Besluit van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering tot vaststelling van de modaliteiten betreffende de laatste wilbeschikking | Besluit van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering tot vaststelling van de modaliteiten betreffende de laatste wilbeschikking |
---|---|
BRUSSELS HOOFDSTEDELIJK GEWEST | BRUSSELS HOOFDSTEDELIJK GEWEST |
14 MEI 2020. - Besluit van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering tot | 14 MEI 2020. - Besluit van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering tot |
vaststelling van de modaliteiten betreffende de laatste wilbeschikking | vaststelling van de modaliteiten betreffende de laatste wilbeschikking |
DE BRUSSELSE HOOFDSTEDELIJKE REGERING | DE BRUSSELSE HOOFDSTEDELIJKE REGERING |
Gelet op de ordonnantie van 29 november 2018 op de begraafplaatsen en | Gelet op de ordonnantie van 29 november 2018 op de begraafplaatsen en |
de lijkbezorging, artikel 19; § 3; | de lijkbezorging, artikel 19; § 3; |
Gelet op de gelijke kansentest; | Gelet op de gelijke kansentest; |
Gelet op advies 66.999/4 van de Raad van State, gegeven op 4 maart | Gelet op advies 66.999/4 van de Raad van State, gegeven op 4 maart |
2020, met toepassing van artikel 84, § 1, eerste lid, 1°, van de | 2020, met toepassing van artikel 84, § 1, eerste lid, 1°, van de |
wetten op de raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973; | wetten op de raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973; |
Op gezamenlijke voordracht van de Minister-President van de Brusselse | Op gezamenlijke voordracht van de Minister-President van de Brusselse |
Hoofdstedelijke Regering, belast met territoriale ontwikkeling en | Hoofdstedelijke Regering, belast met territoriale ontwikkeling en |
stadsvernieuwing, toerisme, de promotie van het imago van Brussel en | stadsvernieuwing, toerisme, de promotie van het imago van Brussel en |
biculturele zaken van gewestelijk belang, en de Minister van de | biculturele zaken van gewestelijk belang, en de Minister van de |
Brusselse Hoofdstedelijke Regering, belast met werk en | Brusselse Hoofdstedelijke Regering, belast met werk en |
beroepsopleiding, digitalisering en de plaatselijke besturen; | beroepsopleiding, digitalisering en de plaatselijke besturen; |
Na beraadslaging, | Na beraadslaging, |
Besluit : | Besluit : |
Artikel 1.In dit besluit wordt verstaan onder de declarant : de |
Artikel 1.In dit besluit wordt verstaan onder de declarant : de |
persoon die een vrijwillige schriftelijke kennisgeving van zijn | persoon die een vrijwillige schriftelijke kennisgeving van zijn |
laatste wilsbeschikking overmaakt aan de ambtenaar van de burgerlijke | laatste wilsbeschikking overmaakt aan de ambtenaar van de burgerlijke |
stand van zijn gemeente. Die laatste wilsbeschikking kan handelen over | stand van zijn gemeente. Die laatste wilsbeschikking kan handelen over |
dewijze van lijkbezorging, de asbestemming, het ritueel van de | dewijze van lijkbezorging, de asbestemming, het ritueel van de |
uitvaartplechtigheid, alsook over de vermelding van het bestaan van | uitvaartplechtigheid, alsook over de vermelding van het bestaan van |
een uitvaartcontract. | een uitvaartcontract. |
Art. 2.De verklaring betreffende de laatste wilsbeschikking wordt |
Art. 2.De verklaring betreffende de laatste wilsbeschikking wordt |
ingediend door middel van een gedateerd en ondertekend document, dat | ingediend door middel van een gedateerd en ondertekend document, dat |
tegen ontvangstbewijs moet worden overhandigd aan de ambtenaar van de | tegen ontvangstbewijs moet worden overhandigd aan de ambtenaar van de |
burgerlijke stand van de gemeente van het Brussels Hoofdstedelijk | burgerlijke stand van de gemeente van het Brussels Hoofdstedelijk |
Gewest waar de declarant is ingeschreven in het bevolkings-, | Gewest waar de declarant is ingeschreven in het bevolkings-, |
vreemdelingen- of wachtregister. | vreemdelingen- of wachtregister. |
De declarant dient de laatste wilsbeschikking in persoon in of kan een | De declarant dient de laatste wilsbeschikking in persoon in of kan een |
derde, in een handgeschreven en gedateerd geschrift, mandateren om | derde, in een handgeschreven en gedateerd geschrift, mandateren om |
deze wilsbeschikking in te dienen. | deze wilsbeschikking in te dienen. |
Art. 3.§ 1. De declarant geeft in de schriftelijke kennisgeving van |
Art. 3.§ 1. De declarant geeft in de schriftelijke kennisgeving van |
de laatste wilsbeschikking, zijn naam, voornamen, geboorteplaats en | de laatste wilsbeschikking, zijn naam, voornamen, geboorteplaats en |
-datum, en adres aan | -datum, en adres aan |
§ 2. De declarant moet duidelijk en ondubbelzinnig één van de volgende | § 2. De declarant moet duidelijk en ondubbelzinnig één van de volgende |
mogelijkheden opnemen in dat document : | mogelijkheden opnemen in dat document : |
- ofwel één van de opties vermeld in § 3, 1° tot en met 8° ; | - ofwel één van de opties vermeld in § 3, 1° tot en met 8° ; |
- ofwel één van de opties vermeld in § 3, 1° tot en met 8° in | - ofwel één van de opties vermeld in § 3, 1° tot en met 8° in |
combinatie met de optie vermeld in § 3, 9° ; | combinatie met de optie vermeld in § 3, 9° ; |
- ofwel één van de opties vermeld in § 3, 9°. | - ofwel één van de opties vermeld in § 3, 9°. |
§ 3. De in § 2, bedoelde opties zijn de volgende: | § 3. De in § 2, bedoelde opties zijn de volgende: |
1° begraving van het stoffelijk overschot; | 1° begraving van het stoffelijk overschot; |
2° crematie, gevolgd door begraving van de as binnen de omheining van | 2° crematie, gevolgd door begraving van de as binnen de omheining van |
de begraafplaats; | de begraafplaats; |
3° crematie, gevolgd door uitstrooiing van de as op het daartoe | 3° crematie, gevolgd door uitstrooiing van de as op het daartoe |
bestemd perceel van de begraafplaats; | bestemd perceel van de begraafplaats; |
4° crematie, gevolgd door bijzetting van de as in het columbarium van | 4° crematie, gevolgd door bijzetting van de as in het columbarium van |
de begraafplaats; | de begraafplaats; |
5° crematie, gevolgd door uitstrooiing van de as in de Belgische | 5° crematie, gevolgd door uitstrooiing van de as in de Belgische |
territoriale zee; | territoriale zee; |
6° crematie, gevolgd door uitstrooiing van de as op een andere plaats | 6° crematie, gevolgd door uitstrooiing van de as op een andere plaats |
dan de begraafplaats of in de Belgische territoriale zee; | dan de begraafplaats of in de Belgische territoriale zee; |
7° crematie, gevolgd door begraving van de as op een andere plaats dan | 7° crematie, gevolgd door begraving van de as op een andere plaats dan |
de begraafplaats; | de begraafplaats; |
8° crematie, gevolgd door bewaring van de as op een andere plaats dan | 8° crematie, gevolgd door bewaring van de as op een andere plaats dan |
de begraafplaats; | de begraafplaats; |
9° de aard van de uitvaartplechtigheid; | 9° de aard van de uitvaartplechtigheid; |
§ 4. De declarant vermeldt, indien van toepassing, het | § 4. De declarant vermeldt, indien van toepassing, het |
uitvaartcontract dat hij heeft afgesloten en geeft het contractnummer | uitvaartcontract dat hij heeft afgesloten en geeft het contractnummer |
aan, de datum van afsluiting en de identiteit van de onderneming met | aan, de datum van afsluiting en de identiteit van de onderneming met |
dewelke hij het contract heeft afgesloten. | dewelke hij het contract heeft afgesloten. |
Art. 4.De declarant kan de verklaring altijd intrekken of wijzigen. |
Art. 4.De declarant kan de verklaring altijd intrekken of wijzigen. |
Art. 5.Het koninklijk besluit van 2 augustus 1990 tot regeling van de |
Art. 5.Het koninklijk besluit van 2 augustus 1990 tot regeling van de |
inschrijving door de gemeenten van de laatste wilsbeschikking inzake | inschrijving door de gemeenten van de laatste wilsbeschikking inzake |
de wijze van teraardebestelling, wordt opgeheven. | de wijze van teraardebestelling, wordt opgeheven. |
Art. 6.De Ministers tot wiens bevoegdheden Kerkfabrieken en |
Art. 6.De Ministers tot wiens bevoegdheden Kerkfabrieken en |
instellingen belast met het beheer van de temporaliën van de | instellingen belast met het beheer van de temporaliën van de |
erediensten en Plaatselijke Besturen behoren zijn elk wat betreft hun | erediensten en Plaatselijke Besturen behoren zijn elk wat betreft hun |
bevoegdheid, belast met de uitvoering van dit besluit. | bevoegdheid, belast met de uitvoering van dit besluit. |
Brussel, 14 mei 2020. | Brussel, 14 mei 2020. |
Voor de Brusselse Hoofdstedelijke Regering; | Voor de Brusselse Hoofdstedelijke Regering; |
De Minister-President van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering, | De Minister-President van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering, |
belast, met territoriale ontwikkeling en stadsvernieuwing, toerisme, | belast, met territoriale ontwikkeling en stadsvernieuwing, toerisme, |
de promotie van het imago van Brussel en biculturele zaken van | de promotie van het imago van Brussel en biculturele zaken van |
gewestelijk belang, | gewestelijk belang, |
R. VERVOORT | R. VERVOORT |
De Minister van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering, belast met werk | De Minister van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering, belast met werk |
en beroepsopleiding, digitalisering en de plaatselijke besturen, | en beroepsopleiding, digitalisering en de plaatselijke besturen, |
B. CLERFAYT | B. CLERFAYT |