← Terug naar "Besluit van de Vlaamse Regering tot wijziging van het besluit van de Vlaamse Regering van 10 september 2010 tot vaststelling van de investeringssubsidie en de bouwtechnische en bouwfysische normen voor het algemeen welzijnswerk, wat betreft de minimale nettovloeroppervlakten en subsidiabele oppervlakte van verblijf- en gemeenschappelijke ruimten bij groepsopvang en studiowonen "
Besluit van de Vlaamse Regering tot wijziging van het besluit van de Vlaamse Regering van 10 september 2010 tot vaststelling van de investeringssubsidie en de bouwtechnische en bouwfysische normen voor het algemeen welzijnswerk, wat betreft de minimale nettovloeroppervlakten en subsidiabele oppervlakte van verblijf- en gemeenschappelijke ruimten bij groepsopvang en studiowonen | Besluit van de Vlaamse Regering tot wijziging van het besluit van de Vlaamse Regering van 10 september 2010 tot vaststelling van de investeringssubsidie en de bouwtechnische en bouwfysische normen voor het algemeen welzijnswerk, wat betreft de minimale nettovloeroppervlakten en subsidiabele oppervlakte van verblijf- en gemeenschappelijke ruimten bij groepsopvang en studiowonen |
---|---|
VLAAMSE OVERHEID | VLAAMSE OVERHEID |
2 SEPTEMBER 2022. - Besluit van de Vlaamse Regering tot wijziging van | 2 SEPTEMBER 2022. - Besluit van de Vlaamse Regering tot wijziging van |
het besluit van de Vlaamse Regering van 10 september 2010 tot | het besluit van de Vlaamse Regering van 10 september 2010 tot |
vaststelling van de investeringssubsidie en de bouwtechnische en | vaststelling van de investeringssubsidie en de bouwtechnische en |
bouwfysische normen voor het algemeen welzijnswerk, wat betreft de | bouwfysische normen voor het algemeen welzijnswerk, wat betreft de |
minimale nettovloeroppervlakten en subsidiabele oppervlakte van | minimale nettovloeroppervlakten en subsidiabele oppervlakte van |
verblijf- en gemeenschappelijke ruimten bij groepsopvang en | verblijf- en gemeenschappelijke ruimten bij groepsopvang en |
studiowonen | studiowonen |
Rechtsgronden | Rechtsgronden |
Dit besluit is gebaseerd op: | Dit besluit is gebaseerd op: |
- het decreet van 23 februari 1994 inzake de infrastructuur voor | - het decreet van 23 februari 1994 inzake de infrastructuur voor |
persoonsgebonden aangelegenheden, artikel 6, § 1, tweede zin en | persoonsgebonden aangelegenheden, artikel 6, § 1, tweede zin en |
artikel 10, eerste lid. | artikel 10, eerste lid. |
Vormvereisten | Vormvereisten |
De volgende vormvereisten zijn vervuld: | De volgende vormvereisten zijn vervuld: |
- De Raad van State heeft advies 71.777/1/V gegeven op 29 juli 2022, | - De Raad van State heeft advies 71.777/1/V gegeven op 29 juli 2022, |
met toepassing van artikel 84, § 1, eerste lid, 2°, van de wetten op | met toepassing van artikel 84, § 1, eerste lid, 2°, van de wetten op |
de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973. | de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973. |
Motivering | Motivering |
Dit besluit is gebaseerd op de volgende motieven: | Dit besluit is gebaseerd op de volgende motieven: |
- Door een grotere nood aan een individuele opvang met de nodige rust | - Door een grotere nood aan een individuele opvang met de nodige rust |
en privacy voor dak- en thuislozen is de mogelijkheid tot studiowonen | en privacy voor dak- en thuislozen is de mogelijkheid tot studiowonen |
ingevoerd. | ingevoerd. |
- Naar aanleiding van de coronapandemie is er binnen groepsopvang ook | - Naar aanleiding van de coronapandemie is er binnen groepsopvang ook |
nood aan meer privéruimtes om de mogelijkheid tot quarantaine te | nood aan meer privéruimtes om de mogelijkheid tot quarantaine te |
faciliteren. | faciliteren. |
- Om de gebouwen voor dak- en thuislozen zo flexibel mogelijk te | - Om de gebouwen voor dak- en thuislozen zo flexibel mogelijk te |
kunnen inzetten, zijn de minimale ruimten en de minimale | kunnen inzetten, zijn de minimale ruimten en de minimale |
nettovloeroppervlakten van verblijf- en gemeenschappelijke ruimten in | nettovloeroppervlakten van verblijf- en gemeenschappelijke ruimten in |
geval van residentiële opvang zo maximaal mogelijk aangepast aan de | geval van residentiële opvang zo maximaal mogelijk aangepast aan de |
oppervlaktematen zoals deze ook gelden in andere VIPA-sectorbesluiten. | oppervlaktematen zoals deze ook gelden in andere VIPA-sectorbesluiten. |
- Als gevolg van de gewijzigde minimale (nettovloer)oppervlaktes zijn | - Als gevolg van de gewijzigde minimale (nettovloer)oppervlaktes zijn |
ook de maximale subsidiabele (bruto)oppervlakte aangepast. | ook de maximale subsidiabele (bruto)oppervlakte aangepast. |
Juridisch kader | Juridisch kader |
Dit besluit sluit aan bij de volgende regelgeving: | Dit besluit sluit aan bij de volgende regelgeving: |
- het besluit van de Vlaamse Regering van 8 juni 1999 houdende de | - het besluit van de Vlaamse Regering van 8 juni 1999 houdende de |
procedureregels inzake de infrastructuur voor persoonsgebonden | procedureregels inzake de infrastructuur voor persoonsgebonden |
aangelegenheden. | aangelegenheden. |
Initiatiefnemer | Initiatiefnemer |
Dit besluit wordt voorgesteld door de Vlaamse minister van Welzijn, | Dit besluit wordt voorgesteld door de Vlaamse minister van Welzijn, |
Volksgezondheid en Gezin. | Volksgezondheid en Gezin. |
Na beraadslaging, | Na beraadslaging, |
DE VLAAMSE REGERING BESLUIT: | DE VLAAMSE REGERING BESLUIT: |
Artikel 1.In artikel 3 van het besluit van de Vlaamse Regering van 10 |
Artikel 1.In artikel 3 van het besluit van de Vlaamse Regering van 10 |
september 2010 tot vaststelling van de investeringssubsidie en de | september 2010 tot vaststelling van de investeringssubsidie en de |
bouwtechnische en bouwfysische normen voor het algemeen welzijnswerk, | bouwtechnische en bouwfysische normen voor het algemeen welzijnswerk, |
gewijzigd bij het besluit van de Vlaamse Regering van 5 april 2019, | gewijzigd bij het besluit van de Vlaamse Regering van 5 april 2019, |
worden de volgende wijzigingen aangebracht: | worden de volgende wijzigingen aangebracht: |
1° aan punt 4°, b), wordt een punt 5) toegevoegd, dat luidt als volgt: | 1° aan punt 4°, b), wordt een punt 5) toegevoegd, dat luidt als volgt: |
"5) een gespreksruimte van 16 m2."; | "5) een gespreksruimte van 16 m2."; |
2° punt 5° wordt vervangen door wat volgt: | 2° punt 5° wordt vervangen door wat volgt: |
"5° als een centrum voor algemeen welzijnswerk voorziet in | "5° als een centrum voor algemeen welzijnswerk voorziet in |
groepsopvang, waarbij de gemeenschappelijke ruimten zich apart van de | groepsopvang, waarbij de gemeenschappelijke ruimten zich apart van de |
bewonerskamer bevinden, beschikt het gebouw van het centrum, naast de | bewonerskamer bevinden, beschikt het gebouw van het centrum, naast de |
ruimtes, vermeld in punt 4°, minstens over de volgende ruimtes, die | ruimtes, vermeld in punt 4°, minstens over de volgende ruimtes, die |
voldoen aan de volgende voorwaarden: | voldoen aan de volgende voorwaarden: |
a) een verblijfsruimte. Die bevat de bewonerskamer, inclusief de | a) een verblijfsruimte. Die bevat de bewonerskamer, inclusief de |
individuele sanitaire cel met minstens een toilet en wastafel met warm | individuele sanitaire cel met minstens een toilet en wastafel met warm |
en koud water, de gemeenschappelijke zit-, eet- en sanitaire ruimten | en koud water, de gemeenschappelijke zit-, eet- en sanitaire ruimten |
voor bewoners en de keuken. De totale nettovloeroppervlakte van de | voor bewoners en de keuken. De totale nettovloeroppervlakte van de |
verblijfsruimte bedraagt: | verblijfsruimte bedraagt: |
1) voor een eenpersoonskamer: minimaal 25 m2 per kamer, waarvan | 1) voor een eenpersoonskamer: minimaal 25 m2 per kamer, waarvan |
minimaal 16 m2 privéruimte, exclusief individuele sanitaire cel, en | minimaal 16 m2 privéruimte, exclusief individuele sanitaire cel, en |
minimaal 4 m2 gemeenschappelijke zit- en eetruimte; | minimaal 4 m2 gemeenschappelijke zit- en eetruimte; |
2) voor een tweepersoonskamer: minimaal 30 m2 per kamer, waarvan | 2) voor een tweepersoonskamer: minimaal 30 m2 per kamer, waarvan |
minimaal 8 m2 per persoon privéruimte, exclusief individuele sanitaire | minimaal 8 m2 per persoon privéruimte, exclusief individuele sanitaire |
cel en minimaal 4 m2 per persoon gemeenschappelijke zit- en eetruimte; | cel en minimaal 4 m2 per persoon gemeenschappelijke zit- en eetruimte; |
3) voor een gezinskamer van minstens drie personen per kamer: de | 3) voor een gezinskamer van minstens drie personen per kamer: de |
totale nettovloeroppervlakte van een tweepersoonskamer, verhoogd met | totale nettovloeroppervlakte van een tweepersoonskamer, verhoogd met |
minimaal 8 m2 privéruimte, exclusief individuele sanitaire cel, en | minimaal 8 m2 privéruimte, exclusief individuele sanitaire cel, en |
minimaal 4 m2 gemeenschappelijke zit- en eetruimte per bijkomende | minimaal 4 m2 gemeenschappelijke zit- en eetruimte per bijkomende |
persoon; | persoon; |
b) voldoende sanitair in de nabijheid van de bewonerskamers en van de | b) voldoende sanitair in de nabijheid van de bewonerskamers en van de |
gemeenschappelijke zit- en eetruimten. Dat sanitair bevat de volgende | gemeenschappelijke zit- en eetruimten. Dat sanitair bevat de volgende |
elementen: | elementen: |
1) één bad of douche per vijf bewoners als er geen individuele douches | 1) één bad of douche per vijf bewoners als er geen individuele douches |
zijn; | zijn; |
2) ten minste één gemeenschappelijke badkamer met bad en toilet als er | 2) ten minste één gemeenschappelijke badkamer met bad en toilet als er |
individuele douches zijn; | individuele douches zijn; |
3) voldoende sanitaire ruimten voor bezoekers en personeel; | 3) voldoende sanitaire ruimten voor bezoekers en personeel; |
c) 25% integraal toegankelijke bewonerskamers; | c) 25% integraal toegankelijke bewonerskamers; |
d) 25% integraal toegankelijke gemeenschappelijke badkamers. Die | d) 25% integraal toegankelijke gemeenschappelijke badkamers. Die |
beschikken over een bad of een douche en een rolstoeltoegankelijk | beschikken over een bad of een douche en een rolstoeltoegankelijk |
toilet met wastafel met warm en koud water. Minstens één | toilet met wastafel met warm en koud water. Minstens één |
gemeenschappelijke integraal toegankelijke badkamer beschikt over een | gemeenschappelijke integraal toegankelijke badkamer beschikt over een |
bad en een rolstoeltoegankelijk toilet met wastafel met warm en koud | bad en een rolstoeltoegankelijk toilet met wastafel met warm en koud |
water; | water; |
e) voldoende buitenruimte voor gebruikers, bezoekers en personeel; | e) voldoende buitenruimte voor gebruikers, bezoekers en personeel; |
f) de ruimtes, vermeld in punt a) tot e), voldoen aan de toepasselijke | f) de ruimtes, vermeld in punt a) tot e), voldoen aan de toepasselijke |
normen inzake woonkwaliteit."; | normen inzake woonkwaliteit."; |
3° er wordt een punt 6° toegevoegd, dat luidt als volgt: | 3° er wordt een punt 6° toegevoegd, dat luidt als volgt: |
"6° als een centrum voor algemeen welzijnswerk voorziet in | "6° als een centrum voor algemeen welzijnswerk voorziet in |
studiowonen, waarbij alle ruimtes, vermeld in dit punt, zich in één | studiowonen, waarbij alle ruimtes, vermeld in dit punt, zich in één |
ruimte bevinden, met uitzondering van punt 6°, b) en d), beschikt het | ruimte bevinden, met uitzondering van punt 6°, b) en d), beschikt het |
gebouw van het centrum, naast de ruimtes, vermeld in punt 4°, minstens | gebouw van het centrum, naast de ruimtes, vermeld in punt 4°, minstens |
over de volgende ruimtes, die voldoen aan de volgende voorwaarden: | over de volgende ruimtes, die voldoen aan de volgende voorwaarden: |
a) een verblijfsruimte. Die bevat de bewonerskamer, de sanitaire cel | a) een verblijfsruimte. Die bevat de bewonerskamer, de sanitaire cel |
met minstens een toilet, een wastafel met warm en koud water en een | met minstens een toilet, een wastafel met warm en koud water en een |
bad of douche, de zit- en eetruimten voor bewoners en de keuken. De | bad of douche, de zit- en eetruimten voor bewoners en de keuken. De |
totale nettovloeroppervlakte van de verblijfsruimte bedraagt: | totale nettovloeroppervlakte van de verblijfsruimte bedraagt: |
1) voor een eenpersoonsstudio: minimaal 25 m2; | 1) voor een eenpersoonsstudio: minimaal 25 m2; |
2) voor een tweepersoonsstudio: minimaal 30 m2; | 2) voor een tweepersoonsstudio: minimaal 30 m2; |
3) voor een gezinsstudio van minstens 3 personen per studio: de totale | 3) voor een gezinsstudio van minstens 3 personen per studio: de totale |
nettovloeroppervlakte van de tweepersoonsstudio, vermeerderd met 12 m2 | nettovloeroppervlakte van de tweepersoonsstudio, vermeerderd met 12 m2 |
per bijkomende persoon; | per bijkomende persoon; |
b) voldoende buitenruimte voor gebruikers, bezoekers en personeel; | b) voldoende buitenruimte voor gebruikers, bezoekers en personeel; |
c) 25% integraal toegankelijke studio's; | c) 25% integraal toegankelijke studio's; |
d) één gemeenschappelijke badkamer met een bad en een toilet met | d) één gemeenschappelijke badkamer met een bad en een toilet met |
wastafel met warm en koud water; | wastafel met warm en koud water; |
e) de ruimtes, vermeld in punt a) tot d), voldoen aan de toepasselijke | e) de ruimtes, vermeld in punt a) tot d), voldoen aan de toepasselijke |
normen inzake woonkwaliteit"; | normen inzake woonkwaliteit"; |
"De Vlaamse minister, bevoegd voor de zorginfrastructuur, kan, op | "De Vlaamse minister, bevoegd voor de zorginfrastructuur, kan, op |
verzoek van de voorziening, een afwijking toestaan van de normen, | verzoek van de voorziening, een afwijking toestaan van de normen, |
vermeld in het eerste lid, 5°, a) 1), 2) en 3), en c) en d). Een | vermeld in het eerste lid, 5°, a) 1), 2) en 3), en c) en d). Een |
afwijking kan alleen worden toegestaan als minimaal de volgende | afwijking kan alleen worden toegestaan als minimaal de volgende |
ruimten aanwezig zijn: | ruimten aanwezig zijn: |
1° één integraal toegankelijke bewonerskamer; | 1° één integraal toegankelijke bewonerskamer; |
2° één gemeenschappelijke badkamer die minstens beschikt over een bad | 2° één gemeenschappelijke badkamer die minstens beschikt over een bad |
en een toilet met wastafel met warm en koud water als er een integraal | en een toilet met wastafel met warm en koud water als er een integraal |
toegankelijke bewonerskamer met rolstoeltoegankelijke douche is. Als | toegankelijke bewonerskamer met rolstoeltoegankelijke douche is. Als |
er geen integraal toegankelijke bewonerskamer met | er geen integraal toegankelijke bewonerskamer met |
rolstoeltoegankelijke douche is, is er één integraal toegankelijke | rolstoeltoegankelijke douche is, is er één integraal toegankelijke |
gemeenschappelijke badkamer, die minstens beschikt over een bad en een | gemeenschappelijke badkamer, die minstens beschikt over een bad en een |
toilet met wastafel met warm en koud water. | toilet met wastafel met warm en koud water. |
De Vlaamse minister, bevoegd voor de zorginfrastructuur, kan, op | De Vlaamse minister, bevoegd voor de zorginfrastructuur, kan, op |
verzoek van de voorziening, een afwijking toestaan van de normen, | verzoek van de voorziening, een afwijking toestaan van de normen, |
vermeld in het eerste lid, 6°, a), 1), 2) en 3), en c). Een afwijking | vermeld in het eerste lid, 6°, a), 1), 2) en 3), en c). Een afwijking |
kan alleen worden toegestaan als er minimaal één integraal | kan alleen worden toegestaan als er minimaal één integraal |
toegankelijke studio aanwezig is. | toegankelijke studio aanwezig is. |
De Vlaamse minister, bevoegd voor de zorginfrastructuur, kan de | De Vlaamse minister, bevoegd voor de zorginfrastructuur, kan de |
voorwaarden bepalen waaronder de afwijkingen, vermeld in het derde en | voorwaarden bepalen waaronder de afwijkingen, vermeld in het derde en |
het vierde lid, kunnen worden toegestaan.". | het vierde lid, kunnen worden toegestaan.". |
Art. 2.In artikel 6, tweede lid, van hetzelfde besluit wordt punt 1° |
Art. 2.In artikel 6, tweede lid, van hetzelfde besluit wordt punt 1° |
vervangen door wat volgt: | vervangen door wat volgt: |
"1° voor een centrum voor algemeen welzijnswerk: | "1° voor een centrum voor algemeen welzijnswerk: |
a) 50 m2 per tegelijk aanwezige fysieke persoon. Het aantal tegelijk | a) 50 m2 per tegelijk aanwezige fysieke persoon. Het aantal tegelijk |
aanwezige fysieke personen wordt berekend door het aantal | aanwezige fysieke personen wordt berekend door het aantal |
voltijdsequivalenten, vermeld in het besluit waarmee de erkenning | voltijdsequivalenten, vermeld in het besluit waarmee de erkenning |
wordt toegekend, te vermenigvuldigen met 2,68; | wordt toegekend, te vermenigvuldigen met 2,68; |
b) als het centrum voorziet in residentiële opvang, wordt de | b) als het centrum voorziet in residentiële opvang, wordt de |
subsidiabele oppervlakte verhoogd met: | subsidiabele oppervlakte verhoogd met: |
1) 37 m2 voor een eenpersoonskamer of -studio; | 1) 37 m2 voor een eenpersoonskamer of -studio; |
2) 7,5 m2 bovenop de oppervlakte van een eenpersoonskamer of studio | 2) 7,5 m2 bovenop de oppervlakte van een eenpersoonskamer of studio |
voor een tweepersoonskamer of -studio; | voor een tweepersoonskamer of -studio; |
3) 18 m2 bovenop de oppervlakte van een tweepersoonskamer of studio | 3) 18 m2 bovenop de oppervlakte van een tweepersoonskamer of studio |
per extra gebruiker vanaf de derde persoon in een gezinskamer of | per extra gebruiker vanaf de derde persoon in een gezinskamer of |
-studio;". | -studio;". |
Art. 3.De Vlaamse minister bevoegd voor de zorginfrastructuur is |
Art. 3.De Vlaamse minister bevoegd voor de zorginfrastructuur is |
belast met de uitvoering van dit besluit. | belast met de uitvoering van dit besluit. |
Brussel, 2 september 2022. | Brussel, 2 september 2022. |
De minister-president van de Vlaamse Regering, | De minister-president van de Vlaamse Regering, |
J. JAMBON | J. JAMBON |
De Viceminister-president van de Vlaamse Regering en Vlaams minister | De Viceminister-president van de Vlaamse Regering en Vlaams minister |
van Welzijn, Volksgezondheid en Gezin, | van Welzijn, Volksgezondheid en Gezin, |
H. CREVITS | H. CREVITS |