Besluit van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering van betreffende de steun voor preactiviteit | Besluit van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering van betreffende de steun voor preactiviteit |
---|---|
BRUSSELS HOOFDSTEDELIJK GEWEST | BRUSSELS HOOFDSTEDELIJK GEWEST |
24 JANUARI 2019. - Besluit van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering | 24 JANUARI 2019. - Besluit van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering |
van betreffende de steun voor preactiviteit | van betreffende de steun voor preactiviteit |
De Brusselse Hoofdstedelijke Regering, | De Brusselse Hoofdstedelijke Regering, |
Gelet op de bijzondere wet van 8 augustus 1980 tot hervorming der | Gelet op de bijzondere wet van 8 augustus 1980 tot hervorming der |
instellingen, artikel 20; | instellingen, artikel 20; |
Gelet op de bijzondere wet van 12 januari 1989 met betrekking tot de | Gelet op de bijzondere wet van 12 januari 1989 met betrekking tot de |
Brusselse instellingen, artikel 8, eerste lid; | Brusselse instellingen, artikel 8, eerste lid; |
Gelet op de organieke ordonnantie van 13 december 2007 betreffende de | Gelet op de organieke ordonnantie van 13 december 2007 betreffende de |
steun ter bevordering van de economische expansie, de artikelen 25 tot | steun ter bevordering van de economische expansie, de artikelen 25 tot |
27, 66 en 71 tot 73; | 27, 66 en 71 tot 73; |
Gelet op de ordonnantie van 3 mei 2018 betreffende de steun voor de | Gelet op de ordonnantie van 3 mei 2018 betreffende de steun voor de |
economische ontwikkeling van ondernemingen, de artikelen 3, 4, 30, 31 | economische ontwikkeling van ondernemingen, de artikelen 3, 4, 30, 31 |
en 49; | en 49; |
Gelet op het besluit van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering van 26 | Gelet op het besluit van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering van 26 |
juni 2008 betreffende de steun inzake pre-activiteit en de steun voor | juni 2008 betreffende de steun inzake pre-activiteit en de steun voor |
studies en diensten van externe consultants; | studies en diensten van externe consultants; |
Gelet op de gendertest, opgesteld op 12 februari 2018 overeenkomstig | Gelet op de gendertest, opgesteld op 12 februari 2018 overeenkomstig |
artikel 3, 2°, van de ordonnantie van 29 maart 2012 houdende de | artikel 3, 2°, van de ordonnantie van 29 maart 2012 houdende de |
integratie van de genderdimensie in de beleidslijnen van het Brussels | integratie van de genderdimensie in de beleidslijnen van het Brussels |
Hoofdstedelijk Gewest; | Hoofdstedelijk Gewest; |
Gelet op de evaluatie door de Minister van de Brusselse | Gelet op de evaluatie door de Minister van de Brusselse |
Hoofdstedelijke Regering bevoegd voor Economie uitgevoerd op 27 juni | Hoofdstedelijke Regering bevoegd voor Economie uitgevoerd op 27 juni |
2018 tot een conclusie komend van afwezigheid van weerslag op de | 2018 tot een conclusie komend van afwezigheid van weerslag op de |
situatie van personen met een handicap overeenkomstig artikel 4, § 3, | situatie van personen met een handicap overeenkomstig artikel 4, § 3, |
van de ordonnantie van 8 december 2016 betreffende de integratie van | van de ordonnantie van 8 december 2016 betreffende de integratie van |
de handicapdimensie in de beleidslijnen van het Brussels | de handicapdimensie in de beleidslijnen van het Brussels |
Hoofdstedelijk Gewest; | Hoofdstedelijk Gewest; |
Gelet op het advies van de Inspecteur van Financiën, gegeven op 11 | Gelet op het advies van de Inspecteur van Financiën, gegeven op 11 |
juni 2018; | juni 2018; |
Gelet op het akkoord van de Minister van Begroting, gegeven op 29 juni | Gelet op het akkoord van de Minister van Begroting, gegeven op 29 juni |
2018; | 2018; |
Gelet op het advies van de Economische en Sociale Raad voor het | Gelet op het advies van de Economische en Sociale Raad voor het |
Brussels Hoofdstedelijk Gewest, gegeven op 20 september 2018; | Brussels Hoofdstedelijk Gewest, gegeven op 20 september 2018; |
Gelet op het advies 64.668/1 van de Raad van State, gegeven op 11 | Gelet op het advies 64.668/1 van de Raad van State, gegeven op 11 |
december 2018, in toepassing van artikel 84, § 1, eerste lid, 2°, van | december 2018, in toepassing van artikel 84, § 1, eerste lid, 2°, van |
de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973; | de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973; |
Op de voordracht van de Minister van de Brusselse Hoofdstedelijke | Op de voordracht van de Minister van de Brusselse Hoofdstedelijke |
Regering bevoegd voor Economie, | Regering bevoegd voor Economie, |
Na beraadslaging, | Na beraadslaging, |
Besluit : | Besluit : |
HOOFDSTUK 1. - Definities | HOOFDSTUK 1. - Definities |
Artikel 1.Voor de toepassing van dit besluit verstaat men onder: |
Artikel 1.Voor de toepassing van dit besluit verstaat men onder: |
1° minister: de minister van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering | 1° minister: de minister van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering |
bevoegd voor Economie; | bevoegd voor Economie; |
2° verordening: de verordening (EU) nr. 1407/2013 van de commissie van | 2° verordening: de verordening (EU) nr. 1407/2013 van de commissie van |
18 december 2013 betreffende de toepassing van de artikelen 107 en 108 | 18 december 2013 betreffende de toepassing van de artikelen 107 en 108 |
van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie op | van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie op |
de-minimissteun, bekend gemaakt in het Publicatieblad van de Europese | de-minimissteun, bekend gemaakt in het Publicatieblad van de Europese |
Unie L352 van 24 december 2013; | Unie L352 van 24 december 2013; |
3° BAOB: het Brussels Agentschap voor de Ondersteuning van het | 3° BAOB: het Brussels Agentschap voor de Ondersteuning van het |
Bedrijfsleven; | Bedrijfsleven; |
4° BEW: Brussel Economie en Werkgelegenheid van de Gewestelijke | 4° BEW: Brussel Economie en Werkgelegenheid van de Gewestelijke |
Overheidsdienst Brussel. | Overheidsdienst Brussel. |
De in dit besluit bedoelde bedragen zijn inclusief btw en belastingen | De in dit besluit bedoelde bedragen zijn inclusief btw en belastingen |
van eender welke aard. De bedragen inzake investeringen bedoeld in | van eender welke aard. De bedragen inzake investeringen bedoeld in |
artikel 12, eerste lid, 5°, zijn echter exclusief btw en belastingen | artikel 12, eerste lid, 5°, zijn echter exclusief btw en belastingen |
van eender welke aard. | van eender welke aard. |
HOOFDSTUK 2. - Preactiviteitssteun voor een project om een onderneming | HOOFDSTUK 2. - Preactiviteitssteun voor een project om een onderneming |
op te richten | op te richten |
Afdeling 1. - Steun voor de uitwerking van een project om een | Afdeling 1. - Steun voor de uitwerking van een project om een |
onderneming op te richten | onderneming op te richten |
Art. 2.De minister verleent steun aan natuurlijke personen die een |
Art. 2.De minister verleent steun aan natuurlijke personen die een |
concreet project om een onderneming op te richten, uitwerken, onder de | concreet project om een onderneming op te richten, uitwerken, onder de |
voorwaarden bedoeld in de verordening. | voorwaarden bedoeld in de verordening. |
De minister verleent steun aan de vertegenwoordigers van groepen van | De minister verleent steun aan de vertegenwoordigers van groepen van |
minimaal drie natuurlijke personen die een concreet project om een | minimaal drie natuurlijke personen die een concreet project om een |
coöperatieve vennootschap met sociaal oogmerk op te richten, | coöperatieve vennootschap met sociaal oogmerk op te richten, |
uitwerken, onder de voorwaarden bedoeld in de verordening. | uitwerken, onder de voorwaarden bedoeld in de verordening. |
Art. 3.De begunstigde: |
Art. 3.De begunstigde: |
1° is ten minste 18 jaar oud; | 1° is ten minste 18 jaar oud; |
2° heeft in de drie jaren die de ontvangst van de steunaanvraag | 2° heeft in de drie jaren die de ontvangst van de steunaanvraag |
voorafgaan niet het sociaal statuut van zelfstandige, als bedoeld in | voorafgaan niet het sociaal statuut van zelfstandige, als bedoeld in |
artikel 3 van het koninklijk besluit nr. 38 van 27 juli 1967 houdende | artikel 3 van het koninklijk besluit nr. 38 van 27 juli 1967 houdende |
inrichting van het sociaal statuut der zelfstandige, gehad, met | inrichting van het sociaal statuut der zelfstandige, gehad, met |
uitzondering van het statuut van student-zelfstandige, als bedoeld in | uitzondering van het statuut van student-zelfstandige, als bedoeld in |
artikel 5quater van hetzelfde besluit; | artikel 5quater van hetzelfde besluit; |
3° beoogt niet een activiteit uit te oefenen die overeenkomt met een | 3° beoogt niet een activiteit uit te oefenen die overeenkomt met een |
van de activiteiten opgenomen in bijlage; | van de activiteiten opgenomen in bijlage; |
4° heeft nog geen steun als bedoeld in dit besluit genoten; | 4° heeft nog geen steun als bedoeld in dit besluit genoten; |
5° wordt in de oprichting begeleid door een aangewezen instelling, op | 5° wordt in de oprichting begeleid door een aangewezen instelling, op |
basis van een overeenkomst die de duur van de steun bestrijkt; | basis van een overeenkomst die de duur van de steun bestrijkt; |
6° heeft een concreet ondernemingsproject, onderbouwd door een | 6° heeft een concreet ondernemingsproject, onderbouwd door een |
beschrijving van het project. | beschrijving van het project. |
Art. 4.Het BAOB geeft zijn niet-bindend advies met betrekking tot de |
Art. 4.Het BAOB geeft zijn niet-bindend advies met betrekking tot de |
relevantie en de kwaliteit van het ontvankelijk project. | relevantie en de kwaliteit van het ontvankelijk project. |
Afdeling 2. - Steun voor de verfijning van een uitgewerkt project om | Afdeling 2. - Steun voor de verfijning van een uitgewerkt project om |
een onderneming op te richten | een onderneming op te richten |
Art. 5.De minister verleent steun aan natuurlijke personen die een |
Art. 5.De minister verleent steun aan natuurlijke personen die een |
uitgewerkt en vergevorderd project om een onderneming op te richten, | uitgewerkt en vergevorderd project om een onderneming op te richten, |
verfijnen, onder de voorwaarden bedoeld in de verordening. | verfijnen, onder de voorwaarden bedoeld in de verordening. |
De minister verleent steun aan de vertegenwoordigers van groepen van | De minister verleent steun aan de vertegenwoordigers van groepen van |
minimaal drie natuurlijke personen die een uitgewerkt en vergevorderd | minimaal drie natuurlijke personen die een uitgewerkt en vergevorderd |
project om een coöperatieve vennootschap met sociaal oogmerk op te | project om een coöperatieve vennootschap met sociaal oogmerk op te |
richten, verfijnen, onder de voorwaarden bedoeld in de verordening. | richten, verfijnen, onder de voorwaarden bedoeld in de verordening. |
Art. 6.De begunstigde: |
Art. 6.De begunstigde: |
1° is ten minste 18 jaar oud; | 1° is ten minste 18 jaar oud; |
2° heeft in de drie jaren die de ontvangst van de steunaanvraag | 2° heeft in de drie jaren die de ontvangst van de steunaanvraag |
voorafgaan niet het sociaal statuut van zelfstandige, als bedoeld in | voorafgaan niet het sociaal statuut van zelfstandige, als bedoeld in |
artikel 3 van het koninklijk besluit nr. 38 van 27 juli 1967 houdende | artikel 3 van het koninklijk besluit nr. 38 van 27 juli 1967 houdende |
inrichting van het sociaal statuut der zelfstandige, gehad, met | inrichting van het sociaal statuut der zelfstandige, gehad, met |
uitzondering van het statuut van student-zelfstandige; | uitzondering van het statuut van student-zelfstandige; |
3° beoogt niet een activiteit uit te oefenen die overeenkomt met een | 3° beoogt niet een activiteit uit te oefenen die overeenkomt met een |
van de activiteiten opgenomen in bijlage; | van de activiteiten opgenomen in bijlage; |
4° heeft nog geen steun als bedoeld in de artikelen 5 en 11 van dit | 4° heeft nog geen steun als bedoeld in de artikelen 5 en 11 van dit |
besluit genoten; | besluit genoten; |
5° wordt in de oprichting begeleid door een instelling bedoeld in | 5° wordt in de oprichting begeleid door een instelling bedoeld in |
artikel 11, op basis van een overeenkomst die minimaal twee maanden | artikel 11, op basis van een overeenkomst die minimaal twee maanden |
duurt; | duurt; |
6° heeft een concreet ondernemingsproject, onderbouwd door: | 6° heeft een concreet ondernemingsproject, onderbouwd door: |
a) een marktonderzoek; | a) een marktonderzoek; |
b) een strategische analyse; | b) een strategische analyse; |
c) een businessplan, met inbegrip van een financieel plan; | c) een businessplan, met inbegrip van een financieel plan; |
d) in het geval van een coöperatief project als bedoeld in artikel 5, | d) in het geval van een coöperatief project als bedoeld in artikel 5, |
tweede lid, een overeenkomst tussen de leden van de groep en een | tweede lid, een overeenkomst tussen de leden van de groep en een |
presentatie betreffende het sociaal en coöperatief oogmerk van het | presentatie betreffende het sociaal en coöperatief oogmerk van het |
ondernemingsproject. | ondernemingsproject. |
Art. 7.Het BAOB geeft zijn niet-bindend advies met betrekking tot de |
Art. 7.Het BAOB geeft zijn niet-bindend advies met betrekking tot de |
relevantie en de kwaliteit van het ontvankelijk project op basis van | relevantie en de kwaliteit van het ontvankelijk project op basis van |
de volgende toekenningscriteria: | de volgende toekenningscriteria: |
1° het origineel karakter van het project of het bestaan van een | 1° het origineel karakter van het project of het bestaan van een |
marktpotentieel voor het project; | marktpotentieel voor het project; |
2° de slaagkansen van het project, zoals beoordeeld op basis van de | 2° de slaagkansen van het project, zoals beoordeeld op basis van de |
elementen bedoeld in artikel 6, 6°, en van hun kwaliteit; | elementen bedoeld in artikel 6, 6°, en van hun kwaliteit; |
3° het potentieel om binnen de twee jaar bij de onderneming zelf en | 3° het potentieel om binnen de twee jaar bij de onderneming zelf en |
binnen het Gewest rechtstreeks en onrechtstreeks werkgelegenheid te | binnen het Gewest rechtstreeks en onrechtstreeks werkgelegenheid te |
scheppen indien het project succesvol is; | scheppen indien het project succesvol is; |
4° de beroepservaring van de initiatiefnemer van het project, de | 4° de beroepservaring van de initiatiefnemer van het project, de |
complementariteit van het ondernemersteam en de kwaliteit van de | complementariteit van het ondernemersteam en de kwaliteit van de |
omkadering, met inbegrip van de samenstelling van een eventueel | omkadering, met inbegrip van de samenstelling van een eventueel |
bestuursorgaan; | bestuursorgaan; |
5° de relevantie van bestemming van de steun en de nood eraan voor het | 5° de relevantie van bestemming van de steun en de nood eraan voor het |
succes van het project. | succes van het project. |
HOOFDSTUK 3. - Preactiviteitssteun voor een project om een onderneming | HOOFDSTUK 3. - Preactiviteitssteun voor een project om een onderneming |
over te nemen | over te nemen |
Art. 8.De minister verleent steun aan natuurlijke personen die een |
Art. 8.De minister verleent steun aan natuurlijke personen die een |
concreet project om een onderneming over te nemen, uitwerken, onder de | concreet project om een onderneming over te nemen, uitwerken, onder de |
voorwaarden bedoeld in de verordening. | voorwaarden bedoeld in de verordening. |
De minister verleent steun aan de vertegenwoordigers van groepen van | De minister verleent steun aan de vertegenwoordigers van groepen van |
minimaal drie natuurlijke personen die een concreet project om een | minimaal drie natuurlijke personen die een concreet project om een |
coöperatieve vennootschap met sociaal oogmerk over te nemen, | coöperatieve vennootschap met sociaal oogmerk over te nemen, |
uitwerken, onder de voorwaarden bedoeld in de verordening. | uitwerken, onder de voorwaarden bedoeld in de verordening. |
Een overnameproject is een project dat de verwerving van meer dan de | Een overnameproject is een project dat de verwerving van meer dan de |
helft van de aandelen van een onderneming die worden afgestaan door | helft van de aandelen van een onderneming die worden afgestaan door |
zijn vennoten of aandeelhouders en de handhaving of ontwikkeling van | zijn vennoten of aandeelhouders en de handhaving of ontwikkeling van |
de activiteiten ervan beoogt. | de activiteiten ervan beoogt. |
Art. 9.De begunstigde: |
Art. 9.De begunstigde: |
1° is ten minste 18 jaar oud; | 1° is ten minste 18 jaar oud; |
2° heeft in de drie jaren die de ontvangst van de steunaanvraag | 2° heeft in de drie jaren die de ontvangst van de steunaanvraag |
voorafgaan niet het sociaal statuut van zelfstandige, als bedoeld in | voorafgaan niet het sociaal statuut van zelfstandige, als bedoeld in |
artikel 3 van het koninklijk besluit nr. 38 van 27 juli 1967 houdende | artikel 3 van het koninklijk besluit nr. 38 van 27 juli 1967 houdende |
inrichting van het sociaal statuut der zelfstandige, gehad, met | inrichting van het sociaal statuut der zelfstandige, gehad, met |
uitzondering van het statuut van student-zelfstandige; | uitzondering van het statuut van student-zelfstandige; |
3° beoogt niet een activiteit uit te oefenen die overeenkomt met een | 3° beoogt niet een activiteit uit te oefenen die overeenkomt met een |
van de activiteiten opgenomen in bijlage; | van de activiteiten opgenomen in bijlage; |
4° heeft nog geen steun als bedoeld in dit besluit; | 4° heeft nog geen steun als bedoeld in dit besluit; |
5° wordt in de overname begeleid door een instelling bedoeld in | 5° wordt in de overname begeleid door een instelling bedoeld in |
artikel 11, op basis van een overeenkomst die minimaal zes maanden | artikel 11, op basis van een overeenkomst die minimaal zes maanden |
duurt; | duurt; |
6° beoogt de overname van een onderneming die: | 6° beoogt de overname van een onderneming die: |
a) minstens drie voltijdse werknemers tewerkstelt met een | a) minstens drie voltijdse werknemers tewerkstelt met een |
arbeidsovereenkomst van onbepaalde duur, met uitzondering van de | arbeidsovereenkomst van onbepaalde duur, met uitzondering van de |
uitzendkrachten ; | uitzendkrachten ; |
b) maximaal een gemiddelde omzet heeft van 2.000.000 euro in de | b) maximaal een gemiddelde omzet heeft van 2.000.000 euro in de |
laatste drie boekjaren, gestaafd aan de hand van de btw-aangiften. | laatste drie boekjaren, gestaafd aan de hand van de btw-aangiften. |
7° heeft een concreet overnameproject, onderbouwd door: | 7° heeft een concreet overnameproject, onderbouwd door: |
a) het ondernemingsnummer van de over te dragen onderneming; | a) het ondernemingsnummer van de over te dragen onderneming; |
b) een verklaring op eer van de voornaamste vennoten of aandeelhouders | b) een verklaring op eer van de voornaamste vennoten of aandeelhouders |
van de over te dragen onderneming dat bevestigt dat ze in een | van de over te dragen onderneming dat bevestigt dat ze in een |
overdrachtsproces zit en dat de vennoten of aandeelhouders aanvaarden | overdrachtsproces zit en dat de vennoten of aandeelhouders aanvaarden |
dat ze in een overeenkomst tot overdracht van aandelen clausules | dat ze in een overeenkomst tot overdracht van aandelen clausules |
opnemen waarin de solidariteit wordt opgenomen van de persoon die | opnemen waarin de solidariteit wordt opgenomen van de persoon die |
afstand doet van de aandelen met de persoon die de aandelen verkrijgt | afstand doet van de aandelen met de persoon die de aandelen verkrijgt |
met betrekking tot het verleden van de onderneming; | met betrekking tot het verleden van de onderneming; |
c) een financieringsplan dat de geplande financiering voor de overname | c) een financieringsplan dat de geplande financiering voor de overname |
uiteenzet; | uiteenzet; |
d) een ontwerpontwikkelingsstrategie van de over te dragen onderneming | d) een ontwerpontwikkelingsstrategie van de over te dragen onderneming |
bij overname; | bij overname; |
e) in het geval van een coöperatief project als bedoeld in artikel 8, | e) in het geval van een coöperatief project als bedoeld in artikel 8, |
tweede lid, een overeenkomst tussen de groepsleden en een voorstelling | tweede lid, een overeenkomst tussen de groepsleden en een voorstelling |
van het sociaal en coöperatief oogmerk van het overnameproject. | van het sociaal en coöperatief oogmerk van het overnameproject. |
Art. 10.Het BAOB geeft zijn niet-bindend advies met betrekking tot de |
Art. 10.Het BAOB geeft zijn niet-bindend advies met betrekking tot de |
relevantie en de kwaliteit van het ontvankelijk project op basis van | relevantie en de kwaliteit van het ontvankelijk project op basis van |
de volgende toekenningscriteria: | de volgende toekenningscriteria: |
1° het bestaan van een marktpotentieel voor de activiteit van de over | 1° het bestaan van een marktpotentieel voor de activiteit van de over |
te dragen onderneming; | te dragen onderneming; |
2° de slaagkansen van het project, zoals beoordeeld op basis van de | 2° de slaagkansen van het project, zoals beoordeeld op basis van de |
elementen bedoeld in artikel 9, 6° en 7°, en van hun kwaliteit; | elementen bedoeld in artikel 9, 6° en 7°, en van hun kwaliteit; |
3° het potentieel om binnen de twee jaar bij de onderneming zelf en | 3° het potentieel om binnen de twee jaar bij de onderneming zelf en |
binnen het Gewest rechtstreeks en onrechtstreeks werkgelegenheid te | binnen het Gewest rechtstreeks en onrechtstreeks werkgelegenheid te |
scheppen indien het project succesvol is; | scheppen indien het project succesvol is; |
4° de beroepservaring van de kandidaat-overnemer, de complementariteit | 4° de beroepservaring van de kandidaat-overnemer, de complementariteit |
van het ondernemersteam en de kwaliteit van de omkadering, met | van het ondernemersteam en de kwaliteit van de omkadering, met |
inbegrip van de samenstelling van een eventueel bestuursorgaan; | inbegrip van de samenstelling van een eventueel bestuursorgaan; |
5° de relevantie van bestemming van de steun en de nood eraan voor het | 5° de relevantie van bestemming van de steun en de nood eraan voor het |
succes van het project; | succes van het project; |
6° het passen in de gewestelijke prioriteiten. | 6° het passen in de gewestelijke prioriteiten. |
HOOFDSTUK 4. - Bepalingen die gemeenschappelijk zijn aan alle | HOOFDSTUK 4. - Bepalingen die gemeenschappelijk zijn aan alle |
preactiviteitssteun | preactiviteitssteun |
Afdeling 1. - Begeleiding | Afdeling 1. - Begeleiding |
Art. 11.De minister wijst de instellingen aan die bevoegd zijn voor |
Art. 11.De minister wijst de instellingen aan die bevoegd zijn voor |
de begeleiding. | de begeleiding. |
De minister bepaalt de inhoud van de begeleiding en de nadere regels | De minister bepaalt de inhoud van de begeleiding en de nadere regels |
van de overeenkomst. | van de overeenkomst. |
Afdeling 2. - Bedrag van de steun | Afdeling 2. - Bedrag van de steun |
Art. 12.De steun voor preactiviteit bestaat uit een premie van 60 % |
Art. 12.De steun voor preactiviteit bestaat uit een premie van 60 % |
van de volgende uitgaven: | van de volgende uitgaven: |
1° de kosten van consultancyopdrachten die betrekking hebben op de | 1° de kosten van consultancyopdrachten die betrekking hebben op de |
beoogde activiteit en die een markt-, financiële, juridische, | beoogde activiteit en die een markt-, financiële, juridische, |
technische of informaticastudie betreffen; | technische of informaticastudie betreffen; |
2° de kosten van maximaal één opleiding die niet langer dan drie | 2° de kosten van maximaal één opleiding die niet langer dan drie |
maanden duurt en die noodzakelijk is voor de verwezenlijking van het | maanden duurt en die noodzakelijk is voor de verwezenlijking van het |
project en die een gebrek aan kennis en ervaring invult; | project en die een gebrek aan kennis en ervaring invult; |
3° de kosten voor de opvang van een kind van maximaal drie jaar oud | 3° de kosten voor de opvang van een kind van maximaal drie jaar oud |
voor een periode van maximaal drie maanden; | voor een periode van maximaal drie maanden; |
4° de kosten voor de deelname aan maximaal een buitenlandse beurs; | 4° de kosten voor de deelname aan maximaal een buitenlandse beurs; |
5° de aankoop of de huur van uitrustingen die onontbeerlijk zijn voor | 5° de aankoop of de huur van uitrustingen die onontbeerlijk zijn voor |
de verwezenlijking van ontwikkelingswerkzaamheden, alsook van goederen | de verwezenlijking van ontwikkelingswerkzaamheden, alsook van goederen |
en materiaal die noodzakelijk zijn om het project vorm te geven; | en materiaal die noodzakelijk zijn om het project vorm te geven; |
6° in het geval van een overname van een onderneming bevatten de | 6° in het geval van een overname van een onderneming bevatten de |
uitgaven verplicht de kosten van een overnamediagnose, voor meer dan | uitgaven verplicht de kosten van een overnamediagnose, voor meer dan |
de helft van het totale bedrag van de tussenkomst van het Gewest. | de helft van het totale bedrag van de tussenkomst van het Gewest. |
De investeringsuitgaven bedoeld in het eerste lid, 5°, komen enkel in | De investeringsuitgaven bedoeld in het eerste lid, 5°, komen enkel in |
aanmerking voor de projecten bedoeld in artikel 5. De | aanmerking voor de projecten bedoeld in artikel 5. De |
investeringsuitgaven belopen in dat geval maximaal 50% van alle in | investeringsuitgaven belopen in dat geval maximaal 50% van alle in |
aanmerking komende uitgaven. | aanmerking komende uitgaven. |
Art. 13.De steun voor de uitwerking van een project om een |
Art. 13.De steun voor de uitwerking van een project om een |
onderneming op te richten bedoeld in artikel 2 bedraagt maximaal 3.000 | onderneming op te richten bedoeld in artikel 2 bedraagt maximaal 3.000 |
euro per project. | euro per project. |
De steun bedoeld in artikel 5 voor de verfijning van een uitgewerkt | De steun bedoeld in artikel 5 voor de verfijning van een uitgewerkt |
project om een onderneming op te richten bedraagt maximaal 15.000 euro | project om een onderneming op te richten bedraagt maximaal 15.000 euro |
per project. | per project. |
De steun voor een project om een onderneming over te nemen bedoeld in | De steun voor een project om een onderneming over te nemen bedoeld in |
artikel 8 bedraagt maximaal 15.000 euro per project. | artikel 8 bedraagt maximaal 15.000 euro per project. |
De minimale tussenkomst bedraagt 500 euro per aanvraag. | De minimale tussenkomst bedraagt 500 euro per aanvraag. |
Afdeling 3. - In aanmerking komende uitgaven | Afdeling 3. - In aanmerking komende uitgaven |
Art. 14.Enkel de uitgaven gemaakt na de datum van het ontvangstbewijs |
Art. 14.Enkel de uitgaven gemaakt na de datum van het ontvangstbewijs |
bedoeld in artikel 20, § 1, en voor de einddatum van het project | bedoeld in artikel 20, § 1, en voor de einddatum van het project |
vastgelegd krachtens artikel 20, § 6, tweede lid, komen in aanmerking. | vastgelegd krachtens artikel 20, § 6, tweede lid, komen in aanmerking. |
De uitgaven gemaakt na de oprichting van de onderneming komen niet in | De uitgaven gemaakt na de oprichting van de onderneming komen niet in |
aanmerking. | aanmerking. |
Art. 15.De consultant of opleider die de consultancyopdracht of |
Art. 15.De consultant of opleider die de consultancyopdracht of |
opleiding uitvoert: | opleiding uitvoert: |
1° is gespecialiseerd in het betrokken domein; | 1° is gespecialiseerd in het betrokken domein; |
2° oefent sinds ten minste twee jaar zijn consultancy- of | 2° oefent sinds ten minste twee jaar zijn consultancy- of |
opleidingsactiviteiten uit; | opleidingsactiviteiten uit; |
3° geeft blijk van een voldoende bekende deskundigheid, gestaafd aan | 3° geeft blijk van een voldoende bekende deskundigheid, gestaafd aan |
de hand van een lijst met referenties en een praktijkervaring; | de hand van een lijst met referenties en een praktijkervaring; |
4° is onafhankelijk van de begunstigde. | 4° is onafhankelijk van de begunstigde. |
BEW kan een beroep doen op een extern expert om te oordelen over de | BEW kan een beroep doen op een extern expert om te oordelen over de |
kwaliteit van de gekozen consultant of opleider. | kwaliteit van de gekozen consultant of opleider. |
De dienstverlenende onderneming factureert rechtstreeks bij de | De dienstverlenende onderneming factureert rechtstreeks bij de |
begunstigde en heeft het leveren van de betrokken consultancy- of | begunstigde en heeft het leveren van de betrokken consultancy- of |
opleidingsdiensten als hoofdactiviteit. | opleidingsdiensten als hoofdactiviteit. |
Art. 16.De kinderopvang die het kind van de begunstigde opvangt: |
Art. 16.De kinderopvang die het kind van de begunstigde opvangt: |
1° is een natuurlijk of rechtspersoon; | 1° is een natuurlijk of rechtspersoon; |
2° is onafhankelijk van de begunstigde; | 2° is onafhankelijk van de begunstigde; |
3° vangt het kind op in een vestigingsplaats in het Gewest; | 3° vangt het kind op in een vestigingsplaats in het Gewest; |
4° beschikt over: | 4° beschikt over: |
a) hetzij een vergunning van Kind en Gezin als bedoeld in artikel 4 | a) hetzij een vergunning van Kind en Gezin als bedoeld in artikel 4 |
van het Vlaams decreet van 20 april 2012 houdende de organisatie van | van het Vlaams decreet van 20 april 2012 houdende de organisatie van |
kinderopvang van baby's en peuters; | kinderopvang van baby's en peuters; |
b) hetzij een toestemming als bedoeld in artikel 6, § 2, van het | b) hetzij een toestemming als bedoeld in artikel 6, § 2, van het |
decreet van de Franse Gemeenschap van 17 juli 2002 houdende hervorming | decreet van de Franse Gemeenschap van 17 juli 2002 houdende hervorming |
van de " Office de la Naissance et de l'Enfance ", afgekort " ONE ". | van de " Office de la Naissance et de l'Enfance ", afgekort " ONE ". |
Art. 17.De in aanmerking komende uitgaven voor de deelname aan |
Art. 17.De in aanmerking komende uitgaven voor de deelname aan |
beurzen in het buitenland zijn de kosten voor de toegang tot de beurs | beurzen in het buitenland zijn de kosten voor de toegang tot de beurs |
en de reis per vliegtuig en het verblijf. | en de reis per vliegtuig en het verblijf. |
De kosten voor de reis per vliegtuig en het verblijf, worden bepaald | De kosten voor de reis per vliegtuig en het verblijf, worden bepaald |
op basis van de forfaitaire bedragen opgenomen in het ministerieel | op basis van de forfaitaire bedragen opgenomen in het ministerieel |
besluit van 22 december 2017 tot vastlegging van de forfaitaire | besluit van 22 december 2017 tot vastlegging van de forfaitaire |
bedragen voor de uitgaven die verband houden met de huisvestingskosten | bedragen voor de uitgaven die verband houden met de huisvestingskosten |
en de reiskosten per vliegtuig als bepaald in artikel 17 van het | en de reiskosten per vliegtuig als bepaald in artikel 17 van het |
besluit van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering van 19 juli 2017 | besluit van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering van 19 juli 2017 |
houdende uitvoering van de ordonnantie van 13 januari 1994 betreffende | houdende uitvoering van de ordonnantie van 13 januari 1994 betreffende |
de bevordering van de buitenlandse handel van het Brussels | de bevordering van de buitenlandse handel van het Brussels |
Hoofdstedelijk Gewest. | Hoofdstedelijk Gewest. |
Wat betreft de verblijfkosten komen enkel de uitgaven te tellen vanaf | Wat betreft de verblijfkosten komen enkel de uitgaven te tellen vanaf |
de dag voor aanvang van de beurs tot de dag na afloop van de beurs in | de dag voor aanvang van de beurs tot de dag na afloop van de beurs in |
aanmerking. | aanmerking. |
Art. 18.De volgende investeringen komen niet in aanmerking: |
Art. 18.De volgende investeringen komen niet in aanmerking: |
1° de uitgaven met een overbodig karakter; | 1° de uitgaven met een overbodig karakter; |
2° de onroerende investeringen; | 2° de onroerende investeringen; |
3° de investeringen in rollend materieel; | 3° de investeringen in rollend materieel; |
4° de investeringen bestemd voor de verhuur; | 4° de investeringen bestemd voor de verhuur; |
5° de luchtvaartuigen, met uitzondering van de op afstand bestuurde | 5° de luchtvaartuigen, met uitzondering van de op afstand bestuurde |
luchtvaartuigen; | luchtvaartuigen; |
6° de investeringskredieten die dienen voor de terugbetaling van | 6° de investeringskredieten die dienen voor de terugbetaling van |
andere kredieten; | andere kredieten; |
7° de verwerving van aandelen van een vennootschap; | 7° de verwerving van aandelen van een vennootschap; |
8° de verwerving van handelsfondsen; | 8° de verwerving van handelsfondsen; |
9° de investeringen in tweedehandsmeubilair of -materiaal, met | 9° de investeringen in tweedehandsmeubilair of -materiaal, met |
uitzondering van de tweedehandsgoederen verworven bij een handelaar | uitzondering van de tweedehandsgoederen verworven bij een handelaar |
waarvan de activiteit betrekking heeft op de verkoop, terugwinning, | waarvan de activiteit betrekking heeft op de verkoop, terugwinning, |
herverwerking, hergebruik of recyclage van dergelijke goederen en met | herverwerking, hergebruik of recyclage van dergelijke goederen en met |
een waarborg van minimum 6 maanden. | een waarborg van minimum 6 maanden. |
10° de investeringen waarvan het bedrag per factuur minder is dan 500 | 10° de investeringen waarvan het bedrag per factuur minder is dan 500 |
euro. | euro. |
HOOFDSTUK 5. - Procedure voor de behandeling van de | HOOFDSTUK 5. - Procedure voor de behandeling van de |
steunaanvraagdossiers en de vereffening van de steun | steunaanvraagdossiers en de vereffening van de steun |
Art. 19.De begunstigde dient de steunaanvraag in bij BEW door middel |
Art. 19.De begunstigde dient de steunaanvraag in bij BEW door middel |
van een typeformulier. BEW stelt het typeformulier op en stelt het ter | van een typeformulier. BEW stelt het typeformulier op en stelt het ter |
beschikking op zijn website. Het typeformulier somt de bijlagen die de | beschikking op zijn website. Het typeformulier somt de bijlagen die de |
begunstigde voegt bij de steunaanvraag op. | begunstigde voegt bij de steunaanvraag op. |
De begeleidingsovereenkomst wordt getekend voorafgaand aan elke | De begeleidingsovereenkomst wordt getekend voorafgaand aan elke |
verbintenis die juridische verplichtingen creëert om de in aanmerking | verbintenis die juridische verplichtingen creëert om de in aanmerking |
komende uitgaven te verwezenlijken. | komende uitgaven te verwezenlijken. |
De begunstigde geeft alle andere onder de verordening of andere | De begunstigde geeft alle andere onder de verordening of andere |
de-minimisverordeningen vallende steun aan die de onderneming | de-minimisverordeningen vallende steun aan die de onderneming |
gedurende de twee voorafgaande belastingjaren en het lopende | gedurende de twee voorafgaande belastingjaren en het lopende |
belastingjaar heeft ontvangen. | belastingjaar heeft ontvangen. |
Art. 20.§ 1. Indien de steunaanvraag niet ontvankelijk is, wordt de |
Art. 20.§ 1. Indien de steunaanvraag niet ontvankelijk is, wordt de |
weigering betekend aan de begunstigde binnen de twee maanden van de | weigering betekend aan de begunstigde binnen de twee maanden van de |
ontvangst ervan. | ontvangst ervan. |
§ 2. Behalve in het geval bedoeld in § 1, richt BEW binnen twee | § 2. Behalve in het geval bedoeld in § 1, richt BEW binnen twee |
maanden van de ontvangst ervan, een ontvangstbewijs aan de | maanden van de ontvangst ervan, een ontvangstbewijs aan de |
begunstigde, waarop de referenties van het dossier en de naam van de | begunstigde, waarop de referenties van het dossier en de naam van de |
behandelende ambtenaar vermeld staan. | behandelende ambtenaar vermeld staan. |
§ 3. Indien de steunaanvraag volledig en ontvankelijk is, stuurt BEW | § 3. Indien de steunaanvraag volledig en ontvankelijk is, stuurt BEW |
de aanvraag door naar het BAOB voor advies. | de aanvraag door naar het BAOB voor advies. |
§ 4. Indien de steunaanvraag niet volledig is, somt het | § 4. Indien de steunaanvraag niet volledig is, somt het |
ontvangstbewijs de ontbrekende elementen op. | ontvangstbewijs de ontbrekende elementen op. |
De begunstigde heeft een maand vanaf de datum van het ontvangstbewijs | De begunstigde heeft een maand vanaf de datum van het ontvangstbewijs |
om zijn dossier aan te vullen. | om zijn dossier aan te vullen. |
Indien het aangevuld dossier ontvankelijk is, bevestigt BEW ontvangst | Indien het aangevuld dossier ontvankelijk is, bevestigt BEW ontvangst |
van de ontbrekende elementen binnen de maand van de ontvangst ervan en | van de ontbrekende elementen binnen de maand van de ontvangst ervan en |
stuurt de aanvraag door naar het BAOB voor advies. | stuurt de aanvraag door naar het BAOB voor advies. |
Indien het aangevuld dossier niet ontvankelijk is of de begunstigde | Indien het aangevuld dossier niet ontvankelijk is of de begunstigde |
zijn dossier niet binnen de gegeven termijn aanvult, wordt de | zijn dossier niet binnen de gegeven termijn aanvult, wordt de |
weigering betekend aan de begunstigde binnen de twee maanden van het | weigering betekend aan de begunstigde binnen de twee maanden van het |
verstrijken van de termijn. | verstrijken van de termijn. |
§ 5. Het BAOB deelt zijn advies mee aan BEW binnen de maand die volgt | § 5. Het BAOB deelt zijn advies mee aan BEW binnen de maand die volgt |
op de datum van het ontvangstbewijs bedoeld in § 3 of § 4, derde lid. | op de datum van het ontvangstbewijs bedoeld in § 3 of § 4, derde lid. |
§ 6. De toekenningsbeslissing wordt betekend aan de begunstigde binnen | § 6. De toekenningsbeslissing wordt betekend aan de begunstigde binnen |
de twee maanden van de ontvangst van het advies van het BAOB. De | de twee maanden van de ontvangst van het advies van het BAOB. De |
minister kan de beslissingstermijn verlengen indien de beschikbare | minister kan de beslissingstermijn verlengen indien de beschikbare |
begrotingskredieten uitgeput zijn. | begrotingskredieten uitgeput zijn. |
De toekenningsbeslissing legt de einddatum van het project vast, op | De toekenningsbeslissing legt de einddatum van het project vast, op |
basis van de informatie gegeven door de begunstigde en het advies van | basis van de informatie gegeven door de begunstigde en het advies van |
het BAOB. Het project loopt in elk geval ten laatste een jaar na de | het BAOB. Het project loopt in elk geval ten laatste een jaar na de |
datum van de betekening van de beslissing ten einde. | datum van de betekening van de beslissing ten einde. |
§ 7. BEW deelt de begunstigde mee dat de steun overeenkomstig de | § 7. BEW deelt de begunstigde mee dat de steun overeenkomstig de |
verordening wordt verleend. | verordening wordt verleend. |
Art. 21.De instelling die de begeleiding heeft gevoerd stelt een |
Art. 21.De instelling die de begeleiding heeft gevoerd stelt een |
evaluatieverslag betreffende de naleving van de | evaluatieverslag betreffende de naleving van de |
begeleidingsovereenkomst op aan het einde van het project. | begeleidingsovereenkomst op aan het einde van het project. |
Art. 22.§ 1. De steun bedoeld in artikel 2 wordt in één schijf |
Art. 22.§ 1. De steun bedoeld in artikel 2 wordt in één schijf |
vereffend. | vereffend. |
BEW ontvangt de vereffeningsaanvraag, het evaluatieverslag en de | BEW ontvangt de vereffeningsaanvraag, het evaluatieverslag en de |
bewijsstukken vermeld in de toekenningsbeslissing binnen de drie | bewijsstukken vermeld in de toekenningsbeslissing binnen de drie |
maanden van het einde van het project. | maanden van het einde van het project. |
§ 2. De steun bedoeld in de artikelen 5 en 8 wordt in twee schijven | § 2. De steun bedoeld in de artikelen 5 en 8 wordt in twee schijven |
vereffend: | vereffend: |
1° een voorschot van 50% van het bedrag bepaald in de | 1° een voorschot van 50% van het bedrag bepaald in de |
toekenningsbeslissing wordt vereffend na de indiening door de | toekenningsbeslissing wordt vereffend na de indiening door de |
begunstigde van de vereffeningsaanvraag van het voorschot; | begunstigde van de vereffeningsaanvraag van het voorschot; |
2° het saldo wordt vereffend na de indiening door de begunstigde van | 2° het saldo wordt vereffend na de indiening door de begunstigde van |
de vereffeningsaanvraag van het saldo, het evaluatieverslag en de | de vereffeningsaanvraag van het saldo, het evaluatieverslag en de |
bewijsstukken voor het volledige bedrag. | bewijsstukken voor het volledige bedrag. |
BEW ontvangt de vereffeningsaanvraag van het saldo, het | BEW ontvangt de vereffeningsaanvraag van het saldo, het |
evaluatieverslag en de bewijsstukken binnen de drie maanden van het | evaluatieverslag en de bewijsstukken binnen de drie maanden van het |
einde van het project. | einde van het project. |
Indien de begunstigde de vereffening van het saldo niet wenst aan te | Indien de begunstigde de vereffening van het saldo niet wenst aan te |
vragen, dient hij desalniettemin het evaluatieverslag en de | vragen, dient hij desalniettemin het evaluatieverslag en de |
bewijsstukken in binnen dezelfde termijn. | bewijsstukken in binnen dezelfde termijn. |
De begunstigde betaalt het bedrag van de steun dat hij niet staaft, | De begunstigde betaalt het bedrag van de steun dat hij niet staaft, |
terug. | terug. |
HOOFDSTUK 6. - Slotbepalingen | HOOFDSTUK 6. - Slotbepalingen |
Art. 23.Het besluit van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering van 26 |
Art. 23.Het besluit van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering van 26 |
juni 2008 betreffende de steun inzake pre-activiteit en de steun voor | juni 2008 betreffende de steun inzake pre-activiteit en de steun voor |
studies en diensten van externe consultants wordt opgeheven. | studies en diensten van externe consultants wordt opgeheven. |
Het besluit bedoeld in het eerste lid blijft evenwel van toepassing op | Het besluit bedoeld in het eerste lid blijft evenwel van toepassing op |
de aanvragen die ingediend werden voor de inwerkingtreding van dit | de aanvragen die ingediend werden voor de inwerkingtreding van dit |
besluit. | besluit. |
Art. 24.Treden in werking op 25 maart 2019: |
Art. 24.Treden in werking op 25 maart 2019: |
1° de artikelen 3 en 4 van de ordonnantie van 3 mei 2018 betreffende | 1° de artikelen 3 en 4 van de ordonnantie van 3 mei 2018 betreffende |
de steun voor de economische ontwikkeling van ondernemingen; | de steun voor de economische ontwikkeling van ondernemingen; |
2° dit besluit. | 2° dit besluit. |
Dit besluit is van toepassing op alle steunaanvragen die worden | Dit besluit is van toepassing op alle steunaanvragen die worden |
ingediend vanaf de dag van zijn inwerkingtreding. | ingediend vanaf de dag van zijn inwerkingtreding. |
Art. 25.De minister is belast met de uitvoering van dit besluit. |
Art. 25.De minister is belast met de uitvoering van dit besluit. |
Brussel, 24 januari 2019. | Brussel, 24 januari 2019. |
Voor de Brusselse Hoofdstedelijke Regering: | Voor de Brusselse Hoofdstedelijke Regering: |
De Minister-President van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering, | De Minister-President van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering, |
bevoegd voor Plaatselijke Besturen, Territoriale Ontwikkeling, | bevoegd voor Plaatselijke Besturen, Territoriale Ontwikkeling, |
Stedelijk Beleid, Monumenten en Landschappen, | Stedelijk Beleid, Monumenten en Landschappen, |
Studentenaangelegenheden, Toerisme, Openbaar Ambt, Wetenschappelijk | Studentenaangelegenheden, Toerisme, Openbaar Ambt, Wetenschappelijk |
Onderzoek en Openbare Netheid, | Onderzoek en Openbare Netheid, |
R. VERVOORT | R. VERVOORT |
De Minister van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering, bevoegd voor | De Minister van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering, bevoegd voor |
Tewerkstelling, Economie en Brandbestrijding en Dringende Medische | Tewerkstelling, Economie en Brandbestrijding en Dringende Medische |
Hulp, | Hulp, |
D. GOSUIN | D. GOSUIN |
Bijlage. - Beoogde activiteiten die uitgesloten zijn van steun voor | Bijlage. - Beoogde activiteiten die uitgesloten zijn van steun voor |
preactiviteit | preactiviteit |
Code NACE BEL 2008 | Code NACE BEL 2008 |
Description | Description |
NACE BEL 2008 Code | NACE BEL 2008 Code |
Beschrijving | Beschrijving |
B | B |
Industries extractives | Industries extractives |
B | B |
Winning van delfstoffen | Winning van delfstoffen |
Dans C : | Dans C : |
Dans industrie manufacturière : | Dans industrie manufacturière : |
In C: | In C: |
In industrie: | In industrie: |
19.100 | 19.100 |
Cokéfaction | Cokéfaction |
19.100 | 19.100 |
Vervaardiging van cokesovenproducten | Vervaardiging van cokesovenproducten |
Dans C : | Dans C : |
Dans industrie manufacturière | Dans industrie manufacturière |
In C : | In C : |
In Industrie | In Industrie |
19.100 | 19.100 |
Cokéfaction | Cokéfaction |
19.100 | 19.100 |
Vervaardiging van cokesovenproducten | Vervaardiging van cokesovenproducten |
20.600 | 20.600 |
Fabrication de fibres artificielles ou synthétiques | Fabrication de fibres artificielles ou synthétiques |
20.600 | 20.600 |
Vervaardiging van synthetische en kunstmatige vezels | Vervaardiging van synthetische en kunstmatige vezels |
24.100 | 24.100 |
Sidérurgie | Sidérurgie |
24.100 | 24.100 |
Vervaardiging van ijzer en staal en van ferrolegeringen | Vervaardiging van ijzer en staal en van ferrolegeringen |
301 | 301 |
Construction navale | Construction navale |
301 | 301 |
Scheepsbouw | Scheepsbouw |
33.150 | 33.150 |
Réparation et maintenance navale | Réparation et maintenance navale |
33.150 | 33.150 |
Reparatie en onderhoud van schepen | Reparatie en onderhoud van schepen |
Dans G : | Dans G : |
Dans commerce de gros et de détail ; réparation de véhicules | Dans commerce de gros et de détail ; réparation de véhicules |
automobiles et de motocycles : | automobiles et de motocycles : |
In G: | In G: |
In groot- en detailhandel; reparatie van auto's en motorfietsen: | In groot- en detailhandel; reparatie van auto's en motorfietsen: |
47.730 | 47.730 |
Commerce de détail de produits pharmaceutiques en magasin spécialisé | Commerce de détail de produits pharmaceutiques en magasin spécialisé |
47.730 | 47.730 |
Apotheken | Apotheken |
Dans H : | Dans H : |
Dans transports et entreposage : | Dans transports et entreposage : |
In H: | In H: |
In vervoer en opslag: | In vervoer en opslag: |
49.410 | 49.410 |
Transports routiers de fret, sauf services de déménagement | Transports routiers de fret, sauf services de déménagement |
49.410 | 49.410 |
Goederenvervoer over de weg, m.u.v. verhuisbedrijven | Goederenvervoer over de weg, m.u.v. verhuisbedrijven |
Dans M : | Dans M : |
Dans activités spécialisées, scientifiques et techniques : | Dans activités spécialisées, scientifiques et techniques : |
In M: | In M: |
In vrije beroepen en wetenschappelijke en technische activiteiten: | In vrije beroepen en wetenschappelijke en technische activiteiten: |
69.101 | 69.101 |
Activités des avocats | Activités des avocats |
69.101 | 69.101 |
Activiteiten van advocaten | Activiteiten van advocaten |
69.102 | 69.102 |
Activités des notaires | Activités des notaires |
69.102 | 69.102 |
Activiteiten van notarissen | Activiteiten van notarissen |
69.103 | 69.103 |
Activités des huissiers de justice | Activités des huissiers de justice |
69.103 | 69.103 |
Activiteiten van deurwaarders | Activiteiten van deurwaarders |
71.111 | 71.111 |
Activités d'architecture de construction | Activités d'architecture de construction |
71.111 | 71.111 |
Bouwarchitecten | Bouwarchitecten |
O | O |
Administration publique et défense ; sécurité sociale obligatoire | Administration publique et défense ; sécurité sociale obligatoire |
O | O |
Openbaar bestuur en defensie; verplichte sociale verzekeringen | Openbaar bestuur en defensie; verplichte sociale verzekeringen |
P | P |
Enseignement | Enseignement |
P | P |
Onderwijs | Onderwijs |
Q, à l'exception de : | Q, à l'exception de : |
Santé humaine et action sociale, à l'exception de : | Santé humaine et action sociale, à l'exception de : |
Q, uitgezonderd: | Q, uitgezonderd: |
Menselijke gezondheidszorg en maatschappelijke dienstverlening, | Menselijke gezondheidszorg en maatschappelijke dienstverlening, |
uitgezonderd: | uitgezonderd: |
88.104 | 88.104 |
Activités des centres de jour pour adultes avec un handicap moteur, y | Activités des centres de jour pour adultes avec un handicap moteur, y |
compris les services ambulatoires | compris les services ambulatoires |
88.104 | 88.104 |
Activiteiten van dagcentra voor volwassenen met een lichamelijke | Activiteiten van dagcentra voor volwassenen met een lichamelijke |
handicap, met inbegrip van ambulante hulpverlening | handicap, met inbegrip van ambulante hulpverlening |
88.109 | 88.109 |
Autre action sociale sans hébergement pour personnes âgées et pour | Autre action sociale sans hébergement pour personnes âgées et pour |
personnes avec un handicap moteur | personnes avec un handicap moteur |
88.109 | 88.109 |
Overige maatschappelijke dienstverlening zonder huisvesting voor | Overige maatschappelijke dienstverlening zonder huisvesting voor |
ouderen en lichamelijk gehandicapten | ouderen en lichamelijk gehandicapten |
8891 | 8891 |
Action sociale sans hébergement pour jeunes enfants | Action sociale sans hébergement pour jeunes enfants |
8891 | 8891 |
Kinderopvang | Kinderopvang |
88.992 | 88.992 |
Activités des centres de jour pour adultes avec un handicap mental, y | Activités des centres de jour pour adultes avec un handicap mental, y |
compris les services ambulatoires | compris les services ambulatoires |
88.992 | 88.992 |
Activiteiten van dagcentra voor volwassenen met een mentale handicap, | Activiteiten van dagcentra voor volwassenen met een mentale handicap, |
met inbegrip van ambulante hulpverlening | met inbegrip van ambulante hulpverlening |
88.995 | 88.995 |
Activités des entreprises de travail adapté et de services de | Activités des entreprises de travail adapté et de services de |
proximité | proximité |
88.995 | 88.995 |
Beschutte en sociale werkplaatsen en buurt- en nabijheidsdiensten | Beschutte en sociale werkplaatsen en buurt- en nabijheidsdiensten |
Dans S : | Dans S : |
Dans autres activités de services : | Dans autres activités de services : |
In S: | In S: |
In overige diensten: | In overige diensten: |
94 | 94 |
Activités des organisations associatives | Activités des organisations associatives |
94 | 94 |
Verenigingen | Verenigingen |
T | T |
Activités des ménages en tant qu'employeurs ; activités | Activités des ménages en tant qu'employeurs ; activités |
indifférenciées des ménages en tant que producteurs de biens et | indifférenciées des ménages en tant que producteurs de biens et |
services pour usage propre | services pour usage propre |
T | T |
Huishoudens als werkgever; niet-gedifferentieerde productie van | Huishoudens als werkgever; niet-gedifferentieerde productie van |
goederen en diensten door huishoudens voor eigen gebruik | goederen en diensten door huishoudens voor eigen gebruik |
U | U |
Activités des organismes extra-territoriaux | Activités des organismes extra-territoriaux |
U | U |
Extraterritoriale organisaties en lichamen | Extraterritoriale organisaties en lichamen |
Gezien om gevoegd te worden bij het besluit van de Brusselse | Gezien om gevoegd te worden bij het besluit van de Brusselse |
Hoofdstedelijke Regering van 24 januari 2019 betreffende de steun voor | Hoofdstedelijke Regering van 24 januari 2019 betreffende de steun voor |
preactiviteit, | preactiviteit, |
Brussel, 24 januari 2019. | Brussel, 24 januari 2019. |
Voor de Brusselse Hoofdstedelijke Regering: | Voor de Brusselse Hoofdstedelijke Regering: |
De Minister-President van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering, | De Minister-President van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering, |
bevoegd voor Plaatselijke Besturen, Territoriale Ontwikkeling, | bevoegd voor Plaatselijke Besturen, Territoriale Ontwikkeling, |
Stedelijk Beleid, Monumenten en Landschappen, | Stedelijk Beleid, Monumenten en Landschappen, |
Studentenaangelegenheden, Toerisme, Openbaar Ambt, Wetenschappelijk | Studentenaangelegenheden, Toerisme, Openbaar Ambt, Wetenschappelijk |
Onderzoek en Openbare Netheid, | Onderzoek en Openbare Netheid, |
R. VERVOORT | R. VERVOORT |
De Minister van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering, bevoegd voor | De Minister van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering, bevoegd voor |
Tewerkstelling, Economie en Brandbestrijding en Dringende Medische | Tewerkstelling, Economie en Brandbestrijding en Dringende Medische |
Hulp, | Hulp, |
D. GOSUIN | D. GOSUIN |