Etaamb.openjustice.be
Meertalige weergave van Besluit Van De Vlaamse Regering van 03/09/2021
← Terug naar "Besluit van de Vlaamse Regering tot oprichting van het intern verzelfstandigd agentschap "Agentschap Justitie en Handhaving" "
Besluit van de Vlaamse Regering tot oprichting van het intern verzelfstandigd agentschap "Agentschap Justitie en Handhaving" Besluit van de Vlaamse Regering tot oprichting van het intern verzelfstandigd agentschap "Agentschap Justitie en Handhaving"
VLAAMSE OVERHEID VLAAMSE OVERHEID
3 SEPTEMBER 2021. - Besluit van de Vlaamse Regering tot oprichting van 3 SEPTEMBER 2021. - Besluit van de Vlaamse Regering tot oprichting van
het intern verzelfstandigd agentschap "Agentschap Justitie en het intern verzelfstandigd agentschap "Agentschap Justitie en
Handhaving" Handhaving"
Rechtsgronden Rechtsgronden
Dit besluit is gebaseerd op: Dit besluit is gebaseerd op:
- de bijzondere wet van 8 augustus 1980 tot hervorming der - de bijzondere wet van 8 augustus 1980 tot hervorming der
instellingen, artikel 20 en 87, § 1, gewijzigd bij de bijzondere wet instellingen, artikel 20 en 87, § 1, gewijzigd bij de bijzondere wet
van 16 juli 1993; van 16 juli 1993;
- het bijzonder decreet van 7 juli 2006 over de Vlaamse instellingen, - het bijzonder decreet van 7 juli 2006 over de Vlaamse instellingen,
artikel 21; artikel 21;
- het Bestuursdecreet van 7 december 2018, artikel III.1, eerste en - het Bestuursdecreet van 7 december 2018, artikel III.1, eerste en
tweede lid, artikel III.2 en artikel III.63, § 1. tweede lid, artikel III.2 en artikel III.63, § 1.
Vormvereisten Vormvereisten
De volgende vormvereisten zijn vervuld: De volgende vormvereisten zijn vervuld:
- De Vlaamse minister, bevoegd voor de begroting, heeft zijn akkoord - De Vlaamse minister, bevoegd voor de begroting, heeft zijn akkoord
gegeven op 9 juli 2021. gegeven op 9 juli 2021.
- De Raad van State heeft advies nr. 69.952/1/V gegeven op 13 augustus - De Raad van State heeft advies nr. 69.952/1/V gegeven op 13 augustus
2021, met toepassing van artikel 84, § 1, eerste lid, 2°, van de 2021, met toepassing van artikel 84, § 1, eerste lid, 2°, van de
wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973. wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973.
Juridisch kader Juridisch kader
Dit besluit sluit aan bij de volgende regelgeving: Dit besluit sluit aan bij de volgende regelgeving:
- het besluit van de Vlaamse Regering van 3 juni 2005 met betrekking - het besluit van de Vlaamse Regering van 3 juni 2005 met betrekking
tot de organisatie van de Vlaamse administratie; tot de organisatie van de Vlaamse administratie;
- het besluit van de Vlaamse Regering van 11 september 2020 over de - het besluit van de Vlaamse Regering van 11 september 2020 over de
reorganisatie van het beleidsdomein Kanselarij en Bestuur en de reorganisatie van het beleidsdomein Kanselarij en Bestuur en de
samenvoeging van het beleidsdomein Kanselarij en Bestuur met het samenvoeging van het beleidsdomein Kanselarij en Bestuur met het
beleidsdomein Internationaal Vlaanderen. beleidsdomein Internationaal Vlaanderen.
Initiatiefnemer Initiatiefnemer
Dit besluit wordt voorgesteld door de Vlaamse minister van Justitie en Dit besluit wordt voorgesteld door de Vlaamse minister van Justitie en
Handhaving, Omgeving, Energie en Toerisme. Handhaving, Omgeving, Energie en Toerisme.
Na beraadslaging, Na beraadslaging,
DE VLAAMSE REGERING BESLUIT: DE VLAAMSE REGERING BESLUIT:
HOOFDSTUK 1. - Definities HOOFDSTUK 1. - Definities

Artikel 1.In dit besluit wordt verstaan onder:

Artikel 1.In dit besluit wordt verstaan onder:

1° agentschap: het agentschap, vermeld in artikel 2, eerste lid; 1° agentschap: het agentschap, vermeld in artikel 2, eerste lid;
2° besluit van 30 oktober 2015: het besluit van de Vlaamse Regering 2° besluit van 30 oktober 2015: het besluit van de Vlaamse Regering
van 30 oktober 2015 tot regeling van de delegatie van van 30 oktober 2015 tot regeling van de delegatie van
beslissingsbevoegdheden aan de hoofden van de departementen en van de beslissingsbevoegdheden aan de hoofden van de departementen en van de
intern verzelfstandigde agentschappen; intern verzelfstandigde agentschappen;
3° minister: de Vlaamse minister, bevoegd voor de justitiehuizen, het 3° minister: de Vlaamse minister, bevoegd voor de justitiehuizen, het
elektronisch toezicht, de coördinatie van de ketenaanpak elektronisch toezicht, de coördinatie van de ketenaanpak
intrafamiliaal geweld en de Family Justice Centers, de juridische intrafamiliaal geweld en de Family Justice Centers, de juridische
eerstelijnsbijstand, de coördinatie van hulp- en dienstverlening aan eerstelijnsbijstand, de coördinatie van hulp- en dienstverlening aan
gedetineerden en geïnterneerden, het Vlaams handhavingsbeleid en de gedetineerden en geïnterneerden, het Vlaams handhavingsbeleid en de
bestuursrechtspraak; bestuursrechtspraak;
4° ondernemingsplan: een ondernemingsplan als vermeld in artikel 4° ondernemingsplan: een ondernemingsplan als vermeld in artikel
III.61 van het Bestuursdecreet van 7 december 2018. III.61 van het Bestuursdecreet van 7 december 2018.
HOOFDSTUK 2. - Benaming, doelstellingen en taken van het agentschap HOOFDSTUK 2. - Benaming, doelstellingen en taken van het agentschap

Art. 2.Binnen het Vlaams Ministerie van Kanselarij, Bestuur,

Art. 2.Binnen het Vlaams Ministerie van Kanselarij, Bestuur,

Buitenlandse Zaken en Justitie, vermeld in artikel 17, § 1, van het Buitenlandse Zaken en Justitie, vermeld in artikel 17, § 1, van het
besluit van de Vlaamse Regering van 3 juni 2005 met betrekking tot de besluit van de Vlaamse Regering van 3 juni 2005 met betrekking tot de
organisatie van de Vlaamse administratie, wordt een intern organisatie van de Vlaamse administratie, wordt een intern
verzelfstandigd agentschap zonder rechtspersoonlijkheid opgericht verzelfstandigd agentschap zonder rechtspersoonlijkheid opgericht
onder de benaming Agentschap Justitie en Handhaving. onder de benaming Agentschap Justitie en Handhaving.
Het agentschap behoort tot het beleidsdomein Kanselarij, Bestuur, Het agentschap behoort tot het beleidsdomein Kanselarij, Bestuur,
Buitenlandse Zaken en Justitie, vermeld in artikel 2, 1°, en 3 van het Buitenlandse Zaken en Justitie, vermeld in artikel 2, 1°, en 3 van het
voormelde besluit. voormelde besluit.

Art. 3.Het agentschap heeft als missie te zorgen voor een efficiënte

Art. 3.Het agentschap heeft als missie te zorgen voor een efficiënte

en daadkrachtige uitvoering van het beleid inzake Justitie en en daadkrachtige uitvoering van het beleid inzake Justitie en
Handhaving, overeenkomstig artikel 3 van het besluit van de Vlaamse Handhaving, overeenkomstig artikel 3 van het besluit van de Vlaamse
Regering van 3 juni 2005 met betrekking tot de organisatie van de Regering van 3 juni 2005 met betrekking tot de organisatie van de
Vlaamse administratie. Vlaamse administratie.

Art. 4.Het agentschap heeft de volgende taken:

Art. 4.Het agentschap heeft de volgende taken:

1° op verzoek van een opdrachtgever opdrachten uitvoeren in het kader 1° op verzoek van een opdrachtgever opdrachten uitvoeren in het kader
van een gerechtelijke procedure of ter uitvoering van een van een gerechtelijke procedure of ter uitvoering van een
gerechtelijke beslissing, conform artikel 5, § 1, III, van de gerechtelijke beslissing, conform artikel 5, § 1, III, van de
bijzondere wet van 8 augustus 1980 tot hervorming der instellingen; bijzondere wet van 8 augustus 1980 tot hervorming der instellingen;
2° slachtoffers onthalen, informeren, bijstaan en doorverwijzen; 2° slachtoffers onthalen, informeren, bijstaan en doorverwijzen;
3° juridische eerstelijnsbijstand organiseren als vermeld in artikel 3° juridische eerstelijnsbijstand organiseren als vermeld in artikel
5, § 1, II, 8°, van de bijzondere wet van 8 augustus 1980 tot 5, § 1, II, 8°, van de bijzondere wet van 8 augustus 1980 tot
hervorming der instellingen; hervorming der instellingen;
4° hulp- en dienstverlening aan gedetineerden en geïnterneerden als 4° hulp- en dienstverlening aan gedetineerden en geïnterneerden als
vermeld in artikel 5, § 1, II, 7°, van de bijzondere wet van 8 vermeld in artikel 5, § 1, II, 7°, van de bijzondere wet van 8
augustus 1980 tot hervorming der instellingen, coördineren; augustus 1980 tot hervorming der instellingen, coördineren;
5° de ketenaanpak intra familiaal geweld en de Family Justice Centers 5° de ketenaanpak intra familiaal geweld en de Family Justice Centers
coördineren; coördineren;
6° de erkennings- en bemiddelingscommissie voor slachtoffers van 6° de erkennings- en bemiddelingscommissie voor slachtoffers van
historisch misbruik organiseren; historisch misbruik organiseren;
7° sectoroverschrijdende netwerken op het kruispunt van justitie, 7° sectoroverschrijdende netwerken op het kruispunt van justitie,
politie, welzijn en zorg, of de deelname aan dergelijke netwerken politie, welzijn en zorg, of de deelname aan dergelijke netwerken
uitbouwen, installeren, faciliteren en in stand houden; uitbouwen, installeren, faciliteren en in stand houden;
8° het algemeen Handhavingsbeleid op bestuurlijk en strafrechtelijk 8° het algemeen Handhavingsbeleid op bestuurlijk en strafrechtelijk
niveau ontwikkelen en coördineren, en de uitvoering van het niveau ontwikkelen en coördineren, en de uitvoering van het
kaderdecreet bestuurlijke handhaving implementeren; kaderdecreet bestuurlijke handhaving implementeren;
9° de Vlaamse strafrechtelijke prioriteiten vaststellen en 9° de Vlaamse strafrechtelijke prioriteiten vaststellen en
ondersteuning bieden bij het gebruik van het injunctierecht; ondersteuning bieden bij het gebruik van het injunctierecht;
10° de Vlaamse bestuursrechtscolleges operationeel ondersteunen; 10° de Vlaamse bestuursrechtscolleges operationeel ondersteunen;
11° het beleidsvoorbereidende werk voor regelgeving over de Vlaamse 11° het beleidsvoorbereidende werk voor regelgeving over de Vlaamse
bestuursrechtscolleges uitvoeren; bestuursrechtscolleges uitvoeren;
12° beleidsinitiatieven voorbereiden, monitoren en opvolgen, en die 12° beleidsinitiatieven voorbereiden, monitoren en opvolgen, en die
beleidsinitiatieven doorvertalen naar de praktijk zodat een coherente beleidsinitiatieven doorvertalen naar de praktijk zodat een coherente
uitvoering van de taken van het agentschap gegarandeerd kan worden, uitvoering van de taken van het agentschap gegarandeerd kan worden,
met inbegrip van de coördinatie van het strafrechtelijk en met inbegrip van de coördinatie van het strafrechtelijk en
veiligheidsbeleid, vermeld in artikel 11bis van de bijzondere wet van veiligheidsbeleid, vermeld in artikel 11bis van de bijzondere wet van
8 augustus 1980 tot hervorming der instellingen; 8 augustus 1980 tot hervorming der instellingen;
13° een beleidsdomeinoverschrijdend juridisch kader voor de 13° een beleidsdomeinoverschrijdend juridisch kader voor de
bestuurlijke handhaving van de georganiseerde criminaliteit bestuurlijke handhaving van de georganiseerde criminaliteit
ontwikkelen en implementeren; ontwikkelen en implementeren;
14° beleidsdomeinoverschrijdende databanken en IT-toepassingen 14° beleidsdomeinoverschrijdende databanken en IT-toepassingen
ontwikkelen en implementeren om de actoren te ondersteunen die bij ontwikkelen en implementeren om de actoren te ondersteunen die bij
justitie, de bestuurlijke en strafrechtelijke handhaving en de justitie, de bestuurlijke en strafrechtelijke handhaving en de
bestuursrechtspraak zijn betrokken; bestuursrechtspraak zijn betrokken;
15° het overleg met het College van procureurs-generaal, vermeld in 15° het overleg met het College van procureurs-generaal, vermeld in
het samenwerkingsakkoord van 7 januari 2014 tussen de Federale Staat, het samenwerkingsakkoord van 7 januari 2014 tussen de Federale Staat,
de Gemeenschappen en de Gewesten betreffende het strafrechtelijk de Gemeenschappen en de Gewesten betreffende het strafrechtelijk
beleid en het veiligheidsbeleid, faciliteren, voorbereiden en beleid en het veiligheidsbeleid, faciliteren, voorbereiden en
opvolgen; opvolgen;
16° de gecoördineerde uitwisseling van gegevens met federale 16° de gecoördineerde uitwisseling van gegevens met federale
inlichtingen-, veiligheids- en politiediensten. inlichtingen-, veiligheids- en politiediensten.

Art. 5.Het ondernemingsplan regelt de concretisering van de

Art. 5.Het ondernemingsplan regelt de concretisering van de

kwalitatieve en kwantitatieve wijze waarop het agentschap zijn taken kwalitatieve en kwantitatieve wijze waarop het agentschap zijn taken
moet vervullen met strategische en operationele doelstellingen die moet vervullen met strategische en operationele doelstellingen die
beschreven worden aan de hand van meetbare criteria. beschreven worden aan de hand van meetbare criteria.

Art. 6.Bij de uitoefening van zijn missie en taken treedt het

Art. 6.Bij de uitoefening van zijn missie en taken treedt het

agentschap op namens de rechtspersoon Vlaamse Gemeenschap of de agentschap op namens de rechtspersoon Vlaamse Gemeenschap of de
rechtspersoon Vlaams Gewest, afhankelijk van de behandelde materie rechtspersoon Vlaams Gewest, afhankelijk van de behandelde materie
waarvoor het agentschap bevoegd is. waarvoor het agentschap bevoegd is.
HOOFDSTUK 3. - Aansturing en leiding van het agentschap HOOFDSTUK 3. - Aansturing en leiding van het agentschap

Art. 7.Het agentschap ressorteert onder het hiërarchische gezag van

Art. 7.Het agentschap ressorteert onder het hiërarchische gezag van

de minister. de minister.

Art. 8.De minister stuurt het agentschap aan via het

Art. 8.De minister stuurt het agentschap aan via het

ondernemingsplan. Het ondernemingsplan wordt gesloten tussen de ondernemingsplan. Het ondernemingsplan wordt gesloten tussen de
minister en het hoofd van het agentschap. minister en het hoofd van het agentschap.

Art. 9.Het hoofd van het agentschap is belast met de algemene

Art. 9.Het hoofd van het agentschap is belast met de algemene

leiding, de werking en de vertegenwoordiging van het agentschap, met leiding, de werking en de vertegenwoordiging van het agentschap, met
behoud van de toepassing van de mogelijkheid tot delegatie en behoud van de toepassing van de mogelijkheid tot delegatie en
subdelegatie van die bevoegdheid. subdelegatie van die bevoegdheid.
HOOFDSTUK 4. - Delegatie van beslissingsbevoegdheden HOOFDSTUK 4. - Delegatie van beslissingsbevoegdheden

Art. 10.Het hoofd van het agentschap heeft delegatie van

Art. 10.Het hoofd van het agentschap heeft delegatie van

beslissingsbevoegdheid voor de aangelegenheden, vermeld in het besluit beslissingsbevoegdheid voor de aangelegenheden, vermeld in het besluit
van 30 oktober 2015. van 30 oktober 2015.

Art. 11.Bij het gebruik van de delegaties, vermeld in artikel 10,

Art. 11.Bij het gebruik van de delegaties, vermeld in artikel 10,

gelden de algemene voorwaarden en beperkingen, en de bepalingen over gelden de algemene voorwaarden en beperkingen, en de bepalingen over
de mogelijkheid tot subdelegatie, de regeling bij vervanging en de de mogelijkheid tot subdelegatie, de regeling bij vervanging en de
verantwoording, vermeld in het besluit van 30 oktober 2015. verantwoording, vermeld in het besluit van 30 oktober 2015.
HOOFDSTUK 5. - Controle, opvolging en toezicht HOOFDSTUK 5. - Controle, opvolging en toezicht

Art. 12.De minister is verantwoordelijk voor de opvolging van en het

Art. 12.De minister is verantwoordelijk voor de opvolging van en het

toezicht op het agentschap. toezicht op het agentschap.

Art. 13.De minister kan, in het kader van de opvolging en de

Art. 13.De minister kan, in het kader van de opvolging en de

uitoefening van het toezicht, op ieder ogenblik aan het hoofd van het uitoefening van het toezicht, op ieder ogenblik aan het hoofd van het
agentschap informatie, rapportering en verantwoording vragen over agentschap informatie, rapportering en verantwoording vragen over
bepaalde aangelegenheden op geaggregeerd niveau en op het niveau van bepaalde aangelegenheden op geaggregeerd niveau en op het niveau van
individuele onderwerpen en dossiers. individuele onderwerpen en dossiers.
HOOFDSTUK 6. - Wijzigingsbepalingen HOOFDSTUK 6. - Wijzigingsbepalingen

Art. 14.In artikel 8, § 1, van het besluit van de Vlaamse Regering

Art. 14.In artikel 8, § 1, van het besluit van de Vlaamse Regering

van 3 juni 2005 met betrekking tot de organisatie van de Vlaamse van 3 juni 2005 met betrekking tot de organisatie van de Vlaamse
administratie, vervangen bij het besluit van de Vlaamse Regering van administratie, vervangen bij het besluit van de Vlaamse Regering van
11 september 2020, wordt de zinsnede "de bijstand aan personen, 11 september 2020, wordt de zinsnede "de bijstand aan personen,
vermeld in artikel 5, § 1, II, 2°, 7° en 8°, van de bijzondere wet" vermeld in artikel 5, § 1, II, 2°, 7° en 8°, van de bijzondere wet"
vervangen door de zinsnede "de bijstand aan personen, vermeld in vervangen door de zinsnede "de bijstand aan personen, vermeld in
artikel 5, § 1, II, 2°, van de bijzondere wet". artikel 5, § 1, II, 2°, van de bijzondere wet".

Art. 15.In artikel 17, § 1, van hetzelfde besluit, vervangen bij het

Art. 15.In artikel 17, § 1, van hetzelfde besluit, vervangen bij het

besluit van de Vlaamse Regering van 11 september 2020, worden de besluit van de Vlaamse Regering van 11 september 2020, worden de
volgende wijzigingen aangebracht: volgende wijzigingen aangebracht:
1° in de inleidende zin wordt het woord "vijf" vervangen door het 1° in de inleidende zin wordt het woord "vijf" vervangen door het
woord "zes"; woord "zes";
2° er wordt een punt 6° toegevoegd, dat luidt als volgt: 2° er wordt een punt 6° toegevoegd, dat luidt als volgt:
"6° Agentschap Justitie en Handhaving.". "6° Agentschap Justitie en Handhaving.".

Art. 16.In artikel 3, § 1, van het besluit van de Vlaamse Regering

Art. 16.In artikel 3, § 1, van het besluit van de Vlaamse Regering

van 31 maart 2006 betreffende het Departement Welzijn, Volksgezondheid van 31 maart 2006 betreffende het Departement Welzijn, Volksgezondheid
en Gezin, betreffende de inwerkingtreding van regelgeving tot en Gezin, betreffende de inwerkingtreding van regelgeving tot
oprichting van agentschappen in het beleidsdomein Welzijn, oprichting van agentschappen in het beleidsdomein Welzijn,
Volksgezondheid en Gezin en betreffende de wijziging van regelgeving Volksgezondheid en Gezin en betreffende de wijziging van regelgeving
met betrekking tot dat beleidsdomein, ingevoegd bij het besluit van de met betrekking tot dat beleidsdomein, ingevoegd bij het besluit van de
Vlaamse Regering van 30 januari 2015 en gewijzigd bij het besluit van Vlaamse Regering van 30 januari 2015 en gewijzigd bij het besluit van
de Vlaamse Regering van 18 december 2020, worden het tweede en derde de Vlaamse Regering van 18 december 2020, worden het tweede en derde
lid opgeheven. lid opgeheven.

Art. 17.Aan artikel 6, § 2, van het besluit van de Vlaamse Regering

Art. 17.Aan artikel 6, § 2, van het besluit van de Vlaamse Regering

van 2 oktober 2019 tot bepaling van de bevoegdheden van de leden van van 2 oktober 2019 tot bepaling van de bevoegdheden van de leden van
de Vlaamse Regering, gewijzigd bij het besluit van de Vlaamse Regering de Vlaamse Regering, gewijzigd bij het besluit van de Vlaamse Regering
van 11 december 2020, wordt een punt 14° toegevoegd, dat luidt als van 11 december 2020, wordt een punt 14° toegevoegd, dat luidt als
volgt: volgt:
"14° Agentschap Justitie en Handhaving.". "14° Agentschap Justitie en Handhaving.".
HOOFDSTUK 7. - Slotbepalingen HOOFDSTUK 7. - Slotbepalingen

Art. 18.De minister bepaalt voor iedere bepaling van dit besluit de

Art. 18.De minister bepaalt voor iedere bepaling van dit besluit de

datum van de inwerkingtreding. datum van de inwerkingtreding.

Art. 19.De Vlaamse minister, bevoegd voor de justitiehuizen, het

Art. 19.De Vlaamse minister, bevoegd voor de justitiehuizen, het

elektronisch toezicht, de juridische eerstelijnsbijstand en de elektronisch toezicht, de juridische eerstelijnsbijstand en de
coördinatie van hulp- en dienstverlening aan gedetineerden en coördinatie van hulp- en dienstverlening aan gedetineerden en
geïnterneerden, en de Vlaamse minister, bevoegd voor de geïnterneerden, en de Vlaamse minister, bevoegd voor de
bestuursrechtspraak, zijn, ieder wat hem of haar betreft, belast met bestuursrechtspraak, zijn, ieder wat hem of haar betreft, belast met
de uitvoering van dit besluit. de uitvoering van dit besluit.
Brussel, 3 september 2021. Brussel, 3 september 2021.
De minister-president van de Vlaamse Regering, De minister-president van de Vlaamse Regering,
J. JAMBON J. JAMBON
De Vlaamse minister van Justitie en Handhaving, Omgeving, Energie en De Vlaamse minister van Justitie en Handhaving, Omgeving, Energie en
Toerisme, Toerisme,
Z. DEMIR Z. DEMIR
^