← Terug naar "Besluit van de Vlaamse Regering tot wijziging van het besluit van de Vlaamse Regering van 6 september 2019 tot bepaling van de nadere regels over de projectmethodologie en de projectstuurgroep in het kader van de basisbereikbaarheid "
Besluit van de Vlaamse Regering tot wijziging van het besluit van de Vlaamse Regering van 6 september 2019 tot bepaling van de nadere regels over de projectmethodologie en de projectstuurgroep in het kader van de basisbereikbaarheid | Besluit van de Vlaamse Regering tot wijziging van het besluit van de Vlaamse Regering van 6 september 2019 tot bepaling van de nadere regels over de projectmethodologie en de projectstuurgroep in het kader van de basisbereikbaarheid |
---|---|
VLAAMSE OVERHEID | VLAAMSE OVERHEID |
8 JANUARI 2021. - Besluit van de Vlaamse Regering tot wijziging van | 8 JANUARI 2021. - Besluit van de Vlaamse Regering tot wijziging van |
het besluit van de Vlaamse Regering van 6 september 2019 tot bepaling | het besluit van de Vlaamse Regering van 6 september 2019 tot bepaling |
van de nadere regels over de projectmethodologie en de | van de nadere regels over de projectmethodologie en de |
projectstuurgroep in het kader van de basisbereikbaarheid | projectstuurgroep in het kader van de basisbereikbaarheid |
Rechtsgronden | Rechtsgronden |
Dit besluit is gebaseerd op: | Dit besluit is gebaseerd op: |
- het decreet van 26 april 2019 betreffende de basisbereikbaarheid, | - het decreet van 26 april 2019 betreffende de basisbereikbaarheid, |
artikel 25 en 28. | artikel 25 en 28. |
Vormvereisten | Vormvereisten |
De volgende vormvereisten zijn vervuld: | De volgende vormvereisten zijn vervuld: |
- De Inspectie van Financiën heeft advies gegeven op 3 november 2020. | - De Inspectie van Financiën heeft advies gegeven op 3 november 2020. |
- De Raad van State heeft advies 68.310/3 gegeven op 17 december 2020, | - De Raad van State heeft advies 68.310/3 gegeven op 17 december 2020, |
met toepassing van artikel 84, § 1, eerste lid, 2°, van de wetten op | met toepassing van artikel 84, § 1, eerste lid, 2°, van de wetten op |
de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973. | de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973. |
Initiatiefnemers | Initiatiefnemers |
Dit besluit wordt voorgesteld door de Vlaamse minister van Mobiliteit | Dit besluit wordt voorgesteld door de Vlaamse minister van Mobiliteit |
en Openbare Werken. | en Openbare Werken. |
Na beraadslaging, | Na beraadslaging, |
DE VLAAMSE REGERING BESLUIT: | DE VLAAMSE REGERING BESLUIT: |
Artikel 1.In artikel 2, § 1, 2°, van het besluit van de Vlaamse |
Artikel 1.In artikel 2, § 1, 2°, van het besluit van de Vlaamse |
Regering van 6 september 2019 tot bepaling van de nadere regels over | Regering van 6 september 2019 tot bepaling van de nadere regels over |
de projectmethodologie en de projectstuurgroep in het kader van de | de projectmethodologie en de projectstuurgroep in het kader van de |
basisbereikbaarheid wordt het woord "voorontwerp" vervangen door het | basisbereikbaarheid wordt het woord "voorontwerp" vervangen door het |
woord "project". | woord "project". |
Art. 2.In artikel 4 van hetzelfde besluit worden de volgende |
Art. 2.In artikel 4 van hetzelfde besluit worden de volgende |
wijzigingen aangebracht: | wijzigingen aangebracht: |
1° aan paragraaf 1, inleidende zin, wordt het woord "uitsluitend" | 1° aan paragraaf 1, inleidende zin, wordt het woord "uitsluitend" |
toegevoegd; | toegevoegd; |
2° in paragraaf 1, 10°, wordt de zinsnede ", heraanleg" opgeheven; | 2° in paragraaf 1, 10°, wordt de zinsnede ", heraanleg" opgeheven; |
3° in paragraaf 1 worden punt 13°, 14° en 15° vervangen door wat | 3° in paragraaf 1 worden punt 13°, 14° en 15° vervangen door wat |
volgt: | volgt: |
"13° het bouwen of herinrichten van sluizen en bruggen die aansluiten | "13° het bouwen of herinrichten van sluizen en bruggen die aansluiten |
op publiek toegankelijke voetgangers-, fiets- of weginfrastructuur of | op publiek toegankelijke voetgangers-, fiets- of weginfrastructuur of |
het openbaarvervoernetwerk; | het openbaarvervoernetwerk; |
14° de aanleg of uitbreiding van laad- en loskaaien langs waterwegen | 14° de aanleg of uitbreiding van laad- en loskaaien langs waterwegen |
en die aansluiten op publiek toegankelijke voetgangers-, fiets- of | en die aansluiten op publiek toegankelijke voetgangers-, fiets- of |
weginfrastructuur of het openbaarvervoernetwerk; | weginfrastructuur of het openbaarvervoernetwerk; |
15° de aanleg of herinrichting van publiek toegankelijke voetgangers-, | 15° de aanleg of herinrichting van publiek toegankelijke voetgangers-, |
fiets- of weginfrastructuur op watergebonden gronden."; | fiets- of weginfrastructuur op watergebonden gronden."; |
4° in paragraaf 2, eerste lid, 4°, wordt het woord "dringende" | 4° in paragraaf 2, eerste lid, 4°, wordt het woord "dringende" |
opgeheven; | opgeheven; |
5° aan paragraaf 2, eerste lid, wordt een punt 5° toegevoegd, dat | 5° aan paragraaf 2, eerste lid, wordt een punt 5° toegevoegd, dat |
luidt als volgt: | luidt als volgt: |
"5° het betreft geen aanleg, heraanleg of herinrichting van de | "5° het betreft geen aanleg, heraanleg of herinrichting van de |
kustzone in het kader van kustverdediging, met inbegrip van | kustzone in het kader van kustverdediging, met inbegrip van |
zandsuppleties."; | zandsuppleties."; |
6° aan paragraaf 3, 3°, wordt de volgende zin toegevoegd: | 6° aan paragraaf 3, 3°, wordt de volgende zin toegevoegd: |
"Als waterweg wordt niet beschouwd: de scheepvaartwegen, vermeld in | "Als waterweg wordt niet beschouwd: de scheepvaartwegen, vermeld in |
artikel 3, 1, van het Verdrag tussen het Vlaams Gewest en het | artikel 3, 1, van het Verdrag tussen het Vlaams Gewest en het |
Koninkrijk der Nederlanden inzake het gemeenschappelijk nautisch | Koninkrijk der Nederlanden inzake het gemeenschappelijk nautisch |
beheer in het Scheldegebied ondertekend te Middelburg op 21 december | beheer in het Scheldegebied ondertekend te Middelburg op 21 december |
2005 en de uitvoeringsbeslissingen ervan.". | 2005 en de uitvoeringsbeslissingen ervan.". |
Art. 3.In artikel 7 van hetzelfde besluit worden het eerste, tweede |
Art. 3.In artikel 7 van hetzelfde besluit worden het eerste, tweede |
en derde lid vervangen door wat volgt: | en derde lid vervangen door wat volgt: |
"Als de infrastructuurgebonden projecten, vermeld in artikel 4, § 1, | "Als de infrastructuurgebonden projecten, vermeld in artikel 4, § 1, |
van dit besluit, deel uitmaken van een plan of programma waarvoor een | van dit besluit, deel uitmaken van een plan of programma waarvoor een |
plan-MER moet worden opgemaakt conform titel IV, hoofdstuk II, van het | plan-MER moet worden opgemaakt conform titel IV, hoofdstuk II, van het |
decreet van 5 april 1995 houdende algemene bepalingen inzake | decreet van 5 april 1995 houdende algemene bepalingen inzake |
milieubeleid, kan de startkeuze, vermeld in artikel 2, § 1, 1°, van | milieubeleid, kan de startkeuze, vermeld in artikel 2, § 1, 1°, van |
dit besluit, op zijn vroegst genomen worden nadat de bevoegde overheid | dit besluit, op zijn vroegst genomen worden nadat de bevoegde overheid |
het plan of programma waarvoor het plan-MER is opgemaakt, definitief | het plan of programma waarvoor het plan-MER is opgemaakt, definitief |
heeft vastgesteld. | heeft vastgesteld. |
Als er voor de infrastructuurgebonden projecten, vermeld in artikel 4, | Als er voor de infrastructuurgebonden projecten, vermeld in artikel 4, |
§ 1, van dit besluit, een ruimtelijk uitvoeringsplan moet worden | § 1, van dit besluit, een ruimtelijk uitvoeringsplan moet worden |
opgemaakt conform titel II, hoofdstuk II, van de Vlaamse Codex | opgemaakt conform titel II, hoofdstuk II, van de Vlaamse Codex |
Ruimtelijke Ordening van 15 mei 2009, kan de startkeuze, vermeld in | Ruimtelijke Ordening van 15 mei 2009, kan de startkeuze, vermeld in |
artikel 2, § 1, 1°, van dit besluit, op zijn vroegst worden genomen | artikel 2, § 1, 1°, van dit besluit, op zijn vroegst worden genomen |
nadat de bevoegde overheid het ruimtelijk uitvoeringsplan definitief | nadat de bevoegde overheid het ruimtelijk uitvoeringsplan definitief |
heeft goedgekeurd. | heeft goedgekeurd. |
Als er voor de infrastructuurgebonden projecten, vermeld in artikel 4, | Als er voor de infrastructuurgebonden projecten, vermeld in artikel 4, |
§ 1, van dit besluit, een project-MER moet worden opgemaakt conform | § 1, van dit besluit, een project-MER moet worden opgemaakt conform |
titel IV, hoofdstuk III, van het decreet van 5 april 1995 houdende | titel IV, hoofdstuk III, van het decreet van 5 april 1995 houdende |
algemene bepalingen inzake milieubeleid, wordt bij de startkeuze, | algemene bepalingen inzake milieubeleid, wordt bij de startkeuze, |
vermeld in artikel 2, § 1, 1°, van dit besluit, rekening gehouden met | vermeld in artikel 2, § 1, 1°, van dit besluit, rekening gehouden met |
het ontwerp van project-MER.". | het ontwerp van project-MER.". |
Art. 4.De Vlaamse minister, bevoegd voor het algemeen |
Art. 4.De Vlaamse minister, bevoegd voor het algemeen |
mobiliteitsbeleid, de Vlaamse minister, bevoegd voor het | mobiliteitsbeleid, de Vlaamse minister, bevoegd voor het |
gemeenschappelijk vervoer, de Vlaamse minister, bevoegd voor de | gemeenschappelijk vervoer, de Vlaamse minister, bevoegd voor de |
weginfrastructuur en het wegenbeleid, en de Vlaamse minister, bevoegd | weginfrastructuur en het wegenbeleid, en de Vlaamse minister, bevoegd |
voor de waterinfrastructuur en het waterbeleid, zijn, ieder wat hem of | voor de waterinfrastructuur en het waterbeleid, zijn, ieder wat hem of |
haar betreft, belast met de uitvoering van dit besluit. | haar betreft, belast met de uitvoering van dit besluit. |
Brussel, 8 januari 2021. | Brussel, 8 januari 2021. |
De minister-president van de Vlaamse Regering, | De minister-president van de Vlaamse Regering, |
J. JAMBON | J. JAMBON |
De Vlaamse minister van Mobiliteit en Openbare Werken, | De Vlaamse minister van Mobiliteit en Openbare Werken, |
L. PEETERS | L. PEETERS |