Etaamb.openjustice.be
Meertalige weergave van Arrest van --
← Terug naar "Uittreksel uit arrest nr. 59/2021 van 22 april 2021 Rolnummer 7243 In zake : de prejudiciële vraag betreffende de artikelen 457bis, 457, § 5, tweede lid, en 466 van het Gerechtelijk Wetboek, gesteld door de Tuchtraad van de advocaten van Het Grondwettelijk Hof, samengesteld uit de voorzitters F. Daoût en L. Lavrysen, en de rechters (...)"
Uittreksel uit arrest nr. 59/2021 van 22 april 2021 Rolnummer 7243 In zake : de prejudiciële vraag betreffende de artikelen 457bis, 457, § 5, tweede lid, en 466 van het Gerechtelijk Wetboek, gesteld door de Tuchtraad van de advocaten van Het Grondwettelijk Hof, samengesteld uit de voorzitters F. Daoût en L. Lavrysen, en de rechters (...) Uittreksel uit arrest nr. 59/2021 van 22 april 2021 Rolnummer 7243 In zake : de prejudiciële vraag betreffende de artikelen 457bis, 457, § 5, tweede lid, en 466 van het Gerechtelijk Wetboek, gesteld door de Tuchtraad van de advocaten van Het Grondwettelijk Hof, samengesteld uit de voorzitters F. Daoût en L. Lavrysen, en de rechters (...)
GRONDWETTELIJK HOF GRONDWETTELIJK HOF
Uittreksel uit arrest nr. 59/2021 van 22 april 2021 Uittreksel uit arrest nr. 59/2021 van 22 april 2021
Rolnummer 7243 Rolnummer 7243
In zake : de prejudiciële vraag betreffende de artikelen 457bis, 457, In zake : de prejudiciële vraag betreffende de artikelen 457bis, 457,
§ 5, tweede lid, en 466 van het Gerechtelijk Wetboek, gesteld door de § 5, tweede lid, en 466 van het Gerechtelijk Wetboek, gesteld door de
Tuchtraad van de advocaten van de balies van het rechtsgebied van het Tuchtraad van de advocaten van de balies van het rechtsgebied van het
Hof van Beroep te Luik. Hof van Beroep te Luik.
Het Grondwettelijk Hof, Het Grondwettelijk Hof,
samengesteld uit de voorzitters F. Daoût en L. Lavrysen, en de samengesteld uit de voorzitters F. Daoût en L. Lavrysen, en de
rechters J.-P. Moerman, T. Merckx-Van Goey, P. Nihoul, T. Giet, R. rechters J.-P. Moerman, T. Merckx-Van Goey, P. Nihoul, T. Giet, R.
Leysen, J. Moerman, M. Pâques, Y. Kherbache, T. Detienne en D. Leysen, J. Moerman, M. Pâques, Y. Kherbache, T. Detienne en D.
Pieters, bijgestaan door de griffier F. Meersschaut, onder Pieters, bijgestaan door de griffier F. Meersschaut, onder
voorzitterschap van voorzitter F. Daoût, voorzitterschap van voorzitter F. Daoût,
wijst na beraad het volgende arrest : wijst na beraad het volgende arrest :
I. Onderwerp van de prejudiciële vraag en rechtspleging I. Onderwerp van de prejudiciële vraag en rechtspleging
Bij beslissing van 7 augustus 2019, waarvan de expeditie ter griffie Bij beslissing van 7 augustus 2019, waarvan de expeditie ter griffie
van het Hof is ingekomen op 9 augustus 2019, heeft de Tuchtraad van de van het Hof is ingekomen op 9 augustus 2019, heeft de Tuchtraad van de
advocaten van de balies van het rechtsgebied van het Hof van Beroep te advocaten van de balies van het rechtsgebied van het Hof van Beroep te
Luik de volgende prejudiciële vraag gesteld : Luik de volgende prejudiciële vraag gesteld :
« Schenden de artikelen 457bis, 457, § 5, tweede lid, en 466 van het « Schenden de artikelen 457bis, 457, § 5, tweede lid, en 466 van het
Gerechtelijk Wetboek de artikelen 10 en 11 van de Grondwet, in zoverre Gerechtelijk Wetboek de artikelen 10 en 11 van de Grondwet, in zoverre
die bepalingen niet erin voorzien dat een procedure betreffende een die bepalingen niet erin voorzien dat een procedure betreffende een
Duitstalige advocaat in haar geheel in het Duits kan verlopen voor een Duitstalige advocaat in haar geheel in het Duits kan verlopen voor een
kamer van de Tuchtraad van het Hof van Beroep te Luik (en de Tuchtraad kamer van de Tuchtraad van het Hof van Beroep te Luik (en de Tuchtraad
van beroep) waarvan alle leden die taal spreken, terwijl de van beroep) waarvan alle leden die taal spreken, terwijl de
tuchtprocedure betreffende Franstalige of Nederlandstalige advocaten tuchtprocedure betreffende Franstalige of Nederlandstalige advocaten
wel in haar geheel in hun taal verloopt voor een kamer van de wel in haar geheel in hun taal verloopt voor een kamer van de
Tuchtraad (eventueel van beroep) waarvan alle leden de taal van de Tuchtraad (eventueel van beroep) waarvan alle leden de taal van de
rechtspleging beheersen en terwijl om het even welke Duitstalige rechtspleging beheersen en terwijl om het even welke Duitstalige
rechtzoekende van het Duitse taalgebied een recht op een procedure in rechtzoekende van het Duitse taalgebied een recht op een procedure in
het Duits kan doen gelden voor de Rechtbank van eerste aanleg, de het Duits kan doen gelden voor de Rechtbank van eerste aanleg, de
Ondernemingsrechtbank en de Arbeidsrechtbank te Eupen en voor het Hof Ondernemingsrechtbank en de Arbeidsrechtbank te Eupen en voor het Hof
van Beroep en het Arbeidshof te Luik ? ». van Beroep en het Arbeidshof te Luik ? ».
(...) (...)
III. In rechte III. In rechte
(...) (...)
B.1.1. De prejudiciële vraag heeft betrekking op de artikelen 457, § B.1.1. De prejudiciële vraag heeft betrekking op de artikelen 457, §
5, 457bis en 466 van het Gerechtelijk Wetboek, die bepalen : 5, 457bis en 466 van het Gerechtelijk Wetboek, die bepalen :
«

Art. 457.[...]

«

Art. 457.[...]

§ 5. De tuchtraad houdt zitting met een kamervoorzitter, vier § 5. De tuchtraad houdt zitting met een kamervoorzitter, vier
assessoren en een secretaris, die niet deelneemt aan de beraadslaging. assessoren en een secretaris, die niet deelneemt aan de beraadslaging.
De tuchtraad bevat ten minste één lid van de balie waartoe de advocaat De tuchtraad bevat ten minste één lid van de balie waartoe de advocaat
tegen wie de tuchtrechtelijke vervolging is ingesteld, behoort. tegen wie de tuchtrechtelijke vervolging is ingesteld, behoort.
De tuchtraad bij het hof van beroep te Luik heeft een kamer die is De tuchtraad bij het hof van beroep te Luik heeft een kamer die is
samengesteld uit ten minste twee leden die de Duitse en de Franse taal samengesteld uit ten minste twee leden die de Duitse en de Franse taal
kennen en die geen deel uitmaken van de balie van Eupen. kennen en die geen deel uitmaken van de balie van Eupen.

Art. 457bis.De rechtspleging voor de tuchtraad wordt gevoerd in de

Art. 457bis.De rechtspleging voor de tuchtraad wordt gevoerd in de

taal van de Orde waartoe de vervolgde advocaat behoort. taal van de Orde waartoe de vervolgde advocaat behoort.
Onverminderd de toepassing van artikel 457, § 5, tweede lid, moeten Onverminderd de toepassing van artikel 457, § 5, tweede lid, moeten
alle leden van de zetel de taal van de rechtspleging kennen. alle leden van de zetel de taal van de rechtspleging kennen.
Wanneer de tuchtrechtelijke rechtspleging echter een Duitstalige Wanneer de tuchtrechtelijke rechtspleging echter een Duitstalige
advocaat betreft, mag deze zich in het Duits uitdrukken ». advocaat betreft, mag deze zich in het Duits uitdrukken ».
«

Art. 466.De rechtspleging voor de tuchtraad van beroep wordt

«

Art. 466.De rechtspleging voor de tuchtraad van beroep wordt

gevoerd in de taal van de beslissing waartegen hoger beroep werd gevoerd in de taal van de beslissing waartegen hoger beroep werd
ingesteld. Onverminderd de toepassing van artikel 457, § 5, tweede ingesteld. Onverminderd de toepassing van artikel 457, § 5, tweede
lid, moeten alle leden van de zetel de taal van de rechtspleging lid, moeten alle leden van de zetel de taal van de rechtspleging
kennen. kennen.
Wanneer de tuchtprocedure evenwel een Duitstalige advocaat betreft, Wanneer de tuchtprocedure evenwel een Duitstalige advocaat betreft,
mag laatstgenoemde Duits spreken ». mag laatstgenoemde Duits spreken ».
B.1.2. De tuchtregeling van de advocaten werd grondig herwerkt met de B.1.2. De tuchtregeling van de advocaten werd grondig herwerkt met de
wet van 21 juni 2006 « tot wijziging van een aantal bepalingen van het wet van 21 juni 2006 « tot wijziging van een aantal bepalingen van het
Gerechtelijk Wetboek met betrekking tot de balie en de tuchtprocedure Gerechtelijk Wetboek met betrekking tot de balie en de tuchtprocedure
voor haar leden » (hierna : de wet van 21 juni 2006). Uit de voor haar leden » (hierna : de wet van 21 juni 2006). Uit de
parlementaire voorbereiding van die wet blijkt dat de hervorming tot parlementaire voorbereiding van die wet blijkt dat de hervorming tot
doel had « een nieuwe tuchtprocedure vast [te stellen] die meer in doel had « een nieuwe tuchtprocedure vast [te stellen] die meer in
overeenstemming is met de moderne opvattingen over het publiek belang overeenstemming is met de moderne opvattingen over het publiek belang
» (Parl. St., Kamer, 2004-2005, DOC 51-1724/001, p. 3). Het » (Parl. St., Kamer, 2004-2005, DOC 51-1724/001, p. 3). Het
uitgangspunt dat de tuchtrechtelijke bevoegdheid en beoordeling over uitgangspunt dat de tuchtrechtelijke bevoegdheid en beoordeling over
advocaten door advocaten zelf moet worden uitgeoefend, is door de advocaten door advocaten zelf moet worden uitgeoefend, is door de
wetgever behouden (ibid., p. 5). Uitgaande van de overtuiging dat het wetgever behouden (ibid., p. 5). Uitgaande van de overtuiging dat het
tuchtrecht hoort bij het kwaliteitsbeleid van een vertrouwensberoep, tuchtrecht hoort bij het kwaliteitsbeleid van een vertrouwensberoep,
was de wetgever de opvatting toegedaan dat het tuchtrecht ten dienste was de wetgever de opvatting toegedaan dat het tuchtrecht ten dienste
moet staan van het algemeen belang in die zin dat het een behoorlijke moet staan van het algemeen belang in die zin dat het een behoorlijke
uitoefening van het advocatenberoep moet waarborgen (ibid., pp. 6-14). uitoefening van het advocatenberoep moet waarborgen (ibid., pp. 6-14).
Met die wet wilde de wetgever de tuchtprocedure vereenvoudigen en Met die wet wilde de wetgever de tuchtprocedure vereenvoudigen en
professionaliseren, door het aantal tuchtraden te verminderen, professionaliseren, door het aantal tuchtraden te verminderen,
namelijk één per rechtsgebied van hof van beroep (artikel 456 van het namelijk één per rechtsgebied van hof van beroep (artikel 456 van het
Gerechtelijk Wetboek, zoals vervangen bij artikel 7 van de wet van 21 Gerechtelijk Wetboek, zoals vervangen bij artikel 7 van de wet van 21
juni 2006) en twee tuchtraden van beroep met zetel te Brussel (artikel juni 2006) en twee tuchtraden van beroep met zetel te Brussel (artikel
464 van het Gerechtelijk Wetboek, zoals vervangen bij artikel 17 van 464 van het Gerechtelijk Wetboek, zoals vervangen bij artikel 17 van
de wet van 21 juni 2006). de wet van 21 juni 2006).
B.1.3. Artikel 457, § 5, tweede lid, van het Gerechtelijk Wetboek werd B.1.3. Artikel 457, § 5, tweede lid, van het Gerechtelijk Wetboek werd
ingevoegd via een amendement dat als volgt werd verantwoord : ingevoegd via een amendement dat als volgt werd verantwoord :
« Dit amendement strekt ertoe te waarborgen dat bij tuchtrechtelijke « Dit amendement strekt ertoe te waarborgen dat bij tuchtrechtelijke
vervolging van een advocaat van de balie van Eupen die advocaat zich vervolging van een advocaat van de balie van Eupen die advocaat zich
kan verantwoorden voor een kamer van vijf leden die bestaat uit een kan verantwoorden voor een kamer van vijf leden die bestaat uit een
vertegenwoordiger van de balie van Eupen (zoals het wetsvoorstel vertegenwoordiger van de balie van Eupen (zoals het wetsvoorstel
bepaalt), twee leden die geen lid zijn van de balie van Eupen maar de bepaalt), twee leden die geen lid zijn van de balie van Eupen maar de
Duitse taal kennen, en twee leden die zuiver Franstalig zijn » (Parl. Duitse taal kennen, en twee leden die zuiver Franstalig zijn » (Parl.
St., Kamer, 2005-2006, DOC 51-1724/002, p. 1). St., Kamer, 2005-2006, DOC 51-1724/002, p. 1).
In de bevoegde commissie werd datzelfde amendement als volgt In de bevoegde commissie werd datzelfde amendement als volgt
toegelicht : toegelicht :
« De advocaten van de balie van Eupen hebben recht op een procedure « De advocaten van de balie van Eupen hebben recht op een procedure
die volledig in het Duits gevoerd wordt [...]. De kamer, die zal die volledig in het Duits gevoerd wordt [...]. De kamer, die zal
oordelen over de advocaten verbonden aan de balie van Eupen, moet oordelen over de advocaten verbonden aan de balie van Eupen, moet
daarom minstens twee leden tellen die ook Duits spreken en die geen daarom minstens twee leden tellen die ook Duits spreken en die geen
lid zijn van de balie van Eupen. Deze leden van de tuchtraad zijn dus lid zijn van de balie van Eupen. Deze leden van de tuchtraad zijn dus
niet noodzakelijk Duitstaligen, dat lijkt trouwens niet mogelijk niet noodzakelijk Duitstaligen, dat lijkt trouwens niet mogelijk
aangezien de meeste Duitstalige advocaten aan de balie van Eupen aangezien de meeste Duitstalige advocaten aan de balie van Eupen
zullen verbonden zijn. Deze kamer moet de procedure in het Duits zullen verbonden zijn. Deze kamer moet de procedure in het Duits
kunnen voeren maar tegelijk moet een zekere afstand behouden worden kunnen voeren maar tegelijk moet een zekere afstand behouden worden
tot de advocaat die het voorwerp van de tuchtprocedure is » (Parl. tot de advocaat die het voorwerp van de tuchtprocedure is » (Parl.
St., Kamer, 2005-2006, DOC 51-1724/003, p. 6). St., Kamer, 2005-2006, DOC 51-1724/003, p. 6).
B.1.4. Artikel 457bis werd eveneens geamendeerd, wat in de B.1.4. Artikel 457bis werd eveneens geamendeerd, wat in de
parlementaire voorbereiding als volgt werd verantwoord : parlementaire voorbereiding als volgt werd verantwoord :
« Het amendement bepaalt uitdrukkelijk dat de tuchtrechtelijke « Het amendement bepaalt uitdrukkelijk dat de tuchtrechtelijke
procedure wordt gevoerd in het Nederlands of in het Frans, naar gelang procedure wordt gevoerd in het Nederlands of in het Frans, naar gelang
van de orde van balies (OVB of OBFG) waartoe de vervolgde advocaat van de orde van balies (OVB of OBFG) waartoe de vervolgde advocaat
behoort. Het gaat om de tegenhanger van artikel 18, dat de taal van de behoort. Het gaat om de tegenhanger van artikel 18, dat de taal van de
procedure voor de tuchtraad van beroep regelt. procedure voor de tuchtraad van beroep regelt.
Om evenwel te voorzien in een zekere eerbiediging van de rechten van Om evenwel te voorzien in een zekere eerbiediging van de rechten van
de verdediging van de Duitstalige advocaat die tuchtrechtelijk wordt de verdediging van de Duitstalige advocaat die tuchtrechtelijk wordt
vervolgd, wordt hem in het amendement de mogelijkheid gegeven vervolgd, wordt hem in het amendement de mogelijkheid gegeven
eventueel Duits te spreken » (Parl. St., Kamer, 2005-2006, DOC eventueel Duits te spreken » (Parl. St., Kamer, 2005-2006, DOC
51-1724/002, p. 2). 51-1724/002, p. 2).
B.1.5. Uit de wetgevende context en de voormelde parlementaire B.1.5. Uit de wetgevende context en de voormelde parlementaire
voorbereiding blijkt dat de in het geding zijnde bepalingen, met het voorbereiding blijkt dat de in het geding zijnde bepalingen, met het
begrip « Duitstalige advocaat », de advocaten die zijn ingeschreven begrip « Duitstalige advocaat », de advocaten die zijn ingeschreven
bij de balie te Eupen beogen. bij de balie te Eupen beogen.
B.2. De Ministerraad wijst erop dat artikel 466 van het Gerechtelijk B.2. De Ministerraad wijst erop dat artikel 466 van het Gerechtelijk
Wetboek niet van toepassing is op de voor de verwijzende tuchtraad Wetboek niet van toepassing is op de voor de verwijzende tuchtraad
hangende zaak en dat het dus niet nuttig is voor de oplossing van het hangende zaak en dat het dus niet nuttig is voor de oplossing van het
geschil. geschil.
Artikel 466 van het Gerechtelijk Wetboek betreft de procedure voor de Artikel 466 van het Gerechtelijk Wetboek betreft de procedure voor de
tuchtraad van beroep. Aangezien de verwijzende rechter slechts bevoegd tuchtraad van beroep. Aangezien de verwijzende rechter slechts bevoegd
is voor de procedure in eerste aanleg, is het antwoord op de is voor de procedure in eerste aanleg, is het antwoord op de
prejudiciële vraag, in zoverre zij betrekking heeft op artikel 466 van prejudiciële vraag, in zoverre zij betrekking heeft op artikel 466 van
het Gerechtelijk Wetboek, kennelijk niet nuttig voor de oplossing van het Gerechtelijk Wetboek, kennelijk niet nuttig voor de oplossing van
het geschil ten gronde. Het Hof beperkt dan ook zijn onderzoek tot de het geschil ten gronde. Het Hof beperkt dan ook zijn onderzoek tot de
artikelen 457, § 5, tweede lid, en 457bis van het Gerechtelijk artikelen 457, § 5, tweede lid, en 457bis van het Gerechtelijk
Wetboek. Wetboek.
B.3.1. De Tuchtraad bij het Hof van Beroep te Luik, die het B.3.1. De Tuchtraad bij het Hof van Beroep te Luik, die het
verwijzende rechtscollege is, interpreteert de in het geding zijnde verwijzende rechtscollege is, interpreteert de in het geding zijnde
bepalingen in die zin dat het Frans wordt beschouwd als de taal van de bepalingen in die zin dat het Frans wordt beschouwd als de taal van de
procedure voor die tuchtraad, zelfs wanneer de vervolgde advocaat is procedure voor die tuchtraad, zelfs wanneer de vervolgde advocaat is
ingeschreven bij de balie te Eupen. ingeschreven bij de balie te Eupen.
B.3.2. De voor de verwijzende tuchtraad vervolgde partij en de B.3.2. De voor de verwijzende tuchtraad vervolgde partij en de
Ministerraad voeren aan dat die interpretatie van de in het geding Ministerraad voeren aan dat die interpretatie van de in het geding
zijnde bepalingen verkeerd is. Volgens hen volgt uit de formulering zijnde bepalingen verkeerd is. Volgens hen volgt uit de formulering
van die bepalingen en uit de wil van de wetgever dat de procedure van die bepalingen en uit de wil van de wetgever dat de procedure
integraal in het Duits moet worden gevoerd indien de vervolgde integraal in het Duits moet worden gevoerd indien de vervolgde
advocaat is ingeschreven bij de balie te Eupen. advocaat is ingeschreven bij de balie te Eupen.
B.3.3. Het staat in de regel aan de verwijzende rechter om de B.3.3. Het staat in de regel aan de verwijzende rechter om de
bepalingen die hij van toepassing acht te interpreteren, onder bepalingen die hij van toepassing acht te interpreteren, onder
voorbehoud van een kennelijk verkeerde lezing van de in het geding voorbehoud van een kennelijk verkeerde lezing van de in het geding
zijnde bepalingen. zijnde bepalingen.
Tijdens de parlementaire voorbereiding van de in het geding zijnde Tijdens de parlementaire voorbereiding van de in het geding zijnde
bepalingen werden tegenstrijdige verklaringen gegeven inzake de bepalingen werden tegenstrijdige verklaringen gegeven inzake de
betekenis van die bepalingen, wat de taal van de tuchtprocedure betekenis van die bepalingen, wat de taal van de tuchtprocedure
lastens een advocaat bij de balie te Eupen betreft. Terwijl in de in lastens een advocaat bij de balie te Eupen betreft. Terwijl in de in
B.1.3 geciteerde parlementaire voorbereiding uitdrukkelijk wordt B.1.3 geciteerde parlementaire voorbereiding uitdrukkelijk wordt
gesteld dat « de advocaten van de balie van Eupen [...] recht [hebben] gesteld dat « de advocaten van de balie van Eupen [...] recht [hebben]
op een procedure die volledig in het Duits gevoerd wordt » (Parl. St., op een procedure die volledig in het Duits gevoerd wordt » (Parl. St.,
Kamer, 2005-2006, DOC 51-1724/003, p. 6), wordt in de in B.1.4 Kamer, 2005-2006, DOC 51-1724/003, p. 6), wordt in de in B.1.4
geciteerde parlementaire voorbereiding gesteld dat de woorden « de geciteerde parlementaire voorbereiding gesteld dat de woorden « de
taal van de Orde », vervat in artikel 457bis van het Gerechtelijk taal van de Orde », vervat in artikel 457bis van het Gerechtelijk
Wetboek, verwijzen naar het Frans voor de « Ordre des barreaux Wetboek, verwijzen naar het Frans voor de « Ordre des barreaux
francophones et germanophone » (Parl. St., Kamer, 2005-2006, DOC francophones et germanophone » (Parl. St., Kamer, 2005-2006, DOC
51-1724/002, p. 2). Hieruit volgt dat de interpretatie van de in het 51-1724/002, p. 2). Hieruit volgt dat de interpretatie van de in het
geding zijnde bepalingen door het verwijzende rechtscollege, volgens geding zijnde bepalingen door het verwijzende rechtscollege, volgens
welke de taal van een tuchtprocedure lastens een advocaat die is welke de taal van een tuchtprocedure lastens een advocaat die is
ingeschreven bij de balie te Eupen het Frans is, niet kennelijk ingeschreven bij de balie te Eupen het Frans is, niet kennelijk
verkeerd is. Het Hof onderzoekt de in het geding zijnde bepalingen dan verkeerd is. Het Hof onderzoekt de in het geding zijnde bepalingen dan
ook in die interpretatie. ook in die interpretatie.
B.4. Het Hof wordt verzocht zich uit te spreken over de B.4. Het Hof wordt verzocht zich uit te spreken over de
bestaanbaarheid van de in het geding zijnde bepalingen met de bestaanbaarheid van de in het geding zijnde bepalingen met de
artikelen 10 en 11 van de Grondwet, in zoverre zij niet erin voorzien artikelen 10 en 11 van de Grondwet, in zoverre zij niet erin voorzien
dat een tuchtprocedure betreffende een advocaat die is ingeschreven dat een tuchtprocedure betreffende een advocaat die is ingeschreven
bij de balie te Eupen integraal in het Duits verloopt voor een kamer bij de balie te Eupen integraal in het Duits verloopt voor een kamer
van de tuchtraad waarvan alle leden die taal spreken, terwijl de van de tuchtraad waarvan alle leden die taal spreken, terwijl de
advocaten die zijn ingeschreven bij een andere balie van de « Ordre advocaten die zijn ingeschreven bij een andere balie van de « Ordre
des barreaux francophones et germanophone » of bij een balie van de « des barreaux francophones et germanophone » of bij een balie van de «
Orde van Vlaamse balies » wel recht hebben op een tuchtprocedure die Orde van Vlaamse balies » wel recht hebben op een tuchtprocedure die
volledig verloopt in respectievelijk het Frans of het Nederlands voor volledig verloopt in respectievelijk het Frans of het Nederlands voor
een kamer van de tuchtraad waarvan alle leden die taal spreken, en een kamer van de tuchtraad waarvan alle leden die taal spreken, en
terwijl iedere Duitstalige rechtzoekende in het Duitse taalgebied een terwijl iedere Duitstalige rechtzoekende in het Duitse taalgebied een
procedure in het Duits kan genieten voor de rechtbanken te Eupen en procedure in het Duits kan genieten voor de rechtbanken te Eupen en
voor het Hof van Beroep en het Arbeidshof te Luik. voor het Hof van Beroep en het Arbeidshof te Luik.
De prejudiciële vraag betreft aldus, enerzijds, de taal van de De prejudiciële vraag betreft aldus, enerzijds, de taal van de
rechtspleging en, anderzijds, de samenstelling van de tuchtraad in een rechtspleging en, anderzijds, de samenstelling van de tuchtraad in een
tuchtprocedure betreffende een advocaat die is ingeschreven bij de tuchtprocedure betreffende een advocaat die is ingeschreven bij de
balie te Eupen. balie te Eupen.
Het Hof onderzoekt de prejudiciële vraag eerst in zoverre zij Het Hof onderzoekt de prejudiciële vraag eerst in zoverre zij
betrekking heeft op de taal van de rechtspleging (artikel 457bis) en betrekking heeft op de taal van de rechtspleging (artikel 457bis) en
vervolgens in zoverre zij betrekking heeft op de samenstelling van de vervolgens in zoverre zij betrekking heeft op de samenstelling van de
tuchtraad (artikel 457, § 5). tuchtraad (artikel 457, § 5).
Ten aanzien van de taal van de rechtspleging Ten aanzien van de taal van de rechtspleging
B.5. Het beginsel van gelijkheid en niet-discriminatie sluit niet uit B.5. Het beginsel van gelijkheid en niet-discriminatie sluit niet uit
dat een verschil in behandeling tussen categorieën van personen wordt dat een verschil in behandeling tussen categorieën van personen wordt
ingesteld, voor zover dat verschil op een objectief criterium berust ingesteld, voor zover dat verschil op een objectief criterium berust
en het redelijk verantwoord is. en het redelijk verantwoord is.
Het bestaan van een dergelijke verantwoording moet worden beoordeeld Het bestaan van een dergelijke verantwoording moet worden beoordeeld
rekening houdend met het doel en de gevolgen van de betwiste maatregel rekening houdend met het doel en de gevolgen van de betwiste maatregel
en met de aard van de ter zake geldende beginselen; het beginsel van en met de aard van de ter zake geldende beginselen; het beginsel van
gelijkheid en niet-discriminatie is geschonden wanneer vaststaat dat gelijkheid en niet-discriminatie is geschonden wanneer vaststaat dat
er geen redelijk verband van evenredigheid bestaat tussen de er geen redelijk verband van evenredigheid bestaat tussen de
aangewende middelen en het beoogde doel. aangewende middelen en het beoogde doel.
B.6. Het verschil in behandeling berust op een objectief criterium, B.6. Het verschil in behandeling berust op een objectief criterium,
namelijk de hoedanigheid van advocaat die is ingeschreven bij de balie namelijk de hoedanigheid van advocaat die is ingeschreven bij de balie
te Eupen. te Eupen.
B.7. Uit de in B.1.2 geciteerde parlementaire voorbereiding van de wet B.7. Uit de in B.1.2 geciteerde parlementaire voorbereiding van de wet
van 21 juni 2006 blijkt dat de wetgever tot doel had de tuchtprocedure van 21 juni 2006 blijkt dat de wetgever tot doel had de tuchtprocedure
voor de advocatuur te vereenvoudigen en te professionaliseren. Dat voor de advocatuur te vereenvoudigen en te professionaliseren. Dat
doel is legitiem. doel is legitiem.
B.8.1. Aangezien de wetgever heeft vastgesteld dat een « verspreiding B.8.1. Aangezien de wetgever heeft vastgesteld dat een « verspreiding
van de tuchtprocedures van de advocaten over 28 raden in eerste aanleg van de tuchtprocedures van de advocaten over 28 raden in eerste aanleg
en 6 in graad van beroep [...] oubollig, amateuristisch en inefficiënt en 6 in graad van beroep [...] oubollig, amateuristisch en inefficiënt
[is] » (Parl. St., Kamer, 2004-2005, DOC 51-1724/001, p. 10), is het, [is] » (Parl. St., Kamer, 2004-2005, DOC 51-1724/001, p. 10), is het,
in het licht van de doelstellingen inzake professionalisering en in het licht van de doelstellingen inzake professionalisering en
vereenvoudiging, pertinent dat de tuchtraden voortaan worden vereenvoudiging, pertinent dat de tuchtraden voortaan worden
ondergebracht bij de zetels van de hoven van beroep en dat de ondergebracht bij de zetels van de hoven van beroep en dat de
tuchtprocedures lastens de advocaten die zijn ingeschreven bij de tuchtprocedures lastens de advocaten die zijn ingeschreven bij de
balie te Eupen bijgevolg worden behandeld door de Tuchtraad bij het balie te Eupen bijgevolg worden behandeld door de Tuchtraad bij het
Hof van Beroep te Luik. Hof van Beroep te Luik.
B.8.2. Ten aanzien van het voormelde doel om de tuchtprocedure voor de B.8.2. Ten aanzien van het voormelde doel om de tuchtprocedure voor de
advocatuur te vereenvoudigen en te professionaliseren, is het evenwel advocatuur te vereenvoudigen en te professionaliseren, is het evenwel
niet pertinent dat de advocaten die zijn ingeschreven bij de balie te niet pertinent dat de advocaten die zijn ingeschreven bij de balie te
Eupen het recht wordt ontzegd om een tuchtprocedure te genieten die Eupen het recht wordt ontzegd om een tuchtprocedure te genieten die
integraal in het Duits verloopt, noch dat de tuchtprocedure lastens integraal in het Duits verloopt, noch dat de tuchtprocedure lastens
hen in een taal verloopt die zij niet noodzakelijk machtig zijn. Uit hen in een taal verloopt die zij niet noodzakelijk machtig zijn. Uit
geen enkel element in de parlementaire voorbereiding blijkt om welke geen enkel element in de parlementaire voorbereiding blijkt om welke
reden dat doel niet evenzeer zou worden bereikt indien de reden dat doel niet evenzeer zou worden bereikt indien de
tuchtprocedure ten aanzien van de advocaten die zijn ingeschreven bij tuchtprocedure ten aanzien van de advocaten die zijn ingeschreven bij
de balie te Eupen in het Duits wordt gevoerd. de balie te Eupen in het Duits wordt gevoerd.
Het beperkte aantal advocaten dat is ingeschreven bij de balie te Het beperkte aantal advocaten dat is ingeschreven bij de balie te
Eupen kan niet rechtvaardigen dat op discriminerende wijze afbreuk Eupen kan niet rechtvaardigen dat op discriminerende wijze afbreuk
wordt gedaan aan de rechten van verdediging van die advocaten. wordt gedaan aan de rechten van verdediging van die advocaten.
B.8.3. Artikel 457bis van het Gerechtelijk Wetboek, in die zin B.8.3. Artikel 457bis van het Gerechtelijk Wetboek, in die zin
geïnterpreteerd dat het niet toelaat dat een tuchtprocedure geïnterpreteerd dat het niet toelaat dat een tuchtprocedure
betreffende een advocaat die is ingeschreven bij de balie te Eupen betreffende een advocaat die is ingeschreven bij de balie te Eupen
integraal in het Duits verloopt, is niet bestaanbaar met de artikelen integraal in het Duits verloopt, is niet bestaanbaar met de artikelen
10 en 11 van de Grondwet. 10 en 11 van de Grondwet.
Ten aanzien van de samenstelling van de tuchtraad Ten aanzien van de samenstelling van de tuchtraad
B.9.1. De wetgever heeft, wat de samenstelling van de tuchtraad B.9.1. De wetgever heeft, wat de samenstelling van de tuchtraad
betreft, rekening gehouden met de specifieke situatie van de advocaten betreft, rekening gehouden met de specifieke situatie van de advocaten
die zijn ingeschreven bij de balie te Eupen, door te bepalen dat zij die zijn ingeschreven bij de balie te Eupen, door te bepalen dat zij
worden berecht door een kamer die is samengesteld uit ten minste twee worden berecht door een kamer die is samengesteld uit ten minste twee
leden die kennis hebben van het Duits (artikel 457, § 5, tweede lid). leden die kennis hebben van het Duits (artikel 457, § 5, tweede lid).
Daarenboven, zoals dat het geval is voor alle tuchtraden, telt de Daarenboven, zoals dat het geval is voor alle tuchtraden, telt de
kamer ten minste één lid van de balie waartoe de advocaat behoort kamer ten minste één lid van de balie waartoe de advocaat behoort
tegen wie de tuchtrechtelijke vervolging is ingesteld (artikel 457, § tegen wie de tuchtrechtelijke vervolging is ingesteld (artikel 457, §
5, eerste lid), in onderhavig geval de balie te Eupen. 5, eerste lid), in onderhavig geval de balie te Eupen.
Het feit dat de kamer mogelijkerwijs twee leden telt die geen kennis Het feit dat de kamer mogelijkerwijs twee leden telt die geen kennis
hebben van het Duits, doet geen afbreuk aan de rechten van verdediging hebben van het Duits, doet geen afbreuk aan de rechten van verdediging
van de betrokken advocaat, aangezien wordt gewaarborgd dat de van de betrokken advocaat, aangezien wordt gewaarborgd dat de
beslissing jegens de advocaat kan worden genomen met inachtneming van beslissing jegens de advocaat kan worden genomen met inachtneming van
alle omstandigheden van de zaak. Daartoe is vereist dat de alle omstandigheden van de zaak. Daartoe is vereist dat de
verklaringen in het Duits en minstens de voor de procedure essentiële verklaringen in het Duits en minstens de voor de procedure essentiële
stukken naar het Frans worden vertaald opdat ze ook voor de leden van stukken naar het Frans worden vertaald opdat ze ook voor de leden van
de tuchtraad die het Duits niet machtig zijn, begrijpbaar zouden zijn. de tuchtraad die het Duits niet machtig zijn, begrijpbaar zouden zijn.
B.9.2. Onder voorbehoud dat de verklaringen in het Duits en minstens B.9.2. Onder voorbehoud dat de verklaringen in het Duits en minstens
de voor de procedure essentiële stukken naar het Frans worden vertaald de voor de procedure essentiële stukken naar het Frans worden vertaald
opdat ze ook voor de leden van de tuchtraad die het Duits niet machtig opdat ze ook voor de leden van de tuchtraad die het Duits niet machtig
zijn, begrijpbaar zouden zijn, is artikel 457, § 5, tweede lid, van zijn, begrijpbaar zouden zijn, is artikel 457, § 5, tweede lid, van
het Gerechtelijk Wetboek niet onbestaanbaar met de artikelen 10 en 11 het Gerechtelijk Wetboek niet onbestaanbaar met de artikelen 10 en 11
van de Grondwet in zoverre het niet verplicht dat een tuchtprocedure van de Grondwet in zoverre het niet verplicht dat een tuchtprocedure
betreffende een advocaat die is ingeschreven bij de balie te Eupen betreffende een advocaat die is ingeschreven bij de balie te Eupen
verloopt voor een kamer van de tuchtraad waarvan alle leden de Duitse verloopt voor een kamer van de tuchtraad waarvan alle leden de Duitse
taal beheersen. taal beheersen.
Om die redenen, Om die redenen,
het Hof het Hof
zegt voor recht : zegt voor recht :
- Artikel 457bis van het Gerechtelijk Wetboek schendt de artikelen 10 - Artikel 457bis van het Gerechtelijk Wetboek schendt de artikelen 10
en 11 van de Grondwet, in die zin geïnterpreteerd dat het niet erin en 11 van de Grondwet, in die zin geïnterpreteerd dat het niet erin
voorziet dat een tuchtprocedure betreffende een advocaat die is voorziet dat een tuchtprocedure betreffende een advocaat die is
ingeschreven bij de balie te Eupen integraal in het Duits verloopt. ingeschreven bij de balie te Eupen integraal in het Duits verloopt.
- Onder het in B.9.2 vermelde voorbehoud, schendt artikel 457, § 5, - Onder het in B.9.2 vermelde voorbehoud, schendt artikel 457, § 5,
tweede lid, van het Gerechtelijk Wetboek niet de artikelen 10 en 11 tweede lid, van het Gerechtelijk Wetboek niet de artikelen 10 en 11
van de Grondwet in zoverre het niet erin voorziet dat een van de Grondwet in zoverre het niet erin voorziet dat een
tuchtprocedure betreffende een advocaat die is ingeschreven bij de tuchtprocedure betreffende een advocaat die is ingeschreven bij de
balie te Eupen verloopt voor een kamer van de tuchtraad waarvan alle balie te Eupen verloopt voor een kamer van de tuchtraad waarvan alle
leden de Duitse taal beheersen. leden de Duitse taal beheersen.
Aldus gewezen in het Frans, het Nederlands en het Duits, Aldus gewezen in het Frans, het Nederlands en het Duits,
overeenkomstig artikel 65 van de bijzondere wet van 6 januari 1989 op overeenkomstig artikel 65 van de bijzondere wet van 6 januari 1989 op
het Grondwettelijk Hof, op 22 april 2021. het Grondwettelijk Hof, op 22 april 2021.
De griffier, De griffier,
F. Meersschaut F. Meersschaut
De voorzitter, De voorzitter,
F. Daoût F. Daoût
^