdt tevens rekening met de ervaring en de verdiensten van de |
kandidaat. | kandidaat. |
De examencommissie is samengesteld uit vier leden, van wie twee leden | De examencommissie is samengesteld uit vier leden, van wie twee leden |
worden aangewezen door de vertegenwoordigers van de representatieve | worden aangewezen door de vertegenwoordigers van de representatieve |
werknemersorganisaties en twee leden door de vertegenwoordigers van de | werknemersorganisaties en twee leden door de vertegenwoordigers van de |
representatieve organisaties van zelfstandigen en kleine en | representatieve organisaties van zelfstandigen en kleine en |
middelgrote ondernemingen van de praktijkcommissie. De leidend | middelgrote ondernemingen van de praktijkcommissie. De leidend |
ambtenaar of een van de adjunct-leidend ambtenaren of hun | ambtenaar of een van de adjunct-leidend ambtenaren of hun |
afgevaardigde maakt ambtshalve deel uit van de examencommissie maar | afgevaardigde maakt ambtshalve deel uit van de examencommissie maar |
heeft geen stemrecht. | heeft geen stemrecht. |
De examencommissie bepaalt vooraf de inhoud van het examen en de wijze | De examencommissie bepaalt vooraf de inhoud van het examen en de wijze |
van evalueren. | van evalueren. |
Art. 6.In afwijking van artikel 4, 3° en 5°, en van artikel 5 kunnen |
Art. 6.In afwijking van artikel 4, 3° en 5°, en van artikel 5 kunnen |
de statutaire personeelsleden van het VIZO van niveau B of die | de statutaire personeelsleden van het VIZO van niveau B of die |
geslaagd zijn voor een examen van niveau B op hun verzoek door de | geslaagd zijn voor een examen van niveau B op hun verzoek door de |
praktijkcommissie worden erkend als leertrajectbegeleider als zij na | praktijkcommissie worden erkend als leertrajectbegeleider als zij na |
een inwerkperiode van zes maanden hiertoe geschikt worden bevonden | een inwerkperiode van zes maanden hiertoe geschikt worden bevonden |
door hun evaluatoren. | door hun evaluatoren. |
Art. 7.De overeenkomst, bedoeld in artikel 3, wordt schriftelijk |
Art. 7.De overeenkomst, bedoeld in artikel 3, wordt schriftelijk |
gesloten overeenkomstig het model A dat als bijlage I bij dit besluit | gesloten overeenkomstig het model A dat als bijlage I bij dit besluit |
is gevoegd. Die overeenkomst kan overeenkomstig de erkenning voor | is gevoegd. Die overeenkomst kan overeenkomstig de erkenning voor |
onbepaalde of voor bepaalde duur gelden. | onbepaalde of voor bepaalde duur gelden. |
Art. 8.§ 1. De erkenning van de leertrajectbegeleider vervalt van |
Art. 8.§ 1. De erkenning van de leertrajectbegeleider vervalt van |
rechtswege : | rechtswege : |
1° de eerste dag van de maand die volgt op de maand waarin de | 1° de eerste dag van de maand die volgt op de maand waarin de |
leertrajectbegeleider de leeftijd van 65 jaar bereikt; | leertrajectbegeleider de leeftijd van 65 jaar bereikt; |
2° als de leertrajectbegeleider niet meer met een arbeidsovereenkomst | 2° als de leertrajectbegeleider niet meer met een arbeidsovereenkomst |
aan het VIZO verbonden is. | aan het VIZO verbonden is. |
§ 2. De erkenning van leertrajectbegeleider wordt van rechtswege | § 2. De erkenning van leertrajectbegeleider wordt van rechtswege |
geschorst gedurende de periode van schorsing van de | geschorst gedurende de periode van schorsing van de |
arbeidsovereenkomst met het VIZO. | arbeidsovereenkomst met het VIZO. |
Art. 9.Als de leertrajectbegeleider zijn opdracht niet naar behoren |
Art. 9.Als de leertrajectbegeleider zijn opdracht niet naar behoren |
vervult, overeenkomstig de bepalingen van het decreet, de besluiten, | vervult, overeenkomstig de bepalingen van het decreet, de besluiten, |
genomen ter uitvoering ervan, de overeenkomst of de richtlijnen | genomen ter uitvoering ervan, de overeenkomst of de richtlijnen |
vastgelegd door de praktijkcommissie, kan de praktijkcommissie de | vastgelegd door de praktijkcommissie, kan de praktijkcommissie de |
volgende acties ondernemen : | volgende acties ondernemen : |
1° de erkenning schorsen in geval van zwaarwichtige of dringende | 1° de erkenning schorsen in geval van zwaarwichtige of dringende |
redenen die tijdelijk het functioneren van de leertrajectbegeleider | redenen die tijdelijk het functioneren van de leertrajectbegeleider |
onmogelijk maken; | onmogelijk maken; |
2° de erkenning opheffen in geval van zwaarwichtige redenen die | 2° de erkenning opheffen in geval van zwaarwichtige redenen die |
definitief het functioneren van de leertrajectbegeleider onmogelijk | definitief het functioneren van de leertrajectbegeleider onmogelijk |
maken; | maken; |
3° de erkenning intrekken als de leertrajectbegeleider valse | 3° de erkenning intrekken als de leertrajectbegeleider valse |
verklaringen heeft afgelegd om erkend te kunnen worden. | verklaringen heeft afgelegd om erkend te kunnen worden. |
Art. 10.§ 1. De sancties genoemd in artikel 9, kunnen pas worden |
Art. 10.§ 1. De sancties genoemd in artikel 9, kunnen pas worden |
genomen nadat het advies van de evaluatoren van de | genomen nadat het advies van de evaluatoren van de |
leertrajectbegeleider is ingewonnen en na onderzoek door de | leertrajectbegeleider is ingewonnen en na onderzoek door de |
praktijkcommissie. | praktijkcommissie. |
§ 2. De leertrajectbegeleider wordt door de praktijkcommissie | § 2. De leertrajectbegeleider wordt door de praktijkcommissie |
verwittigd van de start van het onderzoek, bedoeld in § 1. | verwittigd van de start van het onderzoek, bedoeld in § 1. |
§ 3. De leertrajectbegeleider moet op zijn verzoek door de | § 3. De leertrajectbegeleider moet op zijn verzoek door de |
praktijkcommissie worden gehoord. In voorkomend geval kan de | praktijkcommissie worden gehoord. In voorkomend geval kan de |
leertrajectbegeleider zich laten bijstaan door een raadsman. | leertrajectbegeleider zich laten bijstaan door een raadsman. |
HOOFDSTUK IV. - Statuut | HOOFDSTUK IV. - Statuut |
Art. 11.De leertrajectbegeleider die erkend is door de |
Art. 11.De leertrajectbegeleider die erkend is door de |
praktijkcommissie en minstens vijf jaar nuttige praktijkervaring | praktijkcommissie en minstens vijf jaar nuttige praktijkervaring |
heeft, wordt als leertrajectbegeleider in dienst genomen door het | heeft, wordt als leertrajectbegeleider in dienst genomen door het |
VIZO. Overeenkomstig de duur van de erkenning krijgt hij een | VIZO. Overeenkomstig de duur van de erkenning krijgt hij een |
arbeidsovereenkomst van onbepaalde duur of van bepaalde duur. | arbeidsovereenkomst van onbepaalde duur of van bepaalde duur. |
De praktijkcommissie bepaalt welke activiteiten voor de nuttige | De praktijkcommissie bepaalt welke activiteiten voor de nuttige |
praktijkervaring, bedoeld in het eerste lid, in aanmerking komen. | praktijkervaring, bedoeld in het eerste lid, in aanmerking komen. |
Art. 12.De arbeidsovereenkomst wordt beëindigd bij het vervallen, de |
Art. 12.De arbeidsovereenkomst wordt beëindigd bij het vervallen, de |
opheffing of de intrekking van de erkenning. | opheffing of de intrekking van de erkenning. |
HOOFDSTUK V. - Slotbepalingen | HOOFDSTUK V. - Slotbepalingen |
Art. 13.Het besluit van de Vlaamse Regering van 7 april 1998 |
Art. 13.Het besluit van de Vlaamse Regering van 7 april 1998 |
betreffende het statuut van de leersecretarissen, gewijzigd bij de | betreffende het statuut van de leersecretarissen, gewijzigd bij de |
besluiten van de Vlaamse Regering van 23 juli 1998 en 3 mei 2002, | besluiten van de Vlaamse Regering van 23 juli 1998 en 3 mei 2002, |
worden opgeheven. | worden opgeheven. |
Art. 14.Artikelen 71 en 72 van het besluit van de Vlaamse Regering |
Art. 14.Artikelen 71 en 72 van het besluit van de Vlaamse Regering |
van 23 februari 1999 betreffende de ondernemersopleiding, bedoeld bij | van 23 februari 1999 betreffende de ondernemersopleiding, bedoeld bij |
het decreet van 23 januari 1991 betreffende de vorming en de | het decreet van 23 januari 1991 betreffende de vorming en de |
begeleiding van de zelfstandigen en de kleine en middelgrote | begeleiding van de zelfstandigen en de kleine en middelgrote |
ondernemingen, worden opgeheven. | ondernemingen, worden opgeheven. |
Art. 15.In afwijking van artikel 13 blijven, voor de duur van |
Art. 15.In afwijking van artikel 13 blijven, voor de duur van |
artikelen 17 en 18 van dit besluit, de genoemde regelingen, bedoeld in | artikelen 17 en 18 van dit besluit, de genoemde regelingen, bedoeld in |
artikelen 13 en 14 van kracht. | artikelen 13 en 14 van kracht. |
Art. 16.Onverminderd de toepassing van artikel 18, wordt de |
Art. 16.Onverminderd de toepassing van artikel 18, wordt de |
leertrajectbegeleider die erkend is op de datum van inwerkingtreding | leertrajectbegeleider die erkend is op de datum van inwerkingtreding |
van dit besluit en door een overeenkomst van onbepaalde duur aan de | van dit besluit en door een overeenkomst van onbepaalde duur aan de |
praktijkcommissie gebonden is, met toepassing van het besluit van de | praktijkcommissie gebonden is, met toepassing van het besluit van de |
Vlaamse Regering van 7 april 1998 betreffende het statuut van | Vlaamse Regering van 7 april 1998 betreffende het statuut van |
leersecretaris, gewijzigd bij besluit van de Vlaamse Regering van 23 | leersecretaris, gewijzigd bij besluit van de Vlaamse Regering van 23 |
juli 1998, beschouwd als erkend in het kader van dit besluit. | juli 1998, beschouwd als erkend in het kader van dit besluit. |
Art. 17.De leertrajectbegeleider, genoemd in artikel 16, wordt op |
Art. 17.De leertrajectbegeleider, genoemd in artikel 16, wordt op |
voorwaarde dat hij minstens vijf jaar nuttige praktijkervaring als | voorwaarde dat hij minstens vijf jaar nuttige praktijkervaring als |
bedoeld in artikel 11, tweede lid, heeft, op zijn verzoek als speciaal | bedoeld in artikel 11, tweede lid, heeft, op zijn verzoek als speciaal |
leertrajectbegeleider met een arbeidsovereenkomst van onbepaalde duur | leertrajectbegeleider met een arbeidsovereenkomst van onbepaalde duur |
door het VIZO in dienst genomen. Hij moet hiertoe een schriftelijk | door het VIZO in dienst genomen. Hij moet hiertoe een schriftelijk |
verzoek bij aangetekende brief richten aan de leidend ambtenaar van | verzoek bij aangetekende brief richten aan de leidend ambtenaar van |
het VIZO, uiterlijk binnen een termijn van zes maanden die in werking | het VIZO, uiterlijk binnen een termijn van zes maanden die in werking |
treedt de dag van de inwerkingtreding van dit besluit. Als hij niet | treedt de dag van de inwerkingtreding van dit besluit. Als hij niet |
minstens het diploma, bedoeld in artikel 4, 3°, bezit, moet hij slagen | minstens het diploma, bedoeld in artikel 4, 3°, bezit, moet hij slagen |
voor het examen, bedoeld in artikel 29, van het besluit van de Vlaamse | voor het examen, bedoeld in artikel 29, van het besluit van de Vlaamse |
Regering van 10 december 2004, houdende organisatie van het Vlaams | Regering van 10 december 2004, houdende organisatie van het Vlaams |
Instituut voor het Zelfstandig Ondernemen en de instellingsspecifieke | Instituut voor het Zelfstandig Ondernemen en de instellingsspecifieke |
regeling van de rechtspositie van het personeel. Hij treedt in dienst | regeling van de rechtspositie van het personeel. Hij treedt in dienst |
van het VIZO binnen een periode van zes maanden die ingaat op de dag | van het VIZO binnen een periode van zes maanden die ingaat op de dag |
die volgt op zijn verzoek of in voorkomend geval de dag dat hij | die volgt op zijn verzoek of in voorkomend geval de dag dat hij |
verneemt dat hij voor het examen geslaagd is. | verneemt dat hij voor het examen geslaagd is. |
De leertrajectbegeleider, genoemd in het eerste lid, valt bij zijn | De leertrajectbegeleider, genoemd in het eerste lid, valt bij zijn |
indiensttreding in het VIZO onder de toepassing van dit besluit met | indiensttreding in het VIZO onder de toepassing van dit besluit met |
uitzondering van artikel 4, 3°, en 5° en artikelen 5, 6, 11, 18 en 19. | uitzondering van artikel 4, 3°, en 5° en artikelen 5, 6, 11, 18 en 19. |
Art. 18.De leertrajectbegeleider die niet kiest voor de toepassing |
Art. 18.De leertrajectbegeleider die niet kiest voor de toepassing |
van artikel 17 of die niet slaagt voor het examen, bedoeld in artikel | van artikel 17 of die niet slaagt voor het examen, bedoeld in artikel |
17, eerste lid, blijft zijn opdracht uitoefenen overeenkomstig de | 17, eerste lid, blijft zijn opdracht uitoefenen overeenkomstig de |
bepalingen van het besluit, genoemd in artikel 16. In dat geval blijft | bepalingen van het besluit, genoemd in artikel 16. In dat geval blijft |
de erkenning, bedoeld in artikel 16 gedurende maximaal tien jaar | de erkenning, bedoeld in artikel 16 gedurende maximaal tien jaar |
behouden. De periode van tien jaar gaat in op de dag van de | behouden. De periode van tien jaar gaat in op de dag van de |
inwerkingtreding van dit besluit. Bij het verstrijken van de termijn | inwerkingtreding van dit besluit. Bij het verstrijken van de termijn |
vervalt de erkenning als leertrajectbegeleider van rechtswege. | vervalt de erkenning als leertrajectbegeleider van rechtswege. |
In afwijking van het eerste lid moet de leertrajectbegeleider, genoemd | In afwijking van het eerste lid moet de leertrajectbegeleider, genoemd |
in het eerste lid, wil hij erkend blijven, binnen een termijn van één | in het eerste lid, wil hij erkend blijven, binnen een termijn van één |
jaar, die in werking treedt de dag van de inwerkingtreding van dit | jaar, die in werking treedt de dag van de inwerkingtreding van dit |
besluit, met de praktijkcommissie een overeenkomst tot vervanging van | besluit, met de praktijkcommissie een overeenkomst tot vervanging van |
de overeenkomst van aanneming sluiten overeenkomstig het model B, dat | de overeenkomst van aanneming sluiten overeenkomstig het model B, dat |
als bijlage II bij dit besluit is gevoegd. Bij het ontbreken van een | als bijlage II bij dit besluit is gevoegd. Bij het ontbreken van een |
dergelijke overeenkomst binnen de voornoemde termijn vervalt de | dergelijke overeenkomst binnen de voornoemde termijn vervalt de |
erkenning. | erkenning. |
In de overeenkomst, genoemd in het tweede lid, wordt het werkgebied | In de overeenkomst, genoemd in het tweede lid, wordt het werkgebied |
van de leertrajectbegeleider vastgelegd zoals dat geldt op de datum | van de leertrajectbegeleider vastgelegd zoals dat geldt op de datum |
van de inwerkingtreding van dit besluit. Dit werkgebied kan nadien | van de inwerkingtreding van dit besluit. Dit werkgebied kan nadien |
niet meer worden verruimd. Het kan worden ingekrompen na wederzijds | niet meer worden verruimd. Het kan worden ingekrompen na wederzijds |
akkoord tussen de leertrajectbegeleider en de praktijkcommissie. | akkoord tussen de leertrajectbegeleider en de praktijkcommissie. |
Art. 19.De contractuele personeelsleden die bij de inwerkingtreding |
Art. 19.De contractuele personeelsleden die bij de inwerkingtreding |
van dit besluit in dienst van het VIZO zijn en aan de | van dit besluit in dienst van het VIZO zijn en aan de |
erkenningsvoorwaarden van artikel 4 van leertrajectbegeleider voldoen, | erkenningsvoorwaarden van artikel 4 van leertrajectbegeleider voldoen, |
kunnen overeenkomstig dit besluit door de praktijkcommissie worden | kunnen overeenkomstig dit besluit door de praktijkcommissie worden |
erkend als leertrajectbegeleider. Zij kunnen in dienst worden genomen | erkend als leertrajectbegeleider. Zij kunnen in dienst worden genomen |
door het VIZO, als zij minstens vijf jaar nuttige praktijkervaring, | door het VIZO, als zij minstens vijf jaar nuttige praktijkervaring, |
als bedoeld in artikel 11, tweede lid, hebben. Die arbeidsovereenkomst | als bedoeld in artikel 11, tweede lid, hebben. Die arbeidsovereenkomst |
kan overeenkomstig de duur van de erkenning voor onbepaalde of voor | kan overeenkomstig de duur van de erkenning voor onbepaalde of voor |
bepaalde duur gelden. | bepaalde duur gelden. |
Art. 20.Dit besluit treedt in werking op 1 januari 2005. |
Art. 20.Dit besluit treedt in werking op 1 januari 2005. |
Art. 21.De Vlaamse minister, bevoegd voor de Middenstandsopleiding, |
Art. 21.De Vlaamse minister, bevoegd voor de Middenstandsopleiding, |
is belast met de uitvoering van dit besluit. | is belast met de uitvoering van dit besluit. |
Brussel, 10 december 2004. | Brussel, 10 december 2004. |
De minister-president van de Vlaamse Regering, | De minister-president van de Vlaamse Regering, |
Y. LETERME | Y. LETERME |
De Vlaamse minister van Economie, Wetenschap, Innovatie en | De Vlaamse minister van Economie, Wetenschap, Innovatie en |
Buitenlandse Handel, | Buitenlandse Handel, |
F. MOERMAN | F. MOERMAN |
De Vlaamse minister van Werk, Onderwijs en Vorming, | De Vlaamse minister van Werk, Onderwijs en Vorming, |
F. VANDENBROUCKE | F. VANDENBROUCKE |
Bijlage I | Bijlage I |
MODEL A | MODEL A |
Overeenkomst tot erkenning als leertrajectbegeleider | Overeenkomst tot erkenning als leertrajectbegeleider |
Tussen | Tussen |
de praktijkcommissie van het Vlaams Instituut voor het Zelfstandig | de praktijkcommissie van het Vlaams Instituut voor het Zelfstandig |
Ondernemen (VIZO), gevestigd in de Kanselarijstraat 19, 1000 BRUSSEL | Ondernemen (VIZO), gevestigd in de Kanselarijstraat 19, 1000 BRUSSEL |
vertegenwoordigd door de heer .............................., | vertegenwoordigd door de heer .............................., |
voorzitter van praktijkcommissie, | voorzitter van praktijkcommissie, |
en | en |
de heer X, geboren in X, op ....../maand/......, met woonplaats in X | de heer X, geboren in X, op ....../maand/......, met woonplaats in X |
hierna leertrajectbegeleider te noemen, | hierna leertrajectbegeleider te noemen, |
wordt overeengekomen wat volgt : | wordt overeengekomen wat volgt : |
Artikel 1.De leertrajectbegeleider wordt erkend voor onbepaalde |
Artikel 1.De leertrajectbegeleider wordt erkend voor onbepaalde |
duur/voor een duur van ........., ingaande op ....../maand/...... en | duur/voor een duur van ........., ingaande op ....../maand/...... en |
eindigend op ....../maand/...... door de praktijkcommissie | eindigend op ....../maand/...... door de praktijkcommissie |
overeenkomstig de voorwaarden bepaald in het decreet van 23 januari | overeenkomstig de voorwaarden bepaald in het decreet van 23 januari |
1991 betreffende de vorming en de begeleiding van de zelfstandigen en | 1991 betreffende de vorming en de begeleiding van de zelfstandigen en |
de kleine en middelgrote ondernemingen en de besluiten, genomen ter | de kleine en middelgrote ondernemingen en de besluiten, genomen ter |
uitvoering van dit decreet. | uitvoering van dit decreet. |
Art. 2.De leertrajectbegeleider verbindt zich ertoe te zorgen voor de |
Art. 2.De leertrajectbegeleider verbindt zich ertoe te zorgen voor de |
bemiddeling bij en de begeleiding van leerovereenkomsten, | bemiddeling bij en de begeleiding van leerovereenkomsten, |
leerverbintenissen en stageovereenkomsten, overeenkomstig de | leerverbintenissen en stageovereenkomsten, overeenkomstig de |
bepalingen van het decreet van 23 januari 1991 betreffende de vorming | bepalingen van het decreet van 23 januari 1991 betreffende de vorming |
en de begeleiding van de zelfstandigen en de kleine en middelgrote | en de begeleiding van de zelfstandigen en de kleine en middelgrote |
ondernemingen, de besluiten, genomen ter uitvoering van dit decreet, | ondernemingen, de besluiten, genomen ter uitvoering van dit decreet, |
en de richtlijnen van de praktijkcommissie. | en de richtlijnen van de praktijkcommissie. |
Art. 3.De leertrajectbegeleider verbindt zich ertoe geen enkele |
Art. 3.De leertrajectbegeleider verbindt zich ertoe geen enkele |
activiteit uit te oefenen die de objectieve uitvoering van zijn | activiteit uit te oefenen die de objectieve uitvoering van zijn |
opdracht bemoeilijkt en zijn onafhankelijkheid in het gedrang brengt. | opdracht bemoeilijkt en zijn onafhankelijkheid in het gedrang brengt. |
Art. 4.Deze overeenkomst wordt geschorst, beëindigd of opgezegd |
Art. 4.Deze overeenkomst wordt geschorst, beëindigd of opgezegd |
overeenkomstig de bepalingen van het besluit van de Vlaamse Regering | overeenkomstig de bepalingen van het besluit van de Vlaamse Regering |
van ....../maand/...... betreffende de erkenning en het statuut van de | van ....../maand/...... betreffende de erkenning en het statuut van de |
leertrajectbegeleider. | leertrajectbegeleider. |
Art. 5.Alle geschillen met betrekking tot deze overeenkomst zullen |
Art. 5.Alle geschillen met betrekking tot deze overeenkomst zullen |
door de praktijkcommissie worden beslecht. | door de praktijkcommissie worden beslecht. |
Opgemaakt in twee exemplaren Brussel, ....../maand/....... | Opgemaakt in twee exemplaren Brussel, ....../maand/....... |
Namens de praktijkcommissie, De leertrajectbegeleider, | Namens de praktijkcommissie, De leertrajectbegeleider, |
De voorzitter, | De voorzitter, |
Gezien om gevoegd te worden bij het besluit van de Vlaamse Regering | Gezien om gevoegd te worden bij het besluit van de Vlaamse Regering |
van 10 december 2004 betreffende de erkenning en het statuut van de | van 10 december 2004 betreffende de erkenning en het statuut van de |
leersecretaris, | leersecretaris, |
De minister-president van de Vlaamse Regering, | De minister-president van de Vlaamse Regering, |
Y. LETERME | Y. LETERME |
De Vlaamse minister van Economie, Wetenschap, Innovatie en | De Vlaamse minister van Economie, Wetenschap, Innovatie en |
Buitenlandse Handel, | Buitenlandse Handel, |
F. MOERMAN | F. MOERMAN |
De Vlaamse minister van Werk, Onderwijs en Vorming, | De Vlaamse minister van Werk, Onderwijs en Vorming, |
F. VANDENBROUCKE | F. VANDENBROUCKE |
Bijlage II | Bijlage II |
MODEL B | MODEL B |
Overeenkomst tot vervanging van de overeenkomst (van aanneming) tussen | Overeenkomst tot vervanging van de overeenkomst (van aanneming) tussen |
de praktijkcommissie | de praktijkcommissie |
en de leersecretaris betreffende de begeleiding van leerovereenkomsten | en de leersecretaris betreffende de begeleiding van leerovereenkomsten |
en leerverbintenissen | en leerverbintenissen |
Tussen | Tussen |
de praktijkcommissie van het Vlaams Instituut voor het Zelfstandig | de praktijkcommissie van het Vlaams Instituut voor het Zelfstandig |
Ondernemen (VIZO), gevestigd in de Kanselarijstraat 19, 1000 BRUSSEL, | Ondernemen (VIZO), gevestigd in de Kanselarijstraat 19, 1000 BRUSSEL, |
vertegenwoordigd door de heer .............................., | vertegenwoordigd door de heer .............................., |
voorzitter van de praktijkcommissie, en de heer | voorzitter van de praktijkcommissie, en de heer |
........................, administrateur-generaal, enerzijds, | ........................, administrateur-generaal, enerzijds, |
en | en |
de heer X, geboren in X, op ....../maand/......, wonende X en erkend | de heer X, geboren in X, op ....../maand/......, wonende X en erkend |
als leersecretaris op ....../maand/...... | als leersecretaris op ....../maand/...... |
hierna leertrajectbegeleider te noemen, anderzijds, | hierna leertrajectbegeleider te noemen, anderzijds, |
wordt overeengekomen wat volgt : | wordt overeengekomen wat volgt : |
Artikel 1.Deze overeenkomst wordt gesloten tot vervanging van de |
Artikel 1.Deze overeenkomst wordt gesloten tot vervanging van de |
overeenkomst (van aanneming) (*) tussen de praktijkcommissie en de | overeenkomst (van aanneming) (*) tussen de praktijkcommissie en de |
leersecretaris betreffende de begeleiding van leerovereenkomsten, | leersecretaris betreffende de begeleiding van leerovereenkomsten, |
leerverbintenissen en stageovereenkomsten. | leerverbintenissen en stageovereenkomsten. |
Op deze overeenkomst zijn de bepalingen van het besluit van de Vlaamse | Op deze overeenkomst zijn de bepalingen van het besluit van de Vlaamse |
Regering van ....../maand/...... betreffende de erkenning en het | Regering van ....../maand/...... betreffende de erkenning en het |
statuut van de leersecretaris van toepassing. | statuut van de leersecretaris van toepassing. |
Art. 2.De leertrajectbegeleider verbindt zich ertoe, gedurende de |
Art. 2.De leertrajectbegeleider verbindt zich ertoe, gedurende de |
geldigheidsduur van deze overeenkomst, te zorgen voor de bemiddeling | geldigheidsduur van deze overeenkomst, te zorgen voor de bemiddeling |
bij en de begeleiding van leerovereenkomsten, leerverbintenissen en | bij en de begeleiding van leerovereenkomsten, leerverbintenissen en |
stageovereenkomsten, hierna overeenkomsten te noemen. | stageovereenkomsten, hierna overeenkomsten te noemen. |
Art. 3.§ 1. De leertrajectbegeleider verbindt zich ertoe de |
Art. 3.§ 1. De leertrajectbegeleider verbindt zich ertoe de |
verantwoordelijkheid te dragen voor de opdrachten bepaald in artikel | verantwoordelijkheid te dragen voor de opdrachten bepaald in artikel |
62 van het decreet van 23 januari 1991, betreffende de vorming en de | 62 van het decreet van 23 januari 1991, betreffende de vorming en de |
begeleiding van de zelfstandigen en kleine en middelgrote | begeleiding van de zelfstandigen en kleine en middelgrote |
ondernemingen. | ondernemingen. |
§ 2. Bovendien verbindt de leertrajectbegeleider zich tot : | § 2. Bovendien verbindt de leertrajectbegeleider zich tot : |
a) de documenten die door de praktijkcommissie worden bepaald | a) de documenten die door de praktijkcommissie worden bepaald |
opstellen en bijhouden; | opstellen en bijhouden; |
b) een atelierbezoek afleggen en een schriftelijk verslag maken in de | b) een atelierbezoek afleggen en een schriftelijk verslag maken in de |
volgende gevallen : | volgende gevallen : |
? bij of na het sluiten van een overeenkomst met een nieuw | ? bij of na het sluiten van een overeenkomst met een nieuw |
ondernemingshoofd-opleider; | ondernemingshoofd-opleider; |
? bij wezenlijke veranderingen in de onderneming die worden | ? bij wezenlijke veranderingen in de onderneming die worden |
vastgesteld uit de contacten met de partijen; | vastgesteld uit de contacten met de partijen; |
? bij het sluiten van een overeenkomst voor een ander beroep dan de | ? bij het sluiten van een overeenkomst voor een ander beroep dan de |
bestaande beroepen; | bestaande beroepen; |
? op verzoek van de praktijkcommissie; | ? op verzoek van de praktijkcommissie; |
Binnen de werkregeling, die zelf door de leertrajectbegeleider wordt | Binnen de werkregeling, die zelf door de leertrajectbegeleider wordt |
bepaald, moet voor de overeenkomsten, die tussen 1 juli en 30 | bepaald, moet voor de overeenkomsten, die tussen 1 juli en 30 |
september zijn gesloten, uiterlijk op 31 december het atelierbezoek | september zijn gesloten, uiterlijk op 31 december het atelierbezoek |
afgelegd zijn en het verslag ingediend zijn. Voor de overeenkomsten, | afgelegd zijn en het verslag ingediend zijn. Voor de overeenkomsten, |
die tussen 1 oktober en 30 juni gesloten zijn, moet dat binnen de drie | die tussen 1 oktober en 30 juni gesloten zijn, moet dat binnen de drie |
maanden na het sluiten van de overeenkomst zijn gebeurd. | maanden na het sluiten van de overeenkomst zijn gebeurd. |
Het schriftelijk verslag moet aan de provinciale diensten van het VIZO | Het schriftelijk verslag moet aan de provinciale diensten van het VIZO |
worden bezorgd; | worden bezorgd; |
c) jaarlijks minstens één begeleidingscontact zowel met de leerling of | c) jaarlijks minstens één begeleidingscontact zowel met de leerling of |
de stagiair als met het ondernemingshoofd-opleider hebben. Dat | de stagiair als met het ondernemingshoofd-opleider hebben. Dat |
begeleidingscontact vindt bij voorkeur in het tweede semester plaats. | begeleidingscontact vindt bij voorkeur in het tweede semester plaats. |
Een verslag van die contacten wordt bijgehouden in het dossier van de | Een verslag van die contacten wordt bijgehouden in het dossier van de |
leerling en het ondernemingshoofd-opleider. Naargelang de aard van het | leerling en het ondernemingshoofd-opleider. Naargelang de aard van het |
contact moet het verslag in beide dossiers te vinden zijn; | contact moet het verslag in beide dossiers te vinden zijn; |
d) de voortgangscontrole van leerlingen met een Aanvullende | d) de voortgangscontrole van leerlingen met een Aanvullende |
Pedagogische Overeenkomst (APO). Die controle moet minstens eenmaal | Pedagogische Overeenkomst (APO). Die controle moet minstens eenmaal |
per maand plaatsvinden, bijvoorbeeld naar aanleiding van de | per maand plaatsvinden, bijvoorbeeld naar aanleiding van de |
afwezigheidsmeldingen van het centrum. | afwezigheidsmeldingen van het centrum. |
e) de overeenkomsten bij de provinciale dienst van het VIZO indienen | e) de overeenkomsten bij de provinciale dienst van het VIZO indienen |
binnen de termijn van één maand na het ondertekenen ervan. Een | binnen de termijn van één maand na het ondertekenen ervan. Een |
afwijking op deze termijn moet worden gemotiveerd; | afwijking op deze termijn moet worden gemotiveerd; |
f) aanwezig zijn op vergaderingen, georganiseerd door het VIZO of de | f) aanwezig zijn op vergaderingen, georganiseerd door het VIZO of de |
Syntra; | Syntra; |
g) een ondersteuningssysteem toepassen met betrekking tot de geldende | g) een ondersteuningssysteem toepassen met betrekking tot de geldende |
tewerkstellingsmaatregelen, om de leerlingen, de stagiairs en de | tewerkstellingsmaatregelen, om de leerlingen, de stagiairs en de |
ondernemingshoofden-opleiders te informeren; | ondernemingshoofden-opleiders te informeren; |
h) de pedagogische en didactische begeleiding en opleiding van de | h) de pedagogische en didactische begeleiding en opleiding van de |
ondernemingshoofden-opleiders en monitors ondersteunen; | ondernemingshoofden-opleiders en monitors ondersteunen; |
i) meewerken aan de opbouw van onderlinge samenwerkingsverbanden met | i) meewerken aan de opbouw van onderlinge samenwerkingsverbanden met |
andere leertrajectbegeleiders; | andere leertrajectbegeleiders; |
j) in geval van een voltijdse leertrajectbegeleider : het houden van | j) in geval van een voltijdse leertrajectbegeleider : het houden van |
minstens tien spreekuren per week, gedurende minstens 45 weken per | minstens tien spreekuren per week, gedurende minstens 45 weken per |
jaar. In geval van een deeltijdse leertrajectbegeleider wordt het | jaar. In geval van een deeltijdse leertrajectbegeleider wordt het |
aantal uren bepaald in verhouding tot de deeltijdse prestatie. De | aantal uren bepaald in verhouding tot de deeltijdse prestatie. De |
leertrajectbegeleider bepaalt zelf zijn uurrooster, met dien verstande | leertrajectbegeleider bepaalt zelf zijn uurrooster, met dien verstande |
dat hij zijn uren evenwichtig moet verspreiden over de week. Het | dat hij zijn uren evenwichtig moet verspreiden over de week. Het |
uurrooster, de locaties en wijzigingen worden medegedeeld aan de | uurrooster, de locaties en wijzigingen worden medegedeeld aan de |
provinciale dienst van het VIZO. | provinciale dienst van het VIZO. |
Art. 4.De leertrajectbegeleider behoudt het statuut en de vergoeding |
Art. 4.De leertrajectbegeleider behoudt het statuut en de vergoeding |
die hem werden toegekend overeenkomstig het besluit van de Vlaamse | die hem werden toegekend overeenkomstig het besluit van de Vlaamse |
Regering van 7 april 1998 betreffende het statuut van de | Regering van 7 april 1998 betreffende het statuut van de |
leersecretaris, gewijzigd bij besluit van 23 juli 1998 en 3 mei 2002. | leersecretaris, gewijzigd bij besluit van 23 juli 1998 en 3 mei 2002. |
Art. 5.De leertrajectbegeleider oefent zijn opdracht uit in het |
Art. 5.De leertrajectbegeleider oefent zijn opdracht uit in het |
werkgebied .............................................. | werkgebied .............................................. |
Art. 6.De leertrajectbegeleider verbindt zich ertoe geen enkele |
Art. 6.De leertrajectbegeleider verbindt zich ertoe geen enkele |
activiteit uit te oefenen die de objectieve uitvoering van zijn | activiteit uit te oefenen die de objectieve uitvoering van zijn |
opdracht bemoeilijkt en zijn onafhankelijkheid in het gedrang brengt. | opdracht bemoeilijkt en zijn onafhankelijkheid in het gedrang brengt. |
Dat impliceert dat zijn bemiddeling en begeleiding, alsook alle | Dat impliceert dat zijn bemiddeling en begeleiding, alsook alle |
daarmee samenhangende diensten aan de betrokken partijen, kosteloos | daarmee samenhangende diensten aan de betrokken partijen, kosteloos |
zijn. | zijn. |
Art. 7.Alle geschillen met betrekking tot deze overeenkomst zullen |
Art. 7.Alle geschillen met betrekking tot deze overeenkomst zullen |
worden beslecht door de praktijkcommissie. | worden beslecht door de praktijkcommissie. |
Art. 8.Als de leertrajectbegeleider de bepalingen van deze |
Art. 8.Als de leertrajectbegeleider de bepalingen van deze |
overeenkomst niet naleeft, kan de praktijkcommissie deze overeenkomst | overeenkomst niet naleeft, kan de praktijkcommissie deze overeenkomst |
schorsen of beëindigen. De leertrajectbegeleider wordt hiertoe in | schorsen of beëindigen. De leertrajectbegeleider wordt hiertoe in |
gebreke gesteld door de praktijkcommissie. De praktijkcommissie | gebreke gesteld door de praktijkcommissie. De praktijkcommissie |
spreekt zich uit binnen een maand na het horen van de leersecretaris. | spreekt zich uit binnen een maand na het horen van de leersecretaris. |
De beslissing gaat in na betekening van de uitspraak. Na beëindiging | De beslissing gaat in na betekening van de uitspraak. Na beëindiging |
van deze overeenkomst is de vergoeding, bedoeld in artikel 4, niet | van deze overeenkomst is de vergoeding, bedoeld in artikel 4, niet |
meer verschuldigd. | meer verschuldigd. |
Art. 9.Deze overeenkomst mag in geen geval een duurtijd van tien jaar |
Art. 9.Deze overeenkomst mag in geen geval een duurtijd van tien jaar |
overschrijden. De termijn wordt gerekend vanaf de datum van de | overschrijden. De termijn wordt gerekend vanaf de datum van de |
inwerkingtreding van het besluit van de Vlaamse Regering betreffende | inwerkingtreding van het besluit van de Vlaamse Regering betreffende |
de erkenning en het statuut van de leersecretaris. | de erkenning en het statuut van de leersecretaris. |
Deze overeenkomst gaat in op de dag van de inwerkingtreding van het | Deze overeenkomst gaat in op de dag van de inwerkingtreding van het |
besluit van de Vlaamse Regering betreffende de erkenning en het | besluit van de Vlaamse Regering betreffende de erkenning en het |
statuut van de leersecretaris, met name ....../maand/...... en eindigt | statuut van de leersecretaris, met name ....../maand/...... en eindigt |
op ....../maand/....... | op ....../maand/....... |
Opgemaakt in twee exemplaren Brussel, ....../maand/....... | Opgemaakt in twee exemplaren Brussel, ....../maand/....... |
Namens de praktijkcommissie, De leertrajectbegeleider, | Namens de praktijkcommissie, De leertrajectbegeleider, |
De voorzitter, | De voorzitter, |
De administrateur-generaal, | De administrateur-generaal, |
Gezien om gevoegd te worden bij het besluit van de Vlaamse Regering | Gezien om gevoegd te worden bij het besluit van de Vlaamse Regering |
van 10 december 2004 betreffende de erkenning en het statuut van de | van 10 december 2004 betreffende de erkenning en het statuut van de |
leersecretaris, | leersecretaris, |
De minister-president van de Vlaamse Regering, | De minister-president van de Vlaamse Regering, |
Y. LETERME | Y. LETERME |
De Vlaamse minister van Economie, Wetenschap, Innovatie en | De Vlaamse minister van Economie, Wetenschap, Innovatie en |
Buitenlandse Handel, | Buitenlandse Handel, |
F. MOERMAN | F. MOERMAN |
De Vlaamse minister van Werk, Onderwijs en Vorming, | De Vlaamse minister van Werk, Onderwijs en Vorming, |
F. VANDENBROUCKE | F. VANDENBROUCKE |
_______ | _______ |
Nota's | Nota's |
(*) (schrappen indien geen overeenkomst van aanneming) | (*) (schrappen indien geen overeenkomst van aanneming) |