Besluit van de Regering houdende oprichting van de Commissie voor de aanwijzing van de inrichtingshoofden in het Secundair Gemeenschapsonderwijs | Besluit van de Regering houdende oprichting van de Commissie voor de aanwijzing van de inrichtingshoofden in het Secundair Gemeenschapsonderwijs |
---|---|
MINISTERIE VAN DE DUITSTALIGE GEMEENSCHAP | MINISTERIE VAN DE DUITSTALIGE GEMEENSCHAP |
17 APRIL 2008. - Besluit van de Regering houdende oprichting van de | 17 APRIL 2008. - Besluit van de Regering houdende oprichting van de |
Commissie voor de aanwijzing van de inrichtingshoofden in het | Commissie voor de aanwijzing van de inrichtingshoofden in het |
Secundair Gemeenschapsonderwijs | Secundair Gemeenschapsonderwijs |
De Regering van de Duitstalige Gemeenschap, | De Regering van de Duitstalige Gemeenschap, |
Gelet op de wet van 31 december 1983 tot hervorming der instellingen | Gelet op de wet van 31 december 1983 tot hervorming der instellingen |
voor de Duitstalige Gemeenschap, inzonderheid op artikel 7; | voor de Duitstalige Gemeenschap, inzonderheid op artikel 7; |
Gelet op het koninklijk besluit van 22 maart 1969 tot vaststelling van | Gelet op het koninklijk besluit van 22 maart 1969 tot vaststelling van |
het statuut van de leden van het bestuurs- en onderwijzend personeel, | het statuut van de leden van het bestuurs- en onderwijzend personeel, |
van het opvoedend hulppersoneel, van het paramedisch personeel der | van het opvoedend hulppersoneel, van het paramedisch personeel der |
inrichtingen voor kleuter-, lager, buitengewoon, middelbaar, | inrichtingen voor kleuter-, lager, buitengewoon, middelbaar, |
technisch, kunst- en normaalonderwijs van de Staat, alsmede der | technisch, kunst- en normaalonderwijs van de Staat, alsmede der |
internaten die van deze inrichtingen afhangen, en van de leden van de | internaten die van deze inrichtingen afhangen, en van de leden van de |
inspectiedienst die belast is met het toezicht op deze inrichtingen, | inspectiedienst die belast is met het toezicht op deze inrichtingen, |
inzonderheid op artikel 121quinquies, ingevoegd bij het decreet van 25 | inzonderheid op artikel 121quinquies, ingevoegd bij het decreet van 25 |
juni 2007; | juni 2007; |
Gelet op het protocol nr. S2/2008 van het sectorcomité van 20 februari | Gelet op het protocol nr. S2/2008 van het sectorcomité van 20 februari |
2008; | 2008; |
Gelet op het gunstig advies van de Inspecteur van Financiën, gegeven | Gelet op het gunstig advies van de Inspecteur van Financiën, gegeven |
op 26 februari 2008; | op 26 februari 2008; |
Gelet op het akkoord van de Minister-President, bevoegd inzake | Gelet op het akkoord van de Minister-President, bevoegd inzake |
Begroting, gegeven op 17 april 2008; | Begroting, gegeven op 17 april 2008; |
Overwegende dat de dringende noodzaak erdoor wordt gerechtvaardigd dat | Overwegende dat de dringende noodzaak erdoor wordt gerechtvaardigd dat |
de oprichting van de commissie voor de aanwijzing van de | de oprichting van de commissie voor de aanwijzing van de |
inrichtingshoofden in het secundair gemeenschapsonderwijs geen uitstel | inrichtingshoofden in het secundair gemeenschapsonderwijs geen uitstel |
lijdt, omdat het dit schooljaar nog noodzakelijk is een schoolhoofd | lijdt, omdat het dit schooljaar nog noodzakelijk is een schoolhoofd |
voor het schooljaar 2008-2009 overeenkomstig de procedure aan te | voor het schooljaar 2008-2009 overeenkomstig de procedure aan te |
wijzen die door het decreet van 25 juni 2007 is ingevoerd, opdat de | wijzen die door het decreet van 25 juni 2007 is ingevoerd, opdat de |
betrokken school optimaal naar het schooljaar 2008-2009 kan overgaan; | betrokken school optimaal naar het schooljaar 2008-2009 kan overgaan; |
Gelet op het advies van de Raad van State nr. 44.309/2, gegeven op 26 | Gelet op het advies van de Raad van State nr. 44.309/2, gegeven op 26 |
maart 2008 met toepassing van artikel 84, § 1, lid 1, 2°, van de | maart 2008 met toepassing van artikel 84, § 1, lid 1, 2°, van de |
gecoördineerde wetten op de Raad van State; | gecoördineerde wetten op de Raad van State; |
Op de voordracht van de Minister bevoegd inzake Onderwijs; | Op de voordracht van de Minister bevoegd inzake Onderwijs; |
Na beraadslaging, | Na beraadslaging, |
Besluit : | Besluit : |
Artikel 1.De commissie voor de aanwijzing van de schoolhoofden in het |
Artikel 1.De commissie voor de aanwijzing van de schoolhoofden in het |
secundair gemeenschapsonderwijs, hierna « de commissie » genoemd, | secundair gemeenschapsonderwijs, hierna « de commissie » genoemd, |
wordt opgericht. | wordt opgericht. |
De leden van de commissie worden voor een onbepaalde duur aangewezen. | De leden van de commissie worden voor een onbepaalde duur aangewezen. |
Art. 2.Binnen één maand na de bekendmaking van de oproep tot de |
Art. 2.Binnen één maand na de bekendmaking van de oproep tot de |
kandidaten in het Belgisch Staatsblad dienen de kandidaten hun | kandidaten in het Belgisch Staatsblad dienen de kandidaten hun |
kandidatuur bij de commissie in overeenkomstig artikel 121quater van | kandidatuur bij de commissie in overeenkomstig artikel 121quater van |
het koninklijk besluit van 22 maart 1969 tot vaststelling van het | het koninklijk besluit van 22 maart 1969 tot vaststelling van het |
statuut van de leden van het bestuurs- en onderwijzend personeel, van | statuut van de leden van het bestuurs- en onderwijzend personeel, van |
het opvoedend hulppersoneel, van het paramedisch personeel der | het opvoedend hulppersoneel, van het paramedisch personeel der |
inrichtingen voor kleuter-, lager, buitengewoon, middelbaar, | inrichtingen voor kleuter-, lager, buitengewoon, middelbaar, |
technisch, kunst- en normaalonderwijs van de Staat, alsmede der | technisch, kunst- en normaalonderwijs van de Staat, alsmede der |
internaten die van deze inrichtingen afhangen, en van de leden van de | internaten die van deze inrichtingen afhangen, en van de leden van de |
inspectiedienst die belast is met het toezicht op deze inrichtingen. | inspectiedienst die belast is met het toezicht op deze inrichtingen. |
Na het verstrijken van de in lid 1 vermelde termijn worden de | Na het verstrijken van de in lid 1 vermelde termijn worden de |
kandidaten tot een kandidatuurgesprek opgeroepen. | kandidaten tot een kandidatuurgesprek opgeroepen. |
Zo nodig kan de commissie één of meerdere kandidaten voor één of | Zo nodig kan de commissie één of meerdere kandidaten voor één of |
meerdere verdere gesprekken uitnodigen. | meerdere verdere gesprekken uitnodigen. |
Art. 3.De commissie kan slechts geldig beraadslagen, als alle leden |
Art. 3.De commissie kan slechts geldig beraadslagen, als alle leden |
aanwezig zijn. | aanwezig zijn. |
Wordt het in vorig lid vermeld quorum niet bereikt, dan roept de | Wordt het in vorig lid vermeld quorum niet bereikt, dan roept de |
voorzitter ten vroegste op de daarop volgende werkdag een nieuwe | voorzitter ten vroegste op de daarop volgende werkdag een nieuwe |
zitting bijeen. Bij deze zitting kan een beslissing worden genomen, | zitting bijeen. Bij deze zitting kan een beslissing worden genomen, |
als ten minste twee leden aanwezig zijn. | als ten minste twee leden aanwezig zijn. |
Art. 4.De commissie brengt een met redenen omkleed advies uit. |
Art. 4.De commissie brengt een met redenen omkleed advies uit. |
Na de stemming wordt het met redenen omkleed advies bij gewone | Na de stemming wordt het met redenen omkleed advies bij gewone |
meerderheid der stemmen uitgebracht. Bij staking van stemmen beslist | meerderheid der stemmen uitgebracht. Bij staking van stemmen beslist |
de voorzitter. Desgevallend worden de opmerkingen van de minderheid | de voorzitter. Desgevallend worden de opmerkingen van de minderheid |
bij het advies gevoegd. | bij het advies gevoegd. |
Het met redenen omkleed advies wordt na de zitting waarbij het | Het met redenen omkleed advies wordt na de zitting waarbij het |
uitgebracht werd, aan de inrichtende macht medegedeeld. Het vermeldt | uitgebracht werd, aan de inrichtende macht medegedeeld. Het vermeldt |
het aantal voor- en tegenstemmen die tot het advies hebben geleid. | het aantal voor- en tegenstemmen die tot het advies hebben geleid. |
Na ontvangst van het advies van de commissie deelt de inrichtende | Na ontvangst van het advies van de commissie deelt de inrichtende |
macht aan de kandidaten haar beslissing per aangetekende brief mede. | macht aan de kandidaten haar beslissing per aangetekende brief mede. |
Zij vermeldt desgevallend de redenen waarom het advies niet gevolgd | Zij vermeldt desgevallend de redenen waarom het advies niet gevolgd |
werd. | werd. |
Art. 5.Dit besluit treedt in werking de dag waarop het wordt |
Art. 5.Dit besluit treedt in werking de dag waarop het wordt |
aangenomen. | aangenomen. |
Art. 6.De Minister bevoegd inzake Onderwijs wordt belast met de |
Art. 6.De Minister bevoegd inzake Onderwijs wordt belast met de |
uitvoering van dit besluit. | uitvoering van dit besluit. |
Eupen, 17 april 2008. | Eupen, 17 april 2008. |
Voor de Regering van de Duitstalige Gemeenschap : | Voor de Regering van de Duitstalige Gemeenschap : |
De Minister-President, | De Minister-President, |
Minister van Lokale Besturen, | Minister van Lokale Besturen, |
K.-H. LAMBERTZ | K.-H. LAMBERTZ |
De Minister van Onderwijs en Wetenschappelijk Onderzoek, | De Minister van Onderwijs en Wetenschappelijk Onderzoek, |
O. PAASCH | O. PAASCH |