Besluit van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering betreffende het Adviescomité opgericht bij de Maatschappij voor het Intercommunaal Vervoer te Brussel | Besluit van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering betreffende het Adviescomité opgericht bij de Maatschappij voor het Intercommunaal Vervoer te Brussel |
---|---|
MINISTERIE VAN HET BRUSSELS HOOFDSTEDELIJK GEWEST | MINISTERIE VAN HET BRUSSELS HOOFDSTEDELIJK GEWEST |
5 FEBRUARI 2004. - Besluit van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering | 5 FEBRUARI 2004. - Besluit van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering |
betreffende het Adviescomité opgericht bij de Maatschappij voor het | betreffende het Adviescomité opgericht bij de Maatschappij voor het |
Intercommunaal Vervoer te Brussel | Intercommunaal Vervoer te Brussel |
De Brusselse Hoofdstedelijke Regering, | De Brusselse Hoofdstedelijke Regering, |
Gelet op de ordonnantie van 22 november 1990 betreffende de | Gelet op de ordonnantie van 22 november 1990 betreffende de |
organisatie van het openbaar vervoer in het Brussels Hoofdstedelijk | organisatie van het openbaar vervoer in het Brussels Hoofdstedelijk |
Gewest, inzonderheid op artikel 20; | Gewest, inzonderheid op artikel 20; |
Gelet op de ordonnantie van 5 juli 2001 tot wijziging van de | Gelet op de ordonnantie van 5 juli 2001 tot wijziging van de |
ordonnantie van 27 april 1995 houdende de invoering van een | ordonnantie van 27 april 1995 houdende de invoering van een |
evenwichtige vertegenwoordiging van mannen en vrouwen in | evenwichtige vertegenwoordiging van mannen en vrouwen in |
adviesorganen; | adviesorganen; |
Gelet op het Algemeen Bestek waaraan de Maatschappij voor het | Gelet op het Algemeen Bestek waaraan de Maatschappij voor het |
Intercommunaal Vervoer te Brussel is onderworpen, zoals dit werd | Intercommunaal Vervoer te Brussel is onderworpen, zoals dit werd |
bepaald door de Brusselse Hoofdstedelijke Executieve op 6 december | bepaald door de Brusselse Hoofdstedelijke Executieve op 6 december |
1990, inzonderheid op artikel 21; | 1990, inzonderheid op artikel 21; |
Gelet op het besluit van de Brusselse Hoofdstedelijke Executieve van | Gelet op het besluit van de Brusselse Hoofdstedelijke Executieve van |
30 augustus 1991 betreffende de Bemiddelingsdienst opgericht bij de | 30 augustus 1991 betreffende de Bemiddelingsdienst opgericht bij de |
Maatschappij voor het Intercommunaal Vervoer te Brussel; | Maatschappij voor het Intercommunaal Vervoer te Brussel; |
Gelet op de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari | Gelet op de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari |
1973, inzonderheid op artikel 3, § 1, gewijzigd door het enig artikel | 1973, inzonderheid op artikel 3, § 1, gewijzigd door het enig artikel |
van de wet van 4 juli 1989; | van de wet van 4 juli 1989; |
Gelet op de hoogdringendheid, gezien de nood tot hervorming van het | Gelet op de hoogdringendheid, gezien de nood tot hervorming van het |
Adviescomité waarvan de samenstelling en het reglement niet meer | Adviescomité waarvan de samenstelling en het reglement niet meer |
aangepast zijn aan de huidige behoeften, alhoewel bij hoogdringendheid | aangepast zijn aan de huidige behoeften, alhoewel bij hoogdringendheid |
dient te worden voorzien in de vervanging van de leden van het | dient te worden voorzien in de vervanging van de leden van het |
Adviescomité aangezien de mandaten van het Adviescomité zijn | Adviescomité aangezien de mandaten van het Adviescomité zijn |
verstreken; | verstreken; |
Overwegende dat de omstandigheden van de werking van de Maatschappij | Overwegende dat de omstandigheden van de werking van de Maatschappij |
voor het Intercommunaal Vervoer te Brussel en van de dienstverlening | voor het Intercommunaal Vervoer te Brussel en van de dienstverlening |
aan de klanten optimaal moeten worden gemaakt, zowel in het belang van | aan de klanten optimaal moeten worden gemaakt, zowel in het belang van |
de Maatschappij als van de groepen die de gebruikers of de mogelijke | de Maatschappij als van de groepen die de gebruikers of de mogelijke |
klanten vertegenwoordigen en zich uitspreken over het openbaar vervoer | klanten vertegenwoordigen en zich uitspreken over het openbaar vervoer |
te Brussel; | te Brussel; |
Overwegende dat de opdracht, de samenstelling en de werking dient te | Overwegende dat de opdracht, de samenstelling en de werking dient te |
worden aangepast teneinde de betrokkenheid van de gebruikers via | worden aangepast teneinde de betrokkenheid van de gebruikers via |
adviesverlening bij het beleid van de M.I.V.B. te verhogen; | adviesverlening bij het beleid van de M.I.V.B. te verhogen; |
Gelet op het advies van de Inspectie van Financiën; | Gelet op het advies van de Inspectie van Financiën; |
Op de voordracht van de Minister van Openbare Werken en Vervoer; | Op de voordracht van de Minister van Openbare Werken en Vervoer; |
Na beraadslaging, | Na beraadslaging, |
Besluit : | Besluit : |
HOOFDSTUK I. - Opdracht van het Adviescomité | HOOFDSTUK I. - Opdracht van het Adviescomité |
Artikel 1.Het Adviescomité is een overlegforum tussen de M.I.V.B. en |
Artikel 1.Het Adviescomité is een overlegforum tussen de M.I.V.B. en |
haar gebruikers. Overeenkomstig artikel 20 van de ordonnantie brengt | haar gebruikers. Overeenkomstig artikel 20 van de ordonnantie brengt |
het Adviescomité adviezen uit over alle aspecten van de | het Adviescomité adviezen uit over alle aspecten van de |
dienstverlening die door de M.I.V.B. wordt verleend. | dienstverlening die door de M.I.V.B. wordt verleend. |
HOOFDSTUK II. - Samenstelling van het Adviescomité | HOOFDSTUK II. - Samenstelling van het Adviescomité |
Art. 2.Het Adviescomité is, de ombudsman niet in aanmerking genomen, |
Art. 2.Het Adviescomité is, de ombudsman niet in aanmerking genomen, |
paritair samengesteld tussen, enerzijds, de leden die de gebruikers | paritair samengesteld tussen, enerzijds, de leden die de gebruikers |
vertegenwoordigen en, anderzijds, de leden die deel uitmaken van de | vertegenwoordigen en, anderzijds, de leden die deel uitmaken van de |
M.I.V.B. | M.I.V.B. |
Art. 3.Het Adviescomité bestaat uit 25 leden, ingedeeld als volgt : |
Art. 3.Het Adviescomité bestaat uit 25 leden, ingedeeld als volgt : |
- drie leden aangeduid op voorstel van de meest representatieve | - drie leden aangeduid op voorstel van de meest representatieve |
vakbondsorganisaties : | vakbondsorganisaties : |
- de Brusselse Intergewestelijke van het Algemeen Belgisch Vakverbond | - de Brusselse Intergewestelijke van het Algemeen Belgisch Vakverbond |
(ABVV); | (ABVV); |
- het Algemeen Christelijk Vakverbond (ACV-verbond Brussel); | - het Algemeen Christelijk Vakverbond (ACV-verbond Brussel); |
- de Algemene Centrale der Liberale Vakbonden van België (ACLVB); | - de Algemene Centrale der Liberale Vakbonden van België (ACLVB); |
- drie leden aangeduid op voorstel van de verenigingen die de | - drie leden aangeduid op voorstel van de verenigingen die de |
economische middens vertegenwoordigen : | economische middens vertegenwoordigen : |
- de Kamer voor Handel en Nijverheid van Brussel (KHNB); | - de Kamer voor Handel en Nijverheid van Brussel (KHNB); |
- het Verbond van Ondernemingen te Brussel (VOB); | - het Verbond van Ondernemingen te Brussel (VOB); |
- één afgevaardigde aangeduid op voorstel van de representatieve | - één afgevaardigde aangeduid op voorstel van de representatieve |
middenstandsorganisaties vertegenwoordigd in de Economische en Sociale | middenstandsorganisaties vertegenwoordigd in de Economische en Sociale |
Raad voor het Brussels Hoofdstedelijk Gewest; | Raad voor het Brussels Hoofdstedelijk Gewest; |
- drie leden die de belangen van de gebruikersverenigingen verdedigen, | - drie leden die de belangen van de gebruikersverenigingen verdedigen, |
aangeduid op voordracht van : | aangeduid op voordracht van : |
- NOMO (Association de Personnes non motorisées) | - NOMO (Association de Personnes non motorisées) |
- GEBOV (Gebruikers van het Brussels Openbaar Vervoer); | - GEBOV (Gebruikers van het Brussels Openbaar Vervoer); |
- een vereniging die de belangen van personen met beperkte mobiliteit | - een vereniging die de belangen van personen met beperkte mobiliteit |
vertegenwoordigen; | vertegenwoordigen; |
- drie leden die de belangen van de inwoners, de gezinnen en de zwakke | - drie leden die de belangen van de inwoners, de gezinnen en de zwakke |
weggebruiker vertegenwoordigen : | weggebruiker vertegenwoordigen : |
- één afgevaardigde op voordracht van de vereniging IEB (Inter | - één afgevaardigde op voordracht van de vereniging IEB (Inter |
Environnement Bruxelles); | Environnement Bruxelles); |
- één afgevaardigde op voordracht van de vereniging BRAL (Brusselse | - één afgevaardigde op voordracht van de vereniging BRAL (Brusselse |
Raad voor het Leefmilieu); | Raad voor het Leefmilieu); |
- één afgevaardigde op voordracht van de verenigingen « Lique des | - één afgevaardigde op voordracht van de verenigingen « Lique des |
Familles » en de Bond van Grote en Jonge gezinnen; | Familles » en de Bond van Grote en Jonge gezinnen; |
- 12 leden die de M.I.V.B. vertegenwoordigen : | - 12 leden die de M.I.V.B. vertegenwoordigen : |
- de bestuurder-directeur-generaal van de M.I.V.B.; | - de bestuurder-directeur-generaal van de M.I.V.B.; |
- de adjunct-directeur-generaal; | - de adjunct-directeur-generaal; |
- de overige leden van het Beheerscomité van de M.I.V.B; | - de overige leden van het Beheerscomité van de M.I.V.B; |
- de directeur Cliëntenstrategie; | - de directeur Cliëntenstrategie; |
- de directeur algemene en strategische Studies; | - de directeur algemene en strategische Studies; |
- de verantwoordelijke van de Ontwikkeling van het Net en Relaties met | - de verantwoordelijke van de Ontwikkeling van het Net en Relaties met |
de Plaatselijke Besturen; | de Plaatselijke Besturen; |
- twee andere directeurs aangeduid door de algemene directie van de | - twee andere directeurs aangeduid door de algemene directie van de |
M.I.V.B.. | M.I.V.B.. |
De ombudsman van de M.I.V.B. maakt eveneens deel uit van het | De ombudsman van de M.I.V.B. maakt eveneens deel uit van het |
Adviescomité. | Adviescomité. |
De leden die de gebruikers vertegenwoordigen hebben ieder een | De leden die de gebruikers vertegenwoordigen hebben ieder een |
plaatsvervanger aan wie hij de uitnodiging doorgeeft indien hij niet | plaatsvervanger aan wie hij de uitnodiging doorgeeft indien hij niet |
naar de vergadering kan gaan waarvoor hij werd opgeroepen. | naar de vergadering kan gaan waarvoor hij werd opgeroepen. |
Art. 4.De leden die de gebruikers vertegenwoordigen en hun |
Art. 4.De leden die de gebruikers vertegenwoordigen en hun |
plaatsvervangers worden benoemd op voordracht van de voornoemde | plaatsvervangers worden benoemd op voordracht van de voornoemde |
organisaties door de Regering voor een hernieuwbare termijn van vijf | organisaties door de Regering voor een hernieuwbare termijn van vijf |
jaar. | jaar. |
De organisaties dragen hun kandidaten voor door middel van een dubbele | De organisaties dragen hun kandidaten voor door middel van een dubbele |
lijst, waarbij ze aanduiden welke de kandidaat van hun voorkeur is. | lijst, waarbij ze aanduiden welke de kandidaat van hun voorkeur is. |
Art. 5.Twee derden van de leden van het Adviescomité moeten behoren |
Art. 5.Twee derden van de leden van het Adviescomité moeten behoren |
tot de taalrol met de hoogste getalsterkte, een derde tot de taalrol | tot de taalrol met de hoogste getalsterkte, een derde tot de taalrol |
met de laagste getalsterkte. | met de laagste getalsterkte. |
Art. 6.Het voorzitterschap wordt waargenomen door de voorzitter van |
Art. 6.Het voorzitterschap wordt waargenomen door de voorzitter van |
het beheerscomité van de M.I.V.B. of in geval van zijn afwezigheid of | het beheerscomité van de M.I.V.B. of in geval van zijn afwezigheid of |
verhindering door de ondervoorzitter. | verhindering door de ondervoorzitter. |
HOOFDSTUK III. - Werking van het Adviescomité | HOOFDSTUK III. - Werking van het Adviescomité |
Art. 7.Het Adviescomité vergadert minstens 5 keer per jaar. |
Art. 7.Het Adviescomité vergadert minstens 5 keer per jaar. |
De Voorzitter is gehouden het Adviescomité vijftien kalenderdagen vóór | De Voorzitter is gehouden het Adviescomité vijftien kalenderdagen vóór |
de datum van de vergadering bijeen te roepen. | de datum van de vergadering bijeen te roepen. |
Op verzoek van ten minste één vierde van haar leden moet elk onderwerp | Op verzoek van ten minste één vierde van haar leden moet elk onderwerp |
dat tot de bevoegdheid van het Adviescomité behoort, op de agenda | dat tot de bevoegdheid van het Adviescomité behoort, op de agenda |
worden toegevoegd. | worden toegevoegd. |
Art. 8.De adviezen van het Adviescomité worden uitgebracht door de |
Art. 8.De adviezen van het Adviescomité worden uitgebracht door de |
vergadering van de leden met volstrekte meerderheid van stemmen, voor | vergadering van de leden met volstrekte meerderheid van stemmen, voor |
zover tenminste de helft van de leden aanwezig is. | zover tenminste de helft van de leden aanwezig is. |
Zijn deze voorwaarden niet vervuld, dan wordt het Adviescomité binnen | Zijn deze voorwaarden niet vervuld, dan wordt het Adviescomité binnen |
de acht dagen opnieuw samengeroepen met dezelfde agenda en kan zij | de acht dagen opnieuw samengeroepen met dezelfde agenda en kan zij |
geldig beslissen, ongeacht het aantal aanwezige leden. | geldig beslissen, ongeacht het aantal aanwezige leden. |
Art. 9.De adviezen van het Adviescomité worden binnen een termijn van |
Art. 9.De adviezen van het Adviescomité worden binnen een termijn van |
vijf werkdagen gestuurd naar de Minister van Vervoer. | vijf werkdagen gestuurd naar de Minister van Vervoer. |
Art. 10.Het secretariaat van het Adviescomité wordt door de M.I.V.B. |
Art. 10.Het secretariaat van het Adviescomité wordt door de M.I.V.B. |
waargenomen. Het Adviescomité vergadert ten zetel van de M.I.V.B.. | waargenomen. Het Adviescomité vergadert ten zetel van de M.I.V.B.. |
Art. 11.Het Adviescomité stelt zijn huishoudelijk reglement op en |
Art. 11.Het Adviescomité stelt zijn huishoudelijk reglement op en |
legt het ter goedkeuring voor aan de Regering. | legt het ter goedkeuring voor aan de Regering. |
Dit reglement bepaalt de werking van het Adviescomité, onder meer de | Dit reglement bepaalt de werking van het Adviescomité, onder meer de |
wijze van samenroeping, besluitname, enz. | wijze van samenroeping, besluitname, enz. |
Het reglement dient enerzijds uit te gaan van de kenmerken van het | Het reglement dient enerzijds uit te gaan van de kenmerken van het |
comité, als overlegforum dat paritair is samengesteld uit | comité, als overlegforum dat paritair is samengesteld uit |
vertegenwoordigers van de gebruikersverenigingen en de M.I.V.B. zelf. | vertegenwoordigers van de gebruikersverenigingen en de M.I.V.B. zelf. |
Anderzijds dient het reglement evenzeer te beantwoorden aan de | Anderzijds dient het reglement evenzeer te beantwoorden aan de |
doelstelling van het adviescomité om op basis van het overleg met de | doelstelling van het adviescomité om op basis van het overleg met de |
gebruikersorganisaties advies te verlenen over alle aspecten van de | gebruikersorganisaties advies te verlenen over alle aspecten van de |
dienstverlening die door de M.I.V.B. worden verleend. | dienstverlening die door de M.I.V.B. worden verleend. |
Dit houdt onder meer in dat de adviezen de standpunten weergeven van | Dit houdt onder meer in dat de adviezen de standpunten weergeven van |
de gebruikersverenigingen, de reactie van de M.I.V.B., alsook de | de gebruikersverenigingen, de reactie van de M.I.V.B., alsook de |
eventuele conclusies die beide met elkaar delen. | eventuele conclusies die beide met elkaar delen. |
Art. 12.Aan de leden van het Adviescomité wordt op hun verzoek een |
Art. 12.Aan de leden van het Adviescomité wordt op hun verzoek een |
vrijkaart voor het ganse M.I.V.B.-net toegekend. | vrijkaart voor het ganse M.I.V.B.-net toegekend. |
Art. 13.De werkingskosten van het Adviescomité vallen ten laste van |
Art. 13.De werkingskosten van het Adviescomité vallen ten laste van |
de begroting van de M.I.V.B. | de begroting van de M.I.V.B. |
HOOFDSTUK IV. - Diverse bepalingen | HOOFDSTUK IV. - Diverse bepalingen |
Art. 14.Elk jaar stelt het Adviescomité een verslag op over zijn |
Art. 14.Elk jaar stelt het Adviescomité een verslag op over zijn |
activiteiten. | activiteiten. |
Het verslag wordt door het Adviescomité medegedeeld aan de Raad van | Het verslag wordt door het Adviescomité medegedeeld aan de Raad van |
Bestuur van de Maatschappij, alsook aan de Minister van Vervoer. | Bestuur van de Maatschappij, alsook aan de Minister van Vervoer. |
Art. 15.Dit besluit treedt in werking op de dag van de bekendmaking |
Art. 15.Dit besluit treedt in werking op de dag van de bekendmaking |
ervan in het Belgisch Staatsblad. | ervan in het Belgisch Staatsblad. |
Brussel, 5 februari 2004. | Brussel, 5 februari 2004. |
Voor de Brusselse Hoofdstedelijke Regering : | Voor de Brusselse Hoofdstedelijke Regering : |
De Minister-Voorzitter van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering | De Minister-Voorzitter van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering |
belast met Plaatselijke Besturen, Ruimtelijke Ordening, Monumenten en | belast met Plaatselijke Besturen, Ruimtelijke Ordening, Monumenten en |
Landschappen, Stadsvernieuwing en Wetenschappelijk Onderzoek, | Landschappen, Stadsvernieuwing en Wetenschappelijk Onderzoek, |
D. DUCARME | D. DUCARME |
De Minister van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering bevoegd voor | De Minister van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering bevoegd voor |
Openbare Werken, vervoer, Brandbestrijding en Dringende Medische Hulp, | Openbare Werken, vervoer, Brandbestrijding en Dringende Medische Hulp, |
J. CHABERT | J. CHABERT |