Etaamb.openjustice.be
Meertalige weergave van Besluit Van De Regering Van De Franse Gemeenschap van 04/07/2002
← Terug naar "Besluit van de Regering van de Franse Gemeenschap tot vaststelling van de vereiste lichamelijke geschiktheid van de leden van het onderwijzend personeel van de hogere kunstscholen georganiseerd of gesubsidieerd door de Franse Gemeenschap "
Besluit van de Regering van de Franse Gemeenschap tot vaststelling van de vereiste lichamelijke geschiktheid van de leden van het onderwijzend personeel van de hogere kunstscholen georganiseerd of gesubsidieerd door de Franse Gemeenschap Besluit van de Regering van de Franse Gemeenschap tot vaststelling van de vereiste lichamelijke geschiktheid van de leden van het onderwijzend personeel van de hogere kunstscholen georganiseerd of gesubsidieerd door de Franse Gemeenschap
MINISTERIE VAN DE FRANSE GEMEENSCHAP MINISTERIE VAN DE FRANSE GEMEENSCHAP
4 JULI 2002. - Besluit van de Regering van de Franse Gemeenschap tot 4 JULI 2002. - Besluit van de Regering van de Franse Gemeenschap tot
vaststelling van de vereiste lichamelijke geschiktheid van de leden vaststelling van de vereiste lichamelijke geschiktheid van de leden
van het onderwijzend personeel van de hogere kunstscholen van het onderwijzend personeel van de hogere kunstscholen
georganiseerd of gesubsidieerd door de Franse Gemeenschap georganiseerd of gesubsidieerd door de Franse Gemeenschap
De Regering van de Franse Gemeenschap, De Regering van de Franse Gemeenschap,
Gelet op het decreet van 20 december 2001 tot vaststelling van de Gelet op het decreet van 20 december 2001 tot vaststelling van de
regels die specifiek zijn voor het hoger kunstonderwijs georganiseerd regels die specifiek zijn voor het hoger kunstonderwijs georganiseerd
in de hogere kunstscholen (organisatie, financiering, omkadering, in de hogere kunstscholen (organisatie, financiering, omkadering,
statuut van het personeel, rechten en plichten van de studenten), statuut van het personeel, rechten en plichten van de studenten),
inzonderheid op de artikelen 109, lid 1, 4°, b , 234, § 1, 4°, b en inzonderheid op de artikelen 109, lid 1, 4°, b , 234, § 1, 4°, b en
364, § 1, 4°, b ; 364, § 1, 4°, b ;
Gelet op het advies van de Inspectie van Financiën, gegeven op 25 Gelet op het advies van de Inspectie van Financiën, gegeven op 25
februari 2002; februari 2002;
Gelet op het akkoord van de Minister van Begroting, gegeven op 7 maart Gelet op het akkoord van de Minister van Begroting, gegeven op 7 maart
2002; 2002;
Gelet op het onderhandelingsprotocol van 26 oktober 2002 van het Gelet op het onderhandelingsprotocol van 26 oktober 2002 van het
Sectorcomité IX en het Comité voor de provinciale en plaatselijke Sectorcomité IX en het Comité voor de provinciale en plaatselijke
overheidsdiensten, Sectie II, in gezamenlijke bijeenkomst; overheidsdiensten, Sectie II, in gezamenlijke bijeenkomst;
Gelet op de beraadslaging van de Regering van de Franse Gemeenschap Gelet op de beraadslaging van de Regering van de Franse Gemeenschap
betreffende de vraag om advies te geven door de Raad van State binnen betreffende de vraag om advies te geven door de Raad van State binnen
een termijn van hoogstens één maand; een termijn van hoogstens één maand;
Gelet op het advies nr. 33.547/2 van de Raad van State, gegeven op 12 Gelet op het advies nr. 33.547/2 van de Raad van State, gegeven op 12
juni 2002 bij toepassing van artikel 84, lid 1,1° van de juni 2002 bij toepassing van artikel 84, lid 1,1° van de
gecoördineerde wetten op de Raad van State; gecoördineerde wetten op de Raad van State;
Op de voordracht van de Minister belast met de Ambtenarenzaken en van Op de voordracht van de Minister belast met de Ambtenarenzaken en van
de Minister belast met het Hoger Onderwijs; de Minister belast met het Hoger Onderwijs;
Na beraadslaging van de Regering van de Franse Gemeenschap van 4 juli Na beraadslaging van de Regering van de Franse Gemeenschap van 4 juli
2002, 2002,
Besluit : Besluit :
HOOFDSTUK I. - Algemene bepalingen HOOFDSTUK I. - Algemene bepalingen

Artikel 1.Alvorens aangesteld of aangeworven te worden als tijdelijke

Artikel 1.Alvorens aangesteld of aangeworven te worden als tijdelijke

voor onbepaalde tijd in een hogere kunstschool georganiseerd of voor onbepaalde tijd in een hogere kunstschool georganiseerd of
gesubsidieerd door de Franse Gemeenschap, is iedereen verplicht een gesubsidieerd door de Franse Gemeenschap, is iedereen verplicht een
medisch onderzoek georganiseerd door de administratieve medisch onderzoek georganiseerd door de administratieve
gezondheidsdienst te ondergaan. gezondheidsdienst te ondergaan.
HOOFDSTUK II. - Voorwaarden en wijzen van toelaatbaarheid HOOFDSTUK II. - Voorwaarden en wijzen van toelaatbaarheid

Art. 2.Onverminderd de bijzondere bepalingen bepaald ter uitvoering

Art. 2.Onverminderd de bijzondere bepalingen bepaald ter uitvoering

van de wet van 27 mei 1947, voldoet de kandidaat die lijdt aan een van de wet van 27 mei 1947, voldoet de kandidaat die lijdt aan een
gebrekkigheid of een gestabiliseerde aandoening die onverenigbaar is gebrekkigheid of een gestabiliseerde aandoening die onverenigbaar is
met de normale uitoefening van het te begeven ambt, niet aan het met de normale uitoefening van het te begeven ambt, niet aan het
medisch onderzoek. medisch onderzoek.

Art. 3.Indien de administratieve gezondheidsdienst zich niet met

Art. 3.Indien de administratieve gezondheidsdienst zich niet met

zekerheid heeft kunnen uitspreken over de lichamelijke geschiktheid zekerheid heeft kunnen uitspreken over de lichamelijke geschiktheid
van de kandidaat, kan deze toelaatbaar onder voorbehoud verklaard van de kandidaat, kan deze toelaatbaar onder voorbehoud verklaard
worden. Hij kan als tijdelijke voor onbepaalde tijd aangesteld en in worden. Hij kan als tijdelijke voor onbepaalde tijd aangesteld en in
vast verband benoemd worden. Uit het oogpunt van de lichamelijke vast verband benoemd worden. Uit het oogpunt van de lichamelijke
geschiktheid, wordt hij onder voorbehoud toegelaten. geschiktheid, wordt hij onder voorbehoud toegelaten.

Art. 4.De kandidaat, getroffen door een aandoening in volle evolutie

Art. 4.De kandidaat, getroffen door een aandoening in volle evolutie

of die terug kan komen waardoor de normale uitoefening van het te of die terug kan komen waardoor de normale uitoefening van het te
begeven ambt kan belemmerd worden, wordt voorlopig afgewezen. begeven ambt kan belemmerd worden, wordt voorlopig afgewezen.
Zodra wordt vastgesteld dat de aandoening waaraan de kandidaat Zodra wordt vastgesteld dat de aandoening waaraan de kandidaat
onderhevig is niet besmettelijk is en dat zijn indiensttreding geen onderhevig is niet besmettelijk is en dat zijn indiensttreding geen
nadeel voor zijn genezing kan betekenen noch die genezing merkelijk nadeel voor zijn genezing kan betekenen noch die genezing merkelijk
kan vertragen, kan hij toelaatbaar verklaard worden. kan vertragen, kan hij toelaatbaar verklaard worden.

Art. 5.Op het verzoek van de inrichtende macht ondergaat het bij

Art. 5.Op het verzoek van de inrichtende macht ondergaat het bij

artikel 3 bedoeld personeelslid aangesteld als tijdelijke voor artikel 3 bedoeld personeelslid aangesteld als tijdelijke voor
onbepaalde tijd of in vast verband benoemd, ten minste om de zes onbepaalde tijd of in vast verband benoemd, ten minste om de zes
maanden een nieuw onderzoek. De administratieve gezondheidsdienst kan maanden een nieuw onderzoek. De administratieve gezondheidsdienst kan
hem op kortere termijn oproepen om een dergelijk onderzoek te hem op kortere termijn oproepen om een dergelijk onderzoek te
ondergaan. ondergaan.

Art. 6.Op het verzoek van de inrichtende macht, wordt de voorlopig

Art. 6.Op het verzoek van de inrichtende macht, wordt de voorlopig

afgewezen kandidaat opnieuw onderzocht bij het verstrijken van de door afgewezen kandidaat opnieuw onderzocht bij het verstrijken van de door
de administratieve gezondheidsdienst bepaalde termijn. de administratieve gezondheidsdienst bepaalde termijn.
Na verloop van ten minste zes maanden sedert het voorgaand onderzoek, Na verloop van ten minste zes maanden sedert het voorgaand onderzoek,
kan de voorlopig afgewezen kandidaat op eigen initiatief via zijn kan de voorlopig afgewezen kandidaat op eigen initiatief via zijn
inrichtende macht vragen om een nieuw onderzoek te ondergaan. inrichtende macht vragen om een nieuw onderzoek te ondergaan.

Art. 7.De totale duur van de voorlopige afwijzing of van de toelating

Art. 7.De totale duur van de voorlopige afwijzing of van de toelating

onder voorbehoud mag niet langer dan vijf jaar zijn te rekenen vanaf onder voorbehoud mag niet langer dan vijf jaar zijn te rekenen vanaf
de dag van het eerste medisch onderzoek. de dag van het eerste medisch onderzoek.

Art. 8.Wanneer bij het verstrijken van de periode van vijf jaar

Art. 8.Wanneer bij het verstrijken van de periode van vijf jaar

bedoeld bij artikel 7, het personeelslid of de kandidaat door de bedoeld bij artikel 7, het personeelslid of de kandidaat door de
administratieve gezondheidsdienst niet definitief ongeschikt werd administratieve gezondheidsdienst niet definitief ongeschikt werd
verklaard, wordt hij beschouwd als beschikkende over de vereiste verklaard, wordt hij beschouwd als beschikkende over de vereiste
lichamelijke geschiktheid. lichamelijke geschiktheid.
Wanneer tijdens of bij het verstrijken van de periode van vijf jaar Wanneer tijdens of bij het verstrijken van de periode van vijf jaar
bedoeld bij artikel 7, het personeelslid aangesteld als tijdelijke bedoeld bij artikel 7, het personeelslid aangesteld als tijdelijke
voor onbepaalde tijd of in vast verband benoemd, toegelaten onder voor onbepaalde tijd of in vast verband benoemd, toegelaten onder
voorbehoud overeenkomstig artikel 3, door de administratieve voorbehoud overeenkomstig artikel 3, door de administratieve
gezondheidsdienst definitief ongeschikt wordt verklaard, wordt het van gezondheidsdienst definitief ongeschikt wordt verklaard, wordt het van
rechtswege ontslagen. rechtswege ontslagen.
HOOFDSTUK III. - Medische onderzoeken HOOFDSTUK III. - Medische onderzoeken

Art. 9.De medische onderzoeken worden georganiseerd in de medische

Art. 9.De medische onderzoeken worden georganiseerd in de medische

centra van de administratieve gezondheidsdienst. centra van de administratieve gezondheidsdienst.
Om substituties van personen te voorkomen, eisen de Om substituties van personen te voorkomen, eisen de
geneesheren-onderzoekers de overlegging van de identiteitskaart. In geneesheren-onderzoekers de overlegging van de identiteitskaart. In
het onderzoekprotocol wordt het nummer van deze kaart vermeld alsook het onderzoekprotocol wordt het nummer van deze kaart vermeld alsook
de gemeente die de kaart heeft uitgereikt. de gemeente die de kaart heeft uitgereikt.

Art. 10.De kandidaten worden door de administratieve

Art. 10.De kandidaten worden door de administratieve

gezondheidsdienst opgeroepen voor een medisch onderzoek. gezondheidsdienst opgeroepen voor een medisch onderzoek.
Indien zij zonder geldige reden verzuimd hebben in te gaan op twee Indien zij zonder geldige reden verzuimd hebben in te gaan op twee
opeenvolgende oproepingen, de tweede bij een ter post aangetekende opeenvolgende oproepingen, de tweede bij een ter post aangetekende
brief, geeft de administratieve gezondheidsdienst er mededeling van brief, geeft de administratieve gezondheidsdienst er mededeling van
aan de Minister. aan de Minister.
Bij gebrek aan een reden waarvan de geldigheid door de Minister wordt Bij gebrek aan een reden waarvan de geldigheid door de Minister wordt
beoordeeld, wijst deze de door de betrokkenen ingediende kandidatuur beoordeeld, wijst deze de door de betrokkenen ingediende kandidatuur
af. af.

Art. 11.De kandidaat vult een identiteitsverklaring in en ondertekent

Art. 11.De kandidaat vult een identiteitsverklaring in en ondertekent

die en vervolgens een vragenlijst over zijn vorige en huidige die en vervolgens een vragenlijst over zijn vorige en huidige
gezondheidstoestand. gezondheidstoestand.
Op de keerzijde van de identiteitsverklaring, noteert de geneesheer de Op de keerzijde van de identiteitsverklaring, noteert de geneesheer de
resultaten van zijn onderzoek en concludeert tot toelating, toelating resultaten van zijn onderzoek en concludeert tot toelating, toelating
onder voorbehoud, voorlopige afwijzing of niet-toelaatbaarheid van de onder voorbehoud, voorlopige afwijzing of niet-toelaatbaarheid van de
kandidaat. kandidaat.

Art. 12.De administratieve gezondheidsdienst geeft aan betrokkene

Art. 12.De administratieve gezondheidsdienst geeft aan betrokkene

kennis van de conclusie van het medisch onderzoek. Het protocol van kennis van de conclusie van het medisch onderzoek. Het protocol van
dit onderzoek blijft in de dossiers van bedoelde dienst. Deze geeft dit onderzoek blijft in de dossiers van bedoelde dienst. Deze geeft
aan de kandidaat geen mededeling van de redenen van de beslissing. aan de kandidaat geen mededeling van de redenen van de beslissing.
Wanneer de conclusie zonder enig voorbehoud gunstig is voor Wanneer de conclusie zonder enig voorbehoud gunstig is voor
betrokkene, wordt de Minister er onmiddellijk op de hoogte van betrokkene, wordt de Minister er onmiddellijk op de hoogte van
gebracht. gebracht.

Art. 13.Indien de geneesheer tot niet-toelaatbaarheid, voorlopige

Art. 13.Indien de geneesheer tot niet-toelaatbaarheid, voorlopige

afwijzing of toelaatbaarheid onder voorbehoud van de kandidaat afwijzing of toelaatbaarheid onder voorbehoud van de kandidaat
concludeert, kan deze binnen de tien dagen na de mededeling van de concludeert, kan deze binnen de tien dagen na de mededeling van de
beslissing vragen dat de reden die als basis ervoor heeft gediend aan beslissing vragen dat de reden die als basis ervoor heeft gediend aan
een geneesheer van zijn keuze worden meegedeeld. Deze geneesheer kan een geneesheer van zijn keuze worden meegedeeld. Deze geneesheer kan
binnen de tien dagen die volgen op de mededeling van die reden een binnen de tien dagen die volgen op de mededeling van die reden een
onderzoek eisen in overleg met de geneesheer die de beslissing heeft onderzoek eisen in overleg met de geneesheer die de beslissing heeft
genomen; hij kan ook aan die geneesheer een verslag zenden waarin de genomen; hij kan ook aan die geneesheer een verslag zenden waarin de
ingeroepen reden wordt weerlegd. ingeroepen reden wordt weerlegd.
Indien de kandidaat verzuimt binnen de opgelegde termijn de bij lid 1 Indien de kandidaat verzuimt binnen de opgelegde termijn de bij lid 1
bedoelde aanvraag in te dienen, wordt de door de bedoelde aanvraag in te dienen, wordt de door de
geneesheer-onderzoeker genomen beslissing aan de Minister geneesheer-onderzoeker genomen beslissing aan de Minister
doorgezonden. doorgezonden.

Art. 14.Indien de geneesheer-onderzoeker en de door de kandidaat

Art. 14.Indien de geneesheer-onderzoeker en de door de kandidaat

gekozen geneesheer het erover eens zijn, wordt de conclusie van het gekozen geneesheer het erover eens zijn, wordt de conclusie van het
medisch onderzoek ofwel behouden, ofwel dienovereenkomstig gewijzigd. medisch onderzoek ofwel behouden, ofwel dienovereenkomstig gewijzigd.
In geval van onenigheid tussen de geneesheren of indien de geneesheer In geval van onenigheid tussen de geneesheren of indien de geneesheer
tot wie de kandidaat zich heeft gewend niet voldaan heeft aan de bij tot wie de kandidaat zich heeft gewend niet voldaan heeft aan de bij
artikel 13 bepaalde voorschriften, wordt het dossier van ambtswege artikel 13 bepaalde voorschriften, wordt het dossier van ambtswege
door de administratieve gezondheidsdienst naar het college van door de administratieve gezondheidsdienst naar het college van
geneesheren, opgericht in de administratieve gezondheidsdienst, geneesheren, opgericht in de administratieve gezondheidsdienst,
doorgezonden om de vereiste lichamelijke geschiktheid van de doorgezonden om de vereiste lichamelijke geschiktheid van de
kandidaten tot bepaalde overheidsambten na te gaan. Dit college neemt kandidaten tot bepaalde overheidsambten na te gaan. Dit college neemt
de beslissing. de beslissing.

Art. 15.Bij zijn verschijning vóór het college van geneesheren, kan

Art. 15.Bij zijn verschijning vóór het college van geneesheren, kan

de kandidaat vragen bijgestaan te worden door zijn geneesheer, die in de kandidaat vragen bijgestaan te worden door zijn geneesheer, die in
dat geval bij wijze van inlichting wordt gehoord. dat geval bij wijze van inlichting wordt gehoord.

Art. 16.Het definitief advies, of het nu voortvloeit uit het akkoord

Art. 16.Het definitief advies, of het nu voortvloeit uit het akkoord

tussen de geneesheer-onderzoeker en de geneesheer van de kandidaat of tussen de geneesheer-onderzoeker en de geneesheer van de kandidaat of
genomen wordt door het college van geneesheren, wordt aan de kandidaat genomen wordt door het college van geneesheren, wordt aan de kandidaat
en aan de Minister meegedeeld. en aan de Minister meegedeeld.
Op de keerzijde van de identiteitsverklaring waarvan sprake in artikel Op de keerzijde van de identiteitsverklaring waarvan sprake in artikel
11 wordt melding gemaakt van dit advies. 11 wordt melding gemaakt van dit advies.

Art. 17.De honoraria van de behandelende geneesheer wiens bijstand

Art. 17.De honoraria van de behandelende geneesheer wiens bijstand

werd ingeroepen met toepassing van de artikelen 13, 14 en 15 vallen werd ingeroepen met toepassing van de artikelen 13, 14 en 15 vallen
ten laste van de kandidaat indien de eindbeslissing niet een ten laste van de kandidaat indien de eindbeslissing niet een
beslissing van toelaatbaarheid zonder voorbehoud is. beslissing van toelaatbaarheid zonder voorbehoud is.
HOOFDSTUK IV. - Overgangsbepaling HOOFDSTUK IV. - Overgangsbepaling

Art. 18.In afwijking van artikel 1, moeten de personeelsleden die

Art. 18.In afwijking van artikel 1, moeten de personeelsleden die

vóór de inwerkingtreding van dit besluit, naargelang van het geval, vóór de inwerkingtreding van dit besluit, naargelang van het geval,
beantwoorden aan de bepalingen van artikel 31, 7° van het koninklijk beantwoorden aan de bepalingen van artikel 31, 7° van het koninklijk
besluit van 22 maart 1969 houdende vaststelling van het statuut van de besluit van 22 maart 1969 houdende vaststelling van het statuut van de
leden van het bestuurs- en onderwijzend personeel, van het opvoedend leden van het bestuurs- en onderwijzend personeel, van het opvoedend
hulppersoneel, van het paramedisch personeel der inrichtingen voor hulppersoneel, van het paramedisch personeel der inrichtingen voor
kleuter-, lager, buitengewoon, middelbaar, technisch, kunstonderwijs kleuter-, lager, buitengewoon, middelbaar, technisch, kunstonderwijs
en onderwijs voor sociale promotie van de Staat, alsmede der en onderwijs voor sociale promotie van de Staat, alsmede der
internaten die van deze inrichtingen afhangen en van de leden van de internaten die van deze inrichtingen afhangen en van de leden van de
inspectiedienst die belast is met het toezicht op deze inrichtingen, inspectiedienst die belast is met het toezicht op deze inrichtingen,
van artikel 42, 7° van het decreet van 1 februari 1993 houdende het van artikel 42, 7° van het decreet van 1 februari 1993 houdende het
statuut van de gesubsidieerde personeelsleden van het gesubsidieerd statuut van de gesubsidieerde personeelsleden van het gesubsidieerd
vrij onderwijs of van artikel 30, 6° van het decreet van 6 juni 1994 vrij onderwijs of van artikel 30, 6° van het decreet van 6 juni 1994
houdende vaststelling van de rechtspositie van de gesubsidieerde houdende vaststelling van de rechtspositie van de gesubsidieerde
personeelsleden van het officieel gesubsidieerd onderwijs, geen nieuw personeelsleden van het officieel gesubsidieerd onderwijs, geen nieuw
onderzoek ondergaan georganiseerd door de administratieve onderzoek ondergaan georganiseerd door de administratieve
gezondheidsdienst. gezondheidsdienst.
HOOFDSTUK V. - Slotbepalingen HOOFDSTUK V. - Slotbepalingen

Art. 19.Dit besluit treedt in werking op 1 september 2002.

Art. 19.Dit besluit treedt in werking op 1 september 2002.

Art. 20.De Minister tot wiens bevoegdheid het Hoger Onderwijs

Art. 20.De Minister tot wiens bevoegdheid het Hoger Onderwijs

behoort, is belast met de uitvoering van dit besluit. behoort, is belast met de uitvoering van dit besluit.
Brussel, 4 juli 2002. Brussel, 4 juli 2002.
Vanwege de Regering van de Franse Gemeenschap : Vanwege de Regering van de Franse Gemeenschap :
De Minister van Cultuur, Begroting, Ambtenarenzaken, Jeugd en Sport, De Minister van Cultuur, Begroting, Ambtenarenzaken, Jeugd en Sport,
R. DEMOTTE R. DEMOTTE
De Minister van Hoger Onderwijs, Onderwijs voor Sociale Promotie en De Minister van Hoger Onderwijs, Onderwijs voor Sociale Promotie en
Wetenschappelijk Onderzoek, Wetenschappelijk Onderzoek,
Mevr. F. DUPUIS Mevr. F. DUPUIS
^