Etaamb.openjustice.be
Meertalige weergave van Besluit Van De Vlaamse Regering van 07/05/2021
← Terug naar "Besluit van de Vlaamse Regering tot wijziging van het besluit van de Vlaamse Regering van 30 november 2018 houdende de uitvoering van het decreet van 18 mei 2018 houdende de Vlaamse sociale bescherming en tot wijziging van het besluit van de Vlaamse Regering van 28 juni 2019 betreffende de programmatie, de erkenningsvoorwaarden en de subsidieregeling voor woonzorgvoorzieningen en verenigingen voor mantelzorgers en gebruikers "
Besluit van de Vlaamse Regering tot wijziging van het besluit van de Vlaamse Regering van 30 november 2018 houdende de uitvoering van het decreet van 18 mei 2018 houdende de Vlaamse sociale bescherming en tot wijziging van het besluit van de Vlaamse Regering van 28 juni 2019 betreffende de programmatie, de erkenningsvoorwaarden en de subsidieregeling voor woonzorgvoorzieningen en verenigingen voor mantelzorgers en gebruikers Besluit van de Vlaamse Regering tot wijziging van het besluit van de Vlaamse Regering van 30 november 2018 houdende de uitvoering van het decreet van 18 mei 2018 houdende de Vlaamse sociale bescherming en tot wijziging van het besluit van de Vlaamse Regering van 28 juni 2019 betreffende de programmatie, de erkenningsvoorwaarden en de subsidieregeling voor woonzorgvoorzieningen en verenigingen voor mantelzorgers en gebruikers
VLAAMSE OVERHEID VLAAMSE OVERHEID
7 MEI 2021. - Besluit van de Vlaamse Regering tot wijziging van het 7 MEI 2021. - Besluit van de Vlaamse Regering tot wijziging van het
besluit van de Vlaamse Regering van 30 november 2018 houdende de besluit van de Vlaamse Regering van 30 november 2018 houdende de
uitvoering van het decreet van 18 mei 2018 houdende de Vlaamse sociale uitvoering van het decreet van 18 mei 2018 houdende de Vlaamse sociale
bescherming en tot wijziging van het besluit van de Vlaamse Regering bescherming en tot wijziging van het besluit van de Vlaamse Regering
van 28 juni 2019 betreffende de programmatie, de erkenningsvoorwaarden van 28 juni 2019 betreffende de programmatie, de erkenningsvoorwaarden
en de subsidieregeling voor woonzorgvoorzieningen en verenigingen voor en de subsidieregeling voor woonzorgvoorzieningen en verenigingen voor
mantelzorgers en gebruikers mantelzorgers en gebruikers
Rechtsgronden Rechtsgronden
Dit besluit is gebaseerd op: Dit besluit is gebaseerd op:
- het decreet van 18 mei 2018 houdende de Vlaamse sociale bescherming, - het decreet van 18 mei 2018 houdende de Vlaamse sociale bescherming,
artikel 143, artikel 145, artikel 147, artikel 148, artikel 152 en artikel 143, artikel 145, artikel 147, artikel 148, artikel 152 en
artikel 153, gewijzigd bij het decreet van 15 februari 2019; artikel 153, gewijzigd bij het decreet van 15 februari 2019;
- het Woonzorgdecreet van 15 februari 2019, artikel 38, tweede lid, - het Woonzorgdecreet van 15 februari 2019, artikel 38, tweede lid,
artikel 44 en artikel 55 § 1 en artikel 92, gewijzigd bij het decreet artikel 44 en artikel 55 § 1 en artikel 92, gewijzigd bij het decreet
van 20 december 2019. van 20 december 2019.
Vormvereisten Vormvereisten
De volgende vormvereisten zijn vervuld: De volgende vormvereisten zijn vervuld:
- De Vlaamse minister, bevoegd voor begroting, zijn akkoord is - De Vlaamse minister, bevoegd voor begroting, zijn akkoord is
gevraagd op 02/02/2020. gevraagd op 02/02/2020.
- De Raad van State heeft advies 69.051/1 gegeven op 16/04/2020, met - De Raad van State heeft advies 69.051/1 gegeven op 16/04/2020, met
toepassing van artikel 84, § 1, eerste lid, 2°, van de wetten op de toepassing van artikel 84, § 1, eerste lid, 2°, van de wetten op de
Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973. Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973.
Motivering Motivering
Dit besluit is gebaseerd op de volgende motieven: Dit besluit is gebaseerd op de volgende motieven:
- De rol en financiering van de coördinerend en raadgevend arts wordt - De rol en financiering van de coördinerend en raadgevend arts wordt
versterkt door de financiering en de functie van de coördinerend en versterkt door de financiering en de functie van de coördinerend en
raadgevend arts uit te breiden naar alle bewoners in een raadgevend arts uit te breiden naar alle bewoners in een
woonzorgcentrum en het bijhorend centrum voor kortverblijf type 1; woonzorgcentrum en het bijhorend centrum voor kortverblijf type 1;
- De ongelijkheid tussen bewoners in een woongelegenheid - De ongelijkheid tussen bewoners in een woongelegenheid
woonzorgcentrum met bijkomende erkenning en bewoners in een woonzorgcentrum met bijkomende erkenning en bewoners in een
woongelegenheid woonzorgcentrum zonder bijkomende erkenning of in een woongelegenheid woonzorgcentrum zonder bijkomende erkenning of in een
bijhorend centrum voor kortverblijf type 1, wordt wat betreft de bijhorend centrum voor kortverblijf type 1, wordt wat betreft de
coördinerend en raadgevend arts weggewerkt; coördinerend en raadgevend arts weggewerkt;
- Het verschil in kostprijs tussen een woongelegenheid woonzorgcentrum - Het verschil in kostprijs tussen een woongelegenheid woonzorgcentrum
met en zonder bijkomende erkenning en het verschil in kostprijs tussen met en zonder bijkomende erkenning en het verschil in kostprijs tussen
een woongelegenheid woonzorgcentrum en een woongelegenheid centrum een woongelegenheid woonzorgcentrum en een woongelegenheid centrum
voor kortverblijf type 1 wordt geactualiseerd; voor kortverblijf type 1 wordt geactualiseerd;
- De personeelsnormen in kader van de bijkomende erkenning worden op - De personeelsnormen in kader van de bijkomende erkenning worden op
de bestaande financieringsnormen afgestemd wat betreft de omschrijving de bestaande financieringsnormen afgestemd wat betreft de omschrijving
van het personeel voor reactivering en de mogelijkheden tot van het personeel voor reactivering en de mogelijkheden tot
flexibiliteit op de norm inzake verpleegkundigen; flexibiliteit op de norm inzake verpleegkundigen;
- Er moet minstens één hoofdverpleegkundige zijn binnen een - Er moet minstens één hoofdverpleegkundige zijn binnen een
woonzorgcentrum met een bijkomende erkenning ten einde de woonzorgcentrum met een bijkomende erkenning ten einde de
verpleegkundige aansturing van de verpleegkundigen en ander verpleegkundige aansturing van de verpleegkundigen en ander
zorgpersoneel in het woonzorgcentrum te kunnen garanderen. zorgpersoneel in het woonzorgcentrum te kunnen garanderen.
Initiatiefnemer Initiatiefnemer
Dit besluit wordt voorgesteld door de Vlaamse minister van Welzijn, Dit besluit wordt voorgesteld door de Vlaamse minister van Welzijn,
Volksgezondheid, Gezin en Armoedebestrijding. Volksgezondheid, Gezin en Armoedebestrijding.
Na beraadslaging, Na beraadslaging,
DE VLAAMSE REGERING BESLUIT: DE VLAAMSE REGERING BESLUIT:
HOOFDSTUK 1. - Wijzigingen van het besluit van de Vlaamse Regering van HOOFDSTUK 1. - Wijzigingen van het besluit van de Vlaamse Regering van
30 november 2018 houdende de uitvoering van het decreet van 18 mei 30 november 2018 houdende de uitvoering van het decreet van 18 mei
2018 houdende de Vlaamse sociale bescherming 2018 houdende de Vlaamse sociale bescherming

Artikel 1.Aan artikel 431 van het besluit van de Vlaamse Regering van

Artikel 1.Aan artikel 431 van het besluit van de Vlaamse Regering van

30 november 2018 houdende de uitvoering van het decreet van 18 mei 30 november 2018 houdende de uitvoering van het decreet van 18 mei
2018 houdende de Vlaamse sociale bescherming, gewijzigd bij de 2018 houdende de Vlaamse sociale bescherming, gewijzigd bij de
besluiten van de Vlaamse Regering van 28 juni 2019 en 4 december 2020, besluiten van de Vlaamse Regering van 28 juni 2019 en 4 december 2020,
wordt een punt 17° toegevoegd, dat luidt als volgt: wordt een punt 17° toegevoegd, dat luidt als volgt:
"17° bachelor in de mondzorg." "17° bachelor in de mondzorg."

Art. 2.In artikel 469,2°, van hetzelfde besluit, gewijzigd bij het

Art. 2.In artikel 469,2°, van hetzelfde besluit, gewijzigd bij het

besluit van de Vlaamse Regering van 28 juni 2019, wordt de zinsnede besluit van de Vlaamse Regering van 28 juni 2019, wordt de zinsnede
"vermeld in artikel 70 van bijlage 11 bij het besluit van 28 juni "vermeld in artikel 70 van bijlage 11 bij het besluit van 28 juni
2019;" vervangen door de zinssnede "vermeld in artikel 33/1. § 4, van 2019;" vervangen door de zinssnede "vermeld in artikel 33/1. § 4, van
bijlage 11 bij het besluit van 28 juni 2019;". bijlage 11 bij het besluit van 28 juni 2019;".

Art. 3.In artikel 485 van hetzelfde besluit worden de volgende

Art. 3.In artikel 485 van hetzelfde besluit worden de volgende

wijzigingen aangebracht: wijzigingen aangebracht:
1° in paragraaf 1, tweede lid, wordt het bedrag "19,51 euro" vervangen 1° in paragraaf 1, tweede lid, wordt het bedrag "19,51 euro" vervangen
door het bedrag "19,45 euro" en wordt het bedrag "6,53 euro" vervangen door het bedrag "19,45 euro" en wordt het bedrag "6,53 euro" vervangen
door het bedrag "8,92 euro"; door het bedrag "8,92 euro";
2° in paragraaf 2, tweede lid, wordt het bedrag "19,51 euro" vervangen 2° in paragraaf 2, tweede lid, wordt het bedrag "19,51 euro" vervangen
door het bedrag "19,45 euro en wordt het bedrag "6,53 euro" vervangen door het bedrag "19,45 euro en wordt het bedrag "6,53 euro" vervangen
door het bedrag "8,92 euro". door het bedrag "8,92 euro".

Art. 4.In titel 3, hoofdstuk1, afdeling 1, van hetzelfde besluit

Art. 4.In titel 3, hoofdstuk1, afdeling 1, van hetzelfde besluit

wordt onderafdeling 13, die bestaat uit artikel 500, vervangen door wordt onderafdeling 13, die bestaat uit artikel 500, vervangen door
wat volgt: wat volgt:
"Onderafdeling 13. Deel F: financiering van de coördinerend en "Onderafdeling 13. Deel F: financiering van de coördinerend en
raadgevend arts in woonzorgcentra al dan niet met bijbehorend centrum raadgevend arts in woonzorgcentra al dan niet met bijbehorend centrum
voor kortverblijf" voor kortverblijf"
"

Art. 500.§ 1. De tegemoetkoming per verblijfsdag en per gebruiker

"

Art. 500.§ 1. De tegemoetkoming per verblijfsdag en per gebruiker

voor de functie van coördinerend en raadgevend arts bedraagt 0,61 voor de functie van coördinerend en raadgevend arts bedraagt 0,61
euro. euro.
Die financiering is bestemd voor de vergoeding van de coördinerend en Die financiering is bestemd voor de vergoeding van de coördinerend en
raadgevend arts. raadgevend arts.
Om in aanmerking te komen voor de tegemoetkoming vermeld in het eerste Om in aanmerking te komen voor de tegemoetkoming vermeld in het eerste
lid moeten al de volgende voorwaarden vervuld te zijn: lid moeten al de volgende voorwaarden vervuld te zijn:
1° de gegevens van de coördinerend en raadgevend arts zijn doorgegeven 1° de gegevens van de coördinerend en raadgevend arts zijn doorgegeven
via de elektronische vragenlijst, vermeld in artikel 452; via de elektronische vragenlijst, vermeld in artikel 452;
2° de voorwaarden vermeld in artikel 33/1 van de bijlage 11 bij het 2° de voorwaarden vermeld in artikel 33/1 van de bijlage 11 bij het
besluit van de Vlaamse Regering 28 juni 2019 betreffende de besluit van de Vlaamse Regering 28 juni 2019 betreffende de
programmatie, de erkenningsvoorwaarden en de subsidieregeling voor programmatie, de erkenningsvoorwaarden en de subsidieregeling voor
woonzorgvoorzieningen en verenigingen voor mantelzorgers en woonzorgvoorzieningen en verenigingen voor mantelzorgers en
gebruikers, worden nageleefd. gebruikers, worden nageleefd.
§ 2. Het woonzorgcentrum al dan niet met bijbehorend centrum voor § 2. Het woonzorgcentrum al dan niet met bijbehorend centrum voor
kortverblijf heeft recht op de tegemoetkoming, vermeld in paragraaf 1, kortverblijf heeft recht op de tegemoetkoming, vermeld in paragraaf 1,
vanaf de begindatum vermeld in het ondernemingscontract waarmee de vanaf de begindatum vermeld in het ondernemingscontract waarmee de
coördinerend en raadgevend arts verbonden is aan het woonzorgcentrum coördinerend en raadgevend arts verbonden is aan het woonzorgcentrum
al dan niet met bijbehorend centrum voor kortverblijf, op voorwaarde al dan niet met bijbehorend centrum voor kortverblijf, op voorwaarde
dat de gegevens van de coördinerend en raadgevend arts uiterlijk in de dat de gegevens van de coördinerend en raadgevend arts uiterlijk in de
maand van de begindatum doorgegeven zijn via de elektronische maand van de begindatum doorgegeven zijn via de elektronische
vragenlijst, vermeld in artikel 452. Als de gegevens van de vragenlijst, vermeld in artikel 452. Als de gegevens van de
coördinerend en raadgevend arts via de elektronische vragenlijst, coördinerend en raadgevend arts via de elektronische vragenlijst,
vermeld in artikel 452, op een later tijdstip worden doorgegeven, vermeld in artikel 452, op een later tijdstip worden doorgegeven,
heeft het woonzorgcentrum al dan niet met bijbehorend centrum voor heeft het woonzorgcentrum al dan niet met bijbehorend centrum voor
kortverblijf recht op de tegemoetkoming vanaf de eerste dag van de kortverblijf recht op de tegemoetkoming vanaf de eerste dag van de
maand waarin de gegevens zijn doorgegeven. maand waarin de gegevens zijn doorgegeven.
Het woonzorgcentrum al dan niet met bijbehorend centrum voor Het woonzorgcentrum al dan niet met bijbehorend centrum voor
kortverblijf heeft geen recht meer op de tegemoetkoming, vermeld in kortverblijf heeft geen recht meer op de tegemoetkoming, vermeld in
het eerste lid, vanaf de dag die volgt op de einddatum vermeld in het het eerste lid, vanaf de dag die volgt op de einddatum vermeld in het
ondernemingscontract, bij de stopzetting van het ondernemingscontract ondernemingscontract, bij de stopzetting van het ondernemingscontract
vanaf de dag die volgt op de stopzetting, of vanaf de dag waarop de vanaf de dag die volgt op de stopzetting, of vanaf de dag waarop de
voorwaarden, vermeld in § 1 derde lid, niet meer worden nageleefd.". voorwaarden, vermeld in § 1 derde lid, niet meer worden nageleefd.".

Art. 5.In hetzelfde besluit, het laatst gewijzigd bij het besluit van

Art. 5.In hetzelfde besluit, het laatst gewijzigd bij het besluit van

de Vlaamse Regering van 4 december 2020, wordt een boek 3/3, dat de Vlaamse Regering van 4 december 2020, wordt een boek 3/3, dat
bestaat uit artikel 534/12, ingevoegd, dat luidt als volgt: bestaat uit artikel 534/12, ingevoegd, dat luidt als volgt:
"Boek 3/3. Subsidiëring van de coördinerend en raadgevend arts voor "Boek 3/3. Subsidiëring van de coördinerend en raadgevend arts voor
woongelegenheden woonzorgcentrum zonder bijkomende erkenning en woongelegenheden woonzorgcentrum zonder bijkomende erkenning en
woongelegenheden centrum voor kortverblijf tijdens de periode van 1 woongelegenheden centrum voor kortverblijf tijdens de periode van 1
januari 2021 tot en met 30 juni 2021 januari 2021 tot en met 30 juni 2021

Art. 534/12.§ 1. Aan de woonzorgcentra en centra voor kortverblijf

Art. 534/12.§ 1. Aan de woonzorgcentra en centra voor kortverblijf

wordt voor de periode van 1 januari 2021 tot en met 30 juni 2021 een wordt voor de periode van 1 januari 2021 tot en met 30 juni 2021 een
subsidie toegekend die bestemd is voor de vergoeding van de subsidie toegekend die bestemd is voor de vergoeding van de
coördinerend en raadgevend arts. coördinerend en raadgevend arts.
De subsidie, vermeld in het eerste lid, wordt voor de periode van 1 De subsidie, vermeld in het eerste lid, wordt voor de periode van 1
januari 2021 tot en met 30 juni 2021 als volgt berekend: (0,63 euro x januari 2021 tot en met 30 juni 2021 als volgt berekend: (0,63 euro x
(aantal erkende woongelegenheden woonzorgcentrum zonder bijkomende (aantal erkende woongelegenheden woonzorgcentrum zonder bijkomende
erkenning op 31 maart 2021 + aantal erkende woongelegenheden centrum erkenning op 31 maart 2021 + aantal erkende woongelegenheden centrum
voor kortverblijf op 31 maart 2021) x referentiebezetting x 181 voor kortverblijf op 31 maart 2021) x referentiebezetting x 181
dagen). dagen).
Voor nieuwe woonzorgcentra, al dan niet met bijbehorend centrum voor Voor nieuwe woonzorgcentra, al dan niet met bijbehorend centrum voor
kortverblijf, waarvan de eerste erkenning ingaat na 1 januari 2021 en kortverblijf, waarvan de eerste erkenning ingaat na 1 januari 2021 en
voor 1 april 2021 wordt de subsidie vermeld in het eerste lid als voor 1 april 2021 wordt de subsidie vermeld in het eerste lid als
volgt berekend: (0,63 euro x (aantal erkende woongelegenheden volgt berekend: (0,63 euro x (aantal erkende woongelegenheden
woonzorgcentrum zonder bijkomende erkenning op 31 maart 2021 + aantal woonzorgcentrum zonder bijkomende erkenning op 31 maart 2021 + aantal
erkende woongelegenheden centrum voor kortverblijf op 31 maart 2021) x erkende woongelegenheden centrum voor kortverblijf op 31 maart 2021) x
referentiebezetting x aantal dagen vanaf de begindatum erkenning tot referentiebezetting x aantal dagen vanaf de begindatum erkenning tot
en met 30 juni 2021). en met 30 juni 2021).
De referentiebezetting vermeld in het tweede en derde lid is gelijk De referentiebezetting vermeld in het tweede en derde lid is gelijk
aan de individuele gemiddelde bezettingsgraad van een woonzorgcentrum, aan de individuele gemiddelde bezettingsgraad van een woonzorgcentrum,
al dan niet met bijbehorend centrum voor kortverblijf, in de al dan niet met bijbehorend centrum voor kortverblijf, in de
referentieperiode van 1 juli 2018 tot en met 30 juni 2019 waarbij het referentieperiode van 1 juli 2018 tot en met 30 juni 2019 waarbij het
aantal gefactureerde ligdagen tijdens de periode van 1 juli 2018 tot aantal gefactureerde ligdagen tijdens de periode van 1 juli 2018 tot
en met 30 juni 2019, zoals doorgegeven via de elektronische en met 30 juni 2019, zoals doorgegeven via de elektronische
vragenlijst, vermeld in artikel 452 van het besluit van de Vlaamse vragenlijst, vermeld in artikel 452 van het besluit van de Vlaamse
Regering van 30 november 2018 houdende de uitvoering van het decreet Regering van 30 november 2018 houdende de uitvoering van het decreet
van 18 mei 2018 houdende de Vlaamse sociale bescherming, voor de van 18 mei 2018 houdende de Vlaamse sociale bescherming, voor de
berekening van de basistegemoetkoming voor zorg gedeeld wordt door berekening van de basistegemoetkoming voor zorg gedeeld wordt door
"het gemiddelde aantal erkende woongelegenheden tijdens de periode van "het gemiddelde aantal erkende woongelegenheden tijdens de periode van
1 juli 2018 tot en met 30 juni 2019 vermenigvuldigd met 365". De 1 juli 2018 tot en met 30 juni 2019 vermenigvuldigd met 365". De
individuele bezettingsgraad bedraagt maximaal 1. Voor nieuwe individuele bezettingsgraad bedraagt maximaal 1. Voor nieuwe
woonzorgcentra, al dan niet met bijbehorend centrum voor kortverblijf, woonzorgcentra, al dan niet met bijbehorend centrum voor kortverblijf,
waarvan de eerste erkenning ingaat na 30 juni 2018, is de waarvan de eerste erkenning ingaat na 30 juni 2018, is de
referentiebezetting gelijk aan de sectorale gemiddelde bezettingsgraad referentiebezetting gelijk aan de sectorale gemiddelde bezettingsgraad
van 0,9419. van 0,9419.
§ 2. Om in aanmerking te komen voor de subsidies vermeld in paragraaf § 2. Om in aanmerking te komen voor de subsidies vermeld in paragraaf
1 moeten al de volgende voorwaarden vervuld zijn: 1 moeten al de volgende voorwaarden vervuld zijn:
1° er is een ondernemingscontract gesloten met een coördinerend en 1° er is een ondernemingscontract gesloten met een coördinerend en
raadgevend arts dat uiterlijk op 31 mei 2021 start; raadgevend arts dat uiterlijk op 31 mei 2021 start;
2° de prestaties van de coördinerend en raadgevend arts bedragen 2° de prestaties van de coördinerend en raadgevend arts bedragen
gemiddeld minstens twee uur en twintig minuten per week per dertig gemiddeld minstens twee uur en twintig minuten per week per dertig
bewoners. bewoners.
3° de gegevens van de coördinerend en raadgevend arts zijn ten laatste 3° de gegevens van de coördinerend en raadgevend arts zijn ten laatste
op 31 mei 2021 doorgegeven via de elektronische vragenlijst, vermeld op 31 mei 2021 doorgegeven via de elektronische vragenlijst, vermeld
in artikel 452. in artikel 452.
Het ondernemingscontract vermeldt de rechten en plichten van beide Het ondernemingscontract vermeldt de rechten en plichten van beide
partijen, waaronder minstens de te leveren prestaties en de partijen, waaronder minstens de te leveren prestaties en de
vergoeding. De te leveren prestaties omvatten minstens de bepaling dat vergoeding. De te leveren prestaties omvatten minstens de bepaling dat
er prestaties geleverd worden ten belope van gemiddeld 2u20 per week er prestaties geleverd worden ten belope van gemiddeld 2u20 per week
per 30 bewoners. De vergoeding is minstens gelijk aan 0,63 euro per per 30 bewoners. De vergoeding is minstens gelijk aan 0,63 euro per
bewoner en per dag. bewoner en per dag.
Het agentschap kan een exemplaar opvragen van het contract waarmee de Het agentschap kan een exemplaar opvragen van het contract waarmee de
coördinerend en raadgevend arts verbonden is aan het woonzorgcentrum coördinerend en raadgevend arts verbonden is aan het woonzorgcentrum
al dan niet met bijbehorend centrum voor kortverblijf. al dan niet met bijbehorend centrum voor kortverblijf.
§ 3. Het woonzorgcentrum al dan niet met bijbehorend centrum voor § 3. Het woonzorgcentrum al dan niet met bijbehorend centrum voor
kortverblijf stort de subsidies, vermeld in paragraaf 1, door aan de kortverblijf stort de subsidies, vermeld in paragraaf 1, door aan de
coördinerend en raadgevend arts.". coördinerend en raadgevend arts.".

Art. 6.In het artikel 663/3, § 1, tweede lid, van hetzelfde besluit,

Art. 6.In het artikel 663/3, § 1, tweede lid, van hetzelfde besluit,

ingevoegd bij het besluit van de Vlaamse Regering van 7 december 2018 ingevoegd bij het besluit van de Vlaamse Regering van 7 december 2018
en gewijzigd bij het besluit van de Vlaamse Regering van 13 december en gewijzigd bij het besluit van de Vlaamse Regering van 13 december
2019, worden de volgende wijzigingen aangebracht: 2019, worden de volgende wijzigingen aangebracht:
1° het bedrag "19,51 euro" wordt vervangen door het bedrag "19,45 1° het bedrag "19,51 euro" wordt vervangen door het bedrag "19,45
euro"; euro";
2° de zinsnede "Het getal 19,51" vervangen door de zinsnede "Het getal 2° de zinsnede "Het getal 19,51" vervangen door de zinsnede "Het getal
19,45". 19,45".
HOOFDSTUK 2. - Wijzigingen van het besluit van de Vlaamse Regering van HOOFDSTUK 2. - Wijzigingen van het besluit van de Vlaamse Regering van
28 juni 2019 betreffende de programmatie, de erkenningsvoorwaarden en 28 juni 2019 betreffende de programmatie, de erkenningsvoorwaarden en
de subsidieregeling voor woonzorgvoorzieningen en verenigingen voor de subsidieregeling voor woonzorgvoorzieningen en verenigingen voor
mantelzorgers en gebruikers mantelzorgers en gebruikers

Art. 7.Aan artikel 13 van bijlage 8 bij het besluit van de Vlaamse

Art. 7.Aan artikel 13 van bijlage 8 bij het besluit van de Vlaamse

Regering van 28 juni 2019 betreffende de programmatie, de Regering van 28 juni 2019 betreffende de programmatie, de
erkenningsvoorwaarden en de subsidieregeling voor erkenningsvoorwaarden en de subsidieregeling voor
woonzorgvoorzieningen en verenigingen voor mantelzorgers en gebruikers woonzorgvoorzieningen en verenigingen voor mantelzorgers en gebruikers
wordt een tweede lid toegevoegd, dat luidt als volgt: wordt een tweede lid toegevoegd, dat luidt als volgt:
"Op de centrum type 1, dat wordt uitgebaat in lokalen van een "Op de centrum type 1, dat wordt uitgebaat in lokalen van een
woonzorgcentrum die daarvoor bestemd zijn, is artikel 33/1 van bijlage woonzorgcentrum die daarvoor bestemd zijn, is artikel 33/1 van bijlage
11 van overeenkomstige toepassing." 11 van overeenkomstige toepassing."

Art. 8.Aan artikel 39 van bijlage 8 bij hetzelfde besluit wordt een

Art. 8.Aan artikel 39 van bijlage 8 bij hetzelfde besluit wordt een

tweede lid toegevoegd, dat luidt als volgt: tweede lid toegevoegd, dat luidt als volgt:
"In afwijking van het eerste lid voldoen de centra voor kortverblijf "In afwijking van het eerste lid voldoen de centra voor kortverblijf
type 1 die worden uitgebaat in lokalen van een woonzorgcentrum die type 1 die worden uitgebaat in lokalen van een woonzorgcentrum die
daarvoor bestemd zijn en op 1 januari 2020 erkend zijn, uiterlijk op 1 daarvoor bestemd zijn en op 1 januari 2020 erkend zijn, uiterlijk op 1
juli 2021 aan de erkenningsvoorwaarde, vermeld in artikel 33/1 van juli 2021 aan de erkenningsvoorwaarde, vermeld in artikel 33/1 van
bijlage 11.". bijlage 11.".

Art. 9.Aan artikel 40 van bijlage 8 bij hetzelfde besluit wordt een

Art. 9.Aan artikel 40 van bijlage 8 bij hetzelfde besluit wordt een

tweede lid toegevoegd, dat luidt als volgt: tweede lid toegevoegd, dat luidt als volgt:
"In afwijking van het eerste lid voldoen de centra voor kortverblijf "In afwijking van het eerste lid voldoen de centra voor kortverblijf
type 1 die worden uitgebaat in lokalen van een woonzorgcentrum die type 1 die worden uitgebaat in lokalen van een woonzorgcentrum die
daarvoor bestemd zijn en op basis van het eerste lid erkend zijn, daarvoor bestemd zijn en op basis van het eerste lid erkend zijn,
uiterlijk op 1 juli 2021 aan de erkenningsvoorwaarde, vermeld in uiterlijk op 1 juli 2021 aan de erkenningsvoorwaarde, vermeld in
artikel 33/1 van bijlage 11.". artikel 33/1 van bijlage 11.".

Art. 10.In artikel 41 van bijlage 8 bij hetzelfde besluit wordt

Art. 10.In artikel 41 van bijlage 8 bij hetzelfde besluit wordt

tussen het eerste en het tweede lid een lid ingevoegd, dat luidt als tussen het eerste en het tweede lid een lid ingevoegd, dat luidt als
volgt: volgt:
"In afwijking van het eerste lid voldoen de centra voor kortverblijf "In afwijking van het eerste lid voldoen de centra voor kortverblijf
die worden uitgebaat in lokalen van een woonzorgcentrum die daarvoor die worden uitgebaat in lokalen van een woonzorgcentrum die daarvoor
bestemd zijn en op basis van het eerste lid erkend zijn, uiterlijk op bestemd zijn en op basis van het eerste lid erkend zijn, uiterlijk op
1 juli 2021 aan de erkenningsvoorwaarde, vermeld in artikel 33/1 van 1 juli 2021 aan de erkenningsvoorwaarde, vermeld in artikel 33/1 van
bijlage 11.". bijlage 11.".

Art. 11.In artikel 14, tweede lid, van bijlage 11 bij hetzelfde

Art. 11.In artikel 14, tweede lid, van bijlage 11 bij hetzelfde

besluit wordt de zinsnede "het oordeel van de behandelende arts besluit wordt de zinsnede "het oordeel van de behandelende arts
ingewonnen, in voorkomend geval, van de coördinerende en raadgevende ingewonnen, in voorkomend geval, van de coördinerende en raadgevende
arts, en van het interdisciplinaire team" vervangen door de zinsnede arts, en van het interdisciplinaire team" vervangen door de zinsnede
"het oordeel ingewonnen van de behandelende arts, van de coördinerend "het oordeel ingewonnen van de behandelende arts, van de coördinerend
en raadgevend arts, en van het interdisciplinaire team". en raadgevend arts, en van het interdisciplinaire team".

Art. 12.In hoofdstuk 3, afdeling 3, onderafdeling 1, van bijlage 11

Art. 12.In hoofdstuk 3, afdeling 3, onderafdeling 1, van bijlage 11

bij hetzelfde besluit wordt een artikel 33/1 ingevoegd, dat luidt als bij hetzelfde besluit wordt een artikel 33/1 ingevoegd, dat luidt als
volgt: volgt:
"

Art. 33/1.§ 1. In elk woonzorgcentrum, al dan niet met bijbehorend

"

Art. 33/1.§ 1. In elk woonzorgcentrum, al dan niet met bijbehorend

centrum voor kortverblijf type 1, wijst de initiatiefnemer een centrum voor kortverblijf type 1, wijst de initiatiefnemer een
coördinerend en raadgevend arts aan die een erkende huisarts is en die coördinerend en raadgevend arts aan die een erkende huisarts is en die
uiterlijk vier jaar na zijn aanwijzing houder is van een attest dat uiterlijk vier jaar na zijn aanwijzing houder is van een attest dat
toegang verleent tot de functie van coördinerend en raadgevend arts. toegang verleent tot de functie van coördinerend en raadgevend arts.
Dat attest kan worden verkregen nadat een opleidingscyclus van Dat attest kan worden verkregen nadat een opleidingscyclus van
minstens 24 uur, die erkend is door het agentschap, met vrucht minstens 24 uur, die erkend is door het agentschap, met vrucht
afgerond is. afgerond is.
De coördinerend en raadgevend arts is verbonden aan het De coördinerend en raadgevend arts is verbonden aan het
woonzorgcentrum, al dan niet met bijbehorend centrum voor kortverblijf woonzorgcentrum, al dan niet met bijbehorend centrum voor kortverblijf
type 1, met een ondernemingscontract. Het agentschap kan een exemplaar type 1, met een ondernemingscontract. Het agentschap kan een exemplaar
van dat contract opvragen. van dat contract opvragen.
Het ondernemingscontract vermeldt de rechten en plichten van beide Het ondernemingscontract vermeldt de rechten en plichten van beide
partijen, waaronder minstens de te leveren prestaties en de partijen, waaronder minstens de te leveren prestaties en de
vergoeding. De te leveren prestaties omvatten minstens de prestaties vergoeding. De te leveren prestaties omvatten minstens de prestaties
vermeldt onder § 4 van dit artikel. vermeldt onder § 4 van dit artikel.
De vergoeding is minstens gelijk aan het bedrag waarvoor het De vergoeding is minstens gelijk aan het bedrag waarvoor het
woonzorgcentrum een tegemoetkoming ontvangt in het kader van artikel woonzorgcentrum een tegemoetkoming ontvangt in het kader van artikel
500 van het besluit van de Vlaamse Regering van 30 november 2018 500 van het besluit van de Vlaamse Regering van 30 november 2018
houdende de uitvoering van het decreet van 18 mei 2018 houdende de houdende de uitvoering van het decreet van 18 mei 2018 houdende de
Vlaamse sociale bescherming. Vlaamse sociale bescherming.
De prestaties van de coördinerend en raadgevend arts bedragen De prestaties van de coördinerend en raadgevend arts bedragen
gemiddeld minstens twee uur en twintig minuten per week per dertig gemiddeld minstens twee uur en twintig minuten per week per dertig
bewoners. bewoners.
§ 2. De opleidingscyclus, vermeld in paragraaf 1, behandelt de § 2. De opleidingscyclus, vermeld in paragraaf 1, behandelt de
organisatie van een Vlaams woonzorgcentrum en centrum voor organisatie van een Vlaams woonzorgcentrum en centrum voor
kortverblijf type 1 en de zorg binnen een Vlaams woonzorgcentrum en kortverblijf type 1 en de zorg binnen een Vlaams woonzorgcentrum en
een centrum voor kortverblijf type 1, met verwijzing naar de een centrum voor kortverblijf type 1, met verwijzing naar de
regelgeving die van toepassing is op het woonzorgcentrum en het regelgeving die van toepassing is op het woonzorgcentrum en het
centrum voor kortverblijf type 1 in kwestie. De organisatie die de centrum voor kortverblijf type 1 in kwestie. De organisatie die de
opleidingscyclus aanbiedt, heeft minstens een samenwerkingsverband met opleidingscyclus aanbiedt, heeft minstens een samenwerkingsverband met
een van de academische huisartsencentra van de Vlaamse universiteiten een van de academische huisartsencentra van de Vlaamse universiteiten
gesloten. gesloten.
De Vlaamse Regering kan bijkomende kwaliteitscriteria voor de De Vlaamse Regering kan bijkomende kwaliteitscriteria voor de
opleidingscyclus bepalen, alsook de voorwaarden voor de Continue opleidingscyclus bepalen, alsook de voorwaarden voor de Continue
Professionele Educatie, CPE, die jaarlijks onderhouden wordt. Professionele Educatie, CPE, die jaarlijks onderhouden wordt.
Die opleidingscyclus omvat minstens de volgende onderdelen: Die opleidingscyclus omvat minstens de volgende onderdelen:
1° de organisatie van en de regelgeving over woonzorgcentra en centra 1° de organisatie van en de regelgeving over woonzorgcentra en centra
voor kortverblijf type 1, inclusief de kwaliteit van zorg; voor kortverblijf type 1, inclusief de kwaliteit van zorg;
2° de specificiteit van de geriatrische geneeskunde, inclusief 2° de specificiteit van de geriatrische geneeskunde, inclusief
palliatieve zorg, levenseindezorg en farmaceutische zorg; palliatieve zorg, levenseindezorg en farmaceutische zorg;
3° het voorkomen en het beheersen van uitbraken van infecties, en het 3° het voorkomen en het beheersen van uitbraken van infecties, en het
beheer van de antibiotherapie; beheer van de antibiotherapie;
4° de communicatietechnieken, inclusief de communicatie met bewoners 4° de communicatietechnieken, inclusief de communicatie met bewoners
met mentale of cognitieve beperkingen en de communicatie over de met mentale of cognitieve beperkingen en de communicatie over de
wensen en voorkeuren van de bewoners. wensen en voorkeuren van de bewoners.
De Vlaamse Regering bepaalt de procedure om de erkenning van de De Vlaamse Regering bepaalt de procedure om de erkenning van de
opleidingscyclus te verkrijgen, en de regels voor de evaluatie van de opleidingscyclus te verkrijgen, en de regels voor de evaluatie van de
opleidingscyclus, vermeld in paragraaf 1, eerste lid, en kan ook opleidingscyclus, vermeld in paragraaf 1, eerste lid, en kan ook
bijkomend regels vaststellen voor de duur van de erkenning en de bijkomend regels vaststellen voor de duur van de erkenning en de
weigering, wijziging of intrekking van de erkenning. De minister kan weigering, wijziging of intrekking van de erkenning. De minister kan
de onderdelen, vermeld in het derde lid, nader bepalen. de onderdelen, vermeld in het derde lid, nader bepalen.
Het toezicht op de opleidingscyclus, vermeld in het eerste lid, wordt Het toezicht op de opleidingscyclus, vermeld in het eerste lid, wordt
uitgeoefend met inachtneming van het decreet van 19 januari 2018 uitgeoefend met inachtneming van het decreet van 19 januari 2018
houdende het overheidstoezicht in het kader van het gezondheids- en houdende het overheidstoezicht in het kader van het gezondheids- en
welzijnsbeleid waarbij de opleidingsinstantie wordt behandeld als een welzijnsbeleid waarbij de opleidingsinstantie wordt behandeld als een
actor in de zorg. actor in de zorg.
§ 3. De kandidaten coördinerend en raadgevend arts worden voorgedragen § 3. De kandidaten coördinerend en raadgevend arts worden voorgedragen
door de huisartsenkring die actief is in de gemeente waarin het door de huisartsenkring die actief is in de gemeente waarin het
woonzorgcentrum, al dan niet met bijbehorende centrum voor woonzorgcentrum, al dan niet met bijbehorende centrum voor
kortverblijf type 1, zich bevindt. De initiatiefnemer behoudt het kortverblijf type 1, zich bevindt. De initiatiefnemer behoudt het
recht om onder de voorgedragen kandidaten autonoom een keuze te maken. recht om onder de voorgedragen kandidaten autonoom een keuze te maken.
§ 4. In samenspraak met de directeur, de hoofdverpleegkundige(n) of, § 4. In samenspraak met de directeur, de hoofdverpleegkundige(n) of,
in voorkomend geval, de teamverantwoordelijke(n) staat de coördinerend in voorkomend geval, de teamverantwoordelijke(n) staat de coördinerend
en raadgevend arts in voor al de volgende taken: en raadgevend arts in voor al de volgende taken:
1° in relatie met het medische korps: 1° in relatie met het medische korps:
a) op geregelde tijdstippen, individuele en collectieve a) op geregelde tijdstippen, individuele en collectieve
overlegvergaderingen met de behandelende artsen organiseren; overlegvergaderingen met de behandelende artsen organiseren;
b) de continuïteit van de medische zorg coördineren en organiseren; b) de continuïteit van de medische zorg coördineren en organiseren;
c) de opmaak en het up-to-date houden van de dossiers van de bewoners c) de opmaak en het up-to-date houden van de dossiers van de bewoners
die de behandelende artsen bijhouden, coördineren; die de behandelende artsen bijhouden, coördineren;
d) de medische activiteiten bij ziektetoestanden die gevaar opleveren d) de medische activiteiten bij ziektetoestanden die gevaar opleveren
voor de bewoners of het personeel, coördineren; voor de bewoners of het personeel, coördineren;
e) het farmaceutische zorgbeleid coördineren in overleg met de e) het farmaceutische zorgbeleid coördineren in overleg met de
behandelende artsen en de apotheker die de geneesmiddelen levert voor behandelende artsen en de apotheker die de geneesmiddelen levert voor
de bewoners in het woonzorgcentrum, of, in voorkomend geval, de de bewoners in het woonzorgcentrum, of, in voorkomend geval, de
coördinerende en adviserende apotheker. Dat omvat voor de coördinerende en adviserende apotheker. Dat omvat voor de
geneesmiddelen ten minste het opstellen en het gebruik van een geneesmiddelen ten minste het opstellen en het gebruik van een
geneesmiddelenformularium omvat, alsook het oordeelkundige gebruik van geneesmiddelenformularium omvat, alsook het oordeelkundige gebruik van
specifieke geneesmiddelenklassen en de alternatieve specifieke geneesmiddelenklassen en de alternatieve
niet-farmacologische aanpak bij de bewoners van het woonzorgcentrum; niet-farmacologische aanpak bij de bewoners van het woonzorgcentrum;
f) huisartsen die in het woonzorgcentrum werken, actief informeren f) huisartsen die in het woonzorgcentrum werken, actief informeren
over het beleid van het woonzorgcentrum met betrekking tot het over het beleid van het woonzorgcentrum met betrekking tot het
rationeel voorschrijven van geneesmiddelen; rationeel voorschrijven van geneesmiddelen;
2° bijscholing en vorming: meewerken aan de organisatie van 2° bijscholing en vorming: meewerken aan de organisatie van
activiteiten in het kader van bijscholing en vorming in het domein van activiteiten in het kader van bijscholing en vorming in het domein van
de gezondheidszorg voor het personeel van het woonzorgcentrum, al dan de gezondheidszorg voor het personeel van het woonzorgcentrum, al dan
niet met bijbehorend centrum voor kortverblijf type 1, en voor de niet met bijbehorend centrum voor kortverblijf type 1, en voor de
betrokken behandelende artsen. betrokken behandelende artsen.
De minister kan de taken, vermeld in het eerste lid, 1°, nader bepalen De minister kan de taken, vermeld in het eerste lid, 1°, nader bepalen
en kan bepalen welke vormingsactiviteiten voor de bijscholing en en kan bepalen welke vormingsactiviteiten voor de bijscholing en
vorming, vermeld in het eerste lid, 2°, in aanmerking komen. vorming, vermeld in het eerste lid, 2°, in aanmerking komen.
§ 5. De aanstelling van een coördinerend en raadgevend arts mag niet § 5. De aanstelling van een coördinerend en raadgevend arts mag niet
leiden tot een feitelijke beperking van de vrije keuze van de leiden tot een feitelijke beperking van de vrije keuze van de
huisarts." huisarts."

Art. 13.In artikel 35, tweede lid, 1°, van bijlage 11 bij hetzelfde

Art. 13.In artikel 35, tweede lid, 1°, van bijlage 11 bij hetzelfde

besluit wordt de zinsnede "het overleg met de toeleverende apothekers, besluit wordt de zinsnede "het overleg met de toeleverende apothekers,
en, in voorkomend geval, het overleg met de coördinerende en en, in voorkomend geval, het overleg met de coördinerende en
raadgevende arts en de coördinerende en adviserende apotheker;" raadgevende arts en de coördinerende en adviserende apotheker;"
vervangen door de zinsnede "het overleg met de toeleverende vervangen door de zinsnede "het overleg met de toeleverende
apotheker(s), en het overleg met de coördinerend en raadgevend arts apotheker(s), en het overleg met de coördinerend en raadgevend arts
en, in voorkomend geval, de coördinerende en adviserende apotheker;". en, in voorkomend geval, de coördinerende en adviserende apotheker;".

Art. 14.In artikel 36, tweede lid van bijlage 11 bij hetzelfde

Art. 14.In artikel 36, tweede lid van bijlage 11 bij hetzelfde

besluit worden de woorden "en in voorkomend geval de coördinerende en besluit worden de woorden "en in voorkomend geval de coördinerende en
raadgevende arts en de coördinerend en adviserend apotheker" vervangen raadgevende arts en de coördinerend en adviserend apotheker" vervangen
door de woorden "en de coördinerend en raadgevend arts en,in door de woorden "en de coördinerend en raadgevend arts en,in
voorkomend geval, de coördinerende en adviserende apotheker,". voorkomend geval, de coördinerende en adviserende apotheker,".

Art. 15.In artikel 51 van bijlage 11 bij hetzelfde besluit wordt punt

Art. 15.In artikel 51 van bijlage 11 bij hetzelfde besluit wordt punt

31° vervangen door wat volgt: 31° vervangen door wat volgt:
"31° aan de coördinerend en raadgevend arts wordt een werkruimte met "31° aan de coördinerend en raadgevend arts wordt een werkruimte met
de nodige uitrusting ter beschikking gesteld.". de nodige uitrusting ter beschikking gesteld.".

Art. 16.In artikel 62 van bijlage 11 bij hetzelfde besluit worden de

Art. 16.In artikel 62 van bijlage 11 bij hetzelfde besluit worden de

volgende wijzigingen aangebracht: volgende wijzigingen aangebracht:
1° punt 1° wordt vervangen door wat volgt: 1° punt 1° wordt vervangen door wat volgt:
"1° ten minste vijf voltijds equivalenten verpleegkundigen. Het "1° ten minste vijf voltijds equivalenten verpleegkundigen. Het
woonzorgcentrum beschikt binnen dat aantal over een woonzorgcentrum beschikt binnen dat aantal over een
hoofdverpleegkundige. Boven de eerste dertig bewoners is bij hoofdverpleegkundige. Boven de eerste dertig bewoners is bij
overschrijding van de helft van elke nieuwe schijf van dertig bewoners overschrijding van de helft van elke nieuwe schijf van dertig bewoners
in een woongelegenheid woonzorgcentrum met een bijkomende erkenning, in een woongelegenheid woonzorgcentrum met een bijkomende erkenning,
hetzij binnen het aantal vereiste verpleegkundigen een bijkomende hetzij binnen het aantal vereiste verpleegkundigen een bijkomende
hoofdverpleegkundige, hetzij bovenop dat aantal een hoofdverpleegkundige, hetzij bovenop dat aantal een
teamverantwoordelijke die in het bezit is van ten minste een teamverantwoordelijke die in het bezit is van ten minste een
bachelordiploma in een zorg- of welzijnsdomein, verplicht."; bachelordiploma in een zorg- of welzijnsdomein, verplicht.";
2° punt 4° wordt vervangen door wat volgt: 2° punt 4° wordt vervangen door wat volgt:
"4° 0,10 voltijdsequivalent personeelsleden voor reactivering die "4° 0,10 voltijdsequivalent personeelsleden voor reactivering die
aantoonbare ervaring hebben met betrekking tot vroegtijdige aantoonbare ervaring hebben met betrekking tot vroegtijdige
zorgplanning, palliatieve zorg en levenseindezorg, ter ondersteuning zorgplanning, palliatieve zorg en levenseindezorg, ter ondersteuning
van de verzorging van de bewoner die zich in de levenseindefase van de verzorging van de bewoner die zich in de levenseindefase
bevindt, en die over een van de volgende kwalificaties beschikken: bevindt, en die over een van de volgende kwalificaties beschikken:
a) graduaat of licentiaat of master in de kinesitherapie; a) graduaat of licentiaat of master in de kinesitherapie;
b) graduaat of bachelor of licentiaat of master in de logopedie; b) graduaat of bachelor of licentiaat of master in de logopedie;
c) graduaat of bachelor in de ergotherapie; c) graduaat of bachelor in de ergotherapie;
d) graduaat of bachelor in de arbeidstherapie; d) graduaat of bachelor in de arbeidstherapie;
e) graduaat of bachelor in de readaptatiewetenschappen; e) graduaat of bachelor in de readaptatiewetenschappen;
f) graduaat of bachelor in de dieetleer; f) graduaat of bachelor in de dieetleer;
g) graduaat of bachelor of licentiaat of master in de pedagogie of de g) graduaat of bachelor of licentiaat of master in de pedagogie of de
orthopedagogiek; orthopedagogiek;
h) graduaat of bachelor of postgraduaat of master in de h) graduaat of bachelor of postgraduaat of master in de
psychomotoriek; psychomotoriek;
i) licentiaat of master in de psychologie; i) licentiaat of master in de psychologie;
j) graduaat of bachelor psychologisch assistent; j) graduaat of bachelor psychologisch assistent;
k) graduaat of bachelor sociaal werker of sociale gezondheidszorg of k) graduaat of bachelor sociaal werker of sociale gezondheidszorg of
sociaal verpleegkundige of verpleegkundige gespecialiseerd in de sociaal verpleegkundige of verpleegkundige gespecialiseerd in de
sociale gezondheidszorg; sociale gezondheidszorg;
l) bachelor of master in het sociaal werk; l) bachelor of master in het sociaal werk;
m) graduaat of bachelor in de gezinswetenschappen; m) graduaat of bachelor in de gezinswetenschappen;
n) licentiaat of master in de gerontologie; n) licentiaat of master in de gerontologie;
o) graduaat of bachelor opvoeder; o) graduaat of bachelor opvoeder;
p) bachelor-na-bacheloropleiding psychosociale gerontologie; p) bachelor-na-bacheloropleiding psychosociale gerontologie;
q) bachelor in de mondzorg."; q) bachelor in de mondzorg.";
3° punt 5° wordt vervangen door wat volgt: 3° punt 5° wordt vervangen door wat volgt:
"5° maximaal 20% van de verpleegkundigen, vermeld in 1°, mag als de "5° maximaal 20% van de verpleegkundigen, vermeld in 1°, mag als de
permanentie, vermeld in artikel 48, wordt gerespecteerd, worden permanentie, vermeld in artikel 48, wordt gerespecteerd, worden
vervangen door een persoon die bij voorkeur een van de volgende vervangen door een persoon die bij voorkeur een van de volgende
kwalificaties heeft: kwalificaties heeft:
a) graduaat of licentiaat of master in de kinesitherapie; a) graduaat of licentiaat of master in de kinesitherapie;
b) graduaat of bachelor of licentiaat of master in de logopedie; b) graduaat of bachelor of licentiaat of master in de logopedie;
c) graduaat of bachelor in de ergotherapie; c) graduaat of bachelor in de ergotherapie;
d) graduaat of bachelor in de arbeidstherapie; d) graduaat of bachelor in de arbeidstherapie;
e) graduaat of bachelor in de readaptatiewetenschappen; e) graduaat of bachelor in de readaptatiewetenschappen;
f) graduaat of bachelor in de dieetleer; f) graduaat of bachelor in de dieetleer;
g) graduaat of bachelor of licentiaat of master in de pedagogie of de g) graduaat of bachelor of licentiaat of master in de pedagogie of de
orthopedagogiek; orthopedagogiek;
h) graduaat of bachelor of postgraduaat of master in de h) graduaat of bachelor of postgraduaat of master in de
psychomotoriek; psychomotoriek;
i) licentiaat of master in de psychologie; i) licentiaat of master in de psychologie;
j) graduaat of bachelor psychologisch assistent; j) graduaat of bachelor psychologisch assistent;
k) graduaat of bachelor sociaal werker of sociale gezondheidszorg of k) graduaat of bachelor sociaal werker of sociale gezondheidszorg of
sociaal verpleegkundige of verpleegkundige gespecialiseerd in de sociaal verpleegkundige of verpleegkundige gespecialiseerd in de
sociale gezondheidszorg; sociale gezondheidszorg;
l) bachelor of master in het sociaal werk; l) bachelor of master in het sociaal werk;
m) graduaat of bachelor in de gezinswetenschappen; m) graduaat of bachelor in de gezinswetenschappen;
n) licentiaat of master in de gerontologie; n) licentiaat of master in de gerontologie;
o) graduaat of bachelor opvoeder; o) graduaat of bachelor opvoeder;
p) bachelor-na-bacheloropleiding psychosociale gerontologie; p) bachelor-na-bacheloropleiding psychosociale gerontologie;
q) bachelor in de mondzorg. q) bachelor in de mondzorg.
Bij gebrek aan een van de kwalificaties, vermeld in punt a) tot en met Bij gebrek aan een van de kwalificaties, vermeld in punt a) tot en met
q), mag maximaal 20% van de verpleegkundigen door zorgkundigen q), mag maximaal 20% van de verpleegkundigen door zorgkundigen
vervangen worden."; vervangen worden.";
4° er wordt een punt 6° toegevoegd, dat luidt als volgt: 4° er wordt een punt 6° toegevoegd, dat luidt als volgt:
"6° het percentage van 20%, vermeld in punt 5°, kan verhoogd worden "6° het percentage van 20%, vermeld in punt 5°, kan verhoogd worden
tot 30% in de woonzorgcentra, in voorkomend geval met bijbehorende tot 30% in de woonzorgcentra, in voorkomend geval met bijbehorende
centra voor kortverblijf, waar minstens zeven voltijds equivalenten centra voor kortverblijf, waar minstens zeven voltijds equivalenten
verpleegkundigen werken."; verpleegkundigen werken.";

Art. 17.Artikel 65 van bijlage 11 bij hetzelfde besluit wordt

Art. 17.Artikel 65 van bijlage 11 bij hetzelfde besluit wordt

opgeheven. opgeheven.

Art. 18.Aan artikel 77 van bijlage 11 bij hetzelfde besluit wordt een

Art. 18.Aan artikel 77 van bijlage 11 bij hetzelfde besluit wordt een

tweede lid toegevoegd, dat luidt als volgt: tweede lid toegevoegd, dat luidt als volgt:
"In afwijking van het eerste lid voldoen de woonzorgcentra of "In afwijking van het eerste lid voldoen de woonzorgcentra of
gedeelten van woonzorgcentra die op 1 januari 2020 erkend zijn, gedeelten van woonzorgcentra die op 1 januari 2020 erkend zijn,
uiterlijk op 1 juli 2021 aan de erkenningsvoorwaarde, vermeld in uiterlijk op 1 juli 2021 aan de erkenningsvoorwaarde, vermeld in
artikel 33/1 en artikel 62.". artikel 33/1 en artikel 62.".

Art. 19.Aan artikel 78 van bijlage 11 bij hetzelfde besluit wordt een

Art. 19.Aan artikel 78 van bijlage 11 bij hetzelfde besluit wordt een

tweede lid toegevoegd, dat luidt als volgt: tweede lid toegevoegd, dat luidt als volgt:
"In afwijking van het eerste lid voldoen de woonzorgcentra of "In afwijking van het eerste lid voldoen de woonzorgcentra of
gedeelten van woonzorgcentra die op basis van het eerste lid erkend gedeelten van woonzorgcentra die op basis van het eerste lid erkend
zijn, uiterlijk op 1 juli 2021 aan de erkenningsvoorwaarde, vermeld in zijn, uiterlijk op 1 juli 2021 aan de erkenningsvoorwaarde, vermeld in
artikel 33/1 en artikel 62.". artikel 33/1 en artikel 62.".

Art. 20.In artikel 79 van bijlage 11 bij hetzelfde besluit wordt

Art. 20.In artikel 79 van bijlage 11 bij hetzelfde besluit wordt

tussen het eerste en het tweede lid een lid ingevoegd, dat luidt als tussen het eerste en het tweede lid een lid ingevoegd, dat luidt als
volgt: volgt:
"In afwijking van het eerste lid voldoen de woonzorgcentra of "In afwijking van het eerste lid voldoen de woonzorgcentra of
gedeelten van woonzorgcentra die op basis van het eerste lid erkend gedeelten van woonzorgcentra die op basis van het eerste lid erkend
zijn, uiterlijk op 1 juli 2021 aan de erkenningsvoorwaarde, vermeld in zijn, uiterlijk op 1 juli 2021 aan de erkenningsvoorwaarde, vermeld in
artikel 33/1 en artikel 62.". artikel 33/1 en artikel 62.".
HOOFDSTUK 3. - Inwerkingtredingsbepaling HOOFDSTUK 3. - Inwerkingtredingsbepaling

Art. 21.Dit besluit treedt in werking op 1 juli 2021.

Art. 21.Dit besluit treedt in werking op 1 juli 2021.

Artikel 5 heeft uitwerking met ingang van 1 januari 2021. Artikel 5 heeft uitwerking met ingang van 1 januari 2021.

Art. 22.De Vlaamse minister, bevoegd voor de gezondheids- en

Art. 22.De Vlaamse minister, bevoegd voor de gezondheids- en

woonzorg, is belast met de uitvoering van dit besluit. woonzorg, is belast met de uitvoering van dit besluit.
Brussel, 7 mei 2021. Brussel, 7 mei 2021.
De minister-president van de Vlaamse Regering, De minister-president van de Vlaamse Regering,
J. JAMBON J. JAMBON
De Vlaamse minister van Welzijn, Volksgezondheid, Gezin en De Vlaamse minister van Welzijn, Volksgezondheid, Gezin en
Armoedebestrijding, Armoedebestrijding,
W. BEKE W. BEKE
^